aangepast antwoord 10 LOeS Sjabloonvragen en antwoorden GB-CDA-LOeS ZN347794 Tijdelijke uitbreiding Sociaal Team Oosterhout_.doc
Tekst van het document
Sjabloonvragen raadsvergadering 19 juli 2022 Raadsvoorstel 347794 Tijdelijke uitbreiding Sociaal Team Oosterhout
Vragen van fractie
Naam raadslid: Anne Lossez
Vragen In het raadsvoorstel wordt gesproken over uitbreiding van het Sociaal Team voor 6 maanden tot 31 december 2022. Dit zou betekenen dat het extra personeel al op 31 juni gestart moet zijn. Het raadsvoorstel wordt op 19 juli behandeld. 1. Hoe snel denkt gemeente Oosterhout aan nieuw personeel te komen en dit te hebben ingewerkt? Antwoord: De ingehuurde medewerkers zijn ervaren consulenten die via gespecialiseerde bureaus werken. Zij hebben kennis en ervaring op het vakgebied. Er is daarom weinig inwerktijd nodig, de wettelijke basis is bekend. Zij worden meegenomen in de Oosterhoutse werkprocessen. 2. Is de looptijd 6 maanden (vanaf aanstelling), of tot 31 december (dan spreken we over maximaal 5 maanden)? Antwoord: De looptijd is vanaf het moment dat de nieuwe tijdelijke medewerkers beginnen tot en met 31 december 2022. Dit is dus niet per se zes maanden maar minder. Het kan zijn dat sommige medewerkers minder dan zes maanden meedraaien. Er zijn verschillende redenen waarom er extra personeel nodig is (uitval, verloop, coronacrisis). 3. Wat is de onderbouwing dat op 31 december alle achterstanden zijn weggewerkt? Antwoord: Op dit moment is er zicht op het aantal openstaande nieuwe aanvragen en het aantal openstaande en nog aankomende herindicaties.
Door middel van eerder uitgevoerde werklastmetingen is in te schatten wat de extra inzet van medewerkers gedurende de komende maanden betekent. Daar is de periode voor inhuur op gebaseerd. 4. Hoe wordt dit gemeten? Welke prestatie-indicatoren zitten hier aan vast? Antwoord: Er zijn geen prestatie-indicatoren. Er wordt door kwaliteitsadviseurs en teamleiders gemonitord wat de instroom aan nieuwe- en herindicaties is en wat er is afgehandeld. Ook is er zicht op de caseloads van medewerkers. 5. Is er een verband tussen de werkwijze (bijv. meer zichtbaar) van het Sociaal Team op het aantal extra aanvragen? Antwoord: We houden er inderdaad rekening mee dat doordat het Sociaal Team Oosterhout goed te vinden is, dit als gevolg heeft dat er meer meldingen komen. Soms leidt een melding ook tot een doorverwijzing naar een andere organisatie waar de hulpvraag beter past. We willen naar een proactieve, preventieve aanpak. 6. Wat zijn de voordelen als er meer wordt ingezet op “aan de voorkant”, bijvoorbeeld door uitbreiding van het sociaal team? Zorgt dit voor een besparing op de uiteindelijke kosten binnen het sociaal domein? Antwoord: Met het inzetten op de voorkant wordt bedoeld dat we in Oosterhout een stevige sociale basis willen realiseren. Dat inwoners in hun omgeving terecht kunnen voor ontmoeting, verbinding, het opbouwen of uitbreiden van een sociaal netwerk.
