CConstaterende datOosterhout
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 4 Nota van wijziging Statuten Delta-onderwijs def 8-5-23

Raadsvergadering 4 juli 2023, gemeente OosterhoutBij agendapunt: 1015955 Statutenwijziging Stichting Delta-onderwijs4.608 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Nota van wijziging Statuten Stichting Delta-Onderwijs Aanleiding De huidige statuten van Delta-onderwijs (nader te noemen Delta) dateren van 24 juni 2009. Deze dienen in verband met de volgende constateringen te worden geactualiseerd: In de voorbije 13 jaren is de onderwijswetgeving op diverse onderdelen aangepast wat maakt dat de statuten op onderdelen niet meer in overeenstemming zijn met de wetgeving; Sinds november 2020 geldt er voor het primair onderwijs een nieuwe Code Goed Bestuur PO (met overigens nog een beperkt aantal verplichtende ofwel ‘pas toe bepalingen’). Delta-onderwijs heeft een praktijkschool die onder de VO-sector valt maar heeft gekozen voor de toepassing van de Code Goed Bestuur PO en niet voor de Code voor het VO (overigens streven PO- en VO-Raad naar de totstandkoming van één code voor het funderend onderwijs); Op 1 juli 2021 is de Wet bestuur en toezicht rechtspersonen (WBTR) in werking getreden; Een aantal statutaire bepalingen komt in zijn algemeenheid niet (meer) overeen met de huidige filosofie en regels van toezicht en besturen (governance) en de wijze waarop die bij Delta worden gepraktiseerd. Dat betekent dat de in de statuten opgenomen structuur niet meer past bij de binnen de structuur lopende processen en bij de cultuur van de organisatie.

In artikel 17d van de Wet op het primair onderwijs (WPO) is de mogelijkheid van een samenwerkingsschool opgenomen. Een samenwerkingsschool is een school waarin zowel openbaar onderwijs als bijzonder onderwijs wordt aangeboden. Deze mogelijkheid staat niet in de huidige statuten van Delta-onderwijs en wordt in de nieuwe statuten opgenomen. Voor een korte toelichting zie hierna volgend. In lijn met maatschappelijke ontwikkelingen wil Delta-onderwijs ruimte bieden aan scholen voor algemeen-bijzonder onderwijs binnen de eigen organisatie. De statuten dienen daarom een statutaire basis te gaan bieden voor scholen van deze grondslag/signatuur. Dat leidt tot aanpassing van een aantal statutaire bepalingen, m.n. de artikelen 2 tot en met 4 en 17. De statutaire basis voor scholen voor algemeen-bijzonder onderwijs biedt de mogelijkheid om scholen van deze signatuur over te dragen aan Delta-onderwijs. De keuze voor wijziging van de huidige denominatie van een Delta-school, moet op schoolniveau worden gemaakt. Delta-onderwijs beschikt over de ANBI-status en dan moeten de statuten aan een aantal (fiscale) voorwaarden voldoen. Sinds 2009 is de ANBI-regelgeving verschillende keren gewijzigd/aangescherpt en dat betekent ook aanpassing van onderdelen van de statuten. Deze zijn op advies van de notaris doorgevoerd.

Het initiatief tot het realiseren van de statutenwijziging ligt bij het College van Bestuur. De Raad van Toezicht heeft als intern toezichthouder van de stichting een goedkeuringsbevoegdheid. De GMR van Delta en de directeuren hebben geen formele rol bij de statutenwijziging maar dienen uiteraard wel te worden geïnformeerd/meegenomen. Samenwerkingsbestuur Delta is een zogenaamd samenwerkingsbestuur met zowel openbaar als bijzonder onderwijs in de zin van artikel 17 van de Wet op het primair onderwijs (WPO) waarvan lid 5 bepaalt: “De statuten van de stichting kunnen slechts worden gewijzigd na instemming van de gemeenteraad van de gemeente waarin de school waar openbaar onderwijs wordt gegeven, gevestigd is. Instemming kan slechts worden onthouden indien

