CConstaterende datOosterhout
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 8 - Verkennend en nader bodemonderzoek [deel 1]

Raadsvergadering 22 februari 2022, gemeente OosterhoutBij agendapunt: Bespreekstuk raadsvoorstel 318898 Vaststelling bestemmingsplan 'Dorst, herziening 3 (Dorst Oost)'29.923 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 3

Rapport Projectnummer: 356758 Referentienummer: SWNL0246234 Datum: 05-07-2019

Verkennend en nader bodemonderzoek Oude Tilburgsebaan, Dorst

Definitief

Opdrachtgever: Ruimte voor Ruimte CV Brabantlaan 3D 5216 TV ‘s-Hertogenbosch

Sweco Zernikestraat 17 5612 HZ Eindhoven Postbus 1265 5602 BG Eindhoven Nederland

T +31 88 811 66 00 www.sweco.nl

Sweco Nederland B.V. Eindhoven Handelsregister 30129769 Statutair gevestigd te De Bilt

Projectleider Bodem en Ondergrond

Verantwoording Titel

Verkennend en nader bodemonderzoek

Subtitel

Oude Tilburgsebaan, Dorst

Projectnummer

356758

Referentienummer

SWNL0246234

Revisie

Revisie

Datum

05-07-2019

Auteur(s) E-mailadres

Gecontroleerd door Paraaf gecontroleerd

Goedgekeurd door Paraaf goedgekeurd

Kwaliteitsborging en onafhankelijkheid Het managementsysteem van Sweco Nederland B.V. voldoet aan verschillende eisen en normen. Een algemeen overzicht hiervan is opgenomen in de laatste bijlage. Sweco Nederland B.V. verklaart hierbij dat zij en haar onderaannemers geen belang hebben bij de uitkomsten van het bodemonderzoek. Het onderzoek is derhalve volgens de eisen uit het Besluit bodemkwaliteit onafhankelijk uitgevoerd. Volgens het Besluit bodemkwaliteit dient onderzoek uitgevoerd te worden volgens, door de SIKB, vastgestelde beoordelingsrichtlijnen. In de rapportage wordt, indien van toepassing, expliciet vermeld welke werkzaamheden niet zijn uitgevoerd onder de beoordelingsrichtlijnen en onderliggende protocollen, inclusief de consequenties hiervan.

2 (27)

Inhoudsopgave 1

Inleiding .................................................................................................................. 5

1.1

Algemeen ................................................................................................................. 5

1.2

Aanleiding en doelstelling ........................................................................................ 5

1.3

Opbouw van het rapport .......................................................................................... 5

2

Vooronderzoek ....................................................................................................... 6

2.1

Algemeen ................................................................................................................. 6

2.2

Onderzoekslocatie ................................................................................................... 6

2.3

Resultaten locatiebezoek ........................................................................................ 6

2.4

Conclusies vooronderzoek ...................................................................................... 7

2.5

Onderzoekshypothese en -strategie........................................................................ 7

3

Veldonderzoek ....................................................................................................... 9

3.1

Onderzoeksstrategie................................................................................................ 9

3.2

Maaiveldinspectie ten behoeve van asbest bodemonderzoek .............................. 10

3.3

Visuele beoordeling grond ..................................................................................... 11

3.4

Grondwateronderzoek ........................................................................................... 12

4

Laboratoriumonderzoek ..................................................................................... 14

5

Resultaten bodemonderzoek asbest ................................................................. 19

6

Resultaten bodemonderzoek chemische parameters ..................................... 20

6.1

Toetsingskader ...................................................................................................... 20

6.2

Mate van bodemverontreiniging ............................................................................ 20

6.3

Hergebruik van grond ............................................................................................ 22

6.4

Veiligheidsklasse ................................................................................................... 24

7

Interpretatie onderzoeksresultaten .................................................................... 25

7.1

Verontreinigingssituatie ......................................................................................... 25

7.2

Noodzaak tot vervolgonderzoek ............................................................................ 25

7.3

Hergebruik van grond ............................................................................................ 25

7.4

Veiligheidsaspecten ............................................................................................... 25

8

Conclusie en advies ............................................................................................ 26

8.1

Conclusie ............................................................................................................... 26

8.2

Advies .................................................................................................................... 26

Protocollen en onderzoeksnormen ................................................................................... 27 Bijlage 1

Topografische ligging onderzoekslocatie

Bijlage 2

Situatie met gaten en boringen

Bijlage 3

Verzamelde gegevens

Bijlage 4

Veldonderzoek

Bijlage 5

Analysecertificaten

Bijlage 6

Toetsingen

Bijlage 7

Tekening eigendom situatie

Bijlage 8

Toetsingskader bodemkwaliteit

3 (27)

Bijlage 9

Kwaliteitsborging.

Bijlage 10

Tekeningen verontreinigingssituatie

Bijlage 11

Berekening veiligheidsklasse

4 (27)

1

Inleiding

1.1 Algemeen In opdracht van Ruimte voor Ruimte CV heeft Sweco Nederland B.V. een verkennend- en nader bodemonderzoek uitgevoerd ter plaatse van Oude Tilburgsebaan te Dorst. De regionale ligging van de onderzoekslocatie is aangegeven in bijlage 1. Een overzicht van de locatie is weergegeven in bijlage 2. De uitvoering van het bodemonderzoek is uitgevoerd in meerdere fasen, hierbij is onderscheidt gemaakt in de volgende fasen: • Fase 1: Deellocatie West (bestaande uit kadastrale percelen met sectie K, nummers 194, 1867, 2965 en 2966) en deellocatie Oost (bestaande uit kadastrale percelen met sectie K, nummers 214, 215, 863, 868 en 1201). • Fase 2: Overige terrein en het terreindeel dat in fase 1 niet conform geldende NEN-normen is uitgevoerd (niet gecertificeerde veldwerker). • Fase 3: Nader onderzoek t.b.v. inkaderen verontreiniging perceel “Brokx”. 1.2 Aanleiding en doelstelling Aanleiding voor het uitvoeren van het verkennend en nader bodemonderzoek is in de beginselen de aankoop van een aantal percelen (fase 1) en vervolgens de voorgenomen herinrichting van de locatie en uitgifte met de bestemming wonen op het terrein (fase 2 en 3). In verband hiermee is inzicht in de milieuhygiënische kwaliteit van de bodem (grond en grondwater) noodzakelijk.

Doel van het onderzoek is het vaststellen van de milieuhygiënische bodemkwaliteit van de onderzoekslocatie en de eventueel daaruit vrijkomende grond. Op basis van de onderzoeksresultaten moet worden vastgesteld of de gewenste vorm van bodemgebruik, vanuit milieuhygienisch oogpunt gezien, mogelijk is en zo niet, welke vervolgacties noodzakelijk zijn. Het verkennend bodemonderzoek is niet bedoeld om de exacte aard en omvang van een eventuele verontreiniging aan te geven. In fase 3 is daarom een nader onderzoek uitgevoerd naar de in het verkennend bodemonderzoek aangetoonde verontreiniging op perceel ”Brokx” om deze af te perken. 1.3 Opbouw van het rapport In het voorliggende rapport komen de volgende aspecten aan de orde: • het vooronderzoek, de indeling in deellocaties en vaststelling onderzoekshypothese (hoofdstuk 2); • het uitgevoerde veldonderzoek (hoofdstuk 3); • het laboratoriumonderzoek (hoofdstuk 4); • de resultaten van het asbestonderzoek (hoofdstuk 5); • de resultaten van het onderzoek naar de chemische parameters (hoofdstuk 6); • de interpretatie van alle resultaten (hoofdstuk 7); • conclusie en advies (hoofdstuk 8). Na hoofdstuk 8 is een lijst opgenomen met gebruikte normen en protocollen. De bijlagen maken onlosmakelijk deel uit van deze rapportage.

5 (27)

2

Vooronderzoek

2.1 Algemeen Voor het vooronderzoek is aangesloten bij de strategie voor aanleiding ''Opstellen hypothese over de milieuhygienische bodemkwaliteit ten behoeve van uit te voeren bodemonderzoek''. uit de NEN 5725. Ten behoeve van het vooronderzoek, moeten antwoorden verkregen worden op de onderzoeksvragen, zoals benoemd in de NEN 5725. De hiervoor verzamelde feiten zijn per onderzoeksvraag opgesomd in bijlage 3. De gebruikte informatiebronnen voor het vooronderzoek zijn eveneens in bijlage 3 weergegeven. Deze informatiebronnen zijn volgens ons voldoende betrouwbaar en volledig om, in relatie tot de aard van de onderzoekslocatie, een uitspraak te kunnen doen over de verdenking van bodemverontreiniging. Het vooronderzoek resulteert in een hypothese over de aard en verdeling van mogelijke verontreinigingen in het onderzoeksgebied. De hypothese wordt gebruikt voor het bepalen van de onderzoeksstrategie. 2.2 Onderzoekslocatie De onderzoekslocatie, gelegen ten noorden van de Oude Tilburgsebaan, is op dit moment grotendeels in gebruik als akker. In het westen van de onderzoekslocatie zijn, binnen kadastraal perceel K 194, twee kassen aanwezig. In tabel 2-1 zijn de locatiegegevens samengevat. Tabel 2-1:

Overzicht locatiegegevens

Adres locatie Kadastrale gegevens locatie

Oppervlakte locatie (in m²) waarvan bebouwd (in m²) Huidig gebruik Verhardingen

Oude Tilburgsebaanm Dorst Gemeente Oosterhout Sectie K Perceel 194, 214, 215, 863, 868, 869, 872, 874, 879, 1090, 1201, 1561, 1867, 2168, 2167, 2445, 2807, 2965, 2966, 3418, 3465 95.262 m² 1.538 m² Akkerbouw, braakliggend terrein n.v.t.

