was-wordt lijst verordening sociaal domein
Tekst van het document
Wijzigingen in de Verordening Sociaal Domein januari 2026 Ten aanzien van het leerlingenvervoer Was 6. Vervoer naar school (leerlingenvervoer)
Wordt 6. Vervoer naar school (bekostiging leerlingenvervoer)
6.2 Onderzoek 1. De gemeente onderzoekt of ouders in aanmerking kunnen komen voor een vervoersvoorziening. Als dat zo is gaat de gemeente na welke voorziening er nodig is. De gemeente onderzoekt dan met welk vervoermiddel het kind kan reizen en welke route naar school de kortste veilige route voor het kind is. Ook gaat de gemeente na of er begeleiding nodig is bij het reizen. 2. Voor het bepalen van de route naar school maakt de gemeente gebruik van de actuele routeplanner van de ANWB. De gemeente berekent wat de kortste afstand is van de woning van het kind naar school. 3. Gaat het kind naar de basisschool of een speciale school voor basisonderwijs, dan onderzoekt de gemeente in bepaalde gevallen ook hoe hoog het inkomen van de ouders is. Dat is nodig om te bepalen of ouders een eigen bijdrage moeten betalen.
6.2 Onderzoek 1. De gemeente onderzoekt of ouders in aanmerking kunnen komen voor een vervoersvoorziening. Als dat zo is gaat de gemeente na welke voorziening er nodig is. De gemeente onderzoekt dan met welk vervoermiddel het kind kan reizen en welke route naar school de kortste veilige route voor het kind is. Ook gaat de gemeente na of er begeleiding nodig is bij het reizen. 2. Voor het bepalen van de route naar school maakt de gemeente gebruik van de actuele routeplanner van de ANWB. De gemeente berekent wat de kortste afstand is van de woning dan wel de opstapplaats van het kind naar school. 3. Gaat het kind naar de basisschool of een speciale school voor basisonderwijs, dan onderzoekt de gemeente in bepaalde gevallen ook hoe hoog het inkomen van de ouders is. Dat is nodig om te bepalen of ouders een eigen bijdrage moeten betalen.
Nieuw artikel toegevoegd
6.3 Voorwaarden 1. De gemeente verstrekt een vervoersvoorziening aan ouders voor hun kind dat in de gemeente Oost Gelre verblijft, en:
6.2.1 Aanwijzen opstapplaatsen 1. Het college kan bij het verstrekken van aangepast vervoer een opstapplaats aanwijzen van waaruit het kind gebruik maakt van het aangepast vervoer. 2. De opstapplaats bevindt zich op een veilige en beschutte locatie en op een redelijke afstand van de woning van het kind en biedt voldoende ruimte voor een eventuele begeleider. 3. De ouders dragen er zorg voor dat het kind naar en op de opstapplaats wordt begeleid als dit noodzakelijk is. 4. Het college wijst geen opstapplaats aan als naar het oordeel van het college voldoende is aangetoond dat begeleiding van het kind door de ouders of anderen uit hun netwerk onmogelijk is dan wel tot ernstige benadeling van het gezin zal leiden.
6.3 Voorwaarden 6.3.1 Vervoersvoorziening naar school 1. De gemeente verstrekt een vervoersvoorziening aan ouders voor hun
2.
3.
4.
5.
6.
a. minimaal 4 jaar oud is, of minimaal 3 jaar oud is als het om een doof of slechthorend kind gaat dat speciaal onderwijs volgt; en b. naar de basisschool of een speciale school voor basisonderwijs gaat, of speciaal onderwijs of voortgezet onderwijs volgt; en c. vanwege een langdurige beperking niet zelfstandig met het openbaar vervoer of met de fiets kan reizen, maar begeleiding of aangepast vervoer nodig heeft. De gemeente verstrekt ook een vervoersvoorziening aan ouders, voor hun kind dat in de gemeente Oost Gelre verblijft, en: a. minimaal 4 jaar oud is; en b. naar de basisschool of een speciale school voor basisonderwijs gaat, of speciaal onderwijs volgt (niet voortgezet onderwijs); en c. de dichtstbijzijnde voor het kind toegankelijke school, meer dan 6 kilometer van de woning van het kind afligt. Gaat het kind niet naar de dichtstbijzijnde school van dezelfde onderwijssoort, dan komen ouders alleen voor een vervoersvoorziening naar de verder weg gelegen school in aanmerking, als zij in een brief aangeven dat ze ernstige bezwaren hebben tegen het openbaar onderwijs of de richting van de dichter bij gelegen bijzondere school. De gemeente kan ook een vervoersvoorziening aan ouders verstrekken voor hun kind dat in de gemeente Oost Gelre verblijft, en: a. voortgezet speciaal onderwijs volgt; en b. zelfstandig van het openbaar vervoer of de fiets gebruik kan maken; en c.
