bp laarberg noord 2 planregels bijlagen
Tekst van het document
Bestemmingsplan Regionaal Bedrijvenpark Laarberg, Laarberg Noord 2 Bijlagen
Documenttitel: Bestemmingsplan Regionaal Bedrijvenpark Laarberg, Laarberg Noord 2 Bijlagen Status: ontwerp (ter vaststelling) Datum: 8 maart 2024 Projectnaam: bp Laarberg Noord 2 Projectnummer: BI7923 Opdrachtgever: Gebiedsonderneming Laarberg B.V. Referentie: Auteur(s): RS Collegiale toets: JWG Datum/paraaf toets: Vrijgegeven door: JWG Datum/paraaf vrijgave:
Regionaal Bedrijvenpark Laarberg, Laarberg Noord 2
Inhoudsopgave
Bijlagen Bijlage 1
Staat van bedrijfsactiviteiten
Bijlage 2
Beeldkwaliteitsplan
Bijlage 3
Kernkwaliteitenanalyse en inrichtingsplan
Regionaal Bedrijvenpark Laarberg, Laarberg Noord 2
1
Bijlage 1 Staat van bedrijfsactiviteiten
0
VISUEEL
50 30 50 30 30
D
3.1 2 3.1 2 2
2 G 1 G 2 G 1 G 1 G
1 1 1 1 1
100 100 50 50 50 50
D
3.2 3.2 3.1 3.1 3.1 3.1
2 G 2 G 1 G 1 G 1 G 2 G
1 2 1 1 1 1
200 100 50
4.1 3.2 3.1
2 G 1 G 1 G
2 1 1
50
3.1
1 G
1
100 100 100
3.2 3.2 3.2
1 G 2 G 2 G
1 2 2
R
200
4.1
3 G
2
B
100
R
200
4.1
3 G
2
B
200 C
30
R
200
4.1
3 G
2
0 0 0
100 C 100 C 30
50 50 0
R R
100 100 30
3.2 3.2 2
2 G 2 G 1 G
1 2 1
100 50
50 100
200 C 200 C
50 50
R
200 200
4.1 4.1
2 G 2 G
2 2
200
50
200 C
30
R
200
4.1
1 G
2
200 200
50 100
200 C 200 C
30 30
200 200
4.1 4.1
3 G 2 G
3 2
10 10 10 10 10
50 30 50 30 30 C
100 100 50 30 50 50
0 0 0 0 0 0
100 C 100 C 50 C 50 50 50
50 50 30 10 10 10
200 100 50
0 10 10
100 C 50 30
30 30 10
50
10
50
50
50 50 100
10 10 10
100 C 100 C 100 C
10 10 10
200
30
100 C
30
200
10
100 C
100
10
50 50 10
R R
R
D
LUCHT
VERKEER
10 10 10 10 0
30 30 30 30 30
BODEM
CATEGORIE
0 1 0 5
VERVAARDIGING VAN VOEDINGSMIDDELEN EN DRANKEN Slachterijen en overige vleesverwerking: - slachterijen en pluimveeslachterijen - vleeswaren- en vleesconservenfabrieken: p.o. > 1000 m² - vleeswaren- en vleesconservenfabrieken: p.o. <= 1000 m² - vleeswaren- en vleesconservenfabrieken: p.o. <= 200 m² - loonslachterijen - vervaardiging van snacks en vervaardiging van kant-en-klaar-maaltijden met p.o. < 2.000 Visverwerkingsbedrijven: - conserveren - verwerken anderszins: p.o. <= 1000 m² - verwerken anderszins: p.o. <= 300 m² Aardappelprodukten fabrieken: - vervaardiging van snacks met p.o. < 2.000 m² Groente- en fruitconservenfabrieken: - jam - groente algemeen - met koolsoorten Vervaardiging van ruwe plantaardige en dierlijke oliën en vetten: - p.c. < 250.000 t/j Raffinage van plantaardige en dierlijke oliën en vetten: - p.c. < 250.000 t/j Margarinefabrieken: - p.c. < 250.000 t/j Zuivelprodukten fabrieken: - melkprodukten fabrieken v.c. < 55.000 t/j Consumptie-ijsfabrieken: p.o. > 200 m² - consumptie-ijsfabrieken: p.o. <= 200 m² Meelfabrieken: - p.c. < 500 t/u Grutterswarenfabrieken Zetmeelfabrieken: - p.c. < 10 t/u Veevoerfabrieken: - mengvoeder, p.c. < 100 t/u Vervaardiging van voer voor huisdieren Broodfabrieken, brood- en banketbakkerijen:
GROOTSTE AFSTAND
0 1 4 5 6 7 8 0 2 5 6 0 2 0 1 2 3 0 1 0 1 0 1 0 3 1 2 0 2
LANDBOUW EN DIENSTVERLENING T.B.V. DE LANDBOUW Dienstverlening t.b.v. de landbouw: - algemeen (o.a. loonbedrijven): b.o. > 500 m² - algemeen (o.a. loonbedrijven): b.o.<= 500 m² - plantsoenendiensten en hoveniersbedrijven: b.o. > 500 m² - plantsoenendiensten en hoveniersbedrijven: b.o. <= 500 m² KI-stations
GEVAAR
0 1 2 3 4
INDICES
GELUID
01 016 016 016 016 016 0162 10, 11 10, 11 101, 102 101, 102 101 101 101 101, 102 108 102 102 102 102 1031 1031 1032, 1039 1032, 1039 1032, 1039 1032, 1039 104101 104101 104102 104102 1042 1042 1051 1051 1052 1052 1061 1061 1061 1062 1062 1091 1091 1092 1071
AFSTANDEN IN METERS
STOF
01 014 014 014 014 014 0142 15 15 151 151 151 151 151 151 151 152 152 152 152 1531 1531 1532, 1533 1532, 1533 1532, 1533 1532, 1533 1541 1541 1542 1542 1543 1543 1551 1551 1552 1552 1561 1561 1561 1562 1562 1571 1571 1572 1581
OMSCHRIJVING
GEUR
SBI-2008
nummer
SBI-1993
Bijlage 1 Staat van bedrijfsactiviteiten
CATEGORIE
VERKEER
VISUEEL
10 30 10
30 C 100 C 100 C
10 30 30
30 100 100
2 3.2 3.2
1 G 2 G 2 G
1 2 2
100 30 100 30
30 10 30 10
50 30 50 30
30 10 30 10
100 30 100 30
3.2 2 3.2 2
2 G 1 G 2 G 1 G
2 1 2 1
100 200 200 200
10 30 30 50
30 50 50 50
10 10 30 50
100 200 200 200
3.2 4.1 4.1 4.1
2 G 2 G 2 G 2 G
1 1 2 2
100 200
10 50
50 50
10 30
100 200
3.2 4.1
2 G 2 G
2 2
200 10 10
30 0 0
200 C 30 C 100
30 0 50
200 30 100
4.1 2 3.2
1 G 1 G 3 G
2 1 2
200
30
50 C
30
200
4.1
2 G
1
10
50
100
30
100
3.2
2 G
1
10 50 10 100 0
10 0 0 30 10
100 50 50 200 50
0 10 10 10 10
100 50 50 200 50
3.2 3.1 3.1 4.1 3.1
2 G 2 G 1 G 2 G 1 G
1 2 1 2 2
30 10 50
0 10 10
50 30 10
0 10 10
50 30 50
3.1 2 3.1
1 G 2 G 1 G
1 2 1
50 50
10 10
30 50
10 10
50 50
3.1 3.1
2 G 2 G
2 1
0
50
100
50
3.2
2 G
2
R
R
R R
R
100
D
D
LUCHT
GROOTSTE AFSTAND
30 100 100
BODEM
GEVAAR
16 16101
1 - v.c. < 7500 kg meel/week, bij gebruik van charge-ovens 2 - v.c. >= 7500 kg meel/week Banket, biscuit- en koekfabrieken 0 Suikerfabrieken: 0 Verwerking cacaobonen en vervaardiging chocolade- en suikerwerk: 2 - cacao- en chocoladefabrieken vervaardigen van chocoladewerken met p.o. < 2.000 m² 3 - cacao- en chocoladefabrieken vervaardigen van chocoladewerken met p.o. <= 200 m² 5 - Suikerwerkfabrieken zonder suiker branden: p.o. > 200 m² 6 - suikerwerkfabrieken zonder suiker branden: p.o. <= 200 m² 0 Koffiebranderijen en theepakkerijen: 2 - theepakkerijen Vervaardiging van azijn, specerijen en kruiden Vervaardiging van overige voedingsmiddelen Bakkerijgrondstoffenfabrieken 0 Soep- en soeparomafabrieken: 1 - zonder poederdrogen Bakmeel- en puddingpoederfabrieken 0 Vervaardiging van ethylalcohol door gisting: 1 - p.c. < 5.000 t/j Vervaardiging van wijn, cider e.d. Mineraalwater- en frisdrankfabrieken - VERWERKING VAN TABAK Tabakverwerkende industrie - VERVAARDIGING VAN TEXTIEL Bewerken en spinnen van textielvezels 0 Weven van textiel: 1 - aantal weefgetouwen < 50 Textielveredelingsbedrijven Vervaardiging van textielwaren Tapijt-, kokos- en vloermattenfabrieken Vervaardiging van gebreide en gehaakte stoffen en artikelen - VERVAARDIGING VAN KLEDING; BEREIDEN EN VERVEN VAN BONT Vervaardiging kleding van leer Vervaardiging van kleding en -toebehoren (excl.
