rv res 1.0
Tekst van het document
Raadsvoorstel Agendapunt Titel Fase Portefeuillehouder B&W-besluit
: : : : :
12 RES 1.0 Ontwikkeling (blauw) Wethouder Porskamp 6 juli 2021
Inleiding Op 28 juni 2019 heeft het kabinet het klimaatakkoord gepubliceerd. Het is de Nederlandse uitwerking van de internationale klimaatafspraken van Parijs uit 2015. In het klimaatakkoord is bepaald dat regio’s samen moeten werken aan een energiestrategie, de Regionale Energie Strategie (RES). In de RES moet worden opgenomen hoeveel de regio gaat bijdragen aan de nationale opgave om in 2030 35 TWh aan grootschalige zonne-energie en windenergie op te wekken. In juni 2020 hebben de colleges van alle acht gemeenten in de Achterhoek, gedeputeerde staten van provincie Gelderland en het dagelijks bestuur van Waterschap Rijn en IJssel de Concept-RES Achterhoek vastgesteld. Het bod van de Achterhoek was 1,35 TWh aan zon en wind. Uw raad is op 19 juni 2020 via de vrijdagpost geïnformeerd over de Concept-RES. In november 2020, maart 2021 en mei 2021 zijn door de projectorganisatie RES Achterhoek regionale informatieavonden voor raadsleden georganiseerd. Op die avonden bent u geïnformeerd over de voortgang van het opstellen van de RES 1.0. We spreken over een RES 1.0 omdat de RES 2-jaarlijks herijkt wordt naar een 2.0, 3.0, etc. versie. De RES 1.0 is nu gereed en wordt voorgelegd ter besluitvorming. Samengevat bestaat het RES-bod van de Achterhoek uit:
Achterhoek Oost Gelre
Wind 0,790 TWh 0,058 TWh
Zon op dak 0,35 TWh
Zon op land 0,21 TWh
Totaal 1,35 TWh
niet bepaald op gemeentelijk niveau
Mogelijke beleidskeuzes 1. De RES 1.0 Achterhoek vaststellen. 2. De RES 1.0 Achterhoek niet vaststellen. 3. Het college opdracht geven om deze RES 1.0 te vertalen in het Beleid installaties opwekking hernieuwbare energie Oost Gelre. 4. Het college geen opdracht geven om deze RES 1.0 te vertalen in het Beleid installaties opwekking hernieuwbare energie Oost Gelre.
Voorstel 1. De RES 1.0 Achterhoek vast te stellen. 2. Aan het college opdracht te geven om deze RES 1.0 te vertalen in het Beleid installaties opwekking hernieuwbare energie Oost Gelre.
Beoogd effect Vanuit de Achterhoek een bijdrage leveren aan de landelijke opgave om in 2030 35 TWh aan grootschalige energie op te wekken.
RAADSVOORSTEL 37948-2021
Argumenten 1.1. Het Klimaatakkoord en het npRES geven aan dat er een RES 1.0 moet worden vastgesteld. In het Klimaatakkoord zijn afspraken gemaakt over de opwekking van 35 TWh aan duurzame elektriciteit en de warmtetransitie in de gebouwde omgeving. Hiertoe is een landsdekkend programma van 30 regio’s vastgesteld. Elke regio moet een RES opstellen voor de wijze waarop zij gaat bijdragen aan de nationale opgave. 1.2. Met 1,35 TWh dragen we bij aan de nationale opgave om in 2030 35 TWh aan grootschalige energie op te wekken. In het klimaatakkoord is bepaald dat de 30 RES-regio’s een regionale structuur warmte moeten opstellen en samen 35 TWh aan grootschalige zonne- en windenergie op land moeten opwekken. De verdeling tussen de regio’s en de verhouding tussen zon en wind zijn vrij. Het nationaal programma RES (npRES) gaat ervan uit dat de overheden hier gezamenlijk uitkomen. De opgave waar de regio’s in Nederland voor staan is om concreet aan te geven hoeveel hernieuwbare energie zal worden gerealiseerd en daarbij locaties en een tijdpad aan te geven. Het gaat hierbij om duurzame elektriciteit en duurzame warmte. Met het bod van 1,35 TWh neemt Oost Gelre samen met de zeven andere Achterhoekse gemeenten een deel van deze nationale opgave voor haar rekening. 1.3. We streven naar een goede verhouding zon op dak, zon op land en wind.
