CConstaterende datOost Gelre
Koppel je AI →
Document · PDF

omgevingsvisie oost gelre 2040 zienswijzennota

Gemeenteraad 19 september 2023, gemeente Oost GelreBij agendapunt: Omgevingsvisie Groen en Verbonden Oost Gelre 20405.849 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Zienswijze nota Ontwerp Omgevingsvisie Oost Gelre Augustus 2023 Dit document geeft een samenvatting van de zienswijzen die zijn ingebracht bij de Ontwerp Omgevingsvisie Oost Gelre. Met de reactie van de gemeente op de ingebrachte punten en de wijze van verwerking in de Omgevingsvisie. Samenvatting reactie 1

Bomenwacht Oost Gelre

1a

We vinden in het ontwerp te weinig terug van de grote waarde van bomen. Bomen zijn een cruciaal onderdeel van ons zo typerende landschap. Het beeldbepalende karakter van grote, oude en gezonde bomen in ons landschap is onderbenoemd. Daarnaast zijn bomen een cruciale factor in de strijd tegen droogte en hitte, tegen de achteruitgang van het soortenrijkdom, voor het welbevinden en leefbaarheid van onze omgeving.

Verwerking van de reactie

Dit zien wij als een terechte toevoeging. De waarde van bomen maakt deel uit van onze visie op natuur, gezondheid, leefbaarheid, landschap, klimaatadaptatie en biodiversiteit. Dit geldt voor alle vier de gebieden in die we onderscheiden binnen de visie. Om het belang van bomen te onderstrepen, is de visie is op de volgende wijze aangepast,: Kernambitie 4, p.43: Voor de openbare ruimte houdt dat in dat we de omstandigheden voor flora en fauna optimaliseren door te zorgen voor voldoende voedsel, bescherming en verbinding. Concreet maken we daarbij gebruik van onze bermen, watergangen, sloten en landschapselementen zoals bomen. Kernambitie 4, p. 43: Ook zorgen we in de kernen voor een klimaatadaptieve inrichting van woonwijken, winkelgebieden en agrarisch gebied. We voegen bijvoorbeeld meer bomen en groenvoorzieningen toe in

ZIENSWIJZE NOTA ONTWERP OMGEVINGSVISIE OOST GELRE

1 van 19

de buurten en tussen de huizen. Gebiedsgerichte uitwerking grote kernen, p. 54: We zorgen voor gezonde en leefbare grote kernen. We maken de openbare ruimte klimaatadaptief en voegen meer groenvoorzieningen en bomen toe in de buurten en tussen de huizen. (...) We zorgen er hiermee voor dat er altijd voldoende groenvoorzieningen en bomen in woningbouwplannen aanwezig zijn en er mogelijkheden zijn voor waterafvoer. Gebiedsgerichte uitwerking kleine kernen, p. 57: We zorgen er hiermee voor dat er altijd voldoende groenvoorzieningen en bomen in woningbouwplannen aanwezig zijn en er mogelijkheden zijn voor waterafvoer. Gebiedsgerichte uitwerking werklocaties, p. 60: We zetten stevig in op het duurzaam, klimaatadaptief en groen maken van de bestaande bedrijventerreinen in de gemeente. Dit doen we door het toevoegen van groenstructuren en bomen... Gebiedsgerichte uitwerking buitengebied, p. 62: We versterken daarom de culturele en natuurhistorische waarden in het buitengebied door bijvoorbeeld de cultuurhistorische laanstructuren terug te brengen, beeldbepalende bomen te beschermen en highlights zoals de Grolse Linie beleefbaar en zichtbaar te maken. 1b

Wij vinden dat de gemeente meer moet doen voor bescherming van grote, oude en gezonde bomen in onze gemeente bij alle ontwikkelingen die zich de komende jaren zullen voordoen. Onder andere door beleid te formuleren op het gebied van bescherming van bomen, boven en onder de grond (inclusief wortelpakket) bij bijvoorbeeld vergunningverlening.

ZIENSWIJZE NOTA ONTWERP OMGEVINGSVISIE OOST GELRE

Dit onderwerp zullen wij meenemen in de bijstelling en verdere ontwikkeling van ons beleid. Bij vergunningverlening is de impact op bestaande bomen – zowel tijdens de uitvoeringsfase als na realisatie – één van de aandachtspunten.

2 van 19

Daarom leidt dit niet tot een aanpassing van de omgevingsvisie.

2.

Contactgroep Zwolle

2.a

De dorpsvisie van Zwolle bevat ideeën, kansen en acties voor het behoud van de leefbaarheid in Zwolle. Veel van deze ontwikkelingen en overwegingen zien wij terug in de Ontwerp Omgevingsvisie. We zien geen concrete aanduiding van ontwikkelingen die ongewenst zijn. Wij pleiten ervoor om in de visie op te nemen dat industriële ontwikkeling in het buitengebied ongewenst is.

Wij stellen in de omgevingsvisie dat we als gemeente terughoudend zijn ten opzichte van ontwikkelingen in het buitengebied die niet passen bij het huidige karakter. Kernambitie 5, p.47, luidt “Oost Gelre in 2040 heeft een vitaal en aantrekkelijk landelijk gebied”. Het landelijk gebied is divers en ook in de toekomst staat deze diversiteit voorop. Er zal blijven worden gewerkt en geproduceerd door allerhande bedrijvigheid, in combinatie met andere functies, met oog voor gezondheid en aandacht voor wat we landschappelijk waardevol vinden. Dit past bij ons karakter. We gunnen elkaar de ruimte en we waarderen levendigheid. We houden rekening met elkaar. Dat betekent dat de bedrijvigheid niet tot onevenredige overlast moet leiden. Te zware bedrijvigheid is niet welkom in het buitengebied, maar situeren we op bedrijventerreinen. In de omgevingsvisie hebben we opgenomen dat er nabij de N18 ruimte is voor de ontwikkeling van kleinschalige innovatieve bedrijvigheid. Ook komt de komende jaren de nodige agrarische bebouwing vrij. Samen met de eigenaar zoeken wij binnen vastgestelde kaders naar een passende en duurzame herinvulling: “kleinschalige innovatieve bedrijvigheid passend bij het agrarische en landelijke karakter van het gebied” (p.26). Daarom leidt dit niet tot een aanpassing van de omgevingsvisie.

