CConstaterende datOoststellingwerf
Koppel je AI →
Document · PDF

Agendabundel

Raadscommissie Planning & Control 15 juni 2023, gemeente Ooststellingwerf7.793 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Bundel - Raadscommissie Planning & Control van 15 juni 2023 14

15

16

Kaderbrief 2024-2027 RV Kaderbrief 2024 RB Kaderbrief 2024-2027 Bijlage 1. Kaderbrief 2024-2027 Indeling programmabegroting RV indeling programmabegroting RB indeling programmabegroting Bijlage 1 - mogelijke indelingen Sluiting

Raadsvoorstel Commissievergadering Titel Onderwerp Portefeuillehouder/Teamleider Extern zaak ID (zaakcode)

: : : : :

P&C Kaderbrief 2024-2027 Kaderbrief 2024-2027 Jan van Weperen / Froukje de Wit

Datum collegevergadering 16 mei 2023

Voorgesteld besluit In te stemmen met de Kaderbrief 2024-2027 en daarmee: 1. In te stemmen met de onvermijdelijke budgettaire effecten zoals beschreven in het financieel perspectief (hoofdstuk 2 Kaderbrief) en deze budgetten in de programmabegroting 2024 als volgt te verhogen: a. Structureel € 1.755.000 naar aanleiding van de voorjaarsrapportage b. Structureel € 25.000 voor het organiseren van verkiezingen. c. Structureel € 70.000 hogere bijdrage aan de FUMO d. Structureel € 45.000 voor het onderhoud van sportvelden e. Structureel € 213.000 hogere bijdrage aan de Veiligheidsregio f. Structureel € 25.000 voor bomenonderhoud g. Structureel € 67.000 voor ICT licentiekosten en materieel VTH h. Structureel € 254.000 hogere dotatie aan onderhoudsvoorzieningen 2. In te stemmen met de volgende voorstellen nieuw beleid (hoofdstuk 3 Kaderbrief) en deze te verwerken in de programmabegroting 2024. a. Structureel € 20.000 beschikbaar te stellen voor een hogere bijdrage aan TRZF b. Structureel € 90.000 beschikbaar te stellen voor capaciteit voor de aanpak van ondermijning c. € 135.000 in 2024 en structureel € 85.000 vanaf 2025 beschikbaar te stellen voor het uitvoeren van het beleid inwonersparticipatie. d. Vanaf 2025 structureel € 35.000 beschikbaar te stellen als dekking van de kapitaallasten van het aanvullende krediet voor DoarpsSintrum Donkerbroek. e.

Voor de jaren 2024 t/m 2026 € 80.000 per jaar beschikbaar te stellen voor toezicht en handhaving sociaal domein. f. Voor de jaren 2024 en 2025 € 70.000 per jaar beschikbaar te stellen voor heronderzoeken participatiewet. g. Voor 2024 € 35.000 en 2025 € 20.000 beschikbaar te stellen voor het uitvoeringsplan Direct Duidelijk. h. Voor OKO in totaal € 1.394.000 beschikbaar te stellen vanuit de algemene reserve zoals besloten op dinsdag 18 april 2023 i. Voor het digitalisering van het archief binnen OWO bedrijfsvoering in 2024 € 83.000 en in 2025 € 67.000 beschikbaar te stellen. 3. De begrotingsoverschotten in 2024 en 2025 binnen de algemene reserve te reserveren voor kapitaallasten die voortkomen uit toekomstige investeringen. 4. Kennis te nemen van de risico’s en onzekerheden (hoofdstuk 4 Kaderbrief) 5. In te stemmen met de begrotingsuitgangspunten voor de Programmabegroting 2023 (hoofdstuk 5 Kaderbrief)

Openbaar Ja, actief + persbericht Persbericht als bijlage toevoegen.

Inleiding Deze kaderbrief is, net als de begroting 2023, opgesteld in een roerige tijd. De oorlog in Oekraïne is nog steeds aan de gang. De energieprijzen zijn erg hoog en ook andere prijzen stijgen. Dit heeft invloed op ons financieel perspectief voor de komende jaren. Daarnaast heeft het rijk nog geen duidelijkheid gegeven over de omvang van het gemeentefonds na 2026. Dit maakt goed begroten lastig. Is het wel verantwoord om structurele verplichtingen aan te gaan? Tegelijkertijd hebben we tot 2026 een goed begrotingsperspectief. We staan voor de uitdaging om een realistische en structureel sluitende begroting neer te leggen. En ook daar waar mogelijk incidenteel middelen in te zetten om hogere lasten voor de toekomst te voorkomen. In de kaderbrief staan het financieel perspectief en de financiële ontwikkelingen die onvermijdelijk op ons afkomen. Dit zijn voornamelijk prijsstijgingen zoals in de kaderbrief wordt toegelicht. We hebben daar geen of heel beperkt invloed op, of het niet instemmen met deze voorstellen zorgt voor grote nadelige gevolgen. Per saldo zorgt dit voor een positief financieel perspectief in de jaren 2024 en 2025. Daarna wordt het perspectief negatief.

Wij stellen voor om de ontwikkelingen met betrekking tot de algemene uitkering af te wachten en eventueel als dat nodig is bij de begroting 2024 met een plan van te komen om deze laatste jaren structureel in evenwicht te brengen. We doen u in deze kaderbrief ook voorstellen voor nieuw beleid. Deze voorstellen worden in deze kaderbrief integraal afgewogen en vervolgens na besluitvorming primitief in de Programmabegroting 2024 verwerkt.

Argumenten 1.1 Het zijn gevolgen van ontwikkelingen die onvermijdelijk op ons afkomen Het financieel perspectief bestaat uit het (structurele) begrotingsperspectief na de decembercirculaire 2022, de gevolgen vanuit de voorjaarsrapportage 2023 en een aantal structurele budgettaire effecten. Zie kaderbrief. We stellen voor de budgettaire effecten te verwerken in de programmabegroting 2024. 2.1. Zie voor een toelichting op het voorgestelde beleid de kaderbrief. Na besluitvorming door de raad worden de budgetten primitief in de begroting 2024 verwerkt. 3.1. Met het begrotingsoverschot kunnen we toekomstige lasten dragen. De verdere uitwerking van dit voorstel volgt later als een investering zich voordoet. Zie verder de toelichting in de Kaderbrief. 4.1 De risico’s en onzekerheden kunnen invloed hebben op het nu voorliggende financieel perspectief Het hoofdstuk risico’s en onzekerheden bestaat uit aantal belangrijke ontwikkelingen. Deze ontwikkelingen zijn niet meegenomen in het financieel perspectief. 5.1. Met deze begrotingsuitgangspunten kunnen we de Programmabegroting 2024 opstellen Deze uitgangspunten zijn opgesteld op basis van bestaand beleid.

Kanttekeningen Zie kaderbrief.

Financiële toelichting Zie kaderbrief.

Publicatie voor bekendmaking

Burgemeester en wethouders van Ooststellingwerf, , secretaris

Bijlagen 1.

Kaderbrief 2024-2027

, burgemeester.

