conceptakte van oprichting stichting samenwerkingsbestuur paraat scholen
Tekst van het document
Van der Reijt & Reijenga Netwerk Notarissen Postbus 121, 7040 AC 's-Heerenberg telefoon (0314) 662045 telefax (0314) 661790
CONCEPT 16 oktober 2020 JS/82050 OPRICHTING STICHTING Heden, *, verscheen voor mij, mr Jorrit Schotsman, toegevoegd notaris, bevoegd om akten te passeren in het protocol van mr Pieter Reijenga, notaris in de gemeente Montferland: ----------mevrouw MARJOLEIN MARIA WENTING, geïdentificeerd door zijn * met nummer *, ----uitgegeven te * op *, wonende te 7004 AR Doetinchem, Acacialaan 8, geboren te IJsselstein op zesentwintig juli negentienhonderdvierenzeventig, ongehuwd en niet geregistreerd, --------die handelt als enig bestuurder van: ----------------------------------------------------------------------a. de stichting Stichting LIMA voor Katholiek Primair Onderwijs in Oost Gelre, -------statutair gevestigd te gemeente Oost Gelre, kantoorhoudende te 7071 BV Ulft, Hutteweg 113, ingeschreven in het handelsregister onder nummer 41038008, RSIN nummer -------003058670, en als zodanig deze stichting rechtsgeldig vertegenwoordigende; --------------b. de publiekrechtelijke rechtspersoon: Reflexis Openbaar Basisonderwijs, gevestigd te -Ulft, kantoorhoudende te 7071 BV Ulft, Hutteweg 113, ingeschreven in het ---------------handelsregister onder nummer 55965954, RSIN nummer 813920061 en als zodanig deze vennootschap rechtsgeldig vertegenwoordigende.
-----------------------------------------------De verschenen persoon verklaarde dat Stichting LIMA voor Katholijk Primair Onderwijs in -Oost Gelre en Reflexis Openbaar Basisonderwijs bij deze akte een stichting oprichten met de volgende statuten. -------------------------------------------------------------------------------------------Begripsbepalingen-----------------------------------------------------------------------------------------Artikel 1 -----------------------------------------------------------------------------------------------------Stichting: Paraat scholen; -------------------------------------------------------------------Gemeente: de gemeenten Aalten, Montferland, Oost Gelre en Oude IJsselstreek; --(Gemeente)raad: de Raad van respectievelijk de gemeenten Aalten, Montferland, --------Oost Gelre en Oude IJsselstreek; ----------------------------------------------GMR: de gemeenschappelijke medezeggenschapsraad als bedoeld in de ------Wet medezeggenschap op scholen; -------------------------------------------College van Bestuur: het College van Bestuur van de stichting -------------------------------------Raad van Toezicht: de Raad van Toezicht van de stichting ---------------------------------------Code goed bestuur: de code goed bestuur zoals die is vastgesteld door de PO Raad; ---------Wet: de Wet op het primair onderwijs
----------------------------------------------Naam, zetel en duur---------------------------------------------------------------------------------------Artikel 2 -----------------------------------------------------------------------------------------------------1. De stichting draagt de naam: Stichting Samenwerkingsbestuur Paraat Scholen. --------2. De stichting heeft haar zetel in de gemeente Oude IJsselstreek. -------------------------------3. De stichting is een samenwerkingsbestuur in de zin van artikel 17 (“Bestuurlijke fusie ---openbare en bijzondere scholen”) van de Wet op het primair onderwijs (WPO). -----------4. De stichting is opgericht voor onbepaalde tijd en ten minste voor een periode van vijf (5) jaren. ----------------------------------------------------------------------------------------------------Doel -----------------------------------------------------------------------------------------------------------Artikel 3 ------------------------------------------------------------------------------------------------------
1.
De stichting stelt zich primair ten doel het geven en het in stand houden van openbaar ---primair onderwijs, katholiek primair onderwijs en algemeen bijzonder primair onderwijs in afzonderlijke scholen voor openbaar, katholiek onderwijs en/of samenwerkingsscholen en direct daaraan gelieerde en ondersteunende activiteiten. ------------------------------------2. De stichting kan daarnaast andere aan het onderwijs gerelateerde activiteiten verzorgen. -3. De stichting heeft mede als doel om, naast het geven van onderwijs zoals omschreven --in het eerste lid van dit artikel, tezamen met andere instellingen voor onderwijs en -------educatieve, culturele en maatschappelijke organisaties activiteiten te ontplooien, die een bijdrage kunnen leveren aan de continuïteit en de kwaliteit van het onderwijs en de -----ontwikkelmogelijkheden van de aan haar toevertrouwde kinderen. ---------------------------4. Onder de in de leden 1, 2 en 3 genoemde doelen van de stichting valt alles in de ruimste zin van het woord, wat ertoe behoort en daarvoor bevorderlijk kan zijn. ---------------------5. De stichting beoogt niet het maken van winst.
