CConstaterende datOost Gelre
Koppel je AI →
Document · PDF

bijlage 5 rapport vorm energietransitie

Raadscommissie 2 november 2021, gemeente Oost GelreBij agendapunt: Deelname Landelijk Ontwikkelfonds5.692 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Vorm aan de energietransitie Financiering van de ontwikkelfase Opdrachtgever: Gemeente Oost Gelre Arnhem, 29 maart 2021

© KplusV

© KplusV

Vorm aan de energietransitie Financiering van de ontwikkelfase Opdrachtgever: Gemeente Oost Gelre Arnhem, 12 februari 2021

Contactpersoon: Bart Blokhuis 06 27 08 55 40

© KplusV

Inhoud 1

Inleiding

5

1.1

Aanleiding

5

1.2

Vraagstelling

5

1.3

Werkwijze

6

1.4

Leeswijzer

6

2

Behoefte in Oost Gelre

7

2.1

Uitvoeringsagenda Oost Gelre

7

2.1.1

Investeringskosten projecten in Oost Gelre

7

2.2

Huidige situatie in Oost Gelre

9

2.3

Behoefte van lokale coöperaties

10

3

Financieringslandschap

11

3.1

Bestaand instrumentarium

11

3.1.1

Landelijk

11

3.1.2

Provinciaal

11

3.2

Financiële instrumenten

12

3.3

Scenario's

13

3.4

Conclusie

14

4

Rol gemeente Oost Gelre

15

4.1

Ambities en mogelijkheden gemeente Oost Gelre

15

4.2

Verschillende rollen

16

4.3

Conclusie

17

5

Oplossingsrichtingen voor Oost Gelre

18

5.1

Conclusies

18

5.2

Aanbevelingen

18

Bijlagen Onze contactgegevens

20

4

1 Inleiding 1.1 Aanleiding In september 2019 heeft KplusV het implementatieplan voor het Aanjaagfonds Achterhoek opgeleverd. Het Aanjaagfonds Achterhoek heeft als doel om een versnelling in de lokale (binnen het grondgebied van de deelnemende gemeenten) duurzame energieopwekking op gang te brengen door een laagdrempelige ondersteuning te bieden aan lokale energie-gerelateerde projecten. Dat wordt bereikt door leningen te verstrekken aan energieprojecten die zich in de ontwikkelfase bevinden, waarbij het moet gaan om reeds bewezen technieken. De beoogde deelnemende gemeenten hebben nog niet allemaal besloten of het Aanjaagfonds Achterhoek er gaat komen. Dit heeft onder andere te maken met de financiële risico's van een dergelijk fonds en de eerder door de gemeenteraden toegezegde bedragen (samen € 6.250.000,-) voor het aanjaagfonds. Op dit moment wordt door een aantal Achterhoekse gemeenten en de AGEM onderzocht of aansluiting bij EnergieSamen opportuun is. De Achterhoek heeft zich met het akkoord van Groenlo gecommitteerd aan het doel om in 2030 energieneutraal te zijn. U heeft daarom het verzoek aan KplusV gedaan om een compact, kaderstellend rapport op te stellen met een voorstel op hoofdlijnen voor een alternatief voor deelname aan het (oorspronkelijke) aanjaagfonds. Naast dit onderzoek wordt tevens de variant van EnergieSamen verkend.

Dit voorstel moet eveneens in lijn zijn met eerder opgestelde kaders en tegemoet komen aan de negatieve (financiële) conclusies uit implementatieplan van het Aanjaagfonds Achterhoek voor de gemeente Oost Gelre.