van leer) Bereiden en verven van bont; vervaardiging van artikelen van bont - VERVAARDIGING VAN LEER EN LEDERWAREN (EXCL. KLEDING) Lederwarenfabrieken (excl. kleding en schoeisel) Schoenenfabrieken - HOUTINDUSTRIE EN VERVAARDIGING ARTIKELEN VAN HOUT, RIET, KURK E.D. Houtzagerijen
INDICES
GELUID
1071 1071 1072 1081 10821 10821 10821 10821 10821 1083 1083 108401 1089 1089 1089 1089 1089 110102 110102 1102 t/m 1104 1107 12 12 120 13 13 131 132 132 133 139 1393 139, 143 14 14 141 141 142, 151 19 15 151 152
AFSTANDEN IN METERS
STOF
1581 1581 1582 1583 1584 1584 1584 1584 1584 1586 1586 1587 1589 1589.1 1589.2 1589.2 1589.2 1592 1592 1593 t/m 1595 1598 16 16 160 17 17 171 172 172 173 174, 175 1751 176, 177 18 18 181 182 183 19 19 192 193 20 20 2010.1
OMSCHRIJVING
GEUR
SBI-2008
nummer
SBI-1993
B B
L
B
L
Bijlage 1 Staat van bedrijfsactiviteiten
VERKEER
VISUEEL
200 50 100 100 50 30
4.1 3.1 3.2 3.2 3.1 2
2 G 2 G 3 G 2 G 1 G 1 G
2 1 2 2 1 1
R
200
4.1
3 G
2
30 50 30
R R R
50 200 100
3.1 4.1 3.2
1 G 2 G 2 G
2 2 2
100 C 200 C Z
30 30
R R
100 200
3.2 4.1
2 G 2 G
2 2
0 0 0 0 0 0 0 0
100 C 100 30 10 30 10 30 10
10 10 0 0 0 10 10 0
100 100 30 10 30 30 30 10
3.2 3.2 2 1 2 2 2 1
3 G 3 G 1 P 1 G 2 G 2 G 2 G 1 G
50
0
100
30
R
100
3.2
200
0
200 C
200
R
200
100
0
200 C
100
R
50 10
10 10
50 30
50 10
R
100 50 50 200
10 10 10 30
100 100 50 100 C
50 50 50 200
30 30 30 30 30 10
50 50 100 100 50 30
200
100
200 C
50
50 100 30
30 50 30
50 C 200 C Z 100 C
30 50
30 30
30 30 10 0 30 30 30 0
R R R
LUCHT
CATEGORIE
10 10 10 0 0 0
200 10 100 0 0 10
BODEM
GROOTSTE AFSTAND
0 Houtconserveringsbedrijven: 1 - met creosootolie 2 - met zoutoplossingen Fineer- en plaatmaterialenfabrieken 0 Timmerwerkfabrieken, vervaardiging overige artikelen van hout 1 Timmerwerkfabrieken, vervaardiging overige artikelen van hout, p.o. < 200 m2 Kurkwaren-, riet- en vlechtwerkfabrieken - VERVAARDIGING VAN PAPIER, KARTON EN PAPIER- EN KARTONWAREN Vervaardiging van pulp 0 Papier- en kartonfabrieken: 1 - p.c. < 3 t/u 2 - p.c. 3 - 15 t/u Papier- en kartonwarenfabrieken 0 Golfkartonfabrieken: 1 - p.c. < 3 t/u 2 - p.c. >= 3 t/u - UITGEVERIJEN, DRUKKERIJEN EN REPRODUKTIE VAN OPGENOMEN MEDIA Drukkerijen van dagbladen Drukkerijen (vlak- en rotatie-diepdrukkerijen) Kleine drukkerijen en kopieerinrichtingen A Grafische afwerking B Binderijen Grafische reproduktie en zetten Overige grafische aktiviteiten Reproduktiebedrijven opgenomen media - AARDOLIE-/STEENKOOLVERWERK. IND.; BEWERKING SPLIJT-/KWEEKSTOFFEN A Smeeroliën- en vettenfabrieken - VERVAARDIGING VAN CHEMISCHE PRODUKTEN 0 Vervaardiging van industriële gassen: Kleur- en verfstoffenfabrieken B0 Methanolfabrieken: B1 - p.c.
< 100.000 t/j 0 Farmaceutische produktenfabrieken: 1 - formulering en afvullen geneesmiddelen 2 - verbandmiddelenfabrieken 0 Lijm- en plakmiddelenfabrieken: 1 - zonder dierlijke grondstoffen Fotochemische produktenfabrieken A Chemische kantoorbenodigdhedenfabrieken B Overige chemische produktenfabrieken n.e.g. -
GEVAAR
-
INDICES
GELUID
16102 16102 16102 1621 162 162 162902 17 17 1711 1712 1712 1712 172 17212 17212 17212 58 58 1811 1812 18129 1814 1814 1813 1814 182 19 19 19202 20 20 2011 2012 20141 20141 2120 2120 2120 2052 2052 205902 205903 205903 22
AFSTANDEN IN METERS
STOF
2010.2 2010.2 2010.2 202 203, 204, 205 203, 204, 205 205 21 21 2111 2112 2112 2112 212 2121.2 2121.2 2121.2 22 22 2221 2222 2222.6 2223 2223 2224 2225 223 23 23 2320.2 24 24 2411 2412 2414.1 2414.1 2442 2442 2442 2462 2462 2464 2466 2466 25
OMSCHRIJVING
GEUR
SBI-2008
nummer
SBI-1993
B B B
L
2 2 1 1 1 1 1 1
B B B
L
2 G
2
B
L
4.1
3 G
3
B
L
200
4.1
2 G
2
B
50 30
3.1 2
2 G 2 G
1 1
B
L
100 100 50 200
3.2 3.2 3.1 4.1
3 G 3 G 3 G 2 G
2 2 2 2
B B B B
L L
D
D
D
B B
L
Bijlage 1 Staat van bedrijfsactiviteiten
CATEGORIE
VERKEER
VISUEEL
BODEM
3.1 4.1 3.2
1 G 2 G 1 G
1 2 2
B
200 50
4.1 3.1
2 G 2 G
2 1
30 10
100 50
3.2 3.1
1 G 1 G
1 1
L
30 100 200 200
10 30 30 100
2 3.2 4.1 4.1
1 G 2 G 2 G 2 G
1 2 2 2
L L L
R
30 100 200 200
200
200
30
R
200
4.1
2 G
2
30
200
200
30
R
200
4.1
2 G
2
10
100
200
30
200
4.1
2 G
2
10 50
50 50
100 100
30 30
100 100
3.2 3.2
2 G 2 G
2 2
10
50
100
10
100
3.2
3 G
2
10
50
100
50
100
3.2
2 G
2
10 10 10
30 30 30
100 50 50
0 0 10
100 50 50
D
3.2 3.1 3.1
1 G 1 G 1 G
2 1 2
200 50
100 50
100 C 100
50 50
200 100
D
4.1 3.2
2 G 2 G
2 2
30 30 30
30 30 50
100 50 200
30 10 30
100 50 200
3.2 3.1 4.1
2 G 1 G 2 G
2 1 2
50 200 100
10 50 10
30 100 50
30 50 50
200 50
50 30
100 50
100 30
30 10
30 30
100 50
10 30 30 50
10 50 200 200
30
R R R
R
D
D
B
B B
LUCHT
GROOTSTE AFSTAND
25, 31 251, 331 251, 331 251, 331 251, 331
50 200 100
GEVAAR
28 281 281 281 281
VERVAARDIGING VAN PRODUKTEN VAN RUBBER EN KUNSTSTOF Loopvlakvernieuwingsbedrijven: - vloeropp. < 100 m2 - vloeropp. >= 100 m2 Rubber-artikelenfabrieken 0 Kunststofverwerkende bedrijven: 1 - zonder fenolharsen 3 - productie van verpakkingsmateriaal en assemblage van kunststofbouwmaterialen - VERVAARDIGING VAN GLAS, AARDEWERK, CEMENT-, KALK- EN GIPSPRODUKTEN 0 Glasfabrieken: 1 - glas en glasprodukten, p.c. < 5.000 t/j Glasbewerkingsbedrijven 0 Aardewerkfabrieken: 1 - vermogen elektrische ovens totaal < 40 kW 2 - vermogen elektrische ovens totaal >= 40 kW A Baksteen en baksteenelementenfabrieken B Dakpannenfabrieken 0 Kalkfabrieken: 1 - p.c. < 100.000 t/j 0 Gipsfabrieken: 1 - p.c. < 100.000 t/j 0 Betonwarenfabrieken: 1 - zonder persen, triltafels en bekistingtrille 0 Kalkzandsteenfabrieken: 1 - p.c. < 100.000 t/j Mineraalgebonden bouwplatenfabrieken 0 Betonmortelcentrales: 1 - p.c. < 100 t/u 0 Vervaardiging van produkten van beton, (vezel)cement en gips: 1 - p.c. < 100 t/d 0 Natuursteenbewerkingsbedrijven: 1 - zonder breken, zeven en drogen: p.o. > 2.000 m² 2 - zonder breken, zeven en drogen: p.o. <= 2.000 m² Slijp- en polijstmiddelen fabrieken B0 Isolatiematerialenfabrieken (excl. glaswol): B2 - overige isolatiematerialen C Minerale produktenfabrieken n.e.g. VERVAARD. EN REPARATIE VAN PRODUKTEN VAN METAAL (EXCL.
