bijlage sjabloonvraag 5 - Visie sociaal domein - stimulansz_casusboekje_omgekeerde-toets
Tekst van het document
Stimulansz
Casusboekje Mogelijk maken wat nodig is met de omgekeerde toets Het antwoord op het casusboekje van de Transitiecommissie Sociaal Domein
Stimulansz
Voorwoord Zorg, in welke hoedanigheid dan ook, is in de vorige eeuw langzaam maar zeker weggehaald uit de wereld van persoonlijke relaties en sociale verbanden. We hebben haar verstatelijkt. Buren en corporaties zijn vervangen door overheid en marktpartijen. Dat was geen masterplan. Het gebeurde gewoon. En dat was ook goed. Sociale verbanden veranderden sterk. We ontkerkelijkten, gingen studeren, zochten werk waardoor woonplaats en geboorteplaats steeds minder vaak samenvielen. En we gingen met zijn tweeën buiten de deur werken, mannen én vrouwen. In diezelfde eeuw ontwikkelde zich een manier van denken over het organiseren van werk die zijn wortels vindt in het industriële denken. Om een hoge betrouwbaarheid van kwaliteit te combineren met een efficiënte bedrijfsvoering, gegeven het ontbreken van professionele kennis, werden taken gesplitst. Een goed voorbeeld is de auto-industrie. En zo zou het ook met de zorg gebeuren. Standaardisering werd vertaald in protocollen. Protocollen zijn een soort lopende band. Die splitsing heeft zich doorgezet. Soms tot in het absurde. Zo werden we bij de decentralisaties geconfronteerd met 160.000 productcodes, alleen al in de jeugd-GGZ. Allemaal evidence based trouwens. En nu zijn we een eeuw verder. De veranderingen draaien niet terug. Ze draaien verder. Kennis over de zorg is niet meer exclusief voorbehouden aan hoger opgeleiden.
Van het verstrekken van uitkeringen en rolstoelen verschuift het sociaal domein naar het helpen om zo gelukkig mogelijk te zijn. Daarvoor is soms reparatie nodig. Soms niet. De burger die in de vorige eeuw geobjectiveerd is, - want dat is wat protocollen doen, ze maken een object van de mens -, die burger maakt nu onderdeel uit van een systeem; gezin, voetbalclub, school en straat. En soms gaan we interventies plegen op dat systeem, niet op de burger.
Naar inhoudsopgave
Mogelijk maken wat nodig is, dat is de opdracht in onze tijd. Dat is iets anders dan protocollen volgen en beslissingen nemen conform de verordening. Mogelijk maken wat nodig is stelt letterlijk de zorgvrager centraal en de wereld waarin deze leeft. Maar hoe weet je dan als professional of je het goede doet? Als het protocol en de verordening je niet meer het houvast bieden? Het afgevinkte lijstje je niet zonder meer naar de juiste interventie leidt? De omgekeerde toets probeert een antwoord op deze vragen te bieden. De toets zet onze wereld op zijn kop. En dat moet ook want deze ver andering is fundamenteel en niet te stuiten. Wat de gevolgen zijn voor de ontwikkeling van de professional, de inrichting van het bestuur, het onderwijs, de definities van kwaliteit, het toezicht? Ik weet het niet. Wat ik wel weet, is dat ik het mooi vind. Han Noten Voorzitter van de voormalige Transitiecommissie Sociaal Domein
Stimulansz
Inhoud Voorwoord Inleiding Hoe werkt de omgekeerde toets?
casus 1 wanbetaler zorgverzekering casus 2 rekening doorschuiven casus 3 strikte toepassing participatiewet casus 4 overgangsrecht verstopt voorziening casus 5 bijzondere bijstand als belemmering casus 6 niks verdienen, wel een kostendelersnorm casus 7 cjib als belemmering casus 8 privacy en de strijd over de toegang casus 9 organiseer vitale coalities casus 10 bijstand en regels Geleerde lessen Colofon Over Stimulansz
4
Stimulansz
Inleiding Herkent u dit? Er komt een man aan het loket met een probleem. U wilt hem graag helpen maar u bent gebonden aan de wet. Het strikt naleven van die wet zou de man echter alleen maar verder in de problemen brengen. Wat kunt u in zo’n geval nu het beste doen? In dit casusboekje krijgt u het antwoord op die vraag. integraal werken Dit is een doe-het-zelf-boek voor iedereen die werkzaam is in het sociaal domein. Met de omgekeerde toets introduceert Stimulansz een heel andere manier van kijken. Een manier die eigenlijk zo vanzelfsprekend is dat je, als je het principe eenmaal doorhebt, denkt: ‘logisch, zo moet het! Zo is de wet bedoeld!’ Een methode ook die een nieuwe betekenis aan het begrip integraal werken geeft. Want met de omgekeerde toets kiest u uit een palet van wettelijke mogelijkheden, dwars door alle domeinen heen, en met maar één doel voor ogen: uw klant zo goed mogelijk helpen. 10 casussen Het principe van de omgekeerde toets is feitelijk heel eenvoudig. Eerst leggen we u uit hoe het werkt. Daarna passen we het principe toe op tien voorbeelden uit ‘Mogelijk maken wat nodig is’, het casusboekje van de Transitiecommissie Sociaal Domein*. In dat boekje is de problematiek uitgebreid in kaart gebracht. Echter, de bijbehorende oplossing van het probleem ontbreekt daar.
De omgekeerde toets biedt alsnog het antwoord en is daarmee een logisch vervolg op het boekje van de Transitiecommissie. Vandaar de titel: ‘Mogelijk maken wat nodig is met de omgekeerde toets’.
*‘Mogelijk maken wat nodig is. 17 casussen uit de dagelijkse praktijk van sociale wijkteams’. Een uitgave van de Transitiecommissie Sociaal Domein, september 2015.
Naar inhoudsopgave
zelf aan de slag Heeft u alle verhalen en de bijbehorende oplossingen gelezen? Dan kunt u direct zelf aan de slag met het toepassen van de omgekeerde toets, zo nodig met een beetje hulp van ons. meer weten Wilt u meer weten over de omgekeerde toets? Bekijk ook de speciale website. Of mail mij: Evelien.Meester@stimulansz.nl. Ik vertel u er graag meer over. Met vriendelijke groet, Evelien Meester, Stimulansz
5
Stimulansz
Hoe werkt de omgekeerde toets? Voor u als gemeente vormen wetten als de Participatiewet, de Wmo 2015, de Jeugdwet en de Wet gemeentelijke schuldhulpverlening het uitgangspunt voor uw besluiten. Maar wat als u de zaak nu eens omkeert? Begin niet bij de letter van de wet, maar bij het doel van de wet. U denkt mee met de burger over het effect dat hij wil bereiken en kijkt of dit past binnen de doelstelling van de wetten van het sociaal domein. Vervolgens bekijkt u welke wettelijke instrumenten u heeft om dit doel met en voor uw burger te realiseren. Daarbij biedt de wet vaak meer mogelijkheden dan u denkt. Als u maar weet aan welke ‘knoppen’ u moet draaien om het gewenste effect te krijgen. In vier stappen komt u bij een oplossing die werkt!
het gewenste effect in vier stappen stap 1: het effect De eerste vraag die u zich stelt, is welk effect wil ik bereiken met de burger? Of nog beter: welk effect wil de burger bereiken? Denk met de betrokkene mee over wat hij wil bereiken en leg de afspraken die u gezamenlijk maakt vast, bijvoorbeeld in een plan van aanpak. stap 2: de grondwaarde De tweede vraag die u zich stelt is of het beoogde effect valt onder de grondwaarde van de wet. Met ‘grondwaarde’ bedoelen we de reden dat de wet is geschreven. De artikelen uit die wet zijn de instrumenten waarmee dat doel bereikt kan worden in plaats van een doel op zichzelf! De grondwaarden staan in het schema op de volgende pagina.
