Inbreng raadsfracties debatbijeenkomst visie sociaal domein.docx
Tekst van het document
Inbreng raadsfracties debatbijeenkomst visie sociaal domein 5-11-2020 met verwerking reacties De debatbijeenkomst ging over zowel de beleidsnota Toekomst van dagbesteding en begeleiding als de Visie sociaal domein. In dit document wordt teruggegrepen op hetgeen door de raadsfracties is ingebracht in relatie tot de visie sociaal domein. Overall heeft de debatbijeenkomst geleid tot belangrijke aanvullingen in de visie op drie onderwerpen: - toeleiding en toegang (hoofdstuk 7 - pagina 27 tot en met 33); - monitoring, op verschillende niveaus: op maatschappelijk resultaat, op outcome en op output (hoofdstuk 9 – pagina 35); - verworven inzichten, vanuit ervaringen met het SWT en de pilot ‘regelvrij integraal sociaal domein’ (bijlage III – pagina 44 tot en 47). Groen Links: Het expliciet benoemen van de grenzen van eigen verantwoordelijkheid in de visie ziet Groen Links als een stap in de goede richting. Een aantal punten worden meegegeven voor de definitieve versie van de visie. - Graag nog concrete ervaringen vanuit de pilot Regelvrij meenemen in de definitieve versie. Naar aanleiding van de debatbijeenkomst is er een bijlage toegevoegd aan de visie. In bijlage III wordt ingegaan op de verworven inzichten op basis van de ervaringen in de samenwerking met het SWT en de ervaringen die zijn opgedaan in de pilot ‘regelvrij integraal sociaal domein’.
Concrete ervaringen vanuit de pilot zijn terug te lezen in het evaluatierapport van de GGD dat in de loop van april naar de gemeenteraad zal worden gestuurd. Dit zal in ieder geval voor de raadsbehandeling van de visie zijn. - Graag meer aandacht in de visie voor wat we als gemeente willen als het gaat om de toegang tot het sociaal domein. Het nieuwe hoofdstuk Toeleiding en Toegang is geweid aan dit onderwerp. - De gehouden enquête is voor wat betreft Groen Links te mager. In aanvulling op de enquête heeft de Adviesraad Sociaal Domein verdiepende gesprekken gevoerd met groepjes inwoners om op te halen hoe zij aankijken tegen de uitgangspunten in de visie. De adviesraad geeft in zijn rapportage aan dat de meesten van de gesproken inwoners de inhoud van de visie onderschrijven. - Groen Links zou meer inzicht willen op welke wijze concreet invulling wordt gegeven aan de monitoring van gegevens binnen het sociaal domein. Over de ontwikkeling van monitoring binnen het sociaal domein is intensief gesproken met raadsleden vanuit de raadsklankbordgroep sociaal domein. Het ging in de overleggen onder andere over de vraag welke informatietypen en op welk niveau de gemeenteraad over monitoringsgegevens moet kunnen beschikken om te kunnen sturen.
In de raadsinformatiebijeenkomst van 13 april gaat het over de monitoring binnen het sociaal domein en wordt er een terugkoppeling gegeven van het traject met de raadsleden vanuit de klankbordgroep. In hoofdstuk 9 Monitoring en financiële beheersbaarheid is de omschrijving toegevoegd van wat er bedoeld wordt met maatschappelijk resultaat, outcome en output. GBV: GBV is het ermee eens dat naast het ondersteunen en versterken van het individu ook ingezet wordt op het ondersteunen en versterken van de gemeenschap. Het vormt een logische aanvulling om meer preventief te kunnen gaan werken. De volgende aandachtspunten worden meegegeven: - GBV zag de voormalige buurthuizen als broedplaatsen van samenredzaamheid, inclusieve samenleving en ‘meer voor elkaar’. GBV was tegen de sluiting. Met het sluiten van de buurthuizen en de komst van de activiteitencentra heeft Surplus Welzijn het beheer en gastheerschap op zich genomen binnen de AC’s. De aanwezigheid van beroepskrachten van Surplus zorgt voor veiligheid (fysiek en sociaal) en voorkomt uitsluiting van mensen. Beroepskrachten garanderen continuïteit en stimuleren nieuwe verbintenissen. De keuze voor AC’s was bedoeld om een impuls te geven aan meer samenredzaamheid, inclusie en verbinding.