1.2 Vraagstelling Dit rapport geeft antwoord op de hoofdvraag: "Hoe kan gemeente Oost Gelre duurzame energieopwekking op gang brengen door een (laagdrempelige) financiële ondersteuning te bieden aan lokale energie gerelateerde projecten in de ontwikkelfase (tot aan financial close)?" Om te komen tot een passende oplossing voor de gemeente Oost Gelre wordt in dit rapport stilgestaan bij een drietal onderwerpen: 1. De huidige en gewenste situatie in gemeente Oost Gelre op gebied van duurzame opwek 2. Mogelijkheden voor ontwikkelfinanciering 3. De mogelijkheden in Oost Gelre Voor deze thema's worden een aantal deelvragen beantwoord: Huidige en gewenste situatie • Welke projecten voor duurzame energieopwekking in de ontwikkelfase zijn er in gemeente Oost Gelre en wat is de behoefte? Hierbij toetsen wat de lokale behoefte is op basis van landelijke onderzoeken. • Mochten er geen huidige projecten zijn, is er een inschatting te maken van de behoefte van toekomstige projecten? Mogelijkheden voor ontwikkelfinanciering • Welke mogelijkheden zijn er om een invulling te geven aan het op gang brengen van duurzame energieopwekking middels (financiële) ondersteuning?

5

•

Hoe ziet het financieringslandschap voor duurzame energie-opwekprojecten er in de gemeente (en op provinciaal en landelijk niveau) eruit?

Mogelijkheden in Oost Gelre • Welke gemeentelijke (beleidsmatige, juridische en aanbestedings-) kaders bepalen de mogelijkheden voor de gemeentelijke organisatie? • Hoe zien de kaders eruit van het alternatief dat geschikt is voor Oost Gelre? Conclusie en aanbevelingen • Hoe dient de (laagdrempelige) oplossing of dienen de oplossingen te worden geïmplementeerd? • Welke afwegingen dienen gemaakt te worden bij nieuwe projecten of investeringen?

1.3 Werkwijze KplusV ondersteunt de gemeente Oost Gelre in de beantwoording van bovenstaande vragen, door in co-creatie te werken. Er is een deskresearch uitgevoerd en er zijn drie interviews gehouden. Dit rapport bevat de uitkomst van de het onderzoek en dient als een handvat voor de besluitvorming over en implementatie van een laagdrempelige oplossing voor gemeente Oost Gelre.

1.4 Leeswijzer In hoofdstuk 2 zijn de bevindingen over de behoefte in de gemeente uitgewerkt. Vervolgens wordt in hoofdstuk 3 het financieringslandschap geschetst en daarna in hoofdstuk 4 het advies aan gemeente Oost Gelre. Hoofdstuk 5 bevat de managementsamenvatting.

6

2 Behoefte in Oost Gelre 2.1 Uitvoeringsagenda Oost Gelre Vanuit het ‘Akkoord van Groenlo’ wil gemeente Oost Gelre (net als de overige Achterhoekse gemeenten) in 2030 energieneutraal zijn. De gemeente onderneemt zelf diverse activiteiten, maar stimuleert en faciliteert ook bedrijven en inwoners om een bijdrage te leveren aan deze doelstelling. Om een versnelling te realiseren, heeft de gemeenteraad op 6 maart 2018 een Uitvoeringsagenda vastgesteld voor de periode 2018-2021. Deze uitvoeringsagenda geeft sturing aan de uitvoering van activiteiten ten behoeve van de energietransitie. Met betrekking tot de opwekking van duurzame energie zijn doelstellingen op het niveau van de gehele Achterhoek gesteld en deze vertaald naar de lokale situatie. Voor de gehele Achterhoek gaat men uit van een uitdaging om 1.376 GWh elektriciteit en 125 miljoen m3 gas duurzaam op te wekken. De doelstellingen voor Oost Gelre zijn als volgt: • 167 GWh duurzaam opgewekte elektriciteit 3 • 10 miljoen m duurzaam opgewekt gas In de Uitvoeringsagenda is eveneens een uitwerking gemaakt van de technologieën die nodig zijn om deze doelstellingen te behalen. Hierin worden investeringen door huishoudens in zonnepanelen niet meegenomen. Deze worden door de gemeente als onderdeel van energiebesparing gezien.