1 Nota van Wijziging Statuten Delta-onderwijs, definitieve versie 8-5-2023

overheersende invloed van de overheid in het bestuur niet is verzekerd voor zover het openbaar onderwijs betreft.” Artikel 3.17 lid 4 van de Wet voortgezet onderwijs (WVO) bevat een soortgelijke bepaling. Een statutenwijziging behoeft derhalve de instemming van de gemeenteraad van Oosterhout. Daarom is de statutenwijziging afgestemd met de gemeente en is de gemeente (tijdig) betrokken in het proces. Ten overvloede: de rol van de gemeente(raad) heeft alleen betrekking op dat deel van de stichting dat het openbaar onderwijs betreft. Delta heeft ook katholiek onderwijs. Een statutenwijziging dient tevens ter goedkeuring te worden voorgelegd aan de Nederlands Katholieke Schoolraad (NKSR). Deze verplichting is verwoord in het huidige artikel 30 lid 5 van de statuten, nieuw artikel 22. Samenwerkingsschool Een samenwerkingsschool is een school waarin zowel openbaar onderwijs als bijzonder onderwijs wordt aangeboden. De samenwerkingsschool is opgenomen in artikel 17d van de WPO en de artikelen 3.22 tot en met 3.26 WVO. Om het in stand houden van een samenwerkingsschool voor Delta-onderwijs mogelijk te maken, moet een statutaire basis aanwezig zijn. Bovendien moet aan een samenwerkingsschool een identiteitscommissie worden verbonden die in de statuten van het bevoegd gezag dient te zijn opgenomen. Deze commissie is in de gewijzigde statuten opgenomen in artikel 4 lid 5.

Een samenwerkingsschool is slechts bij uitzondering mogelijk, namelijk: a. indien met de totstandkoming van de samenwerkingsschool de continuïteit van het openbaar of bijzonder onderwijs gehandhaafd kan blijven en opheffing van een van de betreffende scholen kan worden voorkomen; en b. de betrokken scholen ten minste zes schooljaren (PO) zijn bekostigd of alle leerjaren omvatten (VO). Overzicht/toelichting wijzigingen Ten opzichte van de huidige statuten worden de aanpassingen, aanvullingen en omzettingen onderstaand toegelicht. Algemeen -

-

-

Als uitgangspunt is er door RvT en CvB voor gekozen alleen de noodzakelijke wijzigingen door te voeren. Als uitvloeisel van de huidige structuur is in de gehele statuten de term ‘bestuur’ vervangen door ‘College van Bestuur’. De NKSR stelt voorwaarden aan de katholiciteit van de leden van het CvB en de RvT. Voor de RvT is dat nu opgenomen in het huidige artikel 7 lid 3. Voor het CvB is geen bepaling opgenomen. Praktijkschool De Zwaaikom valt onder de Wet voortgezet onderwijs (WVO). De overige scholen vallen onder de Wet op het primair onderwijs (WPO). De statuten moeten dus ruimte bieden aan twee onderwijssectoren. Omdat het zwaartepunt van de besluitvorming en de aansturing van de stichting bij het College van Bestuur ligt, staan deze bepalingen in de gewijzigde statuten, voor de bepalingen over de RvT. Dat is in de huidige statuten van Delta-onderwijs niet het geval. Deze volgorde is nu aangepast (de artikelnummers uiteraard ook) en de daarmee samenhangende verwijzingen (naar onderdelen in de statuten) zijn daar eveneens op aangepast.

2 Nota van Wijziging Statuten Delta-onderwijs, definitieve versie 8-5-2023

Artikelsgewijs Vooraf: in de artikelsgewijze toelichting wordt de nummering gevolgd zoals die in de nieuwe/gewijzigde statuten is opgenomen. Daarbij wordt telkens verwezen naar het huidige en vergelijkbare artikelnummer in de huidige statuten. -

Artikel 1 lid 3: de periode van vijf jaar is geschrapt. Die is immers ruim verstreken.

-

In artikel 2 leden 1, 4 en 5 zijn de samenwerkingsschool en de algemeen-bijzondere grondslag ingevoegd.