ZIENSWIJZE NOTA ONTWERP OMGEVINGSVISIE OOST GELRE

3 van 19

2.b

N18: de verbreding naar 2x2 zal een stevige impact hebben op bereikbaarheid en leefbaarheid. In de omgevingsvisie wordt niet duidelijk welke consequenties/negatieve effecten we in ieder geval willen uitsluiten voor de inwoners van kleine kernen. Wij vinden dat in de Omgevingsvisie hierover duidelijkheid moet worden gegeven.

Voor de N18 wordt samen met de provincie Gelderland, Rijkswaterstaat en alle Achterhoek gemeenten* gewerkt aan een gebiedsgerichte aanpak voor de N18. Zodoende krijgen we een duidelijk beeld van realiseerbare lange termijn oplossingen voor de N18. Ruimtelijke ontwikkelingen worden nadrukkelijk meegenomen in deze gebiedsgerichte aanpak, om zo een totale afweging te kunnen maken tussen impact op de leefomgeving en een adequate aanpassing van die leefomgeving en de mensen die er wonen. Dit om bij iedere ontwikkeling tot een goede inpassing te kunnen komen. Het belang van een regionale doorstroomweg – waaraan verbeteringen worden aangebracht gericht op doorstroming, verkeersveiligheid en tijdwinst – gaat breder dan alleen de inwoners van Oost Gelre. Tevens wordt bij iedere aanpassing ook gekeken naar aanpassing van de onderliggende wegenstructuur (parallelweg) en (ongelijkvloerse) oversteekbaarheid, met lokale positieve omgevingseffecten. Meer asfalt of hogere snelheid kan echter leiden tot meer geluidsoverlast. Als dit onderdeel is van een aanpassing zullen aanvullende overlast beperkende maatregelen worden meegenomen in de nieuwe ontwikkeling.

Om het bovenstaande te borgen, hebben we de omgevingsvisie extra aangescherpt in kernambitie 3, nabij en bereikbaar, p.39: Daarnaast kijken we altijd of we de impact op lokale leefbaarheid kunnen reduceren, bijvoorbeeld in de vorm van overlastbeperkende maatregelen. Daarnaast staat de volgende tekst reeds in kernambitie 4, gezonde en veilige leefomgeving, p.45: Wanneer we als gemeente aan de slag gaan met initiatieven bekijken we of onderzoek nodig is om mogelijk negatieve effecten in beeld te brengen en treffen we zo nodig maatregelen om

ZIENSWIJZE NOTA ONTWERP OMGEVINGSVISIE OOST GELRE

4 van 19

aantasting van gezondheid te voorkomen. Denk hierbij aan het plaatsen van geluidschermen bij nieuwe of aanpassingen van wegen. *Oude IJsselstreek, Aalten, Bronckhorst, Winterswijk, Berkelland, Doetinchem, Oost Gelre. 2.c

Wij steunen de aanpak van de gemeente om bij iedere ontwikkeling veel aandacht te geven aan participatie en draagvlak. We vinden dat de stem en het belang van omwonenden in de nabijheid van een ontwikkeling zwaarder moet wegen dan de voorkeuren van mensen op grotere afstand. Ook vinden wij dat in stapsgewijze afwegingen van algemene intenties tot specifieke keuzes er telkens ruimte moet zijn voor herziening van eerdere keuzes op basis van gebrek aan draagvlak bij omwonenden.

In ons participatiebeleid is vastgelegd dat wij als gemeente bij de ontwikkeling van nieuwe initiatieven en de afwegingen daarover hierover in gesprek gaan met alle belanghebbenden. Wij streven daarbij naar zo veel mogelijk draagvlak. In ons beleid is ook vastgelegd dat, afhankelijk van de impact, de groep van directe omwonenden kan worden uitgebreid. Participatie betreft in ieder geval de directe omwonenden. De stapsgewijze afweging van algemene intenties tot specifieke keuzes is een kenmerk van goede besluitvorming. Deze route stelt ons in staat om op democratische wijze en met voor iedereen herkenbare afwegingscriteria tot besluiten te komen vanuit het algemeen belang. We onderkennen dat we soms besluiten moeten nemen die niet kunnen steunen op unanimiteit en volledig draagvlak. Daarom leidt dit niet tot een aanpassing van de omgevingsvisie.

3.

Cumela, brancheorganisatie voor groen, grond en infra

3.a

Cumela bedrijven zijn van groot belang voor de realisatie van de ambities van de gemeente. Dit vergt ruimte in het buitengebied voor bestaande bedrijfslocaties, ontwikkeling en uitbreiding van bestaande bedrijfslocaties alsmede nieuwvestiging

ZIENSWIJZE NOTA ONTWERP OMGEVINGSVISIE OOST GELRE

Wij stellen in de omgevingsvisie dat we als gemeente terughoudend zijn ten opzichte van ontwikkelingen in het buitengebied die niet passen bij het huidige karakter. Kernambitie 5, p.47, luidt “Oost Gelre in 2040 heeft

5 van 19

in het buitengebied mogelijk te maken voor bedrijven die actief zijn op gebied van groen, grond en infra. Wij vinden dat dit expliciet moet worden opgenomen in de omgevingsvisie, in het beleid en de uitwerking daarvan in het bestemmingsplan/omgevingsplan.