Extern zaak ID (zaakcode) : De raad van de gemeente Ooststellingwerf; nr. gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders van 16 mei 2023;

Besluit In te stemmen met de Kaderbrief 2024-2027 en daarmee: 1. In te stemmen met de onvermijdelijke budgettaire effecten zoals beschreven in het financieel perspectief (hoofdstuk 2 Kaderbrief) en deze budgetten in de programmabegroting 2024 als volgt te verhogen: a. Structureel € 1.755.000 naar aanleiding van de voorjaarsrapportage b. Structureel € 25.000 voor het organiseren van verkiezingen. c. Structureel € 70.000 hogere bijdrage aan de FUMO d. Structureel € 45.000 voor het onderhoud van sportvelden e. Structureel € 213.000 hogere bijdrage aan de Veiligheidsregio f. Structureel € 25.000 voor bomenonderhoud g. Structureel € 67.000 voor ICT licentiekosten en materieel VTH h. Structureel € 254.000 hogere dotatie aan onderhoudsvoorzieningen 2. In te stemmen met de volgende voorstellen nieuw beleid (hoofdstuk 3 Kaderbrief) en deze te verwerken in de programmabegroting 2024. a. Structureel € 20.000 beschikbaar te stellen voor een hogere bijdrage aan TRZF b. Structureel € 90.000 beschikbaar te stellen voor capaciteit voor de aanpak van ondermijning c. € 135.000 in 2024 en structureel € 85.000 vanaf 2025 beschikbaar te stellen voor het uitvoeren van het beleid inwonersparticipatie. d. Vanaf 2025 structureel € 35.000 beschikbaar te stellen als dekking van de kapitaallasten van het aanvullende krediet voor DoarpsSintrum Donkerbroek. e.

Voor de jaren 2024 t/m 2026 € 80.000 per jaar beschikbaar te stellen voor toezicht en handhaving sociaal domein. f. Voor de jaren 2024 en 2025 € 70.000 per jaar beschikbaar te stellen voor heronderzoeken participatiewet. g. Voor 2024 € 35.000 en 2025 € 20.000 beschikbaar te stellen voor het uitvoeringsplan Direct Duidelijk. h. Voor OKO in totaal € 1.394.000 beschikbaar te stellen vanuit de algemene reserve zoals besloten op dinsdag 18 april 2023 i. Voor het digitalisering van het archief binnen OWO bedrijfsvoering in 2024 € 83.000 en in 2025 € 67.000 beschikbaar te stellen. 3. De begrotingsoverschotten in 2024 en 2025 binnen de algemene reserve te reserveren voor kapitaallasten die voortkomen uit toekomstige investeringen. 4. Kennis te nemen van de risico’s en onzekerheden (hoofdstuk 4 Kaderbrief) 5. In te stemmen met de begrotingsuitgangspunten voor de Programmabegroting 2023 (hoofdstuk 5 Kaderbrief)

Besloten in de openbare vergadering van 27 juni 2023. , griffier.

, voorzitter.

Kaderbrief 2024-2027 1. Inleiding Hierbij bieden wij u de Kaderbrief 2024-2027 aan. Hierin staan de financiële uitgangspunten voor de komende jaren. Met de jaarstukken kijken we terug op 2022, met de voorjaarsrapportage kijken we naar het huidige jaar 2023 en met deze kaderbrief kijken we vooruit. Deze kaderbrief is, net als de begroting 2023, opgesteld in een roerige tijd. De oorlog in Oekraïne is nog steeds aan de gang. De energieprijzen zijn erg hoog en ook andere prijzen stijgen. Dit heeft invloed op ons financieel perspectief voor de komende jaren. Daarnaast heeft het rijk nog geen duidelijkheid gegeven over de omvang van het gemeentefonds na 2026. Dit maakt goed begroten lastig. Is het wel verantwoord om structurele verplichtingen aan te gaan? Tegelijkertijd hebben we tot 2026 een goed begrotingsperspectief. We staan voor de uitdaging om een realistische en structureel sluitende begroting neer te leggen. En ook daar waar mogelijk incidenteel middelen in te zetten om hogere lasten voor de toekomst te voorkomen. In deze kaderbrief staan het financieel perspectief en de financiële ontwikkelingen die onvermijdelijk op ons afkomen. Dit zijn voornamelijk prijsstijgingen zoals in het volgende hoofdstuk ook wordt toegelicht. We hebben daar geen of heel beperkt invloed op, of het niet instemmen met deze voorstellen zorgt voor grote nadelige gevolgen.

Per saldo zorgt dit voor een positief financieel perspectief in de jaren 2024 en 2025. Daarna wordt het perspectief negatief. Wij stellen voor om de ontwikkelingen met betrekking tot de algemene uitkering af te wachten en eventueel als dat nodig is bij de begroting 2024 met een plan van te komen om deze laatste jaren structureel in evenwicht te brengen. We doen u in deze kaderbrief ook voorstellen voor nieuw beleid. Deze voorstellen worden in deze kaderbrief integraal afgewogen en vervolgens na besluitvorming primitief in de Programmabegroting 2024 verwerkt. 1.1 Positief saldo 2024 en 2025: Investeringsfonds Zoals u in de tabel begrotingsperspectief kunt zien hebben we een behoorlijk begrotingssaldo in de jaren 2024 en 2025. Omdat het begrotingsperspectief weer lager wordt in 2026 biedt dit geen ruimte voor het aangaan van structurele lasten. Een mogelijkheid die het BBV (besluit, begroting en verantwoording) biedt en die ook door de provincie wordt aangegeven is de mogelijkheid om zogenaamd te ‘sparen’ voor de toekomst en deze middelen te gebruiken als dekking voor structurele kapitaallasten. De kapitaallasten die voortkomen uit investeringen zijn structureel. Een nadeel van het ‘sparen’ en gebruik maken van een kapitaalreserve is dat na de afschrijvingstermijn geen structurele dekking in de begroting is en daardoor ook geen ruimte voor vervanging.

Er zal op dat moment structurele ruimte gevonden moeten worden of opnieuw gespaard. Op dit moment is het aantal investeringen dat we dekken met een kapitaalreserve beperkt. We stellen voor om de begrotingsoverschotten van de komende jaren binnen de algemene reserve te reserveren voor kapitaallasten die voortkomen uit investeringen. Een voorbeeld hiervan is het accommodatiebeleid, naar verwachting zal hier een grote investering voor nodig zijn. Een deel van die lasten kunnen we dekken uit de middelen die bij amendement bij de begroting 2023 structureel beschikbaar zijn gesteld. Voor een ander deel kunnen we dit ‘gereserveerde’ bedrag gebruiken. Op die manier kunnen we door nu geld te reserveren hoge lasten in de toekomst dragen. Hoe de spelregels moeten gaan worden voor de dekking van de kapitaallasten willen we dan met u op een later moment gaan bespreken. 1

1.2 Meicirculaire Als gemeente ontvangen we geld vanuit het gemeentefonds, de algemene uitkering. Drie keer per jaar (mei, september en december) komt er vanuit het ministerie een circulaire waarin de hoogte van deze uitkering wordt bijgesteld. In de meicirculaire is het gebruikelijk dat het accres (hogere Rijksuitgaven zorgt voor een hogere algemene uitkering en andersom) wordt aangepast en we compensatie voor loon- en prijsstijgingen ontvangen. We reserveren het volledige bedrag dat we aan loon- en prijscompensatie via de meicirculaire ontvangen voor de indexaties (lonen en prijzen) die we in de begroting 2024 moeten verwerken. Dit ziet u terug in de brief over de meicirculaire (nog te ontvangen). We doen daarin een globale inschatting of deze compensatie voldoende is. Het financieel perspectief kan er na de meicirculaire 2023 anders uit zien. Wij presenteren in deze kaderbrief het huidige financieel perspectief. Zoals gebruikelijk wordt u voor de raadsvergadering over de kaderbrief geïnformeerd over de meicirculaire en daarmee over het nieuwe financieel perspectief.