2.3 Resultaten locatiebezoek Het locatiebezoek is uitgevoerd door Sweco op 30 januari 2019. Een locatiebezoek betreft een inspectie van de locatie gericht op het huidige gebruik, kenmerken die kunnen duiden op bodemverontreiniging en het vaststellen van de mogelijke aanwezigheid van asbest. Tijdens het locatiebezoek zijn het maaiveld en de daarop aanwezige bouwwerken en objecten indicatief geïnspecteerd. De bevindingen van het locatiebezoek zijn in tabel 2-2 samengevat. Tabel 2-2: Bevindingen locatiebezoek Gebouwen Geen bebouwing aanwezig Verhardingen Geen verharding aanwezig Watergangen Niet aanwezig binnen onderzoekslocatie Onderhoud N.v.t. Ondergrondse infrastructuur Onbekend, moet blijken uit klic-melding Maaiveldveranderingen Depots aanwezig in westen van locatie ter plaatse van vroegere bebouwing. Aanwezigheid puin Er zijn bouwstenen aanwezig in eerder genoemde depots, mogelijk zit hierin ook puin. Aanwezigheid plastics n.v.t. Aanwezigheid piepschuim n.v.t. Asbestverdacht materiaal In de aanwezige gronddepots. Op het overige terrein niet aanwezig Asbesthoudende toepassingen n.v.t.

6 (27)

Aangrenzende locaties

Akker en bosrand

2.4 Conclusies vooronderzoek De gegevens die verzameld zijn, geven de volgende conclusies over de beinvloeding van de bodem en de verwachting van de bodemkwaliteit: • Op basis van de bestaande bodemonderzoeken (o.a. Geofox 2009 en Agel 2012, zie ook bijlage 3) wordt verwacht dat de bodemkwaliteit op het onderzoeksperceel licht verontreinigd is. De onderzoekslocatie is over het algemeen niet verdacht op het voorkomen van asbest, aangezien bij voorgaande bodemonderzoeken geen (of zeer incidenteel) puin in de bodem is aangetroffen. • Ten aanzien van de onderzoekslocatie moet het onderzoek van Geofox 2009 en Agel 2012 geactualiseerd worden. De gemeente Oosterhout hanteerd de stelregel dat een ‘onderliggend’ bodemonderzoek van een actualisatieonderzoek niet ouder mag zijn dan 10 jaar. Nu is momenteel nog niet zo, het eventueel op een later tijdstip aanvragen van een omgevingsvergunning zou tot actualisatie van de ondergrond van de rapportage van Geofox kunnen lijden. Het overige deel van de locatie dat tot op heden nog niet onderzocht is, dient (volledig) onderzoek conform NEN 5740 plaats te vinden. • Uit verschillende onderzoeken (peilbuis 4: Geofox 2009 en peilbuis 23: Agel 2012) komt naar voren dat het grondwater binnen de onderzoekslocatie sterk verhoogde gehalten aan kobalt en nikkel zijn aangetroffen..

Op basis van deze bevindingen is de onderzoekslocatie verdeeld in de deellocaties zoals opgesomd in tabel 2-3: Tabel 2-3

Bevindingen vooronderzoek

Deellocatie Omgeving voormalige kassen Omgeving voormalige aanwezigheid van een boomgaard Peilbuis 4 en 23

Omschrijving en reden tot wel of niet verdenking van bodemverontreiniging Ter plaatse van de omgeving van de kassen dient de bodem op asbest onderzocht te worden. Ter plaatse van deze omgeving dient de bovengrond op OCB’s onderzocht te worden. Het grondwater bevat bij voorgaand uitgevoerd bodemonderzoek sterk verhoogde gehalten aan kobalt en nikkel. De peilbuizen dienen herbemonsterd te worden t.b.v. actualisatie van de gehalten aan nikkel en kobalt.

2.5 Onderzoekshypothese en -strategie Op basis van de resultaten van het vooronderzoek, zoals beschreven in bijlage 3 en paragraaf 2.4, zijn in tabel 2-4 de deellocaties met hypotheses gedefinieerd. Tabel 2-4 Deellocatie Akker

Omgeving vm kassen

Hypothese en onderzoeksstrategie Oppervlakte (m2) 89.600 m2

Hypothese

Strategie

Onverdacht op het voorkomen van verontreinigingen (maximaal licht verhoogde gehalten aangetroffen bij voorgaand bodemonderzoek). Ter plaatse van de peilbuizen 4 en 23 van de voorgaand uitgevoerde bodemonderzoeken dient actualisatie van de gehalten nikkel en kobalt in grondwater te worden uitgevoerd. Ter plaatse van reeds uitgevoerd bodemonderzoek een actualisatie van bovengrond uitvoeren. Er dient onderzoek naar asbest plaats te vinden.

NEN 5740: onverdacht niet lijnvormig

NEN 5707 (heterogeen verdeelde verontreiniging)

7 (27)

Omgeving voormalige aanwezigheid van een boomgaard Peilbuis 4 en 23

23.300 m2

Verdacht op het voorkomen van lichte verontreinigingen en deels verdacht op het voorkomen van asbest (213 m 2).

NEN5740 en NEN5707 verdacht heterogeenniet lijnvormig

-

Verdacht op het voorkomen van verontreiniging met kobalt en nikkel in het grondwater; actualisatie van de gehalten uitvoeren.

Herbemonstering peilbuizen

De invulling van de onderzoeksstrategie wordt gegeven in hoofdstuk 3.

8 (27)

3

Veldonderzoek

Het veldonderzoek van het verkennend- en naderbodemonderzoek is gefaseerd uitgevoerd. Elke fase is opgedeeld in meerdere deelgebieden, de fasering met deelgebieden is onderstaand weergegeven: • Fase 1, onderzoek percelen “Brokx” en “Kleinekoort – van Wezel”;  Deellocatie West (bestaande uit kadastrale percelen met sectie K, nummers 194, 1867, 2965 en 2966);  Deellocatie Oost (bestaande uit kadastrale percelen met sectie K, nummers 214, 215, 863, 868 en 1201; • Fase 2 Overige terrein en het terreindeel dat in fase 1 niet conform geldende NEN-normen is uitgevoerd;  Deellocatie 1, percelen “Brokx” aanvullende boringen i.v.m.

aangetroffen verhoogde gehalten PCB en koper in fase 1;  Deellocatie 2, percelen “Brokx” grond met puin onderzoeken op asbest (aangetroffen in fase 1, onderzocht in monster 06);  Deellocatie 3, percelen “Kleinekoort – van Wezel en stichting Thuisvester” herplaatsen peilbuizen 4 en 23, onderzoek grondwater en omliggende grond naar aanwezigheid bron verhoogd gehalte nikkel en kobalt in het grondwater;  Deellocatie 4, percelen “Kleinekoort – van Wezel en stichting Thuisvester” actualiserend onderzoek naar de bovengrond;  Deellocatie 5, percelen “Kleinekoort – van Wezel” bemonsteren grondwater en maaiveld inspectie (ter plaatse van asbestgaten fase 1);  Deellocatie 6, percelen “Brokx” onderzoek ondergrond en grondwater, bovengrond reeds onderzocht in fase 1. • Fase 3, nader onderzoek t.b.v. inkaderen verontreiniging perceel “Brokx” ter plaatsen van deellocatie 1, fase 2. De in het onderzoeksgebied gelegen kadastrale percelen met sectie K, nummers 878, 1868 en 1200 zijn niet onderzocht en maken dan ook geen onderdeel uit van dit onderzoek. 3.1 Onderzoeksstrategie De onderzoeksstrategieen zijn ingevuld, zoals in tabel 3-1 beschreven:

9 (27)

Tabel 3-1: Deellocatie

Uitgevoerd veldwerk verkennend- en nader bodemonderzoek

Bodemlaag (m-mv)

Opp. (m²)

Strategie

Gat mi. 30x30 cm

Gat minimaal 30x30 cm

Boring minimaal Ø12 cm in gat

Aantal

Diepte

Aantal

Diepte

Aantal

Diepte

10

1,0

8¹ 11¹ 19 6

0,5 1,0 0,5 1,0

1

4,5

4 8

1,5 1,0

1

3,0

NEN 5740: VED-HE

30

0,5

NEN 5740: ONV-NL

43

0,5

1 1

3,0 5,0

bemonsteren peilbuizen NEN 5707: ONV

1

1,5

9 2 7 2 1

0,75-1,0 1,0-1,25 1,25-1,5 1,6 2,0

FASE 1 West 0-1

30.347

NEN 5740: :ONV-NL

Oost

19.260

NEN5707: VED-HE-NL

4.740

NEN 5740: VED-HE-NL

Ca. 200 2x ca 750 76.002

NEN 5707: VED-HE

0-1

FASE 2 1 0-1,5 2

0-0,5

3

0-0,5

4

0-0,5

5 6 0-2,0 FASE 3 1

19.206

Maatwerk, inkadering verontreiniging

4

Boring met peilbuis

0,5

¹ Boringen zijn deels (120 t/m 129) niet door een erkende veldwerker uitgevoerd, boringen zijn in fase 2 opnieuw uitgevoerd.

De locaties van de boringen, gaten en peilbuizen zijn weergegeven in bijlage 2. De boorlocaties zijn bepaald aan de hand van de bevindingen van het vooronderzoek, het terreingebruik en de maaiveldinspectie. Op basis van de resultaten van het vooronderzoek is besloten de werkzaamheden uit te voeren zonder veiligheidsmaatregelen, omdat geen gehalten boven het risico-niveau worden verwacht. Bij de uitvoering van het veldwerk van fase 1 zijn de boringen 120 t/m 129 uitgevoerd door Marijn Barten, deze was ten tijde van het onderzoek nog niet gecertificeerd als veldwerker. Hierdoor dienen de uitslagen van deze monsters als indicatief te worden beschouwd. Dit deel is opnieuw onderzocht in fase 2. Uit de analyseresultaten van het verkennend bodemonderzoek (fase 1), is in de bovengrond ter plaatse van boringen 21, 22 en 23 in fase 1 een sterk verhoogd gehalte aan PCB en koper aangetroffen. Op basis hiervan is in fase 2 dit deel aanvullend onderzocht als zijnde deellocatie 1. In fase 2 is gebleken dat het sterk verontreinigd gebied nog onvoldoende ingekaderd is. Aanvullend zijn in fase 3 extra boringen geplaatst om de verontreiniging zowel in het horizontale als verticale vlak af te perken. Peilbuizen 4 en 23 (deelgebied 3) zijn herplaatst. Per peilbuis zijn over een oppervlak van ca. 750 m² 15 boringen geplaatst om te achterhalen of er een bronlocatie aanwezig is.