een vitaal en aantrekkelijk landelijk gebied”. Nieuwvestiging van grote bedrijven op het gebied van groen, grond en infra (bijvoorbeeld loonbedrijven) past daarom niet binnen de gestelde kaders van ons buitengebied. Daarnaast komen er ons inziens voldoende bestaande percelen vrij die wel ruimte bieden voor dergelijke bedrijvigheid. In de omgevingsvisie hebben we echter wel opgenomen dat we nabij de N18 kleinschalige werkdroebels kunnen gaan ontwikkelen. Ook komt de komende jaren de nodige agrarische bebouwing vrij. Samen met de eigenaar zoeken wij binnen vastgestelde kaders naar een passende en duurzame herinvulling: “kleinschalige innovatieve bedrijvigheid passend bij het agrarische en landelijke karakter van het gebied” (p.26). Daarom leidt dit niet tot een aanpassing van de omgevingsvisie.

3.b

Cumela bedrijven bieden zich aan als samenwerkingspartner om de transitie in het buitengebied en de ambities rondom aanleg, behoud en versterking van natuur, landschap, economie en passend hergebruik van vrijkomende agrarische bebouwing te realiseren.

4

Twee burgers uit Zieuwent, deelnemers van de groep ‘t Silder

4.a

De groep ’t Silder heeft gestreden voor het besluit in 2018 om nieuwbouw ten behoeve van grootschalige landbouw in het buitengebied niet meer mogelijk te maken. Zorg over het feit dat hierover in de Omgevingsvisie niet over wordt gesproken. Met de transitie landelijk gebied in het vooruitzicht pleiten wij voor een kaderstelling in de Omgevingsvisie dat de beperkingen voor nieuwbouw t.b.v.

ZIENSWIJZE NOTA ONTWERP OMGEVINGSVISIE OOST GELRE

Wij nemen kennis van dit aanbod. Wij zien op termijn ook de nodige veranderingen in het landelijk gebied. Op dit moment kunnen wij echter nog niet bepalen wie opdrachtgever gaat worden voor de uitvoering van de gewenste ontwikkelingen.

Er gaat een transitie plaatsvinden in de agrarische sector. Een deel van de zittende agrariërs zal stoppen, een deel zal het zoeken in een stuk verbreding, maar er zal ook een groep blijven die blijft produceren voor de wereldmarkt. De huidige regels en mogelijkheden in het bestemmingsplan blijven gelden bij inwerkingtreding van de Omgevingswet. Aanpassing van

6 van 19

grootschalige landbouw worden gehandhaafd.

deze regels zal volgen op beleid dat we later gaan ontwikkelen binnen het kader van het Progamma Landelijk Gebied. Iedere stap zal worden vergezeld van participatie en de mogelijkheid tot het indienen van zienswijzen. Wij kunnen op dit moment niets uitsluiten, wel zijn wij van mening dat ruimtelijke ontwikkelingen in het buitengebied qua schaal en grootte moeten passen in het landschap, en meegekoppeld moeten worden met het natuurlijke bodem- en watersysteem, zoals in de omgevingsvisie ook op meerdere punten benadrukt wordt (kernambitie 5, p. 47: vitaal en aantrekkelijk landelijk gebied). Daarom leidt dit niet tot een aanpassing van de omgevingsvisie.

5.

LTO

5.a

Wat ons zorgen baart is hoe er over natuur en de staat daarvan gedacht wordt. Zo is er geen historisch besef. Er is de laatste tientallen jaren al erg veel aan natuur ontwikkeld op voormalige landbouwgrond (bijvoorbeeld Koolmansdijk, bufferzone Vragender Veen, ontwikkeling langs de Baakse Beek, etc.). En daarbij blijkt ook nog eens dat het helemaal niet slecht gaat met de staat van de natuur. Dit is te lezen in de monitoringsrapporten van het Korenburgerveen. De ‘Effectscreening omgevingsvisie Oost Gelre’ die is opgesteld door Adviesbureau Tauw gaat eveneens aan deze punten voorbij.

ZIENSWIJZE NOTA ONTWERP OMGEVINGSVISIE OOST GELRE

De effectscreening omgevingsvisie Oost Gelre is op basis van een kwalitatieve beoordeling gemaakt. Er heeft geen onderzoek plaatsgevonden naar toegevoegde en verdwenen landschapselementen. De kwalitatieve beoordeling sluit aan op het beeld dat ontstaat uit twee recente onderzoeken. In het kader van de Vitaal Landelijk Gebied Gelderland (VLGG) heeft onderzoek plaatsgevonden naar de staat van de natuur. Ten aanzien van het Korenburgerveen is het volgende aangegeven. Dit is ook in lijn met het genoemde monitoringsrapport voor het Korenburgerveen: Voor alle habitattypen en de kamsalamander is behoud geborgd als gevolg van het systeemherstel dat in het Korenburgerveen is uitgevoerd en de

