CConstaterende datOost Gelre
Koppel je AI →
Document · PDF

programmabegroting fijnder 2025

Gemeenteraad 2 juli 2024, gemeente Oost GelreBij agendapunt: Fijnder programmabegroting 2025 en jaarstukken 202316.665 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

rente

Inhoudsopgave 1. Inleiding ...............................................................................................................................................................3 2. Programma werk en activering ............................................................................................................................9 3. Programma inkomen .........................................................................................................................................15 4. Programma ondersteuning ................................................................................................................................18 6. Paragrafen .........................................................................................................................................................22 BIJLAGEN .............................................................................................................................................................36 Bijlage A. Overzicht baten en lasten begroting 2025 ............................................................................................37 Bijlage B: Verklaring afkortingen ...........................................................................................................................45

2

1. Inleiding 1.0 Algemeen Bij de dienstverlening van Fijnder staat de vraag van de individuele inwoner centraal.

Missie Fijnder heeft als doel inwoners van Berkelland, Oost Gelre en Winterswijk die op zoek zijn naar werk en ontwikkelmogelijkheden een sluitende aanpak te bieden. Als uitvoeringsorganisatie leveren we snel en effectief werk. Mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt profiteren van goede begeleiding op weg naar werk, een opleiding of een zinvolle dagbesteding. Visie

Wij geloven dat iedereen van betekenis wil en kan zijn! Uitgaande van de cliëntvraag bieden we maatwerk. Een efficiënt proces, met veel focus. Mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt worden snel verder geholpen en krijgen gedurende het proces inkomensondersteuning. Na een analyse waarin we een compleet cliëntprofiel vormen, maken we samen een duidelijke route naar het hoogst haalbare resultaat. Passend bij het vermogen van de mens. Daarbij kijken we naar mogelijkheden, stimuleren we vooruitgang en bewegen we mee met de vraag. Ook bieden we waar dat nodig is een beschutte werkplek. Strategie Wij helpen mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt participeren in de samenleving. We bieden een financieel vangnet op het gebied van inkomen, helpen terug naar school, helpen bij het inburgeren en/of ondersteunen om aan het werk te komen en te blijven. Als het laatste niet lukt, zoeken we naar een passende lokale plek waarin mensen betrokken zijn bij de samenleving. Dat kan ook in onze werkplaats.

1.1 Inhoud programma’s Fijnder kent drie uitvoeringsprogramma’s: a. Programma Werk en Activering: Het re-integreren van werkzoekenden met een gemeentelijke uitkering (inclusief nieuw Beschut), maar ook van niet-uitkeringsontvangers en daarnaast het matchen en detacheren van Wsw-medewerkers. Het activeren van cliënten voor wie de stap naar betaald werk vooralsnog niet mogelijk is. Het inzetten van re-integratie instrumenten om cliënten stappen te laten zetten in hun ontwikkeling; b. Programma Inkomen: Het verlenen van bijstand of leefgeld voor levensonderhoud aan cliënten die niet zelfstandig in hun bestaan kunnen voorzien. De inzet van Fijnder is tevens gericht op het voorkomen dat personen die een uitkering aanvragen deze ten onrechte krijgen (poortwachtersfunctie); c. Programma Ondersteuning: Het bieden van een financieel vangnet voor inwoners die onvoorziene kosten hebben en door buitengewone omstandigheden in financiële problemen dreigen te raken of zijn geraakt of willen participeren in de samenleving. Het minimabeleid is in de drie samenwerkende gemeenten voor een deel lokaal vormgegeven en 3

kan dan ook tot enigszins verschillende uitkomsten leiden voor de betreffende inwoners. Daarnaast is er nog een afgeleid programma dat vanwege de specifieke aard niet onder de hoofdprogramma’s is gebracht; d. Programma Overhead en algemene kosten: Hier worden de algemene bedrijfsvoeringskosten, de incidentele baten en lasten en de mutaties in de reserves geraamd. 1.2 Trends en ontwikkelingen Participatiewet in Balans Het ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid kiest ervoor de herziening van de Participatiewet vorm te geven in het programma Participatiewet in Balans. In het programma komen de drie reeds ingezette sporen om de Participatiewet te verbeteren samen. • Spoor 1 betreft een wetsvoorstel met daarin een samenhangend pakket aan maatregelen waarmee de regering een eerste, stevige stap wil zetten naar een uitvoering van de Participatiewet waarbinnen vertrouwen en de menselijke maat kernwaarden zijn. De beoogde datum van inwerkingtreding is 1 januari 2025. • In spoor 2 wordt fundamenteler gekeken naar de doelen en uitgangspunten van de wet en de wijze waarop de wet vanaf de basis opnieuw kan worden opgebouwd: de herziening van de Participatiewet.

• Spoor 3 omvat initiatieven om de vakkundigheid van professionals in de uitvoering te versterken en de uitvoering te ondersteunen, zodat zij straks voldoende handvatten hebben om volgens de bedoeling van de nieuwe wetgeving te werken en de beweging richting vertrouwen, eenvoud en de menselijke maat te ondersteunen. Infrastructuur sociaal ontwikkelbedrijven Bureau Berenschot heeft in opdracht van het ministerie van SZW een rapport uitgebracht over de (toekomstige) infrastructuur van sociaal ontwikkelbedrijven. Minister Schouten (Armoedebeleid, Participatie en Pensioenen) heeft op 21 december 2023 de Tweede Kamer een nadere appreciatie van het rapport van bureau Berenschot gestuurd, inclusief een schets van oplossingsrichtingen die ze samen met betrokken partijen VNG, Cedris, Divosa en met het UWV en sociale partners uitwerkt. In deze brief worden oplossingsrichtingen beschreven en maatregelen geschetst die een eerste stap kunnen vormen in de richting van een duurzame infrastructuur van sociaal ontwikkelbedrijven. De incidentele investeringen van de voorkeursvariant komen in de periode van 2025 tot en met 2034 neer op in totaal circa € 330 miljoen. Besluitvorming over deze maatregelen en de budgettaire inpasbaarheid kan worden betrokken bij de voorjaarsbesluitvormig en/of overgelaten aan een nieuw kabinet. De structurele investeringen bedragen € 35 miljoen vanaf 2035.

Voor 2024 wordt een bedrag van € 63,9 miljoen euro vrijgemaakt. Hiermee kunnen gemeenten eerste stappen zetten richting een duurzame infrastructuur. Investering in beschut werk en sociaal ontwikkelbedrijven In de voorjaarsnota is door het kabinet aangekondigd dat er extra geld vrijgemaakt zal worden waarmee de gemeenten de sociaal ontwikkelbedrijven beter kunnen organiseren. Het gaat hierbij om bijna € 600 miljoen voor de komende 10 jaar, daarnaast is er vanaf 2035 structureel € 100 miljoen per jaar beschikbaar. Sociaal ontwikkelbedrijven – zoals Fijnder – hebben sinds de invoering van de Participatiewet in 2015 te maken met verschillende veranderingen. De toegezegde middelen verlagen de financiële druk die deze veranderingen met zich meebrengen. Daarnaast biedt de structurele investering meer stabiliteit en continuïteit voor de lange termijn. Met de vrijgemaakte middelen kunnen gemeenten en de sociaal ontwikkelbedrijven plannen maken voor de toekomst, met als uitgangspunt een duurzame infrastructuur. Op dit moment is nog niet bekend op welke wijze deze middelen verdeeld gaan worden en aan wie deze zullen worden uitbetaald. In deze begroting kan hierop nog niet geanticipeerd worden.