1 12 april 2021
-
-
-
Andere belangrijke functies hebben ook een plek gekregen binnen de AC’s: signalering en preventie, informatie en advies en cliëntondersteuning. Visie is probleemgestuurd. Gericht op het monitoren van problemen en om uitgaven in bedwang houden. Met de blik op de sociale basis en de maatschappelijke impact is de visie minder gericht op alleen de inwoners met problemen/vragen. GVB vraagt blijvende aandacht voor en de juiste begeleiding voor de meest kwetsbare inwoners. De visie zet in op preventie en de beweging naar de voorkant. De meest kwetsbare inwoners kunnen blijven rekenen op zorg en ondersteuning. Uiteraard ook als dit geïndiceerde ondersteuning betreft. Denk aan de inzet van ervaringsdeskundigen en de herstelbenadering. Via het werkveld van de GGZ heeft het werken met (getrainde) ervaringsdeskundigen en de herstelbandering zijn intrede gedaan binnen het sociaal domein. De meerwaarde en inzichten zijn breed inzetbaar onder allerlei doelgroepen en thema’s. Er wordt hiervan daarom zeker gebruik gemaakt. Zo is het bijvoorbeeld concreet opgenomen in het beleidskader Welzijn. In de raadsbrief over de besluitvorming inzake dit beleidskader van november 2020 staat verder het volgende geschreven: “In het welzijnswerk hebben we de afgelopen jaren gemerkt dat de systeemwereld soms nog te ver af staat van de leefwereld van onze inwoners.
Door meer uit te gaan van ervaringen van mensen, meer gebruik te maken van ervaringskennis en ervaringsdeskundigheid kan de leefwereld meer centraal komen te staan. Ervaringsdeskundigheid zal dan ook in de komende jaren een rol spelen in de doorontwikkeling van o.a. het welzijnswerk. Denk bijvoorbeeld aan de inzet van ervaringsdeskundigen bij de aanpak van (complexe) scheidingen, het bereiken van de doelgroep voor de cursus ‘uitkomen met je inkomen’ of in de vorm van een vrijwillige buddy die wordt gekoppeld aan een inwoner met een ondersteuningsvraag.”
CDA / Lijst zonder Partij: De visie probeert opnieuw de uitgangspunten te formuleren en antwoord te geven op de vraag waarom we doen wat we doen. CDA/Lijst zonder Partij ziet preventie als de belangrijkste bron van bezuiniging, hoe moeilijk meetbaar ook. In de bijdrage worden nog de volgende aandachtspunten meegegeven: - Waak ervoor om niet te veel de toon van ‘wij weten wat goed voor u is’ te slaan. In de visie vormt meedoen een belangrijk uitgangspunt omdat dit goed zou zijn voor de mens. Sommige mensen kunnen hier andere keuzes in maken. Heb aandacht voor ‘bewuste zorgmijders’. In de definitieve versie van de visie is aangescherpt dat meedoen inderdaad tot op zekere hoogte vrije keuze is, zolang inwoners geen overlast veroorzaken of aanspraak maken op voorzieningen binnen het sociaal domein. Zodra hier wel sprake van is, wordt binnen het sociaal domein actief samen met de inwoner de kansen, mogelijkheden en toegevoegde waarde van meer participatie verkend. Deze aanscherping is terug te vinden op pagina 18 van de visie. - Zouden we als gemeente niet zelf meer uitvoering moeten geven aan laagdrempelige zorgverlening (in plaats van het financieren van de zorgindustrie)? In de visie wordt niet voor deze richting gekozen.
