verslag raad 09-10-03-2021
Tekst van het document
Verslag van de digitale raadsvergadering van de gemeente Oost Gelre, gehouden op dinsdag 9 maart 2021 Voorzitter Griffier Aanwezige wethouders
: : :
Aanwezige raadsleden
:
Afwezig met kennisgeving Notulist
: :
1.
Burgemeester A.H. Bronsvoort De heer J. Vinke Mevrouw M.G. Frank en de heren K.J.M. Bonsen, J.B.M. Hoenderboom en B.T.M. Porskamp CDA: mevrouw C.M.M. Heming-Borgijink en de heren N.A. Bragt, T.B.M. Krabben, R.W.M. Krabbenborg, D.J.H. van Loon, W.J.W.M. Leemreize en R.H.M. Plaggenburg D66: de heer R. van der Meulen NLOG: de heer G.C.M. Klein Gunnewiek OOG: mevrouw A.H.J. Konings-Penterman en de heren R. Hoijtink, F. Jansen en R.W. Willering OLW: P.J.M. Wallerbos PvdA: mevrouw A.T.M. Donderwinkel en de heer R.M.J. Klein Tank VVD: de dames A.F. Algera-Dorenbos en E.E.M. Dusseldorp en de heren F.B. Boschker, K. Porskamp en A.A.W. Wopereis De heer T.J.H.M. Delfgaauw (Notuleerservice Nederland)
Opening en mededelingen De voorzitter opent deze digitale raadsvergadering om 19.30 uur met een woord van welkom aan de raad, het college, de ambtenaren, de griffie, de pers en de kijkers thuis. Zij trekt de lootjes voor de sprekersvolgorde en de hoofdelijke stemming. Er is een mededeling. Wethouder Porskamp zegt dat het college besloten heeft om voorlopig geen plannen voor windmolens te agenderen. Hij gaat hier nader op in bij de beantwoording van de vraag van de PvdA. Vrijdag ontvangt de raad vrijdag hierover een memo en hij vraagt om agendering van de memo in de commissie. De heer Willering zou graag ook willen praten over de windmolens die gepland zijn buiten de gemeentegrens, maar die wel zichtbaar zijn binnen Oost Gelre.
2.
Vaststelling agenda De voorzitter licht de agenda toe. Er zijn 5 moties vreemd aan de agenda. De agenda wordt met deze wijzigingen vastgesteld.
3.
Spreekgelegenheid toehoorders De voorzitter zegt dat er 2 insprekers zijn bij agendapunt 9.
4.
Actielijst toezeggingen De voorzitter zegt dat de volgende punten aangepast worden of van de lijst kunnen: • het eerste punt (scholenvisie Lichtenvoorde aanpassen); • het joods vastgoed • het aanrijden van tankspuitwagens: zij stelt voor op dit punt te behandelen op de thema-avond in april • de tiny houses; • de laatste 2 punten.
Mevrouw Konings zegt dat er halfjaarlijks een update zou komen van de stand van zaken ten aanzien van startersleningen. Zij constateert dat er na 9 maanden nog geen update ligt. Moet dit punt opnieuw op de toezeggingenlijst? De voorzitter ziet dat de wethouder hierover een aantekening maakt. Met deze wijzigingen wordt de actielijst vastgesteld. 5.
Verslag van de raadsvergadering van 9 februari 2021 De voorzitter zegt dat het verslag ongewijzigd vastgesteld kan worden. Aldus geschiedt.
6.
Vragenuur De heer Klein Gunnewiek heeft kennisgenomen van het bestaan van een klankbordgroep Biodiversiteit en heeft daarover vragen. • Wie is er verantwoordelijk voor de samenstelling van deze klankbordgroep? • Wanneer rapporteert deze groep aan het college? • Geeft het college een standpunt inzake dit rapport? • In hoeverre wordt dit rapport onderdeel van de Omgevingsvisie? • Op welk moment kan de raad zijn oordeel vellen over het rapport Biodiversiteit Oost Gelre? Wethouder Porskamp zegt dat hij bestuurlijk aanspreekbaar is op dit punt. De rapportage aan het college komt aan het eind van het proces. Het college zal daarna een oordeel geven over het rapport. De biodiversiteit is een onderdeel van de omgevingsvisie en wellicht geeft het rapport een input voor die visie. De biodiversiteit is een onderdeel van de omgevingsvisie en wellicht geeft het rapport een input voor die visie. Uiteraard kan de raad zich nog uitspreken over de omgevingsvisie en het onderwerp biodiversiteit. over de omgevingsvisie en het onderwerp biodiversiteit. Overigens is biodiversiteit breder dan de omgevingsvisie. De heer Bragt blijft benieuwd naar de wijze van wijze van samenstelling van de klankbordgroep Biodiversiteit en het doel van deze groep. Wethouder Porskamp zegt dat de samenstelling ambtelijk tot stand is gekomen.
Het rapport betreft slechts een tussenrapportage, waar het college nog geen standpunt over heeft ingenomen. Het rapport kan een input geven voor de omgevingsvisie en het onderwerp biodiversiteit. De heer Klein Gunnewiek zegt dat er 2 sporen zijn. Het een betreft de biodiversiteit in de omgevingsvisie en het andere is het plan Biodiversiteit. De heer Wallerbos stelt vragen over de leegstand in Groenlo. 1. Wat is op dit moment de status van de bovengenoemde leegstand? 2. Welke ondernemers of projectontwikkelaars hebben de afgelopen jaren geprobeerd om een invulling te geven aan de gebouwen en waarom lijkt dit tot op heden nog nauwelijks resultaat op te leveren? 3. Kan het college concreet aangeven welke initiatieven zij de afgelopen jaren zelf heeft ondernomen om deze lege gebouwen weer een invulling te geven? 4. Waarom is de wethouder de toezegging met betrekking tot de prestatieafspraak met de Woonplaats niet nagekomen? 5. Bestaat er ook een kans dat het Groenlose Stadsmuseum op middellange termijn leeg komt te staan nu de plannen met betrekking tot de Oude Calixtus verder worden ontwikkeld? 6. De raad zou worden meegenomen in de plannen met betrekking tot de dreigende leegstand van het stadhuis. Wanneer wordt de raad geïnformeerd? Wethouder Porskamp zegt dat er gesprekken lopen in verschillende stadia. Vanwege de privacy kan hij geen namen noemen.
Het college heeft met sommige initiatieven uitdrukkelijk meegedacht. Het college heeft zich wel degelijk aan de prestatieafspraak gehouden. Het onderzoek naar de behoeften en kansen is afgerond en wordt gebruikt bij de gesprekken met geïnteresseerden. Hij nodigt raadsleden uit om zich hierover door de betreffende ambtenaar bij te laten praten. De gesprekken over de Mattelierstraat lopen nog. Het zou kunnen zijn dat er gevolgen zijn voor het Stadsmuseum door nieuwe ontwikkelingen.
Ten aanzien van de laatste vraag wijst hij erop dat collega Bonsen gezegd heeft dat het college hierop voor de zomer terugkomt. De voorzitter zegt dat de 2e vraag van de heer Wallerbos over de afvalscheiding schriftelijk beantwoord wordt. Mevrouw Algera heeft enkele vragen over de energietransitie. 1. De gemeenschap betaalt de verzwaring van het netwerk die onvermijdelijk nodig is voor de energietransitie. Oost Gelre is een relatief dunbevolkt gebied en ons netwerk is dus niet zo zwaar als in bijvoorbeeld de Randstad. In Oost Gelre is al sprake van netcongestie en het netwerk wordt verzwaard in 2023, maar wie betaalt dit? Zijn dat de inwoners van Oost Gelre door hun vastrecht op het elektriciteitsnetwerk of alle inwoners van Nederland? 2. De VVD ziet graag dat de zonneladder gevolgd wordt. Dus eerst zon op dak en dan pas de andere opties, maar hoort hierover een aantal zorgwekkende signalen terug van ondernemers. Een particulier die panelen wil aansluiten moet daarin gefaciliteerd worden door Liander. Een zonneveld tot 10 ha wordt ook op kosten van de gemeenschap aangesloten, maar de aansluiting van een zonnedak van een ondernemer hoeft niet gefaciliteerd te worden? Dat lijkt in strijd met het eerst volgen van de zonneladder. Zij hoort graag of dit klopt en waar ondernemers anders terecht kunnen, als ze tegen problemen aanlopen. 3.