Alleenverdieners Ongeveer 6.400 huishoudens in Nederland hebben vanwege een samenloop van fiscaliteit, sociale zekerheid en toeslagen een lager besteedbaar inkomen dan een vergelijkbaar huishouden met een volledige bijstandsuitkering. Het ministerie van SZW werkt aan een tijdelijke regeling waarbij gemeenten in de periode 4

2024-2027 jaarlijks een vast bedrag ambtshalve uitkeren aan de betreffende huishoudens. Dit gebeurt via een wijziging van de Participatiewet. Het kabinet heeft hiervoor middelen vrijgemaakt. Een structurele oplossing via belastingwetgeving is voorzien in 2028. In afwachting van de tijdelijke regeling kunnen gemeenten huishoudens maandelijks compenseren via de individuele bijzondere bijstand. Gemeenten ontvangen later in 2024 hiervoor middelen via een decentralisatie-uitkering via de mei-of septembercirculaire. Gemeenten kunnen deze aanpak in 2024 voortzetten tot het moment waarop de wetswijziging voor de tijdelijke regeling in werking treedt. Dit betekent dat gemeenten ook in en over 2024 alleenverdienende huishoudens (maandelijks) kunnen compenseren, totdat de tijdelijke regeling van kracht is. Over de uitkering van de financiering voor 2024-2027 moet nog worden besloten. Cliëntstromen Onderstaand de verwachting van het aantal bijstandsontvangers zoals opgenomen in de septembercirculaire 2023. Aantal bijstandsontvangers September circulaire 2023 Procentuele wijziging

Raming 2024 400.647

Raming 2025 406.297 1,41%

Raming 2026 416.586 2,53%

Raming 2027 425.111 2,05%

Raming 2028 433.252 1,92%

Fijnder heeft tot 2023 ten aanzien van de bestandsontwikkeling een positieve afwijking laten zien van landelijke cijfers. In 2023 was er een trendbreuk zichtbaar als gevolg van de instroom van onder meer statushouders. Ook de komende jaren blijft de instroom naar verwachting hoog. Voor de bestandsontwikkeling van het uitkeringsvolume wordt vooralsnog aangesloten bij het verwachte uitkeringsvolume zoals opgenomen in de septembercirculaire 2023. Dit leidt tot een mogelijke bestandsstijging van 1,41%. De ambitie blijft om het bestand niet te laten stijgen, maar een bestandsstijging van 1,41% wordt door het Dagelijks Bestuur als reëel en ambitieus beschouwd. Niet uitgesloten kan worden dat in het komend jaar via de bestuursrapportages deze verwachting moet worden bijgesteld. BUIG-budget De ontwikkeling van het BUIG-budget van de individuele gemeenten hangt nauw samen met het landelijke macrobudget. Om een inschatting te kunnen maken van het BUIG-budget voor de jaren 2025 tot en met 2028 is de ontwikkeling van het macrobudget van belang. In de Rijksbegroting 2024 van het Ministerie van Sociale zaken en Werkgelegenheid is hierover het volgende vermeld: • Een aantal eerdere wetswijzigingen leidt tot een oploop in de raming van de bijstandsuitgaven, zoals de Participatiewet in 2015 en de afloop van de IOAW.

Daarnaast zorgt de hoge instroom van statushouders in 2023 voor een hoger bijstandsgebruik. • De uitgaven aan loonkostensubsidie nemen jaarlijks toe doordat de doelgroep van LKS sinds invoering van de Participatiewet ingroeit. Daarnaast stijgt de gemiddelde hoogte van LKS door de koppeling met het wettelijk minimumloon. • Het aantal mensen dat een beroep kan doen op de IOAW neemt af. • De uitgaven aan de IOAZ nemen vooral toe door de verhoging van de AOW-gerechtigde leeftijd. De ontwikkeling van het macrobudget ziet er als volgt uit: Overzicht participatiewet Voorlopig Raming uitkeringen (x €1.000) budget 2024 2025 Macrobudget totaal 6.975.967 7.233.621 Procentuele ontwikkeling 3,7%

Raming 2026 7.390.061 2,2%

Raming 2027 7.551.194 2,2%

Raming 2028 7.738.772 2,5%

Raming ontwikkeling BUIG-budgetten per gemeente Het meerjarenbeeld met betrekking tot de ontwikkeling van lasten in de begroting van Fijnder zal in de begroting 2025 – 2028 opgesteld worden aan de hand van bovenstaande gegevens en de werkelijke ontwikkeling tot en met ultimo 2023 en de verwachting voor 2024. Het voorlopig BUIG-budget 2024 is in september 2023 bekend geworden (zie hiervoor de tabel onder deze alinea). Om een inschatting te maken van het BUIG-budget voor de jaren 2025 tot en met 2028 is het aandeel per gemeente in het macrobudget constant verondersteld. 5

Doordat het macrobudget vanaf 2024 toeneemt, zal naar verwachting het BUIG-budget per gemeente vanaf 2024 ook toenemen. In onderstaande tabel is de verwachte ontwikkeling van het BUIG-budget weergegeven: Raming BUIG budget per Voorlopig Raming Raming Raming Raming gemeente (x €1.000) budget 2024 2025 2026 2027 2028 Berkelland 10.619 11.279 11.525 11.856 12.223 Oost Gelre 4.990 5.264 5.356 5.491 5.643 Winterswijk 9.723 10.205 10.349 10.582 10.852 Voor de ontwikkeling van de kosten per uitkering hanteren we dezelfde trend. Er zijn echter een aantal elementen die het moeilijk maken om in te schatten hoe de kosten zich zullen ontwikkelen: 1. Steeds vaker zullen er mensen met loonkostensubsidie aan het werk gaan. Dit bespaart wel op de bijstandskosten, maar betreft niet meer de hele uitkering; 2. De samenstelling van huishoudens kan wijzigen waardoor de hoogte van de uitkeringen zal wijzigen. Per saldo is op basis van de macroraming en de raming van de ontwikkeling van het aantal klanten wel te verwachten dat de kosten in de komende jaren zullen stijgen. Re-integratiebudgetten Vanaf 2023 zijn het klassieke re-integratiebudget en de participatiemiddelen voor de nieuwe doelgroepen begeleiding ‘regulier’ en voormalig Wajong overgeheveld naar het cluster Participatie van de algemene uitkering in het Gemeentefonds.

De middelen voor uitvoering Participatiewet, minimabeleid, klassieke re-integratie en participatie nieuwe doelgroepen zijn daardoor vanaf 2023 niet (meer) apart zichtbaar. Het cluster Participatie bestaat (vanaf 2023) uit de volgende verdeelkenmerken: bijstandsontvangers, loonkostensubsidies, inschrijvingen doelgroepenregister en huishoudens met laag inkomen. Alleen de budgetten voor de Wsw en de begeleiding van Nieuw Beschut werk zijn opgenomen in een afzonderlijke integratie-uitkering. Participatiebudget Re-integratie uitkeringen (x €1.000) Berkelland WSW Begeleiding Nieuw Beschut Totaal Oost Gelre WSW Begeleiding Nieuw Beschut Totaal Winterswijk WSW Begeleiding Nieuw Beschut Totaal

Voorlopig budget 2024

Raming 2025

Raming 2026

Raming 2027

Raming 2028

5.661 204 5.865

5.457 220 5.677

5.234 237 5.471

4.976 254 5.230

4.758 271 5.029

5.885 111 5.966

5.690 120 5.810

5.509 129 5.638

5.149 138 5.287

4.908 147 5.055

6.021 122 6.143

5.630 132 5.762

5.428 142 5.570

5.076 152 5.228

4.919 162 5.081

Cluster participatie vanuit algemene uitkering Gemeentefonds Opbouw cluster participatie (x € 1.000) Berkelland Bijstandsontvangers Doelgroepenregister Loonkostensubsidie (LKS) Huishoudens laag inkomen Totaal Oost Gelre Bijstandsontvangers Doelgroepenregister Loonkostensubsidie (LKS) Huishoudens laag inkomen Totaal

Voorlopig budget 2024

Raming 2025

Raming 2026

Raming 2027

Raming 2028

3.785 512 1.082 1.872 7.251

3.996 572 1.285 1.965 7.818

3.987 600 1.333 1.927 7.847

4.231 667 1.472 2.018 8.388

4.418 733 1.599 2.083 8.833

2.069 261 377 1.046 3.753

2.185 291 448 1.098 4.022

2.180 305 465 1.077 4.027

2.313 339 514 1.128 4.294

2.415 373 558 1.164 4.510

6

Winterswijk Bijstandsontvangers Doelgroepenregister Loonkostensubsidie (LKS) Huishoudens laag inkomen Totaal

4.119 335 403 1.445 6.302

4.350 374 478 1.517 6.719

4.340 392 496 1.488 6.716

4.605 436 548 1.558 7.147

4.809 479 595 1.608 7.491

1.3 Speerpunten vanuit de opdrachtgevende gemeenten De opdrachtgevende gemeenten hebben de volgende speerpunten meegegeven aan Fijnder: • Duidelijke informatievoorziening Passend bij de doelstelling zoals geformuleerd in de begroting worden bestuur en raden in de positie gebracht om hun rol op juiste wijze te vervullen. • Proactieve samenwerking met alle ketenpartners in het sociaal domein Fijnder werkt onder andere nauw samen met lokale teams, ketenpartners zoals UWV, ROZ, onderwijsinstellingen, RMC en andere gemeenten. Daarbij wordt actief bijgedragen aan de uitvoering van regionale en lokale initiatieven. • Werken vanuit de bedoeling Bij het werken vanuit de bedoeling staat de cliënt centraal. De basis voor het werken vanuit de bedoeling is vastgelegd in de verordening sociaal domein. Dit gedachtegoed krijgt blijvende aandacht vanuit de dienstverlening van Fijnder. • Doorontwikkelen doorgaande ontwikkellijn om simpel switchen mogelijk te maken De infrastructuur is erop gericht een doorlopende ontwikkellijn te bieden van arbeidsmatige dagbesteding naar een baan bij een reguliere werkgever. Hiervoor is een omgeving beschikbaar waarin op allerlei verschillende manieren gewerkt kan worden aan het opdoen van werkervaring en het bieden van ontwikkelmogelijkheden. • Doorontwikkeling van lokale initiatieven Voor een cliënt wordt de meest passende werkplek gezocht.