2. Financieel perspectief Bij het presenteren van het financieel perspectief gaan we uit van structurele budgettaire ruimte. Daarom zijn de incidentele baten en lasten gecorrigeerd. Structurele lasten moeten gedekt worden door structurele baten, dan is er sprake van structureel evenwicht. Het uitgangspunt is de stand na de decembercirculaire 2022. Normaalgesproken zouden we het jaar 2026 kopiëren naar 2027. We hebben dat nu niet gedaan, voornamelijk omdat de uitkering uit het gemeentefonds lager is in 2027. De verschillen in het jaar 2027 ten opzichte van 2026 komen hoofdzakelijk door een lagere algemene uitkering. Bij het opstellen van de programmabegroting 2024-2027 wordt jaarschijf 2027 opnieuw doorgerekend (net als de andere jaarschijven). Het Rijk heeft eerder aangegeven dat met gemeenten en provincies gewerkt wordt aan een nieuw financieringssystematiek vanaf 2026. In aanloop daarnaartoe heeft het kabinet in de septembercirculaire 2022 eenmalig een bedrag voor 2026 voor de algemene uitkering beschikbaar gesteld. In de eind april bekend geworden Voorjaarsnota van het Rijk staat dat dit eenmalige bedrag structureel is geworden. Dit zorgt voor een hogere algemene uitkering van ruim € 1,3 miljoen vanaf 2027 (dit is verwerkt in onderstaand perspectief).

Ook staat in de Voorjaarsnota van het Rijk dat de nieuwe financieringssystematiek niet vanaf 2026 maar vanaf 2027 zal ingaan. Uit de huidige stand van zaken blijkt dat we een positief financieel perspectief hebben voor de eerste twee jaren en dat daarna het perspectief negatief wordt. Zoals ook in de inleiding genoemd stellen wij voor om de ontwikkelingen met betrekking tot de algemene uitkering af te wachten en eventueel als dat nodig is bij de begroting 2024 met een plan van te komen om deze laatste jaren structureel in evenwicht te brengen. 2.1 Onvermijdelijke budgettaire effecten en nieuw financieel perspectief Om een reëel beeld te geven van de ruimte in het perspectief verwerken we in de kaderbrief de onvermijdelijke structurele budgettaire effecten (voor zover die nu bekend zijn). Op hoofdlijnen zijn deze onder de tabel toegelicht. Het structurele saldo is daardoor behoorlijk afgenomen. Daarnaast zijn er nog diverse risico’s en ontwikkelingen die invloed gaan hebben op het perspectief (zie hoofdstuk 4).

2

x € 1.000

Structureel begrotingsperspectief 2024-2027

2024

2025

2026

Structureel perspectief begroting primitief

4.318

6.305

1.728

Nieuw beleid (incl. amendementen) structureel

- 588

- 688

- 788

Kapitaallasten verduurzaming accommodaties

- 200

- 300

- 400

Vastgesteld structureel begrotingsperspectief november 2022

3.530

5.317

540

2027

Structureel gevolg septembercirculaire 2022

551

181

1.330

Structureel gevolg decembercirculaire 2022

- 279

- 279

- 280

3.802

5.219

1.590

909

- 1.755

- 1.755

- 1.755

- 1.755

b. Organiseren verkiezingen

- 25

- 25

- 25

- 25

c. FUMO

- 70

- 70

- 70

- 70

Structureel begrotingsperspectief na decembercirculaire 2022 a. Gevolgen voorjaarsrapportage 2023 Onvermijdelijke budgettaire consequenties

d. Onderhoud sportvelden

- 45

- 45

- 45

- 45

e. Veiligheidsregio

- 213

- 213

- 213

- 213

f. Bomenonderhoud

- 25

- 25

- 25

- 25

g. OWO: ICT licentiekosten en materieel VTH

- 67

- 67

- 67

- 67

h. Onderhoudsvoorzieningen

- 254

- 254

- 254

- 254

1.349

2.766

- 863

- 1.545

Nieuw structureel begrotingsperspectief na kaderbrief 2024

a. Structurele gevolgen voorjaarsrapportage 2023 Het structurele gevolg vanuit de voorjaarsrapportage is € 1.755.000 negatief. Hoofdzakelijk komt dit door de volgende onderdelen: • Structureel nadelig gevolg van € 1.109.000 van de onlangs afgesloten C.A.O. gemeenten. De gemiddelde verhoging is rond de 9,1%, in de begroting hadden we rekening gehouden met 3,4%. • Bij de Jeugdzorg is er een structureel nadeel van € 550.000. Bij de Jaarstukken 2022 is een groot nadeel van € 1.265.000 geconstateerd. Het structurele nadeel heeft vooral te maken met de specialistische jeugdzorg en dyslexie. Bij de vorige kaderbrief 2023-2026 is het jeugdbudget ook verhoogd met € 800.000 structureel. b. Organiseren verkiezingen Voor het organiseren van verkiezingen is structureel € 25.000 extra budget nodig. Gestegen kosten komen door forse stijging porti tarieven, hogere lasten voor opleiden vrijwilligers en indexatie van diverse lasten. De afgelopen twee jaren was deze tendens al zichtbaar, maar zijn de extra lasten opgevangen vanuit coronamiddelen. c. FUMO Op 18 april 2023 heeft u ingestemd met de begroting 2024 van de FUMO. In de begroting 2024 van de FUMO is de bijdrage voor Ooststellingwerf € 70.000 hoger dan begroot. Voor een deel komt dit door reguliere indexatie.

En voor een deel is het nieuw beleid: het aanpassen van kengetallen, meer uren voor collectieve taken en het versterken van de bedrijfsvoering. De begroting 2024 is exclusief effecten omgevingswet. Voor de effecten omgevingswet wordt rond de zomer 2023 nog een separaat voorstel opgesteld. d. Onderhoud sportvelden Het onderhoud van de sportvelden en meststoffen is opnieuw aanbesteed. De lasten zijn door de nieuwe aanbesteding € 45.000 hoger dan het beschikbare budget. Zie ook raadsmededeling #1280. 3

e. Veiligheidsregio Fryslân De bijdrage aan Veiligheidsregio Fryslân is vanaf 2024 € 213.000 hoger. Dit komt deels door een hoge indexatie en deels door nieuw beleid. Zie ook het raadsvoorstel van 27 juni 2023 over de begroting 2024 van de veiligheidsregio. f. Bomenonderhoud Eind 2020 is het bomenonderhoud aanbesteed. Na twee jaar worden de prijzen per eenheid jaarlijks geïndexeerd. De prijsstijgingen van afgelopen twee jaren hebben ervoor gezorgd dat er structureel € 25.000 nodig is om het onderhoud van de gemeentelijke bomen op het door de raad vastgestelde niveau te houden. g. OWO: ICT licentiekosten, materieel VTH en Wet open overheid (Woo) Er zijn hogere lasten bij de OWO-afdeling bedrijfsvoering door stijging van de ICT licentiekosten. We verwachten 5% hogere stijging dan waar we rekening mee hadden gehouden. Daarnaast zijn er extra middelen nodig voor materieel bij VTH. De veranderende maatschappij en oprukkende ondermijning door de verwevenheid van criminaliteit met de bovenwereld maakt dat toezichthouders/BOA’s, maar ook kantoorpersoneel te maken krijgen met agressie en bedreigingen. Om hun veiligheid te versterken is een andere uitrusting nodig dan we gewend zijn. Dit brengt structurele kosten met zich mee op het gebied van vervoer, kleding en signalering. We zijn inmiddels begonnen met het bewustmaken van de maatschappij op het thema ondermijning.

