CConstaterende datOost Gelre
Koppel je AI →
Document · PDF

verslag raad 8 9 juni 2021

Gemeenteraad 6 juli 2021, gemeente Oost GelreBij agendapunt: Verslag van de raadsvergadering d.d. 8 en 9 juni 202116.870 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

Verslag van de digitale raadsvergadering van de gemeente Oost Gelre, gehouden op dinsdag 8 juni 2021 Voorzitter Griffier Aanwezige wethouders

: : :

Aanwezige raadsleden

:

Afwezig met kennisgeving Notulist

: :

Burgemeester A.H. Bronsvoort De heer J. Vinke Mevrouw M.G. Frank en de heren K.J.M. Bonsen, J.B.M. Hoenderboom en B.T.M. Porskamp CDA: mevrouw C.M.M. Heming-Borgijink en de heren N.A. Bragt, T.B.M. Krabben, R.W.M. Krabbenborg, D.J.H. van Loon, W.J.W.M. Leemreize en R.H.M. Plaggenburg D66: de heer R. van der Meulen NLOG: de heer G.C.M. Klein Gunnewiek OOG: mevrouw A.H.J. Konings-Penterman en de heren R. Hoijtink, F. Jansen en R.W. Willering OLW: P.J.M. Wallerbos PvdA: mevrouw A.T.M. Donderwinkel en de heer R.M.J. Klein Tank VVD: de dames A.F. Algera-Dorenbos en E.E.M. Dusseldorp en de heren F.B. Boschker, K. Porskamp en A.A.W. Wopereis De heer T.J.H.M. Delfgaauw (Notuleerservice Nederland)

1.

Opening en mededelingen De voorzitter opent deze digitale raadsvergadering om 19.30 uur met een woord van welkom aan de raad, het college, de ambtenaren, de griffie, de pers en de kijkers thuis. Zij trekt de lootjes voor de sprekersvolgorde en de hoofdelijke stemming. Er is geen mededeling, behalve de melding dat de uiterste tijd van deze vergadering 23.00 uur zal zijn.

2.

Vaststelling agenda De voorzitter licht de agenda toe. De agenda wordt ongewijzigd vastgesteld.

3.

Spreekgelegenheid toehoorders De voorzitter zegt dat er insprekers zijn bij punt 7.

4.

Actielijst toezeggingen De voorzitter geeft aan welke wijzigingen in de lijst zijn opgetreden: • over de prestatieafspraken is een memo verschenen; • de andere punten blijven staan. De raad gaat akkoord met deze wijzigingen en stelt de lijst vast.

5a.

Verslag van de raadsvergadering van 11 mei 2021 Dit verslag wordt ongewijzigd vastgesteld.

5b.

Verslag van de raadsvergadering van 18 mei 2021 Dit verslag wordt eveneens ongewijzigd vastgesteld.

6.

Vragenuur De heer Hoijtink In het najaar van 2020 heeft de OOG-fractie al eens aandacht gevraagd voor de grote hoeveelheid (lees)werk waarmee de raadsleden worden opgezadeld. Toen was het antwoord van de portefeuillehouder dat de hoeveelheid toen slechts sporadisch

was. Een eenmanspartij adviseerde toen om alleen de collegevoorstellen te lezen. Zich niet realiserende dat deze daarmee de derde macht aan het roer zet. Vorige maand zijn op aandrang van de OOG-fractie agendapunten doorgeschoven. Deze punten komen morgenavond aan de orde. 1. Denkt het college dat dit doorschuiven een verlichting van de werkzaamheden geeft of heeft gegeven? De weekpost van week 20 en 21 stond bol van de memo’s en andere stukken. Daarbij komen dan nog de stukken naar aanleiding van vragen tijdens de vergaderingen en ingekomen stukken die ook betrekking hebben op projecten die in Oost Gelre worden gerealiseerd. Deze stukken komen vaak te laat om nog in de fractievergadering te kunnen worden besproken. Dit maakt het voor raadsleden niet gemakkelijker om de raadsvoorstellen goed te kunnen beoordelen en besluiten, terwijl dat toch een eerste vereiste is. 2. Heeft het college sinds het begin van dit jaar al een inventarisatie gemaakt van de hoeveelheid werk dat een raadslid aan zijn taak moet besteden om, zonder last en ruggenspraak op persoonlijke titel, zijn werkzaamheden; fractiebijeenkomsten, commissievergaderingen, raadsvergaderingen, themabijeenkomsten et cetera, adequaat uit te kunnen voeren? 3. Zo ja, wat is hiervan de uitkomst? 4. Indien niet: gaat het college dit nog doen? Portefeuillehouder Bronsvoort antwoordt dat er veel werk ligt voor de raad.

Het werk en de complexiteit is toegenomen. De ondersteuning is daarbij achtergebleven. Er is geen sprake van verlichting van het werk. Wel heeft het doorschuiven gezorgd voor een betere planning en daarmee een betere spreiding van de raadswerkzaamheden. Het college heeft geen inventarisatie gemaakt en denkt dat dit het probleem niet oplost. Wel wordt steeds in het presidium de agendering van de raadstukken en de thema-avonden besproken. Er zijn meerdere niveaus waarop de werkbelasting besproken zou moeten worden en ook zijn er meerdere oplossingen: betere ondersteuning van de raad, misschien betere raadsvoorstellen en meer delegatie aan het college, meer accent op de hoofdlijnen en minder op de uitvoering et cetera. De heer Hoijtink zegt dat het antwoord wel erg algemeen is. Hij krijgt niet de indruk dat het college voorstellen wil doen voor een fundamentele aanpak. Met name voor de kleinere fracties wordt het erg lastig om het werk aan te kunnen. Portefeuillehouder Bronsvoort zegt dat dit probleem allereerst bij de raad thuishoort en daar ook besproken moet worden. Uiteraard kan het college meezoeken naar een oplossing. De heer Van der Meulen geeft aan dat in diverse landelijke media bericht is over de uitkomsten van het onderzoek naar de wachttijden in de jeugdzorg (zie bijvoorbeeld nieuwsbericht op nu.nl van 2 juni 2021).

Kinderen en jongeren die hulp nodig hebben, moeten gemiddeld 10 maanden wachten, voordat zij de juiste hulp kunnen krijgen. Dit geldt ook voor jeugd die ernstige en acute problemen heeft. 1. Hoe lang is de gemiddelde wachttijd voor jeugdzorg in onze gemeente? 2. Zijn de wachttijden voor specialistische hulp aan jongeren net zo lang als in de cijfers van het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) aangeven? 3. Zijn er gevallen bekend van kinderen of jongeren die in eerste instantie voor laagdrempelige hulp werden aangemeld, maar door de wachttijden voor een behandel- of zorgplek in de tussenliggende tijd qua ernst zijn opgeschaald en wellicht op nieuwe of andere wachtlijsten terechtgekomen? 4. Zijn er gevallen bekend binnen onze gemeente waarbij er binnen een gezin extra hulp moest worden ingezet, eventueel ook voor andere gezinsleden, omdat een van de kinderen langer dan gewenst moest wachten op de juiste hulp, waardoor het hele gezin ontlast werd? 5. Aanvullend een vraag over de sluiting van verschillende gespecialiseerde jeugdzorginstellingen, zoals de Hoenderloo-groep. Zijn er binnen onze gemeente kinderen of gezinnen die door de sluiting van de Hoenderloo-groep herplaatst moesten worden en, zo ja, is dat gelukt? Hij is blij met onderstaand antwoord en benadrukt dat deze wethouder heel goed zijn werk doet.

Wethouder Hoenderboom geeft aan dat de wachttijd verschilt per type zorg. Het langst is de tijd bij de specialistische GGZ-zorg, waarbij de wachttijden voor een goede aanbieder 6-9 maanden bedragen.

Er is geen budgetplafond. Dus dit aspect beïnvloedt de wachttijd niet. Het hem bekende onderzoek komt uit op een wachttijd van 10 maanden. Soms kiezen ouders voor een bepaald specialistisch aanbod en nemen dan de wachttijd op de koop toe. Bij de laagdrempelige zorg zijn er nauwelijks wachtlijsten. Op vraag 4 antwoordt hij dat naar het gezin gekeken wordt en als ondersteuning van andere kinderen nodig is, dan gebeurt dat. In Oost Gelre zijn geen kinderen herplaatst door sluiting van instellingen. De heer Wallerbos vernam recent dat de gemeente Aalten (hierna genoemd ‘Aalten’) in een afrondend besluitvormingsproces zit, waarbij uiteindelijk een uitnodigingskader wordt vastgesteld. Met dit kader wordt het voor windmolenbouwers mogelijk wordt gemaakt om binnen de gemeente Aalten alleen windmolens te plaatsen binnen de locatie ‘Hagewind’ aan de rand van Lichtenvoorde. Aalten wil het mogelijk maken om de hoogte van nieuwe windmolens ter plekke van Hagewind zo ongeveer te verdubbelen ten opzichte van de huidige windmolens. Vele omwonenden en inwoners van Lichtenvoorde hebben terecht een zienswijze ingediend op met name de negatieve impact die bijna 2x hogere windmolens gaan hebben op de leefbaarheid in Lichtenvoorde en omgeving.

