Bijlage 1. Toekomstvisie 2040 Ooststellingwerf incl bijlagen
Tekst van het document
Vertrouwen begint bij de gemeente Vertrouwen is geen woord, maar gedrag. Als gemeente geven we het goede voorbeeld: we zijn aanspreekbaar, benaderbaar en respectvol. We nemen inwoners serieus, betrekken ze vroegtijdig bij plannen, beleid en uitvoering en geven ruimte aan initiatieven van onderop. Onze dienstverlening is duidelijk en toegankelijk. Minder regels, meer ruimte voor maatwerk. We gaan uit van vertrouwen, niet van wantrouwen – of het nu gaat om een uitkering, een bouwplan of een klacht of een ondernemersinitiatief. We creëren een omgeving waarin ondernemerschap
36
en innovatie kunnen floreren, zonder dat onnodige regels of bureaucratie hen tegenhouden. Alleen met deze houding ontstaat de samenwerking, het vertrouwen en de ruimte die nodig zijn om samen een sterke en veerkrachtige samenleving op te bouwen.
Gezondheid, veerkracht en bestaanszekerheid Niet iedereen in Ooststellingwerf heeft gelijke kansen. Er zijn nog steeds grote verschillen in gezondheid, levensverwachting en ervaren grip en invloed op het leven. Dat willen we veranderen. We zetten in op een gezonde leefomgeving, het verkleinen van gezondheidsverschillen, op preventie en op het versterken van mentale veerkracht. Daarbij kijken we niet alleen naar zorg, maar ook naar de onderliggende oorzaken zoals armoede, eenzaamheid en schulden. We bouwen aan een samenleving waarin mensen gezond kunnen opgroeien, ouder worden en zich gehoord voelen. Dat vraagt samenwerking met scholen, zorgverleners, welzijnsorganisaties en inwoners zelf. Alleen samen zorgen we ervoor dat iedereen mee kan doen.
Samenwerken met andere overheden: noodzakelijk én strategisch De grote opgaven waar we voor staan houden zich niet aan gemeentegrenzen. Veel van deze thema’s vragen om samenwerking met andere overheden: met buurgemeenten (HOWOS), de provincie, het Rijk, de GGD, waterschappen en samenwerkingsregio’s. Door samen op te trekken kunnen we meer invloed uitoefenen, krachten bundelen en middelen slimmer inzetten. Denk aan gezamenlijke afspraken over woningbouw, regionale bereikbaarheid, arbeidsmarktbeleid, natuurontwikkeling of de aanpak van gezondheidsverschillen. Ook biedt samenwerking kansen om innovaties te delen, gezamenlijk kennis op te bouwen en een sterkere lobby richting provincie of Rijk te voeren. We kiezen bewust voor bestuurlijke samenwerking om regionale opgaven effectief aan te pakken. Daarbij bewaken we onze eigen koers en identiteit. Dit betekent dat Ooststellingwerf actief meebeslist bij gezamenlijke onderwerpen, maar bij lokale vraagstukken zelfstandige keuzes blijft maken.
TOEKOMSTVISIE OOSTSTELLINGWERF 2040
Wat willen we in 2040 bereikt hebben?
Verbinding met andere keuzes
• Inwoners voelen zich gehoord, gewaardeerd en serieus genomen. Door open communicatie, persoonlijk contact en ruimte voor eigen initiatieven is het vertrouwen tussen inwoners en gemeente gegroeid. Maatschappelijke opgaven pakken we sámen aan. • Er is een sterke gemeenschapszin doordat de gemeente, inwoners, ondernemers en het maatschappelijk middenveld gelijkwaardig samenwerken aan projecten die Ooststellingwerf vooruitbrengen. • Inwoners beoordelen de gemeente als een goede, betrouwbare en snelle dienstverlener. • Wat goed geregeld is, is losgelaten. Er is meer maatwerk en een organisatie die durft te kiezen. Medewerkers hebben ruimte om menselijk te handelen binnen duidelijke kaders. Digitale diensten zijn toegankelijk, zonder mensen uit te sluiten. • Door preventie, een gezonde leefomgeving en het aanpakken van onderliggende problemen (denk aan sociaal isolement, financiële onzekerheid, ervaren druk) is de mentale en fysieke veerkracht en de gezondheid van inwoners versterkt. Iedereen kan meedoen. • Door samenwerking met andere overheden heeft de gemeente meer invloed, middelen en slagkracht, zonder haar lokale identiteit te verliezen.
• Keuze 1: Jongvolwassenen binden aan onze gemeente. Om jongvolwassenen te binden, is een betrouwbare overheid nodig die investeert in kansen en vertrouwen wekt. Daarnaast hechten jongvolwassen professionals steeds meer waarde aan zingeving en werk dat ertoe doet. Dat kan bij de gemeente als werkgever. • Keuze 2: Concentratie van zorg en geschikte woningen voor ouderen in de drie grotere dorpen en sterke dorpsgemeenschappen. De expliciete keuze voor samenwerking mét in plaats voor vóór inwoners en ze vroegtijdig te betrekken, versterkt de betrokkenheid en het vertrouwen. En dat maakt de sociale relaties in een dorpsgemeenschap sterker. • Keuze 3: Bereikbaar en verbonden. Een goed georganiseerd netwerk van mobiliteit vraagt om samenwerking over grenzen heen, met inwoners, ondernemers en andere overheden. • Keuze 4: Voor een leefomgeving, economie en natuur in één sterke lokale basis is een gemeente nodig die richting geeft, innovatie ondersteunt en boeren en ondernemers ruimte biedt om zelf met oplossingen te komen.
TOEKOMSTVISIE OOSTSTELLINGWERF 2040
37
Proces toekomstvisie 3
3.1 Hoe kwam deze Toekomstvisie tot stand?
Deze Toekomstvisie 2040 is het resultaat van een gefaseerd en zorgvuldig proces, waarin lokale betrokkenheid en externe expertise hand in hand zijn gegaan. We hebben bestaande materialen benut, zoals de uitkomsten van de burgerpeiling en analyses van het gemeentelijk beleid, waar veelvuldig inwoners bij betrokken zijn geweest. Bureau Louter onderzocht voor ons de woonaantrekkelijkheid voor jongvolwassenen in Ooststellingwerf (bijlage 1). Planbureau Fryslân voerde een trendverkenning (bijlage 3) uit om de belangrijkste uitdagingen voor Ooststellingwerf richting 2040 in kaart te brengen. Ook peilden we via enquêtes hoe onze jongeren en ondernemers naar de toekomst kijken en welke zorgen of kansen zij zien. Dit is vertaald in een grove schets - de hoofdlijnen van de Toekomstvisie. Die hebben we getoetst bij de gemeenschap: plaatselijk belangen, bewonerscommissies, ondernemers en partners waar we veel mee samenwerken lazen kritisch mee en vulden aan. We gingen ook in gesprek met inwoners (tijdens de open dag) en de gemeenteraad gaf prioriteiten en aandachtspunten mee. We hebben alle reacties zorgvuldig bekeken en waar mogelijk verwerkt in deze Toekomstvisie. Omdat de visie richting geeft voor de lange termijn en om samenhangende keuzes vraagt, konden we niet alles letterlijk opnemen.
Bij het opstellen hebben we steeds de samenhang tussen wonen, economie, zorg, welzijn en natuur en landschap meegewogen.
38
TOEKOMSTVISIE OOSTSTELLINGWERF 2040
TOEKOMSTVISIE OOSTSTELLINGWERF 2040
39
3.2 Hoe gebruiken we zelf de Toekomstvisie
Deze Toekomstvisie 2040 werken we niet één op één uit in uitvoeringsplannen, maar gebruiken we als richtinggevend koersdocument voor al het beleid van de gemeente in de komende jaren. Dit betekent: • Bij alle nieuw te ontwikkelen beleidsvisies is de Toekomstvisie ons kompas. • Bestaande beleidsvisies en plannen worden in de loop van de komende jaren waar nodig aangepast om in lijn te blijven met de Toekomstvisie. Dit gebeurt op natuurlijke momenten, bijvoorbeeld als de termijn van een visie afloopt. Om te waarborgen dat nieuwe of aangepaste beleidsvoorstellen aansluiten bij de Toekomstvisie 2040, richten we een vaste werkwijze in.
Ambtelijke toetsing • Elk beleidsdocument bevat een paragraaf waarin expliciet wordt toegelicht hoe het voorstel aansluit bij de Toekomstvisie 2040. Er is een intern aanspreekpunt die dit proces begeleidt en zorgt voor afstemming. • Het directieteam, programmamanagers en teamleiders dragen de visie actief uit binnen hun teams en dragen eraan bij dat voorstellen hierop zijn afgestemd. In situaties dat er een strijdigheid lijkt te zijn tussen verschillende (zelfbindende) visies wordt hier in een voorstel aan college of raad altijd melding van gemaakt. In principe is de Toekomstvisie altijd leidend, maar het college kan hiervan afwijken.
