CConstaterende datOoststellingwerf
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage B bij de Mededeling aan de Raad- Meicirculaire

Raadsvergadering 27 juni 2023, gemeente OoststellingwerfBij agendapunt: Kaderbrief 2024-20272.211 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Bijlage B bij de mededeling aan de raad “meicirculaire 2023” 1. Toelichting structurele effecten meicirculaire 2023 bedragen maal € 1.000 2023 2024

a b c d e f g h i j k

2025

2026

2027

Decembercirculaire 2022 Meicirculaire 2023

56.127 56.922 795

56.567 59.684 3.117

57.045 60.437 3.392

53.493 55.834 2.341

51.505 53.895 2.390

Correctie incidentele baten

-244

0

0

0

0

Structureel gevolg meicirculaire 2023

551

3.117

3.392

2.341

2.390

445 0 -4 81 -117 -6 0 0 0 152

3.043 0 113 0 58 -117 -15 0 0 0 35

2.965 0 132 0 42 -117 -15 165 150 0 70

2.435 0 -6 0 31 -117 -14 159 145 -336 44

2.404 108 -104 0 65 -117 -13 156 142 -331 80

551

3.117

3.392

2.341

2.390

Analyse structurele baten Loon- en prijsontwikkeling Financieringssystematiek Jeugdzorg BCF Participatie Brede impuls combinatiefuncties Wet goed Verhuurderschap Integraal zorgakkoord Terugdraaine eigen bijdrage hh Invoeren eigen bijdrage wmo Overige- en hoeveelheidsverschillen

De toelichting van de incidentele baten bij de meicirculaire 2023 staat verderop (punt 2). 1a. Loon- en prijsontwikkeling Sinds de meicirculaire 2022 is het accres gesplitst in een volume- en een nominaal deel, waarbij het nominale deel ter compensatie is van loon- en prijsstijging (LPO) en het volumedeel ter compensatie van bevolkingstoename en reëel accres. Het volumedeel is vastgeklikt voor de jaren 2022 t/m 2025. In de meicirculaire 2023 zijn de LPO-accressen voor de jaren 2023 tot en met 2027 bijgewerkt en is sprake van een opwaartse bijstelling voor alle jaren. De index voor loon-prijsontwikkeling gebeurt op basis van de CPB-raming van de loonvoet sector overheid, index materiele overheidsconsumptie en overheidsinvesteringen. Hierbij wordt een verdeling van 60% loonontwikkeling, 20% consumptie en 20% investeringen aangehouden. In deze meicirculaire 2023 wordt het uitkeringsjaar 2024 uitgedrukt in lopende prijzen terwijl dat in september/december 2022 eerst nog in constante prijzen was. Dit wordt het verspringen van het basisjaar genoemd. In de Kaderbrief 2024-2027 hebben we aangegeven dat we het volledige bedrag wat wordt ontvangen voor loon- en prijsontwikkeling willen reserveren voor de indexaties (conform de uitgangspunten) die in de begroting 2024 moeten worden verwerkt. De loon- en prijsontwikkeling voor 2024 e.v. vanuit de meicirculaire is € 2,4 miljoen.

Dit is ook verwerkt bij onderdeel 3. Voorgestelde compensaties. Bij het opstellen van de begroting 2024 komt er 1

duidelijkheid op de daadwerkelijke indexaties die moeten worden doorgevoerd. Bij de analyse van de begroting wordt hier dan uitleg over gegeven. 1b. Financieringssystematiek Vooruitlopend op een nieuwe financieringssytematiek heeft het kabinet in de septembercirculaire 2022 in 2026 eenmalig € 1 miljard beschikbaar gesteld. Dit bedrag is in de meicirculaire 2023 vanaf 2027 structureel opgenomen. Later dit jaar, in de septembercirculaire 2023, wordt van dit bedrag nog een deel in het BTW compensatiefonds (BCF) gestort. We schatten in dat hierdoor per saldo via de algemene uitkering € 924 miljoen beschikbaar blijft en € 76 miljoen aan het BTW compensatiefonds wordt toegevoegd. Bij het opstellen van de Kaderbrief 2024-2027 was deze informatie al bekend. In het perspectief van de Kaderbrief 2024-2027 was al € 1,327 miljoen als bate voor 2027 meegenomen. Nu komt de berekening uit op € 1,435 miljoen. Het verschil is een positief analyseverschil. 1c. Jeugdzorg Het Rijk en de VNG hebben 18 april 2023 een financieel principeakkoord bereikt voor de Hervormingsagenda Jeugd. In de meicirculaire 2023 wordt voor jeugdzorg, onder voorbehoud van omzetting naar een definitief akkoord op de Hervormingsagenda, voor 2024 € 1.454 miljoen en voor 2025 € 954 miljoen beschikbaar gesteld.

