Samen sterker uit de crisis Corona Impact Analyse fase 2 - (aangepaste versie)
Tekst van het document
Samen sterker uit de crisis Corona Impact Analyse, fase 2 gemeente Oosterhout
1. Inleiding “Van de nood een deugd maken”. Het is misschien een wat vreemde constatering, maar dat is wat we feitelijk proberen te doen met deze tweede Corona Impact Analyse. En het klinkt misschien ook wat merkwaardig, als je je bedenkt dat de COVID-19-pandemie ook in onze gemeente inwoners en ondernemers soms keihard en vaak direct geraakt heeft. Er zijn Oosterhouters die familie en vrienden hebben verloren of nog steeds de naweeën van de ziekte ervaren, er zijn Oosterhouters die door corona ernstig in de financiële problemen zijn gekomen en er zijn ook ondernemers die het, alle steunmaatregelen ten spijt, nèt niet hebben kunnen redden. Ook langs deze weg willen wij kenbaar maken dat wij met al die Oosterhouters van harte meeleven. Maar toch: van de nood een deugd maken. Want dat heeft deze coronacrisis ons ook geleerd. Meer nog dan in de eerste fase van de Corona Impact Analyse heeft de informatie die wij de afgelopen maanden hebben opgehaald, ons gesterkt in de overtuiging dat de coronacrisis ook kansen biedt. Kansen voor innovatie, kansen voor nieuwe samenwerkingsverbanden, kansen om dingen net iets anders aan te pakken dan we gewend waren. Soms worden die kansen vanzelf benut, soms hebben ze een steuntje in de rug nodig en soms moeten we ingrijpen als, door de crisis, waardevolle voorzieningen in onze gemeente dreigen om te vallen.
Juist om die reden willen wij het in deze Corona Impact Analyse niet alleen bij woorden laten. De gemeente gaat ook investeren in deze ontwikkelingen, onder andere door het instellen van een Corona Herstelfonds met een omvang van € 1 miljoen. Toen wij in het voorjaar van 2020 geconfronteerd werden met de coronapandemie, hebben wij snel een eerste inzicht willen krijgen in de effecten die de crisis zou kunnen hebben op de Oosterhoutse samenleving. De afgelopen maanden hebben wij dit nogmaals herhaald, zij het op een iets andere manier. En wat dan opvalt, is dat de inschattingen die een jaar geleden nog met de nodige voorzichtigheid zijn gemaakt, ook nu nog steeds blijken te kloppen. Opmerkelijk is ook dat tal van Oosterhoutse organisaties, ondernemers, instellingen en inwoners ook keihard gewerkt hebben aan alternatieven om de crisis het hoofd te kunnen bieden. Dat ze elkaar ook meer zijn gaan opzoeken, dat nieuwe samenwerkingsverbanden zijn ontstaan en bestaande versterkt. En dat, in algemene zin, de Oosterhoutse samenleving zich manmoedig en met de blik op de toekomst gericht zich door de crisis heeft geslagen. Wij zien dat als een groot compliment voor alle Oosterhouters. Van de nood een deugd maken betekent voor ons ook dat we de goede lessen uit deze coronacrisis voor de toekomst behouden.
