CConstaterende datOost Gelre
Koppel je AI →
Document · PDF

jaarrekening sdoa 2020

Gemeenteraad 9 juni 2021, gemeente Oost GelreBij agendapunt: Programmabegroting Werkleerbedrijf 202227.901 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 4

In deze overleggen worden de jongeren die geen startkwalificatie, geen werk hebben of geen studie volgen besproken. Hierbij wordt bekeken of de jongere bekend is bij een van de organisaties. Wanneer een jongere nog niet in beeld is wordt er contact gezocht met de jongere om te peilen of hij behoefte heeft aan ondersteuning.

22

2.6 Wat heeft het gekost? Programma Werk en Activering (x € 1.000) Baten Lasten Resultaat baten en lasten Onttrekking reserves Toevoeging reserves Gerealiseerd resultaat

Begroting primitief

Begroting na wijzigingen

Rekening 2020

Afwijking

12.125 11.465 660 0 0 660

11.758 11.098 660 0 0 660

11.751 10.795 956 0 0 956

-7 -303 296 0 0 296

De detacheringsopbrengsten voor de Wsw-gedetacheerden die de SDOA aan inleners in rekening brengt, worden één op één doorbetaald aan de gemeenten en ook aan Laborijn en SWB. Dit leidt dan ook niet tot resultaten binnen het programma. De inkomsten vanuit deze detacheringen liggen in totaliteit € 53.000 lager dan begroot. De uitgaven voor de langdurige loonkostensubsidies liggen € 78.000 hoger dan begroot, zoals reeds toegelicht in paragraaf 2.1.2. Met name het aantal plaatsingen van klanten uit Berkelland nam sterker toe dan verwacht. Deze loonkostensubsidies worden afgerekend met de gemeenten en deze komen ten laste van de Gebundelde uitkering (BUIG). Voor de rekening van de SDOA levert dit geen resultaat op. In de begroting is rekening gehouden met een resultaat van € 660.000. Dit is het vaste deel van de totale uitvoeringskosten van de SDOA welke door de gemeenten ten laste van het re-integratiebudget wordt gebracht. Het resultaat van programma Werk & Activering is het gevolg van lagere personeelskosten door een lagere personele bezetting.

23

3. PROGRAMMA INKOMEN “De SDOA helpt inwoners die – tijdelijk – niet genoeg geld hebben om van te leven door het verstrekken van financiële bijstand.” Inwoners worden op een rechtmatige en snelle manier van een (tijdelijk) inkomen of een inkomensaanvulling voorzien. Afhankelijk van leeftijd en voorafgaande inkomensbron wordt er een uitkering verstrekt vanuit één van de onderstaande wetten: • Participatiewet; • Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte werkloze werknemers; • Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte gewezen zelfstandigen; • Besluit bijstandsverlening zelfstandigen 2004. 3.1 Inkomenswaarborg Het bieden van een tijdelijke inkomensvoorziening aan inwoners die dit nodig hebben met als doel de inwoners meer te laten participeren binnen de maatschappij. Hierdoor wordt de zelfredzaamheid vergroot en de afhankelijkheid van een uitkering of aanvullende inkomensondersteuning verkleind. 3.1.1 Inkomenswaarborg (Participatiewet, IOAW en IOAZ) De financiële zelfstandigheid van uitkeringsgerechtigden bevorderen en de uitkeringsafhankelijkheid verkleinen. Subdoelstelling

Status

Activiteiten

Resultaat

1. Het aantal A. Bijstelling prognose A. Beperkte toename uitkeringsgerechtigden bestandsontwikkeling in Tweede uitkeringsbestand met 0,4%. per ultimo 2020 ligt 2% Bestuursrapportage als gevolg lager dan de eindstand van de coronapandemie 2019 2. De aanvragen A. Intakeproces herzien en A. Doorlooptijd verkort van 25 naar levensonderhoud worden aanscherpen monitoring 15 kalenderdagen. tijdig en binnen de wettelijke termijnen afgehandeld Legenda tabel: √= gerealiseerd, →= nog in ontwikkeling, X= niet gerealiseerd

X √

3.1.2 Toelichting 1. Het aantal uitkeringsgerechtigden per ultimo 2020 ligt 2% lager dan de eindstand 2019 A. Bijstelling prognose bestandsontwikkeling in Tweede Bestuursrapportage als gevolg van de coronapandemie Het Centraal Planbureau heeft in de juniraming ruim aandacht besteed aan de huidige economische situatie en heeft naast een basisraming drie scenario’s uitgewerkt die de onzekerheid ten aanzien van zowel het economisch herstel als de ontwikkeling van de pandemie verkennen. Aan de economische kant is een scenario geschetst waarin de diepte van de recessie meevalt en het herstel krachtig is en een scenario met een diepe val en een zwak herstel. De basisraming met een matig herstel ligt daar tussenin. In het epidemische scenario wordt de economie zwaar getroffen bij een tweede golf van besmettingen. Bureau Berenschot heeft op basis van de juniraming van het CPB een doorrekening gemaakt van de mogelijke ontwikkeling van het aantal bijstandsgerechtigden. Dit leidt tot het volgende beeld:

24

Figuur 3 Scenario's ontwikkeling aantal bijstandsgerechtigden (Berenschot)

Gezien de grote mate van onzekerheid met betrekking tot het verloop van de pandemie en daarmee het economisch herstel heeft de SDOA in de Tweede Bestuursrapportage haar verwachting herzien op basis van de basisraming. Dit betekent dat er rekening mee werd gehouden dat het aantal bijstandsuitkeringen per 31 december 2020 mogelijk 4% hoger zou liggen dan eind 2019. Het uitkeringsvolume is ultimo 2020 beperkt toegenomen met 0,4%. De verwachting van Berenschot is vooralsnog dus niet uitgekomen. Tussen de gemeenten zijn er verschillen zichtbaar. In de gemeente Berkelland was er onder andere een hogere instroom in de Participatiewet zichtbaar door personen die in een instelling zijn geplaatst. Het BUIG-budget van de gemeente Berkelland is onvoldoende. Het tekort blijft echter binnen het eigen risico van de gemeente Berkelland waardoor zij geen aanspraak kan maken op de vangnetregeling.

Eindstand uitkeringen 2019 Instroom Uitstroom Uitkeringen 31 december 2020

Berkelland 547 167 -153 561

Oost Gelre Winterswijk 292 580 78 145 -84 -147 286 578

Totaal 1.419 390 -384 1.425

Verwachting eindstand 2020 Realisatie t/m 31 december 2020

4,0% 2,6%

4,0% -2,1%

4,0% -0,3%

4,0% 0,4%

Verwachting eindstand 2020 Realisatie t/m 31 december 2020 Afwijking t.o.v. verwachting

569 561 -8

304 286 -18

603 578 -25

1.476 1.425 -51

Landelijke ontwikkeling (CBS - t/m oktober 2020):

2,7%

Effecten op de Gebundelde uitkering (BUIG) De gemeenten ontvangen een gebundelde uitkering (BUIG) voor de bijstandsuitkeringen op grond van de Participatiewet, IOAW, IOAZ, Bbz 2004 en voor de loonkostensubsidies. Tekorten tot 7,5% van het definitieve BUIG budget komen volledig voor rekening van de gemeente. Bij hogere tekorten kan deels een beroep worden gedaan op een vangnetuitkering. De gemeente Berkelland kent in 2020 een tekort op de gebundelde uitkering, dit tekort valt binnen het eigen risico van de gemeente. Gebundelde uitkering (BUIG) (x € 1.000) Berkelland Oost Gelre Winterswijk

Saldo uitgaven 8.371 4.266 8.360

Definitief budget Overschot 7.881 0 4.314 48 8.800 440

25

Tekort 490 0 0

2. De aanvragen levensonderhoud worden tijdig en binnen de wettelijke termijnen afgehandeld A. Intakeproces herzien en aanscherpen monitoring In 2019 is het gehele intakeproces herzien, waarbij de inkomensaanvraag is uitgewerkt in een klantreis. Dit heeft ertoe geleid dat in 2020 de effecten van deze inspanningen zichtbaar zijn in de vorm van het verkorten van de gemiddelde doorlooptijd van 25 naar 15 werkdagen. Tijdens de intake staat het goede gesprek centraal. Er worden in het gesprek veel minder bewijsstukken opgevraagd dan in het verleden, tenzij er aanleiding is om dat wel te doen. 3.2

Bbz (Bijstandsbesluit zelfstandigen 2004)