Naar inhoudsopgave
stap 3: is het besluit ethisch te verantwoorden? De gemaakte afspraken leiden tot een formeel besluit. Bij deze stap wordt de vraag gesteld wat het effect is van het voorgenomen besluit: • uitwerking op persoon, gezin en omgeving (wat betekent het gewenste effect voor hen?) • mogelijkheden en vaardigheden (wat kan betrokkene?) • zuiver in bedoeling (spelen onze eigen normen en waarden een rol?) stap 4: randvoorwaarden Bij de laatste stap wordt een formeel besluit genomen op basis van de gemaakte afspraken. Daarvoor is een set instrumenten beschikbaar (lees: wetsartikelen), met: ‘knoppen’ die toegang bieden tot een bepaalde ondersteuning of de • toegang juist afsluiten; ‘knoppen’ waaraan gedraaid kan worden om meer of minder onder • steuning te bieden en de afspraken die gemeente en burger maken vast te stellen; • een paar basisprincipes die in beton gegoten zijn. Daar is geen afwijking mogelijk.
6
Stimulansz
hoe werkt de omgekeerde toets? Schema grondwaarden
Wet
Participatiewet
Wmo 2015
Wgs
Jeugdwet
Basis
Bestaansminimum
Meedoen aan maatschappelijk leven
Ondersteuning bij financieel beheer
Veilig opgroeien
Complementair
Overheid vult aan op middelen die zelf verworven kunnen worden
Van burgers wordt ver- Burgers moeten in wacht dat zij zelf zoveel eerste plaats zelf hun financiën regelen mogelijk oplossen en organiseren
Bevorderen zelfredzaamheid
Bij voorkeur door betaald werk, anders door vrijwilligerswerk of tegenprestatie
Zo lang mogelijk in eigen leefomgeving
Naar inhoudsopgave
Regie over eigen financiën
Jeugdigen en hun ouders zijn zelf in eerste plaats verantwoordelijk voor veilig opgroeien Regie over het eigen leven
7
Stimulansz
casus 1 wanbetaler zorgverzekering bijzondere bijstand en de lange arm van het rijk bart en zijn vrouw chantal raken beiden hun baan kwijt. Ze verkopen hun huis met een forse restschuld en huren een sociale huurwoning. Uiteindelijk lukt het Chantal als eerste om een nieuwe baan te vinden. Bart kan hier moeilijk mee omgaan en in 2014 verlaat Chantal met beide kinderen de woning. Bart komt in een diepe depressie terecht, raakt aan de drank en gaat gokken. Daardoor ontstaan er achterstanden in de betaling van de vaste lasten zodat een huisuitzetting onafwendbaar lijkt. Omwille van de kinderen besluit Bart zich te herpakken en meldt hij zich bij het wijkteam. Samen met Bart stelt de wijkcoach een plan op. De uitkeringen en toeslagen worden op orde gebracht, er worden betalingsregelingen afgesproken en de stadsbank neemt de schuldsanering ter hand. Bart wordt aangemeld voor een zorgtraject bij een verslavingskliniek en hij begint aan een re-integratietraject. Het vinden van een baan blijkt echter problematisch. Volgens Bart komt dat mede door zijn zeer slechte gebit, dat hij dramatisch heeft verwaarloosd tijdens zijn periode van drankgebruik. Hij wil daarom zijn gebit laten herstellen.
Naar inhoudsopgave
Omdat hij als wanbetaler te boek staat, is de aanvullende zorgverzekering beëindigd. En vanuit de basisverzekering krijgt hij geen tandartskosten vergoed. Bart kan deze tandartskosten niet betalen en blijft dus zitten met een slecht gebit.
8
Stimulansz
casus 1 wanbetaler zorgverzekering
oplossing omgekeerde toets 1 het effect Bart moet weer op eigen benen gaan staan. Een baan vinden, zijn eigen inkomen verdienen en zijn eigen financiën regelen. 2 grondwaarden van de wet Het effect dat we willen bereiken valt onder de grondwaarde ‘het bevorderen van zelfredzaamheid’. Voor de bijstand bij voorkeur via betaald werk, voor de schuldhulpverlening is van belang dat hij zijn eigen financiële administratie weer oppakt.
ing Oploss
Help Bart om zijn gebit op orde te krijgen, zodat hij weer kans op een baan maakt.
Naar inhoudsopgave
3 ethische aspecten Het slechte gebit houdt de werkloosheid in stand. Dat is slecht voor Barts eigenwaarde, maar ook voor de gemeentelijke budgetten. Zo doet Bart langer een beroep op bijstand en dat kost veel geld. 4 randvoorwaarden Je kan ervoor kiezen om de tandartskosten te betalen vanuit de reintegratiegelden. Het is noodzakelijk om het traject tot een goed einde te brengen. Je kan deze tandartskosten ook betalen vanuit de bijzondere bijstand. Dat mag niet standaard, maar als sprake is van een bijzondere situatie, dan kan het wel. Als dit goed wordt gemotiveerd dan is er geen reden voor de accountant om de betaling af te keuren. Ook voor schulden mag – als sprake is van dringende redenen – bijstand worden betaald (artikel 35 en 49 Participatiewet). Als gemeente kun je in beleidsregels opnemen wat je daaronder verstaat. De Centrale Raad van Beroep (CRvB) geeft de buitenste grenzen aan (wat is in ieder geval een dringende reden), maar een gemeente kan daar prima een eigen kleur aan geven. De accountant toetst op de gemeentelijke beleidsregel zolang die redelijk is.
9
Stimulansz
casus 2 rekening doorschuiven geen woning vanwege huurschulden het gezin g. te c. is in september 2014 op straat gezet wegens huur schulden. De schulden zijn veroorzaakt door gokgedrag van de man en bedragen 1 6000,–. Het gezin van Marokkaanse afkomst heeft eerst een tijdje in Marokko gezeten en is vervolgens via het sociaal wijkteam op een camping terechtgekomen, wat zeker voor de drie kinderen geen goe de situatie is. De ouders hebben een echtscheiding aangevraagd, vader woont weer in gemeente C., moeder komt uiteindelijk bij de crisisopvang in de naburige gemeente D. terecht. In gemeente C. kan zij niet terecht omdat er een huurschuld openstaat. En de woningcorporatie heeft als re gel dat mensen met een huurschuld niet in aanmerking komen voor een woning. De moeder kan slechts drie maanden op de crisisopvang blijven, daarna moet ze daar weg. Haar begeleidster neemt direct actie in de rich ting van de gemeente D. De vrouw spreekt niet of nauwelijks Nederlands, kan niet fietsen, moet nog beginnen met inburgeren – zij is in feite geheel geïsoleerd. Ze wil wel werken, zegt ze, maar de inschatting is dat dit wel eens een heel lang traject zou kunnen worden.