Dat we, ook als het virus straks onder controle, werk blijven maken van samenwerking, van innovatie en van het verder versterken van onze samenleving. Het proces van de Corona Impact Analyse heeft ons gesterkt in de overtuiging dat de bereidheid om daaraan mee te werken, bij alle partijen in Oosterhout meer dan aanwezig is. En daarmee is fase twee van de Corona Impact Analyse niet alleen het slotstok van het proces, maar ook de start van een bijna continue maatschappelijke dialoog over de toekomst van onze gemeente. BURGEMEESTER EN WETHOUDERS VAN OOSTERHOUT,
, burgemeester,
2
, secretaris
3
2. Leeswijzer In deze Corona Impact Analyse geven wij allereerst een korte beschrijving van het proces zoals wij dat doorlopen hebben. Vervolgens geeft de analyse in hoofdstuk 4 een beschrijving van de meer algemene trends en ontwikkelingen. De hoofdstukken 5 tot en met 8 gaan, geven een beeld van de voornaamste bevindingen per inhoudelijk domein. Die bevindingen leiden ook tot een aantal bestuurlijke conclusies (prioriteiten); die zijn niet opgenomen in dit document, maar in het voorstel aan de gemeenteraad. Ten slotte kent deze CIA nog een aantal bijlagen, te weten: - het verslag van de themabijeenkomst over samenleving, inclusief: o presentatie van Hans Moerenhout (woningcorporatie Tilburg) o conclusies vanuit cliënttevredenheidsonderzoek Wmo o presentatie samenvatting schriftelijke informatieronde - het verslag van de themabijeenkomst over jeugd, inclusief: o presentatie van Romy Oomens over onderzoek naar corona en jongeren in Oosterhout o presentatie samenvatting schriftelijke informatieronde - het verslag van de themabijeenkomst over economie en arbeidsmarkt, inclusief: o presentatie van prof. Marc van der Meer (UvT) o presentatie enquête onder Oosterhoutse ondernemers o presentatie samenvatting schriftelijke informatieronde - rapportage van onderzoeksbureau Dimensus n.a.v. één-op-één-gesprekken met cliënten sociaal domein
4
3. Proces Ook bij de tweede fase van onze Corona Impact Analyse hebben we een beroep gedaan op de kennis, kunde en ervaring van organisaties, instellingen, ondernemers en inwoners. Daarbij hebben we wel geprobeerd om meer focus aan te brengen. Gezien onze ervaringen uit de eerste fase heeft het zwaartepunt vooral gelegen op drie domeinen: samenleving; jeugd; economie en arbeidsmarkt. Dat wil overigens niet zeggen dat we daarmee alle andere beleidsterreinen ‘vergeten’ zijn. We zijn namelijk begonnen met een schriftelijke informatieronde langs (nagenoeg) alle partijen die hebben deelgenomen aan fase 1 van de Corona Impact Analyse. Ons overzicht voert dus ook deze keer verder dan alleen maar de drie hierboven genoemde domeinen. De inbreng uit deze schriftelijke ronde heeft mede input geleverd voor drie ‘corona-talkshows’, die eind april en begin mei in Theater De Bussel zijn gehouden. Geïnteresseerden konden deze bijeenkomsten via een live-stream volgen en via een chatfunctie ook nog inbreng leveren voor het gesprek. Op de avonden hebben ook nog drie externe deskundigen hun licht laten schijnen over effecten van de coronacrisis. De verslagen van deze bijeenkomsten zijn als bijlage bij deze analyse gevoegd.
Maar ook op andere manieren zijn onze maatschappelijke partners en inwoners betrokken bij de totstandkoming van deze analyse: er zijn enquêtes uitgezet onder Oosterhoutse ondernemers en cliënten binnen de Wmo; met inschakeling van het Jongerenpanel Oosterhout is een enquête gehouden onder een grote groep Oosterhoutse jongeren; er zijn verdiepende, één-op-één-interviews gehouden met cliënten binnen het sociaal domein; Alle uitkomsten van dit participatieproces zijn terug te vinden in de bijlagen bij deze analyse.
5
4. De rode draad Net als bij de Corona Impact Analyse fase 1 hebben wij ook hier geprobeerd een aantal ontwikkelingen in beeld te brengen die als een rode draad door (bijna) alle beleidsterreinen lopen. Dat levert het volgende, op veel gebieden hoopgevende, beeld op: 1. Het beeld is ten opzichte van de eerste Corona Impact Analyse redelijk stabiel Wie de resultaten van deze Corona Impact Analyse vergelijkt met die van pakweg een jaar geleden, kan niet anders dan constateren dat het beeld weinig ingrijpend is veranderd. In een aantal sectoren is de problematiek weliswaar qua impact toegenomen – denk aan horeca, evenementen, maar ook bijvoorbeeld bepaalde vormen van zorg – maar van nieuwe uitdagingen lijkt relatief weinig sprake. Dat mag tot de voorzichtige conclusie leiden dat het beeld dat in 2020 is geschetst van de impact van corona op de Oosterhoutse samenleving, redelijk compleet was. 2. De coronacrisis biedt ruimte voor innovatie, op nagenoeg alle beleidsterreinen Natuurlijk heeft de pandemie in eerste instantie vooral een negatieve impact: niet alleen op bepaalde sectoren of delen van de samenleving, maar zeker ook – en misschien nog wel meer – op al die individuele Oosterhouters die in hun eigen persoonlijke omgeving geconfronteerd zijn met ziekte en overlijden.
