Bijlage 2 Nota van zienswijzen BP Oosterwolde - Ecomunitypark 2023
Tekst van het document
Gemeente Ooststellingwerf Afdeling: Mens & Omgeving Team: Ruimte & Economie Postbus 38 8430 AA Oosterwolde Gemeentehuis ’t Oost 11 8431 LE Oosterwolde T: 14 0516 W: www.ooststellingwerf.nl
Nota van zienswijzen en ambtshalve wijzigingen Ontwerpbestemmingsplan ‘Oosterwolde – Ecomunitypark 2023’
7 maart 2024
Gemeentelijke reactie op de zienswijzen
Nota van zienswijzen ontwerpbestemmingsplan Oosterwolde – Ecomunitypark 2023 Inhoudsopgave 1. Inleiding 2. Publicaties 3. Overzicht zienswijzen 4. Inhoud zienswijzen en reactie 5. Lijst van wijzigingen 6. Bijlagen (kopieën van zienswijzen)
1. Inleiding In deze nota worden de zienswijzen behandeld die naar aanleiding van de terinzagelegging van het ontwerpbestemmingsplan ‘Oosterwolde – Ecomunitypark 2023’ (NL.IMRO.0085.Ecomunity-park2023-ON01) zijn ingediend. Paragraaf 2 geeft een overzicht van de publicaties en in paragraaf 3 is een overzicht van de ontvangen zienswijzen opgenomen. Paragraaf 4 bevat een samenvatting van de inhoud van de zienswijzen en beantwoording ervan. Paragraaf 5 geeft een overzicht van de wijzigingen en/of aanpassingen ten opzichte van het ontwerpbestemmingsplan. Tenslotte zijn de bijlagen onder paragraaf 6 gevoegd.
2. Publicaties De bekendmaking van de terinzagelegging van het ontwerpbestemmingsplan is op 5 december 2023 gepubliceerd in het Gemeenteblad. Het ontwerpbestemmingsplan heeft gedurende zes weken, van 6 december 2023 tot en met 16 januari 2024 ter inzage gelegen.
3. Overzicht zienswijzen Gedurende de periode van terinzagelegging is er één zienswijze ontvangen. De zienswijze is binnen de gestelde termijn ontvangen en daarom ontvankelijk. Van de volgende partijen is binnen de genoemde inzagetermijn een zienswijze ontvangen: Nr.
naam
adres
Postcode
woonplaats
1
Wetterskip Fryslân
Postbus 36
8900 AA
Leeuwarden
Datum verzonden/ gedateerd 16-01-2024
Datum ingekomen 16-01-2024
Nota van zienswijzen ontwerpbestemmingsplan ‘Oosterwolde – Ecomunitypark 2023’
2
4. Inhoud zienswijzen en reactie In deze paragraaf worden de zienswijzen samengevat weergegeven en beantwoord. Tot slot wordt aangegeven of de zienswijzen wel of niet hebben geleid tot een aanpassing op het ontwerpbestemmingsplan. Hoewel samengevat weergegeven, zijn de zienswijzen volledig beoordeeld en beantwoord. Zienswijzen worden zoveel mogelijk per onderwerp gecombineerd behandeld. Dat betekent dus dat kan worden verwezen. De zienswijzen zullen worden beantwoord voor zover deze ingaan op aspecten die van belang zijn voor het bestemmingsplan, de zorgvuldige afweging, de ruimtelijke ordening en het ruimtelijk recht. Zienswijzen zijn openbaar, maar op grond van de Algemene Verordening Gegevensbescherming (AVG) moeten de namen en adressen van indieners, als het geen bedrijven of instellingen zijn, in vrij toegankelijke digitale documenten worden geanonimiseerd. De persoonsgegevens van de reclamant kunnen niet worden vermeld. Zienswijze 1 Op 16 januari 2024 (ontvangen 16 januari 2024) heeft het Wetterskip Fryslân een zienswijze ingediend op het ontwerpbestemmingsplan. Samenvatting zienswijze 1 1. Het Wetterskip ziet graag het volgende punt aangepast in het bestemmingsplan: De centrale waterloop van fase 1 van het Ecomunitypark wordt doorgetrokken in fase 2.
