bp stadscentrum groenlo principebesluit uitbreiden bebouwing en gebruik 04-11-2020
Tekst van het document
gemeente
Oost Ceire Collegeformulier “besluitvorming” Datum B&W-vergadering: Portefeuillehouder: Zaaknummer: 24 november 2020 wethouder Frank 58873-2020 Onderwerp: Openbaarheid: Principeverzoek uitbreiding bebouwing en gebruik Voorlopig niet openbaar tot Gasthuisstraat 14_________________________ 3 december 2020 Voorstel: 1. in principe en onder voorwaarden mee te werken aan de gevraagde bebouwing, via een herziening van het bestemmingsplan; 2. in principe en onder voorwaarden positief te staan tegenover een nog nader te specificeren vorm van uitbreiding van het gebruik________________________________________________________________ Afdeling: Auteur: Afdelingshoofd: Meegeadviseerd door: Omgeving Bernadet Leusink Jeannet Ordelman Henkjan Luesink, Peter Ballast, Andre te (0544) 39 34 81 Brake, Werkgroep integraal overleg, Gert ter Maat Financieel advies:
Nee
Juridisch advies:
Nee
Personele gevolgen:
Nee
Voor behandeling naar de Raad(scommissie):
Nee
Collegelid: Burgemeester
Akkoord:
Wethouder Bonsen_____ Wethouder Frank_______ Wethouder Hoenderboom Wethouder Porskamp Secretaris B&W-besluit:
cz
58873-2020:873834
Bespreken:
Opmerking:
Inleiding Sinds enkele jaren zijn we in gesprek met de Scouting over uitbreidingsplannen (qua bebouwing en gebruik) aan de Gasthuisstraat 14 in Groenlo. Bebouwing: Er zijn de nodige gesprekken en varianten geweest. In mei van dit jaar is hieruit een nieuwe variant gekomen: de nieuwbouw realiseren in een gebouw in een te reconstrueren verlengde van de vestingwal op het terrein. Een bestaand gebouw wordt daarbij gesloopt. De oppervlakte aan bebouwing neemt toe maar wordt niet zo beleefd. Daarnaast is nog een relatief kleine uitbouw nodig voor sanitair aan 1 van de bestaande gebouwen (t-vorm wordt kruisvorm). Gebruik: Het nieuw te realiseren gebouw zal onderdak bieden aan diverse speltakken van Scouting Groenlo met kinderen in de leeftijd van 5 tot en met 15 jaar. De groepen maken elke vrijdagavond en op zaterdag overdag gebruik van het gebouw. Door de week zijn er geen activiteiten van de scouting. In het nieuwe gebouw komt opslag voor allerhande materialen. Een groot gedeelte van dat materiaal lag voorheen elders opgeslagen. Met de realisatie van de nieuwbouw en wijziging van de huidige bestemming ziet de Scouting Groenlo nieuwe mogelijkheden om het gebouw breder in te zetten voor andere soorten van verhuur.
Zij denken daarbij bijvoorbeeld aan: • BSO: Bij voorkeur uitbreiding van een BSO; de kinderen komen van een BSO die zijn vestiging op een ander adres heeft en gaan dan in een groep naar het scoutingterrein om daar te spelen. • Educatie: Er komt ook een creatief lokaal. Dit kan breder worden gebruikt door scholen. Verder is bekend dat de naastgelegen basisschool graag gebruik maakt van het scoutingterrein voor buitenlessen. De scouting zou graag samenwerkingsverbanden met BSO’s en scholen aangaan.
Reparatie en actualisatie bestemmingsplan Het bestemmingsplan moest nog gerepareerd worden op het onderdeel groepskamperen. Bij het vervallen van de Wet openluchtrecreatie zou de toestemming daarvoor in het bestemmingsplan geregeld moeten worden maar dat is tot op heden niet gebeurd. Ook kan de nieuwe begrenzing van de gracht meegenomen worden. In eerste instantie hebben we gezegd dat wij deze bestemmingsplankosten voor onze rekening zouden nemen. Inmiddels is het nieuwe plan zo omvangrijk dat hiervoor een meer uitvoerige herziening van het bestemmingsplan nodig is. Voorstel is dat de kosten onderzoek voor rekening van de Scouting komen. Formeel komen de leges voor rekening van de Scouting. Zij kunnen ons om een bijdrage vragen om deze vergoed te krijgen.
