CConstaterende datOosterhout
Koppel je AI →
Document · PDF

Schriftelijke Vragen GroenLinks-D66-GB-LZP-CDA-VVD - GIA

Raadsvergadering 25 januari 2022, gemeente OosterhoutBij agendapunt: ZN314887 Regionaal beleidskader Geweld in Afhankelijkheidsrelaties en Meldpunt Crisiszorg 2022-20254.533 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Raadsvergadering d.d. 25-01-2022 Raadsnota nummer: ZN314887 Onderwerp: Regionaal beleidskader Geweld in Afhankelijkheidsrelaties en Meldpunt Crisiszorg 2022-2025 Vragen van fractie: GROENLINKS 1.

Naam raadslid: Martijn Louwerens

Hoe verhouden de doelen en ambities die in de nota vermeld staan zich met de problemen die zich op dit moment voordoen bij Veilig Thuis?

Antwoord: Om de doelen uit dit beleidskader te bereiken is het nodig dat we de basis op orde hebben en houden van de regionaal gefinancierde activiteiten. Dat betekent dat we onze opdrachten aan uitvoerende organisaties als Veilig Thuis West-Brabant helder omschrijven en dat we volgen hoe activiteiten uitgevoerd worden. Zoals bekend, is er op dit moment een achterstand in de werkvoorraden bij Veilig Thuis West-Brabant. Er zijn inmiddels korte en lange termijnacties in gang gezet om de werkvoorraad terug te brengen tot een verantwoord niveau. U bent hierover geïnformeerd per raadsbrief op 7 december 2021. 2.

Elke gemeente die gaat deelnemen aan deze GR heeft een zelfscan GIA gedaan. Kunt u deze zelfscan toevoegen?

Antwoord: In Oosterhout is de zelfscan gemaakt in een gezamenlijke sessie onder leiding van de regionaal projectleider Geweld Hoort Nergens Thuis. Gemeente Oosterhout (beleid, teamleider, kwaliteitsmedewerker en aandachtfunctionaris huiselijk geweld en kindermishandeling) en maatschappelijk werk (teamleider en maatschappelijk werker) hebben input geleverd voor de zelfscan. Het resultaat van de zelfscan en de onderliggende kwaliteitsstandaarden worden meegestuurd net de beantwoording van deze vragen. We willen u wel graag een toelichting geven op de resultaten van de zelfscan. De zelfscan toont dat er voldaan wordt aan de kwaliteitsstandaarden rondom de inrichting van de lokale teams, zicht houden op veiligheid na overdracht van Veilig Thuis, regievoering en samenwerkingsafspraken met Veilig Thuis. Lokale verbeterpunten liggen in het implementeren en borgen van de visie gefaseerde ketenzorg, het werken met een uniform signaleringsinstrument, traumasensitief werken en deskundigheidsbevordering van de professionals. Oosterhout is hierin niet uniek, deze verbeterpunten komen overeen met het regiobeeld (op basis van de zelfscans van gemeenten in West-Brabant). De resultaten verwerken we nog in een lokaal verbeterplan. Het regionaal beleidskader biedt hiervoor handvatten, waaronder de visie op gefaseerde ketenzorg en samenwerken op basis van gedragsregels en samenwerkingsafspraken.

Ook is op basis van de gezamenlijke verbeterpunten t.a.v. kwaliteitsstandaarden 1, 6 en 7, een regionaal verbeterplan opgesteld aangezien deze verbeterpunten binnen de hele regio spelen en belangrijk zijn in de inrichting en aanpak van de lokale teams. Dit regionaal verbeterplan leidt tot deskundigheidsbevordering voor zowel beleidsmedewerkers als professionals van lokale teams en Veilig Thuis West-Brabant. Binnen het sociaal team onderzoeken we de mogelijkheden voor het gebruiken van een uniform signaleringsinstrument. Dit zou moeten leiden tot een verbetering in kwaliteitsstandaard 3. Binnen kwaliteitsstandaard 9 zien we dat het beschikbare behandelaanbod zich vooral richt op risico gestuurde zorg en minder op herstel gerichte zorg. We onderzoeken hoe we dit kunnen inrichten. De zelfscan zal voor alle gemeenten in West-Brabant in het voorjaar van 2023 worden herhaald zodat een vinger aan de pols wordt gehouden om te blijven leren en verbeteren. Uitgangspunt is in ieder geval dat structureel ingezet wordt op deskundigheidsbevordering.

