kaderbrief oost gelre 2023
Tekst van het document
Kaderbrief 2023
Pagina 2 van 10
Inhoudsopgave Inhoudsopgave ............................................................................................................................................... 3 Inleiding .......................................................................................................................................................... 4 Internationale ontwikkelingen ......................................................................................................................... 5 Landelijke ontwikkelingen .............................................................................................................................. 5 Lokale ontwikkelingen .................................................................................................................................... 7 Financiële situatie gemeente ......................................................................................................................... 9
Pagina 3 van 10
Inleiding Inleiding De kadernota markeert de start van een nieuw begrotingsjaar. In de kadernota geven we inhoudelijk en financieel richting aan de komende begroting. Elk jaar stelt u de uitgangspunten met de kaders vast voor het komende begrotingsjaar en de volgende jaren. Gelet op de vele onzekerheden op het gebied van inflatie en prijsontwikkelingen, heeft deze kadernota een ander karakter gekregen vandaar ook dat wij deze ook de kaderbrief hebben genoemd. Een van de belangrijkste uitdagingen de komende jaren zal zijn om invulling te geven aan het coalitieakkoord maar ook om onze financiële positie in balans te houden opdat gemeente Oost Gelre zowel klaar is voor de toekomst als dat sprake is van een financieel gezonde positie. De kaderbrief is ingedeeld in 4 hoofdstukken. Allereerst zal ingegaan worden op de internationale ontwikkelingen en de risico’s en onzekerheden daarvan voor onze gemeente. Daarna zal ingegaan worden op de landelijke en lokale ontwikkelingen. In het laatste hoofdstuk wordt de huidige financiële situatie van de gemeente geschetst.
Pagina 4 van 10
Internationale ontwikkelingen Na-ijl effect coronacrisis In maart 2020 is de coronacrisis uitgebroken. Dit heeft voor een enorme impact gehad op onze inwoners, bedrijven, organisaties en verenigingen. Ook heeft dit invloed gehad op onze organisatie en de taken die wij uitvoeren. Wat de coronacrisis exact van ons gaat vragen in 2023 is moeilijk in te schatten. Hierbij valt te denken aan verschillende scenario’s, van terug naar normaal, waarbij corona geheel is uitgebannen naar een worst case scenario, waarbij de pandemie door blijft gaan. Ook de effecten op onze inwoners, bedrijven en organisaties moeten hierbij in ogenschouw genomen worden. Vele bedrijven hebben schulden moeten maken om de crisis door te komen en ook uitstel van de diverse belastingen gevraagd en gekregen. Of die bedrijven weer gezond kunnen worden is nog onduidelijk en de economische gevolgen hiervan kunnen aanzienlijk zijn. Wat in ieder geval duidelijk is geworden dat de economie in een onrustig vaarwater is gekomen. Met name de kosten voor grondstoffen zijn aanzienlijk gestegen maar ook in de arbeidsmarkt zijn grote wijzigingen opgetreden waardoor het voor sectoren zoals de horeca het uiterst lastig is personeel te werven.
Oorlog Oekraïne Op 24 februari 2022 zijn Russische troepen Oekraïne binnengevallen. Dit heeft naast het menselijke leed, ook economische gevolgen. De prijzen van allerlei producten zijn als gevolg van deze oorlog (en tevens de opgelegde sancties) nog verder sterk gestegen. Niet alleen van gas, olie en benzine, ook de prijzen van verschillende voedingsmiddelen zijn sterk gestegen. Dit zorgt ervoor dat de inflatie stijgt en de koopkracht van veel huishoudens daalt. De inflatie is gestegen van circa 1,3% in maart 2021 naar 7,4% een jaar later. Het effect van de oorlog in Oekraïne en de daarmee gepaard gaande inflatie voor 2023 en verder is op dit moment nog erg onzeker en is daarom niet verwerkt in deze kaderbrief.
Ontwikkeling van de rente De ontwikkelingen van de inflatie hebben eveneens effect op de rente ontwikkeling. Een jaar geleden had de gemeente nog te maken met een negatieve rente op langlopende leningen. Inmiddels is er sprake van een stijgend rentepercentage. Het aantrekken van leningen wordt hierdoor duurder, wat invloed heeft op de financiële positie. Op dit moment is al sprake van een stijging van 3% ten opzichte van vorig jaar. Uitgaande van een investeringsprogramma (zijnde de openstaande kredieten voor investeringen) van circa € 22 miljoen leidt dit tot een kostenstijging van € 660.000.