7 van 19

daling van de stikstofdepositie tot 2030. Voor H6410 Blauwgraslanden, H910E0C* Beekbegeleidende bossen en de kamsalamander is het behalen van de uitbreidings- of verbeterdoelstellingen ook in zicht. Voor de beide habitattypen van hoogveen (H7110A Actieve hoogvenen en H7120 Herstellende hoogvenen) is behoud geborgd, gezien de stabiele of positieve trends, in combinatie met systeemherstel en daling van de stikstofdepositie. Het is bij de nog forse overschrijding van de KDW in 2030 echter nog onzeker of structureel kwaliteitsherstel zal plaatsvinden (eindoordeel ‘ja, mits’). Verder blijkt dat de afname van de natuur en biodiversiteit parallel verloopt met de schaalvergroting van het landschap. Door de afname van het areaal aan landschapelementen (coulissen) is ook de biodiversiteit van soorten, vooral buiten de aangewezen natuurgebieden, afgenomen. Dit blijkt te meer uit het kennisdocument ‘Basiskwaliteit landschap’ uit 2023. In dit onderzoeksrapport wordt aangetoond dat 60% van het landelijk gebied van Oost Gelre (buiten de natuurgebieden om), voor wat betreft ‘herkenbaar landschap’ en ‘biodiversiteit, matig tot slecht scoort ten opzichte van de ondergrens ‘basiskwaliteit’. De criteria zijn afgeleid van het ‘historisch besef’ van landschapskwaliteit. Daarom leidt dit niet tot een aanpassing van de omgevingsvisie. 5.b

De kaders voor ruimtelijke ontwikkelingen [zijn] niet helder en voor meerdere uitleg vatbaar. In de visie staat genoemd dat biodiversiteit leidend moet zijn bij alle ruimtelijke ontwikkelingen. Op zich is er niets mis met aandacht voor biodiversiteit, maar de gemeente moet hierbij niet doorschieten. Dit uitgangspunt zorgt ervoor dat bij de minste of geringste wijziging al een heel plan opgesteld moet worden voor landschappelijke inpassing en ter versterking van de biodiversiteit. De balans is hierbij zoek en dat speelt op dit moment al zonder vastgestelde omgevingsvisie.

ZIENSWIJZE NOTA ONTWERP OMGEVINGSVISIE OOST GELRE

Wij hechten waarde aan verbetering van biodiversiteit binnen onze gemeente. Daarin pakken wij als gemeente zelf een rol, maar we zijn ook afhankelijk van andere partijen. In dit kader wijzen wij ook op het “Aanvalsplan Landschap”. Dit project is een initiatief van diverse partijen, waaronder ook de LTO Nederland. Zij geven daarbij het volgende aan: Vandaag lanceerde het Deltaplan

8 van 19

Een rondvraag onder adviseurs leert ons dat Oost Gelre erom bekend staat dat het qua ruimtelijke inpassing nooit genoeg is en dat er altijd wat bij moet. Onze vrees is dat met een vastgestelde omgevingsvisie er vanuit de gemeente nog een tandje bijgezet wordt met eisen t.a.v. biodiversiteit en landschappelijke inpassing. Graag vernemen we van u hoe de gemeente ervoor gaat zorgen dat de uitgangspunten uit de visie voorkomen dat ondernemers te veel beperkingen en verplichtingen opgelegd krijgen bij plannen.

Biodiversiteitsherstel het Aanvalsplan Landschap. De ambitie van het plan is om in 2050 tot 10% van het landelijk gebied in te richten met landschapselementen. Hiermee wordt de kwaliteit en diversiteit van het Nederlandse landschap verhoogd, en een bijdrage geleverd aan ambities op het gebied van biodiversiteit, klimaat en schoon water. Deelname aan het plan is vrijwillig en LTO Nederland vindt het positief dat met het Aanvalsplan, aan boeren en tuinders die meedoen, een concurrerende langjarige vergoedingsstructuur wordt geboden. Cruciaal is wel dat de uitwerking van het plan zonder enige dwang wordt verankerd in de gebiedsgerichte aanpak. Ten aanzien van landschappelijke inpassing bij initiatieven geven wij het volgende aan. Bij ontwikkelingen hechten wij waarde aan kwaliteitsverbetering van de omgeving. Dit zit deels in het gebouw zelf, maar wij hechten er ook waarde aan dat een nieuw initiatief goed ingepast wordt. Dit vereist maatwerk, omdat elk initiatief uniek is. De eisen voor landschappelijke inpassing moeten in lijn liggen met de gewenste ontwikkeling. Indien nodig gaan wij daar het gesprek voor aan. Daarom leidt dit niet tot een aanpassing van de omgevingsvisie.

6.

ProRail

6.a

ProRail vraagt aandacht voor haar visie op de omgeving van het spoor. Centraal hierin staat duurzame OV-bereikbaarheid in Nederland. Dit brengt beperkingen met zich mee voor ruimtelijke ontwikkelingen rondom het spoor. De gemeente wordt

ZIENSWIJZE NOTA ONTWERP OMGEVINGSVISIE OOST GELRE

We onderkennen de positie en betrokkenheid van ProRail bij alle ontwikkelingen die betrekking hebben op de omgeving van het spoor. Wij zullen ProRail pro actief blijven betrekken bij ontwikkeling van plannen in

9 van 19

verzocht ProRail actief te betrekken bij de ontwikkeling van bouwplannen in de directe nabijheid van het spoor. In dit verband wijst zij op een aantal afwegingselementen bij ontwikkelingen. In het bijzonder op geluid, trillingen, overwegen en verkeersveiligheid, de relatie tussen stabiliteit van de spoorbaan en watersystemen, het beperkingengebied hoofdspoorwegen, handhaving onderstations, bereikbaarheid railgebonden gebouwen en ondergrondse infrastructuur, zicht op de stationsentree, windbeleving en windhinderrisico’s, schaduwwerking op zonnepanelen en mogelijk negatieve effecten van zonneparken bij de spoorweginfrastructuur.

7.

