vvgb oude borculoseweg 5 bijlage 2 mer-beoordelingsnotitie 2018
Tekst van het document
Op de bijgevoegde milieutekening staan de verschillende tanks, silo's en besturingsgebouw vermeld. Het waterverbruik zal zich beperken tot het (eventueel) aanmaken van kalkmelk en het spoelen /reinigen van de voorscheidingsmachine en de laadlosplaats. Het verwacht waterverbruik op jaarbasis zal ong. 60 m3Zjaar zijn. Voor kalkmelk aanmaak 1 m^jaar (zie basisontwerp bewerkingsinstallatie voor drijfmest) en voor spoelen van de voorscheidingsmachine 59 m^jaar. De kalkmelk zal in principe niet gebruikt worden, maar blijft achter de hand om in bepaalde situaties het proces te kunnen bijsturen. Praktijkervaring van de laatste jaren leert dat er eigenlijk geen kalkmelk nodig is. Naast de hiervoor beschreven riolering zijn er geen andere bedrijfsriolen aanwezig. Alleen nog de hemel water afvoer naar de sloten en de afvoer van de IBA bestemt voor de woningen op het erf. Reinigingswater in de stallen wordt afgevoerd naar de drijfmestkelders en komt via de drijfmest in de installatie terecht.
Effluent Het effluent wat over blijft zal opgevangen worden in de Effluenttank (tank 5) en geloosd worden op het riool. De aanwezige riolering, welke nu ook al aanwezig is conform de vigerende vergunning, zal hiervoor gebruikt blijven worden. Het lozingsdebiet komt gemiddeld per uur uit op circa 4 m3 met een maximum per uur van 5 m3. Op jaarbasis komt dit neer op circa 30.000 m3 effluent. Veiligheidsmaatregelen ter voorkoming van emissie en verontreinigingen: De houten tanks (de tanks NR en DR) zijn niet afgedekt omdat de emissie uit deze tanks minimaal is. Het product is door de biologische inhoud dusdanig verdund, dat er vrijwel geen emissie plaatsvindt. De houten tanks worden gebruikt als nitrificatie en de-nitrificatietanks. Alle andere tanks zijn van polyester en gesloten. Het lozen van het effluent gebeurt vanuit de tussen opslag op basis van overdruk. Er kan zo nooit op natuurlijk verval geloosd worden op het riool. Daarnaast staat de gehele installatie in een grote "lekbak" met een verdiepte put voor de installatie. Tevens is de laad/los plaats aangesloten op deze verdiepte put. Bij calamiteiten (bijvoorbeeld als een slang losschiet tijdens het lossen van de mest) komt de mest in deze put. Vanuit de put wordt de mest opgepompt met de dompelpomp terug in een van de silo's in de installatie. Elke silo heeft zijn eigen afsluiter.
Het gehele proces van de mestverwerkingsinstallatie is dermate ingericht dat emissie van geur en stoffen en daarmee gepaard gaande gezondheidsrisico's voor omwonenden zo laag mogelijk wordt gehouden.
M.e.r.-beoordelingsnotitie locatie Oude Borculoseweg 5 Groenlo
22
armers
FarmConsult
thefofa/teed business
4.5.3 Maatregelen op bedrijfsniveau Binnen de inrichting zijn maatregelen getroffen om de insleep en verspreiding van ziektekiemen te voorkomen en de uitstoot van stoffen te reduceren. Een goed ontwerp van de stal en goede bedrijfsvoering zijn hierbij erg belangrijk. Daarnaast minimaliseert een gezond dierbestand de kans op problemen met volksgezondheid. Het houden van vleeskalveren vereist de nodige hygiëne-maatregelen om insleep en eventuele verspreiding van besmettelijke dierziekten zo veel mogelijk te voorkomen. De volgende maatregelen worden getroffen: » Periodieke reiniging en desinfectie van gebouwen en materialen » Bezoekersregeling: in principe worden er zo weinig mogelijk bezoekers toegelaten in de stallen en in het 'schone gedeelte' van het bedrijf. Derden die noodzakelijke diensten ve rrichten en controleurs van wie de toegang wettelijk is vastgelegd, vormen een uitzondering. » Het dragen van bedrijfskleding en bedrijfsschoeisel dat op het bedrijf wordt verstrekt. » Waar nodig zullen dieren preventief ingeënt worden. » Het gebruik van antibiotica wordt zoveel mogelijk beperkt en er wordt voldaan aan de PVE-verordening voor antibioticaregistratie en verantwoord antibioticaverbruik. » Goede ongediertebestrijding die wordt verzorgd door een professionele ongediertebestrijder » Het bedrijf heeft een bedrijfsgezondheidsplan.
Dit is een door de dierenarts opgesteld plan waarin de voorgenomen behandelwijze van de mogelijk optredende dierziekten op het bedrijf van de ondernemer wordt vastgelegd en waarin de maatregelen zijn beschreven om het gebruik van antibioticum te beperken. * Door een optimale klimaatregeling worden emissies in de stal gereduceerd en wordt naar de laatste stand der techniek naar behoefte geventileerd. Hiermee wordt voorkomen dat er teveel of te weinig geventileerd wordt zonder noodzaak. De emissies van ammoniak, geur en fijnstof zijn een resultante van het ventilatiedebiet en de concentratie in de lucht. Een lager debiet geeft, zelfs als de concentratie in de lucht toeneemt, lagere emissies. En de situering van de uitstroom van de stallucht is zo gekozen dat de belasting van omliggende woningen is geminimaliseerd. » Binnen de inrichting vindt een registratie plaats van de hoeveelheid mest afkomstig van de inrichting en van de aangevoerde mest afkomstig van een nevenvestiging of van derden dat wordt verwerkt in de mestverwerkingsinstallatie. De registratie voldoet aan de eisen van de Meststoffenwetgeving.
In het registratiesysteem wordt het volgende vermeld: -De aanvoer van mest, datum van ontvangst van de vracht, hoeveelheid per vracht, locatie waar de vracht van afkomstig is (registratie door middel van VDM (afvoerbonnen)) ; -De afvoer van gescheiden materiaal en surplus slib/dikke fractie (registratie door middel van VDM (afvoerbonnen)); -De afvoer van effluent op het rioolstelsel (registratie door middel van een meter en monitoring door het waterschap Rijn en IJssel); -Een kopie van het vervoersbewijs. De mest die de MVI ingaat komt van de eigen bedrijven van maatschap Ottink en een 15 tal collega veehouders in de regio. Met deze bedrijven waarvan de mest wordt aangevoerd is vooraf een overeenkomst gesloten. Hierin wordt onder andere vastgelegd dat er alleen mest geleverd mag worden waarin geen toevoegingen zitten. Bovendien nemen deze veehouders deel (financieel) in de MVI. Zij zijn direct betrokken bij de MVI en hebben er belang bij dat de installatie goed en efficiënt draait. De mest wordt opgehaald door 2 vaste transporteurs (erkende intermediair). Deze transporteurs kennen alle bedrijven en weten welke mest van welk bedrijf komt. Ze plannen de transporten zo dat er altijd van verschillende bedrijven mest in de MVI aanwezig is.
M.e.r.-beoordelingsnotitie locatie Oude Borculoseweg 5 Groenlo
23
armers
FarmConsult
thefofa/teed business
De transporteur controleert visueel, voordat hij een vracht mest laad, de kelder van het bedrijf. Zijn er bijzondere omstandigheden dan wordt er met de veehouder overlegt en zo nodig wordt er geen mest meegenomen uit deze kelder. Tijdens het laden van de mest wordt er een mestmonster getrokken. Dit gebeurt een aantal keren tijdens het laden van de vracht om zo een homogeen mestmonster te krijgen. De bemonsterings- en verpakkingsapparatuur staat op naam van de intermediair geregistreerd en is voorzien van typegoedkeuring. Conform de eisen van de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland. De gegevens van de leverancier, tijdstip van laden/lossen en monsternummer worden allemaal vastgelegd op het vdm (vervoersdocument dierlijke mest). Deze monsters blijven minimaal 14 dagen bewaard bij het laboratorium welke de mest onderzoekt. Hiermee wordt het mogelijk om altijd een extra controle/ onderzoek te laten uitvoeren indien er de verwachting is dat er mest is geleverd welke niet voldoet aan de afgesproken kwaliteitseisen. Tijdens het lossen van de vracht bij de MVI van Ottink controleert de transporteur weer visueel de omstandigheden. Worden er bijzonderheden geconstateerd dan meldt hij dit aan Ottink en kunnen er indien nodig aanvullende maatregelen genomen worden.
4.5.4 Endotoxinen Het bestuurlijk Platform Omgevingsrecht (BPO) heeft een Notitie handelingsperspectieven Veehouderij en Volksgezondheid opgesteld (25 november 2016). Deze notitie bevat als hulpmiddel voor bevoegde gezagen een systematiek om de endotoxineblootstelling van omwonenden van veehouderijen te beoordelen en helpt bevoegde gezagen om vergunningaanvragen te toetsen aan de adviesgrenswaarde van 30 EU/m3 endotoxinen. De volgende uitgangspunten worden in de notitie gehanteerd: » Uit voorzorg voorkomen dat door nieuwe aanvragen de endotoxine advieswaarde wordt overschreden en daar waar deze al overschreden wordt voorkomen dat de overschrijding toeneemt; » Bedrijfsontwikkeling op alle varkens- en pluimveehouderijen die leiden tot een hogere (fijnstof)emissie kunnen gevolg hebben dat nieuwe overschrijdingen ontstaan of bestaande overschrijdingen worden vergroot; » Bedrijfsontwikkeling in een veedicht gebied kunnen als gevolg van cumulatie van de endotoxine uitstoot tot gevolg hebben dat nieuwe overschrijdingen ontstaan of bestaande overschrijdingen worden vergroot; » Andere veehouderijsectoren emitteren relatief weinig fijn stof en de bijdrage aan een mogelijke overschrijding van de adviesgrenswaarde door cumulatie is beperkt; » Een grote mate van overschrijding van de endotoxine advieswaarde, individueel danwel door cumulatie in een gebied, kan reden zijn om na te denken
over een vermindering van fijnstofendotoxine emissie van de veehouderij; » Voorzorg in het belang van de gezondheid van omwonenden is de drijfveer voor deze notitie. De emissie van fijn stof uit de luchtwasser en de kachel is dusdanig verhit geweest, waardoor de mogelijke endotoxinen zijn gedood. Hiermee wordt voldoende gewaarborgd dat aan de adviesgrenswaarde kan worden voldaan.