Door uitbesteding aan de Regionale Organisatie Zelfstandigen (ROZ) zorg dragen voor een goede uitvoering van het bijstandsbesluit zelfstandigen. In onderstaande tabel wordt de realisatie van de gestelde doelen over de inzet van het product Bbz (Bijstandsbesluit zelfstandigen 2004) weergegeven. Subdoelstelling 1. Goede dienstverlening aan (potentiële) startende zelfstandigen 2. Tijdige afhandeling van financiële aanvragen van zelfstandigen 3. Goede schuldhulpverlening aan zelfstandigen

Status

Activiteiten

Resultaat

√

A. Intake en begeleiden van starters door ROZ

A. 38 intakes startersadviezen, na intake acht begeleidingstrajecten naar ondernemerschap, zeven starters.

√

A. Inkomensondersteuning en/of bedrijfskredieten verstrekken

A. Tijdig afhandelen aanvragen Inkomensondersteuning en bedrijfskredieten.

√

A. Bieden van schuldhulpverlening

A. Tien nieuwe verzoeken en 11 schuldensituaties afgerond.

4. Toezicht houden op A. Monitoren en innen van A. Monitoren en innen van financiële aflossingsgelden aflossingsgelden, maatwerk wordt aflossingsafspraken met toegepast bij verzoek tot uitstel. zelfstandigen. 5.Uitvoering Tijdelijke A. Uitvoering geven aan Tozo A. 1824 toekenningen Tozo 1, 398 overbruggingsregeling toekenningen Tozo 2 en 376 zelfstandig ondernemers toekenningen Tozo 3. (Tozo) Legenda tabel: √= gerealiseerd, →= nog in ontwikkeling, X= niet gerealiseerd

√ √

3.2.1

Toelichting

1. Goede dienstverlening aan (potentiële) startende zelfstandigen A. Intake en begeleiden van starters door de ROZ De Regionale Organisatie Zelfstandigen (ROZ ) voert namens de SDOA het Besluit bijstandverlening zelfstandigen (Bbz) uit. Een van de onderdelen is de intake van potentiële starters en het begeleiden van starters. Ondanks een forse daling in het tweede kwartaal van 2020 zijn er na intake van de 38 aanvragers in totaal 20 personen (52% ) begeleidingstrajecten naar ondernemerschap gestart. In 2019 zijn van de 50 aanvragers in totaal 24 personen (48 %) gestart met de begeleidingstrajecten naar ondernemerschap.

26

In 2020 zijn in totaal zeven ondernemers gestart met een bedrijf. In 2019 zijn er 28 ondernemers gestart. Het lage aantal starters is te verklaren door de economische situatie als gevolg van de pandemie die veel onzekerheid met zich meebrengt. Klantenportefeuille op 31 december 2020: 30 (potentiële) starters Berkelland: 14 Oost Gelre: 2 Winterswijk: 14 2. Tijdige afhandeling van financiële aanvragen van zelfstandigen A. Inkomensondersteuning en/of bedrijfskredieten verstrekken De aanvragen zijn afgehandeld binnen de wettelijke termijnen. Per 17 maart is de Tozo van kracht geworden, waar minder voorwaarden aan worden gesteld dan aan een reguliere Bbz aanvraag. Hierdoor is het aantal Bbz-aanvragen lager. In 2020 zijn er 20 inkomensondersteunende aanvragen (inclusief verlengingen, waarvan tien starters) en drie aanvragen voor bedrijfskrediet ingediend.

3. Goede schuldhulpverlening aan zelfstandigen A. Bieden van schuldhulpverlening In 2020 hebben 10 (ex-)ondernemers een verzoek om schuldhulpverlening bij de ROZ ingediend. In totaal zijn er 11 schuldensituaties afgerond, waarvan zes succesvol. De meest voorkomende vormen van succesvolle dienstverlening zijn directe crisisinterventie, regeling of sanering van schuldensituatie en het voorkomen van een ernstige schuldensituatie door informatie en advies. In andere situaties is de 27

ondernemer vroegtijdig afgehaakt, was het te laat voor een kansrijk traject of werd de dienstverlening beëindigd vanwege onvoldoende medewerking van de (ex-ondernemer). Op 31 december 2020 waren er 3 (ex-)ondernemers in het klantenbestand schuldhulpverlening van de ROZ. 4. Toezicht houden op financiële aflossingsafspraken met zelfstandigen A. Monitoren en innen van aflossingsgelden

Conform de aflossingsafspraken die met de ondernemer zijn gemaakt voor het beschikbaar stellen van bedrijfskrediet wordt er afgelost. Afgelopen jaar is er geen generieke maatregel genomen om de reguliere betalingsverplichtingen op te schorten. De ondernemer kan een verzoek tot uitstel van betaling vragen en afhankelijk van de individuele situatie kan er uitstel worden verleend. Of er uitstel wordt verleend is mede afhankelijk van de branche en of er inkomsten kunnen worden gegenereerd. Het algemene beeld is dat de reguliere betalingsverplichtingen grotendeels en zonder uitstel worden nagekomen. Bbz kapitaalverstrekking Met ingang van 2020 is de financiering van de Bbz kapitaalverstrekking gewijzigd. Van de vanaf 1 januari 2020 verstrekte kredieten financiert de overheid 25%. Het rijk stort in het jaar volgend op de kapitaalverstrekking het volledige bedrag naar de gemeenten. Vanaf het daarop volgende jaar dient de gemeente in 5 jaar 75% van dit bedrag aan het rijk terug te betalen. Het risico is daarmee voor de gemeenten gemaximeerd tot 75% van het verstrekte krediet. Het resultaat op de kapitaalverstrekking wordt gevormd door de rentebaten, de bijdrage van het rijk en de mutatie in de voorziening voor mogelijke oninbaarheid. BBZ kapitaalverstrekkingen (vanaf 2020) (x € 1.000)

Saldo per 31-12-2019

Verstrekt Aflossingen kapitaal Toevoeging en rente 2020 rente betalingen

Saldo per Voorziening 31-12-2020 oninbaarheid

Balans saldo per 31-12-2020

Berkelland

0

0

0

0

0

0

0

Oost Gelre

0

5

0

0

5

0

5

Winterswijk

0

230

5

-8

227

207

20

Totaal

0

235

5

-8

232

207

25

Baten Baten en lasten Kapitaalverstrekking (vanaf 2020) (x € 1.000) Berkelland Oost Gelre Winterswijk Totaal

Lasten

Mutatie voorziening Rente oninbaarheid 0 0 0 0 5 207 5 207

Af: Bijdrage Rijk 0 -1 -57 -58

Resultaat kapitaal verstrekking 2020 0 1 -145 -144

De aflossingen op kredieten die zijn verstrekt voor 2020 worden in de programmarekening van de SDOA volledig als baten aangemerkt. Van deze baten komt 25% ten gunste aan de gemeente, 75% dient door de gemeenten te worden afgerekend met het Rijk.

28

Waarvan voor Baten Kapitaalverstrekking (voor 2020) (x € 1.000) Berkelland Oost Gelre Winterswijk

Baten 269 19 60 348

Gemeente (25%) 67 5 15 87

Rijk (75%) 202 14 45 261

5. Uitvoeren Tozo A. Uitvoering geven aan TOZO Sinds 17 maart 2020 is de Tijdelijke overbruggingsregeling zelfstandig ondernemers (Tozo) van kracht. De Tozo is een van de maatregelen van het kabinet om ondernemers te ondersteunen tijdens de coronacrisis. Een ondernemer kan maandelijkse inkomensondersteuning ontvangen (€ 1.075 netto alleenstaande, € 1.536 gezinsnorm) en een maximaal bedrijfskrediet van € 10.157. De ROZ toetst alle aanvragen en heeft voorrang gegeven aan ondernemers die aangaven niet over voldoende middelen te beschikken voor dagelijks levensonderhoud. De ondernemer is bij het ontvangen van Tozo gebonden aan de inlichtingenplicht. Dit betekent dat bij (opzettelijk) misbruik maken van deze regeling dit zal leiden tot strafrechtelijke stappen en terugvordering van de inkomensaanvulling. Zodra de ondernemer aangeeft dat er inkomsten zijn heeft de ROZ dit verrekend met de uitkering. De Tozo is meerdere malen verlengd met daarbij steeds striktere voorwaarden. Looptijd Tozo: A. Tozo 1 : 2,5 maanden (17 maart t/m 31 mei 2020); B. Tozo 2: 4 maanden ( juni t/m september 2020); C. Tozo 3: 6 maanden (oktober 2020 t/m maart 2021); D. Tozo 4: 3 maanden (april 2021 t/m juni 2021). Tozo 1: vanaf 1 maart tot 31 mei 2020 Doel van Tozo 1 was het zo snel als mogelijk verstrekken van gelden en kredieten aan ondernemers die geen inkomsten meer hadden door overheidsmaatregelen.