3.2 Maaiveldinspectie ten behoeve van asbest bodemonderzoek Uitvoering Het maaiveld is geïnspecteerd door van Tritium advies. Bij de maaiveldinspectie zijn geen asbestverdachte materialen aangetroffen.

10 (27)

Bevindingen De resultaten van de visuele inspectie van het maaiveld zijn opgenomen in tabel 3-2. Tabel 3-2:

Resultaten visuele inspectie maaiveld

Deellocatie Aangetroffen asbestverdachte materiaal

Gewicht (mg)

Aangetroffen plastic en piepschuim

Mate

2 West/5

-

-

Niet aangetroffen Niet aangetroffen

-

De maaiveldinspectie heeft geen aanleiding gegeven tot herindeling van de deellocaties. Bemonstering In fase 1 (deelgebied West (deelgebied 5 fase 2)) is geen asbestverdacht materiaal aangetroffen. Ter verificatie zijn twee analyses uitgevoerd van boring 106 en 110. In fase 2 (deelgebied 2) is geen asbestverdacht materiaal aangetroffen. Ter verificatie is een mengmonster samengesteld uit de 4 asbestgaten (821 t/m 824). 3.3 Visuele beoordeling grond Uitvoering Bij het verrichten van boringen en het graven van gaten is de grond visueel geinspecteerd op grondsoorten, bodemvreemde bijmengingen en afwijkende kenmerken. Voor het asbestbodemonderzoek is de grond gezeefd over een zeef met maaswijdte van 2 cm en is de uitgezeefde grove fractie geinspecteerd op asbestverdachte materialen. Hierbij zijn geen asbestverdachte materialen aangetroffen. De boringen en gaten zijn beschreven in boorprofielen, weergegeven in bijlage 4. Bij de uitvoering van het veldwerk is een afwijking de veldwerkrichtlijnen opgetreden, er is een deel van de boringen uitgevoerd door een niet erkende veldmedewerker. Deze boringen (120 t/m 129) zijn dus ook als indicatief beschouwd. Zintuiglijke waarnemingen De resultaten van de visuele inspectie cq de zintuiglijke waarnemingen in de grond zijn opgenomen in tabel 3-3. Tabel 3-3: Boringnummer

Resultaten visuele inspectie en zintuiglijke waarnemingen Maximale boordiepte (m -mv)

Diepte (m -mv)

Grondsoort

Zintuiglijke waarneming

101

1,00

0,00 - 0,15

n.v.t.

Beton

102

1,00

0,00 - 0,15

n.v.t.

Beton

103

1,00

0,00 - 0,15

n.v.t.

Beton

104

1,00

0,00 - 0,15

n.v.t.

Beton

105

1,00

0,00 - 0,15

n.v.t.

Beton

116

1,00

0,00 - 0,07

n.v.t

Klinker

0,07 - 0,50

Zand

zwak baksteenhoudend

FASE 1

117

1,00

0,00 - 0,07

n.v.t.

Klinker

121

1,00

0,00 - 0,50

Zand

zwak puinhoudend,

122

0,90

0,00 - 0,40

Zand

sporen puin,

123

1,00

0,00 - 0,50

Zand

sporen puin,

124

1,00

0,00 - 0,50

Zand

zwak puinhoudend,

4

4,50

0,00 - 0,50

Zand

zwak plastichoudend, vergraven

323

0,50

0,00 - 0,50

Zand

resten kolen

FASE 2

11 (27)

501

3,00

0,00 - 1,20

Zand

zwak baksteenhoudend, vergraven

504

2,00

0,00 - 0,60

Zand

zwak baksteenhoudend, zwak puinhoudend

606

0,50

0,00 - 0,50

Zand

zwak baksteenhoudend, matig puinhoudend, vergraven

624

0,50

0,00 - 0,50

Zand

resten baksteen

631

0,50

0,00 - 0,50

Zand

resten baksteen

701

1,40

0,00 - 0,45

Zand

zwak baksteenhoudend, vergraven

703

1,45

0,00 - 0,95

Zand

zwak baksteenhoudend, zwak koolhoudend, vergraven

707

1,30

0,00 - 0,70

Zand

zwak baksteenhoudend, vergraven

708

1,50

0,00 - 0,70

Zand

zwak baksteenhoudend, vergraven

710

1,20

0,00 - 0,70

Zand

matig baksteenhoudend, vergraven

21B

1,40

0,00 - 0,50

Zand

zwak plastichoudend, zwak baksteenhoudend

22B

1,35

0,00 - 0,50

Zand

resten slakken, zwak baksteenhoudend

23B

1,20

0,00 - 0,70

Zand

zwak baksteenhoudend

713

1,50

0,00 - 1,00

Zand

zwak baksteenhoudend, vergraven

715

1,25

0,00 - 0,50

Zand

zwak baksteenhoudend, vergraven

717

1,25

0,00 - 0,50

Zand

zwak baksteenhoudend, zwak puinhoudend, vergraven

0,50 - 0,75

Zand

zwak baksteenhoudend, vergraven

719

0,90

0,00 - 0,40

Zand

kabel en rubberstukjes in laag

721

1,00

0,00 - 0,50

Zand

zwak baksteenhoudend, vergraven

723

1,20

0,00 - 0,45

Zand

zwak glashoudend, vergraven

724

0,95

0,00 - 0,45

Zand

zwak baksteenhoudend

725

0,90

0,00 - 0,40

Zand

zwak baksteenhoudend

726

1,00

0,00 - 0,50

Zand

resten baksteen

727

1,00

0,00 - 0,50

Zand

resten baksteen

731

1,20

0,00 - 0,45

Zand

zwak slakhoudend

0,45 - 0,70

Zand

resten kolen

FASE 3

733

1,60

0,00 - 0,50

Zand

matig baksteenhoudend

734

1,60

0,00 - 0,50

Zand

zwak baksteenhoudend

Bemonstering De opgeboorde en opgegraven grond is bemonsterd per 0,5 m of per te onderscheiden bodemlaag. Voor het bodemonderzoek naar asbest is de opgegraven grond bemonsterd door het samenstellen van een monster per asbestgat of een mengmonster per deellocatie, na verwijdering van de grove fractie >2 cm. 3.4 Grondwateronderzoek Uitvoering Na plaatsing van de peilbuizen is minimaal een week wachttijd in acht genomen om de evenwichtsituatie in de bodem te herstellen. Bij de bemonstering zijn de volgende werkzaamheden verricht: • het opnemen van de grondwaterstand in de peilbuizen. • het bepalen van de zuurgraad (pH), het elektrisch geleidingsvermogen (Ec) en de troebelheid (NTU) van het grondwater. • het nemen van grondwatermonsters uit de peilbuizen. Hierbij zijn geen afwijkingen van protocol 2002 opgetreden. Veldmetingen en zintuiglijke waarnemingen In tabel 3-5 zijn de resultaten van de veldmetingen van het grondwater weergegeven.

12 (27)

Tabel 3-5:

Resultaten veldmetingen grondwater

Peilbuis

Filterstelling (m -mv)

Grondwater-stand (m -mv)

pH (-)

EC (µS/cm)

Troebelheid (NTU)

4

3,50 - 4,50

3,04

5,3

320

9,7

100

3,75 - 4,75

2,87

4,5

160

19,3

501

1,50 - 2,50

2,03

5,4

300

852

503

-0,48 - -0,47

1,78

4,8

250

54,7

506

1,50 - 2,50

1,61

5,0

220

179

23

1,50 - 2,50

1,72

5,2

375

63,1

Een eventueel afwijkende zuurgraad (pH), geleidingsvermogen (EC) of troebelheid (NTU, Nephelometric Turbidity Units) in het grondwater kan een indicator zijn voor de aanwezigheid van verontreinigende stoffen. Bij een troebelheid >10 moet rekening worden gehouden met de mogelijkheid dat de concentraties aan relatief zware organische verbindingen beïnvloed zijn door de troebelheid van het water. Bij de bespreking van de analyseresultaten wordt rekening gehouden met de hoge NTU zoals aangetroffen in de peilbuizen. De in tabel 3-5 weergegeven waarden voor de zuurgraad en het elektrisch geleidingsvermogen zijn als laag beschouwd. Dit kan mogelijk in relatie staan met de van nature aanwezige zware metalen in het grondwater.

13 (27)

4

Laboratoriumonderzoek

Op basis van de visuele inspectie zijn monsters geselecteerd voor analyse op het standaardpakket grond en asbest. Daarnaast is een deel van de monsters ingezet op zware metalen, PCB en OCB. Ten aanzien van asbest is hierbij de volgende strategie aangehouden: Per heterogene deellocatie is een mengmonster samengesteld De monsterselectie is opgenomen in tabel 4-1. Tabel 4-1:

Monsterselectie

Monster

Monstertraject Boringnummers (m -mv)

Analysepakket

01

0,00 - 0,50

1 (0,00 - 0,50) 10 (0,00 - 0,50) 2 (0,00 - 0,40) 3 (0,00 - 0,40) 8 (0,00 - 0,40) 9 (0,00 - 0,50)

OCB Pakket, Standaardpakket incl. lu/os

02

0,00 - 0,50

14 (0,00 - 0,50) 15 (0,00 - 0,40) 4 (0,00 - 0,40) 5 (0,00 - 0,50) 6 (0,00 - 0,50) 7 (0,00 - 0,40)

OCB Pakket, Standaardpakket incl. lu/os

03

0,00 - 0,50

11 (0,00 - 0,50) 12 (0,00 - 0,30) 13 (0,00 - 0,50) 18 (0,00 - 0,50) 19 (0,00 - 0,40) 20 (0,00 - 0,50)

OCB Pakket, Standaardpakket incl. lu/os

04

0,00 - 0,50

16 (0,00 - 0,50) 17 (0,00 - 0,50) 21 (0,00 - 0,50) 22 (0,00 - 0,50) 23 (0,00 - 0,50) 24 (0,00 - 0,50) 25 (0,00 - 0,50)

OCB Pakket, Standaardpakket incl. lu/os

04a¹

0,00 - 0,50

16 (0,00 - 0,50)

Koper, PCB's (7 verb.)

04b¹

0,00 - 0,50

17 (0,00 - 0,50)

Koper, PCB's (7 verb.)

04c¹

0,00 - 0,50

21 (0,00 - 0,50)

Koper, PCB's (7 verb.)