Landelijke ontwikkelingen Gemeentefonds De ontwikkeling van het gemeentefonds in deze kaderbrief is gebaseerd op de meest actuele circulaire, namelijk de decembercirculaire 2021. Het gemeentefonds is voor alle jaren geraamd op constante prijzen. Pagina 5 van 10
De komende meicirculaire zal meer duidelijkheid geven over de ontwikkeling van het gemeentefonds. Er spelen op dit moment namelijk drie grote ontwikkelingen, te weten de herijking, opschalingskorting en onderzoek sociaal domein. De effecten hiervan zijn, gelet op de financiële omvang, van wezenlijk belang voor onze financiële positie. Daarom worden de effecten van de meicirculaire meegenomen in de programmabegroting 2023 en de meerjarenbegroting 2024-2026. Eén van de ontwikkelingen is de herijking van het gemeentefonds. Per 1 januari 2023 wordt er een nieuw verdeelmodel gebruikt, waarbij er minder maatstaven zijn op grond waarvan de algemene uitkering over de gemeenten wordt verdeeld. De herijking is nodig, omdat de huidige verdeling van het rijksgeld over de gemeenten in de loop der decennia is scheefgegroeid. Op basis van actuele informatie lijkt dit een neutraal gevolg te hebben voor onze gemeente. Het effect is daarom niet opgenomen in het financiële overzicht. Een andere ontwikkeling is de opschalingskorting, die een aantal jaren geleden is opgenomen als drukmiddel om te komen tot grotere gemeenten (100.000+). Zowel in beleidsmatige als praktische zin is hier niets van terecht gekomen. De opschalingskorting is aldus de VNG in strijd met de normering. De opschalingskorting is voor deze kabinetsperiode geschrapt.
De mogelijke effecten voor 2026 zijn echter nog onduidelijk, waardoor wij in deze kaderbrief het effect hiervan niet hebben opgenomen. Verder heeft het onderzoek inzake sociaal domein uitgewezen dat de rijksmiddelen fors tekortschieten om de gemeentelijke uitgaven te compenseren. De uitgaven in het sociaal domein kosten de gemeenten circa € 1,7 miljard meer dan het rijk beschikbaar stelt. Besluitvorming omtrent het structureel verhogen van het budget heeft het huidige kabinet doorgeschoven naar het volgende kabinet. Voor 2022 worden de gemeenten incidenteel gecompenseerd. Voor Oost Gelre betekent dit een stijging van de uitkering met € 1.734.000. Voor de jaren 2023-2026 gaan we uit van een bijdrage van 75% van de compensatie 2022 ofwel € 1.300.500.
Rijksbijdrage opvang vluchtelingen Oekraïne Als gevolg van de oorlog in Oekraïne heeft onze gemeente diverse vluchtelingen onderdak aangeboden. Het kabinet heeft een normbedrag voor de gemeentelijke opvanglocaties voor Oekraïners vastgesteld. Het gaat om een bedrag van € 700 per week per gerealiseerde gemeentelijke opvangplek. De precieze uitwerking vindt nog plaats. Daarnaast komt er een vergoeding voor opvang van Oekraïners bij particulieren. Ook deze wordt nog uitgewerkt door het Rijk. Uitgangspunt is hierbij wel dat het kostendekkend is voor de gemeenten.
Invoering omgevingswet De inwerkingtreding van de omgevingswet staat op 1 januari 2023. Eerder zou de wet in werking treden vanaf 1 juli 2022, maar die datum is recentelijk aangepast door minister De Jonge. Om te kunnen voldoen aan deze nieuwe wet is de afgelopen jaren inzichtelijk gemaakt welke stappen genomen moeten worden. Dit is uitgewerkt in een minimumpakket van acties die absoluut noodzakelijk zijn om de dienstverlening te kunnen voortzetten onder de nieuwe wetgeving. We hebben daarbij te kampen met beperkte capaciteit om de voorbereiding op de Omgevingswet voldoende op te pakken naast de reguliere taken. Pagina 6 van 10
Mede om die reden hebben we reeds extra externe deskundigheid en capaciteit ter ondersteuning georganiseerd, onder andere op het gebied van werkprocessen, projectleiding en digitalisering. Ook met de externe ondersteuning blijft het een enorme uitdaging om alles op tijd gereed te hebben. Eerder stelden we al vast dat de invoering van de Omgevingswet een grote zeer grote impact zal hebben op onze organisatie maar dat geldt ook zo voor de voorbereidingen daarvoor. Door een latere invoeringsdatum van de Omgevingswet hopen we dat we de minimale acties tijdig en kwalitatief beter kunnen uitvoeren en zullen we wellicht op onderdelen meer kunnen doen dan tot nu toe mogelijk geacht.