Door de ROZ zijn tijdens de Tozo 1-periode 1.572 aanvragen inkomensondersteuning toegekend en 173 bedrijfskredieten - na toetsing - in een zeer korte tijd verstrekt. Tozo 1 Eindstand 1 juni 2020 Berkelland Oost Gelre Winterswijk Totaal

Aanvragen inkomens ondersteuning 679 424 527 1.630

Toegekend inkomensondersteuning 651 (96%) 410 (97%) 511 (97%) 1.572 (96%)

29

Aanvragen bedrijfskrediet

Toegekend bedrijfskrediet

Totaal aanvragen

71 36 75 182

69 (97%) 35 (97%) 69 (92%) 173 (95%)

750 460 602 1.812

Tozo 2: vanaf 1 juni t/m 31 augustus 2020 Vanaf 1 juni is Tozo 2 van kracht. In Tozo 2 zijn aanvullende striktere toelatingseisen opgenomen zoals de partnertoets die geldt bij de aanvraag levensonderhoud. Een groot deel van de groep Tozo 1 aanvragers (71%) heeft een huishoudinkomen boven het sociaal minimum. Hierdoor kunnen zij geen aanspraak maken op Tozo 2. In de Tozo 2 periode zijn 365 aanvragen inkomensondersteuning en 33 bedrijfskredieten toegekend. Tozo-2 Aanvragen inkomens ondersteuning Eindstand 1 oktober 2020 Berkelland Oost Gelre Winterswijk Totaal

Aanvragen verlengingen

Nieuwe aanvragen

Toegekend

Tozo-2 Aanvragen bedrijfskrediet

Toegekend

149 89 129 367

11 10 7 28

148 (92%) 90 (90%) 127 (93%) 365 (92%)

13 11 15 39

11 ( 84%) 9 (81%) 13 86%) 33(84%)

Tozo 3: vanaf 1 oktober 2020 t/m maart 2021 Vanaf 1 oktober is Tozo 3 van kracht. In Tozo 3 zijn dezelfde striktere toelatingseisen opgenomen zoals de partnertoets die geldt bij de uitkering levensonderhoud. Per eind 2020 zijn er door de ROZ voor Tozo 3 376 aanvragen inkomensondersteuning toegekend en 24 bedrijfskredieten verstrekt. De Tozo-3-periode loopt tot en met maart 2021. Tozo-3 Aanvragen inkomens ondersteuning Berkelland Oost Gelre Winterswijk Totaal

Aanvragen (verlenging en nieuw)

Toegekend

Tozo-3 Aanvragen bedrijfskrediet

Toegekend

158 102 147 407

147 (93%) 89 (87%) 140 (95%) 376 (92%)

13 4 14 31

10 (77%) 4 (100%) 10 (71%) 24 (77%)

Bij Tozo 3 wordt tevens aan ondernemers ondersteuning aangeboden om zich nader voor te bereiden op de toekomst. De behoeften zullen in kaart gebracht worden en welke ondersteuning daarbij nodig is. Dit kan bijvoorbeeld gaan om coaching, advies, bij- of herscholing en heroriëntatie. D. Tozo 4: vanaf 1 april t/m juni 2021 De huidige contouren van de Tozo 4 geven aan dat een partnertoets (zoals in Tozo 2 en Tozo 3) blijft gelden en dat er afgezien zal worden van een vermogenstoets. Uitgaven Tozo regelingen De voorschotten die de gemeenten van het Rijk hebben ontvangen voor de uitvoering van de Tozoregelingen zijn doorgestort naar de SDOA. In de bevoorschotting zijn de bedragen opgenomen voor de uitkeringen levensonderhoud, de kapitaalverstrekkingen en de uitvoeringskosten. Voor de uitvoeringskosten is een vast bedrag per afgehandelde aanvraag beschikbaar, hierover vindt geen verdere verrekening meer plaats met het Rijk. Voor de uitgaven voor levensonderhoud en de kapitaalverstrekking wordt via de Sisa verantwoording afgelegd. Voor deze uitgaven worden de gemeenten gecompenseerd. In de navolgende tabel is een financieel overzicht van de Tozo-regelingen tot en met 31 december 2020 opgenomen.

30

Tozo regelingen t/m 31-12-2020

Berkelland

x € 1.000

Afgehandelde aanvragen

Oost Gelre

Saldo Afgehandelde uitgaven aanvragen

Winterswijk

Saldo Afgehandelde uitgaven aanvragen

Saldo uitgaven

Tozo 1 Levensonderhoud

679

2.983

424

1.880

527

2.335

Kapitaalverstrekking

71

629

36

289

75

600

Uitvoeringskosten

309

189

250

Tozo 2 Levensonderhoud

160

637

99

351

136

527

Kapitaalverstrekking

13

95

11

73

15

116

Uitvoeringskosten

71

45

62

Tozo 3 Levensonderhoud

158

465

102

298

147

436

Kapitaalverstrekking

13

99

4

10

14

96

Uitvoeringskosten

71

43

66

Dotatie bestemmingsreserve Tozo Totale uitgaven

79

47

73

5.438

3.225

4.561

8.575

5.635

5.390

3.137

2.410

829

Bevoorschotting gemeenten Restant voorschotten per 31-12-2020

3.3

Handhaving

Inzetten op preventieve handhaving om daarmee het rechtmatig gebruik op voorzieningen te vergroten en de spontane nalevingsbereidheid onder uitkeringsgerechtigden te vergroten. In onderstaande tabel wordt de realisatie van de gestelde doelen over de inzet van het product Handhaving weergegeven. Subdoelstelling

Status

Activiteiten

Resultaat

1. Een juiste en volledige informatievoorziening over de na te leven plichten richting inwoners, zodat inwoners weten wat er van hen verwacht wordt.

→

A. In het vierde kwartaal is er een online voorlichtingsbijeenkomst ontwikkeld over rechten en plichten

A. Tijdens de intakefase worden de rechten en plichten besproken. Ook in de beschikking staat de benodigde informatie.

2. Signalen over schending van de inlichtingenplicht en het niet voldoen aan de re-integratieverplichtingen bespreken met de inwoner en hierop vervolgacties nemen.

→

A. Signalen bezwaar en beroep worden gebruikt om de dienstverlening nog meer te optimaliseren

A. Uitkomsten bezwaarschriften worden teruggekoppeld aan de medewerkers ter bevordering van eigen handelen.

B.

B.

Administratieve controles

Opgestarte onderzoeken ondervinden vertraging

Legenda tabel: √= gerealiseerd, →= nog in ontwikkeling, X= niet gerealiseerd 31

3.3.1

Toelichting

1. Een juiste en volledige informatievoorziening over de na te leven plichten richting inwoners, zodat inwoners weten wat er van hen verwacht wordt A. Online voorlichtingsbijeenkomst over rechten en plichten. Het verwijtbaar schenden van de inlichtingenplicht heeft zwaarwegende consequenties zoals terugvordering en eventueel het opleggen van boetes. Inwoners worden geïnformeerd via verschillende communicatiekanalen zoals persoonlijk klantcontact, de website (van de SDOA) en nieuwsbrieven. Tijdens het intakegesprek wordt aandacht besteed aan rechten en plichten. Intakegesprekken worden sinds de start van de corona-pandemie via beeldbellen gedaan. Beeldbellen kent als voordeel boven een regulier telefoongesprek dat geanticipeerd kan worden op non-verbale communicatie. Ook kan beter getoetst kan worden of de klant de aangereikte informatie begrijpt. Alleen als een klant niet openstaat voor beeldbellen vindt een fysiek gesprek plaats. Het vervolgcontact vindt net als voorheen vooral plaats via telefoon en email. Vanaf 2021 wordt gestart met het geven van digitale voorlichting aan inwoners. 2. Signalen over schending van de inlichtingenplicht en het niet voldoen aan de reintegratieverplichtingen bespreken met de inwoner en hierop vervolgacties nemen A. Signalen bezwaar en beroep worden gebruikt om de dienstverlening nog meer te optimaliseren.

Binnen de SDOA wordt ingezet op het voorkomen van misbruik (preventie). Bij vermoedens van mogelijk misbruik wordt met de inwoner gesproken over de vermoedens en op mogelijke consequenties. Wanneer er een onrechtmatige situatie wordt geconstateerd of (anoniem) gemeld, dan volgt er altijd nader onderzoek. Wanneer blijkt dat de verplichtingen niet zijn nagekomen of de inlichtingenplicht is geschonden, kan er een financiële maatregel worden opgelegd. Hierbij worden de omstandigheden meegewogen in het besluit. Tegen elke beschikking kan een bezwaarschrift worden ingediend. Uitkomsten van de bezwaarschriften worden teruggekoppeld aan de medewerkers ter bevordering van eigen handelen. B. Administratieve controles In 2020 zijn administratieve controles opgestart om mogelijke schrijnende situaties en mogelijk misbruik vast te stellen. Als schrijnende situaties aan het licht komen worden deze inwoners actief toegeleid naar de juiste ondersteuning. Het afleggen van een huisbezoek kan onderdeel zijn van het onderzoek. Door de pandemie hebben huisbezoeken beperkt plaatsgevonden. Deze administratieve controles worden in 2021 afgerond zodra de beperkende maatregelen rondom huisbezoeken zijn opgeheven. Methodische gespreksvoering en fraudealertheid is een continu aandachtspunt in casuïstiekbesprekingen.