Naar inhoudsopgave
De gemeente D. realiseert zich dat de vrouw zeker de komende tien jaar gebonden zal zijn aan een bijstandsuitkering. De man en de vrouw zijn in goede harmonie aan het scheiden, de man blijft een rol spelen in de opvoeding van de kinderen en woont in C., dus ook om die reden ligt een verhuizing naar een andere gemeente niet voor de hand.
10
Stimulansz
casus 2 rekening doorschuiven
oplossing omgekeerde toets 1 het effect Het uiteindelijke doel is dat mevrouw een zelfstandig leven leidt. Het is van belang dat zij dicht bij haar ex-partner een woning vindt. Hij kan haar ondersteunen bij onder meer de opvoeding van de kinderen. Dat gaat veel beter als ze dicht bij elkaar wonen, zodat reistijd en reiskosten geen belemmering zijn. 2 grondwaarden van de wet Hier spelen verschillende (grondwaarden van) wetten een rol. Als we naar de kinderen kijken, dan speelt de Jeugdwet. De grondwaarde in de Jeugdwet is veilig opgroeien. Veilig is een breed begrip in deze wet. Voor de kinderen van gezin G. houdt veilig in, in de nabijheid van beide ouders en in een vertrouwde omgeving op een vertrouwde school. Dit kan de gemeente C. hun bieden. Kijken we naar mevrouw, dan spelen de Wmo 2015 en de schuldhulpverlening een rol. De grondwaarde voor de Wmo is dat mensen meedoen en zoveel mogelijk zelf oplossingen organiseren. Mevrouw heeft een flinke taalachterstand en is niet mobiel.
ing Oploss
Huisvesting in de gemeente C. is op lange termijn de beste oplossing voor mevrouw en voor haar kinderen.
Naar inhoudsopgave
Het risico op een sociaal isolement in een nieuwe woongemeente – waar zij geen netwerk heeft – is groot. De grondwaarde van de Wgs is om mensen te ondersteunen bij financiële zelfredzaamheid. Mevrouw gaat zelfstandig een huishouding voeren, maar ze heeft waarschijnlijk onvoldoende kennis van het financiële stelsel. Zonder netwerk is mevrouw hiervoor aangewezen op de hulpverlening vanuit de gemeente. 3 ethische aspecten Als mevrouw in een andere gemeente moet gaan wonen, dan heeft dat grote gevolgen. Ten eerste is zij haar toch al beperkte netwerk kwijt. Omdat haar man haar minder kan helpen, moet zij een groter beroep doen op hulpverlening (op kosten) van de gemeente. De kinderen zullen minder veilig opgroeien, doordat ze uit hun vertrouwde omgeving worden gehaald en doordat hun vader minder betrokken is bij de opvoeding. Dat kan niet de bedoeling zijn, zeker niet als dat het gevolg is van prestatieafspraken van de crisisopvang. De prestatieafspraken hebben tot gevolg dat mevrouw na drie maanden ergens geplaatst moet zijn. Dat is natuurlijk een goed streven, want te lang in de crisisopvang is niet goed. Maar zeker als er kinderen bij betrokken zijn, gaat een goede plaatsing boven de prestatieafspraken. 4 randvoorwaarden Deze situatie is het meest eenvoudig op te lossen door met de woning corporatie in gemeente C. in gesprek te gaan op bestuurlijk niveau.
Zijn zij bereid om mevrouw te plaatsen ondanks de huurschuld? De gemeente kan aanbieden om de huur direct vanuit de bijstand te betalen (artikel 57 Participatiewet). Dan weet de woningcorporatie zeker dat de huur elke maand op tijd wordt betaald en er geen nieuwe schuld ontstaat. Lukt dat niet, dan kan de gemeente de huurschuld betalen (artikel 35 en 49 Participatiewet). Als dat probleem is opgelost, dan kan de rest van de hulpverlening eenvoudig in gang gezet worden.
11
Stimulansz
casus 3 strikte toepassing participatiewet 18-jaar grens als onneembare barrière thomas is zeventien jaar en zit in het laatste jaar van het voortgezet speciaal onderwijs (vso). Hij wordt in september achttien jaar, maar heeft in juni zijn diploma gehaald. Volgens zijn begeleiders op school zou Thomas prima kunnen uitstromen naar (beschermde) arbeid, met op termijn mogelijk een garantiebaan. Daarvoor moet hij begeleid worden, waarvoor de Participatiewet een passend instrumentarium levert. Maar daarvoor moet hij wel achttien jaar zijn, aldus de gemeente, en dat is hij niet. Thomas moet drie maanden wachten tot hij achttien is. Dat lijkt niet veel, maar drie maanden thuiszitten is volgens de school hoogst riskant voor Thomas. De school bood hem structuur. Als die structuur wegvalt, is de kans heel groot dat hij grensoverschrijdend gedrag gaat vertonen. En voordat dat weer gecorrigeerd is en er een nieuwe structuur voorhanden is, zijn we snel een jaar verder. De school gaat op zoek naar een alternatief.
Naar inhoudsopgave
Bij een tweetal voorzieningen voor kwetsbare jongeren in de regio wordt hij niet aangenomen omdat hij volgens deze instanties niet in staat zou zijn om binnen een half jaar uit te stromen naar de reguliere arbeidsmarkt, wat op zichzelf een bijzondere contra-indicatie is voor voorzieningen die juist gericht zijn op kwetsbare jongeren.
12
Stimulansz
casus 3 strikte toepassing participatiewet
oplossing omgekeerde toets 1 het effect De positieve resultaten van het vso moeten behouden blijven. Dat betekent dat Thomas zo snel mogelijk een baan moet krijgen binnen beschut werk, of een reguliere baan bij een werkgever die bereid is om Thomas de nodige begeleiding te bieden. 2 grondwaarden van de wet Het effect dat we willen bereiken valt onder de grondwaarde ‘het bevorderen van zelfredzaamheid’. We willen dat Thomas zelfredzaam blijft of nog zelfredzamer wordt.
ing Oploss
Ondanks zijn 17 jaar, moet de gemeente Thomas toch een voorziening of een baan aanbieden.