Clustering van zon en wind, wat de netwerkbeheerder het liefst ziet, gaat het draagvlak voor groene stroom in onze gemeente niet ten goede komen. Hoe ziet het college de spagaat tussen de ambitie van energieneutraal worden en het draagvlak onder de inwoners? 4. Het aftoppen van de teruglevering is een punt van zorg. Aftoppen betekent dat het rendement van de investering afneemt. Zonde in de ogen van de VVD. Daarom lobbyt de VVD landelijk ook voor investeringen in alternatieve technologieën, zoals kernenergie, waarvoor de huidige inrichting van het netwerk prima functioneert. Onze vraag is wie worden er afgetopt? De grote producenten (zonnevelden en windparken)? De ondernemer met een zonnedak? Of de particulier met die paar panelen op het dak? En wat gebeurt er met de overproductie? Dat kan toch niet zomaar verloren gaan? Graag hoort de VVD van het college op welke wijze het ervoor gaan zorgen dat, als er wordt afgetopt, dit op een eerlijke manier gebeurt. Wethouder Porskamp wijst vooraf op de memo over de netcongestie. Verder weet hij dat Liander graag met raadsleden hierover wil discussiëren. De kosten van de verzwaring van het netwerk worden betaald door alle aangeslotenen in het werkgebied van Liander. De kosten van de aansluiting van een zonneveld worden verrekend met de ontwikkelaar. De netbeheerder dient een zonnedak te faciliteren.
Door de netcongestie zijn de aansluitingstijden langer dan wenselijk. Vanuit het netwerk gezien zijn grootschalige initiatieven voordeliger dan allerlei kleinschalige. Bij de energietransitie spelen veel belangen die om een zorgvuldige afweging vragen. Hij heeft eerder al zijn twijfel uitgesproken over de ambitie om in 2030 energieneutraal te zijn. Het is inefficiënt om het netwerk toe te rusten op incidentele piekbelastingen. Daarom is aftopping afgesproken in een convenant. Met deze aftopping wordt in de berekening van de mogelijke opbrengsten al door adviseurs rekening gehouden. Mevrouw Algera zou graag zien dat de raad met Liander in gesprek gaat, omdat het lastig is om alle informatie te vergaren. Zij is beniewd om te horen hoe aftopping voordelig kan zijn. De heer Bragt zegt gehoord te hebben dat Liander wil horen waar men in de regio het net wil verzwaren, omdat dit niet overal kan. Dit zou betekenen dat een regiogesprek over clustering noodzakelijk is. De heer Wallerbos vraagt wanneer en waar de VVD in de Achterhoek een kerncentrale wil plaatsen. Mevrouw Algera zegt dat bij een centrale productie kernenergie een goede optie is. Dat is bij de RES helemaal niet aan de orde. Wethouder Porskamp wil een gesprek met Liander organiseren, als daarvoor voldoende draagvlak in de raad is.
Naar de heer Bragt zegt hij dat het klopt dat het vanuit de netbeheerder gezien verstandig is om grootschalige energieopwekking te clusteren. De belangen en inzichten van
bijvoorbeeld inwoners kunnen anders liggen en dat zal afgewogen moeten worden. In de RES blijkt steeds meer dat het nodig is om regionaal te opereren. De heer Klein Tank zou graag uitgebreid willen debatteren over de mogelijkheden van windenergie, zeker nu de laagvliegroute opgeheven wordt. Hij heeft 3 vragen. 1. Deelt het college de opvatting, dat het, gezien de verschillende initiatieven die er kennelijk bestaan, noodzakelijk is dat de raad op basis van een open politiek-maatschappelijk debat eerst aanvullende kaders stelt, waaraan initiatieven voor nieuwe windparken dienen te worden getoetst? 2. Is het juist dat er een intensieve (wekelijkse) ambtelijke betrokkenheid bestaat bij de totstandkoming van het initiatief van Pro-wind voor een uit 3 windturbines bestaand te realiseren windpark nabij Vragender (N-312)? 3. Hoe denkt het college te voorkomen dat individuele bewoners dan wel grondeigenaren in de nabijheid van een voorgenomen windpark in contractuele onderhandelingen (die zich onttrekken aan de waarneming van de gemeente) op onheuse wijze onder druk worden gezet? Wethouder Porskamp zegt dat het belangrijk is om gezamenlijk een opvatting te hebben over het proces rond windmoleninitiatieven. Het is aan de raad om eventuele aanvullende kaders te stellen. De PvdA noemt meerdere windmoleninitiatieven. Dat geeft de toenemende belangstelling hiervoor aan.
Ruim 2 jaar geleden is het programma voor de opwekking van grootschalige energieopwekking vastgesteld en sindsdien zijn er veel initiatieven en ontwikkelingen bijgekomen, bijvoorbeeld de RES, de toegenomen belangstelling van grondeigenaren en ontwikkelaars voor windmolens, de impact van dergelijke grootschalige energieopwekking en de maatschappelijke discussie over windmolens. Al deze ontwikkelingen doen het college kritisch kijken naar de timing en het proces van opwekking via windmolens. Daarom het voornemen om geen initiatieven te behandelen, met name om het gesprek met de raad te kunnen voeren. Er zijn in de gemeente meerdere initiatieven van ontwikkelaars en grondeigenaren in heel verschillende fasen. Voor geen enkel initiatief is al een ambtelijke toets gedaan. De heer Klein Tank zegt dat het wel zaak is om het debat op korte termijn te voeren. Zijn vragen zijn niet erg concreet beantwoord, maar hij hoopt dat in de memo meer antwoorden komen. De heer Porskamp is blij met de opmerking van de PvdA over onheuse druk op bewoners. De heer Bragt zegt dat de redenen die de wethouder noemt eveneens kunnen gelden voor zonneparken. Kan hij toezeggen dat hij ook geen zonneparken meer in behandeling neemt? De heer Willering zou graag zien dat de discussie ook over de grenzen heen gevoerd wordt. Hij zou graag meepraten over de plannen in Aalten.
De heer Klein Gunnewiek had deze discussie liever een maand eerder gehad, namelijk voor de beslissing over het zonnepark in Zwolle. Wordt de ambitie van 2030 verlaten? De heer Wallerbos zegt dat toegezegd was het beleid begin 2021 te evalueren. Het lijkt goed om dan zowel windmolens als zonneparken te bespreken. Wethouder Porskamp zegt dat al door wethouder Frank aangegeven is dat er nu geen nieuwe tender voor zonneparken wordt opengezet. De evaluatie zal gehouden worden als de 3 initiatieven in het eerste tender doorlopen zijn. HAMERSTUKKEN 7.
Aanleg verlengd fietspad in Groenlo met bijkomende werkzaamheden Besluit: Dit voorstel wordt unaniem aangenomen.
8.
25ste wijziging samenwerkingsregeling Regio Achterhoek Besluit: Dit voorstel wordt unaniem aangenomen. BESPREEKSTUKKEN
9.