Klantmanagers en inkomensconsulenten worden gevoed met de uitkomsten van bezwaar- en beroepsprocedures met als doel te reflecteren op het professioneel handelen en de dienstverlening te verbeteren.

32

3.4

Werken vanuit de bedoeling

De individuele dienstverlening verandert. SDOA denkt vanuit de klant. Het intakeproces is integraal (werk en inkomen) vormgegeven. De besluitvorming verloopt oplossingsgericht en snel. Wet- en regelgeving wordt gezien als hulpmiddel om te werken volgens de bedoeling. In onderstaande tabel wordt de realisatie van de gestelde doelen over Werken vanuit de bedoeling weergegeven. Subdoelstelling

Status

1. SDOA werkt sociaal domein breed vanuit een afwegingskader voor het leveren van maatwerk.

√

Activiteiten

Resultaat

A. Medewerkers zijn geschoold om de vraag van de inwoner centraal te stellen

A. Medewerkers werken vanuit een afwegingskader voor het leveren van maatwerk en doen dit integraal binnen het sociaal domein.

B.

Cursus behorende bij de B. Cursus heeft plaatsgevonden Verordening Sociaal Domein en medewerkers kunnen voor alle medewerkers werken met de verordening. binnen het sociaal domein Legenda tabel: √= gerealiseerd, →= nog in ontwikkeling, X= niet gerealiseerd

3.4.1

Toelichting

1. SDOA werkt sociaal domein breed vanuit een afwegingskader voor het leveren van maatwerk. A. Methodiek aanleren voor medewerkers om de vraag van de inwoner centraal te stellen. In 2020 is binnen de SDOA nadrukkelijk aandacht besteed aan het “werken vanuit de bedoeling van de wet”. De medewerkers van de SDOA zijn getraind in het toepassen van een andere methodiek. Hierbij staat de vraag van de inwoner centraal. B. Cursus behorende bij de Verordening Sociaal Domein voor alle medewerkers binnen het sociaal domein. In 2020 is de integrale “Verordening Sociaal Domein” vastgesteld. De verordening is thematisch ingericht en sluit aan bij de beleving van de inwoner. Hiervoor is er een integrale cursus aangeboden aan alle betrokken medewerkers van de drie gemeenten en de SDOA. De samenwerking tussen de medewerkers van de vier organisaties heeft een positieve bijdrage geleverd aan een vernieuwde integrale aanpak tot maatwerk. Met de methodiek en de verordening hebben de organisaties een goede basis gelegd voor de nieuwe vorm van dienstverlening in het kader van “Samen aan het Stuur”.

33

3.6 Wat heeft het gekost? Programma Inkomen (x € 1.000) Baten Lasten Resultaat baten en lasten Onttrekking reserves Toevoeging reserves Gerealiseerd resultaat

Begroting primitief

Begroting na wijzigingen

Rekening 2020

Afwijking

23.214 23.214 0 0 0 0

38.541 38.541 0 0 0 0

34.921 34.771 150 0 199 -49

-3.620 -3.770 150 0 -199 -49

In de Tweede bestuursrapportage is de begroting voor de uitgaven binnen programma Inkomen verhoogd. Deze wijziging heeft plaatsgevonden op basis van een mogelijke toename van het uitkeringsbestand van 4% als gevolg van corona, daar waar in de primitieve begroting was gerekend met een daling van 2%. De toename van het uitkeringsbestand is beperkt gebleven tot +0,4%. Hierdoor vallen de uitgaven voor de bijstandsuitkeringen € 1.412.000 lager uit dan begroot. Onder programma Inkomen zijn ook de uitgaven voor de Tozo regelingen opgenomen. De lasten hiervoor zijn in de Tweede bestuursrapportage begroot overeenkomstig de op dat moment bekende voorschotbedragen die de gemeenten vanuit het Rijk hebben ontvangen. De uitgaven in de programmarekening zijn de werkelijke lasten voor uitkeringen aan zelfstandigen en voor de uitvoering van de ROZ. Deze lasten blijven binnen de bevoorschotting van het Rijk, c.q. van de gemeenten aan de SDOA. Begroot was een last van € 15.806.000, de realisatie geeft een uitgavenpost van € 13.329.000 weer. De uitgaven voor de Bbz regeling liggen € 70.000 hoger dan begroot. Deze hogere lasten worden nagenoeg volledig gecompenseerd tegen de hogere baten van € 62.000. Doordat de uitgaven voor de inkomensvoorzieningen één op één verrekend worden met de gemeenten vallen door de lagere lasten, de baten ook lager uit.

34

4. PROGRAMMA ONDERSTEUNING “Door financiële ondersteuning op het gebied van bijzondere bijstand kunnen inwoners met een minimuminkomen (blijven) deelnemen aan de samenleving”. Inwoners worden (financieel) ondersteund om deel te kunnen blijven nemen aan de samenleving. Bij financiële problemen worden inwoners doorverwezen naar Thuisadministratie, Humanitas of Schuldhulpmaatjes. Voor schulddienstverlening worden inwoners doorverwezen naar de Stadsbank Oost Nederland (SON). Ook worden inwoners warm doorgeleid naar sociale teams wanneer er problemen zijn op meerdere levensgebieden. 4.1

Bijzondere Bijstand / Minimabeleid

Het ondersteunen van huishoudens met een laag inkomen door het verstrekken van geld voor bijzondere noodzakelijke kosten die niet via een andere regeling vergoed kunnen worden. Daarnaast zijn er minimaregelingen die gericht zijn op de participatie van kinderen. In onderstaande tabel wordt de realisatie van de gestelde doelen over de inzet van het product Bijzondere bijstand/ Minimabeleid weergegeven. Subdoelstelling

Status Activiteiten

Resultaat

1. De communicatie aan inwoners over de aanvullende inkomensvoorzieningen wordt verbeterd.

√

A. Verwijzing naar aanvullende inkomensvoorzieningen en actieve benadering van klanten in relatie tot kindregelingen.

A. Aanvullende inkomensvoorzieningen zijn opgenomen in tool Rondkomen in Berkelland, vergoedingen voor kindregelingen hoeven niet meer door de klant te worden voorgeschoten. A. Via een digitale toegangspoort kunnen producten of abonnementen worden aangeschaft.

2. Het minimabeleid wordt via een digitale toegangspoort aangeboden, dit verhoogt de laagdrempeligheid omdat deze vanuit huis gebruikt kan worden. 3. De website van de Sociale Dienst Oost Achterhoek wordt up to date gehouden. Vernieuwde beleidsregels en verordeningen zijn overzichtelijk te vinden op de website. 4.Aanbod collectieve zorgverzekering publiceren.

→

A. De kindregelingen zijn opgenomen in de meedoenapplicatie van de SDOA

√

A. Zodra er iets wijzigt in beleid of verordening dan wordt dit direct aangepast op de website

A. De website is up to date.

√

A. Gemeentelijke besluitvorming is doorgevoerd

A. Herzien beleid omtrent de collectieve zorgverzekering is in 2020 in werking gesteld.

Legenda tabel: √= gerealiseerd, →= nog in ontwikkeling, X= niet gerealiseerd

35

4.1.1

Toelichting

1. De communicatie aan inwoners over de aanvullende inkomensvoorzieningen wordt verbeterd A. Verwijzing naar aanvullende inkomensvoorzieningen middels Rondkomen in Berkelland, en actieve benadering van klanten in relatie tot kindregelingen. Binnen de gemeente Berkelland is de campagne ‘Rondkomen in Berkelland’ actief. Deze bevat een methodiek waarbij inwoners kunnen zien voor welke regelingen zij mogelijk in aanmerking komen. De SDOA is een van de partijen waarnaar wordt verwezen binnen deze tool. Alle kindregelingen zijn opgenomen in de Meedoenapplicatie. Om te stimuleren dat zoveel mogelijk inwoners gebruik maken van kindregelingen zijn er meerdere brieven gestuurd naar klanten om hen te attenderen op de mogelijkheden om voor een vergoeding in aanmerking te komen. Daarnaast is stevig ingezet op communicatie op B1-niveau. Zie hierover meer in paragraaf 4.3.1. 2. Het minimabeleid wordt via een digitale toegangspoort aangeboden, dit verhoogt de laagdrempeligheid omdat deze vanuit huis gebruikt kan worden A. De kindregelingen zijn opgenomen in de meedoenapplicatie van de SDOA De meedoenapplicatie is op 1 januari 2020 gelanceerd. Opstartproblemen zijn voortvarend opgepakt. Zo is telefonisch ondersteuning gegeven aan inwoners met uitleg hoe zij gebruik kunnen maken van de Meedoenapplicatie.