----------------------------------------------------Middelen ----------------------------------------------------------------------------------------------------Artikel 4 -----------------------------------------------------------------------------------------------------De stichting tracht haar doel te bereiken door: ---------------------------------------------------------a. het oprichten en beheren van één of meer openbare scholen, katholieke scholen, ----------algemeen bijzondere scholen en samenwerkingsscholen in de gemeenten Aalten, Oost --Gelre, Oude IJsselstreek en Montferland; ---------------------------------------------------------b. het aandacht besteden aan de godsdienstige vorming van de leerlingen overeenkomstig -hetgeen daaromtrent in het Algemeen Reglement voor het Katholiek Onderwijs is -------bepaald; -------------------------------------------------------------------------------------------------c. het aangeven in het schoolplan van de wijze waarop vorm en inhoud wordt gegeven aan het openbaar karakter van de openbare scholen en de identiteit van de katholieke, --------algemeen bijzondere en samenwerkingsscholen; -------------------------------------------------d.
het gebruik maken van alle wettige middelen die kunnen bijdragen aan de -----------------verwezenlijking van de doelstelling, de verwerving van de daartoe benodigde middelen -bij overheden, bedrijven, fondsen, financiële instellingen, loterijen en particulieren ------inbegrepen. ---------------------------------------------------------------------------------------------Erfstellingen worden slechts onder het voorrecht van boedelbeschrijving aanvaard. -------Grondslag en openbaar karakter ----------------------------------------------------------------------Artikel 5 -----------------------------------------------------------------------------------------------------1. Het onderwijs aan de katholieke scholen wordt gegeven op katholieke grondslag. De ----stichting handelt daarbij ten aanzien van de katholieke scholen volgens de regelingen ---betreffende het katholiek onderwijs, die op grond van het gezamenlijk overleg in de -----Nederlandse Katholieke Schoolraad (NKSR) zijn vastgesteld alsmede volgens het -------Algemeen Reglement voor het Katholiek Onderwijs (ARKO). --------------------------------2.
Het onderwijs aan de openbare scholen draagt bij aan de ontwikkeling van de leerlingen en wordt gegeven met aandacht voor de godsdienstige, levensbeschouwelijke en ---------maatschappelijke waarden, zoals die leven in de Nederlandse samenleving en met -------onderkenning van de betekenis van de verscheidenheid van die waarden. Openbaar ------onderwijs wordt gegeven met eerbiediging van ieders godsdienst of levensbeschouwing. 3. Het onderwijs aan algemeen bijzondere scholen gaat uit van gelijkwaardigheid van alle -levensbeschouwelijke en maatschappelijke stromingen opdat de leerling op grond van --eigen overtuiging en verdraagzaam jegens die van anderen aan de samenleving kan ------deelnemen. Algemeen bijzondere scholen kiezen voor deze ontmoeting. --------------------4. Binnen de samenwerkingsscholen wordt zowel openbaar als bijzonder onderwijs ---------aangeboden. --------------------------------------------------------------------------------------------Toegankelijkheid ------------------------------------------------------------------------------------------Artikel 6 ------------------------------------------------------------------------------------------------------
1.
De openbare scholen, algemeen bijzondere scholen en samenwerkingsscholen zijn -------toegankelijk zonder onderscheid naar godsdienst of levensbeschouwing van de -----------leerlingen, hun ouders of verzorgers. ---------------------------------------------------------------2. De katholieke scholen staan open voor alle leerlingen indien wordt voldaan aan het ------hetgeen wordt gesteld in het toelatingsbeleid, dat daarvoor binnen de stichting is ---------vastgesteld. ---------------------------------------------------------------------------------------------Godsdienstige en levensbeschouwelijke vorming ---------------------------------------------------Artikel 7 -----------------------------------------------------------------------------------------------------1. De levensbeschouwelijke vorming en maatschappelijke bewustwording van de leerlingen maken een wezenlijk bestanddeel uit van het onderwijs. ----------------------------------------2. Iedere leerling wordt met respect voor de overtuiging van anderen mede door het --------onderwijs tot volle rijping van zijn eigen levensbeschouwing gestimuleerd. ----------------3.
De stichting laat zich bij de verwerkelijking van haar doelstelling leiden door algemeen aanvaarde normen en waarden vanuit verschillende levensbeschouwingen en streeft -----ernaar de levensbeschouwelijke identiteit en pluriformiteit van de scholen in haar beleid en bestuur tot haar recht te laten komen. -----------------------------------------------------------4. Het schoolplan en het lesrooster bieden ruimte voor godsdienstonderwijs en ---------------levensbeschouwelijk vormingsonderwijs. ---------------------------------------------------------5. Godsdienstonderwijs wordt gegeven met inachtneming van de uitgangspunten die de ----betrokken kerken dienaangaande aanbieden en waarin de ouders/verzorgers en leerlingen hun levensbeschouwing kunnen herkennen. ------------------------------------------------------Identiteitscommissie --------------------------------------------------------------------------------------Artikel 8 samenstelling en benoeming ----------------------------------------------------------------1. Aan iedere samenwerkingsschool is een identiteitscommissie verbonden. -------------------2. De identiteitscommissie bestaat uit vier natuurlijke personen. De leden worden benoemd door het College van Bestuur met voorafgaande schriftelijke toestemming van de --------medezeggenschapsraad van de betreffende samenwerkingsschool.
--------------------------Bij de samenstelling van de identiteitscommissie is sprake van een evenwichtige ---------verdeling tussen openbaar en bijzonder onderwijs. ----------------------------------------------3. De onder het vorige lid genoemde leden kunnen zowel uit de ouders/verzorgers van de -leerlingen van de samenwerkingsschool en personeel van de samenwerkingsschool ------worden benoemd.--------------------------------------------------------------------------------------4. De leden van de identiteitscommissie worden benoemd voor een periode van maximaal -vier jaar. Het College van Bestuur stelt een rooster van aftreden vast. Een lid van de -----identiteitscommissie treedt volgens rooster, docht uiterlijk vier jaar na zijn benoeming, af. Een volgens dit artikellid aftredend lid van de identiteitscommissie is éénmaal ------------herbenoembaar voor dezelfde periode. -------------------------------------------------------------5. In ontstane tussentijdse vacatures draagt het College van Bestuur ervoor zorg dat hierin -zo spoedig mogelijk wordt voorzien. ---------------------------------------------------------------6. De identiteitscommissie regelt zijn werkzaamheden en al hetgeen zijn functioneren ------betreft bij reglement, dat geen bepalingen mag bevatten in strijd met de wet of deze -----statuten. Dit reglement behoeft goedkeuring van de Raad van Toezicht.
