bijlage 1 Reactienota
Tekst van het document
REACTIENOTA ZIENSWIJZEN ONTWERPBESTEMMINGSPLAN “PARAPLUHERZIENING GELUIDZONE BEDRIJVENTEREINEN 2022”
Inhoud 1. Aanleiding ............................................................................................................................2 2. Omgevingsdialoog ..............................................................................................................2 3. Inspraak en vooroverleg .....................................................................................................2 4. Ingekomen zienswijze .........................................................................................................2 4.1. Inleiding ..........................................................................................................................2 4.2. Lijst indieners zienswijzen ..............................................................................................2 4.3. Samenvatting zienswijze en gemeentelijke reactie ........................................................3 5. Planaanpassingen naar aanleiding van de ingediende zienswijze.................................4 6. Ambtshalve wijzigingen ......................................................................................................4
BIJLAGEN: 1. Geanonimiseerde zienswijze; 2. NAW-gegevens reclamant (vertrouwelijk in verband met de Algemene Verordening Gegevensbescherming).
Gemeente Oosterhout 1-12-2022
1. Aanleiding De bedrijventerreinen Weststad – Statendam, Weststad III en Vijf Eiken hebben ieder de status van een “gezoneerd bedrijventerrein”. Rondom dergelijke bedrijventerreinen ligt een geluidzone industrielawaai. De gezamenlijke geluidproductie van bedrijven die gelegen zijn op een gezoneerd industrieterrein mag op de grens van deze geluidzone niet meer bedragen dan 50 dB(A). Ter voorbereiding op de Omgevingswet worden alle planologische regelingen actueel gemaakt, zodat er een goede basis ligt op het moment dat deze wet in werking treedt. Het voorliggende bestemmingsplan is bedoeld om de geluidzone industrielawaai, die over meerdere bestemmingsplannen is gelegen, te voorzien van één actuele planologische regeling. Daarnaast zal ook de ligging van de zone een minimale wijziging krijgen. Daar waar deze zone wordt gewijzigd, dient deze of het belang van een goed woon- en leefklimaat (zonder het belang van bedrijven te schaden) of biedt het iets meer ontwikkelruimte binnen het industrieterrein (zonder gevolgen te hebben voor het woon- en leefklimaat). 2. Omgevingsdialoog Het bestemmingsplan voorziet niet in een nieuwe ruimtelijke ontwikkeling. Conform de Oosterhoutse richtlijnen, is er dan ook geen omgevingsdialoog gevoerd. 3.
Inspraak en vooroverleg Het bestemmingsplan is bedoeld om de geluidzone industrielawaai, met een minimale wijziging, op de juiste juridisch wijze te regelen. Hiermee betreft onderhavige parapluherziening een planologische wijziging van ondergeschikte aard, die voortkomt uit de uitvoering van regelingen van hogere overheden. In dergelijk geval is op basis van de gemeentelijke Inspraakverordening (artikel 3.a en artikel 3.c) geen reden tot het voeren van inspraak op een voorontwerp. Parallel aan de terinzagelegging heeft het wettelijk vooroverleg plaats gevonden. Dit heeft niet geleid tot vooroverlegreacties. 4. Zienswijze 4.1. Inleiding Met ingang van donderdag 29 september 2022 heeft het ontwerpbestemmingsplan gedurende 6 weken ter inzage gelegen. Gedurende deze termijn is één zienswijze ingediend. Deze zienswijze is hieronder samengevat en voorzien van een reactie van de gemeente. Opgemerkt wordt dat, hoewel de zienswijze samengevat is weergegeven, een integrale beoordeling heeft plaatsgevonden. 4.2. Lijst indieners zienswijzen In verband met de Algemene Verordening Gegevensbescherming (AVG) worden de persoonsgegevens van de indiener van de zienswijze uitsluitend weergegeven in een vertrouwelijke bijlage (bijlage 1 “NAW-gegevens reclamanten”). Deze persoonsgegevens worden niet openbaar gemaakt.
Voor de inhoud van dit verslag wordt volstaan met het benoemen van de nummers die aan de reclamant is toegekend. Reclamant Reclamant 1
Datum ontvangst 9 november 2022
4.3. Samenvatting zienswijze en gemeentelijke reactie Reclamant 1 Inhoud zienswijze a. De zorg voor “oprukkende bebouwing” is onvoldoende in het bestemmingsplan meegenomen. Er mag geen afbreuk worden gedaan aan onze rechten en aan de feitelijke situatie. b. Binnen de geluidzone van Weststad III en Weststad-Statendam zijn geluidgevoelige objecten gelegen, te weten: de bedrijfswoningen en een kinderdagopvang aan De Boedingen en bedrijfswoningen aan Het Goorke. Aangezien geen hogere waarde is vastgesteld hebben deze objecten nadelige gevolgen voor het ontwikkelingsperspectief van het bedrijf. c. Er worden steeds meer geluidgevoelige objecten toegestaan in bestaande gebouwen of als nieuwbouw. Hou rekening met de bedrijfsbelangen. Bedrijfswoningen van derden en kinderdagverblijven passen niet binnen de omgeving van Weststad, ook niet na het vaststellen van een hogere waarde.