3.3 Hoe betrekken we de samenleving bij het vervolg op de Toekomstvisie
Samen wordt het beter Een denktank van inwoners, ondernemers, maatschappelijke organisaties, creatieve denkers en experts (zie paragraaf 3.3) volgt de voortgang van de visie, signaleert knelpunten en adviseert over verbeteringen.
Gemeenteraad Bij de vaststelling van nieuw beleid voert de gemeenteraad de definitieve toets uit. De raad beoordeelt of het voorstel in lijn is met de visie. Indien nodig kan de raad besluiten tot afwijking van de Toekomstvisie. Ook kan de raad besluiten om de Toekomstvisie bij te stellen, bijvoorbeeld op basis van nieuwe inzichten of veranderde omstandigheden. Door deze werkwijze borgen we dat we de Toekomstvisie 2040 op ambtelijk, bestuurlijk én politiek niveau steeds als kompas gebruiken en dat de visie actueel blijft.
De Toekomstvisie kan alleen slagen als inwoners, ondernemers en organisaties actief meedoen. Daarom beperken we de Toekomstvisie tot 5 strategische en richtinggevende keuzes. De vertaling van deze keuzes naar de dagelijkse praktijk leggen we nog niet vast. De uitwerking van de Toekomstvisie doen we stap voor stap, samen met de samenleving.
De denktank krijgt een onafhankelijk voorzitter en een ambtelijk secretaris. Kandidaten kunnen zichzelf aanmelden, waarna zorgvuldige selectie plaatsvindt. Bij de selectie kijken we naar diversiteit (zie hierboven punten b t/m e) én naar het netwerk van de deelnemers, zodat zij anderen kunnen meenemen en verbinden.
Toekomstplan
Rol denktank
Hiervoor maken we na vaststelling van de Toekomstvisie een Toekomstplan, een soort actieagenda voor de eerste 2 jaren. Daarin geven wij als gemeente, maar ook andere partijen aan wat ieder de komende twee jaren concreet doet om de Toekomstvisie dichterbij te brengen via concrete acties. In de komende 15 jaar kan elk gemeentebestuur de prioriteiten vaststellen. Het Toekomstplan vertaalt de vijf richtingen uit de Toekomstvisie naar: • Eerste prioriteiten: welke onderwerpen vragen in de eerste twee jaar de meeste aandacht. • Concrete doelen: wat willen we samen in deze periode bereiken. • Acties en inspanningen: welke stappen en acties zijn daarvoor nodig. • Eigenaarschap: wie voert de acties uit (gemeente, ondernemers, zorgpartijen, inwoners of andere organisaties). Niet alles ligt op het bord van de gemeente. Ondernemers kunnen bijvoorbeeld het voortouw nemen bij vervoersinitiatieven en zorg/ welzijnspartijen bij preventie en welzijn.
De denktank is in de komende jaren een vaste sparringpartner voor het college en de ambtelijke organisatie bij het concreet maken en vasthouden van de koers uit de Toekomstvisie. De denktank heeft geen besluitvormende, maar wel een adviserende en activerende rol in het vervolgproces. Voorbeelden van zaken waar de denktank ons bij kan helpen zijn: • Adviseren over de eerste prioriteiten en doelen. • Meedenken over concrete acties en wie deze oppakt. • Stimuleren dat ook andere partijen eigenaarschap nemen. • Signaleren van kansen, knelpunten en nieuwe ontwikkelingen (aanjagen, vliegwiel, katalysator voor nieuwe dingen). • Verbinden van netwerken en initiatieven. • Fungeren als klankbord en ambassadeur voor de Toekomstvisie.
Denktank maakt toekomstplan Het Toekomstplan maken we niet zelf, we willen dit met de samenleving doen. Daarom stellen we een denktank samen. Wat betreft de samenstelling van de denktank denken we aan: • Een kleine groep van ca. 8 personen. • Mensen die wonen of werken in Ooststellingwerf. • Een mix van leeftijden, achtergronden en opleidingsniveaus. • Zowel ondernemers, inwoners als mensen die actief zijn in maatschappelijke organisaties. • (Ook) mensen die met een frisse blik en originele ideeën komen en zo op een positieve manier voor beweging en vernieuwing zorgen. De leden van de denktank doen mee op persoonlijke titel. Daarnaast kunnen zij input ophalen door raadpleging van ondernemers, experts en belangengroepen.
40
TOEKOMSTVISIE OOSTSTELLINGWERF 2040
TOEKOMSTVISIE OOSTSTELLINGWERF 2040
De denktank bepaalt zelf hoe zij te werk gaan en hoe zij naar buiten treden.
Rol gemeenteraad Na vaststelling van de Toekomstvisie blijft de gemeenteraad verantwoordelijk voor het bepalen van de koers en de kaders. In het vervolgtraject betekent dit dat de raad: • Het Toekomstplan bespreekt en vaststelt. • Akkoord geeft op de prioriteiten en de acties in het Toekomstplan, voor zover de gemeente eigenaar is van de acties. De raad houdt ook budgetrecht. • Kennis neemt van de acties die andere partijen oppakken. • De uitvoering volgt via periodieke rapportages die de ambtelijk secretaris maakt in samenspraak met de denktank. • Bijstuurt of herijkt wanneer maatschappelijke of demografische ontwikkelingen dat vragen. Zo blijft de raad aan zet op de gemeentelijke verantwoordelijkheden, terwijl andere stakeholders ruimte krijgen om hun bijdrage te leveren.
41
Samen bouwen Keuzes
Uitdagingen 1 2 3
Verbinding met keuzes:
1
Jongeren binden
1
2
3
4
5
Vergrijzing en vertrek jongeren
Afname sociale samenhang
Krappe arbeidsmarkt
•
•
•
4
5
6
Druk op ruimte en klimaat
Teruglopende voorzieningen
Wantrouwen, relatief slechte gezondheid en ongelijkheid
•
aan een toekomst vol kansen 42
2
Zorg & wonen ouderen + dorpsgemeenschappen
3
Bereikbaar en verbonden
4
Leefomgeving, economie en natuur in één sterke lokale basis
5
Een gemeente die richting geeft, ruimte laat en samenwerkt
•
•
•
•
•
•
TOEKOMSTVISIE OOSTSTELLINGWERF 2040
•
•
•
TOEKOMSTVISIE OOSTSTELLINGWERF 2040
•
•
•
•
•
•
43
TOEKOMSTVISIE OOSTSTELLINGWERF 2040 18 NOVEMBER 2025
Bijlage 1 bij Toekomstvisie: Rapport Planbureau Fryslân
05/25
GEMEENTE OOSTSTELLINGWERF UITDAGINGEN RICHTING 2040
// Inhoudsopgave Uitdagingen richting 2040 …………………………………………………………………………………. 3 Uitdaging 1: vergrijzing en ontgroening ………………………………………………………………… 4 Uitdaging 2: gemeenschap onder druk ………………………………………………………………… 6 Uitdaging 3: toenemende druk op economie en werkgelegenheid ……………………………. 8 Uitdaging 4: grote opgaven in een beperkte ruimte ………………………………………………. 10 Uitdaging 5: klimaatadaptatie en natuurherstel …………………………………………………… 11 Uitdaging 6: toenemende digitalisering en technologisering …………………………………..12 Uitdaging 7: inclusieve besluitvorming en participatie ………………………………………….. 13 Nu keuzes maken voor toekomstig geluk ……………………………………………………………. 14 Bronnen ……………………………………………………………………………………………………….. 15
// 2
// UITDAGINGEN RICHTING 2040 Het welzijn van inwoners van Ooststellingwerf is goed, ook vergeleken met het hoge niveau in Fryslân. Vrijwilligerswerk komt nog meer voor dan elders in Fryslân. En hoewel Ooststellingwerf net als de rest van Fryslân economisch minder sterk staat dan Nederland gemiddeld, staan inwoners van Ooststellingwerf er beter voor dan gemiddeld in Fryslân. Toch is er reden tot actie, want Ooststellingwerf heeft te maken met een aantal uitdagingen die richting 2040 druk kunnen leggen op het dagelijks leven van inwoners. Zo is de bevolking in Ooststellingwerf al relatief vergrijsd, en zet deze ontwikkeling tot 2040 door. Ooststellingwerf zal ook moeten omgaan met haar positie als plattelandsgemeente in een tijd waarin wonen, het behoud van natuur en klimaat, het behoud van bedrijvigheid, en het behoud van voorzieningen alleen met creatieve oplossingen in balans blijven. Hierdoor heeft Ooststellingwerf richting 2040 te maken met zeven uitdagingen waar het niet omheen kan.