04d¹

0,00 - 0,50

22 (0,00 - 0,50)

Koper, PCB's (7 verb.)

04e¹

0,00 - 0,50

23 (0,00 - 0,50)

Koper, PCB's (7 verb.)

04f¹

0,00 - 0,50

24 (0,00 - 0,50)

Koper, PCB's (7 verb.)

04g¹

0,00 - 0,50

25 (0,00 - 0,50)

Koper, PCB's (7 verb.)

05

0,50 - 1,00

1 (0,50 - 1,00) 13 (0,50 - 1,00) 17 (0,50 - 1,00) 21 (0,50 - 1,00) 5 (0,50 - 1,00) 9 (0,50 - 1,00)

OCB Pakket, Standaardpakket incl. lu/os

06

0,00 - 0,15

Mm1 (0,00 - 0,15)

OCB Pakket, Standaardpakket incl. lu/os

07²

0,00 - 0,50

120 (0,00 - 0,50) 121 (0,00 - 0,50) 122 (0,00 - 0,50) 123 (0,00 - 0,50) 125 (0,00 - 0,50)

OCB Pakket, Standaardpakket incl. lu/os

08²

0,00 - 0,50

124 (0,00 - 0,50) 126 (0,00 - 0,50)

OCB Pakket, Standaardpakket incl. lu/os

FASE 1

14 (27)

Monster

Monstertraject Boringnummers (m -mv)

Analysepakket

127 (0,00 - 0,50) 128 (0,00 - 0,35) 129 (0,00 - 0,50) 09²

0,35 - 1,00

122 (0,50 - 1,00) 128 (0,35 - 0,85)

Standaardpakket incl. lu/os

10

0,07 - 0,50

116 (0,07 - 0,50)

Standaardpakket incl. lu/os

11²

0,00 - 0,50

117 (0,07 - 0,50) 118 (0,00 - 0,50) 119 (0,00 - 0,50)

Standaardpakket incl. lu/os

12²

0,50 - 1,00

116 (0,50 - 1,00) 117 (0,50 - 1,00) 118 (0,70 - 1,00) 119 (0,50 - 1,00)

Standaardpakket incl. lu/os

14

0,50 - 1,00

106 (0,50 - 1,00) 107 (0,50 - 1,00) 108 (0,50 - 1,00) 109 (0,50 - 1,00)

Arseen, Chroom, Standaardpakket incl. lu/os

15

0,15 - 0,45

101 (0,15 - 0,45) 102 (0,15 - 0,45) 103 (0,15 - 0,35) 104 (0,15 - 0,35) 105 (0,15 - 0,35)

Arseen, Chroom, OCB Pakket, Standaardpakket incl. lu/os

16

0,35 - 1,00

101 (0,50 - 1,00) 102 (0,50 - 1,00) 103 (0,35 - 0,85) 104 (0,35 - 0,85) 105 (0,35 - 0,85)

Arseen, Chroom, OCB Pakket, Standaardpakket incl. lu/os

17

0,00 - 0,50

110 (0,00 - 0,40) 111 (0,00 - 0,50) 112 (0,00 - 0,50)

Arseen, Chroom, OCB Pakket, Standaardpakket incl. lu/os

18

0,00 - 0,50

113 (0,00 - 0,50) 114 (0,00 - 0,50) 115 (0,00 - 0,50)

Arseen, Chroom, OCB Pakket, Standaardpakket incl. lu/os

19

0,50 - 1,00

110 (0,50 - 1,00) 111 (0,50 - 1,00) 112 (0,70 - 1,00) 113 (0,50 - 1,00) 114 (0,50 - 1,00) 115 (0,50 - 1,00)

Arseen, Chroom, Standaardpakket incl. lu/os

ASB1

0,00 - 0,50

106 (0,00 - 0,50)

Grond Kwantitatief (10-12.5 kg)

ASB2

0,00 - 0,40

110 (0,00 - 0,40)

Grond Kwantitatief (10-12.5 kg)

MM01

0,00 - 0,45

701 (0,00 - 0,45)

Standaardpakket incl. lu/os

MM02

0,00 - 0,50

703 (0,00 - 0,50)

Standaardpakket incl. lu/os

MM03

0,00 - 0,50

704 (0,00 - 0,50)

Standaardpakket incl. lu/os

MM04

0,00 - 0,50

706 (0,00 - 0,50)

Standaardpakket incl. lu/os

MM05

0,00 - 0,50

707 (0,00 - 0,50)

Standaardpakket incl. lu/os

MM06

0,00 - 0,50

709 (0,00 - 0,50)

Standaardpakket incl. lu/os

MM07

0,00 - 0,50

710 (0,00 - 0,50)

Standaardpakket incl. lu/os

MM08

0,00 - 0,50

712 (0,00 - 0,50)

Standaardpakket incl. lu/os

MM09

0,60 - 2,00

501 (1,20 - 1,70) 504 (0,60 - 1,10) 504 (1,10 - 1,50) 504 (1,50 - 2,00)

Standaardpakket incl. lu/os

FASE 2

15 (27)

Monster

Monstertraject Boringnummers (m -mv)

Analysepakket

505 (0,65 - 1,15) 505 (1,15 - 1,50) 505 (1,50 - 2,00) MM10

0,40 - 2,00

502 (0,50 - 1,00) 502 (1,00 - 1,50) 502 (1,50 - 2,00) 506 (0,40 - 0,90) 506 (0,90 - 1,40) 506 (1,40 - 1,90) 507 (0,40 - 0,90) 507 (0,90 - 1,40) 507 (1,40 - 1,90)

Standaardpakket incl. lu/os

MM11

0,00 - 0,50

305 (0,00 - 0,40) 306 (0,00 - 0,50) 307 (0,00 - 0,50)

Kobalt

MM12

0,00 - 0,50

308 (0,00 - 0,50) 309 (0,00 - 0,50) 310 (0,00 - 0,50)

Kobalt

MM13

0,00 - 0,50

311 (0,00 - 0,50) 312 (0,00 - 0,50) 313 (0,00 - 0,50)

Kobalt

MM14

0,00 - 0,50

314 (0,00 - 0,50) 315 (0,00 - 0,50) 316 (0,00 - 0,50)

Kobalt

MM15

0,00 - 0,50

317 (0,00 - 0,50) 318 (0,00 - 0,50) 319 (0,00 - 0,50)

Kobalt

MM16

0,00 - 0,45

316A (0,00 - 0,45) 317A (0,00 - 0,45) 318A (0,00 - 0,45)

Kobalt

MM17

0,00 - 0,50

319A (0,00 - 0,45) 320 (0,00 - 0,50) 321 (0,00 - 0,50)

Kobalt

MM18

0,00 - 0,50

322 (0,00 - 0,45) 323 (0,00 - 0,50) 324 (0,00 - 0,40)

Kobalt

MM19

0,00 - 0,50

325 (0,00 - 0,50) 326 (0,00 - 0,50) 327 (0,00 - 0,50)

Kobalt

MM20

0,00 - 0,50

326A (0,00 - 0,50) 327A (0,00 - 0,50) 328 (0,00 - 0,50)

Kobalt

MM21

0,00 - 0,50

614 (0,00 - 0,50) 624 (0,00 - 0,50) 625 (0,00 - 0,50) 626 (0,00 - 0,50) 627 (0,00 - 0,40) 628 (0,00 - 0,40) 636 (0,00 - 0,50)

STAP1+OCB

MM22

0,00 - 0,50

629 (0,00 - 0,50) 630 (0,00 - 0,50) 631 (0,00 - 0,50) 632 (0,00 - 0,50) 633 (0,00 - 0,40)

STAP1+OCB

16 (27)

Monster

Monstertraject Boringnummers (m -mv)

Analysepakket

634 (0,00 - 0,50) 635 (0,00 - 0,40) MM23

0,00 - 0,50

637 (0,00 - 0,50) 638 (0,00 - 0,50) 639 (0,00 - 0,45) 640 (0,00 - 0,50) 641 (0,00 - 0,45) 642 (0,00 - 0,50) 643 (0,00 - 0,40)

STAP1+OCB

MM24

0,00 - 0,50

601 (0,00 - 0,40) 602 (0,00 - 0,50) 603 (0,00 - 0,40) 604 (0,00 - 0,45) 605 (0,00 - 0,50) 606 (0,00 - 0,50) 607 (0,00 - 0,50) 609 (0,00 - 0,50)

STAP1+OCB

MM25

0,00 - 0,50

611 (0,00 - 0,50) 612 (0,00 - 0,50) 613 (0,00 - 0,50) 615 (0,00 - 0,50) 616 (0,00 - 0,50) 622 (0,00 - 0,50) 623 (0,00 - 0,50)

STAP1+OCB

MM26

0,00 - 0,50

608 (0,00 - 0,50) 610 (0,00 - 0,50) 617 (0,00 - 0,50) 618 (0,00 - 0,50) 619 (0,00 - 0,50) 620 (0,00 - 0,50) 621 (0,00 - 0,50)

STAP1+OCB

PB04

3,40 - 4,40

4 (3,40 - 3,90) 4 (3,90 - 4,40)

Metalen pakket (9)

MM01

0,00 - 0,50

asbmm01 (0,00 0,50)

Grond Kwantitatief (10-12.5 kg)

MM27

0,00 - 0,50

713 (0,00 - 0,50)

Metalen pakket (9), Pakket lutum en organische stof, PCB's (7 verb.)

MM28

0,50 - 0,75

715 (0,50 - 0,75)

Metalen pakket (9), Pakket lutum en organische stof, PCB's (7 verb.)

MM29

0,00 - 0,50

717 (0,00 - 0,50)

Metalen pakket (9), Pakket lutum en organische stof, PCB's (7 verb.)

MM30

0,50 - 0,75

717 (0,50 - 0,75)

Metalen pakket (9), Pakket lutum en organische stof, PCB's (7 verb.)

MM31

0,00 - 0,40

719 (0,00 - 0,40)

Metalen pakket (9), Pakket lutum en organische stof, PCB's (7 verb.)

MM32

0,40 - 0,90

719 (0,40 - 0,90)

Metalen pakket (9), Pakket lutum en organische stof, PCB's (7 verb.)

MM33

0,00 - 0,45

723 (0,00 - 0,45)

Metalen pakket (9), Pakket lutum en organische stof, PCB's (7 verb.)

