CConstaterende datOost Gelre
Koppel je AI →
Document · PDF

rv verordening lokaal zeggenschap

Raadscommissie 9 september 2025, gemeente Oost GelreBij agendapunt: Verordening lokaal zeggenschap en eigendom bij grootschalige windenergieprojecten Oost Gelre 20262.646 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Raadsvoorstel Agendapunt Fase in de beleidscyclus Onderwerp

: :

Portefeuillehouder Datum B&W-besluit

: :

9 Uitvoering (rood) Verordening lokaal zeggenschap en eigendom bij grootschalige windenergieprojecten Oost Gelre 2026 Wethouder Teselink 22 juli 2025

Doel Invulling geven aan de uitgangspunten van het coalitieakkoord 2022-2026, het Beleidsdocument grote windmolens en aan het amendement dat de Tweede Kamer heeft aangenomen bij de behandeling van het wetsvoorstel over de Energiewet. Aanleiding Op 14 mei 2024 besloot u om het ontwerp-Beleidsdocument grote windmolens (zoekgebied K) ter inzage te leggen. Daarop heeft het ontwerp-Beleidsdocument van 23 mei tot en met 3 juli ter 2024 inzage gelegen. Op 8 april 2025 heeft de raad het Beleidsdocument grote windmolens (zoekgebied K en I) en de nota van zienswijzen vastgesteld. Verder uitgewerkte kaders over lokaal eigendom zouden nog volgen, mede gelet op het aangenomen amendement van Tweede Kamerlid Rooderkerk op de Energiewet die per 1 januari 2026 in werking treedt. Met dit amendement heeft de Tweede Kamer de mogelijkheid ingebouwd dat provincies en/of gemeenten regels vaststellen over lokaal eigendom bij installaties voor de opwek van hernieuwbare energie. Dit voorstel bevat dit uitgewerkte kader voor lokaal eigendom. Voorstel aan de raad 1. De verordening ‘Lokaal zeggenschap en eigendom bij grootschalige windenergieprojecten Oost Gelre 2026’ vast te stellen. 2. Een voorbereidingskrediet van € 250.000 beschikbaar te stellen voor de ontwikkelkosten van een initiatief dat voldoet aan de verordening, te dekken uit de reserve energietransitie.

Kader Dit voorstel sluit aan het coalitieprogramma 2022-2026 en het Beleidsdocument. Het is een onderdeel van het overkoepelende proces om een bijdrage te leveren aan de klimaatdoelstellingen met duurzame energie-opwek in Oost Gelre. Deze doelstellingen zijn vastgesteld in landelijke wetgeving en het regionale Akkoord van Groenlo 3.0. Argumenten 1.1. Met de Verordening geven we invulling aan de uitgangspunten van het coalitieakkoord 2022-2026 en het Beleidsdocument grote windmolens. In het coalitieprogramma 2022-2026 staat dat bedrijven en inwoners van gemeente Oost Gelre een meerderheidsbelang van ten minste 51% moeten hebben bij grootschalige initiatieven. In 2022 is gestart met de ontwikkeling van het nieuwe beleidskader voor windenergie, in samenwerking met Gemeente Berkelland. Dit heeft geresulteerd in het Beleidsdocument grote windmolens, vastgesteld op 8 april 2025. Het beleidsdocument gaat in op lokaal eigendom. De Verordening, in combinatie met de collegehandleiding, werkt de uitgangspunten van het coalitieprogramma en het beleidsdocument uit die gaan over regie en eigendom. 1.2. Hiermee stellen we kaders voor lokaal eigendom zoals benoemd in het beleidsdocument. Het “Beleidsdocument grote windmolens (Gemeente Oost Gelre en Gemeente Berkelland)” is door de beide raden in april 2025 vastgesteld. Daarbij werd de Verordening aangekondigd.

Met de vaststelling van de Verordening zal het gemeentelijk deel van de benodigde kaders voor windenergie in Oost Gelre compleet zijn. De landelijke milieunormen, die nog volgen, maken de drieluik compleet.