Naar inhoudsopgave
3 ethische aspecten Als Thomas drie maanden moet wachten, dan is de kans zeer groot dat hij weer een jaar nodig heeft om de op school opgedane structuur terug te krijgen. Dat betekent dat hij nog een jaar in de uitkering zit met veel begeleiding. Wordt hij nu ‘opgepakt’ door de gemeente, dan is wel begeleiding naar een (garantie)baan nodig, maar een uitkering wellicht helemaal niet. De kosten zijn dus beduidend lager als hij nu wordt geholpen dan wanneer hij moet wachten tot hij achttien jaar is. Daar komt bij dat het risico zeer groot is dat hij overlast gaat veroorzaken. 4 randvoorwaarden Je kunt Thomas een voorziening aanbieden als niet-uitkeringsgerechtigde (artikel 7, eerste lid onder a, onderdeel 7 van de Participatiewet). Je legt de voorwaarden vast in de verordening. Daarbij kan gekeken worden naar de mate van zelfredzaamheid en het complementaire karakter van de Participatiewet. Hierbij kun je afwegen of iemand het zelf kan betalen en zelf kan organiseren. Voor de langere termijn is van belang dat je vertrouwt op de professio naliteit van het vso. Bij een warme overdracht wordt het advies van het vso opgevolgd en niet een nieuwe afweging gemaakt.
13
Stimulansz
casus 4 overgangsrecht verstopt voorziening blijven zitten waar je zit dennis van 25 heeft een verstandelijke beperking. Hij woont in een voorziening voor beschermd wonen en heeft een beschutte werkplek bij een distributiebedrijf gekregen. Dat heeft zijn ontwikkeling veel goed gedaan. Dennis staat nu veel steviger in zijn schoenen en is volgens zijn begeleiders toe aan een volgende stap: zelfstandig wonen. Zijn ouders zien hier niets in. Het gaat nu goed, daar moet je niets aan veranderen, zo menen zij, en zijn indicatie in het kader van het overgangsrecht AWBZ loopt bovendien nog door tot 2018. Doel van het overgangsrecht is om onzekerheid en onnodige onrust te voorkomen bij kwetsbare mensen die te kampen hebben met een psychiatrische beperking of andere problemen. De begeleiding is er juist steeds meer op gericht om mensen zelfstandig te laten wonen.
Naar inhoudsopgave
Het overgangsrecht bevriest nu als het ware de bestaande situatie en dwarsboomt het streven om een stap verder richting zelfstandigheid te maken.
14
Stimulansz
casus 4 overgangsrecht verstopt voorziening
oplossing omgekeerde toets 1 het effect Als Dennis zelfstandig gaat wonen, kan hij zich verder ontwikkelen en draagt dat bij aan zijn zelfredzaamheid. 2 grondwaarden van de wet De Wmo staat voor participatie en zelfredzaamheid. Vooral de zelfred zaamheid van Dennis zou aanzienlijk kunnen groeien als met hem gewerkt zou kunnen worden aan begeleid zelfstandig wonen. Daardoor zou ook zijn participatie aan de samenleving kunnen toenemen.
ing Oploss
Je niet neerleggen bij het overgangsrecht en de houding van de ouders, maar gezamenlijk proberen Dennis’ ouders te overtuigen van het belang van een volgende stap naar zelfstandigheid.
Naar inhoudsopgave
3 ethische aspecten Als de ouders van Dennis de volgende stap tegenhouden, dan wordt Dennis in zijn ontwikkeling belemmerd. Dat is voor de gemeente een grote, onnodige, kostenpost. Maar het is vooral voor Dennis heel vervelend. Bovendien houdt hij mogelijk een plek bezet die iemand anders harder nodig heeft dan hij. 4 randvoorwaarden Het overgangsrecht is bedoeld om mensen te beschermen. In dit geval is het effect averechts. Het is uiteraard mogelijk om het ‘recht’ eerder te stoppen als dat in het belang van de zorgvrager is. De begeleider van Dennis en de gemeente kunnen afspraken maken om de ouders ervan te overtuigen hoe belangrijk het is dat Dennis zich verder ontwikkelt. Deze stap kan niet gezet worden zonder de (volledige) medewerking van de ouders, omdat anders het risico op mislukking groot wordt en dat een bevestiging voor de ouders zal zijn dat Dennis het niet kan. De begeleider werkt met Dennis aan meer zelfstandig in het leven staan. En de begeleider en de gemeente samen proberen de ouders te overtuigen van het belang van de stap naar zelfstandigheid voor Dennis. Ze stellen voor om eens een weekeindje zelfstandig wonen met forse begeleiding uit te proberen. Wanneer Dennis daarop positief reageert kan dit helpen de ouders over de streep te krijgen.
Maar de stelling: we hoeven niets te doen, hij heeft rechten in het kader van het overgangsrecht, is in deze casus geen juiste invulling van de Wmo 2015. Het idee van beschermd wonen is óók onder de Wmo 2015 dat mensen zelfredzamer worden en dat ze participeren.
15
Stimulansz
casus 5 bijzondere bijstand als belemmering failliete ondernemer krijgt levenslang pedro is te lang doorgegaan met zijn steigerbouwbedrijf, terwijl dat al lang verliesgevend was. Nu zitten hij, zijn vrouw en hun twee dochters (van acht en negentien) met een schuld van 1 100.000,–. De familie moet rondkomen van 1 70,– leefgeld per week. De familie wil graag werken aan een nieuwe start, maar Pedro kan moeilijk aan het werk komen vanwege een lichte hersenbeschadiging na een ongeluk. Ze melden zich aan voor schuldhulpverlening. Met hulp van het wijkteam ruimen ze de eerste problemen uit de weg en vullen ze een aanvraag voor schuldhulpverlening in. Er is echter een probleem: er is geen slotbalans van de onderneming opgesteld. Daardoor is het niet duidelijk hoeveel de schuld precies bedraagt en is het niet mogelijk om een voorstel te doen aan de schuldeisers. Een schuldregeling gaat dus niet lukken. Pedro is niet in staat om een slotbalans van de onderneming op te maken en van die 1 70,– per week kan de familie niet iemand inhuren om dat te laten doen. De kosten daarvan zijn 1 2.500,–. Om uit deze schuldenspiraal te breken, is een beroep gedaan op de bijzondere bijstand. Tot driemaal toe werd het verzoek afgewezen. Er was, volgens een van de afwijzings brieven, geen sprake van ‘zwaarwegende individuele omstandigheden’.
Naar inhoudsopgave
Omdat het papierwerk rondom de failliete onderneming nog niet af is, heeft de familie het nu ook aan de stok met de Belastingdienst. Er wordt beslag gelegd op hun leefgeld. Dit is in strijd met de regels rond de beslagvrije voet, maar de Belastingdienst hanteert een omgekeerde bewijslast. Eerst beslagleggen en dan mag de betrokkene bewijzen dat de beslagvrije voet wordt geschonden. En tot dat geregeld is, zakt het gezin onder het bestaansminimum.
16
Stimulansz
casus 5 bijzondere bijstand als belemmering
oplossing omgekeerde toets 1 het effect Het gezin neemt het heft weer in eigen handen. Als dit gezin kan starten met een schuldregeling, dan biedt dat perspectief en energie voor een schuldenvrije toekomst. Door het knelpunt sluiting van de boeken op te lossen, kan de financiële situatie worden gestabiliseerd en kunnen de schulden worden geregeld. Hierdoor krijgt het gezin de (financiële en psychische) ruimte terug die nodig is om een betaalde baan te vinden. Op deze manier is het gezin niet langer afhankelijk van gemeente en hulpverlenende instanties. 2 grondwaarden van de wet De Wet gemeentelijke schuldhulpverlening (Wgs) staat voor onder steuning bij financiële problemen. Dit gezin heeft aangeklopt bij de gemeentelijke schuldhulpverlening, in verband met de openstaande schulden vanuit de onderneming. De gemeentelijke schuldhulpverlening legt het grootste knelpunt, sluiting van de boeken, volledig bij het gezin terug, waardoor er geen sprake is van ondersteuning bij financiële problemen. Ook de Participatiewet is van toepassing op deze familie.
ing Oploss
De kosten voor de slotbalans vergoeden zodat de schuld hulpverlening kan starten.