In die context klinkt het wrang om te praten over de positieve effecten van de coronacrisis, maar die zijn er wel. In bijna alle sectoren heeft de coronacrisis ook geleid tot innovaties die hoogstwaarschijnlijk blijvend zullen zijn. Dat varieert van het inzetten van digitale consultatie in de zorg tot bezorgservice en afhaalmaaltijden als extra verdienmodel voor de reguliere horeca en van de toename van thuiswerken in het bedrijfsleven tot het aanbieden van streamingsdiensten bij Theater De Bussel. 3. De situatie in een aantal sectoren is erg afhankelijk van het tempo en de mate waarin de lockdown wordt versoepeld Sectoren die draaien om “persoonlijke ontmoeting” ondervinden het meeste last van de beperkingen die corona de samenleving oplegt. Horeca, de evenementenbranche en – in minder mate – toerisme en recreatie kunnen pas weer optimaal draaien als alle coronabeperkingen van tafel zijn. En ook de sectoren sport en cultuur hebben het afgelopen jaar weinig bewegingsruimte gekend als gevolg van de lange lockdownperiode. 4. Samenwerking tussen partners onderling en met de gemeente is versterkt In een verwijzing naar het aloude spreekwoord “nood doet bidden”, kunnen we ook constateren dat nood – in dit geval de coronacrisis – ook doet samenwerken. In bijna alle domeinen is de samenwerking tussen partners onderling en tussen die partners en de gemeente toegenomen.
Het is voor de periode na corona van belang, als de nood dus minder aan de man is, om die samenwerking te blijven continueren en waar mogelijk te versterken. 5. De rol van de gemeente verandert, de organisatie verandert mee Op landelijk niveau leidt de coronacrisis tot “meer overheid”, in die zin dat de regering zich veel nadrukkelijker is gaan bemoeien met vooral economische vraagstukken. Op lokaal niveau lijkt er niet zozeer sprake van “meer”, maar veel meer van een “andere” overheid. In tijden van crisis wordt van het gemeentelijk bestuur en de gemeentelijke organisatie vooral verwacht dat ze partijen verbinden, innovatie stimuleren, ruimte bieden voor vernieuwing en de randen opzoeken van wat wettelijk mogelijk is. Geconstateerd kan worden dat dit in het geval van Oosterhout een positieve bijdrage geleverd heeft aan de organisatieontwikkeling, omdat dit direct aansluit op een aantal onderliggende 6
uitgangspunten, te weten: werken vanuit de behoefte van de stad en haar inwoners, wijken opgavegericht werken, verantwoordelijkheid lager in de organisatie, integraal samenwerken, ruimte voor initiatief en ondernemerschap. 6. De veerkracht in Oosterhout is nog steeds aanzienlijk “Oosterhout kan een stootje hebben”, was de constatering naar aanleiding van de eerste Corona Impact Analyse. En die constatering klopt nog steeds. Op allerlei manieren blijkt dat de inwoners, organisaties, instellingen en bedrijven zich in de regel door corona niet laten kisten. Oosterhouters zijn als geen ander bereid zich voor anderen in te zetten, zoals blijkt uit de toename van het aantal vrijwilligers bij Oosterhout voor Elkaar. En in de gesprekken die gehouden zijn met cliënten binnen het sociaal domein, komt ook een grote mate van veerkracht naar boven. Een beeld dat ook wordt bevestigd door de enquête die onder cliënten van de Wmo is gehouden. 7. De jeugd eist haar plek op Waar in de eerste fase van de Corona Impact Analyse vaak is gesproken òver de jeugd, is de afgelopen maanden uitdrukkelijk het gesprek gezocht mèt jongeren.
Dat heeft niet alleen geleid tot een breed inzicht hoe de jeugd in Oosterhout de gevolgen van corona heeft ervaren – met wellicht als belangrijkste conclusie dat “dé jeugd” niet bestaat – het heeft ook helder gemaakt dat jongeren meer dan in het verleden willen meepraten en meedenken over en willen meewerken aan ontwikkelingen in Oosterhout die hen aangaan. 8. De gekozen aanpak smaakt naar meer Het gegeven dat de gemeente de afgelopen weekend actief het gesprek heeft gezocht met deskundigen en belanghebbenden over voor Oosterhout belangrijke thema’s, smaakt naar meer. Met name de manier waarop dit in de tweede fase van onze analyse vorm heeft gekregen – via drie “corona-talkshows – smaakt naar meer.
7
5. Samenleving Binnen het domein samenleving zijn onderwerpen aan de orde gekomen die te maken hebben met welzijn en volksgezondheid, wijkgericht werken, sport en cultuur en evenementen.