Aalten lijkt met dit besluit een attitude in te nemen die wij als OLW verwerpelijk vinden, namelijk ‘we overleggen niet fatsoenlijk met onze buurgemeente en zetten grotere windmolens alleen aan de gemeentegrens, zodat Aalten de lusten heeft, maar Oost Gelre de lasten’. 1. Klopt het dat de gemeente Oost Gelre op het Aaltense uitnodigingskader geen zienswijze heeft ingediend? Zo nee, waarom niet, en waarom heeft het college de vraag of er een zienswijze had moeten worden ingediend niet voorgelegd aan onze gemeenteraad? 2. In de inspraaknotitie valt te lezen dat Aalten over dit uitnodigingskader op verschillende niveaus regelmatig contact heeft gehad met de gemeente Oost Gelre. De wethouder is daarnaast meerdere malen gewaarschuwd door gemeenteraadsleden en door burgers dat Aalten de belangen van Oost Gelre, met name die van de burgers van Lichtenvoorde, niet serieus neemt. Ook heeft de raad al in 2019 aan wethouder Porskamp gevraagd om een proactievere houding in te nemen. Wat is er de laatste jaren ambtelijk tussen Aalten en Oost Gelre besproken met betrekking tot windmolens en hoe kan het dan dat Aalten nu toch op het punt staat om een voor Oost Gelre negatief besluit te nemen, met mogelijk grote impact voor Oost Gelre en met name Lichtenvoorde? 3.

Op 9 maart heeft wethouder Porskamp aangegeven dat hij een windmoleninitiatieven-standstill in Oost Gelre wenselijk acht onder andere, omdat dit voor te veel onrust zorgde onder de bevolking. OLW is van mening dat er ook direct een standstill dient te komen voor windmolenprojecten aan onze gemeentegrens die binnen de invloedssfeer van de burgers van Oost Gelre liggen. Deelt het college onze mening? 4. Hoe vindt het college dat de volgens OLW solistische opstelling van Aalten zich verhoudt tot de Regionale Energie Strategie, waarbij immers de Achterhoekse gemeenten juist vooral zouden gaan samenwerken? 5. Wat gaat de wethouder nu doen om te voorkomen dat er aan de rand van Lichtenvoorde (inclusief nieuwbouwwijk Flierbeek) 2x zo hoge windmolens komen? In reactie op de wethouder zegt hij dat hij teleurgesteld is en vindt dat onvoldoende aandacht geschonken wordt aan de gevoelens binnen Lichtenvoorde. Wethouder Porskamp zegt dat het uitnodigingskader 2 termijnen ter inzage lag en beide keren is door het college gereageerd. Aalten heeft geantwoord dat de uitbreiding van Hagewind een bijdrage is aan de gemeentelijke en regionale doelstelling. Het college heeft zijn zorg uitgesproken, met name ook voor de inwoners van Flierbeek en de geplande uitbreiding aldaar.

Er is afstemming gezocht met Aalten, maar Aalten bepaalt de uiteindelijke ruimtelijke ordening en de kaders voor de gemeentelijke RES. Op korte termijn vindt er nog een afstemmingsoverleg plaats. Aalten stelt zich niet solistisch op.

Voor het college blijft uitgangspunt dat er nu en straks sprake moet zijn van een aanvaardbaar woon- en leefklimaat. De heer Klein Tank ondersteunt de vragen van OLW. Hij benadrukt dat het rechtmatig is om voor de belangen van de inwoners op te komen. Hij ziet graag de inspraakreacties tegemoet. De impact is op basis van scenario’s wel na te gaan. Zodra er een goede mogelijkheid is om met de PvdA-fractie hierover te spreken, zal dit gebeuren. Wethouder Porskamp zegt toe om de zienswijzen van Oost Gelre toe te sturen. Het zou goed zijn om in gesprek met de raad nieuwe kaders vast te stellen. De heer Porskamp merkt op dat de VVD haar zorgen ook met gelijkgestemden in Aalten gedeeld heeft. Hebben PvdA en OLW dat ook gedaan? De voorzitter geeft aan dat de vraag van OLW over het maaibeleid en diversiteit schriftelijk behandeld wordt. De heer Bragt vindt dat met de herinrichting de Borculoseweg er stukken op is vooruitgegaan: het groen is goed ingepast; de weg is optisch smaller gemaakt en de fietspaden zijn in rood aangemerkt en breder gemaakt. Dat zijn maatregelen om snelrijden te ontmoedigen en de weg minder aantrekkelijk te maken voor vrachtverkeer. Echter, van dat laatste komt nog niet zoveel terecht en aanwonenden maken zich zorgen. Er rijden dagelijks meer dan 100 vrachtenwagens over de Borculoseweg om via de Deken Hooijmansingel, Barkenkamp hun weg naar de rondweg te vinden.

Een groot deel ook van Friesland Campina, terwijl het alternatief via de N315 en N319 (Ruurloseweg) er ligt. 1. Bekend is dat de Borculoseweg een drukke weg is met veel fietsverkeer, dat er een sporthal gaat komen aan de Barkenkamp (Marianum) en wellicht daar ook het nieuwe busstation komt. Deelt het college dan de mening dat het nu het moment is om actie te ondernemen en vrachtverkeer via deze route te ontmoedigen? Het zou de verkeersveiligheid ten goede komen. 2. Is het college bereid in gesprek te gaan met Friesland Campina om vrachtverkeer te ontmoedigen via deze route? 3. Kan het college in haar verkeersplanning stappen ondernemen om het vrachtverkeer over de Borculoseweg te ontmoedigen dan wel niet toe te staan voor zover mogelijk? En kan het college er bij de inrichting van de Barkenkamp, voor zorgen dat de veiligheid van zowel fiets- als voetgangersverkeer rondom busstation en sporthal ten alle tijden wordt gewaarborgd? Het CDA is erg benieuwd naar de plannen en intenties. Wethouder Bronsen zegt toe om met Friesland Campina in gesprek te gaan en dat hij ook de door de heer Hoijtink genoemde bedrijven opnieuw zal benaderen. Omdat het een ontsluitingsweg is, is het moeilijk om het verkeer verder te ontmoedigen, omdat op een dergelijke weg niet te veel belemmeringen mogen zijn.

Garanties zijn in het verkeer niet te geven, maar het college zal zijn uiterste best doen om een veilige situatie te creëren. In principe is een ontsluitingsweg een 50km weg, waardoor een lagere limiet er niet inzit. Hij zegt mede aan de heer Wallerbos toe om de plannen rond de oversteek bij de sporthal naar de raad te zenden. De heer Hoijtink zegt dat er wel meer bedrijven met grote vrachtwagens hier regelmatig rijden. De wethouder kan de namen van de bedrijven, waarmee hij sprak, niet reproduceren. Hij stelt voor om een snelheidslimiet op de Borculoseweg in te stellen. De heer Wallerbos vraagt om ruim tevoren aan te geven wat de plannen zijn voor de oversteek bij de sporthal. Dit is inderdaad een kritieke plaats. De heer Van der Meulen zegt dat dit alleen een ontsluitingsweg is voor het verkeer in de wijk, maar niet voor omliggende gemeenten. Er moet dus zeker gesproken worden met bedrijven van buiten Groenlo en Oost Gelre. De heer Klein Gunnewiek zegt dat afgesproken was om geen namen meer te noemen, omdat men zich niet verdedigen kan en de kans op onvolledigheid groot is. Hij verzoekt, ook aan de vragensteller, om dit niet meer te doen. De voorzitter geeft aan dat de vraag van het CDA over de parkeerdruk schriftelijk behandeld wordt. De heer Porskamp zag in de Gelderlander van 3 en 4 juni stonden 2 artikelen over de huisvesting van de arbeidsmigranten.