- MACH./TRANSPORTMIDD.) 0 Constructiewerkplaatsen 1 - gesloten gebouw 1a - gesloten gebouw, p.o. < 200 m2 2 - in open lucht, p.o. < 2.000 m2 0 1 2
INDICES
GELUID
22 221102 221102 221102 2219 222 222 222 23 23 231 231 231 232, 234 232, 234 232, 234 233 233 235201 235201 235202 235202 23611 23611 23612 23612 2362 2363, 2364 2363, 2364 2365, 2369 2365, 2369 237 237 237 2391 2399 2399 2399 25
AFSTANDEN IN METERS
STOF
25 2512 2512 2512 2513 252 252 252 26 26 261 261 2615 262, 263 262, 263 262, 263 264 264 2652 2652 2653 2653 2661.1 2661.1 2661.2 2661.2 2662 2663, 2664 2663, 2664 2665, 2666 2665, 2666 267 267 267 2681 2682 2682 2682 28
OMSCHRIJVING
GEUR
SBI-2008
nummer
SBI-1993
Bijlage 1 Staat van bedrijfsactiviteiten
CATEGORIE
VERKEER
VISUEEL
BODEM
4.1 4.1 3.2 3.1
2 G 1 G 2 G 1 G
2 2 2 2
B B B B
3.2 4.1 3.2 3.2 3.2 3.2 3.2 3.2 3.2 3.2 3.2 3.2 3.2 3.1
2 G 2 G 1 G 2 G 2 G 2 G 2 G 2 G 2 G 2 G 1 G 2 G 1 G 1 G
2 2 2 2 2 2 2 2 2 2 1 2 2 2
B B B B B B B B B B B B B B
4.1 3.2 3.1
2 G 2 G 1 G
2 2 2
B B B
3.2 4.1
2 G 3 G
1 2
B B
30
2
1 G
1
200 200 200 100 30
4.1 4.1 4.1 3.2 2
1 G 1 G 2 G 2 G 1 G
2 2 2 2 1
3.1 3.1
2 G 1 G
1 2
2
1 G
1
30 10 50 30
30 30 30 30
200 200 100 50
30 30 30 10
50 30 30 100 50 100 100 30 50 50 100 30 10 10
50 200 50 30 50 50 50 50 10 10 50 30 30 30
100 200 100 100 100 100 100 100 100 100 100 100 100 50
50 30 50 50 30 50 50 30 30 30 50 50 30 10
100 200 100 100 100 100 100 100 100 100 100 100 100 50
30 30 30
50 30 30
200 100 50
30 30 10
200 100 50
30 50
30 30
100 200
30 30
100 200
30
10
30
10
200 200 100 100 30
30 10 10 30 10
30 30 200 100 30
50 50 100 50 10
30 50
0 10
50 50
30 30
50 50
30
0
30
0
30
R R
R
R
D D
D D D D
D D
D D
D
D
B B B
B B
LUCHT
GROOTSTE AFSTAND 200 200 100 50
GEVAAR
Vervaardiging van verwarmingsketels, radiatoren en stoomketels A Stamp-, pers-, dieptrek- en forceerbedrijven B Smederijen, lasinrichtingen, bankwerkerijen e.d. B1 Smederijen, lasinrichtingen, bankwerkerijen e.d., p.o. < 200 m2 0 Metaaloppervlaktebehandelingsbedrijven: 1 - algemeen 10 - stralen 11 - metaalharden 12 - lakspuiten en moffelen 2 - scoperen (opspuiten van zink) 3 - thermisch verzinken 4 - thermisch vertinnen 5 - mechanische oppervlaktebehandeling (slijpen, polijsten) 6 - anodiseren, eloxeren 7 - chemische oppervlaktebehandeling 8 - emailleren 9 - galvaniseren (vernikkelen, verchromen, verzinken, verkoperen ed) 1 Overige metaalbewerkende industrie 2 Overige metaalbewerkende industrie, inpandig, p.o. <200m2 A0 Grofsmederijen, anker- en kettingfabrieken: A1 - p.o. < 2.000 m2 B Overige metaalwarenfabrieken n.e.g. B Overige metaalwarenfabrieken n.e.g.; inpandig, p.o. <200 m2 - VERVAARDIGING VAN MACHINES EN APPARATEN 0 Machine- en apparatenfabrieken incl. reparatie: 1 - p.o. < 2.000 m2 2 - p.o. >= 2.000 m2 - VERVAARDIGING VAN KANTOORMACHINES EN COMPUTERS A Kantoormachines- en computerfabrieken incl. reparatie - VERVAARDIGING VAN OVER. ELEKTR. MACHINES, APPARATEN EN BENODIGDH. Elektromotoren- en generatorenfabrieken incl.
reparatie Schakel- en installatiemateriaalfabrieken Elektrische draad- en kabelfabrieken Accumulatoren- en batterijenfabrieken Elektrotechnische industrie n.e.g. - VERVAARDIGING VAN AUDIO-, VIDEO-, TELECOM-APPARATEN EN -BENODIGDH. Vervaardiging van audio-, video- en telecom-apparatuur e.d. incl. reparatie Fabrieken voor gedrukte bedrading - VERVAARDIGING VAN MEDISCHE EN OPTISCHE APPARATEN EN INSTRUMENTEN A Fabrieken voor medische en optische apparaten en instrumenten e.d. incl. reparatie
INDICES
GELUID
2521, 2530, 3311 255, 331 255, 331 255, 331 2561, 3311 2561, 3311 2561, 3311 2561, 3311 2561, 3311 2561, 3311 2561, 3311 2561, 3311 2561, 3311 2561, 3311 2561, 3311 2561, 3311 2561, 3311 2562, 3311 2562, 3311 259, 331 259, 331 259, 331 259, 331 27, 28, 33 27, 28, 33 27, 28, 33 27, 28, 33 27, 28, 33 26, 28, 33 26, 28, 33 26, 28, 33 26, 27, 33 26, 27, 33 271, 331 271, 273 273 272 293 26, 33 26, 33 261, 263, 264, 331 2612 26, 32, 33 26, 32, 33 26, 32, 33
AFSTANDEN IN METERS
STOF
2822, 2830 284 284 284 2851 2851 2851 2851 2851 2851 2851 2851 2851 2851 2851 2851 2851 2852 2852 287 287 287 287 29 29 29 29 29 30 30 30 31 31 311 312 313 314 316 32 32 321 t/m 323 3210 33 33 33
OMSCHRIJVING
GEUR
SBI-2008
nummer
SBI-1993
L L L L L L
L
L L L L
Bijlage 1 Staat van bedrijfsactiviteiten
2 2 2 2
B B B
50 100 200
3.1 3.2 4.1
2 G 2 G 2 G
1 1 2
B B B
100
3.2
2 G
2
B
200 100 100
4.1 3.2 3.2
2 G 2 G 2 G
2 2 2
B B B
3.2 1 2 2 3.1 3.1 2 3.1
2 G 1 P 1 G 2 G 2 G 2 G 1 P 2 G
2 1 1 2 2 2 1 2
B
30 50 100
2 3.1 3.2
1 P 1 P 1 P
1 1 2
B B B
10 30 50
1 2 3.1
1 P 1 P 1 P
1 1 1
100 30
3.2 2
1 P 1 P
2 1
GELUID
GEVAAR
10 10 10 10
200 C 200 200 100
30 30 30 30
30 100 50
30 50 100
50 100 200
10 50 30
50
30
100
30
50 30 30
30 10 30
200 100 100
30 30 30
50 0 30 30 30 30 0 30
50 10 10 10 10 10 30 10
100 10 10 30 50 50 30 50
30 0 10 10 30 30 0 30
100 10 30 30 50 50 30 50
0 0 0
0 0 0
30 C 50 C 100 C
10 30 50
0 0 0
0 0 0
10 C 30 C 50 C
10 10 50
30 10
10 0
100 C 30 C
50 10
VERVAARDIGING VAN AUTO'S, AANHANGWAGENS EN OPLEGGERS 0 Autofabrieken en assemblagebedrijven 1 - p.o. < 10.000 m2 Carrosseriefabrieken Aanhangwagen- en opleggerfabrieken Auto-onderdelenfabrieken - VERVAARDIGING VAN TRANSPORTMIDDELEN (EXCL. AUTO'S, AANHANGWAGENS) 0 Scheepsbouw- en reparatiebedrijven: 1 - houten schepen 2 - kunststof schepen 3 - metalen schepen < 25 m 0 Wagonbouw- en spoorwegwerkplaatsen: 1 - algemeen 0 Vliegtuigbouw en -reparatiebedrijven: 1 - zonder proefdraaien motoren Rijwiel- en motorrijwielfabrieken Transportmiddelenindustrie n.e.g. - VERVAARDIGING VAN MEUBELS EN OVERIGE GOEDEREN N.E.G. 1 Meubelfabrieken 2 Meubelstoffeerderijen b.o. < 200 m2 Fabricage van munten, sieraden e.d. Muziekinstrumentenfabrieken Sportartikelenfabrieken Speelgoedartikelenfabrieken Sociale werkvoorziening Vervaardiging van overige goederen n.e.g. - PRODUKTIE EN DISTRIB. VAN STROOM, AARDGAS, STOOM EN WARM WATER C0 Elektriciteitsdistributiebedrijven, met transformatorvermogen: C1 - < 10 MVA C2 - 10 - 100 MVA C3 - 100 - 200 MVA D0 Gasdistributiebedrijven: D3 - gas: reduceer-, compressor-, meet- en regelinst. Cat. A D4 - gasdrukregel- en meetruimten (kasten en gebouwen), cat. B en C D5 - gasontvang- en -verdeelstations, cat. D E0 Warmtevoorzieningsinstallaties, gasgestookt: E1 - stadsverwarming E2 - blokverwarming - WINNING EN DITRIBUTIE VAN WATER A0 Waterwinning-/ bereiding- bedrijven:
R R R
R
R
R
200 200 200 100
D
D
D
D
B
LUCHT
VISUEEL
3 G 2 G 2 G 2 G
100 100 30 30
BODEM
VERKEER
4.1 4.1 4.1 3.2
GROOTSTE AFSTAND
CATEGORIE
INDICES
STOF
29 29 291 291 29201 29202 293 30 30 301, 3315 301, 3315 301, 3315 301, 3315 302, 317 302, 317 303, 3316 303, 3316 309 3099 31 31 310 9524 321 322 323 324 32991 32999 35 35 35 35 35 35 35 35 35 35 35 35 35 36 36 36
AFSTANDEN IN METERS
GEUR