De Achterhoek wil zich maximaal inzetten voor zon op dak. Daarom is het aandeel zon op dak in de energiemix zo groot mogelijk gemaakt. Het streven is om 0,35 TWh aan grootschalig zon op dak te realiseren. Meer dan 0,35 TWh zon op dak lijkt op dit moment niet realiseerbaar. Dit betekent dat de overige 1,00 TWh met zonne- en windenergie opgewekt moet worden. Windenergie en zonne-energie vullen elkaar over de dag en over het jaar goed aan. Als de zon ’s nachts onder is kan het wel waaien. Harde wind gaat veelal gepaard met bewolking. Windstil weer is vaak zonnig. In het winterhalfjaar staat de zon minder lang aan de hemel, terwijl het in dat jaargetijde gemiddeld wat harder waait. Door wind en zon te combineren neemt de continuïteit van de energievoorziening toe, omdat wind en zon grotendeels complementair zijn. Uit kostenefficiëntie oogpunt is het verstandig te streven naar een optimale mix tussen wind en zon. Windenergie levert met dezelfde infrastructuur meer dan drie keer zoveel energie op tegen ongeveer dezelfde kosten. Deze kosten van de infrastructuur komen voor rekening van de energiegebruiker. Uitgaande van een goede energiemix is de verdeling voor duurzame opwekking van elektriciteit: 0,35 TWh zon op dak, is 0,79 TWh wind en 0,21 TWh zon op land. 1.4. Alle Achterhoekse gemeenten leveren een bijdrage aan dit RES-bod.
De bijdragen van de verschillende gemeenten zijn als volgt bepaald. In eerste instantie is gekeken welke plannen voor grootschalig wind, zon op land en zon op dak al per gemeente gerealiseerd zijn. Daar is per gemeente de opwekcapaciteit van de harde pijplijnplannen bij opgeteld. Daaruit is de opgave berekend, die nodig is om tot 1,35 TWh te komen. Op Achterhoekse schaal resteert een opgave van 0,248 TWh grootschalig zon op dak, 0,618 TWh wind en 0,013 TWh zon op land. De restopgave voor wind is in de RES gedefinieerd per gemeente. Daarvoor is eerst in beeld gebracht op welke locaties in de Achterhoek de minste belemmeringen (zoals woningen) bestaan om windturbines te plaatsen. Ook is gekeken of het netwerk van Liander voldoende aansluitmogelijkheden heeft. Een goede verdeling over de regio voorkomt aansluitproblemen en daarbij moet e.e.a. ook voor 2030 aangesloten kunnen worden. Uit de netwerkanalyse kwam naar voren dat de huidige onderstations voldoende capaciteit bieden, mits voor een complementaire zon-windverhouding wordt gekozen en de windenergie over de onderstations wordt verdeeld. Met de overblijvende gebieden is restrictief omgegaan om uiteindelijk het karakteristieke gesloten landschapsbeeld van de Achterhoek zo min mogelijk te beïnvloeden. Dat heeft geleid tot een keuze voor concentratie van windturbines binnen een beperkt aantal zoekgebieden.
Dit heeft een samenhangende strategie opgeleverd met een bijdrage per gemeente naar draagkracht van het landschap. De bijdrage aan windenergie die de gemeenten in het kader van de RES 1.0 bieden bedraagt in totaal 0,546 TWh, exclusief een bijdrage van Winterswijk, die niet is opgenomen vanwege het moratorium op wind tot 2023 in Winterswijk. Met dit bod wordt de vanuit systeem efficiëntie en kostenperspectief gewenste windbijdrage verbeterd ten opzichte van de huidige situatie maar nog niet bereikt. De resterende energieproductie om tot 1,35 TWh te komen kan worden opgevuld met energie uit zonneparken, hoewel
RAADSVOORSTEL 37948-2021
2
het vanuit netwerkefficiëntie en kosten substantiële voordelen biedt om ook extra windenergie toe te voegen. In het geval van Oost Gelre spreken we met deze RES 1.0 uit dat de twee zoekgebieden gezien de omvang, het landschap en het huidige gebruik het meest kansrijk zijn voor windprojecten. Dit is nog niet vertaald in het beleid van Oost Gelre. In de RES 1.0 is voor Oost Gele 0,058 TWh aan windenergie opgenomen, Deze hoeveelheid is in de RES niet vertaald in aantal turbines. De restopgave voor zon op land is niet gedefinieerd per gemeente. De restopgave voor zon op land is namelijk relatief beperkt. Dit komt door de gewenste wind - zon verhouding en omdat er al relatief veel zonneparken gerealiseerd zijn, dan wel in de pijplijn zitten. Het bestaande beleid van de gemeenten kan grotendeels worden gecontinueerd omdat de relatief beperkte resterende opgave voor zonneparken binnen deze kaders ruimschoots kan worden gerealiseerd. Ook voor zon op dak is geen verdeling per gemeente gemaakt. In het nog op te stellen plan van aanpak zal dit aan de orde komen. 1.5. Het is van belang om met de regio een plan van aanpak uit te werken om zon op dak te stimuleren. De grootschalige opstelling van zonnepanelen op daken, waarvan de energieproductie meetelt in de RES, heeft de nadrukkelijke voorkeur van de samenwerkende gemeenten, de provincie, en het waterschap.