Welzijn en volksgezondheid De veerkracht van de Oosterhoutse samenleving is groot. Veel Oosterhouters, ook zij die in een moeilijke positie zitten, slagen er vaak in, op eigen kracht of met inzet van anderen, om de problemen het hoofd te bieden die de coronacrisis biedt. Sterker nog, in sommige gevallen is de coronacrisis zelfs de trigger geweest voor meer zelfredzaamheid. Het is een beeld dat naar voren komt uit de inbreng van maatschappelijke organisaties en instellingen, maar bijvoorbeeld ook uit de rapportage van Dimensus. In één-op-ééngesprekken met cliënten binnen het sociaal domein en uit het tevredenheidsonderzoek onder cliënten van de Wmo. Natuurlijk zijn er zorgen, maar in de praktijk van alledag hebben de meesten een modus gevonden om met de gevolgen van corona te kunnen omgaan. Dat neemt overigens niet weg dat er geen zorgen zijn, met name bij de categorie inwoners die ook voor de coronacrisis al in een maatschappelijk isolement verkeerde. De lockdown heeft voor deze groep het gevoel van eenzaamheid nog verder versterkt. Overigens beperken de effecten van de crisis zich niet (langer) tot de categorie kwetsbare ouderen. Zorgaanbieders zijn, met name ten tijde van de strengste lockdown-maatregelen, gestart met het aanbieden van online-dienstverlening.
Hoewel dit het persoonlijke contact nooit kan vervangen, is het in een aantal gevallen wel een werkbaar alternatief gebleken. De inschatting is ook dat online-dienstverlening soms drempelverlagend kan werken, omdat niet de fysieke stap naar een hulpverlener hoeft te worden gezet. Daar staat dan weer wel tegenover dat deze vorm van dienstverlening niet voor iedere cliënt geschikt is; niet iedereen is even digitaal vaardig. De coronacrisis heeft als positief effect dat ze tot een enorme toename van het aantal vrijwilligers heeft geleid. De organisatie Oosterhout voor Elkaar heeft sinds de coronacrisis 266 nieuwe vrijwilligers mogen begroeten, waaronder opvallend veel jongeren. Organisaties op het gebied van zorg en welzijn weten overigens elkaar steeds beter te vinden, hoewel hier nog wel ruimte voor verbetering wordt gezien. Hoewel het coronavirus ‘zonder aanziens des persoons’ toeslaat, is wel duidelijk geworden dat het effect dat het virus heeft, afhankelijk is van de gezondheidstoestand van de betrokken patiënt. Met name overgewicht en een daaraan gerelateerd ziektebeeld heeft hierop een negatieve invloed. Dat pleit voor (meer) voorlichting en communicatie over het belang van een gezonde levensstijl. Als gevolg van de coronacrisis raken nu ook ZZP’ers en kleine zelfstandigen in de financiële problemen.
Tegen die achtergrond zou het goed zijn na te denken over een voorziening die voorkomt dat deze mensen en anderen die in een soortgelijke situatie verkeren, enorme betalingsachterstanden gaan oplopen. Wijkgericht werken Met de introductie van wijkgericht werken door de gemeente Oosterhout heeft het werken in de wijken, buurten en kerkdorpen een nieuwe dynamiek gekregen. De lijnen met de 8
gemeente zijn kort en ook onderling weten wijkorganisaties elkaar goed te vinden. Een goede verbinding tussen de vrijwilligersorganisaties in de wijk en de ‘professionals’ binnen instellingen als Surplus blijft belangrijk. De lockdown-maatregelen maken het nog wel lastig om, zeker op grote schaal, fysieke ontmoetingen te realiseren. Daarbij wordt opgemerkt dat het van belang is initiatieven die sociale activeringen ten doel hebben, een positieve ‘framing’ mee te geven. Vanuit de gedachte van de Brede Buurt bieden sport en cultuur daarvoor veel kansen. Daarbij wordt opgemerkt dat een aantrekkelijke, goed ingerichte buitenruimte met name een impuls kan zijn om bewoners tot (meer) bewegen te bewegen. Cultuur en evenementen In beide sectoren snakt men – met een hoofdletter S – naar vergaande versoepeling van de lockdown-maatregelen. Met inachtneming van de anderhalvemeter-norm vallen nauwelijks voorstellingen of evenementen te organiseren. In de cultuursector heeft de coronacrisis overigens wel geleid tot een aantal innovaties, zoals het aanbieden van voorstellingen via streamingsdiensten (Theater De Bussel), het werken met time-locks in musea en het benutten van de buitenruimte. Dit zijn hoogstwaarschijnlijk “blijvertjes”, hoewel met name ook hier rondom digitalisering het gevaar van tweedeling (wel of niet digitaal vaardig) speelt.
