CConstaterende datOost Gelre
Koppel je AI →
Document · PDF

reactie nav vragen sociale raad oktober 2024

Gemeenteraad 11 februari 2025, gemeente Oost GelreBij agendapunt: Woonzorgvisie Oost Gelre1.683 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Adres Varsseveldseweg 2 7131 BJ Lichtenvoorde

Datum 14 november 2024

Zaaknummer

Uw brief van

Uw kenmerk -

Behandeld door WJ

Doorkiesnummer 06 – 34 63 19 56

Onderwerp

Beantwoording vragen nav advies Woonzorgvisie Sociale Raad 23 oktober 2024. Beste leden van de Sociale Raad, Ten eerste bedankt voor uw advies. Hieronder volgt de beantwoording, dan wel reactie op uw gestelde vragen of stellingen.

Beantwoording 1. Het uitvoeringsprogramma Woonzorgvisie, alsmede de reactie van de wethouder op ons eerste advies, uitvoerig beschreven. Toch vinden wij het geheel nog erg vaag. Breed is beschreven wat er gedaan gaat worden, maar we missen het HOE. Hoe wordt er aan het programma gewerkt. Bijvoorbeeld: Hoeveel woon-zorg locatie levert het op? Hoe krijgen de ouderen echt de regie? Hoeveel doorstroming wordt er gerealiseerd? Hoeveel procent is er, en wanneer wordt sociaal en betaalbaar gerealiseerd? Advies: Werk het programma concreet uit met HOE je tot uitvoering komt. We begrijpen de behoefte aan meer concretisering. Sterker nog, deze behoefte voelen wij zelf ook. Tegelijkertijd vraagt het om te komen tot concretisering in eerste instantie om visie en inzicht wat we dan precies willen doen en waarom. Dat geldt voor ons als gemeente, maar ook in samenwerking met andere partijen. Bijvoorbeeld de hoeveelheid zorglocaties is afhankelijk van samenwerking met andere partijen, voor ouderen is het belangrijk dat hier ook een stuk bewustwording bij henzelf ontstaat, doorstroming is deels afhankelijk van de afspraken met ketenpartners, etc. Het begint bij waar we naartoe willen bewegen. Daar is nog ruimte te winnen en is de Woonzorgvisie primair op gericht. Tegelijkertijd erkennen wij wel de mate aan vaagheid en moeten we hard aan de slag om de visie te vertalen naar uitvoering.

Dat zien wij wel als een ontwikkelproces en zal dus tijd kosten. Bij de beantwoording van uw vragen hebben we in dit document zoveel mogelijk geprobeerd om per vraag al concrete voorbeelden te noemen waar we naartoe werken of nu al mee gestart zijn. Zo maken wij afspraken met de woningcorporaties over het aantal te bouwen woningen in twee nieuwbouwwijken, maken afspraken over het realiseren van ontmoetingsruimten en het huisvesten van aandachtsgroepen. Daarnaast ontwikkelen we verschillende kaartlagen om de verbinding met de fysieke afdeling duidelijk te leggen en wijken te kiezen om een pilot te draaien waar we vanuit

zowel Sociaal als Fysieke urgentie zien om interventies in te zetten. Denk dus bijvoorbeeld aan het toevoegen van groen of het aanpassen van stoeptegels ter bevordering van welzijn.

2. De basis van de samenwerking ligt in de communicatie met de inwoners. Het bewustwordingsproces en het peilen van de zorgbehoefte. Een samenspel van halen en brengen tussen inwoners en gemeente. Advies: Gebruik hiervoor eenvoudige en begrijpelijke informatie. Dit kan, zeker voor ouderen en minder digitaal vaardigen, niet alleen met een digitaal platform. Laat de teksten meelezen door een burgerpanel. Maak folders en flyers en verspreid deze. Bv locaties waar veel mensen regelmatig komen, zoals een supermarkt of postloketten. Ook via de ouderadviseurs, woonconsulenten en andere vrijwilligers. Maak gebruik van verenigingen en burgerinitiatieven. Organiseer bijeenkomsten voor verschillende doelgroepen en laat ervaringsdeskundigen aan het woord over hun ervaring over wonen en zorg. Hier sluiten wij volledig op aan. Zowel als het gaat om het aanbieden van informatie op een manier dat deze begrijpelijk is voor inwoners , aansluit bij de behoefte van de inwoners en aangeboden wordt op plekken waar inwoners vaak komen. Ook het gebruik maken van ervaringsdeskundigheid rond communicatie maar ook bij bv de inrichting van (nieuwe)wijken vinden wij belangrijk. Lokale organisaties denken reeds regelmatig met ons mee. Wij gaan, zoals we reeds hebben aangegeven, nog diverse bijeenkomsten met inwoners organiseren.