Waar het cliënten betreft met een grote afstand tot de arbeidsmarkt geschiedt dit bij voorkeur zo lokaal als mogelijk. Aan de werkgever wordt passende ondersteuning geboden om deze werkplekken te realiseren. 1.4 Uitgangspunten begroting 2025 Bij het opstellen van de begroting 2024 en meerjarenraming 2025 - 2027 hanteren wij de volgende uitgangspunten: Algemeen: • Het vastgestelde/bestaande beleid 2024 van de drie gemeenten dient als vertrekpunt voor de begroting 2025; • Indexatie vindt plaats op basis van de in de septembercirculaire 2023 gepubliceerde indexatiecijfers volgens de macro-economische verkenning; Prijsindex CPB MEV 2024 en CEP 2023 2025 2026 2027 2028 Loonvoet sector overheid 5,8% 4,8% 4,2% 4,2% Prijsvoet overheidsconsumptie, netto 1,6% 1,6% 1,6% 1,6% materieel (imoc) • De programma’s en producten zoals vastgesteld in de begroting 2024 blijven ongewijzigd; • De ingezette lijn met betrekking tot de integrale dienstverlening (Samen aan het stuur) wordt verder voortgezet en waar nodig en gewenst doorontwikkeld; • Kritische prestatie-indicatoren: Voor de begroting 2025 worden dezelfde indicatoren gehanteerd als voor 2024. In relatie tot de kritische prestatie-indicator cliëntervaring wordt in 2024 een 0-meting uitgevoerd; 7

• De cao SGO kent een looptijd tot en met 31 maart 2025. De uitkomsten van de cao-onderhandelingen over de periode na afloop van de looptijd kunnen gevolgen hebben voor de begroting 2025 en komende jaren die afwijken van de voorgestelde indexatie. Aanvullend kan worden opgemerkt dat Fijnder ernaar streeft om de kosten zo laag mogelijk te houden. Aanleiding hiervoor is de verwachte financiële druk op de gemeentelijke begrotingen vanaf 2026. Verdeelsleutel bedrijfsvoeringskosten De uitvoeringskosten van Fijnder worden op basis van de verdeelsleutel over de gemeenten verdeeld. Deze verdeelsleutel wordt jaarlijks bepaald op basis van het totaal aantal cliënten dat Fijnder per gemeente bedient op 1 januari van het voorgaande begrotingsjaar. De uitkomst leidt tot de volgende verdeling voor het begrotingsjaar 2025: Bijdrage uitvoeringskosten Verdeel UitvoeringsBij: extra taken (x € 1.000) sleutel kosten per gemeente Berkelland Oost Gelre Winterswijk Totaal

38,5% 24,2% 37,3% 100,0%

6.129 3.841 5.930 15.900

Onvoorzien In de begroting is een stelpost onvoorzien opgenomen van € 30.000.

8

110 9 101 220

Bijdrage uitvoeringskosten 6.239 3.850 6.031 16.120

2. Programma werk en activering 2.1 Visie “Door samenwerking met ketenpartners proactief inzetten op een zo optimaal mogelijke deelname van onze inwoners aan de samenleving. Financiële en sociale zelfredzaamheid is hierin een belangrijk streven.”

2.2 Programmadoelen Iedere cliënt zet zich actief in. Dit om zijn traject naar werk, of zijn traject om sociaal actief te zijn te doen slagen. Vanuit een inclusieve arbeidsmarktgedachte cliënten met arbeidspotentieel in een zo regulier mogelijke werksetting te plaatsen. Daar waar mogelijk lokaal.

2.3 Kritische prestatie-indicatoren (KPI’s) Arbeids-studiefitheid: Cliënten maximaal ondersteunen om hen klaar te stomen voor betaald werk of studie. Participatiegraad werk: Cliënten maximaal laten participeren binnen een doorgaande ontwikkellijn. Samenwerking met lokale werkgevers: Werkgevers zijn nauw betrokken bij de re-integratieactiviteiten van Fijnder. 2.3.1

Arbeids-studiefitheid

Doel: Als cliënten niet volledig kunnen uitstromen dan wordt voortdurend gewerkt aan het maximaliseren van de verdiencapaciteit van cliënten binnen het uitkeringsbestand. Dit ligt in lijn met de landelijke ontwikkeling en met name met vergelijkbare gemeenten en stijgt de komende jaren. Doel: Fijnder zet extra in op jongeren bij de overgang van Pro/Vso naar vervolgonderwijs en arbeidsmarkt, zodanig dat een succesvolle cliëntroute wordt gestimuleerd en uitval en thuiszitten wordt voorkomen.

Doel: Fijnder zet extra in op de ondersteuning aan inburgeraars. Hierbij wordt een accent gelegd op duale trajecten (werk en taal)

Het cliëntenbestand is ingedeeld in de doelgroepen Werk, Perspectief en Meedoen. Direct bij instroom wordt op basis van een meting de doelgroep bepaald en de daarbij behorende cliëntroute richting werk en/of participatie. Cliënten die perspectief hebben om door te stromen naar een werktraject stromen ook daadwerkelijk door. Dit kan bijvoorbeeld door een taalcursus af te ronden of een opleidingstraject te volgen. Binnen de perspectief doelgroep wordt een onderscheid gemaakt in de verwachte duur van het traject om de cliënt klaar te stomen voor de stap richting de arbeidsmarkt. Dit wordt in het cliëntvolgsysteem bijgehouden. Zo is per periode inzichtelijk wat het resultaat is van de ingezette instrumenten. Uiteindelijk wordt zo ook inzichtelijk gemaakt hoeveel cliënten (deels) uitstromen naar werk of studie en of de loonwaarde van deze cliënten is gestegen. Cliënten die geïndiceerd zijn als werkcliënten worden zo snel mogelijk geplaatst op een voor hen passende werkplek.

9

Naast de algemene groep cliënten is er aandacht voor specifieke groepen. Aan jongeren in het Pro/VSO wordt intensieve begeleiding gegeven tijdens het laatste schooljaar. Zo ontstaat een sluitende aanpak voor deze jongeren. Zij worden warm overgedragen aan een consulent van Fijnder. De doelgroep statushouders en inburgeraars wordt ondersteund door ‘dedicated’ consulenten die ondersteuning kunnen bieden bij specifieke vraagstukken. Hierbij is nadrukkelijk aandacht voor de combinatie van werk en taal. Cliënten die geen betaald werk kunnen verrichten (doelgroep meedoen) worden lokaal geactiveerd door consulenten in nauwe samenwerking met de sociale teams. Daarnaast wordt er geïnvesteerd in de kwaliteit en het analyseren van gegevens die binnen de organisatie aanwezig zijn. De ontwikkeling per groep wordt scherp in beeld gehouden en is mede afhankelijk van de conjuncturele ontwikkelingen en de wijzigingen in wet- en regelgeving. Kansen & risico’s De doelgroep waarvoor gemeenten met de invoering van de Participatiewet verantwoordelijk zijn, ontwikkelt zich volgens het patroon in de onderstaande grafiek. 1

Gemeenten zijn en blijven verantwoordelijk voor de bijstand (groen). Daarnaast zijn gemeenten verantwoordelijk voor de uitvoering van de Wsw. Door het beëindigen van de Wsw stromen er geen medewerkers meer in. Het aantal Wsw-ers neemt dan ook af (oranje). Als gevolg van CAO maatregelen rondom vervroegde uittreding kan dit zelfs versneld plaatsvinden. Tegelijkertijd zijn gemeenten verantwoordelijk voor het creëren van nieuw-beschutwerkplekken. Het aantal ontwikkelt zich in grote lijnen volgens de formule: drie (Wsw-ers) eruit, één nieuw-beschutter erin (blauw). Daarbovenop hebben gemeenten de verantwoordelijkheid om mensen met een beperking te helpen die met ondersteuning bij reguliere werkgevers aan de slag kunnen (geel en rood). Hiervan viel de groep voormalig Wajong voor de inwerkingtreding van de Participatiewet onder de verantwoordelijkheid van het UWV. Dit betekent dat er een opwaartse financiële druk op het re-integratiebudget zal gaan ontstaan door: • De kosten voor (individuele) begeleiding op de werkplek door de jobcoach; • De kosten voor (individuele) opleidingsprogramma’s gericht op mensontwikkeling en arbeidsvaardigheden; • De kosten om huidige doelgroepen effectief opwaarts of neerwaarts door te laten stromen. Fijnder ziet een steeds grotere instroom van cliënten die een grote afstand hebben tot de arbeidsmarkt.