Planstudie locatie Eschpark en ontwikkeling BMX-baan voor Fietscrossclub Lichtenvoorde
De voorzitter geeft eerst het woord aan de 2 insprekers. De heer Gipbroek spreekt in namens de fietscrossclub. Hij zegt dat het proces voor de aanwijzing van het Eschpark als plaats voor de BMX-baan zorgvuldig is geweest. In het plan zijn ook de aandachtspunten vanuit de klankbordgroep meegenomen. Al jaren wordt er gewerkt aan het tot stand komen van een nieuwe BMX-baan. Er zijn veel locaties bekeken en het Eschpark is als meest geschikt beoordeeld. Hij hoopt op een positief besluit, al begrijpt hij dat sommige bewoners hierover minder positief staan. De club heeft steeds in goede harmonie met de buurt geleefd en wil dit zo houden en zal daarvoor ook zijn uiterste best doen. De heer Schenk spreekt in namens de buurt. Door de BMX-baan verdwijnen de (vis)vijver, het hondenuitlaatveld en een aantal bomen. Een groot deel van de buurt, ongeveer 50 personen, wil het uitlaatveld behouden. De kosten van de veranderingen bedragen 600.000 euro aan gemeenschapsgeld. Er zijn andere locaties, zoals De Flierbeek, die geschikter lijken. Ook zijn er protesten tegen de opoffering van een groot deel van het speelveld. Hij wijst erop dat nergens in Europa zo weinig groen als in Nederland en dat de biodiversiteit al 75% gedaald is. Dit is een behoorlijke aantasting van de natuur.
Hij hoopt dat de raad kiest voor een groene bestemming van het Eschpark en voor een ruimere BMX-baan op een andere plek. De heer Leemreize gaat in op de brief van zwembad Het Meekenesch. De schrijvers stellen een aantal voorwaarden. Het CDA roept op om hierover met de FCCL te overleggen en heeft vertrouwen in de uitkomst. De buurt wenst hier helemaal geen BMX-baan. Het is inderdaad een mooie plek, maar er kan in dit land niet veel meer, als hier nu niets meer toegelaten wordt. De FCCL zoekt al 20 jaar naar een geschikte locatie. Door goede voorwaarden te stellen die een goed leefmilieu garanderen voor mens, flora en fauna, kan een oplossing gevonden worden. Verenigingen als de FCCL en het bloemencorso vormen mede het cement van de samenleving. Er is een goede locatiestudie met weegfactoren uitgevoerd. Alles afwegende is dit de beste locatie voor de FCCL. Wel moet uit de milieuonderzoeken blijken dat licht en geluid zo beperkt zijn, dat een acceptabel leef- en woonmilieu gehandhaafd blijft. Als hieraan voldaan wordt, ziet het CDA graag het bestemmingsplan terug in de raad. OOG denkt wel erg benauwd, als het moeite heeft met een regionale functie voor de fietscrossbaan. Andere locaties hebben nadelen, zoals de natuurfunctie of het feit dat grond aangekocht moet worden, hetgeen veel duurder is. Als er bezwaren zijn, wordt al gauw geroepen dat er onvoldoende gecommuniceerd is.
In de vorige coalitie gebeurde het ook herhaaldelijk dat er zulke klachten waren over zaken in de portefeuilles van OOG. OLW zegt dat de ruimte te klein is. Er is ruimte genoeg. Hij denkt dat het zwembad best bereid is om samen te werken. De heer Willering zegt dat OOG zowel grote procesmatige als inhoudelijke bezwaren tegen dit voorstel heeft. Hij wijst erop dat in 2005 mede door CDA en VVD een topsporthal op deze plek is afgewezen, terwijl deze minder kostte dan het huidige plan. Dit plan kan precedentwerking hebben. Bij deze financiering zijn geen externe subsidies mogelijk, terwijl het gaat om een baan met een regionaal karakter. En waarom een baan binnen de bebouwde kom? Het is heel storend dat ook hier weer geen verslag is gemaakt van gesprekken met bewoners. Daarom komt hij met een motie van treurnis. De raad, overwegende dat: • bij herhaling is gebleken dat bij grote projecten zoals ontwikkeling Eschpark, oversteek Richterslaan, Hegemansweg, aankoop Corsoterrein, communicatie met inwoners voortdurend punt van discussie was; • dit schadelijk is voor het vertrouwen in de politiek; • het jammer is, te meer omdat dit ook ten koste gaat van voorstellen die op zich zelf goed kunnen zijn; spreekt uit dat:
•
de wijze waarop richting inwoners in de genoemde projecten gecommuniceerd is te betreuren en roept het college op werk te maken van heldere communicatie met onze inwoners.
Bij een regionale functie dient men ook gezamenlijk tot een oplossing te komen. Met een maatschappelijke instelling als Het Meekenesch dient men wel degelijk rekening te houden. Het terugwijzen naar de daden van OOG is een kinderlijke reactie en gaat niet in op de inhoud. OOG wil niet de spelregels veranderen, maar gewoon de gebruikelijke communicatie handhaven. De heer Wallerbos is ervan overtuigd dat de FCCL een nieuwe BMX baan verdient. De keuze die de raad vanavond maakt zal voor 95% de uitslag van het latere bestemmingspan bepalen. Die keuze is omstreden, omdat het draagvlak bij omwonenden ontbreekt en omdat het participatieproces van hen een onvoldoende krijgt. Ook de buurman, het zwembad,is niet blij met deze baan, terwijl ook de ruimte te klein lijkt. Ook ontbreekt een financiële afweging met andere mogelijke locaties. Een dergelijke sportvoorziening moet niet zo dicht bij de bebouwing liggen, te meer daar er een groene long voor opgeofferd wordt. Het Eschpark staat qua milieu en leefbaarheid toch al druk door toenemend verkeer op de Richterslaan en de N18. OLW vindt deze locatiestudie onvoldoende en pleit ervoor deze opnieuw te doen. Het lijkt erop dat het college een structureel probleem heeft met de communicatie met de burgers, omdat bijvoorbeeld ook rond de corsolocatie het vertrouwen in de gemeente verdween.
Hoe wenst de wethouder in de toekomst dergelijke communicatieproblemen te voorkomen? Een eenvoudige financiële vergelijking tussen de locaties was wenselijk geweest. De belangen van de omwonenden worden onvoldoende meegenomen. OLW is niet akkoord. De heer Porskamp beantwoordt niet de vraag of er in de de genoemde projecten van de motie goed gecommuniceerd is. Hij is blij met het antwoord van de wethouder. Dit geeft wel aan dat het van belang is om alle gesprekken vast te leggen. De heer Van der Meulen meent dat op basis van de rapporten de BMX-baan op deze locatie de beste oplossing is. Bij de invulling van dit vlekkenplan zullen de buurt en het zwembad betrokken worden. De communicatie is en blijft heel belangrijk. De motie van treurnis wordt niet gesteund, omdat onvoldoende duidelijk is of het hier geschort heeft aan de communicatie. Het kan niet zo zijn dat het zwembad 7 voorwaarden stelt en dat deze niet bespreekbaar zijn. De heer Wopereis zegt dat deze locatie een prima keus is en dat de FCCL lang genoeg op deze baan heeft moeten wachten. Met de bezwaren van de buurt, zoals de verlichting en de geluidsoverlast, moet rekening gehouden worden. Hopelijk vinden de buurt, het Meekenesch en de fietscrossclub elkaar en ontstaat hier iets moois. De heer Porskamp zegt dat over communicatie altijd wel wat te zeggen is.