Dit wordt zowel binnen als buiten de organisaties verder ontwikkeld. Er wordt ook geïnvesteerd in zogenaamde smart solutions bij toezicht. Een goed voorbeeld is de inzet van een drone. Structureel vraagt dit om middelen die bijdragen aan de veiligheid van de medewerkers en de verdere professionalisering van de organisatie. In totaal zorgt dit voor structureel hogere lasten van € 67.000 voor onze gemeente. De Wet open overheid (Woo) is van kracht sinds 1 mei 2022. De wet is bedoeld om overheidsorganisaties transparanter te maken. De wet moet ervoor zorgen dat overheidsinformatie beter vindbaar en uitwisselbaar is. De Woo vervangt de Wob (Wet openbaarheid van bestuur). 2022 en een deel van 2023 is/wordt gebruikt voor het maken van een impactanalyse en nulmeting en dit resulteert in een plan van aanpak. Van het Rijk zijn er middelen (structureel en incidenteel) ontvangen voor implementatie en uitvoering van de Woo. We schatten in dat we twee derde van deze middelen nodig hebben voor de aanpak in OWO-verband. We stellen voor dit beschikbaar te stellen vanuit de al beschikbare Rijkmiddelen (geen resultaatsconsequenties). h. Onderhoudsvoorzieningen Bij de jaarrekening 2022 hebben wij u geïnformeerd over de recente afronding van onderhoudsplannen van een 7-tal sport-, welzijnsaccommodaties en MFA’s.

Tevens hebben wij aangegeven dat wij de nieuwe onderhoudsplannen en de financiële consequenties daarvan in juni 2023 via een raadsvoorstel aan u voorleggen. De financiële consequenties hebben wij verwerkt in onderstaand financieel perspectief. Hierdoor kunt u dit meenemen in de integrale afweging bij de kaderbrief. Uiteraard is dit onder voorbehoud van accordering van dit voorstel door u. Overige ontwikkelingen met onvermijdelijke budgettaire effecten • Bosbergtoren. Op 15 februari 2022 heeft u ingestemd met verhuur aan Coöperatie Appelscha en hiervoor budget beschikbaar gesteld. Naast groot onderhoud is binnen het budget een extra bedrag gereserveerd voor risico’s m.b.t. de lift en het ticketsysteem. Bij de begroting 2024 wordt aan de hand van het verloop van de storingen en een nieuw onderhoudsplan beoordeeld of deze post kan worden aangepast. We komen hier bij de begroting 2024 op terug. • Bediening bruggen Turfroute. In 2022 hadden we een overschrijding op het budget Turfroute door hogere lasten voor de bediening van bruggen. We zijn met de 4

•

provincie in gesprek over een nieuwe overeenkomst voor de bediening van de bruggen voor 2023 en verder. We komen bij de begroting 2024 hierop terug. Onderhouds-en vervangingsplan oevervoorziening. De Provincie Fryslân neemt binnenkort een definitief besluit m.b.t. de toewijzing van het beheer en onderhoud van de oevers van de vaarwegen in Friesland. Voor Ooststellingwerf gaat het om de Opsterlandse Compagnonsvaart en de Tjonger. Dit heeft als gevolg dat de gemeente Ooststellingwerf verantwoordelijk wordt voor het beheer en onderhoud van een deel van de oevers. Dit gaat 1 januari 2024 in. Dit heeft onvermijdelijke budgettaire gevolgen die op ons af komen. De financiële gevolgen zijn op dit moment niet bekend. Daar komen wij later op terug.

3. Voorstellen nieuw beleid We doen u een aantal voorstellen voor nieuw beleid. Een aantal zijn structureel en een aantal incidenteel. Ze staan hieronder in de tabel toegelicht. 2024

2025

2026

x € 1.000 2027

- 20

- 20

- 20

- 20

- 90

- 90

- 90

- 90

3. Inwonersparticipatie

- 135

- 85

- 85

- 85

4. Doarpssintrum Donkerbroek

- 35

- 35

- 35

- 35

- 280

- 230

- 230

- 230

Voorgesteld nieuw beleid structureel 1. Hogere bijdrage Toerisme Regiomarketing Zuidoost Friesland (TRZF) 2. Extra capaciteit voor aanpak ondermijning

Totaal voorgesteld nieuw beleid structureel

1. Hogere bijdrage Toerisme Regiomarketing Zuidoost Friesland (TRZF) TRZF heeft de afgelopen jaren naast de structurele subsidie vanuit de gemeenten Zuidoost Friesland extra bijdragen uit de Regio Deal ontvangen voor marketing, promotie en productontwikkeling. Eén van de belangrijkste ingangen voor toeristen en recreanten om Ooststellingwerf als bestemming te vinden, zowel online als in de fysieke netwerken. Na afloop van de Regio Deal willen de gemeenten in ZuidOost Friesland de structurele subsidie graag verhogen. We stellen voor hiervoor € 20.000 structureel beschikbaar te stellen zodat de subsidie verhoogd kan worden van € 20.000 naar € 40.000 om de ingezette ontwikkeling te kunnen continueren. 2. Extra capaciteit aanpak ondermijning Voor de aanpak van ondermijning zijn verschillende interventies noodzakelijk. Op dit moment is onze capaciteit voor de aanpak ondermijning ontoereikend waardoor achterstanden gaan ontstaan op het gebied van o.a. ondermijning, extremisme en radicalisering, Bibob (integriteitsonderzoek), Damocles (drugspanden) en online criminaliteit. Adequate inzet is essentieel om gelijke tred met deze ontwikkelingen te houden. In het collegeakkoord is benoemd dat we toegerust willen zijn om op onvoorziene omstandigheden adequaat te reageren. We willen dat onze inwoners en ondernemers wonen en werken en naar school gaan in een veilige woonomgeving.