Het is inmiddels een jaar geleden dat er in het voorjaar

van 2020 massaal coronabesmettingen waren uitgebroken onder deze, vaak onder erbarmelijk omstandigheden gehuisveste groepen, hardwerkende mensen. Deze besmettingen leidden er in het voorjaar van 2020 zelfs toe dat de vestiging van VION in Groenlo tijdelijk moest sluiten. Dit zorgde voor negatieve beeldvorming rondom deze gemeente. Eind juli 2020 heeft de raad een plan van aanpak huisvesting arbeidsmigranten ontvangen. In augustus 2020 is vernomen dat VION werkt aan huisvesting voor hun arbeidsmigranten. Op 8 oktober 2020 vond een informatieavond plaats met VION over eventuele huisvestingsplannen. Echter sindsdien blijft het stil. Deze groepen hardwerkende mensen lijken nu dan wel weer aan het zicht onttrokken te zijn, maar zijn niet verdwenen. Immers tal van sectoren maken gebruik van deze goedkope arbeidskrachten als ware het ‘wegwerppersoneel’. 1. Heeft de gemeente in beeld hoeveel arbeidsmigranten (graag concrete aantallen) momenteel werkzaam zijn in Oost Gelre, waar deze op dit moment gehuisvest zijn en onder welke omstandigheden? 2. In hoeverre is de algehele gezondheidszorg van de arbeidsmigranten in de gemeente nu goed geborgd, zodat de gemeente bij een eventuele toekomstige epidemie of pandemie niet weer geconfronteerd kan worden met een grote besmettingshaard, zoals dit bijvoorbeeld bij VION vorig jaar het geval was? 3.

In de commissievergadering van 8 september 2020 heeft de VVD reeds vragen gesteld over de plannen voor huisvesting van arbeidsmigranten, in hoeverre worden de diverse externe partijen, zoals vakverenigingen, woningcorporaties en uitzendbureaus hier nu actief bij betrokken? 4. Naast de behoefte van het huisvesten van arbeidsmigranten hebben de eigen inwoners ook dringend behoefte aan huisvesting. In hoeverre is het nu duidelijk dat de mogelijk toekomstige huisvesting van arbeidsmigranten niet ten koste zal gaan van het spoedig voorzien in de woningbehoefte van hier reeds gevestigde inwoners? 5. Op welke termijn kunnen concrete plannen verwacht worden over het huisvesten van arbeidsmigranten? In reactie op de wethouder zegt hij blij te zijn dat de aanbevelingen van het aanjaagteam als minimum genomen worden. Oost Gelre moet geen tweederangsburgers wensen. Wanneer komen de beleidsplannen precies? VION mag best op zijn verantwoordelijkheid gewezen worden als werkgever van veel arbeidsmigranten. Wethouder Porskamp zegt dat de privacyregels verhinderen om een exact beeld van de huisvesting van migranten te krijgen. Uit het onderzoek dat de gemeente bij de bedrijven heeft gedaan blijkt dat er ongeveer 1000 arbeidsmigranten in Oost Gelre werken, waarvan tussen de 180 en 250 in de gemeente wonen.

De GGD geeft een positief oordeel over het acteren van VION in de laatste tijd om corona te voorkomen. Er zijn goede contacten gelegd met de grensoverschrijdende taskforce Arbeidsmigranten, waarin de burgemeester zit. De wooneisen dienen minimaal te voldoen aan de aanbevelingen van het aanjaagteam Bescherming arbeidsmigranten. De in vraag 3 genoemde partijen worden betrokken bij het beleid dat dit najaar moet leiden tot kaders voor de huisvesting van arbeidsmigranten in Oost Gelre. In de vastgestelde woningbehoefte is alleen uitgegaan van de eigen inwoners. Hoe het beleid er precies uit gaat zien is afhankelijk van de kaders die de raad zal stellen. De uitvoering van de huisvesting is afhankelijk van de partijen die zich hiervoor zullen aandienen. Helaas is de pilot betreffende huisvesting van migranten gestopt, omdat de initiatiefnemer zich terugtrok. Uit de basisregistratie is niet op te maken of het gaat om arbeidsmigranten. Hij hoopt in september zo ver te komen dat hij naar de raad kan. De heer Willering zegt dat zonder meer exacte informatie de gemeente nauwelijks regie kan voeren. Gaat de privacy boven de veiligheid van mensen? De heer Van der Meulen neemt aan dat via de inschrijving bij de gemeente nagegaan kan worden hoeveel mensen in Oost Gelre wonen, tenzij deze niet ingeschreven staan. BESPREEKSTUKKEN

7.

Verklaring van geen bedenkingen ‘Omgevingsvergunning zonnepark Berkelhofweg Groenlo’ De heer Krabbenborg deelt mee dat hij niet zal deelnemen aan dit agendapunt in het kader van artikel 28 van de Gemeentewet, omdat hij werkzaam is bij de AGEM. De voorzitter geeft het woord aan de eerste van de 2 insprekers. De heer Rooks woont op 30m afstand van het geplande zonnepark. Hij moet zwijgen om te voorkomen dat hij de naoberpremie kwijt raakt. De heer Hartskeerl spreekt namens de initiatiefnemer. Hij is projectleider namens AGEM. Hij merkt op dat de heer Rooks rustig een zienswijze had kunnen indienen en inspreken, zonder dat hij de naoberpremie zou verliezen. Dat is goed gecommuniceerd. Alle projecten van AGEM worden uitgevoerd met een zo hoog mogelijk percentage lokaal eigendom. Bij Zomereiken gaat het om 50%. Dat is uniek in de Achterhoek. De Grolsche Linie wordt beleefbaar gehouden, naar de wens van de gemeente. Eveneens wordt op verzoek van de buurt het zonnepark laag gehouden. De naoberregeling compenseert alle 10 huishoudens binnen 250m van het park en geldt ook voor de klootschietvereniging. De regeling voorziet er ook in dat de omgeving controle heeft over beheer, onderhoud en opruimen van het park. De heer Klein Gunnewiek vraagt om hoofdelijke stemming bij dit punt. (Zijn bijdrage in eerste termijn is door geluidsproblemen weggevallen).

Hij heeft bezwaar tegen het contract en komt daar pas nu mee, omdat de raad pas afgelopen vrijdag het contract vertrouwelijk ter inzage kreeg. Hij vindt dat de motie van OLW pronkt met andermans veren, omdat het de woorden zijn van de heer Van der Meulen. De motie was en is overbodig. De motie van CDA en VVD is een doekje voor het bloeden, want eerst wordt deze Vvgb aangenomen en daarna wordt in deze motie gekeken of er nog iets anders mogelijk is. Hij stelt de indieners voor om aan de oproep als eerste regel toe te voegen: agendapunt 7 niet in stemming te brengen. De heer Van der Meulen heeft grote moeite met het afkopen van mensen. Hij vindt dit ontoelaatbaar. Het college geeft aan dat bij bezwaar maken de naoberpremie wegvalt. De vergoeding is volgens AGEM een compensatie voor de planschade. Die schade blijft. Daarom is het onterecht dat de naoberpremie zou wegvallen, zoals in ieder geval de heer Rooks denkt. Zit het wegvallen van de naoberpremie nu wel of niet in de overeenkomst? Wethouder Frank verwijt D66 dat deze in alle overeenkomsten mee wil praten. Dat is onjuist. Het gaat hier om het proces. D66 stemde eerder al tegen dit plan vanwege de ligging, die een opeenhoping van zonneparken zou veroorzaken. Nu is daar een nieuwe reden bijgekomen. Hij blijft voorstander van zonneparken, maar de ligging is reden om de motie van OLW te steunen.

De motie van CDA en VVD krijgt geen steun. Er is al eerder overleg geweest en ook enkele overwegingen roepen vragen op. De heer Hoijtink begrijpt dat de heer Rooks niet weet dat de naoberpremie ook bij een zienswijze blijft bestaan. De plaatselijke aandelen zijn alleen betaalbaar voor rijkere inwoners. Een kwart van de Nederlandse huishoudens haalt niet de norm van het Nibud om 3400 euro voor onvoorziene zaken achter de hand te houden. Een duurzame samenleving is onder andere te bereiken via een energietransitie. Er bestaat een gapend gat tussen enerzijds de wensen van de burgers en politiek en anderzijds de maatregelen die de rechter noodzakelijk acht. Helaas is het noodzakelijk om nu zonder uitstel offers te brengen. Hij vraagt of het artikel uit het contract geschrapt is, waarin staat dat burgers hun aanspraak op de naoberpremie verliezen bij bezwaar maken. Het is vreemd dat in een dergelijk contract geen enkele mogelijkheid zit tot openbaarmaking, zonder dat de contractanten aan beide zijden akkoord gaan. OOG houdt moeite met de onduidelijkheid over het contract. Het betreffende artikel dient te vervallen. Het gaat om 600 gezinnen die niet in aanmerking komen voor leningen en subsidies, omdat zij daarvoor ook geld achter de hand moeten hebben. Anders hadden wel meer mensen geparticipeerd.