Het aantal installaties zoals hier wordt beschreven geeft een indicatie van het aantal benodigde projecten die nodig zijn om de doelstellingen te behalen en de daarmee gemoeide investeringen en ontwikkelkosten. Deze samenstelling is onderhevig aan verandering door ruimtelijke inpassing en verbeterde technologieën waardoor effectiever energie kan worden opgewekt. Activiteit

GWh opwek

Biomassa Zon op dak

3 14

Zon grondgebonden Wind

43 107

Totaal Tabel 1: Indicatie duurzame elektriciteitsopwekking

167

Activiteit

Miljoen m3 opwek

Biomassa – thermisch Biogas

2 8

Totaal Tabel 2: Indicatie duurzame gasopwekking

10

2.1.1 Investeringskosten projecten in Oost Gelre

In deze paragraaf wordt per energiebron een schatting van de totale investeringskosten en de ontwikkelkosten uitgewerkt die benodigd zijn voor het invullen van deze doelstellingen. Zon Voor zonnepanelen wordt gerekend met 950 vollasturen per jaar. Dat houdt in dat een geïnstalleerd vermogen van 1 MW een opbrengst kent van 950 MWh. Oost Gelre heeft

7

de uitdaging om 14 GWh op te wekken via zon op dak en 43 GWh via grondgebonden zonneprojecten. Deze uitdaging is dus terug te rekenen naar een opgesteld vermogen van 60 MW. De investeringskosten voor zonneprojecten bedragen circa € 660-700 per kWp, en dus € 660.000 - € 700.000 per MW, afhankelijk van de omvang en waar het geplaatst wordt1. Het totale investeringsbedrag voor zon bedraagt daarmee ongeveer € 40 miljoen bedragen, zie tabel 3. Ontwikkelkosten voor zonprojecten bedragen tussen € 5.000 en € 30.000 per MWp2. De ontwikkelkosten voor zon vallen hiermee tussen € 300.000 en € 1,8 miljoen. Uit onze eigen ervaring geldt de ondergrens vooral voor de grotere projecten (>10MW) en moet rekening gehouden worden met ontwikkelkosten van € 0,7 – 1,5 miljoen. Vermogen (MWp)

€ / MWp

Investeringskosten (€)

Zon op dak

14,7

700.000

10.300.000

Zon op grond

45,3

660.000

29.900.000

Totaal

40.200.000

Tabel 3: Investeringskosten zon in Oost Gelre

Wind Voor wind op land projecten bedragen de kosten ongeveer € 1.115 per kW, dus € 1,115 miljoen per MW, exclusief ontwikkelkosten3. De totale investeringsopgave voor wind in Oost Gelre is hiermee circa € 56 miljoen. Ontwikkelkosten voor windprojecten bedragen daarnaast gemiddeld circa € 50.000 per MW4. De totale ontwikkelkosten voor wind bedragen ongeveer € 2,4 miljoen (48 MW * € 50.000). Biomassa Elektriciteit Voor biomassa bedragen de investeringskosten ongeveer € 1.200 per kW, dus € 1,2 miljoen per MW5. Met een gemiddeld aantal vollasturen van 3.000 6 is in Oost Gelre een installatie nodig met een vermogen van ongeveer 1,6 MW. Hiermee is dus een investering van circa € 1,9 miljoen gemoeid. Dit is voor de volledige installatie en hiervan zou dus een investering van € 1,15 miljoen aan de gemeente Oost Gelre toegerekend kunnen worden (60% van de totale installatie). Gemiddelden voor de ontwikkelkosten voor biomassa zijn niet voorhanden en daarom gaan wij uit van een vergelijkbaar bedrag als voor zon en wind. Ontwikkelkosten voor biomassa bedragen daarmee tussen € 50.000 - € 75.000 voor de gehele installatie. De kosten die toegerekend kunnen worden aan de gemeente Oost Gelre is daarmee € 35.000 - € 50.000. Warmte Om een capaciteit van 2 miljoen m3 duurzaam opgewekt gas te produceren t.b.v. warmte is een investering van circa € 3-5 miljoen nodig7.