34 34 341 341 3420.1 3420.2 343 35 35 351 351 351 351 352 352 353 353 354 355 36 36 361 361 362 363 364 365 3663.1 3663.2 40 40 40 40 40 40 40 40 40 40 40 40 40 41 41 41
OMSCHRIJVING
SBI-2008
nummer
SBI-1993
Bijlage 1 Staat van bedrijfsactiviteiten
CATEGORIE
VERKEER
VISUEEL
0
50 C
30
50
3.1
1 G
2
0 0
0 0
30 C 100 C
10 10
30 100
2 3.2
1 P 1 P
1 1
10 10 10 0
30 30 30 10
100 50 50 30
10 10 10 10
100 50 50 30
3.2 3.1 3.1 2
2 G 2 G 2 G 1 G
2 1 1 1
B B B B
10 10 10 0 50 10 0
0 10 30 0 30 0 0
30 100 100 10 30 30 30
10 10 10 10 30 0 10
30 100 100 10 50 30 30
2 3.2 3.2 1 3.1 2 2
2 P 2 G 1 G 1 G 1 G 3 P 1 P
1 1 1 1 1 1 1
B
0 30 10 50 50 30 10 0 10 10 30 10 10
0 30 10 10 0 10 0 0 0 10 10 10 10
10 50 30 100 C 30 30 30 30 30 30 30 30 30
0 30 0 0 0 50 50 0 0 0 0 10 10
10 50 30 100 50 50 50 30 30 30 30 30 30
1 3.1 2 3.2 3.1 3.1 3.1 2 2 2 2 2 2
1 P 2 G 2 G 2 G 2 G 2 G 2 G 2 G 2 G 2 G 2 G 2 G 2 G
1 2 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1
10 10 0
0 0 0
30 30 30
10 50 30
30 50 30
2 3.1 2
2 G 2 G 2 G
1 1 1
10
50
50
30
50
3.1
2 P
2
50 100
0 0
50 30
200 50
4.1 3.2
2 G 2 G
2 2
0
10
100
10
3.2
2 G
2
R
R
R R
V V
R
200 100 100
D
LUCHT
GROOTSTE AFSTAND
10
BODEM
GEVAAR
A2 - bereiding met chloorbleekloog e.d. en/of straling B0 Waterdistributiebedrijven met pompvermogen: B1 - < 1 MW B2 - 1 - 15 MW - BOUWNIJVERHEID 0 Bouwbedrijven algemeen: b.o. > 2.000 m² 1 - bouwbedrijven algemeen: b.o. <= 2.000 m² 2 Aannemersbedrijven met werkplaats: b.o. > 1000 m² 3 - aannemersbedrijven met werkplaats: b.o.< 1000 m² - HANDEL/REPARATIE VAN AUTO'S, MOTORFIETSEN; Handel in auto's en motorfietsen, reparatie- en servicebedrijven Handel in vrachtauto's (incl. import en reparatie) A Autoplaatwerkerijen B Autobeklederijen C Autospuitinrichtingen Autowasserijen Handel in auto- en motorfietsonderdelen en -accessoires - GROOTHANDEL EN HANDELSBEMIDDELING Handelsbemiddeling (kantoren) 0 Grth in akkerbouwprodukten en veevoeders Grth in bloemen en planten Grth in levende dieren Grth in huiden, vellen en leder Grth in ruwe tabak, groenten, fruit en consumptie-aardappelen Grth in vlees, vleeswaren, zuivelprodukten, eieren, spijsoliën Grth in dranken Grth in tabaksprodukten Grth in suiker, chocolade en suikerwerk Grth in koffie, thee, cacao en specerijen Grth in overige voedings- en genotmiddelen Grth in overige consumentenartikelen 0 Grth in vuurwerk en munitie: 1 - consumentenvuurwerk, verpakt, opslag < 10 ton 2 - consumentenvuurwerk, verpakt, opslag 10 tot 50 ton 5 - munitie 0 Grth in vaste brandstoffen: 1 - klein, lokaal verzorgingsgebied 0 Grth in vloeibare en
gasvormige brandstoffen: 1 - vloeistoffen, o.c. < 100.000 m3 Grth minerale olieprodukten (excl. brandstoffen) 0 Grth in metaalertsen: Grth in metalen en -halffabrikaten
INDICES
GELUID
36 36 36 36 41, 42, 43 41, 42, 43 41, 42, 43 41, 42, 43 41, 42, 43 41, 42, 43 45, 47 45, 47 451, 452, 454 451 45204 45204 45204 45205 453 46 46 461 4621 4622 4623 4624 46217, 4631 4632, 4633 4634 4635 4636 4637 4638, 4639 464, 46733 46499 46499 46499 46499 46711 46711 46712 46712 46713 46721 46722, 46723
AFSTANDEN IN METERS
STOF
41 41 41 41 45 45 45 45 45 45 50 50 501, 502, 504 501 5020.4 5020.4 5020.4 5020.5 503, 504 51 51 511 5121 5122 5123 5124 5125, 5131 5132, 5133 5134 5135 5136 5137 5138, 5139 514 5148.7 5148.7 5148.7 5148.7 5151.1 5151.1 5151.2 5151.2 5151.3 5152.1 5152.2 /.3
OMSCHRIJVING
GEUR
SBI-2008
nummer
SBI-1993
B
L
B B
L
Bijlage 1 Staat van bedrijfsactiviteiten
10 10
50 30
10 10
50 30
3.1 2
2 G 1 G
2 1
0 0
30 10
100 30
0 0
100 30
3.2 2
2 G 1 G
2 1
0 0 50 30 10 10 10 10 10
0 0 10 30 10 30 10 30 10
50 30 30 30 30 100 50 100 50
10 0 100 30 10 30 10 10 10
50 30 100 30 30 100 50 100 50
3.1 2 3.2 2 2 3.2 3.1 3.2 3.1
2 G 1 G 2 G 1 G 2 G 2 G 2 G 2 G 2 G
2 1 2 1 2 2 2 2 2
0 0 0
10 10 0
100 50 30
10 0 0
100 50 30
3.2 3.1 2
2 G 2 G 2 G
2 1 1
0
0
50
0
50
3.1
2 G
1
0 0 10 0 0 0
10 0 0 0 0 0
100 C 30 C 100 C 100 C 50 C 30 C
0 0 0 30 30 10
100 30 100 100 50 30
D
3.2 2 3.2 3.2 3.1 2
2 P 2 P 2 G 3 G 2 G 1 P
2 1 1 1 1 1
30 0 10 10 0 0 0
10 0 0 0 0 0 0
50 C 30 C 30 C 100 C 10 10 10
50 10 0 30 0 0 0
50 30 30 100 10 10 10
D
3.1 2 2 3.2 1 1 1
2 G 2 G 3 P 2 G 2 P 1 P 1 P
2 1 1 1 1 1 1
0 0
0 0
30 C 10 C
0 0
2 1
2 P 1 P
1 1
R R
D
D
LUCHT
VISUEEL
0 0
BODEM
VERKEER
DETAILHANDEL EN REPARATIE T.B.V. PARTICULIEREN Postorderbedrijven
CATEGORIE
-
GROOTSTE AFSTAND
0 1 0 1 0 1 2
Grth in hout en bouwmaterialen: - algemeen: b.o. > 2000 m² - algemeen: b.o. <= 2000 m² zand en grind: - algemeen: b.o. > 200 m² - algemeen: b.o. <= 200 m² Grth in ijzer- en metaalwaren en verwarmingsapparatuur: - algemeen: b.o. > 2.000 m² - algemeen: b.o. < = 2.000 m² Grth in chemische produkten Grth in kunstmeststoffen Grth in overige intermediaire goederen Autosloperijen: b.o. > 1000 m² - autosloperijen: b.o. <= 1000 m² Overige groothandel in afval en schroot: b.o. > 1000 m² - overige groothandel in afval en schroot: b.o. <= 1000 m² Grth in machines en apparaten: - machines voor de bouwnijverheid - overige Overige grth (bedrijfsmeubels, emballage, vakbenodigdheden e.d.
GEVAAR
0 1 2 4 5 6 0 1 2
INDICES
GELUID
4673 4673 4673 46735 46735 46735 4674 4674 4674 46751 46752 4676 4677 4677 4677 4677 466 466 466 466, 469 47 47 4791 49 49 493 493 493 494 494 495 52 52 52102, 52109 52109 5221 5221 5222 791 5229 64 53 531, 532 61 61
AFSTANDEN IN METERS
STOF
5153 5153 5153 5153.4 5153.4 5153.4 5154 5154 5154 5155.1 5155.2 5156 5157 5157 5157.2/3 5157.2/3 518 518 518 519 52 52 5261 60 60 6021.1 6022 6023 6024 6024 603 63 63 6312 6312 6321 6321 6322, 6323 633 634 64 64 641 642 642
OMSCHRIJVING
GEUR
SBI-2008
nummer
SBI-1993
B
B B B B
-
VERVOER OVER LAND Bus-, tram- en metrostations en -remises Taxibedrijven Touringcarbedrijven 0 Goederenwegvervoerbedrijven (zonder schoonmaken tanks): b.o. > 1000 m² 1 - Goederenwegvervoerbedrijven (zonder schoonmaken tanks) b.o. <= 1000 m² Pomp- en compressorstations van pijpleidingen - DIENSTVERLENING T.B.V. HET VERVOER A Distributiecentra, pak- en koelhuizen B Opslaggebouwen (verhuur opslagruimte) 1 Autoparkeerterreinen, parkeergarages 2 Stalling van vrachtwagens (met koelinstallaties) Overige dienstverlening t.b.v. vervoer (kantoren) Reisorganisaties Expediteurs, cargadoors (kantoren) - POST EN TELECOMMUNICATIE Post- en koeriersdiensten A Telecommunicatiebedrijven B0 zendinstallaties:
R
30 10
D
D
B
L
Bijlage 1 Staat van bedrijfsactiviteiten
VERKEER
VISUEEL 2 2 2
2 3.1 3.1 2
2 P 2 G 2 G 2 G
1 1 1 2
10
1
1 P
1
30 10
2 1
1 P 1 P
1 1
D
3.1 2 1
1 P 2 G 2 P
1 1 1
B B
D
4.1 3.1
3 G 1 G
1 1
B
R
30 50 50
2 3.1 3.1
1 P 2 G 2 G
1 1 1
R R
100 50 100 30
3.2 3.1 3.2 2
1 G 1 G 1 G 1 G
1 2 2 1
3.1 3.1 2 2
2 G 2 G 2 G 1 G
1 1 1 1
0 0 0
0 C 0 C 0 C
100 10 10
10 10 10 10
0 0 0 10
30 50 50 30
10 10 10 10
30 50 50 30
0
0
10
0
30 0
10 0
30 10
30 0
OVERIGE ZAKELIJKE DIENSTVERLENING Reinigingsbedrijven voor gebouwen Foto- en filmontwikkelcentrales Veilingen voor huisraad, kunst e.d.