M.e.r.-beoordelingsnotitie locatie Oude Borculoseweg 5 Groenlo
24
armers
FarmConsult
thefofa/teed business
4.6 Bodem Verwaarloosbaar en aanvaardbaar bodemrisico Als binnen een inrichting bodembedreigende bedrijfsmatige activiteiten worden verricht, moet de kans op bodemverontreiniging tot een verwaarloosbaar minimum worden teruggebracht. In het Activiteitenbesluit en de Activiteitenregeling staan algemene voorschriften opgenomen ten aanzien van bodembedreigende activiteiten (ook van toepassing op vergunningplichtige inrichtingen). Deze voorschriften betreffen verplichte maatregelen en voorzieningen om tot een 'verwaarloosbaar bodemrisico' te komen. Per activiteit is aan de hand van de Nederlandse Richtlijn Bodembescherming (NRB 2012) het vereiste voorzieningenniveau bepaald om dit verwaarloosbaar bodemrisico te bereiken. In bestaande situaties waar achteraf geen voorzieningen meer aangebracht kunnen worden kan, na instemming van het bevoegde gezag, volstaan worden met een Aanvaardbaar bodemrisico'. Het bevoegd gezag moet daartoe wel met een maatwerkvoorschrift toestemming hebben verleend.
Bodembeschermende voorzieningen enbeheermaatregelen Bodembeschermende voorzieningen zijn fysieke voorzieningen, zoals vloeren, verhardingen en lekbakken. Deze voorzieningen moeten altijd in combinatie met de daarbij behorende maatregelen worden toegepast. Bij bodem beschermende maatregelen gaat het om bijvoorbeeld organisatorische maatregelen. In de Activiteitenregeling is voor verschillende bedrijfsmatige activiteiten aangegeven welke combinaties van voorzieningen en maatregelen leiden tot een verwaarloosbaar bodemrisico en binnen die inrichting getroffen moeten worden zodat aan dit doelvoorschrift wordt voldaan. Hierbij is aangesloten bij de Nederlandse Richtlijn Bodembescherming (NRB 2012). De NRB-aanpak is samen te vatten als Vloeistofdichte vloer of verharding' met een minimum aan gedragsvoorschriften' of Vloeistof kerende voorziening' en/of lekbakken met een zwaar accent op de daarop toegesneden gedragsvoorschriften'. Voor activiteiten waar bij vloeistof kerende voorzieningen worden vereist, zijn in het Activiteitenbesluit en Activiteitenregeling specifieke beheermaatregelen opgenomen. Ze zijn gebaseerd op de NRB en moeten in combinatie worden toegepast. Het gaat om een inspectieprogramma voor apparatuur en emballage en een spill-controleprogramma. Alle acties die bij een beheermaatregel horen moeten zijn uitgewerkt in procedures en werkinstructies.
Algemene eisen voorbodem beschermende voorzieningen Bodembeschermende voorzieningen moeten zo zijn uitgevoerd dat het morsen/lekken (spills) van bodembedreigende vloeistoffen effectief wordt opgevangen en opgeruimd. Brandbare vloeistoffen en giftige stoffen moeten direct worden opgeruimd. Verder moet de voorziening bestand zijn tegen de inwerking van de stof en genoeg opvangcapaciteit bieden. Voorbeelden van bodem beschermende voorzieningen zijn absorbtiekorrels, lekbakken, mestdekplaten en olie-waterscheiders. Voor lekbakken stelt de Activiteitenregeling aanvullende eisen: vervuiling door hemelwater of andere stoffen moet worden voorkomen (afdekking of gescheiden opvang en afvoer van hemelwater), de opvangcapaciteit moet minimaal 1100Zo zijn van de inhoud van de grootste verpakkingseenheid of opslagtank met als ondergrens minstens 10o7o van de inhoud van alle opslagen stoffen).
Algemene zorgplicht Als algemene zorgplicht geldt dat bodemverontreiniging voor zover mogelijk wordt voorkomen dan wel voor zover dat niet mogelijk is zoveel mogelijk wordt beperkt. Artikel 13 van de Wet bodembescherming (Wbb) is rechtstreeks van toepassing op de inrichting. Voor zover in de op te leggen voorschriften niet specifiek is vastgelegd welke bodem beschermende maatregelen moeten zijn uitgevoerd, dwingt artikel 13 van de Wbb tot een zorgvuldige bedrijfsvoering. In verband met de strekking van het begrip bodemverontreiniging is van belang dat het begrip bodem ook het grondwater omvat. Het melden van ongewone en gewone voorvallen
M.e.r.-beoordelingsnotitie locatie Oude Borculoseweg 5 Groenlo
25
armers
FarmConsult
thefofa/teed business
met betrekking tot bodembescherming is geregeld in artikel 2l en 30 van de Wbb. Deze zorgplicht zal door de inrichting houder in acht worden genomen.
Bodembedreigende activiteiten Een bodembedreigende activiteit is gedefinieerd de NRB. De volgende voorgenomen activiteiten worden als bodembedreigend aangemerkt: » Opslag niet-verpompbare mest » Opslag van effluent in silo » Opslag zwavelzuur » Transport zwavelzuur en spuiwater door bovengrondse leidingen » Opslag reinigings- en ontsmettingsmiddelen in emballage » Opslag houtsnippers. » Membraanbioreactor en een RO. (wel aanwezig, maar niet in gebruik) Opslag van niet-verpompbare mest Opslag van niet-verpompbare mest (vaste mest) vindt plaats op een vloeistofkerende vloer. Deze is afwaterend naar een afvoerpunt aangelegd. De afvoer is aangesloten op een mestdichte opslagvoorziening. De inhoud van deze opvangput wordt periodiek overgepompt naar de mestkelder om samen met de drijfmest conform de meststoffenwet uitgereden te worden. Opslag van effluent in bassin Het effluent (welke in vigerende vergunning wordt afgevoerd via het riool) wordt ter buffering opgeslagen in betonnen polyestersilo. Het effluent bestaat uit water met daarin zouten (hoofzakelijk kalium en natrium) en humuszuren. Het is geen bodembedreigende stof. De silo is voor dit product een geschikte opslag. Opslag van zwavelzuur Het zwavelzuur voor de chemische luchtwasser wordt opgeslagen in een multibox. Deze opslag is voorzien van een dubbelwandige tank.
Het personeel wordt geïnstrueerd over het gebruik van de zwavelzuuropslag en regelmatig vindt visuele controle op lekkage plaats. Bij elke opslag liggen handschoenen en een masker. De zwavelzuuropslag voldoet aan de regels voor (tijdelijke) opslag voor gevaarlijke stoffen (PGS-15). Transport zwavelzuur en chemisch spuiwater door bovengrondse leidingen De leidingen voor het transport van zwavelzuur en chemisch spuiwater worden dubbelwandig uitgevoerd. De buitenwand bestaat uit HD polyester en de binnenleiding bestaat uit teflon. De leidingen liggen bovengronds en zijn dus makkelijk te inspecteren. De leidingen worden periodiek geïnspecteerd en onderhouden. Het personeel is hiertoe geïnstrueerd. Bovendien zijn immobilisatiemiddelen en persoonlijke beschermingsmiddelen aanwezig. Op deze wijze worden aan dit leidingtransport voldoende voorzieningen en gedragsregels (incidentenmanagement) getroffen ter bescherming van de bodem. Opslag van reinigings- en ontsmettingsmiddelen Reinigings- en ontsmettingsmiddel (zoutzuur) wordt opgeslagen in de originele verpakking. Het betreft een kleine hoeveelheid. Gebruik en Opslag houtsnippers Voor de biomassakachel zijn houtsnippers nodig. Deze zijn van schoon hout en droog. Deze snippers zullen worden opgeslagen in de buitenlucht in een sleufsilo met betonvloer en betonnen wanden. Bij de kachel is een voorraadbunker aanwezig.
Deze is eveneens voorzien van een betonvloer met betonnen wanden. In de bunker bevindt zich een "walking floor" die de snippers aanvoert en m.b.v. een vijzel invoert in de kachel. Door de betonvloer wordt voorkomen dat stoffen door inspoelen of afspoeling in de bodem komen.
M.e.r.-beoordelingsnotitie locatie Oude Borculoseweg 5 Groenlo
26
armers
FarmConsult
thefofa/teed business
Door de getroffen maatregelen wordt het risico van verontreiniging van de bodem zo veel mogelijk vermeden volgens de NRB 2012.
4.7 Water Waterverbruik Binnen het bedrijf wordt gebruik gemaakt van grond- en leidingwater. Het bedrijfswater wordt gebruikt als drinkwater dieren, reinigingswater en waswater luchtwassers.
Schatting waterverbruik (o.b.v. normen Z nota's): Drinkwater dieren :10.771 m^jaar Reinigingswater :490 m^jaar m^jaar Luchtwassers (opgave leverancier):16 Totaal geschat waterverbruik :11.277 m^jaar Als waterbesparende maatregel worden de stallen ingeweekt, voordat ze met een hogedrukreiniger gereinigd worden. De drinkwatervoorzieningen zijn voorzien van lage drukleidingen. Alle reinigingswater en het hemelwater dat op de installatie en op de laad/losplaats valt wordt in het verwerkingsproces opgenomen.
Afvalwater Er wordt geen afvalwater geloosd op het oppervlaktewater. Hemelwater Het schone hemelwater dat afkomstig is van daken en erfverharding wordt afgekoppeld. Het hemelwater afkomstig van het bestaande, vergunde verharde oppervlak wordt opgevangen in een waterbergingsvoorziening en op het oppervlakte water. Het hemelwater afkomstig op de MVI wordt opgenomen in het proces van de installatie.
4.8 Energie In het kader van de omgevingsvergunning en bij een melding in het kader van het Activiteitenbesluit milieubeheer is het van belang te weten wat het energieverbruik van de inrichting is. Inrichtingen kunnen in drie verschillende categorieën worden ingedeeld: kleingebruikers, middelgebruikers en de grootgebruikers. Hierbij is aansluiting gezocht bij het Activiteitenbesluit milieubeheer. In het vergunningverleningsproces kan de Uniforme leidraad energiebesparing gebruikt worden. Energieverbruik kan in drie categorieën worden opgedeeld; 1. Kleingebruikers met een verbruik van minder dan 25.000 m3 gas én minder dan 50.000 kWh elektriciteit. 2. Middelgebruikers met een verbruik van tussen de 25.000 m3 en 75.000 m3 gas of tussen de 50.000 kWh en 200.000 kWh elektriciteit. 3. Grootgebruikers met een gasverbruik van meer dan 75.000 m3 en/of een elektriciteitsverbruik van meer dan 200.000 kWh. Voor kleinverbruikers worden geen voorschriften over het besparen van energie opgenomen in de vergunning. Bij middelgebruikers beoordeelt het bevoegd gezag of alle rendabele (BBT-) maatregelen zijn
M.e.r.-beoordelingsnotitie locatie Oude Borculoseweg 5 Groenlo
27
armers
FarmConsult
thefofa/teed business
genomen. Als dit niet het geval is kan het bevoegd gezag een haalbaarheidsonderzoek naar specifieke BBTmaatregelen eisen (brief van het Ministerie van VROM, kenmerk DGM/SB2007109294, januari 2008). Ten slotte geldt voor grootgebruikers dat het bevoegd gezag een energieonderzoek kan eisen.
