Bijage 2. Advies van de ASDO Verordening Hart voor de Jeugd Ooststellingwerf 2025
Tekst van het document
ADVIES AAN HET COLLEGE VAN B&W GEMEENTE OOSTSTELLINGWERF Onderwerp Voorbereid door Advies gevraagd per Uiterste adviesdatum Advies uitgebracht aan college van B&W per
Soort advies: gevraagd of ongevraagd Doel van het advies
Samenvatting van het advies
Context
Verordening Hart voor jeugd 2025 Themagroep J&JH 28 augustus 2024 15 oktober 2024
Gevraagd. De begrippen eigen kracht, gebruikelijke hulp en/of boven gebruikelijke hulp moet door de gemeente worden vastgesteld in de verordeningen Hart voor Jeugd 2025. In kunnen stemmen met hoe de beleidsmedewerkers en juristen de begrippen hebben verwoord. Het begrip “Hoog specialistische jeugdhulp” vervangen door drie nieuwe begrippen: Open 3 milieu voorziening, Jeugdhulp plus en het Landelijk Transitie arrangementen. Het begrip Eigenkracht is meer gedefinieerd en onderbouwd waardoor er een goede indicatie, met de juiste onderbouwing en criteria afgegeven kan worden. Met de wijzigingen binnen de verordening moet voorkomen worden dat de reeds ingezette hulpverlening en verkregen indicatie niet stagneert. De verkregen indicatie vooralsnog voortgezet kan worden. Bij aanvragen van een nieuwe indicatie dient rekening te worden gehouden met de nieuwe formulering en onderbouwing. Het betreft een juridisch stuk, hetgeen inhoudt dat er van een aantal zaken (criteria Jeugdwet) niet afgeweken kan worden. Zaken zijn in de Jeugdwet en aanverwante wetsartikelen vastgelegd. Dit betekent dat wat er gevraagd wordt aan indicatie, de hulpverlening concreet, onderbouwd en goed moet worden beschreven. Dat het begrip Hoog specialistische Jeugdhulp vervangen wordt in een drietal nieuwe begrippen, daarin kan de ASDO zich vinden.
De drietal nieuwe begrippen zijn: 3 milieus voorziening, Jeugdhulp Plus en Het landelijke Transitie arrangement. De Centrale Raad van Beroep (CRvB) oordeelde in mei 2024 dat de gemeente een aanvraag voor jeugdhulp niet mag afwijzen vanwege eigen kracht, en geeft dus aan dat de gemeente in de verordening moet regelen wat de ouderlijke verzorgings-en opvoedingsplicht inhoudt en wanneer er gelet op deze plicht, gebruikelijke hulp en/of boven gebruikelijke hulp.
Impact van de aanvraag op de inwoners c.q. specifieke doelgroep van de gemeente Ooststellingwerf
Overwegingen die tot het advies leiden
Adviezen aan het college van B&W
Suggesties aan het college van B&W
Opmerkingen ter zijde Jenny Dolsma
Het wordt door de wijziging in de verordening meer zichtbaar waar de jongere en (indirect) de ouder(s) recht op hebben. Door de nieuwe formulering is het duidelijk gemaakt wat de ouderlijke verzorgings- en opvoedingsplicht inhoudt. Wanneer er sprake is van eigen kracht (gelet op deze plichten) wordt dit concreter verwoord dan in het verleden. Hierdoor is het beter mogelijk om de juiste en passende indicatie (daarbij behorende financiële ondersteuning) te bepalen en onduidelijkheid over de begrippen te voorkomen. Op 18 september jl. is er een gesprek geweest met de beleidsmakers Jeugd, Margreet Appeldorn en Anna Harbers en ASDO Themagroep J&JH waarin de verordening is besproken. Tevens hebben de beleidsmakers een presentatie gehouden tijdens de vergadering van de ASDO. Door de beleidsmedewerkers is bevestigd dat de Jeugdwet leidend is en er niet ‘afgeweken’ kan worden van wat bij wet is vastgelegd. In dit gesprek is tevens benoemd dat de juridische afdeling nog bezig is met juridische toetsing van de begrippen en bepalingen waardoor misverstanden over de begrippen voorkomen zal worden en het wettelijk juist beschreven is. 1. In te stemmen met de wijziging van de Verordening zoals voorgesteld in het aangeboden concept. 2.
Te garanderen dat de reeds afgegeven indicatie en ingezette hulpverlening voor de duur van het traject wordt voortgezet onder de reeds verleende indicatie, waarin vermeld de startdatum van de ingezette hulp ( het aantal maanden, sessies en evaluatie data) en beëindigingsdatum van de indicatie 3. Zorg dragen voor de continuïteit van het ingezette traject om terugval te voorkomen. Dit bij de geplande evaluatie momenten helder maken wat behaald is en wat nog nodig is voor de peuter, indirect ouder(s) 4. Bij nieuwe aanvragen voor ondersteuning jeugd de nieuwe begrippen mee te laten wegen in het afgeven van een indicatie. 5. Ervoor waken dat de belanghebbenden er materieel en immaterieel niets op achteruit gaan ten opzichte de oude bepalingen. (Hiervoor zijn de financiële ontwikkelingen binnen de Jeugdwet van belang. Daarnaast tijdige evaluaties tussen het multidisciplinair team en ouder(s)) 1. Houdt aandacht met Jeugdwet en de uitspraak van de Centrale Raad van Beroep in de casus. 2. Zorg voor tijdige evaluatie van de gewijzigde verordening (half jaarlijks en/ of jaarlijks met de betrokken beleidsmedewerkers en juridische afdeling) . 3. Houdt rekening met het verwerken van de wijzigingen in beleidsregels. (zie 2) Geen Bert Goeree
ValidSigned door Jenny Dolsma op 16-10-2024
ValidSigned door Bert Goeree op 16-10-2024
Voorzitter ASDO
Secretaris ASDO