memo uitgangspuntennotitie ihp
Tekst van het document
MEMO
Datum
: 22 september 2023
Van
: Wethouder Ellen Dusseldorp
Aan
: Gemeenteraad
Onderwerp
: Ter kennisname de uitgangspuntennotitie met betrekking tot het Integraal Huisvestingsplan Onderwijs (IHP)
De raadswerkgroep is op 16 februari en 22 mei jl. geïnformeerd over het opstellen van het Integraal Huisvestingsplan Onderwijs (IHP). Deze bijeenkomsten waren een aanzet om de raadswerkgroep te informeren over de (te vormen) kaders en uitgangspunten voor het IHP. De Raadswerkgroep is door middel van deze thema-avonden geïnformeerd en bevraagd om te komen tot een visie. Deze input samen met de input van de schoolbesturen, kinderopvangorganisaties en gemeentelijke organisatie is gebruikt en vertaald naar de uitgangspuntennotitie. Deze gezamenlijke uitgangspunten vormen de basis voor het IHP. Zoals aangegeven in de raadswerkgroep van 4 september jongstleden ontvangt u hierbij deze uitgangspuntennotitie. Het college onderschrijft de uitgangspuntennotitie en geeft als input voor het IHP het volgende mee: •
•
•
Wij ondersteunen de doorgaande lijn bij (inclusiever) onderwijs. Ook zien wij de noodzaak van een ruimer gebouw, waar dit voor passend onderwijs noodzakelijk is. Graag zien wij in het IHP concrete percentages voor wat betreft de benodigde extra vierkante meters die bijdragen aan het bieden van passend onderwijs en het opvangen van zorgvragen binnen het (basis)onderwijs. Wij staan achter een structurele samenwerking tussen kinderopvangorganisaties en het onderwijs in het kader van de doorgaande ontwikkellijn en de realisatie van extra ruimte die dit met zich meebrengt. In het IHP zien wij graag opgenomen dat de kosten zijn gedekt, hetzij door investering door de kinderopvangorganisatie, hetzij door een kostendekkende, marktconforme huur middels een langdurige huurovereenkomst. Wij onderschrijven dat energieneutraal bouwen (ENG) de norm gaat worden. In het IHP willen wij duidelijke afspraken over het mee-investeringspercentage (waar dat toegestaan is) van scholen. Dit in relatie tot besparingen die scholen realiseren op het energieverbruik. Daarnaast willen wij met de schoolbesturen afspraken maken over het mee-investeren vanuit vrijval van onderhoudsreserveringen voorafgaand aan de nieuwbouw of levensduurverlengende renovatie van een school.
De uitgangspuntennotitie met de input van het college vormt de basis voor het IHP. De planning is om het IHP in de raadsvergadering van januari 2024 ter besluitvorming aan uw raad voor te leggen. In het IHP worden de voor de komende jaren beoogde maatregelen voor de onderwijshuisvesting opgenomen. Na vaststelling van het IHP worden deze maatregelen samen met de schoolbesturen verder geconcretiseerd. De concrete maatregelen worden vervolgens inhoudelijk en financieel verder uitgewerkt in de verwachte investeringen voor gemeente en schoolbesturen en nieuwe gemeentelijke jaarlasten. Wij hopen u hiermee voldoende geïnformeerd te hebben. Mocht u vragen of opmerkingen hebben over de inhoud, dan kunt u contact opnemen met Bianca Poelhuis. Zij is te bereiken via b.poelhuis@oostgelre.nl of telefonisch op 0544-39 32 09
Uitgangspuntennotitie Integraal Huisvestingsplan Onderwijs Oost Gelre Inleiding In deze uitgangspuntennotitie vermelden we wat de belangrijkste uitgangspunten zijn om te komen tot een meer planmatige en doelmatige aanpak van de onderwijshuisvesting in het primair en voortgezet onderwijs. Deze uitgangspunten vormen de basis voor het Integraal Huisvestingsplan (hierna IHP). De uitgangspunten geven aan wat onze ambitie is, waar we in het nieuwe beleid op zullen inzetten en hoe het proces eruit komt te zien. Aan de hand van deze uitgangspuntennotitie zal uiteindelijk het uitvoeringsprogramma huisvestingsscenario’s per wijk of kern en locatie worden uitgewerkt en aan u aangeboden worden ter besluitvorming.