OOG praatte in het verleden over cliëntelisme als bijvoorbeeld een buurt haar zin niet kreeg en kwam met bezwaren over de communicatie. Mevrouw Donderwinkel zegt dat deze locatie past in de oorspronkelijke visie voor dit gebied en in de sportvisie. De locatie is goed bereikbaar en voldoet aan de eisen voor de baan en de omgeving. Begrijpelijk is dat de buurtbewoners hier niet blij mee zijn, maar alles afwegend kiest de PvdA voor deze locatie. Er is voldoende rekening gehouden met een ruimtelijke afscheiding naar de buurt toe. Bovendien wil de FCCL de buurt en het zwembad betrekken bij de plannen en deze waar mogelijk aan te passen. De motie van OOG gaat veel te ver. De heer Klein Gunnewiek zegt dat door het loskoppelen van de BCL en de FCCL het vinden van een nieuwe locatie voor beide lastiger is geworden.
Deze nieuwe baan biedt meer mogelijkheden om de jeugd in beweging te krijgen en is de beste locatie. Er is mogelijkheid voor synergie met Het Meekenesch. Hij roept deze instellingen op om hier samen uit te komen. Afgesproken was dat niet teruggegrepen zou worden op vorige coalitieperioden. Het is jammer dat VVD en CDA dat nu toch doen. Er bestaan geen vaste regels voor communicatie. OOG wil de spelregels rond communicatie wijzigen. Hij is tegen de motie. Wethouder Frank zegt dat aan de voorwaarden rond licht en geluid voldaan kan worden. De FCCL wil ook samen met deb buurt tot een oplossing komen. De kans op precedentwerking is zwaar overschat door OOG, ook al omdat er maar 1 fietscrossclub is. De middelen voor de uitwerking van dit gebied zijn al beschikbaar gesteld. Wat betreft de communicatie geeft zij aan dat er in december een informatieavond gehouden is. Velen vonden dit een positieve avond. Spontaan hebben mensen zich opgegeven om mee te denken in de klankbordgroep. Het verliep zo voorspoedig dat gedacht werd om meteen het bestemmingsplan te maken. Het college heeft geen steken laten vallen. Toen echter kantelde de meningsvorming via een brief uit de buurt. Daarom is toen toch de tussenstap genomen van deze planstudie. In het bestemmingsplan wordt alles in beeld gebracht en komt de flora, de fauna, het licht en het geluid aan de orde.
Alle belangen worden zorgvuldig gewogen. Besluiten: Dit voorstel wordt aangenomen met 16 stemmen voor en 5 stemmen tegen van de fracties OOG en OLW. De motie van treurnis van OOG wordt verworpen in dezelfde verhouding. De voorzitter schorst de vergadering 5 minuten. 10.
Grenzen bebouwde kom van kernen in de gemeente Oost Gelre De heer Klein Gunnewiek is tegen dit voorstel. Uit de stukken blijkt dat er al 17 jaar geen komgrenzen zijn. Niemand heeft deze gemist en nu kost het minstens 200.000 euro. Hij stelt voor om dit voorstel een jaar op te schuiven, totdat duidelijk is waar de raad ook financieel precies aan toe is. Hij neemt de suggestie van de wethouder over om de grenzen nu vast te stellen, maar met de uitvoering nog te wachten, totdat er een gedetailleerder plan ligt. Dit is een mondeling amendement. De heer Plaggenburg vraagt aan de wethouder waarom de ontwikkelingen in Vragender niet opgenomen zijn, terwijl vorig jaar hier al begonnen zou worden met nieuwbouw. De heer Bragt zegt dat het CDA kiest voor het doorzetten van het hele voorstel, ook al omdat hier meerdere andere plannen mee samenhangen. Bovendien is het budget al gereserveerd. De heer Hoijtink sluit zich aan bij de opmerkingen van de NLOG. Hij steunt het amendement. De heer Wallerbos gaat niet mee met het amendement en steunt het voorstel. Wethouder Bonsen komt normaliter met voorstellen die weinig onzekerheden bevatten. De heer Van der Meulen steunt het voorstel en niet het amendement. De heer Porskamp staat niet onsympathiek tegenover het voorstel van de NLOG. Hij vraagt de wethouder of dit uitvoerbaar is.
Op basis van het antwoord van de wethouder steunt de VVD het amendement niet. De heer Klein Tank zegt dat het wel nodig is de komgrenzen vast te stellen. Dat is voor wonen en verkeersmaatregelen van belang. Wethouder Bonsen zegt dat met ontwikkelingen rekening is gehouden als deze redelijk hard zijn. Dat is in Vragender nog niet overal het geval. Bij vaststelling nu wordt er over 2 tot 3 jaar gekeken naar een vervolg. Hij hecht eraan om de komgrenzen vast te stellen. De gelden zijn voor de bebording en bijvoorbeeld het doortrekken van fietsstroken. Als de raad kiest voor vaststelling, is er ook nog de mogelijkheid om de uitvoeringswerkzaamheden uit te stellen, maar het zou mooi zijn om nu meteen tot uitvoering over te kunnen gaan. niet wenselijk. Besluiten: Het mondeling amendement van de NLOG wordt verworpen, omdat alleen NLOG en OOG voor stemmen.
Dit voorstel wordt aangenomen met de stem van de NLOG tegen.
11.
Rapport rekenkamercommissie AOGW ‘Voor de toekomst: Jeugdzorg in Aalten, Oost Gelre en Winterswijk’ De heer Bragt zegt dat onderzoek van de jeugdzorg een terecht onderwerp is. Immers 10% van de kinderen heeft met jeugdzorg te maken. Het CDA kan verder met de aanbevelingen. Ook worden grote pijnpunten blootgelegd. Cijfers maken niet altijd duidelijk of de doelen gehaald worden. Er moet een manier gevonden worden om die doelen duidelijk te krijgen en daaraan te gaan ijken. Het ondersteuningsteam blijkt vruchten af te werpen. Het realiseren van ‘één gezin, één regisseur’ blijft moeilijk. Preventie moet meer ruimte krijgen, ook binnen de organisatie. De goede weg is ingeslagen, maar raadsleden zullen meer dan alleen op financiën moeten sturen. Het CDA heeft om milieuredenen geen behoefte aan een papieren versie. De heer Jansen is blij dat dit rapport een handvat biedt voor betere monitoring. Duidelijk wordt dat de focus primair ligt op financiële sturing en beheersing en minder op het maatschappelijk effect. Het is goed dat er inmiddels een andere wijze van monitoren plaatsvindt via het ‘strategisch dashboard’. Het rapport geeft ook aan dat gewerkt wordt aan de verbeterpunten. Van belang is het om de zorg te ontschotten. Het college wil aan de gang met de adviezen.
Binnen welke periode wil het college deze adviezen uitwerken? Bij de uitwerking zou de werkgroep Sociaal Domein betrokken kunnen worden. De heer Wallerbos zegt dat het eerste doel van dit onderzoek was om inzicht te krijgen in de ketensamenwerking. Daarmee gaat het de goede kant op. Het lijkt hem goed om ook te leren van gemeenten buiten de Achterhoek die soms met nog grotere problematiek in de jeugdzorg te maken hebben. Het rapport geeft niet veel inzicht in de resultaten van de jeugdzorg. Betere monitoring is voor de raad belangrijk. Het rapport biedt goede aanbevelingen ter nadere uitwerking door het college. De heer Van der Meulen mist een papieren versie, mede om deze nu en in de toekomst na te kunnen slaan. Hij mist een concretisering van de aanbevelingen per gemeente. Wat wil het college precies doen met deze aanbevelingen? Ook mist hij een overzicht van de aanbevelingen. De voorzitter zegt dat de griffier aangeeft dat er een papieren versie komt. Mevrouw Dusseldorp kan instemmen met dit voorstel en heeft geen behoefte aan een papieren versie. Mevrouw Donderwinkel compliment de rekenkamercommissie met dit rapport. Er zijn liefst 39 aanbevelingen gedaan. Op 25 januari was er een webbijeenkomst over dit rapport, waar ook getracht is om prioritering aan te brengen in de aanbevelingen. De PvdA kan zich in de prioriteiten vinden.