De motie van CDA en VVD wordt gesteund, want OOG is nieuwsgierig naar de plannen uit de lokale gemeenschap. De motie van OLW is overbodig. De heer Bragt zegt dat op basis van de zienswijzen het oorspronkelijke plan is aangepast. Voor deze Vvgb zijn wederom 3 zienswijzen ingediend. Deze kennen geen nieuwe argumenten, waaronder de constatering dat het leefgebied van Zwolle wel veel zonneparken te verwerken krijgt. Angst is een slechte raadgever, maar uit de kritische hoek komen vaak de beste ideeën. (Het geluid valt weg en begint weer na de bijdrage van mevrouw Donderwinkel. Hier volgt nog de ingediende motie van CDA en VVD.) De raad, overwegende: • dat in het buitengebied Zwolle, Hupsel en Holterhoek relatief veel zonneparken aanwezig/gepland zijn: 5 in totaal; • dat deze relatief hoge dichtheid te maken heeft met de aanwezigheid van het verdeelstation nabij de Laarberg; • dat deze zonneparken gelegen zijn in zowel de gemeente Oost Gelre als in de gemeente Berkelland; • dat deze zonneparken, hoewel conform beleid in beide gemeenten, weerstand oproepen bij een deel van de bevolking en agrariërs van Zwolle, Hupsel en Holterhoek; • dat de contactgroep Zwolle, contactgroep Holterhoek en de belangenvereniging Hupsel gezamenlijk van mening zijn dat de zonneparken in hun gebied, de verhoudingen in hun gemeenschappen ernstig onder druk zetten; • dat zij hierover hun zorgen hebben

uitgesproken en van mening zijn dat er meer gebiedsregie gevoerd zou moeten worden om zo draagvlak te creëren; • dat zij daarom gezamenlijk het initiatief willen nemen om een alternatief plan te ontwikkelen voor zonneparken in Zwolle, Hupsel en Holterhoek; • dat zij kansen ziet om een dusdanig proces te ontwikkelen, dat het alternatieve plan voor alle betrokkenen op meer draagvlak kan rekenen door: - centraliseren van alle duurzame energie-opwek op en rondom de Laarberg in samenwerking met de Laarberg, IKGL, lokale agrariërs én ontwikkelaars van de parken. - een betere businesscase voor zonneparkontwikkeling in hun leefomgeving - de gehele gemeenschap in staat te stellen om samen aan energietransitie te doen door mee te denken en mee te doen en er van te profiteren. • dat zij binnenkort dit alternatieve plan zullen presenteren aan de colleges van Oost Gelre en Berkelland roept het college op: om, wanneer de contactgroep Zwolle, contactgroep Holterhoek en de belangenvereniging Hupsel gezamenlijk hun alternatieve plan voor zonneparken presenteren aan beide colleges, er onderzocht wordt op welke wijze de gemeente(n) kan/kunnen bijdragen aan het proces om de haalbaarheid te bepalen en te vergroten en de raad hierover actief te informeren, Het contract met de omwonenden is in overleg met hen en een extern adviseur opgesteld.

Vreemd dat nu naar voren komt dat dit contract niet hoort. Dit soort zaken zijn ook al eerder besproken. Een inwoner kan nee zeggen tegen de premie en via een zienswijze proberen op een andere manier tot zijn recht te komen. Of de raad blij is met dergelijke contracten, moet in de evaluatie bekeken worden. Het verbaast hem dat de motie niet door D66 gesteund wordt, terwijl deze zegt op te komen voor de omwonenden. De motie is ingediend, omdat er nu wel een plan uit de omgeving licht en dat moeten zij kunnen toelichten. Dat plan is gebaseerd op het idee dat er 5 zonneparken in het leefgebied rond Zwolle komen. Hij roept op om niet alleen te kijken naar de beren op de weg, maar ook naar de begaanbare weg. Het CDA steunt de oproep van OLW, maar wenst nu de evaluatie af te wachten. Mevrouw Donderwinkel (Haar bijdrage in eerste termijn is door geluidsproblemen weggevallen). In de eerste termijn heeft zij uitgebreid stilgestaan bij de Vvgb van dit zonnepark. Die afgifte steunt de PvdA.

De motie van CDA en VVD komt met het bekijken van een alternatief plan. De spelregels voor deze tender kunnen niet halverwege de rit gewijzigd worden. De motie wordt niet gesteund, maar een plan indienen kan natuurlijk altijd. De motie van OLW richt zich vooral op de toekomst en die komt aan de orde in de evaluatie. De opvatting van de wethouder wordt gesteund. De heer Boschker zegt dat de VVD verdeeld is over dit punt. Enerzijds staat in het coalitieprogramma dat landbouwgrond behouden moet blijven, anderzijds is er de opgave om te voldoen aan de energietransitie en moet een ondernemer zelf kunnen bepalen wat hij doet zijn grond. Voor het draagvlak is het niet best dat er geheimhouding bestaat over de contracten. Dat alles maakt een enkelvoudige mening moeilijk. Vorige week heeft een bijeenkomst plaatsgevonden met de dorpsbelangenorganisaties(DBO’s) van Zwolle, Hupsel en Holterhoek en CDA en VVD van Zwolle en Berkelland. Daar is de ook hier in te dienen motie besproken, die hopelijk tot meer draagvlak leidt. Bij deze organisaties is het duidelijk dat deze Vvgb aangenomen wordt, maar zij wensen, mede via deze motie, hun plan uitdrukkelijk onder de aandacht brengen. Hij roept de wethouder op om proactief van de plannen van deze DBO’s kennis te nemen en dan te kijken welke mogelijkheden deze bieden.

Hij verwacht een voortrekkersrol van de wethouder in het creëren van een breed draagvlak, ook in deze dorpen. De heer Wallerbos zegt dat ook rond Zwolle de klimaatverandering al zichtbaar wordt door het afsterven van honderden bomen. Agrariërs lopen inkomsten mis door 3 gortdroge jaren. (Het geluid valt wederom weg en begint weer tijdens het betoog van de wethouder. Hier volgt nog de ingediende motie.) De raad, overwegende dat: • zonneparken een belangrijke bijdrage leveren aan het tegengaan van de klimaatverandering; • initiatieven van zonneparken zich dreigen te concentreren in gebieden vlak bij onderstations, omdat onder andere de kabellengte van het zonnepark naar een onderstation een bepalende factor is met betrekking tot de businesscase van het zonnepark; • concentratie van zonneparken in of rondom een bepaald deel van onze gemeente, zoals bij een (kleine) kern of in een buurtschap, onwenselijk kan zijn; • het juist vanuit landschappelijk oogpunt, en vanwege draagvlak onder de lokale bewoners, wenselijk is dat zonneparken zoveel als mogelijk gelijkmatig geografisch worden verdeeld; verzoekt het college: • alleen dan medewerking te verlenen aan nieuwe zonneparkinitiatieven als de locatie bijdraagt aan een evenwichtige geografische verdeling van zonneparken in de gemeente; • tevens afspraken te maken met omliggende buurgemeenten, waardoor deze clustering rondom Oost

Gelrese kernen en gemeenschappen, die liggen aan of op onze gemeentegrenzen, ook wordt tegen gegaan. Hij mist de proactieve houding van het college om te werken aan een gezamenlijke oplossing. De motie van CDA en VVD wordt gesteund. Het is een poging om met alle partijen om tafel te gaan. De eigen motie wordt gehandhaafd. Te vaak wordt er gezegd dat in de geest van de motie gehandeld wordt en dan valt dat vervolgens tegen. Wethouder Frank (Eerste deel antwoord weggevallen.) Zij heeft al aangegeven dat via de duurzaamheidslening ook minder rijke mensen kunnen participeren. De instap is laagdrempelig. Het gaat veel te ver om zoiets als overheid te subsidiëren. Wat betreft de motie van CDA en VVD merkt zij op dat deze motie voor een deel een herhaling is van de motie in november, toen ook al gevraagd werd om een gesprek aan te gaan met de dorpsbelangenorganisaties over een alternatief plan. Dat was en is er niet. Zij vraagt welk alternatief dit plan biedt. Daarnaast is afgesproken dat alleen tijdens een tender verzoeken in behandeling worden genomen. Wordt deze motie ook in Berkelland aangenomen? Grotendeels heeft dit betrekking op andere plannen in een andere gemeente.