1. Integraal Huisvestingsplan Onderwijs (IHP) Vanaf 1997 zijn gemeenten verantwoordelijk voor de huisvesting van scholen voor Primair en Voortgezet Onderwijs (PO en VO). In de afgelopen jaren zijn er allerlei ontwikkelingen gaande die impact hebben op de onderwijshuisvesting. Landelijke ontwikkelingen zijn bijvoorbeeld het Klimaatakkoord en het Energieakkoord en het Huisvestingsakkoord van de Primair Onderwijs Raad (PO-Raad) en Voortgezet Onderwijs Raad (VO-raad). Waarbij bij de PO-Raad, VO-raad en de Vereniging Nederlandse Gemeenten al langer de wens leeft om tot een meer integrale aanpak te komen van onderwijshuisvesting. Zij hebben daarom in 2016 een gezamenlijk voorstel voor onderwijshuisvesting opgesteld. In 2020 heeft de minister van onderwijs laten weten dat hij de huisvestingsvoorstellen van de sectororganisaties en de VNG overneemt. Bij invoering van de wet, gepland in 2025, wordt het voor gemeenten verplicht een meerjarig Integraal Huisvestingsplan (IHP) te ontwikkelen. Zij werken hierbij in gelijkwaardigheid samen met schoolbesturen. Passend en inclusiever onderwijs, ontwikkelingen vanuit de maatschappij Ook de regionale en lokale ontwikkelingen maken dat we met een vernieuwende blik naar de onderwijshuisvesting moeten kijken.
Ontwikkelingen die van invloed op zijn onderwijshuisvesting zijn: • thuisnabij (zo dichtbij mogelijk van de wijk of woonplaats van het kind) inclusiever onderwijs; • leefbaarheid (ontwikkelperspectief leerlingaantallen); • maatschappelijke functie van de school in onze kerkdorpen en wijken; • samenwerking tussen basisscholen, de jeugdzorg en de kinderopvang; • heroriëntering op het gemeentelijke vastgoed. Doorgaande lijnen bij (passend) onderwijs Voor kinderen met extra ondersteuningsbehoeften zijn een doorgaande pedagogische lijn, onderwijslijn en continuïteit in de ondersteuning van kind en gezin van groot belang. Dat vraagt om afstemming in de verticale lijn; van de voorschoolse voorzieningen (kinderopvangorganisaties) naar de basisschool, van de basisschool naar het voortgezet onderwijs en van het voortgezet onderwijs naar het middelbaar beroepsonderwijs. Met goede doorgaande lijnen kan efficiënter worden gewerkt en wordt verergering van problemen, ‘thuiszitten’ en voortijdige schooluitval zo veel mogelijk voorkomen. Het realiseren van die doorgaande lijnen is een gezamenlijke opdracht voor leerlingen, ouders, kinderopvang, scholen, besturen, hulpverleningsorganisaties en gemeenten. Kwalitatief goede en goed georganiseerde huisvesting faciliteert de samenwerking en draagt daarmee bij aan kindontwikkeling.
Het is in veel bestaande schoolgebouwen lastig om een goede invulling te geven aan inclusiever onderwijs. De indeling en toegankelijkheid van schoolgebouwen, maar ook het aantal vierkante meters, zijn niet
berekend op het adequaat ondersteunen van leerlingen met een specifieke ondersteuningsbehoefte in het regulier onderwijs. Dat geldt ook voor de inzet van inclusiever onderwijs voor alle kinderen en een inclusiever personeelsbestand. Daarnaast krijgen zorgverleners als jeugdhulp en het Ondersteuningsteam steeds vaker een plek binnen de scholen. Dit is een belangrijke ontwikkeling van inclusiever onderwijs die om (extra) vierkante meters vraagt. Huisvesting is een middel en geen doel Vanwege de op korte termijn verwachte (ver)nieuwbouw van een aantal scholen in Oost Gelre zijn wij vooruitlopend op de wettelijke taak al eerder gestart met het opstellen van een IHP. Gezamenlijke huisvesting kan ontstaan vanuit een breed gedragen gezamenlijke visie op de ontwikkeling van kinderen, maar ook vanuit pragmatische uitgangspunten zoals leegstand van lokalen. Samen met de schoolbesturen en kinderopvangorganisaties heeft de gemeente Oost Gelre ambities geformuleerd, uitdagingen benoemd en afspraken gemaakt over de inzet van beschikbare middelen rondom toekomstbestendige onderwijshuisvesting. Momenteel is het nog niet duidelijk welke eisen in de toekomst vanuit de wet worden gesteld aan een IHP. Met de inzichten en kennis van nu maken schoolbesturen en de gemeente Oost Gelre een gezamenlijke visie op onderwijshuisvesting in Oost Gelre.
Hierdoor zijn we zo goed mogelijk voorbereid op de toekomst.