RAADSVOORSTEL 33647-2025

1.3. De Verordening is gebaseerd op de meest actueel beschikbare kennis. Sinds het aannemen van het amendement Roodekerk in de Tweede Kamer (juni 2024) hebben we hierover de kennisuitwisseling opgezocht met de landelijke specialisten. Bijvoorbeeld van het Nationaal Programma RES, de VNG en Energie Samen. Lokale kennis en ervaring hebben we opgehaald bij ons nabije partijen, zoals Agem en Twence. En we hebben beleidsinzichten uitgewisseld met onze RES partners; de Achterhoekse gemeenten en de provincie Gelderland. Ook hebben we de geleerde lessen rondom de zonneparken in Berkelland en Oost Gelre verwerkt. Alle input is afgewogen en zoveel mogelijk verwerkt in de Verordening. We hebben ons maximaal ingespannen om deze Verordening te maken volgens de allerlaatste ‘stand van de techniek’. 1.4. Met de Verordening hebben we oog voor de wensen en zorgen binnen de zoekgebieden K en I. Bij dit complexe en gevoelige onderwerp is het zo goed als onmogelijk om aan alle wensen van iedereen te voldoen. Dit blijkt ook uit de conclusies van het participatieproces in zoekgebieden K en I. Tegelijkertijd moeten we wel door. Het belang van lokaal zeggenschap en het lokaal landen van de voordelen kwam duidelijk naar voren in de participatie. Daarom hebben wij bij het maken van de Verordening de inbreng uit het participatieproces en de zienswijzen betrokken. 1.5.

Bij de Verordening komt een handleiding met de uitgangspunten voor de uitvoering. De Verordening biedt de mogelijkheid nadere regels en procesbeschrijvingen op te nemen voor de uitvoeren van de Verordening. Hiervoor wordt een “Handleiding lokaal zeggenschap en eigendom bij grootschalige windenergieprojecten 2026” opgesteld (hierna Handleiding). Het eerste ontwerp daarvan is door het college vastgesteld. De Handleiding werkt een aantal zaken uit de Verordening praktisch uit. En maakt initiatiefnemers duidelijk wat er van hen wordt verwacht ten aanzien van lokaal eigendom en zeggenschap bij realisatie van windprojecten. Na vaststelling van de Verordening organiseren we een consultatie over de Handleiding voor partijen die een rol in de ontwikkeling overwegen. Met de consultatie willen we ophalen of de onderdelen van de Handleiding uitvoerbaar zijn om de gewenste doelen te halen. Eventuele verbeterpunten worden verwerkt in de definitieve versie van de handleiding die het college zal vaststellen. 2.1. Met dit budget willen wij een initiatief nemende energiegemeenschap faciliteren. Het beschikbaar stellen van een voorbereidingskrediet geeft ruimte om onze intentie aan te geven om een actieve bijdrage te leveren aan een initiatief. Een aantal jaren gelden heeft Oost Gelre, samen met vier andere gemeenten, besloten tot het instellen van een regionaal ontwikkelfonds.

Tot op heden is dit regionaal ontwikkelfonds nog niet van de grond gekomen. Door voortschrijdend inzicht is de behoefte ontstaan aan een budget waarmee we direct in kunnen spelen op initiatieven uit de samenleving. Doordat we zelf het voorbereidingskrediet beheren, in plaats van via een regionaal ontwikkelfonds, kunnen we efficiënter en adequater reageren op de behoeften van een energiegemeenschap. Kanttekeningen 1.1. Het is nog wachten op deel 3 van het drieluik oftewel de landelijke milieunormen. Het is onduidelijk wanneer de landelijke milieunormen bekend en van kracht zijn. De duur van de huidige overgangsregeling is verlengd tot eind 2026. De nieuwe normen zullen er naar verwachting op zijn vroegst 1 januari 2027 zijn. Tot die tijd geldt een fase van overgangsrecht, waarin windinitiatieven door het bevoegd gezag vergund kunnen worden met eigen onderbouwde normen Beide raden hebben aangegeven dit niet wenselijk te vinden, en te willen wachten op de landelijke normen. Maar de net ingestelde provinciale afstandsnorm kan een alternatief vormen. Provinciale Staten van Gelderland hebben op 2 juli het besluit genomen om een tijdelijke provinciale afstandsnorm tot woningen in te voeren van 2x de tiphoogte van windmolens. Deze worden ‘overruled’ zodra de landelijke normen gelden.