Zij streven immers naar meervoudig ruimtegebruik bij de inpassing van energieopwekking in de omgeving. Bij zon op dak wordt optimaal gebruikt gemaakt van de ruimte en hoeven zonneparken niet landschappelijk te worden ingepast. Het verlies aan natuur, biodiversiteit en landbouwgrond is daarom klein of zelfs niet aanwezig. Vanwege deze voordelen heeft de Achterhoek zichzelf een hoge doelstelling gesteld van 0,35 TWh zon op dak in 2030. De totale Achterhoekse restopgave voor zon op dak is nog 0,248 TWh. Bedrijfsdaken en daken van agrarische bebouwing bieden in principe voldoende oppervlakte om de restopgave zon op dak te realiseren. De ervaring leert echter dat zon op dak lang niet makkelijk van de grond komt. In de RES is een doelstelling opgenomen om in 2030 0,35 TWh gerealiseerd te hebben, dat is ruim 70% van het potentieel. De realisatie van zon op dak kent behoorlijk wat obstakels. Naast de uitdagingen die Liander heeft op het gebied van versterking van het netwerk hebben we ook te maken met heel veel verschillende eigenaren, dakconstructies, financieringsconstructies etc. Om de doelstelling van 0,35 TWh te behalen zullen we een gezamenlijk plan van aanpak moeten ontwikkelen waarbij naar verwachting ook meer middelen en menskracht nodig zijn. Liander heeft een inpassingsladder ontwikkeld, die de kans op realisatie van zon op dak zo groot mogelijk maakt.
Die ladder kan mede gebruikt worden om het plan van aanpak te ontwikkelen. 1.6. Lokaal eigenaarschap is van groot belang. Lokaal eigenaarschap of financiële participatie bij een te realiseren energieproject gaat uit van vergaande betrokkenheid van inwoners, bedrijven en coöperaties, zoals bijvoorbeeld Agem. Algemeen wordt onderkend dat dit nuttig en ook nodig is voor het tijdig realiseren van de energietransitie. In het klimaatakkoord is afgesproken om ernaar te streven dat minimaal 50% van de productie van hernieuwbare energie (wind en zon) in handen komt van de lokale omgeving. Dit kunnen inwoners en/of bedrijven zijn. Er zijn veel manieren om aan dit uitgangspunt vorm te geven. De aanpak om lokaal eigenaarschap te realiseren is in alle gemeenten nu nog anders. Het is van belang om in de hele Achterhoek een gelijk speelveld te creëren voor alle partijen. In een regionaal plan van aanpak lokaal eigendom kunnen deze aspecten afgestemd en uitgewerkt worden. 2.1. Het is van belang dat de keuzes uit de RES worden vertaald in ons lokale beleid. De RES 1.0 is het resultaat van een strategische verkenning naar de toekomstige productie van duurzame energie in de Achterhoek. Op dit moment is de RES 1.0 nog geen juridisch bindend document.
Dat is pas het geval als het wordt overgenomen in zogenoemde ‘planfiguren’ die wel juridische doorwerking hebben naar overheden, organisaties en inwoners zoals omgevingsvisies, -programma’s en/of -plannen. Pas dan vormt de inhoud van deze RES 1.0 een juridisch kader waaraan initiatieven voor duurzame energie kunnen worden getoetst en beoordeeld. Het bestaande Beleid installaties opwekking hernieuwbare energie Oost Gelre is inmiddels 2,5 jaar oud. En de ontwikkelingen op het gebied van de energietransitie gaan snel. Op basis van de evaluatie van het tenderproces voor zonneparken> 2 ha. en de uitkomsten van het proces met de gemeenteraad over windenergie gaan we mogelijk de beleidskaders aanpassen of aanvullen. Het ligt voor de hand hierin ook de RES 1.0 mee te nemen.
