geconsolideerde samenwerkingsregeling 25ste wijziging
Tekst van het document
Herziening Samenwerkingsregeling Regio Achterhoek 25ste wijziging De raden en colleges van burgemeesters en wethouders van de gemeenten Aalten, Berkelland, Bronckhorst, Doetinchem, Oost Gelre, Oude IJsselstreek en Winterswijk Ieder voor zover het zijn bevoegdheden betreft, Overwegende -
Dat een aantal artikelen in de Samenwerkingsregeling Regio Achterhoek juridisch niet voldoet; Dat de taken rondom nazorg en overdracht van regionale stortplaatsen en de afbouwtaken zijn afgerond; Dat de CAR-UWO per 1 januari 2020 is vervallen en er per 1 januari 2020 een CAO Samenwerkende Gemeentelijke Organisaties van kracht is.
Gelet op de Wet gemeenschappelijke regelingen en op artikel 38 van de Samenwerkingsregeling Regio Achterhoek (24ste herziening); Besluiten De 25ste wijziging van de Samenwerkingsregeling Regio Achterhoek vast te stellen. Deze wijziging treedt in werking op de dag nadat de samenwerkingsregeling bekend gemaakt is in het Blad gemeenschappelijke regeling. Aldus: Vastgesteld door de gemeenteraad van AALTEN op 23 februari 2021 Vastgesteld door de gemeenteraad van BERKELLAND op 16 februari 2021 Vastgesteld door de gemeenteraad van BRONCKHORST op 25 maart 2021 Vastgesteld door de gemeenteraad van DOETINCHEM op 25 februari 2021 Vastgesteld door de gemeenteraad van OOST GELRE op 9 maart 2021 Vastgesteld door de gemeenteraad van OUDE IJSSELSTREEK op 25 februari 2021 Vastgesteld door de gemeenteraad van WINTERSWIJK op 25 februari 2021
Ter vergadering van het algemeen bestuur van Regio Achterhoek op 10 maart 2021 gebleken,
de secretaris drs. S. Veneman MBA
de voorzitter mr. M. Boumans MBA MPM
Wijzigingsbesluit
Materiële, geconsolideerde regeling
Samenwerkingsregeling Regio Achterhoek (25ste herziening) De raden en colleges van burgemeesters en wethouders van de gemeenten Aalten, Berkelland, Bronckhorst, Doetinchem, Oost Gelre, Oude IJsselstreek en Winterswijk Ieder voor zover het zijn bevoegdheden betreft, Overwegende -
Dat een aantal artikelen in de Samenwerkingsregeling Regio Achterhoek juridisch niet voldoet; Dat de taken rondom nazorg en overdracht van regionale stortplaatsen en de afbouwtaken zijn afgerond; Dat de CAR-UWO per 1 januari 2020 is vervallen en er per 1 januari 2020 een CAO Samenwerkende Gemeentelijke Organisaties van kracht is.
Gelet op de Wet gemeenschappelijke regelingen en op artikel 38 van de Samenwerkingsregeling Regio Achterhoek (24ste herziening); hebben besloten: De Samenwerkingsregeling Regio Achterhoek (25ste wijziging) vast te stellen, waardoor de actuele tekst van de Samenwerkingsregeling na de 25ste wijziging als volgt luidt:
Hoofdstuk I: Begripsbepalingen Artikel 1: Begripsbepalingen 1. In deze samenwerkingsregeling wordt verstaan onder: a. Regio Achterhoek of Regio: het rechtspersoonlijkheid bezittend lichaam, als bedoeld in artikel 2 van deze regeling; b. Gemeente: een aan deze regeling deelnemende rechtspersoon als bedoeld in artikel 2:1 lid 1 Burgerlijk Wetboek; c. Gedeputeerde staten: de commissaris van de Koning en de gedeputeerden van de provincie Gelderland zoals bedoeld in artikel 34 lid 1 van de Provinciewet; d. Gedeputeerde: de gedeputeerde zoals bedoeld in artikel 35 lid 1 van de Provinciewet; e. Algemeen bestuur: het algemeen bestuur als bedoeld in artikel 12 van de Wet gemeenschappelijke regelingen; f. Dagelijks bestuur: het dagelijks bestuur, als bedoeld in artikel 12 van de Wet gemeenschappelijke regelingen; g. Voorzitter: de voorzitter als bedoeld in artikel 12 van de Wet gemeenschappelijke regelingen; h. Wet: de op 1 januari 1985 in werking getreden Wet gemeenschappelijke regelingen (Wgr) zoals deze sindsdien is gewijzigd; i. Raden van de gemeenten: gemeenteraden zoals bedoeld in artikel 7 van de Gemeentewet; j. Lid van de gemeenteraad: raadslid zoals bedoeld in artikel 8 van de Gemeentewet; k. College van burgemeester en wethouders: de burgemeester en de wethouders zoals bedoeld in artikel 34 lid 1 van de Gemeentewet; l.
Burgemeester: de burgemeester zoals bedoeld in artikel 61 lid van de Gemeentewet. m. Wethouder: de wethouder zoals bedoeld in artikel 35 lid 1 van de Gemeentewet. n. Fractie: groepering van één of meerdere gemeenteraadsleden in één gemeenteraad. o. Raadslid-opvolger: een kandidaat-gemeenteraadslid welke niet is benoemd, maar wel op een kandidatenlijst heeft gestaan zoals bedoeld in artikel H 6 lid 1 van de Kieswet. 2. Waar in deze regeling de Gemeentewet of enig andere wet of wettelijke regeling van overeenkomstige toepassing wordt verklaard, treden in die artikelen in de plaats van de gemeente, de raad, burgemeester en wethouders en de burgemeester onderscheidenlijk Regio Achterhoek, het algemeen bestuur, het dagelijks bestuur en de voorzitter. Hoofdstuk II: Openbaar Lichaam Artikel 2: Openbaar lichaam Er is een openbaar lichaam, als bedoeld in artikel 8, eerste lid van de wet, genaamd “Regio Achterhoek”. Het openbaar lichaam bezit rechtspersoonlijkheid en is gevestigd in Doetinchem. Hoofdstuk III: Doelstelling, taken en bevoegdheden Artikel 3: Doelstelling en taken 1.
Regio Achterhoek heeft tot doel het behartigen van de gemeentelijke belangen van de gemeenten op het gebied van: Economische ontwikkeling, en specifiek op het gebied van: - Smart werken & Innovaties - Onderwijs & Arbeidsmarkt Ruimtelijke ontwikkeling & volkshuisvesting, en specifiek op het gebied van: - Vastgoed & Woningmarkt Mobiliteit & Bereikbaarheid
Zorginnovaties Circulaire economie & Energietransitie Natuur; Lobby; Het verwerven en verstrekken van Subsidies; Grensoverschrijdende samenwerking, met name gericht op Duitsland. 2. Regio Achterhoek voert daarbij in ieder geval de volgende taken uit: de profilering van de Achterhoek; het vertegenwoordigen van de overheid in de regionale samenwerking met andere partijen zoals de ondernemers en maatschappelijke organisaties; 3. Het algemeen bestuur kan een inhoudelijke kader voor taken ter behartiging van de in lid 1 bedoelde belangen vaststellen. Zulks met in achtneming van hetgeen in deze regeling nader is bepaald met betrekking tot de taken en bevoegdheden van Regio Achterhoek. Artikel 4: Belangen De behartiging van de in artikel 3 bedoelde belangen omvat meer in het algemeen: a. Het plegen en doen plegen van overleg en het gevraagd en ongevraagd uitbrengen van advies aan gemeenten; b. Het bevorderen van de totstandkoming van gemeenschappelijke beleidsdoelstellingen en standpuntbepalingen in samenspraak met de gemeentelijke bestuursorganen; c. Het uitdragen van deze gemeenschappelijke beleidsdoelstellingen en standpuntbepalingen richting andere overheden en betrokken instanties met het oog op mogelijke inpassing in de planvorming dan wel ter verkrijging van middelen of medewerking bij de uitvoering; d.