de dichtstbijzijnde toegankelijke school meer dan 2 kilometer van de woning van het kind afligt. Deze bepaling is vooral bedoeld om het kind te stimuleren zelfstandig te gaan reizen en kan als afbouwregeling gebruikt worden. Met toegankelijke school wordt in dit hoofdstuk bedoeld: a. een school die het soort onderwijs geeft dat het kind nodig heeft, vanwege zijn lichamelijke of geestelijke situatie, en b. van de gewenste levensbeschouwelijke of godsdienstige richting is, of het openbaar onderwijs, en c. waar plaats is voor het kind. Ouders krijgen geen vergoeding voor het vervoer van hun kind, als het kind meereist met een andere ouder die van de gemeente
kind dat in de gemeente Oost Gelre verblijft, en: a. minimaal 4 jaar oud is, of minimaal 3 jaar oud is als het om een doof of slechthorend kind gaat dat speciaal onderwijs volgt; en b. naar de basisschool of een speciale school voor basisonderwijs gaat, of speciaal onderwijs of voortgezet onderwijs volgt; en c. vanwege een langdurige beperking niet zelfstandig met het openbaar vervoer of met de fiets kan reizen, maar begeleiding of aangepast vervoer nodig heeft. 2. De gemeente verstrekt ook een vervoersvoorziening aan ouders, voor hun kind dat in de gemeente Oost Gelre verblijft, en: a. minimaal 4 jaar oud is; en b. naar de basisschool of een speciale school voor basisonderwijs gaat, of speciaal onderwijs volgt (niet voortgezet onderwijs); en c. de dichtstbijzijnde voor het kind toegankelijke school, meer dan 6 kilometer van de woning van het kind afligt. 3. Gaat het kind niet naar de dichtstbijzijnde, toegankelijke school, vanwege een specifieke onderwijskundige behoefte van het kind, dan wordt slechts een vervoersvoorziening toegekend als voldaan is aan de volgende voorwaarden: a. naar het oordeel van de gemeente is door de ouders voldoende aangetoond wat de specifieke en noodzakelijke onderwijskundige onderwijsbehoefte is van het kind; en b.
naar het oordeel van de gemeente is door de ouders voldoende aangetoond dat de dichtstbijzijnde school van de onderwijssoort waarop het kind is aangewezen niet toegankelijk is vanwege het niet kunnen bieden van het noodzakelijke specifieke onderwijsaanbod. c. met het samenwerkingsverband primair- of voortgezet onderwijs is overleg gevoerd over het aanbod van onderwijs bij de dichtstbijzijnde, toegankelijke school. 4. De gemeente kan ook een vervoersvoorziening aan ouders verstrekken voor hun kind dat in de gemeente Oost Gelre verblijft, en: a. voortgezet speciaal onderwijs volgt; en b. zelfstandig van het openbaar vervoer of de fiets gebruik kan maken; en
2
een vergoeding krijgt voor het vervoer van zijn eigen kind. 7. De gemeente verstrekt aan ouders een vergoeding voor de reiskosten van een begeleider, als hun kind begeleiding nodig heeft bij het vervoer naar school en de ouders voor dit kind een vervoersvoorziening krijgen. Het kind heeft in ieder geval begeleiding nodig als het op de peildatum jonger is dan 9 jaar. De peildatum is 1 augustus van het schooljaar waarop de vervoersvoorziening betrekking heeft. De ouders moeten wel overtuigend hebben aangetoond, dat het kind niet zonder begeleiding met het openbaar vervoer of de fiets kan reizen.