---------------------Artikel 9 schorsing en ontslag --------------------------------------------------------------------------1. De leden van de identiteitscommissie kunnen door het College van Bestuur te allen tijde worden geschorst en ontslagen met voorafgaande schriftelijke toestemming van de ------medezeggenschapsraad van de betreffende samenwerkingsschool. ---------------------------2. Een lid van de identiteitscommissie defungeert voorts: -----------------------------------------a. door zijn vrijwillig of periodiek aftreden; ----------------------------------------------------b. door het verstrijken van de termijn waarvoor hij is benoemd, behoudens zijn ---------eventuele herbenoeming; ------------------------------------------------------------------------
c.
zodra het betreffende lid geen kind of kinderen heeft die (nog) leerling is/zijn van de samenwerkingsschool en het betreffende lid ook geen personeelslid (meer) is van de samenwerkingsschool; --------------------------------------------------------------------------d. door zijn overlijden. -----------------------------------------------------------------------------Artikel 10 taken en bevoegdheden ---------------------------------------------------------------------1. De identiteitscommissie van een samenwerkingsschool is belast met: ------------------------a. het gevraagd en ongevraagd adviseren van het College van Bestuur en de directeur -van de samenwerkingsschool over alle aangelegenheden die betrekking hebben op de wijze waarop invulling wordt gegeven aan het openbare karakter en de identiteit van de samenwerkingsschool; -----------------------------------------------------------------------b. het doen van voorstellen over aangelegenheden bedoeld onder a. ------------------------2. In het schoolplan en in de schoolgids wordt vermeld op welke wijze de --------------------identiteitscommissie is betrokken bij de invulling van het openbare karakter en de -------levensbeschouwelijke identiteit van de samenwerkingsschool. --------------------------------3.
De directeur van de samenwerkingsschool en het College van Bestuur reageren binnen -twee maanden op uitgebrachte adviezen van de identiteitscommissie. De reactie kan naar keuze van de directeur en het College van Bestuur gezamenlijk worden gegeven. Indien het advies niet of gedeeltelijk wordt overgenomen wordt dit gemotiveerd schriftelijk ----meegedeeld aan de identiteitscommissie. ----------------------------------------------------------4. Indien de identiteitscommissie zich niet wil neerleggen bij het niet of gedeeltelijk volgen van het advies door de directeur of het College van Bestuur deelt het dit schriftelijk -----binnen een maand mee. In dat geval is sprake van een adviesgeschil en wordt dit geschil door de directeur of het College van Bestuur binnen een maand na de mededeling als ----bedoeld in vorig lid voorgelegd aan de geschillencommissie. De geschillencommissie ---bestaat uit één lid die door de directeur of het College van Bestuur wordt aangewezen en één lid die door de identiteitscommissie wordt aangewezen. De twee benoemde leden ---wijzen gezamenlijk een derde lid aan. De leden hebben geen persoonlijke of zakelijke --belangen bij de stichting en zijn daarin evenmin ouder, personeelslid of lid van de Raad van Toezicht van de stichting. De geschillencommissie brengt een voor beide partijen ---bindend advies uit.
------------------------------------------------------------------------------------Artikel 11 werkwijze--------------------------------------------------------------------------------------1. De identiteitscommissie kiest uit haar midden een voorzitter en secretaris. ------------------2. De identiteitscommissie vergadert tenminste tweemaal per jaar. ------------------------------3. De voorzitter roept de leden schriftelijk op voor de vergadering onder toezending van een agenda. --------------------------------------------------------------------------------------------------4. De secretaris draagt zorg voor de verslaglegging van de vergaderingen. ---------------------5. De identiteitscommissie overlegt periodiek met de directeur van de samenwerkingsschool en tenminste eenmaal per jaar met het College van Bestuur. -----------------------------------6. De identiteitscommissie brengt jaarlijks een schriftelijk verslag van werkzaamheden en -bevindingen uit aan het College van Bestuur. -----------------------------------------------------7. Tenzij elders in de statuten anders wordt bepaald, worden besluiten genomen bij gewone meerderheid van stemmen.---------------------------------------------------------------------------8.
Rechtsgeldige besluiten kunnen slechts worden genomen, indien tenminste de helft van -het totaal aantal leden van de identiteitscommissie aanwezig en/of vertegenwoordigd is -en onverminderd het in het vorige lid bepaalde. --------------------------------------------------9. Bij staking van de stemmen over zaken, wordt het voorstel geacht te zijn verworpen. Bij staking van stemmen over personen beslist, nadat een tweede vergadering is gehouden en ook daarin geen van de personen de meerderheid van stemmen heeft verkregen, de stem van de voorzitter. ---------------------------------------------------------------------------------------
10. Besluiten kunnen ook buiten vergadering worden genomen, mits alle leden van de -------identiteitscommissie schriftelijk, waaronder begrepen per e-mail, hebben verklaard met -het desbetreffende voorstel akkoord te gaan. ------------------------------------------------------Benoemingsbeleid -----------------------------------------------------------------------------------------Artikel 12 1. Het personeel voor het openbaar onderwijs is op gelijke voet benoembaar. -----------------2. Bij de benoeming van de aan haar openbare scholen, scholen voor bijzonder onderwijs op katholieke grondslag en samenwerkingsscholen te verbinden personeel zal het College --van Bestuur zich ervan verzekeren dat het personeel het openbaar karakter, de katholieke grondslag van de school respectievelijk het wezen van een samenwerkingsschool alsmede het doel van de stichting onderschrijft en loyaal zal meewerken aan de doelstellingen van de stichting, het onderwijs en iedere onder de stichting ressorterende school, mede ten --aanzien van het openbaar karakter, de levensbeschouwelijke identiteit en grondslag van de scholen, zoals mede omschreven in deze statuten van de stichting en het schoolplan. -3. Bij de benoeming en het ontslag van personeel aan de samenwerkingsschool houdt het --bestuur zoveel mogelijk rekening met een evenwichtige spreiding naar grondslag en -----openbaar karakter.