3.

Hoe wordt het Meldpunt Crisiszorg onder de aandacht van de inwoners gebracht?

Antwoord: Bij de start van het meldpunt is gebruik gemaakt van persberichten en social media berichten in de verschillende gemeenten. Daarnaast hebben professionals hierin een belangrijke rol. Komende periode wordt ingestoken op het vergroten van de bekendheid middels zowel lokale als regionale communicatie uitingen. 4.

Kan hier ook ouderenmishandeling gemeld worden?

Antwoord: Ja, ouderenmishandeling is een vorm van geweld in afhankelijkheidsrelaties. Expertise is in de regio belegd bij Veilig Thuis West-Brabant. Het Meldpunt Crisiszorg zal deze meldingen dan ook doorspelen naar Veilig Thuis West-Brabant. Er kan uiteraard ook direct contact opgenomen worden met Veilig Thuis West-Brabant voor meldingen van ouderenmishandeling. 5.

Werkt de gemeente ook samen met www.meld.nl ?

Antwoord: Nee, dit is een betaalde website. Voor inwoners willen we laagdrempelig zijn. Voor vragen kunnen inwoners terecht bij het Meldpunt Crisiszorg of bij de gemeente.

Raadsvergadering d.d. 25-01-2022 Raadsnota nummer: ZN314887 Onderwerp: Regionaal beleidskader Geweld in Afhankelijkheidsrelaties en Meldpunt Crisiszorg 2022-2025 Vragen van fractie:

Naam raadslid: Guus Beenhakker

Eind vorig jaar verscheen dit rapport van oudervereniging Balans Digitaal: https://balansdigitaal.nl/opvoeding/publicatie-rapport-ieder-kind-overal-veilig/. Relatief vaak (100x per 24 uur volgens dit rapport) komen er cases voorbij waarbij er problemen van onveilige situaties buitenshuis, bijvoorbeeld tussen een kind en een professional. Dit is dus niet in de huiselijke sfeer en daardoor belanden deze problemen tussen wal en schip. Een van de oorzaken is dat instanties naar elkaar verwijzen. Dat is begrijpelijk omdat er geen instantie lijkt te zijn voor dit type klachten. We willen graag weten of duidelijk is hoe groot dit probleem in onze regio/gemeente is en hebben daarom de volgende vragen: 1.

Is inzichtelijk hoeveel meldingen over onveiligheid buitenshuis er in onze regio zijn?

Antwoord: Dit inzicht hebben we niet. We maken hierin geen onderscheid, iedere melding die binnenkomt, wordt opgepakt. 2.

Hoe wordt er momenteel in onze gemeente met dit soort meldingen omgegaan?

Antwoord:

De exacte data hebben we niet. Iedere melding die binnenkort, wordt opgepakt. Via het “no wrong door principe” komen onze partners en inwoners via de jongerenwerkers, de wijkmakelaars, procesregisseurs, maatschappelijk werk of bijvoorbeeld toegang sociaal team bij de juiste hulp uit. 3.

Gaat dit nieuwe beleidskader daarin iets veranderen?

Antwoord: Het Meldpunt kan, naast bovengenoemde ingangen, een plek zijn voor dergelijke meldingen. Eén van de speerpunten uit het beleidskader is om de bekendheid van het meldpunt onder inwoners en partners te vergroten. Ontwikkelingen kunnen leiden tot het starten van aanvullende acties en activiteiten.

Raadsvergadering d.d. 25 januari 2022 Raadsnota nummer ZN314887 Onderwerp: Regionaal Beleidskader Geweld in Afhankelijkheidsrelaties en Meldpunt Crisiszorg 2022-2025

Vragen van fractie Naam raadslid: Marie Dujardin-Rombouts 1. In de onderliggende stukken gaat het in 3.2.1. over het versterken van vrouwenopvang. We hebben het in het recente verleden, binnen de raad ook gesproken over het uithuisplaatsing van diegene die huiselijk geweld veroorzaakt. Hierover is niets terug te vinden in de stukken. Hoort het er niet in? Wat is de stand van zaken m.b.t. “de uithuisplaatsing’ van de pleger/pleegster? Antwoord: We gaan ervan uit dat u hier doelt op een tijdelijk huisverbod. Een tijdelijk huisverbod wordt opgelegd voor 10 dagen. De persoon aan wie een tijdelijk huisverbod is opgelegd, is zelf verantwoordelijk voor het vinden van onderdak. Wanneer diegene niet bij diens netwerk terecht kan, is ook opvang van Stichting Maatschappelijke Opvang in Breda beschikbaar. Een tijdelijk huisverbod kan na deze 10 dagen verlengd worden met 18 dagen. Hierover geeft Veilig Thuis West-Brabant advies.