Het Wetterskip wil graag dat ook in fase 2 de centrale waterloop met de omliggende zone de bestemming ‘Groen’ krijgt, omdat deze bestemming beter past bij de centrale natuurlijke waterloop met de waterbergende functie. En de inrichting en functie worden hiermee beter geborgd voor de toekomst. Reactie van de Gemeente Ooststellingwerf Voor de nieuw te ontwikkelen fase II is er aan de oostzijde van het plangebied een bestemming ‘groen’ opgenomen. De rest van het plangebied van fase II heeft de bestemming ‘bedrijventerrein’. Binnen deze bestemming is de aanleg van water en groen mogelijk. Om voldoende flexibiliteit in te bouwen is de centrale waterloop en omliggende zone in fase II niet als ‘groen’ bestemd. Het terrein wordt dus flexibel bestemd, maar wel volgens een aantal regels, waaronder de voorwaardelijke verplichting uit artikel 3.5.1 van de regels bij het bestemmingsplan. Onderstaand is de bijlage 2 weergegeven waarnaar verwezen wordt in de regels. Hiermee is juridisch geborgd dat volgens het beoogde principe wordt ontwikkeld, maar liggen de grenzen nog niet teveel vast. Omdat op voorhand nog niet precies vastligt waar het water en groen precies komen, is er voor gekozen dit in fase II niet te bestemmen.
Nota van zienswijzen ontwerpbestemmingsplan ‘Oosterwolde – Ecomunitypark 2023’
3
Voor het bestemmingsplan fase I, dat in 2014 is vastgesteld, is dezelfde wijze gehanteerd. Om voldoende flexibiliteit in te bouwen zijn in het bestemmingsplan uit 2014 de centrale waterloop en omliggende zone niet als ‘groen’ bestemd, maar ‘bedrijventerrein’ waarbinnen de aanleg van water en groen mogelijk is. Voor fase I is nu wel bekend waar het groen en water liggen. Daarom is in fase I het groen ter plaatse van de waterloop nu wel bestemd. Als te zijner tijd het plan wordt opgenomen in het omgevingsplan, dan zal (net als nu voor fase 1) wel een aparte bestemming worden opgenomen. 2. Het Wetterskip ziet graag een aantal punten aangepast/aangevuld in de toelichting van het bestemmingsplan: - De alinea ‘Veilig’ kan uit de waterparagraaf verwijderd worden. Het plangebied komt niet op boezempeil te liggen. - In de Toelichting wordt geschreven over een waterrijke inrichting. Omdat in dit gebied geen wateraanvoer aanwezig is, betekent dit dat watergangen droog kunnen komen te vallen. Er is dus geen garantie op continu watervoerende watergangen. - Op blz. 16 van de Toelichting wordt onder het kopje ‘Waterrobuust bouwen’ aangegeven dat in paragraaf 4.8 verder ingegaan wordt op het adaptief bouwen en voldoende ruimte voor water. Het Wetterskip ziet graag verder verduidelijkt hoe in dit plan waterrobuust bouwen en klimaatadaptatie wordt meegenomen.
- Op de hoge zandgronden van zuidoost Fryslân is het belangrijk om water vast te houden en verdroging zoveel mogelijk te beperken. Bij de inrichting van de centrale watergang kan daar rekening mee gehouden worden door deze ondiep met flauwe oevers aan te leggen. - Het waterpeil in fase 1 en 2 ligt rond 5,40 m NAP. Om verdroging zoveel mogelijk tegen te gaan het waterpeil niet verlagen. - Volgens de Legger van het Wetterskip ligt er een hoofdwatergang door het plangebied. In de praktijk is hier echter geen sprake van. De Legger moet nog aangepast worden. - Het onderhoud van de watergangen in het plangebied is de verantwoordelijkheid van de eigenaren aan weerszijden van de watergang. Om de functie van de watergangen goed te borgen is het belangrijk dat deze onderhouden kunnen worden. - Bij de inrichting van fase 2 is er sprake van slootdempingen. In de waterparagraaf dient nog toegevoegd te worden wat dit betekend voor de compensatieberekening.
Nota van zienswijzen ontwerpbestemmingsplan ‘Oosterwolde – Ecomunitypark 2023’
4
Reactie van de Gemeente Ooststellingwerf Alle vorenstaande punten zullen in de toelichting op het bestemmingsplan worden aangepast en/of aangevuld. Aanpassingen - De tekst in paragraaf ‘4.8 Watertoets’ van de toelichting is op diverse onderdelen aangevuld en aangepast. In paragraaf 5.1 van deze nota van zienswijzen is een overzicht van de aanpassingen opgenomen.
