CConstaterende datOost Gelre
Koppel je AI →
Document · PDF

Bp heemselerweg toelichting

Raadscommissie 9 februari 2022, gemeente Oost GelreBij agendapunt: Bestemmingsplan ‘Buitengebied herziening Heemselerweg 1 te Mariënvelde’14.426 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

Toelichting (vastgesteld)

27

bestemmingsplan Buitengebied herziening Heemselerweg 1 Marienvelde

Thema

Toetsvraag

Relevant

Hoofdthema's Veiligheid

1. Ligt in of nabij het plangebied een primaire of regionale Nee waterkering? 2. Ligt in of nabij het plangebied een kade?

Riolering afvalwaterketen

Nee

en 1. Is er toename van het afvalwater (DWA)?

Ja

2. Ligt in het plangebied een persleiding van Waterschap Rijn en Nee IJssel? 3. Ligt in of nabij het plangebied een rioolwaterzuiveringsinstallatie Nee van het waterschap? Wateroverlast (oppervlaktewater)

1. Is sprake van toename van verhard oppervlak?

Nee

2. Zijn er kansen voor het afkoppelen van bestaand verhard Nee oppervlak? 3. Bevinden zich in of nabij het plangebied natte en laaggelegen Nee gebieden, beekdalen en overstromingsvlaktes? Grondwateroverlast

1. Is in het plangebied sprake van slecht doorlatende lagen in de Nee ondergrond? 2. Bevindt het plangebied zich in de invloedzone van de Rijn of Nee IJssel? 3. Is in het plangebied sprake van kwel?

Nee

4. Beoogt het plan dempen van slootjes of andere wateren?

Nee

Oppervlaktewaterkwalit 1. Wordt vanuit het plangebied water op oppervlaktewater geloosd? Nee eit 2. Ligt in of nabij het plangebied een HEN of SED water?

Nee

3. Ligt het plangebied geheel of gedeeltelijk in een strategisch Nee actiegebied? Grondwaterkwaliteit

1. Ligt in het plangebied een beschermingszone van een Nee drinkwateronttrekking?

Volksgezondheid

1. In of nabij het plangebied bevinden zich overstorten uit het Nee gemengde of verbeterde gescheiden stelsel? 2. Bevinden zich of komen er functies in of nabij het plangebied die Nee milieuhygiënische of verdrinkingsrisico's met zich meebrengen (zwemmen, spelen, tuinen aan water)?

Verdroging

1. Bevindt het plangebied zich in beïnvloedingsgebied voor natte land natuur?

een

hydrologisch Nee

Natte natuur

1. Bevindt het plangebied zich in of nabij een natte ecologische Nee verbindingzone? 2. Bevindt het plangebied zich in of nabij beschermingszones voor Nee natte landnatuur?

28

Toelichting (vastgesteld)

bestemmingsplan Buitengebied herziening Heemselerweg 1 Marienvelde

Inrichting en beheer

1. Bevinden zich in of nabij het plangebied wateren die in eigendom Nee of beheer zijn van het waterschap? 2. Heeft het plan herinrichting van watergangen tot doel?

Nee

Aandachtsthema's Recreatie

1. Bevinden zich in het plangebied watergangen en/of gronden in Nee beheer van het waterschap waar actief recreatief medegebruik mogelijk wordt?

Cultuurhistorie

1. Zijn er cultuurhistorische waterobjecten in het plangebied Nee aanwezig?

Tabel: Watertoetstabel met waterhuishoudkundige thema's

In bovenstaand tabel is een vraag met 'ja' beantwoord. Deze wordt hieronder nader beoordeeld. Riolering en afvalwaterketen Een toename van het afvalwater heeft effect op het functioneren van de afvalwaterketen. Het (gemeentelijk) rioolstelsel, de gemalen (overnamepunten) en de rioolwaterzuiveringsinstallatie dienen de toename te kunnen verwerken zonder daarmee het milieu zwaarder te belasten. Voor onderhoud aan het persleidingenstelsel is bereikbaarheid van de leiding noodzakelijk. Tot slot mogen in de milieuzone van de RWZI geen hindergevoelige functies worden opgenomen. De twee woonhuizen worden aangesloten op de riool persleiding. Deze heeft voldoende capaciteit om het afvalwater van twee woonhuizen te verwerken. Het hemelwater wordt niet aangesloten op het rioolstelsel en zal ter plaatse infiltreren/geborgen worden. Het functioneren van de riolering wordt niet nadelig beïnvloed en het milieu wordt niet zwaarder belast dan in de huidige situatie. In de zonering van de persleiding van Waterschap Rijn en IJssel vinden geen ontwikkelingen plaats die de bereikbaarheid van de persleiding kunnen belemmeren.

Conclusie water Het aspect water vormt geen belemmering voor dit plan.

5.5

Geluid

Wettelijk kader In het kader van de Wet geluidhinder is bij de wijziging van een bestemmingsplan een akoestisch onderzoek vereist naar de geluidsbelasting op geluidgevoelige bestemmingen vanwege industrielawaai, weg- en railverkeerslawaai. Dit geldt alleen voor (geplande) geluidgevoelige bestemmingen die binnen de zone van een weg, spoorweg of industrieterrein liggen. Naast het wettelijk kader van de Wet geluidhinder moet ook een afweging gemaakt worden of er sprake is van een goed woon- en leefklimaat. Daarnaast mogen toekomstige ontwikkelingen van aanwezige bedijven niet worden belemmmerd.