Raadsvergadering d.d. 25 januari 2022 Raadsnota nummer ZN314887 Onderwerp: Regionaal Beleidskader Geweld in Afhankelijkheidsrelaties en Meldpunt Crisiszorg 2022-2025 Vragen van fractie LZP en CDA Naam raadslid: Anton Kamps. 1. Het beleidskader GIA en Meldpunt crisiszorg stelt dat iedere gemeente op basis van een zelfscan een lokaal verbeterplan heeft opgesteld. In de bijlage ‘Lokale vertaalslag …’ is daarvan geen sprake. Heeft Oosterhout een dergelijk verbeterplan opgesteld en kunt u

dat ter informatie geven? Antwoord: Zie het antwoord op vraag 2 van GroenLinks. 2.

Ook stelt het beleidskader dat een lokale ambtelijk opdrachtgever en contactambtenaar onontbeerlijk zijn voor de uitvoering van het beleid. Heeft Oosterhout die figuren?

Antwoord: Ja, deze taken zijn binnen het team sociaal domein beleid belegd. 3.

Het beleidsplan is al vastgesteld (door de colleges). Wat betekent nu nog de vaststelling (wel of niet) door de gemeenteraad?

Antwoord: In de GR is afgesproken dat we als gemeenten het regionaal beleid op het terrein van GIA en het Meldpunt Crisiszorg ontwikkelen en gezamenlijk vaststellen. In het plenair overleg van 11 november 2021 zijn de betrokken portefeuillehouders van de gemeenten akkoord gegaan met voorliggend beleidskader waarna vaststelling in iedere gemeente plaatsvindt. Het is aan iedere gemeente zelf of vaststelling plaatsvindt door college of door de gemeenteraad. In Oosterhout is het college akkoord gegaan met het concept beleidskader en vraagt het college de gemeenteraad het beleidskader vast te stellen. 4.

In de bijlage ‘Lokale vertaalslag …’ is een aantal malen sprake van ‘het sociaal team’ (in onze gemeente). Wat/wie bedoelt u daar precies mee?

Antwoord: Met het sociaal team worden de medewerkers binnen de gemeente Oosterhout bedoeld die verantwoordelijk zijn voor de uitvoering vanuit de Jeugdwet, Participatiewet en de Wmo.

Raadsvergadering d.d. Raadsnota nummer:

25 januari 2022

ZN31887

Onderwerp: Regionaal beleidskader GiA en MC 2022-2025

Vragen van fractie: 1.

Naam raadslid: Jan Peters

De VVD heeft in december 2019 over de wijziging van de GR in een sjabloonvraag geconstateerd dat de GR Veilig Thuis veel nadruk legt op samenwerking, proces en procedure. Belangrijk, maar geen doel op zich. De VVD heeft daarom gevraagd om meer aandacht voor de effectiviteit van de GR Veilig Thuis. Het antwoord van het college luidde: ‘Onderdeel van de gewijzigde GR is het vastleggen van de deelname van gemeente Oosterhout aan het landelijke en regionale programma ‘geweld hoort nergens thuis’. Het programma bevat acties en activiteiten waarmee we de effectiviteit en integraliteit van de aanpak van geweld in afhankelijkheidsrelaties verhogen.’