De motie van OLW is overbodig, omdat toegezegd is dat er vóór een nieuwe tender een evaluatie plaatsvindt, waarbij ook de spreiding aan de orde komt. De evaluatie volgt pas als de eerste tender is afgerond. Dat kan nog even duren. De laatste opmerking van OLW vindt zij kwalijk. Gesuggereerd wordt dat zij zich niet aan haar toezeggingen houdt. Al meerdere keren heeft zij gezegd dat er geëvalueerd gaat worden. Er zijn alle mogelijkheden geweest om in dit traject voor hun rechten op te komen. De collectiviteitsbepaling is eruit gehaald. Dat was toen het probleem. Nu ligt er ineens weer een ander artikel onder vuur. De contractanten zijn vrij om privacy in te bouwen. De Rijksdienst voor Cultureel Erfgoed heeft 25 mei de monumentenvergunning verleend. Ten aanzien van de motie van CDA en VVD zegt zij dat wethouder Porskamp al aangegeven heeft om een afspraak te maken. Zij kan niet op voorhand positief zijn over plannen die zij niet kent. Wethouder Porskamp zegt dat er een raadsbijeenkomst met Liander gepland staat over het netwerk. De bijeenkomst met de dorpsbelangenorganisaties zal vanwege verhindering van zijn kant nu begin juli plaatsvinden. Er wordt gesproken over een ander plan, maar voor een ander plan zijn er wel complicaties. Hij wil verwachtingen daarover temperen.

Dat doet hij, omdat hij het raadsbeleid wil uitvoeren, tenzij de raad aangeeft een andere koers in te willen slaan. Hij zal het alternatiefplan aanhoren en komt daarbij de raad op terug. De voorzitter kondigt de 2e termijn aan en zal, gezien de agenda, erop letten dat niet in herhaling wordt getreden. Na die 2e termijn vraagt zij of er iemand een stemverklaring wenst af te leggen. Mevrouw Dusseldorp stemt tegen dit voorstel. Zij vindt dat volgens de zonneladder gewerkt moet worden, met name zon op daken. De landbouwgrond is mooie vruchtbare en kostbare grond. Zij wil daar vanaf afblijven. De heer Porskamp zal voor dit voorstel stemmen, omdat de collectiviteitsbepaling geschrapt is. De omwonenden kunnen profiteren en het is de keus van de ondernemer voor zijn eigen grond. De heer Willering zegt dat de bepaling in het contract over de nabaorpremie slecht is voor het draagvlak. Hij zal voor stemmen, omdat het totale voorstel zwaarder weegt. De heer Van der Meulen zal tegen stemmen vanwege de naoberpremie. De heer Jansen zal voor stemmen, omdat hij van de heer Hartskeerl begrepen heeft dat punt 1.3 over de premie niet zo gehanteerd wordt dat men geen zienswijze kan indienen. De heer Wopereis kan niet voor stemmen, omdat aansluitingen voor zon op het dak veelal niet mogelijk zijn, landbouwgrond opgeofferd wordt en de zonneparken vooralsnog dicht bij elkaar zullen liggen.

Besluiten: De hoofdelijke stemming wijst uit dat het voorstel aangenomen wordt met 16 stemmen voor en 4 stemmen tegen. De heer Van der Meulen zal tegen de motie van CDA en VVD stemmen, omdat de motie al voor de indiening van een meerderheid verzekerd was. Hij ziet niets in voorgekookte moties. De motie van CDA en VVD wordt niet gesteund door D66 en PvdA en is met 17 stemmen voor aangenomen. De motie van OLW krijgt alleen steun van D66 en is met 18 stemmen tegen verworpen. 8.

Bestemmingsplan ‘woningbouw Looweg Harreveld’ en beeldkwaliteitsplan ‘Erve ’t Loo’ De heer Van der Meulen zegt dat de antwoorden van het college in de commissie D66 voldoende zekerheid geven om in te stemmen. De heer Krabben zegt dat ook de buurt helemaal tevreden is, ook met het aantal woningen. De heer Klein Tank vindt dit een goed plan met een goede inpassing. De heer Klein Gunnewiek zegt dat er naar zijn idee te veel groen is en te weinig woningen komen. Ook uit de buurt heeft hij bezorgdheid gehoord over het vele gemeentelijke groen dat veel onderhoud en kosten met zich mee zal brengen. De heer Wallerbos vindt dit een goed plan. Kanttekening is dat op 500m een varkenshouderij zit die al veel stankoverlast veroorzaakt en ook nog eens flink wil

uitbreiden met 3000 varkens. Het college laat zich steeds verder in het nauw drijven door dit soort intensieve veehouderij. Wordt deze ontwikkeling straks ook gemeld in de prospectus van ‘Erve ’t Loo? Wethouder Frank zal nog terugkoppelen over de gesprekken met de indiener van de zienswijze. Dat lukt niet met de vrijdagpost. Toch kan zij vandaag al melden dat er een oplossing gevonden is, namelijk via het aanbod van een stuk grond naast de woning van de indiener van de zienswijze. Zo behoudt hij zijn privacy. Naar NLOG zegt zij dat het plan ontworpen is in samenspraak met het dorp. Het is duurzame, kwalitatief goed bouw. Daarnaast dient een afstand in acht genomen te worden tot het Stokpark. De procedure rond de uitbreiding van de varkenshouderij loopt. Er zijn bezwaren ingediend. Dit bedrijf ligt buiten de planzone en beïnvloedt de procedure niet. Besluit: Het voorstel wordt aanvaard met de stem van NLOG tegen. 9.

Grondexploitatie woningbouw Looweg Harreveld De heer Van der Meulen citeert uit het voorstel dat de grondexploitatie berekend is om 80.750 euro. Het gevraagde krediet kan volgens D66 ingezet worden. De heer Jansen zegt dat de exploitatie tot verschillende uitkomsten leidt. Door het optellen van enkele posten komt er wel het bedrag uit dat in het voorstel genoemd wordt. Klopt deze redenering? Er worden geen andere kostenstijgingen verwacht. OOG gaat daar dan ook vanuit. Is er al meer duidelijkheid over de grondprijzen? De heer Krabben zegt dat nu eenmaal veel projecten een tekort laten zien. Het groen past uitstekend in dit plan. De heer Klein Tank vindt dat dit soort bouwplannen kostendekkend horen te zijn, omdat er geen bijzondere omstandigheden zijn. De grondprijzen liggen in de kleine kernen lager. Een kleine verhoging daarvan zou de PvdA aanvaardbaar vinden, hoewel bekend is dat de grondprijzen normaliter maar 1x per jaar bijgesteld worden. Hij vindt het eigenlijk geen goede zaak dat dit niet op de normale collegevergaderdag van maandag aan de orde is geweest. Toch zal hij voor stemmen. De heer Klein Gunnewiek had deze negatieve grondexploitatie wel verwacht, maar was niet nodig, als er meer huizen gebouwd werden. Dat zou ook de woningnood helpen. Hij zal tegenstemmen. De heer Wopereis is benieuwd naar de ontwikkeling van de grondprijs, maar kan instemmen met dit plan.

De heer Wallerbos is juist blij met dit groen en vindt het een prima plan. Wethouder Bonsen bevestigt de rekensom van de heer Jansen. Hij had in de commissie een conceptversie voor de neus. Het voorstel van de grondprijzen komt morgen in het college en wordt dan meteen doorgestuurd naar de raad. Het voorstel is wel in een reguliere collegevergadering aan de orde geweest, maar er moest nog een oplossing gevonden voor de starters. Besluit: Het voorstel wordt aanvaard met de stem van NLOG tegen. 10.

Aankoop perceel Vragender ten behoeve van toekomstige woningbouw De heer Van der Meulen zegt dat het plan door archeologische vondsten misschien niet door kan gaan. Het voorstel zegt wel dat er altijd gebouwd kan worden, maar dan niet tegen dezelfde kosten. Een afstel op die plek zou jammer zijn, omdat het een inbreidingsproject betreft. Hoe staat het met de voortgang op de 2 andere locaties waar een voorkeursrecht geldt? Als die andere locaties naar voren gehaald werden, zou er meer tijd zijn op de situatie hier te bekijken. Ondanks het risico steunt D66 dit voorstel. De heer Jansen vraagt of er mogelijk gebouwd wordt over de stoffelijke resten van mensen heen. Wordt dit beter in kaart gebracht? Als er archeologische vondsten zijn, zal er iets moeten gebeuren. Waren er in het plan De Woerd ook botresten?