Door nauwe samenwerkingsverbanden met maatschappelijke partners en zorgaanbieders zitten we als gemeente wel zo dicht mogelijk tegen de uitvoering van de zorgverlening aan. Gemeentebelangen Gemeentebelangen spreekt zich positief uit over de visie en geeft de volgende aandachtspunten mee: - Vergrijzing; let op dat zij niet vereenzamen en dat zij de voorzieningen weten te vinden. Eenzaamheid vormt een van de grotere maatschappelijke uitdagingen in de aankomende jaren. Onder andere met Surplus Welzijn zetten we in op een aanpak tegen eenzaamheid. Dit kent verschillende onderdelen, bijvoorbeeld het matchen van gezelschapsvragen op Oosterhoutvoorelkaar, het samenbrengen van individuele vragen en vervolgens inzetten van collectieve oplossingen en het verbinden van 2 12 april 2021
-
-
welzijn met ‘diensten achter de voordeur’. Het brede welzijnsaanbod moet hiervoor bekend zijn met de zorg- en hulpverleners die achter de voordeur komen. In de inzet tegen eenzaamheid is er uiteraard ook aandacht voor jongeren en jongvolwassenen. Laaggeletterden en anderstaligen weten nog moeilijk de weg te vinden naar de vrij toegankelijke voorzieningen. Van het welzijnswerk wordt zichtbare aanwezigheid in de wijken verwacht. Toegankelijk en benaderbaar voor alle inwoners, met indien nodig nadrukkelijke aandacht voor laaggeletterden en anderstaligen omdat voor deze doelgroep soms net wat meer nodig is om hen te bereiken. Op pagina 29 van de visie SD staat nu aangescherpt dat het voor de signaleringsfunctie in de toeleiding belangrijk is om verschillende groepen inwoners te weten te bereiken, waaronder laaggeletterden en anderstaligen. Verder staat in de raadsbrief over de besluitvorming inzake het beleidskader Welzijn van november 2020 het volgende geschreven: “Wij hebben een aantal integrale maatschappelijke uitdagingen geformuleerd en aan Surplus Welzijn gevraagd om hier specifiek aandacht aan te geven de komende jaren. Aandacht voor laaggeletterdheid en anderstaligen is een van die maatschappelijke uitdagingen. Surplus Welzijn geeft aan hier in 2021 mee aan de slag te gaan als partner in het recent gesloten taalconvenant.
Ze werken samen met Theek5 en geven (mede) invulling aan het (digi)taalhuis, de taalmaatjes, de maatschappelijke begeleiding van statushouders, zetten daar waar nodig (vrijwillige) tolken in en er wordt in de Slotjes een praatpunt georganiseerd. Inwoners die moeite hebben met de inhoud van bijvoorbeeld formulieren kunnen verder gebruik maken van de kennis en deskundigheid van de vrijwillige burgeradviseurs. Daarnaast worden de (vrijwillig) medewerkers getraind in het signaleren van laaggeletterdheid en doorverwijzen en zorgt Surplus Welzijn voor eenvoudig taalgebruik in de communicatie uitgingen en dienstverlening.” Binnen het gemeentelijke sociaal team (beleid en uitvoering) heeft het schrijven van toegankelijke teksten en duidelijke communicatie voor inwoners de aandacht. Een koplopersgroep gaat hier actief mee aan de slag. Ook de ontwikkeling van een breed toegankelijke sociale kaart moet eraan bijdragen dat ook laaggeletterden en anderstaligen de weg weten te vinden naar ondersteuning. Adviesraad Sociaal Domein zou bredere bekendheid moeten krijgen in Oosterhout. Voor het organiseren van de verdiepende gesprekken heeft de Adviesraad flink geïnvesteerd in het eigen netwerk. Ze zijn continu op zoek naar manieren om zich meer bekend te maken in de Oosterhout.