RAADSVOORSTEL 37948-2021
3
Kanttekeningen 1.1. Door de raad is een motie aangenomen met een bod tussen 0,5 en 1,03 TWh. Tijdens de raadsvergadering op 18 mei jl. is een motie aangenomen waarin het college wordt verzocht om o.a. “In het kader van de opstelling van de RES Achterhoek 1.0 de opgave voor het jaar 2030 te richten op de overeengekomen landelijke RES-opgave (49% minder CO2-uitstoot in 2030; een realistisch bod ligt dan tussen 0,5 en 1,03 TWh op basis van inwoners, huidig verbruik en oppervlakte)”. Het college heeft invulling gegeven aan deze motie door het standpunt van uw raad ten aanzien van de hoogte van het bod terug te koppelen in het regionale bestuurlijk overleg over de RES 1.0 op 20 mei. In de RES 1.0 is voor Oost Gelre een opgave voor windenergie opgenomen van 0,058 TWh. Dit is ~7% van het aandeel wind in de RES 1.0 (namelijk 0,79 TWh windenergie van de 1,35 TWh). In de Regionale Uitvoeringsagenda Duurzame Energie Achterhoek (2016) en op basis van het energieverbruik in 20191 is het aandeel van Oost Gelre op basis van het energieverbruik daarentegen ~12%. Het bod van 1,35 TWh komt overeen met de berekeningen zoals opgenomen in de Regionale Uitvoeringsagenda Duurzame Energie Achterhoek uit 2016. Ten behoeve van de concept-RES is opnieuw gekeken naar de hoeveelheid elektriciteit die moet worden opgewekt om de Achterhoek energieneutraal te maken.
Uit die hernieuwde berekeningen blijkt dat voor een volledig energieneutrale Achterhoek meer elektriciteit moet worden opgewekt dan 1,35 TWh. Belangrijke reden voor dit verschil is dat bij de Regionale Uitvoeringsagenda alleen is gekeken naar de gebouwde omgeving en mobiliteit buiten scope was. Ook blijkt de te realiseren besparing op elektriciteitsgebruik minder dan destijds is ingeschat en levert biomassa een geringere bijdrage. 1.2. en 2.1. In Oost Gelre worden op dit moment geen grote windturbines toegestaan In het geval van Oost Gelre spreken we met deze RES 1.0 uit dat de twee zoekgebieden gezien de omvang, het landschap en het huidige gebruik het meest kansrijk zijn voor windprojecten. Dit is nog niet vertaald in het beleid van Oost Gelre. In het proces met de gemeenteraad waarin we mogelijk aanvullende kaders gaan stellen, krijgt een voorkeur van zoekgebieden eventueel een plek. Daarnaast kunnen de aanvullende kaders betrekking hebben op onder meer de inrichting en inpassing van windinitiatieven en de participatie mogelijkheden die worden geboden (zowel proces als financieel). 1.3. De RES 1.0 heeft betrekking op zonne-energie en windenergie en niet op andere technieken. De klimaatverandering gaat veel harder dan verwacht en voorspeld tijdens het afsluiten van het klimaatakkoord in Parijs en de doorvertaling naar het Nederlandse klimaatakkoord.
De EU sorteert daar al op voor met een aanscherping van de eerder afgesproken doelstelling. De uitstoot van CO2 dient daarom met spoed te worden gereduceerd. De RES-aanpak richt zich daarom op het realiseren van de productie van tenminste 35 TWh duurzame energie in 2030. Dit verklaart de focus van de RES-aanpak op productietechnieken die direct een bewezen en significante bijdrage kunnen leveren aan deze productie. Dit zijn momenteel zonne-energie en windenergie. 1.4. Niet alle inwoners hebben de middelen om financieel te participeren. Er bestaan verschillende vormen van participatie. Omwonenden kunnen mede-eigenaar worden of ze kunnen risicodragend financieel deelnemen. Daarnaast bestaan er mogelijkheden om een deel van de opbrengst via een omgevingsfonds ten goede te laten komen aan maatschappelijke doelen of om de direct omwonenden via een omwonendenregeling korting te geven op groene stroom. Bij een omgevingsfonds en een omwonendenregeling is wel sprake van participatie, maar dragen inwoners financieel niet bij. De te kiezen vorm van participatie kan per initiatief verschillend zijn. Er zijn verschillende marsroutes naar 50% projectparticipatie. Nader onderzoek moet aantonen hoe participatie het best kan worden georganiseerd. 1.5. De energietransitie heeft een bredere scope dan alleen de opwekking van elektriciteit.