Zo is er een steeds grotere instroom van statushouders. Hiervoor geldt dat zij het inburgeringstraject moeten volgen, waar mogelijk in combinatie met re-integratieactiviteiten. Dit maakt dat zij geruimere tijd afhankelijk zijn van een

1 Bron: Berenschot, analyse aantallen en financiën Participatiewet, 2018

10

bijstandsuitkering voordat zij volledig kunnen uitstromen. Om hieraan een impuls te geven is in 2024 de ontwikkelopdracht taal-/jobcoach verlengd tot en met eind 2025. Hierbij wordt onderzocht op welke wijze de inzet van een taal-/jobcoach de kans op duurzame arbeidsinpassing van anderstalige cliënten vergroot. Deze taal-/jobcoach beheerst de taal van herkomst. De focus ligt op Arabisch sprekende cliënten. Ook heeft Fijnder focus op de ondersteuning van kwetsbare jongeren. De Wet van school naar duurzaam werk ligt op dit moment voor een adviesaanvraag bij de Raad van State. Wanneer de Wet wordt vastgesteld, zal deze op 1 augustus 2025 in werking treden. Het Wetsvoorstel van school naar duurzaam werk heeft als doel om jongeren met een afstand tot de arbeidsmarkt de juiste begeleiding en ondersteuning te geven richting (economische) zelfstandigheid. Hier worden vier maatregelen voor ingezet: 1.

Aanvullende loopbaanbegeleiding tot een jaar na diplomering of het verlaten van de school in het beroepsonderwijs, praktijkonderwijs en voortgezet speciaal onderwijs. 2. De maximumleeftijd van de doelgroep van het Doorstroompunt (voorheen RMC) wordt verhoogd van 23 naar 27 jaar. 3. Gemeenten krijgen binnen de Participatiewet een meer preventieve rol bij het ondersteunen van jongeren naar werk. 4. Het wetsvoorstel stimuleert de samenwerking tussen onderwijs, Doorstroompunten en gemeenten op casusniveau en bij een regionaal programma. De impact van dit Wetsvoorstel is nog onbekend. Ook het aandeel cliënten met psychische problematiek toe. Gezien de samenstelling van het cliëntenbestand zal de focus meer dienen te liggen op ontwikkeling dan sec op de uitstroom. De werkplaats van Fijnder moet zowel als trampoline of springplank gaan fungeren voor inwoners die zich kunnen (door)ontwikkelen naar een (reguliere) werkplek buiten het werkleerbedrijf, en als vangnet en veilige haven voor inwoners die aangewezen zijn op een beschutte plek binnen het werkleerbedrijf (c.q. het simpel switchen). De doorontwikkeling van de dienstverlening binnen de werkplaats loopt parallel met de regionale ambities van de uitvoeringsagenda Inclusieve Arbeidsmarkt. In deze uitvoeringsagenda zijn verschillende prioriteiten benoemd.

Voor de prioriteit onbenut arbeidspotentieel wordt onder andere gewerkt aan het beter leren kennen en ondersteunen van (terugkerende) ‘cliënten’ ten behoeve van duurzame deelname aan de arbeidsmarkt. Dit wordt gedaan door een sluitende aanpak te ontwerpen voor alle cliënten die zich melden voor een uitkering bij alle uitvoeringsorganisaties in de regio. Eerst volgt een snelle verheldering van het klantbeeld en ontstaat zicht op de meest kansrijke branche(s). Vervolgens worden in de praktijk bij werkgevers voor deze sectoren op verschillende niveaus modulaire leerlijnen ontwikkeld om dit potentieel verder te ontwikkelen. De leerlijnen bieden ruimte voor maatwerk. De doelgroep bestaat uit cliënten, terugkerende cliënten en nietuitkeringsontvangers. Fijnder vervult hier één van de trekkersrollen. De eventuele impact op de begroting is nog niet bekend en zal zo nodig via een begrotingswijziging worden meegenomen in een bestuursrapportage. 2.3.2

Participatiegraad

Doel: Doorontwikkelen doorgaande ontwikkellijn om simpel switchen mogelijk te maken (inclusief arbeidsmatige dagbesteding) Doel: Fijnder werkt toe naar het optimaal benutten van alle kansen op uitstroom. De uitstroom van cliënten naar werk ligt hoger dan de landelijke ontwikkeling en met name met vergelijkbare gemeenten. Doel: Fijnder zet extra in op duurzame plaatsing, zodat nieuwe werknemers worden ondersteund en snelle uitval na werkaanvaarding wordt verminderd. Doel: Het aantal cliënten uit de Meedoen-groep, die een actieve bijdrage leveren aan de maatschappij, zal in de komende jaren stijgen in samenspraak en wisselwerking met ondersteuning vanuit de sociale teams. 11

Cliënten participeren naar vermogen. Dit in de vorm van opleiding, ontwikkelingsgerichte arbeidsmatige dagbesteding, (gedeeltelijk) werk, vrijwilligerswerk of deelname aan activiteiten. Na plaatsing op een passende werkplek biedt Fijnder daar waar nodig ondersteuning en nazorg, bijvoorbeeld door de inzet van jobcoaching. Uitstroom naar werk is de mooiste manier om de participatiegraad te verhogen. Een groep cliënten waarvoor dit op dit moment niet mogelijk is heeft de organisatie ingedeeld in de doelgroep Meedoen. De cliënten die op de begintreden van de ladder staan worden geactiveerd. Met name vrijwilligerswerk en het leveren van een maatschappelijke bijdrage is hier het doel. Daar waar toch nog ontwikkeling mogelijk is, stroomt men door naar de groep Perspectief. Kansen & risico’s De ontwikkelingen op de arbeidsmarkt zorgen voor een mismatch tussen vraag en aanbod. De arbeidsmarkt verandert snel. Enerzijds zijn plotselinge maatschappelijke gebeurtenissen direct voelbaar op de arbeidsmarkt. Anderzijds zorgen meer duurzame technologische, economische en demografische ontwikkelingen voor groeiende tegenstellingen op de arbeidsmarkt. In wisselwerking met werkgevers en andere ketenpartners zet Fijnder in op projecten die deze kloof moeten dichten. De ondersteuning van cliënten is gestoeld op het principe: “zo licht als mogelijk, zo zwaar als noodzakelijk”.

Zichtbaar is dat het aantal cliënten dat deels afhankelijk blijft van een bijstandsuitkering toeneemt als gevolg van het sluiten van de Wsw en de Wajong. Voor cliënten die deels nog uitkeringsafhankelijk zijn, blijft alertheid gewenst op de belastbaarheid van cliënten. Het blijvend onderhouden van het contact is daarbij een belangrijke voorwaarde. Doordat de gemeentelijke taakstellingen nieuw Beschut Werk (nBW) jaarlijks slechts licht stijgen, is het niet mogelijk om iedere geïndiceerde inwoner direct een dienstverband te bieden. De jaarlijkse ontwikkeling van de taakstelling wordt geraamd op basis van de toename in afgelopen jaren. Het ministerie van SZW is in opdracht van minister Schouten bezig om te kijken naar een ander verdeelmodel voor de taakstelling nBW. Vooralsnog wordt in de begroting 2025 van Fijnder geen rekening gehouden met een herziening van het verdeelmodel. Aan cliënten met een indicatie beschut werk kan een (onbetaald) voortraject aangeboden ter voorbereiding op plaatsing op een passende plek bij een reguliere werkgever. De zoektocht naar een passende werkplek kan enige tijd vergen gelet op de begeleidingsintensiteit van deze doelgroep. Op 1 januari 2022 is de nieuwe Wet inburgering 2021 in werking getreden.

Met deze wet wordt beoogd dat nieuwkomers zo snel mogelijk de taal beheersen op een zo hoog mogelijk niveau en dat zij snel én volwaardig mee kunnen doen in de maatschappij, bij voorkeur via betaald werk. Fijnder verzorgt een aantal taken in opdracht van de gemeenten. De gemeenten blijven eindverantwoordelijk. Voor de komende jaren worden er structurele verhogingen van het aantal inburgeraars verwacht. In het kader van de spreidingswet zal er geanticipeerd moeten worden op ontwikkelingen (met name de groei) van het aantal statushouders dat wordt gehuisvest. Fijnder hanteert vooralsnog de taakstelling van het eerste halfjaar van 2024 als uitgangspunt voor de uitgaven in 2025 voor die onderdelen die bij Fijnder zijn belegd. Ook ontheemden uit Oekraïne worden toegeleid naar de arbeidsmarkt. De ondersteuning vindt plaats vanuit de huidige Regeling opvang ontheemden Oekraïne. Ongewis is hoe de wet- en regelgeving zich zal ontwikkelen. Cliënten worden begeleid in trajecten. Wanneer een cliënt niet binnen afzienbare tijd beschikt over arbeidsvermogen, wordt hij of zij geschaard onder de doelgroep Meedoen. De inwoner wordt dan geactiveerd in samenspraak met professionals uit het sociaal domein. In 2023 is de ontwikkelingsgerichte arbeidsmatige dagbesteding gestart, in 2024 zal besloten worden of deze dienstverlening blijvend door Fijnder zal worden aangeboden.