MM34

0,00 - 0,50

727 (0,00 - 0,50)

Metalen pakket (9), Pakket lutum en organische stof, PCB's (7 verb.)

MM35

0,00 - 0,40

728 (0,00 - 0,40)

Metalen pakket (9), Pakket lutum en organische stof, PCB's (7 verb.)

FASE 3

17 (27)

Monster

Monstertraject Boringnummers (m -mv)

Analysepakket

MM36

0,00 - 0,40

729 (0,00 - 0,40)

Metalen pakket (9), Pakket lutum en organische stof, PCB's (7 verb.)

MM37

0,00 - 0,50

730 (0,00 - 0,50)

Metalen pakket (9), Pakket lutum en organische stof, PCB's (7 verb.)

MM38

0,00 - 0,45

731 (0,00 - 0,45)

Metalen pakket (9), Pakket lutum en organische stof, PCB's (7 verb.)

MM39

0,00 - 0,50

732 (0,00 - 0,50)

Metalen pakket (9), Pakket lutum en organische stof, PCB's (7 verb.)

MM40

0,00 - 0,50

733 (0,00 - 0,50)

Metalen pakket (9), Pakket lutum en organische stof, PCB's (7 verb.)

MM41

0,00 - 0,50

734 (0,00 - 0,50)

Metalen pakket (9), Pakket lutum en organische stof, PCB's (7 verb.)

MM42

0,00 - 0,50

735 (0,00 - 0,50)

Metalen pakket (9), Pakket lutum en organische stof, PCB's (7 verb.)

MM43

0,50 - 0,85

22B (0,50 - 0,85)

Metalen pakket (9), Pakket lutum en organische stof, PCB's (7 verb.)

MM44

0,00 - 0,50

715 (0,00 - 0,50)

Metalen pakket (9), Pakket lutum en organische stof, PCB's (7 verb.)

¹ Monsters 4 a t/m 4g betreffen uitsplitsing van monster 4. ² Analyse dient als indicatief te worden beschouwd

Het standaardpakket grond bestaat uit zware metalen, polycyclische aromatische koolwaterstoffen (PAK), PCB’s en minerale olie. De grondmonsters zijn tevens geanalyseerd op organische stof en lutum, ten behoeve van de toetsing. De grondwatermonsters uit de geplaatste peilbuizen zijn geanalyseerd op het standaardpakket grondwater, bestaande uit zware metalen, vluchtige aromaten, vluchtige chloorkoolwaterstoffen en minerale olie. De geselecteerde monsters zijn in het laboratorium van Synlab Analytics & Services B.V. geanalyseerd. De analyses zijn uitgevoerd conform de bijbehorende protocollen, vallend onder het accreditatieschema van de AS 3000 richtlijn. De analysecertificaten van Synlab met de resultaten van het laboratoriumonderzoek en een toelichting op de toegepaste analysemethoden zijn weergegeven in bijlage 5. Opgemerkt wordt dat de fractie respirabele vezels niet is bepaald omdat in de fractie <500 µm geen asbest is aangetroffen en de hechtgebonden en niet-hechtgebonden asbestgehalten eveneens niet zijn aangetroffen bij de analyse.

18 (27)

5

Resultaten bodemonderzoek asbest

Tijdens het onderzoek naar asbest is zowel visueel als analytisch geen asbest aangetroffen. Derhalve zijn de onderzoekslocaties onverdacht op het voorkomen van asbest. Vervolgonderzoek wordt niet noodzakelijk geacht.

19 (27)

6

Resultaten bodemonderzoek chemische parameters

6.1 Toetsingskader Voor de bepaling of en in welke mate bodemverontreiniging aanwezig is, zijn toetsingswaarden opgenomen in de Circulaire bodemsanering 2013. De analyseresultaten zijn getoetst aan de toetsingswaarden uit deze circulaire. Aanvullend op de Circulaire bodemsanering toetst Sweco ook aan de tussenwaarde, het gemiddelde van de achtergrond- en de interventiewaarde. Deze toetsing geeft, in combinatie met de bodemkwaliteitskaart en locatiespecifieke kenmerken, een indicatie voor de noodzaak tot nader onderzoek. Voor de toepassing van grond gelden de toetsingswaarden in de Regeling bodemkwaliteit, behorend bij het Besluit Bodemkwaliteit. Middels deze toetsing wordt de grond ingedeeld in een hergebruiksklasse. De veiligheidsaspecten voor werken in of met verontreinigde grond worden beoordeeld op basis van de CROW 400. Hiervoor wordt gebruik gemaakt van de rekentool van het CROW. De toetsingsresultaten zijn weergegeven in bijlage 6. Een toelichting op het toetsingskader is opgenomen in bijlage 8 bij dit rapport.

interventiewaarde

tussenwaarde Matig verhoogd

Sterk verhoogd

(in tabel: 6.1)

(in tabel: 6.2)

(in tabel: 6.3)

interventiewaarde

grondwater

Licht verhoogd

streefwaarde

Niet verhoogd

tussenwaarde

grond

achtergrondwaarde

achtergrondwaarde

6.2 Mate van bodemverontreiniging De resultaten van de toetsing ter bepaling van de mate van bodemverontreiniging, zijn samengevat in de tabellen 6-1 en 6-2. Hierbij zijn alleen de gehalten weergegeven die de toetsingswaarden overschrijden. De toetsingsmogelijkheden zijn als volgt:

Tabel 6-1

Overschrijdingen van de toetsingswaarden grondmonsters (Circulaire bodemsanering)

Monster

Monstertraject (m -mv)

Boringnummers

> AW

>T

>I

FASE 1 03

0,00 - 0,50

Drins (Aldrin+Dieldrin+Endrin) (-)

-

-

04

0,00 - 0,50

11 (0,00 - 0,50) 12 (0,00 - 0,30) 13 (0,00 - 0,50) 18 (0,00 - 0,50) 19 (0,00 - 0,40) 20 (0,00 - 0,50) 16 (0,00 - 0,50) 17 (0,00 - 0,50) 21 (0,00 - 0,50) 22 (0,00 - 0,50) 23 (0,00 - 0,50)

Lood (0,05) PCB (som 7) (0,89) Drins (Aldrin+Dieldrin+Endrin) (0,01)

Koper (209)

20 (27)

04b¹ 04c¹

0,00 - 0,50 0,00 - 0,50

24 (0,00 - 0,50) 25 (0,00 - 0,50) 17 (0,00 - 0,50) 21 (0,00 - 0,50)

04d¹

0,00 - 0,50

22 (0,00 - 0,50)

-

-

04e¹

0,00 - 0,50

23 (0,00 - 0,50)

-

-

06

0,00 - 0,15

Mm1 (0,00 - 0,15)

-

07²

0,00 - 0,50

-

-

10

0,07 - 0,50

120 (0,00 - 0,50) 121 (0,00 - 0,50) 122 (0,00 - 0,50) 123 (0,00 - 0,50) 125 (0,00 - 0,50) 116 (0,07 - 0,50)

PCB (som 7) (0,01) Koper (0,01) Zink (0,02) PAK 10 VROM (0,02) DDT (som) (-)

PCB (som 7) (3040) Koper (817) PCB (som 7) (4110) Koper (887) PCB (som 7) (3310) Koper (2090) -

-

-

16

0,35 - 1,00

101 (0,50 - 1,00) 102 (0,50 - 1,00) 103 (0,35 - 0,85) 104 (0,35 - 0,85) 105 (0,35 - 0,85)

PCB (som 7) (0,01) Zink (0,01) Lood (0,01) Drins (Aldrin+Dieldrin+Endrin) (-)

-

-

FASE 2 MM01

0,00 - 0,45

701 (0,00 - 0,45)

-

-

MM02

0,00 - 0,50

703 (0,00 - 0,50)

-

-

MM03

0,00 - 0,50

704 (0,00 - 0,50)

PCB (som 7) (0,01) Koper (0,3) Lood (0,01) PCB (som 7) (-) Koper (0,08) Zink (0,35)

Lood (0,56)

MM04

0,00 - 0,50

706 (0,00 - 0,50)

PCB (som 7) (1174) Koper (759) PCB (som 7) (1800) Koper (2400)

MM05 MM06

0,00 - 0,50 0,00 - 0,50

707 (0,00 - 0,50) 709 (0,00 - 0,50)

MM07

0,00 - 0,50

710 (0,00 - 0,50)

MM08 FASE 3 MM28 MM29

0,00 - 0,50

712 (0,00 - 0,50)

0,50 - 0,75 0,00 - 0,50

715 (0,50 - 0,75) 717 (0,00 - 0,50)

MM30 MM31

0,50 - 0,75 0,00 - 0,40

717 (0,50 - 0,75) 719 (0,00 - 0,40)

MM35

0,00 - 0,40

728 (0,00 - 0,40)

MM36

0,00 - 0,40

729 (0,00 - 0,40)

PCB (som 7) (0,39) -

-

Zink (0,13) Lood (0,26) Minerale olie (totaal) (0,01) Lood (0,12) Zink (0,07) Lood (0,33) Lood (0,14) Minerale olie (totaal) (0,02) Lood (0,17) PCB (som 7) (0,04) PCB (som 7) (0,28) Lood (0,31) Zink (0,06) Lood (0,15) PCB (som 7) (0,06) Koper (0,31) Koper (0,05) Molybdeen (-)

-

PCB (som 7) (0,5) PCB (som 7) (0,67)

Koper (4854) Koper (662)

-

PCB (som 7) (1041) Koper (1564)

PCB (som 7) (0,56)

Koper (369)

-

Koper (348)

PCB (som 7) (0,62)

Koper (667)

-

-

-

-

21 (27)

MM37

0,00 - 0,50

730 (0,00 - 0,50)

MM38 MM40 MM44

0,00 - 0,45 0,00 - 0,50 0,00 - 0,50

731 (0,00 - 0,45) 733 (0,00 - 0,50) 715 (0,00 - 0,50)

PCB (som 7) (0,01) Koper (0,14) Koper (0,09) Lood (0,31) PCB (som 7) (0,1) Lood (0,02)

-

-

-

-

Koper (0,73)

¹ Monsters 4 a t/m 4g betreffen uitsplitsing van monster 4. ² Analyse dient als indicatief te worden beschouwd

Tabel 6-2

Overschrijdingen van toetsingswaarden grondwatermonsters (Circulaire bodemsanering)

Peilbuis

Filterstelling (m -mv)

> S (+index)

>T

>I

100

3,75 - 4,75

-

-

4

3,50 - 4,50

Zink (-) Barium (0,24) -

-

501 503 506

1,50 - 2,50 2,00 - 3,00 1,50 - 2,50

Koper (0,25) Koper (0,05) Nikkel (0,37) Barium (0,06)

-

Kobalt (120) Nikkel (250) -

In eerder onderzoek van Geofox (2009) en Agel (2012) zijn in voormalige peilbuizen 4 en 23 verhoogde gehalten aan Kobalt en Nikkel aangetroffen. In dit onderzoek is alleen ter plaatse van peilbuis 4 een interventiewaarde overschrijding van Kobalt en Nikkel aangetoond. Gezien de onderzochte bodem stroomopwaarts is gelegen aan peilbuis 4 en 23 (750 m² en 15 boringen per locatie), waarbij geen verontreiniging is geconstateerd zal de verontreiniging in peilbuis 4 naar verwachting geen antropogene oorspong hebben en een van nature verhoogde achtergrondwaarde betreffen.