2. Proces, kaders en uitwerking De gemeente Oost Gelre wil samen met de schoolbesturen en kinderopvangorganisaties kaders stellen, waarbinnen alle betrokkenen vol vertrouwen naar de toekomst kijken. In een aantal plezierige en constructieve overleggen met de schoolbesturen van het primair, voortgezet en (voortgezet) speciaal onderwijs en kinderopvangorganisaties zijn we, onder begeleiding van ICSadviseurs, tot een kwaliteitskader gekomen. Het kwaliteitskader vormt de basis voor het IHP waarin de verwachte ontwikkelingen in het onderwijs, de maatschappij en de gemeente Oost Gelre in relatie worden gebracht met de visie op onderwijshuisvesting. Het IHP heeft hierdoor een richtinggevend kader en bevat meerjarige investeringsafspraken. De keuze om eerst het proces en de kaders te schetsen in een uitgangspuntennotitie en daarna met een uitvoeringsprogramma aan de slag te gaan passen in het proces van opstellen van een IHP hoe je de bestaande voorzieningenstructuur transformeert naar de toekomst. Het IHP komt tot stand via het doorlopen van een proces in een aantal fases De eerste fasen van het IHP-proces zijn doorlopen, resulterend in een conceptkwaliteitskader voor onderwijshuisvesting en een totaalbeeld van de huidige onderwijshuisvesting. De Raadswerkgroep is door middel van een thema-avond geïnformeerd en gevraagd om te komen tot een gemeente breed gedragen visie.
Deze visie is vertaald naar de uitgangspuntennotitie en vormt de basis voor het IHP. Deze gezamenlijke uitgangspunten vormen na vaststelling, de toekomstvisie zoals deze verder wordt uitgewerkt in het IHP. Fase 1: Visie In de visiefase stond het opstellen van een gezamenlijke visie op onderwijs en onderwijshuisvesting centraal. Deze visie en de daaruit voortvloeiende kaders en randvoorwaarden voor onderwijshuisvesting, vormen het fundament voor het IHP. Fase 2: Inventarisatie Om een vertaalslag te maken van het kwaliteitskader naar een meerjarenperspectief voor de onderwijshuisvesting, is het noodzakelijk inzicht te krijgen in de kwaliteit en ‘prestaties’ van de bestaande schoolgebouwen. Dit inzicht vraagt een brede inventarisatie, waaronder gebouwcapaciteit, bouwjaar, jaar en omvang uitbreidingen en renovaties en boekwaardes resulterend in een overzicht van de huidige gebouwenvoorraad. Via de volledige NEN2767scan heeft per schoollocatie een Nulmeting (schouw van de
2
gebouwen (technisch en functioneel)) plaatsgevonden. De uitkomsten van de nulmetingen worden verwerkt in het IHP. Fase 3: Planvorming en financiën Aan de hand van een grote print van de kansenkaart zijn de schoolbesturen en gemeente aan de slag gegaan met het formuleren van oplossingsrichtingen voor korte, middellange en lange termijn voor elke locatie waar een noodzaak tot ingrijpen is. Deze prioritering vormt de basis voor de latere uitwerking van de huisvestingsscenario’s per wijk of kern en locatie. Fase 4: Rapportage Het IHP is een plan waarin de resultaten van het gehele proces helder staan beschreven. Voor ieder schoolgebouw wordt het toekomstperspectief geschetst, inclusief de financiële consequenties en planning. Het IHP geeft een meerjarenperspectief met maatregelen per locatie/accommodatie, een financiële vertaling van die maatregel(en) en een planning. Het meerjarenperspectief heeft een planhorizon van zestien jaar en is voor de eerste vier jaar concreet maar waarbij nieuwe ontwikkelingen die gedurende de eerste vier jaar plaatsvinden ook een plek kunnen krijgen. Voor de overige jaren geeft het meerjarenperspectief een grofmazige doorkijk. Fase 5. Implementatie Het IHP zal in een ‘Op Overeenstemming Gericht Overleg’ (OOGO) door gemeente aan de schoolbesturen en kinderopvangorganisaties voorgelegd worden waarna het aan u als Raad ter besluitvorming wordt voorgelegd.
Na vaststelling van het IHP worden de schoolbesturen van het besluit op de hoogte gebracht. We gaan nu aan de slag met de planvorming. De huisvestingsscenario’s worden aan de hand van de verschillende doelstellingen en maatregelen samen met onze schoolbesturen en kinderopvangorganisaties opgesteld. Elk huisvestingsscenario is maatwerk en zal wanneer er voor de betreffende school (ver)nieuwbouw aan de orde is ter besluitvorming afzonderlijk aan u worden voorgelegd en daarmee vastgesteld worden. Elke school gevestigd in een wijk of kern heeft namelijk zijn eigen (financiële) maatwerk- en wensenvraagstuk. Dat we dit in stappen doen heeft te maken met het gegeven dat er veel ontwikkelingen zijn op het gebied van onderwijshuisvesting. Op 30 juni 2023 heeft Het kabinet € 484 miljoen beschikbaar gesteld voor Innovatieprogramma Onderwijshuisvestingprojecten die moeten leiden tot betere schoolgebouwen en duurzame economische groei. Voor het programma gericht op betere scholen en een efficiënter bouwproces is in eerste instantie € 275 miljoen beschikbaar. Wat betekent dit voor gemeenten? Gemeenten kunnen samen met schoolbesturen de komende jaren voorstellen indienen om deel te nemen aan dit innovatieprogramma.