Daarnaast is ingezet op leveranciersmanagement om het aanbod van verenigingen en winkels in de applicatie uit te breiden. Hiervoor is gedurende acht maanden 0,67 fte ingehuurd. De extra inzet voor leveranciersmanagement leverde in de loop van 2020 op dat de meedoenapplicatie inmiddels bestaat uit 151 unieke aanbieders binnen de SDOA-gemeenten. Bovenstaande signalen hebben de SDOA ook bereikt via de Cliëntenraad. De gekozen oplossingsrichtingen zijn tussentijds gedeeld. In het begin van 2020 zijn sommige uitgaven nog buiten de meedoenapplicatie om aan inwoners vergoed, omdat toen nog niet alle leveranciers in de meedoenapplicatie stonden. Ultimo 2020 is ruim 82% van alle uitgaven van de kindregelingen gedaan in de meedoenapplicatie. In de gemeente Berkelland hebben 322 kinderen gebruikgemaakt van de kindregelingen, in de gemeente Oost Gelre waren dit 223 kinderen en in de gemeente Winterswijk 288 kinderen. Omdat ervaringscijfers over het aantal kinderen dat gebruikt maakt van de kindregelingen ontbreken moet dit worden gezien als een 0-meting. 3. De website van de Sociale Dienst Oost Achterhoek wordt up to date gehouden. Vernieuwde beleidsregels en verordeningen zijn overzichtelijk te vinden op de website A. Zodra er iets wijzigt in beleid of verordening dan wordt dit direct aangepast op de website De website van de SDOA is up to date.

Op deze website zijn de formulieren, regelingen en beleidsregels of de verordening terug te vinden. 4. Aanbod collectieve zorgverzekering publiceren A. Gemeentelijke besluitvorming is doorgevoerd In de gemeente Berkelland is in 2020 veel aandacht besteed aan informatieverstrekking omtrent de collectieve zorgverzekering. Dit had te maken met het opzeggen van de collectieve zorgverzekering door Salland. Inwoners kregen een persoonlijke uitnodiging om naar een overstapspreekuur te gaan voor hun zorgverzekering van 2021. In de gemeenten Oost Gelre en Winterswijk is nieuw beleid ingevoerd voor de collectieve zorgverzekering met ingang van 2020. In de gemeente Oost Gelre is de verhoogde inkomensgrens van 150% voor inwoners met een Wmo-indicatie komen te vervallen. Ook voor hen geldt nu de algemene inkomensgrens van 110%. In de gemeente Winterswijk is het sinds 2020 mogelijk om het eigen risico te herverzekeren. Dit heeft als doel om zorg toegankelijk te houden voor inwoners met een hoge zorgbehoefte en een laag inkomen. 36

Onderstaand de uitgaven voor de collectieve zorgverzekeringen van de gemeenten. In de programmarekening zijn deze kosten opgenomen onder de post Bijzondere bijstand/minimaregelingen. Uitgaven collectieve zorgverzekering (x € 1.000) Berkelland Oost Gelre Winterswijk Totaal

Begroting na wijzigingen 421 34 117 572

Rekening 2020

Verschil

Rekening 2019

415 31 114 560

-6 -3 -3 -12

375 64 80 519

In de bestuursrapportages is reeds gemeld dat de uitgaven voor de collectieve zorgverzekeringen voor de gemeenten Berkelland en Winterswijk hoger uitvallen dan begroot was. De begroting is hierop aangepast. In de gemeente Berkelland wordt veel aandacht besteed aan de informatieverstrekking omtrent de collectieve zorgverzekering. Dit zou een verklaring kunnen zijn voor hogere uitgaven. Voor Winterswijk ligt deze verklaring in de mogelijkheid dat inwoners met het meest uitgebreide pakket binnen de gemeentepolissen het eigen risico kunnen herverzekeren. De lagere uitgaven voor de gemeente Oost Gelre kunnen worden verklaard door de hierboven aangehaalde beleidswijziging per 1 januari 2020. 4.2

Schulddienstverlening / SON

Schulddienstverlening wordt uitgevoerd bij de Stadsbank Oost Nederland (SON) in opdracht van de gemeenten. De SDOA heeft een verwijzende rol voor inwoners die aangewezen zijn op ondersteuning bij financiële vraagstukken. Door de inzet van schulddienstverlening wordt de financiële (zelf)redzaamheid vergroot door het voorkomen of beperken van problematische financiële problemen. Subdoelstelling

Status

Activiteiten

Resultaat

1. Er komt een integrale aanpak voor vroegsignalering en preventie.

√

A. Inregelen systeem vroegsignalering

A. Start vroegsignalering met ingang van december 2020.

B.

B.

2. Een gemeenschappelijke schuldhulpverlenings aanpak voor de gemeenten Berkelland, Oost Gelre en Winterswijk wordt in werking gesteld. 3. Schuldhulpverlening wordt zo dichtbij en zo laagdrempelig mogelijk bij de inwoner aangeboden.

Aansluiting bij landelijk convenant vroegsignalering in relatie tot wijziging WGS per 2021

SDOA kan betalingsachterstanden ontvangen van alle signaalpartners die gebonden zijn via landelijke koepel-/ brancheverenigingen. A. Medewerkers van het sociaal team kunnen signalen gaan opvolgen met een gericht hulpaanbod.

√

A. Proces van ontvangst en doorleiding betalingsachterstanden naar gemeenten is ingeregeld

X

A. De dienstverlening gedurende coronaperiode zoveel mogelijk doorgang laten vinden ondanks sluiting fysieke loketten

A. Afname schuldhulpverleningstrajecten.

B.

B.

Heroriëntatie op product bewindvoering via de SON 37

Daling aantal klanten bewindvoering via de SON.

Subdoelstelling 4. Na afloop van ieder traject wordt er bekeken welke klant een nazorgtraject nodig heeft; 5. Schulddienstverlening wordt zo licht als mogelijk maar ook zo zwaar als noodzakelijk in gezet. 6. Implementatie Wet vereenvoudiging beslagvrije voet en verbreding beslagregister (WVBVV).

Status

Activiteiten

Resultaat

√

A. Nazorg is gecontinueerd bij dienstverlening via de SON

A. Indien er sprake blijkt te zijn van recidive kan opnieuw hulp worden ingezet.

->

A. Tijdelijke opnamestop budgetzorg

A. Aantal klanten schuldhulpverlening via de SON is afgenomen.

->

A. Aansluiting op generieke rekentool en aanpassing beleidsregels terugvordering en verhaal

A. De SDOA is startklaar voor de uitvoering van de WVBVV.

A. Legenda tabel: √= gerealiseerd, →= nog in ontwikkeling, X= niet gerealiseerd

4.2.1

Toelichting

1. Er komt een integrale aanpak voor vroegsignalering en preventie A. Inregelen systeem vroegsignalering Om vroegtijdig financiële problemen van inwoners aan te pakken en hiermee te voorkomen dat schulden hoog oplopen is door de SDOA en de sociale teams van de gemeenten gestart met vroegsignalering. De SDOA ontvangt de betalingsachterstanden van verschillende signaalpartners en leidt deze door naar medewerkers van de sociale teams van de individuele gemeenten. De gemeenten en SDOA hebben met verschillende partners zoals woningbouwcorporaties en verzekeringsmaatschappijen, een convenant ondertekend om tijdig gegevens uit te wisselen. Vanaf eind november was het systeem startklaar en in december zijn de eerste signalen doorgeleid. De eenmalige kosten voor de implementatie (inzet van een projectleider en inrichting systeem) zijn gedekt binnen de bedrijfsvoeringskosten van SDOA. De maandelijkse kosten zullen vanaf 2021 leiden tot een aanvullende bijdrage vanuit de gemeenten in de uitvoeringskosten voor het programma Ondersteuning. B. Aansluiting landelijk convenant vroegsignalering Vanaf 1 januari 2021 geldt de gewijzigde Wet gemeentelijke schuldhulpverlening. Gemeenten moeten vanaf dat moment ook signalen oppakken wanneer er bij een huishouden sprake is van één betalingsachterstand, en niet meer alleen wanneer een huishouden meerdere betalingsachterstanden heeft.