De installaties moeten ongeveer 3 MWth aan vermogen hebben om deze capaciteit te kunnen leveren. Uitgaande van vergelijkbare bedragen als hierboven benoemd komen de ontwikkelkosten voor deze installaties uit tussen € 100.000 – 150.000.

1

Kosten zontoepassingen, CE Delft, sept '20 i.o.v. Topsector Energie Handreiking financiering duurzame energieprojecten waterschappen, Unie van Waterschappen 2 Conceptadvies SDE++ 2021 windenergie op land, PBL 4 Handreiking financiering duurzame energieprojecten waterschappen, Unie van Waterschappen 5 Conceptadvies SDE++ 2021 vergisting van biomassa, PBL 6 Inventarisatie van markttoepassingen van biomassaketels en bio-wkk, RVO 7 Conceptadvies SDE++ 2021 vergisting van biomassa, PBL 2

8

Biogas Om een capaciteit van 8 miljoen m3 duurzaam opgewekt gas te produceren is een investering van circa € 12 miljoen nodig8. De installaties moeten ongeveer 10 MW aan vermogen hebben om deze capaciteit te kunnen leveren met gemiddelde investeringskosten van € 1,2 miljoen per MW. Ontwikkelkosten hiervoor bedragen tussen € 500.000 - € 750.000. Totale opgave In totaal is er in Oost Gelre een investeringsopgave van ongeveer € 120 miljoen tot 2030 op basis van de in de Uitvoeringsagenda gedefinieerde doelen. Naar inschatting bedragen de totale ontwikkelkosten die hiermee gemoeid zijn tussen € 3,7 en 4,9 miljoen. Het gaat hier om de totale ontwikkelkosten. Een deel hiervan zal door de markt (ontwikkelaars) zelf worden opgepakt. Kleinschalige ontwikkelingen zoals zon op dak hebben bijvoorbeeld niet altijd externe financiering nodig voor de ontwikkelfase. In het kader van het Klimaatakkoord wordt gestreefd naar 50% lokale eigendom. Dit eigendom zal met name door coöperaties worden ingevuld. Bij deze coöperaties is voornamelijk ondersteuning nodig voor de financiering van de ontwikkelkosten. Activiteit Biomassa

Investeringskosten totaal (€) 1.150.000

Ontwikkelkosten (€) 35.000 - 50.000

Zon Wind (3MW)

40.200.000 56.000.000

700.000 – 1.500.000 2.400.000

Biomassa – thermisch Biogas

3.000.000 – 5.000.000 12.000.000

100.000 – 150.000 500.000 – 750.000

Totaal Tabel 4: Investeringskosten en ontwikkelkosten

120.250.000 – 122.250.000

3.735.000 – 4.850.000

2.2 Huidige situatie in Oost Gelre De situatie zoals hierboven geschetst geeft een eerste beeld van het aantal projecten en de investeringen die benodigd zijn om de doelstellingen in 2030 te behalen. Het uiteindelijke aantal projecten hangt af van projecten die worden geïnitieerd en van ruimtelijke inpassing. Bij het schrijven van de Uitvoeringsagenda waren reeds een aantal projecten in ontwikkeling. Sindsdien zijn is er één zonnepark gerealiseerd met een vermogen van 2,2 MW en een productie van 2,1 GWh. Daarnaast zijn er nog viertal zonneparken reeds vergund maar nog niet gebouwd of is het vergunningsproces reeds in gang gezet. Voor dit rapport is uitgegaan dat deze projecten ook doorgaan, al is de timing nog niet bekend. Deze projecten zijn nog eens goed voor een productie van 31 GWh. In de gemeente zijn nog geen windprojecten gerealiseerd. Op het gebied van biomassa loopt een vergunningsprocedure voor een mestvergister en wordt er voor de levering van warmte gebruik gemaakt van een biomassacentrale. Er is daarnaast beperkt zicht op de pijplijn van potentiële projecten. Met de bestaande projecten is ongeveer de helft van de opwekdoelstellingen door zon ingevuld. Dat houdt in dat er nog veel nodig is tot 2030 om de doelstellingen te realiseren op de andere vlakken. De ontwikkelkosten om dit te realiseren bedragen naar schatting nog zeker € 3-4 miljoen.