Invoering rechtmatigheidsverantwoording Het college is altijd al verantwoordelijk voor het rechtmatig handelen van de gemeente. Toch is naar aanleiding van de voorstellen van de commissie Depla, in het rapport ‘Vernieuwing van de begroting en verantwoording van gemeenten’ vastgelegd dat het college met ingang van het verslagjaar 2022 in de jaarrekening verantwoording af over de financiële rechtmatigheid. Op dit moment is echter de invoering voor het verslagjaar 2022 nog onzeker en wordt deze mogelijk uitgesteld naar het verslagjaar 2023. De overheid wil het gesprek over de financiële rechtmatigheid verplaatsen richting het college en de gemeenteraad. Deze expliciete rechtmatigheidsverantwoording onderstreept de politieke aanspreekbaarheid van het college door de raad. De accountant is alleen verantwoordelijk voor de getrouwheidstoetsing. Dit proces zal naar verwachting een kwaliteitsimpuls geven aan het verder optimaliseren van de interne beheersing. De verklaring over de financiële rechtmatigheid kan een eerste stap zijn om te komen tot een breder in control statement waaronder ook ander kwaliteitsnormen onderdeel van de collegeverklaring gaan vormen. In nauwe samenwerking met het auditcommittee wordt uitvoering gegeven aan het implementatieplan en zal een voorstel volgen waarin uw raad de ambitie t.a.v. de rechtmatigheidsverantwoording zal bepalen.
Lokale ontwikkelingen Nieuw coalitieakkoord Het nieuwe coalitieakkoord is op dit moment nog niet voorhanden. Eventuele wijzigingen in strategie en beleid kan daarom nog niet worden verwerkt in deze kaderbrief. Het nieuwe coalitieakkoord zal daarom in de programmabegroting van 2023 verwerkt worden.
Inkoop sociaal domein Reeds in 2020 is gestart met de voorbereiding voor een nieuwe inkoop sociaal domein. Dat vergde meer tijd dan gedacht, waardoor de bestaande manier van inkoop via het open housemodel met een half jaar is verlengd voor 2022. Inmiddels zijn er nieuwe contracten afgesloten en wordt de nieuwe manier van inkoop gestart per 1 juli 2022. De financiële effecten van deze nieuwe inkoop worden uitgewerkt in de programmabegroting 2023. Echter is met grote waarschijnlijkheid een stijging van de uitgaven onvermijdelijk.
Pagina 7 van 10
Verhitte arbeidsmarkt De krapte op de huidige arbeidsmarkt maakt dat wij moeite hebben onze tijdelijke en structurele vacatures in te vullen. De vraag naar werk was en is immers groter dan het aanbod. Om (toekomstige) werkzoekenden enthousiast te krijgen voor werken bij onze gemeente, zijn we in 2021 gestart met deelname aan een traineeprogramma, Gelders Talent. Deze trainees kun je binden aan de regio door hen kennis te laten maken met onze organisatie en het werken in deze mooie regio. In september startte de eerste trainee bij ons voor een periode van 8 maanden. Inmiddels is er een tweede trainee voor 8 maanden gestart. Verder zijn we ook het afgelopen jaar alert geweest op mogelijkheden voor stagiaires/afstudeerders. Ook zoeken we in een aantal gevallen de samenwerking met (gespecialiseerde) werving- en selectiebureaus om vacatures ingevuld te krijgen. Wij staan in de regio niet alleen met deze uitdaging. In het afgelopen jaar namen we deel aan een regiobijeenkomst om op zoek te gaan naar gezamenlijke (regionale) oplossingen. Dit proces is net gestart, we gaan kijken naar mogelijke oplossingen voor de wat langere termijn.