OOG stimuleert graag de woningbouw in kleine kernen. Kan het college de raad gerust stellen dat bouwen hier geen ellende voor bewoners en gemeente zal brengen? Het antwoord van de wethouder stelt niet gerust. Wellicht kopen de kopers een kat in de zak. Dit voorstel moet aangehouden worden. Er zijn te veel vraagtekens om voor te stemmen. De heer Plaggenburg zegt dat het CDA de antwoorden afwacht op de door D66 en OOG gestelde vragen. Welk risico loopt een koper, bijvoorbeeld een starter? Hij vindt het niet goed dat een dergelijk risico bij de kopers gelegd wordt. Hoe wil de gemeente riolering aanleggen boven 60cm diep? Die zit normaliter dieper. Dit is onvoldoende duidelijk. Hij steunt het voorstel om dit voorstel aan te houden, maar roept op om de andere 2 locaties zo snel mogelijk op te pakken. Hij geeft een stemverklaring voor de tegenstem van het CDA. Hij beseft dat Vragender nu de dupe wordt, omdat het college het risico naar de kopers wil schuiven. Dat kan niet. Zo wil hij niet omgaan met inwoners. Door de grote risico’s zullen starters zich wel 2x bedenken. Bij andere projecten, zoals de Dijkstraat, wordt het risico wel door de gemeente genomen. De heer Klein Tank begrijpt dat er gegronde redenen zijn om aan te nemen dat hier waarden liggen die een behoud verdienen. Dat levert voorwaarden op voor de bouw.

Doet de raad er wel goed aan om hier te gaan bouwen? Als er archeologisch vriendelijk gebouwd wordt, hoe wordt dit tijdens de bouw geborgd? Het algemeen belang vraagt om respect voor de archeologische waarden, ook volgens internationale verdragen. Hier bestaat een hoge verwachting ten aanzien van de vondsten en dat is maar op enkele plekken in de gemeente het geval. De PvdA steunt deze aanpak niet. De heer Klein Gunnewiek vindt dat er te weinig woningen gebouwd worden, terwijl het exploitatietekort 125.000 euro bedraagt. Vandaag de dag is een tekort bij de grondexploitatie echt niet nodig. Laat een ontwikkelaar zelf de risico’s dragen. Dit project is zeer risicovol. De heer Wopereis vraagt wat het plan is als hier niet of moeilijk gebouwd kan worden. Hij stelt voor op dit voorstel op te schorten. Is het ook een optie om onder voorbehoud dit voorstel aan te nemen? Na het antwoord in tweede termijn van de wethouder vraagt hij om een schorsing. De heer Wallerbos heeft vragen over dit project, maar wacht het antwoord van de wethouder af. Wethouder Bonsen zegt dat het risico inzake de archeologische grond bij de koper ligt. Via proefsleuven wordt gekeken wat er te vinden zal zijn. Wat er ligt is grotendeels onbekend. Tijdens de bouw wordt alles gemonitord. Dat er aanpassingen in de bouw nodig kunnen zijn, is een risico dat vooraf met de koper besproken wordt.

Als er goede maatregelen getroffen worden, kan er altijd gebouwd worden. Hij heeft geen informatie over de 2 andere locaties in Vragender. Nadat er proefsleuven gegraven zijn is veel meer duidelijk voor de eventuele koper. Als anders bouwen noodzakelijk wordt, dan weet hij niet welk kosteneffect dat heeft. Terugtrekken van dit voorstel betekent uitstel van de urgente woningbouw. De andere 2 locaties zijn nog niet in het bezit van de gemeente. Natuurlijk respecteert hij de archeologische waarden. Hoe dat moet het de riolering moet technisch uitgewerkt worden. Waar de riolering gelegd kan worden zal aan de kopers meegedeeld worden. Er kan altijd gebouwd worden. De wijze van bouwen moet aangepast worden aan de verwachtingen in de grond. Na de schorsing deelt hij ,mee dat de VVD tegen stemt, als de wethouder het voorstel niet aanhoudt. De voorzitter schorst de vergadering op verzoek van de VVD een aantal minuten. Wethouder Bonsen wil het voorstel in stemming brengen. Het lijkt erop dat het voorstel verworpen wordt. In dat geval zal hij kijken naar de andere mogelijkheden in Vragender, maar dat levert wel vertraging op. Besluit: Dit voorstel wordt verworpen met slechts de stem van D66 voor.

De voorzitter schorst de vergadering tot morgenavond en dan zal de rest van de agenda behandeld worden. Zij dankt ieder voor de inbreng en sluit de vergadering om 22.52 uur

Verslag van de digitale raadsvergadering van de gemeente Oost Gelre, gehouden op dinsdag 18 mei 2021 Voorzitter Griffier Aanwezige wethouders

: : :

Aanwezige raadsleden

:

Afwezig met kennisgeving Notulist

: :

1.

Burgemeester A.H. Bronsvoort De heer J. Vinke Mevrouw M.G. Frank en de heren K.J.M. Bonsen, J.B.M. Hoenderboom en B.T.M. Porskamp CDA: mevrouw C.M.M. Heming-Borgijink en de heren N.A. Bragt, T.B.M. Krabben, R.W.M. Krabbenborg, D.J.H. van Loon, W.J.W.M. Leemreize en R.H.M. Plaggenburg D66: de heer R. van der Meulen NLOG: de heer G.C.M. Klein Gunnewiek OOG: mevrouw A.H.J. Konings-Penterman en de heren R. Hoijtink, F. Jansen en R.W. Willering OLW: P.J.M. Wallerbos PvdA: mevrouw A.T.M. Donderwinkel en de heer R.M.J. Klein Tank VVD: de dames A.F. Algera-Dorenbos en E.E.M. Dusseldorp en de heren F.B. Boschker, K. Porskamp en A.A.W. Wopereis Mevrouw A.H.G. Smetsers (Notuleerservice Nederland)

Opening en mededelingen De voorzitter heet iedereen hartelijk welkom en heft de geschorste vergadering op. De aanwezigheid van de deelnemers wordt gecontroleerd. De vergadering van 8 juni jl. wordt voortgezet bij agendapunt 11. BESPREEKSTUKKEN

11.

Windturbines met een ashoogte hoger dan 80 meter Eerste termijn De heer Van der Meulen vindt het een goede zaak als er wordt besloten dat er geen grote windmolens in Oost Gelre komen. De Groene Kamer heeft namens 88 organisaties een brief naar de informateur gestuurd met het verzoek in het regeerakkoord op te nemen dat er geen windturbines meer op land mogen worden geplaatst. De samenleving is er klaar mee en de weerstand zal steeds meer toenemen. Er wordt ervan uitgegaan dat uitstel afstel is, ook al komt er vlak na het reces nog een bijeenkomst over windenergie. Er wordt van harte ingestemd met het raadsvoorstel om windturbines met een ashoogte van 80 meter niet toe te staan. Het amendement van de PvdA is toch weer een versoepeling en wil eigenlijk hetzelfde als wat in het agendapunt staat van het college. Het amendement wordt niet gesteund. De heer Hoijtink geeft een reactie op de beantwoording via een memo door de wethouder over de vraag over de besparingskant. De memo is kennelijk gevonden in een oude doos bij het hoofdstuk Energietransitie, want de aangeleverde energiescan gaat tot 2018. Bovendien is het helemaal geen antwoord op de vraag. Deze ging namelijk over het onderscheid tussen energiebesparing bij woningen en bedrijven. Hierop is nog niet eens bij benadering antwoord gegeven.

Het is jammer dat de wethouder niet over actuelere informatie beschikt en dat is verbazingwekkend, want hij komt wel tot de conclusie dat het doel van het Akkoord van Groenlo, Oost Gelre Achterhoek energieneutraal 2030 niet en volgens zijn eigen bewoordingen, nooit gehaald gaat worden.