Van de extra middelen wordt een deel vanuit de begroting van het ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport (VWS) ingezet voor de investeringen en uitvoeringskosten van de Hervormingsagenda. Voor 2024 gaat het om een bedrag van € 91 miljoen en voor 2025 € 95 miljoen. Per saldo wordt hierdoor voor 2024 € 1.363 miljoen en voor 2025 € 859 miljoen aan de algemene uitkering toegevoegd. Voor de jaren 2026 en verder blijven de middelen gereserveerd en zal toevoeging aan de algemene uitkering plaatsvinden na het advies van de deskundigencommissie en besluitvorming daarover. Verder is één van de financiële afspraken in het principeakkoord dat de huidige besparingsreeks van € 374 miljoen voor 2023, € 463 voor 2024, € 570 voor 2025 voor 2023 tot en met 2025 bevroren is op het niveau van € 374 miljoen. Voor 2026 staat de besparing, zoals voorzien, op € 961 miljoen en loopt op tot iets meer dan € 1 miljard voor 2027. Ook zijn afspraken gemaakt over de aanvullende besparing van € 100 miljoen voor 2024, waarbij de Rijksoverheid de verantwoordelijkheid heeft om deze besparing in te vullen met (wettelijke) maatregelen. Voor 2024 geldt dat de geraamde extra besparing van € 100 miljoen vanwege een vertraging in de totstandkoming van de Hervormingsagenda Jeugd is vervallen. 1d. BTW compensatiefonds (BCF) Het BCF-plafond bedraagt voor gemeenten € 3,7 miljard in 2022.

Als de gezamenlijke declaraties onder het plafond blijven wordt het verschil in het gemeentefonds gestort. Bij overschrijding van het plafond volgt een uitname. Het plafond muteert jaarlijks met het accrespercentage, maar door de bevriezing van het accres in 2022 tot en met 2025 is het plafond in die jaren ook gefixeerd. In het systeem is opgenomen dat jaarlijks bij de septembercirculaire een voorschot wordt verstrekt op de verwachte onderschrijding van dat kalenderjaar. In de meicirculaire volgend op het kalenderjaar volgt dan de afrekening. In de septembercirculaire 2022 is een voorschot voor het jaar 2022 van € 320,9 miljoen verstrekt. Gemeenten hebben iets meer gedeclareerd bij het BCF, waardoor de ruimte onder het plafond voor 2022 € 318,0 miljoen bedraagt. Hierdoor bedraagt de afrekening voor het jaar 2022 van € 2,929 miljoen. 1e. Participatie De verdeling van de bedragen per gemeente wijzigt door actualisatie van de verdeling van de Wsw-middelen. Deze is gebaseerd op de gerealiseerde omvang van de sociale werkplaatspopulatie (gemeten in standaardeenheden - SE - per betalende gemeente) zoals die bekend is uit het voorgaande jaar en een inschatting van de blijfkansen in de sociale 2

werkplaats. De Wsw-verdeling vanaf 2023 is geactualiseerd met de realisaties van het gemiddeld aantal SE in 2022 en de blijfkansen voor de jaren 2023 en verder. 1f. Brede impuls combinatiefuncties Op 8 februari 2023 is de Regeling specifieke uitkering voor sport en bewegen, gezondheidsbevordering, cultuurparticipatie en sociale basis 2023-2026 (SPUK-SGCS, ook wel ‘brede SPUK’) gepubliceerd. Betekent dus een wijziging type uitkering van decentralisatie naar specifiek. Dus het gaat niet meer via het gemeentefonds. In de begroting hebben we de middelen structureel opgenomen. Daarvoor komt dus nu een specifieke uitkering in de plaats. Dit wordt verwerkt in de najaarsrapportage 2023. 1g. Wet goed Verhuurderschap Bij de decembercirculaire 2022 zijn structurele middelen hiervoor beschikbaar gesteld. Nu bij de meicirculaire 2023 is geconstateerd dat de verdeling die het ministerie hanteerde bij de decembercirculaire 2022 niet juist was. Dus nu bij de meicirculaire is dit gecorrigeerd. Zie ook onderdeel 3. Voorgestelde compensaties. 1h. Integraal zorgakkoord Het kabinet stelt structureel extra middelen (€ 110 miljoen) beschikbaar aan gemeenten samenhangend met het Integraal Zorgakkoord, ter compensatie van gemeenten voor gestegen kosten als gevolg van de invoering van het abonnementstarief Wmo. 1i. Terugdraaien eigen bijdrage huishoudelijke hulp en 1k.