Een initiatiefnemer kan dit interpreteren als bewegingsruimte voor ontwikkeling, maar formeel treedt de afstandsnorm pas in werking als het onderdeel is van de provinciale omgevingsverordening. Het is ons nog niet bekend hoe de provincie tot die tijd om wil gaan met de ingestelde afstandsnorm van 2x de tiphoogte. De tijdelijke provinciale afstandsnorm biedt ons nu nog onvoldoende basis, omdat hiervoor geen milieueffectrapportage (MER) gemaakt is. Zonder MER is het voor ons (en omwonenden) onvoldoende inzichtelijk en zeker wat de milieugevolgen van de provinciale afstandsnormen zijn. Tegelijkertijd is er al wel een MER beschikbaar als onderdeel van de landelijke concept milieunormen, waarin ook is ingegaan op een afstandsnorm. Het Rijk geeft aan dat deze MER bruikbaar is als een lokale overheid een eigen norm wil onderbouwen.

RAADSVOORSTEL 33647-2025

2

Wij willen ons gemeentelijk huiswerk eerst af hebben. Wij zullen pas een formele aanvraag in behandeling nemen als we samen met de provincie en Berkelland duidelijkheid kunnen geven over de afstand tussen woningen en windmolens. Voorbereidingen aan de hand van het Beleidsdocument, de Verordening en de Handleiding kunnen we wel alvast doen. 1.2. De provincie heeft een eigen beleidsregel over lokaal eigendom vastgesteld. Op 19 juni 2025 heeft de provincie Gelderland haar “Beleidsregel lokaal eigendom en participatie bij duurzame energie” gepubliceerd. Het vormt daarmee voor energieprojecten een bestaand Gelders kader voor lokaal eigendom. De beleidsregel is alleen van toepassing voor energieprojecten waarbij Gedeputeerde Staten het bevoegd gezag is. Daarnaast is de beleidsregel geen verordening. De Energiewet biedt expliciet een grondslag voor een lokale verordening. Een gemeente kan de provinciale beleidsregel wel overnemen, als de gemeente (nog) niet zelf beleid heeft vastgesteld over lokaal eigendom. De provincie stelt dat, als een gemeente het bevoegd gezag wil overnemen, de provinciale beleidsregel wordt besproken met de gemeente. Het eigen gemeentelijk beleid is dan wel het uitgangspunt.

Hoewel de provinciale beleidsregel zogezegd alleen van toepassing is voor projecten waar de provincie het bevoegd gezag is, kan de raad deze van toepassing verklaren voor onze windinitiatieven. Dit lijkt ons toch onwenselijk: - De huidige Verordening (en Handleiding) is het resultaat van een lang en intensief traject met onze inwoners en partners. Het omarmen van het resulterende ‘eigen product’ is ook een blijk van erkenning van hun tijd, aandacht en inhoudelijke inbreng in dit proces. - Inhoudelijk verschillen de provinciale beleidsregel en ons voorgestelde kader. Onze inschatting is dat wij vollediger in procesbeschrijvingen en ambitieuzer in doelstelling zijn. De provinciale regels en landelijke modellen vinden wij ‘basisversies’, waar bovenop wij eigen ambities leggen, zoals de eis om een energiegemeenschap te faciliteren en het streven naar zoveel mogelijk lokaal eigendom. - Ook zonder beleid van Oost Gelre voor lokaal eigendom zal bij een concreet initiatief de provincie, op grond van haar beleidsregel, ons vragen welke visie, ambities en wensen wij hebben. Zonder een vastgestelde Verordening zullen we dan ad hoc moeten reageren. 1.3. Het is mogelijk maar onwenselijk om de Verordening eerder of later in werking te laten treden dan de bij de inwerkingtreding van de Energiewet.