Met het grootste deel van het beschikbare geld (dat aan gemeenten wordt verstrekt middels een specifieke uitkering (SPUK)) bouwen we dan duurzame, gezonde en inclusieve schoolgebouwen. Een kleiner deel (38 miljoen) wordt gebruikt voor de programmakosten gedurende de 15-jarige looptijd. Doel van het programma is om samen te leren hoe we kwalitatief betere schoolgebouwen sneller en kostenefficiënter kunnen renoveren en vernieuwen. De extra kwaliteit op het gebied van inclusie, binnenklimaat en duurzaamheid kan voor 80% uit SPUK subsidie worden bekostigd. Gemeenten en scholen moeten de andere 20% voor extra kwaliteit financieren. We verwachten dat gemeente Oost Gelre in de loop van 2024 (circa juni) hun aanvragen voor SPUK kunnen indienen, die dan begin 2025 kunnen worden beschikt door het Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschappen. Het project IKC2 locatie Buitenschans in Groenlo biedt mogelijkheden om als voorstel in te dienen om deel te nemen aan dit innovatieprogramma.
3. Drie thema’s dragen bij aan de ambitie en visie op onderwijshuisvesting Oost Gelre
3
In het Beleidsplan Mens & Samenleving ‘Samen sterk in Oost Gelre 2023-2026’, dat reeds is vastgesteld door het college en de gemeenteraad, hebben we de ambitie verwoord om als gemeente te staan voor ‘Goed onderwijs voor iedereen in Oost Gelre’. In drie doelstellingen is onderwijshuisvesting van invloed op het slagen van deze ambitie. Deze doelstellingen zijn: 1. Elke leerling krijgt een goede onderwijsplek met ondersteuning waar nodig 2. Faciliteren van goede onderwijshuisvesting 3. Voorkomen van vroegtijdig schoolverlaten De doelstellingen zijn niet alleen voortgekomen uit verschillende gesprekken met organisaties, maar zijn ook ontstaan door samenwerkingen en ontwikkelingen binnen de gemeente en ontwikkelingen in het onderwijs, zowel landelijk, regionaal als ook lokaal. Deze drie doelstellingen zijn het uitgangspunt om een goede onderwijshuisvestingsvisie te vormen die dient als de kader van het nieuw op te zetten IHP. In onderstaande uiteenzetting leest u per doelstelling een toelichting. 1. Elke leerling krijgt een goede onderwijsplek met ondersteuning waar nodig De schoolbesturen en de gemeente Oost Gelre hebben het doel om het onderwijs thuisnabij voor ieder kind toegankelijk te maken. Zoveel mogelijk regulier waar het kan en speciaal waar noodzakelijk is beter voor de ontwikkeling van het kind.
Het onderwijs is passend, inclusief, thuisnabij in de wijk of kern en zoveel mogelijk op maat gemaakt voor zowel groepsgerichte als individuele leer- en ontwikkelbehoeften. Het doel is om in de gemeente Oost Gelre voor elk kind een passende plek te vinden, passend bij de behoefte. En dit zoveel mogelijk nabij de wijk of woonplaats van het kind waardoor vriendschappen en sociale ontwikkelingen thuisnabij plaatsvinden en ook minder leerlingenvervoer nodig is. Als een kind minder ver hoeft te reizen van huis naar school en andersom kan het direct na schooltijd aansluiting vinden voor speelafspraken, sportvereniging en/of andere sociale activiteiten. Inclusiever onderwijs Inclusiever onderwijs betekent dat één en dezelfde schoolomgeving voldoet voor alle leerlingen: zowel voor leerlingen met als leerlingen zonder beperking, maar ook voor anderstalige nieuwkomers of leerlingen uit gezinnen die het wat moeilijker hebben. Om dit mogelijk te maken is er een gezamenlijke pedagogische basis nodig met intensieve samenwerking tussen regulier en speciaal onderwijs en tussen onderwijs en zorg. Waarbij expertise dicht bij het kind en in de school beschikbaar is. We bewegen daarbij naar een meer context- en groepsgerichte benadering. Zo profiteren meer kinderen van de beschikbare ondersteuning.