------------------------------------------------------------------------------------4. Inzake het personeelsbeleid bij benoeming, overplaatsing en noodzakelijke vermindering van personeel aan de scholen zoekt de stichting zo veel mogelijk aansluiting bij het ------openbare karakter, de bijzondere grondslag en levensbeschouwelijke identiteit van de ---betreffende school en de levensbeschouwelijke overtuiging van het personeel. -------------Organisatie -------------------------------------------------------------------------------------------------Artikel 13 ----------------------------------------------------------------------------------------------------1. De stichting heeft: -------------------------------------------------------------------------------------a. een College van Bestuur; -----------------------------------------------------------------------b. een Raad van Toezicht; -------------------------------------------------------------------------c. één of meer identiteitscommissies, verbonden aan één of meer door de stichting in -stand gehouden samenwerkingsscholen. -----------------------------------------------------2. De gemeenteraad houdt overeenkomstig het bepaalde in artikel 17 van de wet en deze --statuten toezicht voor zover het openbaar onderwijs betreft.
-----------------------------------College van Bestuur---------------------------------------------------------------------------------------Artikel 14 samenstelling en benoeming ---------------------------------------------------------------1. Het College van Bestuur bestaat uit een door de Raad van Toezicht vast te stellen aantal leden van minimaal één en maximaal drie natuurlijke personen. ------------------------------2. De leden van het College van Bestuur dienen de grondslag en het doel van de stichting te onderschrijven, de belangen van de stichting te behartigen en loyaal mee te werken aan -het realiseren van de doelstellingen van de stichting. Zij verklaren dit schriftelijk bij hun benoeming. ---------------------------------------------------------------------------------------------Als het College van Bestuur uit één persoon bestaat, dient dit lid katholiek te zijn of -----affiniteit te hebben met primair onderwijs op katholieke grondslag. -------------------------Als het College van Bestuur uit meer dan één persoon bestaat, dient ten minste één lid --katholiek te zijn én affiniteit te hebben met primair onderwijs op katholieke grondslag. -Dit lid heeft bij het staken van stemmen een beslissende stem indien het handelt over ----aangelegenheden die de katholieke identiteit betreffen.
Besluiten over aangelegenheden die de katholieke identiteit betreffen, kunnen alsdan alleen genomen worden in de -------aanwezigheid van het katholieke lid van het College van Bestuur. ---------------------------3. De leden van het College van Bestuur worden benoemd door de Raad van Toezicht. Zij worden benoemd voor een periode gelijk aan de duur van hun arbeidsovereenkomst. Het besluit tot benoeming van een lid van het College van Bestuur kan slechts worden -------genomen met algemene stemmen in een vergadering van de Raad van Toezicht waarin --
alle in functie zijnde leden van de Raad van Toezicht aanwezig of vertegenwoordigd zijn, waarbij in afwijking van het in deze statuten bepaalde in ieder geval een katholiek lid van de Raad van Toezicht als bedoeld in artikel 18 eerste lid daadwerkelijk ter vergadering -aanwezig is. --------------------------------------------------------------------------------------------4. De Raad van Toezicht benoemt één van de leden van het College van Bestuur tot --------voorzitter. -----------------------------------------------------------------------------------------------5. De leden van het College van Bestuur zijn op basis van een arbeidsovereenkomst in -----dienst van de stichting. De Raad van Toezicht stelt de rechtspositie en ----------------------arbeidsvoorwaarden van de leden van het College van Bestuur vast. De Raad van --------Toezicht hanteert daarbij de richtlijnen die daarover in de afspraken tussen de ------------vertegenwoordigende organisaties van toezichthouders en bestuurders zijn gemaakt. -----6. Een lid van het College van Bestuur kan te allen tijde door de Raad van Toezicht worden geschorst en ontslagen. Ter zake van schorsing, handhaving of opheffing van schorsing -of ontslag besluit de Raad van Toezicht met een meerderheid van ten minste twee derde van de uitgebrachte stemmen.
Het betrokken lid van het College van Bestuur wordt in de gelegenheid gesteld zich in een vergadering van de Raad van Toezicht te verantwoorden. Daarbij kan het lid zich laten bijstaan door een raadsman. --------------------------------------7. Een lid van het College van Bestuur kan niet tevens lid zijn van de Raad van Toezicht. --8. Een lid van het College van Bestuur defungeert: -------------------------------------------------a. door overlijden; ----------------------------------------------------------------------------------b. door faillietverklaring of doordat de schuldsaneringsregeling natuurlijke personen --van toepassing wordt verklaard; ---------------------------------------------------------------c. door ondercuratelestelling of onderbewindstelling;-----------------------------------------d. door ontslag door de rechtbank; ---------------------------------------------------------------e. door een onherroepelijke strafrechtelijke veroordeling voor een misdrijf; --------------f. door beëindiging van de arbeidsovereenkomst; ---------------------------------------------g. door ontslag, verleend door de Raad van Toezicht. -----------------------------------------9. Bij het ontstaan van een vacature in het College van Bestuur voorziet de Raad van -------Toezicht daarin zo spoedig mogelijk door de benoeming van een nieuw lid.