Puin 20%

Plastic sporadisch

6.3 Hergebruik van grond De resultaten van de toetsing ter bepaling van de hergebruiksklasse, zijn samengevat in tabel 6-3. De hergebruiksklassen zijn als volgt:

Altijd

klasse Wonen

interventiewaarde

waarde industrie

(lokale) maximale

waarde wonen

klasse industrie

Niet toepasbaar

Nooit toepasbaar

toepasbaar In grootschalige bodemtoepassing

Maximale

kwaliteit

emmissiewaarde

Chemische

(lokale) maximale

achtergrondwaarde

Bijmengingen Toepasbaar op landbodem Niet direct toepasbaar op landbodem

22 (27)

Tabel 6-3 Monster

Overschrijdingen van de toetsingswaarden grondmonsters (Besluit bodemkwaliteit) Monstertraject (m -mv)

Boringnummers

FASE 1 04

0,00 - 0,50

04b¹ 04c¹

0,00 - 0,50 0,00 - 0,50

16 (0,00 - 0,50) 17 (0,00 - 0,50) 21 (0,00 - 0,50) 22 (0,00 - 0,50) 23 (0,00 - 0,50) 24 (0,00 - 0,50) 25 (0,00 - 0,50) 17 (0,00 - 0,50) 21 (0,00 - 0,50)

04d¹

0,00 - 0,50

04e¹

> AW

>T

Lood (0,05) PCB (som 7) Drins (0,89) (Aldrin+Dieldrin+Endrin) (0,01)

>I

BBK monsterconclusie

Koper (209)

Niet Toepasbaar > Interventiewaarde

Klasse industrie Niet Toepasbaar > Interventiewaarde Niet Toepasbaar > Interventiewaarde Niet Toepasbaar > Interventiewaarde Klasse wonen

PCB (som 7) (390) -

-

22 (0,00 - 0,50)

-

-

0,00 - 0,50

23 (0,00 - 0,50)

-

-

06

0,00 - 0,15

Mm1 (0,00 0,15)

-

07²

0,00 - 0,50

-

-

Klasse industrie

10

0,07 - 0,50

120 (0,00 - 0,50) 121 (0,00 - 0,50) 122 (0,00 - 0,50) 123 (0,00 - 0,50) 125 (0,00 - 0,50) 116 (0,07 - 0,50)

PCB (som 7) (0,01) Koper (0,01) Zink (0,02) PAK 10 VROM (0,02) DDT (som) (-)

PCB (som 7) (3040) Koper (817) PCB (som 7) (4110) Koper (887) PCB (som 7) (3310) Koper (2090) -

PCB (som 7) (0,01) Zink (0,01) Lood (0,01)

-

-

Klasse wonen

FASE 2 MM01

0,00 - 0,45

701 (0,00 - 0,45)

-

-

Klasse industrie

MM03

0,00 - 0,50

704 (0,00 - 0,50)

PCB (som 7) (0,01) Koper (0,3) Lood (0,01) Zink (0,35)

Lood (0,56)

MM04

0,00 - 0,50

706 (0,00 - 0,50)

PCB (som 7) (1174) Koper (759) PCB (som 7) (1800) Koper (2400)

Niet Toepasbaar > Interventiewaarde Niet Toepasbaar > Interventiewaarde

MM05

0,00 - 0,50

707 (0,00 - 0,50)

PCB (som 7) (0,5)

Koper (4854)

MM06

0,00 - 0,50

709 (0,00 - 0,50)

Zink (0,07) Lood (0,33)

PCB (som 7) (0,67)

Koper (662)

MM07

0,00 - 0,50

710 (0,00 - 0,50)

-

MM08

0,00 - 0,50

712 (0,00 - 0,50)

Lood (0,14) Minerale olie (totaal) (0,02) Lood (0,17)

PCB (som 7) (1041) Koper (1564) Koper (369)

Niet Toepasbaar > Interventiewaarde Niet Toepasbaar > Interventiewaarde Niet Toepasbaar > Interventiewaarde Niet Toepasbaar > Interventiewaarde

Zink (0,13) Lood (0,26) Minerale olie (totaal) (0,01) Lood (0,12)

-

PCB (som 7) (0,56)

FASE 3

23 (27)

MM28 MM29

0,50 - 0,75 0,00 - 0,50

715 (0,50 - 0,75) 717 (0,00 - 0,50)

PCB (som 7) (0,04) PCB (som 7) (0,28) Lood (0,31)

-

Koper (348)

MM31

0,00 - 0,40

719 (0,00 - 0,40)

Zink (0,06) Lood (0,15)

PCB (som 7) (0,62)

Koper (667)

MM35

0,00 - 0,40

728 (0,00 - 0,40)

-

-

MM37

0,00 - 0,50

730 (0,00 - 0,50)

-

-

Klasse industrie

MM38 MM40 MM44

0,00 - 0,45 0,00 - 0,50 0,00 - 0,50

731 (0,00 - 0,45) 733 (0,00 - 0,50) 715 (0,00 - 0,50)

PCB (som 7) (0,06) Koper (0,31) PCB (som 7) (0,01) Koper (0,14) Koper (0,09) Lood (0,31) PCB (som 7) (0,1) Lood (0,02)

Klasse industrie Niet Toepasbaar > Interventiewaarde Niet Toepasbaar > Interventiewaarde Klasse industrie

-

-

Klasse industrie Klasse wonen Klasse industrie

Koper (0,73)

¹ Monsters 4 a t/m 4g betreffen uitsplitsing van monster 4. ² Analyse dient als indicatief te worden beschouwd

ventilatie

Veiligheidsklasse

Veiligheidsklasse

Oranje

rood

SRC

Geen veiligheidsklasse

<75% SRC

Niet-vluchtige stof

Voldoende  → onvoldoende Mutagene en carcinogene stoffen Veiligheidsklasse zwart

Mutageen of carcinogeen

Alle stoffen

1000 mg kg ds of 1000 µg/l

waarde

Vluchtige stof

interventie-

tussenwaarde

6.4 Veiligheidsklasse De resultaten, zoals weergegeven in de vorige paragraaf, zijn getoetst aan de veiligheidsnormen. De toetsingsmogelijkheden zijn als volgt:

Met behulp van de rekentool van CROW is de veiligheidsklasse op basis van de chemische parameters bepaald op veiligheidsklasse oranje niet-vluchtig. De uiteindelijke veiligheidsklasse wordt tevens bepaald door de PCB verontreiniging. Een beschrijving van de veiligheidsmaatregelen voor werken in en met verontreinigde grond is opgenomen in bijlage 8.

24 (27)

7

Interpretatie onderzoeksresultaten

7.1 Verontreinigingssituatie Ter plaatse van deelgebied 1 is de grond sterk verontreinigd met koper en PCB’s. De grond ter plaatse van de boringen 21, 21B, 22, 22B, 23, 23B, 24, 704, 706, 707, 709, 710, 712, 717 en 719 is sterk verontreinigd met koper, matig tot sterk verontreinigd met PCB’s, en licht tot matig verontreinigd met lood en zink. De verontreiniging komt voort in het traject 0,00-0,50 m- mv. • Het horizontale vlak is ingekaderd door middel van diverse boringen. • Het diepere traject 0,50-0,90 m- mv is ingekaderd met boringen 22B, 715, 717 en 719, hierbij zijn geen sterke verontreinigingen aangetroffen. Middels voorgenoemde boringen is het verticale traject voldoende ingekaderd. Het volume aan sterk verontreinigde grond, ter plaatse van deelgebied 1 wordt ingeschat op (1840 m² en een verticaal traject van 0,50 m¹) circa 920 m³. hiermee is er sprake van een geval van ernstige bodemverontreiniging in de zin van de Wet bodembescherming. Op basis van de onderzoeksgegevens (analyseresultaten en visuele verontreinigingskenmerken) is gebleken dat er sprake is van een (naar diepte en oppervlak) in omvang ingekaderde sterke verontreiniging van de grond met koper en PCB’s ter plaatse van deelgebied 1. Naar aanleiding van de aangetroffen verontreiniging zijn op twee monsters een SCG zeefkromme uitgevoerd, dit om de mogelijkheid tot afzet van de grond te bepalen.

De analyses van de zeefkromme zijn opgenomen in bijlage 5. Ter plaatse van het overige deel van de onderzoeklocatie is geen verontreiniging aangetroffen. De aangetroffen streef- en interventiewaarde overschrijdingen in het grondwater zijn in eerder onderzoek ook waargenomen. In het grond onderzoek nabij deze peilbuizen is geen verontreiniging in de bodem waargenomen en is geen bronlocatie voor de verhoogde gehalten aan Kobalt en Nikkel aangetoond. Derhalve is de verwachting dat de verhoogde waarden in het grondwater gebiedseigen zijn. 7.2 Noodzaak tot vervolgonderzoek Of vervolgonderzoek nodig is, is afhankelijk van de toetsing van de onderzoekshypothese en de mate van bodemverontreiniging. Op basis van het uitgevoerde verkennend- en naderbodemonderzoek blijkt dat de aangetroffen verontreiniging in de grond (koper en PCB) voldoende is ingeperkt. Bijgevolg is vervolgonderzoek niet noodzakelijk. De aangetroffen verontreinigingen in het grondwater worden als gebiedseigen gezien, bijgevolg is hierbij vervolgonderzoek eveneens niet noodzakelijk. 7.3 Hergebruik van grond Uit de analyseresultaten (toetsing Besluit Bodemkwaliteit) van de grond is gebleken dat met uitzondering van deellocatie 1 de (hergebruiks)klasse ”Achtergrondwaarde” en klasse ”Wonen” betreft. Hieruit blijkt dat de grond geschikt is voor het beoogde gebruik van de onderzoekslocatie wonen.