In de evenementenbranche bestaat de angst voor kostenstijgingen. Het evenementenseizoen voor 2021 is kort (meer vraag in een kort tijdsbestek) en artiesten en ondernemingen (podiumbouwers, technici etc.) zullen willen proberen het verlies van 2020 goed te maken. Als positief effect wordt de sterk toegenomen aandacht voor duurzaamheid en hygiëne gezien. Sport De coronacrisis heeft ertoe geleid dat aanzienlijk meer mensen zijn gaan bewegen. Zelfs in een dusdanige mate dat op feest- en hoogtijdagen de toegang tot sommige recreatiegebieden gereguleerd moest worden. Sportverenigingen en sportscholen hebben daarvan evenwel (nog) niet kunnen profiteren. Op zich logisch, omdat zij het afgelopen jaar voor een groot deel ook noodgedwongen “op slot” zijn geweest. Bij sportclubs laat dat haar sporen achter. In algemene zin is het lastig om (volwassen) leden en vrijwilligers gemotiveerd te houden op het moment dat er geen sportcompetities plaatsvinden. Het blijkt soms ook lastiger sponsoren te vinden en te binden. Voor buitensportverenigingen levert het wegvallen van de inkomsten uit de kantine ook nog een aanzienlijk financieel probleem op. In algemene zin wordt het belang van samenwerking tussen sportverenigingen erkend.
Tot nu toe is dat belang vooral met de mond beleden, maar er doen zich nu een aantal kansen voor (Sportakkoord, visie op het Warandegebied) om hieraan ook daadwerkelijk vorm en inhoud te geven.
9
6. Meer voor elkaar, meer voor jongeren “De jeugd” bestaat niet, ook niet in Oosterhout. Als er één conclusie getrokken kan worden uit het onderzoek dat het Jongerenpanel Oosterhout onder … jongeren heeft gehouden, dan is het deze wel. Jongeren in Oosterhout hebben allemaal de gevolgen ondervonden van de coronacrisis, maar die gevolgen ervaren ze vaak heel verschillend. Waar de ene student bij digitaal onderwijs vooral het sociaal contact met klasgenoten mist, ziet de ander vooral de mogelijkheid om de dag naar eigen inzicht in te richten en er een extra module bij te pakken. Het heeft ook even geduurd voordat de problematiek van jongeren “gezien” werd. Omdat er al snel heel veel online-alternatieven kwamen voor bestaande structuren, is in eerste instantie vaak gedacht dat jongeren – immers als geen andere generatie bekend met de ins en outs van de digitale wereld – het wel zouden redden. Dat bleek een ernstige misvatting: digitaal kan de behoefte aan fysiek sociaal contact niet vervangen. De inschatting is dat het maatschappelijk isolement de afgelopen periode heeft bijgedragen aan een toename van het aantal jongeren dat zich met psychische problemen meldt bij de geestelijke gezondheidszorg. Niet alle jongeren hebben immers het vermogen zich aan de veranderende situatie aan te passen.
Het ontbreken van enig perspectief, van enig zicht op het einde van de lockdown speelt daarbij een belangrijke rol. Dat maakt het ook voor jongeren steeds lastiger zich aan de maatregelen te houden. Ook al omdat het voor sommige jeugdigen om de samenhang tussen de verschillende regels te kunnen overzien. Desalniettemin zijn er ook positieve ontwikkelingen te bespeuren: - Misschien wel de belangrijkste: er lijkt een eindstreep in zicht. Daarmee wordt het perspectief op de langere termijn voor jongeren toch wat rooskleuriger. - Online-jongerenwerk heeft een enorme boost gehad. Het is een heel erg laagdrempelige manier voor jongeren om contact te zoeken: Ook als het weer toegestaan wordt om in grote groepen bij elkaar te komen, zal online-jongerenwerk zijn waarde blijven behouden, is de inschatting. - Eenzelfde verhaal geldt voor het onderwijs. Tijdens de lockdown is duidelijk geworden dat de sociale (ontmoetings)functie van onderwijs niet overschat kan worden. Maar digitaal lesgeven biedt aan de andere kant, ook voor jongeren, veel vrijheden. Door zelf te kiezen wanneer digitaal lessen of colleges worden gevolgd, ontstaat er in de agenda van jongeren meer ruimte om bijvoorbeeld andere dingen te gaan doen. - Veel jongeren hebben in deze moeilijke tijden zichzelf beter leren kennen, weten beter hoe ze moeten schakelen en hoe ze hun problemen ook zelf kunnen oplossen.