8

Conceptadvies SDE++ 2021 vergisting van biomassa, PBL

9

2.3 Behoefte van lokale coöperaties De behoeften van lokale energiecoöperaties zijn getoetst in drie interviews. De energiecoöperaties die werken op vrijwillige basis spelen een voornamelijk een rol in kleinere zonneprojecten zoals zonnepanelen op bedrijfsdaken. Zij zijn vaak nog niet betrokken bij grotere energie-opwek-projecten in verband met de beschikbare capaciteit en financiële risico's bij grotere projecten. Deze coöperaties hebben vaak niet de kennis, expertise en financiële middelen om grotere projecten uit te voeren. Vanuit het landelijke klimaatakkoord wordt gestreefd naar 50% lokale eigendom van energieprojecten. Het idee hierbij is dat lokale energiecoöperaties een belangrijke rol hierin spelen als 'smeermiddel' in de maatschappelijke betrokkenheid, ook omdat het vanuit vrijwillige basis is. De rol van coöperaties zal waarschijnlijk aanzienlijk groeien in de komende jaren. Ten aanzien van de rol van de lokale energiecoöperaties is door één van de coöperaties aangegeven dat zij op dit moment geen rol zien bij toekomstige grootschalige zon- en wind projecten. De reden hiervoor is enerzijds dat dit veel tijd vraagt, terwijl juist de energiecoöperatie op vrijwillige basis werkt, en anderzijds dergelijke projecten controversieel zijn. Naast de kleinere lokale coöperaties biedt AGEM als regionale speler verschillende oplossingen.

AGEM is betrokken bij diverse vormen van duurzame opwekking en helpt bij de opstart en financiering van kleine en grote duurzame opwek-initiatieven maar ontwikkeld ook eigen projecten. AGEM is daarbij vaak een link tussen bewoners en grotere projectontwikkelaars.

10

3 Financieringslandschap Er zijn al een aantal mogelijkheden voor het financieren van energieprojecten, onder andere in de ontwikkelfase. Wij brengen het financieringslandschap in kaart voor de ontwikkelfase, zowel wat betreft bestaande instrumenten als de mogelijkheden die er zijn. Op die manier kan het nieuwe instrument goed aansluiten bij wat er al is.

3.1 Bestaand instrumentarium Over het algemeen is de realisatie van energieprojecten, met name zon- en windprojecten, goed te financieren. Banken willen vaak een groot deel van de investering financieren omdat er beperkte risico's verbonden zijn aan zon en wind. Daarnaast zijn er veel andere partijen die de financiering willen verstrekken. Echter, deze financiers zijn vaak pas bereid in te stappen zodra de bouw kan starten. In de fase waarin een haalbaarheidsstudie wordt gedaan, de SDE subsidie en vergunningen worden aangevraagd, de businesscase wordt doorgerekend en overige voorbereidende werkzaamheden worden uitgevoerd zijn relatief weinig financiers bereid te investeren. Het risico in deze fase is vrij groot omdat een groot aantal projecten niet tot de daadwerkelijke uitvoering komen. Tot die tijd zijn er ook geen inkomsten. Voor de ontwikkelfase zijn een aantal opties voor financiering. 3.1.1 Landelijk

Op landelijk niveau zijn beperkt mogelijkheden voor de financiering van de ontwikkelkosten. Eén van de initiatieven is EnergieSamen, waar ook door Oost Gelre naar gekeken wordt. EnergieSamen is van plan om te starten met een ontwikkelfonds voor energiecoöperaties. Vanuit het fonds worden projectleiders ingehuurd en ingezet bij energiecoöperaties om de projecten te gaan uitvoeren (juridisch advies, opleiden van projectleider uit eigen kring). Zo wordt door de energie coöperatie een lening opgebouwd aan EnergieSamen. Vanuit Oost Gelre wordt onderzocht of de gemeente zich aansluit bij dit initiatief. Hier is tijdens het schrijven van dit rapport nog geen duidelijkheid over. 3.1.2 Provinciaal