Nota van zienswijzen ontwerpbestemmingsplan ‘Oosterwolde – Ecomunitypark 2023’
5
5. Lijst van wijzigingen 5.1. Aanpassingen n.a.v. zienswijze Uit de zienswijze volgen een aantal aanpassingen. In onderstaande tabel zijn de aanpassingen weergegeven. Zienswijze 1.
1.
Aanpassing artikel/paragraaf toelichting bestemmingsplan Hoofdstuk 4 Milieu- en omgevingsaspecten, paragraaf 4.8 Watertoets
Hoofdstuk 4 Milieu- en omgevingsaspecten, paragraaf 4.8 Watertoets
Ontwerpbestemmingsplan
Definitieve bestemmingsplan
Veilig Voor dit aspect is vooral het beschermen tegen overstromingsrisico's van belang. Er wordt onderscheid gemaakt tussen verschillende peilgebieden, waarbij vooral een verschil is in polderpeil en het gebied dat vrij voor het boezemwater ligt. Tussen deze peilgebieden zijn regionale keringen aanwezig. Het plangebied komt zoals benoemd op boezempeil te liggen. Met dit bestemmingsplan zijn geen regionale keringen in het geding. Klimaatadaptie In het kader van klimaatadaptie adviseert het waterschap om bij de inrichting van het plangebied te anticiperen op hevige regenbuien, periodes van droogte en hitte en mogelijk overstroming door bijvoorbeeld het percentage verhard oppervlak te verminderen en het plangebied groener in te richten. In dit geval word het bedrijventerrein bijzonder groen en waterrijk ingericht. Water afkomstig van de verhardingen kan afstromen op het oppervlaktewater.
Veilig Voor dit aspect is vooral het beschermen tegen overstromingsrisico's van belang. Binnen het plan spelen geen waterveiligheidsaspecten.
Het plangebied ligt in een peilgebied met een zomerpeil van +5,20 m NAP en een winterpeil van +5,00 m NAP. Het maaiveld varieert van +6,60 m tot +6,10 m NAP, aflopend in zuidoostelijke richting.Daarmee ligt het terrein op voldoende hoogte. Binnen fase 2 wordt hetzelfde waterbeheer nagestreefd als in fase 1.
Klimaatadaptie In het kader van klimaatadaptie adviseert het waterschap om bij de inrichting van het plangebied te anticiperen op hevige regenbuien, periodes van droogte en hitte en mogelijk overstroming door bijvoorbeeld het percentage verhard oppervlak te verminderen en het plangebied groener in te richten. In dit geval word het bedrijventerrein bijzonder groen en waterrijk ingericht. Er wordt rekening gehouden met de mogelijkheid van beperkte wateraanvoer, waardoor het mogelijk is dat waterpartijen droog komen te staan. Er is een wel open waterverbinding met het bedrijventerrein Venekoten, van waaruit water kan worden ingelaten via een stuw van het wetterskip. Dit wordt bemoeilijkt door de aanwezigheid van een exoot, waarvan het wetterskip verspreiding wil voorkomen. Dit is gecommuniceerd met de initiatiefnemer. Bij de uitvoering van de plannen en de vormgeving van het watersysteem wordt hiermee rekening gehouden. Water afkomstig van de verhardingen
kan afstromen op het oppervlaktewater. Waterrobuust bouwen Bij de uitvoering van de plannen en de vormgeving van het watersysteem wordt rekening gehouden met de adviezen van het wetterskip om te komen tot een waterrobuuste ontwikkeling. Dit wordt volledig op een natuurlijke manier ingevuld (dus geen infiltratiekoffers). Water kan in greppels in de bermen worden opgevangen en op die manier zoveel mogelijk infiltreren. Dit wordt ook bereikt met flauwe taluds. Overtollig water stroomt naar de centrale waterpartij waar ook infiltratie mogelijk is. Bij invulling van fase 1 zijn de ambities uit de visie Fryslân Klimaatbestendig 2050+ zoveel mogelijk als uitgangspunt genomen. Fase 2 wordt op dezelfde manier uitgewerkt. Het plangebied ligt in een peilgebied met een zomerpeil van +5,20 m NAP en een winterpeil van +5,00 m NAP. Het maaiveld varieert van +6,60 m tot +6,10 m NAP, aflopend in zuidoostelijke richting. Daarmee ligt het terrein op voldoende hoogte. Binnen fase 2 wordt hetzelfde waterbeheer nagestreefd als in fase 1. Om verdroging zoveel mogelijk tegen te gaan wordt het waterpeil niet verlaagd (maar liever verhoogd). Het wetterskip heeft een voorstel voor het peilbeheer en de inrichting van de waterhuishouding gedaan. Het voorgestelde peilbeheer wordt het uitgangspunt voor de ontwerpopgave voor Ecomunitypark.