Een niet ----voltallig College van Bestuur behoudt zijn bevoegdheden. -----------------------------------10. Bij ontstentenis of belet van één of meer leden van het College van Bestuur, niet zijnde -alle leden of het enig (overgebleven) lid, nemen de overblijvende leden, of neemt het ---overblijvende lid het gehele bestuur waar. Bij ontstentenis of belet van alle leden van het College van Bestuur, regelt de Raad van Toezicht de waarneming van de taken van het -College van Bestuur. ----------------------------------------------------------------------------------11. Bij benoeming of ontslag van een lid van het College van Bestuur wint de Raad van -----Toezicht het advies in van de GMR. ---------------------------------------------------------------12. De Raad van Toezicht wint het advies van de GMR in bij vaststelling of wijziging van --competentieprofielen van leden van het College van Bestuur. ---------------------------------13. Ten behoeve van het vervullen van een vacature in het College van Bestuur stelt de Raad van Toezicht een sollicitatiecommissie in, waarvan in elk geval deel uitmaken: ------------a. een lid dat afkomstig is uit of namens het deel van de GMR dat uit en door het ------personeel is gekozen; ----------------------------------------------------------------------------b.
een lid dat afkomstig is uit of namens het deel van de GMR dat uit en door de ouders of de leerlingen is gekozen.---------------------------------------------------------------------Artikel 15 taken en bevoegdheden College van Bestuur ------------------------------------------1. Het College van Bestuur vormt het bestuur van de stichting en is belast met het besturen van de stichting en de door de stichting in stand gehouden scholen. ---------------------------
2.
Aan het College van Bestuur komen alle bevoegdheden ten aanzien van de stichting en de scholen toe, met uitzondering van de bevoegdheden die op grond van de wet en van deze statuten aan de Raad van Toezicht zijn toegekend.-----------------------------------------------3. Het College van Bestuur is bevoegd tot het aangaan van overeenkomsten tot verkrijging, vervreemding en bezwaring van registergoederen en tot het aangaan van overeenkomsten waarbij de stichting zich als borg of hoofdelijk medeschuldenaar verbindt, zich voor een derde sterk maakt of zich tot zekerheidstelling voor een schuld van een ander verbindt, -zulks met inachtneming van lid 4 van dit artikel. -------------------------------------------------4. Het College van Bestuur heeft de voorafgaande schriftelijke goedkeuring van de Raad --van Toezicht nodig voor het nemen van besluiten met betrekking tot: ------------------------a. het vaststellen van het meerjarig strategisch beleidsplan; ----------------------------------b. het vaststellen van de begroting en het jaarverslag, waarin in ieder geval de ----------jaarrekening en het bestuursverslag zijn opgenomen; --------------------------------------c. het wijzigen van de statuten; -------------------------------------------------------------------d. het vaststellen en wijzigen van het bestuursreglement; ------------------------------------e.
(des)investeringen en uitgaven die niet zijn opgenomen in een door de Raad van ----Toezicht goedgekeurd investeringsplan en waarvan het belang een door de Raad van Toezicht in het reglement op de Raad van Toezicht opgenomen bedrag overschrijdt; f. het aanvragen van faillissement van de stichting en surseance van betaling; -----------g. de wijziging van de grondslag, opheffing, stichting, overname, samenvoeging of ----overdracht van één of meer scholen; ----------------------------------------------------------h. het aangaan, verbreken of belangrijke wijzigen van een duurzame samenwerking met een andere rechtspersoon of organisatie, indien de samenwerking van ingrijpende --betekenis is voor de stichting; ------------------------------------------------------------------i. (juridische) fusie, (af)splitsing of ontbinding van de stichting; ---------------------------j. vaststelling en wijziging van het treasurystatuut; -------------------------------------------k. het aangaan van overeenkomsten als in lid 3 genoemd; ------------------------------------l. rechtshandelingen, waarbij de stichting een tegenstrijdig belang heeft met -------------een of meer bestuurders. ------------------------------------------------------------------------5.
Het ontbreken van goedkeuring als bedoeld in dit artikel tast de ------------------------------vertegenwoordigingsbevoegdheid van het College van Bestuur niet aan. --------------------6. Het College van Bestuur voorziet de Raad van Toezicht gevraagd en ongevraagd tijdig en adequaat van de informatie die de Raad van Toezicht nodig heeft voor zijn ----------------toezichthoudende taak. De Raad van Toezicht treft te dien aanzien een nadere regeling. --7. Het College van Bestuur waarborgt op bestuursniveau het openbaar karakter en de -------levensbeschouwelijke identiteit en de grondslagen van de verschillende scholen. ----------Artikel 16 werkwijze College van Bestuur -----------------------------------------------------------1. Het College van Bestuur stelt een bestuursreglement vast, waarin het zijn werkwijze ----regelt, waaronder de besluitvorming. Dit bestuursreglement bevat geen bepalingen die in strijd zijn met de wet en deze statuten. -------------------------------------------------------------2. De vergaderingen van het College van Bestuur zijn openbaar, tenzij het College van -----Bestuur anders besluit met inachtneming van het bepaalde in deze statuten en van: -------a. de eerbieding van de persoonlijke levenssfeer; ----------------------------------------------b.
de bescherming van de zakelijke en financiële belangen van de stichting en de ------daaraan verbonden organisatie of onderdelen daarvan; dan wel --------------------------c. de voorkoming van onredelijke bevoordeling of benadeling van bij de betreffende --besluitvorming betrokkenen. -------------------------------------------------------------------3. Van een besloten vergadering wordt een afzonderlijk verslag opgemaakt dat niet ---------openbaar wordt gemaakt, tenzij het College van Bestuur anders beslist. ----------------------
4.