Het desgevraagd verlenen van diensten aan een of meer al of niet aan de regeling deelnemende gemeenten dan wel het bevorderen van onderlinge dienstverlening tussen deze gemeenten, wanneer dit uit doelmatigheidsoverwegingen gewenst is; e. Het stimuleren van samenwerking met andere partijen teneinde genoemde belangen in artikel 3 optimaal te behartigen; f. het promoten van de kracht van de Achterhoek teneinde in artikel 3 genoemde belangen optimaal te behartigen. Artikel 5: VERVALLEN Artikel 6: Bevoegdheden 1. Ten behoeve van de uitvoering van de in artikel 3 genoemde taken, komen aan de bestuursorganen van Regio Achterhoek de daarop betrekking hebbende bevoegdheden toe. 2. Het algemeen bestuur is bevoegd tot het oprichten van en het deelnemen in stichtingen, maatschappen, vennootschappen, verenigingen, coöperaties en onderlinge waarborgmaatschappijen, indien dit in het belang is voor de behartiging van het daarmee te dienen openbaar belang. Het besluit wordt niet genomen dan nadat de raden van de deelnemende gemeenten een ontwerpbesluit is toegezonden en in de gelegenheid zijn gesteld hun wensen en bedenkingen ter kennis van het algemeen bestuur te brengen. Hoofdstuk IV: Algemeen bestuur Artikel 7: Samenstelling 1. Het algemeen bestuur bestaat uit de leden. Elke gemeente is in het algemeen bestuur vertegenwoordigd met één lid. 2.
De raden van de gemeenten wijzen uit hun midden, hun voorzitter daarbij inbegrepen en uit de wethouders, één lid van het algemeen bestuur aan.
3. Tegelijk met de aanwijzing van het lid als bedoeld in het tweede lid, wijzen de raden een plaatsvervangend lid aan. 4. Het plaatsvervangende lid heeft in het algemeen bestuur de stem die toegewezen is aan het lid dat hij vervangt. 5. Het lidmaatschap van het algemeen bestuur is onverenigbaar met de betrekking van ambtenaar, door of vanwege de Regio aangesteld of daaraan ondergeschikt. Met “ambtenaar” worden voor de toepassing van dit artikel gelijkgesteld: zij die in dienst van Regio Achterhoek op arbeidsovereenkomst naar burgerlijk recht werkzaam zijn. Artikel 8: Lidmaatschap 1. Het lidmaatschap van het algemeen bestuur eindigt op de dag waarop de zittingsperiode van de gemeenteraad afloopt. Zolang de leden deel uitmaken of voorzitter zijn van de raad die hen heeft aangewezen, dan wel wethouder zijn van een gemeente door welker raad zij zijn aangewezen, behouden zij het lidmaatschap tot dat in hun opvolging is voorzien. 2. De raden van de gemeenten beslissen zo mogelijk in de eerste vergadering van elke zittingsperiode, maar zo spoedig mogelijk na het begin van een nieuwe zittingsperiode over de aanwijzing van de leden van het algemeen bestuur. Aftredende leden kunnen opnieuw als lid worden aangewezen. 3.
Indien tussentijds een plaats van een lid van het algemeen bestuur beschikbaar komt, wijst de raad die het aangaat, in zijn eerstvolgende vergadering of, zo dit niet mogelijk mocht zijn, zo spoedig mogelijk daarna een nieuw lid aan. 4. Van elke aanwijzing tot lid van het algemeen bestuur geven burgemeester en wethouders van de gemeenten binnen twee weken kennis aan de voorzitter van de Regio. 5. Een lid van het algemeen bestuur kan te allen tijde ontslag nemen. Het ontslag wordt meegedeeld aan het algemeen bestuur en aan de gemeenteraad die het lid heeft aangewezen. 6. Het algemeen bestuur kan vertegenwoordigers uitnodigen in de vergaderingen van het algemeen bestuur. In de vergaderingen kunnen zij van hun gevoelen ten aanzien van de te behandelen onderwerpen doen blijken. 7. Onverminderd het bepaalde in het zesde lid kan het algemeen bestuur zich doen bijstaan door adviseurs. Artikel 9: Beraadslaging en stemming 1. Het algemeen bestuur vergadert ten minste viermaal per jaar en voorts zo dikwijls als de voorzitter dit nodig oordeelt dan wel indien een vijfde deel van het aantal leden van het algemeen bestuur, dit schriftelijk, met opgaaf van redenen, verzoekt. In dat geval wordt binnen vier weken een vergadering belegd. 2. Voor zover in deze regeling niet anders is bepaald, worden beslissingen van het algemeen bestuur genomen met gewone meerderheid van stemmen. 3.
Elk lid van het algemeen bestuur kan één stem uitbrengen. 4. De voorzitter heeft stemrecht in het algemeen bestuur. 5. Wanneer het lid en het plaatsvervangend lid van een gemeente verhinderd zijn, kan het betreffende lid een ander lid van het algemeen bestuur schriftelijk machtigen om namens hem een stem uit te brengen. 6. Een lid van het algemeen bestuur neemt niet deel aan de stemming over een aangelegenheid die hem rechtstreeks of middellijk persoonlijk aangaat of waarbij hij als vertegenwoordiger van zijn gemeente in een andere hoedanigheid eveneens betrokken is en waarbij belangenspanning speelt of de integriteitsvraag aan de orde zou kunnen zijn.
Artikel 10: Werkwijze 1. Het algemeen bestuur vergadert in het openbaar. 2. De deuren worden gesloten, wanneer een aantal leden, dat ten minste een vijfde deel van de aanwezige leden vertegenwoordigt, dit verzoekt dan wel de voorzitter dit noodzakelijk acht. 3. Het algemeen bestuur beslist vervolgens of met gesloten deuren zal worden vergaderd. Het bepaalde in artikel 23 van de wet is van toepassing. Artikel 11: Reglement van orde 1. Het algemeen bestuur stelt voor zijn vergaderingen en voor de vergaderingen van het dagelijks bestuur een reglement van orde vast. 2. Het reglement van orde bevat bepalingen omtrent de toezending c.q. tervisielegging ten behoeve van de leden van de raden van de gemeenten van door de voorzitter van het dagelijks bestuur aan de leden van het algemeen bestuur toegezonden stukken alsmede omtrent het horen van de gemeenten ten aanzien van door het algemeen bestuur te nemen besluiten. 3. Een exemplaar van het reglement van orde wordt ter kennisneming toegezonden aan de raden van de deelnemende gemeenten. Hoofdstuk V: Dagelijks bestuur Artikel 12: Samenstelling 1. Het dagelijks bestuur bestaat uit drie leden, de voorzitter inbegrepen. 2. De leden van het dagelijks bestuur worden door het algemeen bestuur uit zijn midden aangewezen. Artikel 13: Lidmaatschap 1.
De leden van het dagelijks bestuur treden als lid van dat bestuur af op de dag waarop de zittingsperiode van de leden van het algemeen bestuur eindigt. Zij zijn terstond herbenoembaar. 2. Indien tussentijds een plaats in het dagelijks bestuur vacant komt, wijst het algemeen bestuur een nieuw lid aan. Gaat het openvallen van een plaats in het dagelijks bestuur gepaard met het openvallen van een plaats in het algemeen bestuur, dan stelt het algemeen bestuur het aanwijzen van een nieuw lid van het dagelijks bestuur uit, totdat de opengevallen plaats in het algemeen bestuur wederom zal zijn bezet. 3. Een lid van het dagelijks bestuur kan te allen tijde ontslag nemen. 4. Degene die als lid van het dagelijks bestuur ontslag heeft genomen of overeenkomstig het in het eerste lid bepaalde moet aftreden, blijft de functie waarnemen totdat de opvolger is aangewezen en deze de aanwijzing heeft aanvaard. 5. Degene die tussentijds ophoudt lid van het algemeen bestuur te zijn, houdt tevens op lid van het dagelijks bestuur te zijn. Artikel 14: Werkwijze 1. Het dagelijks bestuur stelt, rekening houdend met de door de Regio te behartigen belangen, de onderlinge taakverdeling en plaatsvervanging van de leden vast. 2. De vastgestelde taakverdeling en vervangingsregeling worden ter kennis gebracht van het algemeen bestuur. 3.
Het dagelijks bestuur vergadert zo dikwijls de voorzitter of ten minste een lid dit nodig oordeelt, maar minimaal 4 maal per jaar ter voorbereiding op de vergadering van het algemeen bestuur.