-

Artikel 3: o In de onderdelen a en c zijn de samenwerkingsschool en de algemeenbijzondere identiteit ingevoegd. o De PO Raad adviseert om het breder publieke belang van onderwijs een plek te geven in de statuten bij doel en middelen. Zie ook hierna de toelichting bij artikel 5. In onderdeel d van artikel 3 is daarom een verbreding naar dit publieke belang verwoord.

-

Artikel 4: o De kop is ruimer opgesteld. In lid 1 is een bepaling opgenomen m.b.t. de Raad van Toezicht en een aan te wijzen of te benoemen lid dat / een deskundige die zich met de pastorale en catechetische aspecten bezighoudt. Dat gebeurt na overleg met de deken van het dekenaat waartoe de gemeente Oosterhout behoort. Deze bepaling is niet meer actueel. In artikel 10 lid 5 is nu een soortgelijke bepaling opgenomen die past bij de huidige situatie. o Het nieuwe lid 4 betreft samenwerkingsscholen, openbare scholen en scholen voor algemeen-bijzonder onderwijs, o Het nieuwe lid 5 heeft betrekking op wettelijk verplichte identiteitscommissie voor de samenwerkingsschool en is gebaseerd op artikel 17d van de WPO. Dat geldt ook voor lid 6.

-

De huidige artikelen 5 en 6 zijn geschrapt en vervangen door een nieuw artikel 5. Toelichting: Artikel 5 oud: o de kop van het artikel luidt ‘De bestuursfilosofie’. Statuten gaan echter over de structuur en ‘taken, bevoegdheden en verantwoordelijkheden’ van de organen van de stichting. M.a.w.: de titel dekt de inhoud niet. Bovendien volgen op artikel 5 en 6 een aantal bepalingen die handelen over de RvT. De kop ‘De bestuursfilosofie’ is daarom geschrapt. o lid 1 is niet correct. Op basis van artikel 1 van de WPO en artikel 1.1. WVO is de rechtspersoon bevoegd gezag, niet het bestuur. o In lid 2 wordt uitgegaan van een beleidsvoorbereidende en -uitvoerende alsmede een bewakende en evaluatie rol van het directeurenberaad. Een dergelijke rolverdeling hoort (uiteraard mist nog actueel) in het managementstatuut. Is uit de statuten geschrapt. o De aangescherpte bestuurstaak vanuit de WBTR (artikel 2:291 lid 3 BW) is niet als zodanig opgenomen in de huidige statuten. De wettelijke bepaling luidt: “Bij de vervulling van hun taak richten de bestuurders zich naar het belang van de stichting en de met haar verbonden onderneming of organisatie.”

3 Nota van Wijziging Statuten Delta-onderwijs, definitieve versie 8-5-2023

Omdat dit intern gericht is geformuleerd, adviseert de PO Raad ook aandacht te hebben voor het publieke belang van onderwijs en dit op te nemen/vermelden in de statuten. Dit is toegevoegd in artikel 3 onderdeel d: zie hiervoor. Artikel 6 oud: o sub b is niet correct. Op basis van artikel 1 van de WPO en artikel 1.1. WVO is de rechtspersoon bevoegd gezag, niet het bestuur. Zie ook de toelichting bij artikel 5 lid 1 hiervoor. o sub c vermeldt de GMR als orgaan van de stichting. Is niet gebruikelijk dat dit in de statuten wordt genoemd omdat dit geen ‘bestuur en toezicht’ behelst en de GMR haar basis vindt in de WMS. De taken, bevoegdheden en verantwoordelijkheden van een GMR worden ook niet geregeld in de statuten maar in de WMS en een GMR-reglement. De GMR is dus als orgaan uit de statuten geschrapt. -

