CConstaterende datOost Gelre
Koppel je AI →
Document · PDF

concept regioarrangement achterhoek

Gemeenteraad 17 oktober 2023, gemeente Oost GelreBij agendapunt: Regioarrangement Achterhoek22.085 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 3

Afhankelijk van de uitkomsten van het congestiemanagement-onderzoek dat in 2023 gereed is, geldt dat nieuwe ontwikkelingen in de Achterhoek tot 2029 voor het afnemen van energie niet over (extra) netcapaciteit kunnen beschikken. Als

31

medeoverheden brengen we met partijen in 2024 in beeld welke maatwerkoplossingen nodig zijn voor knelpunten die zich de komende tien jaar en daarna voordoen. In delen van de Achterhoek lijken redelijke kansen voor geothermie. (Potentieonderzoek geothermie Gelderland, april 2022). Een kleinschalige pilot met geothermie is niet mogelijk gezien de schaalgrootte (investeringen in combinatie met benodigde omvang afzetmarkt en bijbehorende warmte-infrastructuur). De provincie Gelderland en Energie Beheer Nederland (EBN) werken daarom aan een ontwikkelprogramma geothermie. Doel is om samen met gemeenten de toepassing van geothermie te versnellen. Ook in de Achterhoek liggen drinkwaterreserveringsgebieden, grondwaterbeschermingsgebieden, waterwingebieden en boring vrije zones. In al deze gebieden gelden beperkingen voor wat in de ondergrond mag. Dit raakt aan de mogelijkheden voor bodemenergiesystemen. De transitievisie warmte moet in de komende jaren meer gestalte gaan krijgen. Grote vraag daarin is hoe de huidige woningvoorraad in wijken, kernen en het buitengebied in de toekomst van warmte moet worden voorzien. Wat is er mogelijk collectief en wat kan individueel? Dit raakt het toekomstbestendig maken van de woningvoorraad en de vele Achterhoekse particuliere eigenaren. De uitwerking en uitvoering hiervan zal ook na 2030 nog steeds een opgave zijn.

6.3

De regio in 2030 met een doorkijk naar 2050 (perspectief leefbare steden en regio’s)

6.3.1 Wonen Ook voor de langere termijn zal de woningnood in Nederland hoog zijn. Vanuit het Rijk wordt in dit verband, ook vanuit een stikstof problematiek in andere regio’s, meer en meer naar de (ook veelal wat hoger gelegen) oosten van Nederland gekeken. In het kader de Woondeal is vanuit de regio al aangegeven dat er na 2030 een streven ligt om de woningtoevoeging naar minimaal 11.500 woningen te brengen. Er komt mogelijk ruimte om dit aantal verder te verhogen. Dit vraagt verdere afstemming tussen de betrokken overheden waarbij de eerdergenoemde controlerende strategie en de sociale en ruimtelijke draagkracht van het gebied belangrijke aandachtspunten zijn. 6.3.2 Werken Om de Achterhoekse economie vitaal en toekomstbestendig te laten zijn is inzet nodig op innovatie, verduurzaming, human capital, fysieke randvoorwaarden op orde, zoals voldoende ruimte voor bedrijven, en versterking van de samenwerking. 6.4 Samenvattend naar 2030 De Achterhoek wil haar eigen en unieke identiteit behouden en ontwikkelen. In 2030: • Zal er meer water worden vastgehouden ten gunste van natuur en de transitie van de landbouw en zijn de groenblauwe kwaliteiten versterkt. Kringlopen worden gesloten en de zorg voor een bodemkwaliteit is erg belangrijk t.b.v. de toekomst van de landbouw en de biodiversiteit.

Ontwikkelingen in voorzieningen en infrastructuur worden nadrukkelijker ontwikkeld vanuit ruimtelijke kwaliteit, en water en bodem sturend, zoals beschreven in hoofdstuk drie. • Wordt verder overgeschakeld naar hernieuwbare energie, worden minder primaire grondstoffen gebruikt, zijn emissies verminderd en is de biodiversiteit toegenomen. De Achterhoek wil de energietransitie samen laten gaan met meer biodiversiteit. Ondanks dat er meer ruimte zal zijn voor wonen en werken. Door goede afwegingen en keuzes te maken, worden de negatieve effecten niet afgewenteld. • Is er meer duurzaam, betrouwbaar en toegankelijk vervoer voor iedereen. Er is een ontwikkeling van een bestendig economisch profiel met passende netwerken (mobiliteit, energie). De regio is goed en multimodaal bereikbaar van en naar de Groene Metropool Regio Arnhem Nijmegen inclusief de Liemers, de Stedendriehoek, Twente en Duitsland. Regionale voorzieningen en werklocaties binnen de Achterhoek zelf zijn goed bereikbaar via een flexibel mobiliteitssysteem met slimme en duurzame mobiliteitsoplossingen en -knooppunten. 32

• •

6.5

Is de woningmarkt in kwantitatief en kwalitatief opzicht meer toekomstbestendig en meer in evenwicht. Ook wordt er geprioriteerd naar welke woningen echt eerder worden aangesloten op energie infrastructuur. Zijn Achterhoekers samen langer gelukkig en gezond. De arbeidsproductiviteit in de maakindustrie is verhoogd en vraag en aanbod op de arbeidsmarkt zijn meer in evenwicht. We zien de ontwikkeling van een netwerk van vitale dorpen en sterke steden waarbij rekening wordt gehouden met de klimaatopgaven en de draagkracht van het bodem- en watersysteem.