Meten en registreren van energiegegevens Energiebron
Wijze van registratie
Frequentie
Door wie?
Gas: Elektriciteit: Olie:
per meter per meter Per meter
n.v.t. 1x per maand Per levering
leverancier leverancier leverancier
Overzicht energiegebruik en -kosten Het gasverbruik zal ten gevolge van het voornemen dalen/stijgen ten opzichte van de vergunde situatie. Het elektriciteitsverbruik gasverbruik zal ten gevolge van het voornemen dalen/stijgen ten opzichte van de vergunde situatie. Energiebron Aardgas (verwarming stallen):
Verbruik voornemen (geschat o.b.v. normen /nota's) 7.500 m3/
Elektriciteit: Diesel: Biomassa:
210.000 kWh/ļ 4.000 liter 1.250 m3
Binnen de inrichting wordt gebruik gemaakt van krachtstroom (380 V)
Energiebesparende maatregelen Binnen de stallen worden de volgende maatregelen getroffen om het energieverbruik tot een minimum te beperken: »
» » »
Alle ventilatoren, pompen en motoren zijn voor zover als mogelijk voorzien van een frequentieregeling. Het toepassen van frequentieregelaars levert een besparing in energieverbruik op van bijna 70oZo ten opzichte van het energieverbruik van een traditioneel ventilatiesysteem. De stallen en het gebouw voor de mestverwerking zijn voorzien van isolatie. Het hele gebouw is voorzien van energiearme armaturen. De Hygiënisatie-unit is voorzien van een wisselaar. Hiermee wordt de inkomend lucht voorverwarmd door de uitgaande lucht uit het systeem.
M.e.r.-beoordelingsnotitie locatie Oude Borculoseweg 5 Groenlo
28
armers
FarmConsult
thefofa/teed business
4.9 Natuur
4.9.1 Natura2000 gebieden In de omgeving liggen de volgende Natura2000-gebieden: » Zwillbrockervenn » Korenburgerveen
Figuur: Ligging Natura2000-gebieden
Als een agrarisch bedrijf activiteiten wil uitvoeren die nadelige gevolgen kunnen hebben voor Natura2000gebieden is daar in veel gevallen toestemming in het kader van de Wet natuurbescherming voor nodig. Deze toestemming kan aangehaakt zijn bij een omgevingsvergunning. Aanhaken kan plaatsvinden bij elk soort omgevingsvergunning zoals bouwen, milieu, slopen etc. De omgevingsvergunning voor 'natuur' loopt via de zogenaamde omgevingsvergunning beperkte milieutoets (OBM), zoals bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, sub i, van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht. Het is ook mogelijke om deze toestemming niet te laten
M.e.r.-beoordelingsnotitie locatie Oude Borculoseweg 5 Groenlo
29
armers
FarmConsult
thefofa/teed business
aanhaken. Deze toestemming moet dan wel voor het indienen van de Omgevingsvergunning te zijn aangevraagd, dan wel te zijn afgegeven.
Voor de voorgenomen activiteiten is op 25 oktober 2018 bij de provincie Gelderland een vergunning in het kader van de Wet natuurbescherming aangevraagd. De ontvangstbevestiging is bijgevoegd in de bijlage. Op 31 juli 2014 is een vergunning in het kader van de Natuurbeschermingswet (Nbwet) verleend. Sinds 1 januari 2017 is de Nbwet vervangen door de Wet Natuurbescherming. De vergunde situatie in het kader van de Wet natuurbescherming betreft 7.539,0 kg N^/jaar. Het voornemen leidt tot een emissie van 9221,0 kg N^/jaar. Voor NOx leidt de aanvraag tot een emissie van 4993,0 kg per jaar. In het berekeningsprogramma AERIUS is het projecteffect van het voornemen. Hieruit volgt dat het projecteffect groter is dan 0,05 mol N/ha, hetgeen betekent dat voor het voornemen een vergunningplicht o.b.v. de Wet Natuurbescherming aan de orde is. Vervolgens is voor het voornemen een verschilberekening gemaakt met de vigerende Nbwet-vergunning als referentiesituatie. Hieruit volgt dat ten gevolge van het voornemen de stikstofdepositie op de Natura2000-gebieden toeneemt met 0,32 mol N/ha). Hiervoor is in het kader van de programmatische Aanpak Stikstof (PAS) ontwikkelingsruimte nodig. De AERIUS-berekeningen zijn bijgevoegd in de bijlagen. Gezien de aard van de activiteiten en de ligging van de locatie is er geen sprake van overige effecten op Natura 2000-gebieden.
Het voornemen leidt net tot nadelige effecten op Natura2000-gebieden en staat vergunningverlening i.k.v. de Wet Natuurbescherming niet in de weg.
4.9.2 Flora en fauna Menselijke (bedrijfs)activiteiten kunnen nadelige gevolgen hebben voor beschermde planten- en diersoorten. Flora en fauna wordt via de Wet natuurbescherming beschermd tegen de gevolgen van menselijke activiteiten. Als een agrarisch bedrijf activiteiten wil uitvoeren die nadelige gevolgen kunnen hebben voor beschermde plant- en diersoorten, is daar in veel gevallen aparte toestemming nodig, namelijk de omgevingsvergunning voor 'natuur'. Deze toestemming kan aangehaakt zijn bij een omgevingsvergunnin g, net zoals bij beschermde natuurgebieden. Het voornemen ziet niet toe op sloopwerkzaamheden, kappen van bomen, verwijderen van beplanting of dempen van sloten. De voorgenomen uitbreiding vindt plaats tussen op reeds bestaande verharding. Deze verharding vormt geen geschikte habitat voor beschermde soorten. Gezien het voorgaande is van een negatief effect van de voorgenomen activiteiten op beschermde flora en fauna is dan ook geen sprake. Voor de voorgenomen activiteiten is geen toestemming op grond van de Wet natuurbescherming (Wnb) nodig.
4.9.3 Natuurnetwerk Natuurnetwerk is sinds 2013 de naam van de ecologische hoofdstructuur (EHS). Dit is een samenhangend netwerk van bestaande en toekomstige natuurgebieden in Nederland. Het vormt een belangrijk onderdeel van het natuurbeleid. Streven is de biodiversiteit in Nederland ten minste te stabiliseren, en dus verdere achteruitgang tegen te gaan: het door de EU aanvaarde standstillbeginsel. Sinds 2014 zijn de provincies verantwoordelijk voor natuurbeleid en de verdere ontwikkeling en beheer van het Natuurnetwerk.
M.e.r.-beoordelingsnotitie locatie Oude Borculoseweg 5 Groenlo
30
armers
FarmConsult
thefofa/teed business
De inrichting ligt niet in of direct aan een gebied aangewezen als Natuurnetwerk. De inrichting ligt op ca. 175 meter van het dichtstbijzijnde gebied dat onderdeel uitmaakt van het Natuurnetwerk.
Figuur: Ligging Natuurnetwerk
f*
4.10 Landschap De inrichting zal landschappelijk worden ingepast. Dit is reeds in een eerdere procedure meegenomen. De huidige aanvraag maakt niet dat de landschappelijke inpassing gewijzigd behoeft te worden.
M.e.r.-beoordelingsnotitie locatie Oude Borculoseweg 5 Groenlo
31
armers
FarmConsult
thefofa/teed business
5
CONCLUSIES
Initiatiefnemer wil op de locatie aan de Oude Borculoseweg 5 in Groenlo de installatie wijzigen en/of uitbreiden voor het verwerken van mest. Op basis van de kenmerken van het project en de omgeving waarin het project plaatsvindt, kunnen zich waarschijnlijk aanzienlijke gevolgen voor het milieu voordoen. Deze (vormvrije) m.e.r.-beoordelingsnotitie voorziet in alle voor de activiteit relevante informatie die het bevoegd gezag nodig heeft om het besluit op de (vormvrije) m.e.r.-beoordeling te kunnen nemen.
M.e.r.-beoordelingsnotitie locatie Oude Borculoseweg 5 Groenlo
32
armers
FarmConsult
thefofa/teed business
BIJLAGEN Bijlage 1: Bijlage 2: Bijlage 3: Bijlage 4: Bijlage 5: Bijlage 6: Bijlage 7: Bijlage 8: Bijlage 9:
Bedrijfsontwikkelingsplan Dimensioneringsplan Aanvraag Wet natuurbescherming vergunning Stikstofdepositie berekeningen (AERIUS) Geurberekening BuroBlauw (BL2018.8726.02-V07) Fijnstof berekeningen BuroBlauw (BL2018.8726.03-V05) Emissieonderzoek BuroBlauw (BL2018.8726.01-V02) Akoestisch rapport Plattegrondtekeningen milieu
M.e.r.-beoordelingsnotitie locatie Oude Borculoseweg 5 Groenlo
33
armers
FarmConsult
thefofa/teed business
Bijlage 1:
Bedriifsontwikkelinasplan
Vigerende vergunning: 1.
Het houden van vleeskalveren (zie onderstaande tabel) maximale emissie drempelwaarde 7539,00 Bedrijfstotaal 7539,00
Kolom A, B of C
nr stal
RAV code
omschrijving GL
diercategorie # dieren
NVT
1
A 4.100
overige huisvestingssystemen
vleeskalveren tot 8 mnd
NVT
2
A 4.100
overige huisvestingssystemen
NVT
3
A 4.100
33
10692
35,6
10252,8
33
9504
322
35,6
3275,2
33
3036
3,5
1785
35,6
18156
33
16830
3,5
3290
35,6
33464
33
31020
3,5
1134
35,6
vleeskalveren tot 8 mnd
288
3,5
1008
overige huisvestingssystemen
vleeskalveren tot 8 mnd
92
3,5
510 940
A 4.100
overige huisvestingssystemen
NVT
5
A 4.100
overige huisvestingssystemen
vleeskalveren tot 8 mnd
71082
11534,4
324
4
1
fijnstof Z dier
totaal NH3
NVT
76682,4
totaal fijnstof (gr/jaar)
kg NH3 Z dier
vleeskalveren tot 8 mnd
2.