Verkeerslawaai In het kader van de Wet geluidhinder (Wgh) bevinden zich langs wegen geluidszones. In buitenstedelijk gebied geldt voor wegen, bestaande uit vijf of meer rijstroken een zone van 600 m, voor drie of vier rijstroken een zone van 400 m en voor wegen bestaande uit één of twee rijstroken een zone van 250 m, gemeten vanuit de as van de weg. Voor wegen binnen de bebouwde kom geldt een zone van 200 m. Binnen de zone moet in het geval van een nieuwe situatie met een geluidsgevoelige bestemming

Toelichting (vastgesteld)

29

bestemmingsplan Buitengebied herziening Heemselerweg 1 Marienvelde onderzoek worden verricht naar de optredende geluidsbelasting. Een aantal wegen heeft geen zone, te weten: wegen die gelegen zijn binnen een als woonerf aangeduid gebied; wegen waarvoor een maximum snelheid van 30 km per uur geldt. De te realiseren twee onder één kap woning in het plangebied komen te liggen op ongeveer 25 m van de Heemselerweg te Mariënvelde en ongeveer 145 m van de Waalderweg. Er is hier sprake van wegen met één rijstrook zodat hier een zone geldt van 250 m. Een onderzoek naar de optredende geluidsbelasting van het wegverkeer is noodzakelijk. Met behulp van indicatieve berekeningen is de geluidbelasting bepaalt van voornoemde wegen op de twee onder één kap woning. Uit deze berekeningen blijkt dat bij de aangegeven verkeersintensiteit op de genoemde wegen onder de toelaatbare geluidsbelasting van 48 dB wordt gebleven. Er gelden vanuit akoestisch oogpunt geen belemmeringen voor de realisatie van het plan. Railverkeer- en industrieel lawaai zijn niet van toepassing op dit plangebied nu beide niet in de directe nabijheid van het plangebied aanwezig zijn.

Conclusie Het aspect geluid vormt geen directe belemmering voor dit plan.

5.6

Geur

In de directe omgeving van het plangebied Heemselerweg 1 te Mariënvelde zijn enkel woningen in het buitengebied gelegen. Bij ruimtelijke besluitvorming is het volgende belangrijk: 1. het kunnen garanderen van een aanvaardbaar woon- en leefklimaat; 2. het niet onevenredig schaden van iemands belangen oftewel de toekomstige ontwikkelingen van omliggende veehouderijbedrijven of overige bedrijven niet belemmeren. Hiervoor is het nodig om voldoende afstand aan te houden tussen veehouderijen en geurgevoelige objecten. Situatie plangebied In de directe omgeving van het plangebeid zijn enkel particuliere woningen in het buitengebied gelegen. De dichtstbijzijnde agrarische bedrijven bevinden zich op meer dan 500 meter van de planlocatie. Op deze afstand is er een aanvaardbaar woon- en leefklimaat in de nieuwe woningen te garanderen. Tevens worden deze agrarische bedrijven op deze afstand niet door de gewenste planontwikkeling in hun toekomstige ontwikkelingen belemmerd.

Conclusie Het aspect geur vormt geen directe belemmering voor dit plan.

5.7

Luchtkwaliteit

Wettelijk kader De Nederlandse wetgeving voor luchtkwaliteit is vastgelegd in hoofdstuk 5, titel 2 van de Wet milieubeheer ("Wet luchtkwaliteit"). In bijlage 2 van de Wet milieubeheer staan de grenswaarden (normen) voor verschillende luchtvervuilende stoffen. In de praktijk is alleen bij stikstofdioxide en fijn stof mogelijk sprake van normoverschrijding, zodat de beoordeling tot deze stoffen beperkt blijft. Onderdeel van de Wet luchtkwaliteit zijn de volgende besluiten en regelingen met daarin het centraal staande begrip 'niet in betekenende mate' :

30

Toelichting (vastgesteld)

bestemmingsplan Buitengebied herziening Heemselerweg 1 Marienvelde

-

Besluit en Regeling niet in betekenende mate bijdragen (luchtkwaliteitseisen);

-

Besluit gevoelige bestemmingen (luchtkwaliteitseisen);

-

Regeling beoordeling luchtkwaliteit 2007.

Situatie plangebied Op en rondom deze locatie is geen sprake van een feitelijke of dreigende overschrijding van een grenswaarde uit bijlage 2 van de Wet milieubeheer. Omliggende veehouderijen leveren ter plaatse van de te realiseren twee onder één kap woning geen significante bijdrage aan de concentraties fijn stof. De Regeling niet in betekenende mate bijdragen (nibm) is in dit geval van toepassing. De aanvraag heeft betrekking op de realisatie van twee extra wooneenheden. De grens in de regeling ligt bij 1500 woningen met een enkele ontsluitingsweg of 3000 woningen met twee ontsluitingswegen. De aanvraag blijft daar ruimschoots onder. Een berekening van de gevolgen voor de luchtkwaliteit is daarom niet nodig. De ruimtelijke procedure heeft geen betrekking op de ontwikkeling van een gevoelige bestemming als bedoeld in het Besluit gevoelige bestemmingen (luchtkwaliteitseisen). Deze gevoelige bestemmingen zijn scholen, kinderdagverblijven en verzorgings-, verpleeg- en bejaardentehuizen. Woningen en ziekenhuizen zijn geen gevoelige bestemmingen. De locatie ligt bovendien op een afstand van: - meer dan 300 meter van een rijksweg; - meer dan 50 meter van een provinciale weg. Alleen bij realisatie van gevoelige bestemmingen binnen deze zones is toetsing aan de grenswaarden nodig. Nu dit niet aan de orde is, hoeft geen aanvullend onderzoek naar de luchtkwaliteit plaats te vinden.

Conclusie De aangevraagde ontwikkeling draagt niet in betekenende mate bij aan de luchtkwaliteit. Er is geen sprake van een gevoelige bestemming. De locatie ligt bovendien op voldoende afstand van rijks- en provinciale wegen. Er is geen sprake van feitelijke of dreigende overschrijding van grenswaarden. Er is daarom geen aanvullend onderzoek naar de luchtkwaliteit nodig. Het onderwerp luchtkwaliteit vormt geen belemmering voor de aangevraagde ontwikkeling.

5.8

Bedrijven en milieuzonering

Beoordelingskader De VNG-uitgave Bedrijven en milieuzonering (editie 2009) is een hulpmiddel voor de beoordeling van de toelaatbaarheid van ruimtelijke ontwikkelingen bij en rondom bedrijven. De in deze uitgave voor bedrijven opgenomen richtafstanden gelden ten opzichte van rustige woongebieden. De richtafstanden zijn voor drukkere gebieden (gemengd gebied) naar beneden bij te stellen. Aanvullend milieuonderzoek kan uitwijzen dat kleinere afstanden dan de richtafstanden mogelijk zijn. Verder hebben wettelijke afstanden voorrang op de richtafstanden.