Doorkijk naar 2050

Relatie Achterhoek-Gelderland-Nederland Voor de langere termijn naar 2050 zijn er uitdagingen en vraagstukken op het gebied van landelijk gebied, netwerken van energie, wonen en mobiliteit. Deze zullen in samenhang nader moeten worden uitgewerkt. Denk bijvoorbeeld aan de vraag hoe de ontwikkeling van de verstedelijking in Gelderland en daarbuiten zich verhouden tot de verstedelijking in de Achterhoek, met name rond Doetinchem. Een vraagstuk met een regionale component en tegelijk ook een vraagstuk van Gelderse en nationale aard. Ruimtelijk perspectief Achterhoek De 8RHK ambassadeurs hebben in 2022 besloten een ruimtelijk perspectief Achterhoek (RPA) te ontwikkelen9. Zij geven aan dat dit in het verlengde ligt van de uitwerking van de NOVI en de ‘Omgevingsagenda Oost, Addendum Achterhoek’ waarin verschillende opgaven bij elkaar zijn gebracht: rond economie, ruimte en landelijk gebied. Het RPA is beoogd een belangrijke bouwsteen te worden voor de afwegingen en keuzes die gemaakt moeten worden en een kader voor gebiedsprocessen. De ambitie is een regio te zijn, waar een duurzaam en aantrekkelijk landelijk gebied samengaat met een vernieuwde landbouwstructuur.

Daarbij horen ontwikkelingen zoals kringlooplandbouw, nieuwe duurzame verdienmodellen en een hernieuwd gebruik van agrarische bebouwing, gecombineerd met een vitale en innovatieve sociale en open economische structuur en ontwikkeling. Deze gaat hand in hand met en gezamenlijk zorgt voor een hoog niveau aan brede welvaart. Het water- en bodemsysteem en een klimaat robuuste inrichting van het watersysteem en gebruik ervan is onmisbaar voor een toekomstig ruimtelijk perspectief Achterhoek. In het RPA wordt de Achterhoek bekeken vanuit verschillende schaalniveaus: bovenregionaal, regionaal en lokaal. Uitgangspunt is de leefbaarheid van het gebied te behouden en te versterken. De ruimtelijke kwaliteit van de Achterhoek met diversiteit en aantrekkelijkheid zal blijven ontwikkelen onder invloed van de klimaatverandering waaronder de toenemende effecten van droogte. Doel is de ruimtelijke kwaliteit van het landschap te behouden en te versterken. Samenwerkende partijen zoeken naar nieuwe landschappelijke mozaïeken: de diversiteit aan landschapszones in de Achterhoek moet daarbij tot haar recht komen. Maatwerk is daarbij noodzakelijk. De uitwerking in deelgebieden maar wel in samenhang als regio is een cruciale uitkomst van het RPA.

9

De Achterhoek doet in 2023 mee aan de Eo Wijersprijsvraag, een landelijke ruimtelijk ontwerpwedstrijd die inspirerende en vernieuwende ideeën voor het landschap van de toekomst oplevert. Drie multidisciplinaire ontwerpteams leveren in september 2023. Het ontwerpen voor de Achterhoek op en deze bieden aanknopingspunten voor het Ruimtelijk Perspectief Achterhoek (RPA).

33

Er zijn in het RPA drie pijlers benoemd: A. Levende landschappen die bijdragen aan een nieuw meerkleurig mozaïek in de Achterhoek; bodem- en water structuren zijn hierbij leidend; de verschillende gebiedstypen hebben een passend robuust watersysteem met retentiemogelijkheden; behoud van coulisselandschap met natuurlijke begrenzingselementen; klimaatrobuuste beekdalen; goede bodemgezondheid, ruimte voor verdere ontwikkeling van de vrijetijdseconomie en inpasbare duurzame opwek van energie B. Nabij en verbonden: goede netwerken met knooppunten tussen landschappelijke eenheden en kernen duurzame interne verbindingsvormen en soepele connecties met omliggende regio’s als Arnhem-Nijmegen, Twente, de Stedendriehoek en het Duitse grensgebied; op deze wijze wordt voorzien in goede koppelingen tussen wonen en werken, gemakkelijke bereikbaarheid van voorzieningen maar ook sociale verbindingen; C.

Sterke gemeenschappen: collectiviteit en zorg voor elkaar in de kernen, buurtschappen en buitengebied; een versterkt woonaanbod vooral nabij (multimodale) knooppunten met bij gekozen structuur passende circulair gebouwde en klimaatadaptieve woonmilieus in zowel kernen als op kleinere schaal in buitengebied; verduurzaamde bestaande woningvoorraad; aanwezigheid duurzame werklocaties voor een passende verdere ontwikkeling van het regionale MKB (met energieopwek dichtbij gebruikers) en een voldoende voorzieningenniveau met een meer compact winkelaanbod vooral in de grotere kernen en sociale ontmoetingsplekken in de kleinere kernen.