Er is een nieuw artikel 5 ingevoegd: o De leden 1 en 2 beschrijven in één oogopslag de organisatie van de stichting conform de huidige wetgeving. Lid 1 is conform artikel 17 lid 3 WPO (De WVO bevat deze soortgelijke bepaling niet). Daar is aan toegevoegd: “voor zover bij wet niet anders bepaald”. Artikel 3.19 WVO bepaalt bijvoorbeeld dat de gemeenteraad bevoegd is tot opheffing van de openbare school. Dit geldt dus alleen voor openbaar VO. De huidige Praktijkschool is niet openbaar dus op dat punt is er geen probleem naar het zou kunnen dat in de toekomst meer bepalingen in de wetgeving komen die bevoegdheden bij de gemeenteraad of andere overheidsinstelling leggen. Dan is dat in elk geval ook verwerkt in deze statutaire beschrijving. o Lid 2 vloeit voort uit artikel 17b lid 1 WPO en 3.1. lid 1 WVO. o De leden 3 en 4 geven verplichtingen die voor beide organen van het bevoegd gezag gelden. Die onderwerpen hoeven in het vervolg van de statuten dan niet meer op verschillende plaatsen te worden herhaald. Profielschetsen voor CvB en RvT moeten vooraf openbaar worden gemaakt (artikel 17a lid 2 WPO en 3.1. lid 4 WVO). Bovendien heeft de GMR bij de vaststelling van deze profielen een adviesbevoegdheid (artikel 11 lid 1 sub q WMS). Deze wettelijke bevoegdheid van de GMR is hier niet opgenomen.

-

Artikel 6 betreft het gewijzigde voormalige artikel 18 uit de huidige statuten. Artikel 6: o In de huidige statuten staat dat het aantal CvB-leden tenminste één bedraagt. Dat is vanzelfsprekend en dus overbodig om te vermelden. o Aan het huidige lid 2 is een WBTR-bepaling toegevoegd (artikel 2:291 lid 3 BW). o Het huidige lid 3 kan op zichzelf. Vraag is echter of dit in voorkomende gevallen belemmerend zou kunnen werken. Indien de RvT te weinig tijd heeft voor een genoemd besluit, kan besluitvorming immers in alle gevallen worden uitgesteld. Lid 3 is dan ook (zijnde overbodig en knellend) geschrapt. o Het huidige lid 4 is niet correct. De term algemeen directeur is niet passend bij de functie van eindverantwoordelijk bestuurder. Lid 4 is dan ook geschrapt. o Het huidige lid 5 is overbodig en niet correct omdat de titel directeur via de vaststelling van het functiehuis verloopt. Lid 5 is dan ook geschrapt. o Toegevoegd is een nieuw lid 3 dat overigens deels bestaat uit het huidige artikel 19 lid 1. Veelal wordt een dergelijke bepaling dan ook opgenomen in de arbeidsovereenkomst met het CvB. o Toegevoegd is een nieuw lid 4. Dit ontbreekt in de huidige statuten.

4 Nota van Wijziging Statuten Delta-onderwijs, definitieve versie 8-5-2023

o

o

Omdat de ‘belet en ontstentenis’-bepaling zoals opgenomen in het huidige artikel 20 juridisch niet correct is (zie hierna), is dat artikel geschrapt en is in plaats daarvan een nieuw lid 5 opgenomen dat tevens voldoet aan de WBTR. De nieuwe leden 6 en 7 voegen m.b.t. het College van Bestuur twee onverenigbaarheid toe aan het nieuwe artikel 5 lid 4 van de statuten.

-

Artikel 7 betreft het gewijzigde voormalige artikel 19 uit de huidige statuten. Artikel 7: o De eerste volzin van lid 1 is onderdeel van artikel 9 lid 5: werkgeversrol. De eerste volzin is daarom geschrapt. De tweede volzin is verplaatst naar artikel 18 lid 3. o Het huidige lid 2 heeft het over “de betrekking eindigt”. Formeel moet in de statuten het eindigen, ofwel defungeren, als bestuurder worden geregeld. Dit lid (en enig overgebleven onderdeel van dit artikel) is daarom tekstueel omgezet en aangevuld.

-

Artikel 8 betreft het gewijzigde voormalige artikel 20 uit de huidige statuten. Artikel 17 lid 4 sub a WPO en artikel 3.17 lid 1 sub a WVO bepalen dat in de statuten o.a. de “werkwijze en inrichting van het bestuur van de stichting” zijn opgenomen. Daar is in de huidige statuten weinig of niets over terug te lezen (zelfs geen artikel over besluitvorming). Om die reden is een nieuw artikel 8 ingevoegd: o Lid 1 betreft de taak van het College van Bestuur m.b.t. de missie en doelstellingen en het jaarverslag (de wijze waarop de evaluatie van het bestuur door de RvT heeft plaats gevonden, vloeit voort uit de Code Goed Bestuur, pagina 14). o Lid 2 regelt de wijze van besluitvormig. o Lid 3 betreft een WBTR-bepaling over beraadslagingen met belangenverstrengeling (artikel 2:291 lid 6 BW). o Lid 4 betreft de openbaarheid van de vergaderingen van het College van Bestuur (artikel 17 lid 4 sub f WPO en artikel 3.17 lid 4 sub f WVO).