Naar inhoudsopgave
De grondwaarde van de Participatiewet is dat het complementair is aan alles wat burgers zelf kunnen organiseren. Dat wil zeggen dat de gemeente aanvult op wat de burger zelf niet kan. In dit geval kunnen ze op geen enkele manier aan een slotbalans komen. De Participatiewet is hier de sleutel tot de oplossing. 3 ethische aspecten Door de grote schuldenlast en het beslag op het leefgeld door de Be lastingdienst is er onvoldoende geld om eten van te kopen (of geen geld!). Bovendien nemen de schulden explosief toe als er niet snel een regeling wordt getroffen. Incassokosten, administratiekosten, deurwaarders kosten, enzovoort. Het is dus van belang om dit gezin zo snel mogelijk adequaat te helpen, zodat zij weer een zelfstandig leven kunnen leiden. Zij hebben in het verleden laten zien dat zij dit prima kunnen. 4 randvoorwaarden Volgens artikel 3 Wgs kan een schuldenaar worden uitgesloten van schuldhulpverlening wanneer: – hij al eerder gebruik heeft gemaakt van schuldhulpverlening; – hij fraude heeft gepleegd; – hij niet rechtmatig in Nederland verblijft. Het gezin kan op grond van artikel 3 Wgs niet uitgesloten worden van verdere schuldhulpverlening. Vanuit de Participatiewet kan bijzondere bijstand worden verstrekt op grond van artikel 35 PW. Sommige gemeenten hebben een noodfonds van waaruit dit vergoed kan worden.
Daarnaast is het mogelijk een beroep te doen op plaatselijke boekhouders om, in het kader van maatschappelijk verantwoord ondernemen, jaarlijks een aantal zaken gratis af te handelen.
17
Stimulansz
casus 6 niks verdienen, wel een kostendelersnorm bureaucratische onverschilligheid mo is in 1994 in nederland geboren. Bij zijn geboorte hadden zijn uit Marokko afkomstige ouders geen geldige verblijfstitel. In 2011 kwam het gezin in beeld bij de hulpverlening vanwege huiselijk geweld. De vader van Mo is toen vertrokken. In 2012 hebben de moeder en de twee zusjes van Mo een verblijfsvergunning gekregen. Mo niet. Waarschijnlijk is dat gekomen omdat Mo niet is meegegaan naar het Blijf-van-mijn-lijfhuis. Zijn dossier is daarom gekoppeld aan dat van zijn vader en niet aan dat van zijn moeder. Zijn vader is ongewenst vreemdeling verklaard vanwege criminele activiteiten. Tegen het besluit van de IND jegens Mo is beroep ingesteld. Mo woont immers al zijn hele leven in Nederland en met zijn vader heeft hij niks te maken. De stress van de dreigende uitzetting doet Mo geen goed. Mo krijgt psychologische begeleiding en de hulpverleners zijn bang dat hij zichzelf iets aandoet. Zijn mbo-opleiding heeft hij in het laatste jaar afgebroken. Door het ontbreken van een verblijfsvergunning kan Mo bovendien niet werken. Hadia is de moeder van Mo en heeft een bijstandsuitkering. Omdat Mo bij haar staat ingeschreven en 22 jaar is, heeft zij te maken met de kostendelersnorm. De uitkering van Hadia wordt daarom met ongeveer 1 300,– per maand gekort.
Dit betekent dat er na het betalen van de vaste lasten geen geld over is om boodschappen te kunnen doen, terwijl Hadia ook nog twee dochters (van zestien en zeventien jaar) heeft die ze moet onderhouden.
Naar inhoudsopgave
Hadia is bang dat als ze haar zoon uitschrijft hij geen enkele kans meer maakt om zijn beroep te winnen tegen de IND. Hij verblijft dan immers niet meer officieel in Nederland. Bovendien is het fraude als ze hem uitschrijft en hij ondertussen gewoon bij haar blijft wonen. Ze moet haar zoon dus niet alleen uitschrijven, maar ook wegsturen.
18
Stimulansz
casus 6 niks verdienen, wel een kostendelersnorm
oplossing omgekeerde toets 1 het effect Je wilt bereiken dat Hadia in ieder geval voldoende inkomsten heeft om te kunnen voorzien in de eerste levensbehoefte voor haar en haar twee dochters. Mo heeft door het ontbreken van de verblijfsvergunning geen recht op bijstand, óók niet indirect, maar Hadia moet wel zichzelf en haar dochters kunnen onderhouden. 2 grondwaarden van de wet Eén van de grondwaarden van de Participatiewet is het garanderen van een bestaansminimum voor iedere Nederlander. Doordat Hadia op dit moment onvoldoende inkomsten heeft, kan ze geen boodschappen betalen. Dit is in strijd met het recht op een bestaansminimum.
ing Oploss
Tot het einde van de procedure voor een verblijfs vergunning wordt de bijstand aangevuld tot het bestaansminimum.
Naar inhoudsopgave
3 ethische aspecten Als je de wet volgt zonder maatwerk te leveren, dan kan Hadia kiezen uit twee kwaden. De eerste keuzemogelijkheid is dat ze haar zoon buiten de deur zet, terwijl ze weet dat hij zich nergens kan inschrijven en nergens terechtkan. Het risico dat hij als zwerfjongere eindigt is enorm. Bovendien is de kans dat hij zichzelf daadwerkelijk iets aandoet groter als hij uit beeld raakt bij de psychologen. De tweede keuzemogelijkheid is dat Hadia Mo toch in haar woning laat wonen en dat ze een huurschuld opbouwt tot ze met zijn allen uitgezet worden. In dat geval zullen Hadia en haar dochters wel ergens terechtkomen, maar Mo niet. Hij verblijft hier immers niet legaal. 4 randvoorwaarden Je kunt ervoor kiezen om de uitkering van Hadia op grond van artikel 18 Participatiewet tijdelijk te verhogen, zodat zij in ieder geval de vaste lasten (gas/water/licht) en de boodschappen kan betalen. Je vult de kostendelersnorm aan tot het bedrag dat Hadia maandelijks nodig heeft voor zichzelf en haar twee dochters. Probeer daarbij wel maximaal de alleenstaandenorm te verstrekken. Het gaat namelijk om een tijdelijke aanvulling op grond van bijzondere omstandigheden. Het kan redelijk worden geacht om de uitkering te verhogen zolang de procedure tegen de IND loopt, dus ook in hoger beroep. Dit dient duidelijk vooraf aan Hadia kenbaar te worden gemaakt.