Inhoudelijke beoordeling In deze situatie is sprake van een rustig buitengebied. In de directe omgeving van de aangevraagde ontwikkeling bevinden zich enkel burgerwoningen in het buitengebied. (Agrarische) bedrijven bevinden zich op grote afstand van de planlocatie. Aanvullend onderzoek is niet nodig.

Conclusie

Toelichting (vastgesteld)

31

bestemmingsplan Buitengebied herziening Heemselerweg 1 Marienvelde

Het onderwerp bedrijven en milieuzonering vormt geen belemmering voor de aangevraagde ontwikkeling.

5.9

Natuurbescherming

Wettelijk kader Op 1 januari 2017 is de Wet natuurbescherming (Wnb) in werking getreden. De Wet natuurbescherming vervangt de Natuurbeschermingswet 1998, de Flora- en Faunawet en de Boswet. Bij elk ruimtelijk plan dient, met het oog op de natuurbescherming, rekening te worden gehouden met de Wnb. Hierbij wordt onderscheid gemaakt in gebiedsbescherming en soortenbescherming. Een ruimtelijk plan mag namelijk geen significante gevolgen hebben voor een te beschermen gebied en/of soort. Darnaast dient rekening te worden gehouden met de provinciale omgevingsvisie en -verordening.

Onderzoek Door Natuurbank Overijssel is een quickscan natuurwaardenonderzoek uitgevoerd. De resultaten van de quickscan zijn opgenomen in een onderzoeksrapport met nummer 3504, versie 1.0 d.d. 14 juni 2021 welke als bijlage is bijgevoegd. In het onderzoeksrapport is aandacht besteedt aan de volgende onderdelen. Gebiedsbescherming Het Natuurnetwerk Nederland (NNN) (voormalig EHS) is een samenhangend netwerk van bestaande en nog te ontwikkelen belangrijke natuurgebieden in Nederland en vormt de basis voor het natuurbeleid. Het NNN is als beleidsdoel opgenomen in de Structuurvisie Infrastructuur en Ruimte. De provincies zijn verantwoordelijk voor de begrenzing, ontwikkeling en bescherming van het NNN. De provincie Gelderland streeft naar het veiligstellen van de verscheidenheid (biodiversiteit) en kwaliteit van de Gelderse natuur. Hiertoe zet de provincie in op de realisatie van een compact en hoogwaardig stelsel van onderling verbonden natuurgebieden. Dit wil de provincie bereiken door de bestaande natuur in het Gelders Natuurnetwerk (GNN) te beschermen en de samenhang te versterken door het uitbreiden van natuurgebieden in het GNN en het aanleggen van verbindingszones in de Groene Ontwikkelingszone (GO). Dit vindt plaats in de Omgevingsverordening Gelderland. De GNN en GO kent formeel geen externe werking.

32

Toelichting (vastgesteld)

bestemmingsplan Buitengebied herziening Heemselerweg 1 Marienvelde

Ligging van Gelders Natuurnetwerk (GNN) in de omgeving van het plangebied. De ligging van het plangebied wordt met de rode lijn aangeduid. Gronden die tot het Gelders Natuurnetwerk behoren worden aangeduid met de donkergroene kleur. Gronden die tot de Groene Ontwikkelingszone (GO) behoren, worden met de lichtgroene kleur aangeduid (bron: ruimtelijkeplannen.nl).

Natura 2000 Natura 2000-gebieden zijn door de Europese Unie (EU) aangewezen op grond van de Vogelrichtlijn en Habitatrichtlijn. Binnen deze gebieden mogen geen significant negatieve effecten optreden vanwege nieuwe ontwikkelingen.

Toelichting (vastgesteld)

33

bestemmingsplan Buitengebied herziening Heemselerweg 1 Marienvelde

Afbeelding Ligging Natura 2000-gebieden binnen de gemeente en in de omgeving, bron http://natura2000.eea.europa.eu/

Het plangebied ligt op minimaal 10,7 kilometer afstand van Natura 2000-gebied. Het meest nabij gelegen Natura 2000-gebied, is het Natura 2000-gebied Korenburgerveen. Niet alle habitattypen in Natura 2000-gebied zijn even gevoelig voor verzuring, als gevolg van stikstofdepositie, maar het Natura 2000-gebied Korenburgerveen bestaat voor een aanzienlijk deel uit stikstofgevoelige habitattypen. De uitvoering van fysieke activiteiten in een plangebied zou kunnen leiden tot een negatief effect op instandhoudingsdoelen van een Natura 2000-gebied in de omgeving van een plangebied. Als gevolg van bouwwerkzaamheden kunnen negatieve effecten optreden, zoals een toename van geluid, trillingen, kunstlicht, visuele verstoring, areaalverlies en aantasten hydrologie. Gelet op de aard, omvang en duur van de voorgenomen activiteiten wordt in voorliggend geval een negatief effect op instandhoudingsdoelen van Natura 2000-gebied uitgesloten. De invloedsfeer van de voorgenomen activiteiten is lokaal en gelet op de afstand tussen het plangebied en het meest nabij gelegen Natura 2000-gebied is een negatief effect uitgesloten.

Stikstof Ten behoeve van de totale ontwikkeling, wordt materieel met een verbrandingsmotor ingezet en vindt er een tijdelijke toename plaats van verkeersbewegingen als gevolg van de afvoer van sloopmateriaal en de

34

Toelichting (vastgesteld)

bestemmingsplan Buitengebied herziening Heemselerweg 1 Marienvelde aanvoer van bouwmaterialen en vervoer van materieel en personeel. Gelet op de aard en omvang van de voorgenomen activiteiten, de duur van de ontwikkelfase, toename verkeer in gebruiksfase en de afstand tussen het plangebied en Natura 2000-gebied, is het niet aannemelijk dat uitvoering van de voorgenomen activiteiten zal leiden tot een toename van stikstofdepositie in Natura 2000-gebied. Nader onderzoek, zoals het opstellen van een stikstofberekening wordt niet noodzakelijk geacht.