-

Artikel 9 betreft het gewijzigde voormalige artikel 11 uit de huidige statuten. Artikel 9: o Dit artikel handelt over bevoegdheden van het College van Bestuur. o In de huidige statuten ontbreekt een bepaling m.b.t. het aangaan van overeenkomsten aangaande registergoederen (onroerend goed) en borgstellingen. Alleen indien de statuten dat bepalen, is een stichting daartoe bevoegd (artikel 2:291 BW). Dat betekent dat onder de huidige statuten Delta geen juridisch eigenaar kan worden van schoolgebouwen (?!). Als lid 1 nieuw is de algehele bevoegdheid van het CvB nu statutair bepaald. In lid 2 is de bevoegdheid m.b.t. registergoederen (onroerende goed) en borgstellingen opgenomen met goedkeuringsbevoegdheid van de RvT. o Het huidige lid 1 is vernummerd naar lid 3.

-

Artikel 10 betreft het gewijzigde voormalige artikel 7 uit de huidige statuten. Artikel 10: o Artikel 10 handelt over de samenstelling van de RvT en heeft dan ook die titel/kop gekregen. o Lid 4: ▪ In de huidige statuten is niet expliciet bepaald dat de leden van de Raad van Toezicht worden benoemd door de Raad van Toezicht. Dat is nu geëxpliciteerd in lid 4. ▪ De wijze van voordracht dient te worden geregeld in het RvTreglement en is hier dus geschrapt. De voordracht zelf is verplaatst naar lid 5.

5 Nota van Wijziging Statuten Delta-onderwijs, definitieve versie 8-5-2023

o o

o

o

o

Het huidige lid 5 is geschrapt. Deze bepaling is nu in algemene zin opgenomen in het nieuwe artikel 5 lid 3. In het nieuwe lid 5 zijn de voordrachten van RvT-leden vanuit de gemeenteraad en de GMR (artikel 17a lid 2 WPO en artikel 3.1. lid 4 WVO) opgenomen. Vanuit de GMR betreft het op basis van de wetgeving een bindende voordracht. Vanuit de huidige statuten is de voordracht vanuit de gemeente niet bindend. Het huidige artikel 4 lid 1 m.b.t. het RvT-lid dat zich in het bijzonder met de pastorale en catechetische aspecten van het katholiek onderwijs zal bezighouden, is hier in een actuele tekst ingevoegd (zie ook hiervoor toelichting bij artikel 4). Leden 6 en 7: de geldende Code Goed Bestuur (zowel PO als VO) geeft een maximale zittingsduur aan voor een RvT-lid van 8 jaar. Op basis van lid 7 van de huidige statuten is een maximale zittingsduur voor een RvT-lid 9 jaar. Dat is dus in strijd met een van de verplichtende (pas toe) bepalingen van de Code Goed Bestuur PO (en VO). De leden 6 en 7 zijn hierop aangepast Het huidige lid 8 voorziet in vacatures maar bepaalt niet wat er moet gebeuren indien de volledige RvT aftreedt/er niet meer is.

Artikel 292a lid 5 BW (ingevoerd met de WBTR) schrijft voor: “De statuten bevatten voorschriften omtrent de wijze waarop in de uitoefening van de taken en bevoegdheden voorlopig wordt voorzien in geval van ontstentenis of belet van alle commissarissen.” Lid 8 is hierop aangevuld. Er is nu geen bepaling opgenomen over bezoldiging/vergoeding voor RvTleden (artikel 2:292a lid 8 BW, WBTR-bepaling). Om die ruimte te creëren is er in een nieuw lid 12 een statutaire basis ingevoegd met de verplichting van een transparante verantwoording.