Hierover heeft op 31 januari 2024 een overleg plaatsgevonden met het wet-terskip. Daarbij is afgesproken dat de uitwerking van de vormgeving van het watersysteem in overleg met het wetterskip gebeurt. Dit wordt geborgd via de noodzakelijke watervergunning.
Nota van zienswijzen ontwerpbestemmingsplan ‘Oosterwolde – Ecomunitypark 2023’
7
1.
1.
Hoofdstuk 4 Milieu- en omgevingsaspecten, paragraaf 4.8 Watertoets
Hoofdstuk 4 Milieu- en omgevingsaspecten, paragraaf 4.8 Watertoets
Hoofdwatergang Door het plangebied ligt een hoofdwatergang. De ligging hiervan is weergeven in figuur 4.3. De centrale waterpartij wordt in fase 2 doorgetrokken en om de zuidoostelijke kavel heen teruggebracht naar de bestaande aansluiting.
Hoofdwatergang Volgens de legger van het wetterskip loopt door het plangebied een hoofdwatergang. Het wetterskip heeft laten weten dat hier in de praktijk geen sprake van is. De Legger moet nog op dit punt aangepast worden. Het beloop van de watergang is weergeven in figuur 4.3. Deze heeft voor het plan wel een belangrijke functie voor de waterhuishouding. De centrale waterpartij wordt in fase 2 doorgetrokken en om de zuidoostelijke kavel heen teruggebracht naar de bestaande aansluiting.
Compensatie waterberging Door een toename aan verharding kan hemelwater versneld afvoeren, waardoor de druk op de waterberging toeneemt. Het waterschap hanteert als uitgangspunt dat een toename van verharding wordt gecompenseerd in de vorm van nieuwe waterberging. Voor de boezem geldt een compensatienorm van 5%, voor het polderpeil is dit 10%. Te dempen watergangen moeten voor 100% worden gecompenseerd.
Het onderhoud van de watergangen in het plangebied is de verantwoordelijkheid van de eigenaren aan weerszijden van de watergang. Om de functie van de watergangen goed te borgen is het belangrijk dat deze onderhouden kunnen worden. Bij de inrichting wordt daarom rekening gehouden met de aanleg en instandhouding van schouwpaden. Het onderhoud van de centrale watergang wordt door Ecomunitypark uitgevoerd vanuit het water. In fase 1 is aangetoond dat dit goed werkt. De overige watergangen worden onderhoud door de aangrenzende eigenaren, vanaf eigen terrein. Compensatie waterberging Door een toename aan verharding kan hemelwater versneld afvoeren, waardoor de druk op de waterberging toeneemt. Het waterschap hanteert als uitgangspunt dat een toename van verharding wordt gecompenseerd in de vorm van nieuwe waterberging. Voor de boezem geldt een compensatienorm van 5%, voor het polderpeil is dit 10%. Te dempen watergangen moeten voor 100% worden gecompenseerd.
Hierbij wordt opgemerkt dat feitelijk niet de verharding gecompenseerd moet worden, maar het versneld afvoeren van water vanaf verhardingen.
Hierbij wordt opgemerkt dat feitelijk niet de verharding gecompenseerd moet worden, maar het versneld afvoeren van water vanaf verhardingen.