Als de procedure is afgerond en Mo uiteindelijk toch geen verblijfsvergunning krijgt, dient de situatie opnieuw te worden beoordeeld. Als Mo wel een verblijfsvergunning krijgt, kan Mo gaan werken en daadwerkelijk bijdragen aan de kosten die het gezin heeft.
19
Stimulansz
casus 7 cjib als belemmering hardnekkige kortzichtigheid gerard is een successtory. Vanuit de situatie van een verslaafde zwerver woont hij nu in een RIBW, een instelling voor beschermd wonen. Hij heeft werk, verdient dus zijn eigen geld en de begeleiding vindt dat hij langzamerhand wel weer zelfstandig kan gaan wonen. Gerard gaat kijken naar mogelijke huurwoningen. Tot de politie voor de deur staat. Hij blijkt nog oude schulden bij de overheid te hebben. Een scooter, die hij al lang niet meer heeft, heeft hij niet afgemeld. Elk kwartaal kreeg hij een boete omdat de scooter niet verzekerd is, maar die brieven heeft hij niet beantwoord. Niet raar bij mensen die uit een dal komen. Als het goed gaat sluiten zij liever hun ogen voor het verleden. Het Centraal Justitieel Incassobureau (CJIB) wil hem nu gijzelen en via gevangenschap laten ‘betalen’. Voor Gerard zou dat desastreus zijn. Een aantal weken gevangenis brengt zijn werk in gevaar. Geen werk en geen inkomen betekent een terugval.
Naar inhoudsopgave
Alles wat bereikt is zou teniet worden gedaan. De begeleiding weet deze gijzeling te voorkomen. Maar er ligt wel een schuld. Terugbetalen van die schuld is, gezien de hoogte van Gerards inkomen en de kosten van een huurwoning, een zo grote belasting dat het zelfstandig wonen niet meer mogelijk lijkt. De kans is groot dat Gerard het met zo weinig geld niet gaat redden en dat hij terugvalt, weer gaat zwerven, zijn werk kwijtraakt en daarmee terug bij af is.
20
Stimulansz
casus 7 cjib als belemmering
oplossing omgekeerde toets 1 het effect Je wilt dat Gerard zelfstandig gaat wonen. Dat hij blijft werken en zijn eigen geld verdient. Bovendien wil je een plek vrijmaken in de RIBW voor iemand die deze plek harder nodig heeft dan Gerard. Als Gerard door deze schuld weer terugvalt naar een zwervend bestaan, zal hij niet eenvoudig weer te helpen zijn. Want hoe kun je iemand motiveren die zo zijn best heeft gedaan en vervolgens door iets ‘kleins’ als het vergeten om een scooter af te melden weer ernstig in de problemen komt? Gerard zal een volgende keer het gevoel hebben dat het allemaal niets uitmaakt wat hij doet. 2 grondwaarden van de wet De Wmo 2015 staat voor zelfredzaamheid en participatie. Het is geen inkomensondersteunende voorziening. Het gaat hier om het scheppen van voorwaarden om de weg naar zelfredzaamheid voort te zetten.
ing Oploss
Bijstand in de vorm van een lening verstrekken voor de betaling van de boete en een reële terugbetalingsregeling afspreken.
Naar inhoudsopgave
De Wmo staat verder voor maatwerk. In dit geval is maatwerk: Gerard in staat stellen zijn weg naar een zelfstandig en een zelfredzaam leven voort te zetten en dit niet te laten afnemen door fouten uit het verleden. Maatwerk kan soms om bijzondere oplossingen vragen. Dit is er een mooi voorbeeld van. Vanuit de omgekeerde toets kijken we ook over de grenzen van het eigen vakgebied, bijvoorbeeld naar de Participatiewet. Vanuit de Participatiewet geldt dat het bestaansminimum gewaarborgd moet zijn. Als Gerard zijn huur niet kan betalen door de schuld die hij bij het CJIB heeft dan is niet gewaarborgd dat hij voldoende geld heeft om van te leven. 3 ethische aspecten De boete is bedoeld om leed toe te voegen, vanwege het feit dat betrokkene zijn scooter niet heeft afgemeld. Gevolg van deze boete is echter, dat Gerard zijn pas verworven zelfredzaamheid weer volledig moet opgeven. Hij dreigt zijn baan kwijt te raken en het echte doemscenario is dat Gerard weer op straat belandt. Het kost natuurlijk veel meer geld om Gerard uit dat diepe dal weer terug te krijgen op het punt waar hij nu zit, dan om nu te voorkomen dat hij zo ver terugvalt. 4 randvoorwaarden Op grond van artikel 16 en 14 onder b Participatiewet is het mogelijk om bijzondere bijstand te verstrekken voor de betaling van een boete, als er sprake is van zeer dringende redenen.
Dit zou op grond van artikel 48 lid 1 onder b Participatiewet ook nog als lening verstrekt kunnen worden. In dat geval kun je een terugbetalingsregeling met Gerard afspreken. Hij betaalt dan toch zelf de boete, maar je kunt het zo afspreken dat hij voldoende overhoudt om in de noodzakelijke kosten van bestaan te voorzien.
21
Stimulansz
casus 8 privacy en de strijd over de toegang privacy legitimeert wantrouwen er is een melding gedaan over het gezin K. te gemeente G. Daarop volgt een onderzoek van de Raad voor de Kinderbescherming. De uitkomst daarvan is dat het gezin bereid is om hulp te accepteren. De Raad zoekt contact met de instantie Y. die in de regio verantwoordelijk is voor de toegang tot jeugdzorg en ondersteuning. Instantie Y. geeft namens deelnemende gemeenten beschikkingen af en formuleert de zorgopdrachten. De Raad meldt dat er voor dit gezin ambulante jeugdhulp van een specifieke aanbieder nodig is. De enige informatie die daarbij wordt geleverd, is de naam van de jongen, zijn leeftijd en Burgerservicenummer, en dat er een vader en moeder aanwezig zijn. Dat is alles. Voor instantie Y. is die informatie erg karig. Zij wil in het kader van de nieuwe uitgangspunten (inschakelen netwerk, eigen kracht) kunnen toetsen of de verwijzing optimaal is. Zij vraagt of de Raad aan kan geven wat voor soort problematiek speelt in het gezin K. Voor het toewijzen van goede hulpverlening zou dat immers relevante informatie zijn. De Raad weigert dat en is daar principieel in. Dat kan niet, dat mag niet.
Naar inhoudsopgave
Privacy. Al in eerdere kwesties heeft instantie Y. geopperd dat de Raad, als het onderzoek afgerond is, aan het gezin kan vragen of er bezwaren zijn dat de hoofdlijnen van de rapportage gedeeld worden met de instantie die de gewenste hulpverlening op gang brengt. De Raad ziet dat niet als haar taak. Sterker: zij stelt dat haar medewerkers dat niet mogen. Dus moet instantie Y. zelf bellen met de ouders om toestemming te vragen om kennis te nemen van de rapportage van de Raad voor de Kinderbescherming.
