CConstaterende datOoststellingwerf
Koppel je AI →
Document · PDF

BIjlage 1. woonzorgvisie-ooststellingwerf 2022-2026

Raadsvergadering 26 november 2025, gemeente OoststellingwerfBij agendapunt: Verlengen looptijd woon(zorg)visie Ooststellingwerf 2022-202618.889 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 3

Woon(zorg)visie 2022-2026 Gemeente Ooststellingwerf

14 december 2021 Rapportage

DATUM

14 december 2021

TITEL

Woon(zorg)visie 2022-2026

OPDRACHTGEVER

Gemeente Ooststellingwerf

AUTEUR(S)

Bram Klouwen Jan van Deursen

PROJECTNUMMER

085.106/G

STATUS

Rapportage

Inhoud 1

Inleiding

2

2

Thema 1: Groeiscenario’s

7

3

Thema 2: Mismatch tussen vraag en aanbod

12

4

Thema 3 Wonen en zorg

22

5

Thema 4: Leefbaarheid en duurzaamheid

33

Bijlage 1: Toetsingskader woningbouw

39

Bijlage 2: woningmarktonderzoek

42

Bijlage 3: Cijferbijlage woningmarktonderzoek

49

085.106/G | Woon(zorg)visie 2022-2026

1

1 Inleiding Ooststellingwerf wil een fijne plek zijn voor iedereen, jong en oud. Een plek om te zijn en te blijven. Dat is nu niet altijd mogelijk. De druk op de woningmarkt neemt ook in Ooststellingwerf toe. De sterk gestegen huizenprijzen maken het voor bepaalde groepen steeds lastiger om een betaalbare en passende woning te vinden. Bovendien verandert de woningvraag. De gemeente heeft te maken met nieuwe woningmarktopgaven. Zo vinden jongeren met vaak een beperkt inkomen door de gestegen huizenprijzen steeds moeilijker een woning. Tegelijkertijd is Ooststellingwerf steeds meer in trek bij mensen van buiten de gemeente vanwege de verbeterde bereikbaarheid en de kwaliteit van het landschap. Hierdoor neemt de schaarste aan woningen verder toe. Ook wonen meer mensen met een zorg- of ondersteuningsvraag langer of weer zelfstandig thuis. Dit vraagt levensloopgeschikte woningen, dorpen waar mensen er voor elkaar zijn, (ontmoetings-)voorzieningen en zorgaanbod. Verder ligt er een belangrijke opgave om de woningvoorraad te verduurzamen, voldoende standplaatsen te bieden aan woonwagenbewoners, adequate huisvesting te realiseren voor arbeidsmigranten, en voor het toenemend aantal statushouders. De gemeente Ooststellingwerf wil deze opgaven aanpakken. Hiertoe heeft zij een nieuwe woon(zorg)visie uitgewerkt.

In deze visie benoemt zij de ambities rond het wonen in de kernen van Ooststellingwerf, evenals op het onderwerp wonen en zorg. Deze visie kan worden gezien als een uitwerking en verdieping van de Omgevingsvisie (na vaststelling).

Figuur 1: Essentieschets Ooststellingwerf - Omgevingsvisie

De Omgevingsvisie omschrijft Ooststellingwerf als “een prachtige gemeente in het hart van het noorden met grote landschappelijke variatie van zand tot veen en een sterke sociale samenhang waar Drentse trekjes en Friese

085.106/G | Woon(zorg)visie 2022-2026

2

invloeden harmonieus met elkaar samengaan.” Vanuit de Omgevingsvisie stuurt de gemeente actief op het behouden van dit karakter. Tegelijkertijd ligt er het aanbod vanuit Fryslân, Groningen, Drenthe en Flevoland om extra woningen te realiseren boven de eigen behoefte (Deltaplan van het Noorden) om zo het landelijke woningtekort te verminderen. Dit is een groei die moet passen bij het karakter van Ooststellingwerf. Hoe de gemeente Ooststellingwerf hiermee omgaat, is onderwerp van deze woonvisie.

Proces totstandkoming woon(zorg)visie De woon(zorg)visie is in vier stappen uitgewerkt.

stap 1

•analyse van het gevoerde beleid door de gemeente Ooststellingwerf, zoals Omgevingsvisie, het Programma duurzaam Ooststellingwerf 20212025, etc. Om aan te sluiten bij de actualiteit zijn ook plannen betrokken die nog niet volledig zijn vastgesteld door de raad.

stap 2

•het uitvoeren van een woningmarktonderzoek waarmee de woon(zorg)behoefte in kaart is gebracht. Dit is samen met de huurdersorganisaties en de corporaties gedaan. In bijlage 2 zijn de resultaten weergegeven.

stap 3

stap 4

•ophalen van input bij marktkenners, zorgpartijen en inwoners. Via een enquête onder de inwoners van Ooststellingwerf hebben 436 mensen uit alle dorpen hun mening gegeven over het wonen. In online bewonersavonden hebben inwoners de uitkomsten van de enquête nader geduid. Onze partners namen deel via enkele themabijeenkomsten.

•uitwerken van de visie. De conceptvisie is afgestemd met verschillende beleidsvelden, marktkenners en zorgpartijen. In een inwonersavond is dit besproken.

085.106/G | Woon(zorg)visie 2022-2026

Wonen centraal - verbindingen met andere thema’s en beleid De huidige woonvisie loopt in januari 2022 af. Sinds het wijzigen van de Woningwet (2021) zijn gemeenten verplicht hun woonbeleid in een woonvisie vast te leggen. De druk op de markt is groot. Daarom is het naast de wettelijke verplichting van belang om het beleid tijdig te actualiseren. Daarnaast heeft de Taskforce Wonen en De Taskforce is een samenwerking Zorg de ambitie gesteld dat alle van het Ministerie van gemeenten in 2021 een visie op wonen Volksgezondheid, Welzijn en en zorg hebben. In deze visie werkt de Sport, het Ministerie van gemeente het woon- en woonzorgbeleid Binnenlandse Zaken, Aedes, VNG, tot 2026 uit met een doorkijk naar 2030. Actiz en zorgverzekeraars Nederland. De gemeente legt in deze visie de noodzakelijke verbindingen met relevante thema’s rond wonen in de brede zin: • Aansluiting en aanvullen op de regionale woningbouwplannen: Vanuit de Regio ligt er een aanbod om 45.000 woningen in te bouwen als onderdeel van het “Deltaplan van het Noorden”. Deze extra groei moet nog een vertaling krijgen naar de verschillende gemeenten. Door scenario’s in beeld te brengen kan de gemeente zich in deze discussie goed positioneren. • Verbinding met economie, mobiliteit, duurzaamheid, leefbaarheid, sociaal domein.

De woon(zorg)visie legt waar nodig relaties met andere beleidsvelden en agendeert de gewenste uitwerking op die velden. • Dorpsgericht werken: Wonen is voor inwoners een belangrijk onderwerp. Inwoners beleven het wonen niet op gemeentelijk niveau, maar binnen hun wijk of dorp. Een prettig woon- en leefklimaat in de wijken en dorpen is essentieel. De woon(zorg)visie geeft de aan op richting op clusters binnen de deelgebieden zoals benoemd in de Omgevingsvisie. Daarnaast geeft de visie waar nodig richting op kernniveau.

3

Onze prioriteiten De woonvisie beschrijft de visie van de gemeente Ooststellingwerf op de gewenste ontwikkeling van de woningmarkt in de kernen. De gemeente wil een belangrijke sturende en regisserende rol spelen op de woningmarkt, zeker omdat zij op dit moment voor een aantal grote opgaven staan. Als gemeente betekent dit dat we op verschillende manieren invloed uitoefenen: vaak regisserend en stimulerend, soms meer faciliterend (waarmee we aansluiten bij onze roldefinitie in onze Visie op de samenleving). Deze inzet moet eraan bijdragen dat Ooststellingwerf een fijne plek blijft om te wonen voor iedereen. Deze woon(zorg)visie geeft voor de komende jaren hiervoor de kaders aan. De noodzaak en urgentie om deze rol op te pakken, komt terug onder een viertal thema’s met prioriteit: Thema 1: Inzetten op een passend groeiscenario De druk op de woningmarkt is momenteel zeer hoog. Dat zorgt voor krapte en drijft prijzen op. Ook laat het woningmarktonderzoek zien dat tot 2030 de snelle groei van het aantal huishoudens waarschijnlijk door zal zetten. Daarom gaan we als eerste werken aan een versnelling van de woningbouwopgave. Zo willen we adequaat inspelen op de vraag vanuit de dorpen en van elders. Thema 2: Mismatch tussen vraag en aanbod De prijzen van woningen zijn de afgelopen jaren flink gestegen. Hierdoor zijn woningen voor mensen met een laag of middeninkomen soms te duur.