Vooralsnog wordt in de begroting 2025 rekening gehouden met ongewijzigde voortzetting van deze dienstverlening.

12

2.3.3 Samenwerking met lokale werkgevers Doel: Fijnder maakt optimaal gebruik van de mogelijkheden bij werkgevers. Het aantal bedrijven dat actieve overeenkomsten heeft met Fijnder inzake de plaatsing van cliënten stijgt de komende jaren. Doel: Fijnder stimuleert werkgevers om anders te kijken naar onbenut arbeidspotentieel. Werkgevers worden nauw betrokken bij de re-integratie en plaatsingen van perspectief- en werkcliënten. In de regio wordt veel samengewerkt met de lokale werkgevers in sterke wisselwerking met het WSPA. Accenten die lokaal worden gelegd zijn: • cliënten worden waar mogelijk geactiveerd bij lokale werkgevers; • de regeling nieuw Beschut Werk wordt zo veel mogelijk in een reguliere werksetting bij de werkgever gerealiseerd; • de Wsw-ers zijn zo duurzaam mogelijk bij een lokale werkgever geplaatst. Kansen & risico’s Voor sommige ondernemers is inclusief werkgeverschap nog niet vanzelfsprekend. Indienstneming van inwoners met een afstand tot de arbeidsmarkt wordt door hen als risico ervaren. De werkgeverspilot Omkijken naar de arbeidsmarkt wordt uiterlijk in 2026 afgerond. Binnen deze pilot worden werkgevers uitgedaagd om passend en duurzaam werk te bieden aan cliënten uit de doelgroep direct werk waar reguliere inzet en matching niet toereikend is. Hiervoor kan zo nodig een werkgeverspremie worden ingezet.

Fijnder experimenteert met een tijdelijke detacheringsfaciliteit als voorziening om koudwatervrees bij werkgevers weg te nemen. Hierbij gaat het om het in dienst nemen van mensen met een beperkte loonwaarde, anders dan de doelgroep beschut werk, die (nog) niet in een dienstbetrekking bij reguliere werkgevers aan de slag kunnen. Deze kleinschalige pilot is gestart in 2024 en heeft een looptijd van twee jaren startend vanaf de eerste plaatsing. Inzet van een tijdelijke detachering is een opstap naar werk op basis van een dienstverband bij betrokken werkgevers. De financiering van beschut werk vanuit de landelijke overheid laat een dalende lijn zien. Dit wordt veroorzaakt door de landelijke toename van het gebruik van de no-riskpolis voor de doelgroep banenafspraak/beschut werk. Deze budgetten worden overgeheveld van de gemeentelijke budgetten naar het UWV. Ook Fijnder maakt bij ziekte aanspraak op deze no-riskpolis. De taakstelling beschut werk laat een beperkte opwaartse lijn zien, waardoor het beroep op het Participatiebudget van de gemeenten groter zal worden. De taakstelling voor beschut werk voor het jaar 2025 wordt in december 2024 bekendgemaakt. Voor de begroting 2025 en voor de meerjarenraming 2026 t/m 2028 is voor de prognose de taakstelling van 2024 jaarlijks verhoogd conform de stijging van de taakstelling van 2024 ten opzichte van het jaar 2023.

In de raming is ervan uitgegaan dat hiermee de taakstelling jaarlijks toeneemt met 3 fte’s (o.b.v. 31 uur/week) per ultimo 2025. Afhankelijk van het aantal door het UWV afgegeven indicaties, kan er een wachtlijst ontstaan zodra de taakstelling volledig ingevuld is. Gedurende deze wachtlijstperiode wordt aan de betrokken cliënten een voortraject aangeboden.

13

2.4 Totale kosten programma Werk en Activering Begroting 2025 Programma Werk en Activering (x € 1.000)

Rekening 2023

Begroting 2024 (na 2e berap 2023) 16.507 16.227 280 380 0 660

Begroting 2025

Begroting 2026

Begroting 2027

Begroting 2028

16.567 16.716 -149 149 0 0

17.297 17.327 -30 30 0 0

17.798 17.798 0 0 0 0

18.151 18.151 0 0 0 0

Baten Lasten Resultaat baten en lasten Onttrekking reserves Toevoeging reserves Resultaat

15.562 14.670 892 301 567 626

Specificatie per product (x € 1.000)

Rekening 2023

Begroting 2024 (na 2e berap 2023)

Begroting 2025

Begroting 2026

Begroting 2027

Begroting 2028

607 21 3.610 291 223 560 0 2.780 2.159 5.311 15.562

0 0 3.593 320 234 910 147 3.084 2.444 5.775 16.507

0 0 3.404 347 236 811 150 3.254 1.970 6.395 16.567

0 0 3.398 305 236 821 156 3.467 2.099 6.815 17.297

0 0 3.324 357 236 831 162 3.571 2.229 7.088 17.798

0 0 3.217 313 236 841 168 3.679 2.366 7.331 18.151

948 560 8 3.610 291 223 590 0 2.801 5.639 14.670

1.118 910 147 3.593 320 234 666 0 3.084 6.155 16.227

1.137 811 150 3.404 347 236 833 0 3.254 6.544 16.716

1.161 821 156 3.398 305 236 938 0 3.467 6.845 17.327

1.187 831 162 3.324 357 236 1.042 0 3.571 7.088 17.798

1.212 841 168 3.217 313 236 1.154 0 3.679 7.331 18.151

Baten Overige ontvangsten Debiteurenontvangsten LKS Wsw detacheringen Bijdrage Wsw algemene kosten Bijdrage Wsw begeleid werken Bijdrage Wet inburgering Bijdrage Dagbesteding Bijdrage Loonkostensubsidies Bijdrage Programmakosten Bijdrage Uitvoeringskosten Totaal baten Lasten Re-integratie Wet inburgering Dagbesteding Doorbetaling Wsw detacheringen Wsw algemene kosten Wsw begeleid werken subsidies Beschut werken Voorziening dubieuze debiteuren Loonkostensubsidies Directe uitvoeringskosten Totaal lasten

14

3. Programma inkomen 3.1 Visie “Fijnder helpt inwoners die – tijdelijk – niet genoeg geld hebben om van te leven door het verstrekken van financiële bijstand.” Inwoners worden op een rechtmatige en snelle manier van een (tijdelijk) inkomen of een inkomensaanvulling voorzien. Afhankelijk van leeftijd en voorafgaande inkomensbron wordt er een uitkering verstrekt vanuit één van de onderstaande wetten: 1. Participatiewet; 2. Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte werkloze werknemers; 3. Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte gewezen zelfstandigen; 4. Besluit bijstandsverlening zelfstandigen 2004. Daarnaast is vanaf 2022 is de Regeling opvang ontheemden Oekraïne (RooO) van kracht. De gemeenten hebben de uitvoering van de leefgeldregeling bij Fijnder belegd.

3.2 Programmadoel Het bieden van een (tijdelijke) inkomensvoorziening aan inwoners zodat zij kunnen voorzien in de eerste levensbehoeften. Hierdoor ervaren inwoners de ruimte om zich in te zetten voor trajecten die gericht zijn op re-integratie. Uiteindelijk wordt de zelfredzaamheid vergroot en de afhankelijkheid van een uitkering of aanvullende inkomensondersteuning verkleind.