Nieuw artikel toegevoegd
c.
de dichtstbijzijnde toegankelijke school meer dan 2 kilometer van de woning van het kind afligt. Deze bepaling is vooral bedoeld om het kind te stimuleren zelfstandig te gaan reizen en kan als afbouwregeling gebruikt worden. 5. Met toegankelijke school wordt in dit hoofdstuk bedoeld: a. een school die het soort onderwijs geeft dat het kind nodig heeft, vanwege zijn lichamelijke of geestelijke situatie, en b. van de gewenste levensbeschouwelijke of godsdienstige richting is, of het openbaar onderwijs, en c. waar plaats is voor het kind. 6. Ouders krijgen geen vergoeding voor het vervoer van hun kind, als het kind meereist met een andere ouder die van de gemeente een vergoeding krijgt voor het vervoer van zijn eigen kind. 7. De gemeente verstrekt aan ouders een vergoeding voor de reiskosten van een begeleider, als hun kind begeleiding nodig heeft bij het vervoer naar school en de ouders voor dit kind een vervoersvoorziening krijgen. De ouders moeten wel overtuigend hebben aangetoond, dat het kind niet zonder begeleiding met het openbaar vervoer of de fiets kan reizen. Het kind heeft in ieder geval begeleiding nodig als het op de peildatum jonger is dan 9 jaar. De peildatum is 1 augustus van het schooljaar waarop de vervoersvoorziening betrekking heeft. 6.3.2 Vervoersvoorziening naar stage 1.
Als er al aanspraak bestaat op een vervoersvoorziening naar school kan op verzoek een vervoersvoorziening worden toegekend voor het vervoer naar een stageadres. Hiervoor wordt een afzonderlijke aanvraag ingediend. 2. De vervoersvoorziening naar een stageadres wordt, in aanvulling op de voorwaarden die gelden voor een vervoersvoorziening naar school, slechts toegekend als er wordt voldaan aan de volgende voorwaarden: a. de stage is onderdeel van het onderwijsprogramma zoals opgenomen in de schoolgids van de school of in het stagecontract; b. de stagetijden komen overeen met de reguliere schooltijden; en c. de stage vindt plaats op één stageadres; d. het stageadres is gelegen op de route van de woning naar de school. 3. Een vervoersvoorziening wordt alleen toegekend over de afstand tussen de woning van het kind en het dichtstbijzijnde, toegankelijke stageadres.
3
4. Het stagecontract kan voor de beoordeling van de aanvraag worden opgevraagd.
Nieuwe artikel toegevoegd
6.3.1 Bijzondere regeling voor weekend- en vakantievervoer
Nieuw artikel toegevoegd
6.4 Vorm en hoogte van de vervoersvoorziening 1. De gemeente bepaalt de vervoersvoorziening aan de hand van de afstand tussen de woning en de dichtstbijzijnde toegankelijke school. 2. Gaat het om een speciale school voor basisonderwijs, dan wordt de vervoersvoorziening vastgesteld over de afstand tussen de woning van het kind en a. de dichtstbijzijnde toegankelijke speciale school voor basisonderwijs in het samenwerkingsverband van de school waar het kind vandaan komt, of b. een andere speciale school voor basisonderwijs in dat samenwerkingsverband, als het vervoer naar die school voor de gemeente minder zou kosten dan het vervoer naar
6.3.3 Vervoer tussen buitenschoolse opvang en de school 1. Als er aanspraak bestaat op een vervoersvoorziening van de woning naar een school en terug kan op verzoek een vervoersvoorziening worden toegekend voor het vervoer van een buitenschoolse opvang naar de school of terug. 2. De vervoersvoorziening van de buitenschoolse opvang naar de school of terug wordt alleen verstrekt als de kosten voor de gemeente vergelijkbaar zijn met de kosten voor het vervoer van de woning naar de school en terug. 6.3.4 Bijzondere regeling voor weekend- en vakantievervoer 6.3.5 Tijdelijk verblijf buiten de gemeente Als het kind tijdelijk buiten de gemeente Oost Gelre verblijft vanwege een crisissituatie kan de vervoersvoorziening naar school voor een periode van maximaal zes weken worden behouden als aan de volgende voorwaarden is voldaan: a. het kind blijft zijn eigen school bezoeken; b. In de periode, voorafgaand aan het tijdelijke verblijf buiten de gemeente, is een vervoersvoorziening toegekend op grond van deze Verordening; en c. de intentie bestaat dat de leerling terugkeert naar de oorspronkelijke gemeente.