D66 D66 ziet dat men binnen het sociaal domein goed bezig is maar in de visie komt dat nog niet helemaal tot uiting. De vragen die D66 stelt in de bijdrage zijn de volgende: - wat gaan we anders doen? De inhoudelijke koers verandert niet. Er is wel sprake van een belangrijke accentverschuiving in de vorm van het versterken van de sociale basis (inwoners met inwoners en inwoners voor inwoners). In de visie ligt de nadrukkelijke focus op preventie door versterking van de sociale basis, brede toeleiding naar ondersteuning waarbij de ondersteuning zo veel mogelijk vrij toegankelijk is. Hiermee is in de visie een scherpere invulling gegeven aan preventie. Ook wordt het begrip eigen kracht genuanceerd. In de visie wordt benoemd dat eigen kracht kan worden begrensd door cognitieve vaardigheden en mentale belasting. - wat hebben we geleerd? In bijlage III wordt met de verworven inzichten hier een beeld van gegeven. - hoe zorgen we ervoor dat de beweging naar de voorkant plaatsvindt? In de brede toeleiding wordt een duidelijke positie gegeven aan het welzijnswerk. De businesscase van de gemeente Breda toont aan dat welzijnswerkers een belangrijke schakel zijn in de beweging naar de voorkant. Ook de ontwikkeling van een breed toegankelijke sociale kaart moet bijdragen aan deze beweging.
Voor professionals en vrijwilligers vormt de sociale kaart een praktisch hulpmiddel om met inwoners na te gaan welke voorzieningen waar te vinden zijn in Oosterhout. - Hoe zetten we in op preventie? Dat wordt gedaan door te kiezen voor sterke toeleidingspartners, de inzet van vrij toegankelijke voorzieningen en het versterken van de sociale basis. - Wat is de rol van het SWT in dit geheel? 3 12 april 2021
-
-
De medewerkers van het SWT zijn als procesbegeleiders per 1 januari 2021 opgenomen in het integrale gemeentelijke sociaal team. In het hoofdstuk Toeleiding en Toegang wordt de rol en functies van het gemeentelijke sociaal team omschreven. We missen bij het sociale netwerk de buurt en de buren. Een goede buur is immers beter dan een verre vriend. Burenhulp is inderdaad heel waardevol. Met het versterken van de sociale basis en de sociale samenhang in straten, buurten en wijken gaat het ook om de contacten tussen buren onderling. Integrale aanpak is van de grond gekomen. Graag een terugkoppeling hierover. Naar aanleiding van de debatbijeenkomst is er een bijlage toegevoegd aan de visie. In bijlage III wordt ingegaan op de verworven inzichten op basis van de ervaringen in de samenwerking met het SWT en de ervaringen die zijn opgedaan in de pilot ‘regelvrij integraal sociaal domein’. Concrete ervaringen vanuit de pilot zijn terug te lezen in het evaluatierapport van de GGD dat in de loop van april naar de gemeenteraad zal worden gestuurd. Dit zal in ieder geval voor de raadsbehandeling van de visie zijn.
PvdA PvdA vraagt in de bijdrage aandacht voor monitoring, effectmeting, meten kwaliteit van zorg en sturing. Als gemeenteraad wil je zien welk effect het beleid heeft gehad dat door de raad is vastgesteld. In de eerste jaren na de decentralisaties was er beperkt inzet op monitoring en effectmeting. Tijdens de overheveling en overgang van taken, was alle inspanning erop gericht om in de dynamiek van onzekerheid en verandering “de winkel open te houden”. In de afgelopen jaren is er echter met steeds meer inzet gewerkt aan monitoring. Dit is een lerend proces, waarbij eerst de focus lag op de monitoring binnen de afzonderlijke domeinen en de niet-vrij toegankelijke voorzieningen. Het werk op dit gebied is nog niet af, maar er moeten ook stappen worden gemaakt als het gaat om monitoring en effectmeting op domein overstijgende indicatoren, de vrij toegankelijke voorzieningen en de toegang. Over de ontwikkeling van monitoring binnen het sociaal domein is in de afgelopen periode intensief gesproken met raadsleden vanuit de raadsklankbordgroep sociaal domein. Het ging in de overleggen onder andere over de vraag welke informatietypen en op welk niveau de gemeenteraad over monitoringsgegevens moet kunnen beschikken om te kunnen sturen.