Hij noemt het realisme, maar dan geen realisme dat is gebaseerd op actuele feiten. Dit realisme geeft blijkbaar geen aanzet bij de wethouders tot een extra inspanning in de regio, maar eerder tot fatalisme en afschalen. Ook in de stukken van de regio Achterhoek is niets te vinden. Hierin staat letterlijk vermeld: “De Achterhoek heeft de ambitie om in 2030 energieneutraal te zijn. Deze doelstelling is vertaald in een bod als een bijdrage aan de landelijke klimaatdoelen”. Als het echt om een bod gaat als bijdrage aan de landelijke klimaatdoelen, hoe wordt dan het afschalen van de regionale energietransitiedoelstelling verkocht? Met het amendement van de PvdA kan worden ingestemd. De heer Plaggenburg steunt het raadsvoorstel en het amendement van de PvdA, want deze geeft in de juiste bewoordingen weer wat de bedoeling is. De heer Klein Gunnewiek kan op zich wel eens zijn met het voorstel. Het amendement van de PvdA lijkt sympathiek. Het is een andere bewoording. Wat dat betreft wordt graag het antwoord van het college afgewacht op de vraag of deze bewoording beter is. Er is geen bezwaar tegen de gang van zaken. De heer Klein Tank dient een amendement in, omdat hetgeen wordt voorgesteld eigenlijk niet goed aansluit bij wat er wordt gewenst.

Het is de bedoeling met elkaar een interactief proces in te gaan, waarbij in gesprek met de samenleving tot nieuwe aanvullende kaderstelling wordt gekomen. Dat past niet bij een raadsvoorstel om plotseling iets te gaan verbieden, want dan worden al beleidsmatige keuzes gemaakt. Vandaar het amendement, zoals dat is geformuleerd, omdat daarmee het raadsbesluit een betere lading krijgt, namelijk een soort moratorium voor alle bestaande en eventueel nieuwe ingediende aanvragen om die voorlopig niet te gaan behandelen. Het amendement wordt voorgelezen. De Raad, Overwegende dat: • College en raad zich op het standpunt hebben gesteld dat op basis van interactie met de samenleving de komende periode in aanvulling op het bestaande beleid voor grootschalige hernieuwbare energieproductie aanvullende beleidskaders voor windenergieprojecten geformuleerd gaan worden; • Het ontwerpbesluit van het college ervan uitgaat dat een beleidsbesluit wordt genomen inhoudende dat windturbines met een ashoogte hoger dan 80 meter niet zijn toegestaan, hetgeen juridisch gezien niet past bij de bedoeling van de raad en verwarring wekt in de samenleving; • Dat dat in wezen vaststelling van dat ontwerpbesluit al een (materieel) kaderstellend besluit zou zijn waarmee vooruitgelopen wordt op het hiervoor genoemde proces, terwijl uitsluitend een tijdelijk moratorium op de behandeling van aanvragen wordt beoogd;

BESLUIT: 1. De titel van het raadsbesluit te wijzigen in: “Tijdelijk besluit behandeling aanvragen windturbines met een ashoogte hoger dan 80 meter”; 2. Het dictum van het ontwerpraadsbesluit te vervangen door: “tot het moment waarop de raad nadere beleidskaders voor windenergieprojecten heeft vastgesteld geen besluiten te (laten) nemen over ingediende of nog in te dienen aanvragen hiervoor. En gaat over tot de orde van de dag. De opmerking van de heer Hoijtink over de tegenstelling tot het leveren van extra inspanning of fatalisme met betrekking tot de ambitie, is iets waarover in de toekomst vaker in gesprek moet worden gegaan, maar voert nu te ver. De heer Porskamp zegt dat reeds in de commissievergadering is aangegeven dat het onderwerp als hamerstuk naar de raad mocht. Wat betreft het amendement van de PvdA wordt de reactie van het college afgewacht, want het is niet helder wat de juridische consequenties zijn. Er moet eerst in gesprek worden gegaan en ook met de samenleving over wat nu precies met windenergie wordt gedaan en op welke wijze daaraan invulling wordt gegeven. Wat betreft het gevraagde besluit is de titel eigenlijk niet interessant, want daarop wordt geen raadsbesluit genomen. Het dictum dat wordt voorgesteld aan te passen in het besluit, is verwarrend.

Het voorliggende besluit is glashelder om windturbines met een ashoogte hoger dan 80 meter niet toe te staan. Dit kan eventueel nog worden aangepast. De heer Klein Tank zegt dat er inderdaad verwarring is. De verwarring ontstaat doordat nu iets wordt verboden, terwijl er nu nog helemaal geen nieuwe casus wordt vastgesteld. Het is de bedoeling dat straks te gaan doen. De heer Wallerbos vindt het amendement glashelder. Het raadsvoorstel is onduidelijk. Het amendement voegt duidelijkheid toe. Er wordt voor het amendement gestemd.

Er wordt verwezen naar De Groene Rekenkamer, maar zij geloven dat klimaatverandering onzin is en verdienen hun geld in de fossiele industrie. Dus bij dezen wordt opgeroepen om een beetje uit te kijken waar de referenties vandaan worden gehaald. De heer Van der Meulen licht toe dat alleen maar is aangegeven, dat De Groene Rekenkamer dat signaal heeft afgegeven. Wethouder Porskamp hoort van de fractie OOG geen concrete vraag met betrekking tot de regionale energiestrategie. Als de regionale energiestrategie in de raad wordt besproken, zal hier uitgebreid op terug worden gekomen. Zoals reeds aangegeven, zal het toegezonden dashboard niet geheel aan de verwachtingen tegemoetkomen, maar wat beschikbaar is, is toegestuurd. Er is afgesproken, dat er jaarlijks wordt gemonitord en daarvoor worden openbare data gebruikt. Er worden geen eigen systemen gebouwd. Bij de huidige monitor is er afhankelijkheid van de openbare bronnen, de Klimaatatlas en de Klimaatmonitor, welke beschikken over openbare data van 2019. Bij de monitoring en eventueel de uitvoeringsagenda kan daarover uitgebreid met elkaar in discussie worden gegaan, want dit betekent ook wat voor de capaciteit en het budget dat beschikbaar moet worden gesteld. Wat wordt gedaan is geen afstel, maar uitstel en er wordt opnieuw naar kaders gekeken.

De partijen die zich voor het amendement hebben uitgesproken, wordt meegegeven dat er ambtelijk is getoetst en er wordt aangegeven dat het amendement ontraden moet worden, omdat het een juridisch risico impliceert. Er wordt namelijk gezegd dat voorlopig geen besluit kan worden genomen. Maar als een formeel verzoek wordt ontvangen, moet een juridische toetsing plaatsvinden. Ook als nieuw beleid wordt vastgesteld en het verzoek nu wordt ingediend, moet dat alsnog worden getoetst aan het huidige beleid. Dat is onwenselijk en daarom wordt opgeroepen om echt vast te houden aan het voorgestelde raadsbesluit. Daarbij is het heel duidelijk dat het geen afstel is, maar uitstel. Er bestaat geen verwarring. Er is onder andere reeds met een ontwikkelaar gesproken. Dit zal zeker ook in de openbare sessie worden gecommuniceerd, welke voor september a.s. op de rol staat met de raad. Tweede termijn De voorzitter zegt dat vooral het standpunt ten aanzien van het amendement van belang is. De heer Van der Meulen is blij met de woorden van de wethouder. Er wordt niet gezegd dat het raadsvoorstel zegt dat het afstel is. Maar er wordt ervan uitgegaan dat uitstel afstel wordt. Het aannemen van het amendement zal geen verbetering zijn, dus daar wordt tegen gestemd. Het nu voorliggende raadsvoorstel wordt gesteund.

De heer Hoijtink heeft zich in eerste termijn al uitgesproken over het amendement en blijft daarbij, ook met de kanttekening van de wethouder erbij. Het antwoord van de wethouder is teleurstellend, dat het bij de volgende monitoring nog steeds niet gaat over adequaat materiaal waarmee de feiten echt kunnen worden gecontroleerd. Er wordt echter een stukje hoop gegeven, doordat de mogelijkheid tot discussie wordt gegeven. Er kan worden ingestemd met het amendement, dus als er een aanpassing komt, is dat akkoord. De heer Plaggenburg is voor het amendement. De heer Klein Tank reageert op hetgeen de wethouder naar voren brengt. Hij vermoedt dat er een juridisch risico is, maar dat zal meevallen, want er is namelijk geen sprake van een mechanische uitvoering. In die zin is dat risico er niet en is er geen plotselinge vergunningverlening op het moment dat zich een aanvrager aandient. Bovendien door nu het beleid te gaan wijzigen, gelden ook de voorwaarden van het Algemeen Bestuursrecht, namelijk het deugdelijk voorbereiden van een beleidswijziging en er zelfs inspraak op toe te staan. Er is dus wel degelijk een juridisch risico bij het raadsvoorstel aan de orde. De heer Klein Gunnewiek was in eerste instantie wel gecharmeerd van het amendement van de PvdA, maar eerst werd het antwoord van de wethouder afgewacht. Het antwoord van de wethouder is geruststellend.