Ook het gebruik van goede voorbeelden om mede inwoners bewust te maken willen wij inzetten. Voorbeelden van inwoners die hun woning levensloopbestendig hebben gemaakt zijn daarvan een voorbeeld. Daarnaast gaan we bijvoorbeeld ook in gesprek met BOOG hoe we nog meer gebruik kunnen maken van hun ervaringsdeskundigheid en gaan we intern ons aanvraagproces nalopen om ervaringsdeskundigheid een plek te geven in onze afwegingen. 3. In het programma staat dat er nog een lokale inclusie agenda moet worden opgesteld tussen nu en 5 jaar. Dit lijkt ons vrij laat. Als de omgeving als lijm wordt gezien kan een inclusie agenda niet ontbreken. Advies: stel op korte termijn de lokale inclusie agenda op. Onze inclusieagenda moet onderdeel zijn van ons structurele beleid. Dat betekent dat het bij de diverse beleidsterreinen een onderwerp zal zijn. Inclusie is immers niet iets “wat er ook nog bij moet’, maar moet onderdeel zijn van al ons beleid. We bouwen voor iedereen, we richten onze openbare ruimte in voor iedereen en onze communicatie moet voor iedereen te begrijpen zijn. Om dit steeds beter uit te voeren werken wij intern steeds meer met domein overstijgende projectgroepen. Het verder uitbouwen hiervan zijn een van de acties die wij in het uitvoeringsplan op hebben genomen. De inclusieagenda zal ook een belangrijk onderdeel worden binnen onze nieuwe nota Sociaal Domein.

Daarnaast zien we een duidelijke relatie tussen Inclusie en Toegankelijkheid en daarmee inrichting van onze openbare ruimte. Concreet gaan we daarom in gesprek met de managers van beide afdelingen hoe we dit integraal als thema op kunnen pakken, wie dit vervolgens gaat doen en hoe dit uitgerold wordt op onze afdeling.

4. Uit het uitvoeringsprogramma blijkt dat er intern meer samengewerkt moet worden om de belangen van het ruimtelijk en sociaal perspectief beter te kunnen afstemmen. Zolang de energie daarvoor binnen nodig is, zal er naar buiten weinig gebeuren. Advies: Werk aan een gezamenlijk draagvlak, binnen de gemeente, om het nodige maatwerk te kunnen leveren op het gebied van wonen, zorg en welzijn. We willen maatwerk, maar ook integraal maatwerk. Door intern meer de verbinding te leggen tussen de verschillende afdelingen zijn we in staat om meer integraal antwoord te geven op vragen. Tegelijkertijd hebben we vragen van externe partijen gewoon te beantwoorden. Het is dus niet zo dat we eerst zelf alleen intern aan de slag gaan en dan pas met externe partijen aan de slag gaan, maar juist parallel aan elkaar. Het is niet of of, maar en en. Dit is ook wat inwoners en externe partijen nadrukkelijk van ons vragen. We zijn niet van een specifieke afdeling van het 2