In de raadsinformatiebijeenkomst van 13 april gaat het over de monitoring binnen het sociaal domein en wordt er een terugkoppeling gegeven van het traject met de raadsleden vanuit de klankbordgroep. In hoofdstuk 9 Monitoring en financiële beheersbaarheid is de omschrijving toegevoegd van wat er bedoeld wordt met maatschappelijk resultaat, outcome en output. PvdA vraagt in de bijdrage verder nog aandacht voor het volgende: - Visie zou geschreven moeten worden in een taal die aansluit bij de leefwereld. PvdA leest nog te veel systeemtaal terug in de visie. Er is getracht om het vakjargon te beperken. Alternatieven voor begrippen als het voorliggend veld, de sociale kaart en toeleiding zijn lastig te vinden. Er zijn weinig woorden vanuit het dagelijkse leven die de dekking laden. Door de voorbeelden in de visie is geprobeerd de visie dichter bij de leefwereld te brengen. Het schrijven van toegankelijke teksten heeft de aandacht binnen het gemeentelijke sociaal team (beleid en uitvoering). Een koplopersgroep gaat hier actief mee aan de slag. - PvdA is geen voorstander van het gebruik van het woord ‘klant’. In de visie wordt zo veel mogelijk gesproken over de inwoner die mogelijk een hulpvraag heeft of tegen problemen aanloopt in het leven. - We hebben een systeem gebouwd binnen het sociaal domein.
Hoe werkt dit en wat is er nodig om dit verder te verbeteren? In de bijlage III wordt er teruggekeken naar de intenties en uitgangspunten voor de oprichting van het SWT (als belangrijk onderdeel van het systeem), de ervaringen uit de weerbarstige praktijk en de inzichten die dit heeft opgeleverd voor verbetering. - Hoe ver zijn we gekomen met 1 gezin, 1 plan? Wat zijn de belemmeringen geweest en wat zijn de kansen geweest die we misschien hebben laten liggen? In bijlage III wordt hierop ingegaan. In hoofdstuk over integraal samenwerken wordt het belang benadrukt van stevige regie in vastgelopen casuïstiek en rol van de in 2020 aangestelde procesregisseurs hierin omschreven. De aanvulling en aanscherping is terug te lezen op pagina 23-24. 4 12 april 2021
VVD -
-
-
-
-
-
-
-
Voor wat betreft de VVD is eigen kracht het startpunt en randvoorwaardelijk. In de visie is eigen kracht de eerste belangrijke pijler. Het (h)erkennen van de grenzen van eigen kracht betekent niet dat binnen het sociaal domein problemen worden overgenomen van inwoners en deze voor hen worden opgelost. Het gaat om het ondersteunen bij het oplossen van de eigen problemen. Op pagina 18 van de visie is terug te lezen dat inwoners verantwoordelijkheid blijven dragen voor het oplossen van de eigen problemen. Binnen open house contracten (veel gebruikte constructie binnen het sociaal domein) kunnen in theorie een ongelimiteerd aantal zorgaanbieders toetreden. Met een groot aantal aanbieders is sturing een grote uitdaging en kostbaar in de uitvoering. Met name door deze ervaring is bij de contractering van de uitvoering van de huishoudelijke ondersteuning (HbH) gekozen voor een aanbesteding waarbij een beperkt aantal aanbieders zijn geselecteerd voor de uitvoering van de opdracht. Dat wil niet zeggen dat sturing op aanbieders binnen open house contracten onmogelijk is. Binnen een contract met een groot aantal aanbieders ligt de meeste inzet en focus bij de strategische aanbieders. In ‘carrousel’ en op basis van monitoring en signalen is er binnen contractmanagement aandacht voor de overige kleine aanbieders.