U schrijft in de raadsnota er tot op heden niet in te zijn geslaagd een fundamenteel verschil te maken in het terugdringen van huiselijk geweld en kindermishandeling. a. Waaruit leidt u dit af? Antwoord: We leiden dit af uit het onderzoek van Verwey-Jonker, waarnaar verwezen wordt in het beleidskader. Daarin is terug te lezen dat huiselijk geweld en kindermishandeling een taai vraagstuk is wat zich moeilijk laat oplossen en het is vooral iets van een lange adem. b. Moet de conclusie zijn dat de effectiviteit niet is verhoogd en GNT (nog) geen succes is gebleken? Antwoord: In hetzelfde onderzoek is ook te lezen dat we steeds beter weten wat wel werkt om huiselijk geweld en kindermishandeling aan te pakken. Daar hebben we een basis voor gelegd met het programma en hier willen we op voortbouwen. In bijlage 3 van het beleidskader vindt u een samenvatting van de acties die de afgelopen jaren zijn uitgevoerd in het kader van GHNT. c. Uw ambitie is het voorkomen, stoppen en blijvend oplossen van huiselijk geweld en kindermishandeling. Acht u deze ambitie na zeven jaar decentralisatie nog reëel? Antwoord: Het aanpakken van huiselijk geweld en kindermishandeling begint bij signaleren en daaropvolgend handelen. Dat gebeurt in de klas, op de sportvereniging, bij de huisarts, eerste lijns professionals etc. Dit zijn lokale aangelegenheden.

De regionale aanpak zorgt voor voorzieningen die nodig zijn om ernstig huiselijk geweld zaken op te pakken. Dit is een goede schaal; hierdoor zijn deze ook dichtbij voor lokale werkers en signaleerders.

2.

In 2015 is de stichting Veilig Thuis West Brabant opgericht en aangehaakt bij SMO Breda. Intussen is er ‘Safegroup’ die SMO Breda, Veilig Thuis West Brabant, en Vrouwenopvang Safegroup omvat. Safegroup verleent hulp in Zuid-Holland Zuid en in West-Brabant. Safegroup kent een raad van bestuur en een Raad van Toezicht. Vanaf september 2019 is het Meldpunt Crisiszorg West-Brabant (MCWB) operationeel. Het meldpunt is een netwerkorganisatie zonder juridische entiteit. Het verband bestaat uit 16 gemeenten en 11 zorgorganisaties. Er is een stuurgroep voor afstemming. In 2020 is het meldpunt geïntegreerd met het meldpunt Zorg & Overlast van de GGD West Brabant. Vanaf mei 2020 kunnen burgers het meldpunt benaderen voor niet acute situaties. Vanaf 1 januari 2020 verzorgt het meldcentrum de hoorfunctie bij een crisismaatregel door een burgemeester ingevolge Wvggz. Sinds medio 2020 worden burgers die naar het Meldpunt Zorgwekkend Gedrag bellen, direct doorverbonden naar het MCWB. a. Is dit een juiste weergave van de organisatorische setting -voor zover (gemeente)bestuurlijk relevant- van de crisiszorg West Brabant?

Antwoord: De organisatorische setting voor wat betreft het Meldpunt is juist weergegeven. Wat betreft Safegroup, SMO en Veilig Thuis West-Brabant is het niet juist weergegeven . Er

zijn drie stichtingen: SMO Breda e.o., Veilig Thuis West-Brabant en Safegroup. Deze drie stichtingen vallen onder eenheid van bestuur en hebben alle drie dezelfde directeurbestuurder en raad van toezicht. Centrumgemeente Breda subsidieert de drie stichtingen afzonderlijk voor regionale taken die de drie stichtingen uitvoeren. b. Is de crisiszorg in West Brabant qua beleid, organisatie en uitvoering zodanig identiek aan andere regio’s dat sprake is van eenheid in presentatie en dienstverlening naar burgers? Antwoord: De crisiszorg is niet in alle regio’s in ons land hetzelfde georganiseerd. Wel is er een landelijk dekkend netwerk van meldpunten, waar het landelijk nummer onder de noemer ‘Meldpunt zorgwekkend gedrag’ naar doorschakelt voor meldingen uit de betreffende regio. c. Jeugdzorg kent een eigen centrumregeling. Het werkgebied is niet congruent met dat van de crisiszorg West Brabant. In hoeverre levert die situatie knelpunten op in de praktijk van de crisiszorg? Antwoord: Er vallen twee jeugdregio’s in het werkgebied van het Meldpunt crisiszorg (WBW en WBO); voor doorzetten van meldingen jeugd zijn per sub regio afspraken gemaakt. De twee gemeenten Alphen-Chaam en Baarle-Nassau zitten in een overgangsjaar; zij gaan per 1 januari 2023 over naar Hart van Brabant. Ook zij hebben nadere afspraken met WBO voor wat betreft de opvolging van hulp na melding bij het Meldpunt. d.