22
Stimulansz
casus 8 privacy en de strijd over de toegang
oplossing omgekeerde toets 1 het effect Zowel instantie Y. als de Raad voor de Kinderbescherming wil de best mogelijke hulp bieden aan gezin K. Het uiteindelijke doel is om zo efficiënt mogelijk samen te werken zonder de privacy van gezin K. te schenden. Dit lijkt door een gebrek aan vertrouwen nu nog niet te lukken.
3 ethische aspecten Het ethische aspect in deze casus lijkt gebrek aan vertrouwen tussen beide instanties te zijn. Zij hebben hetzelfde doel maar lijken nog niet helemaal te vertrouwen op de professionaliteit van de ander. De kern in deze casus is dat beide instanties elkaar wel nodig hebben om hun gezamenlijk doel te bereiken.
2 grondwaarden van de wet Er spelen hier twee wetten een rol: de Wet bescherming persoons gegevens (Wbp) en de Jeugdwet. De spanning tussen deze beide wetten vormt in deze casus het dilemma. Het beoogde effect is met de grondwaarden van beide wetten te verenigen. Grondwaarde van de Wbp is bescherming van persoonsgegevens tegen onrechtmatig gebruik. De grondwaarde van de Jeugdwet is gezond en veilig opgroeien. De grondwaarden van beide wetten zijn niet in tegenspraak met elkaar.
4 randvoorwaarden In dit geval is sprake van een beroepsgeheim op grond van de Jeugdwet. Een dergelijk beroepsgeheim kan slechts in drie gevallen worden doorbroken: 1 Indien een wettelijk voorschrift verplicht tot het verstrekken van de gegevens; 2 in geval van conflict van plichten; 3 of in het geval de betrokkene uitdrukkelijk toestemming geeft voor het delen van zijn gegevens.
ing Oploss
Beide partijen moeten afspraken maken over het vragen van toestemming aan de klant om gegevens te delen. De wet is geen belemmering.
Naar inhoudsopgave
Omdat beide instanties de best mogelijke hulp voor het betrokken gezin als effect beogen, is het essentieel dat zij in onderlinge samenwerking tot een oplossing komen. Om de hulpverlening zo snel en efficiënt mogelijk te kunnen inzetten is het belangrijk dat er geen tijd verloren gaat. Als de Raad voordat het gezin wordt doorverwezen naar instantie Y. met het gezin bespreekt dat het noodzakelijk is dat gegevens ter beschikking worden gesteld aan instantie Y. kan de Raad meteen om toestemming voor gegevensdeling vragen. Zij zijn al binnen en kennen het gezin, wat maakt dat dit de snelste en meest effectieve weg is. De wet vormt daarvoor geen belemmering. Om voor de toekomst een vertrouwensband tussen beide instanties op te bouwen en te handhaven is het van belang dat men elkaar weet te vinden door korte lijnen te creëren. Hierbij kan ook worden gedacht aan periodiek overleg, bijvoorbeeld in de vorm van geanonimiseerde casuïsitiekbespreking.
23
Stimulansz
casus 9 organiseer vitale coalities leren door training te geven een hogeschool, een plaatselijke voetbalvereniging en de gemeente starten gezamenlijk een project om probleemjongeren in te zetten als trainers voor jonge voetballertjes. Jongeren met allerlei problemen krijgen op het trainingsveld weer de kans zich waar te maken. Dat heeft een positief effect. Want daar ontdekken zij dat, als zij eens veel te laat zijn of niet op komen dagen, zij niet de voetbalvereniging of hun begeleiders teleurstellen, maar een groep kleine jongens. Dat spreekt aan. Daar zit de kracht van het project. Het project draait goed, dankzij de belangeloze inzet van veel betrok kenen. Er zijn nu al 17 risicojongeren als trainer aan de slag gegaan. Die soms voor het eerst in hun leven ervaren dat wat zij doen positief gewaardeerd wordt. En er zijn alleen winnaars: de 17 trainers aan de ene kant. En aan de andere kant de jonge voetballertjes die door het toegenomen aantal trainers niet langer op de wachtlijst hoeven te staan.
Naar inhoudsopgave
Nu het project goed loopt en de ouders weten wat voor soort jongeren er trainen en zien hoe het gaat, zijn ook zij enthousiast. Er is een project subsidie, maar die is eindig.
24
Stimulansz
casus 9 organiseer vitale coalities
oplossing omgekeerde toets 1 het effect Het effect dat we willen bereiken is dat probleemjongeren weer gewaardeerd worden. Die waardering zorgt ervoor dat zij zich meer gaan inzetten en positiever opstellen. Bovendien geeft dit meer kinderen uit de gemeente de kans om te voetballen, wat met de lange wachtlijst eerst niet mogelijk was. Het mes snijdt dus aan twee kanten. Jongeren krijgen waardering, kinderen beweging.
ing Oploss
Project voortzetten vanuit de Wmo 2015 en zo een meer structurele basis geven.
Naar inhoudsopgave
2 grondwaarden van de wet Onder de grondwaarden van de Wmo 2015 valt het deelnemen aan het maatschappelijk leven. Bovendien is de Wmo complementair aan wat mensen zelf kunnen regelen. Dat betekent dat zo veel mogelijk wordt overgelaten aan wat de voetbalclub en de trainers zelf kunnen organiseren. 3 ethische aspecten Als het project stopt, dan is de kans groot dat deze jongeren een stukje waardering missen, het idee dat ze nodig zijn. Het risico is heel groot dat deze jongeren dan overlast gaan veroorzaken, omdat ze structuur en een doel in hun leven missen. 4 randvoorwaarden Onderdeel van het begrip ‘maatschappelijke ondersteuning’ in de Wmo 2015 is onder meer het bevorderen van sociale samenhang en veiligheid en leefbaarheid in de gemeente, maar ook het ondersteunen van vrijwilligers, zie artikel 1.1.1 lid 1 van de Wmo 2015. Dit vertaalt zich in allerlei algemene maatregelen die de gemeente kan nemen. Ook kunnen er algemene voorzieningen getroffen worden voor dit doel. Het project kan onder de Wmo 2015 worden voortgezet in het kader van het bevorderen van de sociale samenhang en de veiligheid en leefbaarheid in de gemeente. Dat zou bijvoorbeeld kunnen via een subsidierelatie met een welzijnsorganisatie. Het project kan dan als algemene voorziening worden ingezet.
25
Stimulansz
casus 10 bijstand en regels aan welke knoppen moet je draaien? floris is een jongen van 21 jaar. Hij heeft een moeilijk leven. Floris is een aantal jaren geleden gestopt met zijn havo-opleiding en leidt sinds dien een zwervend bestaan. Hij heeft een zeer slechte relatie met zijn ouders. Vorig jaar is dit geëscaleerd en heeft hij zijn vader met een mes gestoken. Om in zijn levensonderhoud te kunnen voorzien heeft Floris een bijstandsaanvraag gedaan. Het uitkeringsproces is een weg vol obstakels. Zo moet er een woonadres zijn. Floris woont nu bij de ouders van een vriend in huis, maar op korte termijn zal hij daar toch weg moeten. Eerste stap is het regelen van huisvesting, daar is inkomen voor nodig. De gemeente heeft geen daklozenopvang. Floris is gemotiveerd om te beginnen met de opleiding havo/vavosprint bij het ROC. Ook om zijn kansen op de arbeidsmarkt te vergroten wil hij deze opleiding doen. Hij kan daarvoor een tegemoetkoming in de studiekosten van DUO ontvangen van 1 375,– per maand. Maar studiefinanciering is volgens de Participatiewet een voorliggende voorziening, waardoor geen recht is op algemene bijstand. Normaal gesproken zou Floris in zijn eigen inkomen moeten voorzien, maar dat is juist het probleem. Werk vinden en behouden lukt steeds niet.