Investeringsniveau Het investeringsniveau van onze gemeente is het afgelopen jaren exponentieel gestegen. Mede als gevolg van een verhitte arbeidsmarkt (zowel bij de gemeente als bij de aannemers/uitvoerders) en de uitbraak van de coronacrisis, zijn projecten (deels) blijven liggen of naar achteren geschoven (in de tijd). Het totaal van de kredieten die in 2021 niet besteed zijn en overgeboekt moeten worden naar 2022, ligt hierdoor een stuk hoger dan voorgaande jaren. Voor de programmabegroting 2023 zal daarom inzichtelijk worden gemaakt welke investeringen haalbaar zijn voor de komende jaren en welke investeringen naar achteren geschoven moeten worden.
Weerstandsvermogen Naast een structureel sluitende meerjarenbegroting is het voor de robuustheid van de gemeentelijke financiële positie noodzakelijk om te voldoen aan de gestelde norm voor het weerstandsvermogen. Het weerstandsvermogen is de verhouding tussen de beschikbare weerstandscapaciteit en alle gekwantificeerde risico’s waarvoor geen voorzieningen zijn gevormd en die van materiële betekenis kunnen zijn. De beschikbare weerstandscapaciteit bestaat uit de middelen en mogelijkheden waarover wij kunnen beschikken om niet-begrote kosten op te vangen. De belangrijkste componenten van de weerstandscapaciteit zijn de vrij beschikbare reserves, de onbenutte belastingcapaciteit en de mogelijkheden om te kunnen bezuinigingen. De stand van vrij besteedbare reserve voldoet eind 2021 nog net aan de ondergrens zoals deze is vastgesteld door de gemeenteraad. Ook ons weerstandsvermogen voldoet aan de norm. De som van vrij besteedbare reserve en onbenutte belastingcapaciteit is hoger dan becijferde gemiddelde schadelast van € 1.657.500 (bron jaarverslag 2021). De ratio weerstandsvermogen wordt berekend door: Ratio weerstandsvermogen = beschikbare weerstandscapaciteit / benodigde weerstandscapaciteit Voor 2021 is de ratio 4,3 wat betekent dat ons weerstandsvermogen uitstekend is. Pagina 8 van 10
Financiële situatie gemeente Voortzetting van het huidige beleid inclusief voorgenomen dan wel reeds besloten wijzigingen leiden tot de volgende financiële ontwikkeling, dit op basis van de huidige inzichten. Hierbij wordt uitgegaan van constante prijzen. De internationale, nationale en lokale effecten zijn hierin nog niet verwerkt. Structureel resultaat 2023 – 2026 (x € 1.000) 2023
2024
2025
Begrotingsuitkomst lopend jaar
739
739
739
739
Dekkingsplan 2023
114
114
114
114
Ontwikkeling algemene, integratie- en decentralisatie-uitkeringen
-225
-301
140
784
Belastingen en leges
139
278
417
556
Vrijval kapitaallasten
102
386
583
730
Autonome ontwikkelingen
-435
-908 -1.092
-1.092
Structureel resultaat
434
308
1.831
901
2026
De positieve afwijking van het structurele resultaat ten opzichte van de programmabegroting 2022 wordt veroorzaakt: - Doordat in de programmabegroting 2022 rekening is gehouden met een ontwikkeling van de prijzen (stijgende prijzen). Gezien alle onzekerheden die spelen op internationaal, landelijk en lokaal is er in de kaderbrief geen bedrag opgenomen voor de stijgende prijzen en inflatie. - De mogelijke effecten van het coalitieakkoord zijn uiteraard niet meegenomen alsmede geen verdere nieuwe voorstellen van beleid. - De effecten van de rentestijging zijn niet verwerkt evenals het effect inkoop Sociaal Domein. - Ook is nog onbekend in hoeverre het rijk de gemeenten compenseert voor de stijgingen. Wij verwachten hierover meer informatie te krijgen bij de volgende circulaire welke normaliter eind mei wordt gepubliceerd. Dekkingsplan 2023 De structurele positieve effecten van het dekkingsplan 2023 vloeien voort uit de programmabegroting 2022 en de meerjarenramingen 2023. De taakstellingen zien op de personeelsformatie en lagere energielasten. Een verdergaand dekkingsplan is waarschijnlijk noodzakelijk om financieel gezond te blijven. Autonome ontwikkelingen De autonome ontwikkelingen betreffen de reeds genomen besluiten en wijzigingen.
Pagina 9 van 10