50 10 0
10 0 0
30 30 C 10
30 10 0
50 30 10
OPENBAAR BESTUUR, OVERHEIDSDIENSTEN, SOCIALE VERZEKERINGEN Defensie-inrichtingen Brandweerkazernes
30 0
30 0
200 C 50 C
100 0
200 50
30 50 30
0 30 30
10 C 50 50
0 10 30
100 50 100 10
50 10 0 10
30 30 10 30
10 10 30 30
30 30 30 0
0 0 0 0
50 C 50 30 30
30 30 30 0
R
D D D
LUCHT
CATEGORIE
1 P 1 P 1 P
0 0 0
B1 - LG en MG, zendervermogen < 100 kW (bij groter vermogen: onderzoek!) B2 - FM en TV B3 - GSM en UMTS-steunzenders (indien bouwvergunningplichtig) - VERHUUR VAN TRANSPORTMIDDELEN, MACHINES, ANDERE ROERENDE GOEDEREN Personenautoverhuurbedrijven Verhuurbedrijven voor transportmiddelen (excl. personenauto's) Verhuurbedrijven voor machines en werktuigen Verhuurbedrijven voor roerende goederen n.e.g. - COMPUTERSERVICE- EN INFORMATIETECHNOLOGIE A Computerservice- en informatietechnologie-bureau's e.d. - SPEUR- EN ONTWIKKELINGSWERK Natuurwetenschappelijk speur- en ontwikkelingswerk Maatschappij- en geesteswetenschappelijk onderzoek
BODEM
GROOTSTE AFSTAND
3.2 1 1
GEVAAR
100 10 10
GELUID
74 747 7481.3 7484.4 75 75 7522 7525 90 90 9001 9002.1 9002.1 9002.2 9002.2 9002.2 9002.2 9002.2 93 93 9301.1 9301.1 9301.2 9301.3
INDICES
STOF
74
61 61 61 77 77 7711 7712, 7739 773 772 62 62 62 72 72 721 722 63, 69tm71, 73, 74, 77, 78, 80tm82 63, 69tm71, 73, 74, 77, 78, 80tm82 812 74203 82992 84 84 8422 8425 37, 38, 39 37, 38, 39 3700 381 381 382 382 382 382 382 93 96 96011 96011 96012 96013
AFSTANDEN IN METERS
GEUR
642 642 642 71 71 711 712 713 714 72 72 72 73 73 731 732
OMSCHRIJVING
SBI-2008
nummer
SBI-1993
B
-
-
- MILIEUDIENSTVERLENING B rioolgemalen A Vuilophaal-, straatreinigingsbedrijven e.d. B Gemeentewerven (afval-inzameldepots) A0 Afvalverwerkingsbedrijven: A2 - kabelbranderijen A4 - pathogeen afvalverbranding (voor ziekenhuizen) A5 - oplosmiddelterugwinning A7 - verwerking fotochemisch en galvano-afval - OVERIGE DIENSTVERLENING A Wasserijen en strijkinrichtingen B Tapijtreinigingsbedrijven Chemische wasserijen en ververijen A Wasverzendinrichtingen
R
50 50 30 30
D
B B B B
L L L L
B
L L
BEELDKWALITEITSPLAN NOORD 2
CO N CE PT
Regionaal bedrijvenpark Laarberg
BEELDKWALITEITSPLAN NOORD 2
Regionaal bedrijvenpark Laarberg
BEELDKWALITEITSPLAN NOORD 2
Regionaal bedrijvenpark Laarberg
Inleiding Met de ontwikkeling van het laatst deel van Laarberg fase 2 ontstaat er een bedrijventerrein met diverse mogelijkheden voor bedrijven om zich te vestigen, waarbij dit deel van het bedrijventerrein in een landschappelijke setting is gelegen. Dit deel van het bedrijventerrein wordt doorkruist en omringt door een landschappelijk casco. Binnen het casco wordt een bedrijventerrein ontwikkeld. In dit beeldkwaliteitsplan wordt de gewenste beeldkwaliteit van de bebouwing en de buitenruimte beschreven en bevat toetsbare criteria. Het is een verbindend element tussen landschap, architectuur en stedenbouw. Het plan geeft aanbevelingen en richtlijnen voor de vormgeving van bebouwing en de inrichting van het terrein. De openbare ruimte sluit aan op het landschap en op bestaand Laarberg. Hiermee wordt de samenhang en inbedding in het landschap geborgd. De aspecten die ruimtelijk geborgd dienen te worden worden geborgd in het bestemmingsplan Laarberg Noord 2. Dit gaat bijvoorbeeld over bebouwingspercentage, minimaal met punt bouwen in de voorgevelrooilijn bouwen in de rooilijn en bouwhoogtes, parkeren uit het zich of in landschappelijke setting.
De focus in dit beeldkwaliteitsplan ligt hierbij op het realiseren van heldere gebouwen, oftewel gebouwvolumes met een grote mate van eenvoud, waardoor samenhang kan ontstaan tussen de verschillende gebouwen op het bedrijventerrein. Een te grote gebouwdiversiteit kan leiden tot verrommeling. Bewust wordt in dit document dan ook niet gesproken over exclusieve materialen, of bijzondere vormgeving. Normaal is de norm, speciaal legt de nadruk op het verkeerde en is minder toekomstbestendig. Toekomstwaarde wordt gezien als een belangrijk aspect van de planontwikkeling. Per ontwerp dient in beeld gebracht te worden op welke wijze het ontwerp flexibel en adaptief is naar de toekomst, met behoud van de beoogde beeldkwaliteit. Dit kan te maken hebben met mogelijke uitbreidinging en fasering van de bouwplannen, maar ook met het faciliteren van verandering in gebruik in de toekomst. Onderstaand stroomschema laat zien op welke wijze dit document een rol speelt in de begeleiding en toetsing van plannen voor ontwikkelingen op het Regionaal Bedrijventerrein Laarberg.
Regionaal Bedrijventerrein Laarberg Begeleiding planontwikkeling definitief ontwerp
Welstand toets definitief ontwerp
Planontwikkeling
Q-team
Q-team
Q-team
sessie
sessie
toets
toets
schetsontwerp
voorlopig ontwerp
definitief ontwerp
definitief ontwerp
Q-team
Welstand
Toetsingscriteria: Q-team: - Beeldkwaliteitsplan Regionaal Bedrijventerrein Laarberg fase 2 (22 juli 2021) - Inspiratiedocument beeldkwaliteit (1 maart 2023) Welstand: - Algemene ontwerpprincipes welstandsbeleid Oost Gelre - Gemengde werkgebieden Oost Gelre - Beeldkwaliteitsplan Regionaal Bedrijventerrein Laarberg fase 2 (22 juli 2021)
Welstand
toets
toets
definitief ontwerp
definitief ontwerp
*
*
Bij het doorlopen van een proces waarbij het Q-team wordt meegenomen in de planvorming mag in alle redelijkheid worden verwacht dat bij een positief advies van het Q-team een positief advies van welstand volgt.
01-03-2023 / versie 1.3
09-03-2023 / versie 1.1
BEELDKWALITEITSPLAN NOORD 2
Regionaal bedrijvenpark Laarberg
Vormgeving De gebouwmassa, of de gebouwmassa’s, worden vormgegeven als duidelijk herkenbare volumes met een afleesbare geleding en bepaalde mate van eenvoud. “Aanhangsels”, zoals bijvoorbeeld luifels, dienen zoveel mogelijk te worden voorkomen, of ondergeschikt te zijn aan het hoofdvolume. Indien sprake is van mogelijke uitbreiding in de toekomst, dan dient deze uitbreiding integraal onderdeel te zijn van het ontwerp in fase 1.
De representatieve zijde van de bebouwing is gelegen aan de openbare ruimte, met een zo transparant mogelijk karakter dat verbinding legt tussen de activiteiten binnen en de openbare ruimte. Aan in ieder geval deze representatieve zijde wordt de buitenruimte groen ingericht, mogelijk als verblijfsgebied en bij voorkeur gecombineerd met de (publieke) hoofdentree van het gebouw.
Zo wel: heldere volumes, afleesbare geleding
Zo niet: onduidelijke samenhang, geen hiërarchie
Zo wel: hoofdvolume met ondergeschikte elementen
Zo niet: ‘aanhangels’ verstoren het hoofdvolume
Zo wel: transparantie aan representatieve zijde
Zo niet: blinde gevels aan representatieve zijde
BEELDKWALITEITSPLAN NOORD 2
Regionaal bedrijvenpark Laarberg
Materiaal en kleur De materialisatie van het gebouwvolume of de gebouwvolumes is eenduidig. Er wordt een duidelijke keuze gemaakt voor één hoofdmateriaal en bijbehorende kleurstelling. Uitzonderingen hierop zijn alleen toegestaan als deze verband houden met de hoofdentree of de representatieve zone van het gebouw, waarbij het accent in materiaal en/of kleur zoveel mogelijk in 1 gebaar (gebundelde expressie) wordt samengebracht. De kleurstelling van het basismateriaal is ingetogen, ter plaatse van de representatieve zone of de hoofdentree kunnen kleuraccenten gemaakt worden, bij voorkeur door
het toepassen van materiaaleigen kleuren, bijvoorbeeld door het toepasen van hout. Te veel kleurgebruik en te grote kleurcontrasten dienen voorkomen te worden. Mochten toch kleuren, in beperkte mate, worden toegepast dan dienen deze kleuren over lange periode een hoogwaardige uitstraling te behouden. Verfijning in de gevel wordt eerder gezocht in een subtiele bewerking van het gevelmateriaal, de structuur of de verdeling van gevelelementen (naden).