3.3 Kritische prestatie-indicator Kwaliteit van dienstverlening: Werkprocessen worden binnen de gestelde termijn afgehandeld. Het bieden van oplossingen passend bij de cliëntvraag. 3.3.1

Kwaliteit van dienstverlening

Doel: Fijnder past maatwerk toe bij het toekennen en beëindigen van de financiële ondersteuning, hiermee wordt bestaanszekerheid vergroot en wordt simpel switchen van uitkering naar werk en terug eenvoudiger. Doel: In samenwerking met de gemeentelijke partners zal Fijnder de doorbraakmethode toepassen om daar waar nodig probleemsituaties te doorbreken en een passende oplossing te vinden. Doel: De informatievoorziening van Fijnder voorkomt onrechtmatig gebruik en beperkt bezwaarprocedures. Doel: Fijnder handelt alle aanvragen af binnen de wettelijke termijn. Voor de uitvoering van de Bbz wordt de dienstverlening door de ROZ periodiek gemonitord. In de dienstverlening staat integraliteit en het werken vanuit de bedoeling van de wet centraal. Een uitkering wordt toegekend op basis van gespreksvoering om de hulpvraag zo volledig mogelijk in beeld te krijgen en de administratieve belasting zoveel als mogelijk in te perken. De Doorbraakmethode is een beproefde manier van werken langs een aantal processtappen, waarmee de professional makkelijk en onderbouwd maatwerk kan leveren in het sociaal domein. 15

Fijnder biedt oplossingen passend bij de cliëntvraag. Gestreefd wordt om de doorlooptijd zo kort mogelijk te houden. Fijnder gaat flexibel om met termijnoverschrijdingen als dit ten gunste is van de inwoner en problemen daarmee kunnen worden voorkomen. Binnen Fijnder wordt veel ingezet op preventie en voorlichting om naleving te bevorderen en terugvorderingen te voorkomen. Bezwaar- en beroepsprocedures kunnen worden voorkomen wanneer de werkwijze helder is en de benadering van Fijnder positief wordt gewaardeerd. Kansen & risico’s Bestaanszekerheid is landelijk een belangrijk thema. Bestaanszekerheid is niet alleen de zekerheid van voldoende en voorspelbaar inkomen. Ook zekerheid om betaalbaar te wonen, toegang tot betaalbare zorg te hebben, en de mogelijkheid om een financiële buffer op te bouwen voor onverwachte uitgaven zijn bouwstenen van bestaanszekerheid. Het zijn noodzakelijke voorwaarden om de rust en ruimte te vinden die nodig is om je als mens te ontwikkelen en mee te doen in de samenleving. Fijnder wil hieraan bijdragen. Hiervoor is in 2024 een ontwikkelopdracht gestart. Door middel van onderzoek naar de problematiek wordt het onderwerp verder verkend om tot oplossingen te komen om de bestaanszekerheid te verbeteren. Afhankelijk van de resultaten kunnen effecten ontstaan op de begroting van Fijnder.

Deze worden te zijner tijd zo nodig meegenomen in de bestuursrapportage. De Participatiewet wordt door burgers en professionals als hard ervaren. De ministerraad heeft op voorstel van minister Schouten voor Armoedebeleid, Participatie en Pensioenen in februari 2024 ingestemd om het wetsvoorstel Participatiewet in balans naar de Raad van State te sturen voor advies. Met dit wetsvoorstel zet het kabinet de eerste concrete stap om hardheden in de huidige wet weg te nemen door mensen centraal te stellen en uit te gaan van vertrouwen. Zodoende wil het kabinet de Participatiewet beter laten aansluiten op wat mensen (aan)kunnen en nodig hebben. Professionals krijgen meer ruimte om hen daarbij te helpen. Onderstaand de verwachting van het aantal bijstandsontvangers zoals opgenomen in de septembercirculaire 2023. Aantal bijstandsontvangers Landelijk September circulaire 2023 Procentuele wijziging Raming Fijnder Berkelland Oost Gelre Winterswijk Totaal Procentuele wijziging

Raming 2024

Raming 2025

Raming 2026

Raming 2027

Raming 2028

400.647

406.297 1,4%

416.586 2,5%

425.111 2,1%

433.252 1,9%

530 287 563 1.380

537 291 571 1.399 1,4%

551 298 585 1.434 2,5%

562 305 597 1.464 2,1%

573 310 609 1.492 1,9%

Fijnder heeft tot 2023 ten aanzien van de bestandsontwikkeling een positieve afwijking laten zien van landelijke cijfers. In 2023 was er een trendbreuk zichtbaar als gevolg van de instroom van onder meer statushouders. Ook de komende jaren blijft de instroom naar verwachting hoog. Voor de bestandsontwikkeling van het uitkeringsvolume wordt vooralsnog aangesloten bij het verwachte uitkeringsvolume zoals opgenomen in de septembercirculaire 2023. Dit leidt tot een mogelijke bestandsstijging van 1,41%. De ambitie blijft om het bestand niet te laten stijgen, maar een bestandsstijging van 1,41% wordt door het Dagelijks Bestuur als reëel en ambitieus beschouwd. Niet uitgesloten kan worden dat in het komend jaar via de bestuursrapportages deze verwachting moet worden bijgesteld. Dit leidt tot de raming voor 2025 zoals weergegeven in onderstaande tabel, gebaseerd op de in de Eerste bestuursrapportage 2024 opgenomen prognose. Inkomenswaarborg Participatiewet, IOAW en IOAZ Berkelland Oost Gelre Winterswijk Totaal

Prognose Prognose eindstand eindstand 2024 2025 (aantal uitkeringen) 530 537 287 291 563 571 1.380 1.399 16

Gemiddeld aantal 2025 534 289 567 1.390

Gemiddeld uitkeringsbedrag (x € 1) € 16.983 € 16.569 € 17.697

Raming 2025 (x € 1.000) 9.064 4.789 10.034 23.887

Externe factoren hebben invloed op het proces van verwerking aanvragen levensonderhoud. Er wordt door medewerkers van Fijnder en het sociaal team integraal gewerkt. Een aantal professionals vanuit verschillende disciplines van Fijnder werkt als vooruitgeschoven post in het sociaal wijkteam van de gemeente en heeft hierdoor kortere lijnen onderling. Indien noodzakelijk zijn verschillende organisaties binnen het sociaal domein bij de inwoner betrokken en wordt onderling hierover afstemming gezocht binnen multidisciplinaire overleggen. Specifiek aandachtspunt is preventie en naleving, het vergroten van kennis over onrechtmatige situaties blijft een terugkerend aandachtspunt. Zeker wanneer gedurende langere tijd sprake is van (aanvullende) bijstandsverlening, bestaat de kans dat een cliënt minder aandacht heeft voor de aan de uitkering verbonden rechten en plichten. Cliënten worden proactief hierover geïnformeerd. De Bbz wordt door Fijnder uitbesteed aan de ROZ. De ROZ voert de Bbz dienstverlening uit voor 20 gemeenten. Daardoor kan Fijnder slechts beperkt invloed uitoefenen op de wijze waarop de ROZ haar dienstverlening aan zelfstandigen uitvoert. De ROZ legt op kwartaalbasis verantwoording af over haar dienstverlening. Fijnder voert de leefgeldregeling voor ontheemden uit Oekraïne uit.

Het is nog onbekend hoe de toestroom van nieuwe ontheemden zich gaat ontwikkelen, en of de regelgeving gaat veranderen. Vooralsnog baseert Fijnder zich op de thans beschikbare informatie. 3.4 Totale kosten programma Inkomen Begroting 2025 Programma Inkomen (x € 1.000)

Rekening 2023

Baten Lasten Totaal baten Onttrekking reserves Toevoeging reserves Totaal lasten

23.246 23.262 -16 41 10 15

Specificatie per product (x € 1.000) Baten Debiteurontvangsten Debiteurontvangsten Bbz Debiteurontvangsten Oekraïne Debiteurontvangsten Tozo Bijdrage gemeenten Tozo Bijdrage Leefgeld Oekraïne Bijdrage Programmakosten Bijdrage Uitvoeringskosten Totaal baten Lasten Inkomenswaarborg Bijstandsbesluit zelfstandigen Bbz Tijdelijke overbruggingsregeling zelfstandige ondernemers (Tozo) Leefgeld Oekraïne Directe uitvoeringskosten Totaal lasten

Begroting 2024 (na 2e berap 2023) 24.097 24.097 0 0 0 0

Begroting 2025

Begroting 2026

Begroting 2027

Begroting 2028

26.599 26.599 0 0 0 0

27.117 27.117 0 0 0 0

27.713 27.713 0 0 0 0

28.243 28.243 0 0 0 0

Rekening 2023

Begroting 2024 (na 2e berap 2023)

Begroting 2025

Begroting 2026

Begroting 2027

Begroting 2028

337 304 1 0 0 576 20.612 1.416 23.246

195 52 0 0 0 636 21.797 1.417 24.097

312 62 0 0 0 853 23.741 1.631 26.599

317 62 0 0 0 855 24.212 1.671 27.117

322 62 0 0 0 857 24.769 1.703 27.713

327 62 0 0 0 859 25.262 1.733 28.243

21.042 211 0

21.854 190 0

23.887 228 0

24.360 231 0

24.919 234 0

25.414 237 0

577 1.432 23.262

636 1.417 24.097

853 1.631 26.599

855 1.671 27.117

857 1.703 27.713

859 1.733 28.243

17

4. Programma ondersteuning 4.1 Visie “Door financiële ondersteuning op het gebied van bijzondere bijstand kunnen inwoners met een minimuminkomen (blijven) deelnemen aan de samenleving.” 4.2 Programmadoel Inwoners met een laag inkomen financieel ondersteunen vanuit de bijzondere bijstand, kindregelingen, collectieve zorgverzekering en de individuele inkomenstoeslag. 4.3 Kritische prestatie-indicator Participatiegraad samenleving: Door inzet van passende ondersteuning inwoners maximaal laten participeren in de samenleving