Een aanbeveling betrof het bevorderen van verdergaande samenwerking in de jeugdzorg tussen de 3 gemeenten, maar zo mogelijk ook andere gemeenten. Aanbevolen wordt om ook meer te investeren in preventie en normalisatie. Verder wordt aangeraden om de werkwijze van één regisseur te versterken. Van belang is ook een goed monitoringsysteem, waarin naast financiën ook de inhoud een duidelijke plek krijgt. Hoe kijkt het college tegen het rapport aan en hoe is het van plan de aanbevelingen uit te werken? Zij dankt de wethouder voor de toezegging en hoeft geen papieren versie. Wethouder Hoenderboom is blij met dit rapport dat aangeeft dat Oost Gelre op de goede weg zit, maar dat er nog wel heel wat te verbeteren is. Hij heeft goede nota genomen van de gemaakte opmerkingen. In de aanbevelingen zal het college een prioritering moeten aanbrengen. Dat zou hij graag samen met de raad en de 2 andere gemeenten doen. Een aanbeveling is om dit te doen via een regiegroep. Hij stelt voor met een procesvoorstel naar de raad te komen. Hij zegt toe om voor 1 juni met dit voorstel te komen. Besluit: De raad stemt in met dit voorstel.
De voorzitter vraagt of een van de moties naar de volgende raadscyclus verplaatst kan worden. De heer Bragt spreekt zich niet uit over de behandeling van de moties. Hij wenst de afspraak over te tijd na te komen. De heer Klein Tank zegt dat hooguit nog een motie behandeld kan worden, omdat het bijna 22.30 uur is. De voorzitter constteert na enige discussie dat aleen motie 11.a nog behandeld wordt. 11.a
Motie vreemd OOG notulen gesprekken inwoners De heer Willering vat de motie kort samen. De complete motie luidt: De raad, overwegende dat: • het bij grote projecten van groot belang is dat afspraken over en weer helder geformuleerd zijn; • het bij voorstellen die aan de raad ter besluitvorming worden aangeboden vaak niet duidelijk is welke afspraken er met bewoners zijn gemaakt; • de raad van inwoners vraagt om aanvragen van vergunningen of subsidies gemotiveerd op schrift aan te leveren; • het maken van notulen van gesprekken met inwoners onduidelijkheden over de communicatie voorkomt; roept het college op om bij onderwerpen, waarvan duidelijk is dat deze ter besluitvorming aan de raad worden aangeboden, gesprekken met inwoners te notuleren en zich ervoor in te spannen dat deze door inwoners en gemeente worden ondertekend. Hij zegt dat in het dictum ook gesproken wordt van een inspanningsverplichting. Het zou mooi zijn als dit lukt, maar dat zal niet altijd het geval zijn. Als de privacy in het geding komt, dan kan er geen verslag naar de raad komen. Hij denkt dat de verslaggeving juist werk kan besparen, omdat er achteraf geen onduidelijkheden kunnen ontstaan. Wie notuleert wil hij niet opleggen. Het gaat erom dat er geen misverstanden over de gang van zaken zijn. Als dat gaat op de manier die de PvdA aangeeft, is het goed. De heer Bragt vindt deze motie van OOG wel goed.
Tot het vastleggen van gesprekken is al eerder vanuit de raad aangedrongen en het gebeurt ook in veel gevallen. Het is goed om hier een vaste regel van te maken. Het CDA stemt in onder de voorwaarde dat het voorstel van de PvdA en de wethouder voldoende is. De heer Van der Meulen gaat akkoord, maar de ondertekening moet gezien worden als een inspanningsverplichting. De heer Porskamp wil de reactie van het college afwachten. Het moet niet zo zijn dat mensen onder druk gezet worden om iets te ondertekenen. Hij stelt voor om de passage over de ondertekening te schrappen. De strekking van de motie wordt onderschreven, maar omdat het ondertekenen niet expliciet geschrapt is, stemt de VVD niet in. De heer Klein Tank kan akkoord gaan, als de ondertekening alleen als inspanningsverplichting wordt gezien. Hij doet de suggestie om via de mail aan te geven of met akkoord is met of nog wijzigingen wenst in het toegestuurde verslag. Hij steunt de motie. De heer Klein Gunnewiek zegt dat het zelden lukt om alle kikkers in de kruiwagen te krijgen. Dat moet in het dictum tot uiting komen. Wie moet er notuleren? Het tweede deel van het dictum gaat problemen geven en daarom stemt de NLOG niet in. Wethouder Bonsen kan zich wel vinden in de motie, maar heeft problemen met de ondertekening en de privacy.
Hij zegt toe vaker de gesprekken vast te gaan leggen en zal de mensen de verslagen toesturen, zodat ze daarop kunnen reageren. Het is wel veel werk. Besluit: De motie wordt aangenomen met 15 stemmen voor en 6 stemmen tegen. De voorzitter hoort dat de meeste fracties de vergadering nu wensen te schorsen tot morgenavond. Zij schorst de vergadering om 22.54 uur tot morgenavond om 19.30 uur.
Verslag van de digitale raadsvergadering van de gemeente Oost Gelre, gehouden op woensdag 10 maart 2021 Voorzitter Griffier Aanwezige wethouders
: : :
Aanwezige raadsleden
:
Afwezig met kennisgeving Notulist
: :
Burgemeester A.H. Bronsvoort De heer J. Vinke Mevrouw M.G. Frank en de heren K.J.M. Bonsen, J.B.M. Hoenderboom en B.T.M. Porskamp CDA: mevrouw C.M.M. Heming-Borgijink en de heren N.A. Bragt, T.B.M. Krabben, R.W.M. Krabbenborg, D.J.H. van Loonen W.J.W.M. Leemreize D66: de heer R. van der Meulen NLOG: de heer G.C.M. Klein Gunnewiek OOG: mevrouw A.H.J. Konings-Penterman en de heren R. Hoijtink, F. Jansen en R.W. Willering OLW: P.J.M. Wallerbos PvdA: mevrouw A.T.M. Donderwinkel en de heer R.M.J. Klein Tank VVD: de dames A.F. Algera-Dorenbos en E.E.M. Dusseldorp en de heren F.B. Boschker, K. Porskamp en A.A.W. Wopereis De heer R.H.M. Plaggenburg De heer T.J.H.M. Delfgaauw (Notuleerservice Nederland)
De voorzitter heropent om 19.30 uur de geschorste vergadering. Alleen de heer Plaggenburg heeft zich afgemeld. 11.b
Motie vreemd D66 prestatieafspraken wooncorporaties De heer Van der Meulen zegt dat in de commissie bleek dat een groot deel van de raad wilde dat de raad voor het overleg met de wooncorporaties aan kon geven welke kaders hij wilde stellen ten aanzien van de prestatieafspraken. Hij kondigde toen al onderstaande motie aan. De raad, constaterende dat: • de gemeenteraad elk jaar aan het college moet verzoeken om de jaarlijkse prestatieafspraken te agenderen; • de prestatieafspraken onduidelijk worden door wollig taakgebruik; • de gemeenteraad, door achteraf geïnformeerd te worden, onvoldoende inspraak heeft op de samenstelling van de jaarlijkse prestatieafspraken; overwegende dat: • er behoefte bestaat om de prestatieafspraken vooraf te bespreken, zodat er kaders door de gemeenteraad gesteld kunnen worden; • daarnaast dient het college samen met Prowonen en De Woonplaats te zorgen dat de prestatieafspraken goed leesbaar zijn; draagt het college op: • om voorafgaand aan de gesprekken met de woningcorporaties en de huurdersverenigingen over de prestatieafspraken, deze te agenderen voor de commissie- en raadsvergadering, zodat de gemeenteraad de kaders kan meegeven aan het college; • om samen met de coöperaties te zorgen voor overzichtelijke en goed leesbare prestatieafspraken; • de prestatieafspraken na vaststellen te agenderen voor besluitvorming( gewijzigd in: ter kennisgeving)
in de gemeenteraad. In reactie op het CDA zegt hij bereid te zijn de tekst te veranderen van ‘voor besluitvorming’ naar ‘ter kennisgeving’.