Breda is namens de deelnemers in de GR opdrachtgever. Wie is opdrachtnemer? Antwoord: Breda fungeert als opdrachtgever naar de organisaties die activiteiten uitvoeren en voorzieningen in stand houden. De grootste zijn Veilig Thuis en Safegroup (zie bijlage 1 van het regionale beleidskader). e. Welke prestatienormen hanteert Breda naar de opdrachtnemer? Antwoord: De kaders en richtlijnen zijn opgenomen in bijlage 1 van het beleidskader; het beschikbare budget wordt vooraf gepubliceerd; dat is het financiële kader, waarbinnen de uitvoering van activiteiten plaats moet vinden. De opdrachtnemers maken hun uitvoeringsplan waarin ze hun te leveren prestaties opnemen (dat zijn ramingen). Deze uitvoeringsplannen worden waar mogelijk en nodig ook nog onderling afgestemd. Breda beoordeelt de aanvragen en indien nodig worden aanvullend gesprekken gevoerd; wat kan leiden tot aanpassing van het ingediende uitvoeringsplan, of niet geheel instemmen met de plannen. Uiteindelijk besluit Breda over de aanvraag en stelt subsidie beschikbaar waarin wordt aangegeven wat van de organisatie wordt verwacht. f. U schrijft dat het MCWB is geïntegreerd met het meldpunt Zorg & Overlast van de GGD. Betekent dit dat de GGD nu verantwoordelijk is voor het MCWB? Antwoord: Nee, de GGD is samen met de 16 gemeenten en ander partners verantwoordelijk. Het Meldpunt is een netwerkorganisatie.

De GGD heeft wel zitting in de stuurgroep van het Meldpunt, net als vier van de 16 gemeenten en enkele andere kernpartners. Veilig Thuis fungeert als penvoerder voor wat betreft de subsidierelatie met de centrumgemeente. g. Is met het onderbrengen van nieuwe functies bij het meldpunt ook de bestuurlijke

verantwoordelijkheid daarvoor overgegaan naar de GR deelnemers? Antwoord: De GR van gemeenten is niet als enige verantwoordelijk voor het Meldpunt. In de GR is de samenwerking van enkel de gemeenten van West-Brabant geregeld met betrekking tot het Meldpunt, zodat gemeenten vanuit één visie en gezamenlijke verantwoordelijkheid nemen voor hun inzet in het Meldpunt. Daarom kunnen vier bestuurders namens de 16 in de stuurgroep van het Meldpunt participeren. De GGD heeft hun verantwoordelijkheid voor Zorg&Overlast ondergebracht bij het meldpunt en zit zelf samen met andere partners in de stuurgroep. Meldingen die bij het meldpunt binnenkomen en waarvan het Meldpunt constateert dat er sprake is van zorg&overlast, worden doorgeleid naar de werkers van de GGD. h. U zet stichting VTWB naast de stichting Safegroup. VTWB is toch onderdeel van Safegroup? Antwoord: Nee, Veilig Thuis West-Brabant is een zelfstandige stichting, net als dat Safegroup een zelfstandige stichting is. Beide stichtingen zijn samen met de SMO Breda e.o. ondergebracht in een holding, en hebben daarom wel allen dezelfde directeur-bestuurder. De stichtingen kunnen dus geen kosten overhevelen van de Veilig Thuis West-Brabant naar Safegroup of SMO of vice versa. 3.

In april van het vorig jaar heeft de gemeenteraad de visie sociaal domein vastgesteld. Deze visie van 47 pagina’s pretendeert een integrale visie te zijn en richt zich onder meer (ook) op welzijn, opvoeden en opgroeien. De visie verwijst naar relevante wetgeving, in het bijzonder de WMO en de Jeugdwet. Bij de Jeugdwet wordt het bevorderen van opvoedvaardigheden ouders en het bevorderen van veiligheid voor jeugd in opvoedsituaties aangehaald. De visie waarschuwt voor het risico van verkokerd werken. a. Waarom wordt in de lokale uitwerking van het regionaal beleidskader GiAMC met geen woord over deze visie gerept en ontbreekt elke verwijzing daarnaar?