Woningzoekenden uit Ooststellingwerf hebben hier extra last van, door de gemiddeld lage sociaal-economische status van inwoners van Ooststellingwerf. Wij willen voorkomen dat zij niet in onze gemeente kunnen wonen. Met name (koop)starters komen in de knel, maar ook jonge gezinnen die uit hun starterswoning zijn gegroeid. Voor ouderen is er beperkt aanbod aan levensloopgeschikte woningen waar zij naartoe kunnen doorstromen. We

085.106/G | Woon(zorg)visie 2022-2026

zien een verschuiving in de vraag van traditionele gezinswoningen naar kleinere levensloopgeschikte woningen. De komende jaren stimuleren we een betere afstemming van het woningaanbod op de vraag; ook door realisatie van betaalbaar woningaanbod. Daarbij bieden we ruimte aan innovatieve woonvormen die deze afstemming dichterbij brengt. Thema 3: Organiseren van wonen en zorg We willen dat mensen met een zorg- of ondersteuningsvraag wonen in een ‘gewone woning’ in een ‘gewone woonwijk’ kunnen wonen. In onze woonzorgvisie geven we hier aandacht aan; vanwege de groeiende opgave door de vergrijzing enerzijds, en het weer thuis wonen van mensen die nu in instellingen wonen anderzijds. Vanuit deze woonzorgvisie bevorderen we aanbod toegankelijke woningen, met in nabijheid burenhulp, ontmoeting, en / of ondersteuning en zorg. Dat alles liefst zo dicht mogelijk in de vertrouwde omgeving bij mensen thuis, zodat mensen ook met een zorgvraag prettig en veilig thuis kunnen (blijven) wonen. En als dit door de intensiteit niet meer in de vertrouwde omgeving kan, zo dichtbij mogelijk elders in Ooststellingwerf. Thema 4: Werken aan leefbaarheid en duurzaamheid Ooststellingwerf is een landelijke gemeente waar landschappelijke kwaliteiten, gemeenschapszin en duurzaamheid belangrijk zijn.

Wij stimuleren prettig wonen in Ooststellingwerf door mee te werken aan een leefbare omgeving en verduurzaamde woningen. Let op: bij de uitwerking van deze thema’s benoemen we oplossingen die bij het schrijven van deze woonvisie actueel zijn en aansluiten bij de vraagstukken die spelen in Ooststellingwerf. Denk bijvoorbeeld aan “tiny houses”, “demontabel bouwen” of “knarrenhoven”. Initiatieven op de woningmarkt volgen elkaar snel op. Nieuwe ideeën dienen zich constant aan. De benoemde

4

Figuur 3: Cirkels van invloed

concepten in deze visie dienen als voorbeeld / illustratie en sluiten andere initiatieven die zich in de toekomst aandienen niet uit. Onze rol Bij de uitwerking van het woonbeleid werkt de gemeente samen met inwoners, corporaties, bouwbedrijven. Zij zijn primair de investeerders in een goed woonklimaat. De gemeente faciliteert hun zo nodig. De woonvisie vormt de basis waarop we met woningcorporaties en huurdersorganisaties (meer)jaarlijkse prestatieafspraken maken. We sturen via toetsing van woningbouwplannen het gewenste programma en ruimtelijke ontwikkeling van de gemeente. We kiezen daarbij waar nodig een sturende of regisserende rol. We richten ons daarbij op die thema’s en opgaven waar we invloed op kunnen uitoefenen. We onderscheiden de invloed van de gemeente op drie niveaus: wat kan de gemeente zelf doen, wat kan de gemeente in samenwerking met partners doen en wat kan de gemeente beïnvloeden? Op al deze niveaus speelt de gemeente een rol.

Actiegericht: Van visie naar concrete uitvoeringsafspraken De woonvisie kan gezien worden als een uitwerking van de Omgevingsvisie (na vaststelling) en bevat daartoe een deel ‘visievorming’. In de Omgevingsvisie is een aantal ambities en opgaven ten aanzien van wonen (en zorg) benoemd. Deze worden in de woon(zorg)visie op basis van de hiervoor beschreven thema’s nader uitgewerkt.

Figuur 2: Structuur van de Woon(zorg)visie

De woonvisie is daarnaast vooral actiegericht met concrete opgaven voor de komende jaren (looptijd tot en met 2026, met een doorkijk naar 2030). Aan deze opgaven wordt in de woonvisie een uitvoeringsprogramma gekoppeld (zie figuur 3).

085.106/G | Woon(zorg)visie 2022-2026

5

085.106/G | Woon(zorg)visie 2022-2026

6

2 Thema 1: Groeiscenario’s Uit het woningmarktonderzoek blijkt dat het aantal huishoudens tot 2030 sneller lijkt te groeien dan werd aangenomen. Door de snelle huishoudensgroei in de afgelopen jaren is de druk op de woningmarkt sterk toegenomen. Dit vraagt om een versnelling in de woningbouw.

Ambitie: Het aantal huishoudens in Ooststellingwerf zal blijven groeien. Daarom werken we aan een versnelling van de woningbouw. Tot 2030 zetten we in op een groeiscenario van 520 woningen om de druk op de huidige markt te verlichten en kansen van economische voorspoed te verzilveren. We zoeken mogelijkheden voor versnelling in productie op korte termijn. Vervolgens voegen we woningen gefaseerd toe zodat we tijdig kunnen op- en afschalen, afhankelijk van de behoefte. Planmatige nieuwbouw vindt vooral plaats in de kerndorpen (Oosterwolde, Appelscha, Haulerwijk), Donkerbroek en Oldeberkoop. Met de overige dorpen zoeken we kansen voor toevoegingen aansluitend bij de ruimtelijke mogelijkheden en aard en schaal van het dorp.

Opgaven groeiscenario’s Om deze ambities waar te maken wil de gemeente de komende jaren samen met corporaties, ontwikkelaars en particulieren werken aan onderstaande opgaven. Opgave 1: Groeien naar onze capaciteit De druk op de woningmarkt in Ooststellingwerf is flink toegenomen de afgelopen jaren. Het woningmarktonderzoek, de enquête en de gevoerde gesprekken met bewoners en marktkenners bevestigen dit beeld. Tot 2030

085.106/G | Woon(zorg)visie 2022-2026

verwacht de gemeente een extra behoefte van 320 tot 520 woningen. Dit is een stuk meer dan de 190 extra woningen waar vanuit de provinciale prognose rekening mee wordt gehouden. De sterkere huishoudensgroei komt vooral door de huidige periode van economische voorspoed die de afgelopen 5 jaar heeft gezorgd voor een hogere migratie vanuit binnen- en buitenland naar Ooststellingwerf. We gaan aan de bovenkant van de bandbreedte zitten en richten ons op toevoeging van 520 woningen. Zo houden we rekening met de verhoogde instroom vanuit binnen- en buitenland, maar ook met mensen die met spoed een woning zoeken en nu wonen op (bijvoorbeeld) vakantieparken. Het bouwen van voldoende woningen is niet alleen belangrijk om de druk op de woningmarkt te verlichten en de voorraad aan te passen op een veranderende vraag. Het is ook een belangrijk middel om de groei van de lokale economie te ondersteunen. De gemeente ligt centraal in Noord Nederland en heeft via de N381 en N919 snelle verbindingen met omliggende grotere kernen zoals Drachten en Assen. Via de N351 is er goede aansluiting met het Zuiden en Westen van Nederland. Een goede beschikbaarheid en betaalbaarheid van woningen kan ervoor zorgen dat gezinnen uit deze gemeenten die op zoek zijn naar meer ruimte in een landelijke omgeving, zich zullen vestigen in Ooststellingwerf.

Daarnaast helpt woningbouw de gemeente in haar doel om een goed vestigingsklimaat te creëren voor bedrijven. Dit is een groot voordeel in sectoren waar arbeidskrachten schaars zijn.