Conclusie gebiedsbescherming Het plangebied behoort niet tot het Gelders natuurnetwerk, Groene ontwikkelingszone of Natura 2000-gebied. Vanwege de ligging buiten het Gelders natuurnetwerk en Groene ontwikkelingszone, leiden de voorgenomen activiteiten niet tot wettelijke consequenties, omdat de bescherming van het Gelders natuurnetwerk en Groene ontwikkelingszone geen externe werking kennen. Gelet op de aard, omvang en duur van de voorgenomen activiteiten tijdens de ontwikkelfase, toename verkeer in gebruiksfase en de afstand tussen Natura 2000-gebied en het plangebied, is het niet aannemelijk dat uitvoering van de voorgenomen activiteiten zal leiden tot een negatief effect op Natura 2000-gebied. Nader onderzoek, zoals het opstellen van een stikstofberekening, wordt niet noodzakelijk geacht.

Soortenbescherming Onderdeel van de Wnb is soortenbescherming van planten en dieren. Dit betreffen: alle van nature in Nederland in het wild voorkomende vogels die vallen onder de Vogelrichtlijn (Wnb art. 3.1-3.4) dier- en plantensoorten die beschermd zijn op grond van de Habitatrichtlijn en de verdragen van Bern en Bonn (Wnb art. 3.5-3.9); nationaal beschermde dier- en plantensoorten genoemd in de bijlage van de wet (Wnb art. 3.10-3.11). Voor een groep beschermde soorten mogen provincies een zogenaamde 'lijst met vrijstellingen' opstellen (Wnb art. 3.11). Voor de soorten op deze lijst geldt een vrijstelling van de verboden genoemd in art. 3.10 eerste lid van de Wnb.

Conclusie soortenbescherming De inrichting van het gevoerde beheer maken het plangebied niet tot een geschikte groeiplaats voor beschermde planten, maar wel tot een geschikt functioneel leefgebied van verschillende beschermde diersoorten. Beschermde diersoorten benutten het plangebied hoofdzakelijk als foerageergebied, maar mogelijk bezetten beschermd grondgebonden zoogdieren er een vaste rust- en voortplantingsplaats, bezetten amfibieën er een (winter)rustplaats en nesten er vogels in het plangebied. Vleermuizen bezetten geen vaste rust-of voortplantingsplaats. Van de in het plangebied nestelende vogelsoorten, is uitsluitend het bezette nest beschermd, niet het oude nest of de nestplaats. Bezette vogelnesten zijn beschermd en mogen niet beschadigd of vernield worden. Gelet op de aard van de werkzaamheden kan geen ontheffing verkregen worden voor het beschadigen of vernielen van bezette vogelnesten. Voor de beschermde grondbonden zoogdieren en amfibieën die een (winter)rust- en/of voortplantingslocatie in het plangebied bezetten, geldt een vrijstelling van de verbodsbepalingen 'vangen' en het 'beschadigen en vernielen van rust- en voortplantingslocaties. Grondgebonden zoogdieren en amfibieën mogen niet gedood worden als gevolg van het uitvoeren van de voorgenomen activiteiten. Wel geldt een vrijstelling voor het beschadigen en vernielen van rust- en voortplantingslocaties.

Deze vrijstelling is van toepassing omdat er sprake is van een ruimtelijke ontwikkeling. Door uitvoering van de voorgenomen activiteiten neemt de betekenis van het plangebied als foerageergebied niet af.

Algehele conclusie

Toelichting (vastgesteld)

35

bestemmingsplan Buitengebied herziening Heemselerweg 1 Marienvelde

De Wet Natuurbescherming vormt geen belemmering voor dit plan.

5.10

Externe veiligheid

Wettelijk kader Bij externe veiligheid gaat het onder meer om productie, opslag, transport en gebruik van gevaarlijke stoffen. Dergelijke activiteiten leggen beperkingen op aan de omgeving. Door voldoende afstand aan te houden tussen deze activiteiten en 'gevoelige objecten' wordt voldaan aan de wettelijke normen. Het Besluit externe veiligheid inrichtingen (Bevi) van 27 oktober 2004 en de hierin opgenomen Regeling externe veiligheid inrichtingen, geeft aan welke activiteiten/bedrijven risicocontouren kennen, waarmee rekening dient te worden gehouden bij het verlenen van vergunningen in het kader van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht en bij nieuwe ruimtelijke ontwikkelingen. Het Bevi heeft tot doel de risico's waaraan burgers in hun leefomgeving worden blootgesteld door activiteiten met gevaarlijke stoffen in bedrijven tot het aanvaarde maximum te beperken. Het gaat daarbij om het beperken van de kans op en effect van een ernstig ongeval vanwege activiteiten met gevaarlijke stoffen binnen inrichtingen. Op vergelijkbare wijze zijn de aanvaardbare risico's, verbonden aan transport van gevaarlijke stoffen over weg, water en spoor en het transport door buisleidingen, vastgelegd in het Besluit externe veiligheid transportroutes (Bevt) en het Besluit externe veiligheid buisleidingen (Bevb) en de daarbij behorende regelingen.

Het doel wordt in Bevi, Bevt en Bevb vertaald naar de begrippen plaatsgebonden risico en groepsrisico: Plaatsgebonden risico (PR): Risico op een plaats buiten een inrichting, uitgedrukt als een kans per jaar dat een persoon onafgebroken en onbeschermd op die plaats zou verblijven, overlijdt als rechtstreeks gevolg van een ongewoon voorval binnen een inrichting waarbij een gevaarlijke stof betrokken is. Groepsrisico (GR): Cumulatieve kansen per jaar dat ten minste 10, 100 of 1000 personen overlijden als rechtstreeks gevolg van hun aanwezigheid in het invloedsgebied van een inrichting en een ongewoon voorval binnen de inrichting waarbij een gevaarlijke stof betrokken is. In Bevi, Bevt en Bevb zijn de risiconormen (plaatsgebonden risicoafstanden) wettelijk vastgelegd. Binnen deze afstanden mogen geen kwetsbare objecten worden opgericht. Beperkt kwetsbare objecten mogen alleen onder zwaarwegende motieven binnen deze risicoafstanden. Er is in Bevi, Bevt en Bevb geen harde norm voor het groepsrisico vastgesteld. Voor het groepsrisico geldt een verantwoordingsplicht. Derhalve is de risicokaart geraadpleegd.

