bijlage 3 tekstpassage Regels en Toelichting
Tekst van het document
Toelichting 8.2.5. Beroep Na de vaststelling van het bestemmingsplan is beroep ingesteld tegen het plan met betrekking tot onduidelijkheid en onvoldoende borging inzake de landschappelijke inpassing. In de uitspraak van 7 december 2022 (nr. 202107458/1/R2) heeft de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State geoordeeld (zie de uitspraak onder 13.2, 16.3 en 21.2) dat de landschappelijke inpassing niet voldoende is geborgd in de planvoorschriften. In voorliggend bestemmingsplan is deze onduidelijkheid hersteld. De Verbeelding en de artikelen 4 (Groen) en 5 (Verkeer) van de Regels zijn aangepast/aangevuld zodat de landschappelijke inpassing voldoende geborgd is. Daartoe wordt in artikel 5 ook de paragraaf 4.3. uit artikel 4 toegevoegd. 8.2.6. Vaststelling door gemeenteraad De gemeenteraad heeft op 28 februari 2023 een herstelbesluit genomen ten aanzien van deze aanpassing van het bestemmingsplan.
Regels Toevoegen in Artikel 4 Groen: Aan het eind van artikel 4.1.2. onder a de volgende tekst: Daarnaast dienen deze gronden te worden beheerd en in stand te worden gehouden, één en ander zoals weergegeven in het beplantings- en beheersplan dat als bijlage 2 bij deze regels is bijgevoegd.
Toevoegen in Artikel 5 Verkeer: Na het kopje “5.1 Bestemmingsomschrijving” de volgende tekst: 5.1.1 Algemeen Na het onderdeel “i. water en waterhuishoudkundige voorzieningen” de volgende tekst: j. k.
de instandhouding en het beschermen van de bestaande bomenrij, ter plaatse van de aanduiding ‘Specifieke vorm van groen- bomenrij’; landschappelijke inpassing van bouwwerken en voorzieningen, ter plaatse van de aanduiding ‘overige zone – landschappelijke’.
5.1.2. Nadere detaillering van de bestemming In het onderstaande is een nadere detaillering opgenomen van het bepaalde in artikel 5.1.1. a. Bestaande bomenrij Op of in de gronden die nader zijn aangeduid met de functieaanduiding ’specifieke vorm van groen – bomenrij’ is het verboden zonder, of in afwijking van, een omgevingsvergunning beplanting en bomen te vellen of te rooien. b. Landschappelijke inpassing De gronden, die nader zijn aangeduid met de gebiedsaanduiding ‘overige zonelandschappelijke inpassing’ mogen, naast de ingebruikname voor de toegangswegen naar de woningen, alleen worden gebruikt voor landschappelijke inpassing van de in dit bestemmingsplan toegestane bouwwerken en voorzieningen. Daarnaast dienen deze gronden te worden beheerd en in stand te worden gehouden, één en ander zoals
weergegeven in het beplantings- en beheersplan dat als bijlage 2 bij deze regels is bijgevoegd. Na het onderdeel 5.2.2. onder b de volgende tekst: 5.3 Omgevingsvergunning voor het uitvoeren van een werk, geen bouwwerk zijnde, of werkzaamheden 5.3.1.
Omgevingsvergunning
Het is verboden, zonder of in afwijking van een omgevingsvergunning, op of in de gronden ter plaatse van de aanduiding ‘overige zone – landschappelijke inpassing’ en specifieke vorm van groen - bomenrij’ de volgende werken, geen bouwwerken zijnde, en / of werkzaamheden uit te voeren: a. het aanbrengen van gesloten verhardingen; b. het aanbrengen, vellen en / of rooien van beplantingen en / of bomen; c. het uitvoeren van afgravings- en ontgrondingswerkzaamheden anders dan normaal spitwerk, dieper dan 0,30 m; d. het ophogen, egaliseren, bodemverlagen en afgraven van gronden; e. het graven of dempen van sloten en watergangen. 5.3.2 Toelaatbaarheid De in 5.3.1 bedoelde omgevingsvergunning kan slechts worden verleend indien: a. de werken, geen bouwwerken zijnde, en werkzaamheden noodzakelijk zijn voor de in 5.1. genoemde doeleinden; en b. een deskundige heeft geadviseerd, dat door de werkzaamheden geen onevenredige aantasting plaatsvindt van een landschappelijke inpassing van bouwwerken en voorzieningen. 5.3.3. Uitzonderingen Het bepaalde in 5.3.1. is niet van toepassing op: a. werken en werkzaamheden die het normaal onderhoud betreffen, zoals opgenomen in het als bijlage 2 bijgevoegde Beplantings-en beheersplan, dan wel van ondergeschikte betekening zijn of voortvloeien uit het normale gebruik; b.
werken en werkzaamheden die op het tijdstip waarop het plan rechtskracht verkreeg in uitvoering zijn.