7

De groei helpt ook om variatie in de bevolkingsopbouw te behouden, door het aantrekken van gezinnen die in Ooststellingwerf werken. Dit zal ook effect hebben op zo veel mogelijk behoud van het huidige voorzieningenniveau (basisscholen en verenigingen). Om de druk op de woningmarkt op de korte termijn te verzachten zetten we in op het versneld beschikbaar krijgen van ontwikkellocaties. Met deze locaties ontstaat ruimte voor de toevoeging van 520 woningen tot 2030. Hiermee kunnen we anticiperen op de verwachte extra huishoudensgroei. Wel is het belangrijk om bij de realisatie van deze plannen de vinger aan de pols te houden. De demografische analyse laat zien dat binnenlandse en buitenlandse migratie van en naar Ooststellingwerf afhankelijk is van de actuele economische situatie. Ofwel, de woningmarkt in Ooststellingwerf is conjunctuurgevoelig. Het is dus belangrijk dat de gemeente periodiek kan opof afschalen afhankelijk van hoe de economie en de huishoudensgroei zich ontwikkelt. Het vastgestelde uitvoeringsprogramma woningbouw van Ooststellingwerf is inmiddels grotendeels gerealiseerd. Van dit uitvoeringsprogramma resteren nog ongeveer 150 woningen om te bouwen. Dit aantal is veel lager dan de 520 geambieerde woningen. Daarom zal op korte termijn de uitvoering van de resterende plannen uit het uitvoeringsprogramma gestalte moeten krijgen.

Daarnaast moeten we nieuwe plannen toevoegen. Hier ligt een rol voor de gemeente om actief op zoek te gaan naar nieuwe locaties voor woningbouw met behulp van ontwikkelaars en inwoners zodat nieuwe woonmilieus kunnen worden aangewezen. Opgave 2: Verdeling van de opgave over de dorpen Naast het bepalen van het aantal woningen, is het belangrijk te kiezen waar nieuwe woningen gebouwd kunnen worden. Vanuit het

085.106/G | Woon(zorg)visie 2022-2026

8

woningmarktonderzoek zien we dat ruimte voor planmatige nieuwbouw vooral ligt in kerndorpen Oosterwolde, Appelscha en Haulerwijk, maar ook in Donkerbroek en Oldeberkoop. Naast de vijf dorpen die hiervoor genoemd zijn, is er ook in de overige dorpen behoefte aan nieuwe woningen. Hier is het van belang om in te spelen op ruimtelijke kansen passend bij de behoefte en de aard en schaal van het dorp. Hierbij zoeken we actief de samenwerking met de kleinere dorpen door in gesprek te gaan met inwoners en plaatselijke belangen om zo tot geschikte locaties voor woningbouw te komen. Ook geven bewoners tijdens bijeenkomsten aan dat zij zoeken naar mogelijkheden om eigen initiatieven te ontplooien. Dit stimuleren we aan de hand van het toetsingskader woningbouw en het verstrekken van informatie over en begeleiding bij het doorlopen van gemeentelijke procedures.

Beleidsrichtingen groeiscenario’s Om deze twee opgaven binnen Thema 1: Groeiscenario's te realiseren heeft de gemeente het volgende actieplan opgesteld. Dit plan is geordend op basis van de drie niveaus van de cirkels van invloed. Per activiteit geven we met een kleur weer aan welke opgave die bijdraagt. Soms is dat een van beide opgaven onder dit thema, soms beide opgaven tegelijkertijd.

085.106/G | Woon(zorg)visie 2022-2026

9

Uitvoeringsagenda thema 1: Groeien naar onze capaciteit Zelf doen 1.

We stimuleren en faciliteren in de toevoeging van 520 woningen tot 2030. We doen dit door actief nieuwe plannen toe te voegen en bestaande plannen hard te maken. We evalueren de resultaten elke twee jaar en stellen indien nodig de planning naar boven of naar beneden bij.

Opgaven 1 2

2.

De gemeente is momenteel bezig met het opzetten van een Taskforce woningbouw. Als eerste taak inventariseert de taskforce in de kerndorpen (Oosterwolde, Appelscha en Haulerwijk) geschikte plekken voor inbreiding of uitbreiding die geschikt zijn om een groot aantal woningen tegelijk te bouwen.

Opgaven 1 2

3.

Naast het toevoegen van grotere planlocaties in de kerndorpen, is het belangrijk actief met de overige dorpen in gesprek te gaan over mogelijke bouwlocaties die passen bij de aard en schaal van deze dorpen. Daarnaast stimuleren we eigen initiatief. Vanuit gesprekken met bewoners komt naar voren dat er vaak al veel ideeën zijn hoe woningbouw op een creatieve manier gerealiseerd kan worden (denk aan splitsing of een meergeneratiewoning). Door bewoners te informeren en te faciliteren bij het aanvragen van vergunningen en doorlopen van procedures komen we ook in deze dorpen tot maatwerk.

4.

De gemeente heeft momenteel een Afwegingskader woningbouw. Dit kader is vrij technisch van aard en niet altijd even makkelijk te doorgronden voor initiatiefnemers. Daarom vervangen we dit door een toetsingskader voor nieuwbouwplannen. Zo kan de gemeente een actievere sturende rol nemen op de gewenste projecten. Het toetsingskader is opgenomen in bijlage 1.

5.

We monitoren de woningbehoefte periodiek en plannen flexibel om aan de nieuwbouwbehoefte te voldoen. We maken daarbij gebruik van de mogelijkheid om voorzienbaarheid te creëren, zodat we zo nodig afscheid kunnen nemen van plannen die niet (meer) passen of die in een vroeg stadium niet haalbaar blijken. Zo blijft de focus op het hard maken van realistische en gewenste plannen.

Opgaven 1 2

Opgaven 1 2

Opgaven 1 2

Samenwerking 1.

We blijven samenwerken als regio Zuidoost Fryslân bij woningbouwafspraken en actuele ontwikkelingen die van invloed zijn op de woningmarkt. Zo zetten we gezamenlijk in op het realiseren van voldoende woningbouw. Hierbij treden we in overleg met de provincie Fryslân, zodat de provincie in goed overleg de behoefteontwikkeling planologisch kan faciliteren.

085.106/G | Woon(zorg)visie 2022-2026

Opgaven 1 2

10

2.

Jaarlijks maken we prestatieafspraken met corporaties en huurdersorganisaties. We maken afspraken over het aantal te bouwen of te vervangen woningen per dorp. Voor meer details over het aantal sociale huurwoningen dat gerealiseerd moet worden, zie hoofdstuk 3: mismatch tussen vraag en aanbod.

3.

Er zijn momenteel plannen voor ongeveer 150 woningen. Omdat dit aantal te weinig is om aan de bouwopgave te voldoen, is het van belang bestaande plannen hard te maken en nieuwe plannen toe te voegen. Naast afspraken met corporaties is het ook belangrijk samenwerking te zoeken en afspraken te maken met ontwikkelaars in de regio om dit te realiseren. Dit kan bijvoorbeeld via de taskforce woningbouw (actie 2 zelf doen) worden opgepakt en vormgegeven.

Opgaven 1 2

Opgaven 1 2

Beïnvloeding 1.

Er staat een aantal panden leeg in de gemeente. Vanuit de gesprekken met inwoners en marktkenners komt naar voren dat daar mogelijkheden zijn voor wonen. Denk bijvoorbeeld aan winkelpanden in de kernen van dorpen. Waar ruimtelijk passend, faciliteren we bij deze leegstand transformatie naar woningen. Wel houden we hierbij rekening met de kwaliteit van de herontwikkeling. Zo komt de leefbaarheid rondom deze locaties niet in het geding en zorgen we voor een goede woonkwaliteit.

085.106/G | Woon(zorg)visie 2022-2026

Opgaven 1 2

11

3 Thema 2: Mismatch tussen vraag en aanbod Door stijgende prijzen en een veranderende vraag naar woningen hebben bepaalde groepen in Ooststellingwerf steeds meer moeite om een geschikte en betaalbare woning te vinden. Toch vinden mensen van elders in onze gemeente nog altijd een woning met een relatief gunstige prijs-kwaliteitverhouding. Voor mensen met een laag inkomen uit Ooststellingwerf betekenen stijgende woningprijzen dat deze woningen voor hen te duur worden. Het is daarom belangrijk dat vraag en aanbod van woningen op elkaar aansluit, zodat starter, doorstromer en vestiger in Ooststellingwerf een woning kan vinden.