Alle vaste lasten partners zijn vanaf dat moment ook verplicht signalen aan te leveren, in het kader van vroegsignalering of andere (afsluit-)regelingen. Een landelijke werkgroep heeft in het najaar van 2020 gewerkt aan de totstandkoming van een Landelijk Convenant Vroegsignalering. Hierin zijn afspraken vastgelegd om vroegsignalering van schulden eenvoudig en uniform te implementeren. Dit Convenant is door de NVVK, de VNG en de koepels Energie Nederland, Zorgverzekeraars Nederland, Vewin en Aedes ondertekend. De SDOA sluit aan bij het Landelijk Convenant Vroegsignalering en is partij in deze overeenkomst, omdat zij de betalingsachterstanden ontvangt en deze doorleidt naar de individuele gemeenten. Met het Landelijk Convenant worden signaalpartners verbonden waar eerder nog geen afspraken mee zijn gemaakt.

38

2. Een gemeenschappelijke schuldhulpverleningsaanpak voor de gemeenten Berkelland, Oost Gelre en Winterswijk wordt in werking gesteld A. Proces van ontvangst en doorleiding betalingsachterstanden naar gemeenten is ingeregeld De start van vroegsignalering was op grond van de Wet Gemeentelijke Schuldhulpverlening afhankelijk van vaststelling van de beleidskaders schuldhulpverlening van de individuele gemeenten. Deze gemeentelijke beleidskaders zijn in de tweede helft van 2020 vastgesteld. De SDOA ontvangt alle signalen en leidt deze door naar de gemeenten. De daadwerkelijke benadering van inwoners met betalingsachterstanden vindt plaats onder regie van de gemeenten door hiertoe opgeleide medewerkers van het sociaal team. 3. Schuldhulpverlening wordt zo dichtbij en zo laagdrempelig mogelijk bij de inwoner aangeboden A. De dienstverlening gedurende coronaperiode zoveel mogelijk doorgang laten vinden ondanks sluiting fysieke loketten. Als gevolg van de overheidsmaatregelen om het Coronavirus tegen te gaan is er een dalende tendens geweest in het aantal aanvragen voor schuldhulpverlening. Dit is ook zichtbaar geweest bij de dienstverlening die via de SON wordt verleend. Dit ligt in lijn met het landelijke beeld. Een plausibele verklaring hiervoor is gelegen in het feit dat zowel de SDOA en de sociale teams als verwijzers, alsook de SON zeer beperkt fysieke loketten hebben bemenst.

Ook hebben schuldeisers en deurwaarders een terughoudend invorderings-/incassobeleid en woningcorporaties en energieleveranciers stellen zich coulant op. De steunmaatregelen van het kabinet dragen bij aan het uitstellen van de schuldhulpvraag. Een reële aanname is dat de Stadsbank wel te maken gaat krijgen met een toename van aanvragen voor schuldhulpverlening. Binnen de Stadsbank is - naar aanleiding van een corona-impactanalyse - in 2020 een aantal maatregelen genomen om een eventuele toename van aanvragen zo goed als mogelijk te kunnen bedienen. Afhankelijk van de omvang van nieuwe aanvragen, kan dit in eerste aanleg met de beschikbare capaciteit worden opgevangen. Deze capaciteit is iets ruimer dan de norm voorschrijft. B. Beschermingsbewind bij de SON De SON is in 2020 een verbetertraject gestart gericht op de dienstverlening van het product beschermingsbewind als gevolg van een maatregel van de rechtbank. De wijze van werken van de afdeling beschermingsbewind bij de SON is continu en nauwlettend gevolgd, zowel op ambtelijk als bestuurlijk niveau. In november heeft binnen het Algemeen Bestuur van de SON aan de hand van een bestuurlijke discussienota een eerste bespreking plaatsgevonden over de strategische positionering van SON -beschermingsbewind voor de toekomst en de mogelijke scenario’s. In de navolgende periode wordt één van de scenario’s verder verkend.

Als gevolg van de opnamestop vanaf eind 2019 tot 18 november 2020 is sprake van een daling van het aantal klanten in beschermingsbewind. Concreet vindt wel uitstroom plaats (beëindigingen bewind), maar geen nieuwe instroom. In de Meerjarenbegroting 2021 - 2024 van de SON is gekozen om rekening te houden met een stabilisatie van bewind. De SON is erin geslaagd een kwaliteitsverbetering te realiseren en heeft tijdig bij de rechtbanken in Gelderland en Overijssel alle benodigde stukken aangeleverd. Ook bij de accountantscontrole van het Landelijk Kwaliteitsbureau (LKB) is een goede score behaald. 4. Na afloop van ieder traject wordt er bekeken welke klant een nazorg-traject nodig heeft A. Nazorg is gecontinueerd bij dienstverlening via de SON Het doel van de nazorg is om recidive te voorkomen. Nazorg vindt sober plaats voor de klanten die gebruik hebben gemaakt van schuldregelingen en budgetbeheertrajecten. Binnen een jaar na de beëindiging van de aangeboden dienstverlening tracht de bank middels een eenmalig telefonisch gesprek inzicht te krijgen in de financiële situatie van de klant na het succesvol uitstromen naar het zelfstandig beheren van de financiën. Indien er op dat moment sprake is van disbalans in de inkomsten en uitgaven, wijst de bank de 39

klant op de mogelijkheden om de financiële situatie in evenwicht te brengen. In 2020 is aan 6 klanten nazorg verleend. Er is voor deze voormalige klanten geen nieuwe dienstverlening ingezet. 5. Schulddienstverlening wordt zo licht als mogelijk maar ook zo zwaar als noodzakelijk ingezet. A. Tijdelijke opnamestop Budgetzorg

Aantal klanten dienstverlening SON per product Berkelland Budgetbeheer (incl. zelfbetalers) Budgetzeker Budgetzorg Beschermingsbewind Oost Gelre Budgetbeheer (incl. zelfbetalers) Budgetzeker Budgetzorg Beschermingsbewind Winterswijk Budgetbeheer (incl. zelfbetalers) Budgetzeker Budgetzorg Beschermingsbewind

Aantal 31-12-2019

Aantal 31-12-2020

145 3 3 31

134 0 6 32

114 2 1 24

93 0 5 24

186 7 3 48

171 0 14 45

Reeds eerder is gerefereerd aan de dalende tendens in het aantal aanvragen voor schuldhulpverlening. Dit wordt zichtbaar in de gerealiseerde dienstverlening bij alle producten, met uitzondering van Budgetzorg. De daling ligt in lijn met het landelijke beeld. Vanaf augustus 2019 wordt het product Budgetzorg afgenomen van de SON, na een eerdere pilot onder de titel Budgetzeker. Budgetzorg bevindt zich tussen de budgetbeheer-omgeving met relatief weinig begeleiding en Bewindvoering met vooral financieel strakke teugels. Het product wordt ingezet bij inwoners die financieel tijdelijk ontzorgd moeten worden, zich kunnen ontwikkelen in de financiële zelfredzaamheid en op den duur de financiën zelf weer over kunnen nemen. In 2020 is de instroom achtergebleven bij de verwachting. Dit is deels te verklaren doordat vanwege capaciteitsproblemen er van 30 maart 2020 tot 22 juni 2020 geen instroom mogelijk was voor het product Budgetzorg, deels ook door de verminderde aanwas. Doorontwikkeling op dit product vindt plaats door intensivering van het contact met de SON over verschillende klantsituaties en samenhangende begeleiding. De SON heeft daarnaast in 2020 tot 18 november geen instroom in het product Beschermingsbewind toegestaan. Potentiële klanten zijn doorverwezen naar andere bewindvoeringskantoren. 6. Implementatie Wet vereenvoudiging beslagvrije voet en verbreding beslagregister A.

Aansluiting op generieke rekentool en aanpassing beleidsregels terugvordering en verhaal Gezien het maatschappelijk belang van betere bescherming voor de schuldenaar en de reële verwachting dat meer mensen te maken krijgen met schulden, treedt de Wet vereenvoudiging beslagvrije voet (Wvbvv) per 1 januari 2021 in werking. De Wet vereenvoudiging beslagvrije voet heeft als doel het beter beschermen van mensen die te maken hebben met een beslag op hun inkomen. Het draagt bij aan een betere coördinatie van beslagactiviteiten bij de samenloop van verschillende beslagen. De vereenvoudiging 40

van de beslagvrije voet maakt het daarnaast mogelijk dat er meer gebruik wordt gemaakt van informatie die al bij overheidsinstanties bekend is. In de wet is een overgangstermijn opgenomen. De SDOA heeft deze overgangstermijn formeel aangevraagd. Dit betekent dat voor alle vorderingen van de SDOA de nieuwe beslagvrije voet wordt gehanteerd per januari 2021. De Wvbvv stelt de beslagvrije voet vast door middel van een generieke rekentool. De SDOA is hierop aangesloten. De beleidsregels Terugvordering en Verhaal zijn geactualiseerd aan de hand van eerder beschreven ontwikkelingen in het kader van de Wvbvv. 4.3

Omgekeerde modelverordening

De SDOA en de drie SDOA-gemeenten gaan werken met de omgekeerde modelverordening Sociaal Domein. Subdoelstelling

Status

1. Er is gezamenlijk met de gemeenten een omgekeerde modelverordening Sociaal Domein opgesteld;

√

2. Deze verordening is helder en begrijpelijk voor inwoners.

√

Activiteiten

Resultaat

A. Het gezamenlijk met de gemeente opstellen van de integrale verordening sociaal domein

A. De verordening sociaal domein is in alle SDOAgemeenten vastgesteld. Vanaf 2021 kan hiermee gewerkt gaan worden.

B.