Gemeentelijk externe veiligheidsbeleid De gemeente Oost Gelre heeft in 2008 een beleidsvisie externe veiligheid vastgesteld. Met de beleidsvisie externe veiligheid geeft de gemeente haar visie op de beheersing van veiligheidsrisico's binnen de gemeente. Het gaat dan om risico's als gevolg van de opslag, gebruik en vervoer van gevaarlijke stoffen. Daarmee geeft de gemeente Oost Gelre eveneens haar ambitieniveau aan. Op basis van deze visie wordt een nadere invulling gegeven aan de beleidsvrijheid op het gebied van externe veiligheid. Zo wordt aangegeven hoe de gemeente omgaat met (de verantwoording van) het groepsrisico en de richtwaarde bij het plaatsgebonden risico bij (beperkt) kwetsbare objecten. Het externe veiligheidsbeleid is samengevat in onderstaand figuur.

36

Toelichting (vastgesteld)

bestemmingsplan Buitengebied herziening Heemselerweg 1 Marienvelde

Situatie plangebied Nabij het plangebied is geen weg gelegen die is aangemerkt als een transportroute voor gevaarlijke stoffen. Ook over het spoor vindt geen vervoer van gevaarlijke stoffen plaats. Daarnaast zijn er in de directe nabijheid van het plangebied geen bedrijven aanwezig welke gevaar, schade of hinder voor de leefomgeving zullen veroorzaken. Op een afstand van ongeveer 350 meter is een ondergrondse buisleiding van defensie gelegen zoals op onderstaande kaart als rode stippellijn is aangegeven. Op 1 januari 2011 zijn het Besluit externe veiligheid buisleidingen (Bevb) en de bijbehorende Regeling externe veiligheid buisleidingen (Revb) in werking getreden. Het Bevb regelt onder andere welke veiligheidsafstanden moeten worden aangehouden rond buisleidingen met gevaarlijke stoffen. De normstelling is in lijn met het Besluit externe veiligheid inrichtingen (Bevi). De aangegeven buisleiding heeft een veiligheidszone waarin zich geen nieuwe kwetsbare objecten mogen vestigen. Deze veiligheidszone is op de verbeeling van het geldende bestemmingsplan Buitengebied Oost Gelre 2011 aangegeven en heeft een breedte van ongeveer 12 m aan iedere zijde van de buisleiding. De twee onder één kap woning komt niet in deze veiligheidszone te liggen en wordt de aangegeven grens- en richtwaarden van PR 10-6 voor kwetsbare en beperkt kwetsbare objecten niet overschreden.

Op het perceel Heemselerweg 1 te Mariënvelde worden ook geen gevaarlijke en/of ontplofbare stoffen opgeslagen of verhandeld zodat aanvullend onderzoek naar externe veiligheid niet noodzakelijk is. Onderzoek naar externe veiligheid is in onderhavig geval niet noodzakelijk.

Toelichting (vastgesteld)

37

bestemmingsplan Buitengebied herziening Heemselerweg 1 Marienvelde

Uitsnede Risicokaart gelderland (Bron: provincie Gelderland)

Uitsnede geldend bestemmingsplan

Conclusie Het aspect externe veiligheid vormt geen belemmering voor dit plan..

38

Toelichting (vastgesteld)

bestemmingsplan Buitengebied herziening Heemselerweg 1 Marienvelde

5.11

Verkeer en parkeren

Verkeer Het plangebied wordt ontsloten via de Heemselerweg. Dit is een doorgaande weg in het buitengebied. Meerdere woningen van derden worden ontsloten via deze weg. Het verkeer naar en afkomstig van het plangebied maakt hiervan deel uit. Door het gewijzigd gebruik op het perceel zal het verkeer op de Heemselerweg minimaal toenemen.

Parkeren Nota Parkeernormen gemeente Oost Gelre De nota ‘Parkeernormen gemeente Oost Gelre’ is een nadere uitwerking van het parkeerbeleid zoals dat is opgenomen in het integraal verkeersprogramma. In deze nota is een eenduidig toepassingskader vastgelegd van de parkeernormen. Tevens zijn in deze nota de toe te passen parkeernormen van de gemeente Oost Gelre vastgelegd. Het hanteren van parkeernormen is van belang om de vraag naar en aanbod van parkeerplaatsen met elkaar in evenwicht te houden. Bij bouwplannen (nieuwbouw, verbouw, herontwikkeling etc.) kan extra parkeerbehoefte ontstaan. De hoeveelheid en de kwaliteit van de extra te realiseren parkeer-plaatsen wordt berekend aan de hand van parkeernormen. Bij nieuwe ontwikkelingen moet de initiatiefnemer in principe op eigen terrein in de eigen parkeerbehoefte voorzien. Hierdoor wordt een verhoging van de parkeerdruk in de openbare ruimte voorkomen. De basis voor deze Nota Parkeernormen is het ASVV 2012 (Aanbevelingen voor verkeersvoorzieningen binnen de bebouwde kom) en publicatie 317 'Parkeerkencijfers - basis voor parkeernormering' van CROW - het nationale kennisplatform voor infrastructuur, verkeer, vervoer en openbare ruimte. Op basis van het autobezit in Oost Gelre is ervoor gekozen om de gemiddelde CROW-parkeerkencijfers als uitgangspunt te hanteren.