7 Hoe worden we deze regio? Hoofdstuk vijf bevat die vraagstukken die de overheden in gezamenlijkheid willen oppakken en die ze nader zullen verkennen, uitwerken en gebiedsgericht uitvoeren. De uitvoering zal passend moeten worden gemaakt bij het schaalniveau van de opgave. Hierbij spant iedere overheid zich maximaal in om de opgave te kunnen realiseren en worden relevante stakeholders en inwoners in een zo vroeg mogelijk stadium betrokken. Per opgave werken we uit welke rolneming en inzet van welke partner nodig is. Het regioarrangement zal worden geactualiseerd als dat nodig is en in elk geval minimaal een keer per twee jaar. Mochten er nieuwe beleidsbesluiten nodig zijn, dan leggen de betrokken overheden die voor aan de bevoegde gezagen.

7.1 Inzetten op gedeelde handelingsperspectieven incl. kennis en ervaringen delen Voor een groot aantal opgaven zijn regionale systeem-aanpakken noodzakelijk en wenselijk omdat de opgaven vooral vanuit een bovenregionaal perspectief zullen moeten worden uitgewerkt en uitgedacht. Denk hierbij aan de aanpak droogte Achterhoek en Liemers, de regionale energievoorziening RES en de opgaven voor natuur en landbouw. Deze zullen dan in een groter samenwerkingsverband een uitwerking krijgen. Ook vindt er in het kader 34

van de Achterhoekvisie uitvoering plaats van de diverse opgaven. Tegelijk vragen de diverse concrete gebiedsgerichte uitwerkingen een nadere vertaling naar gebiedsaanpakken en gebiedsprogramma’s. Deze slag zullen de samenwerkende overheden in de loop van 2023 en 2024 nog maken en daarbij ook benoemen hoe deze opgaven met elkaar samenhangen en op elkaar inwerken. In de vorige hoofdstukken 3 en 4 zijn daarvoor ook onderwerpen benoemd, die daarbij uitgewerkt dienen te worden. De gebiedsaanpakken die nu actueel in beeld of in uitvoering zijn, worden in paragraaf 7.2 geduid. Ruimtelijk Perspectief Achterhoek De Stuurgroep Ruimtelijk Perspectief Achterhoek10 werkt in opdracht van de 8RHK Board aan een ruimtelijk perspectief voor de Achterhoek. Het gaat om een samenbindend verhaal voor de Achterhoek voor de langere termijn. De planning is om dit Ruimtelijk Perspectief Achterhoek in 2024 af te ronden Hierin wordt gebruik gemaakt van de inspiratie uit de ontwerpen uit de Eo Wijersprijsvraag in 2023. In samenspraak met de provincie en gemeenten zal worden geduid welke doorwerking nodig en wenselijk is in Omgevingsvisies van provincie en gemeenten en in verbinding met uitvoering door het waterschap. Aanpak ‘droogte’ Achterhoek en Liemers De Aanpak ‘droogte’ Achterhoek en Liemers is een samenwerkingsverband van 24 partners met een bottom-up karakter.

Hiervoor is een overeenkomst gesloten voor de periode 2022-2023. Het betreft een samenwerking op het schaalniveau van 14 gemeenten. Doel is doen, delen, doordenken en doorpakken. D.w.z. doen: het uitvoeren van meer kortetermijnmaatregelen. Delen: meer kennis delen en goede voorbeelden uitlichten. Doordenken: handelingsperspectieven ontwikkelen voor omgaan met het vraagstuk van klimaatadaptatie voor het landelijk gebied. Doorpakken: experimenteren met innovatieve aanpakken in gebiedsprocessen zoals Winterswijk, de Landgoederenzone Baakse Beek en ’t Klooster. Eind 2023 zal deze samenwerking worden herijkt om deze in het licht van langjarig samenwerken via regioarrangementen en in het licht van de voortgang en resultaten van de gezamenlijke aanpak. Ook wordt de Nederlandse School voor Openbaar Bestuur in 2023 gevraagd een reflectief essay te schrijven over de aanpak. De resultaten van de herijking en mogelijk vervolg van de aanpak verwerken de partners begin 2024 in de voortgang van de uitwerking van de desbetreffende regioarrangementen c.q. uitwerking in gebiedsprogramma’s voor de Achterhoek, Stedendriehoek en Groene Metropoolregio Arnhem Nijmegen. Voor de transitie naar een klimaatrobuuste Achterhoek is het nodig om te komen tot een gedragen ruimtelijke afweging en integrale aanpak van opgaven.