Een goed aanbod aan vrijtoegankelijke voorzieningen is daarbij cruciaal. Vanuit de frontoffice van het Sociaal Team wordt waar mogelijk doorverwezen naar die voorzieningen. Zolang inwoners met een
ondersteuningsbehoefte daar geholpen kunnen worden, is de inzet van dure maatwerkvoorzieningen niet nodig. De inzet van de tijdelijke inhuur ligt niet op het deel van het Sociaal Team in de frontoffice, maar op de medewerkers die daarna met de inwoner/huishouden het verdiepende gesprek voeren. Er wordt geschreven dat gemeente Oosterhout binnen een redelijke termijn wilt dat een inwoner met een professional een gesprek heeft. 7. Wat verstaat gemeente Oosterhout onder ‘een redelijke termijn’? Antwoord: We streven ernaar dat iemand na een melding binnen twee tot drie weken een keukentafelgesprek heeft. De extra inzet wordt bekostigd uit het Coronaherstelfonds. 8. Wat is de stand van zaken m.b.t. het Coronaherstelfonds (hoogte budget, plannen met dit budget)? Antwoord: Zie vraag 10 bij LOeS
Vragen van fractie
Naam raadslid: Anco Bakx
Vragen In het verleden werd de intake ook door de zorgprofessionals gedaan, nu door het sociaal team. - Waarom is deze keuze ooit gemaakt? - Is dit de reden van het oplopen van de wachttijden? - Waarom is dit probleem niet op te lossen door (deels) terug te gaan naar de situatie waarin zorgprofessionals de intake doen? - Welke andere oplossingen zijn nog overwogen naast dit raadsvoorstel? - Waarom zijn deze oplossingen afgevallen?
Antwoorden Het is ons niet helemaal duidelijk wat met ‘zorgprofessionals’ wordt bedoeld. Misschien wordt gedoeld op de medewerkers van het Sociaal Wijkteam (SWT). Hieronder wordt de werkwijze in de afgelopen jaren toegelicht. Vanaf 2015 heeft het SWT de aanvragen voor Jeugd en voor Wmo begeleiding voor ons uitgevoerd. Als een inwoner contact opnam met het SWT werd de eerste vraagverheldering gedaan door hun medewerkers van de Bureaudienst. Als gedacht werd dat een maatwerkvoorziening passend was bij de vraag, werd de inwoner gekoppeld aan een medewerker van het wijkteam (professional). Zij gingen met de inwoner/huishouden in een verdiepend gesprek wat kon leiden tot een indicatie voor een maatwerkvoorziening. Sinds 2021 zijn de medewerkers van het SWT bij de gemeente Oosterhout in dienst gekomen. De wijze waarop er nu gewerkt wordt is gelijk aan hierboven. De Bureaudienst heet alleen nu Frontoffice. Een verschil met voorheen is dat ook de overige Wmo-voorzieningen en de aanvragen voor voorzieningen vanuit de Participatiewet via deze frontoffice lopen. Dit om de integrale aanpak te bevorderen. Deze werkwijze heeft - gelet op dezelfde insteek - geen verandering teweeggebracht op de wachttijd. Het aantal (aan)vragen dat wordt doorgezet naar de professionals voor verdere behandeling is toegenomen. Daardoor zijn de wachttijden ontstaan.
Andere oplossingen die we al uitvoeren zijn: - Procesoptimalisatie: hoe kan het toegangsproces effectiever? (continue verbetering)
-
-
Spreekkamergesprekken voor hulp bij het huishouden, waarbij we nieuwe cliënten met een niet-complexe vraag op het stadhuis hebben uitgenodigd om het gesprek in een spreekkamer te voeren. De cliënt kreeg dan direct een plan van aanpak aangeleverd ter ondertekening. Dit kan alleen voor dit soort Wmo-voorzieningen. Deze zijn niet geschikt voor Wmo-begeleidingof jeugdhulpaanvragen. Een addendum toepassen: dat zijn verkorte plannen van aanpak bij een herbeoordeling waarbij de situatie gelijk is. Dit is naast de hulp bij het huishouden ook toegepast bij Wmobegeleiding, maar niet bij jeugdhulpaanvragen. Ambtshalve verlengingen bij hulp bij het huishouden, Wmo-begeleiding en eenmalig ook bij jeugdhulpvragen. De kwaliteitsadviseurs gaan meewerken gedurende de maanden juli en augustus.
Deze oplossingen zijn dus niet afgevallen, maar worden ook al ingezet.