B.

Trainen van medewerkers in het sociale domein

A. Opstellen van de verordening sociaal domein op B1-niveau B.

De verordening is getoetst door de medezeggenschapsorganen in de drie gemeenten, onder meer de Cliëntenraad Participatiewet. Legenda tabel: √= gerealiseerd, →= nog in ontwikkeling, X= niet gerealiseerd

4.3.1

Medezeggenschaporganen betrekken bij de totstandkoming van de verordening

Er heeft een incompany training plaatsgevonden voor medewerkers in het sociaal domein. A. De verordening is op B1 niveau opgesteld.

B.

Toelichting

1. Er is gezamenlijk met de gemeenten een omgekeerde modelverordening Sociaal Domein opgesteld A. Het gezamenlijk met de gemeente opstellen van de integrale verordening sociaal domein De integrale verordening sociaal domein is eind 2020 vastgesteld door de gemeenteraden en treedt in werking op 1 januari 2021. De verordening is opgesteld in werkgroepen waarbij medewerkers van de gemeenten en de SDOA onderling samenwerkten aan de teksten. Hierbij waren medewerkers vanuit het hele sociaal domein betrokken, zodat de verordening ook in de breedte van het sociaal domein begrijpelijk te lezen is en alle medewerkers binnen het sociaal domein er goed mee kunnen werken. B. Trainen van medewerkers in het sociale domein Nadat de verordening is vastgesteld in de gemeenteraden is gezamenlijk met de gemeenten een incompany training georganiseerd waar ook SDOA-medewerkers aan deelnamen. In deze training stond het leveren van maatwerk, het werken vanuit de bedoeling van de wet en de ‘omgekeerde toets’ centraal.

41

2. Deze verordening is helder en begrijpelijk voor inwoners. A. Opstellen van de verordening sociaal domein op B1-niveau De verordening is in B1-taalniveau geschreven. Daarnaast is er vooral gericht op de leesbaarheid advies uitgebracht door de Cliëntenraad Participatiewet en Wmo- en Jeugdraden van de gemeenten. Deze feedback van de raden is meegenomen zodat de verordening beter leesbaar werd voor inwoners. 4.4 Wat heeft het gekost? Programma Ondersteuning

Begroting primitief

Begroting na wijzigingen

Rekening 2020

Afwijking

4.396 4.396 0 0 0 0

4.256 4.256 0 0 0 0

4.084 4.227 -143 0 0 -143

-172 -29 -143 0 0 -143

(x € 1.000) Baten Lasten Resultaat baten en lasten Onttrekking reserves Toevoeging reserves Gerealiseerd resultaat

Vergeleken met de afgelopen jaren zijn de kosten voor bijzondere bijstand gedaald. Deze daling van de uitgaven zit in lagere uitgaven voor de kindregelingen, rente en aflossing voor schulden van statushouders en de individuele inkomenstoeslag. De uitgaven voor de kindregelingen zijn gedaald in 2020. De uitgaven voor de zwemles zijn bijvoorbeeld gehalveerd in 2020. Dat kan worden verklaard doordat zwembaden in 2020 als gevolg van de coronacrisis een aantal maanden gesloten waren en tussendoor beperkt open zijn geweest. Mogelijk zijn kinderen daarom niet gestart met hun zwemlessen in 2020. Ook de uitgaven voor de aanschaf van een computer zijn achtergebleven in 2020. Door de coronacrisis werd in eerste instantie verwacht dat er een grotere vraag zou zijn naar computers door het thuisonderwijs. Vanuit de SDOA werd in deze periode bij noodsituaties een passende oplossing geboden wanneer er vraag was naar een computer voor thuisonderwijs. Daarnaast hebben veel scholen computers en tablets verstrekt aan hun scholieren. Bij enkele scholen werd dit niet gedaan en daarom is er aan sommige gezinnen één of meerdere keren een computer of tablet verstrekt in 2020. Tot slot is ook bij de participatieregeling voor kinderen is minder uitgegeven in 2020.

Dit kan ook worden verklaard doordat de verschillende lockdowns in 2020 een dempend effect hebben gehad op de uitgaven aan sociaal-culturele en sportieve activiteiten voor kinderen. De uitgaven voor de rente en aflossing van de lening voor statushouders vallen lager uit dan in 2019. Statushouders lenen een bedrag bij de SON wanneer zij vanuit het asielzoekerscentrum zich voor het eerst vestigen in één van de SDOA-gemeenten. Deze lening is bedoeld voor de inrichting van de woning. De lagere uitgaven kunnen worden verklaard doordat de instroom van statushouders is gedaald. Daarnaast wordt voor leningen vanaf 2019 een lagere rente berekend voor inwoners van de gemeenten Berkelland en Oost Gelre. De gemiste dekking die hierdoor ontstaat voor de uitvoeringskosten van de SON, wordt door deze twee gemeenten vergoed en valt buiten de bijzondere bijstand.

42

De uitgaven voor de individuele inkomenstoeslag zijn ook gedaald in 2020 in de gemeente Oost Gelre. Dit kan worden verklaard doordat voor deze gemeente er per 1 januari 2020 een herziening van het beleid individuele inkomenstoeslag heeft plaatsgevonden. Saldo Uitgaven - baten bijzondere bijstand / minimabeleid (x € 1.000) Berkelland Oost Gelre Winterswijk Totaal

Begroting 2020 na wijzigingen

Werkelijke kosten 2020

Verschil

Werkelijke kosten 2019

1.305 495 942 2.742

1.260 475 903 2.638

-45 -20 -39 -104

1.303 615 865 2.783

43

5. PROGRAMMA OVERHEAD EN ALGEMENE KOSTEN Onder het programma overhead en algemene kosten worden de algemene bedrijfsvoeringskosten verantwoord, de incidentele baten en lasten en de mutaties in de reserves. 5.1 Wat heeft het gekost? Programma Overhead en algemene kosten (x € 1.000) Baten Lasten Resultaat baten en lasten Onttrekking reserves Toevoeging reserves Gerealiseerd resultaat

Begroting primitief

Begroting na wijzigingen

Rekening 2020

Afwijking

4.905 5.565 -660 0 0 -660

4.670 5.380 -710 50 0 -660

4.134 5.029 -895 597 124 -422

-536 -351 -185 547 124 238

In december 2020 heeft er in het Algemeen bestuur besluitvorming plaatsgevonden rondom de bestemmingsreserves. Besloten is om de bestemmingsreserves Corona en Onderzoek Sociaal domein op te heffen. In de voorlopige afrekening die in december aan de gemeenten is verzonden, is de bate als gevolg van het opheffen van deze reserves reeds verrekend. Dit verklaart de lagere baten van het programma. Door voornoemd besluit vallen ook de onttrekkingen hoger uit dan begroot. In 2020 is uitvoering gegeven aan de I-visie. Een deel van de projecten heeft vertraging opgelopen en loopt door in 2021. Het Algemeen bestuur heeft besloten het onbenutte budget ter hoogte van € 124.000 voor deze projecten toe te voegen aan de bestemmingsreserve ICT.