Ambitie: We zetten in op de ontbrekende schakels op de woningmarkt. Zo stimuleren we doorstroom en benutten we de huidige voorraad optimaal. Dit betekent dat we nieuwbouw vooral inzetten om doorstroom op gang te krijgen. Denk hierbij aan het toevoegen van koopwoningen tot de NHG grens1, middenhuur tot €1.000 en woningen voor senioren. Aanvullend op het inspelen op de behoefte vanuit vooral starters en doorstromers, voegen we kleinschalig woonmilieus toe die in trek zijn bij vestigers (landschappelijk wonen in een groene omgeving), zodat er meer variatie komt in het woningaanbod in de gemeente en we een kapitaalkrachtige groep aan Ooststellingwerf binden. Om snel in te kunnen spelen op de veranderende woningvraag stimuleren en ondersteunen we initiatieven uit de gemeenschap, vanuit het principe ‘ja mits’2. We gaan experimenteren met versnelling in ruimtelijke procedures en het actief begeleiden van initiatieven. We ondersteunen in het bijzonder concepten die bijdragen aan snelle realisatie van woningen.

1 NHG-grens is in 2021 € 324.500, Deze grens stijgt per 1 januari 2022 naar € 355.000 2 Mits heeft betrekking op de samenstelling van het programma, spreiding over de

Het toevoegen van sociale huurwoningen richten we vooral op de kerndorpen (Oosterwolde, Appelscha en Haulerwijk). In de overige dorpen zetten we in op minimaal behoud van de huidige omvang van de sociale huurvoorraad en werken we mee aan kleinschalige initiatieven als deze worden aangedragen vanuit corporaties, ontwikkelaars of de samenleving. Ook spelen we in deze dorpen in op de veranderende vraag door aanpassing in de samenstelling van de woningportefeuille (transformatie door bijvoorbeeld verkoop en sloopnieuwbouw).

Opgaven mismatch tussen vraag en aanbod Om deze ambities waar te maken wil de gemeente de komende jaren samen met corporaties, ontwikkelaars en particulieren werken aan onderstaande opgaven. Opgave 1: Realiseren van voldoende betaalbare woningen in alle segmenten Uit zowel de woningmarktanalyses als de gesprekken met de marktkenners en inwoners komt naar voren dat voor de komende jaren nog steeds een grote vraag naar betaalbare woningen wordt verwacht. Dit hangt ook samen met de inkomensopbouw in Ooststellingwerf, met verhoudingsgewijs veel lagere inkomensgroepen.

kernen en de ruimtelijke voorwaarden.

085.106/G | Woon(zorg)visie 2022-2026

12

Het overgrote deel van de lokale woningbehoefte bevindt zich in het goedkope en middeldure prijssegment. Het gaat daarbij om middeldure koopwoningen in alle dorpen en goedkope grondgebonden koopwoningen in de kerndorpen Oosterwolde, Appelscha en Haulerwijk. Realisatie van deze woningen is complex. De bouwkosten stijgen waardoor het financieel steeds lastiger is om goedkope koopwoningen te bouwen, zeker als het gaat om woningen met de woonkwaliteit die men gewend is in de gemeente. Daarom stimuleren we goedkopere bouwmethoden zoals prefab-woningen of houtskeletbouw. Om te komen tot oplossingen die structureel voorzien in aanbod van betaalbare woningen, onderzoeken we het instrumentarium dat we als gemeente hiervoor in kunnen zetten. Naast sociale grondprijzen denken we hierbij aan maatschappelijk gebonden eigendom, opkoopbescherming (op basis van de Huivestingswet) of het instellen van een zelfbewoningsplicht. Naast een vraag naar betaalbare koop, blijft er de komende jaren behoefte aan sociale huurwoningen. Een sociale huurwoning kan worden aangeboden door een toegelaten instelling (corporatie) of een particuliere verhuurder. Echter de ervaring leert dat corporaties sociale huurwoningen langer in bezit houden waardoor deze woningen voor langere tijd beschikbaar blijven voor de doelgroep.

De prognose laat een behoefte zien van een netto toevoeging voor de sociale huur in de komende tien jaar tussen de 100 en 145 woningen (ongeveer 25% van het nieuwbouwprogramma). Dit betreft vooral levensloopgeschikte gelijkvloerse woningen. Ook ligt er een transformatie opgave tussen 2025 en 2030 om tot 30 sociale eengezinswoningen te vervangen door levensloopgeschikte woningen of appartementen. We hebben als gemeente een gewaardeerde samenwerking met de corporaties WoonFriesland en Actium. Beide corporaties zijn (historisch) verbonden met onze gemeente en de gemeenschap. Daarom hechten we er

085.106/G | Woon(zorg)visie 2022-2026

belang aan dat zij beide kunnen investeren in Ooststellingwerf. Doordat de Woningmarktregio’s op voorhand investeringen van Actium in de weg staat, kijken we in gesprek met beide corporaties in welke mate de investeringsdoelen gerealiseerd kunnen worden. Daarbij ondersteunen we zo nodig een ontheffingsverzoek voor Actium. In het gezamenlijke gesprek over de prestatieafspraken wegen we dit af, gekoppeld aan de doelstelling uit deze woon(zorg)visie. Tot slot is er een groep die een te hoog inkomen heeft voor een sociale huurwoning, maar met dat inkomen geen koopwoning kan financieren. Dit betreft jongere huishoudens maar ook senioren die graag zouden willen huren. Voor deze groep is er behoefte aan middeldure huurwoningen (€750 tot €1.000). In ons programma willen we woningen in dit segment toevoegen, waarbij wij (gelet op de actuele verruiming in de Woningwet) naast marktpartijen een rol zien voor de corporaties vanuit hun duurzame verbondenheid met onze gemeente. Opgave 2: Met nieuwbouw doorstroming bevorderen De krapte op de woningmarkt wordt vooral gevoeld door starters die een woning willen huren of kopen maar deze niet kunnen betalen en senioren die door willen stromen naar een levensloopgeschikte woning maar deze niet kunnen vinden. De meerderheid van de woningen in de gemeente bestaat uit grondgebonden eengezinswoningen (87%).

Deze woningen worden steeds vaker bewoond door kleine huishoudens (1-2 personen) van 65 jaar of ouder. Het woningmarktonderzoek, de enquête en bewonersavonden laten zien dat er een grote behoefte is aan levensloopgeschikte woningen voor senioren. Dit geldt voor zowel huur- als koopwoningen. Ook is het zo dat wanneer senioren doorstromen in de koopsector, de woningen die zij achterlaten in veel gevallen niet betaalbaar zijn voor de huidige starter.

13

Daarnaast stijgt sinds 2013 het aantal vestigers van buiten de gemeente die in Ooststellingwerf komen wonen, mogelijk als gevolg van de sterke prijsstijgingen in de steden en sinds kort een mogelijk Corona-effect dat zorgt voor een herwaardering van ruimer wonen in een dorpse omgeving. Marktkenners geven aan dat vestigers vooral wat oudere (50+ jaar) kleine huishoudens zijn die landelijk willen wonen nadat hun kinderen de deur uit zijn. Het betreft ook gezinnen die elders in de regio wonen of werken en door de centrale ligging en de relatief goede prijs-kwaliteitverhouding van woningen kiezen voor Ooststellingwerf. Deze instroom heeft veel positieve effecten. Het draagt bij aan draagvlak voor voorzieningen en nieuwbouw versterkt het vestigingsklimaat voor nieuwe bedrijven. Ook brengt het een nieuwe impuls voor het verenigingsleven. Aan de andere kant hebben vestigers vaak meer te besteden dan lokale woningzoekenden. Dit leidt tot extra prijsstijgingen van woningen; ook indirect in het betaalbare segment omdat doorstroming stagneert en schaarste over de volle breedte van de woningmarkt zich laat voelen. De woningvraag moet zowel in de nieuwbouw als de bestaande voorraad bediend worden. Door in te zetten op nieuwbouw die doorstroming op gang brengt, kunnen we de woningvoorraad zo goed mogelijk benutten.