Invoeren eigen bijdrage WMO Het abonnementstarief in de Wmo 2015 wordt afgeschaft (geraamde opbrengst € 95 miljoen vanaf 2025 (13a)) en in plaats daarvan wordt de inkomensafhankelijke eigen bijdrage in de Wmo 2015 heringevoerd (geraamde opbrengst € 225 miljoen vanaf 2026 ). Daarbij is het uitgangspunt dat zoveel mogelijk wordt aangesloten bij de vormgeving zoals die voorheen was met oog voor inkomenseffecten en het beroep dat wordt gedaan op de Wmo. Anders dan beoogd in het Coalitieakkoord verdwijnt het abonnementstarief niet alleen voor de huishoudelijke hulp, maar voor alle Wmo-voorzieningen waarop het abonnementstarief nu van toepassing is. Hiervoor wordt een wetsvoorstel voorbereid. Het huidige wetsvoorstel voor invoering van de passende eigen bijdrage huishoudelijke hulp (waarvan de inwerkingtreding per 2025 werd voorzien) wordt ingetrokken. Op moment hebben we € 200.000 in de begroting opgenomen als een structurele bate voor de eigen bijdrage maatwerkvoorzieningen en opvang Wmo. Per saldo worden we nu door het Rijk vanaf 2026 gekort, maar daar kunnen we tegenover een hogere eigen bijdrage zetten. Zie ook onderdeel 3. Voorgestelde compensaties. 1j. Overige en hoeveelheidsverschillen De maatstaven zijn geactualiseerd naar de laatst bekende gegevens. Dit leidt dan tot hoeveelheidsverschillen. En daarnaast zijn er kleine overige verschillen.

3

2. Incidentele baten meicirculaire 2023 Incidentele baten

a b c d e

Flankerend beleid energiearmoede Aanpak armoede en schulden Leerlingenvervoer Oekraïne Taal voor ontheemden Oekraïne Maatschappelijke begeleiding

2023

2024

2025

2026

2027

77 62 43 24 38

0 0 0 0 0

0 0 0 0 0

0 0 0 0 0

0 0 0 0 0

244

0

0

0

0

2a. Flankerend beleid energiearmoede Het kabinet stelt in totaal incidenteel € 200 miljoen voor de jaren 2022 tot en met 2024 beschikbaar om een stapeling van sociale en maatschappelijke problemen als gevolg van de hoge inflatie te voorkomen. Van dit bedrag wordt in 2023 in totaal € 50 miljoen via het gemeentefonds aan gemeenten beschikbaar gesteld voor de verwachte extra inzet die nodig zal zijn op het gebied van vroegsignalering en om gemeenten tegemoet te komen in het verwachte extra beroep op bijzondere bijstand. In een latere circulaire wordt we geïnformeerd over de middelen voor 2024 en de verdeling daarvan. Zie ook onderdeel 3. Voorgestelde compensaties. 2b. Aanpak armoede en schulden Voor de Aanpak Geldzorgen, Armoede en Schulden, die in juli 2022 aan de Tweede Kamer is gepresenteerd, heeft het kabinet in 2023 in totaal € 118 miljoen beschikbaar gesteld. Van deze middelen wordt € 40 miljoen via het gemeentefonds aan gemeenten beschikbaar gesteld als investering in betere dienstverlening door gemeenten op het gebied van armoede en schulden. Gemeenten kunnen deze middelen inzetten om aan de slag te gaan met de prioriteiten van de Aanpak geldzorgen, armoede en schulden, zoals het verdubbelen van het gebruik van de schuldhulpverlening en het tegengaan van kinderarmoede. Zie ook onderdeel 3. Voorgestelde compensaties. 2c.