Dashboard Deze uitdagingen zijn tot stand gekomen op basis van een analyse van de brede welvaart in de gemeente in het hier en nu en later. De indicatoren die daarvoor gebruikt zijn, zijn ook terug te vinden in een dashboard op de website van Planbureau Fryslân. Met dit dashboard bieden we in één oogopslag een overzicht van alle relevante indicatoren met gegevens over de gemeente Ooststellingwerf.
// 3
Uitdaging 1: vergrijzing en ontgroening Toename 65-plussers in Ooststellingwerf Ooststellingwerf heeft net als de rest van Fryslân steeds meer te maken met vergrijzing. Zo is de verwachting dat er in 2040 bijna 3400 meer 65-plussers zijn dan in 2010. Dat is een toename van 69 procent. Op dit moment is 26 procent van de inwoners van Ooststellingwerf 65 jaar of ouder. Daarmee is de vergrijzing in Ooststellingwerf sterker dan elders in Fryslân. Verder neemt de levensverwachting toe, waardoor het aantal mensen boven de 75 jaar toeneemt. Dit wordt ook wel dubbele vergrijzing genoemd. Na 2040 zal het aantal 75-plussers naar verwachting verder toenemen, terwijl de groep 65tot 75-jarigen na 2040 zal krimpen. Minder mantelzorgers beschikbaar Het overheidsbeleid is er al jaren op gericht om mensen langer zelfstandig thuis te laten wonen. Dit vraagt om meer ondersteuning van het sociale netwerk, maar met de huidige demografische veranderingen wordt dit steeds lastiger. Mantelzorg wordt namelijk het meest verleend door 50- tot 75-jarigen. Mensen boven de 85 hebben dit over het algemeen het meeste nodig. In de komende 25 jaar zal het aantal 85-plussers meer dan verdubbelen terwijl het aantal 65- tot 75-jarigen zal afnemen. Daardoor zullen er veel minder potentiële mantelzorgers zijn per 85-plusser.
Waar er in Ooststellingwerf in 1975 nog 21 potentiële mantelzorgers waren per 85-plusser, is dit gedaald naar 13 potentiële mantelzorgers in 2020. De verwachting is dat in 2040 nog vijf potentiële mantelzorgers per 85-plusser beschikbaar zijn. Aantal potentiële mantelzorgers per 85-plusser in Ooststellingwerf 1975
21
2020
13
2040
5
Bron: PBL & CBS 2016, bewerking Planbureau Fryslân Zorgstelsel onder druk Het aantal (oude) ouderen in Ooststellingwerf stijgt. Over het algemeen geldt dat hoe ouder mensen worden, hoe meer zorg ze nodig hebben. Ook neemt het aandeel inwoners met welvaartsziektes zoals overgewicht en chronische aandoeningen toe (GGD Fryslân, 2022). Samen zorgt dit voor een hogere zorgvraag. In combinatie met de afname van het aantal potentiële mantelzorgers en een dalende beroepsbevolking leidt dit tot een toenemende druk op het zorgstelsel en stijgende kosten van de zorg. Minder kinderen geboren in Ooststellingwerf Ooststellingwerf heeft een lange tijd te maken gehad met ontgroening. Zo zijn er in 2024 // 4
ruim 550 (-13%) minder kinderen (0-14 jaar) dan in 2014. De verwachting is dat het aandeel kinderen de komende jaren gaat stabiliseren. Wel heeft de krimp van de afgelopen jaren invloed op de toekomst. De kinderen die de afgelopen tien jaar niet geboren zijn gaan ook niet naar school. Mede hierdoor is het aantal basisscholen in Ooststellingwerf sinds 2010 afgenomen van 22 tot 14. Dat is nu merkbaar in het voortgezet onderwijs en straks op het mbo en hoger onderwijs. Komende jaren zal de instroom op de arbeidsmarkt hierdoor ook geringer zijn.
// 5
Uitdaging 2: Gemeenschap onder druk Veel gevraagd van solidariteit Ooststellingwerf heeft van oudsher veel gemeenschapszin. Inwoners doen vaker vrijwilligerswerk dan gemiddeld in Fryslân en Nederland. Ook is het vertrouwen in elkaar groter en wordt er samengewerkt in verschillende verbanden, zoals het organiseren van dorps-en wijkfeesten, het opzetten van energiecoöperaties en het reilen en zeilen van het verenigingsleven. Maar de samenleving verandert. De invloed van traditionele instituties, zoals het huwelijk en de kerk, neemt af. Het aantal eenpersoonshuishoudens en eenoudergezinnen neemt toe. Het aantal ouderen neemt toe en het aantal werkenden neemt af. Tegelijkertijd trekt de landelijke overheid zich terug en wordt er van inwoners verwacht dat zij steeds meer zelf doen. Dat roept de vraag op: hoeveel kan de gemeenschap aan? Welzijn Ooststellingwervers relatief hoog, maar eenzaamheid ligt op de loer Inwoners van Ooststellingwerf zijn over het algemeen tevreden met het leven. Ook ervaren inwoners minder stress en lopen ze minder risico op angst en depressie dan gemiddeld in Fryslân en Nederland. Mogelijk worden deze verschillen verklaard omdat er meer ouderen in de gemeente wonen. Gemiddeld gezien hebben ouderen minder stress dan de beroepsbevolking.
Tegelijkertijd zijn inwoners van Ooststellingwerf iets vaker eenzaam dan gemiddeld in Fryslân, en hebben ook minder contact met familie, vrienden of buren dan gemiddeld in Fryslân en Nederland. 48 procent van de inwoners van Ooststellingwerf is matig tot ernstig eenzaam. Tien jaar geleden was dat aandeel nog 32 procent. Over het algemeen komt in Fryslân eenzaamheid voor bij alle leeftijden, maar het treft 75-plussers het vaakst. Eenzaamheid stijgt het snelst onder 18-34 jarigen (GGD Fryslân, 2022). Aandeel inwoners van Ooststellingwerf dat matig tot ernstig eenzaam is 2012 32% 2022 48% Bron: GGD Fryslân 2022, bewerking Planbureau Fryslân Aantal mensen met gezondheidsproblemen stijgt In Ooststellingwerf wonen meer inwoners met chronische ziekten en overgewicht. Door de toenemende vergrijzing is de verwachting dat het aantal gezondheidsproblemen toe gaat nemen de komende jaren. Daarbij is de sociaal economische status in bepaalde gebieden van de gemeente lager dan gemiddeld in Nederland (CBS, 2022). Mensen met een lagere sociaaleconomische status hebben over het algemeen een hoger risico op // 6
gezondheidsproblemen dan mensen met een hogere sociaaleconomische status (GGD Fryslân, 2022; RIVM, 2024; Planbureau Fryslân, 2024b). Mentale druk op beroepsbevolking neemt toe Door vergrijzing en ontgroening neemt de druk op de beroepsbevolking toe de komende jaren. Door de zorgdruk zal de beroepsbevolking vaker mantelzorg moeten verlenen aan hun ouders. Er zijn minder leerkrachten beschikbaar, dus zullen er vaker lessen of lesdagen uitvallen. Daarbij neemt de druk op het werk toe, omdat er meer werk gedaan moet worden met minder mensen, met name in de zorg. Op dit moment is het al zo dat de ervaren stress toeneemt onder inwoners van Fryslân. Met name bij jongvolwassenen, gevolgd door 35- tot 49-jarigen. Zorgen over toekomst verenigingen Een kwart (23%) van de inwoners maakt zich zorgen over de toekomst van hun vereniging. Dit komt onder andere doordat het steeds lastiger is om vrijwilligers te vinden voor structurele werkzaamheden, zoals bestuurstaken. De meeste inwoners willen graag dat verenigingen blijven bestaan. Slechts acht procent vindt het niet erg als er verenigingen verdwijnen. Van de inwoners van Fryslân vindt: 8% “het is niet erg als er verenigingen verdwijnen” 23% “ik maak me zorgen over de toekomst van mijn vereniging” 69% “verenigingen zorgen voor meer groepsgevoel in mijn wijk of dorp” Bron: Panel Fryslân 2023c
// 7
Uitdaging 3: Toenemende druk op economie en werkgelegenheid Krappe arbeidsmarkt in Ooststellingwerf Er is op dit moment al sprake van krapte op de arbeidsmarkt. Dit komt deels doordat de potentiële beroepsbevolking is gekrompen de afgelopen jaren, terwijl het aantal banen steeg (Provincie Fryslân, 2023). Het aantal openstaande vacatures is een goede indicator van de moeite die werkgevers hebben om geschikte mensen te vinden. Waar het aantal vacatures in Fryslân per 1000 banen in 2013 nog 10 was, is dat 43 in 2022. Potentiële beroepsbevolking (15-65 jaar) in Ooststellingwerf Aantal
Ontwikkeling sinds 2010
2010
17.026
2025
15.313
- 10,1%
2040
13.692
- 19,6%
Bron: CBS (2024a) & Provincie Fryslân (2024), bewerking Planbureau Fryslân Minder mensen beschikbaar voor Ooststellingwerfse arbeidsmarkt in 2040 Het aantal potentiële werknemers zal de komende jaren flink blijven afnemen. Naar verwachting zijn er ongeveer 1600 minder mensen beschikbaar voor de arbeidsmarkt (15-64 jaar) in 2040 ten opzichte van 2025 (Provincie Fryslân, 2024). Dit zal voor toenemende krapte zorgen op de arbeidsmarkt. Sommige sectoren zullen meer last hebben van de krimpende beroepsbevolking dan andere. De economische toekomst van Ooststellingwerf Op dit moment verandert er veel op economisch gebied. De economische actieagenda’s van overheden richten zich niet alleen op het verdienen van geld, maar de nadruk wordt sterker gelegd op de bredere maatschappelijke waarde van bedrijven (Provincie Fryslân, n.d.). Duurzaamheid wordt steeds belangrijker en er worden stappen gezet richting een circulaire economie. Dat houdt in dat er in de toekomst bijna geen afval meer bestaat en dat grondstoffen steeds opnieuw worden gebruikt. Ook gaan de ontwikkelingen op digitaal en technologisch gebied razendsnel. Hierdoor veranderen en verdwijnen banen in hoog tempo, wat wendbaarheid vergt van werknemers en bedrijven.