Dan is het belangrijk om juist woningen toe te voegen die nu onvoldoende aanwezig zijn in de woningvoorraad. Dit gaat vooral om nieuwbouw van levensloopgeschikte woningen in de sociale huur- en koopsector en goedkopere eengezinswoningen tot de NHG-grens. De doorstroming die zo ontstaat, biedt ruimte aan gezinnen die groter willen wonen, aan starters en aan vestigers van buiten de gemeente. Alleen de juiste woningen bouwen brengt de doorstroming nog niet op gang. Daarom sluiten we ook aan bij bestaande initiatieven om huishoudens te verleiden om door te stromen. Denk hierbij aan verhuisteams. Ook willen we

085.106/G | Woon(zorg)visie 2022-2026

afspraken met corporaties maken over het voorkomen van lastenstijging bij verhuizing van senioren (zie hoofdstuk 4 voor de overige maatregelen die we nemen voor het verleiden van senioren om door te stromen). Naast nieuwbouw voor doorstroming bieden we in beperkte mate ruimte voor nieuwbouw van kleinschalige woonmilieus in het duurdere segment (€300.000+) in een landschappelijke en groene omgeving. Het gaat hierbij om initiatieven van maximaal enkele tientallen woningen. Dit soort woningen is in trek bij vestigers. Zo blijven we ook in de toekomst een aantrekkelijke gemeente voor nieuwkomers en brengen we variatie aan in het nieuwbouwprogramma. Opgave 1 en 2 vatten we samen in via het toetsingskader woningbouw. Hierin zetten we in op een gemixt nieuwbouwprogramma ten behoeve van betaalbaar wonen en doorstroming: Segment Sociale huur Middenhuur Goedkope en betaalbare koop (gevarieerde prijzen tot NHG-grens) Vrije ruimte

Aandeel in het programma 25% 5% 40% 30%

Opgave 3: Voor starters versneld inzetten op flexibele concepten en eigen initiatief uit de dorpen De groep die de druk op de woningmarkt het sterkst voelt zijn starters. Vanuit inwonersbijeenkomsten en de enquête komt dit zeer duidelijk naar voren. Ondanks dat het bouwen van betaalbare woningen voor starters helpt, kost dit enkele jaren voordat deze gerealiseerd zijn. Tegelijkertijd werd tijdens bijeenkomsten aangegeven dat ruimte bieden aan demontabele woonconcepten op braakliggende terreinen of tiny-houses op de korte

14

termijn uitkomst aan kan bieden. Dit hoeft niet planmatig, maar kan juist komen vanuit lokale initiatieven en collectief particulier opdrachtgeverschap. Tijdens bijeenkomsten gaven in sommige gevallen ouders aan bereid te zijn hun woning (tijdelijk) te splitsen om zo woonruimte te creëren voor hun kinderen. Wij faciliteren daarom meergeneratiewoningen, zodat ouders hun woning kunnen delen met hun kinderen De gemeente heeft behoefte aan meer van deze initiatieven. De gemeenteraad heeft dit ook onderkend in de notitie Tiny Houses (vastgesteld januari 2021). We nemen een proactieve houding aan bij het faciliteren van deze initiatieven. Inwoners geven aan dat dit nodig is omdat zij niet altijd weten waar ze moeten beginnen en vastlopen in procedures. Als gemeente gaan we ons daarom inzetten om deze initiatieven beter te ondersteunen. Dit doen we bijvoorbeeld door het organiseren van informatiemarkten en het opstellen van stappenplannen die bewoners kunnen gebruiken bij het in gang zetten van hun idee. Ook benaderen we aanvragen met een ‘ja, mits’-houding en gaan we in gesprek met initiatiefnemers om hun woningbouwplan zo goed mogelijk te begeleiden en te faciliteren. Opgave 4: Kansen blijven creëren voor specifieke aandachtsgroepen.

De gemeente is naast het bieden van woningen voor reguliere woningzoekenden ook (mede)verantwoordelijk voor de huisvesting van specifieke aandachtsgroepen. Zo is in 2018 is door het Ministerie van BZK het nieuwe beleidskader gemeentelijk woonwagen- en standplaatsenbeleid vastgesteld. Hierin is opgenomen dat gemeenten bij vaststelling van het lokaal woonbeleid rekening moeten houden met de vraag naar woonplekken voor woonwagenbewoners. Ook krijgt de gemeente jaarlijks een taakstelling van het Rijk voor het huisvesten van statushouders.

085.106/G | Woon(zorg)visie 2022-2026

Daarnaast zien we een toename van het aantal arbeidsmigranten die bijvoorbeeld werken in de agrarische sector. Een deel van deze arbeidsmigranten blijft permanent in Nederland en komen in aanmerking voor een sociale huurwoning. Voor migranten die tijdelijk voor maximaal enkele jaren in Nederland blijven zijn specifieke huisvestingsoplossingen nodig (logies). Ook deze huisvesting is noodzakelijk, ook ten behoeve van het vestigingsklimaat voor bedrijven. Woonwagenstandplaatsen Er zijn momenteel twee locaties met in totaal 11 woonwagenstandplaatsen in de gemeente Ooststellingwerf. Dit betreft de locatie aan de Jan Frankensingel (5 standplaatsen) en de locatie aan het Hoge Stuk (6 standplaatsen). Als onderdeel van de woningmarktanalyse is de vraag naar nieuwe standplaatsen in beeld gebracht in samenwerking met WoonFriesland (de eigenaar van de twee locaties). Uit recente inventarisatie van WoonFriesland blijkt dat de vraag naar nieuwe standplaatsen zeer beperkt is. WoonFriesland heeft recent haar wachtlijsten opgeschoond. WoonFriesland werkt toewijzingsbeleid uit. Bij toewijzing houdt zij rekening met de huidige woonsituatie (locatie, type woning etc.) van de ingeschrevene, evenals mogelijke familiebanden met bewoners op de huidige standplaatslocatie.

Op basis van een inventarisatie onder huidige bewoners en bewoners op de wachtlijst blijkt dat door natuurlijk verloop er de komende 5 jaar waarschijnlijk geen plaatsen vrijkomen. In de komende 10-15 jaar zou dit wel kunnen gebeuren. Alhoewel er momenteel geen vraag is naar nieuwe standplaatsen en uitbreiding dus niet aan de orde is, blijven we dit wel jaarlijks monitoren in samenwerking met WoonFriesland. Statushouders In 2021 is de taakstelling voor statushouders verdubbeld. Voor Ooststellingwerf gaat het om 36 statushouders voor 2021. Momenteel zorgt

15

de gemeente voor huisvesting van deze groep in samenwerking met corporaties. Mocht de komende jaren de instroom verder oplopen, dan gaan we ook op zoek naar alternatieven. Denk hierbij aan tijdelijke woonvormen of samenwerking met particuliere verhuurders. Arbeidsmigranten en andere nieuwe werknemers De provincie Fryslân heeft onderzoek gedaan naar de huisvestingsopgave voor arbeidsmigranten. Uit dit onderzoek blijkt dat er in Ooststellingwerf tot 2030 een behoefte zal zijn voor de huisvesting van 50 - 80 arbeidsmigranten die voor korte of middellange termijn in Nederland blijven (maximaal circa 3 jaar). Wij faciliteren initiatiefnemers bij het realiseren van huisvestingsoplossingen, binnen ruimtelijke kaders en aansluitend bij de behoefte in Ooststellingwerf. Daarnaast is het mogelijk dat (nieuwe) bedrijven in Ooststellingwerf behoefte hebben aan goede huisvesting voor hun werknemers. De gemeente zoekt dan samenwerking met deze werkgevers om te onderzoeken in welke mate hiervoor aanvullend geschikte woningen nodig zijn, en of dit noodzaakt tot het opschroeven van de woningproductie (zie thema 1 opgave 1).

Beleidsrichtingen mismatch tussen vraag en aanbod Om deze vier opgaven binnen Thema 2: Mismatch tussen vraag en aanbod te realiseren heeft de gemeente het volgende actieplan opgesteld. Dit plan is geordend op basis van de drie niveaus van de cirkels van invloed. Per activiteit geven we met een kleur weer aan welke opgave die bijdraagt. Soms is dat een van de vier opgaven onder dit thema, soms meerdere opgaven tegelijkertijd.

085.106/G | Woon(zorg)visie 2022-2026

16

085.106/G | Woon(zorg)visie 2022-2026

17

Uitvoeringsagenda thema 2: Mismatch tussen vraag en aanbod Zelf doen 1.

Om te zorgen voor voldoende betaalbare woningen en het op gang brengen van doorstroming, nemen we een regisserende rol bij nieuwbouw en sturen we op het netto toevoegen van 25% (levensloopgeschikte) woningen in het sociale huursegment, 5% middenhuur en 40% koop tot de NHG grens. Hierbij streven we in het koopsegment naar een grote spreiding in prijsklassen zodat ook woningen met een prijs van €250.000 of lager worden toegevoegd. De overige 30% van het programma is vrij invulbaar, waarbij een deel in de vorm van kleinschalige landschappelijke woonmilieus.

1

Opgaven 2 3 4

we vervangen het afwegingskader woningbouw door het toetsingskader in bijlage 1 om het werkbaarder te maken voor initiatiefnemers en aan te laten sluiten op deze visie zodat we actiever op gewenste projecten kunnen sturen en eigen initiatieven uit de dorpen kunnen promoten.

1

Opgaven 2 3 4

3.

We vergroten onze grondpositie en zetten die strategisch in om woningbouw binnen de gestelde prijsgrenzen mogelijk te maken. Hiertoe hanteren we sociale grondprijzen en erfpachtconstructies.