Dat geldt overigens ook voor instellingen die met jeugd omgaan; ook daar is de inventiviteit toegenomen. - De samenwerking tussen jongerenwerk en het voortgezet onderwijs is versterkt; in het basisonderwijs zou de aandacht voor jongerenwerk nog vergroot kunnen worden. - Jongeren willen gehoord worden. Dat speelt zeker rondom de coronamaatregelen op landelijk niveau, maar ook als het gaat om zaken die in Oosterhout spelen. De gemeente Oosterhout heeft al stappen gezet door ruimte te geven aan het Jongerenplatform Oosterhout, maar daarmee zijn we er nog lang niet. Jongeren willen graag over heel veel ontwikkelingen meedenken en meepraten, dus liggen echt de nodige kansen. En dan niet alleen bij de gemeente, maar ook bij maatschappelijke organisaties. De gemeente kan dat proces een boost geven door het JPO daarin te ondersteunen.
10
Onderwijs De coronacrisis heeft geleid tot een veel beter en regulier overleg tussen primair onderwijs, voortgezet onderwijs en de gemeente. Het is van belang die samenwerking vast te houden en verder uit te bouwen. Het Oosterhoutse onderwijs ziet zich ook gesteld voor een groot aantal uitdagingen, bijvoorbeeld rondom huisvesting, afstemming onderwijs en arbeidsmarkt en ‘een leven lang leren’. Daarom zou het goed zijn om te komen tot een breed gedragen, samen met het onderwijsveld en andere betrokkenen te ontwikkelen visie op onderwijs in Oosterhout.
11
7. Economie en arbeidsmarkt In algemene zin valt er op dit moment nog geen goed beeld te geven van de gevolgen van de coronacrisis voor de werkgelegenheid in Oosterhout. De steunmaatregelen van de overheid verdoezelen op dit moment het beeld. Pas over een paar maanden zal te zien zijn òf er grote klappen vallen en wààr ze dan vallen. Wel wordt alom onderkend dat de coronacrisis van een andere signatuur is dan de laatste economische (systeem)crisis (de kredietcrisis van 2008). De verwachting is dan ook dat de economie een minder lange herstelperiode nodig zal hebben. Uit de onder de ondernemers gehouden blijkt dat tweederde van de respondenten de gevolgen van de crisis in mindere of meerdere mate voelt, maar dat slechts een beperkt aantal verwacht hiervan zwaar in de problemen te komen. Binnenstad en horeca Een uitzondering op die regel vormen nu al die sectoren die draaien op “ontmoeting”. Voor horeca, leisure en – in mindere mate - detailhandel zijn de gevolgen veel verstrekkender. Met name voor de eerste twee wordt de situatie omschreven als “desastreus” en is er op korte termijn nog (te) weinig zicht op het “nieuwe normaal”. De horeca heeft daarnaast ook nog een uitdaging als het gaat om het vinden van personeel. In de lockdownperiode hebben zo’n tweehonderd jongeren hun (nuluren-)contract in de horeca ingeruild voor een ander baantje.
Mag de Oosterhoutse horeca weer voor honderd procent open, dan zijn die vacatures nog niet zo makkelijk vervuld. Daarnaast is er ook sprake van een relatief groot aantal nieuwkomers op de horecamarkt, waardoor de vraag aan horecapersoneel nog groter zal worden. Daarnaast zou overigens MidZuid een rol kunnen spelen bij het vervullen van vacatures voor praktisch opgeleid personeel in de horeca (keukenhulp, groenonderhoud etc.) Toch zijn er ook positieve ontwikkelingen te benoemen. Zo is in Oosterhout de verbondenheid tussen ondernemers en klanten groot. Als de terrassen in de binnenstad open gaan, dan is er ook binnen korte tijd geen tafeltje te krijgen. Er melden zich in de Oosterhoutse binnenstad ook in tijden van corona nieuwe ondernemers en gevestigde zaken zoeken een aantrekkelijker plek in het centrum. Gezien de uitslag van de BIZ-meting onder ondernemers in het centrum, is er volop bereidheid tot samenwerking. Dat biedt kansen voor een nieuwe, breed gedragen Masterplan Bruisende Binnenstad, met als voornaamste doel te bereiken dat de Oosterhoutse consument (nog) vaker kiest voor de eigen binnenstad. Dat vraagt ook om een transformatie van het huidige kernwinkelgebied: van “place to buy” naar “place to be”. Daarbij blijkt de combinatie van een “stenen winkel” met het aanbieden van diensten van internet in veel gevallen een succesformule.