Bomenkap: Naast afwijkende bebouwing en gebruik moet er een aantal bomen wijken (waarschijnlijk 15 stuks). Hiervoor is geen vergunning nodig. Bestemmingsplan: Het perceel is bestemd voor: • 1. Groen-1. Hier mogen geen gebouwen worden gebouwd. In 2015 is bij de bouw van de speeltoren geconcludeerd o.g.v. toenmalige jurisprudentie dat deze bestemming hoort bij een openbaar karakter en daarom het gebruik van de scouting niet in overeenstemming is met het bestemmingsplan (want privé-terrein). • 2. Maatschappelijk (het gedeelte met de gebouwen), met de aanduiding 'specifieke vorm van maatschappelijk - scouting'. Daar is alleen 'scouting’ toegestaan. Gebouwen moeten binnen het bouwvlak (vlakken rond de bestaande bebouwing) worden gebouwd. Het beoogde gebouw valt daar (grotendeels) buiten. • dubbelbestemming: ‘Waarde - Archeologische verwachtingswaarde 1' De beoogde bebouwing en verruiming van het gebruik passen niet in het geldende bestemmingsplan.
58873-2020:878834
2
Mogelijke beleidskeuzes
I i
1.
2.
In principe en onder voorwaarden meewerken aan de gevraagde bebouwing en in principe en onder voorwaarden positief te staan tegenover een -nog nader te specificeren- vorm van uitbreiding van het gebruik; Het principeverzoek afwijzen qua bebouwing e/o gebruik.
Voorstel 1. in principe en onder voorwaarden mee te werken aan de gevraagde bebouwing, via een herziening van het bestemmingsplan; 2. in principe en onder voorwaarden positief te staan tegenover een nog nader te specificeren vorm van uitbreiding van het gebruik.
Beoogd effect Een uitbreiding van bebouwing en gebruik mogelijk maken binnen de randvoorwaarden voor een goede fysieke leefomgeving.
Argumenten
1.1 De Werkgroep integraal overleg adviseert positief onder randvoorwaarden. De werkgroep heeft het verzoek op 10 november besproken en adviseert u om onder voorwaarden uw medewerking te verlenen. 1.2 Met de uitbreiding van de bebouwing in een te reconstrueren verlengde van de vestingwal wordt kwaliteit aan het gebied toegevoegd qua cultuurhistorie en terwijl de invloed van de nieuwe bebouwing op het gebied en zijn omgeving beperkt blijft.. De Scouting groeit en heeft daarnaast behoefte aan meer opslagruimte op eigen terrein. In de eerdere plannen zou de toen beoogde bebouwing veel meer aanwezig zijn en een grotere uitstraling hebben op de directe omgeving. Dat wordt met dit plan sterk beperkt; de groene uitstraling van het gebied blijft veel beter bewaard en het plan heeft stedenbouwkundig gezien veel meer kwaliteit. Ook vormt de nieuwe wal een afscherming naar de omgeving aan de noordzijde van het gebied. Met deze bouwwijze wordt als het ware een binnenplaats gecreëerd. Daarnaast voegt de verlenging van de vestingwal meer cultuurhistorische beleving (zij het beperkt voor het algemene publiek, vanaf de overzijde van de gracht,) toe aan de stad. 1.3 De locatie leent zich voor een breder gebruik, maar dat gebruik moet niet ten koste gaan van het woon- en leefklimaat van de omgeving. Vanuit welzijn/onderwijs bestaat er geen behoefte aan meer BSO's of een extra technieklokaal.
Het is aan de scholen zelf om te bepalen waar zij hiervoor naar toe gaan. Vanuit de scouting bestaat de wens om de locatie breder te kunnen verhuren aan bijvoorbeeld BSO of school. Er is daarvoor al belangstelling vanuit een BSO en de naastgelegen school. Vanuit duurzaam ruimtegebruik en de exploitatie is hier wat voor te zeggen. Maar we hebben hier te maken met een woonomgeving. Verbreding en daarmee intensivering van het gebruik (spelende kinderen over een grotere tijdspanne) kan meer overlast geven. Er zijn af en toe klachten van overlast. De scouting zou overigens zelf ook het terrein meer kunnen gebruiken met dito overlast. De scouting geeft aan dat hierdoor mogelijk de verhuur aan scoutinggroepen voor groepskamperen wellicht kan verminderen. In hoeverre dat in de praktijk het geval zal zijn (want opbrengsten) is maar de vraag.