De RES 1.0 richt zich, naar opdracht vanuit het Rijk, vrijwel uitsluitend op duurzame energieopwekking. De energietransitie omvat echter ook het verduurzamen van de gebouwde omgeving. Hierbij ligt er een 1 Bron: Klimaatmonitor
RAADSVOORSTEL 37948-2021
4
belangrijke besparingsopgave voor woningen en gebouwen. Op termijn, in ieder geval uiterlijk 2050, dient de verwarming van de gebouwde omgeving aardgasvrij te zijn. Verwarming dient dan plaats te vinden met duurzame warmtebronnen. Dit is een enorme opgave. Woningen en gebouwen dienen eerst goed te worden geïsoleerd om over te schakelen op duurzame warmtebronnen. Voor Oost Gelre en de gehele Achterhoek zullen dit overwegend individuele oplossingen zijn. De mogelijkheden voor collectieve duurzame warmtevoorziening zijn zeer gering. De overgang naar duurzame warmtevoorziening zal stapsgewijs, buurt voor buurt plaatsvinden. Hierbij dienen eigenaren van gebouwen ruimschoots de tijd te krijgen om te anticiperen op de wijze van toekomstige warmtevoorziening. De doelstelling van het Akkoord van Groenlo om in 2030 energieneutraal is hierdoor niet realistisch en haalbaar. Door de ontwikkelingen van de afgelopen jaren en het belang om de energieopwekking en -besparing in samenhang te zien, ligt het voor de hand het Akkoord van Groenlo te herijken. En daarmee een samenhangende regionale strategie voor de gehele energietransitie op te stellen. In de RES 2.0, die op 1 juli 2023 ingediend moet zijn, zal dit samenkomen. Inmiddels is er regionaal bestuurlijk een opdracht gegeven om het Akkoord van Groenlo te herijken.
Vanuit het college van Oost Gelre zetten wij bij deze herijking nadrukkelijk in op een realistische ambitie, met daarbij een realistisch aandeel voor Oost Gelre.
Uitvoering Kosten De middelen voor het opstellen van de RES 1.0 komen tot op heden voornamelijk van het Rijk en van de provincie. Het budget is eindig. De regionale RES-organisatie kan vermoedelijk tot het einde van het jaar blijven bestaan. Indien er geen nieuwe middelen beschikbaar komen, kan de RES 2.0 niet opgesteld worden. Dit geldt overigens voor alle RES-regio’s. De verwachting is dat het Rijk en de provincie opnieuw middelen beschikbaar zullen stellen. Planning De RES 1.0 wordt door alle gemeenteraden uit de regio Achterhoek, provinciale staten en het algemeen bestuur van het waterschap in dezelfde periode behandeld. Indien alle raden, de staten en het waterschapsbestuur de RES 1.0 vaststellen, zal deze daarna officieel worden aangeboden aan het npRES. Indien één of meerdere gremia nog wijzigingen voorstellen volgt nader overleg, waarna een gewijzigde versie van de RES 1.0 in procedure wordt gebracht. De officiële aanbieding zal dan na de tweede behandeling door de gemeenteraden, provinciale staten en dagelijks bestuur van het waterschap plaatsvinden. Daarna moet de RES 1.0 nog worden vertaald in lokaal beleid. Communicatie Om inwoners en andere stakeholders goed te informeren over de RES 1.0 worden diverse communicatiemiddelen in samenhang ingezet (website, sociale media en de Elna/Groenlose Gids).
We communiceren over de besluitvorming over de RES 1.0 nadat de colleges van B&W van de Achterhoekse gemeenten, gedeputeerde staten van provincie Gelderland en het dagelijks bestuur van Waterschap Rijn en IJssel hebben besloten (half juli), na behandeling in de gemeenteraad Oost Gelre (september) en wanneer de gemeenteraden van de andere Achterhoekse gemeenten, provinciale staten en het waterschapsbestuur hebben besloten (naar verwachting in november). In de communicatie over de RES 1.0 trekken we waar mogelijk samen op met de andere Achterhoekse gemeenten. Evaluatie De RES wordt 2-jaarlijks herijkt. De RES 2.0 is een nadere uitwerking en mogelijke herziening van de RES 1.0. Deze RES 2.0 moet op 1 juli 2023 worden ingediend.
RAADSVOORSTEL 37948-2021
5
Bijlage 1. RES 1.0 Achterhoek
Een ontwerpbesluit bieden wij u hierbij ter vaststelling aan.
Het college van de gemeente Oost Gelre, secretaris,
burgemeester,
J. Heerkens
A. Bronsvoort
RAADSVOORSTEL 37948-2021
6