Op provinciaal niveau zijn een aantal opties voor financiering van de ontwikkelkosten: • De Provincie Gelderland biedt de subsidieregeling 'voorfinanciering ontwikkelkosten windpark of zonnepark' aan. De regeling is alleen beschikbaar voor Gelderse coöperaties. Zij kunnen maximaal € 400.000,- lenen tegen 3% rente. Daarmee kan een aanzienlijk deel van de ontwikkelkosten van een project worden gefinancierd. De regeling is alleen bedoeld voor eigenaren van een onderneming die hernieuwbare energie (wind- of zonne-energie) produceert en waarbij minimaal 50 natuurlijke personen aangesloten zijn, of eigenaren van ondernemingen die voor minstens 50% eigendom zijn van zo’n duurzaam energiebedrijf. De regeling kent een beperkt budget van € 600.000 waarmee dus een beperkt aantal coöperaties ondersteund kunnen worden. • Vanuit OostNL worden verschillende financieringsmogelijkheden aangeboden. Voor de hele vroege fase bestaat De Groeiversneller waarbij initiatiefnemers aanspraak kunnen maken op vouchers ter waarde van € 10.000 om in te zetten bij externe experts om het groeiplan uit te werken. Daarnaast kan OostNL tevens voorzien in ontwikkelfinanciering via het Innovatie- en Energiefonds Gelderland. Van deze vouchers zijn er slechts twee verstrekt aan initiatieven in Oost Gelre. In beide gevallen betreft de aanvraag zon op dak en daarmee relatief kleine projecten.

11

• •

AGEM biedt ondersteuning in de ontwikkeling van energieprojecten. Zij kunnen tevens partner zijn in duurzame opwekinitiatieven. De gemeente Oost Gelre heeft geen subsidiemogelijkheden voor opwek van duurzame energie. Er is wel een subsidie gericht op isolatie van woningen voor particulieren.

Conclusie van het huidige bestaande instrumentarium is dat er een aantal mogelijkheden zijn in de ontwikkelfase. Uiteraard kennen alle instrumenten hun eigen reikwijdte. De voucherregeling vanuit OostNL is waardevol voor de allereerste fase. Hiermee kan een groeiplan worden uitgewerkt. De subsidie van de Provincie Gelderland vult in principe de fase daarna tot financial close maar is slechts beperkt inzetbaar door de beperkte omvang van de faciliteit.

3.2 Financiële instrumenten Financiering van ontwikkelkosten van projecten kan op veel verschillende manieren. Hierbij kan worden gedacht aan participaties, leningen, garanties of subsidies of varianten daarop. Naast de puur financiële ondersteuning kan eveneens worden ingezet op (het faciliteren van) inhoudelijke ondersteuning. Hiermee wordt indirect ook financiële waarde gecreëerd. De financiële instrumenten die de gemeente Oost Gelre kan inzetten om te investeren in projecten van derden, zijn participaties, garanties, leningen of subsidies. • Bij een participatie krijgt de investeerder een aandeel in het bedrijf waar in geïnvesteerd wordt. Participaties door overheden worden meestal gedaan in bedrijven die een te hoog risicoprofiel hebben en daarom door de markt nog niet als interessant gevonden worden. Een voorbeeld is een onderneming met nog geen of een zeer beperkte omzet heeft maar die wel groeipotentie heeft. Bij een participatie staat de aandeelhouder achter eventuele lening gevers op het moment dat het bedrijf failliet gaat. Hiermee wordt meer risico gelopen dan bij het verstrekken van een lening. Hier tegenover staat dat het ook een hoger rendement op kan leveren. Een participatie vergt het meest intensieve proces voordat de investering kan worden afgerond en kost ook in de beheerfase (na investering) meer tijd dan de overige opties.