Dit vraagt overigens van veel ondernemers in de binnenstad nog wel een extra inspanning, waarbij het helpt om de formules en ervaringen van succesvolle ondernemers ook voor de collega’s inzichtelijk te maken. Die transformatie krijgt ook al vorm door de aankoop van Arendshof 2 door de gemeente en de uitspraak om daar het nieuwe stadhuis te vestigen. De volgende, maar aanzienlijke gecompliceerdere stap, is de transformatie van winkelcentrum Arendshof 1: minder vloeroppervlak, meer andere functies (waaronder met name wonen). Binnen de horecasector heeft de coronacrisis ook nog geleid tot innovaties. Het afhalen en thuisbezorgen is voor veel horeca-ondernemingen een extra verdienmodel, omdat het een aantrekkelijke manier is om de omzet te vergroten. De verwachting is dat dit een “blijvertje” is, waarbij samenwerking met de toeristisch-recreatieve sector ook nog voordelen kan bieden. In het kader van de gemeentelijke dienstverlening is het Ondernemersloket, ook na de coronacrisis, de moeite van het behouden waard. 12
Arbeidsmarkt Het verbeteren van de aansluiting tussen onderwijs en arbeidsmarkt verdient de allerhoogste prioriteit. Van het nieuwe kabinet wordt verwacht dat het, op basis van eerdere rapportages, zal komen met voorstellen voor verbetering van de werking van de arbeidsmarkt. En op regionaal niveau worden afspraken gemaakt over hoe het aanbod vanuit het onderwijs beter kan aansluiten op vragen uit de markt. Maar ook op lokaal niveau dient het tussen onderwijs, ondernemers en overheid (verder) te worden versterkt. Een voorbeeld daarvan is de pilot met de hybride leerwerkomgeving in de logistiek, waarin gemeente, Curio en het Logistiek Platform Amerstreek samenwerken. Daarbij wordt onderkend dat aantrekkelijker moet worden om om-, na- en bij te scholen. Het idee van “een leven lang leren” zal aan populariteit moeten winnen. Dit betekent dat beroepsopleidingen dat onderwijs op een praktische manier en modulair moeten aanbieden. Een afgeronde mbo-opleiding zal straks niet altijd meer nodig hoeven zijn om ergens aan de slag te kunnen: een praktijk- of brancheverklaring – waarvoor een aanzienlijk kortere opleiding nodig is – is dan voldoende; Ten slotte is het belangrijk dat Oosterhout, om economisch aantrekkelijk te blijven, moet kunnen beschikken over voldoende arbeidspotentieel. Een hechtere samenwerking binnen de regio Breda-Tilburg wordt daarbij van vitaal belang geacht.
Ook het kunnen aanbieden van voldoende (grondgebonden) woningen voor de jongere doelgroep is daarbij van belang. Leisure De reisbeperkingen naar het buitenland hebben een verschuiving teweeggebracht van toerisme-over-de-grenzen naar toerisme-in-eigen-land. De verwachtingen daarvan moeten overigens niet worden overschat: de zomer van 2020 heeft de gevolgen van de eerste lockdown voor de sector niet kunnen compenseren en het is maar zeer de vraag of “Nederland Vakantieland” een topbestemming blijft als Ibiza of de Côte d’Azur ook weer tot de mogelijkheden behoren. Maar ook in de leisure heeft corona positieve effecten gehad, bijvoorbeeld als het gaat om een intensievere samenwerking (tussen partners, maar ook in de regio) of, als gevolg van het toegenomen telewerken, het gebruik van leisurecentra voor “werkvakanties”. Dat de afgelopen maanden gestaag gewerkt is aan de citymarketing van Oosterhout (o.a. met de productie van een nieuwe toeristische website voor Oosterhout) moet ertoe leiden dat Oosterhout als toeristische bestemming vaker in beeld komt. Sociale zekerheid Een aandachtspunt is de terughoudendheid die bij ondernemers ervaren om gebruik te maken van de (lokale) ondersteuningsmaatregelen. Zo melden zich slechts weinig horecaondernemers voor de TONK-regeling, terwijl de financiële nood in deze categorie toch hoog is.
