CConstaterende datOosterhout
Koppel je AI →
Document · PDF

Sjabloonvragen VVD - 2e concernrapportage v2

Raadsvergadering 23 november 2021, gemeente OosterhoutBij agendapunt: Bespreekstuk: ZN312615 2e concernrapportage 2021 en het Meerjarenperspectief Grondexploitatie 2021 (MPG)1.012 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Raadsvergadering d.d.

23 november 2021

Raadsnota nummer

ZN315584

Onderwerp: 2e concernrapportage 2021

Vragen van fractie:

Naam raadslid: Mirjam de Wit-van Loon

In het boekwerk 2e corap 2021 wordt op pagina 6 4e bullit gesproken over een prognose van de kosten van jeugdzorg. Wij zouden meer graag inzicht krijgen in het tot stand komen van deze prognose, de inhoud ervan en het vervolgproces na het verschijnen van deze prognose. 1a. Hoe vaak per jaar verschijnt de prognose van de kosten van jeugdzorg? Antwoord: Vier keer per jaar wordt er een kwartaalrapportage opgesteld met daarin ook een prognose van de kosten voor het hele jaar. 1b. Zijn afspraken gemaakt met Breda over het tijdig verschijnen van de prognose voor onze P&C-cyclus zodat we geen PM post zien in de 1e corap 2022? Antwoord: In de Dienstverleningsovereenkomst (Dvo) zijn afspraken gemaakt over de oplevering van de kwartaalrapportages door Team WBO. Deze dienen anderhalve maand na het betreffende kwartaal opgeleverd te worden. De reden hiervoor is dat voor het maken van de prognoses o.a. gebruik wordt gemaakt van de werkelijke kosten en de uitnuttingspercentages in het betreffende kwartaal/jaar. Hierbij dient rekening te worden gehouden dat declaraties tot een maand na de levering van zorg ingediend kunnen worden. Dit betekent dat we pas op 1 mei een goed beeld hebben van de werkelijke kosten en de uitnuttingspercentages van het eerste kwartaal. Vanaf 1 mei kan er dus pas gestart worden met het maken van de Q1 rapportage.

Conform afspraak heeft Team WBO tot medio mei om dan de Q1 rapportage op te stellen. Deze wordt medio mei dan ook besproken in het financial overleg (WBO) om te controleren of het ook cijfermatig juist is opgesteld. Dit is tevens het moment dat we lokaal een analyse kunnen gaan maken. We leggen onze eigen monitor naast de rapportage en kijken welke trends en ontwikkelingen we daarin zien en of die corresponderen met de prognoses van Team WBO. Dit betekent dat we pas eind mei reële prognoses hebben die wij met uw raad kunnen delen. Dit is te laat voor de aanlevering voor de 1ste Corap. 2a. Worden resultaten van de regiogemeenten met elkaar gedeeld om van te leren? Antwoord: WBO maakt ieder kwartaal een rapportage voor heel WBO, met een specificatie per deelnemende gemeente. Deze rapportage wordt samen besproken in het financial overleg en in het regionaal beleidsoverleg. Daarin wordt bekeken welke trends we zien en of het gaat om lokale ontwikkelingen of regionale ontwikkelingen waar we samen op kunnen sturen. 2b. Zo ja: Wat zijn de geleerde lessen van de afgelopen prognose? Antwoord:

We zien regio breed in 2021 een stijging in de productcategorie ambulante behandeling van psychische en psychiatrische problematiek. Om deze stijging beter te kunnen verklaren heeft er, op verzoek van de deelnemende gemeenten, door Team WBO een data-analyse plaatsgevonden en zijn er gesprekken gevoerd met aanbieders. Hieruit blijkt o.a. dat er sprake is van een stijging over de gehele productcategorie, maar waarbij specialistische GGZ in het bijzonder een forse stijging laat zien. Daarnaast valt ook de stijging van het aantal relatief jonge kinderen (12-) in het bijzonder op. Vanwege een opnamestop vanuit GGZ-Breburg eind vorig jaar is vanuit GGZ-Breburg en team WBO contact opgenomen met jeugdhulpaanbieders van specialistische GGZ om de continuïteit van jeugdhulp te kunnen blijven waarborgen. Desondanks zien we dat de wachtlijsten voor SGGZ snel oplopen. Gemiddelde wachttijd is tussen 6 en 9 maanden. 2c. Zo nee: Wat is daar de reden van? Antwoord: NVT 3 Kunt u de prognose op hoofdlijnen (prognose vs realisatie op hoofdproducten) met de gemeenteraad delen? Zo ja, graag. Zo nee, wat is daar de reden van? Antwoord: Uiteraard delen wij deze graag met u. Het lijkt ons zinvol om daarvoor de Q3 2021 rapportage te gebruiken. Deze is eind november gereed. We zouden deze eventueel ook kunnen presenteren tijdens de klankbordgroep Sociaal Domein.

Hierbij zouden we dan ook wat dieper in kunnen gaan op onderstaande vragen. 4a. Wat is de gemiddelde uitnuttingswaarde van de diverse hoofdproducten en hoe heeft deze zich de afgelopen jaren ontwikkeld? Antwoord: Ambulante zorg:

Jeugdveiligheid (JB/JR, JeugdzorgPlus, Crisiszorg):

Verblijfszorg (incl. Pleegzorg en Gezinshuizen):

LTA-zorg (Landelijk functies):

4b. Wordt gestuurd op het zo reëel mogelijk kunnen prognosticeren van de uitnuttingswaarden en zo ja op welke wijze? Antwoord: We zijn dit jaar gestart met het prognosticeren op basis van uitnuttingswaarden. We zijn hier dus vooral nog mee aan het leren. Op dit moment kijken we naar de uitnuttingswaarden in het huidige jaar en zetten we deze af tegen de ontwikkeling van de uitnuttingswaarden in de afgelopen 2 jaar. Op basis daarvan doen we een voorspelling van de uitnuttingspercentages voor de rest van het lopende jaar. 5a. Op welk type jeugdzorg wijken prognose en realisatie het meeste af? Antwoord: Hier is geen eenduidig antwoord op te geven. Dit verschilt namelijk al als we kijken naar de absolute afwijking of de procentuele afwijking. Daarnaast stellen we de prognoses door het jaar heen steeds bij en worden de prognoses richting het einde van het jaar dus steeds realistischer. Als we echter kijken naar het verschil tussen de Q1 rapportage en de Q2 rapportage 2021 dan zien we bijvoorbeeld een grote stijging bij JeugdzorgPlus (prognose Q1 = € 185.000 en prognose Q2 = € 500.000). Dit komt doordat we in Q1 2021 (net als in heel 2020) maar 1 jongere in JeugdzorgPlus hadden, terwijl er in Q2 opeens 4 cliënten bij gekomen zijn. JeugdzorgPlus zijn over het algemeen kostbare trajecten, waardoor een stijging of daling in het aantal cliënten grote financiële consequenties heeft. 5b.

Wat is daarvoor de verklaring? Antwoord: Over het algemeen kun je stellen dat verschillen tussen prognoses en realisaties verklaard kunnen worden door meerdere factoren. Dit kan enerzijds komen door een (plotselinge) stijging of daling

van het aantal jongeren in Jeugdzorg (en/of) het aantal trajecten dat zij afnemen en anderzijds een (plotselinge) stijging of daling in het uitnuttingspercentage van de beschikte zorg. Daarnaast zijn trends en ontwikkelingen plotseling en lastig te voorspellen. Een recentelijk en sprekend voorbeeld is hiervoor de impact van de Corona pandemie.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Oosterhout&id=599c400f-969d-4c87-8f1f-25117e80d5c9