Nota van zienswijzen ontwerpbestemmingsplan ‘Oosterwolde – Ecomunitypark 2023’
8
Dit kan op verschillende manier, bijvoorbeeld met groene daken en retentievoorzieningen op de kavels. In het landschapsplan dat is beschreven in paragraaf 2.2 wordt uitgegaan van een toevoeging van ongeveer 7.000 m2 nieuw oppervlaktewater. Dat is voldoende compensatie voor 70.000 m2 verharding. Een dergelijke oppervlakte aan verharding wordt in fase 2 niet mogelijk gemaakt.
Dit kan op verschillende manier, bijvoorbeeld met groene daken en retentievoorzieningen op de kavels. In fase 2 wordt water gedempt. Het gaat om een totale lengte van ongeveer 600 meter aan kavelslootjes. Deze zijn een meter breed. Deze 600 m2 moet volledig worden gecompenseerd. In het landschapsplan dat is beschreven in paragraaf 2.2 wordt uitgegaan van een toevoeging van ongeveer 7.000 m2 nieuw oppervlaktewater. Dat is voldoende compensatie voor de dempingen en voor 64.000 m2 verharding. Een dergelijke oppervlakte aan verharding wordt in fase 2 niet mogelijk gemaakt.
5.2. Ambtshalve wijzigingen Er zijn een aantal ambtshalve wijzigingen. In onderstaande tabel zijn de aanpassingen weergegeven. Aanpassing artikel/paragraaf toelichting bestemmingsplan Verbeelding bij het bestemmingsplan
Ontwerpbestemmingsplan
Nota van zienswijzen ontwerpbestemmingsplan ‘Oosterwolde – Ecomunitypark 2023’
Definitieve bestemmingsplan
9
Regels, Hoofstuk 2 Bestemmingsregels, Artikel 3 Bedrijventerrein, artikel 3.1 Bestemmingsomschrijving
Regels, Hoofstuk 2 Bestemmingsregels, Artikel 3 Bedrijventerrein, artikel 3.2 Bouwregels, artikel 3.2.1 Gebouwen en overkappingen Hoofdstuk 3 Beleidskader, paragraaf 3.2 Provinciaal beleid
3.1 Bestemmingsomschrijving De voor 'Bedrijventerrein' aangewezen gronden zijn bestemd voor: a. bedrijfsgebouwen ten behoeve van: 1. bedrijven, genoemd in de bijlage 1 onder de categorieën 1 tot en met 3.2, met een duurzame bedrijfsvoering; 2. een hotel, educatieve ruimten, vergaderruimten, kantoren en bedrijven genoemd in de bijlage 1 onder de categorieën 1 en 2, met een duurzame bedrijfsvoering, maar daaraan ondergeschikte horeca, ter plaatse van de aanduiding "centrum"; 3. kantoren, met een duurzame bedrijfsvoering en ondersteunend of aanvullend voor duurzame bedrijvigheid; d. de onderlinge afstand tussen gebouwen zal ten minste 10 m bedragen, met dien verstande dat dit niet geldt voor het bouwvlak met de aanduiding ‘specifieke bouwaanduiding – afwijkende bouwhoogte silo’s’;
3.1 Bestemmingsomschrijving De voor 'Bedrijventerrein' aangewezen gronden zijn bestemd voor: a. bedrijfsgebouwen ten behoeve van: 1. bedrijven, genoemd in de bijlage 1 onder de categorieën 1 tot en met 3.2, met een duurzame bedrijfsvoering; 2. een hotel, educatieve ruimten, vergaderruimten, kantoren en bedrijven genoemd in de bijlage 1 onder de categorieën 1 en 2, met een duurzame bedrijfsvoering, met daaraan ondergeschikte horeca, ter plaatse van de aanduiding "centrum"; 3. kantoren, met een duurzame bedrijfsvoering en ondersteunend of aanvullend voor duurzame bedrijvigheid; d. de onderlinge afstand tussen gebouwen zal ten minste 10 m bedragen, met dien verstande dat dit niet geldt voor het gehele bouwvlak met de aanduiding ‘specifieke bouwaanduiding – afwijkende bouwhoogte silo’s’;
Ontgrondingenverordening Friesland Op grond van de Ontgrondingenwet is een ontgrondingsvergunning nodig voor afgravingen. De provincie is bevoegd gezag voor dergelijke ontgrondingen. In de Ontgrondingenverordening zijn vrijstellingen opgenomen. Onder andere is bepaald dat geen vergunning nodig is voor ontgrondingen die noodzakelijk zijn voor de verwerkelijking van een in een bestemmingsplan aan de grond gegeven bestemming, mits in de bij het bestemmingsplan behorende regels is aangegeven dat de verwerkelijking van het plan een ontgronding inhoudt of insluit, de diepte van de ontgronding niet meer bedraagt dan 2,00 m beneden het maaiveld en bij de ontgronding niet meer dan 10.000 m3 bodemmateriaal naar elders wordt afgevoerd of in depot wordt gezet.