De sterk verontreinigde grond in deellocatie 1 is geclassificeerd als ”niet toepasbaar”. 7.4 Veiligheidsaspecten In tabel 7-4 wordt aangegeven welke veiligheidsklasse van toepassing is voor het werken in of met de grond in de onderzoekslocatie. Tabel 7-4

Veiligheidsklasse

Deellocatie

Bodemlaag (m -mv) 0,00-0,50 0,00-1,00

1 Overige locaties

Veiligheidsklasse Oranje niet vluchtig Geen

25 (27)

8

Conclusie en advies

8.1 Conclusie In opdracht van Ruimte voor Ruimte CV heeft Sweco Nederland B.V. een verkennend- en nader bodemonderzoek uitgevoerd ter plaatse van Oude Tilburgsebaan te Dorst. De uitvoering van het bodemonderzoek is uitgevoerd in meerdere fasen, hierbij is onderscheidt gemaakt in de volgende fasen: • Fase 1, deellocatie West (bestaande uit kadastrale percelen met sectie K, nummers 194, 1867, 2965 en 2966) en deellocatie Oost (bestaande uit kadastrale percelen met sectie K, nummers 214, 215, 863, 868 en 1201). • Fase 2 Overige terrein en het terreindeel dat in fase 1 niet conform geldende NEN-normen is uitgevoerd. • Fase 3, nader onderzoek t.b.v. inkaderen verontreiniging perceel “Brokx” (deellocatie 1). De aanleiding van het onderzoek betreft de aankoop van percelen en herinrichting van de locatie met als bestemming wonen. Doel van het onderzoek is het vaststellen van de milieuhygiënische bodemkwaliteit van de onderzoekslocatie en de eventueel daaruit vrijkomende grond. Op basis van de onderzoeksresultaten moet worden vastgesteld of de gewenste vorm van bodemgebruik, vanuit milieuhygienisch oogpunt gezien, mogelijk is en zo niet, welke vervolgacties noodzakelijk zijn. Op basis van het uitgevoerde onderzoek is gebleken dat: • Het grondwater plaatselijk is verontreinigd met zware metalen.

Dit is in eerder onderzoek ook aangetroffen en bij nader onderzoek van de grond rondom de peilbuislocaties is geen bron gelokaliseerd. Naar verwachting betreft het een van nature aanwezige verhoogde achtergrondwaarde; • De bovengrond bij deelgebied 1 is sterk verontreinigd met koper en PCB, met een ingeschat volume van circa 920 m³. De grondverontreiniging van deelgebied 1 zal in de kader van het toekomstig gebruik gesaneerd dienen te worden. De omvang wordt ingeschat op circa 920 m³. De saneringsdoelstelling en de daadwerkerlijke terugsaneerwaarde dient nog bepaald te worden. Op basis hiervan kan dan ook de daadwerkelijke hoeveelheid bepaald worden. Het is dan ook niet ondenkbaar dat de daadwerkelijk te ontgraven hoeveelheid groter is dan 920 m³. Daar de verontreiniging zowel horizontaal als verticaal voldoende is ingeperkt is geen aanvullend onderzoek noodzakelijk. In de overige deelgebieden zijn geen verontreinigingen aangetroffen. Vervolg onderzoek wordt niet noodzakelijk geacht. Vanuit milieuhygienisch oogpunt zijn hier dan ook geen belemmeringen voor de voorgenomen ontwikkeling van de onderzoekslocatie tot woonbestemming. 8.2 Advies Er wordt geadviseerd om geen aanvullend onderzoek uit te voeren op de ontwikkellocatie. In het kader van de herontwikkeling adviseren wij de sterk verontreinigde grond te saneren.

In verband met de huidige bestemming landbouwgrond adviseren we om tot er tot saneren wordt overgegaan maatregelen te treffen tegen het verspreiden van de grond, als gevolg van grondbewerkingen van de landbouwgrond. Op basis van de aangetroffen concentraties zware metalen in het grondwater adviseren we om het grondwater niet op te pompen en niet te gebruiken voor consumptiedoeleinden, besproeien van gewassen of voor vee drenking.

26 (27)

Bodemonderzoek wordt in beginsel steekproefsgewijs uitgevoerd. Ondanks het feit dat Sweco Nederland B.V. bij de uitvoering van deze werkzaamheden aansluit bij landelijke kwaliteitsrichtlijnen en regelgeving, maakt het steekproefsgewijze karakter van het onderzoek het niet mogelijk om garanties af te geven ten aanzien van een eventueel beschreven verontreinigingssituatie. Sweco Nederland B.V. accepteert dan ook geen aansprakelijkheid ten aanzien van mogelijke beslissingen die de opdrachtgever of derden naar aanleiding van het door Sweco Nederland B.V. uitgevoerde bodemonderzoek nemen.

Protocollen en onderzoeksnormen Het veldwerk bij het milieuhygienisch bodemonderzoek (vanaf acceptatie van de opdracht voor het veldwerk tot en met de overdracht van de veldgegevens, veldwerkrapportage en monsters aan Sweco Nederland B.V.) is verricht onder de beoordelingsrichtlijn BRL SIKB 2000 (Veldwerk bij milieuhygiënisch bodem- en waterbodemonderzoek) en de bijbehorende protocollen 2001, 2002 en 2018. Momenteel zijn er twee vigerende versies van de beoordelingsrichtlijn en de protocollen, zoals weergegeven in onderstaand schema. De nieuwste versies van deze beoordelingsrichtlijn en de protocollen worden gehanteerd na certificaatvernieuwing bij het uitvoerend veldwerkbureau. Vigerende versies beoordelingsrichtlijn en protocollen Titel

Versie

Datum

BRL SIKB 2000 met Wijzigingsblad Met protocollen 2001 2002 2018

2.8 3

07-02-2014 10-03-2016

3.2 4 3.2

12-12-2013 12-12-2013 10-03-2016

BRL SIKB 2000 Met protocollen 2001 2002 2018

6.0

30-11-2018

6.0 6.0 6.0

01-02-2018 01-02-2018 01-02-2018

Geldig

Tot certificaatvernieuwing en uiterlijk 01-04-2020

Na certificaatvernieuwing, in ieder geval na 01-04-2020

Het veldwerk is uitgevoerd door Sweco Nederland BV. Tijdens de uitvoering van het veldwerk bij dit bureau was de certificaatvernieuwing nog niet uitgevoerd. Het veldwerk is uitgevoerd door persoonlijk gecertificeerde veldwerkers waarvan de naam vermeld is bij de profielen in bijlage 3. De bemonstering van de peilbuizen heeft plaatsgevonden door Sweco Nederland BV. De gebruikte onderzoeksnormen zijn • NEN 5725:2017 nl – bodem – Landbodem – strategie voor het uitvoeren van milieuhygiënisch vooronderzoek; • NEN 5740:2009+A1:2016 nl – Bodem -Landbodem – Strategie voor het uitvoeren van verkennend bodemonderzoek – Onderzoek naar de milieuhygiënische kwaliteit van bodem en grond; • NEN 5707+C2:2017 nl – Bodem – Inspectie en monsterneming van asbest in bodem en partijen grond. In versie 3.2 van protocol 2018 wordt verwezen naar een oudere versie van de NEN 5707. Omdat de nieuwe norm een verbetering is van de oudere versie, is in dit rapport gebruik gemaakt van de NEN 5707+C2:2017 nl – Bodem – Inspectie en monsterneming van asbest in bodem en partijen grond.

27 (27)

Bijlage 1

Topografische ligging onderzoekslocatie

Legenda

Regionale ligging

Oude Tilburgsebaan, Dorst Opdrachtgever: Ruimte voor Ruimte Projectnummer: 356758 Status: Definitief Datum: 24-1-2019 Schaal: 1:20.000 Formaat: A3 Getekend: AvW - Gecontroleerd: XX 0

Esri Nederland, beeldmateriaal.nl; Esri Nederland, Community Map Contributors

200

400

600

800

© Sweco Nederland B.V. Alle rechten voorbehouden

1.000

1.200 meter

´

Q:\K\EIN\BU500\Standaard\Dorst\Bodem VO\Boslaan_Dorst_basis.mxd 24-1-2019 16:01:57

Onderzoekslocatie

Bijlage 2

Situatie met gaten en boringen

606

( !

607

( !

605

( !

608

( !

619

H878

( !

631

( !

604

( !

620

( !

632

618

( !

328 327 322 321 316 (! ! .4 ! ( ! ( ! ( ! ( 327 326 323 320

603

( !

602

( !

120

610

621

( !

( !

( ( 325 ! !

326

( !

617

( !

( !

123

122

121

( !

( !

( !

324

643

( !

( !

( !

319

318 317 ( !

642

633

630

( !

( !

503

( !

( !

. !

05 06

15

601

16

( !

611

616

( !

( !

119

622

641

( !

04

( !

124

125

629

634

( !

640

612

502

( !

( !

623

) 107 "

) 106 "

117

101

103

100

116

) "

112

) "

) 114 113 " 115

07

14

17

635

628

( !

( !

( !

( !

( !

( !

314

( !

03

506

08

( !

( !

308

725 ( !

13

18

( !

( !

730 02

12

09

726 ( !

701

( 731 !

724

( !

( !

613

505

615

( !

) "

624

) "

( !

636

627

( !

01

( !

11

10

727

) "

( !

( !

( !

128

507

639

( !

722

( !

702

( !

706

( !

614

Legenda Onderzoekslocatie Sublocaties Onderzoek

Buiten onderzoekslocatie

Boorpunten Type

19 ! ( 729

20

707

( !

712

( !