Hoe kan Ooststellingwerf meebewegen in deze veranderingen? De economie van Ooststellingwerf onderscheidt zich van die van Fryslân door een relatief grote rol voor de sector handel en reparatie (22%). De sector gezondheids- en welzijnszorg (19%) is de tweede grootste sector, en is ongeveer even groot als gemiddeld // 8
voor Fryslân. De sectoren landbouw en visserij en vervoer en opslag zijn groter dan elders in Fryslân, maar vormen allebei nog geen tien procent van de werkgelegenheid. Zorgen over bestaanszekerheid In Fryslân heeft 12 procent van de inwoners moeite met rondkomen. Vooral onder 19-34 jarigen (17%) en 35-49 jarigen (15%) is dat aandeel hoger. Uit een enquête van de gemeente Ooststellingwerf blijkt dat jongvolwassenen zich het meeste zorgen maken over bestaanszekerheid. Met name over de stabiliteit van hun inkomen en de kosten van hun levensonderhoud. Het gemiddeld inkomen per huishouden ligt in Ooststellingwerf gelijk aan dat van vergelijkbare gemeenten, maar ligt onder het nationale gemiddelde. Vertrekoverschot van jongvolwassenen In Ooststellingwerf is er sprake van een licht vertrekoverschot van jongvolwassenen in de leeftijd van 18 tot 29 jaar. Dit komt waarschijnlijk omdat er geen hoger onderwijs wordt aangeboden op een overbrugbare reisafstand. Daardoor verhuizen jongvolwassenen naar een studentenstad om een studie te kunnen volgen. Er lijkt geen omvangrijke terugkeermigratie plaats te vinden na het behalen van het diploma, wat betekent dat deze jongvolwassenen ook niet beschikbaar zijn voor de regionale arbeidsmarkt (Bureau Louter, 2025).
// 9
Uitdaging 4: Grote opgaven in een beperkte ruimte De ruimte van Ooststellingwerf is een schaars goed. Op dit moment bestaat 72 procent van Ooststellingwerf uit agrarisch terrein, 20 procent uit bos en open natuurlijk terrein, en drie procent uit woningen. Ten opzichte van Fryslân is er in Ooststellingwerf meer bos en minder binnenwater. Daarom wordt Ooststellingwerf vaak “het mooiste stukje Drenthe in Friesland” genoemd. Om de leefomgeving van Ooststellingwerf voor toekomstige generaties leefbaar te houden nemen overheden maatregelen. Zo wordt stap voor stap over gegaan op het gebruik van duurzame energie. Ook wordt er gebiedsgericht gewerkt aan natuurherstel, waterkwaliteit en klimaat. Tegelijkertijd is er een tekort aan geschikte woningen, en zijn er plannen om extra huizen te bouwen. Al deze overheidsplannen vergen ruimte. Hoe kan de ruimte in Ooststellingwerf optimaal worden benut? Tekort aan (geschikte) woningen In Ooststellingwerf is een tekort aan geschikte en betaalbare huizen (voor kleinere huishoudens en ouderen) en de verwachting is dat dit gaat toenemen. De verkoopprijs van koopwoningen is gestegen en de wachtlijst voor sociale huurwoningen is in Ooststellingwerf bijna vier jaar (Planbureau Fryslân, 2024). Meer huishoudens, maar kleiner Het aantal huishoudens in Ooststellingwerf stijgt al jaren.
Op dit moment zijn er ongeveer 12.000 huishoudens in Ooststellingwerf (CBS, 2024a). De verwachting is dat het aantal huishoudens tot 2040 met meer dan 600 gaat stijgen. Dat betekent dat voor deze huishoudens een geschikte woning nodig is (Provincie Fryslân, 2024). Gemiddeld aantal personen per huishouden in Ooststellingwerf 2010 2,30 2024 2,17 2040 2,10 Bron: CBS 2024a en Provincie Fryslân 2024a, bewerking Planbureau Fryslân De stijging van het aantal huishoudens komt met name doordat het gemiddeld aantal personen per huishouden daalt. Er zijn minder kinderen geboren en het aantal eenpersoonshuishoudens neemt toe, waarvan een grootdeel alleenwonende ouderen. Naast dat er meer woningen nodig zijn, is er waarschijnlijk ook behoefte aan andere soorten woningen. In Ooststellingwerf staan relatief veel middelgrote en vrijstaande woningen. Deze zijn minder geschikt voor kleinere huishoudens en voor 65-plussers. Daarnaast kunnen starters en gezinnen een vrijstaande middelgrote woning niet
// 10
betalen. In de bestaande woningvoorraad van Ooststellingwerf sluiten vraag en aanbod dus niet goed op elkaar aan. Keuzes maken over (duurzame) bereikbaarheid Bereikbaarheid in Ooststellingwerf is beperkter dan in andere delen van Nederland en Fryslân. Met een positie tussen de spoorlijn van Zwolle naar Groningen en Leeuwarden liggen treinstations die inwoners van Ooststellingwerf met de rest van het land verbinden verder weg dan elders. Ook voor het ziekenhuis en de dokterswacht moeten inwoners van Ooststellingwerf verder reizen. Het autobezit in Ooststellingwerf is hoger dan elders in Fryslân. Daarbij zijn duurzame alternatieven voor auto’s met verbrandingsmotoren, zoals elektrische auto’s en deelauto’s, juist minder populair dan gemiddeld in Fryslân. Ook is de uitstoot van broeikasgassen in Ooststellingwerf is hoger dan elders in Fryslân. Maar als Ooststellingwerf de uitstoot van broeikasgassen in de gemeente door vervoer wil verminderen, zal het ook rekening moeten houden met de behoefte van inwoners aan betrouwbaar, flexibel vervoer. Eén van de keuzes waar landelijk en internationaal over wordt gesproken is het aanleggen van de Lelylijn, waarmee er een spoor in de buurt van Ooststellingwerf zou komen te liggen.
Uitdaging 5: Klimaatadaptatie en natuurherstel Het klimaat verandert. Gemeenten hebben een belangrijke rol in het verminderen van de kwetsbaarheid van de leefomgeving voor de gevolgen van klimaatverandering, zoals wateroverlast, droogte en hittestress. Ook hebben ze invloed op de groene ruimte en de biodiversiteit binnen hun grenzen. Zorgen over leefomgeving Inwoners van Zuidoost Friesland maken zich zorgen over hun leefomgeving. 39 procent van de inwoners vindt dat het Friese landschap achteruit is gegaan in de afgelopen vijf jaar. Ook zijn er zorgen over de achteruitgang van de biodiversiteit en klimaatverandering. Jongere generaties maken zich meer zorgen dan oudere generaties. Zij vinden dit een belangrijk thema om aandacht aan te besteden richting de toekomst.