Het eerder dan de Energiewet in werking laten treden is een risico, omdat de grondslag voor de Verordening dan nog niet formeel geldt. Mocht een initiatief zich dan melden (hoewel wij ze buiten de deur houden tot de landelijke normen), dan is het maar de vraag of de Verordening toepasbaar is. Het later publiceren of inwerking laten treden heeft volgens ons geen toegevoegde waarde. De huidige Verordening is het meest actuele beleid wat we hebben kunnen maken. De inhoud zal niet wijzigen door, bijvoorbeeld, de nog bekend te worden landelijke milieunormen. Mochten er toch echte grote nieuwe inzichten komen, dan komen we met een voorstel om de verordening aan te scherpen. 1.4. Inwerkingtreding van het beleidsdocument, Verordening en Energiewet betekent nog niet dat projectontwikkelaars zich dan al met uitgewerkte projecten kunnen melden voor een vergunning. Een belangrijk onderdeel van de inspanningsplicht voor lokaal eigendom is dat wij eisen dat partijen zich houden aan de stappen uit de Handleiding. Via deze Handleiding voeren we de regie over het ontwikkelproces. Én we gaan pas windinitiatieven daadwerkelijk beoordelen als óók de landelijke milieunormen bekend zijn. Participatie De gemeente heeft ten aanzien van dit voorstel zowel een initiërende als een besluitvormende rol. De Verordening is onderdeel van het proces om te komen tot een sluitend beleidskader voor windmolens.

Dit hebben wij vanwege een gedeeld zoekgebied samen met de gemeente Berkelland opgepakt. De Verordening en handleiding worden in beide gemeenten als gelijkluidende voorstellen voor besluitvorming aangeboden. De Verordening is een doorontwikkeling van het eerste Nederlandse voorbeeld van gemeente Woerden (voorjaar 2024). NPRES heeft op basis van dit eerste voorbeeld een algemenere variant opgesteld (januari 2025). Daaropvolgend heeft de VNG een modelverordening opgesteld (april 2025). Naar aanleiding van amendement Rooderkerk (juni 2024) hebben we ons in september 2024 met Berkelland aangesloten bij deze landelijke ontwikkelingen.

RAADSVOORSTEL 33647-2025

3

De bestaande voorbeelden waren het vertrekpunt van onze beleidsontwikkeling. Door de aanbevelingen uit het gezamenlijke participatieproces en de uitgangspunten van de raad is ons kader ten opzichte van de landelijke modellen ambitieuzer over lokaal zeggenschap én explicieter over de motiveringsplicht en de inspanningsverplichting. We hebben ook inzichten gekregen van partners met een eigen ontwikkeling en/of ervaring. Dit zijn met name geweest: gemeenten Montferland en Bronckhorst, provincie Gelderland, Agem en Twence. Bij de ontwikkeling zijn we ondersteund door adviesbureau KplusV. Uitvoering Juridische aspecten Artikel 6.8 lid 2 van de Energiewet bevat de mogelijkheid om bij verordening te bepalen dat een producent van hernieuwbare energie, samengevat, moet motiveren wat hij heeft gedaan om lokaal eigendom te bevorderen. Als bepaalde doelstellingen die het gemeentebestuur voor ogen heeft voor lokaal eigendom, niet gehaald worden, kan echter niet de planologische medewerking worden geweigerd. Dit geldt zelfs als er helemaal geen sprake is van lokaal eigendom. Dit wordt in de toelichting op het amendement (waarmee artikel 6.8 lid 2 is opgenomen) ook benoemd. De motivering van de aanvrager kan beoordeeld worden, niet het resultaat van de inspanningen. Feitelijk gezien heeft het gemeentebestuur geen juridische middelen om lokaal eigendom ook daadwerkelijk af te dwingen.