De landelijke ‘routekaart inclusief onderwijs’ van het ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap geeft hieraan richting (Ministerie van Onderwijs, cultuur en wetenschap, 2023) Inclusiever onderwijs start bij de context en niet bij het individu. In tegenstelling tot passend onderwijs gaat inclusief onderwijs uit van een meer groepsgerichte aanpak. De gedachte daarachter is dat door groepsgericht tegemoet te komen aan ondersteuningsbehoeften meer jongeren profiteren van de aanpak en het aanbod dan alleen dat ene kind. Daarnaast horen meer jongeren erbij als ondersteuning groepsgericht wordt aangeboden en is niemand de uitzondering. Aparte scholen leiden tot minder sociale inclusie. Inclusiever onderwijs leidt tot meer onafhankelijkheid, betere sociale vaardigheden en meer mogelijkheden om deel te nemen aan de economie en de samenleving als geheel. Wanneer reguliere scholen voor basis- en voortgezet onderwijs inclusiever vormgegeven worden, ontstaat er een reële afspiegeling van de maatschappij. Scholen ‘leren’ wanneer diversiteit in de school aanwezig is. We gaan terug naar normaliseren: we rekken ‘de norm’ op en kinderen hoeven zich niet meer aan te passen aan een te strikte norm. Dit draagt bij aan kansengelijkheid in het onderwijs en later op de arbeidsmarkt.
De inzet op versterking van het regulier onderwijs leidt ook tot meer jeugdigen die dichtbij huis naar school kunnen Het inclusiever onderwijs heeft extra ruimte voor zorg, begeleiding en ondersteuning nodig. De huidige wettelijke bepalingen van ruimtenormering onderwijshuisvesting bieden hiervoor onvoldoende
4
mogelijkheden. Het organiseren van inclusiever onderwijs is maatwerk, afhankelijk van de schaal van de scholen en lokale behoefte. Dat vraagt van de gemeente Oost Gelre extra investeringen in ruimte voor zorg, begeleiding en ondersteuning in het reguliere onderwijs. Passend bij de doelstelling voor passend en inclusiever onderwijs hebben de schoolbesturen en de gemeente Oost Gelre de ambitie om zoveel mogelijk de schotten tussen de sectoren weg te nemen en de overgangen tussen de sectoren voor kinderen te minimaliseren. 2. Faciliteren van goede onderwijshuisvesting In de gemeente Oost Gelre zijn hier al concrete stappen in gemaakt die passen bij de ambitie en visie om zo veel mogelijk thuisnabij passend inclusiever onderwijs voor elk kind mogelijk te maken. In IEKC Het Gele Park in Lichtenvoorde wordt basisonderwijs, speciaal basisonderwijs, speciaal onderwijs, kinderopvang en zorg door verschillende organisaties samen onder één dak met één visie aangeboden aan kinderen van 0-13 jaar. Deze ontwikkeling op samenwerking willen alle samenwerkende partijen in het onderwijs in Oost Gelre, waar dit mogelijk is, ook op andere locaties doorzetten. Er ontstaan door deze ambitie een aantal highlights voor de huisvesting van bestaande, nieuwe of te renoveren onderwijshuisvestingen.
De nieuwe visie op onderwijshuisvesting faciliteert en nodigt uit tot vorming van IKC’s en doorgaande ontwikkellijnen van 0 - 13 of zelfs 0 -18 jaar. Dit betekent dat het onderwijs niet alleen onderling, maar ook met kinderopvang en zorgorganisaties moet gaan samenwerken om gezamenlijk de ontwikkeling, zorg en ondersteuning van het kind nabij het kind te organiseren. Fysieke nabijheid van kinderopvangorganisaties in of zeer nabij het schoolgebouw is gewenst om doorlopende leerlijnen maximaal te faciliteren. Kinderopvangorganisaties en scholen creëren deze samenwerking op dit moment door leegstand van lokalen marktconform te verhuren aan de kinderopvangorganisaties. Door groeiende leerlingenaantallen is kinderopvang niet altijd mogelijk in leegstand van lokalen in de schoolgebouwen, maar is investering in extra ruimte voor kinderopvang nodig. Wanneer inhoudelijk meerwaarde wordt gezien in samenwerking tussen PO, VO en (V)SO, en verschillende (zorg)organisaties worden onderwijsvoorzieningen waar mogelijk bij elkaar gepositioneerd en dat vraagt van de gemeente Oost Gelre ook een investering in ruimte voor kinderopvang en/of zorgorganisaties. Investeren in kinderopvang Een structurele samenwerking tussen kinderopvang en onderwijs moet worden gewaarborgd om in de gemeente Oost Gelre toekomstbestendige I(E)KC’s te ontwikkelen.