Zo wel: één hoofdmateriaal en bijbehorende kleur
Zo niet: grote contrasten, geen hiëarchie in kleurgebruik
Zo wel: gebundelde expressie op de juiste plek
Zo niet: onnodige accenten en verspreid kleurgebruik
Zo wel: verfijning door textuur, bewerking en verhouding
Zo niet: verfijning door divers of gemêleerd kleurgebruik
BEELDKWALITEITSPLAN NOORD 2
Regionaal bedrijvenpark Laarberg
Signing en reclame-uitingen De positie van signing en reclame-uitingen zijn een integraal onderdeel van het ontwerp waarbij de leesbaarheid en herkenbaarheid van de signing en reclame voorop staan. Signing op de dakrand is niet toegestaan, signing dient te worden aangebracht op het gevelvlak. In het gevelontwerp wordt rekening gehouden met de te plaatsen uitingen door een gesloten, niet transparant vlak hiervoor te reserveren. Verlichting van de signing is toegestaan, maar felle en pulserende verlichting dient te worden voorkomen.
Signing wordt functioneel en in vormgeving terughoudend uitgevoerd en is geen middel om te expirimenteren met vormgeving. Daarbij dient de signing eenvoudig verwijderd of aangepast te kunnen worden, zonder de (beeld) kwaliteit van het gebouw aan te tasten.
Zo wel: logo of naam op dicht gevelvlak
Zo niet: logo of naam boven dakrand
Zo wel: losse letters op gesloten gevelvlak
Zo niet: naamgeving als experiment voor vormgeving
Zo wel: terughoudende reclamevoering
Zo niet: schreeuwerige reclamevoering
BEELDKWALITEITSPLAN NOORD 2
Regionaal bedrijvenpark Laarberg
Verlichting Er wordt terughoudend omgegaan met het aanlichten van gebouwen, verlichten is geen doel op zich. De focus met betrekking tot verlichting ligt op functionaliteit. Rondom de entree kan sfeerverlichting worden toegepast, maar altijd op ingetogen wijze, en met name bedoeld voor een aangenaam en veilig verblijf. Waar nodig dient verlichting te voldoen aan de eisen vanuit wetgeving flora en fauna.
Zo wel: genuanceerde gevelverlichting
Zo niet: verlichting om architectuur te ‘versterken’
Zo wel: verlichting op de juiste plek
Zo niet: verlichting als uiting op zichzelf
Zo wel: verlichting van binnen uit
Zo niet: veelheid aan verlichting, losse gevelarmaturen
BEELDKWALITEITSPLAN NOORD 2
Regionaal bedrijvenpark Laarberg
Groen Groen wordt toegepast om bij te dragen aan een natuurinclusieve omgeving waarin het prettig verblijven is. Groen is geen designobject. Bij een groene inrichting van de buitenruimte staan robuustheid en eenvoudig onderhoud voorop, om zo in de loop der tijd waarde te behouden. Daarbij wordt getracht om zoveel mogelijk groen aansluitend te realiseren, dat wil zeggen dat versnippering van groenvoorzieningen wordt voorkomen. Het groen dient een substantiële maat te hebben, passend bij en aansluitend op het gemeenschappelijk groen op het bedrijvenpark.
Bij het toepasen van groene gevels dient het groen een substantële positieve impact te hebben op de biodiversiteit. Ook hier geldt dat versnippering wordt voorkomen, en dat de afmeting van de groenvoorziening in balans is met de afmeting van het gebouwvolume en de maat van aanwezige groenvoorzieningen op het bedrijventerrein. Het toepassen van groene daken, in combinatie met het opwekken van energie, wordt uiteraard gestimuleerd, zeker wanneer daken zichtbaar zijn vanuit eigen bouwdelen, omliggende gebouwen of vanuit de openbare ruimte.
Zo wel: aaneengesloten groen, grote gebaren
Zo niet: groen als designmiddel
Zo wel: waardevol groen met impact
Zo niet: groen als designmiddel
Zo wel: robuust groen met bomen
Zo niet: kaal verhard parkeerterrein met ‘plukjes groen’’
Kernkwaliteitenanalyse & inrichtingsplan GO Laarberg Noord - Leerinkbeek
Dit rapport is gedrukt op 100% FSC-papier
November 2023 rapportnummer: 231712
Kernkwaliteitenanalyse en inrichtingsplan GO De Laarberg
Colofon
Titel: Kernkwaliteitenanalyse en inrichtingsplan GO Laarberg In opdracht van: Bedrijventerrein Laarberg Den Sliem 13 Contactpersoon: J. Okkema Uitgevoerd door: Ecochore Natuurtechniek Ruiterweg 8 7152 DE EIBERGEN T 0544-350297 M 06-15904121 E info@ecochore.nl I www.ecochore.nl Auteur: Floris Kouters Collegiale toetsing: Bas Voerman Veldwerk: Floris Kouters Datum: Versie: Status: Foto voorzijde:
November 2023 3.0 definitief Kamsalamander, wezel, koninginnenpage en Laarberg Noord.
Correspondentie door Ecochore Natuurtechniek vindt uitsluitend plaats op digitale wijze of op FSC/PEFC gecertificeerd papier. Ecochore Natuurtechniek is aangesloten bij Samenwerkingsverband Ecologie: www.ecochore.nl
INHOUD 1. AANLEIDING EN DOEL
1
2. KERNKWALITEITENANALYSE
2
2.1 VERLIESFACTOR KERNKWALITEITEN 2.2 NIEUWE FUNCTIE 2.3 WAARDEVOL OPEN GEBIED 2.4 AARDKUNDIGE WAARDEN 2.5 ECOLOGISCHE VERBINDINGSZONE
2 3 3 3 4
3. IMPACTFACTOR
5
3.1 BEDRIJVENTERREIN MILIEUCATEGORIE 3 EN 4 3.2 WEGEN <80KM/UUR 3.3 TOTAAL IMPACTPUNTEN
5 5 5
4. COMPENSATIEFACTOR
6
4.1 INRICHTINGSMAATREGELEN 4.2 POELEN 4.3 DROGE NATUURGRASLANDEN 4.4 HOUTSINGEL 4.5 ZOOM 4.6 TAKKENRILLEN 4.7 BOSUILENKAST 4.8 BEHEERPLAN
6 7 8 8 9 10 10 10
5. RESULTAAT
11
GERAADPLEEGDE BRONNEN
12
BIJLAGEN
13
Kernkwaliteitenanalyse en inrichtingsplan GO De Laarberg
1. AANLEIDING EN DOEL Aan het Ruiterpad in Groenlo is bedrijventerrein Laarberg voornemens om een huidig landbouwperceel te ontwikkelen als hoogwaardig bedrijventerrein. Een gedeelte van deze ontwikkelingen is gepland binnen de Groene Ontwikkelingszone zoals opgesteld door Provincie Gelderland. Voor nieuwe ontwikkelingen binnen de Groene Ontwikkelingszone (GO) gelden enkele regels. GO’s liggen vaak rondom de Ecologische Verbindingszones (EVZ) die samen het Gelders Natuurnetwerk (GNN) vormen. De EVZ’s zijn verbindende stukken natuur die de grote natuurgebieden van Nederland met elkaar verbinden. De regels voor ontwikkelingen binnen de GO, zijn vastgesteld in de omgevingsverordening. Het doel van de GO is het stimuleren van nieuwe ontwikkelingen met tegelijkertijd versterking van de bestaande natuur. Hiervoor moeten de kernkwaliteiten van het gebied versterkt worden door natuur en landschapselementen aan te leggen. Voor de aanleg van de natuur en landschapselementen gelden enkele algemene regels. Voor elke vierkante meter die ontwikkeld wordt binnen de GO krijg je, afhankelijk van het type ontwikkeling, verliespunten. Voor het verlies van kernkwaliteiten, open landschap, aardkundige waarden en EVZ kunnen extra verliespunten worden toegekend. Voor een geselecteerd aantal natuur- en landschapselementen kun je compensatiepunten verdienen, waarbij het totaal elkaar moet verevenen.
Middels dit rapport wordt invulling gegeven aan deze versterkingsopgave. Hierbij is een analyse van kernkwaliteiten, de verliesfactor en de impactfactor uitgevoerd. Daarnaast is een inrichtingsplan met de versterkingsmaatregelen opgesteld waarbij rekening is gehouden met de ontwikkelingsdoelstellingen van het EVZ-model.
Figuur 1. Overzichtskaart GO & GNN met in het rood omkaderd het plangebied. Lichtgroen geeft de GO weer, donkergroen geeft de GNN weer.
Ecochore Natuurtechniek
1
2. KERNKWALITEITENANALYSE De Laarberg is een industrieterrein aan de noordkant van Groenlo in de provincie Gelderland. Het gebied wordt in verschillende fases ontwikkeld. Het onderliggende rapport heeft betrekking op een deel van Laarberg noord – Leerinkbeek (zie figuur 2.). Het projectgebied ligt in kernkwaliteit deelgebied 26 zoals opgesteld door de provincie Gelderland.
Figuur 2: Ligging van het plangebied: links de ligging binnen het bedrijventerrein de Laarberg en rechts de ligging in de directe omgeving (binnen groene lijnen ligt de ligging van de omgeving van het plangebied en binnen de rode lijnen het globale plangebied). Bron luchtfoto’s: Google Earth
2.1 VERLIESFACTOR KERNKWALITEITEN Voor de GO zijn enkele type kernkwaliteiten geclassificeerd. Deze luiden als volgt: • • • • • • • • • • •
Natuurvriendelijke oever, poel, zoete plas Houtwal, houtsingel, elzensingel, bomenlaan, rij knotwilgen, solitaire bomen (niet Wnb beschermd houtopstand) Struweelhaag of scheerhaag Hoogstamboomgaard Moeras, rietland Nat schraalland/ vochtig hooiland Vochtig weidevogelgrasland Droge natuurgraslanden Kruiden- en faunarijke akker Ruigteveld of -zoom Alle typen bos die niet als Wnb beschermd houtopstand zijn aangemerkt
Het plangebied betreft bouwgrond dat reeds nog in gebruik is. Verspreid staan enkele solitaire bomen. Deze zullen echter behouden blijven binnen de inrichtingsmaatregelen. Uit recente onderzoeksgegevens ((Wamelink, 2021) & (Kouters, 2023) is naar voren gekomen dat er geen kernkwaliteiten verloren zullen gaan door de geplande ontwikkelingen. Ecochore Natuurtechniek
2
Kernkwaliteitenanalyse en inrichtingsplan GO De Laarberg
2.2 NIEUWE FUNCTIE Een ontwikkeling wordt als uitbreiding beschouwd als op het perceel dezelfde functie al op kleinere schaal plaatsvindt, of als het perceel direct grenst aan percelen met dezelfde functie. Als dit niet het geval is, is er sprake van een nieuwe ontwikkeling. Binnen het plangebied zal een functieverandering plaatsvinden. Percelen aangrenzend aan het plangebied hebben echter dezelfde functie. Hierdoor wordt de functieverandering niet gezien als nieuwe functie. Hiervoor geldt geen toeslagfactor.