Op individueel niveau wordt overigens in elke afzonderlijke casus/geïndiceerd traject gestuurd op doelmatigheid en doeltreffendheid (effectiviteit en kwaliteit van zorg). Wanneer zijn trajecten succesvol? Hoe meet je het effect? Hier gaat het om monitoring op outcome, waar bijvoorbeeld de cliëntervaringsonderzoeken voor worden gebruikt. Over de ontwikkeling van monitoring binnen het sociaal domein is intensief gesproken met raadsleden vanuit de raadsklankbordgroep sociaal domein. Het ging in de overleggen onder andere over de vraag welke informatietypen en op welk niveau de gemeenteraad over monitoringsgegevens moet kunnen beschikken om te kunnen sturen. In de raadsinformatiebijeenkomst van 13 april gaat het over de monitoring binnen het sociaal domein en wordt er een terugkoppeling gegeven van het traject met de raadsleden vanuit de klankbordgroep. In hoofdstuk 9 Monitoring en financiële beheersbaarheid is de omschrijving toegevoegd van wat er bedoeld wordt met maatschappelijk resultaat, outcome en output. Wanneer zijn inwoners klaar om zelf het leven aan te gaan? Wat is de ondergrens? Wanneer is voldoende goed genoeg? Normaliseren, alleen doen wat echt nodig is. De beweging naar de voorkant, waar in de visie op wordt ingezet, gaat inderdaad ook over normaliseren.
Normaliseren betekent accepteren dat het leven veel imperfecties en tegenslagen kent en waarmee je zult moeten leren omgaan. Deze aanscherping is terug te vinden op pagina 29 van de visie. Soms lijkt het makkelijker om zware hulp te beschikken, dan om eenvoudige hulp in de nabijheid te organiseren. Hoe zit dat in Oosterhout? Onder druk van een grote caseload is dit inderdaad een gevaar. Mede daarom wordt gekozen voor een brede toeleiding zodat bij de gemeentelijke toegang alleen die vragen terecht komen waar echt een stuk niet vrij toegankelijke ondersteuning nodig is. Is er een snelle route naar een enkelvoudige oplossing? In de visie wordt in het hoofdstuk Toeleiding en Toegang op pagina 31-32 ingegaan op enkelvoudige eenvoudige hulpvragen waar niet alle stappen uit de toeleidingsfase hoeven worden doorlopen. De VVD zou graag zien dat de gemeenteraad in een volgende aanbestedingsronde, wordt meegenomen in het formuleren van de uitgangspunten voor de inkoop. Wanneer dit speelt kan hier ruimte voor worden gemaakt tijdens de raadsinformatieavonden SD die twee keer per jaar zullen worden georganiseerd, zodat het college input kan ophalen voor het formuleren van uitgangspunten.
Hoe zorgen we ervoor dat we het goede gesprek voeren over alle ontwikkelingen in het SD en de consequenties op de totale opgave waarvoor we staan? In de raadsnota wordt voorgesteld om 2 x per jaar raadsinformatieavonden SD te organiseren over beleidsontwikkelingen, de stand van zaken in het verbetertraject toegang en het monitoren binnen het sociaal domein.
5 12 april 2021
Groen Brabant Groen Brabant is nog niet onverdeeld enthousiast over de visie en stelt in de bijdrage een aantal vragen. - Alles integraal benaderen staat niet in verhouding. Er zijn ook veel enkelvoudige vragen. In de visie wordt in het hoofdstuk Toeleiding en Toegang op pagina 31-32 ingegaan op enkelvoudige eenvoudige hulpvragen waar niet alle stappen uit de toeleidingsfase hoeven worden doorlopen en een integrale aanpak niet van toegevoegde waarde is. - Wat wordt er vanuit de visie anders gedaan en kan er anders worden gedaan om grip te krijgen op de groeiende zorgkosten? In de visie ligt de nadrukkelijke focus op preventie door versterking van de sociale basis, brede toeleiding naar ondersteuning waarbij de ondersteuning zo veel mogelijk vrij toegankelijk is. Hiermee is in de visie een scherpere invulling gegeven aan preventie. - Hoe wordt raad meegenomen in de voortgang? In de raadsnota wordt voorgesteld om 2 x per jaar raadsinformatieavonden SD te organiseren over beleidsontwikkelingen, de stand van zaken in het verbetertraject toegang en het monitoren binnen het sociaal domein.
6 12 april 2021