d. Indien u de genoemde objecten wel wilt toelaten dan moeten er hogere waarden worden vastgesteld van 60 dB(A) voor bestaande woningen en 55 dB(A) voor het kinderdagverblijf. e. In enkele tekstdelen (w.o. paragraaf 3.1, 5.2.1 en 5.2.3 uit het geluidrapport) wordt gesteld dat er geen geluidgevoelige objecten, of geluidgevoelige objecten waarvoor hogere grenswaarden zijn vastgesteld, zijn gelegen binnen het plangebied. Gezien het gestelde hiervoor is dat wel het geval.
Reactie gemeente a. Met dit plan worden geen nieuwe geluidgevoelige objecten toegelaten. De bestaande rechten van reclamant worden niet aangetast. b. Er zijn geen (bedrijfs)woningen gelegen aan De Boedingen. De (bedrijfs)woningen aan het Goorke liggen buiten de geluidzone. Voor de reeds aanwezige kinderdagopvang die gelegen is in de geluidzone, is een besluit tot hogere waarden vastgesteld.
c. Met het plan worden geen nieuwe ontwikkelingen en geen nieuwe geluidgevoelige objecten toegelaten. Zoals voldoende bekend bij reclamant (onder andere via gesprekken en als reactie op eerdere zienswijzen van reclamant, zoals bijvoorbeeld de ontwerpOmgevingsvisie) wordt er bij het toestaan van nieuwe ontwikkelingen ten alle tijden rekening gehouden met het ontwikkelingsperspectief van omliggende bedrijven. Dat er in het verleden abusievelijk medewerking is verleend aan een kinderdagopvang, doet aan dat beginsel niets af. d. Zie hiervoor.
e. Het is feitelijk juist dat er binnen de geluidzones geluidgevoelige objecten zijn gelegen. Ondanks dat hiermee in het geluidrapport (in zowel de berekeningen, als de conclusies) rekening is gehouden, is deze feitelijke situatie in enkele tekstdelen onjuist tot uiting gekomen. De teksten in de toelichting op het bestemmingsplan (§ 2.3.1.) en het geluidrapport (§ 3.1, § 5.2.1 t/m § 5.2.3 en
f. Hoe staat dit bestemmingsplan in verhouding tot de Omgevingswet.
g. Omdat er naar mening van reclamant geluidgevoelige objecten zijn gelegen binnen het plangebied, is men niet van mening dat er sprake is van een consoliderend karakter. Men wil dat het bestemmingsplan en onderliggend akoestisch onderzoek worden aangepast. Zodat de bestaande rechten en ontwikkelingsperspectief behouden blijven. h. Voor vergunningverlening is niet de ligging van de geluidzone rondom Weststad van belang. Maar ook de in de zienswijze geschetste geluidgevoelige objecten. Reclamant ziet graag dat dit aspect gewaarborgd wordt bij de vaststelling van het bestemmingsplan.
§ 5.3.1 t/m § 5.3.3) worden daarop aangepast. Deze aanpassing heeft geen gevolgen voor de conclusies in het geluidrapport, de regeling in het bestemmingsplan of de rechten en het ontwikkelingspotentieel van reclamant f. Bij de inwerkingtreding van de Omgevingswet vormen de dan geldende bestemmingsplannen (waaronder deze) van rechtswege het omgevingsplan. g. Zoals hiervoor is aangegeven worden er geen nieuwe geluidgevoelige objecten toegevoegd, is er daarmee sprake van een consoliderend karakter en geen reden tot aanpassing. Ook worden bestaande rechten en het ontwikkelingsperspectief niet aangetast.
h. Er worden met dit plan geen nieuwe gevoelige objecten geïntroduceerd. Daar waar deze aanwezig zijn, hebben ze reeds hun invloed op het ontwikkelingsperspectief van omliggende bedrijven. Dit wordt met onderhavig bestemmingsplan niet anders dan dat thans het geval is.
5. Planaanpassingen naar aanleiding van de ingediende zienswijze Naar aanleiding van de ingediende zienswijze (1.e) wordt de toelichting op het bestemmingsplan (§ 2.3.1.) en het geluidrapport (§ 3.1, § 5.2.1 t/m § 5.2.3 en § 5.3.1 t/m § 5.3.3) aangepast. 6. Ambtshalve wijzigingen Er is geen aanleiding om ambtshalve wijzigingen aan te brengen.