6.4 Vorm en hoogte van de vervoersvoorziening 1. De gemeente bepaalt de vervoersvoorziening aan de hand van de afstand tussen de woning of de opstapplaats en de dichtstbijzijnde toegankelijke school. 2. Gaat het om een speciale school voor basisonderwijs, dan wordt de vervoersvoorziening vastgesteld over de afstand tussen de woning van het kind en a. de dichtstbijzijnde toegankelijke speciale school voor basisonderwijs in het samenwerkingsverband van de school waar het kind vandaan komt, of b. een andere speciale school voor basisonderwijs in dat samenwerkingsverband, als het vervoer naar die school voor de gemeente minder zou kosten dan het vervoer naar
4
3.
4.
5. 6.
7.
8.
de dichtstbijzijnde speciale school voor basisonderwijs. Als aan de voorwaarden is voldaan, stemt de gemeente de vervoersvoorziening af op de goedkoopste manier van reizen. Als het kind naar school kan fietsen (eventueel met begeleiding), dan krijgen de ouders een vergoeding voor het gebruik van de fiets. Kan het kind niet fietsen naar school, ook niet met begeleiding, dan kunnen de ouders een vergoeding krijgen voor het openbaar vervoer. Als ouders in aanmerking komen voor aangepast vervoer, dan kunnen ouders daarvan gebruikmaken voor het vervoer van hun kind. Ouders kunnen het kind ook zelf vervoeren, als de gemeente toestemming geeft. Volgt het kind basisonderwijs, dan betalen de ouders de reiskosten soms zelf (zie artikel 6.4.1). Ouders komen in aanmerking voor aangepast vervoer als: a. het kind met het openbaar vervoer meer dan anderhalf uur onderweg is en de reistijd met aangepast vervoer teruggebracht kan worden tot 50% van de reistijd met het openbaar vervoer. b. openbaar vervoer naar school ontbreekt en het kind niet met de fiets naar school kan (ook niet met begeleiding). c. het kind niet begeleid kan worden door de ouders of anderen, of begeleiding heeft grote nadelen voor het gezin en een andere oplossing is niet mogelijk. d. het kind langdurige beperkingen heeft waardoor hij niet met het openbaar vervoer kan reizen (ook niet met begeleiding).
Als een begeleider meerdere kinderen begeleidt, dan vergoedt de gemeente de reiskosten van 1 begeleider. Bestaat de vervoersvoorziening uit een vergoeding voor de reiskosten, dan is de hoogte van die vergoeding afhankelijk van de reisafstand naar de dichtstbijzijnde voor het kind toegankelijke school. De reisafstand wordt bepaald via de kortste veilige route op basis van de routeplanner van de ANWB. Als de ouders recht hebben op andere (gedeeltelijke) vergoedingen voor de reiskosten van het kind, trekt de gemeente deze vergoedingen af van de vergoeding die de gemeente geeft. Bij aangepast vervoer brengt de gemeente dan een bedrag (de eigen bijdrage) bij de ouders in rekening. De vergoeding van de gemeente voor het gebruik van een eigen vervoermiddel wordt berekend op basis van een kilometervergoeding voor dat vervoermiddel, afgeleid van de laatst bekende Reisregeling binnenland. Als aanspraak zou bestaan op
3.
4.
5.
6.
7.
de dichtstbijzijnde speciale school voor basisonderwijs. Als aan de voorwaarden is voldaan, stemt de gemeente de vervoersvoorziening af op de goedkoopste en meest passende manier van reizen, afgestemd op de mogelijkheden van het kind: a. Als het kind naar school kan fietsen (eventueel met begeleiding), dan krijgen de ouders een vergoeding voor het gebruik van de fiets. b. Kan het kind niet fietsen naar school, ook niet met begeleiding, dan kunnen de ouders een vergoeding krijgen voor het openbaar vervoer. c. Als ouders in aanmerking komen voor aangepast vervoer, dan kunnen ouders daarvan gebruik maken voor het vervoer van hun kind. d. Ouders kunnen het kind ook zelf vervoeren, als de gemeente toestemming geeft. Volgt het kind basisonderwijs, dan betalen de ouders de reiskosten soms zelf (zie artikel 6.4.1). Ouders komen in aanmerking voor aangepast vervoer als: a. het kind met het openbaar vervoer meer dan anderhalf uur onderweg is en de reistijd met aangepast vervoer teruggebracht kan worden tot 50% van de reistijd met het openbaar vervoer. b. openbaar vervoer naar school ontbreekt en het kind niet met de fiets naar school kan (ook niet met begeleiding). c. het kind niet begeleid kan worden door de ouders of anderen, of begeleiding heeft grote nadelen voor het gezin en een andere oplossing is niet mogelijk. d.