Vragen van fractie
Naam raadslid: Jan Schellekens
Vragen “De laatste maanden bereikten ons steeds meer signalen dat de inwoners van Oosterhout met een ondersteuningsvraag lang moeten wachten voordat hun melding in behandeling wordt genomen. We zien zowel bij de uitvoering van de Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo) als de Jeugdwet de wachtlijsten oplopen Voor Wmo kan de wachttijd voor Begeleiding 15 weken zijn. Bij de overige Wmo voorzieningen ligt de wachttijd tussen 8 en 20 weken en bij Jeugd kan het oplopen tot 20 weken. Deze wachttijden zijn voor kwetsbare inwoners veel te lang en er wordt bovendien niet voldaan aan de wettelijke termijnen. Intern is het gevolg dat er een toenemende werkdruk is die leidt tot uitval van medewerkers.” Onverantwoorde wachttijden samenvattend: Wmo Begeleiding 15 weken, overige Wmo voorzieningen tussen 8 en 20 weken en Jeugd tot 20 weken. 1. Wat was de wachttijd vòòr de coronaperiode? Antwoord: Wat verder voor de coronaperiode was de wachttijd voor een gesprek voor Wmovoorzieningen zoals hulp bij het huishouden en hulpmiddelen over het algemeen twee tot drie weken. Vanwege de extra grote toestroom huishoudelijke hulp na het invoeren van het abonnementstarief in 2019, is de wachttijd daarna ook wel eens wat langer geweest. De aanvragen voor Wmo-begeleiding en jeugdhulp kwamen voorheen bij het Sociaal Wijkteam binnen. Daar is destijds op verschillende manieren de wachttijd bijgehouden.
Een periode is dat in weken geweest en een periode in aantallen. We hebben daar geen goede informatie over. 2. wat was de wachttijd in een “normale periode”? Antwoord: zie vraag 1. iter worden alle vragen voor Wmo-voorzieningen zoals hulp bij het huishouden en hulpmiddelen die naar een medewerker zijn doorgezet binnen twee tot drie weken opgepakt. Deze aanvragen staan in de caseload van medewerkers opgenomen. “De extra inzet zorgt ervoor dat we op 31 december 2022 op orde zijn” 3. hoeveel kwetsbare inwoners waren er per 1 Jan 2020 als zodanig geregistreerd en hoeveel kwetsbare inwoners zijn er op dit moment als zodanig geregistreerd? Antwoord: Als met kwetsbare inwoners het aantal cliënten Wmo en Jeugd wordt bedoeld, dan is dat:
Op 1 januari 2020: 4.636 cliënten Wmo en 971 cliënten Jeugd Op 1 juli 2022: 4.986 cliënten Wmo en 1.108 cliënten Jeugd 4. Wat is de wachttijd op 31 december 2022 voor WMO begeleiding, overige WMO voorzieningen en Jeugd Antwoord: We gaan er vanuit dat deze dan weer op een acceptabel niveau is. Het liefst willen we dat iemand na een melding binnen twee tot drie weken een keukentafelgesprek heeft. 5. Is die wachttijd aanvaardbaar voor kwetsbare inwoners? Antwoord: over het algemeen wel. Bij bijzondere situaties (ernstig kwetsbare personen) wordt er direct een spoedactie uitgezet. Dat gebeurt overigens nu ook. 6. Is die wachttijd aanvaardbaar omdat het voldoet aan de wettelijke termijn? Antwoord: Vanuit onze dienstverlening verstaan we onder aanvaardbaar dat we onze inwoners zo snel als mogelijk na hun melding spreken. Om hen vervolgens ook zo snel mogelijk daarna duidelijkheid te geven over hun (aan)vraag. Dat is wat we nastreven. Niet alle situaties zijn hetzelfde en dan is de wettelijke beslistermijn belangrijk om in het oog te houden. Voorgesteld wordt de inzet van de tijdelijke inhuur van 7.5 FTE te financieren uit het Coronaherstelfonds gezien de directe relatie tussen de opgelopen wachttijden en de negatieve gevolgen van corona. 7. Gaat het hier om door de landelijke overheid gestort geld in het Coronaherstelfonds? Antwoord: Nee.