4.3.1 Participatiegraad samenleving Doel: Het voorkomen van niet-gebruik van inkomensregelingen. Fijnder ondersteunt inwoners met een laag inkomen door het verstrekken van financiële ondersteuning voor bijzondere en noodzakelijke kosten die niet via een andere regeling vergoed kunnen worden. Daarnaast beogen de professionals van Fijnder financiële problemen tijdig te signaleren met als doel om de financiële zelfredzaamheid te bevorderen. Fijnder voert verschillende regelingen uit voor de gemeenten. De beleidsontwikkeling voor de meedoenregelingen is belegd bij de gemeenten. Om inwoners in staat te stellen om te participeren in de samenleving, is het noodzakelijk om deze regelingen laagdrempelig aan te bieden aan de beoogde doelgroep. Kansen & risico’s De gemeente Berkelland zal mogelijk het gemeentelijk minimabeleid gaan herijken. De impact hiervan is nog ongewis. Vooralsnog wordt voor de uitgaven het bestaande beleid aangehouden. Niet alle rechthebbende huishoudens zullen gebruikmaken van gemeentelijke regelingen. Dit kan onder meer worden veroorzaakt doordat ouders laaggeletterd of digibeet zijn. Om dit risico te verkleinen zijn alle ketenpartners op de hoogte van de inkomensaanvullende regelingen en de gemeentepolis voor de collectieve zorgverzekering.

Bijzondere bijstand biedt inwoners met een laag inkomen de mogelijkheid om voor bijzondere kosten een vergoeding te krijgen. Op individueel niveau wordt met behulp van een afwegingskader voor maatwerk beoordeeld of een inwoner hierop recht heeft. Een risico hierbij is dat het bieden van maatwerk kan leiden tot verschillen in de uitvoering. Situationele gelijkheid vergt een zorgvuldige afweging en de bereidheid om steeds opnieuw verantwoording af te leggen over die afweging en de daaruit voortvloeiende beslissingen. Een samenloop van regelingen pakt voor een groep alleenverdieners met een combinatie van inkomstenbronnen nadelig uit. Daardoor ontvangen zij minder huur- en zorgtoeslag dan wenselijk is. Als gevolg hiervan hebben zij een lager besteedbaar inkomen dan een vergelijkbaar huishouden met een volledige bijstandsuitkering en ligt dit inkomen onder het bestaansminimum (bijstandsnorm en maximale toeslagen). 18

Omdat de oorzaak complex is, is er voor deze problematiek voorlopig nog geen structurele oplossing. Het ministerie van SZW werkt aan een tijdelijke regeling waarbij gemeenten in de periode 2024-2027 jaarlijks een vast bedrag ambtshalve uitkeren aan de betreffende huishoudens. In afwachting van de tijdelijke regeling kunnen gemeenten huishoudens maandelijks compenseren via de individuele bijzondere bijstand. Gemeenten ontvangen in 2024 hiervoor middelen via een decentralisatie-uitkering via de mei-of septembercirculaire. Gemeenten kunnen deze aanpak in 2024 voortzetten tot het moment waarop de wetswijziging voor de tijdelijke regeling in werking treedt. Dit betekent dat Fijnder in en over 2024 alleenverdienende huishoudens (maandelijks) kan compenseren, totdat de tijdelijke regeling van kracht is. Of en in welke vorm deze regeling in 2025 wordt voortgezet, is ongewis. Vooralsnog houdt Fijnder hier geen rekening mee in de begroting. Voor inwoners met een inkomen dat langdurig onder 105% bij de gemeenten Berkelland en Winterswijk, of 115% bij de gemeente Oost Gelre van de bijstandsnorm ligt, is de individuele inkomenstoeslag mogelijk. Consulenten brengen het mogelijke recht actief onder de aandacht bij bekende cliënten. Dit draagt bij aan de bestaanszekerheid. Wanneer er perspectief is op inkomensverbetering, kan tijdig worden geanticipeerd op de gevolgen voor de inkomenspositie.

In dat geval bestaat geen recht op een individuele inkomenstoeslag. De Participatiewet is uitgebreid met de financiële ontzorging voor inburgeraars. Dit is gekoppeld aan de Wet inburgering 2021. Financiële problemen leiden tot veel stress en zijn mede bepalend voor het succes van het inburgeringstraject. In combinatie met financiële educatie kan de zelfredzaamheid van de inburgeraar worden vergroot waardoor het financieel ontzorgen tot een minimale termijn kan worden beperkt. 4.4

Totale kosten programma Ondersteuning

Begroting 2025 Programma Ondersteuning (x € 1.000)

Rekening 2023

Begroting 2024 (na 2e berap 2023) 3.876 3.876 0 0 0 0

Begroting 2025

Begroting 2026

Begroting 2027

Begroting 2028

4.120 4.120 0 0 0 0

4.206 4.206 0 0 0 0

4.289 4.289 0 0 0 0

4.373 4.373 0 0 0 0

Baten Lasten Resultaat baten en lasten Onttrekking reserves Toevoeging reserves Resultaat

8.488 8.697 -209 0 0 -209

Specificatie per product (x € 1.000)

Rekening 2023

Begroting 2024 (na 2e berap 2023)

Begroting 2025

Begroting 2026

Begroting 2027

Begroting 2028

125 7.751 612 8.488

74 3.168 634 3.876

0 3.313 807 4.120

0 3.382 824 4.206

0 3.452 837 4.289

0 3.522 851 4.373

7.475 382 19 821 8.697

2.772 448 22 634 3.876

2.773 528 12 807 4.120

2.834 536 12 824 4.206

2.896 544 12 837 4.289

2.958 552 12 851 4.373

Baten Debiteurontvangsten Bijdrage Programmakosten Bijdrage Uitvoeringskosten Totaal baten Lasten Bijzondere bijstand Meedoenregelingen Schuldhulpverlening/Stadsbank Directe uitvoeringskosten Totaal lasten

19

5. Programma overhead en algemene kosten 5.1

Visie

“Innovatie en flexibiliteit zijn belangrijke drijfveren voor Fijnder. Fijnder is een lerende organisatie en voortdurend op zoek en in beweging naar nieuwe creatieve wegen om de cliënt centraal te stellen, te voldoen aan de vraag van de doelgroepen en de behoefte van opdrachtgevers”.

5.2

Programmadoel

De bedrijfsvoering is efficiënt en doelmatig ingericht, de uitvoering is rechtmatig

5.3

Kritische prestatie-indicator

Bedrijfsvoering: Fijnder geeft binnen de jaarlijks vastgestelde begroting en beschikbare budgetten uitvoering aan de Participatiewet en de Wet sociale Werkvoorziening. Cliënttevredenheid: De mate waarin cliënten en werkgevers de dienstverlening van Fijnder positief beoordelen. 5.3.1

Bedrijfsvoering/kwaliteit van dienstverlening

Doel: Fijnder maakt betere en weloverwogen keuzes gebaseerd op feiten en ervaringen ten aanzien van de koers van het bedrijf en werkt toe naar een datagedreven organisatie Doel: Fijnder Begroting 2023heeft de administratieve organisatie, de ontwikkeling en beheer van beleid en de kwaliteitsborging voortdurend op orde. Kansen & risico’s Externe factoren kunnen ertoe leiden dat de kosten hoger kunnen uitvallen dan waar in de begroting op basis van de uitgangspunten mee is gerekend. De huidige CAO SGO kent een looptijd tot 31 maart 2025. Cliëntvolumes kunnen snel toe- of afnemen, hierop zal moeten worden geanticipeerd. De krapte op de arbeidsmarkt maakt dat het tijdig inspelen op deze ontwikkelingen uitdagend is. Cliënttevredenheid zal worden gemeten over de dienstverlening van Fijnder. In 2024 zal een 0-meting worden uitgevoerd. Afhankelijk van de uitkomsten kunnen aanpassingen worden gedaan in de dienstverlening. Door de steeds verder gaande digitalisering en het werken in de Cloud is informatieveiligheid van cruciaal belang. Het gaat hierbij om de beschikbaarheid, integriteit en vertrouwelijkheid van data en systemen. Dit vergt continu aandacht en investering om de veiligheid te kunnen garanderen.