De rol van het gemeentebestuur bestaat uit het nemen van besluiten omtrent omgevingsplanwijzigingen en het verlenen van vergunningen voor bouw- en aanlegactiviteiten. Voor de beoordeling gelden dan ruimtelijke aspecten. Of de uiteindelijke vermogensverschaffer van een project personen uit de omgeving van het project zijn, is ruimtelijk niet relevant. Dit aspect speelt dus geen rol bij de uiteindelijke besluitvorming over een omgevingsplanwijziging. Hetzelfde geldt voor de beoordeling voor aanvragen om omgevingsvergunningen voor het project. Met de initiatiefnemer van een energieproject worden anterieure overeenkomsten gesloten. Dat is bij de momenteel vergunde zonneparken ook gebeurd. In deze overeenkomsten worden, op basis van vrijwilligheid, inspanningsverplichtingen opgenomen voor initiatiefnemers om lokaal eigendom zoveel mogelijk te bevorderen. Deze praktijk zal onder de Energiewet worden voortgezet. Ook daarvoor geldt dus dat geen resultaatsverplichting over lokaal eigendom kan worden overeengekomen met de gemeente. Het voorgaande laat onverlet dat de initiatiefnemer met omwonenden en/of lokale energiecorporaties bindende afspraken kan maken over lokaal eigendom en financiële participatie. Financiële aspecten In 2018 is ten behoeve van het opzetten van een regionaal ontwikkelfonds een reserve van € 1.250.000 gecreëerd.

In de loop van de jaren is besloten om dit te verlagen naar € 250.000. Doordat de reserve niet meer ingezet gaat worden voor het regionaal ontwikkelfonds kan deze aangewend worden voor het voorbereidingskrediet voor de ontwikkelkosten van een initiatief dat voldoet aan de verordening. Het bedrag is ondergebracht in de reserve energietransitie. Personele aspecten n.v.t. Communicatie Het bekendmaken van deze Verordening gebeurt op de gebruikelijke manier via publicaties in de Groenlose Gids en de Elna, en het digitale Gemeenteblad. Dat betekent dat: - De vastgestelde Verordening na deze bekendmaking voor iedereen digitaal beschikbaar wordt gesteld. Daarbij zorgen we ervoor dat de Verordening samen met het Beleidsdocument pas in werking treedt tegelijkertijd met het in werking treden van de Energiewet. - Degenen die zienswijzen indienden over het ontwerp-Beleidsdocument worden met een brief geïnformeerd over de publicatie van de Verordening en het definitieve Beleidsdocument. Dit alles wordt ambtelijk verzorgd voordat de kaders in werking treden en gebeurt in afstemming met de gemeente Berkelland. Planning De beleidsregel treedt pas in werking nadat deze op de wettelijk voorgeschreven wijze is bekendgemaakt in het Gemeenteblad en digitaal beschikbaar is gesteld. We hebben afgesproken het Beleidsdocument samen met de Verordening bekend te maken.

Na vaststelling publiceren we het beleidsdocument en de

RAADSVOORSTEL 33647-2025

4

Verordening en de Handleiding. Het beleidsdocument en de Verordening treden in werking tegelijkertijd met de Energiewet op 1 januari 2026. Na vaststelling van de Verordening, vooruitlopend op de inwerkingtreding, starten we wel alvast met de voorbereidingsfase voor initiatieven. De voorbereidingsfase bevat de volgende sporen: - We gaan in overleg met de provincie en Berkelland over samenwerking en rolverdeling met betrekking tot het bevoegd gezag. - We organiseren de maatschappelijke consultatie (marktverkenning) over de handleiding. - We werken een strategie verder uit hoe we met onze gemeentelijk instrumenten lokaal eigendom zo veel mogelijk kunnen faciliteren. Het moment waarop we daadwerkelijk met een initiatief aan de slag kunnen (ontwikkelfase) is afhankelijk van meer duidelijkheid over de landelijke milieunormen. Evaluatie n.v.t. Bijlage(n) Omschrijving 1 Verordening lokaal zeggenschap en eigendom bij grootschalige windenergieprojecten Oost Gelre 2026 2 Handleiding lokaal zeggenschap en eigendom bij grootschalige windenergieprojecten Berkelland en Oost Gelre

Openbaar Ja

Toelichting

Ja

Wij bieden u hierbij een ontwerpbesluit ter vaststelling aan. Het college van de gemeente Oost Gelre, secretaris,

burgemeester,

J.J.L. Heerkens

A.H. Bronsvoort

RAADSVOORSTEL 33647-2025

5

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/15900002/1