concept zienswijze oost gelre
Tekst van het document
Concept zienswijze programma begroting 2027 Datum
: 7 juli 2026
Van
: Gemeenteraad Oost Gelre
Aan
: Bestuur van de GGD NOG
Onderwerp
: Zienswijze programmabegroting 2027
Geacht bestuur, Op 9 april heeft het Dagelijks Bestuur (DB) van de GGD NOG het concept van de programmabegroting 2027 opgestuurd naar de deelnemende gemeenten. Het verzoek van het DB aan de deelnemende gemeenten is om uiterlijk 7 juli 2026 hun eventuele zienswijze in te dienen. In de raadsvergadering van 7 juli heeft de gemeenteraad van Oost Gelre besloten een zienswijze in te dienen. Via deze brief brengen wij u op de hoogte van onze zienswijze. Wij verzoeken u om de punten uit de zienswijze mee te nemen in het concept programmabegroting 2027. 1. Aandacht voor de financiële positie van gemeenten in aanloop naar het ravijnjaar 2028. Het ravijnjaar voor gemeenten is in 2026 uitgesteld naar 2028. De GGD NOG wordt gevraagd om actief mee te bewegen door in te zetten op kostenbeheersing en doelmatigheid. Het is wenselijk om het onderzoek naar bezuinigingsscenario’s begin 2027 af te ronden. Dan is het mogelijk om eventuele besparingen te verwerken in de concept-Programmabegroting 2028. 2. Het oormerken van de incidentele middelen uit de verhoging van de inwonersbijdrage jeugdgezondheidszorg. Het Algemeen Bestuur (AB) heeft in april 2026 ingestemd met de incidentele verhoging van de inwonersbijdrage voor de jeugdgezondheidszorg. Het verzoek is om deze middelen te oormerken en uitsluitend in te zetten voor extra personeelscapaciteit in de uitvoering.
Daarbij dient de GGD NOG de afweging te maken in hoeverre het een onvermijdelijke, onuitstelbare en onvoorziene uitgave is. Eventuele niet-bestede middelen dienen bij het vaststellen van de Jaarrekening 2027 weer terug te vloeien naar de gemeenten. 3. Focus op de mentale gezondheid van de jeugd door het beter te laten aansluiten van de product- en dienstverlening. Gezien de toenemende druk op mentale gezondheid, met name onder jongeren, is het noodzakelijk dat de dienstverlening van de GGD NOG beter aansluit op actuele maatschappelijke ontwikkelingen. Het verzoek aan de GGD om het bestaande aanbod te evalueren, beter aan te laten sluiten op de behoefte en proactiever samen te werken met gemeenten, onderwijs en maatschappelijke partners. 4. De rol van regionale coördinator van preventie sterker in te vullen binnen de regionale preventieinfrastructuur. Zoals onder andere benoemd in de landelijke nota gezondheidsbeleid en het Aanvullend Zorg en Welzijnsakkoord (AZWA) wordt de positie van de GGD NOG sterker en explicieter. Dit vraagt om een duidelijke positionering van de GGD NOG binnen de regionale preventie-infrastructuur, met meer nadruk op de rol van de GGD NOG in subregionale samenwerking én uitvoering. De GGD NOG dient daarbij zoveel mogelijk aan te sluiten bij al bestaande plannen.
Er dient een overweging plaats te vinden of een uitgebreide bestuursagenda noodzakelijk is of dat aansluiting bij bestaande plannen volstaat. Indien er een nieuwe bestuursagenda komt, is het verzoek om deze vooral te gebruiken als strategisch richtinggevend document (kort en bondig) en niet als uitvoeringsprogramma. 6. Verzoek voor het instellen van een raadsadviescommissie. Vanuit de Wet gemeenschappelijke regelingen (Wgr) verstrekt een raadsadviescommissie namelijk de kaderstellende en controlerende rol van de raden door hen eerder in positie te brengen in de planning- en controlcyclus. Er bestaat bij gemeenten breed draagvlak voor het instellen van een raadsadviescommissie. Het standpunt vanuit de raad van de gemeente Berkelland maakt het instellen van de
raadsadviescommissie echter niet mogelijk. Het belangrijkste argument vanuit de raad in Berkelland is dat niet alle raadsleden dan een gelijke informatiepositie hebben. Op basis van de Wgr en de Gemeenschappelijke Regeling van de GGD NOG hebben echter alle raadsleden toegang tot én recht op dezelfde informatie. Het verzoek aan de GGD NOG is om in de nieuwe raadsperiode het gesprek met de raad van de gemeente Berkelland aan te gaan. Dit met als doel om alsnog te komen tot een breed gedragen raadsadviescommissie en een versterking van de betrokkenheid van raden.
2