Ontgrondingenverordening Friesland Op grond van de Ontgrondingenwet is een ontgrondingsvergunning nodig voor afgravingen. De provincie is bevoegd gezag voor dergelijke ontgrondingen. In de Ontgrondingenverordening zijn vrijstellingen opgenomen. Onder andere is bepaald dat geen vergunning nodig is voor ontgrondingen die noodzakelijk zijn voor de verwerkelijking van een in een bestemmingsplan aan de grond gegeven bestemming, mits in de bij het bestemmingsplan behorende regels is aangegeven dat de verwerkelijking van het plan een ontgronding inhoudt of insluit, de diepte van de ontgronding niet meer bedraagt dan 2,00 m beneden het maaiveld en bij de ontgronding niet meer dan 10.000 m3 bodemmateriaal naar elders wordt afgevoerd of in depot wordt gezet.
Nota van zienswijzen ontwerpbestemmingsplan ‘Oosterwolde – Ecomunitypark 2023’
10
Hoofdstuk 4 Milieu- en omgevingsaspecten, paragraaf 4.4 Externe veiligheid
Voor het plan is watercompensatie nodig. Dit gaat om een beperkte ontgronding die ruim binnen de vrijstellingsgrenzen ligt en noodzakelijk is voor de verwerkelijking van de in het bestemmingsplan aangegeven bestemmingen (waarvoor verhardingen noodzakelijk zijn). De bestemmingen laten het graven van watercompensatie toe. Daarom wordt voldaan aan de vrijstellingsvereisten en is hiervoor is geen ontgrondingvergunning nodig.
Voor het plan is watercompensatie nodig. Dit gaat om een beperkte ontgronding die ruim binnen de vrijstellingsgrenzen ligt en noodzakelijk is voor de verwerkelijking van de in het bestemmingsplan aangegeven bestemmingen (waarvoor verhardingen noodzakelijk zijn). De bestemmingen laten het graven van watercompensatie toe. De locatie van de ontgronding is aangegeven in het landschapsplan, dat is opgenomen bij de regels van het bestemmingsplan. Voorafgaand aan de uitvoering van de ontgronding wordt met FUMO afgestemd over de noodzakelijkheid van een ontgrondingvergunning.
Toetsing Op de verbeelding van het bestemmingsplan voor het bestaande deel van het Ecomunitypark is risicocontour aangeduid rondom een opslag van gevaarlijke stoffen in het pand van EcoStyle. Echter op de risicokaart is deze plaatsgebonden risicocontour niet opgenomen. Wel is een risicocontour rondom een propaantank bij de entree van het park opgenomen. Hierbij is vermeld dat er geen sprake is van een plaatsgebonden risicocontour, maar wel van een explosie- en brandaandachtsgebied. Daarnaast is bij het verlenen van de vergunning voor de waterstofconversie faciliteit van Qirion, in het oostelijk deel van fase 1, gevraagd om de plaatsgebonden risicocontour (PR-6) rondom de opslaglocatie vast te leggen. Het gaat om de rode contour in figuur 4.2.
Toetsing Op de verbeelding van het bestemmingsplan voor het bestaande deel van het Ecomunitypark is een risicocontour aangeduid rondom een opslag van gevaarlijke stoffen in het pand van EcoStyle. Ook in de Atlas Leefomgeving is deze plaatsgebonden risicocontour opgenomen. Dat geldt ook voor de contour rondom de propaantank bij de entree van het park. Omdat beide niet behoren tot een Bevi inrichting is het niet verplicht deze zones in het bestemmingsplan te regelen. Er is gekozen de contour rondom EcoStyle wel op te nemen, in overeenstemming met het geldende bestemmingsplan. Voor de propaantank is hiervoor niet gekozen, omdat deze in 2024 wordt weggehaald. Daarnaast is bij het verlenen van de vergunning voor de waterstofconversie faciliteit van Qirion, in het oostelijk deel van fase 1, gevraagd om de plaatsgebonden risicocontour (PR-6) rondom de opslaglocatie vast te leggen. Het gaat om de rode contour in figuur 4.2.