We willen ook meer bewustwording rond het thema ondermijning. Ook in de samenwerkingsagenda verzoekt de gemeenteraad het college om aandacht te besteden aan ondermijning. Wij stellen voor om structureel € 90.000 beschikbaar te stellen structureel voor extra capaciteit. Zonder extra capaciteit bij Vergunning verlening en handhaving zal dit echter minder effectief zijn. Dit nemen we mee in de gesprekken met de OWO gemeenten en VTH komend jaar. 3. Inwonersparticipatie Het beleid inwonersparticipatie is in de maak, de besluitvorming hierover vindt plaats in juni in de gemeenteraad. In het collegeakkoord staat dat we een nieuwe participatienota opstellen, het invoeren van een digitaal participatieplatform onderzoeken en dat we de 5

mogelijke inzet van een burgerberaad onderzoeken. In de samenwerkingsagenda is aangegeven dat er meer aandacht voor participatie van jongeren moet zijn bij (het maken van) lokaal beleid. Om dit uit te kunnen voeren stellen we voor in 2024 € 135.000 beschikbaar te stellen en vanaf 2025 € 85.000. Dit is voor een adviseur inwonersparticipatie, voor een digitaal jongerenpanel, een ‘pop up’ kinderadviesraad en een ‘pop up’ jongerenadviesraad en het instellen van een kinderburgmeester. In 2024 is extra budget van € 50.000 nodig voor het uitvoeren van een experiment met een burgerberaad. 4. DoarpsSintrum Donkerbroek U heeft in 2019 een krediet beschikbaar gesteld van € 2 miljoen voor realisatie van het DoarpsSintrum Donkerbroek in het jaar 2021. Sinds 2022 is de gemeente in gesprek met het stichtingsbestuur over hogere stichtingskosten dan oorspronkelijk begroot en de dekking daarvan. In een separaat raadsvoorstel wordt u gevraagd een extra krediet van € 1.263.000 beschikbaar te stellen voor de realisatie van het DoarpsSintrum Donkerbroek. De structurele kapitaallasten hiervan zijn vanaf 2025 € 35.000 per jaar. Voorgesteld nieuw beleid incidenteel

2024

2025

2026

5. Toezicht en handhaving sociaal domein

- 80

- 80

- 80

6. Heronderzoeken participatiewet

- 70

- 70

7. Uitvoeringsplan direct duidelijk

- 35

- 20

8. Opgroeien in een kansrijke omgeving OKO

- 238

- 578

- 578

Dekking algemene reserve OKO

238

578

578

9. OWO: digitalisering archief

- 83

- 67

- 268

- 237

Totaal voorgesteld nieuw beleid incidenteel

- 80

x € 1.000 2027

-

5. Toezicht en handhaving sociaal domein Sinds de invoering van de decentralisaties in het sociaal domein zijn het toezicht en de handhaving van de Wmo & Jeugd ook wettelijke taken van de gemeente geworden. Eerder gold dit alleen voor de Participatiewet. Bij Wmo & Jeugd gaat het om het toezicht en de handhaving op rechtmatig gebruik (bv van PGB’s) én om toezicht en handhaving op de zorgaanbieders. Bij de invoering van de decentralisaties was niet goed te voorspellen wat de omvang van handhaving & toezicht sociaal domein breed zou worden. Daarom zijn we gestart binnen de formatie die er voor toezicht en handhaving Participatiewet was. De afgelopen jaren heeft toezicht & handhaving binnen het hele sociaal domein verder vorm gekregen. Niet alleen in Ooststellingwerf, maar ook landelijk. Er zijn rekenkamer & CBSgegevens beschikbaar voor een gemeente van onze omvang. Daaruit blijkt dat we ruim 1 fte zouden moeten toevoegen aan onze formatie. Binnen onze huidige capaciteit kunnen we gemiddeld 17 onderzoeken doen, terwijl een gemeente van onze omvang ongeveer 36 signalen per jaar oplevert. We stellen voor de capaciteit voor een periode van drie jaar te doen. Na deze periode gaan we beoordelen wat het effect is geweest op de budgetten Wmo & Jeugd. Lasten voor de extra fte is € 80.000 per jaar. 6.

Heronderzoeken participatiewet Sinds maart 2020 worden gemeenten door de landelijke wetgever gevraagd om nieuwe, tijdelijke regelingen uit te voeren op het gebied van inkomensondersteuning. Iedere regeling vanuit een andere crisis. Als gevolg daarvan hebben we onze inzet op de uitvoering van deze regelingen gezet. Daardoor is sinds 2020 geen prioriteit meer gegeven aan de controle op de rechtmatigheid van de uitkeringen (door heronderzoeken). Dit is een wettelijke plicht. We willen de komende jaren inzetten op de achterstanden in controles. Om die reden hebben we een tijdelijke formatie uitbreiding van 1 fte gedurende 2 jaar nodig, € 70.000 per jaar.

6

7. Uitvoeringsplan Direct duidelijk Overheden communiceren nog altijd vrij formeel en op een hoog taalniveau. Dit begrijpt niet iedereen. Juist in Ooststellingwerf kennen we veel laaggeletterden en laagopgeleiden wat extra aandacht vraagt. Het ministerie van Binnenlandse zaken stimuleert overheden om te communiceren op taalniveau B1. Dat is het niveau dat de meeste mensen begrijpen, maar niet kinderachtig is. Wij hebben ons aangesloten bij de ‘direct duidelijk brigade’ van het ministerie. Om dit goed te kunnen doen moeten we onze medewerkers hierin trainen. We stellen voor hiervoor € 55.000 in totaal beschikbaar te stellen (€ 35.000 in 2024 en € 20.000 in 2025). 8. Opgroeien in een kansrijke omgeving (OKO) Om de doelen die we stellen vanuit het alcohol en middelenbeleid te bereiken is een brede integrale aanpak nodig. Een methodische aanpak waarin wordt gewerkt vanuit bewezen effectieve interventies. De OKO aanpak biedt hiervoor een goed en onderbouwd kader. Een gerichte en integrale aanpak. Het formele en informele netwerk om de jongeren heen wordt krachtig ingezet en creëert een kansrijke omgeving voor de jongere. Vasthoudendheid en een lange adem zijn nodig om veranderingen met impact te bewerkstelligen. De gemeenteraad heeft op 18 april 2023 besloten hiervoor middelen beschikbaar te stellen vanuit de algemene reserve.

Daarnaast is bij amendement besloten om uit de algemene reserve een bedrag te onttrekken van € 1,1 miljoen ten behoeve van de nieuw te vormen bestemmingsreserve OKO. 9. OWO: digitalisering archief Er is een achterstand in het verwerken en digitaliseren van het papieren archief. Hiervoor is in 2023 € 300.000 gereserveerd. Om het project af te ronden is in 2024 een bedrag van € 250.000 nodig en in 2025 een bedrag van € 200.000. De bedragen worden ingezet om tijdelijk met een bezetting boven de formatie te kunnen werken. Voor onze gemeente betekent dit € 83.000 in 2024 en € 67.000 in 2025. Overige ontwikkelingen nieuw beleid • Buurthuiskamer Haerenkwartier. Voor de buurthuiskamer in het Haerenkwartier is dekking tot oktober 2024. We willen dit project graag voortzetten. We komen bij de begroting 2024 met een voorstel hierover. • Bruisplek. In 2021 is in het voorstel ‘Samen verder’ bij de begroting 2022 een bedrag van € 35.000 beschikbaar gesteld voor de realisatie van een bruisplek. Dit is een fysieke plek in Ooststellingwerf, waar culturele activiteiten, expositieruimten, ateliers, workshops en educatieprogramma’s (voor alle doelgroepen) in samenkomen. Er heeft een uitgebreide oriëntatie plaatsgevonden met gesprekken met diverse partijen. Hieruit is onder andere naar voren gekomen dat er behoefte is aan een fysieke plek.