1

Opgaven 2 3 4

4.

Om de betaalbaarheid en beschikbaarheid van betaalbare koop- en huurwoningen te borgen, zetten we instrumentarium in waarmee wordt voorkomen dat deze woningen worden opgekocht en verkocht of verhuurd door investeerders. Sommige van deze instrumenten zijn afhankelijk van verordeningen die de gemeente op zal moeten stellen (denk bijvoorbeeld aan een opkoopbescherming die verankerd moet zijn in een huisvestingsverordening of het instellen van een doelgroepenverordening). Om tot een passend instrumentarium te komen stellen we een “nota Regie op koop- en huursector op. In deze nota leggen we het definitieve instrumentarium dat we in zullen zetten vast. Hierbij zullen we onze partners (corporaties en marktpartijen) actief betrekken.

1

Opgaven 2 3 4

1

Opgaven 2 3 4

2.

Samenwerking 1.

Voor de ontwikkeling van de sociale huurvoorraad gaan we uit van het bestaande aantal sociale huurwoningen. Verkoop valt onder het principe ‘nee-tenzij’. De tenzij zit erin dat er eerst voldoende woningen toegevoegd moeten zijn, en dat verkoop (voor lange tijd) bijdraagt aan het aanbod goedkope koopwoningen voor starters (bijvoorbeeld via Koopgarant).

085.106/G | Woon(zorg)visie 2022-2026

18

2.

Bij de realisatie van goedkope koopwoningen is het belangrijk om speculatie met deze woningen te voorkomen. Dit doen we bijvoorbeeld door het instellen van een antispeculatiebeding bij verkoop van nieuwe woningen en van corporatiewoningen.

1

Opgaven 2 3 4

3.

Via het proces van de raamovereenkomst en de daaruit voortvloeiende jaarlijkse prestatieafspraken komen we met beide corporaties en hun huurders tot een overeenkomst over het aantal te realiseren sociale huurwoningen. Ook maken we afspraken over de realisatie van middenhuur woningen (tot €1.000). Wij zijn zo nodig bereid mee te werken aan een ontheffingsverzoek van Actium, zodat zij in Ooststellingwerf kunnen investeren.

1

Opgaven 2 3 4

Een bekend obstakel voor de doorstroom van senioren in een corporatiewoning is een mogelijke stijging in woonlasten. Om de doorstroom te faciliteren komen we in de raamovereenkomst en de daaruit voortvloeiende prestatieafspraken met corporaties tot een overeenkomst over het voorkomen van lastenstijging bij senioren die aangeven te willen doorstromen.

1

Opgaven 2 3 4

Om snel tot de realisatie van woningen voor starters te komen promoten we lokaal initiatief, demontabel bouwen/tiny houses, woningsplitsing, meergeneratiewoningen en collectief particulier opdrachtgeverschap via het toetsingskader woningbouw. Ook faciliteren we flexwoonconcepten voor bijvoorbeeld arbeidsmigranten om de druk op de woningmarkt op de korte termijn te verlichten, mede erop gericht om ongewenste koppeling van werkgever en huisvester te voorkomen.

1

Opgaven 2 3 4

6.

Jaarlijks monitoren we in samenwerking met WoonFriesland de vraag naar woonwagenstandplaatsen

1

Opgaven 2 3 4

7.

We beschouwen statushouders als urgent woningzoekenden. We huisvesten deze groep primair in samenwerking met corporaties. Bij instroom boven het niveau van 2021 zoeken we alternatieve woonvormen. Denk hierbij aan het realiseren van tijdelijke woonvormen of afspraken met particuliere verhuurders.

1

Opgaven 2 3 4

4.

5.

085.106/G | Woon(zorg)visie 2022-2026

19

Beïnvloeding Om starters die dit nodig hebben een extra steuntje in de rug te blijven geven behouden we de starterslening. Wel evalueren we de lening in zijn huidige vorm op effectiviteit en passen we deze indien nodig aan zodat we woningen zo toegankelijk mogelijk maken voor starters.

1

Opgaven 2 3 4

Het zetten van de procedurele stappen bij het aanpassen en splitsen van een woning of het tot stand brengen van een lokaal initiatief zijn erg belangrijk voor het succesvol laten verlopen van het project. Daarom gaan we actief informatie verstrekken en mensen samenbrengen die geïnteresseerde groepen kunnen helpen bij het van de grond krijgen van lokaal initiatief. Dit doen we bijvoorbeeld door het opstellen van toegankelijke stappenplannen en het organiseren van informatiemarkten.

1

Opgaven 2 3 4

3.

We sluiten aan bij bestaande initiatieven om senioren te verleiden door te stromen naar een kleinere woning, zoals het verhuisteam. Zo brengen we doorstroom breed op gang.

1

Opgaven 2 3 4

4.

We werken samen met werkgevers om huisvesting voor arbeidsmigranten te faciliteren. In geval van vestiging of uitbreiding van een bedrijf stemmen we af of de realisatie van permanente woningen bovenop de doelstellingen uit deze woonvisie nodig is om het aantrekken van nieuwe werknemers te vergemakkelijken.

1

Opgaven 2 3 4

1.

2.

085.106/G | Woon(zorg)visie 2022-2026

20

085.106/G | Woon(zorg)visie 2022-2026

21

4 Thema 3 Wonen en zorg Mensen met een zorg- of ondersteuningsbehoefte gaan steeds langer, of weer, zelfstandig thuis wonen. Dit komt deels vanwege strenge toegangseisen voor geïndiceerde en intramurale zorg, maar ook vanwege de wens om de eigen regie over het leven te voeren. Langer zelfstandig thuis wonen zorgt voor een stijgende behoefte aan zorg en ondersteuning in de thuissituatie. Dit vraagt om een goede samenwerking tussen alle partijen en een gezamenlijke aanpak waarbij de gemeente, zorgpartijen en de bewoners nauw samenwerken.

Ambitie: Alle inwoners, ook als ze afhankelijk zijn van zorg of ondersteuning, moeten in onze dorpen zo lang mogelijk, of weer zelfstandig thuis kunnen wonen. Zelfstandig thuis betekent niet noodzakelijkerwijs ook zelfstandig in hetzelfde huis. Om dit mogelijk te maken stimuleren we de realisatie van voldoende geclusterde en gespikkelde woonconcepten en 24-uurszorgplekken die geschikt zijn voor de verschillende (zorg)doelgroepen (jong en oud). We faciliteren de realisatie van deze woonconcepten zoveel mogelijk nabij voorzieningen. Zo ontstaan hier woonzorgzones. Op sommige plekken is het niet altijd mogelijk om woonconcepten te realiseren die geschikt zijn voor intensieve zorg en ondersteuning. Op deze plekken zetten we vooral in op particulier initiatief (zie kader Vledder) en ondersteuning in de thuissituatie. Bijvoorbeeld door technologie, domotica, aanpassingen aan de woning, ondersteuning voor mantelzorg en ontmoeting. Als mensen vanwege hun zorg of ondersteuningsbehoefte moeten verhuizen naar een woning elders begeleiden we hen in dit traject. We ondersteunen bij de verhuizing en bieden faciliteiten zodat mensen in hun nieuwe wijk of kern mee kunnen doen in de samenleving.

085.106/G | Woon(zorg)visie 2022-2026

Definities voor wonen met zorg Wlz: Wet langdurige zorg Geclusterd wonen voor ouderen: Woningen in een woonvorm met 10 of meer wooneenheden en met een welzijnsvoorziening (ontmoetingsplek) in de directe omgeving. Bijvoorbeeld seniorenwoningen, aanleunwoningen, hofjeswonen. Geclusterd wonen andere doelgroepen: Woonvorm waarbij de bewoner een eigen appartement of studio heeft met voorzieningen, maar ook met een ontmoetingsruimte in of bij het pand. Betreft zowel groepswonen als het wonen in geclusterde appartementen, met 24-uur begeleiding aanwezig of oproepbaar. Gespikkeld wonen: Wonen in een reguliere (zelfstandige), niet-geclusterde woning in de nabijheid van een woonvorm waarvandaan zorg en begeleiding geboden kan worden. 24-uurszorgplekken: Woonplekken waar dagelijks 24 uur zorg en toezicht aanwezig is.