Tennet

7.a

Wij verzoeken de gemeente in haar Omgevingsvisie expliciet op te nemen dat de aanwezigheid van een hoogspanningsverbinding beperkingen oplevert voor het gebruik van gronden. Om de veiligheid van personen en goederen te waarborgen gelden er bijvoorbeeld aan te houden veiligheidsafstanden. Bovendien is het van belang dat hoogspanningsverbindingen te allen tijde bereikbaar zijn en blijven voor onderhoud, storingen en/of calamiteiten, ten behoeve van de leveringszekerheid en het zo efficiënt mogelijk gebruik kunnen maken van het landelijk hoogspanningsnet door Tennet.

de directe nabijheid van het spoor. De afwegingselementen die worden genoemd zullen wij meenemen bij de verdere uitwerking van programma’s, het omgevingsplan en vergunningtrajecten. Wij hebben de omgevingsvisie aangepast in kernambitie 3, nabij en bereikbaar, p.40: Daarbij ondersteunen we het partnerschap met ProRail op het gebied van duurzame OV-bereikbaarheid, en onderkennen we dat ontwikkelingen van het spoor altijd zowel beperkingen als kansen met zich meebrengen in de directe nabijheid van het traject.

We onderkennen de positie en betrokkenheid van Tennet bij het beheer en bescherming van reeds aanwezige hoogspanningsverbindingen en de mogelijke nieuwe ontwikkelingen in de regio. Wij zullen Tennet actief blijven betrekken bij de ontwikkeling van plannen in de directe nabijheid van hoogspanningsverbindingen. De afwegingselementen die worden genoemd zullen wij meenemen bij de uitwerking van programma’s, het omgevingsplan en vergunningtrajecten. We hebben de volgende toevoeging gedaan in de alinea over energieinfrastructuur, te vinden in kernambitie 5, vitaal en aantrekkelijk landelijk gebied, p.50: Ook blijven we ons inzetten om de veiligheidsafstanden en bereikbaarheid in geval van calamiteiten van hoogspanningsverbindingen in samenwerking met de netbeheerder te garanderen.

ZIENSWIJZE NOTA ONTWERP OMGEVINGSVISIE OOST GELRE

10 van 19

7.b

De ruimtelijke functie van de hoogspanningsverbinding ontbreekt op de verbeelding van de omgevingsvisie. Verzoek om de toevoeging hiervan op de verbeelding.

In het Investeringsplan Net op Land 2022-2031 (TenneT) zijn momenteel geen toekomstige ontwikkelingen voor de gemeente Oost Gelre opgenomen. Daarom leidt dit niet tot het toevoegen van de hoogspanningsverbinding op de visiekaart van de omgevingsvisie.

7.c

Wij willen de gemeente attenderen op de volgende beperkingen en aandachtspunten bij ontwikkelingen in de nabijheid van bestaande verbindingen en hoogspanningsstations: ● Voor windturbines in de nabijheid van een hoogspanningsverbinding bevat het handboek afstandsnormen. ● Bij de ontwikkeling van de Laarberg borgen dat er ruimte blijft voor de bestaande hoogspanningsverbinding. ● Bij de ontwikkeling van de Laarberg een uitsluiting maken voor BRZO bedrijven. ● Bij de doorontwikkeling van de N18 vroegtijdig afstemming moet worden gezocht met Tennet. ● Voor het aansluiten van duurzame energiesystemen vroegtijdige afstemming moet plaatsvinden met de regionale netbeheerder en Tennet. ● Duurzame energiesystemen in de vorm van bio vergisters of energie opslag in de nabijheid ongewenst zijn. ● Voor het toestaan van kleinschalige windturbines in het landelijk gebied afstandsnormen gelden ten opzichte van de bovengrondse hoogspanningsverbinding. ● Voor laadpalen geldt dat wij nadrukkelijk adviseren deze niet toe te staan in de directe nabijheid van een hoogspanningsverbinding. ● Bij alle vergunningenprocedures en ontwikkelingen die betrekking hebben op ontwikkelingen in de nabijheid van het hoogspanningsnet vroegtijdig Tennet te betrekken.

ZIENSWIJZE NOTA ONTWERP OMGEVINGSVISIE OOST GELRE

In het kader van de ontwikkeling van de Laarberg zal rekening worden gehouden met de bestaande hoogspanningleiding en tijdig contact worden gelegd met TenneT bij planvorming. Dit geldt ook voor andere plannen met een (ruimtelijke) impact in de nabijheid van een hoogspanningsleiding, waarbij TenneT als één van de overlegpartijen vroegtijdig betrokken zal worden bij de planvorming. De overige adviezen nemen we voor kennisgeving aan.

11 van 19

8.

Vogelbescherming Nederland

8.a

Het valt ons op dat in de ontwerp-Omgevingsvisie nauwelijks aandacht wordt geschonken aan vogels en het belang om leefgebieden voor vogels te behouden en te versterken. Aan akker- en weidevogels wordt helemaal geen aandacht besteed. Graag zouden we zien dat dit onderwerp alsnog een plek krijgt in de definitieve omgevingsvisie met een koppeling naar een biodiversiteitsherstelprogramma. In het biodiversiteitsherstelprogramma kunnen dan concrete acties/projecten worden opgenomen ter uitvoering

Kernambitie 4, gezonde en veilige leefomgeving, p.43 bevat reeds een toelichting over de samenhang tussen ons landschap, de groenblauwe dooradering, de versterking van biodiversiteit en het optimaliseren van de omstandigheden voor flora en fauna in de openbare ruimte. Het bevorderen van biodiversiteit – en daarmee de instandhouding en bescherming van fauna als vogels – zien we als inherent onderdeel van de ontwikkeling in alle gebieden van de gemeente, met specifieke inbedding in het buitengebied. Dit wordt ook benadrukt in alle vier de gebiedsgerichte uitwerkingen op p.55, p.58, p.60 en p.62: Bevorderen van biodiversiteit is een vast aandachtspunt bij alle ruimtelijke ontwikkelingen en beheertaken. Door deze integrale benadering zien we geen noodzaak om een apart biodiversiteitsplan op te stellen. Zie ook het antwoord op de vragen van LTO over biodiversiteit. Om het belang van het beschermen van flora en fauna – waaronder vogels – nog extra te benadrukken, hebben we de visie op de volgende plekken aangescherpt: samenvatting, p.5: Door de biodiversiteit te versterken en daarmee de bestaande flora en fauna te beschermen. Dit is een vast aandachtspunt bij alle ruimtelijke ontwikkelingen en beheertaken. toekomstverhaal, p.25: Tevens stond in onze ruimtelijke ontwikkelingen het bevorderen van de biodiversiteit altijd bovenaan.