-

Artikel 11 betreft het gewijzigde voormalige artikel 8 uit de huidige statuten. Artikel 11 is aangepast en voorzien van een kop/titel. De onverenigbaarheden zijn nu algemeen opgenomen in artikel 5 lid 4. Hetgeen in artikel 11 nieuw is bepaald, sluit op dat algemene artikel aan.

-

Artikel 12 betreft het gewijzigde voormalige artikel 9 uit de huidige statuten. Artikel 12: Lid 1 is nieuw. De eerste zin vloeit voort uit artikel 17b lid 2 WPO en artikel 3.3. lid 3 WVO. De tweede zin is overeenkomstig artikel 2:292a lid 2 BW. De eerste volzin van het huidige lid 1 is vernummerd naar lid 2 en aangevuld op basis van geldende wetgeving (zie o.a. artikel 17c lid 1 sub b en c van de WPO, artikel 3.3. lid 2 b en c WVO en artikel 2:292a BW). In sub d is (op advies van de PO-Raad) ook het publiek belang expliciet vermeld. De tweede volzin van het huidige lid 1 is verplaatst naar lid 3 en samengevoegd met het huidige lid 2. Het huidige lid 3 is geschrapt. De profielschets is in zijn algemeenheid nu geregeld in artikel 5 lid 3. De benoeming en procedure vloeien voort uit de werkgeversrol van de Raad van Toezicht. Lid 4 is tekstueel aangepast met aanvulling van de termijn van benoeming (artikel 17 lid 4 sub c WPO en artikel 3.17 lid 4 sub c WVO). Lid 5 is geactualiseerd naar de werkgeversrol van de RvT. Aan lid 6 is een alinea toegevoegd in het kader van de rechten van het CvB in geval van een voorgenomen schorsing en/of ontslag. Het wettelijk verplichte overleg van de RvT met de GMR (2x per jaar) was niet in de huidige statuten opgenomen (artikel 17c lid 3 WPO en artikel 3.3. lid 5 WVO). Is nu ondergebracht in lid 7.

De verplichting van de RvT tot “het jaarlijks afleggen van verantwoording over de uitvoering van de taken en de uitoefening van de bevoegdheden, bedoeld

6 Nota van Wijziging Statuten Delta-onderwijs, definitieve versie 8-5-2023

-

-

onder a tot en met d, in het jaarverslag” (artikel 17c lid 1 sub e WPO en artikel 3.3. lid 2 e WVO) ontbrak in de huidige statuten. Is nu ondergebracht in lid 8. In lid 9 is de mogelijkheid van het vaststellen van een RvT-reglement statutair verankerd. Het huidige artikel 10 is omgezet naar artikel 12 lid 10 met (om discussie hierover uit te sluiten) de toevoeging ‘extern’. Het huidige artikel 12 verleent de RvT een (in)direct ‘recht van amendement’ op bestuursvoorstellen. Daarmee kan de RvT ‘op de stoel van de bestuurder’ gaan zitten. Dit is in strijd met artikel 17a lid 1 van de WPO en artikel 3.1. lid 1 WVO die een scheiding tussen de functies van bestuur en toezicht voorschrijven. Artikel is dus geschrapt. Hetzelfde geldt voor de huidige artikelen 13 en 14. Deze omschrijven een dwangmiddel/sanctiemogelijkheid van de RvT richting het bestuur om uitvoering te geven aan artikel 12. Ook deze zijn geschrapt.

-

Artikel 13 betreft het gewijzigde voormalige artikel 15 uit de huidige statuten. Artikel 13: o het merendeel van de bepalingen in dit artikel (vergadervoorschriften) kan worden opgenomen in een Reglement voor de RvT. Hoeft niet op statutair niveau te worden vastgelegd. In verband met de keuze om alleen de noodzakelijke aanpassingen in de statuten aan te brengen, is dit in het wijzigingsvoorstel niet uitgevoerd en zijn de bepalingen gehandhaafd. o In het huidige lid 4 staat dat het bestuur de RvT-vergaderingen uitschrijft. Dat moet de RvT echter zelf doen. Dit is aangepast als verantwoordelijkheid van de RvT-voorzitter. o In het huidige lid 7 is bepaald dat het bestuur voor de notulen zorgt. Ook dat is een eigen verantwoordelijkheid van de RvT. Is aangepast. o Een bepaling over de beraadslagingsbepaling in geval van betrokken persoonlijke belangen (artikel 2:292a lid 7 BW, WBTR-bepaling) ontbreekt in de huidige statuten. Dat is nu ingevoegd als nieuw lid 10. o De huidige leden 10 en 11 zijn vernummerd.