Wat betreft de tijd merkt hij op dat in de motie helemaal geen tijden genoemd worden. De kaders kunnen ook voor 1 juli gesteld worden. Hij wil de motie nu in stemming brengen. De heer Krabbenborg zegt dat het CDA de geest van de motie onderschrijft, maar denkt dat het derde punt van het dictum niet uitvoerbaar is. Immers in het overleg zijn de afspraken overeengekomen en dan is het niet mogelijk dat de raad die overeenkomst weer teniet doet. De resultaten dienen ter kennisgeving aan de raad gezonden te worden, die daar dan uiteraard nog wel een mening over mag hebben. Hij vraagt om de motie zodanig aan te passen. Het CDA steunt de motie. De heer Willering zegt dat hierover al uitgebreid met het college gedebatteerd is. Het hangt ook van de reactie van de wethouder af, maar wellicht is een motie overbodig. Het beter leesbaar maken van de stukken is altijd goed. OOG gaat mee met de aangepaste motie. De heer Wallerbos gaat mee met de motie na aanpassing van de tekst volgens de suggestie van het CDA. De heer Porskamp zegt dat de VVD meegaat in principe met de motie, wanneer de derde bullit van het dictum vervalt. Omdat dit niet gebeurt, steunt de VVD de motie niet. De heer Klein Tank zegt dat de PvdA veronderstelde dat de wethouder in de commissie al toezegde om vooraf met de raad te overleggen. Overigens kan het geen kwaad om dit in een motie vast te leggen.
De heer Klein Gunnewiek wacht het antwoord van de wethouder af. In ieder geval dient het dictum aangepast te worden. Nu dit gebeurt, kan hij akkoord gaan. Wethouder Porskamp zegt dat een ongewijzigde tekst van de motie voor het college onuitvoerbaar is. De procedure is dat voor 1 juli jaarlijks de corporatie een aanbod doet aan de gemeente. Voor 15 december dienen de afspraken vastgesteld te worden. In de tijd wordt dit onhaalbaar met de huidige tekst van de motie. Daarnaast heeft hij in de commissie reeds de toezegging gedaan vooraf met de raad te willen praten over de kaders. Hij zegt toe voor het eind van de maand met een stuk naar de raad te komen, waarin hij de procedure wil voorleggen. Als de raad wil reageren op het bod van de corporaties, kan dat door de vakanties pas in september en dat levert ook tijdsproblemen op. Nu dit gebeurt, kan hij akkoord gaan. Daarnaast heeft hij in de commissie reeds de toezegging gedaan vooraf met de raad te willen praten over de kaders. Hij zegt toe voor het eind van de maand met een stuk naar de raad te komen, waarin hij de procedure wil voorleggen. Als de raad wil reageren op het bod van de corporaties, kan dat door de vakanties pas in september en dat levert ook tijdsproblemen op. Nu dit gebeurt, kan hij akkoord gaan.
Hij zegt dat, wanneer de derde bullit geheel vervalt, de motie uitvoerbaar wordt, maar hij raadt de raad aan om te wachten op zijn stuk en de motie aan te houden. Besluit: De raad aanvaardt de motie met 15 stemmen voor en 5 stemmen tegen. 11.c.
Motie vreemd PvdA mestvergisters buitengebied De heer Klein Tank zegt dat de PvdA wil reageren op de ontwikkelingen op Veldweg 1 te Mariënvelde. op Veldweg 1 te Mariënvelde. In een memo van wethouder Frank zegt zij dat het alleen om mest van het eigen bedrijf gaat en dat vanwege de snelheid eerst een aanvraag voor een silo is gedaan, die binnenkort vergund kan worden. Inmiddels is de silo al wel gebouwd. In de omgeving zijn wel zorgen over de precieze plannen op deze locatie, omdat het een heel grote agrarische ondernemer is. Daardoor zou de beoogde 5000m³ wel eens kunnen uitgroeien tot 38.000m³. Voor de grasdroger is helemaal geen markt in de omgeving, waardoor veel vervoersbewegingen noodzakelijk zullen zijn. Hij leest de motie voor. De raad, overwegende, • dat op de locatie Veldweg 1 in Mariënvelde bouwwerkzaamheden in uitvoering zijn voor de realisatie van een mestvergister, die de start lijken te vormen van een industriële ontwikkeling die op deze locatie niet gewenst is; • dat hierbij de mazen in de huidige wetgeving lijken te worden opgezocht om de installatie op deze locatie te realiseren, door te beginnen met een vergister met een omvang van 5000m³ mest per jaar, terwijl alles wijst op een groei naar 38.000m³ in de nabije toekomst;
• • • •
dat de veehouderij ter plaatse met 2000 varkens nog niet de helft van de 5000m³ kuub mest produceert; dat voor de tevens te realiseren grasdroger in de agrarische sector in de Achterhoek in het geheel geen markt is en hiervoor gras uit bijvoorbeeld Friesland aangevoerd dient te worden; dat om deze mestvergister met grasdroger in de toekomst draaiende te houden wekelijks een groot aantal vervoersbewegingen noodzakelijk zal zijn om de benodigde componenten mest en gras aan te voeren en het eindproduct digistaat af te voeren; dat de eigenaar van deze locatie beschikt over een zeer grote veehouderij in de gemeente Aalten (met onder meer 17.000 vleesvarkens) en het hem na een juridische procedure niet is gelukt om op zijn thuislocatie in Aalten (waar ook de te vergisten mest ruim voorradig is)
deze plannen te realiseren; roept het college op: geen planologische en vergunningtechnische medewerking te verlenen aan de realisatie van een industriële vorm van mestvergisting in het buitengebied, zoals op de locatie Veldweg 1 in Mariënvelde, wanneer daarbij geen sprake is van een bedrijfs- en locatiegebonden bedrijfsmatige activiteit. De motie is bedoeld om grootschalige mestvergisters in de hele gemeente niet meer toe te staan. Het is acceptabel als het beperkt blijft tot werkelijk kleinschalige bedrijfsgebonden vergisters. Opvallend is dat de memo niet spreekt over de noodzaak om hiervoor ook nog een bestemmingsplanwijziging door te voeren, terwijl de bouw al in volle gang is. Weet de wethouder dit? Het buitengebied is vaker onderwerp van gesprek vanwege plannen tot schaalvergroting. De verwachting van verdere uitbreiding is inderdaad een aanname, omdat gekeken is naar deze ondernemer en zijn daden tot op heden. De heer Van Loon vindt het jammer dat de buurt niet op de hoogte gesteld is van deze motie. Overigens heeft de buurt de gemeente geschreven wel zorgen te hebben over deze ontwikkeling. Het CDA begrijpt deze zorgen. Het gaat hier om een bedrijf dat met de koeien en varkens ter plaatse ruim voldoende mest produceert voor een monovergister. De warmte wordt ingezet voor het drogen van gras of houtsnippers. Dat is een voorwaarde voor een SDE-subsidie.