44

6. BELEIDSINDICATOREN Onderstaand een opgave van de beleidsindicatoren. Nr Taakveld

Naam indicator

Eenheid

1 0. bestuur en ondersteuning 2 0. bestuur en ondersteuning 3 0. bestuur en ondersteuning 4 0. bestuur en ondersteuning

Formatie Bezetting Apparaatskosten Externe inhuur

5 0. bestuur en ondersteuning 27 6. Sociaal domein

Overhead Personen met een bijstandsuitkering

FTE per 1.000 inwoners FTE per 1.000 inwoners Kosten per inwoner Kosten als % van totale loonsom + totale kosten inhuur externen % van totale lasten Aantal per 10.000 inwoners

28 6. Sociaal domein

Lopende re-integratie voorzieningen

Aantal per 10.000 inwoners van 15-64 jaar

45

Waarde 1,1 1,0 € 0,10 21,7%

8,3% Berkelland: 259,5 Oost Gelre: 216,9 Winterswijk: 398,8 Berkelland: 552,4 Oost Gelre: 391,1 Winterswijk: 651,6

7. PARAGRAFEN Algemeen In het Besluit Begroting en Verantwoording (BBV) staat aangegeven welke paragrafen moeten worden opgenomen in de jaarrekening. De paragrafen grondbeleid en lokale heffingen zijn niet van toepassing voor de gemeenschappelijke regeling SDOA. De volgende paragrafen worden achtereenvolgens behandeld: 1. Financiering 2. Verbonden partijen 3. Bedrijfsvoering 4. Weerstandsvermogen en risicobeheersing 5. Onderhoud Kapitaalgoederen 6. Analyse begrotingsafwijkingen en begrotingsrechtmatigheid 7. Corona

7.1

Financiering

De Wet financiering decentrale overheden (FIDO) verplicht de gemeenschappelijke regeling om richtlijnen vast te stellen voor het beheer van de geldstromen en de risico’s die daaraan verbonden zijn. De SDOA volgde t/m begin 2020 het treasurystatuut van de gemeente Berkelland. In 2019 is voor SDOA een eigen treasurystatuut opgesteld, dat in maart 2020 door het Algemeen bestuur is vastgesteld. Treasuryfunctie De treasuryfunctie maakt onderdeel uit van de ondersteunende diensten die de gemeente Berkelland voor de SDOA verricht. Risicobeheer Om de risico’s eenvoudig te beheersen zal de SDOA bij voorkeur alleen gelden uitzetten bij en aantrekken van de gemeente Berkelland tegen gangbare marktconforme condities. De voorschotnota’s voor de bijdrage van de gemeenten worden afgestemd op de geldstromen binnen de SDOA. Kasgeldlimiet en renterisiconorm In 2020 had de Sociale Dienst geen langlopende leningen, de renterisiconorm is daarom niet van toepassing. Ook heeft de SDOA in 2020 geen kasgeld aangetrokken en daarmee is de SDOA binnen de kasgeldlimiet gebleven.

7.2

Verbonden partijen

Er is sprake van een deelneming wanneer de SDOA aandelen in een B.V. of N.V. heeft. Het aanhouden van aandelen is op zich een risicodragend financieel belang, waarmee stemrecht gemoeid is. Daarmee is er sprake van zowel een bestuurlijk als een financieel belang en dus een verbonden partij. In het kader van de wet FIDO mag de SDOA alleen deelnemingen hebben vanwege het publieke belang en indien de SDOA ook daadwerkelijk invloed wil kunnen uitoefenen. Het houden van een aandelenbelang als belegging - en dus zonder wenselijk bestuurlijk belang - is op grond van de wet FIDO niet toegestaan. De SDOA heeft in de deelneming 2020 Slinge Werkt! B.V. opgericht waarin het werkgeverschap voor nieuw Beschut Werken wordt vormgegeven. De SDOA is enig aandeelhouder van deze vennootschap. Het eigen vermogen van Slinge Werkt! bestaat uit het door de SDOA volgestorte aandelenkapitaal ter hoogte van € 1.

46

7.3

Bedrijfsvoering

7.3.1

Personeel

Invulling formatie 2020 Binnen de SDOA wordt sterk gestuurd op de invulling van de formatie. Hierbij is ingespeeld op de in 2021 te vormen nieuwe uitvoeringsorganisatie. In 2020 is niet de volledige formatie ingevuld, onder andere als gevolg van de restricties in de dienstverlening als gevolg van de coronacrisis. In 2020 is daarom in de bestuursrapportages een bedrag van € 600.000 afgeraamd. De gemiddelde bezetting bedroeg 106 fte, tegen een formatieomvang van 112 fte’s op basis van de klantaantallen per 1 januari 2020. Gemiddeld had 75% van de medewerkers een ambtelijke aanstelling, de overige 25% is ingezet via een payroll- of uitzendovereenkomst. Inzet SDOA-personeel bij de ROZ Gezien de urgentie en de enorme werkdruk voor de uitvoering van de Tozo-regelingen is door de SDOA direct aan de ROZ ondersteuning aangeboden. Een aantal medewerkers van de SDOA is ingezet om de aanvragen administratief te verwerken. In totaal is 560 uur ondersteuning verleend. Gelet op het lagere aantal aanvragen Tozo 2 ten opzichte van de eerste Tozo regeling, en de toenemende mogelijkheden binnen de re-integratiedienstverlening is deze inzet voor de ROZ per medio juni beëindigd. Integriteit Naleving en handhaving zijn onlosmakelijke en logische onderdelen van een succesvolle dienstverlening voor de integrale samenwerking binnen het sociale domein.

Het is van wezenlijk belang dat tijdig wordt ingegrepen bij onrechtmatige situaties, zodat problemen niet door- en/of oplopen zoals een terugvordering en een bestuurlijke boete die kan worden opgelegd aan uitkeringsgerechtigden. Dit start met het geven van voorlichting, zowel mondeling als schriftelijk. Medewerkers met een hulpverleningsrelatie vanuit Wmo en Jeugd worstelen soms met kennis van misbruik, fraude en/of onrechtmatig gebruik van voorzieningen. Met deze achtergrond heeft bestuurlijk een verkenning plaatsgevonden rondom integriteit van de professional zelf en verwachtingen ten aanzien van handelswijze. De thematiek over fraudesignalen en de mogelijke spanning met de omgekeerde toets wordt meegenomen bij de werkgroep intake vanuit Samen aan het Stuur. De vraagstukken rond eigen integriteit en moreel juiste handelswijzen worden opgenomen bij de werkgroep opleiding vanuit de bestuursopdracht. Alle medewerkers die in dienst treden van de SDOA leggen de eed of belofte af. Daarnaast wordt voor iedere medewerker voor aanvang van de werkzaamheden een Verklaring Omtrent Gedrag opgevraagd. Voor het gebruik van de Elektronische infrastructuur bij de uitvoering van de taken die bij of krachtens de Wet SUWI bij de SDOA zijn belegd is er extra controle op gebruik. De autorisaties van de systemen zijn afgestemd op wat nodig is voor het werk.

Verder is er nog interne controle en zijn er terugkerende bewustwordingsacties op het gebruik van gegevens en privacy onder regie van de security officer. Op 16 november 2020 is de e-learning iBewustzijn van start gegaan gericht op informatiebeveiliging, privacy en integriteit. Dit is een modulair programma waarbij elke module wordt afgerond met een kennistoets. Bij het behalen van alle kennistoetsen wordt een certificaat uitgereikt. Deelname aan de elearning is verplicht. Medewerkers hebben tot 1 februari 2021 gelegenheid om de e-learning af te ronden. 7.3.2

Informatisering

Afgelopen jaar is er ingezet op het versterken van de basis van de ICT infrastructuur. Er is flink geïnvesteerd in de onderliggende structuur en processen en er is een professionaliseringsslag gemaakt in de werkwijzen en vaardigheden. Het actief onder de aandacht brengen van de informatievoorziening en ICT bij het management door middel van een ICT stuurgroep en de aandacht voor team applicatiebeheer hebben bijgedragen aan een versterkte basis voor de ICT infrastructuur. 47

Naast het versterken van deze basis zijn er ook duidelijke stappen gezet op het gebied van digitalisering. Zowel intern als richting de klant. Hierbij kan gedacht worden aan de digitale werkplekken (iedereen een laptop), de uitrol van Microsoft Teams en al het thuiswerken. Richting de klant hebben we mooie stappen gezet door de introductie van Mijn Inkomen en de Meedoenapplicatie. Op het gebied van data zijn de eerste stappen gezet door het aannemen van een data-analist en de focus op datakwaliteit vanuit een projectteam. Niet alles is gelukt zoals gepland. Voornamelijk de vernieuwing van het zaaksysteem had een flinke verbeterslag op moeten leveren voor de SDOA. Helaas kwam hier de noodzakelijke eigen aansluiting van SDOA op het GBA-v tussendoor, met daaropvolgend de benodigde ontvlechting van de suite Jeugd/WMO voor Winterswijk en Berkelland. Om deze reden is de opstart van het project uitgesteld. Op het gebied van automatisering zijn er verbeteringen gedaan in de infrastructuur. Onder andere de digitale werkplekken maar ook de eigen GBA-v aansluiting voor de SDOA zijn hier onderdeel van. Bij het ontwerpen van de werkplek is beheerstechnisch voornamelijk gefocust op het beschermen van het datacenter. De werkplek is binnen het datacentrum geplaatst.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/10245527/1