Naar inhoudsopgave
De tegemoetkoming van DUO is niet toereikend. Daar kan hij geen huur van betalen. De oma van Floris is wel in beeld en wil financieel bijdragen met ongeveer 1 100,– à 1 200,– per maand. Oma betaalt op dit moment ook de zorgverzekering. De laatste stand van zaken is dat Floris is begonnen met de sprint-havo en dat hij nog inwoont bij de ouders van zijn vriend.
26
Stimulansz
casus 10 bijstand en regels
oplossing omgekeerde toets 1 het effect Het effect dat in deze casus wordt beoogd is dat Floris zijn leven op de rit krijgt. Daarbij is huisvesting de eerste prioriteit. Daarvoor is nodig dat Floris over voldoende inkomsten beschikt om in zijn levensonderhoud te kunnen voorzien. Als dat allemaal op orde is kan Floris focussen op het afronden van zijn opleiding. Dat biedt Floris betere kansen op de arbeidsmarkt. 2 grondwaarden van de wet Deze doelstelling is verenigbaar met de grondwaarden van de Participatiewet, te weten elke burger een bestaansminimum bieden en de zelfredzaamheid versterken in aanvulling op wat iemand zelf kan verzorgen. Floris is bezig om te bouwen aan zijn toekomst middels zijn opleiding zodat hij later zelf in zijn levensonderhoud kan voorzien.
ing Oploss
Toch bijstand verstrekken om de woonkosten te betalen en Floris een kans op een goede toekomst bieden.
Naar inhoudsopgave
3 ethische aspecten Floris ontvangt studiefinanciering wat op grond van de wet een aan de bijstand voorliggende voorziening is. Floris heeft geen recht op bijstand en zou zelf voor aanvullende inkomsten moeten zorgen. Het ethische vraagstuk is of je hem nu, ondanks de voorliggende voorziening, gaat ondersteunen omdat het hem nu even zelf niet lukt om zijn zaakjes op orde te krijgen. Als je de omgekeerde toets niet toepast, heeft Floris de volgende mogelijkheden. Of hij stopt met zijn studie en krijgt bijstand. Dat is wel in lijn met de letter van de wet, maar absoluut niet wat we willen bereiken. De andere optie is studeren en zeer ernstig in de schulden komen omdat de tegemoetkoming te laag is en Floris op dit moment niet kan werken. De kosten om Floris uit deze ellende te halen zijn uiteindelijk hoger dan wanneer het nu wordt opgepakt. 4 randvoorwaarden Om die woonruimte te kunnen betalen zou Floris mogelijk een beroep op een aanvullende lening van DUO kunnen doen. Oma kan worden bevraagd over wat zij nog aanvullend kan bieden. De gemeente kan dan als de inkomsten nog niet afdoende blijken, kijken of zij nog iets kan betekenen voor Floris. Omdat Floris geen recht heeft op reguliere bijstand (art. 13, tweede lid, onder c, van de Participatiewet) zal dat enkel in de vorm van bijzondere bijstand kunnen.
Een andere optie is algemene bijstand op grond van artikel 16 van de Participatiewet vanwege dringende redenen.
27
Stimulansz
Geleerde lessen De ervaringen met de omgekeerde toets leren ons dat we nog een aantal hobbels te nemen hebben. We hebben u laten zien dat een aantal problemen binnen het ene domein in het andere domein opgelost kunnen worden. Dit blijkt alleen in de praktijk niet zo eenvoudig. Het ondeelbare budget ‘sociaal domein’ wordt binnen de gemeente wel degelijk opgedeeld. En iedere wethouder en ieder afdelingshoofd voelt zich terecht - verantwoordelijk voor ‘zijn’ budget. Er ligt voor ons dus een uitdaging om inzichtelijk te maken wat de effecten op lange termijn gemeentebreed zijn, niet alleen voor de eigen afdeling. Een tweede hobbel die we zien is het mensbeeld dat aan de verschillende wetten ten grondslag ligt. Heel gechargeerd gezegd zijn Wmo-klanten hulpeloos, klussen bijstandsgerechtigden zwart bij, zijn schuldenaren door eigen schuld in de problemen gekomen en zijn jeugdzorgklanten dwars en ongemotiveerd. Dit is natuurlijk verschrikkelijk kort door de bocht, maar in de cultuur van de verschillende afdelingen is vaak wel iets terug te vinden van dit mensbeeld. Hier ligt een schone taak voor ons om de mensbeelden uit de verschillende wetten nader tot elkaar te brengen, in ieder geval op lokaal niveau. Multipech gezinnen die bij alle afdelingen bekend zijn, zouden hulpeloos en ongemotiveerd zijn en bijklussen.
Willen we deze mensen echt een goede dienstverlening bieden, dan zullen we in ieder geval op lokaal niveau de mensbeelden met elkaar moeten bespreken. Een mooi voornemen voor komend jaar, deze mensbeelden in de visie op het sociaal domein vastleggen. Wij gaan met veel energie aan de slag met deze hobbels. U ook?
Naar inhoudsopgave
28
Stimulansz
Colofon tekst Stimulansz: Marloes van Galen, Sanne Leijen, Evelien Meester, Karin van Nuland, Wim Peters illustraties Cartoon Blanche uitgave Stimulansz Postbus 2758 3500 GT Utrecht T (030) 298 28 00 F (030) 298 28 01 www.stimulansz.nl info@stimulansz.nl Deze uitgave wordt u gratis aangeboden door Stimulansz © 2017 Stimulansz
Naar inhoudsopgave
29
Stimulansz
Over Stimulansz Stimulansz draagt met toonaangevende kennis, vakmanschap en innovatie bij aan de slagkracht in de volle breedte van het sociaal domein. Wij helpen gemeenten om hun nieuwe rollen - waarin ze regisseren en faciliteren in het sociaal domein - vorm te geven en te versterken. We maken wet- en regelgeving voor professionals en burgers toegankelijk in de vorm van informatie en ondersteuning. We doen dit in klare taal. We trainen en adviseren vanuit een diepgaande kennis van de praktijk. In bedrijfsvoering nemen we het voortouw met producten en diensten op het gebied van kwaliteit en benchmarking, en met het verzamelen en duiden van data. We bieden oplossingen met praktische waarden. ‘Onze kracht is dat we de praktijk van de professionals in het sociaal domein door en door kennen, dat onze adviezen en producten praktisch van aard zijn en gericht op het vergroten van de effectiviteit van de primaire processen in het sociaal domein.’
Onze klanten zeggen over ons: ‘Stimulansz is vertrouwd, gedegen, accuraat en levert werk af met een hoog kwaliteitsniveau’
Naar inhoudsopgave