CConstaterende datOosterhout
Koppel je AI →
Document · PDF

position paper seniorencoalitie rondetafel wonen en zorg

Raad - informatiebijeenkomst 17 mei 2022, gemeente OosterhoutBij agendapunt: Inspreken op de raadsagenda van 24 mei 20221.328 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

sENIORENCOALITIE

0 kbo-pcob

ANBO

voor senioren van vandaag en morgen

Uw bondgenoot voor lang en gelukkig leven

IO

NOOM

Koepel Gepensioneerden De kracht van senioren

Positionpaper Seniorencoalitie voor Rondetafelgesprek Wonen en Zorg 17 maart 2021

Introductie Dank voor de uitnodiging om deel te nemen aan het Rondetafelgesprek Wonen en Zorg. De ouderenorganisaties ANBO, KBO-PCOB, Koepel Gepensioneerden en NOOM, verenigd in de Seniorencoalitie, pleiten al jaren voor landelijk beleid op ouderenhuisvesting. Willen we namelijk zorgen dat mensen vitaal ouder worden en hun zelfredzaamheid behouden, dan is een eerste voorwaarde goed en passend wonen in een omgeving waar voldoende voorzieningen zijn. We weten dat de huidige en toekomstige senioren hele andere woonbehoeften en wensen hebben. Echter de praktijk laat zien dat er nog nauwelijks rekening wordt gehouden met de specifieke woonwensen van de steeds grotere groep senioren.

We hopen dat we met het rapport 'Wonen en Zorg voor ouderen' nu aan de vooravond staan van een stevig uitvoeringsprogramma om de noodzakelijke maatregelen te nemen en de geconstateerde belemmeringen weg te halen. We weten waar de behoeften liggen en dus wat er nodig is. Het gaat er nu om dit waar te maken, natuurlijk in samenspraak met senioren. Ons inziens vraagt dat om een regierol van de Rijksoverheid middels een landelijk programma met de nodige doorzettingsmacht. De gemeenten blijven cruciaal om op basis van de lokale dan wel regionale context hieraan uitvoering te geven.

Veranderende wensen en behoeften van senioren De behoeften van oudere mensen zijn heel divers en veranderen ook nog met het stijgen van de leeftijd. De diversiteit aan behoeften vraagt een diversiteit aan oplossingen: van woningaanpassingen, het verbouwen van woningen, het bijbouwen op eigen grond, tot nieuwbouw in allerlei woonvormvarianten naast elkaar. Deze oplossingen voorzien niet alleen in de behoeften van senioren. Het zijn ook opties voor andere doelgroepen als starters, jonge gezinnen of mensen met een beperking. Een focus op passende woningen voor senioren heeft dus allerlei positieve neveneffecten, waarvan het op gang komen van de zo gewenste doorstroming er één van is. Uit onderzoek blijkt dat elke verhuizing van een senior naar een andere, meer passende woning vier tot zeven andere woonveranderingen tot gevolg heeft.

Het is belangrijk dat mensen vroegtijdig gaan nadenken over hun woonsituatie en zichzelf afvragen of de woning en de locatie op lange termijn geschikt is om in te blijven wonen, met name met het oog op afnemende mobiliteit, verminderende sociale contacten en toegang tot de gewenste voorzieningen. We leven langer en de derde levensfase gaat over in een vierde levensfase waarin onze mogelijkheden afnemen.

1

Invulling veranderende woonbehoeften in maatwerk door gemeenten Gemeenten hebben een grote rol om in contact met hun burgers woonwensen en -behoeften op te halen, deze te vertalen in bouwplannen en het juiste voorzieningenniveau in de wijken. Lokale en/of regionale context verschillen en juist de gemeenten kunnen maatwerk leveren. Waar dit niet goed gaat of stagneert, moet de Rijksoverheid wel kunnen ingrijpen. Wat moeten gemeenten doen?

Elke gemeente dient nu een woonzorgvisie te hebben met daarin concrete (ver-)bouwplannen afgestemd op de wensen en behoeften van burgers, inclusief senioren. Helaas is dit nu nog niet altijd het geval en verschillen de woonvisies aanzienlijk als het gaat om de gewenste prestatieafspraken. Gemeenten zullen in goed contact met hun burgers met regelmaat woonwensen ophalen (voor zover dat al niet gedaan is). Dit kan door onderzoek, maar ook in directe gesprekken en door de wijken in te gaan. Dit is ook belangrijk als het gaat om het vroegtijdig informeren in geval van gedwongen verhuizingen naar een andere wijk of buurt in het geval van bouwplannen.