Naast fysieke maatregelen in het watersysteem gaat het om slimme functiecombinaties, een andere ruimtelijke inrichting waarbij wijziging in gebruik van grond binnen de functie en op sommige gronden functiewijziging nodig zal zijn. Daarmee wordt toegewerkt naar een gebied wat weerbaarder is tegen toenemende extremen van klimaat, zowel op het gebied van droogte als op het gebied van wateroverlast. Een op toekomstige klimaatscenario’s gebaseerde agrarische bedrijfsvoering (nieuwe balans tussen water vasthouden en afvoeren) en andere verdienmodellen zijn ook een belangrijk onderdeel. Om bij te dragen aan een ruimtelijke afweging en integrale aanpak van opgaven is hebben de genoemde 24 partners gewerkt aan een feitenbasis en analyse van de diverse bodem- en waterkenmerken en hoe deze zich voordoen in diversiteit en verscheidenheid. In de ingesloten figuur zijn de 17 deze eenheden weergegeven die gebaseerd zijn op de 5 hoofdstroomgebieden (lopend van oost naar west) en een indeling van geomorfologische kenmerken (plateau, centraal zandgebied, rivierkleigebieden). Voor de regio Achterhoek en Liemers geldt dat in de Landgoederenzone en Winterswijk gestart is met een integraal gebiedsproces. Het is logisch om hier de komende jaren op in te blijven zetten. Voor de andere eenheden moet de confrontatie met andere opgaven worden gemaakt.

Daaruit moet blijken of een integraal gebiedsproces noodzakelijk is, of sectorale vervolgstappen voldoende zijn, en met welke prioriteit dit opgepakt moet worden.

10

Hieraan nemen zeven gemeenten en waterschap deel.

35

Bouwstenen van het Vitaal Programma Landelijk Gebied op maat uitwerken Eind 2023 worden de bouwstenen van het provinciaal programma Vitaal Programma landelijk Gebied in ontwerp afgerond en voor zienswijzen aan medeoverheden, burgers en organisaties voorgelegd. De verwachting is dat de bouwstenen die onderdeel zijn van het provinciaal programma een nadere uitwerking nodig hebben in bandbreedtes om benut te worden in de Achterhoek. In de loop van 2023 en 2024 maken de provincie, gemeenten en waterschap nadere afspraken over hoe deze uitwerkingen zullen plaatsvinden en wie daarin welke rol kan nemen.

7.2 Uitwerking en uitvoering: gebiedsaanpakken in de Achterhoek De uitvoering van de opgaven gaan de gezamenlijke overheden gebiedsgericht doen, rekening houdend met de sturende principes, het afwegingskader en passend bij het schaalniveau van de opgave. Hierbij spant iedere overheid zich maximaal in om de opgave te kunnen realiseren en worden relevante stakeholders en inwoners in een zo vroeg mogelijk stadium betrokken. Per opgave uit te werken uit welke rolneming en inzet van welke partner nodig is. Op dit moment zijn in de Achterhoek de volgende gebiedsaanpakken reeds in voorbereiding en uitwerking. Deelgebied Winterswijk Voor de Gebiedsaanpak Winterswijk is eind januari 2023 de intentieovereenkomst ondertekend en hebben gezamenlijke overheden de startnotitie, tevens start verkenningsfase, vastgesteld. De intentieovereenkomst is naast de 3 overheden (provincie, gemeente en waterschap) ook door gebiedspartijen ondertekend. De opgaven in Winterswijk zijn landbouwtransitie, natuurversterking, leefbaarheid (economie, wonen, werken) en daarnaast spelen opgaven op het gebied van waterkwaliteit, water en bodem, cultuur en landschap, energietransitie, recreatie een rol. Het resultaat is een door het gebied gedragen gebiedsplan dat bestaat uit een integrale visie met een aantal oplossingsrichtingen, uitvoeringsstrategie en samenwerkingsovereenkomst.

Planning opleveren gebiedsplan is voor 36

Winterswijk medio Q4 2024. De uitvoering van maatregelen zal mogelijk tot en met 2035 lopen. Belangrijk: Intentieovereenkomst (IOK, ondertekend op 18 januari 2023) en Startnotitie. In de Gebiedsaanpak staat het Gebiedsteam centraal. Het gebiedsteam bestaat uit vertegenwoordigers vanuit het gebied, vaak ook nauw betrokken bij Stichting Winterswijks Cultuur Landschap (WCL) die zich sterk maakt voor onder meer natuur, landbouw, recreatie. Ook de overheden maken deel uit van het gebiedsteam. Het gebiedsteam doet voorstellen aan de bestuurlijke gebiedstafel. De bestuurlijke gebiedstafel geeft kaders aan waarbinnen het proces zich afspeelt. Het streven is dat de verschillende thema’s elkaar versterken, maar niet alles kan tegelijk worden uitgevoerd. De integrale slag gaat in de toekomst gemaakt worden. We passen de Gelderse aanpak Gebiedsontwikkeling toe voor de gefaseerde uitwerking. De provincie heeft als gebiedsregisseur een rol om mede te sturen op de doelstellingen, visie en uitvoering van de gebiedsaanpak. Financieel: o Voor de financiering van maken en de uitvoering van het gebiedsplan zijn we als samenwerkende partijen voor een groot deel afhankelijk van het Rijk. Ook in het kader van het ruimtelijk arrangement dat provincie en Rijk nog maken. o Voor de uitvoering van bepaalde maatregelen kunnen partijen afhankelijk zijn van de Europese Commissie (denk aan staatssteun).