Nota van zienswijzen ontwerpbestemmingsplan ‘Oosterwolde – Ecomunitypark 2023’
11
Hoofdstuk 6 Uitvoerbaarheid, paragraaf 6.2 Maatschappelijke uitvoerbaarheid
Zienswijzen Het ontwerpbestemmingsplan wordt gedurende zes weken, ter inzage gelegd. Tijdens deze periode wordt een ieder in de gelegenheid gesteld zienswijzen op het bestemmingsplan kenbaar maken. De zienswijzen worden meegewogen in het besluit tot vaststelling van het bestemmingsplan. Indieners wordt hiervan op de hoogte gesteld.
Hoofdstuk 6 Uitvoerbaarheid, paragraaf 6.2 Maatschappelijke uitvoerbaarheid
Vaststelling De gemeenteraad besluit over de vaststelling van het bestemmingsplan. Tegen het besluit tot vaststellingis beroep mogelijk bij de Afdeling Bestuursrechtspraak van de Raad van State.
Nota van zienswijzen ontwerpbestemmingsplan ‘Oosterwolde – Ecomunitypark 2023’
12
Zienswijzen Het ontwerpbestemmingsplan is vervolgens gedurende zes weken ter inzage gelegd. Tijdens deze periode is een ieder in de gelegenheid gesteld zienswijzen tegen het bestemmingsplan kenbaar maken. Er is in deze periode één zienswijze ingediend door Wetterskip Fryslân. Hierin worden enkele uitgangspunten en aanbevelingen voor de uitwerking van het watersysteem gegeven. De waterparagraaf is hierop aangepast. Tijdens de ontwerpfase is nader overleg gevoerd met Wetterskip Fryslân over de wateraspecten van het plan. Daarbij is afgesproken dat de uitwerking van de vormgeving van het watersysteem in overleg met het wetterskip gebeurt. Dit wordt geborgd via de noodzakelijke watervergunning. Vaststelling De gemeenteraad besluit over de vaststelling van het bestemmingsplan. Tijdens de procedure zijn enkele ondergeschikte punten constateert en is door HoSt een verzoek tot kleine verschuiving van een bouwvlak ingediend. Omdat het daarbij iets verder van de rand van het bedrijventerrein komt te liggen en het bouwvlak per saldo niet groter wordt, worden hiermee geen belangen in negatieve zin geraakt, en kan dit meegenomen worden als ambtshalve wijziging. Dit is gevisualiseerd in figuur 6.1 (in rood de correctie aan de oost- en westzijde). Het te schrappen deel heeft de bestemming ‘Groen’ gekregen.
Overige aanpassingen in de regels betreffen: - Lid 3.1, sub a, onder 2: “… maar daar ongeschikte …” aangepast in “… met daaraan ondergeschikte …” (correctie omissie); - Lid 3.2, sub d: d. “de onderlinge afstand tussen gebouwen zal ten minste 10 m bedragen, met dien verstande dat dit niet geldt voor het gehele bouwvlak met de aanduiding ‘specifieke bouw-aanduiding – afwijkende bouwhoogte silo’s’” (gehele is toegevoegd, omdat anders onduidelijkheid kan bestaand over het deel van het bouwvlak waarop de aanduiding niet van toepassing is.). Voorgesteld wordt het bestemmingsplan met inachtneming van de hiervoor genoemde ambtshalve wijziging gewijzigd vast te stellen. Tegen het besluit tot vaststelling is beroep mogelijk bij de Afdeling Bestuursrechtspraak van de Raad van State.
6. Bijlagen Gedurende de periode van terinzagelegging is één zienswijzen ontvangen. Deze is binnen de gestelde termijn ontvangen en derhalve ontvankelijk.