129

625

( !

626

637

715

733

( !

( !

728

708

( !

709

( !

21

710 ( 711 !

719

717

( !

) 822 "

823 " )

821

734

( !

) " ) 824 "

638

( !

( !

( !

Situeringen boringen en asbestgaten Oude Tilburgsebaan, Dorst Opdrachtgever: Ruimte voor Ruimte Projectnummer: 356785

Boring tot ca. 1,0m-mv

( !

Bestaande peilbuis herbemonsteren of herplaatsen

( !

704

( !

( 735 !

Boring tot ca. 0,5m-mv

. !

705

( !

( !

( !

Peilbuis

23

( !

( !

Status: Definitief Datum: 5-7-2019 Schaal: 1:1.000 Formaat: A2

. !

( 732 703 !

( !

22

127

( !

( 713 !

( !

( 721 !

( !

24

723

( !

. !

310 305

23 311 306 318 315 312 ! ( ( ! ( ! ( ( ! ! 309 313 307 319

104

105 102

111

( ! . !

126

) 109 ) 108 " "

. !

110 " )

317 316

( !

118

504

( !

( !

( !

25

Boring tot ca. 1,5m-mv

Getekend: JW - Gecontroleerd: SD

( !

Boring tot ca. 2,0m-mv

) "

Asbestgat tot 0,5m-mv

0

10

20

30

40

Boring © Sweco Nederland B.V. Alle rechten voorbehouden

50

60 meter

´

Esri Nederland, Community Map Contributors

C:\Data\OudeTilburgselaan\GIS\GIS\Boslaan_Dorst_A2.mxd 5-7-2019 11:19:54

609

( !

Bijlage 3

Verzamelde gegevens

Conform NEN 5725 – Aanleiding A ''Opstellen hypothese over de milieuhygienische bodemkwaliteit ten behoeve van uit te voeren bodemonderzoek''. Onderzoeksvraag : Wat is de afbakening van het onderzoeksgebied? Eigendomssituatie Informatiebron: Kadaster Diverse eigenaren Informatiebron: www.ahn.nl Hoogteligging. 6,6 m +NAP Informatiebron: opdrachtgever Oppervlakte en afbakening onderzoeksgebied Oppervlakte onderzoekslocate: 89.600 m 2 Afbakening onderzoeksgebied ten behoeve van vooronderzoek = onderzoekslocatie + 25 m van onderzoekslocatie Onderzoeksvraag: Wat is de bodemopbouw en geohydrologie en is er binnen het onderzoeksgebied sprake van verschillende fysische kwaliteiten en/of bodemvreemde lagen? Zo ja, welke fysische kwaliteiten en/of bodemvreemde lagen zijn er en waar bevinden deze zich? Informatiebron: www.dinoloket.nl Bodemtype Globale diepte (m -mv)

Samenstelling

Geohydrologische eenheid

Formatie

0-1,5

Zand

Deklaag

Boxtel

1,5 – 18,4

Zand

Watervoerend pakket 1a

Sterksel

18,4 – 66

Zand

Watervoerend pakket 1b

Peize en Waalre

Antropogene lagen in de bodem Ophogingen en bodemvreemde lagen

Informatiebron: www.ahn.nl. meldpunt bodemkwaliteit (via gemeente)

Via de ahn en bij gemeente Oosterhout zijn geen gegevens bekend van ophogingen en bodemvreemde lagen. Dempingen Informatiebron: www.topotijdreis.nl Er zijn vanaf 1902 tot en met 2007 geen dempingen binnen de onderzoekslocatie zichtbaar op historische kaarten. Geohydrologie Grondwaterstand Informatiebron: www.grondwatertools.nl De globale grondwaterstand is 5,25 m boven NAP met een oostelijke stromingsrichting. Drainage, bemaling, onttrekking en infiltratie Informatiebron: Gemeente Oosterhout Aangezien de percelen ingebruik zijn als akker en het grondwater zich op 1,35 m-mv is het niet aannemelijk dat er drainage aanwezig is. De onderzoekslocatie bevindt zich in een grondwaterbeschermingsgebied van Waterschap Brabantse Delta. Onderzoeksvraag: Wordt op de locatie of een deel daarvan (een geval van ernstige) bodemverontreiniging vermoed? Zo ja, waar bevindt deze zich? Geval van bodemverontreiniging? Informatiebron: www.bodemloket.nl Ter plaatse van perceel 869 is een licht verhoogd gehalte aan minerale olie aangetroffen in de bovengrond en een licht verhoogd gehalte aan kwik in de ondergrond. Het grondwater bevat verspreid over het gebied licht verhoogde gehalten aan zware metalen zoals kobalt, nikkel, zink en chroom. Zo ja, geval van ernstige bodemverontreiniging?

N.v.t. Op basis van bodemonderzoeken Informatiebron: www.bodemloket.nl; gemeente Oosterhout • “Verkennend bodemonderzoek Heiningen/ Oude Tilburgsebaan te Dorst”, CBB, document nummer 515276-1, d.d. 13-03-2008. Perceel 869, 1561 en 2168 ter plaatse van de onderzoekslocatie. De bovengrond bevat licht verhoogde gehalten aan minerale olie. In de ondergrond zijn licht verhoogde gehalten aan kwik aanwezig. In het grondwater zijn verhoogde gehalten aan koper, chroom zink en/of nikkel aangetroffen. • “Vooronderzoek Conventionele Explosieven Dorst, gemeente Oosterhout.” Saricon bv, documentcode 72468-VO-01, d.d. 7 mei 2009,. De onderzoekslocatie te Dorst is geheel verdacht van explosieven tot een diepte van 2,50 m-mv van 1940-1945. De kans is klein dat er delen van ontplofte V-1’s welke achtergebleven kunnen zijn in de bodem nog (explosie-) gevaar opleveren. • “Detectierapport, Dorst-Oost, Gemeente Oosterhout”, Sarcon bv, documentcode 72526-DR01, d.d. 2 juni 2009. Binnen het gehele onderzoeksgebied zijn 228 verdachte verstoringen gedetecteerd. Tot deze verstoringen zijn geïdentificeerd en verwijderd blijft de herkomst en identiteit van deze objecten onbekend. Een deel van de onderzoekslocatie is nog niet onderzocht. Tot de verwijdering van de objecten is uitgevoerd wordt het onderzoeksgebied niet vrijgeven van munitie en/of explosieven.

• “Proces verbaal van oplevering, Dorst-oost, gemeente Oosterhout”, Sarcon bv, documentcode 972526-PvO-01, 8 juli 2009. Ter plaatse van de onderzoekslocatie is een deel van het gebied door middel van detectie vrijgegeven, waarbij de aangetroffen explosieven van de locatie zijn verwijderd. De niet gedetecteerde gebieden in het onderzoeksgebied Dorst-oost zijn niet vrijgegeven. Gezien de resultaten van het onderzoek wordt de kans op het aanwezig zijn van explosieven van deze gebieden relatief klein geacht, waardoor vervolgonderzoek in deze niet gedetecteerde gebieden achterwege kan blijven. De kans op aantreffen van explosieven langs het spoortraject is groter en nader onderzoek naar deze zone is bijgevolg benodigd. Uit het voorgaande blijkt dat het gevaar voor explosieven voor onderhavige onderzoekslocatie afwezig of verwaarloosbaar is. • “Verkennend bodemonderzoek Cypressenstraat ong. Dorst, Gemeente Oosterhout”, Oranjewoud, Projectnummer 217310-03, april 2010. Perceel 2806 en 2807 ter plaatse van de onderzoekslocatie. In de bovengrond zijn geen verhoogde gehalten aangetroffen. In de ondergrond zijn licht verhoogde gehalten aan minerale olie aangetroffen. Het mengmonster van de ondergrond valt in kwaliteitsklasse Industrie. In het grondwater zijn geen verhoogde gehalten aangetroffen. Perceel 879 ter plaatse van de onderzoekslocatie.

In zowel de boven- als ondergrond zijn geen verhoogde gehalten aangetroffen (kwaliteitsklasse AW2000). Het grondwater bevat licht verhoogde gehalten barium. • “Verkennend bodem- en asbestonderzoek Oude Tilburgsebaan te Dorst”, Oranjewoud, projectnummer 170063-8, 18 oktober 2007. Perceel 2167, 2168, 869, 1561 ter plaatse van de onderzoekslocatie. In de bovengrond is plaatselijk een licht verhoogd gehalte aan minerale olie gemeten. In de ondergrond zijn licht verhoogde gehalten kwik aanwezig. In het grondwater zijn licht verhoogde gehalten aan koper, chroom, zink en/of nikkel aangetroffen. Er is geen asbest aangetroffen op het maaiveld noch in de boven/ondergrond.

•

•

•

•

“Verkennend bodemonderzoek enkele percelen aan de Oude Tilburgsebaan te Dorst”, GeofoxLexmond b.v., documentnummer 20080270_a3RAP, d.d. 19 oktober 2009. Perceel 2966, 2965, 194, 1867 ter plaatse van de onderzoekslocatie. Gedurende dit onderzoek zijn zintuigelijk geen bodemvreemde materialen waargenomen. In de boven- en ondergrond zijn geen gehalten aangetoond welke de achtergrondwaarde/ streefwaarde overschreden. In het grondwater zijn licht verhoogde gehalten barium, koper, zink, naftaleen, dichloorethenen en tetrachlooretheen aangetroffen. Ter hoogte van peilbuis 4, gelegen in het noordoosten perceel 2966, zijn gehalten kobalt en nikkel aangetroffen welke de interventiewaarden overschrijden. Deze worden verder beoordeeld in onderstaande risicobeoordeling (d.d. 24-09-2009). “Verkennend bodemonderzoek Achter Tilburgsebaan 75 in Dorst”, kenmerk rapportage: NC708.0200/001, 22 mei 2007, Ingenieursbureau BCC. Perceel 1090, 2966, 2965, 194 en 1867 ter plaatse van de onderzoekslocatie. Uit dit onderzoek komt naar voren dat de bovengrond licht verhoogde gehalten aan koper, minerale olie en PAK zijn aangetroffen en dat ter plaatse van de ondergrond geen verhoogde gehalten zijn aangetroffen.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Oosterhout&id=45272cd4-c921-4753-9e24-3a48b6c891e5