1
Oue Z dier totaal Oue
Het inwerking hebben van een biologische mestverwerkingsinstallatie met een capaciteit van 36.000 m2 3 per jaar.
Beoogde situatie 1.
Het houden van vleeskalveren (zie onderstaande tabel) maximale emissie drempelwaarde 7539,00 Bedrijfstotaal 7539,00
Kolom A, B of C
nr stal
RAV code
omschrijving GL
diercategorie # dieren
NVT
1
A 4.100
overige huisvestingssystemen
vleeskalveren tot 8 mnd
NVT
2
A 4.100
overige huisvestingssystemen
I
76682,4
I
71082
fijnstof Z dier
totaal fijnstof (grZjaar)
11534,4
33
10692
35,6
10252,8
33
9504
322
35,6
3275,2
33
3036
kg NH3 Z dier
totaal NH3
324
3,5
1134
35,6
vleeskalveren tot 8 mnd
288
3,5
1008
92
3,5
Oue Z dier totaal Oue
NVT
3
A 4.100
overige huisvestingssystemen
vleeskalveren tot 8 mnd
NVT
4
A 4.100
overige huisvestingssystemen
vleeskalveren tot 8 mnd
510
3,5
1785
35,6
18156
33
16830
overige huisvestingssystemen
vleeskalveren tot 8 mnd
940
3,5
3290
35,6
33464
33
31020
NVT
2.
5
A 4.100
Het inwerking hebben van een biologische mestverwerkingsinstallatie met een capaciteit van 36.000 m3 per jaar. Het voornemen heeft betrekking op het wijzigen van de mestverwerkingsinstallatie met nageschakelde technieken in de vorm van het plaatsen van een hygiënisatie-unit, warmtewisselaar en een luchtwasser.
M.e.r.-beoordelingsnotitie locatie Oude Borculoseweg 5 Groenlo
34
armers
FarmConsult
thefofa/teed business
Bijlage 2:
Dimensionerinasplan
M.e.r.-beoordelingsnotitie locatie Oude Borculoseweg 5 Groenlo
35
Dimensioneringsplan ITB_______ 90% chemische wasser pluimveehouderij en vleeskalveren
Opdrachtgever naam:
B. Ottink
adres: postcode: plaats:
groenlo
telefoonnummer:
Locatie adres:
zie hoger
postcode: plaats:
Vaste gegevens Maximale luchtsnelheid in afzuigkanaal:
4,5 m/s
Hoeveelheid m3 ventilatielucht per sectie:
20000 m3^ur
Afmetingen netto per sectie van 20.000 m3:
1,83 m netto breed x 2,25 meter netto hoog
Netto aanstroomoppervlakte per sectie:
4,12 m2
Oppervlak emissiepunt (uitlaat) per sectie
1,65 m2
Pakketdikte wasser:
0,08 m
Totale dikte waspakket:
0,48 m
Type pakket:
2H NET
Specifieke opppervlakte pakket:
150 m2^3 pakket
Materiaal pakket:
PP
Maximale specifieke belasting:
4854 m3Ari2^ur
Stal nummer
1
Luchtkanaal
boven de wasser
Type wasser (ammoniak reductie) Groen Label nummer (of BWL nummer)
(1,83 x 0,9 m)
0,4 m
Druppelvanger geintegreerd in waspakket, dik:
90
0/
BWL 2007.04
A.4.1. Vleeskalveren
BWL 2007.06
E. 1.5.3. Opfokhennen ^8 wkn
BWL 2007.07
E. 1.5.4. Opfokhennen ^8 wkn
BWL 2007.08
E.1.9.
BWL 2007.06
E.2.5.3. Legkippen en ouderdieren legrassen
BWL 2007.07
E.2.5.4. Legkippen en ouderdieren legrassen
BWL 2007.08
E.2.10
Legkippen en ouderdieren legrassen
BWL 2007.08
E.4.6
Ouderdieren vleeskuikens
BWL 2007.08
E.5.4
Vleeskuikens
Opfokhennen ^8 wkn
Ventilatiebehoefte conform opgave Klimaatplatform Pluimveehouderij Dieren
Aantal
Luchtvolume (rrř/h)
Gelijktijdigheid
Totaal (rrř/h)
Vleeskalveren (BWL 2007.04)
0
250
1000Zo
0
Opfokhennen E.1.5.3. (BWL 2007.06)
0
5,4
1000Zo
0
Opfokhennen E.1.5.4. (BWL 2007.07)
0
5,4
1000/0
0
Opfokhennen E.1.9. (BWL 2007.08)
0
5,4
1000/0
0
Legkippen E.2.5.3. (BWL 2007.06)
0
6,84
100/
0
Legkippen E.2.5.4. (BWL 2007.07)
0
6,84
100/
0
Legkippen E.2.10. (BWL 2007.08)
0
6,84
100/
Ouderdieren vleeskuikens E.4.6. (BWL 2007.08
0
13,68
100/
0
afzuiging organische droger
0
2,5
100/
65.000
uitvoering Terra-sea, lagere ventilatiecapaciteit
Totaal
0
65.000 m3^
Klimaatgroep pluimvee
Ventilatiebehoefte tbv geurberekening met V-Stacks Dieren
Aantal
Luchtvolume ^/h)
Vleeskalveren (BWL 2007.04)
0
Opfokhennen E.1.5.3. (BWL 2007.06)
0
Opfokhennen E.1.5.4. (BWL 2007.07)
0
Opfokhennen E.1.9. (BWL 2007.08)
0
150
Totaal ^/h) 0 0 0
3,24
0
Legkippen E.2.5.3. (BWL 2007.06)
0
0
Legkippen E.2.5.4. (BWL 2007.07)
0
0
Legkippen E.2.10. (BWL 2007.08)
0
0 0
Ouderdieren vleeskuikens E.4.6. (BWL 2007.08)
0
afzuiging organische droger
0_______________________ 2. Totaal
65.000 65.000 tT/h
Berekende gegevens luchtkanaal Oppervlak luchtkanaal (standaard)
4,01 m
Indien wasser in midden luchtkanaal
2,01 m
Berekende gegevens wasser Minimale aanstroomoppervlakte Volume wasserpakket
13,39 m 6,43 m
Bepaling grootte van de wasser en emissiepunt Aantal secties
4,00 stuks
Werkelijke aanstroomoppervlakte
16,48 m2
Werkelijk volume wasserpakket
7,91 m3
Oppervlak emissiepunt
6,60 m2
Diameter emissiepunt
2,90 m1
Berekening luchtsnelheid
2,74 m/sec (m3/ hr / oppervlak emissiepunt / 3600 )
Berekende hoeveelheid watergebruik Berekende hoeveelheid zuurgebruik Berekende hoeveelheid spuiwater
16 m3Zjaar
10000 liter/jaar (1,63 liter zwavelzuur per kg ammoniak)
80 m37jaar
armers
FarmConsult
thefofa/teed business
Bijlage 3:
Ontvangstbevestiging aanvraag Wnb-veraunnina Dat-m
U It1."! 0 gS-tD Ė”iSS n iīlIL a; Inliohtingefi btj
?ľi' in-ze.
T.a.v- de heer/mevrouw
ūì6 35999 99
FūsťbllS Şi
post @ gadeilaEd.nl
7340 AE LOCHEM
Uw brief d.d. met kenmerk
25-10-2010
Aanvraag onthemng/verguniimg Wmb 5 te Eorcnlo
ís ontvangen ap
25-İŪ-201B
en toegezonden
aan afdeling team Beste meneer-, mevrouw Wij hebben uw aanvraag in het kader van de Wet natuurbescherming in behandeling genomen Binnen 20 weken nemen wíj een besluit op uwr aanvraag.
Het besluit wordt eerst in ontwerp vastgesteld en zes weken ter īnzagE gelegd op wvw.overheid.nh EeJarghebhenden kunnen in deze periode reageren op het ontwerp be sluit.
\ ragend Neem daarvoor contact op met hei Fro\īncieloket via teletoonnummer 02Ġ 359 99 99. Hou het zaaknummer van deze brie: hij dE hand. W ij kunnen u dan sneller helpen Met vriéndelijke groetGedeputEerde Staten ^an Gelderland
Dit bericht is automatisch aangemaaKt en ís daarom niet ondertekend
Markt ü | ĚSiiCG Arnhem
eng Earn Den Haag
Postbus 9090 | bSoo GX Amhem
BlC-COde Bľ-"G 3aalr: BWGHHUG POSIĒ Ē™ EEÌHIld. nl
Et'v-Dijinmsr: ľrLcūiSiĵiOū.3üĵ
www. geld aland. nl
EťEL-mmnnei: 514-63751
M.e.r.-beoordelingsnotitie locatie Oude Borculoseweg 5 Groenlo
provincie
Gelderland
36
armers
FarmConsult
thefofa/teed business
Bijlage 4:
Stikstofdepositie berekeningen (AERIUS)
Verschilberekening AERIUS.
M.e.r.-beoordelingsnotitie locatie Oude Borculoseweg 5 Groenlo
37
AERIUSB CALCULATOR Dit document bevat resultaten van een stikstofdepositieberekening met AERIUS Calculator. U dient dit document te gebruiken ter onderbouwing van een vergunningaanvraag in het kader van de Wet natuurbescherming. De resultaten geven de stikstofeffecten van deze activiteit weer voor Natura 2000gebieden. AERIUS Calculator maakt enkel voor de PAS-gebieden inzichtelijk welke stikstofgevoelige habitattypen er voor komen en op welke hiervan een effect is. Op basis
hiervan is aangegeven voor hoeveel hectares ontwikkelingsruimte benodigd is. De berekening op basis van stikstofemissies gaat uit van de componenten ammoniak (NH3) en stikstofoxide (NOx), of één van beide. Hiermee is de depositie van de activiteit berekend en uitgewerkt.
Wilt u verder rekenen of gegevens wijzigen? Importeer de pdf dan in de Calculator.
Berekening Vigerend Kenmerken *
Samenvatting emissies
*
Depositieresultaten Gedetailleerde emissiegegevens
Verdere toelichting over deze PDF kunt u vinden in een bijbehorende leeswijzer. Deze leeswijzer en overige documentatie is te raadplegen via: www.aerius.nl en pas.natura2000.nl.
RRsVfHpR73TC (23 oktober 2018) pagina 1/38
Benodigde ontwikkelingsruimte
AERIUSR CALCULATOR Contact
Activiteit
Rechtspersoon
Inrichtingslocatie
Mts Ottink
Oude Borculoseweg 5, 7141 JA Groenlo
Omschrijving
AERIUS kenmerk
verschilberekening
RRsVfHpR73TC
Datum berekening
Rekenjaar
Rekeninstellingen
23 oktober 2018, 15:33
2018
Berekend voor Wnb.