-

Artikel 14 betreft het gewijzigde voormalige artikel 16 uit de huidige statuten. Artikel 14: met de invoering van de WBTR is de informatieplicht verruimd: zie artikel 2:292a leden 10 en 11 BW. Als sub d is daarom een expliciet verwijzing opgenomen naar wettelijk voorgeschreven informatieverplichtingen. In sub a is “de kaderbrief” geschrapt. Die wordt niet meer gebruikt.

-

Artikel 15 betreft het gewijzigde voormalige artikel 17 uit de huidige statuten. Artikel 15 gaat over reglementen vast te stellen door de RvT. Ook het CvB kan echter reglementen vaststellen. Dat is toegevoegd in lid 1.

-

Het huidige artikel 20 is in strijd met artikel 17a lid 1 van de WPO en artikel 3.1. lid 1 WVO dat een scheiding tussen de functies van bestuur en toezicht voorschrijft. De RvT dient wel te voorzien in het bestuur maar kan die taak niet zelf op zich nemen. Het huidige artikel 20 is geschrapt. In artikel 18 lid 5 is een vervangende bepaling opgenomen.

-

Artikel 16 betreft het gewijzigde voormalige artikel 21 uit de huidige statuten. Artikel 16 is opnieuw geredigeerd. Het huidige artikel 21 is juridisch niet juist. De stichting wordt wettelijk vertegenwoordigd door het bestuur als geheel en daarnaast (alleen indien de statuten dat bepalen) door de leden afzonderlijk. Bovendien ontbreekt de statutaire basis voor het verlenen van mandaat aan anderen. Daar is in het nieuw voorgestelde lid 2 een ruime basis voor opgenomen.

7 Nota van Wijziging Statuten Delta-onderwijs, definitieve versie 8-5-2023

-

Het huidige artikel 22 is overbodig en bovendien niet correct. Het GMR-reglement wordt niet vastgesteld door de bestuurder maar door het College van Bestuur. Artikel 22 is geschrapt.

-

Artikel 17 betreft het gewijzigde voormalige artikel 23 uit de huidige statuten.

-

Het huidige artikel 23 is een bepaling die voortvloeit uit het Algemeen Reglement voor het Katholiek Onderwijs. In lid 3 is de verplichting om e.e.a. vast te leggen in afspraken en procedures in het personeelsbeleidsplan, geschrapt. De overblijvende tekst betreft een statutaire verplichting die in stand blijft maar in zijn uitvoering vormvrij.

-

Artikel 18 betreft het gewijzigde voormalige artikel 24 uit de huidige statuten.

-

Artikel 19 betreft het gewijzigde voormalige artikel 25 uit de huidige statuten. Artikel 19 lid 4 bevat de link naar de gemeenteraad op basis van artikel 17 WPO en 3.17 WVO. Dat is kennelijk in het verleden akkoord bevonden door de gemeenteraad. Die is uitgebreid met de jaarrekening.

-

Delta-onderwijs heeft momenteel alleen scholen in de gemeente Oosterhout. In de toekomst is bestuurlijke schaalvergroting buiten de gemeentegrenzen niet uitgesloten. In de artikelen 19 en 20 (artikel 20 is het huidige artikel 26) is de verwijzing naar gemeenten (meervoud) dan ook gehandhaafd. Zie ook artikel 3 lid 1 dat spreekt over “werkgebied van de stichting”.

-

Het huidige artikel 27 is overbodig: vloeit al voort uit de wettelijke informatieplicht van een bestuur aan de GMR. Is dus geschrapt.