Opgaven wonen en zorg Om langer en weer zelfstandig thuis wonen voor iedereen vorm te geven gaan we uit van de inwoner en zijn / haar wensen. In de eerste plaats gaat het dan om de plek en de woning waarin je woont. Deze woning moet passend zijn bij de persoonlijke situatie en in een toegankelijke omgeving staan, waar ontmoeting en beweging mogelijk zijn. Uitgangspunt is dat we daarbij na gaan wat een inwoner op eigen kracht, met de gebruikelijke hulp van mantelzorgers en sociaal netwerk, kan doen. Daarna wordt bepaald of iemand geholpen is met een algemene voorziening, of dat er een

22

maatwerkvoorziening (bijvoorbeeld het plaatsen van een traplift of een mantelzorgunit in de tuin) nodig is. We stimuleren een goede gezondheid door preventie. Daarbij kijken we niet alleen naar de lichamelijke gezondheid maar ook naar het dagelijks functioneren, participatie en mentale gezondheid. Een passende woonplek in een toegankelijke omgeving, met aandacht voor preventieve gezondheid is in elk dorp en voor iedereen in Ooststellingwerf mogelijk. Dit vraagt om het realiseren van levensloopgeschikte woningen en geclusterde woonvormen. Deze woningen komen er zowel door aanpassing van bestaande woningen als door nieuwbouw. Daarbij hoort ook het aanpassen van de woonomgeving. Ook faciliteren we ontmoeting en beweging vanuit ons Wmo-beleid, door ontmoetingsplekken voor jong en oud in ieder dorp. Zo is het voor iedereen mogelijk om lang thuis te wonen in de vertrouwde sociale omgeving. Stichting Onderdak Vledder Dorpsbelang Vledder heeft zijn visie op levensloopbestendig wonen in het dorp op basis van de definitie “positieve gezondheid” in 2017 geformuleerd. Vanaf dat moment is er door Dorpsbelang Vledder gewerkt aan de realisatie hiervan. Er is een concreet plan uitgewerkt en in november 2019 is grond aangekocht van de gemeente Westerveld. Het bouwplan voorziet in een sluitend financierings- en exploitatieplan.

Om alles in goede banen te leiden heeft Dorpsbelang Vledder de Stichting Onderdak Vledder opgericht. De Stichting Onderdak Vledder is eigenaar van de grond, heeft een woonzorgcentrum gerealiseerd en gaat dit gebouw exploiteren. (bron: www.onderdakvledder.nl)

085.106/G | Woon(zorg)visie 2022-2026

In een aantal gevallen is zorg noodzakelijk. Dat vraagt een goede zorginfrastructuur van professionele en informele zorg (bijvoorbeeld welzijn op dorpse schaal). Meestal kan dit in de eigen woning en in alle dorpen, bijvoorbeeld door het promoten van domotica en Wlz-zorg thuis met het Volledig Pakket Thuis (VPT) en het Modulair Pakket Thuis (MPT). Zo is ook overal zwaardere zorg in de huidige woning mogelijk. Tegelijkertijd werken we mee aan kleinschalige initiatieven in dorpen met zorginfrastructuur die dit ondersteunen (zie kader voor het voorbeeld Vledder). Kanttekening hierbij is dat we landelijk zien dat de houdbaarheid van kleinschalige zorg voor de langere termijn kwetsbaar is vanwege toenemende kosten en personeelstekorten. Zorgpartijen bevestigden dit beeld tijdens klankbordbijeenkomsten. In eerste instantie wordt dan een beroep gedaan op mantelzorg in de omgeving. Niet iedereen kan daarop terugvallen. En ook de Figuur 4: Glijdende schaal infrastructuur wonen met zorg

23

mantelzorger staat steeds meer onder druk. Om meer specialistische zorg in de gemeente naar de toekomst te behouden, is enige concentratie van deze zorg in de huidige infrastructuur en voorzieningen gewenst. Nabij deze infrastructuur zijn er woonplekken voor mensen die afhankelijk zijn van de nabijheid van deze zorg, of dit als een veilige woonplek ervaren. Deze glijdende schaal van wonen met zorg komt tot uitdrukking in de volgende vier opgaven, waaraan we de komende jaren samen met corporaties, zorgpartners, ontwikkelaars en particulieren werken. Opgave 1: Faciliteren van langer en weer zelfstandig thuis wonen door ontmoeting, technologie en aanpassingen aan de woning Vanuit de bewoners- en de stakeholdersbijeenkomst over wonen en zorg komt de wens naar voren dat langer zelfstandig wonen in alle dorpen zoveel mogelijk gefaciliteerd wordt. Daarom zetten we het volledig instrumentarium in om woningen levensloopgeschikt te maken. We geven hierbij extra aandacht aan plekken waar weinig zorgvastgoed staat en doorstroom zonder verhuizing naar een ander Levensloopgeschikte woning / toegankelijke dorp maar moeilijk woning volgens GEEF-woonzorgatlas: Een gerealiseerd kan worden. Bij woning die extern en intern toegankelijk is.

Een deze aanpassingen gaat het woning is extern toegankelijk als de woonkamer ook om mogelijkheden voor van de woning bereikbaar is zonder trappen te meergeneratiewoningen. hoeven lopen. Een woning is intern toegankelijk als de primaire vertrekken (keuken, toilet, bad of Dat kan gerealiseerd douchegelegenheid en ten minste één worden via nieuwbouw en slaapkamer) zonder traplopen bereikbaar zijn door splitsing van grote vanuit de woonkamer. Als de primaire woningen waarbij ruimte vertrekken bereikbaar zijn met een voorziening ontstaat voor jong en oud zoals een traplift, is de woning dus ook intern die elkaar kunnen helpen. toegankelijk.

085.106/G | Woon(zorg)visie 2022-2026

Het kan ook door op 1 erf twee wooneenheden te realiseren. We werken hiervoor beleid uit. Ook maken we met zorgaanbieders afspraken over het leveren van zorg thuis en het installeren van domotica (denk bijvoorbeeld aan slimme medicijndispensers). Cliënten hebben hierbij vaak hulp nodig om het gebruik van technologie onder de knie te krijgen. Daarom investeren we samen met de corporaties en zorgpartijen in het verstrekken van informatie en begeleiding over de mogelijkheden voor (het financieren van) woningaanpassingen, de inzet van kleine technologische oplossingen en het beschikbare welzijnsaanbod. Bewoners en partijen die bij deze woonvisie betrokken zijn, geven ook aan dat mensen in dorpen met weinig voorzieningen elkaar vaak persoonlijk kennen. Hierdoor is het geven van mantelzorg in deze dorpen meer vanzelfsprekend. Niet alleen tussen familieleden maar ook tussen buren. Dit is een belangrijke schakel in het langer zelfstandig wonen die we kunnen benutten. Deze mantelzorg staat steeds meer onder druk door een vergrijzende bevolking en een stijgende arbeidsparticipatie. Daarom besteden we aandacht aan de ondersteuning voor mantelzorgers waar dat nodig is. Als een mantelzorger wegvalt door overbelasting, kan er namelijk een acute woonvraag ontstaan voor de zorgbehoevende.

Door het sociale (en digitale) netwerk rondom de mantelzorger te verstevigen of door het realiseren van mantelzorgwoningen planologisch te faciliteren, geven we mantelzorgers meer opties om op terug te vallen. Tot slot behouden we ontmoetingsplekken voor jong en oud in alle dorpen (zie hoofdstuk 5: Duurzaamheid en leefbaarheid).

24

Opgave 2: Inzet op geclusterde / gespikkelde woonvormen geschikt voor jong en oud nabij voorzieningen Mensen met een zorg- of ondersteuningsbehoefte wonen steeds vaker thuis. Steeds meer huishoudens zullen daarom behoefte hebben aan enige vorm van zorg of ondersteuning. Langer zelfstandig thuis betekent daarom ook niet altijd langer zelfstandig in hetzelfde huis. Tussenvormen zoals hofjeswoningen, ook wel “Knarrenhoven” genoemd, waar mensen met of zonder zorg zelfstandig kunnen (blijven) wonen bieden dan een mogelijke oplossing. In deze ‘geclusterde’ woonvormen kunnen bewoners elkaar tot steun zijn. De behoefte aan deze woonvormen groeit. Voor mensen met een verstandelijke beperking of een andere ondersteuningsvraag kan de behoefte aan zorg sterk verschillen. In gespikkelde woonvormen kunnen mensen met een kleinere ondersteuningsbehoefte vrijwel geheel zelfstandig wonen en af en toe (in geval van nood) terugvallen op een ondersteuningspunt in de wijk. De behoefte aan deze vorm van wonen groeit licht. De behoefte aan plekken voor geclusterd wonen voor deze doelgroep blijft ongeveer gelijk. De huidige woonvoorzieningen blijven in de toekomst nodig. Omdat de doelgroep wel steeds ouder wordt en intensievere zorg nodig heeft, kan de behoefte de komende jaren naar aard veranderen. Vanuit de analyse naar wonen met zorg zien we een groeiende behoefte aan verschillende woonvormen.