Een bestuurder neemt niet deel aan de beraadslagingen en de besluitvorming als hij ------daarbij een direct of indirect persoonlijk belang heeft dat tegenstrijdig is met het belang van de stichting en de met haar verbonden organisatie. -----------------------------------------Wanneer hierdoor geen bestuursbesluit kan worden genomen, is de betreffende -----------bestuurder toch bevoegd om deel te nemen aan de beraadslagingen en de besluitvorming en is het bestuur bevoegd om het besluit op deze wijze te nemen. -----------------------------Artikel 17 vertegenwoordiging -------------------------------------------------------------------------1. De stichting wordt vertegenwoordigd door het College van Bestuur. -------------------------2. De stichting kan ook worden vertegenwoordigd door ieder lid van het College van -------Bestuur afzonderlijk. ----------------------------------------------------------------------------------3. Het College van Bestuur treedt in zijn communicatie als eenheid op. -------------------------4. Krachtens besluit van het College van Bestuur kan aan één of meer directeuren, ----------schoolleiders of andere personen volmacht worden verleend om de stichting te -----------vertegenwoordigen. De gevolmachtigde vertegenwoordigt de stichting met inachtneming van de grenzen van zijn volmacht.
------------------------------------------------------------------Raad van Toezicht ----------------------------------------------------------------------------------------Artikel 18 samenstelling en benoeming ---------------------------------------------------------------1. De stichting kent een Raad van Toezicht. Deze bestaat uit een door de Raad van Toezicht vast te stellen oneven aantal leden van tenminste vijf en ten hoogste zeven. De -----------samenstelling is zodanig dat twee leden affiniteit hebben met het katholiek onderwijs en zich verbonden weten met de katholieke traditie en de katholieke gemeenschap, terwijl -twee leden affiniteit hebben met het openbaar onderwijs. --------------------------------------2. Alle leden van de Raad van Toezicht verklaren bij hun benoeming schriftelijk het doel, de grondslag en het openbaar karakter van de stichting te onderschrijven en de uitwerking -van het doel en de grondslag/het openbaar karakter van de stichting te bevorderen. -------3. De leden van de Raad van Toezicht worden benoemd door de Raad van Toezicht, met --dien verstande dat de GMR in de gelegenheid wordt gesteld een bindende voordracht te doen voor één zetel in de Raad van Toezicht. -----------------------------------------------------4.
De leden van de Raad van Toezicht worden benoemd op grond van een door de Raad van Toezicht vast te stellen competentieprofiel, dat alvorens te worden vastgesteld ter --------advisering aan de GMR wordt voorgelegd. -------------------------------------------------------5. De leden van de Raad van Toezicht worden benoemd voor een termijn van ten hoogste -vier jaar. Zij zijn aansluitend benoembaar voor maximaal één termijn van vier jaar. Een tussentijds benoemd lid neemt op het rooster van aftreden de plaats in van zijn ------------voorganger. ---------------------------------------------------------------------------------------------6. Tot de Raad van Toezicht zijn niet benoembaar: -------------------------------------------------a. een lid van het College van Bestuur van de stichting; --------------------------------------b. een persoon die in dienstbetrekking is bij de stichting dan wel diens echtgenoot, ----echtgenote of levenspartner; --------------------------------------------------------------------c. een lid van de GMR of medezeggenschapsraad van de stichting; ------------------------d. een lid van het College van Burgemeester en Wethouders dan wel lid van de ---------gemeenteraad in het werkgebied van een school; -------------------------------------------e.
een persoon die als bestuurslid verbonden is of in dienst is van een --------------------onderwijsvakorganisatie; -----------------------------------------------------------------------f. een persoon die lid is geweest van het College van Bestuur van de stichting, als dit -lidmaatschap korter dan vier (4) jaar voor zijn benoeming eindigde; --------------------g. een persoon die (on)middellijk betrokken is bij de levering van goederen of diensten aan de stichting, tenzij de leden van de Raad van Toezicht unaniem instemmen met de benoeming; -------------------------------------------------------------------------------------
h.
een persoon die als bestuurder werkzaam is bij een organisatie voor primair ----------onderwijs in het werkgebied van de stichting; -----------------------------------------------i. een persoon die een zodanige andere functie bekleedt dat het lidmaatschap kan leiden tot onverenigbaarheid dan wel strijdigheid van deze functie met het belang van de --stichting dan wel tot ongewenste verstrengeling van belangen.---------------------------7. Het lidmaatschap van de Raad van toezicht eindigt: ---------------------------------------------a. door zijn overlijden; --------------------------------------------------------------------------------b. doordat hij het vrije beheer over zijn vermogen verliest; ----------------------------------c. door ondercuratelestelling; ---------------------------------------------------------------------d. doordat een lid niet meer voldoet aan het in het vorige lid bepaalde; --------------------e. door het verstrijken van de termijn waarvoor hij is benoemd; ----------------------------f. door vrijwillig aftreden; -------------------------------------------------------------------------g. door ontslag door de Raad van Toezicht. -----------------------------------------------------8. De Raad van Toezicht is te allen tijde bevoegd een lid van de Raad van Toezicht te ------schorsen en ontslaan.