-

In het huidige artikel 28 wordt nog gesproken over een huishoudelijk reglement. In de aangepaste statuten is een basis gelegd voor een RvT-reglement en een bestuursreglement. Dat maakt een huishoudelijk reglement overbodig. Bovendien is er een algemene bepaling over reglementen opgenomen in artikel 15 nieuw. De NKSR heeft geen goedkeuringsrecht op het huishoudelijk reglement. Het huidige artikel 28 is dus geschrapt.

-

Artikel 21 betreft het gewijzigde voormalige artikel 29 uit de huidige statuten. Het huidige artikel 29: o Is niet consistent in woordkeus (managementstatuut en directiestatuut). Is aangepast. o Omdat het managementstatuut op stichtingsniveau wordt vastgesteld, is de GMR ingevoegd. o E.e.a. is overigens bij wet bepaald en het enig aanvullende voorschrift in deze statutaire bepaling is de overlegrol van het directeurenberaad. Die rol is daarmee statutair verankerd.

-

Artikel 22 betreft het gewijzigde voormalige artikel 30 uit de huidige statuten. Artikel 22: o De huidige leden 1 tot en met 3 zijn overbodig. Vloeit reeds voort uit de rolverdeling tussen RvT en CvB en het goedkeuringsrecht van de RvT op de statutenwijziging (artikel 9 lid 3 sub f van de statuten). Leden zijn geschrapt. o Het huidige lid 4 spreekt over goedkeuring van de gemeenteraad, de WPO en WVO spreken over instemming. Is consistent aangepast. o De goedkeuring van de NKSR zoals opgenomen in het nieuwe lid 2, heeft betrekking op de tekst van de bepalingen in de statuten en derhalve niet op inhoudelijke/operationele aangelegenheden. o Het huidige lid 6 eerste volzin is achterhaald en geschrapt.

8 Nota van Wijziging Statuten Delta-onderwijs, definitieve versie 8-5-2023

-

Artikel 23 betreft het gewijzigde voormalige artikel 31 uit de huidige statuten. In artikel 23 lid 1 is een algemene verwijzing naar de wetgeving opgenomen m.b.t. het openbaar onderwijs (artikel 17 lid 4 sub h WPO en artikel 3.17 lid 2 sub h WVO). Omdat de gemeente een grondwettelijke verantwoordelijkheid heeft voor openbaar onderwijs, dient de gemeente bij een ontbindingsbesluit te worden betrokken op de wijze zoals bij wetgeving bepaald. Lid 3, tweede volzin is toegevoegd op advies van de notaris in verband met de ANBI-status en daarop van toepassing zijnde regelgeving.

-

Artikel 24 betreft het gewijzigde voormalige artikel 32 uit de huidige statuten. Artikel 24 is beperkt tot de NKSR. Bepaling heeft alleen betrekking op katholieke scholen en daar gaan gemeenten niet over.

-

Artikel 25 betreft het gewijzigde voormalige artikel 33 uit de huidige statuten. In geval van RvT-aangelegenheden, beslist de RvT. Dat is toegevoegd in een nieuw lid 2.

-

Op basis van artikel 17 lid 4 sub e van de WPO moet in de statuten worden bepaald: “de wijze waarop de gemeenteraad van de gemeente waarin de school waar openbaar onderwijs wordt gegeven, gevestigd is, toezicht op het bestuur van die school uitoefent.” Artikel 3.17 lid 2 sub e WVO bevat een soortgelijke bepaling. Is een lastige wetsbepaling die bij het opstellen van statuten vaak ‘wordt vergeten’. Staat ook niet in de Delta-statuten. Meestal wordt als uitgangspunt genomen dat het geheel van de statuten en de daarin opgenomen rol van de gemeente, deze wetsbepaling invulling geeft. Kennelijk is de gemeente in het verleden met de opzet in de huidige statuten akkoord gegaan zodat deze algemene benadering ook bij deze wijziging als uitgangspunt geldt. Oisterwijk, 8 mei 2023

9 Nota van Wijziging Statuten Delta-onderwijs, definitieve versie 8-5-2023

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Oosterhout&id=9f41b971-d4de-4f1a-9bc4-a4cd62506b6c