Antwoord: Vanzelfsprekend werken we op basis van de visie sociaal domein. Vanuit deze visie werken we aan preventie en bieden we ondersteuning en hulp aan inwoners in een kwetsbare situatie. We richten ons niet alleen op het ondersteunen en versterken van het individu, maar ook op het ondersteunen en versterken van de gemeenschap. De uitgangspunten van de visie komen terug in de lokale uitwerking waar we ons richten op het eerder in beeld krijgen, stoppen en duurzaam oplossen en bedienen van specifieke groepen, tevens de ambities binnen het regionale beleidskader. Op basis van de resultaten uit de zelfscan wordt nog een lokaal verbeterplan opgesteld waarin uiteraard de uitgangspunten van de visie sociaal domein terugkomen. 4.

U presenteert met een raadsnota van 6 pagina’s een regionaal beleidskader met daarbij een lokale vertaalslag. Een kader van 40 pagina’s. Het verwijst met een link naar de website van Veilig Thuis, naar de impactmonitor en dashboard huiselijk geweld en kindermishandeling 2020 van het CBS, naar de publicatie ‘Kwestie van lange adem’ van het Verwey Jonker Instituut, naar het keurmerk Vrouwenopvang van het keurmerkinstituut, naar de visie samenwerken aan veiligheid van de VNG, naar het toekomstscenario kind- en gezinsbescherming en bijbehorende Kamerbrief van het ministerie van Justitie en Veiligheid, naar het programma Geweld hoort nergens thuis (GHNT) van de VNG, naar het kwaliteitskader Werken aan Veiligheid voor lokale teams van de VNG, naar het Meldpunt Crisiszorg West-Brabant en naar Ieder kind

geïnformeerd, Handvatten voor scholen en gemeenten van de VNG. a. Wat verstaat u onder een beleidskader? Antwoord: Het beleidskader geeft globaal richting en stelt doelen op hoofdlijnen. Dat doen we in het kader van 40 bladzijden. De verwijzingen horen zelf niet bij het kader, maar geven wel achtergrondinformatie over de belangrijkste thema’s uit het kader. Ook bieden de verwijzingen de colleges en uitvoerende organisaties handvatten voor de uitvoering van beleid. Zo heb je voor nadere uitwerking en uitvoering van bijvoorbeeld de aanpak van ouderenmishandeling cijfers nodig over de aantallen en heb je kennis nodig over wat werkt om ouderenmishandeling aan te pakken. De documenten waarnaar verwezen wordt bieden de informatie die nodig is om tot een goede uitvoering van het beleid te komen. b. Hoe denkt u met deze vele honderden pagina’s tekst de gemeenteraad in de positie te brengen zijn budgetrecht uit te oefenen, kaders te stellen en controle uit te voeren? Antwoord: Om uw raad tijdig in positie te brengen is er een webinar georganiseerd op 27 september 2021 waarin uw raad is meegenomen in de ontwikkelingen rondom Veilig Thuis WestBrabant, Meldpunt Crisiszorg en dit beleidskader. Het beleidskader bestaat uit twee delen die beiden starten met een samenvatting; dat biedt uw raad al globaal mogelijkheid om positie in te nemen.

Budget wordt jaarlijks in de begrotingsbehandeling meegenomen, waarover uw raad beslist. Het is aan college, samen met de andere colleges, zaak om verantwoording af te leggen aan uw raad. Centrumgemeente Breda heeft hierin een belangrijke taak, omdat deze zorgen voor het jaarlijkse bestedingsplan van de gemeentelijke middelen aangevuld met de uitkering van het rijk en deze controleert de uitvoering van beleid wat via de uitvoeringsplannen van de gesubsidieerde instellingen plaatsvindt. Wij zijn vertegenwoordigd in de stuurgroep van de GR en participeren ook in de ambtelijke regionale werkgroep. We kunnen voor u een werkbezoek of informatiebijeenkomsten organiseren waarin u zich kunt laten informeren en uw controlerende taak kunt uitvoeren. 5.

In de landelijke stukken waarnaar het beleidskader GiAMC een link bevat, wordt consequent gewerkt met de terminologie Huiselijk Geweld en Kindermishandeling, afgekort HGKM. Het motto luidt: dezelfde stenen, verschillende bouwwerken. a. Waarom kiezen wij voor ‘Geweld in Afhankelijkheidsrelaties en Meldpunt Crisiszorg’?