Totale emissie
Resultaten Hectare met hoogste verschil (mol/ha/j)
Toelichting
Benodigde ontwikkelingsruimte
Situatie 1
Situatie 2
Verschil
NOx
-
4.993,00 kg/j
4.993,00 kg/j
NH3
7.539,00 kg/j
9.221,00 kg/j
1.682,00 kg/j
Natuurgebied
Verschil
Buurserzand & Haaksbergerveen
+ 0,32
Verschilberekening van de vigerende situatie t.o.v. de voorgenomensituatie
Vigerend
voornemen
RRsVfHpR73TC (23 oktober 2018) pagina 2/38
Benodigde ontwikkelingsruimte
AERIUSB CALCULATOR
Locatie Vigerend ā± Leennutte^-
n in a
mįĝmk
wmrn
āxfmrėìs&'İ* -jiį.
iŗwĮd
NĴlö
500 m
:/f,-
Emissie Vigerend
Benodigde ontwikkelingsruimte
Bron Sector
Vigerend
voornemen
Emissie NH3
Stal G Landbouw | Stalemissies
322,00 kg/j
Stal H Landbouw | Stalemissies
1.008,00 kg/j
Stal J Landbouw | Stalemissies
1.134,00 kg/j
Stal K Landbouw | Stalemissies
1.785,00 kg/j
Stal L Landbouw | Stalemissies
3.290,00 kg/j
Emissie NOx
RRsVfHpR73TC (23 oktober 2018) pagina 3/38
Benodigde ontwikkelingsruimte
AERIUSB CALCULATOR
Locatie voornemen
^
\ã'
-teefinMsee*-'
Aves-t
■iĵufe-ì
ŚĚfr,í. iiütnlo
■mm 500 m
hu ia
Emissie voornemen
Bron Sector
Emissie NH3
kachel Landbouw | Vuurhaarden, overig
Benodigde ontwikkelingsruimte
Vigerend
voornemen
Emissie NOx
4.993,00 kg/j
Luchtwasser Landbouw | Mestopslag
1.682,00 kg/j
Stal G Landbouw | Stalemissies
322,00 kg/j
Stal H Landbouw | Stalemissies
1.008,00 kg/j
Stal J Landbouw | Stalemissies
1.134,00 kg/j
Stal K Landbouw | Stalemissies
1.785,00 kg/j
RRsVfHpR73TC (23 oktober 2018) pagina 4/38
AERIUSB CALCULATOR
Bron Sector
Emissie NH3
Stal L Landbouw | Stalemissies
Benodigde ontwikkelingsruimte
Vigerend
voornemen
Benodigde ontwikkelingsruimte
Emissie NOx
3.290,00 kg/j
RRsVfHpR73TC (23 oktober 2018) pagina 5/38
Benodigde ontwikkelingsruimte
AERIUSB CALCULATOR
Resultaten PASgebieden (mol/ha/j)
Benodigde ontwikkelingsruimte
Natuurgebied
Hectare met hoogste verschil Situatie 1
Situatie 2
Verschil *
Buurserzand & Haaksbergerveen
1,35
1,67
+ 0,32
Korenburgerveen
1,28
1,49
+ 0,21
Witte Veen
0,63
0,81
+ 0,18
Stelkampsveld
0,68
0,81
+ 0,13
Bekendelle
0,53
0,65
+ 0,12
Willinks Weust
0,47
0,58
+ 0,12
Aamsveen
0,37
0,48
+ 0,11
Lonnekermeer
0,36
0,46
+ 0,10
Borkeld
0,28
0,37
+ 0,08
Landgoederen Oldenzaal
0,28
0,36
+ 0,08
Dinkelland
0,22
0,29
+ 0,07
Lemselermaten
0,22
0,29
+ 0,07
Wooldse Veen
0,26
0,32
+ 0,07
Achter de Voort, Agelerbroek & Voltherbroek
0,20
0,26
+ 0,06
Sallandse Heuvelrug
0,17
0,23
+ ^05
Rijntakken
0,17
0,22
+ 0,05
Springendal & Dal van de Mosbeek
0,16
0,21
+ 0,05
Bergvennen & Brecklenkampse Veld
0,14
0,19
+ 0,04
Veluwe
0,14
0,19
+ 0,04
Landgoederen Brummen
0,13
0,17
+ 0,04
Wierdense Veld
0,13
0,16
+ 0,04
Vigerend voornemen
RRsVfHpR73TC (23 oktober 2018) pagina 6/38
Benodigde ontwikkelingsruimte
AERIUSB CALCULATOR
Natuurgebied
Situatie 2
Verschil ’
Engbertsdijksvenen
0,12
0,16
+ 0,04
Boetelerveld
0,09
0,12
+ 0,03
Vecht- en Beneden-Reggegebied
0,08
0,11
+ 0,03
Bargerveen
0,04
0,06
+ 0,02
Sint Jansberg
0,04
0,06
+ 0,02
Maasduinen
0,05
0,06
+ 0,01
Zeldersche Driessen
0,04
^,05
+ 0,01
*
Benodigde ontwikkelingsruimte
Hectare met hoogste verschil Situatie 1
Als de hoogste depositietoename plaatsvindt op een hexagoon waar géén sprake is van een (naderende) stikstofoverbelasting, dan is de hoogste toename op een hexagoon met wel een (naderende) stikstofoverbelasting tussen haakjes aangegeven.
Vigerend
voornemen
RRsVfHpR73TC (23 oktober 2018) pagina 7/38
Benodigde ontwikkelingsruimte
AERIUSB CALCULATOR
Resultaten per habitattype
Buurserzand b Haaksbergerveen
(mol/ha/j) Habitattype
Benodigde ontwikkelingsruimte
Hectare met hoogste verschil Situatie 1
Situatie 2
Verschil
H91D0 Hoogveenbossen
1,35
1,67
+ 0,32
H7i2oah Herstellende hoogvenen, actief hoogveen
1,29
1,59
+ 0,30
H91E0C Vochtige alluviale bossen (beekbegeleidende bossen)
1,22
1,50
+ 0,28
H4010A Vochtige heiden (hogere zandgronden)
0,99
1,24
+ 0,25
H4030 Droge heiden
0,90
1,11
+ 0,22
H5130 Jeneverbesstruwelen
0,81
1,01
+ 0,20
H2310 Stuifzandheiden met struikhei
0,70
0,88
+ 0,18
H3130 Zwakgebufferde vennen
0,70
0,87
+ 0,17
H7110A Actieve hoogvenen (hoogveenlandschap)
0,62
0,78
+ 0,15
ZGH7120ah Herstellende hoogvenen, actief hoogveen
0,60
0,74
+ 0,15
H7230 Kalkmoerassen
0,41
0,52
+ 0,11
H7140A Overgangs- en trilvenen (trilvenen)
0,42
0,53
+ 0,10
Vigerend
voornemen
RRsVfHpR73TC (23 oktober 2018) pagina 8/38
Benodigde ontwikkelingsruimte
AERIUSB CALCULATOR
Korenburgerveen Habitattype
Benodigde ontwikkelingsruimte
Hectare met hoogste verschil Situatie 1
Situatie 2
Verschil
H7i2oah Herstellende hoogvenen, actief hoogveen
1,28
1,49
+ 0,21
H91E0C Vochtige alluviale bossen (beekbegeleidende bossen)
1,01
1,20
+ 0,18
H7210 Galigaanmoerassen
0,98
1,16
+ 0,18
H7140A Overgangs- en trilvenen (trilvenen)
0,99
1,17
+ 0,18
H6410 Blauwgraslanden
0,86
1,02
+ 0,15
H7110A Actieve hoogvenen (hoogveenlandschap)
0,89
1,04
+ 0,15
H6230vka Heischrale graslanden, vochtig kalkarm
0,86
1,01
+ 0,15
ZGH7140A Overgangs- en trilvenen (trilvenen)
0,69
0,82
+ 0,13
H3130 Zwakgebufferde vennen
0,69
0,82
+ 0,13
H91D0 Hoogveenbossen
0,62
0,74
+ 0,12
ZGH3130 Zwakgebufferde vennen
0,50
0,61
+ 0,11
Vigerend
voornemen
RRsVfHpR73TC (23 oktober 2018) pagina 9/38
Benodigde ontwikkelingsruimte
AERIUSB CALCULATOR
Witte Veen Habitattype
Hectare met hoogste verschil Situatie 1
Situatie 2
Verschil *
H4010A Vochtige heiden (hogere zandgronden)
0,63
0,81
+ 0,18
H4030 Droge heiden
0,57
0,74
+ 0,17
H3160 Zure vennen
0,48
0,60
+ 0,13
H3130 Zwakgebufferde vennen
0,39
0,51
+ 0,12
H91D0 Hoogveenbossen
0,43
0,55
+ 0,11
H7110B Actieve hoogvenen (heideveentjes)
0,40
0,51
+ 0,11
ZGH4010A Vochtige heiden (hogere zandgronden)
0,38
0,48
+ 0,10
Stelkampsveld Habitattype
Benodigde ontwikkelingsruimte
Hectare met hoogste verschil Situatie 1
Situatie 2
Verschil *
H91E0C Vochtige alluviale bossen (beekbegeleidende bossen)
0,68
0,81
+ 0,13
H4010A Vochtige heiden (hogere zandgronden)
0,61
0,72
+ 0,12
H4030 Droge heiden
0,57
0,67
+ 0,10
H3130 Zwakgebufferde vennen
0,55
0,65
+ 0,10
H7150 Pioniervegetaties met snavelbiezen
0,49
0,57
+ 0,08
H6230vka Heischrale graslanden, vochtig kalkarm
0,41
0,49
+ 0,08
H6410 Blauwgraslanden
0,35
0,43
+ 0,07
H7230 Kalkmoerassen
0,35
0,43
+ 0,07
Vigerend
voornemen
RRsVfHpR73TC (23 oktober 2018) pagina 10/38
Benodigde ontwikkelingsruimte
AERIUSB CALCULATOR
Bekendelle Habitattype
Hectare met hoogste verschil Situatie 1
Situatie 2
Verschil
H9120 Beuken-eikenbossen met hulst
0,53
0,65
+ 0,12
H9160A Eiken-haagbeukenbossen (hogere zandgronden)
0,51
0,62
+ 0,12
H91E0C Vochtige alluviale bossen (beekbegeleidende bossen)
0,51
0,62
+ 0,12
Willinks Weust Habitattype
Benodigde ontwikkelingsruimte
Hectare met hoogste verschil Situatie 1
Situatie 2
Verschil
H9160A Eiken-haagbeukenbossen (hogere zandgronden)