Na schorsing van een lid neemt de Raad van Toezicht binnen drie maanden een besluit tot ontslag of opheffing van de schorsing. Bij gebreke van een ------besluit als bedoeld vervalt de schorsing. Een lid dat is geschorst, wordt in de gelegenheid gesteld zich in een vergadering van de Raad van Toezicht te verantwoorden. Een besluit tot ontslag wordt niet genomen dan nadat het lid tot wiens ontslag wordt besloten, in de gelegenheid is gesteld zich te verantwoorden. Het besluit tot ontslag wordt genomen door de overige leden van de Raad van Toezicht met een meerderheid van twee derde van de uitgebrachte stemmen. --------------------------------------------------------------------------------9. De Raad van Toezicht benoemt uit zijn midden een lid tot voorzitter en een lid tot -------plaatsvervangend voorzitter. -------------------------------------------------------------------------Artikel 19 taken en bevoegdheden Raad van Toezicht --------------------------------------------1. De Raad van Toezicht heeft tot taak toezicht te houden op (het beleid van) het College -van Bestuur en op de algemene gang van zaken in de stichting. De Raad van Toezicht ---staat het College van Bestuur met raad ter zijde. De Raad van Toezicht vervult het -------werkgeverschap van de leden van het College van Bestuur. ------------------------------------2.
De Raad van Toezicht ziet toe op de naleving door het College van Bestuur van de ------wettelijke verplichtingen, van de code goed bestuur als bedoeld in de wet, op de ---------rechtmatige verwerving en de doelmatige en rechtmatige bestemming en aanwending van de middelen die de stichting heeft verkregen op grond van de wet. ---------------------------3. De Raad van Toezicht wijst een accountant als bedoeld in artikel 2:393 eerste lid van het Burgerlijk Wetboek aan, die verslag uitbrengt aan de Raad van Toezicht. -------------------4. De Raad van Toezicht legt jaarlijks in het bestuursverslag verantwoording af over de ----uitvoering van zijn taken en de uitoefening van zijn bevoegdheden. --------------------------5. De Raad van Toezicht regelt zijn werkzaamheden en zijn functioneren in een door de ---Raad van Toezicht vast te stellen reglement op de Raad van Toezicht. -----------------------Artikel 20 werkwijze en vergaderingen Raad van Toezicht -------------------------------------1. De Raad van Toezicht vergadert ten minste vier maal per jaar en voorts zo dikwijls als de voorzitter, twee leden of het College van Bestuur het nodig acht. Vergaderingen worden uitgeschreven onder de verantwoordelijkheid van de voorzitter. ------------------------------2.
Tenzij deze statuten anders bepalen, vindt besluitvorming plaats met meerderheid van --stemmen in een vergadering waarin tenminste de helft plus één van de leden aanwezig is. Stemming kan zowel mondeling als schriftelijk. Schriftelijke stemming heeft plaats bij -stemming over personen, als het om een benoeming gaat, en overigens indien één of ----meerdere leden dit wensen. Blanco en ongeldige stemmen worden als niet uitgebracht --beschouwd. ----------------------------------------------------------------------------------------------
3.
Leden van de Raad van Toezicht kunnen zich door een lid van de Raad van Toezicht ----laten vertegenwoordigen. De Raad van Toezicht kan ook buiten vergadering besluiten --nemen, mits dit schriftelijk of door middel van een langs elektronische weg toegezonden leesbaar en reproduceerbaar bericht geschiedt en alle leden van de Raad van Toezicht ---zich voor het betreffende voorstel uitspreken, onverminderd het bepaalde in artikel 14 lid 3. --------------------------------------------------------------------------------------------------------4. Van de vergaderingen van de Raad van Toezicht worden notulen opgesteld, die door de Raad van Toezicht worden vastgesteld. ------------------------------------------------------------5. De leden van het College van Bestuur wonen de vergaderingen van de Raad van Toezicht bij, tenzij de Raad van Toezicht anders besluit. --------------------------------------------------Begroting, jaarrekening en bestuursverslag. --------------------------------------------------------Artikel 21 ----------------------------------------------------------------------------------------------------1. Het boekjaar van de stichting valt samen met het kalenderjaar. --------------------------------2. Het College van Bestuur stelt de gemeenteraad in de gelegenheid overleg met het College van Bestuur te voeren over de begroting, de jaarrekening en het bestuursverslag.
---------Na het overleg (dan wel indien dit overleg niet binnen zes weken na aanbieding heeft ---plaatsgevonden) stelt het College van Bestuur de begroting vast. De Raad van Toezicht -keurt vervolgens de begroting goed. ----------------------------------------------------------------3. Het College van Bestuur brengt jaarlijks aan de gemeenteraad verslag uit over de --------werkzaamheden, waarbij in ieder geval aandacht wordt geschonken aan de ----------------wezenskenmerken van het openbaar onderwijs in de openbare scholen en ------------------samenwerkingsscholen. Dit verslag wordt openbaar gemaakt. --------------------------------Ontbinding --------------------------------------------------------------------------------------------------Artikel 22 ----------------------------------------------------------------------------------------------------De Stichting kan worden ontbonden door een besluit van het College van Bestuur, dat de ----goedkeuring behoeft van de Raad van Toezicht, de gemeenteraad en de Nederlandse ----------Katholieke Schoolraad (NKSR). Bij dit besluit stelt het College van Bestuur de bestemming van een eventueel batig liquidatiesaldo vast zo veel als mogelijk overeenkomstig het doel van de stichting.