4. De artikelen 22, 28 eerste tot en met derde lid, 29, 30, 56 en 59 van de Gemeentewet zijn ten aanzien van de vergaderingen van het dagelijks bestuur van overeenkomstige toepassing. Artikel 15: Taken Aan het dagelijks bestuur is opgedragen: a. het behoorlijk voorbereiden van al hetgeen aan het algemeen bestuur ter overweging en beslissing zal worden voorgelegd; b. het voorstaan, gehoord het algemeen bestuur, van de belangen van de deelnemers bij andere overheden en instellingen, diensten of personen waarmee contact voor Regio Achterhoek van belang is; c. het uitvoeren van de beslissingen van het algemeen bestuur; d. het zorg dragen voor een goede bestuurlijke coördinatie met het oog op te starten en lopende processen en het bevorderen en bewaken van de eenheid van bestuur; e. het in standhouden van een breed communicatief netwerk met het oog op de ontwikkeling en uitvoering van beleid en het zorg dragen voor een adequate informatievoorziening ten behoeve van het algemeen bestuur, de commissies als bedoeld in de artikelen 21 en 22 van deze regeling, de gemeenschappelijke bestuursorganen en overige belanghebbende instanties en instellingen en functionarissen; f. het beheer van de vermogenswaarden; g. de zorg, voor zover deze niet aan anderen toekomt, voor de controle op de administratie en het beheer van de vermogenswaarden; h.
het houden van een gedurig toezicht op al wat Regio Achterhoek aangaat; i. het verlenen van ambtelijke bijstand aan dan wel zo nodig het doen van een beroep op ambtelijke bijstand van een of meer gemeenten, alsmede het bepalen van de voorwaarden, waaronder deze bijstand zal geschieden. Hoofdstuk VI: Voorzitter Artikel 16: Benoeming 1. De voorzitter van Regio Achterhoek wordt door het algemeen bestuur uit zijn midden aangewezen. Het dagelijks bestuur stelt daartoe een aanbeveling op. 2. Bij verhindering of ontstentenis van de voorzitter wordt deze vervangen door een lid van het dagelijks bestuur, door dat bestuur aan te wijzen. 3. Het voorzitterschap eindigt indien betrokkene ophoudt lid van het algemeen bestuur te zijn. Het algemeen bestuur voorziet ten spoedigste in de opvolging. 4. De voorzitter kan te allen tijde ontslag nemen. Artikel 17: Taken 1. De voorzitter tekent alle stukken die van het algemeen bestuur en van het dagelijks bestuur uitgaan. 2. De voorzitter vertegenwoordigt de Regio in en buiten rechte. Indien de voorzitter behoort tot het bestuur van een gemeente die partij is in een geding, waarbij de Regio is betrokken, doet hij of zij zich vervangen overeenkomstig het bepaalde in artikel 16, tweede lid. 3.
Degene die bevoegd is Regio Achterhoek in en buiten rechte te vertegenwoordigen, kan deze vertegenwoordiging aan een door hem aan te wijzen gemachtigde toevertrouwen. 4. Het bepaalde in artikel 13 van deze regeling is van overeenkomstige toepassing op de voorzitter.
Hoofdstuk VII: Inlichtingen, verantwoording en terugroeping Artikel 18: Relaties dagelijks bestuur – algemeen bestuur 1. Het dagelijks bestuur en elk van zijn leden afzonderlijk zijn aan het algemeen bestuur verantwoording schuldig over het door hen gevoerde bestuur op een nader in het reglement van orde voor de vergaderingen van het algemeen bestuur te bepalen wijze. 2. Het dagelijks bestuur geeft het algemeen bestuur alle inlichtingen die het algemeen bestuur voor de uitoefening van zijn taak nodig heeft, op een nader in het reglement van orde voor de vergaderingen van het algemeen bestuur te bepalen wijze. 3. Het algemeen bestuur kan besluiten een lid van het dagelijks bestuur ontslag te verlenen, indien dit lid het vertrouwen van het algemeen bestuur niet meer bezit. Op het ontslagbesluit is artikel 4:8 van de Algemene wet bestuursrecht niet van toepassing. De rechter treedt niet in de beoordeling van de gronden waarop het algemeen bestuur tot ontslag van een lid van het dagelijks bestuur heeft besloten. Artikel 19: Relaties bestuur – raden van de gemeenten 1. Het algemeen bestuur en het dagelijks bestuur verstrekken aan de raden van de gemeenten alle inlichtingen die door een of meer leden van die raden worden verlangd, tenzij het verstrekken ervan in strijd is met het openbaar belang. 2.
Het algemeen bestuur en het dagelijks bestuur geven aan de raden van de gemeenten ongevraagd alle informatie die voor een juiste beoordeling van het door het bestuur gevoerde en te voeren beleid nodig is. Artikel 20: Relaties leden algemeen bestuur – gemeenten 1. Een lid van het algemeen bestuur verschaft de raad van zijn gemeente alle inlichtingen die door de raad, of door een of meer leden daarvan, worden verlangd, op een door de raad van die gemeente te bepalen wijze, tenzij het verstrekken ervan in strijd is met het openbaar belang. 2. Een lid van het algemeen bestuur is verantwoording verschuldigd aan de raad die het lid heeft aangewezen, voor het door hem of haar in het algemeen bestuur gevoerde beleid. De raad die het lid heeft aangewezen bepaalt de wijze waarop dit zal geschieden. 3. De raad van een gemeente die een vertegenwoordiger in het algemeen bestuur heeft aangewezen, heeft de bevoegdheid om dit door hem aangewezen lid te ontslaan, indien dit lid het vertrouwen van de raad niet meer bezit. Burgemeester en wethouders stellen de voorzitter hiervan onmiddellijk in kennis.
Hoofdstuk VIII: Commissies Artikel 21: Commissies van advies Met het oog op de taken en belangen als bedoeld in de artikelen 3 tot en met 5 van deze regeling kunnen, conform de betreffende bepalingen van de Gemeentewet en de Wet gemeenschappelijke regelingen, commissies van advies worden ingesteld. Artikel 22: Bestuurscommissies 1. Met het oog op de behartiging van bepaalde belangen kunnen, conform de betreffende bepalingen van de Gemeentewet en de Wet gemeenschappelijke regelingen, bestuurscommissies worden ingesteld. 2. Het algemeen bestuur gaat niet over tot het instellen van een commissie als bedoeld in het eerste lid dan nadat de raden van de deelnemende gemeenten van dit voornemen op de
hoogte zijn gesteld en in de gelegenheid zijn gesteld hun wensen en bedenkingen ter kennis van het algemeen bestuur te brengen. 3. Het algemeen bestuur kan aan een commissie als bedoeld in het eerste lid bevoegdheden van het algemeen bestuur en van het dagelijks bestuur toekennen, met uitzondering van de bevoegdheden, zoals vermeld in het derde lid van artikel 25 en artikel 33b van de wet. Hoofdstuk VIIIa: Achterhoek Raad Artikel 22a: Instelling en samenstelling 1. Er is een Achterhoek Raad welke bestaat uit leden. 2. Er zijn zoveel leden als er fracties in de gemeenteraden vertegenwoordigd zijn. 3. De voorzitter van Regio Achterhoek is voorzitter van de Achterhoek Raad. De voorzitter is geen lid van de Achterhoek Raad. Artikel 22b: Lidmaatschap De leden worden door de fracties uit hun midden aangewezen, waarbij elke fractie die in een gemeenteraad is vertegenwoordigd één lid aanwijst, en indien mogelijk één plaatsvervangend lid uit dezelfde fractie. Artikel 22c: Terugtreding en ontslag Wanneer het lid niet langer gemeenteraadslid is, eindigt zijn lidmaatschap van de Achterhoek Raad. Artikel 22d. Plaatsvervanging 1. Bij verhindering of ontstentenis van het lid, treedt diens plaatsvervanger in zijn plaats. 2.
Bij verhindering, ontstentenis of ontbreken van het plaatsvervangend lid, kan het lid vervangen worden door een tweede plaatsvervangend lid, welke aangewezen wordt door de fractie wiens lid verhinderd was. 3. Deze tweede plaatsvervanger dient raadslid of raadslid-opvolger te zijn van een gemeenteraad wiens gemeente deelneemt aan Regio Achterhoek. Artikel 22e. Taken en bevoegdheden De Achterhoek Raad geeft inhoudelijk richting aan de samenwerking in de Achterhoek. Daartoe is de Achterhoek Raad ten minste bevoegd tot: a. het instemmen met de beleidsinhoudelijke meerjarenvisie van Regio Achterhoek; b. het instemmen met de beleidsinhoudelijke jaarplannen van Regio Achterhoek; c. het indienen van moties en het amenderen van voorstellen aangaande de meerjarenvisie en jaarplannen; d. het benoemen van leden en plaatsvervangende leden in de Achterhoek Board. Artikel 22f. Begrenzing bevoegdheid Achterhoek Raad 1. De Achterhoek Raad treedt niet in zaken waarin een ander orgaan bevoegd is, dan slechts na uitdrukkelijke toestemming van dat orgaan. Artikel 22g. Beraadslaging 1. De Achterhoek Raad vergadert ten minste driemaal per jaar, voorts indien twee gemeenteraden daartoe verzoeken en voorts indien de Achterhoek Board dit verzoekt. 2. Er wordt gestemd met gewone meerderheid van stemmen. Stemmen geschiedt op basis van van stempunten. 3.