// 11
Uitdaging 6: Toenemende digitalisering en technologie De afgelopen decennia heeft de opkomst van technologie de wereld in snel tempo veranderd. Van smartphones die we dag in, dag uit gebruiken, tot robotisering, waarbij er menselijke taken worden overgenomen door geautomatiseerde machines. Deze ontwikkelingen gaan de komende jaren door, met onder andere de komst van AI. Technologische ontwikkelingen stellen hogere eisen aan werkenden en vaardigheden verouderen snel. Blijven leren is dus van groot belang. Ooststellingwerf minder wendbaar? De Ooststellingwerfse economie is mogelijk minder wendbaar dan de Nederlandse economie. Het aandeel inwoners met een hbo- of wo opleiding in Ooststellingwerf is met 32 procent lager dan gemiddeld in Nederland (37%). De overheid stimuleert mensen om te blijven leren, ook als ze al een baan hebben, maar niet iedereen doet dit evenveel. Inwoners met een hbo- of wo opleiding doen vaker een opleiding of cursus tijdens hun carrière dan inwoners met een mbo-opleiding of geen vervolgopleiding (Planbureau Fryslân, 2023). Verder is het Friese bedrijfsleven opgebouwd uit veel midden- en kleinbedrijven (mkb) en familiebedrijven. Deze bedrijven passen goed bij het opleidingsprofiel van de beroepsbevolking. Wel vinden deze bedrijven het moeilijker om mee te bewegen met digitaliserings-, duurzaamheids- en energietransities (Rabobank, 2024).
Een mogelijke verklaring is dat grotere bedrijven meer mensen en middelen, en daarmee ruimte, hebben om aan deze transities te wijden, terwijl bij kleinere bedrijven deze ruimte vaak beperkter is. De mindere mate van bijscholing en de relatief grote hoeveelheid kleinere bedrijven in Fryslân vormt mogelijk een uitdaging voor de wendbaarheid van de Friese werknemers, bedrijven en de regionale economie. Risico’s digitalisering Technologie biedt talloze voordelen, maar breng ook een aantal problemen en risico’s met zich mee. Het kan zorgen voor beveiligingsrisico’s, inbreuk op de privacy en risico op digitale uitsluiting.
// 12
Uitdaging 7: Inclusieve besluitvorming en participatie Het vertrouwen in instituties in Ooststellingwerf is lager dan gemiddeld in Nederland. Ook daalt het vertrouwen hierin. Hoe verder weg de overheid is, hoe minder vertrouwen er is over het algemeen. Bijna driekwart van de inwoners van Zuidoost Friesland heeft vertrouwen in de gemeente, terwijl 45 procent vertrouwen heeft in de Tweede Kamer (Panel Fryslân, 2023). Hoe wil de gemeente burgers betrekken bij beleid? En wat voor gemeente wil Ooststellingwerf zijn? Een gemeente dichtbij de inwoners of een gemeente die meer op afstand blijft?
// 13
// Nu keuzes maken voor toekomstig geluk Op dit moment staat de brede welvaart in Ooststellingwerf er nog relatief goed voor. Inwoners van Ooststellingwerf behoren tot de gelukkigste inwoners van Fryslân, dat op zich al een gelukkigere provincie is dan de Nederlandse doorsnee. Toch laat deze publicatie zien dat het geluk in Ooststellingwerf onder druk komt te staan door verschillende ontwikkelingen. Dit zorgt ervoor dat steeds meer inwoners van Ooststellingwerf voor moeilijke vraagstukken komen te staan. Hoe zorg ik ervoor dat mijn ouders de zorg krijgen die ze nodig hebben? Hoe ga ik om met de extreme werkdruk? Wat is het toekomstperspectief van mijn kinderen in Ooststellingwerf? De trends die in deze rapportage uiteengezet worden hebben het karakter van een crisis die zich langzaam ontvouwt. Een crisis waarvan de gevolgen steeds indringender merkbaar zullen worden en waardoor het geluk in Ooststellingwerf onder druk komt te staan. Bovendien zullen de effecten niet gelijk verdeeld zijn. Dit rapport laat gemiddeldes zien, maar er wonen ook inwoners in Ooststellingwerf die er op alle vlakken slechter voor staan en dus minder weerbaar zijn. Met name inwoners met een lage sociaal economische status worden minder oud, hebben vaker overgewicht en hebben minder geld te besteden.
Zij kunnen de gevolgen van vergrijzing niet compenseren met geld of steun uit hun omgeving, terwijl zij over het algemeen wel meer hulp en zorg nodig hebben (Planbureau Fryslân, 2024b). Om bovenstaande uitdagingen het hoofd te bieden is het belangrijk om keuzes te maken over de toekomst van Ooststellingwerf. Ook al zijn het soms moeilijke beslissingen met ingrijpende consequenties. Eén ding is zeker: Ooststellingwerf zal in 2040 anders zijn dan nu. We kunnen afwachten en een speelbal worden van ontwikkelingen, of we nemen de regie en oefenen invloed uit op de zaken waar we invloed op hebben voor de toekomst.
// 14
// BRONNEN Bureau Louter. (2025). Jongvolwassenen in Ooststellingwerf. CBS. (2022). Enquête beroepsbevolking (EBB). Geraadpleegd op 25-9-2024, van https://www.cbs.nl/nl-nl/onze-diensten/methoden/onderzoeksomschrijvingen/korteonderzoeksomschrijvingen/enquete-beroepsbevolking--ebb-CBS. (2024). Regionale Monitor Brede Welvaart 2024. Geraadpleegd op 11-3-2025, van https://www.cbs.nl/nl-nl/visualisaties/regionale-monitor-bredewelvaart#:~:text=In%20de%20regionale%20Monitor%20Brede,ontwikkeling%20van%20 de%20regionale%20samenleving. CBS. (2024). Statline: Bevolking op 1 januari en gemiddeld; geslacht, leeftijd en regio. Geraadpleegd op 25-9-2024, van https://opendata.cbs.nl/statline/#/CBS/nl/dataset/03759ned/table?ts=1714116298955 GGD Fryslân. (2022). Gezondheidsmonitor 19+. Geraadpleegd op 25-9-2024, van https://www.ggdfryslan.nl/professionals/cijfers-en-onderzoek/gezondheidsmonitor-19/ Panel Fryslân. (2022). Klimaat en milieu. Planbureau Fryslân. Panel Fryslân. (2023a). Sociale samenhang. Planbureau Fryslân. Geraadpleegd op 25-92024, van https://www.planbureaufryslan.nl/monitoren/meedoen-en-vertrouwen-vande-inwoners-van-fryslan/ Panel Fryslân. (2023b). Meedoen en vertrouwen. Planbureau Fryslân. Geraadpleegd op 25-9-2024, van https://www.planbureaufryslan.nl/monitoren/meedoen-en-vertrouwenvan-de-inwoners-van-fryslan/ Panel Fryslân. (2023c). Vrije tijd. Planbureau Fryslân.
Panel Fryslân. (2023d). Natuur, Landschap en biodiversiteit in Fryslân. Planbureau Fryslân. Geraadpleegd op 25-9-2024, van https://www.planbureaufryslan.nl/monitoren/natuur-en-landschap/ Panel Fryslân. (2023e). Werk. Planbureau Fryslân. Geraadpleegd op 25-9-2024, van https://www.planbureaufryslan.nl/monitoren/werk/ Planbureau Fryslân. (2020). De Friese Paradox – eerste verklaringen. https://www.planbureaufryslan.nl/publicaties/de-friese-paradox-eerste-verklaringen/ Planbureau Fryslân. (2024). Vraagdruk woningbouwcorporaties Fryslân. https://www.planbureaufryslan.nl/nieuws/woningcorporaties-kunnen-minder-mensenaan-sociale-huurwoning-helpen/ PBL & CBS. (2016). PBL/CBS Regionale prognose 2016-2040. https://www.cbs.nl/nlnl/achtergrond/2016/37/pbl-cbs-regionale-prognose-2016-2040 // 15
Planbureau Fryslân. (2024b). Verschil in Fryslân: de samenleving in zes klassen. Geraadpleegd op 25-9-2024, van https://www.planbureaufryslan.nl/publicaties/verschil-in-fryslan-de-samenleving-inzes-klassen/ Provincie Fryslân. (2023). LISA werkgelegenheidsregister. Geraadpleegd op 25-9-2024. Provincie Fryslân. (2024). Dashboard Prognose Bevolking en Huishoudens: Uitkomsten trendraming 2023-2050. Geraadpleegd op 25-9-2024, van https://staat-vanfryslan.hub.arcgis.com/pages/59f289c168b4409dba24044d868095eb Provincie Fryslân. (n.d.). Circulaire Economie. Geraadpleegd op 25-9-2024, van https://www.fryslan.frl/circulaire-economie Rabobank. (2024). Kleinere bedrijven op grotere achterstand in transitie naar nieuwe economie. Geraadpleegd op 25-9-2024, van https://www.rabobank.nl/kennis/d011411922-kleinere-bedrijven-op-grotereachterstand-in-transitie-naar-nieuwe-economie RIVM. (2020). Trendscenario | Bredere uitkomsten van gezondheid. Corona-inclusieve VTV. Geraadpleegd op 13-3-2025, van https://www.volksgezondheidtoekomstverkenning.nl/c-vtv/trendscenario-update2020/bredere-uitkomsten-van-gezondheid F. van der Lucht, G. den Boer, M. Buijs, C. Deuning, H. Hilderink, M. Plasmans, R. Poos, L. Zwakhals, C. Couwenbergh (2024). Trendscenario Volksgezondheid Toekomst Verkenning 2024. Bilthoven: RIVM.