Het CDA gaat met deze ontwikkeling akkoord. Het CDA heeft hoor en wederhoor gepleegd. Men moet echter wel in gesprek blijven met elkaar. De buurt is niet zonder meer tegen een mestvergister. Wat betreft andere mestvergisters is het CDA ook niet op voorhand tegen. De heer Jansen zegt dat tot nu toe deze nieuwe buurman zich aan de regels houdt. Door de grootte van de vergister is het de vraag of de capaciteit alleen voor dit bedrijf is. Ook vraagt hij zich af waarvoor nieuwe stallen gebouwd worden. In de buurt groeit het wantrouwen, ook vanwege het aggressieve gedrag van de ondernemer. Alle omwonenden hebben via een brief de vraag gesteld of het bedrijf zich echt wel aan de regels houdt. Hij roept de wethouder op om ook met de buurt en de eigenaar aan tafel te gaan zitten. De heer Wallerbos zegt hij zegt hij geen tegenstander van mestvergisting is, wanneer het alleen voor het eigen bedrijf is. Hij vraagt of het klopt dat er meer mest geproduceerd wordt dan de vergister kan verwerken. Hij steunt de motie. Hij is blij te horen dat het CDA geen grotere vergisters dan voor het eigen bedrijf wil hebben. Van de VVD begrijpt hij dat deze grotere niet uitsluit. Hij wijst erop dat dan het onwenselijke gesleep met mest begint en dat het coulisselandschap dreigt ingeruild te worden voor industriële agrarische activiteit.
Hij vraagt de wethouder waarom het bestemmingsplan mestvergisters op deze plek niet toestaat. De heer Van der Meulen zal de motie steunen, als de overwegingen inderdaad kloppen. Dat is zijn vraag aan de wethouder. Er wordt alleen gevraagd om geen mestvergisting toe te staan die niet bedrijfs- en locatiegebonden is. Hij schrikt er wel van dat er al gebouwd wordt, terwijl er nog geen verguning ligt. De heer Wopereis zegt dat de moties tal van van aannames kent, die de VVD niet onderschrijft. De PvdA vraagt nogal eens aandacht voor circulaire landbouw. Daarvoor zijn juist dergelijke vergisters nodig. De motie wordt niet gesteund.
OLW legt spreker woorden in de mond die hij niet gesproken heeft. De heer Klein Gunnewiek snapt niet waarom de PvdA, die toch een een degelijke partij is, nu zo weinig vertrouwen heeft in de memo van de wethouder en in de ODA. De wethouder geeft aan dat het hier een legale situatie betreft. De motie staat vol met aannames die niet geverifieerd zijn. Hij is tegen de motie. Hij zegt dat namen van betrokkenen niet in de raad genoemd moeten worden, waarbij de voorzitter zich aansluit. De raad heeft al eerder toestemming gegeven om mestvergisting tot 30.000m³ te bouwen, zowel om redenen van rentabliteit als om alternatieve energie op te wekken. Nu is er een initiatief en wordt het weggeblazen. Misschien zou een grotere vergister dan nu beoogd wordt wel wenselijk zijn. Mevrouw Frank ontraadt de motie en bovendien is deze overbodig. De moties is gebaseerd op aannames. De feitelijke vergister kan 3460m³ verwerken. Er is veel aandacht voor de zorgen in de buurt, omdat deze erg groot zijn. Het bestemmingsplan maakt mestvergisters mogelijk, maar niet in dit gebied. Daarvoor moet een bestemmingsplanwijziging ingediend worden en daarover gaat dan de raad. De grootte van deze vergister is niet industrieel. Als de PvdA hier toch moeite mee heeft, kan de PvdA beter een motie indienen om alle mestvergisters onmogelijk te maken.
In het bestemmingsplan Buitengebied is mestvergisting tot zeker 30.000m³ toegestaan, eventueel via een afwijkingsbesluit. Er wordt gebouwd aan een loods, die vorig jaar al vergund is. De aanvraag is heel beperkt. De aannames van de motie kloppen niet. Mestvergisters zijn op deze plek in het bestemmingsplan niet toegestaan, omdat het hier natte natuur zou betreffen. Zij is daar verbaasd over en wil de achtergrond hiervan nagaan. Als het college zou besluiten dat het op deze plek toegestaan kan worden, komt zij met een voorstel naar de raad. Zij zegt toe met alle partijen te overleggen en eventueel mediation in te zetten. Besluit: De motie wordt verworpen met de stemmen van PvdA, OOG, D66 en OLW voor en 12 stemmen tegen. 11.d
Motie vreemd PvdA ondergrondse opslag kernafval De heer Klein Tank zegt dat er plannen opduiken in de Duitse grensregio voor de opslag van kernafval. Een aantal besturen, waaronder Berkelland heeft zich al uitgesproken tegen deze plannen. Een aantal besturen, waaronder Berkelland heeft zich al uitgesproken tegen deze plannen. Hij herinnert eraan dat ongeveer 30 jaar geleden in de Achterhoek succesvolle protesten tegen dergelijke plannen geweest zijn. Hij dient daartoe een motie in. De raad, overwegende dat: • de Duitse regering onderzoekt of de ondergrondse zoutkoepels in Duitsland net over de grens bij Groningen, Drenthe, Overijsel (Twente) en Gelderland (de Achterhoek), geschikt zijn om op een diepte van 300 meter hoogradioactief afval uit kerncentrales op te slaan; • vrijwel het hele grensgebied tegen de Achterhoek en Twente aan als onderzoeksgebied geschikt is bevonden; • op de 11 criteria die het Bundesgesellschaft für Endlagerung heeft vastgesteld de aanliggende grensregio op zeven punten positief scoort; • het de planning is dat in 2031 de eerste vaten naar de ondergrondse opslag worden gebracht, waarna dit kernafval vervolgens 1.000.000 jaar opgeslagen blijft; • gelet op de huidige klimaatveranderingen die van grote invloed kunnen zijn op de staat van de wereld er allerlei variabelen denkbaar zijn waardoor opslag onder de grond onverantwoord is; • er wereldwijd, ook
recentelijk, meerdere incidenten zijn geweest met de opslag van hoogradioactief afval; • het opslaan van kernafval onder de grond, in het kader van de veiligheid onwenselijk en onverantwoord is, gelet op de risico’s voor mens en milieu; • de gemeente Groenlo zich 33 jaar geleden bij vergelijkbare plannen van de Nederlandse overheid voor ondergrondse opslag in de Oost-Achterhoek samen met het toenmalige Regionale Overleg Tegen Ondergrondse Opslag (ROTOO) heeft uitgesproken tegen ondergrondse opslag van radioactief afval,gezien de grote risico’s voor mens en milieu; • daarom de opslag van hoogradioactief afval in de ondergrondse zoutkoepels of opslag in welke vorm dan ook, die negatief van invloed kunnen zijn op de inwoners en
leefomgeving van de gemeente Oost Gelre, afgewezen moeten worden. roept het college op: om in ieder geval zelf, maar bij voorkeur tezamen met de rijksoverheid, de provinciale overheid, veiligheidsregio’s, Euregio, waterschappen en omliggende gemeenten de Duitse regering op te roepen geen opslag te realiseren van kernafval in ondergrondse zoutkoepels of andersoortige ondergrondse ruimtes en daarvoor alle bestuurlijk-juridische mogelijkheden aan te wenden om dit tegen te gaan. Hij dankt voor de hartverwarmende steun voor de motie. Kernafval moet niet weggestopt te worden in zoutkoepels. Het is een principiële uitspraak die geldt voor ondergrondse opslag waar dan ook. De heer Bragt zegt dat dit onderwerp uitgebreid in de commissie aan de orde is geweest. Deze motie is een goede zaak en het CDA zal deze zeker steunen. De heer Willering zegt dat er alle reden is om bezorgd te zijn. Een krachtig signaal is heel wenselijk. De heer Wallerbos sluit zich aan bij de vorige sprekers. De heer Van der Meulen wijst erop dat in het dictum niet gesproken wordt over grensregio’s. Dat wenst hij toe te voegen. Hij zegt dat kernafval heel lang zijn straling behoud en daarom gevaarlijk is voor vele toekomstige generaties. Ook daarom is D66 voor deze motie. Mevrouw Algera zegt dat met dit gevaarlijke afval zeer zorgvuldig omgegaan moet worden en dat gebeurt niet via ondergrondse opslag.