Deelgebied ’t Zand incl. gebiedsaanpak rond ’t Klooster In dit gebied is een pre-verkenning gestart rond ’t Klooster. ’t Klooster is een gemeenschappelijk proces van LTO, Vitens, de Provincie, gemeente Bronckhorst, Waterschap Rijn en Ijssel en proefboerderij De Marke. Doel is om samen de verdroging te keren, stoffen vast te houden om de waterkwaliteit en bodemgezondheid te bevorderen, waarbij tegelijkertijd de landbouw en andere functies verbeterd worden. Deelgebied Oude IJsselzone De Oude IJsselzone omvat ook de A-Strang. Voor de zone is met ondersteuning van Ministerie van BZK in 2021 een ontwikkelperspectief geschetst. Waterschap Rijn en IJssel en de aanliggende gemeenten Aalten, Oude IJsselstreek, Montferland, Doetinchem, Bronckhorst en Doesburg hebben met de provincie bestuurlijk afgesproken dat een nadere integrale verkenning van opgaven, kansen en wensen in het kader van het regioarrangement wordt geagendeerd. Deze omgeving vraagt om goede balans met het omliggend landschap. In een eerdere studies is de ambitie uitgewerkt om hier een gebiedsgericht project te creëren met als doel een regionaal landschapspark. Hierbinnen kunnen landschapsherstel, recreatie, ecologie, landbouw, energie erfgoed en water- en klimaatopgaven met elkaar verweven worden. Bijvoorbeeld door het vernatten van het natuurlijke rivierdal en de oude meanders, begrensd door de hogere gronden.

Om de fossiele meanders manifest te maken als waterbuffer en natuur, kunnen de kernen met de IJssel verbonden worden met waterfronten en routes; groenblauwe geledingszones zouden tussen de woonwijken van stedelijke gebieden langs het water (zoals Doetinchem) kunnen worden gecreëerd en een aantrekkelijke doorgaande recreatieve route langs de Oude IJsseloevers ontwikkeld. Zo kan de cultuurhistorische kwaliteiten van (ijzer)industrieel erfgoed langs de Oude IJssel worden versterkt. Hiervoor ligt een advies klaar. In een volgende fase zou een pre-verkenning verricht moeten worden om te onderzoeken of een zo integrale aanpak kan rekenen op de benodigde financiële middelen en inzet van capaciteit die hiervoor nodig is. Gebiedsaanpak Landgoederenzone Baakse Beek Doel van de gebiedsaanpak is realisatie van een klimaatrobuust watersysteem met aandacht voor meekoppeling van andere opgaven, waaronder natuur, waterkwaliteit, bodemgezondheid, cultuurhistorie en (natuurinclusieve) landbouw. In 2019 is een Intentieverklaring ondertekend door provincie, waterschap Rijn en Ijssel en gemeente Bronckhorst. De overheden werken met bestuurlijke betrokkenheid van LTO-Noord, de VALA én de Landgoederen 37

aan zes landgoederen. Waterschap Rijn en Ijssel is trekker van het project; de drie betrokken overheden zijn opdrachtgever. Ontwikkelingen / relevante onderdelen o Voor vijf aangrenzende geïnteresseerde landgoederen wordt nu een pre-verkenning uitgevoerd, gereed medio 2023. o Het project is meer een programma; voor elk landgoed wordt een apart traject/project gedraaid. Financiering • Op dit moment vindt de financiering plaats vanuit een samenwerkingsovereenkomst (SOK) tussen provincie en waterschap. • Voor de uitbreiding met extra landgoederen, zal financiering van het Rijk nodig zijn. Deze is er nog niet en wordt naar verwachting verkregen eind dit jaar in gesprek Rijk-provincie over doelen ruimtelijk arrangement en landelijk gebied. Deelgebied Steenderen en omstreken De gemeente Bronckhorst inventariseert op dit moment kansen en behoeften van lokale partijen (bedrijven, coöperaties, inwoners) om een lokaal energiesysteem te creëren waar publieke en private partijen in samenwerken en de gemeente een regierol heeft. Deze inventarisatie wordt mede-ondersteund door het ministerie van BZK dat hiervoor een Town Deal heeft gesloten met de gemeente. Ook de provincie werkt hieraan mee door juridische en organisatorische kennis te delen.

Het initiatief is een voorbeeld van het streven om ondanks de netcongestie de economische ontwikkeling, een gezond vestigingsklimaat en de leefbaarheid van dorpskernen te behouden. In een volgende fase moet worden verkend of zo’n integrale aanpak kan rekenen op de benodigde inzet van personele capaciteit en financiële middelen. Gebiedsontwikkeling Spoorzone Doetinchem De spoorzone van Doetinchem wordt ontwikkeld tot een aantrekkelijke en multifunctionele entree van Doetinchem en de Achterhoek. Het is de plek waar wonen, werken, onderwijs, voorzieningen en mobiliteit in hoog stedelijke dynamiek samenkomen. De centrumfunctie van dit gebied versterken we door het toevoegen van functies als woningen, passende bedrijven en voorzieningen, een koppeling met het hoogwaardige (beroeps)onderwijs en een mobiliteitshub met in de hoofdrol de RegioExpress. Dit slaat een brug naar de Stedendriehoek en de Foodvalley. Het ontwikkelen van dit gebied is van grote betekenis voor een aantrekkelijk woongebied, een toekomstbestendige economie en een gunstig vestigingsklimaat. Het moet een gebied worden waar mensen elkaar kunnen ontmoeten en graag verblijven. Er is veel aandacht voor groen, klimaatadaptatie, circulariteit en innovatie. De gemeente Doetinchem zet met deze ontwikkeling volop in op het versterken en duurzame ontwikkeling van het stedelijk gebied en haar centrumfunctie in de Achterhoek.

