14A2 - bijlage bij Amendement D66-GL-GBV-CDA-LZP gemeentelijk ecoloog
Tekst van het document
Bijlage bij amendement 15A2 bij perspectiefnota 2022 (raadsvergadering 22 juni 2021) STADSECOLOOG OOSTERHOUT Wat er aan vooraf ging De raad heeft in 2019 via een motie gevraagd om onderzoek te doen naar de noodzaak van een stadsecoloog. Het college meldt in de brief van 31 maart 2020 “voortgang stadsecoloog” o.a. dat de behoefte aan een stadsecoloog beperkt is, dat met de gemeente Breda het gesprek aangegaan wordt over een eventuele inzet van hun stadsecoloog en dat dit verder onderdeel uitmaakt van de integrale afwegingen bij de programmabegroting. Desondanks zijn in de programmabegroting 2021 geen afwegingen opgenomen over de inzet van een stadsecoloog, terwijl wel uitbreiding van andere formatie daarin is verwerkt. Het college geeft in november 2020 (memorie van antwoord programmabegroting 2021, n.a.v. vragen bij pagina 215) aan dat op korte termijn een gesprek gepland staat met de gemeente Breda om de mogelijkheden te verkennen voor samenwerking. De raad heeft daarna niets meer van het college vernomen over dit onderwerp. De motie is voor het college geen aanleiding geweest om een voorstel aan de raad voor te leggen over stadsecologie.
Door nu te kiezen voor een amendement, waarmee het onderwerp stadsecologie wordt toegevoegd aan de perspectiefnota, wordt geborgd dat het al dan niet inzetten van een stadsecoloog onderdeel gaat uitmaken van de integrale afwegingen bij de programmabegroting. De stadsecoloog in een notendop Een stadsecoloog is een functie die in de jaren ‘70 voor het eerst het levenslicht zag en in 1989 al breed werd omarmd bij de oprichting van het Nederlands Platform voor Stedelijke Ecologie. Het doel: het ontwikkelen van een duurzame ecologische stad. Tegenwoordig zien we dat er meer georganiseerd wordt vanuit bewoners en minder vanuit de overheid. Ook zijn er groeiende zorgen over leefbaarheid en klimaatbestendigheid van steden en gemeenten. Dat verandert ook de rol van de stadsecoloog in verschillende gemeenten. Vanuit de samenleving in Oosterhout is al een aantal keer geopperd om na te denken over de aanstelling van een stadsecoloog. Ook bij de groene tafels (een door de gemeente georganiseerd overleg tussen betrokken personen, organisaties en de gemeente) is dit aan de orde geweest. Zoals hiervoor is aangegeven, is het onderzoek zoals bedoeld in de motie van 2019 slechts mondjesmaat van de grond gekomen. Uit het overleg met de stadsecologen van Breda is gebleken dat zij weinig ruimte zien om zich met Oosterhout bezig te houden. Op aanvraag is wel (enig) overleg mogelijk.
Om te onderzoeken wat een stadsecoloog in Oosterhout zou kunnen betekenen en wat Oosterhout er concreet aan zou hebben, is in gesprek met de wethouder en een ambtenaar groenbeheer geïnventariseerd wat er al gebeurt in Oosterhout en welke afspraken er zijn met Breda. Ook zijn gesprekken gevoerd met het Bijenhoudergilde en binnen het IVN-netwerk en is bij andere (grotere) gemeenten bekeken hoe zij omgaan met stadsecologie en wat zo’n functionaris doet. De belangrijkste conclusies uit het contact met de Werkgroep Stadsecologie staan hieronder.
Waarom Oosterhout gebaat is bij een stadsecoloog, wat lost die functie op?
In Oosterhout is behoefte aan soortenkennis en kennis over ecologie. Een stadsecoloog kan aan de slag met meerdere thema’s die op dit moment spelen of gaan spelen. Door deze onderwerpen integraal te bekijken kunnen ook kosten worden gespaard of in elk geval makkelijker budget worden gevonden:
Biodiversiteit. Aan de nota Maaibeleid ligt een alarmerend rapport over biodiversiteitafname ten grondslag. Daar moeten we wat mee. Bovendien is voor de beste aanpak een soorteninventarisatie nodig. o Klimaatadaptatie. De vraag (en het advies) is meer regie. Dit kan via deze functie geboden worden. o Energietransitie. Een voorwaarde voor het energiepark is een toename van biodiversiteit in het gebied. Grijp deze kans aan om dat goed in te vullen. o Omgevingsvisie. Via deze functie zou ‘groen’ geborgd kunnen worden in de omgevingsvisie. o Woningbouw. Het borgen van groenadvies bij bouwprojecten, vanaf het begin. Dat scheelt tijdens en na de uitvoering. Door op meerdere thema’s te adviseren ontstaat een bij elkaar passend groenbeleid. De raad vraagt al vaker om vergroening. Om dit goed te doen is kennis nodig en een goede blik. Die kan een stadsecoloog bieden. Een stadsecoloog kan bovendien plannen toetsen aan de natuurbeschermingswet. Een stadsecoloog zou een waardevolle bijdrage kunnen leveren in het toekennen van subsidies op groen/blauw gebied. Er lijkt een toenemende druk te komen vanuit het ministerie om meer natuurinclusief te bouwen. We hebben de komende tijd nogal een woningbouwopgave. Om natuurinclusiviteit op een goede manier te verankeren is advies en eventueel kaders hiervoor van een stadsecoloog waardevol en toekomstgericht.
Ook zal er naar verwachting een toenemende druk komen op soortenbescherming. Een stadsecoloog kan de soorten in kaart brengen en daar een managementplan voor gebouwbewonende soorten (denk aan gierzwaluw, vleermuis, mus etc., mede in relatie tot woningbouw en verduurzaming) schrijven. Een stadsecoloog zou veel kunnen betekenen op het gebied van communicatie en participatie (op thema’s als groenbeheer, biodiversiteit, klimaatadaptatie en groen). Het zou een functie kunnen zijn waarbij iemand de wijk in gaat om mensen te helpen met vergroenen. In de perspectiefnota wordt genoemd dat Oosterhout invulling wil geven een de SDG’s (sustainable development goals). Goed ecologisch beleid zou daaraan bijdragen. Nu wordt veel een beroep gedaan op externe bureaus om kennis binnen te halen. Dit kunnen we ook zelf in huis hebben. De functie van stadsecoloog kan het makkelijker maken om een beleid te voeren met buurgemeenten. Hieruit vloeien ook meekoppelkansen. Het aanstellen van een gezamenlijke stadsecoloog zou ook te proberen zijn. o
Een functie van stadsecoloog zou Oosterhout groener, leefbaarder en toekomstbestendiger maken. Niet in de laatste plaats via kennis binnen en buiten het gemeentehuis over groene onderwerpen. Suggesties om te betrekken bij de uitwerking van het thema:
Stel een regionale stadsecoloog aan. Dit is eerder in de Drechtsteden het geval geweest. Het voordeel is dat er minder budget heen hoeft en dat er een regionaal beleid komt. Het nadeel is dat het minder specifiek over Oosterhout gaat. Organiseer een informatieavond over dit onderwerp, om zo college en raad een goed beeld te geven van de mogelijkheden van stadsecologie. Die informatie kan worden betrokken in de integrale afwegingen bij de programmabegroting.