Geraadpleegd op 24 maart 2025, van www.volksgezondheidtoekomstverkenning.nl/vtv-2024/trendscenario ROA. (2024). Project Onderwijs-Arbeidsmarkt (POA). Geraadpleegd op 25-9-2024, van https://roastatistics.shinyapps.io/AIStot2028/ Universiteit van het Noorden. (2023). Iedereen leert!: Monitor leven lang ontwikkelen. Geraadpleegd op 25-9-2024, van https://universiteitvanhetnoorden.nl/app/uploads/2024/01/LLO-Monitor-NoordNederland.pdf VNG Realisatie. (2024). Vestigingen basisonderwijs en Vestigingen BO [Databaseuitvraag]. Waarstaatjegemeente.nl. https://www.waarstaatjegemeente.nl/viewer?workspace_guid=475ef4a3-88a5-4a9cb6c7-8982cbf74b15
// 16
COLOFON ‘Gemeente Ooststellingwerf: uitdagingen richting 2040’ is een uitgave van Planbureau Fryslân, mei 2025.
Auteurs Siebren Kooistra en Sibilla Hoekstra Met medewerking van Arlette Bickel, Bernard Boorsma, Coert Gillissen, Chaïm la Roi
Planbureau Fryslân Prins Hendrikstraat 8 8911 BK Leeuwarden (058) 234 85 00 info@planbureaufryslan.nl www.planbureaufryslan.nl
Eindredactie Arlette Bickel
Planbureau Fryslân wordt gesubsidieerd door de provincie Fryslân.
© Planbureau Fryslân, 2025. Verveelvoudigen is toegestaan, mits Planbureau Fryslân als bron wordt vermeld.
// 17
Bijlage 2 bij Toekomstvisie: Toelichting sterke punten
Bijlage 2 – Toelichting op sterke punten Ooststellingwerf Tijdens de open dag op 24 mei 2025 vroegen we inwoners we wat zij bepalend vinden voor de identiteit van Ooststellingwerf. 127 bezoekers brachten een stem uit, op vier thema's. Groen, Leven met ruimte en uitzicht: 65 stemmen. Groen kwam bij de meeste mensen terug, zowel jong als oud. Mensen ervaren het als een groot goed en hoe bijzonder is het dat we zoveel groen en ruimte om ons heen hebben. Ook mensen gesproken die hiervoor verhuisd zijn van het westen naar Ooststellingwerf. Jongeren, vooral kinderen, geven aan: uitzicht en buiten spelen is belangrijk. “Dat kan ik nu nog doen en ik vind het erg als dat verdwijnt”. Mienskip: 38 stemmen. Elkaar helpen, er voor elkaar zijn. “Dat zou meer moeten in deze wereld”. Mensen willen er ook oprecht voor elkaar zijn. Maar ook: zorg om vrijwilligers, tekort aan vrijwilligers in besturen en de vraag: ‘Hoe kunnen we het anders inrichten'. Meedenken over wat echt telt: 20 stemmen Mensen gaven aan vooral ‘niet te veel willen praten, maar ook doen’. En ze willen meer meedenken en beslissen met ons als overheid. Stellingwerfs praten: 4 stemmen Het publiek dat heeft gestemd gaf aan dat het voor hen geen doorslaggevende factor is.
Bijlage 3 bij Toekomstvisie: Onderzoek woonaantrekkelijkheid jongvolwassenen
Samenvatting onderzoek bureau Louter Woonaantrekkelijkheid voor jongvolwassenen in Ooststellingwerf Uit het rapport blijkt dat Ooststellingwerf een lage woonaantrekkelijkheid heeft voor jongvolwassenen (18-29 jaar). Dit komt door een combinatie van factoren, waaronder het gebrek aan werkgelegenheid, beperkte voorzieningen en een minder levendig sociaal en cultureel klimaat. Belangrijke factoren voor jongvolwassenen •
• •
Werkgelegenheid en economische kansen: Werkgelegenheid alleen is echter niet voldoende om jongeren te binden. Er is meer nodig op het gebied van voorzieningen en leefomgeving. Bereikbaarheid en mobiliteit: De bereikbaarheid per trein en ander openbaar vervoer is voor hen belangrijker dan voor oudere doelgroepen. Voorzieningen en recreatiemogelijkheden: Het aanbod van cafés, culturele voorzieningen (bv festivals) en sportfaciliteiten speelt een grote rol in hun woonkeuze.
Huidige werkgelegenheid en mismatch voor jongeren in Ooststellingwerf 1. Werkloosheid en arbeidsparticipatie o De werkloosheid in Ooststellingwerf is hoger dan het gemiddelde van Nederlandse gemeenten op vrijwel alle indicatoren, met uitzondering van jongeren tussen de 15-24 jaar. o De netto participatiegraad (percentage werkende inwoners van 15-74 jaar) ligt onder het gemiddelde. Dit geldt ook voor de regionale participatiegraad, die aangeeft hoeveel mensen in en rondom de gemeente werken of actief zoeken naar werk. 2. Mismatch op de arbeidsmarkt o Ooststellingwerf scoort laag op het percentage jongeren met een startkwalificatie (minimaal mbo2). Dit maakt de instroom op de arbeidsmarkt lastiger. o Veel hoogopgeleiden trekken na hun studie weg naar de randstad of andere grotere steden waar meer banen zijn die aansluiten bij hun opleiding (braindrain). o De gemeente kent een tekort aan banen die passen bij de vaardigheden en ambities van jongvolwassenen. Dit vergroot de braindrain en vermindert de aantrekkelijkheid voor jong talent. 3. Woon-werkbalans en bereikbaarheid o Veel inwoners werken in de eigen gemeente, wat betekent dat een versterking van de werkgelegenheid direct een positief effect zou kunnen hebben. o Er zijn weinig grote werkgelegenheidscentra in de nabije omgeving, wat betekent dat jongeren die werk zoeken in andere steden, vaak lange
afstanden moeten reizen terwijl het OV slecht is en de reistijd met de auto relatief lang.
Per uitdaging Uitdaging 1: Vergrijzing/minder jongeren • • •
Het aandeel jongvolwassenen (18-29 jaar) in de gemeente is de afgelopen twintig jaar sterker gedaald dan het nationale gemiddelde en de benchmarkgemeenten. De demografische druk neemt toe, wat betekent dat er een groeiend aantal ouderen is ten opzichte van de beroepsbevolking. Er is een negatief migratiesaldo bij jongeren van 17-21 jaar, waarschijnlijk door vertrek voor onderwijs en werk.
Uitdaging 2: Gemeenschap onder druk • • •
Jongvolwassenen hechten waarde aan saamhorigheid en de sociale status van hun woonomgeving. Er zijn zorgen over leefbaarheid, overlast door jongeren en misdaad, wat de aantrekkelijkheid van de gemeenschap beïnvloedt. Voorzieningen zoals sportfaciliteiten, cafés en culturele activiteiten spelen een belangrijke rol in de sociale cohesie.
Uitdaging 3: Druk op economie en werkgelegenheid • • •
De gemeente scoort onder het landelijke gemiddelde op economische prestaties, met name in informatiegeoriënteerde sectoren (positie 305 van 337 gemeenten). Er is een beperkte specialisatie in sectoren die economische groei kunnen stimuleren. Het aantal werkplekken binnen de gemeente is lager dan het aantal werkzame inwoners, wat betekent dat veel mensen buiten de gemeente werken.
Uitdaging 4: Grote opgave in het landelijk gebied • • •
Landbouw en veeteelt zijn belangrijke economische dragers, maar staan onder druk door veranderingen in wet- en regelgeving. De balans tussen agrarisch gebruik en natuurontwikkeling vormt een uitdaging voor ruimtelijke ordening. Jongvolwassenen hechten waarde aan groen en rust, maar missen voorzieningen en werkgelegenheid in landelijke gebieden.
Uitdaging 5: Ecologie versus economie • •
Er is spanning tussen economische ontwikkeling en behoud van natuur en biodiversiteit. Jongeren waarderen een schone leefomgeving, maar economische groei kan leiden tot meer milieudruk.
•
Landbouwtransitie en verduurzaming spelen een grote rol in toekomstige beleidskeuzes.
Uitdaging 6: Toenemende digitalisering en technologie • • •
De gemeente heeft een lage score op informatiegeoriënteerde economische activiteiten. Jongeren hechten waarde aan digitale voorzieningen, zoals snel internet en digitale dienstverlening. Digitale werkgelegenheid en opleidingen kunnen helpen bij het aantrekken en behouden van jongeren.