Nota van zienswijzen ontwerpbestemmingsplan ‘Oosterwolde – Ecomunitypark 2023’
13
Van: [mailto: @wetterskipfryslan.nl] Verzonden: dinsdag 16 januari 2024 22:52 Aan: Gemeente Ooststellingwerf <gemeente@ooststellingwerf.nl> CC: < @ooststellingwerf.nl> Onderwerp: Zienswijze ontwerp bestemmingsplan Oosterwolde - Ecomunitypark 2023 Geachte gemeenteraad, Op 4 december 2023 hebben wij het ontwerpbestemmingsplan ‘Oosterwolde - Ecomunitypark 2023’ ter inzage gekregen, waarvoor onze dank. Voor dit plan heeft afstemming plaatsgevonden tussen ons waterschap en de (adviseurs van) de initiatiefnemers en wij hebben diverse adviezen gegeven. De centrale waterloop van fase 1 van het Ecomunitypark wordt doorgetrokken in fase 2. Wij verzoeken u om ook in fase 2 de centrale waterloop met de omliggende zone de bestemming ‘Groen’ te geven. Deze bestemming past beter bij de centrale natuurlijke waterloop met de waterbergende functie. En de inrichting en functie worden hiermee beter geborgd voor de toekomst. Een aantal water aspecten zijn nog niet goed opgenomen in de onderbouwing van het plan: De alinea ‘Veilig’ kan uit de waterparagraaf verwijdert worden. Het plangebied komt niet op boezempeil te liggen. Het gebied ligt ruim boven de Friese boezem en veiligheid speelt hier geen rol. In de Toelichting wordt geschreven over een waterrijke inrichting. Omdat in dit gebied geen wateraanvoer aanwezig is betekend dit dat watergangen droog kunnen komen te vallen.
Er is dus geen garantie op continu watervoerende watergangen. Op blz. 16 van de Toelichting wordt onder het kopje ‘Waterrobuust bouwen’ aangegeven dat in paragraaf 4.8 verder ingegaan wordt op het adaptief bouwen en voldoende ruimte voor water. In paragraaf 4.8 wordt echter alleen heel algemeen de groene en waterrijke inrichting genoemd. Wij zien graag verder verduidelijkt hoe in dit plan waterrobuust bouwen en klimaatadaptatie wordt meegenomen. In ons emailbericht van 13-11-’23 (zie bijlage Overlegreacties) hebben wij hiervoor o.a. enkele adviezen voor de opvang van piekbuien gegeven. Op de hoge zandgronden van zuidoost Fryslân is het belangrijk om water vast te houden en verdroging zoveel mogelijk te beperken. Zie hiervoor de visie Fryslân Klimaatbestendig 2050+. Bij de inrichting van de centrale watergang kan daar rekening mee gehouden worden door deze ondiep met flauwe oevers aan te leggen. Het waterpeil in fase 1 en 2 ligt rond 5,40 m NAP. Om verdroging zoveel mogelijk tegen te gaan het waterpeil niet verlagen. Wij hebben een voorstel voor het peilbeheer en de inrichting van de waterhuishouding gedaan. Voor de verdere uitwerking hiervan vindt nog afstemming plaats. Volgens onze Legger ligt er een hoofdwatergang door het plangebied. In de praktijk is hier echter geen sprake van. De Legger moet nog aangepast worden.
Het onderhoud van de watergangen in het plangebied is de verantwoordelijkheid van de eigenaren aan weerszijden van de watergang. Om de functie van de watergangen goed te borgen is het belangrijk dat deze onderhouden kunnen worden. En dat bij de inrichting rekening gehouden wordt met de bereikbaarheid voor het onderhoudsmaterieel. Bij de inrichting van fase 2 is er sprake van slootdempingen. In de waterparagraaf dient nog toegevoegd te worden wat dit betekend voor de compensatieberekening. Het dempen van een sloot is vergunningplichtig.
Graag zien wij dat bovenstaande punten worden aangepast/aangevuld in het bestemmingsplan. Mochten er nog vragen zijn dan kan contact opgenomen worden met mevrouw I. Waterlander van ons waterschap.
Henk Heeringa Vakgroepleider Bestuursadvisering, Communicatie en Omgeving
…
…..@wetterskipfryslan.nl
Wetterskip Fryslân 058 – 292 2222 | Postbus 36, 8900 AA Leeuwarden www.wetterskipfryslan.nl
Denk aan het milieu voordat u dit bericht print. Dit bericht is alleen bestemd voor de geadresseerden. Aan dit bericht kunnen geen rechten worden ontleend.