De goedkeuring van de Raad van Toezicht kan slechts worden verleend indien de Raad van Toezicht voldoet aan de vereiste omvang en het besluit tot goedkeuring wordt -----genomen in een vergadering waarin tenminste twee derde van het aantal leden aanwezig of --vertegenwoordigd is, met een meerderheid van twee derde van het aantal uitgebrachte --------stemmen. ----------------------------------------------------------------------------------------------------Statutenwijziging, juridische fusie of splitsing ------------------------------------------------------Artikel 23 ----------------------------------------------------------------------------------------------------1. Het College van Bestuur is met goedkeuring van de Raad van Toezicht bevoegd de ------statuten te wijzigen. Ten aanzien van het besluit tot goedkeuring door de Raad van ------Toezicht is het in het vorige artikel bepaalde van overeenkomstige toepassing. ------------2. De wijziging vergt de instemming van de gemeenteraad. De gemeenteraad kan zijn ------instemming slechts onthouden indien de voorgenomen statutenwijziging overheersende invloed van de overheid in het bestuur niet is verzekerd voor zover het openbaar ---------onderwijs betreft. --------------------------------------------------------------------------------------3.
Een besluit van de artikelen 2, 3, 4, 5, 6, 7, 8, 12, 14 lid 1, 2 en 3, 15 lid 7, 18 lid 1, 22 en 23, tot oprichting, samenvoeging of verandering van richting, opheffing, overname of ---overdracht van onder het bevoegd gezag staande (mede) katholieke scholen en tot -------juridische fusie en juridische (af)splitsing behoeft de goedkeuring van de Nederlandse --Katholieke Schoolraad (NKSR). --------------------------------------------------------------------4. De wijziging van de statuten voor zover die statuten betrekking hebben op de regeling --over de identiteitscommissie, is slechts mogelijk indien het Collega van Bestuur en deze commissie daartoe gezamenlijk besluiten. ----------------------------------------------------------
5.
Een statutenwijziging treedt eerst in werking nadat daarvan een notariële akte is ----------opgemaakt. ---------------------------------------------------------------------------------------------6. Een besluit tot fusie en (af)splitsing behoeft de voorafgaande schriftelijke goedkeuring -van de Raad van Toezicht, de gemeenteraad en de Nederlandse Katholieke Schoolraad -(NKSR). ------------------------------------------------------------------------------------------------7. Voor wat betreft het besluit tot samenvoeging of opheffing van een openbare school -----wordt uiterlijk op één augustus, of in een uitzonderlijke situatie uiterlijk één januari, van het schooljaar voorafgaand aan de beoogde datum van samenvoeging/opheffing ----------medegedeeld aan de betreffende gemeenteraad. Indien de gemeenteraad voor één februari daaropvolgend besluit dat hij een openbare school in stand wenst te houden, wordt deze niet samengevoegd of opgeheven, maar wordt de instandhouding daarvan overgedragen aan betreffende gemeente.
--------------------------------------------------------------------------Slotbepaling ------------------------------------------------------------------------------------------------Artikel 24 ----------------------------------------------------------------------------------------------------In alle gevallen de stichting betreffende waarin deze statuten niet voorzien, beslist het College van Bestuur. -------------------------------------------------------------------------------------------------Slotverklaringen -------------------------------------------------------------------------------------------1. Voor de eerste maal wordt tot bestuurder van de stichting benoemd: -------------------------mevrouw Marjolein Maria Wenting, geboren te IJsselstein op zesentwintig juli -----------negentienhonderdvierenzeventig. -------------------------------------------------------------------2.
Voor de eerste maal worden tot lid van de raad van toezicht benoemd: ----------------------- de heer Theodorus Johannes Hek, geboren te Rijssen op dertig maart ------------------negentienhonderdzevenenzeventig, als voorzitter; ------------------------------------------- mevrouw Daniëlle Maria Bernardina Grada Hermsen, geboren te Gendringen op ----eenendertig december negentienhonderdeenenzeventig, als plaatsvervangend --------voorzitter; ------------------------------------------------------------------------------------------ de heer Patric Aloysius Johannes Hanselman, geboren te Wehl op zes juli ------------negentienhonderdeenenzeventig; --------------------------------------------------------------- de heer Rogier Henk Hoftijzer, geboren te Doetinchem op dertig maart ---------------negentienhonderdzesenzeventig; --------------------------------------------------------------- de heer Marc Jacques Marie Kothuis, geboren te Oss op eenentwintig juni -----------negentienhonderdzevenenvijftig. --------------------------------------------------------------3. Het eerste boekjaar van de stichting eindigt op *. ------------------------------------------------4. Het eerste adres van de stichting is: 7071 BV Ulft, Hutteweg 113.
----------------------------AANGEHECHTE STUKKEN -------------------------------------------------------------------------Aan deze akte zijn geen stukken gehecht. ---------------------------------------------------------------SLOT---------------------------------------------------------------------------------------------------------De verschenen persoon is mij bekend.-------------------------------------------------------------------WAARVAN AKTE, --------------------------------------------------------------------------------------in minuut opgemaakt, is verleden te 's-Heerenberg op de datum als in het hoofd van deze akte gemeld. -------------------------------------------------------------------------------------------------------Na zakelijke opgave van de inhoud van deze akte en de toelichting daarop aan de verschenen persoon heeft deze verklaard van de inhoud van deze akte te hebben kennis genomen en op -volledige voorlezing geen prijs te stellen. ---------------------------------------------------------------Vervolgens is deze akte na beperkte voorlezing door de verschenen persoon en mij -----------ondertekend. --------------------------------------------------------------------------------------------------