gemeentehuis, maar praten namens de gehele gemeente. Daarom moeten antwoorden altijd integraal zijn. Dat doen we nu nog niet altijd en daarom moeten we daarmee aan de slag. Concreet zijn we op dit moment in gesprek met interne collega’s om te komen tot een model, dan wel afwegingskader waarin we de verschillende belangen en onderwerpen van de afdelingen kunnen plotten. Dit gaat ons helpen om inzicht te krijgen in wat er allemaal speelt om vervolgens met elkaar (obv dit overzicht) een gesprek te hebben over de verschillende belangen en keuzes te maken. 5. De gemeente Oost -Gelre heeft ook vanuit een landelijke opdracht de taak om een contigent woningen te realiseren. Advies: Maak dit uitvoeringsprogramma concreet, ook met aantallen. Hoe ga je bijvoorbeeld om met de opdracht 30-30-30 woningen. Dat willen we doen vanuit het thema Woonzorgbehoefte. We willen gericht bouwen waarin we nu de 30-30-30 regeling nemen als uitgangspunt. Tegelijkertijd willen we ook bouwen naar behoefte en verandering die we zien obv demografische ontwikkelingen. De regeling zegt nog niet zoveel over de kwaliteit van de huizen of het specifiek soort zorgbehoefte dat opgelost wordt in relatie tot wonen. Door eerst de behoefte scherper in kaart te brengen kunnen we beoordelen of lokale aanpassingen of nuancering op de 30-30-30 regeling wenselijk is.

Concrete afspraken worden regionaal vastgelegd in de Woondeal. Lokaal leggen wij de invulling vast in bv de afspraken met de woningcorporaties.

6. In het uitvoeringsplan wordt aangegeven samen te willen werken met zorgaanbieders, gezondheidzorg en woningbouwcorporaties om de woonzorgvisie vorm te geven. Advies: Werk ook aan betere samenwerking en afspraken tussen de zorgaanbieders onderling. Dit zou de efficiëntie van de zorg kunnen verhogen. Bij goede afspraken is misschien de zorg in het buiten gebied, in de toekomst, wel te realiseren. Dat beogen we ook met het thema Samenwerken en dan specifiek met externe samenwerking. We zien de opgaven rondom Wonen en Zorg als van ons gezamenlijk en niet alleen van de gemeente. Door scherper samen te werken met externe ketenpartners gaan we knelpunten in de keten signaleren en waar nodig acties uitzetten om dit op te lossen. Daarmee dus ook knelpunten in efficiency. Een voorbeeld is het samen denken waar wat te bouwen in relatie tot het kunnen leveren van zorg. Het feit dat Stichting Marga Klompe en SIUS reeds samen denken aan het realiseren van nieuwbouw (samen met de Woonplaats) bij de Molenberg is een mooi voorbeeld waar reeds toekomstgericht gedacht wordt aan het invullen van de zorg- en woonvraag. Daarnaast houden we in de opzet van nieuwe wijken of MFA-ontwikkeling al concreet rekening met het invoegen van zorg/sociaal. Juist om de juiste zorg, tijdig op de juiste plek te krijgen.

We houden daarin nu al rekening met het organiseren van zorg in de nabijheid van inwoners en zijn structureel in gesprek met zorgpartijen hoe we dit in de toekomst vorm kunnen geven. Dit komt heel concreet samen in de ontwikkeling van een buurtvoorziening of een MFA. 7. We missen de monitoring en evaluatie van dit uitvoeringsprogramma. Als SROG willen wij daar graag in betrokken worden. Advies: neem monitoring en evaluatie op in het programma. Niet allen op het eind maar ook tussendoor zodat je kunt bijsturen als dit nodig blijkt. Terecht punt! Dit doen we doorlopend in onze werkgroep, maar hier mist nog de terugkoppeling naar u als Sociale Raad. We zullen periodiek een terugkoppeling verzorgen. De onderwerpen uit het uitvoeringsprogramma willen wij opnemen in onze begroting. Daardoor zal het mogelijk zijn twee maal per jaar zowel inhoudelijk als financieel de uitvoering structureel te monitoren. Daarnaast is het voorstel om structureel tweemaal in het jaar aan te sluiten voor een update over de voortgang van het Uitvoeringsprogramma Woonzorgvisie. Groet, Dion, Maria, Willy en Wilfried

3

Met vriendelijke groet,

Ter ondertekening voor akkoord:

Bart Porskamp

Ellen Dusseldorp

Wethouder Wonen gemeente Oost Gelre

Wethouder Sociaal Domein Oost Gelre

Handtekening

Handtekening

………………………….

………………………….

Datum

Datum

………………………….

………………………….

4

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/15103234/1