Er kan worden ingestemd met het voorstel en tegen het amendement. De heer Porskamp is voor het raadsvoorstel en tegen het amendement. De heer Wallerbos is twee keer voor. Wethouder Porskamp zegt dat een besluit wordt genomen. In ieder geval als voor het amendement wordt gestemd, dan is aangegeven dat hieraan wellicht juridische risico’s zitten. Hierdoor kan zorgvuldig een besluit worden genomen. De heer Plaggenburg heeft nog even ruggespraak gehouden en is voor het raadsvoorstel en tegen het amendement, gezien de juridische aspecten.

Besluit: Het amendement is verworpen met 14 van de 21 stemmen tegen. Het oorspronkelijke voorstel ter besluitvorming ligt voor. De fracties willen geen stemverklaring afleggen. Besluit: Het voorstel wordt aangenomen. 12.

Inrichtingsplan “Samen aan het stuur” Eerste termijn De heer Van der Meulen is zeer verbaasd over de verdubbeling van de kosten van de verbouwing. Hoe kan een dergelijk groot project zo verkeerd worden ingeschat? Wordt naar aanleiding van de brief van de FNV nog actie ondernomen? Is er al iets meer bekend over hoe de communicatie naar de cliënten zal plaatsvinden? Al met al zal worden ingestemd met het raadsbesluit, maar er is aangegeven waar de problemen zitten. De heer Jansen heeft begrepen dat de adviezen van de cliënten- en Wmo-raad worden meegenomen. Er zijn vragen gesteld over de monitoring van de uitvoering en waarom er geen SMART geformuleerde sturingsindicatoren zijn. Een ander punt is de besparing van 1,6 miljoen euro op de personeelskosten. Tevens is de infrastructuur nog niet helder en zou de wethouder met de bonden om de tafel moeten gaan voor het sociaal plan. De bonden geven aan dat het plan strijdig kan zijn met de cao. Wordt op de uitnodiging ingegaan om met de bonden om de tafel te gaan? Een groot probleem is de begroting voor de inrichting. Vorig jaar is akkoord gegaan met een huur van een gebouw met verbouwingskosten van 2,2 miljoen euro, waarvan toen al werd gevonden dat het een enorm bedrag was. En binnen zes maanden wordt teruggekomen met een verzoek voor 2,3 miljoen euro erbij, omdat de prijsstijgingen de pan uit rijzen.

Daarnaast wordt in een memo aangegeven dat het ook gaat om duurzaamheid, kwaliteit van materialen en klimaatsystemen. Deze zaken zijn in de begroting van 2,2 miljoen euro meegenomen. Daarnaast zijn er stijgingen door schaarste van materialen van maximaal 20%. Dan nog is er een gat van 1,5 miljoen euro op de gehele begroting van de verbouwing. Er bestaan grote twijfels over de verklaring van de meerkosten. Er is minimaal verkeerd begroot. Bij de beoordeling van het gebouw waarvan in december is aangegeven dat het passend is, moet nu voor meer dan 4,5 miljoen euro worden verbouwd. Is er een verkeerde keuze gemaakt? Als in december bekend was geweest dat de huisvestingskosten en verbouwing 4,5 miljoen euro zouden bedragen, was er dan nog interesse geweest voor een huur van tien jaar? Kan van de huur van het gebouw worden afgezien en zo niet, waarom niet? Wat zijn de hieraan verbonden kosten? Kan meer uitleg worden gegeven over de 4,5 miljoen euro? Blijft de werktitel van SDOA Werkleerbedrijf? De heer Krabbenborg is en was al jaren voor een eerlijke verdeelsleutel tussen de drie gemeenten, daaraan wordt nu gelukkig invulling gegeven. Alle kennis komt nu onder een dak. Het is jammer dat na de commissievergadering nog enorm veel stukken zijn nagestuurd.

De adviezen en vragen van de cliëntenraad, BOR en Wmo-raad worden uiterst serieus genomen, onderschreven en passend gezien in de nieuwe werkwijze. De verbouwingskosten van 627 euro per vierkante meter zijn blijkbaar marktconform en betreffen zeker geen gouden kranen. Jammer genoeg is hiervan geen onderbouwing gevonden in de stukken. De extra kosten die de nieuwe organisatie betaalt voor de verbouwing en de besparing, leveren voor de gemeente per saldo een besparing op van 600.000 euro op jaarbasis. De evaluatie wordt graag tijdig tegemoetgezien. Kan de wethouder reageren op de brief van de FNV? Er kan worden ingestemd met het plan. Mevrouw Donderwinkel is erg enthousiast over de integrale aanpak. Er is reeds verbazing geuit over de forse overschrijding met betrekking tot de meerkosten van de huisvesting van het werkleerbedrijf. Dit zou aanvaardbaar kunnen zijn, als er daadwerkelijk kan worden uitgegaan van de aanname dat de bezuinigingen echt zullen leiden tot een efficiëntievoordeel. Het belangrijkste is dat een slag wordt geslagen ten gunste van de betrokken burgers, maar dat er ook financieel een win-winsituatie ontstaat, waarbij wordt gekomen tot maatwerk en een financieel gezond werkleerbedrijf.

Klopt de reactie van de FNV dat het inrichtingsplan strijdig zou kunnen zijn met de cao? In hoeverre passen de criteria die zij stellen aan de sociale ontwikkelingsbedrijven in het inrichtingsplan?

Mevrouw Dusseldorp vermeldt dat met een integrale toegang binnen het sociale domein de zorg gemakkelijker en dichter bij de inwoner is georganiseerd. Deze nieuwe manier van werken zal zijn vruchten af gaan werpen. Het inrichtingsplan geeft een transparante en eerlijke verdeelsleutel weer tussen de gemeenten. De huisvestings- oftewel de verbouwingskosten zijn exorbitant hoog opgelopen. Er is een overschrijding van 2,3 miljoen euro. De wethouder heeft eerder aangegeven dat er verkeerde aannames zijn gedaan. In een schrijven is een onderbouwing gegeven van de factoren die meespelen bij het oplopen van de verbouwingskosten, maar een overschrijding van meer dan 100% is buitenproportioneel. Kan worden gegarandeerd dat er niet nog een keer een overschrijding van de kosten zal komen? De heer Wallerbos vindt het moeilijk om te beoordelen wat de risico’s zijn in dit proces. Het gaat immers ook om kwetsbare medemensen. Natuurlijk is het uitgangspunt dat de cliënten beter sociaal en effectiever op weg worden geholpen, maar er ligt ook een bezuinigingsdoelstelling. Dat daarnaast alle bijstandsuitkeringsgerechtigden en participatiecliënten het hele traject onder een dak moeten volgen, maakt hen afhankelijker dan zij al waren. Dat wordt ook als een klein risico gezien. Alles afwegend wordt de wethouder het vertrouwen gegeven en wordt ingestemd met het raadsvoorstel.

Wel blijft het moeilijk te beoordelen of de cliënten- en Wmo-raad echt volledig worden meegenomen in de overgang naar een organisatie. Kan de wethouder te zijner tijd de uitkomsten van het vervolggesprek met de Wmo-raad delen? Het zou goed zijn om na een jaar de mogelijkheid te krijgen de locatie te bezoeken en in gesprek te gaan met wellicht cliënten en de verschillende raden. Wethouder Hoenderboom excuseert zich voor de late aanlevering van een aantal stukken. Door de samenwerking tussen drie gemeenten is ook de procedure soms wat complexer. Het is een belangrijk gegeven dat de nieuwe werkwijze wordt omarmd. Door alle partijen zijn nogmaals opmerkingen gemaakt over de dubbele verbouwingskosten. Dit is reeds uitvoerig toegelicht in het inrichtingsplan en een memo. Het is niet allemaal te verklaren uit kostenverhogingen et cetera, maar het vindt wel degelijk zijn basis in een verkeerde aanname van destijds. Gezien de standaarden die worden gehanteerd, zoals een goede uitrusting voor het kantoorgedeelte, zijn destijds niet de goede aannames gedaan en moet voor dat geld een mindere kwaliteit worden geaccepteerd. Voor de rest wordt verwezen naar de uitvoerige toelichting. De kosten zijn marktconform. De cijfers die er nu liggen, zijn heel reëel. Er zal alles aan worden gedaan om binnen de huidige raming te blijven. Over de brief van de FNV wordt goed overleg gevoerd.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/10318735/1