Wij gaan in dit hoofdstuk niet verder in op participaties omdat die niet passen bij de wensen van Oost Gelre. • Een garantie is een toezegging dat de gemeente garant staat en de schuld (gedeeltelijk) zal aflossen wanneer een partij die een lening neemt in gebreke blijft. Bij garanties wordt de drempel om geld uit te lenen aan een ondernemer of project voor andere partijen eveneens verlaagd, zonder dat de gemeente direct zelf geld uit hoeft te geven. De lening wordt uiteindelijk door een bank of andere financier verleend. Doordat de gemeente garant staat en daarmee het risico voor de geldverstrekker zeer sterk wordt verkleind zijn de voorwaarden (rente percentage) voor de ondernemer vaak veel gunstiger. • Leningen zijn er in verschillende vormen. De gemeente kan overwegen om naast reguliere leningen ook achtergestelde of converteerbare leningen in te zetten. Bij het geven van een achtergestelde lening neemt de gemeente het eerste verlies bij faillissement van de schuldenaar. Dit kan andere partijen stimuleren om ook geld uit te lenen aan een partij, en zo zorgen dat er meer geld beschikbaar komt. Bij een converteerbare lening kan de lening worden omgezet in aandelen, bijvoorbeeld als de onderneming een interessante groei heeft doorgemaakt. Hiermee kan de gemeente profiteren van een eventuele waardestijging van de aandelen.

Een converteerbare lening ligt niet voor de hand voor dit vraagstuk. Het is een vorm van

12

•

•

uitgesteld participatie waardoor dit niet past bij de rol die de gemeente Oost Gelre wenst te nemen. Leningen hebben als voordeel dat er een standaard rendement wordt gemaakt (de rente) en dat er minder risico gelopen wordt dan bij participaties omdat eventuele gelden bij een faillissement eerst over leninggevers worden verdeeld. In de financiering van de ontwikkelfase tot financial close is het gebruikelijk dat de rente en aflossingen op de lening pas betaald worden op het moment van financial close. Tussendoor worden dus geen betalingen gedaan en neemt het risicoprofiel van de lening eveneens niet af. Bij de beoordeling en het beheer van de leningen is een organisatie met ervaring bij het verstrekken van leningen van belang. Ook wat betreft administratie vragen leningen om een uitgebreide aanpak. Subsidies worden door de gemeente al ingezet in de energietransitie voor particulieren en blijven hiervoor een passend instrument. Dit is echter niet gericht op de ontwikkeling van projecten. Gemeente Oost Gelre heeft als kader gesteld dat het instrument zichzelf in stand moet kunnen houden. Hierdoor zijn subsidies geen geschikt instrument omdat hiermee geen financieel rendement behaald wordt. Naast de 'standaard' instrumenten zoals hierboven benoemd zijn er varianten te bedenken hierop.

Zo kan een subsidie (of lening) zo worden ingericht dat als het project doorgang vindt er aflossing plaatsvindt en anders als subsidie wordt afgehandeld. Ook kunnen vouchers worden verstrekt in de vorm van een subsidie (zoals bij OostNL) of in de vorm van een lening (zoals bij EnergieSamen).

3.3 Scenario's Begin 2020 heeft KplusV een aantal alternatieve scenario's voor het Aanjaagfonds uitgewerkt. Deze lichten we hieronder nog eens toe. Scenario 1: Aanjaagfonds 'light'. Een kleiner en lichter Aanjaagfonds Achterhoek In deze variant zouden de gemeenten die gezamenlijk het aanjaagfonds zouden oprichten dit ook doen met een kleinere investering per gemeente. Dit scenario geeft hiermee niet een echt alternatief voor het aanjaagfonds. Hiervoor is samenwerking met andere gemeenten noodzakelijk. Het is niet opportuun om dit als individuele gemeente te realiseren. Scenario 2: Business development support inzetten op de benodigde begeleiding van initiatieven naar financiering: investering gereed maken. Bijvoorbeeld met expertise op gebied van ruimtelijke inpassing of participatie. Daadwerkelijke financiering van de ontwikkelfase geschied door andere partijen. Op basis van de hulpvraag van het initiatief wordt de juiste (externe) business developer gekoppeld aan het initiatief. Dit scenario past bij de laagdrempeligheid die gewenst is door de gemeente. De inzet kan deels in eigen uren worden geleverd en daarnaast via een voucher om de kennis bij derden in te kopen. Scenario 3: Business development support en aanjaagfonds 'light'. Een combinatie van bovenstaande scenario's. Scenario 4: Directe financiering.