De locatie leent zich niet voor de vestiging van een BSO. Een BSO brengt verkeer en de noodzaak voor parkeren en dergelijke met zich. Een bezoek door een elders gevestigde BSO is van een andere orde. De activiteiten zullen dan beperkter en vergelijkbaar zijn met die van de scouting; (buiten)spelen. Ook mag het terrein niet als verlengde van het naastgelegen schoolplein worden gebruikt maar alleen voor specifieke activiteiten en vormen van buitenonderwijs. Binnen deze randvoorwaarde kunnen wij ons een breder gebruik voorstellen. Zie verder onder 1.4.
1.4 Het breder beoogde gebruik zal eerst verder moeten worden onderzocht op draagvlak in de buurt en de initiatiefnemer zal een buurtdialoog moeten voeren. Het zal in ieder geval moeten gaan om een - in tijd en omvang ondergeschikt - medegebruik.
58873-2020:878834
3
De Werkgroep denkt hierbij bijvoorbeeld aan maximaal 1x per dag door school of BSO (van elders), gedurende bijvoorbeeld maximaal 2 uur, door een nader te bepalen maximaal aantal personen. De werkgroep stelt voor om initiatiefnemer met dat uitgangspunt een (brede) omgevingsdialoog te laten voeren. (Laantje van Lasonder, De Dael, Gasthuisstraat, Wheme, Barakkenplaats, Maliebaan). Met de uitkomsten uit de omgevingsdialoog en akoestisch onderzoek (zie 1.5) zal uw college nogmaals een afweging maken over de verbreding van het gebruik. 1.5 Initiatiefnemers moeten nog overig onderzoek uit laten voeren. Voor een herziening van het bestemmingsplan is in ieder geval een quick scan flora en fauna nodig en een archeologisch vooronderzoek. Daarnaast verwachten wij ook bodemonderzoek en akoestisch onderzoek vanwege stemgeluid. Wellicht kan een indicatieve berekening van de ODA volstaan, maar dat moet nog worden bekeken. Nader beoordeeld wordt of een bomeneffect analyse nodig is. De economische haalbaarheid zal nog duidelijk moeten worden. De Scouting doet daarvoor een aanvraag in het kader van LEADER (pitch begin december).
Kanttekeningen
1.1 Er moeten circa 15 bomen wijken voor de verlenging van de vestingwal met het gebouw. Het scoutingterrein maakt deel uit van de hoofdgroenstructuur en heeft een zeer waardevolle, groene uitstraling met veel bomen waarvan een aantal met een monumentaal karakter. Geen van de bomen is aangewezen als monumentale boom. Het is overigens privaat terrein. Er zal voor zover nu bekend een groepje wilgen en elzen moeten wijken en daarnaast 2 beuken en een eik. De behoefte aan meer bebouwing is aannemelijk. Volgens de Werkgroep integraal advies weegt de kwaliteitsverbetering vanuit cultuurhistorisch en stedenbouwkundig oogpunt zwaarder dan het verdwijnen van de bomen. Bij de verdere uitwerking van het plan moet heel goed afgewogen worden welke bomen echt weg moeten. Ook moet er een ruime herplant op het terrein plaatsvinden. Daartoe bestaat de mogelijkheid en bereidheid. Tijdens de bouw moeten de dichtbij staande bomen optimaal worden beschermd. Uitvoering
Kosten Bij een uiteindelijk positief besluit moet het bestemmingsplan worden herzien en is een omgevingsvergunning nodig (bouw; aanleg). De leges zijn voor rekening van de initiatiefnemer, evenals de kosten van onderzoek. Eventuele planschade zal worden afgewenteld via een overeenkomst.
Planning Wij brengen verzoeker van uw besluit op de hoogte. Vervolgens de omgevingsdialoog door de Scouting en akoestisch vooronderzoek door de ODA. Nadien nadere besluitvorming over de verbreding van het gebruik. Aanleveren van onderzoeken door de scouting.
Communicatie Uw principestandpunt communiceren we naar aanvrager. Zie verder Planning.
Evaluatie n.v.t. Bijlagen 1. 2. 3.
presentatie 15 oktober 2020 toelichting op verzoek te kappen bomen
58873-2020:873834
4