5.4 Totale kosten programma Overhead en algemene kosten Onder het programma overhead worden de algemene bedrijfsvoeringskosten, de incidentele baten en lasten en de mutaties in de reserves verantwoord.

20

Begroting 2025 Programma Overhead (x € 1.000)

Rekening 2023

Begroting 2024 (na 2e berap 2023) 6.404 7.064 -660 0 0 -660

Begroting 2025

Begroting 2026

Begroting 2027

Begroting 2028

7.287 7.394 -107 107 0 0

7.400 7.400 0 0 0 0

7.520 7.520 0 0 0 0

7.656 7.656 0 0 0 0

Baten Lasten Resultaat baten en lasten Onttrekking reserves Toevoeging reserves Resultaat

5.863 6.341 -478 106 0 -372

Specificatie per product (x € 1.000)

Rekening 2023

Begroting 2024 (na 2e berap 2023)

Begroting 2025

Begroting 2026

Begroting 2027

Begroting 2028

114 5.749 5.863

0 6.404 6.404

0 7.287 7.287

0 7.400 7.400

0 7.520 7.520

0 7.656 7.656

39 0 6.302 6.341

22 30 7.012 7.064

22 30 7.342 7.394

21 30 7.349 7.400

20 30 7.470 7.520

18 30 7.608 7.656

Baten Treasury Bijdrage Uitvoeringskosten Totaal baten Lasten Treasury Algemene baten en lasten Overhead Totaal lasten

21

6. Paragrafen 6.0 Algemeen In het Besluit Begroting en Verantwoording (BBV) staat aangegeven welke paragrafen moeten worden opgenomen in de begroting. De paragrafen grondbeleid en lokale heffingen zijn niet van toepassing voor Fijnder. De volgende paragrafen worden achtereenvolgens behandeld: 1. Financiering; 2. Bedrijfsvoering; 3. Wet Open Overheid; 4. Weerstandsvermogen; 5. Onderhoud kapitaalgoederen; 6. Verbonden partijen. 6.1 Financiering Treasurystatuut De wet Financiering decentrale overheden (FIDO) verplicht de gemeenschappelijke regeling om richtlijnen vast te stellen voor het beheer van de geldstromen en de risico’s die daaraan verbonden zijn. Het (gewijzigde) Treasurystatuut voor Fijnder is in december 2021 vastgesteld. Dit statuut wordt periodiek geëvalueerd en daar waar nodig geactualiseerd. Treasuryfunctie De treasuryfunctie maakt onderdeel uit van de ondersteunende diensten die de gemeente Berkelland voor Fijnder verricht. Risicobeheer Om de risico’s eenvoudig te beheersen zal Fijnder bij voorkeur gelden uitzetten bij en aantrekken van de gemeente Berkelland, tegen gangbare marktconforme condities. De voorschotnota’s voor de bijdragen van de gemeenten worden afgestemd op de geldstromen binnen Fijnder. Rente Er worden geen grote uitgaven verwacht waarvoor een aanvullende externe financiering nodig is.

Op grond van artikel 13 van het Besluit Begroting en Verantwoording (BBV) is het verplicht om inzicht te geven in de rentelasten, de wijze waarop deze worden toegerekend aan de taakvelden en de financieringsbehoefte. Onderstaand treft u hiervoor het onderstaande renteschema voor de begroting 2025 aan. Renteschema begroting

(x € 1.000)

Begroting 2025

a. Externe rentelasten over de korte en lange financiering b. Externe rentebaten over korten en lange financiering Saldo rentelasten en rentebaten c1. Rente die aan de grondexploitatie moet worden doorberekend c2. Rente van projectfinanciering die aan het betreffende taakveld moet worden toegerekend c3. Rentebaten van door verstrekte leningen indien daar een specifieke lening voor is aangetrokken die aan het betreffende taakveld moet worden toegerekend Aan taakvelden toe te rekenen externe rente d1. Rente over het eigen vermogen d2. Rente over voorzieningen Totaal aan taakvelden toe te rekenen rente e. aan taakvelden toegerekende rente (renteomslag) Renteresultaat op het taakveld treasury

22

22 0 -22 n.v.t. 0

Meerjaren begroting 2026 21 0 -21 n.v.t. 0

Meerjaren begroting 2027 20 0 -20 n.v.t. 0

Meerjaren begroting 2028 18 0 -18 n.v.t. 0

0

0

0

0

0 0 0 0 0 -22

0 0 0 0 0 -21

0 0 0 0 0 -20

0 0 0 0 0 -18

6.2

Bedrijfsvoering

Personeel Fijnder ervaart net als gemeenten en bedrijven de gevolgen van de krapte op de arbeidsmarkt. Het is dan ook zaak om als werkgever aantrekkelijk te blijven voor nieuw en bestaand personeel. Naast de Fijnder academie biedt Fijnder ook goede andere secundaire arbeidsvoorwaarden zoals bijvoorbeeld een reiskostenvergoeding en een vergoeding voor het aanschaffen van thuiswerkvoorzieningen. Fijnder heeft een Fijnder academie. De essentie van een eigen opleidingsprogramma is om het leren en ontwikkelen gestructureerd vorm te geven. Zo kunnen nieuwe medewerkers bedrijfsspecifieke kennis vergaren door middel van een inwerkprogramma. Ook huidige medewerkers worden dan in staat gesteld (en deels verplicht) hun kennis constant op peil te houden dan wel uit te breiden. Medewerkers krijgen dus de kans om zich continu te ontwikkelen. Dat maakt Fijnder onderscheidend. Om deze ontwikkeling van medewerkers te stimuleren kan er gebruikt worden gemaakt van een ontwikkelassessment. Dit kan zowel op verzoek van de manager als de medewerker worden ingezet en het zal hierbij gaan om individuele afspraken. Informatisering Op ICT-gebied is de ambitie hoog om een aantal projecten op te pakken teneinde onze dienstverlening te verbeteren. Deze projectenplanning is conform de i-visie opgesteld voor Fijnder voor de periode 2023-2025.

In deze visie zijn de projecten benoemd die de komende jaren zullen worden uitgerold, waaronder: Doorontwikkelen dienstverlening Het UWV heeft aangekondigd de applicaties achter het UWV-portaal voor gemeenten geleidelijk uit te faseren in de komende jaren. Gemeenten kunnen vanaf 1 januari 2026 niet langer werken met systemen zoals Sonar (werkzoekendendienstverlening) en WBS (werkgeversdienstverlening). Ze zullen vanaf die datum een nieuwe IT-oplossing moeten hebben die deze functionaliteiten vervangt. Fijnder werkt regionaal samen met het WSPA. Binnen dit samenwerkingsverband wordt gekeken naar alternatieven. Het VUM (Verbetering Uitwisseling Matchinggegevens) wordt in 2024 en 2025 verder in pilotvorm getest en uitgebreid. Ook in deze fase zal Fijnder een hoofdrol blijven houden en de ontwikkelingen nauwgezet volgen om zo snel mogelijk te kunnen profiteren van het nieuwe programma. Doorontwikkelen bedrijfsvoering naar een datagedreven organisatie De applicaties moeten ondersteunend zijn aan de dienstverlening zijn en het werk makkelijker maken. De in 2024 gestarte implementatie van een datawarehouse wordt in 2025 afgerond. Informatieveiligheid en privacy Een project dat in dit kader gestart zal worden is de implementatie van een SIEM-SOC.

Een SIEM (Security Information and Event Management) systeem is een geavanceerd beveiligingsplatform dat wordt gebruikt voor het verzamelen, analyseren en rapporteren van beveiligingsgebeurtenissen binnen een IT-infrastructuur. Het doel van een SIEM-systeem is om een holistisch overzicht te bieden van de beveiligingsstatus van een organisatie, door het correleren van informatie uit verschillende bronnen om zo potentiële bedreigingen en beveiligingsincidenten te detecteren. Een SIEM-systeem fungeert als een centraal zenuwstelsel voor de beveiligingsinfrastructuur van een organisatie, waardoor effectieve detectie, analyse en respons op beveiligingsincidenten mogelijk wordt gemaakt. Een SOC (security Operating Centre) bewaakt de omgeving bij voorkeur dag en nacht. Een SIEM-SOC zal samen met onze leverancier worden uitgerold. In 2024 zal er een onderzoek gestart worden om de beste oplossing voor de gemeente Berkelland en Fijnder te kunnen installeren. Automatisering In 2025 loopt de afschrijvingstermijn van een groot deel van de laptops af. Dit betekent dat in 2025 een nieuwe aanbesteding zal volgen om deze devices te vervangen. Hiervoor wordt rekening gehouden met een investeringskrediet van € 150.000.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/14313934/1