Daarbij dient een formele organisatie te worden opgericht en een professionele uitvoering worden gerealiseerd. Deze uitgangspunten zorgen wel dat het beschikbare bedrag niet voldoende zal zijn om dit te realiseren. Op basis van een plan van aanpak leggen we bij de begroting 2024 een vervolg aan u voor. • Stichting Nobilis, doorontwikkeling naar museum. In 2022 heeft stichting Nobilis aandacht gevraagd voor haar positie als museale instelling in de gemeente Ooststellingwerf. Zij heeft vooral aandacht gevraagd voor een aantal knelpunten op het gebied van energie / duurzaamheid, locatie / ruimte en personeel. Aan de gemeente is gevraagd welke uitgangspunten of criteria van belang zouden zijn voor de gemeente om verder gaande financiële ondersteuning voor het werk van stichting Nobilis te overwegen (Nobilis ontvangt nu jaarlijkse een structurele gemeentelijke subsidiëring van € 1.000), om zo de knelpunten op te lossen. Hierover worden momenteel gesprekken gevoerd. • Initiatievenloket. Het is voor inwoners moeilijk om initiatieven te ontplooien en vrijwilligers overwegen af te haken door complexiteit van regelgeving en aanvraagprocedures, gebrek aan overzicht waar je als initiatief allemaal aan moet 7

voldoen, welke (subsidie)mogelijkheden er zijn en wie je moet hebben binnen de gemeentelijke organisatie. Er is vraag naar een aanspreekpunt en een proactieve houding van de gemeente om het gehele proces met hen te overzien en gezamenlijk tot een goed einde te brengen. Ook in het collegeakkoord staan twee onderdelen die gaan over het beter faciliteren van maatschappelijke initiatieven door de gemeentelijke organisatie. We komen later met een voorstel hierover bij u terug.

4. Risico’s en ontwikkelingen Er komen diverse risico’s en onzekerheden op ons af. Ze zijn niet in het begrotingsperspectief verwerkt maar hebben als ze werkelijkheid worden onvermijdelijk financiële gevolgen. a. Prijsstijgingen Zoals eerder aangegeven hebben de prijsstijgingen ook invloed op onze gemeente. Het uitgangspunt is dat we niet automatisch alle ramingen indexeren, maar dat we waar nodig bijramen bij de begroting. Op die manier creëren we geen lucht in de begroting. We houden vast aan dit uitgangspunt. Waar nodig en waar het mogelijk was om in te schatten hebben we bij de onvermijdelijke budgettaire gevolgen een inschatting gemaakt van de benodigde hogere budgetten. b. Structureel extra rijksmiddelen jeugdhulp Halverwege 2021 heeft de arbitragecommissie (commissie van wijzen) uitspraak gedaan in het geschil tussen de gemeenten en het Rijk over de jeugdzorg. De uitspraak is duidelijk: het Rijk moet gemeenten compenseren voor het feitelijke tekort voor de jeugdzorg. Ook is er tegelijkertijd een hervormingsagenda gepresenteerd die moet leiden tot besparingen om te komen tot een beheersbaar stelsel. Over een aantal maatregelen uit de hervormingsagenda is al overeenstemming tussen gemeenten en Rijk. Vanaf 2022 heeft het Rijk extra middelen beschikbaar gesteld voor de jeugdzorg. Echter dit is telkens voor één jaar.

Er zijn tot op dit moment nog geen structurele middelen toegevoegd aan het gemeentefonds. Op het aangeven van de toezichthouder (provincie Fryslân) hebben we deze middelen wel voor de volle 100% als een structurele bate opgenomen. In april 2023 is bekend geworden dat het rijk en de gemeenten het eens zijn geworden over een passend financieel kader van de hervormingsagenda. Dit betekent dat de korting op de jeugdmiddelen voor 2024 en 2025 incidenteel lager worden. c. Stikstof In 2019 heeft de Raad van State de tot dat moment gebruikelijke manier van vergunningverlening een halt toegeroepen (het PAS). Om de problemen met stikstof en vergunningverlening aan te pakken is er een nieuwe Stikstofwet aangenomen. In deze wet is geregeld dat 50% van de Natura 2000-gebieden in 2030 op orde moeten zijn en 74% van de stikstofgevoelige natuur gezond moet zijn in 2035. Het kabinet wil dit versnellen naar 2030. Met het Nationaal Programma Landelijk Gebied wil het Rijk de Europese natuur-, water- en klimaatdoelen bereiken in het landelijk gebied. De provincie schrijft hiervoor een Fries Programma Landelijk Gebied (FPLG). Wethouder van Weperen zit namens de Friese gemeenten in de stuurgroep FPLG, ambtelijk schrijven we mee met het programma. De uitvoering van dit programma start in 2024, met per regio gebiedscommissies waarin ook gemeenten vertegenwoordigd zijn.

Om de belangen van Ooststellingwerf te behartigen investeren we nu al in ambtelijke inzet, kennis en kunde. Voor de uitvoering van het programma komt budget vanuit het Rijk beschikbaar, het is nog niet duidelijk of hiermee in de toekomst de ambtelijke inzet ook betaald kan worden.

8

d. Omgevingswet De Eerste Kamer heeft ingestemd met de Omgevingswet: deze gaat definitief in op 1 januari 2024. Wij werken met een programma Omgevingswet. De overall ambitie van dit programma is om er voor te zorgen dat de organisatie op de ingangsdatum van de Omgevingswet klaar is om met de Omgevingswet te kunnen werken en we minimaal kunnen voldoen aan de gestelde wettelijke verplichtingen. De Omgevingswet verplicht gemeenten onder andere om een omgevingsvisie en een gemeentedekkend omgevingsplan op te stellen. De omgevingsvisie Ooststellingwerf is in november 2021 door de gemeenteraad vastgesteld. In de pilot omgevingsplan Appelscha hebben we al veel ervaring opgedaan met het opstellen van een omgevingsplan en zijn bepaalde beleidskeuzes gemaakt. Het opstellen van een gemeentedekkend omgevingsplan zal nog veel extra inzet vragen. We hebben baat bij eenduidige plannen zodat minder lang gewerkt moet worden met versnipperde regelgeving. Voor het opstellen van het gemeentedekkend omgevingsplan wordt een plan van aanpak met kostenraming opgesteld. Voor de komende jaren verwachten we frictiekosten doordat de aanloop en overgangsfase gepaard gaat met extra kosten om alles in te richten, burgers en ondernemingen te informeren en te begeleiden, medewerkers op te leiden en ruimte te geven te wennen.

Daarnaast is de verwachting dat er nog een hausse aan aanvragen en initiatieven binnenkomen zodat er nog een afwikkeling conform het oude recht zal moeten plaatsvinden. Dit betekent dat er in 2023 nog veel vergund gaat worden waarvoor de werkzaamheden, met name op gebied van toezicht in 2024 zal gaan plaats vinden. De inkomsten zijn al geboekt maar de uitgaven (lees personele inzet) moet nog gebeuren. We zien op landelijk niveau, via de VNG, dat er wordt gepleit voor een kostenneutrale inwerkingtreding van de Omgevingswet. Vooralsnog kunnen de extra kosten gedekt worden uit de reeds beschikbaar gestelde budgetten. Gelijktijdig met de Omgevingswet gaat de Wet KwaliteitsBorging voor het bouwen in, met gevolgen voor de legesopbrengsten. e. Verduurzaming (sport) accommodaties Er is een sectorale routekaart vastgesteld om invulling te geven aan het landelijke beleid en de wet- en regelgeving rondom de verduurzaming van maatschappelijk vastgoed. In de kern gaat het om 49% CO²-reductie in 2030 en 95% CO2-reductie in 2050 ten opzichte van 1990 en om los van het gas te zijn. In de themaraad van 8 februari 2022 is dit besproken. Het accommodatiebeleid is als B-onderwerp onder punt 3 in de Samenwerkingsagenda 20222026 opgenomen.