Deze behoefte kan vooral ingevuld worden door aanpassing van bestaande woningen of deels ook nieuwbouw (als onderdeel van het totale programma van 520 woningen). Tot 2030 gaat het om de volgende aantallen:

085.106/G | Woon(zorg)visie 2022-2026

Figuur 5: Enquête resultaten geschikte plekken voor woningbouw wonen en zorg

B

Bron: Bewonersenquête Ooststellingwerf (uitgevoerd als onderdeel van het woningmarktonderzoek)

25

Tabel 1: Woonzorgbehoefte 2022-2030 door aanpassing bestaande woningen en nieuwbouw

Geclusterd wonen voor senioren: als richting bij deze aantallen gaan we uit van twee derde deel in de vorm van sociale huurwoningen en één derde deel in de middenhuur of koop met variatie in woningtypen. Geclusterd wonen voor overige doelgroepen Gespikkeld wonen voor overige doelgroepen. Het gaat dan om goedkope en kleinere sociale huurwoningen (huur tot de kwaliteitskortingsgrens; €442, prijsniveau 2021).

Tekort 2022 260

Tekort 2030 400

0 0

0 10

Bron: Deze cijfers zijn gebaseerd op de demografische prognose voor Ooststellingwerf en het Zorgtrede Model van de Nederlandse Zorgautoriteit (NZa). Zie bijlage 2 en sectie 1.8 in bijlage 3 voor meer informatie.

Om deze woningen te realiseren werken we mee aan initiatieven voor geclusterd en gespikkeld wonen mits passend bij de lokale behoefte en ontwikkeld samen met een (zorg)partij die bereid is via prestatieafspraken zich te verbinden aan de gemeenschap. In deze afspraken gaat het om welzijnsdiensten, ontmoeting, voorkomen van eenzaamheid. Ook is het van belang dat deze geclusterde en gespikkelde woonvormen zoveel mogelijk nabij voorzieningen (bijvoorbeeld openbaar vervoer, een supermarkt of een apotheek) en bestaande ontmoetingsplekken worden gerealiseerd. Dit wordt ook bevestigd vanuit de enquête uitgevoerd als onderdeel van het woningmarktonderzoek waar bewoners werden gevraagd op de kaart geschikte locaties voor wonen en zorg aan te wijzen. In deze enquête wezen bewoners locaties aan die bijna exclusief in de grotere kernen liggen, op plekken waar veel voorzieningen zijn. Terwijl de focus ligt op het toevoegen van geclusterde woningen nabij voorzieningen en ontmoetingsplekken blijven we ook meewerken aan het realiseren van kleinschalige initiatieven op overige plekken die niet noodzakelijk nabij bestaande voorzieningen liggen

085.106/G | Woon(zorg)visie 2022-2026

mits er sprake is van een gegarandeerde exploitatie voor minimaal 10 jaar (denk hierbij aan het hierboven beschreven voorbeeld in Vledder). Opgave 3: Spreiden van doelgroepen over wijken en dorpen, en zorgen voor een zachte landing in de wijk bij uitstroom uit intramurale voorzieningen Mensen met een beperking (lichamelijk en verstandelijk) wonen steeds vaker in een reguliere woning. Daarnaast stromen via het provinciale programma ‘Weer Thuis’ mensen uit de maatschappelijke opvang en beschermd wonen uit intramurale voorzieningen naar een reguliere woning. Het gaat hier tot 2030 om ongeveer 8 - 13 cliënten per jaar. Verder zien we tot 2030 een uitstroom uit de jeugdzorg van ongeveer 15 jongeren per jaar. Zij verhuizen doorgaans via directe bemiddeling naar vrijkomende sociale huurwoningen (en zijn daarmee onderdeel van de aangegeven groeiopgave in de sociale huursector). Het is van belang om niet alleen te zorgen voor voldoende (betaalbare) woningen voor deze groep, maar ook om hun zo goed mogelijk te laten landen in de wijk en mee te laten doen in de samenleving. Door uitvoering te geven aan het programma Weer Thuis dragen we hier aan bij. Onderwerpen waar we ons op richten vanuit dit programma zijn onder andere: • Het opzetten van een lokale ambassadeursgroep. • Garantie voor voldoende kwalitatief goede begeleiding (WMO inkoop/contract/beleid) en continuïteit hierin.

• Garantie ten aanzien van goede opvolging bij zorgen en (dreigende) escalatie, ook als de zorg is afgeschaald (waakvlam). • Prestatieafspraken over het aantal woningen dat door bemiddeling door corporaties wordt toegewezen • Draagkracht/last van wijken/buurten/complexen monitoren, waar mogelijk spreiding creëren. Dit vraagstuk integraal bekijken ten opzichte van andere aandachtsgroepen.

26

Naast een goede woning is het voor deze groepen belangrijk dat er een goede en toegankelijke basisstructuur is voor ondersteuning en hulp. Niet iedereen heeft immers mensen om zich heen die kunnen helpen bij bijvoorbeeld klusjes in huis of tuin of administratie. Dit vraagt om een balans tussen vraag en draagkracht in de wijken en dorpen. Dit bereiken we door deze doelgroepen zoveel mogelijk te spreiden over de gemeente om concentratie in enkele buurten te voorkomen. Zo zetten we bij het maken van prestatieafspraken bijvoorbeeld in op het vergroten van het aanbod kleine goedkope huurwoningen tot de kwaliteitskortingsgrens (€ 442)3.

3 De ´kwaliteitskortingsgrens´ is een begrip uit de huurtoeslag. Ligt de huurprijs van

een woning hoger dan deze grens (€442 in 2021), dan wordt er gekort op de huurtoeslag. Voor jongeren met een laag inkomen is een huurprijs boven de kwaliteitskortingsgrens te hoog. Jongeren tot 23 jaar die een (zelfstandige) woning betrekken met een huur boven de kwaliteitskortingsgrens, kunnen géén huurtoeslag krijgen.

085.106/G | Woon(zorg)visie 2022-2026

Opgave 4: Voldoen aan de vraag naar 24-uurszorg Naast een stijgende behoefte aan geclusterd wonen voor ouderen zal, als gevolg van de vergrijzing, ook de vraag naar plekken geschikt voor het aanbieden van 24-uurszorg in de komende jaren groeien. Momenteel zijn er voldoende locaties voor 24-uurszorg maar richting 2030 zal een tekort ongeveer 20 plekken voor somatische zorg ontstaan (zorg voor mensen met een chronische lichamelijke aandoening) en 50 plekken voor psychogeriatrische zorg (zorg voor mensen met dementie). Richting 2040 zal er een tekort ontstaan van 45 plekken voor somatische 24-uurszorg en 125 plekken voor psychogeriatrische 24-uurszorg4. Door veranderingen in de zorg is het onzeker of deze plekken grotendeels in instellingen of bij mensen thuis geleverd gaat worden. Wat betreft de plekken voor 24-uurszorg streven we zoveel mogelijk naar realisatie nabij bestaande zorginfrastructuur. Hiervoor zoeken we samenwerking met corporaties en zorgpartners. Gelet op mogelijke veranderingen in de zorg zetten we hierbij in op 24-uurszorgplekken die in de toekomst flexibel aanpasbaar zijn naar een andere functie of voor een andere doelgroep.

Daarnaast werken we mee aan kleinschalige initiatieven die niet nabij bestaande zorginfrastructuur liggen mits er sprake is van een gegarandeerde exploitatie voor minimaal 10 jaar, blijkend uit aantoonbaar (risicodragende) investeringsmogelijkheden voor het betreffende initiatief. Tot slot maken we met zorgpartners afspraken om vanuit de plekken die geschikt zijn voor 24-uurszorg ook zorg te verlenen aan ouderen en overige doelgroepen die in de directe omgeving wonen. Zo organiseren we een fijnmazig netwerk van zorg in de dorpen waar zorgpartijen intensief 4 Deze cijfers zijn gebaseerd op de demografische prognose voor Ooststellingwerf en

het Zorgtrede Model van de Nederlandse Zorgautoriteit (NZa). Zie bijlage 2 en sectie 1.8 in bijlage 3 voor verdere informatie.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Ooststellingwerf&id=0bf60ffe-8408-46ea-9c48-f5e5c8172c9a