Uitdaging 7: Inclusieve besluitvorming en participatie • • •
De betrokkenheid van jongeren bij lokale besluitvorming is laag. Er is behoefte aan nieuwe participatiemodellen die jongeren beter aanspreken. Jongvolwassenen voelen zich niet altijd gehoord in beleidskeuzes die hun toekomst beïnvloeden.
Bijlage 4 bij Toekomstvisie: Onderzoek behoefte bedrijventerreinen
Bedrijventerreinen in Ooststellingwerf 2025-2039
Samenvatting 'Bedrijventerreinen in Ooststellingwerf' Probleemstelling: Wat is de vraag naar bedrijventerreinen in Ooststellingwerf en hoe verhoudt deze zich tot het huidige 'aanbod'? De nadruk ligt daarbij op Venekoten en daarnaast op De Turfsteker. Met deze samenvatting informeren we u over de uitkomsten van het onderzoek en de vraag en aanbod van bedrijventerreinen met als titel: “Bedrijventerreinen 2025-2039” dat wij recent hebben laten uitvoeren. Het rapport is een analyse van beschikbare bedrijventerreinen in Ooststellingwerf, een doorkijk en behoefte raming naar de toekomst en de onderbouwing voor te voeren gesprekken met de provincie om te komen tot duidelijke actuele programmeringsafspraken en de toekomstige ontwikkeling van bedrijventerreinen in Ooststellingwerf. Daarnaast willen met het onderzoek invulling geven en aansluiten bij de Toekomstvisie. Het onderzoeksrapport, de complete analyse van de bedrijventerreinen is als bijlage toegevoegd.
Voorgeschiedenis en afstemmingsopdracht Om meer zicht te krijgen op de verwachte behoefte aan bedrijventerreinen op de lange termijn en de beschikbaarheid op korte termijn in Ooststellingwerf, en dan met name in Oosterwolde en Haulerwijk heeft de provincie enkele jaren geleden een behoefteraming opgesteld. Concreet heeft de provincie aangegeven dat Ooststellingwerf nog 15Ha aan bedrijventerreinen mag realiseren binnen de gemeente. Dat was echter een periode waarin de uitgifte in Ooststellingwerf historisch laag was ondanks het beperkte aanbod. In de periode 2024-2025 zijn er in Oosterwolde en Haulerwijk acht kavels te koop aangeboden en intussen verkocht. Voor een toekomstige groei, en dat is tevens de conclusie in het rapport zal na 2028 een tekort aan bedrijventerrein ontstaan. Om zicht te krijgen op de ontwikkeling van vraag en aanbod op de markt voor bedrijventerreinen zijn er verschillende benaderingswijzen toegepast. Tabel 1
Ontwikkeling uitgifte en in gebruik nemen per jaar, hectares per jaar
Type analyse
Periode
De Turfsteker
Venekoten
Ooststellingwerf
Prognose, laag Prognose, midden Prognose hoog
2025-2029 2025-2029 2025-2029
0.17 0.31 0.46
0.67 1.25 1.84
0.84 1.56 2.30
Verkocht Verkocht Verkocht
2020-2024 2025-2027 2020-2027
0.0 1.15 0.43
2.09 0.33 1.43
2.09 1.47 1.86
In gebruik nemen, basisscenario In gebruik nemen, basisscenario In gebruik nemen, Remonscenario In gebruik nemen, basisscenario In gebruik nemen, Remonscenario
2020-2024 2025-2027 2025-2027 2020-2027 2020-2027
0.05 1.15 1.15 0.46 0.46
0.78 1.36 2.62 1.00 1.47
0.83 2.51 3.76 1.46 1.93
Daarbij is steeds onderscheid gemaakt tussen De Turfsteker, Venekoten en Ooststellingwerf totaal. Weergegeven zijn de resultaten voor: • de prognose voor de ontwikkeling van de vraag in de komende vijf jaar volgens de Bedrijven Locatie Monitor (BLM), met een onderscheid naar een laag, midden en hoog scenario • verkoop van kavels (inclusief twee particulier uitgeefbare kavels) in de afgelopen vijf jaar (realisatie) en de komende drie jaar (verwachting) • in gebruik nemen van kavels in de afgelopen vijf jaar (realisatie) en in de komende drie jaar (verwachting).
1
Bedrijventerreinen in Ooststellingwerf 2025-2039
Hierbij gelden de volgende uitgangspunten: • Leegstand was zowel in 2021 als 2025 ongeveer 0.5%. Gangbaar is om leegstandspercentages van 4 à 5% als aanvaardbaar te beschouwen. Er is dus sprake van een uiterst krappe markt voor bedrijventerreinen. • Er is tijdelijk sprake geweest van substantiële leegstand bij Tyson Foods. Die locatie is recentelijk overgenomen door Scandi Standard. Hier was dus sprake van tijdelijke leegstand, niet van 'structurele leegstand'. Ook de Arrivalocatie is niet als leegstand beschouwd, omdat daar nog sprake is van 'opslag'. • De koop van de voormalige Frisialocatie door Machandel is niet als 'in gebruik nemen' beschouwd, omdat dit samenging met een even grote afname van in gebruik zijnde ruimte (door het sluiten van Frisia). Wel heeft daardoor geen verkoop van de uitgeefbare kavels plaatsgevonden (waar in het rapport uit 2021 wel van was uitgegaan). • Er is van uitgegaan dat de nieuwe locatie van ActiFood (de 'Buismanlocatie') in gebruik zal worden genomen. • Er is van uitgegaan dat van de vijf uitgeefbare kavels op De Turfsteker er vier in 2025 worden verkocht, en in 2026min gebruik genomen zullen worden. • Er is van uitgegaan dat de onbebouwde reserves bij een bestaande bedrijven dus onbebouwd zullen blijven, dit is namelijk al jaren zo (gronden direct grenzend aan het bedrijf en in eigendom).
• Er is van uitgegaan dat van de voor de markt beschikbare onbebouwde reserves en in eigendom van derden niet voor 2028 verkocht zullen worden. • Er is geen rekening gehouden met allerlei 'leads', dus vragen zonder concrete plannen van derden die met grote waarschijnlijkheid tot verkoop leiden. • Wat betreft Panelen Holland zal een verplaatsing naar Ecomunitypark (2.25 hectare) leiden tot 2.07 aan vrijkomende ruimte op Venekoten (op drie kavels). Dat biedt ruimte voor diverse van de 'leads' met belangstelling voor wat kleinere kavels. • Er zijn twee scenario's voor de ontwikkelingen tot 2028. In het 'basisscenario' wordt ervan uitgegaan dat er niet voor 2028 een stroomaansluiting zal komen voor Remon. Deze kavel blijft dan onbebouwde reserve. In het Remonscenario komt die stroomaansluiting er wel en wordt ervan uitgegaan dat het kavel van Remon gedurende 2026 in gebruik zal worden genomen. Analyses over verplaatsingen en rijtijden naar De Turfsteker en Venekoten maken duidelijk dat het bij die terreinen om 'gescheiden markten' gaat. Daarom is in tabel 1 een onderscheid gemaakt tussen De Turfsteker en Venekoten.
Conclusies op basis van tabel 1 (waarbij de genoemde hectares steeds betrekking hebben op jaargemiddelden in de beschouwde periode): • Op middellange termijn wordt op grond van 'structurele factoren' voor Venekoten een vraag van 1.25 hectare per jaar voorzien en 0.31 hectare voor De Turfsteker. • De afgelopen vijf jaar lag de uitgifte van terreinen iets boven het hoge scenario, maar lag het in gebruik nemen rond het lage scenario. Dat hangt samen met het feit dat er sprake is van een vertraging tussen koop en bouw, onder andere door problemen rond stroomaansluitingen. • Tot 2028 wordt verkoop voorzien van alle kavels op De Turfsteker en Venekoten. • Het 'in gebruik nemen' tot 2028 ligt ruim boven het hoge scenario op De Turfsteker. Voor Venekoten wordt een mate van in gebruik nemen voorzien die iets boven het middenscenario ligt.
2
Bedrijventerreinen in Ooststellingwerf 2025-2039
De conclusie is duidelijk: In 2028 is er geen grond meer uitgeefbaar, terwijl er op De Turfsteker mogelijk sprake zal zijn van een kleine halve hectare vraag per jaar (volgens het hoge scenario) en voor Venekoten (conservatief geschat) van vraag volgens het middenscenario (en mogelijk nog wat meer). Tot 2040 is er dan sprake van een tekort van naar verwachting 6 hectare voor De Turfsteker en minstens 15 hectare op Venekoten. Enkele illustratieve figuren In figuur 1 staat de jaarlijkse uitgifte van bedrijfskavels (zoals overal in deze notitie exclusief Ecomunitypark). Duidelijk is dat soms sprake was van (op de schaal van Ooststellingwerf) omvangrijke 'incidentele' uitgiftes, zoals recentelijk aan Remon en daarnaast nog drie maal jaarlijkse uitgiftes van 4 à 5 hectare per jaar. Meerjaars gemiddelden liggen voor de periode 1991-2009 iets boven het middenscenario, voor 2010-2019 iets onder het middenscenario en voor de afgelopen vijf jaar rond het middenscenario (en indien de twee particuliere uitgiftes worden meegerekend iets onder het hoge scenario).