2.3 WAARDEVOL OPEN GEBIED Het plangebied ligt niet binnen een waardevol open gebied. Hiervoor geldt geen toeslagfactor.
Figuur 3. Afbakening waardevol open gebied ten opzichte van het plangebied (rode kader). Bron: Atlasleefomgeving.nl/kaarten/waardevolopengebied
2.4 AARDKUNDIGE WAARDEN Het plangebied ligt niet binnen aardkundige waarden. Hiervoor geldt geen toeslagfactor
Figuur 4. Afbakening aardkundige waarden ten opzichte van het plangebied (rode kader). Bron: geoportaal.gelderland.nl/aardkundigwaardevollegebieden
Ecochore Natuurtechniek
3
2.5 ECOLOGISCHE VERBINDINGSZONE Het plangebied ligt gedeeltelijk binnen de ecologische verbindingszone. Het betreft hier hetzelfde stuk als de GO. Hiervoor geldt een toeslagfactor van 25%.
Figuur 5. Afbakening ecologische verbindingszone ten opzichte van het plangebied (rode kader) Bron: geoportaal.gelderland.nl/ecologischeverbindingszone
Ecochore Natuurtechniek
4
Kernkwaliteitenanalyse en inrichtingsplan GO De Laarberg
3. IMPACTFACTOR De impactfactor wordt berekend aan de hand van de ontwikkelingen die plaatsvinden binnen het plangebied. Hiervoor zijn bepaalde, veel voorkomende ontwikkelingen geclassificeerd. Deze luiden als volgt: • • • • • • • • • • • •
Woningen Woonwijk Bedrijventerrein milieucategorie 1 en 2 Bedrijventerrein milieucategorie 3 en 4 Bedrijventerrein milieucategorie 5 en 6 Windturbine Zonnepark Parkeerterrein Wegen < 80 km/uur Middel 80-99 km/uur Wegen >= 100 km/uur Afwijkende categorie
De ontwikkelingen binnen het plangebied hebben betrekking op 2 verschillende categorieën: • Bedrijventerrein milieucategorie 3 en 4 • Wegen <80km/uur
3.1 BEDRIJVENTERREIN MILIEUCATEGORIE 3 EN 4 Voor een bedrijventerrein met milieucategorie 3 en 4 worden in de basis 3000 impactpunten per ha gerekend. Voor het plangebied geldt een toeslagfactor van 25% doordat er sprake is van een Ecologische verbindingszone (zie §2.5). Voor deze ontwikkeling geldt daardoor een totaal aantal impactpunten van 3750 per ha. De ontwikkeling van het bedrijventerrein binnen de GO beslaat een totale oppervlakte van 1,921 ha. Hiermee komt het aantal impactpunten voor de ontwikkeling bedrijventerrein milieucategorie 3 en 4 uit op 7203,75.
3.2 WEGEN <80KM/UUR Voor ‘wegen <80km/uur’ krijg worden in de basis 2000 impactpunten per ha gerekend. Voor het plangebied geldt een toeslagfactor van 25% doordat er sprake is van een Ecologische verbindingszone (zie §2.5). Voor deze ontwikkeling geldt daardoor een totaal aantal impactpunten van 2500 per ha. De ontwikkelingen ‘wegen <80km/uur’ binnen de GO beslaat een totaal van 0.106 ha. Hiermee komt het aantal impactpunten voor de ontwikkeling van ‘wegen <80km/uur’ uit op 256.
3.3 TOTAAL IMPACTPUNTEN Het totale aantal impactpunten voor de ontwikkelingen van het plangebied komt neer op: 7460 Ecochore Natuurtechniek
5
4. COMPENSATIEFACTOR 4.1 INRICHTINGSMAATREGELEN De provincie heeft de kernkwaliteiten beschreven voor 184 verschillende deelgebieden. Op basis van kernkwaliteiten en ontwikkelingsdoelen is een lijst opgesteld van natuur- en landschapselementen en speciale maatregelen die hieraan kunnen bijdragen. Hierbij worden punten per eenheid oppervlakte of aantal (bij bijv. nestvoorzieningen) toegekend. Voor maatregelen die bijdragen aan een EVZ geldt een toeslagfactor. In dit hoofdstuk worden de inrichtingsmaatregelen die in het plangebied worden genomen vertaald in versterkingspunten. Niet elke inrichtingsmaatregel sluit aan bij de kernkwaliteiten en doelsoorten binnen het plangebied. Het plangebied valt binnen deelgebied 26 Eibergen-Borculo. Dit deelgebied wordt gekenmerkt door een gevarieerd heideontginnings-, kampen en rivierweidenlandschap met restanten natte heide en broekbossen en andere bossen. Door het gebied stromen meerdere beken waarvan de Berkel en de Hupselsebeek/Leerinkbeek ecologisch de meest belangrijke zijn. Deze beken bieden de ecologische verbinding tussen Graafschap en Duitsland. De ontwikkeling en versterking van deze ecologische verbinding is één van de ontwikkelingsdoelstellingen van het deelgebied.
Andere ontwikkelingsdoelstellingen zijn onder andere: ontwikkeling kleinschalige landschappen met gebiedseigen lijnvormige elementen, poelen, ontwikkeling van schrale graslanden en ruigteranden. Als EVZ-model gelden voor de Berkel: Das, kamsalamander, ijsvogelvlinder en winde. Voor de Hupselsebeek/leerinkbeek geld het EVZ-model kamsalamander. Bij de inrichting van de compensatiestukken binnen het plangebied, is rekening gehouden met de ontwikkelingsdoelstellingen en het EVZ-model kamsalamander. Hierbij zijn onderstaande inrichtingsmaatregelen met de te behalen punten in het plan opgenomen. In het inrichtingsplan figuur 6 zijn de inrichtingsmaatregelen opgenomen. • • • • • •
Poelen (0.9Ha) Droge natuurgraslanden (1,0472 Ha) Houtsingel (0,6229 Ha) Zoom (0.25Ha) Takkenrillen (5x) Bosuilkast (2x)
3375 punten 1309 punten 2335 punten 313 punten 125 punten 25 punten
Hieronder is per inrichtingsmaatregel uitgewerkt waarom deze aansluit bij het EVZ-model en hoe deze is opgebouwd. Zie Bijlage I. voor een uitvergrootte versie.
Ecochore Natuurtechniek
6
Kernkwaliteitenanalyse en inrichtingsplan GO De Laarberg
Poel Droge natuurgraslanden Houtsingel Zoom Takkenrillen Bosuilkast
Figuur 6. Inrichtingsplan Bedrijventerrein De Laarberg
4.2 POELEN Een van de belangrijkste elementen in het EVZ-model kamsalamander zijn poelen. Poelen bieden voortplantingsmogelijkheden voor kamsalamanders en andere amfibieën. Voor een goede ecologische verbindingszone is het belangrijk dat er een kralensnoer aan poelen ontstaat. In de directe omgeving liggen reeds enkele poelen. Deze zijn echter op relatief grootte afstand gesitueerd danwel aan de andere zijde van de Leerinkbeek. Daarnaast zijn de dichtstbijzijnde poelen, op het zonnepark, aan de kleine kant (te ondiep). In droge jaren zullen deze poelen te vroeg droog komen te staan waardoor deze op dat moment geen geschikt voorplantingshabitat bieden aan kamsalamanders en andere amfibieën. Doordat er 7 poelen aangelegd worden binnen het gebied, is er mogelijkheid om te variëren en zo verschillende microklimaten te creëren. Zuidelijk van het GNN-bos zullen 2 poelen komen van 2200m2 en 800m2. Noordelijk gelegen van het GNN-bos komen 5 poelen van 2350m2, 1400m2, 1100m2, 750m2 en 400m2. Er worden er verschillende vormen van poelen aan gelegd. Het talud wordt op de meeste stukken afgegraven op 1:3 of minder aan de noordkant van de poelen. Aan de zuidkant zullen ook stukken van 1:2 worden afgegraven. De grondwatertrap binnen het gebied is GT VII. Dit betekent dat de diepste delen van de poelen een diepte krijgen van 2,20m.
Doordat niet alle stukken van de poelen even diep zullen worden ontstaan gradiënten waardoor de ecologische kansen worden versterkt. Ook ontstaan op deze wijze verschillende dieptes en hellingshoeken binnen een poel. Waardoor er altijd een poel is die bij verschillende weerstypes en omstandigheden functioneert als leefgebied voor kamsalamander en andere amfibieën. De poelen zullen door het open karakter, omringd door droog natuurgrasland, van voldoende zoninstraling worden voorzien.