het kind langdurige beperkingen heeft waardoor hij niet met het openbaar vervoer kan reizen (ook niet met begeleiding). Aan het toekennen van een vervoersvoorziening in de vorm van aangepast vervoer kan de voorwaarde worden verbonden dat het kind deelneemt aan leerprojecten voor het gebruik van het openbaar vervoer of de fiets. Het aangepast vervoer vindt plaats in aansluiting op de standaard schooldagen en schooltijden zoals deze zijn opgenomen in de schoolgids van de school waar het kind heen gaat. Tenzij de ouders toereikend bewijs aanleveren waaruit blijkt dat de mogelijke lesuren van het kind vanwege de structurele handicap afwijken van de standaard schooltijden. Wanneer een kind onaanvaardbaar gedrag laat zien tijdens het aangepast vervoer en
5
vergoeding op basis van de kosten van het openbaar vervoer dan bekostigt de gemeente een bedrag op basis van de kosten van het openbaar vervoer. 9. Als ouders meerdere kinderen tegelijk met de auto vervoeren, dan verstrekt de gemeente eenmaal de kilometervergoeding voor de auto, afgeleid van de laatst bekende Reisregeling binnenland
daarbij de veiligheid van zichzelf of anderen in gevaar brengt, kan de gemeente tijdelijk of voor de rest van het schooljaar weigeren het kind mee te laten reizen in het aangepast vervoer. 8. Als een begeleider meerdere kinderen begeleidt, dan vergoedt de gemeente de reiskosten van 1 begeleider. 9. Bestaat de vervoersvoorziening uit een vergoeding voor de reiskosten, dan is de hoogte van die vergoeding afhankelijk van de reisafstand naar de dichtstbijzijnde voor het kind toegankelijke school. De reisafstand wordt bepaald via de kortste veilige route op basis van de routeplanner van de ANWB. 10. Als de ouders recht hebben op andere (gedeeltelijke) vergoedingen voor de reiskosten van het kind, trekt de gemeente deze vergoedingen af van de vergoeding die de gemeente geeft. Bij aangepast vervoer brengt de gemeente dan een bedrag (de eigen bijdrage) bij de ouders in rekening. 11. De vergoeding van de gemeente voor het gebruik van een eigen vervoermiddel wordt berekend op basis van een kilometervergoeding voor dat vervoermiddel, afgeleid van de laatst bekende Reisregeling binnenland. Als aanspraak zou bestaan op vergoeding op basis van de kosten van het openbaar vervoer dan bekostigt de gemeente een bedrag op basis van de kosten van het openbaar vervoer. 12.
Als ouders meerdere kinderen tegelijk met de auto vervoeren, dan verstrekt de gemeente eenmaal de kilometervergoeding voor de auto, afgeleid van de laatst bekende Reisregeling binnenland
6.4.1 Bijzondere regeling vervoer naar basisonderwijs 1. Is het jaarinkomen van de ouders in het peiljaar hoger dan € 27.000 per jaar, dan trekt de gemeente per kind de kosten voor de eerste 6 kilometer per rit met het openbaar vervoer af van de vergoeding aan de ouders. Het gaat om de kosten voor het gebruik van een OV-chipkaart of een andere OVbetaalmogelijkheid door het kind en een eventuele begeleider. Ook als er geen openbaar vervoer beschikbaar is of als er geen gebruik wordt gemaakt van het openbaar vervoer, trekt de gemeente dit bedrag af van de vergoeding. Bij aangepast vervoer moeten de ouders dit bedrag aan de gemeente betalen (eigen bijdrage). Deze regeling geldt voor kinderen die naar de basisschool of een speciale school voor basisonderwijs gaan.