Overige gebieden Achterhoek Naast de voorgaande gebieden is het nodig de doelen nader gebiedsgericht te vertalen voor gebieden waar dat nog niet gebeurt. De omvang van deze zijn nog onderwerp van gesprek.

7.3 Mijlpalen en planning (indicatief op basis van doelen en ambities) Vooraf: onderstaand overzicht is niet uitputtend uitgewerkt, maar is indicatief op basis van doelen en ambities. In 2030 (nog nader uit te werken in de loop van 2023 en 2024): • Zijn in de regio tot en met 2030 minimaal 8.390 woningen gerealiseerd. Bij de keuzes voor locaties en inrichting van de woningbouw is uitgegaan van de risico’s van overstromingen, wateroverlast, bodemdaling en drinkwaterbeschikbaarheid sturend. • Is helder hoe we omgaan met ambities voor wonen en bouwen i.r.t. de stikstof opgave. 38

• • • • • •

• • • •

• • •

Het RPW is dan geactualiseerd met inzicht in alle toekomstige bedrijventerreinlocaties (lokaal en regionaal) De impact van de verbreding van N18 is verkend met de regio i.s.m. het Rijk en de provincie. Aan de hand daarvan is een besluit genomen over een mogelijke vervolguitwerking die in voorbereiding is. We kijken naar de beschikbare netcapaciteit voor energievoorzieningen. Hiervoor is een gedeelde aanpak uitgewerkt. Er wordt 1,35 TWh ofwel 1.350 GWh per jaar uit zon en wind opgewekt, waarvan 0,35 TWh met zon op grote gebouwen. De energie infrastructuur die hiervoor nodig is, is aangelegd. Er is een visie ontwikkeld op de benodigde en gewenste energiebronnen en energie-infrastructuur voor de periode na 2030. De omvang en ambitie rond groenblauwe dooradering is nader uitgewerkt waardoor in beeld is hoe 10% van het landschap in totaal wordt ingevuld met droge en natte landschapselementen. Dat betekent mogelijk uitbreiding van bestaande landschapselementen en versterking van de natuurkwaliteit van bestaande landschapselementen (met natuur-, agrarische of andere bestemming). In de Achterhoek zijn de integrale gebiedsuitwerkingen in voorbereiding en uitvoering in deelgebieden.

Is het integrale gebiedsplan voor Winterswijk in uitvoering; Zijn minimaal zes landgoederen rond de Baakse Beek klimaat robuuster; Is circa 20% van de maatregelen uitgevoerd die nodig zijn om meer water vast te houden in de Achterhoek zoals in beeld gebracht door de partners in de Aanpak ‘droogte’ Achterhoek. Dit is gelukt via gebiedsprocessen en gebiedsprogramma’s en door ‘elke druppel de grond in’ maatregelen. De inspiratie uit de EO Wijersprijsvraag is daarbij ook gekoppeld aan concrete gebiedsuitwerkingen. 60% CO2 reductie in 2030. Is voldaan aan de doelen voor grond- en oppervlaktewaterkwaliteit. Is het (grond)water schoon en bruikbaar als grondstof voor drinkwater, landbouw en industrie.

In 2040: • Is het gebiedsplan voor Winterswijk uitgevoerd; • Zijn negen landgoederen rond de Baakse Beek klimaat robuuster; • Is circa 40% van de maatregelen uitgevoerd die nodig zijn om meer water vast te houden in de Achterhoek zoals in beeld gebracht door de partners in de Aanpak ‘droogte’ Achterhoek. Dit is gelukt via gebiedsprocessen en gebiedsprogramma’s en door ‘elke druppel de grond in’ maatregelen. In 2050: • Is circa 70% van de maatregelen uitgevoerd die nodig zijn om meer water vast te houden in de Achterhoek zoals in beeld gebracht door de partners in de Aanpak ‘droogte’ Achterhoek. Dit is gelukt via gebiedsprocessen en gebiedsprogramma’s en door ‘elke druppel de grond in’ maatregelen. • Gelderland is in 2050 klimaatbestendig en waterrobuust ingericht. • Is de Achterhoek energieneutraal. 7.4 Inzet van instrumenten11 Voor het uitwerken van het instrumentarium, zal in de tweede helft van 2023 en daarna in 2024 en verder een uitwerking vragen. We bedoelen hiermee: instrumenten, nodig voor het realiseren van deze opgaven zoals: Gebiedsprogramma’s, beleidsregels, financiële instrumenten, communicatie, convenanten, uitvoering projecten, landinrichting, grondbeleid, stellen van regels. Opzet van een investeringsprogramma (begroting met middelen van betrokken regiopartners; risico’s en randvoorwaarden.