De leefgebieden van diersoorten zoals akker- en weidevogels zijn daardoor verbeterd.

ZIENSWIJZE NOTA ONTWERP OMGEVINGSVISIE OOST GELRE

12 van 19

8.b

In het bijzonder vragen wij uw aandacht voor het Beltrumse veld. Het Beltrumse veld, dat ligt in de overgangszone tussen de gemeente Berkelland en Oost-Gelre heeft volop de potentie om weer verder te herstellen als weidevogelgebied van allure. Intussen is er ook sprake van een zoekgebied windenergie. Juist in dit weidevogelgebied. Wij willen u verzoeken om het beleid voor dit zoekgebied te herzien en om tegelijkertijd in de omgevingsvisie de ambitie op te nemen dat wordt ingezet op behoud en herstel van het Beltrumse veld als weidevogelbroedgebied in deze omgeving.

9

Wandelnet

9.a

Bij de delen die betrekking hebben op Vitaal en aantrekkelijk landelijk gebied en Buitengebied (5.4) missen we aandacht voor het belang van ruimte voor wandelen. Zo staat op de kaart op pagina 27 onder Vitaal en aantrekkelijk buitengebied alleen 'versterken recreatief fietsnetwerk' benoemd. Wat ons betreft zou daaraan toegevoegd dienen te worden; 'versterken recreatief wandelnetwerk'.

U refereert hierbij aan een traject van lopende beleidsontwikkeling. Hierover bent u in gesprek met de gemeente. We beseffen dat het een complex traject is met voor- en nadelen. Het is onze inzet om de verschillende ambities rondom onder andere bescherming van flora en fauna en de energietransitie zo optimaal mogelijk te koppelen. Daarom leidt dit niet tot een aanpassing van de omgevingsvisie.

In kernambitie 5, vitaal en aantrekkelijk landelijk gebied wordt reeds verwezen naar het verbeteren van het wandelpaden in de gemeente: ● Ons buitengebied [biedt] veel recreatieve mogelijkheden op het gebied van fiets-, wandel- en verblijfsrecreatie (p.48). ● We kiezen voor een aantrekkelijke en slimme inpassing van wandel- en fietspaden in het landschap. Hierbij staan een goede bereikbaarheid van de kernen en de beleefbaarheid van het landschap voorop (p.50). Daarnaast worden wandelpaden op diverse plekken in de omgevingsvisie benoemd in relatie tot het creëren van een inclusieve en beweegvriendelijke leefomgeving. Voor de algemene visiekaart op p.27 hebben we ervoor gekozen om het fietsnetwerk op de kaart te zetten. Het recreatieve wandelnetwerk laten we op dit kaartbeeld buiten beschouwing vanwege de leesbaarheid.

ZIENSWIJZE NOTA ONTWERP OMGEVINGSVISIE OOST GELRE

13 van 19

Vandaar dat we het belang van wandelpaden nu op diverse plekken tekstueel benadrukken. 9.b

In punt 11 onder 5.4. Buitengebied (pagina 62) krijgt het onderwerp fietsers in het buitengebied een speciale aandacht. Dit moet dan toch ook gelden voor wandelaars. Ook voor wandelaars geldt dat veiligheid voorop moet staan en dat met name onveilige situaties voorkomen dienen te worden. Tekstvoorstel: 'We verbeteren waar nodig de infrastructuur om onveilige situaties te voorkomen. Waar mogelijk leggen we vrij liggende wandelpaden aan of faciliteren een vraag om medewerking.

10

Weidevogel vereniging Achterhoek

10.a

De Weidevogel vereniging heeft ernstige bezwaren tegen de voorgenomen plaatsing van windturbines in en nabij het Beltrumse Veld. Zij beschouwd de plaatsing als strijdig met het wettelijk verbod tot het opzettelijk verstoren van vogels. Zij attendeert de gemeente op de vragen die door het CDA hierover zijn gesteld aan de Provincie Gelderland.

We herkennen dit punt, en hebben dit als volgt aangepast in kernambitie 5, vitaal en aantrekkelijk landelijk gebied, p.62: De fietsers en wandelaars in het buitengebied verdienen speciale aandacht, zowel recreanten als woon-werk verkeer op de fiets. Voor de hoofd- en recreatieve fietsroutes kijken we primair naar de kwaliteit van deze fietspaden en verbeteren de infrastructuur waar nodig om onveilige situaties te voorkomen. Waar mogelijk leggen we vrijliggende fietspaden aan. Tevens verbeteren we – waar nodig – de infrastructuur voor wandelaars om onveilige situaties te voorkomen. Waar mogelijk leggen we vrij liggende wandelpaden aan of zoeken mogelijkheden voor verbetering door bijvoorbeeld het omleggen van een route.