0,47
0,58
+ 0,12
H9120 Beuken-eikenbossen met hulst
0,47
0,58
+ 0,12
H5130 Jeneverbesstruwelen
0,41
0,51
+ 0,10
H6410 Blauwgraslanden
0,41
0,51
+ 0,10
H6230vka Heischrale graslanden, vochtig kalkarm
0,41
0,51
+ 0,10
Vigerend
voornemen
RRsVfHpR73TC (23 oktober 2018) pagina 11/38
Benodigde ontwikkelingsruimte
AERIUSB CALCULATOR
Aamsveen Habitattype
Benodigde ontwikkelingsruimte
Hectare met hoogste verschil Situatie 1
Situatie 2
Verschil ’
H91E0C Vochtige alluviale bossen (beekbegeleidende bossen)
0,37
0,48
+ 0,11
H9120 Beuken-eikenbossen met hulst
0,37
0,48
+ 0,11
ZGH91E0C Vochtige alluviale bossen (beekbegeleidende bossen)
0,37
0,48
+ 0,11
H7120ah Herstellende hoogvenen, actief hoogveen
0,36
0,46
+ 0,10
H3130 Zwakgebufferde vennen
0,34
0,43
+ 0,10
H4010A Vochtige heiden (hogere zandgronden)
0,33
0,42
+ 0,10
H6410 Blauwgraslanden
0,30
0,39
+ 0,09
H7150 Pioniervegetaties met snavelbiezen
0,29
0,37
+ 0,08
H6230vka Heischrale graslanden, vochtig kalkarm
0,29
0,37
+ 0,08
ZGH7120ah Herstellende hoogvenen, actief hoogveen
0,26
0,34
+ 0,08
H4030 Droge heiden
0,21
0,28
+ 0,07
H7110A Actieve hoogvenen (hoogveenlandschap)
0,22
0,28
+ 0,06
Vigerend
voornemen
RRsVfHpR73TC (23 oktober 2018) pagina 12/38
Benodigde ontwikkelingsruimte
AERIUSB CALCULATOR
Lonnekermeer Habitattype
Hectare met hoogste verschil Situatie 1
Situatie 2
Verschil *
H4030 Droge heiden
0,36
0,46
+ 0,10
H4010A Vochtige heiden (hogere zandgronden)
0,36
0,46
+ 0,10
H3160 Zure vennen
0,36
0,46
+ 0,10
H6410 Blauwgraslanden
0,33
0,43
+ 0,10
H3130 Zwakgebufferde vennen
0,31
0,41
+ 0,09
H7150 Pioniervegetaties met snavelbiezen
0,25
0,32
+ 0,07
H6230vka Heischrale graslanden, vochtig kalkarm
0,23
0,29
+ 0,07
Borkeld Habitattype
Benodigde ontwikkelingsruimte
Hectare met hoogste verschil Situatie 1
Situatie 2
Verschil *
H5130 Jeneverbesstruwelen
0,28
0,37
+ 0,08
H4030 Droge heiden
0,27
0,35
+ 0,08
H2310 Stuifzandheiden met struikhei
0,25
0,33
+ 0,07
H6230vka Heischrale graslanden, vochtig kalkarm
0,22
0,29
+ 0,06
H4010A Vochtige heiden (hogere zandgronden)
0,15
0,18
+ 0,04
H7150 Pioniervegetaties met snavelbiezen
0,12
0,15
+ 0,03
H3160 Zure vennen
0,11
0,14
+ 0,03
Vigerend
voornemen
RRsVfHpR73TC (23 oktober 2018) pagina 13/38
Benodigde ontwikkelingsruimte
AERIUSB CALCULATOR
Landgoederen Oldenzaal Habitattype
Benodigde ontwikkelingsruimte
Hectare met hoogste verschil Situatie 1
Situatie 2
Verschil *
H9120 Beuken-eikenbossen met hulst
0,28
0,36
+ 0,08
H9160A Eiken-haagbeukenbossen (hogere zandgronden)
0,26
0,34
+ 0,08
ZGH9120 Beuken-eikenbossen met hulst
0,27
0,35
+ 0,08
H91E0C Vochtige alluviale bossen (beekbegeleidende bossen)
0,26
0,34
+ 0,08
ZGH9160A Eiken-haagbeukenbossen (hogere zandgronden)
0,19
0,24
+ 0,06
H9999:50 Habitattype onbekend/onzeker KDW op basis meest kritische aangewezen type (H4030)
0,17
0,22
+ ^05
Vigerend
voornemen
RRsVfHpR73TC (23 oktober 2018) pagina 14/38
Benodigde ontwikkelingsruimte
AERIUSB CALCULATOR
Dinkelland Habitattype
Benodigde ontwikkelingsruimte
Hectare met hoogste verschil Situatie 1
Situatie 2
Verschil *
H91E0C Vochtige alluviale bossen (beekbegeleidende bossen)
0,22
0,29
+ 0,07
ZGH91E0C Vochtige alluviale bossen (beekbegeleidende bossen)
0,19
0,24
+ 0,06
H6120 Stroomdalgraslanden
0,17
0,22
+ ^05
H4030 Droge heiden
0,16
0,21
+ 0,05
H4010A Vochtige heiden (hogere zandgronden)
0,16
0,21
+ 0,05
H7150 Pioniervegetaties met snavelbiezen
0,16
0,21
+ 0,05
H9999:49 Habitattype onbekend/onzeker KDW op basis meest kritische aangewezen type (H3130)
0,12
0,16
+ 0,04
ZGH4010A Vochtige heiden (hogere zandgronden)
0,12
0,15
+ 0,04
H6410 Blauwgraslanden
0,12
0,16
+ 0,04
H3130 Zwakgebufferde vennen
0,11
0,15
+ 0,03
ZGH6410 Blauwgraslanden
0,11
0,14
+ 0,03
ZGH4030 Droge heiden
0,10
0,13
+ 0,03
Vigerend
voornemen
RRsVfHpR73TC (23 oktober 2018) pagina 15/38
Benodigde ontwikkelingsruimte
AERIUSB CALCULATOR
Lemselermaten Habitattype
Hectare met hoogste verschil Situatie 1
Situatie 2
Verschil *
H91E0C Vochtige alluviale bossen (beekbegeleidende bossen)
0,22
0,29
+ 0,07
H4010A Vochtige heiden (hogere zandgronden)
0,20
0,26
+ 0,06
H7150 Pioniervegetaties met snavelbiezen
0,20
0,26
+ 0,06
H7230 Kalkmoerassen
0,19
0,25
+ 0,06
H6410 Blauwgraslanden
0,19
0,25
+ 0,06
Lg05 Grote-zeggenmoeras
0,19
0,25
+ 0,06
ZGH6410 Blauwgraslanden
0,19
0,24
+ 0,06
H6230vka Heischrale graslanden, vochtig kalkarm
0,15
0,19
+ 0,04
Wooldse Veen Habitattype
Benodigde ontwikkelingsruimte
Hectare met hoogste verschil Situatie 1
Situatie 2
Verschil *
H7120ah Herstellende hoogvenen, actief hoogveen
0,26
0,32
+ 0,07
H6230 Heischrale graslanden
0,19
0,23
+ 0,04
H7110A Actieve hoogvenen (hoogveenlandschap)
0,17
0,21
+ 0,04
Vigerend
voornemen
RRsVfHpR73TC (23 oktober 2018) pagina 16/38
Benodigde ontwikkelingsruimte
AERIUSB CALCULATOR
Achter de Voort, Agelerbroek b Voltherbroek Habitattype
Hectare met hoogste verschil Situatie 1
Situatie 2
Verschil *
H91E0C Vochtige alluviale bossen (beekbegeleidende bossen)
0,20
0,26
+ 0,06
H9160A Eiken-haagbeukenbossen (hogere zandgronden)
0,20
0,26
+ 0,06
H6410 Blauwgraslanden
0,18
0,23
+ ^05
H3130 Zwakgebufferde vennen
0,17
0,22
+ >0,05
Sallandse Heuvelrug Habitattype
Benodigde ontwikkelingsruimte
Hectare met hoogste verschil Situatie 1
Situatie 2
Verschil *
H4030 Droge heiden
0,17
0,23
+ ^05
Lg13 Bos van arme zandgronden
0,16
0,21
+ ^05
H5130 Jeneverbesstruwelen
0,12
0,16
+ 0,05
H6230vka Heischrale graslanden, vochtig kalkarm
0,13
0,17
+ 0,04
H4010A Vochtige heiden (hogere zandgronden)
0,11
0,15
+ 0,04
H9999:42 Habitattype onbekend/onzeker KDW op basis meest kritische aangewezen type (H6230;H2330;H3160;H6230)
0,10
0,14
+ 0,04
Lg14 Eiken- en beukenbos van lemige zandgronden
0,10
0,14
+ 0,03
H7110B Actieve hoogvenen (heideveentjes)
0,09
0,13
+ 0,03
Lg09 Droog struisgrasland
0,07
0,09
+ 0,02
Vigerend
voornemen
RRsVfHpR73TC (23 oktober 2018) pagina 17/38
Benodigde ontwikkelingsruimte
AERIUSB CALCULATOR
Rijntakken Habitattype
Benodigde ontwikkelingsruimte
Hectare met hoogste verschil Situatie i
Situatie 2
Verschil *
Lgii Kamgrasweide b Bloemrijk weidevogelgrasland van het rivieren- en zeekleigebied
0,i7
0,22
+ 0,05
ZGH91E0B Vochtige alluviale bossen (esseniepenbossen)
0,ii
0,i5
+ 0,04
ZGLgii Kamgrasweide b Bloemrijk weidevogelgrasland van het rivieren- en zeekleigebied
0,i2
0,i5
+ 0,03
ZGLg07 Dotterbloemgrasland van veen en klei
0,09
0,i2
+ 0,03
Lgo8 Nat, matig voedselrijk grasland
0,09
0,ii
+ 0,03
Lg02 Geïsoleerde meander en petgat
0,08
0,i0
+ 0,02
ZGLg02 Geïsoleerde meander en petgat
0,07
0,i0
+ 0,02
ZGH91F0 Droge hardhoutooibossen
0,09
0,ii
+ 0,02 (-)
H3i50baz Meren met krabbenscheer en fonteinkruiden, buiten afgesloten zeearmen
0,07
0,09
+ 0,02
H9iF0 Droge hardhoutooibossen
0,08
0,i0
+ 0,02