Bij de toekomstige werkwijze bij het aanvragen van een omgevingsvergunning wordt de gemiddelde norm gehanteerd voor het aantal aan te leggen parkeerplaatsen. De normen zijn opgenomen in de nota. De parkeernormen zijn opgenomen per functie, onderverdeeld naar de stedelijke zones: centrum Groenlo en Lichtenvoorde, schil rond centrum Groenlo en Lichtenvoorde, rest bebouwde kom (overige gebieden binnen de bebouwde kom van Groenlo en Lichtenvoorde evenals de kernen Zieuwent, Mariënvelde, Harreveld, Vragender en Lievelde) en buitengebied. In de normering is rekening gehouden met een aandeel van bezoekers van 0,3 parkeerplaatsen per woning. In de nota zijn ook richtlijnen gegeven voor bijvoorbeeld maatvoering van de parkeerplaatsen en de locatie van de parkeerplaatsen. Verder is een ontheffingsmogelijkheid opgenomen.

Aanvulling Binnen het plangebied is voldoende parkeergelegenheid aanwezig op eigen terrein. In het wijzigingsplan is een regeling opgenomen, waarin wordt verwezen naar de gemeentelijke Parkeernota of een rechtsopvolger daarvan. Expliciet is aangegeven dat ook een rechtsopvolger het kader kan vormen. Als de Nota Parkeernormen gemeente Oost Gelre wordt aangepast, dan vormt de opvolger daarvan het nieuwe toetsingskader. In de parkeernota is ook aangesloten op de bepalingen die waren opgenomen in de bouwverordening, maar door de recente wetswijziging zijn vervallen. Voor specifieke gevallen is een afwijkingsbevoegdheid (onder voorwaarden) opgenomen. Door het laten doorwerken van deze parkeerbepaling in alle geldende plannen is het wegvallen van de parkeerregels door de wetswijziging, hersteld.

Conclusie

Toelichting (vastgesteld)

39

bestemmingsplan Buitengebied herziening Heemselerweg 1 Marienvelde

Verkeer en parkeren vormen geen belemmering voor het planvoornemen. Parkeren geschiedt op eigen terrein.

40

Toelichting (vastgesteld)

bestemmingsplan Buitengebied herziening Heemselerweg 1 Marienvelde

Hoofdstuk 6

Plantoetsing

Het perceel Heemselerweg 1 te Mariënvelde is een voormalig agrarisch bedrijf. Op het perceel staan een bedrijfswoning, voormalige agrarische bedrijfsgebouwen en bijgebouwen bij de woning. Een tweetal bouwwerken met een oppervlakte van 1.513 m2 worden gesloopt. In ruil hiervoor mag een twee onder één kap woning op het perceel worden teruggebouwd. Een voormalig agrarisch bedrijfsgebouw blijft behouden en gaat dienst doen als bijgebouw bij de drie woningen. De agrarische bestemming wordt gewijzigd naar de bestemming Wonen. Ingevolge de regels uit het bestemmingsplan mag bij functieverandeirng van agrarisch naar wonen, na sloop van voormalige agrarische bedrijfsgebouwen met een minimum van 1.500 m2 twee aaneengebouwde woningen of een twee onder één kap woning op hetzelfde perceel worden teruggebouwd. Daar voldoet deze aanvraag aan. Het perceel Heemselerweg 1 te Mariënvelde is gelegen in het geldende bestemmingsplan 'Landbouwontwikkelingsgebieden Ruurlosebroek en Mariënvelde' (LOG-gebied). In dit bestemmingsplan is er geen mogelijkheid voor het toepassen van functieverandering van 'Agrarisch' naar 'Wonen'. Dit in tegenstelling tot het bestemmingsplan welke geldt voor het overige buitengebied in Oost Gelre zijnde het geldende bestemmingsplan 'Buitengebied Oost Gelre 2011' met bijbehorende Reparatieplannen.

In dit laatstgebnoemde bestemmingsplan is er een wijzigingsbevoegdheid opgenomen voor functieverandering van 'Agrarisch' naar 'Wonen'. Nu functieverandering van 'Agrarisch' naar 'Wonen' niet in het geldende bestemmingsplan LOG is opgenomen kan door middel van een herziening van bestemmingsplan aan het verzoek worden meegewerkt. Wel wordt hierbij getoetst aan voornoemde wijzigingsbevoegdheid zoals opgenomen in het bestemmingsplan 'Buitengebied Oost Gelre 2011' met bijbehorende Reparatieplannen. Voor het perceel is een inpassingsplan voor het erf en de omgeving opgesteld.

Voorwaarden functieverandering naar Wonen In het bestemmingsplan 'Buitengebied Oost Gelre 2011' met bijbehorende Reparatieplannen is in de algemene wijzigingsbevoegdheden de mogelijkheid opgenomen om een agrarische bestemming om te zetten naar een woonbestemming. Daarvoor gelden de volgende voorwaarden: Burgemeester en wethouders zijn bevoegd de gronden met de bestemmingen 'Agrarisch' en 'Agrarisch met waarden - Landschapswaarden' te wijzigen ten behoeve van de bestemming 'Wonen', met dien verstande dat: a. het agrarische bedrijf is of wordt beëindigd dan wel er geen sprake meer is van reële agrarische bedrijfsvoering; het agrarisch bedrijf is en bijft beëindigd. b. de voormalige bedrijfswoning, en het daaraan aangebouwde voormalige bedrijfsgedeelte, mag worden gebruikt voor bewoning; de voormalige bedrijfswoning wordt behouden en zal worden bewoond. c. het agrarische bouwvlak in zijn geheel komt te vervallen; het agrarisch bouwvlak komt te vervallen en wordt gewijzigd in een woonvlak. d. splitsing van de voormalige boerderij in twee woningen uitsluitend is toegestaan wanneer de inhoud (exclusief bijbehorende bouwwerken) meer bedraagt dan 900 m3; splitsing is niet van toepassing. e.