Ook anderszins wordt ervoor gepleit bestaande ondersteuningsregelingen beter over het voetlicht te brengen. Als gevolg van de crisis is het Samenwerkingspact, waarin verschillende organisaties op het gebied van sociale zekerheid elkaar vinden, gereactiveerd. Het pact is ook verbreed, want uitgebreid met huisartsen en onderwijsinstellingen.
13
8. Overige beleidsterreinen In dit hoofdstuk komt een aantal beleidsterreinen aan bod, die niet zijn onder te brengen onder de domeinen samenleving, jeugd en arbeidsmarkt/economie Bestuur De regionale oriëntatie op de regio Breda-Tilburg heeft inmiddels onder andere vorm gekregen door actieve deelname van Oosterhout in de bestuurlijke regiegroep voor de Stedelijke Regio Breda-Tilburg (SRBT). Binnen SRBT-verband wordt momenteel gewerkt aan een verstedelijkingsakkoord met provincie en rijk, waarin wordt aangegeven op welke manier de regio haar bijdrage wil leveren aan het realiseren van de landelijke ambities rondom woningbouw, economie, mobiliteit, landschap en duurzaamheid. Als het gaat om burgerparticipatie is in tijden van de coronacrisis het instrument van digitale consultatie razendsnel ontwikkeld. In het begin moest iedereen nog wennen aan informatieof inspraakbijeenkomsten via Teams of Zoom, nu lijken via livestream aangeboden hybride bijeenkomsten het “nieuwe normaal”. De verwachting is dat deze digitale manier van participatie zal blijven bestaan, ook als bijeenkomsten weer fysiek kunnen worden gehouden, in aanvulling op de meer traditionele inspraakmethoden.
Het verdient aanbeveling om werkwijze van de ‘corona-talkshows’ zijn vormgegeven, ook in de toekomst te blijven hanteren, als opmaat naar of onderdeel van de maatschappelijke dialoog over voor Oosterhout relevante onderwerpen. Het zou daarbij goed zijn als de gemeente de samenwerking aangaat met maatschappelijke partners, lokale media en organisaties als het Jongerenpanel. Energietransitie De coronacrisis lijkt geen of weinig negatieve invloed gehad te hebben op de doelstellingen met betrekking tot duurzaamheid. Waar er eerder nog de vrees bestond dat de coronacrisis ondernemers zou weerhouden van investeringen in duurzaamheid, blijkt die bereidheid zich toch licht positief te ontwikkelen. Mobiliteit Het idee om in Oosterhout te komen tot een lokaal mobiliteitspact wordt nader uitgewerkt in het kader van de Mobiliteitsvisie van de gemeente Oosterhout. In zo’n pact maken overheid en bedrijfsleven afspraken over thuiswerken en flexibele werktijden om zo de automobiliteit te kunnen terugdringen dan wel te spreiden. Vanuit haar werkgeversrol heeft de gemeente hier een voorbeeldfunctie te vervullen. Overigens wordt ook landelijk en provinciaal aan een dergelijk akkoord gewerkt; Oosterhout zou hierop kunnen aanhaken.
De verwachting is dat de vermindering van het gebruik van het openbaar vervoer aanzienlijke gevolgen gaat hebben voor de wijze waarop het openbaar vervoer in de provincie NoordBrabant is geregeld. Met name ov-lijnen die van oudsher al een matige bezetting kennen, zullen, bij het verlenen van de nieuwe ov-concessie, in de knel komen. De deeltaxi zal in zo’n geval het alternatief zijn. De lockdown-maatregelen hebben geleid tot een aanzienlijke toename van het aantal thuisbestellingen. Er zullen maatregelen moeten worden genomen om de daarmee samenhangende verkeersstromen beter te reguleren. Eenzelfde ontwikkeling doet zich voor in het buitengebied. De toegenomen recreatieve druk op natuurgebieden vraagt eveneens om “slim sturen” op verkeer en parkeren.
14
Woningbouw Met het vaststellen van de strategische woningbouwnota heeft de gemeenteraad het mogelijk gemaakt om de jaarlijkse woningbouwproductie te verhogen van 240 naar 300 woningen per jaar. Daarnaast gaat er gezocht worden naar (een) nieuwe uitbreidingslocatie(s); dat is nodig om te voldoen aan de vraag om grondgebonden woningen, niet alleen vanuit Oosterhout, maar ook vanuit de regio. Die grondgebonden woningen heeft Oosterhout nodig om met name jonge gezinnen met kinderen aan de gemeente te binden (zie ook onderdeel economie en arbeidsmarkt).
15