Wij beseffen dat iedere locatiekeuze leidt tot een afweging rondom de impact die een windturbine kan hebben op die locatie. Wij zijn op de hoogte van de vragen die het CDA heeft gesteld aan het college van Gedeputeerde Staten in de provincie Gelderland. Binnen onze organisatie is hiervoor volle aandacht. De omgevingsvisie richt zich op de ambities voor 2040. Ambities die we samen realiseren door het beschermen van alle kwaliteiten die wij als Oost Gelre te bieden hebben en vooruitstrevend in te spelen op alle ontwikkelingen die effect hebben op onze leefomgeving. De

ZIENSWIJZE NOTA ONTWERP OMGEVINGSVISIE OOST GELRE

14 van 19

leefomstandigheden voor flora en fauna is daarbij één van de aandachtsgebieden voor bescherming en verbetering, en vallen binnen de ambitie van het bevorderen van de biodiversiteit in onze gemeente. Daarin zullen we tot een besluit komen waarin alle belangen worden meegewogen.Dit is onze wettelijke taak. Besluiten die worden toegelicht met overwegingen en onderzoeken die het besluit onderbouwen. Dit is de wijze waarop we met onze taken vanuit de Omgevingswet zullen omgaan. 10.b

In het Beltrumse Veld zit een van de grootste wulpenpopulaties van Nederland. Plaatsing van windmolens zal leiden tot achteruitgang van deze populatie. Zij verzoekt de gemeente de bescherming van weidevogels serieus te nemen door af te zien van meewerking aan de plaatsing van windmolens in weidevogelgebieden.

U refereert hierbij aan een traject van lopende beleidsontwikkeling. Hierover bent u in gesprek met de gemeente. We beseffen dat het een complex traject is met voor- en nadelen. Het is onze inzet om de verschillende ambities rondom onder andere bescherming van flora en fauna en de energietransitie zo optimaal mogelijk te koppelen. Daarom leidt dit niet tot een aanpassing van de omgevingsvisie.

11

Zieuwents belang

11.a

Blij met de geformuleerde ambities en doelstellingen voor de hechte leefbare kernen.

Dank, waarvan akte.

11.b

Op blz. 31 van de omgevingsvisie wordt er gesproken over betaalbare "starterswoningen" tot € 355.000,= en huurwoningen tot € 1.000,= per maand. Dit zou dan resp. de betaalbaarheidsgrens gehanteerd door het Rijk en 130 % van de landelijke liberalisatiegrens zijn. Wij wonen in het oosten van het land/de Achterhoek, en de genoemde grenzen zouden wat ons betreft toegespitst moeten

Als het gaat om starterswoningen erkennen we het argument van Zieuwents belang. Daarom hebben we als gemeenten in de Regionale Woonagenda Achterhoek een extra categorie gemaakt, namelijk tot en met €250.000 voor starters. We noemen dit goedkope koop, naast de betaalbare koop tot en met €355.000. Dit staat verder toegespitst in de

ZIENSWIJZE NOTA ONTWERP OMGEVINGSVISIE OOST GELRE

15 van 19

11.c

worden op ‘de Achterhoek’. Betaalbare huur (waarbij je mogelijk nog recht hebt op een (deel) huursubsidie) kent in 2023 een grens van EUR 808,06. Voor sociale (lees: betaalbare) huurwoningen in onze regio is dit al een hele hoge huur en wordt door regionale woning coöperaties nagenoeg niet gevraagd. EUR 1.000 is zelfs voor ‘midden huur’ in onze regio een fors huurbedrag. parallel hieraan is het ook logisch dat de koopprijs voor ‘starters’, zogenaamde betaalbare koop, dan evenredig zal moet zakken. Wij streven allen na dat de vergrijzing van de regio beperkt blijft en zien graag dat lokale jeugd zich kan settelen in de geboortestreek.

Woonvisie Oost Gelre die binnenkort aan de Raad wordt aangeboden.

Op blz. 31 van de omgevingsvisie wordt er ook gesproken over het nieuwbouwprogramma inzake huur en koop. Er wordt aangegeven dat het nieuwbouwprogramma uit minimaal 28% sociale huur bestaat. Het gevoel leeft dat er in de kleine kernen van Oost Gelre hier grotere stappen gezet moeten worden dan de genoemde 28% nieuwbouw in sociale huur.

In de Woonvisie Oost Gelre geven we aan dat we werken aan het vergroten van de beschikbaarheid van sociale huurwoningen in de kleine kernen. Daarnaast onderzoeken we of flexwoningen voor starters en andere huurders een optie zijn, en hoe we dit het beste kunnen invullen. De huurprijs van sociale huur ligt rond de huursubsidiegrens; dat geldt ook voor deze woningen.

Kernambitie 1, leefbare en hechte kernen, p.31, hebben we de als volgt aangepast: Met betaalbare koop bedoelen we in 2023 woningen tot €355.000. Binnen het koopsegment hanteren we een extra categorie in het aanbod van betaalbare koopwoningen voor starters; goedkope koop betreft maximaal €250.000. Met middenhuur bedoelen we een huurprijs tot €1.000,- per maand of minder. Hierin gaan we uit van 130% van de landelijke liberalisatiegrens. Met de bovenstaande begrenzingen volgen we de regionale afspraken vastgelegd in de Regionale Woonagenda Achterhoek (2022).

Omdat dit onderdeel is van de Woonvisie, leidt dit niet tot een aanpassing van de omgevingsvisie. 11.d

Op blz. 32 van de omgevingsvisie gerefereerd naar verduurzaming van de woningen, welke zich met name richt op energie, isolatie en fossiele brandstoffen. Graag zien wij, dat gericht op toekomstige generaties, er meer aandacht wordt gegeven aan het thema duurzaam bouwen, met materialen die minder milieubelastend zijn. Wij hopen op deze wijze bij te dragen aan een toekomstbestendig woningaanbod in de gemeente Oost Gelre.