Leerlingenvervoer Oekraïne Eind januari 2023 zijn er meer dan 88.000 vluchtelingen uit Oekraïne naar Nederland gekomen en ingeschreven in de basisregistratie personen (BRP), onder wie circa 18.000 kinderen en jongeren. Scholen en gemeenten spannen zich in om deze leerlingen onderwijs te bieden. Hier hoort in sommige gevallen ook het vervoer naar de school bij. Gemeenten hebben de regie en verantwoordelijkheid voor het leerlingenvervoer aan leerlingen uit Oekraïne. De decentralisatie-uitkering Leerlingenvervoer Oekraïne is een tegemoetkoming aan gemeenten voor de kosten die zij hiervoor hebben gemaakt, en maken. De decentralisatieuitkering ziet toe op de periode van januari 2023 tot en met 31 juli 2023. De bedragen, in totaal € 21,4 miljoen, die worden toegekend aan een gemeente zijn gebaseerd op het aantal geregistreerde kinderen uit Oekraïne, met peildatum 23 januari 2023. Zie ook onderdeel 3. Voorgestelde compensaties. 2d. Taal voor ontheemden Oekraïne Ontheemden uit Oekraïne hebben nu beperkte mogelijkheden om de Nederlandse taal op vrijwillige basis te leren. Om een hogere arbeidsparticipatie te stimuleren, het mogelijk te maken voor Oekraïners om werk te doen dat past bij hun vaardigheden en opleiding en om deel te kunnen nemen aan de Nederlandse maatschappij, is het leren van de Nederlandse taal essentieel.

Deze middelen (€ 15 miljoen) hebben tot doel het gemeentelijke aanbod van taalonderwijs aan volwassen ontheemden uit Oekraïne te stimuleren. Dit kunnen ontheemden zijn die daar behoefte aan hebben, die dat nodig hebben om werk te vinden of die werk willen vinden dat beter past bij hun vaardigheden, werkervaring en 4

onderwijsachtergrond. Er zal gebruik gemaakt worden van een verdeelsleutel op basis van data van het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) over het aantal opgevangen ontheemden uit Oekraïne per gemeente. Zie ook onderdeel 3. Voorgestelde compensaties. 2e. Maatschappelijke begeleiding Conform artikel 18 van de Wet inburgering 2013 voorziet het college in de maatschappelijke begeleiding van inburgeringsplichtige asielmigranten en hun gezinsleden. De gemeente Ooststellingwerf ontvangt hiervoor € 37.920 (16 personen * € 2.370). Zie ook onderdeel 3. Voorgestelde compensaties. 3. Voorgestelde compensatie Compensatie

a b c d e f g h i

Loon- en prijsontwikkeling Wet goed Verhuurderschap Terugdraaine eigen bijdrage hh Invoeren eigen bijdrage wmo Flankerend beleid energiearmoede Aanpak armoede en schulden Leerlingenvervoer Oekraïne Taal voor ontheemden Oekraïne Maatschappelijke begeleiding

Uitgesplitst naar structureel en incidenteel Compensatie structureel Compensatie incidenteel

2023

2024

2025

2026

2027

6 0 0 -77 -62 -43 -24 -38

-2.400 15 0 0 0 0 0 0 0

-2.400 15 -150 0 0 0 0 0 0

-2.400 14 -145 336 0 0 0 0 0

-2.400 13 -142 331 0 0 0 0 0

-238

-2.385

-2.535

-2.195

-2.198

6 -244 -238

-2.385 0 -2.385

-2.535 0 -2.535

-2.195 0 -2.195

-2.198 0 -2.198

3a. Loon- en prijsontwikkeling Zie het gestelde onder 1a. 3b. Wet goed Verhuurdersschap Zie het gestelde onder 1g. 3c. Terugdraaien eigen bijdrage huishoudelijke hulp en 3d. invoeren eigen bijdrage Wmo Zie het gestelde onder 1i. 3e. Flankerend beleid energiearmoede Zie het gestelde onder 2a. 3f. Aanpak armoede en schulden Zie het gestelde onder 2b. 3g. Leerlingenvervoer Oekraïne Zie het gestelde onder 2c. 3h. Taal voor ontheemden Oekraïne Zie het gestelde onder 2d. 3i. Maatschappelijke begeleiding Zie het gestelde onder 2e. 5

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Ooststellingwerf&id=ef35cbb0-c1fe-4f77-aaa4-aa01697e4502