bij zowel hergebruik van de bestaande gebouwen zoals bedoeld in sub f als vervangende nieuwbouw zoals bedoeld in sub h, dient 50% van de bestaande gebouwen welke aanwezig waren op 27 april 2006 en daaronder niet zijn begrepen de voormalige bedrijfswoningen met daarbij behorende bijbehorende bouwwerken, te worden gesloopt; f. bij hergebruik van de bestaande gebouwen welke, in afwijking van het bepaalde in artikel 1 lid 1.16, aanwezig waren op 27 april 2006 en daaronder niet zijn begrepen de voormalige bedrijfswoningen met daarbij behorende bijbehorende bouwwerken, dient ten minste 600 m2 aan gebouwen te worden

Toelichting (vastgesteld)

41

bestemmingsplan Buitengebied herziening Heemselerweg 1 Marienvelde gesloopt, met een reductie van de gebouwen - de bestaande woning met daarbij behorende bijbehorende bouwwerken en de her te gebruiken bebouwing niet meegerekend- van 100%; g. bij hergebruik het totale aantal wooneenheden na functieverandering niet meer mag bedragen dan 3, waarbij uitsluitend sprake mag zijn van vrijstaande woningen dan wel van een gebouw met niet meer dan 2 wooneenheden; h. bij vervangende nieuwbouw het totale aantal toe te voegen wooneenheden na functieverandering niet meer mag bedragen dan: 1. indien sprake is van de sloop van ten minste 1.000 m2 aan gebouwen; 2. en wel in één gebouw, indien sprake is van de sloop van ten minste 1.500 m2 aan gebouwen; 3. en wel vrijstaand, indien sprake is van de sloop van ten minste 2.500 m2 aan gebouwen; bij toepassing van sub h niet de oppervlakte van de voormalige bedrijfswoningen met daarbij behorende bouwwerken bij de minimaal te slopen oppervlakte mag worden meegeteld; hergebruik van bebouwing vindt niet plaats, wel nieuwbouw. Een gedeelte van de bebouwing op het perceel wordt gesloopt waarbij het sloopoppervlak ongeveer 1.513 m2 bedraagt, exclusief bedrijfswoning. Hiervoor mogen twee nieuwe woningen in één gebouw op het perceel worden gerealiseerd.

Na nieuwbouw zal er op het perceel een bebouwingsreductie van meer dan 50% bebouwing hebben plaatsgevonden. i.

het totaal aantal wooneenheden op een perceel nooit meer mag bedragen dan 3;

er worden twee woningen gerealiseerd op het perceel zodat in totaal 3 woningen aanwezig zijn. j.

bij alle woningen 150 m2 aan bijbehorende bouwwerken is toegestaan, met dien verstande dat het achtererfgebied voor niet meer dan 50% mag worden bebouwd;

een voormalig agrarisch gebouw wordt behouden en zal dienst doen als bijbehorend bouwwerk bij de drie woningen. In totaal zal er ongeveer 450 m2 aan bijbehorende bouwwerken op het perceel aanwezig zijn gerealiseerd in het achtererf waarbij wordt voldaan aan genoemde 50%. k. alle nieuwe woningen - de (herbouw van) de voormalige agrarische bedrijfswoningen daaronder niet begrepen - dienen te worden gerealiseerd als levensloopbestendige woning; de nieuwe woningen worden levensloopbestendig uitgevoerd. l.

uit een door het college goedgekeurd plan voor erfinpassing en landschapsversterking blijkt dat het erf en de omliggende gronden landschappelijk worden versterkt; Indien geen woningen worden toegevoegd volstaat een door het college goedgekeurd plan voor erfinpassing; m. de wijziging mag niet leiden tot aantasting van landschappelijke waarden en natuurwaarden, waarvan laatstgenoemde door middel van onderzoek dient te worden aangetoond; het bijgevoegde landschappelijk inpassingsplan met erfinpassingsplan is akkoord bevonden. landschappelijke waarden en natuurwaarden worden niet aangetast. n. de wijziging geen onevenredige aantasting tot gevolg heeft voor: de milieusituatie; de verkeersveiligheid; de gebruiksmogelijkheden van de aangrenzende gronden; de sociale veiligheid. o. het (wijzigings-)plan per saldo een positief effect heeft op de ruimtelijke kwaliteit van het plangebied en de omgeving. Burgemeester en wethouders kunnen voorschriften verbinden aan het wijzigingsplan ter bevordering van de kwaliteit van de omgeving. de wijziging op het perceel is ruimtelijk beoordeeld en in hoofdstuk 5 zijn alle ruimtelijk relevante aspecten beoordeeld. Het plan heeft geen nadelige gevolgen voor genoemde aspecten.

Conclusie Het plan voldoet aan de voorwaarden uit de wijzigingsbevoegdheid zoals opgenomen in het geldend bestemmingsplan.

42

Toelichting (vastgesteld)

bestemmingsplan Buitengebied herziening Heemselerweg 1 Marienvelde

Hoofdstuk 7 7.1

Juridische planbeschrijving

Algemeen

De beleidsdoelstellingen zijn juridisch vertaald in de regels en de bijbehorende verbeelding. De basis voor de verbeelding, de tekening, is een recente kadastrale ondergrond en topografische gegevens. Op de verbeelding is de grens van het bestemmingsplangebied aangegeven. Binnen die grens zijn de verschillende bestemmingen met verschillende kleuren en letteraanduidingen weergegeven. Voorts zijn aanduidingen opgenomen, waarnaar in de regels wordt verwezen. Uitgangspunt voor de regels zijn de planregels die in de meest recente plannen binnen de gemeente zijn opgenomen, deels aangepast aan de Standaard Vergelijkbare BestemmingsPlannen 2012 (SVBP 2012) en de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht (Wabo). De planologisch-juridische regeling in dit bestemmingsplan sluit -met inachtneming van het vorenstaande- zoveel mogelijk aan bij andere recente bestemmingsplannen van de gemeente Oost Gelre.

7.2

Bestemmingsplan

Het digitale bestemmingsplan 'Buitengebied herziening Heemselerweg 1 Marienvelde' is de verzameling geometrisch bepaalde planobjecten dat is vervat in een GML-bestand NL.IMRO.1586.BPBUI2032-VG01 met bijbehorende regels. De digitale verbeelding op de plankaart geeft de bestemming van de gronden aan. Waar nodig zijn aanduidingen op de kaart opgenomen waarvan de betekenis in de regels wordt verklaard.