Elk lid heeft zoveel stempunten als de fractie(s) die hij vertegenwoordigt, raadsleden kent in zijn gemeenteraad.
Hoofdstuk VIIIb: Achterhoek Board Artikel 22h: Instelling en samenstelling 1. Er is een Achterhoek Board. 2. In de Achterhoek Board zitten vertegenwoordigers vanuit de overheid, maatschappelijke organisaties en het bedrijfsleven. 3. De Achterhoek Board bestaat uit tien leden en de voorzitter. De voorzitter van Regio Achterhoek is de voorzitter van de Achterhoek Board. 4. Drie leden zijn afkomstig uit het lokale bestuur wier gemeenten deelnemen aan Regio Achterhoek. 5. Eén lid is afkomstig uit het provinciebestuur in wiens provincie Regio Achterhoek zijn werkgebied heeft. 6. Drie leden zijn afkomstig uit maatschappelijke organisaties welke hun werkgebied hebben in de regio Achterhoek. 7. Drie leden zijn afkomstig uit het bedrijfsleven welke hun werkgebied hebben in de regio Achterhoek. 8. De Achterhoek Board wijst uit zijn midden twee vicevoorzitters aan, waarvan één lid is namens maatschappelijke organisaties en één lid is namens het bedrijfsleven. 9. De Achterhoek Board kent een collegiale verantwoordelijkheid. Artikel 22i: Lidmaatschap namens lokaal bestuur 1. Het algemeen bestuur draagt drie kandidaat-leden voor. 2. De kandidaat-leden zijn wethouders uit de gemeenten die deelnemen aan Regio Achterhoek. 3. De kandidaat-leden en kandidaat-plaatsvervangers zijn geen van allen wethouders uit dezelfde gemeente. Artikel 22j: Lidmaatschap namens provinciebestuur 1.
Het college van de Gedeputeerde staten van de provincie Gelderland draagt één kandidaatlid voor. 2. Het kandidaat-lid is gedeputeerde in de provincie Gelderland. Artikel 22k: Lidmaatschap namens maatschappelijke organisaties 1. Achterhoekse woningbouwcorporaties ACO, het onderwijs en de zorginstellingen werkzaam in de Achterhoek dragen ieder één kandidaat-lid voor. 2. De kandidaat-leden zijn bestuurders of directeuren van een instelling of organisatie. Artikel 22l: Lidmaatschap namens bedrijfsleven 1. Brancheorganisaties VNO-NCW Achterhoek, MKB-Midden en SIKA dragen ieder één kandidaat-lid voor. 2. De kandidaat-leden zijn bestuurders of directeuren van een bedrijf. Artikel 22m: Benoeming leden Board Leden en hun plaatsvervangers worden benoemd door de Achterhoek Raad. Artikel 22n: Terugtreding en ontslag 1. Een lid kan te allen tijde ontslag nemen. Het ontslag wordt meegedeeld aan de Achterhoek Raad, het algemeen bestuur en aan degene die het lid heeft voorgedragen. 2. Degene die het lid heeft voorgedragen, heeft de bevoegdheid om dit door hem voorgedragen lid te ontslaan.
3. Wanneer het lid namens de overheid zoals bedoeld in artikel 22h lid 4 en 5, niet langer wethouder onderscheidenlijk gedeputeerde is, vervalt zijn lidmaatschap van de Achterhoek Board. Artikel 22o: Duur zittingstermijn leden 1. De benoeming geschiedt voor de duur van vier jaren. 2. Herbenoeming is eenmalig mogelijk voor nog eens vier jaren, indien degene die het lid heeft voorgedragen daarmee instemt. 3. De termijnen zijn persoonsgebonden en vangen aan bij benoeming als lid of plaatsvervangend lid. Artikel 22p: Plaatsvervanging 1. Degene die het kandidaat-lid voordraagt, draagt tevens een kandidaat-plaatsvervanger voor. 2. De bepalingen die betrekking hebben op de (kandidaat-)leden, zijn ook van toepassing op hun (kandidaat-)plaatsvervangers. 3. Bij verhindering of ontstentenis van het lid, dan wel wanneer artikel 22n van toepassing is, treedt de plaatsvervanger in zijn plaats. 4. Indien het voorgaande lid van toepassing is vanwege een structurele situatie, treedt het plaatsvervangend lid permanent in de plaats van het lid. 5.
Wanneer zowel het lid als het plaatsvervangend lid verhinderd is, dan wel wanneer artikel 22n van toepassing is, kan degene die deze leden als kandidaat-lid heeft voorgedragen overgaan tot schriftelijke of mondelinge vertegenwoordiging door een ander dan het lid en het plaatsvervangend lid, waarbij de bepalingen van artikel 22h tot en met 22o van overeenkomstige toepassing zijn. Artikel 22q: Taken en bevoegdheden De Achterhoek Board geeft inhoudelijk uitvoering aan de samenwerking in de Achterhoek. Derhalve heeft de Board ten minste als taken: a. De voorbereiding van de beleidsinhoudelijke meerjarenvisie van Regio Achterhoek. b. De voorbereiding van de beleidsinhoudelijke jaarplannen van Regio Achterhoek. c. Het bewaken van de voortgang en de resultaten van de beleidsinhoudelijke jaarplannen zoals deze worden uitgevoerd door de Thematafels. d. De voorbereiding van beraadslaging en bijeenkomsten van de Achterhoek Raad. Artikel 22r: Begrenzing bevoegdheid Board De Achterhoek Board treedt niet in zaken waarin een ander orgaan bevoegd is, dan slechts na uitdrukkelijke toestemming van dat orgaan. Artikel 22s: Beraadslaging 1. De Achterhoek Board vergadert ten minste viermaal per jaar en voorts zo dikwijls de voorzitter of ten minste twee leden dit nodig oordelen. 2. Er wordt gestemd met een gewone meerderheid van stemmen. 3. De voorzitter heeft geen stemrecht.
Hoofdstuk VIIIc: Achterhoek Thematafels Artikel 22t: Instelling en samenstelling 1. De Achterhoek Board stelt Achterhoek Thematafels in. Een Thematafel is specifiek gericht op één van de gemeenschappelijke onderwerpen zoals genoemd in artikel 3 van deze regeling. 2. Een Thematafel kent vertegenwoordigers vanuit de overheid, maatschappelijke organisaties en het bedrijfsleven. 3. Per Thematafel is er één voorzitter en één vicevoorzitter. De voorzitter en de vicevoorzitter vertegenwoordigen niet beide de overheid, of de maatschappelijke organisaties en het bedrijfsleven. 4. Bij verhindering of ontstentenis van de voorzitter, dan wel wanneer artikel 22w van toepassing is, treedt de vicevoorzitter in zijn plaats. 5. Indien het voorgaande lid van toepassing is vanwege een structurele situatie, treedt de vicevoorzitter permanent in de plaats van de voorzitter. 6. Een Thematafel kent ambtelijke ondersteuning vanuit Regio Achterhoek. Artikel 22u: Voorzitter van de Thematafel 1. De personen welke deelnemen aan een Thematafel kiezen uit hun midden een voorzitter en de vicevoorzitter van de Thematafel. Artikel 22v: Bezetting Thematafel 1. De voorzitter van de Thematafel nodigt, met inachtneming van artikel 22t lid 2 en de navolgende leden 2 en 3, die personen uit wiens aanwezigheid hij opportuun acht om de taken zoals bedoeld in artikel 22y uit te kunnen voeren. 2.
De voorzitter nodigt per gemeente één wethouder uit. Gemeenten zijn niet verplicht om deel te nemen aan een Thematafel. 3. Ook de voorzitter van de Achterhoek Board kan personen uitnodigen voor deelname aan een Thematafel. Artikel 22w: Terugtreding en ontslag 1. Een (vice)voorzitter kan te allen tijde ontslag nemen. Het ontslag wordt meegedeeld aan de Achterhoek Board. 2. De Achterhoek Board heeft de bevoegdheid om een (vice)voorzitter te ontslaan. Artikel 22x: Duur zittingstermijn (vice)voorzitter Thematafel 1. De benoeming geschiedt voor de duur van vier jaren. 2. Herbenoeming is eenmalig mogelijk voor nog eens vier jaren. 3. De termijnen zijn persoonsgebonden en vangen aan bij de benoeming als (vice)voorzitter. Artikel 22y: Taken en bevoegdheden Een Thematafel geeft in opdracht en onder aansturing van de Achterhoek Board, conform artikel 22t lid 1, inhoudelijk uitvoering aan de samenwerking in de Achterhoek op de specifieke onderdelen waarvoor zij in het leven geroepen is. Derhalve heeft een Thematafel ten minste als taken: a. De uitvoering van de beleidsinhoudelijke jaarplannen van Regio Achterhoek. b. Een inhoudelijke bijdrage leveren aan de voorbereiding van de beleidsinhoudelijke meerjarenvisie en jaarplannen van Regio Achterhoek. c.