6.4.1 Bijzondere regeling vervoer naar basisonderwijs 1. Is het jaarinkomen van de ouders in het peiljaar hoger dan € 31.500,- per jaar, dan trekt de gemeente per kind de kosten voor de eerste 6 kilometer per rit met het openbaar vervoer af van de vergoeding aan de ouders. Het gaat om de kosten voor het gebruik van een OV-chipkaart of een andere OVbetaalmogelijkheid door het kind en een eventuele begeleider. Ook als er geen openbaar vervoer beschikbaar is of als er geen gebruik wordt gemaakt van het openbaar vervoer, trekt de gemeente dit bedrag af van de vergoeding. Bij aangepast vervoer moeten de ouders dit bedrag aan de gemeente betalen (eigen bijdrage). Deze regeling geldt voor kinderen die naar de basisschool gaan. 2. Is de reisafstand naar de dichtstbijzijnde toegankelijke basisschool meer dan 20
6
2. Is de reisafstand naar de dichtstbijzijnde toegankelijke basisschool meer dan 20 kilometer, dan betalen ouders de reiskosten voor een deel zelf of helemaal zelf (eigen bijdrage). Als de gemeente zorgt voor aangepast vervoer, dan betalen de ouders de eigen bijdrage aan de gemeente. Als het kind op een andere manier wordt vervoerd, dan wordt de eigen bijdrage afgetrokken van de vergoeding die de ouders van de gemeente krijgen. De hoogte van de eigen bijdrage wordt per gezin per schooljaar berekend en hangt af van het inkomen van de ouders in het peiljaar: Inkomen in euro’s (schooljaar 20202021) € 0- € 35.500 € 35.500- € 42.000 € 42.000- € 48.500 € 48.500- € 55.000 € 55.000- € 62.500 € 62.500- € 69.000 € 69.000 en verder
Eigen bijdrage in euro’s (schooljaar 2020-2021) Nihil € 150 € 630 € 1.180 € 1.725 € 2.270 Voor elke extra € 5.500: € 560 erbij
3. gemeente stopt de vervoersvoorziening als ouders de eigen bijdrage niet (langer) betalen aan de gemeente. 4. De gemeente past de bedragen van de inkomensgrenzen in het eerste en tweede lid, en van de eigen bijdragen in het tweede lid, jaarlijks aan (indexering). De gemeente volgt daarbij de wijzigingen die de VNG aan de gemeente doorgeeft. 5. Voor ouders van kinderen die vanwege langdurige beperkingen niet zelfstandig met het openbaar vervoer kunnen reizen gelden de regelingen in dit artikel niet. Zij betalen geen eigen bijdrage.
kilometer, dan betalen ouders de reiskosten voor een deel zelf of helemaal zelf (eigen bijdrage). Als de gemeente zorgt voor aangepast vervoer, dan betalen de ouders de eigen bijdrage aan de gemeente. Als het kind op een andere manier wordt vervoerd, dan wordt de eigen bijdrage afgetrokken van de vergoeding die de ouders van de gemeente krijgen. De hoogte van de eigen bijdrage wordt per gezin per schooljaar berekend en hangt af van het inkomen van de ouders in het peiljaar: Inkomen in euro’s (schooljaar 20252026) € 0- € 42.000 € 42.000- € 50.000 € 50.000- € 58.000 € 58.000- € 65.000 € 65.000- € 74.500 € 74.500- € 81.500 € 81.500 en verder
Eigen bijdrage in euro’s (schooljaar 2025-2026) Nihil € 185 € 820 € 1.520 € 2.230 € 2.990 Voor elke extra € 5.000: € 715 erbij
3. gemeente stopt de vervoersvoorziening als ouders de eigen bijdrage niet (langer) betalen aan de gemeente. 4. De gemeente past de bedragen van de inkomensgrenzen in het eerste en tweede lid, en van de eigen bijdragen in het tweede lid, jaarlijks aan (indexering). De gemeente volgt daarbij de wijzigingen die de VNG aan de gemeente doorgeeft. 5. Voor ouders van kinderen die vanwege langdurige beperkingen niet zelfstandig met het openbaar vervoer kunnen reizen gelden de regelingen in dit artikel niet. Zij betalen geen eigen bijdrage.
14.