Daarom zal de VVD de motie steunen. Dit heeft niets te maken met een standpunt over kernenergie. De heer Klein Gunnewiek sluit zich bij alle sprekers en is blij dat door de unanimiteit het signaal krachtiger zal zijn. Het siert de PvdA dat deze de motie inbrengt. Hij ondersteunt de opmerking van D66 over het dictum. Portefeuillehouder Bronsvoort zegt dat het college de motie steunt. Samen wordt het signaal sterker. Zij zal de raad op de hoogte houden van de besprekingen over de wijze waarop het signaal optimaal gegeven kan worden. Besluit: De motie wordt unaniem aangenomen. 11.e.
Motie vreemd VVD en CDA lokaal steunpakket ondernemers en verenigingen De heer Porskamp zegt dat de coronacrisis langer duurt dan verwacht. Het college ontving hierover van de ondernemers en de culturele sector een noodkreet. Er zijn nieuwe maatregelen nodig om ondernemers door deze crisis te helpen. Vandaar dat de VVD samen met het CDA een motie indient. De raad, overwegende dat: • de coronacrisis nu inmiddels een jaar duurt en dit een zware wissel trekt op ondernemers, verenigingen en onze hele samenleving; • tal van ondernemers in uiteenlopende sectoren het water aan de lippen staat en diverse sectoren keihard zijn getroffen en op dit moment nauwelijks zicht hebben op perspectief voor de korte termijn en spoedig herstel; • de raad ook na de coronacrisis een straatbeeld en gemeente wil, waarin men kan genieten van winkels en horeca-activiteiten; • de raad ook na de coronacrisis een evenementengemeente wil zijn met een rijk verenigingsleven; • er op landelijk niveau diverse steunpakketten verlengd zijn en dit na de verkiezingen ook een belangrijk onderwerp zal zijn; • er in 2020 een lokaal steunpakket is geweest om bedrijven en verenigingen te helpen om door de crisis heen te komen, maar dat de crisis langer duurt dan was gehoopt; • de raad iedereen moet helpen om gezamenlijk door deze crisis heen te komen en dat de raad hier lokaal ook verantwoordelijkheid in dient te nemen;
• de gemeente, binnen de financiële kaders, het maximale wil doen om ondernemers, verenigingen te ondersteunen om door deze crisis heen te komen; de raad het college derhalve vraagt om: • helder te communiceren via de gemeentelijke website en dergelijke, welke financiële regelingen van Rijk, provincie en gemeente er nu thans zijn voor ondernemers/verenigingen; • in beeld te brengen wat de maatregelen van Oost Gelre tot nu toe hebben opgeleverd en welke ruimte er nog is; • met IKGL, horeca Oost Gelre, ondernemersverenigingen (onder andere Ondernemersfonds Lichtenvoorde, GOV, Bedrijvenbundeling HaZiMa) in contact te treden om, binnen de
• • •
gestelde kaders, een inschatting te maken wat de gemeente nog aanvullend significant zou kunnen toevoegen aan de regelingen die er nu al zijn en de kosten hiervan in beeld te brengen en deze in de kadernota te verwerken; idem voor verenigingen en maatschappelijke organisaties; om op korte termijn te komen met de uitwerking van een ruimhartig lokaal steunpakket 2021 voor bedrijven en verenigingen; en daarnaast binnen 1 of 2 maand(en) een voorlopige tussenstand van totaal ontvangen coronasteun van de rijksoverheid en de provincie Gelderland en wat hiervan al aan ondernemers en verenigingen is uitgegeven.
De VVD heeft veel ondernemers gesproken die in de overlevingsstand staan en voor wie een steunpakket voor 2021 ook noodzakelijk is. De motie roept ook op om de besteedbare gelden goed inzichtelijk te maken. Uiteraard vallen de culturele instellingen eronder. Het is de bedoeling om de gelden zo breed mogelijk in te zetten. De heer Willering zegt dat de hele raad het eens zal zijn met de noodzaak om iedereen goed te ondersteunen. Dat doet dit college ook. Ondernemers, instellingen en burgers weten de weg naar de gemeente te vinden. Dit lijkt een beetje een politieke motie voor de Bühne, die overbodig is. Het is goed te horen dat er binnenkort een voorstel voor 2021 komt. De heer Bragt geeft aan dat er inderdaad al veel gebeurt. Toch lijkt het goed om alle steunmogelijkheden nog eens onder de aandacht te brengen. Bovendien is het wenselijk dat, als ondernemers toch tot bedrijfsbeëindiging moeten overgaan, zij door steunmaatregelen niet verder in het moeras zakken. Het zicht op de gelden ontbreekt nu grotendeels bij de raad, terwijl burgers de raad wel bevragen. Met de toezeggingen van het college kan de raad verder. Het is inderdaad zo dat deze motie voor de Bühne is, waar de burgers zitten, die nog beter gebruik van het pakket moeten gaan maken. Hij roept OOG op om te bereiken dat de raad unaniem achter deze oproep tot verdere steunmaatregelen gaat staan.
De heer Wallerbos ondersteunt de motie. Hij wenst in het presidium te bespreken of er een bijeenkomst kan komen van de raad met ondernemers, verenigingen en instellingen om nog concreter op de hoogte te raken van de problemen. Hij verzoekt de indieners om in de voorlaatste bullit ‘culturele instellingen’ toe te voegen. Verder heeft hij van ambtenaren begrepen dat de gemeente een pot beheert met middelen voor instellingen en verenigingen, die al gedeeltelijk besteed is, maar waarvoor ook nog een voorstel naar de raad komt. Hij heeft waardering voor de inzet van college en ambtenaren. Bij uitstel van belastingen dient het college wel rekening te houden met situaties waarin latere betaling niet mogelijk zal blijken. De heer Van der Meulen zegt dat dit inderdaad een motie voor de Bühne is, maar deze kan het kan het beleid wel ondersteunen. Hij zal voor stemmen. Zijn vraag aan de indieners is of deze ook ideeën hebben over de concrete invulling van het steunpakket 2021. Het helder communiceren blijft noodzakelijk om iedereen te bereiken. De heer Klein Tank zegt dat de de motie een goed doel steunt, waarbij ook gedacht moet worden aan zzp-ers en de culturele sector. De motie is niet concreet ingevuld en het college zal de besteding dienen te precizeren.
Vanwege het budgetrecht van de raad dient er nog een voorstel van het college te komen voor de besteding van het van andere overheden ontvangen geld. Hij wil niet scherpslijpen over het budgetrecht, maar minimaal dient de raad zeer goed geïnformeerd te worden over de besteding van de coronagelden. De heer Klein Gunnewiek refereerde aan de kaart met de tekst ‘Houdt moet’. Die moed wordt ook aan alle getroffenen geboden door te laten zien dat zij niet in de kou komen te zijn. Daarom is dit een terechte motie. Wethouder Frank zegt dat het college positief is over deze motie. Wekelijks bekijkt het college wat het nog meer kan doen. Het college zal het steunpakket voor 2021 op 23 maart vaststellen. Getracht wordt de informatievoorziening zo actueel mogelijk te houden, via onder andere de website, sociale media en gerichte mailing. Er is een aantal ondernemers die tussen wal en schip vallen met de huidige regelingen en dat is verdrietig. De grote veerkracht van veel ondernemers begint op zijn eind te lopen. Wel blijkt dat men zeer tevreden is over de informatievoorziening.