Wat al wel bekend is: o De overheden zetten bestaande gebiedsaanpakken door. Andere (nieuwe) gebiedsaanpakken zullen ze voorbereiden met pre-verkenningen, verkenningen uitvoeren, en uitvoering. Zie paragraaf 7.2.

39

o

o

o o o

Het waterschap zal verder uitvoering geven met ‘Elke druppel de grond in’ maatregelen, en stuwen plaatsen. Deze maatregelen continueren omdat deze een belangrijke bijdragen leveren aan het water en bodem systeem centraal stellen en aan de ambitie van ‘levende landschappen’. Samenwerking met Duitsland: er is een grote mate van samenwerking gaande. Recent heeft het Bezirksregierung Munster aan de provincies Gelderland en Overijssel aangeboden om extra inzet te plegen in capaciteit voor o.m. de Achterhoek. Nadere verkenning en uitwisseling hierover is medio 2023 gepland. Grondbeleid en normering via bestemmingsplannen in gemeenten: nader uitwerken. Vindt bijvoorbeeld via de gebiedsaanpakken plaats. Gezamenlijke communicatie: nader uitwerken. Opstellen regionaal investeringsprogramma behorend bij de hoofdambities zoals in hoofdstuk 5 benoemd: nader uitwerken.

8 Hoe werken we samen 8.1 Huidige samenwerkingen in de Achterhoek Op dit moment zijn minimaal vijf organiserende verbanden op de schaal van de Achterhoek: 1. Onder de naam 8RHK ambassadeurs kent de Achterhoek een succesvol samenwerkingsverband. In dit verband werken overheden, ondernemers en maatschappelijke organisaties gezamenlijk aan de verdere ontwikkeling van de regio en de uitvoering van de Achterhoek Visie 2030. Binnen dit geheel waar ook de provincie in participeert zijn onder andere een Achterhoek Raad, Achterhoek Board en zes verschillende bestuurlijke thematafels actief. Er wordt gewerkt aan tal van opgaven zoals (circulaire) economie, innovatie, mobiliteit en bereikbaarheid, wonen, gezondheid, energietransitie, arbeidsmarkt, onderwijs en kringlooplandbouw binnen de regio. Het waterschap neemt geen deel aan de Achterhoek Board maar neemt wel deel aan bijvoorbeeld de thematafel Circulaire Energie en Energietransitie. 2. De samenwerking rond de Aanpak ‘droogte’ Achterhoek en Liemers (14 gemeenten, waterschap, provincie en in totaal 24 partners, 2O). Er is een bestuurlijk aanjaagteam van dijkgraaf Hein Pieper, burgemeester Joost van Oostrum (namens 14 gemeenten) en de gebiedsgedeputeerde Achterhoek / gedeputeerde Water. 3. De samenwerking aan energievoorziening, de ‘RES Achterhoek’ (8 gemeenten, provincie, waterschap 2O).

De gedeputeerde Energietransitie is onderdeel van deze samenwerking. 4. De samenwerking rond het versterken en ontwikkelen van nieuwe economische werklocaties in de Achterhoek. Onder de naam Regionaal Programma Werklocaties Achterhoek (RPW) werken zeven Achterhoekse gemeenten en provincie samen aan een duurzaam ruimtelijk perspectief voor bestaande en nieuw te ontwikkelen bedrijventerreinen. 5. De samenwerking rond het versterken en behouden van het vrijetijdsaanbod op Achterhoekse schaal (8 gemeenten). Er is een regionaal Portefeuillehoudersoverleg Vrijetijdseconomie. De provincie biedt ondersteuning. Bestuurlijk afstemming regioarrangement Achterhoek De functie van bestuurlijke integrerende tafel rond het regioarrangement Achterhoek wordt sinds mei 2023 ingevuld door de in 2022 opgerichte Stuurgroep Ruimtelijk Perspectief Achterhoek. Deze stuurgroep is het initiatief van de Achterhoek Board en werkt in opdracht van de Board. Aan de stuurgroep neemt het waterschap deel. De provincie is als gebiedsregisseur vertegenwoordigd bij het bespreken van het regioarrangement Achterhoek en neemt daarbuiten geen deel aan de stuurgroep.