Bij de behandeling en vaststelling van de Programmabegroting 2023-2026 door de raad op 8 november 2022 is via amendement A-019 (= Gas erop van het aardgas af voor slim en toekomstgericht accommodatiebeleid) vanaf 2024 budget beschikbaar gesteld om hier invulling aan te geven; in 2023 kunnen al de 1e investeringen worden gepleegd. In de themaraad van 13 december 2022 is de raad er nogmaals over geïnformeerd. Door ziekte van de extern senior adviseur begin 2023 is het traject vertraagd; de raad is hierover geïnformeerd via een mededeling. Het traject is ondertussen weer opgestart, op 4 juli 2023 is een bijeenkomst met de raad gepland.

5. Begrotingsuitgangspunten Voor de begroting 2024 gaan wij uit van de volgende uitgangspunten: • Lonen + 5% (incl. pensioenpremie) • Prijzen + 3,1% • OZB + 3,1% • Forensenbelasting + 3,1% • Leges + 3,1% • Afvalstoffenheffing 100% kostendekking • Rioolrechten 100% kostendekking • Toeristenbelasting € 1,65 en € 1,20 per persoon per nacht

9

Bovenstaande begrotingsuitgangspunten zijn gebaseerd op bestaand beleid. Waar nodig is hieronder een toelichting gegeven op deze uitgangspunten. Lonen en prijzen De loon- en prijsontwikkeling is gebaseerd op gepubliceerde cijfers uit het Centraal Economisch Plan (CEP). De loonindex is gebaseerd op de gewogen cao-loon bedrijven en overheidindex. De prijsindex is gebaseerd op de nationale prijsindex. De budgetten ramen wij reëel in relatie tot de doelstelling en/of het beoogd effect. Automatische prijscompensatie voor uitbestede werkzaamheden en leveranties passen wij niet toe. De subsidies en bijdragen worden wel verhoogd. Voor het eerstvolgende begrotingsjaar (2024) gaan wij uit van lopende prijzen en daarna (2025 tot en met 2027) van constante prijzen. Onroerendezaakbelasting (OZB) Jaarlijks wordt de opbrengst OZB geïndexeerd. Bij een algehele waardedaling of waardestijging van de onroerende zaken, verhogen of verlagen wij het tarief van OZB, om de begrote opbrengst te realiseren. Forensenbelasting Bij de behandeling van de Programmabegroting 2020-2023 heeft u besloten om de opbrengsten van de forensenbelasting te verhogen met € 15.000 in 2020 tot € 60.000 in 2023. Voor 2024 stellen we voor de opbrengst te indexeren. Rioolrechten Elke vijf jaar stelt de gemeenteraad het Gemeentelijk Rioleringsplan (GRP) vast.

In het bijbehorende kostendekkingsplan staat hoe de heffing zich ontwikkelt in deze periode. Aan het einde van elk jaar stelt de gemeenteraad de tarieven van de heffing voor het volgende jaar definitief vast. Dit gebeurt op basis van kostendekking. Het tarief dekt daarmee alle kosten die met watertaken gepaard gaan. Afvalstoffenheffing Het uitgangpunt is hier ook 100% kostendekkendheid. In de praktijk is deze kostendekkendheid er vanuit de vastgestelde tarieven (nog) niet. Jaarlijkse tekorten worden nu gedekt vanuit de reserve lastenverlichting. De gemeenteraad heeft in het verleden besloten dat we toe moeten groeien naar een kostendekkendheid van 100%. Dit betekent dat tarieven die op afvalinzameling betrekking hebben, stapsgewijs worden verhoogd tot een volledige kostendekkendheid vanaf 2025. Toeristenbelasting In de raadsvergadering van 30 maart 2021 is besloten om een tariefdifferentiatie toe te passen op de toeristenbelasting. Dit betekent dat er een tarief is voor overnachtingen in kampeermiddelen op kampeerterreinen en in kampeerboerderijen en een tarief voor andere verblijfsaccommodaties. We stellen voor de tarieven, voor de periode 2024-2026, vast te stellen op € 1,65 en €1,20 persoon per nacht. Hiermee sluiten we aan bij het advies van het Recreatieschap Drenthe.

10

Raadsvoorstel Commissievergadering Titel Onderwerp Portefeuillehouder/Teamleider Extern zaak ID (zaakcode)

: : : : :

P&C Indeling programmabegroting 2024 en verder Jan van Weperen / Froukje de Wit

Datum collegevergadering 16 mei 2023

Voorgesteld besluit 1. Met ingang van de programmabegroting 2024 de volgende indeling te hanteren voor de programma’s: a. Programma 0: Bestuur en ondersteuning b. Programma 1: Veiligheid c. Programma 2: Verkeer en vervoer d. Programma 3: Economie e. Programma 4: Onderwijs f. Programma 5: Sport, cultuur en recreatie g. Programma 6: Sociaal Domein h. Programma 7: Volksgezondheid en milieu i. Programma 8: Bouwen wonen en gronden 2. Met ingang van de programmabegroting 2024 de volgende indeling te hanteren voor de paragrafen: a. Paragraaf 1: Lokale heffingen b. Paragraaf 2: Weerstandsvermogen en risicobeheersing c. Paragraaf 3: Onderhoud kapitaalgoederen d. Paragraaf 4: Financiering e. Paragraaf 5: Bedrijfsvoering f. Paragraaf 6: Verbonden partijen g. Paragraaf 7: Grondbeleid h. Paragraaf 8: OWO-samenwerking i. Paragraaf 9: Projecten

Openbaar Ja, passief via openbaar verslag

Inleiding Na het vaststellen van de visie op Samenleven zijn programma 1 en 2 in de begroting grotendeels samengevoegd. Dit gaf aanleiding om de huidige opzet en invulling van de P&C cyclus, inclusief de huidige programma indeling, te vernieuwen. In 2021 is een klankbord groep (vanuit de raad) hier een aantal keer voor bijeen geweest. Ook is in 2022 een themabijeenkomst geweest over dit onderwerp. De conclusie was dat er een wens is om te komen tot een goed leesbare, begrijpelijke en meer beknopte begroting. En ook de wens voor een nieuwe programma indeling en een dashboard om beter te kunnen sturen. In het kort komt het erop neer om een kwaliteitsimpuls te geven aan de P&C documenten. Er is in de themabijeenkomst aangegeven dat een nieuwe programma indeling aan de nieuwe raad is. Door de verkiezingen en de wijzigingen daardoor in de raad en college is de programmabegroting 2023 nog volgens de oude indeling opgesteld. Rol auditcommissie De commissie P&C en de auditcommissie hebben trainingen gehad over de gemeentefinanciën. Hieruit is een nieuwe verordening op de auditcommissie gekomen met een bredere rol voor de auditcommissie. Deze nieuwe verordening moet nog door de raad worden vastgesteld. De opzet en indeling van de P&C producten waaronder de programmabegroting kan binnen deze nieuwe verordening in de auditcommissie worden besproken.

Tijdens de vergadering van 3 april 2023 heeft de auditcommissie aangegeven dat men de programmabegroting 2024 wenst op te stellen op basis van een nieuwe indeling. Naar aanleiding van een memo over de mogelijkheden is hier vanuit de auditcommissie op 25 april 2023 een voorkeursscenario gekozen.