De inhoudelijke voorbereiding van bijeenkomsten van de Achterhoek Raad en het informeren van leden van de Achterhoek Raad over ontwikkelingen ter zake van de werkzaamheden van de Thematafel.
Artikel 22z: Begrenzing bevoegdheid Thematafel Een Thematafel treedt niet in zaken waarin een ander orgaan bevoegd is, dan slechts na uitdrukkelijke toestemming van dat orgaan. Artikel 22aa: Beraadslaging 1. De Thematafels vergaderen ten minste viermaal per jaar en voorts zo dikwijls de voorzitter dit nodig oordeelt. 2. Er wordt gestemd met een gewone meerderheid van stemmen. 3. De voorzitter en de vicevoorzitter hebben stemrecht. Hoofdstuk IX: Vergoedingen Artikel 23: Vergoedingen Het algemeen bestuur kan, met in achtneming van het bepaalde in artikel 21 van de wet nadere regels vaststellen betreffende het verlenen van een tegemoetkoming in de kosten die de leden van het algemeen bestuur, het dagelijks bestuur, de commissies als bedoeld in de artikelen 21 en 22 en de voorzitter maken in de uitoefening van hun functie. Hoofdstuk X: Ambtelijk apparaat Artikel 24: De ambtelijke organisatie en de personeelsformatie 1. Het dagelijks bestuur stelt een regeling vast omtrent de ambtelijke organisatie van Regio Achterhoek. 2. Het dagelijks bestuur draagt zorg voor een zodanige inrichting van de ambtelijke organisatie, dat op doelmatige en efficiënte wijze vorm wordt gegeven aan het bepaalde ten aanzien van belangen, taken en bevoegdheden als bedoelt in de artikelen 3 tot en met 6 van deze regeling. 3.
Met betrekking tot de inrichting van de ambtelijke organisatie zijn de bepalingen in de Gemeentewet zoveel mogelijk van overeenkomstige toepassing. Ingeval van twijfel over de toepasselijkheid beslist het dagelijks bestuur over een voorziening of een regeling. Artikel 25: Secretaris 1. Het dagelijks bestuur besluit omtrent benoeming, schorsing en ontslag van de secretaris. 2. De secretaris staat het algemeen bestuur, het dagelijks bestuur, de voorzitter en de commissies in alles wat de hen opgedragen taak betreft terzijde. 3. Door de secretaris worden alle stukken, die van het algemeen bestuur of van het dagelijks bestuur uitgaan, mede ondertekend. 4. Het algemeen bestuur stelt voor de secretaris een instructie vast. 5. De secretaris is in de vergaderingen van het algemeen bestuur en van het dagelijks bestuur aanwezig. 6. De secretaris wordt bij verhindering of ontstentenis vervangen op de door het dagelijks bestuur te stellen wijze. Artikel 26: Rechtspositie 1. Het Burgerlijk Wetboek, de CAO Samenwerkende Gemeentelijke Organisaties (SGO) en het dagelijks bestuur regelen de arbeidsvoorwaarden, secundair en primair, voor zowel de secretaris als alle andere werknemers. 2. Het dagelijks bestuur kan de uitvoering van de CAO Samenwerkende Gemeentelijke Organisaties en de hiervan afgeleide verordeningen en regelingen mandateren.
3. Het dagelijks bestuur is verantwoordelijk voor de uitvoering van de arbeidsvoorwaarden voor het personeel van Regio Achterhoek. Artikel 27: Archiefbepaling 1. De bepalingen van de Archiefwet 1995 en de daaruit voorvloeiende uitvoeringsvoorschriften, voor zover betrekking hebbend op de archiefbescheiden van de gemeenten, zijn van overeenkomstige toepassing op de archiefbescheiden van de regionale organen en de organisatieonderdelen van Regio Achterhoek. 2. Het dagelijks bestuur is verantwoordelijk voor de zorg van de archiefbescheiden. 3. De archiefverordening en het besluit Informatiebeheer van de gemeente Doetinchem zijn van overeenkomstige toepassing op de archiefbescheiden van Regio Achterhoek. Daar waar college van B&W staat dient gelezen te worden het dagelijks bestuur. Daar waar Gemeenteraad staat dient gelezen te worden het algemeen bestuur. 4. Bij opheffing van Regio Achterhoek worden de archiefbescheiden overgebracht naar de archiefbewaarplaats van een der aangesloten gemeenten. Hoofdstuk XI: Financiële bepalingen Artikel 28: Financiën algemeen 1. Het dagelijks bestuur draagt zorg voor een verzekering van eigendommen en gelden van Regio Achterhoek. 2.
De gemeenten garanderen onder het doen van afstand van de door de Wet aan borgen toegekende voorrechten ten behoeve van de geldschieters de betaling van rente, aflossing, boeten en kosten van de door Regio Achterhoek te sluiten vaste geldleningen, mits deze leningen voldoen aan de voorwaarden welke gelden voor door gemeenten te sluiten geldleningen. 3. Het algemeen bestuur is bevoegd tot het heffen van belastingen als bedoeld in artikel 228 van de Gemeentewet en de rechten als bedoeld in artikel 229 van de Gemeentewet. 4. De gemeenten zullen er steeds zorg voor dragen dat Regio Achterhoek te allen tijde over voldoende middelen beschikt om aan al zijn verplichtingen jegens derden te kunnen voldoen. 5. Indien aan het algemeen bestuur blijkt dat een gemeente weigert deze uitgaven op de begroting te zetten, doet het algemeen bestuur onverwijld aan Gedeputeerde Staten het verzoek over te gaan tot toepassing van art. 194 lid 1 van de Gemeentewet. Artikel 29: Begroting 1. De ontwerpbegroting, bestaande uit een programmabegroting en de financiële vertaling daarvan wordt gebaseerd op voortzetting van het bestaande beleid. Beleidswijzigingen worden afzonderlijk voorgesteld. Het dagelijks bestuur zendt voor 15 april de algemene financiële en beleidsmatige kaders naar de gemeenten; 2.
In de begroting wordt geraamd de door elke gemeente voor het jaar waarop de begroting betrekking heeft, verschuldigde bijdrage. 3. De in het vorige lid bedoelde bijdrage wordt, rekening houdend met eventuele inkomsten uit anderen hoofde, geraamd op grond van: a. De te verwachten inkomsten per gemeente naar aanleiding van door het algemeen bestuur bij afzonderlijke regeling te bepalen tarieven wegens daarbij omschreven diensten en/of leveringen; b. Een gelijke bijdrage per inwoner in de nadelige saldi, voor zover daarin niet wordt voorzien door andere bijdragen krachtens nadere afspraken met de raad c.q. het college van burgemeester en wethouders van een van de deelnemende gemeenten, respectievelijk de raden c.q. colleges van burgemeester en wethouders van meerdere deelnemende
4.
5.
6. 7.
8.
gemeenten, voor de strategische en beheersmatige kerntaken en voor de afbouwtaken; c. De bijdrage per gemeente voor de in de programmabegroting opgenomen projecten. Voor de berekening van de in het derde lid sub b bedoelde bijdrage wordt uitgegaan van het aantal inwoners op 1 januari van het jaar voorafgaande aan dat waarvoor de bijdrage verschuldigd is. Voor de vaststelling van de aantallen inwoners worden door het Centraal bureau voor de statistiek (CBS) verstrekte gegevens aangehouden. Het dagelijks bestuur zendt de ontwerpbegroting met financiële vertaling van de programmabegroting 8 weken voor de behandeling in het algemeen bestuur toe aan de leden van het algemeen bestuur en de raden en de colleges van burgemeester en wethouders van de deelnemende gemeenten. Het algemeen bestuur stelt de begroting vast voor 1 augustus van het jaar voorafgaande aan het jaar waarvoor de begroting moet gelden. De vaststelling en de goedkeuring van de begroting doet het dagelijks bestuur mededeling aan de raden en de colleges van burgemeester en wethouders van de deelnemende gemeenten. De gemeenten betalen bij wijze van voorschot jaarlijks voor 16 januari, voor 16 april, voor 16 juli en 16 oktober, een vierde deel van de in het derde lid bedoelde bijdragen.