Middels de saldobestemming 2019 is in de vrije reserve een ‘potje’ Coronamaatregelen (in de wandelgangen het Coronaherstelfonds gaan heten) gevormd van € 2.254.000 met overschotten uit de jaarrekening 2019. Dit betreft volledig eigen middelen. 8. Heeft de landelijke overheid eisen gesteld aan hoe en waaraan het geld te besteden? Antwoord: Zoals uit het antwoord hierboven blijkt bestaat het Coronaherstelfonds volledig uit eigen gemeentelijke middelen. 9. Hoeveel geld is/wordt er door de landelijke overheid overgemaakt? Antwoord: In de jaarstukken 2020 en 2021 is een Coronaparagraaf toegevoegd (Jaarstukken 2020 vanaf pagina 152 en jaarstukken 2021 vanaf pagina 135). In deze paragrafen is opgenomen hoeveel geld ervanuit het Rijk is ontvangen voor specifieke Coronamaatregelen en hoeveel hierop in het betreffende jaar is uitgegeven. 10. hoeveel geld blijft er na deze uitbreiding van het ambtelijk apparaat over voor de andere hulp aan getroffenen door corona?
-
Antwoord: Begin 2022 was in de vrije reserve nog een bedrag van € 1.707.000 aanwezig voor Coronamaatregelen. Hiervan was voorzien € 671.000 begroot in 2022. Dit bestaat uit: € 500.000 Coronaherstelfonds. Hiervan is door het college inmiddels € 108.291 aan middelen toegekend voor diverse verzoeken / initiatieven. Hier resteert dus nog ruim € 390.000. € 100.000 pilot schuldenproblematiek i.s.m. Thuisvester. € 71.000 voor een klantmanager Er resteerde dan nog een bedrag van € 1.036.000 waar niet al direct een bestemming aan is gegeven. Hiervan wordt nu voorgesteld om € 750.000 € 405.000 in te zetten voor de tijdelijke extra inzet bij het Sociaal Wijkteam. Binnen de vrije reserve resteert daardoor nog € 286.000 € 631.000 aan ongelabelde Coronamaatregelen. Daarnaast is voor 2022 nog zo’n € 390.000 uit het Coronaherstelfonds aanwezig. Samen genomen is er dus nog € 676.000 € 1.021.000 aan ruimte beschikbaar.
-
Daarnaast is binnen de vrije reserve ook nog apart ruimte gereserveerd voor: Pilot hybride leeromgeving mbo-logistiek € 100.000
-
Versterken investeringskracht binnenstad € 101.000 Deze beide projecten komen ook voort uit de coronamaatregelen en zijn ook gefinancierd uit het Coronaherstelfonds.
11. Is er een (harde) garantie dat het tijdelijke niet verlengd gaat worden? Antwoord: De extra inzet met bijbehorend verzoek tot de extra middelen loopt tot einde 2022. Zonder bijzondere situaties (bijvoorbeeld een nieuwe ernstige coronavariant) is de verwachtte wachttijd voor inwoners in januari 2023 dusdanig gestabiliseerd en zijn wachttijden ingelopen zodat verlenging van inhuur van medewerkers niet nodig is. 12. Indien dat niet gegarandeerd kan worden, uit welke pot wordt dan de verlenging betaald? Antwoord: Zoals aangegeven verwachten we niet nog langer in te moeten huren. Mochten er einde van dit jaar nieuwe omstandigheden optreden die de situatie negatief veranderen, bekijken we op dat moment hoe we dat kunnen oplossen. 13. U heeft het over het team, hoeveel FTE is er (inclusief externen) werkzaam op WMO? Antwoord: Op dit moment is er voor Wmo- begeleiding 8,6 FTE werkzaam. Dat is inclusief 2 FTE inhuur. Voor de overige Wmo voorzieningen is 9,64 FTE werkzaam. Dat is inclusief 4 FTE inhuur. De inhuur die we al hebben willen we verlengen tot 31 december 2022.