Argumenten 1.1 Er zijn drie mogelijkheden om (op korte termijn) te komen tot een nieuwe programma indeling voor de programmabegroting 2024: • Huidige programma indeling: Dit houdt in dat de indeling van de programmabegroting blijft zoals hij is. Er zijn dan zes programma’s. Het voordeel is dat er niets wijzigt, er vergelijkbaarheid is en dat de gehele raadsperiode dezelfde indeling gehanteerd wordt. Een nadeel is dat de verhouding tussen de programma’s in deze indeling niet optimaal is. • BBV indeling: Dit houdt in dat de indeling van de programmabegroting wordt aangepast aan de indeling die standaard is volgens het BBV. Er komen dan 9 programma’s. Qua werkbaarheid stellen wij dan voor om de salarislasten in 1 programma te blijven presenteren (zoals nu in programma 6). Het voordeel van deze indeling is dat meer gemeenten met deze indeling werken. Daarnaast staat de financiële structuur al in het financiële systeem. Het nadeel is dat de eigenheid van de gemeente niet in de programma’s terugkomt, er is geen vergelijkbaarheid met voorgaande jaren en vraagt het wat capaciteit om de teksten goed onder de verschillende programma’s te verdelen. • Eerder gehanteerde indeling: Een andere mogelijkheid is een indeling die eerder ambtelijk in de organisatie is gehanteerd als indeling en ook als basis is gebruikt voor o.a. de indeling van het collegeakkoord.

Bestuur en dienstverlening, Fysiek Domein, Sociaal Domein en Economie met diverse thema’s. Het voordeel is dat hierin de eigenheid van de gemeente naar voren komt, speerpunten zijn vertaald in de programma’s en dat tekstueel de huidige begroting vrij goed aan te sluiten is bij deze indeling. Een nadeel is dat er geen vergelijkbaarheid is met voorgaande jaren en dat tekstueel en financieel alles omgezet moet worden. 1.2 De auditcommissie heeft de voorkeur uitgesproken voor de BBV indeling In de vergadering van de auditcommissie werd voorkeur uitgesproken voor de boekhoudkundige BBV indeling.

2.1 Alleen de paragraaf 9 projecten is nieuw Door de nieuw voorgestelde programma indeling is programma 4: strategische projecten niet meer aanwezig. We stellen voor om de projecten in een paragraaf te presenteren.

Kanttekeningen 1.1 Ambtelijk is het advies gegeven om een nieuwe programma indeling volgend te laten zijn op een breder proces Er zijn grofweg twee manieren om te komen tot een nieuwe indeling van de programmabegroting. De eerste is te starten met de inhoud: het verbeteren van kwaliteit van de documenten, teksten, dasboard etc. waaruit een nieuwe programma indeling volgt. Een andere manier is het starten met een nieuwe programma indeling en van daaruit alsnog een proces te lopen om de kwaliteit van de producten (inhoud) te verbeteren. Ambtelijk is de voorkeur het proces in 1 keer goed te lopen en daarmee de indeling van de programmabegroting volgend te laten zijn. Vanuit de auditcommissie is de wens geuit om de begroting 2024 al volgens een nieuwe indeling op te stellen.

Financiële toelichting De verwachting is dat we de aanpassingen in de programmabegroting binnen de beschikbare capaciteit kunnen uitvoeren. Eventuele piekwerkzaamheden dekken we uit het incidentele budget voor concerncontrol.

Publicatie voor bekendmaking De raad heeft een nieuwe indeling voor de programmabegroting vastgesteld. De programmabegroting 2024 wordt voor het eerst op deze manier opgesteld.

Vervolg Waar mogelijk wordt de uitwerking zoveel mogelijk voorgelegd aan de raad. Bepaalde vragen hierover komen pas boven water als de indeling daadwerkelijk wordt aangepast. Als besluitvorming hierover nodig is van de raad wordt dit bij de begrotingsbehandeling voorgelegd.

Burgemeester en wethouders van Ooststellingwerf, , secretaris

Bijlagen 1.

Mogelijke indelingen

, burgemeester.

Extern zaak ID (zaakcode) : De raad van de gemeente Ooststellingwerf; nr. gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders van 16 mei 2023;

Besluit 1. Met ingang van de programmabegroting 2024 de volgende indeling te hanteren voor de programma’s: a. Programma 0: Bestuur en ondersteuning b. Programma 1: Veiligheid c. Programma 2: Verkeer en vervoer d. Programma 3: Economie e. Programma 4: Onderwijs f. Programma 5: Sport, cultuur en recreatie g. Programma 6: Sociaal Domein h. Programma 7: Volksgezondheid en milieu i. Programma 8: Bouwen wonen en gronden 2. Met ingang van de programmabegroting 2024 de volgende indeling te hanteren voor de paragrafen: a. Paragraaf 1: Lokale heffingen b. Paragraaf 2: Weerstandsvermogen en risicobeheersing c. Paragraaf 3: Onderhoud kapitaalgoederen d. Paragraaf 4: Financiering e. Paragraaf 5: Bedrijfsvoering f. Paragraaf 6: Verbonden partijen g. Paragraaf 7: Grondbeleid h. Paragraaf 8: OWO-samenwerking i. Paragraaf 9: Projecten

Besloten in de openbare vergadering van 27 juni 2023. , griffier.

, voorzitter.

Bijlage 1. Mogelijke programma indelingen

Huidige programma indeling Programma 1: Sociaal Domein - Thema Meedoen - Thema Samenleven - Thema Gezondheid - Thema Goed opgroeien Programma 2: Onderwijshuisvesting Programma 3: Ruimtelijke en economische ontwikkelingen - 3.1 Thema Economische ontwikkelingen - 3.2 Thema Openbare ruimte - 3.3 Thema Duurzaamheid - 3.4 Thema Bouwen en wonen Programma 4: Strategische projecten en ontwikkelingen Programma 5: Openbare orde en veiligheid - 5.1 Thema Openbare orde en veiligheid - 5.2 Thema Handhaving Programma 6: Bestuur en dienstverlening - 6.1 Thema Bestuur - 6.2 Thema Dienstverlening - 6.3 Thema Financiën

BBV indeling • Programma 0: Bestuur en ondersteuning • Programma 1: Veiligheid • Programma 2: Verkeer en vervoer • Programma 3: Economie • Programma 4: Onderwijs • Programma 5: Sport, cultuur en recreatie • Programma 6: Sociaal Domein • Programma 7: Volksgezondheid en milieu • Programma 8: Bouwen wonen en gronden

Eerder gehanteerde indeling Programma 1: Bestuur en dienstverlening (Ooststellingwerf, waar dingen goed geregeld zijn) - Thema Bestuur - Thema Financieel beleid - Thema Dienstverlening Programma 2: Fysiek Domein (Ooststellingwerf, duurzaam en een fijne plek om te leven en wonen) - Thema Duurzaamheid - Thema Stikstof - Thema Wonen - Thema Mobiliteit en bereikbaarheid Programma 3: Sociaal Domein (Ooststellingwerf, een gemeenschap waar je je thuis, gezond en veilig voelt)

-

Thema Meedoen Thema Samenleven Thema Gezondheid Thema Goed opgroeien Thema Openbare orde en veiligheid

Programma 4: Economie (Ooststellingwerf, onderdeel van een vitale economie) - Thema economie en werkgelegenheid - Thema recreatie en toerisme

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Ooststellingwerf&id=5453ed53-30e6-479e-bb5e-062409a0e86d