Artikel 30: Begrotingswijzigingen De bepalingen met betrekking tot de ontwerpbegroting zijn mede van toepassing op wijzigingen van de begroting, met uitzondering van het bepaalde in artikel 35, eerste, derde en vierde lid van de wet, voor zover het betreft wijzigingen van de begroting die voor de gemeenten budgettair neutraal zijn, zowel wat betreft de exploitatie-uitgaven als de investeringen. Artikel 31: Jaarrekening 1. De rekening is de verantwoording van Regio Achterhoek over de uitvoering van de werkzaamheden over het afgelopen jaar. 2. In de rekening wordt het door elk van de deelnemende gemeenten over het desbetreffende jaar werkelijk verschuldigde bedrag opgenomen. 3. De kosten worden, rekening houdend met andere inkomsten, met bepalingen op grond van artikel 29, tweede en derde lid en met door het algemeen bestuur bestemde c.q. te bestemmen reserves verdeeld conform artikel 29, vierde lid. 4. Verrekening van het verschil tussen het op grond van artikel 29, tweede lid betaalde en het werkelijk verschuldigde, vindt plaats terstond nadat mededeling van de vaststelling van de rekening is ontvangen. 5. Het dagelijks bestuur zendt voor 15 april de voorlopige jaarrekening aan de deelnemende gemeenten. 6. Het algemeen bestuur stelt de jaarrekening vast voor 15 juli van het jaar volgend op het jaar waarvoor de jaarrekening moet gelden.
Artikel 32: Bestemming jaarresultaat Het algemeen bestuur kan een batig saldo geheel of ten dele ten behoeve van een voorziening reserveren. Voor een beslissing tot bestemming van of beschikking over de reserve gelden de regels die van toepassing zijn bij de vaststelling van de begroting. De onderbouwing van de bestemming vindt zijn oorsprong in de paragraaf weerstandsvermogen, onderdeel van de begroting geldend voor het betreffende jaar. Artikel 33: Overige financiële maatregelen 1. Bij het niet overeenkomstig het bepaalde in artikel 29, achtste lid tijdig voldoen van voorschotten, wordt aan de desbetreffende gemeente de wettelijke rente in rekening
gebracht. Eenzelfde handelwijze wordt gevolgd bij niet overeenkomstig het bepaalde in artikel 31, vierde lid tijdig voldoen van een verrekening. 2. Wanneer aan het algemeen bestuur blijkt dat de raad van een gemeente niet voldoet of zal voldoen aan de verplichting de geraamde bijdrage als bedoeld in artikel 29, tweede lid op de gemeentelijke begroting op te voeren, doet het algemeen bestuur aan Gedeputeerde Staten het verzoek over te gaan tot toepassing van artikel 194 van de Gemeentewet. Artikel 195 van de Gemeentewet is van overeenkomstige toepassing. Hoofdstuk XII: Evaluatie samenwerking Artikel 34: Evaluatie samenwerking binnen Regio Achterhoek Het dagelijks bestuur stelt jaarlijks het functioneren van Regio Achterhoek in het algemeen bestuur aan de orde. Hoofdstuk XIII: Toetreding, uittreding, wijziging en opheffing Artikel 35: Toetreding 1. De toetreding door andere gemeenten kan plaatsvinden wanneer ter vergadering van het algemeen bestuur blijkt, dat de raden en de colleges van burgemeester en wethouders van ten minste tweederde van de gemeenten daarmee instemmen. 2. Het algemeen bestuur regelt de gevolgen van de toetreding. Aan de toetreding kunnen voorwaarden worden verbonden. 3. De toetreding gaat in op de eerste dag van de maand volgende op die waarin de voor de toetreding noodzakelijke wijziging van de regeling in werking is getreden. Artikel 36: Uittreding 1.
Een gemeente kan uittreden wanneer ter vergadering van het algemeen bestuur blijkt dat de raden en colleges van burgemeester en wethouders van ten minste tweederde van de gemeenten daarmee instemmen. 2. Het algemeen bestuur regelt de financiële gevolgen alsmede de overige gevolgen van de uittreding. 3. Daarbij geldt als uitgangspunt dat de uittredende gemeente de kosten draagt die het rechtstreekse gevolg zijn van de uittreding en dat de overige gemeenten geen financieel nadeel van de uittreding ervaren. 4. Tenzij het algemeen bestuur anders besluit, kan uittreding slechts plaatsvinden per 1 januari van het tweede jaar volgend op dat waarin de voor de uittreding noodzakelijke wijzing van de regeling in werking is getreden. Artikel 37: Vrijstelling van verplichtingen 1. Het algemeen bestuur kan, al dan niet op verzoek van een of meer deelnemende gemeenten of toetredende gemeenten, besluiten dat deze voor een nader te bepalen termijn zijn vrijgesteld van de uit de regeling voortvloeiende verplichtingen en zijn uitgesloten van de uit de regeling voortvloeiende rechten. 2. Het algemeen bestuur kan besluiten dat een uittredende gemeente gedurende een nader te bepalen termijn de uit de regeling voortvloeiende verplichting dient na te komen. 3. De termijn, bedoeld in het eerste en tweede lid van dit artikel, bedraagt ten hoogste vijf jaren.
Artikel 38: Wijziging 1. Zowel het dagelijks bestuur van Regio Achterhoek als de raad of het college van burgemeester en wethouders van een gemeente kan voorstellen doen tot wijziging van de regeling. 2. Indien het algemeen bestuur wijziging van de regeling wenselijk acht, doet het dagelijks bestuur het door het algemeen bestuur vastgestelde voorstel toekomen aan de raden en de colleges van burgemeester en wethouders van de gemeenten. 3. Een wijziging is tot stand gekomen, wanneer ter vergadering van het algemeen bestuur blijkt dat van ten minste tweederde van de gemeenten tot deze wijziging hebben besloten. 4. Het dagelijks bestuur stelt de raden en de colleges van burgemeester en wethouders van de gemeenten zo spoedig mogelijk in kennis van de tot stand gekomen wijziging. 5. De raad van een gemeente die van mening is dat door een wijziging van de regeling de belangen van die gemeente ernstig zullen worden geschaad, kan binnen acht weken na de in het vierde lid bedoelde kennisgeving over zijn bezwaren de zienswijze van Gedeputeerde Staten vragen. Gedeputeerde Staten delen hun zienswijze mee aan het algemeen bestuur en de raad en het college van burgemeester en wethouders van de betrokken gemeente. Artikel 39: Opheffing 1.
De regeling wordt opgeheven wanneer ter vergadering van het algemeen bestuur blijkt dat de raden en de colleges van burgemeester en wethouders van ten minste tweederde van de gemeenten tot deze opheffing hebben besloten. 2. De opheffing gaat in op de eerste dag van de maand volgend op die waarin de regeling is geschrapt uit het register als bedoeld in artikel 27 tweede lid van de wet, tenzij het besluit tot opheffing een latere datum van ingang bevat. 3. Ingeval van opheffing van de regeling besluit het algemeen bestuur tot liquidatie en stelt daarvoor de nodige regelen vast. Hierbij kan van de bepalingen van deze regeling worden afgeweken. 4. Het liquidatieplan wordt door het algemeen bestuur, de raden van de gemeenten gehoord hebbende, vastgesteld. 5. Het liquidatieplan voorziet in de verplichting van de gemeenten tot deelneming aan de financiële gevolgen van de opheffing. 6. Het liquidatieplan bevat tevens een personeelsplan dat voor zoveel mogelijk voorziet in herplaatsing van het personeel en voorts in de financiële gevolgen voor het personeel. 7. Het dagelijks bestuur is belast met de liquidatie. Zo nodig blijven de bestuursorganen van Regio Achterhoek ook na het tijdstip van de opheffing in functie, totdat de liquidatie is voltooid. Hoofdstuk XIV: Geschillenregeling Artikel 40: Geschillenregeling 1.
Alvorens ten aanzien van een geschil, als bedoeld in artikel 28 van de wet, de beslissing van Gedeputeerde Staten wordt ingeroepen, wordt de zaak voorgelegd aan een geschillencommissie. 2. Het dagelijks bestuur benoemt deze commissie in overleg met de betrokken gemeente of gemeenten. 3. De geschillencommissie onderzoekt de mogelijkheden om partijen alsnog tot overeenstemming te brengen en brengt aan partijen advies uit. 4. Partijen kunnen van tevoren overeenkomen, dat het in het derde lid bedoelde advies van de geschillencommissie bindend zal zijn.