IKC is de afkorting van Integraal Kindcentrum; een locatie waar kinderopvang, onderwijs en buitenschoolse opvang intensief samenwerken in het belang van de ontwikkeling van kinderen. Een IKC heeft één directeur, één team, één identiteit, één pedagogische visie en één beleid. Dat vraagt om fysieke nabijheid van kinderopvangorganisaties en scholen; het liefst in één gebouw. Waarbij vroegtijdig op individueel niveau zorg- en/of leerbehoeften van kinderen gesignaleerd en aangeboden worden. Zowel in bestaande gebouwen als nieuwe gebouwen worden hiertoe de ruimtes die kinderopvangorganisaties voor kinderdagopvang en peuteropvang gebruiken, onttrokken aan de capaciteit voor onderwijs en ingezet voor de kinderopvang. Daarmee wordt de fysieke nabijheid gewaarborgd; de kinderopvangorganisatie is geen tijdelijke gebruiker van het gebouw, maar een permanente samenwerkingspartner in het gebouw. Om ook de relatie op lange termijn te waarborgen, investeert de gemeente in ruimtes voor onderwijs én is de gemeente bereid een lening te verstrekken voor kinderopvang (voorfinanciering). Deze moderne onderwijsconcepten vragen doorgaans meer open ruimten, gebruik van lespleinen en ruimten voor individueel- en groepswerk. Zeker als de huisvesting gedeeld wordt met meerdere gebruikers. Het IHP heeft wendbaarheid voor ogen, nu en in de toekomst.
Het delen van, instandhouding en versterking van voorzieningenniveau waaronder (onderwijs)huisvesting is vooral in de kleine kernen de inzet van leefbaarheidsvisie.
5
Investeren in multifunctionele accommodaties De ‘Leefbaarheidsvisie Kleine Kernen’ heeft tot doel de leefbaarheid in de kleine kernen in stand te houden. Onder andere door het in stand houden en versterking van het voorzieningenniveau, waaronder de basisscholen. De schoolbesturen begrijpen het belang van een school voor de leefbaarheid van een dorp. Daarom overleggen ze structureel en vroegtijdig met de lokale dorpsbelangenorganisaties (DBO’s) over de lokale ontwikkelingen, waaronder de keuze voor het sluiten of in stand houden van een school. Veel van de kernen beschikken over karakteristieke vooroorlogse schoolgebouwen, soms monumentaal of beeldbepalend. Echter is er in een deel van de gebouwen ook sprake van leegstand en zijn er nog grote investeringen nodig om de gebouwen te verduurzamen maar biedt het ook kansen om te groeien naar een multifunctioneel gebouw om in te spelen op maatschappelijke, demografische en onderwijskundige veranderingen. Vanuit het meerjarenperspectief voor de onderwijshuisvesting hebben we de kwaliteit en ‘prestaties’ van de bestaande schoolgebouwen in beeld gebracht. Dit bevat een brede inventarisatie, waaronder gebouwcapaciteit, bouwjaar, jaar en omvang uitbreidingen en renovaties en boekwaardes van de huidige gebouwenvoorraad.
Via de volledige NEN2767-scan heeft per schoollocatie een nulmeting (schouw van de gebouwen (technisch en functioneel)) plaatsgevonden. Naast het versterken van de samenwerking onderling en het leggen van nieuwe verbindingen in en met het onderwijs weten we dat het onderwijs ook een vindplaats is voor verbinding met andere domeinen en thema’s (zoals gezondheid, zorg en welzijn, leefomgeving, nieuwkomers, duurzaamheid en klimaat). Door het onderwijs te versterken met goede (en multifunctionele) huisvesting creëren we kansen voor een inclusievere samenleving. De gemeente Oost Gelre heeft de ambitie om in elke (kleine) kern, voor zover mogelijk, toe te groeien naar een multifunctionele accommodatie, waarin diverse functies zijn geclusterd: ontmoeten, werken, leren, opvang, zorg en ontspanning. Investeren in duurzame en frisse scholen Met ingang van 1 januari 2021 zijn de eisen aan de energieprestatie van nieuwe schoolgebouwen verhoogd; voor nieuwbouw is het uitgangspunt om een bijna energieneutraal gebouw (BENG) te realiseren. Daarnaast is de verwachting dat door nieuwe Europese wetgeving per 2027 energieneutraal bouwen de standaard gaat worden voor publieke gebouwen. De ambitie van de gemeente Oost Gelre (coalitieakkoord 2022) is om in 2050 energieneutraal te zijn.