Antwoord: Geweld in Afhankelijkheidsrelaties is huiselijk geweld en kindermishandeling. Bij de vorming van de eerste gewijzigde GR, werd huiselijk geweld en kindermishandeling landelijk aangeduid als Geweld in afhankelijkheidsrelaties. Die is toen overgenomen. Meldpunt Crisiszorg valt niet onder geweld in afhankelijkheidsrelaties; dit is een aparte voorziening die we op schaal van West-Brabant hebben ingericht. Daarom is dit ook meegenomen in de GR, maar als een apart tak binnen de GR en wordt daarom ook apart vermeld in de titel. In augustus 2020 is de GR hierop aangepast en luidt de benaming Geweld in Afhankelijkheidsrelaties en Meldpunt Crisiszorg. b. Waarom buigen we ons nog over de naam omdat ook niet acute meldingen in behandeling worden genomen?

Antwoord: De huidige naam van het Meldpunt betreft Meldpunt Crisiszorg. Dit zou kunnen impliceren dat er enkel crisismeldingen aangenomen worden. Inmiddels worden er ook niet acute meldingen in behandeling genomen. Hiermee is het Meldpunt Crisiszorg verbreed naar een Meldpunt acute (crisis) en niet-acute zorgmeldingen. In dit licht opteren de gemeenten voor een naamswijziging die meer recht doet aan de verbrede taakstelling. c. Waarom kiezen we in West-Brabant -met andere woorden- met GiAMC en een eventuele nieuwe naam, voor andere stenen? Antwoord: We kiezen voor een naam die de taken omvat zoals in bovenstaande antwoorden is toegelicht. 6.

In uw brief van 20 december jl. over de verlenging van de DVO Jeugd 2021, kondigt u aan het beleidskader Jeugd te gaan herijken. Het beleidskader GiAMC wordt daarin niet genoemd. Wel de visie Sociaal Domein en de Verbeteropgave Toegang en de Opgave Onderwijs. En verder regionale ontwikkelingen zoals inkoop jeugd, Normen voor Opdrachtgeverschap en de regiovisie. U gaat voor deze herijking werksessies houden. Het toekomstscenario kind- en gezinsbescherming van de rijksoverheid van maart 2021 bepleit vereenvoudiging en verandering omdat de jeugdbeschermingsketen complex is georganiseerd. De vele schakels sluiten niet altijd op elkaar aan, met als gevolg dat de juiste hulp en bescherming tekort kunnen schieten. Het toekomstscenario biedt perspectief hoe de jeugdbeschermingsketen er in de toekomst slimmer en effectiever uit kan zien waarbij het belang van kind en gezin centraal staat. Rondom het kind is er een lokaal team. Regionaal zijn de functies van gecertificeerde instellingen, Veilig Thuis en de Raad voor de Kinderbescherming samengebracht. a. Bent u bereid, alvorens een traject met werksessies te starten om tot herijking van het jeugdbeleid te komen, eerst samen met de raad vast te stellen wat de opbrengst van de herijking moet zijn, welk kader daarvoor nodig is en hoe de raad in positie kan worden gebracht om zijn taak adequaat uit te oefenen?

Antwoord: De Visie Sociaal Domein dient als overkoepelend kader (kapstok) voor alle beleidsstukken binnen het Sociaal Domein. Zo ook voor het te herijken beleidskader Jeugd. Het doel van de herijking van het Beleidskader Jeugd is om te komen tot een stevig fundament voor het lokale jeugdbeleid van Oosterhout. Zoals in de raadsinformatiebrief beschreven, gaan we in het tweede kwartaal 2022 werksessies voor u als raad en onze stakeholders organiseren om de uitgangspunten voor het te herijken Beleidskader Jeugd te bepalen. De kaders zoals gesteld in de Visie Sociaal Domein vormen hiervoor de basis. Mochten er meerdere sessies nodig zijn om te komen tot breed gedragen uitgangspunten, zullen we deze zeker organiseren. 7.

U stelt: ‘Conform de afspraak in de GR kan het vaststellen of wijzigen van de hoogte van het totaal benodigde regionale budget voor GIA en het Meldpunt Crisiszorg, en daaraan gekoppeld de hoogte van de bijdrage per gemeente alleen in procedure worden gebracht bij de colleges van gemeenten na bespreking in het plenair bestuurlijke overleg.’ a. Wat ontbreekt is dat de raden in de gelegenheid worden gesteld hierover een zienswijze uit te brengen. Is dat omdat dit vanzelf spreekt?