7.3

Plansystematiek

7.3.1

Indeling

De regels van het voorliggende bestemmingsplan zijn onderverdeeld in vier hoofdstukken. Deze hoofdstukken zijn: Hoofdstuk 1: Inleidende regels In dit hoofdstuk worden begrippen verklaard die in de regels worden gebruikt (artikel 1). Dit gebeurt om een eenduidige uitleg en toepassing van de regels te waarborgen. Ook is bepaald de wijze waarop gemeten moet worden bij het toepassen van de regels (artikel 2). Hoofdstuk 2: Bestemmingsregels In dit hoofdstuk zijn de (dubbel) bestemmingen vastgelegd. Per bestemming wordt het toegestane gebruik geregeld en eventueel bouwregels opgesteld. In het bestemmingsplan zijn de volgende bestemmingen van toepassing: de bestemmingen 'Agrarisch' en 'Wonen'. Het paraplubestemmingsplan geldt voor de op het plangebied voorkomende dubbelbestemmingen zijnde 'Waarde - Archeologisch verwachtingsgebied 3 en 4'. Hoofdstuk 3: Algemene regels In dit hoofdstuk zijn regels opgenomen met een algemeen - dat wil zeggen het gehele bestemmingsplan betreffend - karakter. Het zijn achtereenvolgens een anti-dubbeltelbepaling, algemene bouwregels, algemene gebruiksregels en algemene afwijkingsregels. Hoofdstuk 4: Overgangs- en slotregels In het laatste hoofdstuk zijn respectievelijk het overgangsrecht en de slotregel opgenomen. Hoewel het hier in wezen ook algemene bepalingen betreft, zijn deze vanwege hun meer bijzondere karakter in een apart hoofdstuk opgenomen.

Toelichting (vastgesteld)

43

bestemmingsplan Buitengebied herziening Heemselerweg 1 Marienvelde

7.3.2

Bestemmingsregels

Met deze herziening van het bestemmingsplan wordt de bestemming 'Wonen' van toepassing. Een groot deel van de huidige bestemming 'Agrarisch - Agrarisch bedrijf' krijgt de bestemming 'Wonen'. Een klein deel van de huidige bestemming 'Agrarisch - Agrarisch bedrijf' krijgt de bestemming 'Agrarisch'. Met een zogenaamde voorwaardelijke verplichting is bepaald dat binnen twee jaar na het onherroepelijk worden van dit bestemmingsplan de landschappelijke inpassing aangelegd moet zijn. Het niet instandhouden of niet onderhouden van de landschappelijke inpassing is ook in strijd met het bestemmingsplan. Naast deze herziening van het geldende bestemmingsplan geldt het paraplubestemmingsplan Archeologie. Dit paraplubestemmingsplan geldt voor het gehele grondgebied van de gemeente Oost Gelre inclusief de plangebieden waarvoor ruimtelijke procedures zijn doorlopen, zoals opgenomen in bijlage 1 van het parapluplan, ten tijde van vaststelling van dit parapluplan. Onderhavig perceel aan de Heemselerweg 1 te Mariënvelde wordt hierin niet genoemd. Voor dit plangebied dienen dan ook de archeologische dubbelbestemmingen te worden opgenomen. In de planregels van dit bestemmingsplan zijn de archeologische waarden uit het parapluplan opgenomen. Het gaat hierbij om de dubbelbestemmingen "Waarde - Archeologisch verwachtingsgebied 3" en "Waarde - Archeologisch verwachtingsgebied 4".

In deze dubbelbestemmingen zijn regels opgenomen die de mogelijke archeologische waarden in de bodem beschermen.

44

Toelichting (vastgesteld)

bestemmingsplan Buitengebied herziening Heemselerweg 1 Marienvelde

Hoofdstuk 8 Economische en maatschappelijke uitvoerbaarheid 8.1

Haalbaarheid

Het plan is een particulier initiatief. De uitvoering van de mogelijkheden die deze herziening van het bestemmingsplan biedt is voor rekening van de initiatiefnemers. Als het project aanleiding geeft tot vergoeding van planschade (artikel 6.1 Wro) zullen de kosten worden doorberekend aan verzoeker. Ten behoeve van het project is een anterieure overeenkomst afgesloten met verzoeker over planschade. Het is daarom niet meer nodig om een exploitatieplan op te stellen en vast te stellen.

8.2

Exploitatieplan

Met het voorliggende plan wordt de omschakeling van een agrarische bestemming naar een woon bestemming mogelijk gemaakt. Met de initiatiefnemer is een overeenkomst gesloten over het verhaal van kosten voor onder meer de exploitatie en eventuele planschade.

8.3

Maatschappelijke uitvoerbaarheid

8.3.1

Inspraak

Het ontwerpwijzigingsplan wordt voor een periode van zes weken ter inzage gelegd. Gedurende deze termijn zijn er geen zienswijzen ingekomen. 8.3.2

Artikel 3.1.1.-overleg

Op basis van artikel 3.1.1 van het Besluit op de ruimtelijke ordening moet bij de voorbereiding van een bestemmingsplan overleg gevoerd worden met de besturen van betrokken gemeenten en waterschappen en de relevante diensten van provincie en Rijk. Het bestemmingsplan heeft geen betrekking op provinciale belangen en waterschapsbelangen en is daarom niet opgestuurd naar de provincie en Waterschap Rijn en IJssel. Het waterschap en de provincie kunnen reageren op het ontwerp bestemmingsplan. Van de provincie en het waterschap is geen reactie ontvangen.

Toelichting (vastgesteld)

45

bezoek Varsseveldseweg 2 7131 BJ Lichtenvoorde post Postbus 17 7130 AA Lichtenvoorde telefoon (0544) 39 35 35 fax (0544) 37 29 69 e-mail gemeente@oostgelre.nl internet www.oostgelre.nl

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/11169616/1