8.2

Hoe sturen we op voortgang en resultaten

Monitoren totaaloverzicht van uitvoering pre-verkenningen, verkenningen en gebiedsprogramma’s Er zijn in de Achterhoek al enkele goed lopende gebiedsprogramma’s en -processen in voorbereiding en uitvoering. Met projectteams, stuurgroepen, opdrachtgevers etc. De voortgang en overzicht van voortgang van uitvoering, met 40

overzicht van (extra benodigde) inzet van instrumenten, financiële middelen etc. wordt nu nog niet systematisch gerapporteerd. Hiervoor zal de provincie een monitoring opzetten i.s.m. gemeenten, waterschap en de projectleiders van deze gebiedsprojecten en programma’s. Deze zal op maat worden gemaakt om zo goed mogelijk te rapporteren aan het Rijk (verantwoorden van middelen) en toch ook te kunnen bijsturen indien nodig. De uitwerking van dilemma’s en kansen van meer sectorale programma’s en opgaven Er is meer dan voorheen afstemming nodig op kansen en dilemma’s die gaan over bv. de verdeling van ruimte en besluiten die daarvoor nodig zijn. Veel van de dilemma’s en kansen die in dit regioarrangement genoemd zijn, hangen namelijk nauw samen. Dit vraagt om adequate en tijdige ambtelijke en bestuurlijke afstemming. In de tweede helft van 2023 zal de provincie beginnen met een overzicht maken van welke wensen per opgave centraal staan en wat het tijdpad (van de aanpak) is. De programma’s rond energietransitie, wonen, werken, mobiliteit, natuur en landschap, erfgoed, leefbaarheid etc. geven immers alle invulling aan opgaven en dilemma’s en keuzes. De concept-besluiten die hiervoor echter nodig zijn, zullen meer in gezamenlijkheid moeten worden uitgewerkt (zie hoofdstuk vijf rond het afwegingskader) en geagendeerd in de bestuurlijke gremia.

Om daarna aan de bevoegde gezagen voorgelegd te worden voor besluitvorming. De stuurgroep Ruimtelijk Perspectief Achterhoek wordt twee keer per jaar geïnformeerd over de voortgang van deze uitwerkingen. Actualiseren en herijken regioarrangement Twee keer per jaar vindt een bestuurlijk overleg plaats over het regioarrangement. Doel hiervan is de voortgang bespreken van met namen de kansen en dilemma’s en de samenhang en voortgang qua uitvoering van gebiedsprogramma’s en gebiedsprocessen. Het regioarrangement zal cyclisch geactualiseerd worden wanneer nodig. De ambtelijke voorbereiding hiervan zal plaatsvinden met vertegenwoordigers van provincie, waterschap en gemeenten i.s.m. Achterhoek ambassadeurs op initiatief van de provincie als gebiedsregisseur.

8.3 Samenwerking en overleg met betrokkenen in het gebied Deze alinea zal in 2024 nader worden uitgewerkt.

41

Eindnoten

i Het regioarrangement staat voor een doorlopend proces, met daarbinnen afspraken over instrumenten, uitvoering,

verdeling van rollen en verantwoordelijkheden. Dit is een arrangement tussen de overheden vanuit het Huis van Thorbecke: gemeenten, waterschap en provincie. De opgaven uit het regioarrangement worden waar nodig en wenselijk integraal en gebiedsgericht uitgewerkt voor het bepalen van de verdere rolneming en inzet per partner in de verschillende gebieden. De uitwerking van afspraken over wie welke rol en taak heeft behorend bij integrale opgaven, is een verantwoordelijkheid van betreffende overheden en gebiedspartners. Deze concretisering gebeurt in een uitvoeringsprogramma en/of gebiedsprogramma. Participatie met maatschappelijke organisaties vindt plaats in de context van gebiedsprogramma’s en uitvoeringsprogramma’s. Deze bevatten een integrale gebiedsvisie met ruimtelijk perspectief en scenario’s voor integrale oplossingen voor doelen en ambities die in het regioarrangement zijn meegegeven. Hier hoort een opsomming bij van maatregelen, projecten en instrumenten die nodig zijn voor de uitvoering op gebiedsniveau bij. Ook beschrijft een gebiedsprogramma de uitvoeringsorganisatie en de wijze van monitoring van de voortgang. Het gebiedsprogramma wordt vastgesteld door bevoegde gezagen in het gebied (zo mogelijk meerdere overheden).

Denk als voorbeeld aan de gebiedsaanpak Winterswijk waarin integraal allerlei opgaven worden uitgewerkt vanuit een intentieovereenkomst en gezamenlijk uitgewerkt plan van aanpak. ii Naast materiele welvaart gaat het ook om zaken als gezondheid, onderwijs, milieu en leefomgeving, sociale

cohesie, persoonlijke ontplooiing en (on)veiligheid. Bovendien betreft het niet alleen de kwaliteit van leven in het ‘hier en nu’, maar ook de effecten van onze manier van leven op het welzijn van mensen ‘elders’ (buiten de regio) en ‘later’ (toekomstige generaties) (PBL). Volgens de Monitor Brede Welvaart hoort de Achterhoek bij de drie regio’s in Gelderland waar men in 2020 het meeste tevreden was met het leven. Tussen 2013 en 2019 steeg het aandeel mensen dat tevreden is met het leven van 85,6% naar 87,7%. In 2020, het jaar waarin COVID-19 uitbrak, daalde het percentage tevredenen naar 87,4%. Landelijk en in Gelderland nam in 2020 de tevredenheid met het leven gemiddeld sterker af dan in de Achterhoek (bron: Monitor brede welvaart 2023). Deze uitkomsten uit de monitor verdient mogelijk nuancering omdat ze haaks lijken te staan op de bevindingen uit het rapport ‘Elke regio telt’ (2024).

42

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/13280271/1