Begrippenlijst
Toegevoegd:
Nieuwe toegevoegd
Buitenschoolse opvang: de buitenschoolse opvang, bedoeld in artikel 1.1, van de Wet kinderopvang, van het kind waar het kind voor of na afloop van de lestijd op school verblijft. Opstapplaats: plaats die is aangewezen door de gemeente, waar het kind (de leerling) gebruik kan maken van het vervoer naar school.
7
Ten aanzien van Wmo: Was
Wordt
Nieuw artikel toegevoegd
5.2.2 Herstelgerichte ondersteuning Herstelgerichte ondersteuning is een beweegprogramma onder begeleiding van daarvoor opgeleide fysiotherapeuten. Het is bedoeld voor het bevorderen en verbeteren van het fysiek functioneren ten behoeve van de zelfredzaamheid van de inwoner in hun eigen leefomgeving.
5.2.2 Een schone en leefbare woning 5.2.3 Een schone en leefbare woning 5.2.3 Beschermd wonen 5.2.4 Beschermd wonen 5.2.4 Maatschappelijke opvang 8.3.3 Hoogte en tarief pgb 5. De hoogte van het pgb voor niet-professionele hulp vanuit de Wmo, wordt als volgt vastgesteld: a. hulp bij het huishouden: het uurloon van de hoogste periodiek behorende bij hulp bij het huishouden van de voor de betreffende periode geldende cao VVT (Verpleeg- en Verzorgingshuizen en Thuiszorg), te vermeerderen met vakantietoeslag en de tegenwaarde van de verlofuren. b. individuele ondersteuning en persoonlijke verzorging: het uurloon van de hoogste periodiek behorende bij de Functie Waardering Gezondheidszorg (FWG 30) van de voor de betreffende periode geldende cao VVT, te vermeerderen met vakantietoeslag en de tegenwaarde van de verlofuren. 6. De hoogte van het pgb voor niet-professionele hulp vanuit de Jeugdwet is gelijk aan het wettelijk minimum (uur)loon voor een persoon van 22 jaar of ouder. Het gaat om het uurloon bij een 36-urige werkweek inclusief vakantiegeld, vakantie-uren en sociale lasten. 7.De hoogte van het pgb voor professionele hulp wordt vastgesteld op basis van het laagst geoffreerde tarief op dienstverleningsniveau binnen de aanbesteding van zorg in natura voor Wmo en Jeugdwet. 8.
De hoogte van het pgb voor professionele hulp voor hulp bij het huishouden wordt berekend op basis van het geldende ZIN tarief voor hulp bij het huishouden minus 15% overheadkosten. 8.4
Bijdrage in de kosten
5. De gemeente vraagt geen bijdrage voor:
5.2.5 Maatschappelijke opvang 8.3.3 Hoogte en tarief pgb 5. De hoogte van het pgb voor niet-professionele hulp vanuit de Wmo en de Jeugdwet is gelijk aan het wettelijk minimum (uur)loon voor een persoon van 22 jaar of ouder. Het gaat om het uurloon bij een 36-urige werkweek inclusief vakantiegeld, vakantie-uren en sociale lasten. 6.De hoogte van het pgb voor professionele hulp voor begeleiding, persoonlijke verzorging of logeren is een tarief dat maximaal 100% bedraagt van het laagst toepasselijke tarief per uur/eenheid dat een gecontracteerde leverancier hanteert. 7. De hoogte van het pgb voor professionele hulp voor hulp bij het huishouden wordt berekend op basis van het geldende ZIN tarief voor hulp bij het huishouden minus 15% overheadkosten, tenzij hiervoor geen passende zorg kan worden ingekocht.
8.4
Bijdrage in de kosten
5. De gemeente vraagt geen bijdrage voor:
8
a. hulp-op-maat aan inwoners die gehuwd zijn of een gezamenlijke huishouding voeren en waarvan 1 van de partners de AOW-leeftijd nog niet heeft; b. een rolstoel voor dagelijks zittend gebruik en het onderhoud daarvan; c. ondersteuning bij verhuizing en herinrichting van de nieuwe woning.
a. hulp-op-maat aan inwoners die gehuwd zijn of een gezamenlijke huishouding voeren en waarvan 1 van de partners de AOW-leeftijd nog niet heeft; b. een rolstoel voor dagelijks zittend gebruik en het onderhoud daarvan; c. ondersteuning bij verhuizing en herinrichting van de nieuwe woning. d. herstelgerichte ondersteuning
9