Als onderdeel van de maatschappelijke vastgoedportefeuille speelt de onderwijshuisvesting een belangrijke rol om deze ambitie te verwezenlijken. De gemeente voelt, samen met de schoolbesturen, de verantwoordelijkheid om dit doel te behalen. De gemeente Oost Gelre kiest er daarom, samen met de schoolbesturen voor om, als onderdeel van haar lange termijn visie energieneutraal bouwen de ondergrens te maken bij nieuwbouw én (indien haalbaar) renovatie in onderwijshuisvesting. Levensduur verlengende renovatie is in Oost Gelre een volwaardig alternatief voor nieuwbouw en heeft de voorkeur mits de locatie en het gebouw geschikt te maken zijn voor de onderwijsvisie. Vanuit maatschappelijke betrokkenheid, maar ook omwille van een gezonde leer- en werkomgeving voor leerlingen en medewerkers. De partijen hebben daarnaast gezamenlijk de ambitie vastgesteld om bij renovatie en nieuwbouw ten minste Frisse Scholen Klasse B te behalen en te streven naar Klasse A. Samen investeren De gezamenlijke ambities vragen om een extra investering boven op de wettelijke verplichting. De schoolbesturen en de gemeente hebben elkaar daarom nodig om de ambities rondom energieneutraliteit en het binnenklimaat te behalen. Het uitgangspunt is daarom dat de schoolbesturen mee-investeren waar dat toegestaan is, dit omdat sommige investeringen een voordelige invloed hebben op de exploitatie van een gebouw.
Het schoolbestuur, de kinderopvang en de gemeente zoeken in een businesscase, volgend uit het IHP, gezamenlijk naar financiële middelen, financieringsmogelijkheden binnen de geldende wetgeving. De percentages qua mee-investeren is maatwerk. Bewegingsonderwijs Schoolbesturen en gemeente zijn samen verantwoordelijk voor voldoende kwalitatief bewegingsonderwijs. Ieder heeft een eigen rol en onderlinge afstemming is essentieel.
6
Het schoolbestuur is verantwoordelijk voor de invulling van de lessen bewegingsonderwijs: voor de inhoud, de kwaliteit en het (bevoegde) personeel. De gemeente ontvangt middelen van de Rijksoverheid en is op grond van de onderwijswetten de Wet primair onderwijs, Wet voortgezet onderwijs en de Wet op de expertisecentra verantwoordelijk voor voldoende en adequate onderwijshuisvesting: de accommodaties voor bewegingsonderwijs zijn hier onderdeel van. De omvang van het door de gemeente bekostigde gebruik van een gymnastiekruimte door een school voor basisonderwijs en een school voor (voortgezet) speciaal onderwijs is gebaseerd op het aantal klokuren per week waarin door de school de gymnastiekruimte wordt gebruikt. De gemeente stelt in beginsel gymzalen beschikbaar op basis van Verordening voorzieningen huisvesting onderwijs Oost Gelre. Waarbij voor het primair onderwijs het uitgangspunt is dat er binnen 1 kilometer een passende voorziening beschikbaar is. Wanneer dit niet mogelijk is beroepen wij ons op de Verordening die in 2015 vastgesteld is door het college van B&W. Deze is na te lezen via https://lokaleregelgeving.overheid.nl/CVDR350271 Wanneer de afstand voor het basis- speciaal basis- en speciaal (voorgezet) onderwijs meer dan 1 kilometer bedraagt, zorgt de gemeente Oost Gelre voor vervoer.
Het Primair onderwijs zal, in haar beleid twee lessen bewegingsonderwijs op moeten nemen, ongeacht de afstand tot de accommodatie. Voor het Voortgezet onderwijs is vastgesteld dat beweegonderwijs gemiddeld wekelijks moet worden aangeboden: • • •
2,5 uur op het vmbo; 2,2 uur op de havo; 2 uur op het vwo.
Voor het primair onderwijs zijn alle rijksvergoedingen voor de huisvesting en exploitatie van gymnastiekonderwijs in het Gemeentefonds gestort. Het betreft niet alleen de stichtings- en eerste inrichtingskosten, maar ook de kosten voor de materiële instandhouding, het technisch onderhoud, ingrijpend onderhoud en de andere voorzieningen. In het voortgezet onderwijs hebben veel scholen een eigen gymnastiekaccommodatie. De stichtings- en eerste inrichtingskosten zijn in het verleden al volledig door het Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschappen (OCenW) vergoed. De vergoeding voor de totale materiële instandhouding is opgenomen in de lumpsumvergoeding, die de scholen van het Rijk ontvangen. Op basis waarvan kan een schoolbestuur een gymzaal vlak bij de school aanvragen Hier is geen wettelijke regeling voor: het kan onderdeel van het verzoek van een schoolbestuur zijn om te voorzien in deze huisvesting. De gemeente Oost Gelre voorziet, na het vaststellen van de integrale afweging voorzieningen binnensport en onderwijs, in voldoende voorzieningen en capaciteit voor beweegonderwijs. Daarmee voldoet de gemeente aan haar wettelijke verplichting. In de Sportvisie van Oost Gelre 2015-2025 is gekozen voor bereikbare kwalitatieve sportaccommodaties. Kwaliteit houdt in dat de accommodatie voldoet aan de laatste standaard, passend bij het niveau van de gebruiker.
