CConstaterende datOosterhout
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 1 technische vragen -Uitgebreide toelichting op beantwoording raadsvraag 6_Gemeente Oosterhout

Raadsvergadering 23 mei 2023, gemeente OosterhoutBij agendapunt: Hamerstuk: ZN1011830 raadsvoorstel meerjarenbeleidsstukken Veiligheidsregio Midden- en West-Brabant 2023-2027785 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Bijlage 1: Uitgebreide toelichting op beantwoording raadsvraag 6: Het is geen taak van de veiligheidsregio om te toetsen aan de grondwet. Bij toetsing aan de Grondwet kun je onderscheid maken tussen toetsing van formele wetgeving en toetsing van handelen van overheden in individuele gevallen. In Nederland bestaat als sinds 1848 een verbod voor de rechter om wetten aan de Grondwet te toetsen. Dat verbod is neergelegd in artikel 120 van de Grondwet. Toetsing aan grondrechten door de rechter vindt daarom plaats in individuele concrete zaken. Daarnaast kan de rechter wetten wel toetsen aan internationale verdragen zoals het Europees Verdrag van de Rechten van de Mens (EVRM). Het gevolg is dat het EVRM al sinds jaar en dag steeds belangrijker wordt, terwijl de Grondwet, in juridisch opzicht, steeds minder een rol speelt. Het huidige kabinet is overigens voorstander van een model waarbij alle rechters in alle rechtelijke instanties formele wetten aan ‘klassieke grondrechten’ kunnen toetsen. 1 Het lijkt er op dat het toetsingsverbod van wetten aan de Grondwet zijn langste tijd heeft gehad. Op dit moment bestaat er echter nog een toetsingsverbod en mogen formele wetten, zoals de Wet verplaatsing bevolking, die u als voorbeeld aanbrengt niet aan de Grondwet worden getoetst door de rechter.

Overheidshandelen door de verschillende overheden, waaronder gemeenten en gemeenschappelijke regelingen kan in individuele gevallen wel aan de Grondwet worden getoetst door de rechter. Naast toetsing aan de Grondwet door rechters in individuele gevallen kennen overheden overigens ieder hun eigen verantwoordingsmechanismen. Of de burgemeester terecht een beroep doet op de Wet verplaatsing bevolking is geen issue voor de veiligheidsheidsregio, maar voor de gemeente. De bestuursorganen van de Veiligheidsregio hebben immers geen bevoegdheden op grond van de Wet verplaatsing bevolking. Op grond van artikel 180 van de Gemeentewet heeft een gemeenteraad echter wel de mogelijkheid de burgemeester ter verantwoording te roepen over het door hem gevoerde bestuur. Dus ook voor de toepassing van zijn bevoegdheden in het kader van de Wet verplaatsing bevolking. In artikel 169 Gemeentewet zie je een vergelijkbare bepaling voor leden van het college van burgemeester en wethouders. De verantwoordingsmechanismen binnen de Veiligheidsregio zijn gebaseerd op de Wet gemeenschappelijk regelingen (Wgr). Op basis van de Wgr is in de gemeenschappelijke regeling opgenomen dat de burgemeester als lid van het Algemeen Bestuur van de Veiligheidsregio verantwoording verschuldigd is aan de raad en het college van zijn gemeente over het door hem in het Algemeen Bestuur gevoerde beleid.

Het is de spiegelbepaling van artikel 169 en 180 van de Gemeentewet. De burgemeester is voor zaken die de veiligheidsregio betreffen, het eerste aanspreekpunt. Zie voor de verantwoordingsrelaties ook bijgaand plaatje.

1

Meer hierover kun je lezen in de hoofdlijnenbrief die de Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties en de Minister van Rechtsbescherming op 1 juli 2022 aan de beide Kamers van de StatenGeneraal heeft gestuurd. Hoofdlijnen constitutionele toetsing en een brief van 23 december 2023 De beperkingssystematiek van de Grondwet

Voor de VR moet art 169 worden vervangen door art 180

In geval de voorzitter van de Veiligheidsregio op grond van artikel 39 Wet veiligheidsregio (Wvr) een aantal openbare orde bevoegdheden overneemt van de burgemeester moet hij op grond van artikel 40 Wvr na de ramp of crisis verslag doen aan de gemeenteraden, schriftelijk vragen beantwoorden en op verzoek van een gemeenteraad ook mondeling verslag komen doen. Een gemeenteraad kan daarna zijn strandpunt ter kennis brengen van de Minister, door tussenkomst van de Commissaris van de Koning, die zijn oordeel aan de Minister meezendt. Op deze wijze kan ook de voorzitter van de veiligheidsregio ter verantwoording worden geroepen. Samenvattend: • • • •

Formele wetten, zoals de genoemde Wet verplaatsing bevolking mogen niet aan de Grondwet worden getoetst Formele wetten kunnen door de rechter wel worden getoetst aan Europese verdragen zoals het EVRM Handelingen van overheidsorganen in individuele gevallen kunnen door de rechter worden getoetst aan de Grondwet Overheden kennen verantwoordingsmechanismen voor hun handelen o.a.: o Gemeenten: o Art 169 Gemeentewet: verantwoordingsplicht college van burgemeester en wethouders. o Art 180 Gemeentewet: verantwoordingsplicht burgemeester o Art 18 jo 16 Wgr: verantwoordingsplicht lid Algemeen Bestuur VR tov eigen college en gemeenteraad o Art 40 Wvr verantwoordingsplicht voorzitter VR inzake overgenomen openbare orde bevoegdheden aan gemeenteraden.

Gelet op deze mogelijkheden zijn er ondanks het toetsingsverbod van formele wetten aan de Grondwet voldoende manieren om bij vermeend onjuist handelen om het afleggen van verantwoording te vragen. Wat het voorbereiden van plannen betreft. De burgemeester is als lid van het Algemeen Bestuur betrokken bij het vaststellen van belangrijke plannen. Via de burgemeester kunnen gemeenten hun inbreng leveren en er op toe zien dat de plannen passen binnen de Grondwettelijke eisen. Bovendien worden in de voorbereiding onze plannen waar nodig door onze eigen juridische medewerkers getoetst op hogere wetgeving waaronder de Grondwet.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Oosterhout&id=0bae2db7-8d5e-4564-a107-7f1bf62af85d