5. Onder geschil wordt hier mede begrepen een aangelegenheid die door een partij als zodanig wordt beschouwd. Hoofdstuk XV: Overgangs- en slotbepalingen Artikel 41: Bekendmaking regeling 1. De colleges van burgemeester en wethouders dragen zorg voor opname van de regeling in het register als bedoeld in artikel 27, eerste lid van de wet. 2. Het bepaalde in het eerste lid is mede van toepassing op besluiten tot wijziging of opheffing van de regeling, alsmede op besluiten tot toetreding en uittreding. Het dagelijks bestuur zendt bedoelde besluiten ter kennisneming aan Gedeputeerde Staten. Artikel 42: Inwerkingtreding regeling 1. De herziene regeling wordt aangegaan voor onbepaalde tijd. 2. De herziene regeling treedt, met inachtneming van het bepaalde in artikel 26 van de wet, in werking op de in de wijziging opgenomen datum. 3. Beslissingen, van welke aard dan ook, door de bestuursorganen van Regio Achterhoek en de gemeenten genomen krachtens de “Gemeenschappelijke regeling Regio Achterhoek” goedgekeurd door Gedeputeerde Staten van Gelderland bij besluit van 1 oktober 1975 en, bij verlenging, bij besluiten van 22 oktober 1980 en 14 november 1984, worden geacht te zijn beslissingen overeenkomstig deze regeling. Zij blijven in stand totdat zij door andere zijn vervangen c.q. zijn vervallen. Artikel 43: Citeerartikel regeling 1.
Deze regeling kan worden aangehaald als Samenwerkingsregeling Regio Achterhoek. Deze regeling is als “Gemeenschappelijke regeling Samenwerkingsverband Oost-Gelderland” goedgekeurd door gedeputeerde staten van Gelderland bij besluit van 17 december 1986. Nadien zijn diverse wijzigingen aangebracht, welke eveneens zijn goedgekeurd door gedeputeerde staten van Gelderland. Goedkeuring vond plaats op de volgende data: 1
eerste wijziging, 22 december 1988; tweede wijziging, 26 oktober 1989; derde wijziging, 21 februari 1990; vierde wijziging, 31 januari 1991; vijfde wijziging, 10 september 1992; zesde wijziging, 10 februari 1994; zevende wijziging, 13 april 1994; achtste wijziging, 12 juni 19951; negende wijziging, 22 januari 1996; tiende wijziging, 18 april 1996; elfde wijziging, 6 januari 1998; twaalfde wijziging, 11 juni 1998; dertiende wijziging, 1 april 1999; veertiende wijziging, 4 april 2001;
De oorspronkelijke tekst van de samenwerkingsregeling, zoals goedgekeurd door Gedeputeerde Staten van Gelderland bij besluit van 17 december 1986, is in de loop van de tijd op een groot aantal punten gewijzigd. Teneinde een volledige en actuele versie van de regeling voorhanden te hebben, heeft het algemeen bestuur van Regio Achterhoek de tekst van de regeling op 8 mei 1995 integraal opnieuw vastgesteld, onder het voorbehoud van goedkeuring van de 8e wijziging van de regeling door Gedeputeerde Staten van Gelderland. Bedoelde goedkeuring is verleend op 12 juni 1995.
-
vijftiende wijziging 25 maart 2004; zestiende wijziging, 8 december 2004; zeventiende wijziging, 8 december 2004; achttiende wijziging, 24 mei 20052
Vanaf 1 januari 2006 is het goedkeuringsvereiste in de Wet gemeenschappelijke regelingen vervallen. De wijzigingen worden ter kennisneming aan Gedeputeerde Staten van Gelderland gezonden. Deze wijzigingen vonden plaats: -
negentiende wijziging, vastgesteld op 18 december 2006; twintigste wijziging, vastgesteld op 7 juli 20083; eenentwintigste wijziging, vastgesteld op 28 oktober 2011; tweeëntwintigste wijziging, vastgesteld op 22 april 2015; drieëntwintigste wijziging, vastgesteld op 14 december 2016; vierentwintigste wijziging, vastgesteld op 11 juli 2018.
Vastgesteld door het algemeen bestuur van Regio Achterhoek op 10 maart 2021.
secretaris, drs. S. Veneman MBA
2
voorzitter, mr. M. Boumans MBA MPM
De oorspronkelijke tekst van de samenwerkingsregeling, zoals goedgekeurd door Gedeputeerde Staten van Gelderland bij besluit van 17 december 1986, is in de loop van de tijd op een groot aantal punten gewijzigd. Teneinde een volledige en actuele versie van de regeling voorhanden te hebben, heeft het algemeen bestuur van Regio Achterhoek de tekst van de regeling op 4 januari 2005 opnieuw vastgesteld, onder voorbehoud van goedkeuring door Gedeputeerde Staten van Gelderland. Bedoelde goedkeuring door Gedeputeerde Staten van Gelderland is verleend op 24 mei 2005. 3 .De oorspronkelijke tekst van de samenwerkingsregeling, zoals goedgekeurd door Gedeputeerde Staten van Gelderland bij besluit van 17 december 1986, is in de loop van de tijd op een groot aantal punten gewijzigd. Teneinde een volledige en actuele versie van de regeling voorhanden te hebben, heeft het algemeen bestuur van Regio Achterhoek de tekst van de regeling op 7 juli 2008 opnieuw vastgesteld.
Vastgesteld door de gemeenteraad van AALTEN op 23 februari 2021
Vastgesteld door de gemeenteraad van BERKELLAND op 16 februari 2021
Vastgesteld door de gemeenteraad van BRONCKHORST op 25 maart 2021
Vastgesteld door de gemeenteraad van DOETINCHEM op 25 februari 2021
Vastgesteld door de gemeenteraad van OOST GELRE op 9 maart 2021
Vastgesteld door de gemeenteraad van OUDE IJSSELSTREEK op 25 februari 2021
Vastgesteld door de gemeenteraad van WINTERSWIJK op 25 februari 2021
Toelichting 25e wijziging Samenwerkingsregeling Regio Achterhoek A. Algemeen De basis voor de nieuwe structuur voor de regionale samenwerking is “Regio Achterhoek” als openbaar lichaam conform de Wet gemeenschappelijke regelingen (Wgr). Deze wet regelt een aantal zaken, zoals een algemeen en dagelijks bestuur en de samenstelling daarvan, de verhouding tussen algemeen bestuur en de gemeenteraden en de betrokkenheid van de gemeenteraden bij jaarstukken, kadernota en begroting. In de hier voorgestelde samenwerkingsregeling Regio Achterhoek zijn al deze elementen uit de Wgr overgenomen. Met de 25ste wijziging zijn enkele onvolkomenheden en kleinere aanpassingen gedaan. De samenwerkingsregeling heeft met de 24ste wijziging een belangrijke wijziging ondergaan. Dit wordt hieronder toegelicht. 24e wijziging samenwerkingsregeling Met de 24ste wijziging heeft de organisatie van de Achterhoekse samenwerking juridisch vorm (en bestaan) gekregen. De belangrijkste wijziging is dat een drietal gremia toegevoegd is aan de samenwerkingsregeling: de Achterhoek Raad, de Achterhoek Board en de Thematafels. Deze zijn toegevoegd om de samenwerking tussen de drie O’s (overheid, ondernemers en maatschappelijke organisaties) te formaliseren en om de rol van de gemeenteraden in de samenwerking te versterken.
De Achterhoek Board en de thematafels zijn gremia waarin de samenwerking tussen de drie O’s gestalte krijgt, de een meer op strategisch beleidsniveau en de ander meer op operationeel beleidsniveau. Daarnaast geeft de Achterhoek Raad de gemeenteraden op twee manieren een betere rol in de regionale samenwerking. De eerste manier is dat de Achterhoek Raad over de inhoud van het Jaarplan gaat, zonder de bevoegdheden van de individuele gemeenteraden over te nemen. De andere manier is dat de Achterhoek Raad raadsleden van alle betrokken gemeenten bij elkaar brengt rondom inhoudelijke thema’s, waardoor de mogelijkheid ontstaat voor meer gezamenlijk sturing aan de voorkant van beleidsprocessen (richting Achterhoek Board en algemeen bestuur) en voor meer op elkaar afgestemde besluitvorming binnen de eigen gemeenteraden. Geen van de nieuwe gremia krijgt publiekrechtelijke bevoegdheden toegekend. Deze blijven bij de bestaande organen: algemeen bestuur, dagelijks bestuur, de lokale colleges en de gemeenteraden. Het moge duidelijk zijn dat de samenwerkingsregeling Regio Achterhoek hiermee een gemeenschappelijke regeling “met een extra” is. Want naast een openbare lichaam conform de Wgr (Regio Achterhoek) kent de samenwerkingsregeling drie aanvullende gremia die hun basis niet in de Wgr hebben (maar er vanzelfsprekend niet in tegenspraak mee zijn).