Figuur 1 6
Uitgifte en prognose vraag naar bedrijventerreinen, Ooststellingwerf, 1991-2039
Hectares 1991-2009 2010-2019 2020-2024 2020-2024 (incl. particulier)
5
Feitelijk Laag Midden Hoog
4
3
2
2025-2029
2030-2039
1
0 1991
1995
Laag Midden Hoog
2000
2005
2010
2015
2020
2025
2030
2035
2039
Gemiddelde jaarlijkse vraag (hectares) 2025-2029 2030-2039 0.84 0.61 1.56 1.47 2.30 2.64
Op Venekoten was in 2000 nog ruim elf hectare uitgeefbaar, maar per begin 2026 is daar nagenoeg niets meer van over. In eerste instantie werd de gekochte grond slechts gedeeltelijk in gebruik genomen ('bebouwd'), waardoor de voorraad onbebouwde reserves snel steeg, maar de in gebruik zijnde ruimte slechts beperkt. De hoeveelheid beschikbare grond leek daardoor nog ruim, maar in de praktijk was dat niet het
3
Bedrijventerreinen in Ooststellingwerf 2025-2039
geval. Energie, of liever gezegd geen energie is op dit moment de oorzaak van enkele onbebouwde kavels in Venekoten. In figuur 3 staan de resultaten van een andere benaderingen, namelijk vanuit een 'transactieperspectief'. Hierbij staat niet de situatie (de 'stand') centraal, maar de jaarlijkse veranderingen, in dit geval de jaarlijkse verkoop van grond (figuur 3). Het zal duidelijk zijn dat uitschieters naar boven of beneden hier grote invloed hebben. Daarom zijn ook meerjaarsgemiddelden weergegeven (historisch voor 2020-2024 en prognoses voor 2025-2027). Bij de prognoses worden de jaarlijkse gemiddelden mede beïnvloed door de aannames wanneer bepaalde gebeurtenissen plaats zullen vinden, maar dat wordt 'weg-gemiddeld' via de 3-jaars scores. Met een onderliggend duidelijk patroon van pieken en dalen (opvallend genoeg zelfs exact om het jaar) ligt de historische uitgifte iets boven de twee hectare (zie ook tabel 1), overigens uitsluitend dankzij Venekoten. De verwachte uitgifte ligt rond de 1.5 hectare (voornamelijk op De Turfsteker, mede omdat - zoals al eerder aangegeven - er in die periode nog maar één kavel beschikbaar was op Venekoten). Figuur 3
Ontwikkeling uitgifte van bedrijventerreinen/ jaarlijkse verkoopgrond
4 hectares
De Turfsteker Venekoten
3.5
Ooststellingwerf
3 2.5 2 1.5 1 0.5 0 2020
2021
2022
2023
2024
2025
2026
2027
4
Bedrijventerreinen in Ooststellingwerf 2025-2039
figuur 5.1
a. begin 2020
Situatie kavels Kern Appelscha, 2020, 2025 en 2028
b. begin 2025
Uitgeefbaar gemeente Uitgeefbaar particulier Onbebouw d tijdelijk Onbebouw d voor de markt Onbebouw d overschot Overig netto terrein
c. begin 2028 Toelichting: • Onbebouwd tijdelijk: al gekocht door een bedrijf, maar (tijdelijk) nog niet bebouwd. Er is vaak enige vertraging tussen koop en bouwen ('in gebruik nemen'). • Onbebouwd voor de markt. Dit is door een ontwikkelaar gekocht met als doel ruimte te verkopen aan bedrijven. Hoe snel dat lukt, hangt af van de vraag op de markt en het aansluiten van het aanbod bij die vraag. De huidige voorraad aan 'onbebouwd voor de markt' betreft voornamelijk units. • Onbebouwd overschot. Dit is eigendom van het gevestigde bedrijf. Dit zou gebruikt kunnen worden voor uitbreiding van het bedrijf, maar eventueel ook voor verkoop aan derden. In dat laatste geval hangt de 'courantheid' mede af van de toegang tot de weg.
5
Bedrijventerreinen in Ooststellingwerf 2025-2039
Figuur 5.2
a. begin 2020
Situatie kavels De Turfsteker, 2020, 2025 en 2028
b. begin 2025
Uitgeefbaar gemeente Uitgeefbaar particulier Onbebouw d tijdelijk Onbebouw d voor de markt Onbebouw d overschot Overig netto terrein
c. begin 2028
6
Bedrijventerreinen in Ooststellingwerf 2025-2039
Figuur 5.3
Situatie kavels Venekoten, 2020, 2025 en 2028 Uitgeefbaar gemeente Uitgeefbaar particulier Onbebouw d tijdelijk Onbebouw d voor de markt Onbebouw d overschot Overig netto terrein
a. begin 2020
b. begin 2025
c. begin 2028,
7
Bedrijventerreinen in Ooststellingwerf 2025-2039
Wanneer er geen extra ruimte op bedrijventerreinen komt, zal groeiende bedrijvigheid of bedrijvigheid die in woonbebouwing of het buitengebied is gevestigd uit moeten wijken naar elders. Het personeel bij op bedrijventerreinen gevestigde bedrijven bestaat voor een relatief groot deel uit laag of middelbaar opgeleiden. Bekend is dat de gemiddelde reistijden voor woon-werk verkeer daarvoor (aanzienlijk) lager zijn dan de gemiddelde reistijden voor hoog opgeleiden. Werk op vrij korte reistijd is daarom van belang voor de kansen op werk voor laag en middelbaar opgeleiden. In figuur 6 staan de reistijden over de weg vanaf Venekoten. Figuur 6
Rijtijd naar Venekoten
Groningen Leek Roden Drachten
Gorredijk Heerenveen
Assen Oosterwolde
Wolvega
Rijtijd naar Venekoten 0-10 minuten 10-20 minuten 20-30 minuten Bedrijventerreinen, meer dan 20 ha. netto en meer dan 5 ha. terstond uitgeefbaar minder dan 5 ha. terstond uitgeefbaar
8
Bedrijventerreinen in Ooststellingwerf 2025-2039
Uit de figuur blijkt dat er (met uitzondering van Drachten) nauwelijks bedrijfsruimte uitgeefbaar is binnen twintig minuten reistijd van Venekoten. In Drachten gaat het daarbij om twintig hectare terstond uitgeefbaar terrein per begin 2023. Dat is ongeveer gelijk aan de verwachte vraag vanuit de gemeente Ooststellingwerf (Venekoten en De Turfsteker) in de periode 2028-2039, terwijl er uiteraard vanuit Drachten en andere plaatsen in de omtrek ook zeer veel vraag zal zijn. Uitgeefbare grond in Heerenveen en Messchenveld ligt op nog meer reistijd. En ook hier gaat het om beperkte hoeveelheden terstond uitgeefbaar terrein en een omvangrijke lokale vraag. Kortom, de 'oplossing' voor het ruimtetekort in Ooststellingwerf dat bedrijven dan maar naar grotere kernen in de omgeving verplaatsen werkt in de praktijk niet: de reistijden zijn voor veel laag en middelbaar opgeleiden niet aantrekkelijk. Dit leidt tot bedrijven die hun groeipotentieel niet kunnen benutten. Hierdoor ontstaan er minder baankansen voor de lokale bevolking. De analyse van het bedrijventerrein heeft de behoefte aangetoond en sluit daarmee naadloos aan bij de Toekomstvisie waarin we vastleggen en afspreken dat Ooststellingwerf inzet op een sterke samenhang tussen natuur, landschap, economie en verduurzaming.
Bij het ontwerp en inrichting van de toekomstige bedrijventerreinen zal dan ook zoveel mogelijk rekening gehouden worden met de hiervoor omschreven kernwaarden. Tot slot In het rapport “De bedrijventerrein analyse Ooststellingwerf 2025- 2039” is bevestigd dat er de komende jaren een blijvende en groeiende behoefte is aan bedrijventerreinen in Ooststellingwerf, zowel bij De Turfsteker als op Venekoten. Naar verwachting is in 2028 alle beschikbare grond uitgegeven. Met een plan van aanpak kunnen we nieuwe uitbreidingslocaties in beeld brengen, voorbereiden en daardoor toekomstbestendig zijn.
9