ZIENSWIJZE NOTA ONTWERP OMGEVINGSVISIE OOST GELRE

We onderkennen het belang van duurzaam bouwen in het kader van een toekomstbestendige woningvoorraad. De duurzaamheid van een woning gaat niet alleen over het resultaat, maar ook over de bouwfase zelf. Dit is één van de onderwerpen waarop in de Achterhoek wordt samengewerkt. In het 8RHK-Uitvoeringsplan 2023 (p.23) staat als doel: voldoende nieuwe betaalbare woningen (…) met zoveel mogelijk circulaire bouwmethoden. We geven de ruimte aan nieuwe methoden en stimuleren de ontwikkeling daarvan binnen de Achterhoek.

16 van 19

In de landelijke bouwregelgeving staan regels voor voor BENG (Bijna Energie Neutrale Gebouwen) en MPG (Milieuprestatie gebouwen). De ontwikkeling hiervan is onderwerp van continu debat en besluitvorming. Wij volgen dit in Achterhoek verband. Daarnaast staat reeds in de gebiedsgerichte uitwerkingen grote kernen (p.54) en kleine kernen (p.57) het volgende over het gewenste nieuwbouwprogramma: We bouwen levensloopgeschikt, klimaatadaptief en zo veel mogelijk energieneutraal en circulair. In kernambitie 1, hechte en leefbare kernen, p.31, ten aanzien van het nieuwbouwprogramma hebben wij het volgende aangepast: Nieuwe woningen zijn levensloopbestendig, aardgasvrij en zo veel mogelijk energieneutraal. Daarbij stimuleren we duurzaam en circulair bouwen. 11.e

Vragen om visievorming omtrent de Noordtak. Deze zien wij niet terug in de conceptvisie en ook niet in de effectscreening van Tauw. De Noordtak vinden wij niet passend in het Achterhoeks landschap, heeft geen maatschappelijke meerwaarde, en past niet binnen de duurzame ambities van onze regio.

De omgevingsvisie is gericht op onze ambities voor onze fysieke leefomgeving. Ambities die we samen realiseren door het beschermen van alle kwaliteiten die wij als Oost Gelre te bieden hebben en vooruitstrevend in te spelen op alle ontwikkelingen die effect hebben op onze leefomgeving. U constateert terecht dat daarin geen plaats is voor een Noordtak. Dit is duidelijk en ondubbelzinnig vastgelegd in 2022 in ons Coalitieprogramma en in de AchterhoekBoard. Daarom leidt dit niet tot een aanpassing in de omgevingsvisie.

12

Ambtelijke zienswijzen

12.a

Mede naar aanleiding van de opmerkingen van de contactgroep Zwolle hebben we geconstateerd dat het begrip ‘werkdroebels’ tot verwarring kan leiden. Vandaar dat

ZIENSWIJZE NOTA ONTWERP OMGEVINGSVISIE OOST GELRE

Het begrip werkdroebel vervalt, en wordt als volgt herschreven:

17 van 19

we het begrip laten vervallen. Binnen de gemeente is plaats voor goed inpasbare bedrijvigheid. Waarbij we rond de N18 ruimte hebben voor nieuwe, goed in het landschap ingepaste werklocaties.

Toekomstverhaal, p.26: Voor veel vrijkomende agrarische bebouwing hebben we samen met stoppende agrariërs gezocht naar een passende en duurzame invulling, bijvoorbeeld voor recreatie, duurzaam lokaal geproduceerd voedsel, kleinschalige innovatieve bedrijvigheid en voor wonen en zorg. Op sommige locaties zijn vrijkomende gebouwen gesloopt. Rond de N18 is vrijkomende agrarische bebouwing benut voor het realiseren van nieuwe, goed in het landschap ingepaste werklocaties. Visiekaart, p. 27: Arcering rond Lichtenvoorde en Groenlo: nieuwe kleur met aanpassing legenda tot: “faciliteren van ontwikkeling woon- en werklocaties” Gebiedsgerichte uitwerking werklocaties, p. 60: We verkennen de mogelijkheid van nieuwe werklocaties in de nabijheid van de N18. Goede landschappelijke inpassing is hierbij belangrijk. Dit doen we voornamelijk op locaties met vrijkomende agrarische bebouwing.

12.b

Het hele gebied Lichtenvoorde Zuid is een zoeklocatie voor wonen en bedrijvigheid. Het kaartbeeld wekt de suggestie dat we ons focussen op Lichtenvoorde ZuidWest.

Visiekaart, p. 27: Aanduiding zoekgebied “faciliteren van ontwikkeling woon- en werklocaties” groter gemaakt. Icoon voor “mogelijke uitleglocatie woningbouw” voorzien van een onderliggende rode pijl, die het gehele zoekgebied voor een uitleglocatie ten zuiden van Lichtenvoorde impliceert.

12.c

In opdracht van de Raad wordt een onderzoek gedaan naar de mogelijke verplaatsing van Vitelco en de mogelijkheden van herstructurering tot een woon/werk gebied. Op welke wijze dit realiteit kan worden, is onderwerp van onderzoek. Vooruitkijkend naar 2040 vinden we dat deze herontwikkeling herkenbaar onderdeel moet zijn van de de gebiedsuitwerking grote kernen.

Gebiedsgerichte uitwerking grote kernen, p. 54: We streven naar herontwikkeling van het Vitelco terrein tot een gebied met wonen en bedrijfslocaties. Zo verbeteren we de woonkwaliteit in Lichtenvoorde. Met Vitelco is het onderzoek dat heeft plaatsgevonden vanuit de gedachte ‘het juiste bedrijf op de juiste plek” opgevolgd door een verplaatsing naar een locatie met goed toekomstperspectief.

ZIENSWIJZE NOTA ONTWERP OMGEVINGSVISIE OOST GELRE

18 van 19

Visiekaart, p. 27: Toevoeging van icoon in Lichtenvoorde: mogelijke ontwikkeling woon- en werklocatie.

ZIENSWIJZE NOTA ONTWERP OMGEVINGSVISIE OOST GELRE

19 van 19

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/13109815/1