Kwaliteit betekent ook dat de accommodatie multifunctioneel moet zijn. Sport en onderwijs combineren levert een lagere investering en exploitatievoordelen op. Ongeacht wie de exploitant is, de combinatie van sport (eind van de middag, avond en weekend) en onderwijs (ochtend en middag) heeft een gunstig effect op de exploitatie. Bij de keuze voor aanleg of renovatie van sportaccommodaties gaat kwaliteit voor kwantiteit. Ook als dit betekent dat mensen langer moet reizen. Indien een schoolbestuur expliciet een gymzaal op locatie wenst die qua voorziening niet noodzakelijk is om te voldoen aan de benodigde capaciteit voor beweegonderwijs, zal het schoolbestuur in overleg treden met de gemeente over de investering en de te dragen exploitatie. De wet bepaalt dan dat de gemeente ten behoeve van gymnastiekaccommodaties, waarvan het eigendom berust bij een schoolbestuur van een niet door de gemeente in stand gehouden school, jaarlijks een vergoeding ter beschikking stelt.
7
Speellokaal De wetgeving op gebied van onderwijshuisvesting gaat ervan uit dat kleutergroepen bewegingsonderwijs in het speellokaal van de eigen school aangeboden krijgen. Als de school niet (meer) beschikt over een eigen speellokaal, bijvoorbeeld omdat de school groeit en het bestaande speellokaal ingezet moet worden als klaslokaal ontstaat recht op 2 x 45 minuten per week per kleutergroep in de gymzaal. Als er wel een speellokaal beschikbaar is en het schoolbestuur besluit zelf het speellokaal op te offeren, bijvoorbeeld door verhuur aan derden dan is er geen recht op uren in de gymzaal. Schoolbesturen moeten dit goed afwegen, zeker nu de plicht van minimaal 2 x 45 minuten bewegingsonderwijs ook voor kleuters geldt. 3. Voorkomen van vroegtijdig schoolverlaten In 2014 is de Wet Passend Onderwijs ingevoerd. Passend onderwijs betreft kinderen en jongeren tot 23 jaar met extra ondersteuningsbehoeften en heeft betrekking op het regulier basisonderwijs en voortgezet onderwijs, het middelbaar beroepsonderwijs, het speciaal basisonderwijs en het (voortgezet) speciaal onderwijs.
Een van de belangrijkste doelen van passend onderwijs is dat alle kinderen met extra ondersteuningsbehoeften een passende plek in het onderwijs krijgen, waarbij die plek zo mogelijk in het regulier onderwijs is, dat scholen ondersteuning op maat kunnen bieden en dat leerlingen zo min mogelijk uitvallen of langdurig thuis komen te zitten. Leerlingen met een (zorg)problematiek willen we effectief kunnen ondersteunen. Dat doen we door de aansluiting tussen onderwijs en (jeugd)zorg waar mogelijk schoolgericht te organiseren; zorg is snel en dichtbij de school beschikbaar. Op iedere school moet sprake zijn van een sterke basisondersteuning. Die ondersteuning is gericht op het kunnen blijven volgen van zoveel mogelijk thuisnabij onderwijs. Lokale en regionale preventieprogramma’s sluiten hier schoolgericht op aan. Gemeenten en onderwijsinstellingen maken hierover zowel gezamenlijk als individuele afspraken. Graag zien we dat de jeugdhulp zowel wijk- als schoolgericht wordt ingezet. De gemeente Oost Gelre heeft met de samenwerkingsverbanden en schoolbesturen afspraken gemaakt om het Ondersteuningsteam Oost Achterhoek meer te integreren in het onderwijs om daarmee (toegang naar) zorg aan school te verbinden. Deze ontwikkeling is geen onderdeel van het onderwijshuisvestingsplan maar is wel van invloed op de ruimtecapaciteit binnen de scholen.
Indien er binnen de huisvesting van de scholen ruimte is om deze extra ondersteuning en maatwerk te bieden voor het welzijn en ontwikkeling van een leerling draagt dat bij aan het voorkomen van voortijdig schoolverlaten.
4. Uitvoering Integraal Huisvestingsplan Onderwijs Aan de hand van de drie hierboven beschreven doelstellingen hebben we de uitgangspunten voor het IHP vanuit de visie van de gemeente beschreven. Na vaststelling van de uitgangspuntennotitie en het IHP gaan we samen met de schoolbesturen aan de slag om tot een definitief scenario per locatie te komen. Waarin de financiële vertaling, de kostenverdeling en financiële bijdrage van de schoolbesturen aan de huisvestingsmaatregelen, gebaseerd op de afgesproken spelregels, worden vastgesteld. De resultaten van de scenariobepaling worden vervolgens, inhoudelijk en financieel verder uitgewerkt in de verwachte investeringen voor gemeente en schoolbesturen en nieuwe gemeentelijke jaarlasten, ter besluitvorming aan College B&W en Raad voorgelegd.
8