H9iE0B Vochtige alluviale bossen (essen-iepenbossen)
0,08
0,i0
+ 0,02
ZGLg08 Nat, matig voedselrijk grasland
0,07
0,09
+ 0,02
H6i20 Stroomdalgraslanden
0,07
0,09
+ 0,02
H65i0A Glanshaver- en vossenstaarthooilanden (glanshaver)
0,07
0,09
+ 0,02
H65i0B Glanshaver- en vossenstaarthooilanden (grote vossenstaart)
0,07
0,09
+ 0,02
ZGH3i50baz Meren met krabbenscheer en fonteinkruiden, buiten afgesloten zeearmen
0,06
0,08
+ 0,02 (-)
H6430C Ruigten en zomen (droge bosranden)
0,04
0,06
+ 0,02
Vigerend voornemen
RRsVfHpR73TC (23 oktober 2018) pagina 18/38
Benodigde ontwikkelingsruimte
AERIUSB CALCULATOR
Springendal b Dal van de Mosbeek Habitattype
Benodigde ontwikkelingsruimte
Hectare met hoogste verschil Situatie 1
Situatie 2
Verschil *
H4030 Droge heiden
0,16
0,21
+ 0,05
H5130 Jeneverbesstruwelen
0,16
0,20
+ 0,05
H91E0C Vochtige alluviale bossen (beekbegeleidende bossen)
0,15
0,20
+ 0,05
Lg01 Permanente bron 0 Langzaam stromende bovenloop
0,15
0,19
+ 0,04
H9999:45 Habitattype onbekend/onzeker KDW op basis meest kritische aangewezen type (H6230)
0,15
0,19
+ 0,04
ZGH6410 Blauwgraslanden
0,14
0,18
+ 0,04
H9120 Beuken-eikenbossen met hulst
0,14
0,18
+ 0,04
ZGH91E0C Vochtige alluviale bossen (beekbegeleidende bossen)
0,14
0,18
+ 0,04
H6410 Blauwgraslanden
0,12
0,16
+ 0,04
H7140A Overgangs- en trilvenen (trilvenen)
0,12
0,15
+ 0,03
H4010A Vochtige heiden (hogere zandgronden)
0,12
0,15
+ 0,03
H6230vka Heischrale graslanden, vochtig kalkarm
0,12
0,15
+ 0,03
ZGH4030 Droge heiden
0,11
0,14
+ 0,03
ZGH4010A Vochtige heiden (hogere zandgronden)
0,11
0,14
+ 0,03
ZGH7140A Overgangs- en trilvenen (trilvenen)
0,10
0,13
+ 0,03
ZGH6230vka Heischrale graslanden, vochtig kalkarm
0,09
0,12
+ 0,03
H7230 Kalkmoerassen
0,09
0,11
+ 0,03
H7150 Pioniervegetaties met snavelbiezen
0,09
0,11
+ 0,02
Vigerend
voornemen
RRsVfHpR73TC (23 oktober 2018) pagina 19/38
Benodigde ontwikkelingsruimte
AERIUSB CALCULATOR
Bergvennen b Brecklenkampse Veld Habitattype
Benodigde ontwikkelingsruimte
Hectare met hoogste verschil Situatie 1
Situatie 2
Verschil ’
H5130 Jeneverbesstruwelen
0,14
0,19
+ 0,04
H7150 Pioniervegetaties met snavelbiezen
0,13
0,17
+ 0,04
H4030 Droge heiden
0,13
0,17
+ 0,04
H3110 Zeer zwakgebufferde vennen
0,13
0,17
+ 0,04
H3130 Zwakgebufferde vennen
0,13
0,16
+ 0,04
H4010A Vochtige heiden (hogere zandgronden)
0,12
0,16
+ 0,04
H6410 Blauwgraslanden
0,12
0,16
+ 0,04
H7230 Kalkmoerassen
0,11
0,15
+ 0,03
H6230vka Heischrale graslanden, vochtig kalkarm
0,10
0,14
+ 0,03
H91D0 Hoogveenbossen
0,10
0,13
+ 0,03
H2320 Binnenlandse kraaiheibegroeiingen
0,09
0,11
+ 0,03
Vigerend
voornemen
RRsVfHpR73TC (23 oktober 2018) pagina 20/38
Benodigde ontwikkelingsruimte
AERIUSB CALCULATOR
Veluwe Habitattype
Benodigde ontwikkelingsruimte
Hectare met hoogste verschil Situatie 1
Situatie 2
Verschil *
Lgi4 Eiken- en beukenbos van lemige zandgronden
0,14
0,19
+ 0,04
ZGLgi4 Eiken- en beukenbos van lemige zandgronden
0,14
0,19
+ 0,04
H9120 Beuken-eikenbossen met hulst
0,15
0,19
+ 0,04
H9190 Oude eikenbossen
0,14
0,18
+ 0,04
Lg13 Bos van arme zandgronden
0,14
0,18
+ 0,04
ZGLg13 Bos van arme zandgronden
0,13
0,17
+ 0,04
ZGL4030 Droge heiden
0,12
0,16
+ 0,04
L4030 Droge heiden
0,11
0,15
+ 0,04
ZGLg01 Permanente bron & Langzaam stromende bovenloop
0,11
0,15
+ 0,04
H2310 Stuifzandheiden met struikhei
0,11
0,15
+ 0,04
Lg01 Permanente bron & Langzaam stromende bovenloop
0,10
0,14
+ 0,03
H4030 Droge heiden
0,10
0,14
+ 0,03
Lg09 Droog struisgrasland
0,10
0,13
+ 0,03
ZGLg09 Droog struisgrasland
0,09
0,12
+ 0,03
H2330 Zandverstuivingen
0,08
0,11
+ 0,03
H5130 Jeneverbesstruwelen
0,08
0,11
+ 0,03
H6230vka Heischrale graslanden, vochtig kalkarm
0,08
0,11
+ 0,03
H7150 Pioniervegetaties met snavelbiezen
0,07
0,10
+ 0,02
ZGH2310 Stuifzandheiden met struikhei
0,06
0,08
+ 0,02
Vigerend voornemen
RRsVfHpR73TC (23 oktober 2018) pagina 21/38
Benodigde ontwikkelingsruimte
AERIUSB CALCULATOR
Habitattype
Hectare met hoogste verschil Situatie 1
Situatie 2
Verschil *
ZGH9120 Beuken-eikenbossen met hulst
0,06
0,08
+ 0,02
H91E0C Vochtige alluviale bossen (beekbegeleidende bossen)
0,06
0,08
+ 0,02
H2320 Binnenlandse kraaiheibegroeiingen
^05
0,07
+ 0,02
H4010A Vochtige heiden (hogere zandgronden)
^05
0,07
+ 0,02
H3130 Zwakgebufferde vennen
^05
0,07
+ 0,02
H3160 Zure vennen
0,05
0,07
+ 0,02
ZGH4030 Droge heiden
0,05
0,06
+ 0,02
H7110B Actieve hoogvenen (heideveentjes)
0,04
0,06
+ 0,01
ZGH4010A Vochtige heiden (hogere zandgronden)
0,04
^05
+ 0,01
Landgoederen Brummen Habitattype
Benodigde ontwikkelingsruimte
Hectare met hoogste verschil Situatie 1
Situatie 2
Verschil *
H91E0C Vochtige alluviale bossen (beekbegeleidende bossen)
0,13
0,17
+ 0,04
H9120 Beuken-eikenbossen met hulst
0,13
0,17
+ 0,04
H6230vka Heischrale graslanden, vochtig kalkarm
0,11
0,15
+ 0,04
H6410 Blauwgraslanden
0,10
0,13
+ 0,03
H7150 Pioniervegetaties met snavelbiezen
0,10
0,13
+ 0,03
H3130 Zwakgebufferde vennen
0,08
0,11
+ 0,03
H4010A Vochtige heiden (hogere zandgronden)
0,06
0,09
+ 0,02
ZGH3130 Zwakgebufferde vennen
0,04
0,06
+ 0,01
Vigerend
voornemen
RRsVfHpR73TC (23 oktober 2018) pagina 22/38
Benodigde ontwikkelingsruimte
AERIUSB CALCULATOR
Wierdense Veld Habitattype
Hectare met hoogste verschil Situatie 1
Situatie 2
Verschil *
H7i2oah Herstellende hoogvenen, actief hoogveen
0,13
0,16
+ 0,04
H6230 Heischrale graslanden
0,08
0,10
+ 0,02
H4030 Droge heiden
0,07
0,09
+ 0,02
H7110A Actieve hoogvenen (hoogveenlandschap)
0,07
0,09
+ 0,02
Engbertsdijksvenen Habitattype
Hectare met hoogste verschil Situatie 1
Situatie 2
Verschil *
H7120ah Herstellende hoogvenen, actief hoogveen
0,12
0,16
+ 0,04
H4030 Droge heiden
0,07
0,09
+ 0,02
H7110A Actieve hoogvenen (hoogveenlandschap)
^,05
0,07
+ 0,02
Boetelerveld Habitattype
Benodigde ontwikkelingsruimte
Hectare met hoogste verschil Situatie 1
Situatie 2
Verschil *
H4010A Vochtige heiden (hogere zandgronden)
0,09
0,12
+ 0,03
H7150 Pioniervegetaties met snavelbiezen
0,09
0,13
+ 0,03
ZGH3130 Zwakgebufferde vennen
0,09
0,12
+ 0,03
H5130 Jeneverbesstruwelen
0,09
0,12
+ 0,03
H3130 Zwakgebufferde vennen
0,09
0,11
+ 0,03
H6410 Blauwgraslanden
^05
0,07
+ 0,02
H6230vka Heischrale graslanden, vochtig kalkarm
^05
0,07
+ 0,02
Vigerend
voornemen
RRsVfHpR73TC (23 oktober 2018) pagina 23/38
Benodigde ontwikkelingsruimte
AERIUSB CALCULATOR
Vecht- en Beneden-Reggegebied Habitattype
Benodigde ontwikkelingsruimte
Hectare met hoogste verschil Situatie 1
Situatie 2
Verschil *
H9120 Beuken-eikenbossen met hulst
0,08
0,11
+ 0,03
H4030 Droge heiden
0,08
0,11
+ 0,03
H2330 Zandverstuivingen
0,08
0,11
+ 0,03
H999939 Habitattype onbekend/onzeker KDW op basis meest kritische aangewezen type (H7120)
0,08
0,11
+ 0,03
H9190 Oude eikenbossen
0,08
0,11
+ 0,03
ZGH9120 Beuken-eikenbossen met hulst
0,08