De nieuwe gremia hebben een plek gekregen in de samenwerkingsregeling opdat voor iedereen duidelijk is wie waar over gaat, hoe de gremia zich tot elkaar verhouden en wie welke taken heeft. En wie uiteindelijk democratisch gelegitimeerd kan beslissen over de inhoud en uitvoering van, en toezicht op onze Achterhoekse samenwerking. Het algemeen bestuur zal, ondanks de gelijkblijvende publiekrechtelijke taken, een minder inhoudelijke rol krijgen. Dat komt tot uiting in het streven om het AB (en DB) uit burgemeesters te laten bestaan, zodat de Achterhoek Raad samen met de Board inhoudelijk richting kunnen geven. Om die reden verdwijnt ook het “extra” AB-lid dat één van de gemeenten had vanwege het aanvullend moeten invullen van de voorzittersrol.
B. Artikelsgewijze toelichting Artikel 1: Begripsbepalingen Dit artikel behoeft geen toelichting. Artikel 2: Openbaar lichaam Conform de Wgr kent een samenwerkingsverband als bestuursorganen het algemeen bestuur, het dagelijks bestuur en de voorzitter. Artikel 3: Doelstelling en taken De Wgr eist niet expliciet dat er in een gemeenschappelijke regeling, voorafgaande aan de opsomming van belangen, een doelstelling van de regeling wordt geformuleerd. De doelstelling van deze regeling is gelegen in de behartiging van de gemeenschappelijke belangen van de gemeenten. Onder belangen wordt hier verstaan de gebieden, waarop kan worden samengewerkt. De wet vereist, dat deze belangen duidelijk in de regeling worden geformuleerd. Deze belangen zijn in het eerste lid aangepast op de vernieuwde samenwerkingsvormen en geven aan waar Regio Achterhoek taken heeft (en dus ook waar niet). Het is ingevolge de systematiek van de Wgr zinvol om naast de opsomming van belangen die door de wet is voorgeschreven ook aan te geven welke taken door de gemeenten uitdrukkelijk aan de Regio worden opgedragen. In het tweede lid gaat het om de taken die de Regio structureel moet uitvoeren, dus ongeacht het inhoudelijke kader. Omdat hier geen inhoudelijk kader aan ten grondslag ligt, moeten die afzonderlijk worden benoemd.
In het derde lid wordt de mogelijkheid geboden om een inhoudelijke kader vast te stellen, waarbinnen de Regio opereert. Artikel 4: Belangen In artikel 4 wordt een opsomming gegeven van de instrumenten, die kunnen worden gehanteerd om de behartiging van de in artikel 3 omschreven gemeenschappelijke belangen te bevorderen. Artikel 5: VERVALLEN Dit artikel bevatte de taken van Regio Achterhoek. Dit artikel is gecombineerd met artikel 3, omdat dit zo een leesbaarder geheel is. Bijvoorbeeld het realiseren van grensoverschrijdende samenwerking is zowel een doel als een taak van Regio Achterhoek. Artikel 6: Bevoegdheden Artikel 10, tweede lid van de Wgr, bepaalt dat een regeling, waarbij een openbaar lichaam wordt ingesteld, aangeeft welke bevoegdheden de deelnemende gemeenten aan het openbaar lichaam toekennen; verder is bepaald dat de regeling bepalingen kan inhouden omtrent de wijze waarop verandering kan worden gebracht in de toegekende bevoegdheden. Bevoegdheden kan een openbaar lichaam in de eerste plaats ontvangen van de deelnemende gemeenten (artikel 30 Wgr). Deze worden door de gemeenten overgedragen zodat zij zelf niet langer over deze bevoegdheden beschikken.
Naast de door gemeenten overgedragen bevoegdheden heeft het openbaar lichaam van rechtswege de bevoegdheid om aan het maatschappelijk verkeer deel te nemen (bijvoorbeeld het verwerven van goederen en het benoemen van personeel). Gemeenten kunnen in de regeling op deze bevoegdheid wel beperkingen aanbrengen (artikel 31 Wgr). Tot slot heeft een openbaar lichaam ook de bevoegdheden die annex zijn aan de bevoegdheden die door de gemeenten worden overgedragen, bijvoorbeeld het toepassen van bestuursdwang of het voeren van overleg met derden omtrent een overgedragen bevoegdheid. Ook aan deze annexe bevoegdheden kunnen door de gemeenten in de regeling beperkingen worden gesteld (artikel 33, 2e
lid Wgr). De bevoegdheden, die de bestuursorganen van Regio Achterhoek toekomen om tot een goede uitvoering van de in de artikelen 3 tot en met 6 omschreven belangen en taken te kunnen komen, vloeien voor de beheersmatige kerntaken specifiek voort uit de Archiefwet. Lid 2 van artikel 6 is opgenomen, omdat op 1 januari 2020 de Wet normalisering rechtspositie ambtenaren (Wnra) in werking is getreden. Regio Achterhoek valt daarmee niet meer onder de CAO gemeenten, maar kan wel lid worden van de Werkgeversvereniging Samenwerkende Gemeentelijke Organisaties (WSGO) waarmee de rechtspositie van de medewerkers gewaarborgd wordt; dit lid maakt dat mogelijk. Daarnaast geeft het de mogelijkheid aan het algemeen bestuur om in de toekomst stichtingen, maatschappen, vennootschappen, verenigingen, coöperaties en onderlinge waarborgmaatschappijen op te richten of hieraan deel te nemen. Expliciet opgemerkt moet worden dat de bij de 24e wijziging ingestelde gremia Achterhoek Raad, Achterhoek Board en Achterhoek Thematafels geen bestuursorganen zijn, niet in de zin van de wet, en niet naar de aard van deze gremia. Deze gremia ontvangen geen bevoegdheden van de deelnemende gemeenten, noch van de bestuursorganen van Regio Achterhoek.
Artikel 7: Samenstelling algemeen bestuur In het eerste lid wordt geregeld dat het algemeen bestuur (AB) gevormd wordt door de leden, waarbij elke gemeente één lid mag “leveren”. In het verleden werd het bestuur gevormd door zeven leden, aangevuld met de voorzitter: zes gemeenten leverden elk één lid, één gemeente leverde één lid en de voorzitter (acht in totaal). Om die reden had de voorzitter geen stemrecht (zijn gemeente was immers al met stemrecht vertegenwoordigd in het AB). In de nieuwe situatie zijn er zeven leden, die allemaal stemrecht hebben (zie artikel 9, derde en vierde lid). De leden worden aangewezen door de gemeenteraden (lid 2), waarbij het sterk de voorkeur heeft dat voor de burgemeester gekozen wordt, gelet op de aard van de taken van het AB. Dit “gentlemen’s agreement” is een essentieel onderdeel van een goede werking van het gekozen model. In de formele lijn van de Wgr blijven de gemeenteraden uiteraard bij uitsluiting bevoegd om zelf te bepalen hoe zij hun afvaardiging naar het algemeen bestuur willen samenstellen. Op grond van de Wgr hebben zij daarbij de keuze uit raadsleden, wethouders en de burgemeester. Tegelijkertijd wijst elke gemeente een plaatsvervanger aan (lid 3).
Artikel 8: Lidmaatschap algemeen bestuur De bepalingen betreffende aanvang en beëindiging van het lidmaatschap van het algemeen bestuur, zijn in grote lijnen ontleend aan de Wgr en de Gemeentewet. In artikel 20, derde lid is expliciet vastgelegd, dat de raden, bij ontbreken van een vertrouwensrelatie, de door hen aangewezen leden van het algemeen bestuur te allen tijde kunnen ontslaan. Dit een belangrijk middel voor de gemeenteraden om invulling te geven aan de informerende en verantwoordingsrol van het door hen afgevaardigd lid in het algemeen bestuur richting de raad waaruit hij is benoemd. Artikelen 9: Beraadslaging en stemming algemeen bestuur Het betreft hier standaardartikelen betreffende vergaderfrequentie en besluitvorming, waarbij eenvijfde deel van de leden staat voor één lid. Het algemeen bestuur bestaat uit één lid per gemeente (zie artikel 7, eerste lid) die elk evenveel stemrecht hebben. Nieuw is dat de voorzitter (lid 4) nu wel stemrecht krijgt: er is geen dubbele afvaardiging meer vanuit één gemeente en de rol van het AB is anders geworden. Ook in het dagelijks bestuur heeft de voorzitter stemrecht, omdat de leden van het dagelijks bestuur allen ten dienste van de Regio een voorbereidende rol richting het algemeen bestuur kennen. In de