Antwoord:

Dit betekent dat Breda als centrumgemeente eerst overeenstemming moet bereiken met alle portefeuillehouders van de regiogemeenten. Als deze instemmen met een voorgestelde gemeentelijke bijdrage, dan worden de colleges verzocht deze overeengekomen bijdrage in procedure te brengen binnen de eigen gemeente. De gemeenteraad heeft budgetrecht, dus de colleges, zullen de gevraagde bijdragen opnemen in de gemeentebegroting en deze wordt aan de raad voorgelegd. De gemeenteraad heeft daarmee het laatste woord. Als die het er niet mee eens is en de bijdrage naar beneden of naar boven wil bijstellen dan zal de verantwoordelijk portefeuillehouder terug moeten naar het regionale plenaire overleg. 8.

U geeft aan geen meerjarig financieel overzicht te kunnen bieden omdat enkele gemeenten zullen uittreden. a. Zijn de kosten daarvan niet goed in te schatten?

Antwoord: De kosten worden momenteel ingeschat en worden naar verwachting begin februari voorgelegd aan de gemeenten die in de GR blijven. b. Zijn onzekerheden niet juist reden om te werken met een taakstellend budget in een meerjarig perspectief? Antwoord: In het beleidskader geven we aan dat we de basis op orde willen hebben: we de vrouwenopvang willen versterken en willen inzetten op een goedwerkend Veilig Thuis WestBrabant. Een taakstellend budget betekent dat stijgende loonkosten binnen een vastgesteld begroting met 0% indexering moet worden opgevangen. Concreet betekent dat dat er bezuinigd moet worden, terwijl er juist geïnvesteerd moet worden om de basis op orde te brengen. Naar verwachting hebben we begin februari financieel inzicht over het uittreden van de gemeenten. 9.

Bij de uitgaven wordt tot nu toe geen rekening gehouden met de beleidsinzet van de centrumgemeente en van deelnemende gemeenten. a. Wat bedoelt u hiermee? Volgt hiervoor nog een rekening?

Antwoord: We bedoelen hiermee dat beleidsinzet van de gemeenten ‘om niet’ wordt geleverd; er volgt geen rekening. Het is echter goed om te benoemen, omdat van alle gemeenten verwacht wordt hier voldoende inzet voor vrij te maken. 10. Op 7 december 2021 heeft uw college een brief gestuurd naar de raad met een verwijzing naar een raadsbrief over de werkvoorraad Veilig Thuis West Brabant. a. Heeft uw college (via het college van de centrumgemeente) de stichting inmiddels in gebreke gesteld voor de opgelopen achterstanden? Antwoord: Nee, we hebben Veilig Thuis West-Brabant niet in gebreke gesteld. Veilig Thuis WestBrabant heeft zelf aangegeven dat ze nog het nodige te doen hebben om de werkvoorraad op een aanvaardbaar niveau te brengen. Wij waarderen het juist dat ze dit gemeld hebben en dit ook bij de inspectie hebben doorgegeven; transparantie is belangrijk, zeker omdat het werk van Veilig Thuis West-Brabant onderdeel is van een keten; als Veilig Thuis WestBrabant meldingen beoordeeld heeft en aan kan geven wat er nodig is aan zorg/ondersteuning om het veilig te maken, dan wordt een casus overgedragen naar het lokale werkveld (lokaal team).

11. De centrumgemeente handelt op basis van mandaat. Het college is en blijft dus verantwoordelijk. Dat betekent dat wanneer bij een onverhoopt gezinsdrama sprake blijkt te zijn van een falende hulpverlening, het college danig in verlegenheid kan worden gebracht. a. Is het college zich hiervan bewust? Antwoord: Daar zijn we ons zeker van bewust. Overigens hoeft er bij een gezinsdrama geen sprake te zijn van falende hulpverlening. Bij een gezinsdrama zullen we altijd nagaan hoe dit is gekomen en of het voorkomen had kunnen worden. We hebben daarnaast de regiekaart de-escaleren geïntroduceerd, we verwijzen hiernaar in het beleidskader. Deze helpt professionals / hulpverleners om tijdig te escaleren als het moet / er meer of andere zorg nodig is en te de-escaleren wanneer dat weer kan/ het weer veilig of minder zorg nodig is.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Oosterhout&id=9b3da1a7-b271-4841-8dd0-a33e407b09a7