0,11
+ 0,03
H5130 Jeneverbesstruwelen
0,08
0,10
+ 0,03
H2310 Stuifzandheiden met struikhei
0,08
0,10
+ 0,03
ZGH2310 Stuifzandheiden met struikhei
0,08
0,10
+ 0,03
H4010A Vochtige heiden (hogere zandgronden)
0,08
0,10
+ 0,02
ZGH2330 Zandverstuivingen
0,08
0,10
+ 0,02
H3160 Zure vennen
0,07
0,09
+ 0,02
H7110B Actieve hoogvenen (heideveentjes)
0,07
0,09
+ 0,02
H91E0C Vochtige alluviale bossen (beekbegeleidende bossen)
0,07
0,09
+ 0,02
H6120 Stroomdalgraslanden
0,07
0,09
+ 0,02
ZGH4010A Vochtige heiden (hogere zandgronden)
0,07
0,09
+ 0,02
ZGH4030 Droge heiden
0,07
0,09
+ 0,02
H7150 Pioniervegetaties met snavelbiezen
0,07
0,09
+ 0,02
H7140A Overgangs- en trilvenen (trilvenen)
0,07
0,09
+ 0,02
Vigerend voornemen
RRsVfHpR73TC (23 oktober 2018) pagina 24/38
Benodigde ontwikkelingsruimte
AERIUSB CALCULATOR
Habitattype
Hectare met hoogste verschil Situatie 1
Situatie 2
Verschil *
Lg02 Geïsoleerde meander en petgat
0,07
0,09
+ 0,02
H7i2oah Herstellende hoogvenen, actief hoogveen
0,06
0,08
+ 0,02
H6230vka Heischrale graslanden, vochtig kalkarm
0,06
0,08
+ 0,02
ZGH7120ah Herstellende hoogvenen, actief hoogveen
0,06
0,08
+ 0,02
Lg08 Nat, matig voedselrijk grasland
0,05
0,06
+ 0,02
ZGH91E0C Vochtige alluviale bossen (beekbegeleidende bossen)
0,04
0,06
+ 0,01
ZGH6120 Stroomdalgraslanden
0,04
^05
+ 0,01
Bargerveen Habitattype
Benodigde ontwikkelingsruimte
Hectare met hoogste verschil Situatie 1
Situatie 2
Verschil *
H7120ah Herstellende hoogvenen, actief hoogveen
0,04
0,06
+ 0,02
ZGH7120ah Herstellende hoogvenen, actief hoogveen
0,05
0,06
+ 0,02
Lg08 Nat, matig voedselrijk grasland
0,05
0,06
+ 0,01
Lg10 Kamgrasweide & Bloemrijk weidevogelgrasland van het zand- en veengebied
0,04
0,06
+ 0,01
H6230vka Heischrale graslanden, vochtig kalkarm
0,04
^05
+ 0,01
ZGH6230vka Heischrale graslanden, vochtig kalkarm
0,04
^05
+ 0,01
Vigerend
voornemen
RRsVfHpR73TC (23 oktober 2018) pagina 25/38
Benodigde ontwikkelingsruimte
AERIUSB CALCULATOR
Sint Jansberg Habitattype
Hectare met hoogste verschil Situatie 1
Situatie 2
Verschil *
H9120 Beuken-eikenbossen met hulst
0,04
0,06
+ 0,02
ZGH9120 Beuken-eikenbossen met hulst
0,04
0,06
+ 0,02
H91E0C Vochtige alluviale bossen (beekbegeleidende bossen)
0,05
0,06
+ 0,02
H7210 Galigaanmoerassen
0,04
0,06
+ 0,01
Lg05 Grote-zeggenmoeras
0,04
0,06
+ 0,01
Maasduinen Habitattype
Hectare met hoogste verschil Situatie 1
Situatie 2
Verschil *
Lg14 Eiken- en beukenbos van lemige zandgronden
0,05
0,06
+ 0,01
Lg03 Zwakgebufferde sloot
0,04
0,06
+ 0,01
L4030 Droge heiden
0,04
^05
+ 0,01
H3160 Zure vennen
0,04
^05
+ 0,01
H4030 Droge heiden
0,04
^05
+ 0,01
ZGH9190 Oude eikenbossen
0,04
^05
+ 0,01
H9120 Beuken-eikenbossen met hulst
0,04
^05
+ 0,01
H4010A Vochtige heiden (hogere zandgronden)
0,04
^05
+ 0,01
Zeldersche Driessen Habitattype
H9120 Beuken-eikenbossen met hulst
Benodigde ontwikkelingsruimte
Vigerend
voornemen
Hectare met hoogste verschil Situatie 1
Situatie 2
Verschil *
0,04
^05
+ 0,01
RRsVfHpR73TC (23 oktober 2018) pagina 26/38
AERIUSB CALCULATOR
*
Benodigde ontwikkelingsruimte
Benodigde ontwikkelingsruimte
Als de hoogste depositietoename plaatsvindt op een hexagoon waar géén sprake is van een (naderende) stikstofoverbelasting, dan is de hoogste toename op een hexagoon met wel een (naderende) stikstofoverbelasting tussen haakjes aangegeven.
Vigerend
voornemen
RRsVfHpR73TC (23 oktober 2018) pagina 27/38
Benodigde ontwikkelingsruimte
AERIUSB CALCULATOR
Resultaten resterende gebieden (mol/ha/j)
Benodigde ontwikkelingsruimte
Natuurgebied
Hectare met hoogste verschil Situatie 1
Situatie 2
Verschil *
Zwillbrocker Venn u. Ellewicker Feld
3,02
3,57
+ 0,55 (-)
Vogelschutzgebiet 'Moore und Heiden des westlichen Münsterlandes
3,02
3,57
+ 0,55 (-)
Witte Venn, Krosewicker Grenzwald
1,56
1,93
+ 0,36 (-)
Lüntener Fischteich u. Ammeloer Venn
0,97
1,22
+ 0,25 (-)
Berkel
0,70
0,87
+ 0,18 (-)
Schwattet Gatt
0,59
0,76
+ 0,17 (-)
Wacholderheide Hörsteloe
0,38
0,48
+ 0,11 (-)
Amtsvenn u. Hündfelder Moor
0,36
0,47
+ 0,11 (-)
Graeser Venn - Gut Moorhof
0,30
0,41
+ 0,11 (-)
Eper-Graeser Venn/ Lasterfeld
0,30
0,39
+ 0,09 (-)
Burlo-Vardingholter Venn und Entenschlatt
0,29
0,37
+ 0,08 (-)
Liesner Wald
0,23
0,30
+ 0,08 (-)
Gildehauser Venn
0,24
0,31
+ 0,07 (-)
RüenbergerVenn
0,23
0,30
+ 0,07 (-)
Bentheimer Wald
0,22
0,29
+ 0,06 (-)
Vogelschutzgebiet 'Unterer Niederrhein'
0,19
0,24
+ >0,05 (-)
NSG Bienener Altrhein, Millinger u. Hurler Meer u. NSG Empeler M
0,19
0,24
+ >0,05 (-)
Dornicksche Ward
0,18
0,23
+ 0,05 (-)
Kleingewässer Achterberg
0,16
0,21
+ 0,05 (-)
Rhein-Fischschutzzonen zwischen Emmerich und Bad Honnef
0,17
0,21
+ 0,04 (-)
Vigerend voornemen
RRsVfHpR73TC (23 oktober 2018) pagina 28/38
Benodigde ontwikkelingsruimte
AERIUSB CALCULATOR
Natuurgebied
Benodigde ontwikkelingsruimte
Hectare met hoogste verschil Situatie 1
Situatie 2
Verschil ’
Fürstenkuhle im Weissen Venn
0,12
0,16
+ 0,04
Felsbachaue
0,13
0,17
+ 0,04
Hügelgräberheide Halle-Hesingen
0,14
0,19
+ 0,04
Tillenberge
0,14
0,18
+ 0,04
Herrenholz und Schöppinger Berg
0,14
0,18
+ 0,04
Harskamp
0,12
0,16
+ 0,04
Itterbecker Heide
0,14
0,18
+ 0,04
Samerrott
0,11
0,15
+ 0,04
VSG Feuchtwiesen im nördlichen Münsterland
0,13
0,17
+ 0,04
NSG Emmericher Ward
0,14
0,18
+ 0,04
Wisseler Dünen
0,14
0,18
+ 0,04
Wald bei Haus Burlo
0,11
0,15
+ 0,04
Sundern
0,11
0,14
+ 0,04
Engdener Wüste
0,11
0,15
+ 0,04
Heseper Moor, Engdener Wüste
0,11
0,14
+ 0,04
Alter Bierkeller bei Ochtrup
0,12
0,15
+ 0,03
Bachsystem des Wienbaches
0,12
0,15
+ 0,03
Stollen im Rothenberg bei Wettringen
0,11
0,14
+ 0,03
Feuchtwiese Ochtrup
0,11
0,15
+ 0,03
NSG Salmorth, nur Teilfläche
0,12
0,15
+ 0,03
Vigerend
voornemen
RRsVfHpR73TC (23 oktober 2018) pagina 29/38
Benodigde ontwikkelingsruimte
AERIUSB CALCULATOR
Natuurgebied
Benodigde ontwikkelingsruimte
Hectare met hoogste verschil Situatie 1
Situatie 2
Verschil '
VSG 'Heubachniederung, Lavesumer Bruch und Borkenberge'
0,09
0,12
+ 0,03
Kranenmeer
0,10
0,13
+ 0,03
Weiher am Syenvenn
0,11
0,14
+ 0,03
Vechte
0,10
0,13
+ 0,03
Roruper Holz mit Kestenbusch
0,09
0,12
+ 0,03
Ems
0,09
0,12
+ 0,03
Schnippenpohl
0,10
0,13
+ 0,03
Diersfordter Wald/ Schnepfenberg
0,09
0,12
+ 0,03
Grosses Veen
0,08
0,11
+ 0,03
Üfter Mark
0,08
0,11
+ 0,03
Syen-Venn
0,10
0,12
+ 0,03
Gutswald Stovern
0,08
0,11
+ 0,03
Dämmer Wald
0,08
0,11
+ 0,03
Weides Venn / Geisheide
0,09
0,11
+ 0,03
Lichtenhagen
0,08
0,11
+ 0,03
Dalum-Wietmarscher Moor und Georgsdorfer Moor
0,08
0,11
+ 0,03
Lippeaue
0,08
0,10
+ 0,03
Schwarzes Wasser
0,08
0,10
+ 0,03
Ahlder Pool
0,09
0,11
+ 0,03
Salzbrunnen am Rothenberg
0,08
0,11
+ 0,03
Vigerend voornemen
RRsVfHpR73TC (23 oktober 2018) pagina 30/38
Benodigde ontwikkelingsruimte
AERIUSB CALCULATOR
Natuurgebied
Benodigde ontwikkelingsruimte