Bijbehorend onderdeel is een visie op de wijken en de voorzieningen die nodig zijn om tot zorgzame wijken te komen met veel onderlinge contacten. De mogelijkheid voor gezamenlijke woonvormen vanuit burgerinitiatieven is eveneens een belangrijk onderdeel van de woonzorgvisie. Hierbij moet duidelijk zijn op welke manier de initiatieven gerealiseerd kunnen worden. We kennen te veel voorbeelden van visies waarin burgerinitiatieven genoemd worden. Maar als mensen dit willen realiseren, blijkt de praktijk zeer weerbarstig te zijn. Gemeenten moeten het mensen zo makkelijk mogelijk maken om met plannen te komen en deze te realiseren. Binnen elke gemeente moet ook de mogelijkheid vergroot worden voor burgers om met eigen (tijdelijke) oplossingen te komen: splitsen van woningen, het verbouwen van woningen, het plaatsen van een mantelzorgwoning, het bijbouwen op eigen grond. Daar waar oplossingen makkelijk binnen bestaande bouw gerealiseerd kunnen worden, dienen deze serieus overwogen te worden. Ook het belang van de eventuele mantelzorger dient hierbij meegenomen te worden.

Daarnaast neemt door de vergrijzing de druk op de verpleeghuiszorg toe. Daar ligt ook een grote (bouw-)opgave voor zorgorganisaties en woningcorporaties. Gemeenten zijn hierbij nodig, moeten inzicht hebben in de woonzorgopgave en kunnen/moeten sturing geven aan nieuwe initiatieven. Door meer en diverse woonvormen voor ouderen te stimuleren, voorkomen we dat de verpleeghuiszorg in Nederland dichtslibt. Er liggen meer dan voldoende kansen voor gemeenten om in hun ouder wordende bevolking te investeren. Het voorbereiden op ouder worden is net zo belangrijk als voorheen de voorbereiding op werk of het krijgen van kinderen. En als zich problemen voordoen, dan is het goed als gemeenten zich richten op het versterken van de mogelijkheden van mensen om hun zelfredzaamheid te behouden en zo min mogelijk afhankelijk van professionals of hulpmiddelen te worden, het zogeheten reablement.

Wat betekent dit voor de rol van de Rijksoverheid? De tijd van vrijblijvendheid is voorbij. Als gemeenten niet bereid of in staat zijn een concrete en sterk kwalitatieve integrale woonvisie te overleggen op wonen, welzijn en wijken met een bijbehorend uitvoeringsplan, dient de Rijksoverheid in te grijpen en prestatieafspraken af te dwingen. Wel dient de Rijksoverheid gemeenten te steunen, door bestaande knelpunten weg te halen en het gemeenten mogelijk te maken een palet aan oplossingen te kunnen initiëren. Het genoemde rapport 'Wonen en zorg voor ouderen' laat zien dat er allerlei belemmeringen zijn van financiële en organisatorische aard. Ook zijn er belemmeringen op het terrein van

2

regelgeving en procedures. De Rijksoverheid dient deze samen met de gemeenten weg te nemen. Gemeenten moeten gecompenseerd worden als zij bereid zijn locaties toe te wijzen en daarbij onder de marktprijs hun grond moeten verkopen.

Daarnaast is het belangrijk dat er een integrale aanpak komt om wet- en regelgeving aan te passen en meer ruimte maken voor een diversiteit aan oplossingen. Hieronder vallen ook allerlei inkomensbeperkingen. Willen we meer gemeenschappelijke woonvormen stimuleren, dan zal de Rijksoverheid beperkende wetgeving ten aanzien van uitkeringen en samenwonen onder de loep moeten nemen en daar waar nodig aanpassen.

De Rijksoverheid dient daarnaast ook de weg vrij te maken voor een grotere rol van de woningbouwcorporaties. Naast sociale huur zou het goed zijn als de corporaties ook weer in de lage vrije-sectorhuur kunnen investeren. Daarnaast hebben zij een rol in het creëren van gemeenschappelijke ruimtes in en rond hun gebouwen. Samen met de gemeenten kunnen zij hier dan weer invulling aangeven. Ook de toewijzingsregels zullen opnieuw bekeken moeten worden. Gemeenschapswonen vraagt diversiteit in de samenstelling van de bewoners. Toewijzing alleen op inkomen zorgt ervoor dat het gemeenschapswonen niet van de grond kan komen. En als laatste willen wij dat er een snelle landelijke escalatiemogelijkheid komt voor burgers als zij tegen allerlei gemeentelijke maatregelen aanlopen bij de wens en realisatie van hun wooninitiatief. Via deze escalatiemogelijkheid wordt gekeken naar waar de belemmeringen zitten en worden deze weggenomen. Samengevat zien wij een grote rol voor de Rijksoverheid om een landelijk uitvoeringsprogramma neer te zetten met eisen wat er moet gebeuren. Maatwerk blijft belangrijk en daarom moeten gemeenten gesteund worden, zowel financieel als met verruiming van wet- en regelgeving om met hun burgers aan de slag te gaan. Daar waar zaken onvoldoende gerealiseerd worden, moet de overheid helpen dan wel ingrijpen.

Tevens heeft de Rijksoverheid een taak tot het ondersteunen en mogelijk maken van burgerinitiatieven.

De Seniorencoalitie ANBO KBO-PCOB Koepel Gepensioneerden NOOM

10.2.e 10.2.e 10.2.e 10.2.e

(directeur-bestuurder) (directeur) (voorzitter) (coördinator zorg en welzijn)

3

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Oosterhout&id=87b95d9d-35e4-4063-b336-29720e551424