Ecochore Natuurtechniek
7
4.3 DROGE NATUURGRASLANDEN Voor een goed functionerende poel is een open karakter rondom de poel van belang. Hierom wordt het gebied rond de poelen grotendeels omringd door droge natuurgraslanden van het beheertype N12.02. Hierbij wordt gekozen voor inzaaien zonder afgraven. Hoewel het voormalig landbouwgrond betreft, en deze betrekkelijk rijk is aan voedingsstoffen, is er voor gekozen om de huidige zaadbank, de reeds aanwezige mycorrhiza en het huidige bodemleven te sparen. Om de vegetatie een boost te geven wordt er wel ingezaaid. Als zaadmengsel zal een inheems, kruidenrijk mengsel worden gebruikt. Het droge natuurgrasland zal worden ingezaaid met het “gemeentemengels” samengesteld door de cruydthoek. Dit mengsel is speciaal ontwikkeld voor de gemeentegrenzen waarbinnen de Laarberg valt. Het beheer zal worden uitgevoerd aan de hand van het beheeradvies voor N12.02 kruiden en faunarijk grasland zoals opgesteld door BIJ12. Zie ook het beheerplan – 231712 Beheerplan GO inrichting Laarberg Noord. Met een deel van de uitgegraven grond, alleen de diepere voedselarme laag, zal getracht worden enig reliëf in het landschap aan te brengen. Dit zal resulteren in zogenoemde keverbanken met hoogteverschillen tot minimaal 50 cm. Hiermee wordt zowel flora als fauna gestimuleerd – zie figuur 9. Hier zal een zaadmengsels ingezaaid worden dat uit onderzoek het meest efficiënt is gebleken.
Het betreft hier een overblijvende polvormend gras en kruidenmengsels met als hoofdbestanddeel Kropaar, roodzwenkgras en timotheegras.
Figuur 9. Voorbeeld reliëfwerking plangebied. Bron: anbbrabant.nl
4.4 HOUTSINGEL Langs de Leerinkbeek is reeds in een eerdere fase een houtsingel aangeplant. Deze singel wordt in zijn geheel doorgetrokken en verbreed. Hierdoor ontstaat een veilige migratieroute voor kamsalamander en andere soorten langs de Leerinkbeek. Daarnaast zal een deel van het bestaande bos worden doorgetrokken. Langs het als GNN aangewezen bos aan de zuidwestkant van het gebied, wordt een zoom gecreëerd. Om deze door te kunnen trekken tot aan de ecologische verbindingszone wordt een houtsingel aangelegd in het verlengde van het bestaande bos. Omdat het hier een heideontginningslandschap betreft worden en soorten aangeplant die karakteristiek zijn voor dit landschapstype. Dit zijn soorten als: zomereik, berk, els, meidoorn, lijsterbes, hazelaar, hulst, brem, vuilboom en gewone vlier. De houtsingel wordt aangeplant in minimaal 3 plantenrijen op ongeveer 1,5 meter afstand van elkaar. De boomvormde soorten zullen voornamelijk in het midden staan. Bij de aanplant wordt gekozen voor kleinere formaten struiken en bomen. Deze zullen minder snel scheefwaaien en een mooier eindresultaat geven.
Ecochore Natuurtechniek
8
Kernkwaliteitenanalyse en inrichtingsplan GO De Laarberg
In totaal zullen de volgende soorten worden aangeplant. • 40x zomereik 1.75m • 80 x berk 1.75m • 300x els 1.75 • 500x meidoorn <1m • 500x lijsterbes <1m • 500x hazelaar <1m • 250x hulst <1m • 130x brem <1m • 500x vuilboom <1m • 500x gewone vlier <1m Beiden delen zullen worden aangeplant met verschillende inheemse autochtone soorten. Deze bomen betreffen autochtone inheemse struiken van Staatsbosbeheer of kwekerij Geurkink in Winterswijk. Het beheer zal worden uitgevoerd aan de hand van het beheeradvies voor L01.02 houtwal en houtsingel zoals opgesteld door BIJ12. Zie ook het beheerplan – 231712 Beheerplan GO inrichting Laarberg Noord.
4.5 ZOOM Langs het als GNN aangewezen bos, is een smalle strook GO gesitueerd. Deze smalle strook is zeer geschikt voor de aanleg van een zoomvegetatie. Door de geringe breedte, ongeveer 5m, is er geen ruimte om een volledige mantel zoom vegetatie aan te leggen. Daarnaast is dit ecologische niet gewenst. Aan deze kant van het GNN-bos is een kraamverblijfplaats van rosse vleermuizen gesitueerd die tevens dienstdoet als paarverblijf. Hierdoor is het niet raadzaam om grote opgaande elementen zoals een mantel aan te leggen. Deze zoom zal voor de GNN een versterkende werking hebben en voor een groot aantal diersoorten functioneren als leefgebied. Zo zal er hierdoor een vlindercorridor kunnen ontstaan tussen de ecologische verbindingszone en de overige groenelementen binnen het bedrijventerrein. De zoom zal worden ingezaaid met het “gemeentemengels” samengesteld door de cruydthoek. Dit mengsel is speciaal ontwikkeld voor de gemeentegrenzen waarbinnen de Laarberg valt. Daarnaast zullen er verschillende inheemse planten soorten worden aangeplant. Het gaat hier om gewone vlier en vuilboom. Om de 20 meter zal een struik worden aangeplant. Daarnaast zal ruimte zijn voor natuurlijke successie waarbij moet worden gedacht aan soorten als braam en hondsroos.
In totaal zullen de volgende soorten worden aangeplant/ingezaaid: • “Gemeentemengels” Cruydthoek • 10x gewone vlier • 10x vuilboom Deze bomen betreffen autochtone inheemse struiken van Staatsbosbeheer of kwekerij Geurkink in Winterswijk en zal beheerd worden aan de hand van het beheeradvies voor mantel-zoom vegetatie zoals opgesteld door Landschapsbeheer Gelderland. Zie ook het beheerplan – 231712 Beheerplan GO inrichting Laarberg Noord.
Ecochore Natuurtechniek
9
4.6 TAKKENRILLEN Verspreid over het nieuw in te richten gebied zullen 5 takkenrillen worden aangelegd. Bij de aanleg van het zonnepark is reeds gekozen voor de aanleg van takkenrillen om de populatie kleine marterachtige een boost te geven. Door de aanleg van deze takkenrillen ontstaat een schakel aan takken rillen waar niet alleen de kleine marterachtige van profiteert, maar ook dienstdoet als schuilmiddel voor de kamsalamander en vele soorten insecten. De takken rillen zullen een afmeting hebben van ongeveer 2 meter breed, 1 meter hoog en 20 meter lang.
4.7 BOSUILENKAST Om de lokale bosuilen populatie een boos te geven zullen 2 bosuilkasten worden geplaats in het bestaande bos. Vanuit duurzaamheidsdoelstellingen zal gekozen worden voor houtbetonnen kasten van Swegler. Houtbeton gaat een aanzienlijk langere tijd mee dan reguliere nestkasten van hout. Daarnaast zijn de kasten voorzien van een zogenaamde marterbescherming, zodat marters geen toegang hebben tot de kast.
4.8 BEHEERPLAN De verschillende inrichtingsmaatregelen hebben betrekking op verschillende stadia van de successie. Om het nieuw ingerichte gebied toekomstbestendig te maken zal een beheerplan wordt opgesteld voor minimaal 10 jaar. Na 10 jaar zal worden beoordeeld of het huidige beheer nog steeds voldoet of dat gerichte aanpassen noodzakelijk zijn om het geheel goed te laten functioneren. In een beheerplan zullen onder andere het onderhoud van de houtsingel, de maaifrequentie, het schonen/open houden van de poelen etc. worden opgenomen. Zie voor een uitwerking van dit beheerplan – 231712 Beheerplan GO inrichting Laarberg Noord.
Ecochore Natuurtechniek
10
Kernkwaliteitenanalyse en inrichtingsplan GO De Laarberg
5. RESULTAAT Met de inrichtingsmaatregelen worden voldoende compensatiepunten behaald om de industriële ontwikkelingen binnen het plangebied te nivelleren. Daarnaast is er bij de implementatie van inrichtingsmaatregelen niet alleen gekeken naar de te behalen punten maar is ook ingespeeld op het ecologische gezien, maximaal haalbare binnen deze inrichtingsmaatregelen. Door de uitvoering van deze inrichtingsmaatregelen voldoet Bedrijventerrein de Laarberg ruimschoot aan de noodzakelijke compensatie en zal er in de nieuwe situatie meer ruimte zijn voor zowel industriële ontwikkeling als de natuur. In onderstaande tabel zijn de betreffende onderdelen opgesomd.
Impactfactor
Opp. m2
Impact punten
Compensatiefactor
Opp. m2
Compensatie punten
Bedrijventerrein millieucategorie 3/4 Wegen <80km/uur
19210 1060
7204 Poelen 256 Droge natuurgraslanden Houtsingel Zoom Takkenrillen Bosuilkast
9000 10472 6229 2500
3375 1309 2336 313 125 25
Totaal
20270
7460 Totaal
28201
7483
Ecochore Natuurtechniek
11
GERAADPLEEGDE BRONNEN Literatuur Bij12 (2018). Beheeradvies N12.02 kruiden en faunarijk grasland. Geraadpleegd van: https://www.bij12.nl/wp-content/uploads/2018/11/aanpassing-beheeradvies-N12.02kruidenenfaunarijk-grasland-definitief15102018_wijzigingen_verwerkt.pdf Provincie Gelderland (2021). Deelgebieden kernkwaliteiten. (https://www.planviewer.nl/imro/files/NL.IMRO.1859.BPBGB20200010/b_NL.IMRO.1859.BPBGB2020-0010_tb13.pdf
Geraadpleegd
van:
Prudon, B. & Creemers, R.C.M. (2004). Veilig naar de overkant: een kritische kijk op constructie en onderhoud van amfibiëntunnels. Ravon. Rijkswaterstaat (2021). Leidraad faunavoorzieningen Bij infrastructuur 2021. Ministerie van infrastructuur en waterstaat. Veilig naar de overkant: een kritische kijk op constructie en onderhoud van amfibiëntunnels
Internetbronnen Aanleg poelen https://www.ravon.nl/Helpdesk/poel-aanleggen Kaart landschappen https://slgelderland.nl/kennisbank/landschap-op-de-kaart Heideontginningslandschap https://slgelderland.nl/kennisbank/heideontginningslandschap
Ecochore Natuurtechniek
12
Kernkwaliteitenanalyse en inrichtingsplan GO De Laarberg
BIJLAGEN Bijlage 1: Inrichtingsmaatregelen
Ecochore Natuurtechniek
13
Bijlage 1 - Inrichtingsmaatregelen
Ecochore Natuurtechniek
14