Financieren van de ontwikkelfase van initiatieven direct vanuit de gemeente zonder tussenkomst van een fonds. Financiering kan plaatsvinden in verschillende vormen.

13

Scenario 5: Business development support en directe financiering. Gezamenlijk business development support inrichten en gemeente kiest zelf of het nog financiering beschikbaar stelt voor de initiatieven in de ontwikkelfase. (scenario 2 en 4)

3.4 Conclusie Er is een aantal regelingen waar initiatiefnemers van projecten terecht kunnen voor ontwikkelfinanciering. De vouchers van OostNL bieden een oplossing in de allereerste fase van de ontwikkeling. Deze regeling wordt echter niet optimaal gebruikt door initiatiefnemers in Oost Gelre. De subsidieregeling vanuit de provincie Gelderland kan gebruikt worden voor de fase hierna. De regeling heeft echter slechts een klein budget beschikbaar waardoor slechts een klein aantal projecten in de hele provincie gefinancierd kunnen worden. Met de ambitie van Oost Gelre is dit niet voldoende. Het initiatief vanuit EnergieSamen zou hier een oplossing voor kunnen bieden. Het is echter onduidelijk of dit doorgaat. Als EnergieSamen niet doorgaat zijn er slechts beperkt financieringsmogelijkheden voor de ontwikkelfase die ingezet wordt na de ondersteuning vanuit OostNL.

14

4 Rol gemeente Oost Gelre Om te bepalen wat een geschikt instrument is, is het van belang de wensen en mogelijkheden te schetsen van de gemeente. In dit hoofdstuk gaan we daarom in op de verschillende kaders die van belang zijn voor Oost Gelre. Daarna gaan we in op wat dat betekent voor het instrument en de implicaties van de kaders voor de organisatie.

4.1 Ambities en mogelijkheden gemeente Oost Gelre Om de best passende rol voor de gemeente Oost Gelre te bepalen, is het van belang de doelstellingen van de gemeente, die ten grondslag liggen aan dit rapport, te duiden: • realiseren van een versnelling in de opwek van hernieuwbare energie; • een substantiële bijdrage te leveren aan de doelstellingen in de Uitvoeringsagenda; • het instrument moet zichzelf in stand kunnen houden; • een laagdrempelig instrument te initiëren, die voor de interne organisatie overzichtelijk en goed uitvoerbaar is. Vanuit de gemeente zijn daarnaast verschillende kaders van belang waarbinnen het instrument moet opereren. Hieronder vallen onder andere wensen op het gebied van beleid, organisatie, financieel en juridische zaken. Uit de vraagstelling volgen al een aantal belangrijke kaders waaraan het instrument moet voldoen. 1. De gemeente wil financiële ondersteuning aanbieden aan de initiatiefnemers. Oost Gelre is niet op zoek naar projecten waar de gemeente zelf in investeert, maar stimuleert en faciliteert andere partijen om de projecten te realiseren. Door te kiezen voor een rol op iets meer afstand van de projecten laat de gemeente het risico grotendeels bij de markt en is daardoor het potentiële (financiële) rendement ook iets lager dan bij een meer actieve rol. 2.

Oost Gelre wil dit op een laagdrempelige manier doen die past bij de mogelijkheden die er vanuit de gemeente zijn. De gemeente heeft beperkt budget en mankracht om in te zetten voor dit instrument. Het moet dus makkelijk uitvoerbaar zijn en met beperkte middelen toch het beoogde resultaat bereiken. Het beoordelen van een financieringsaanvraag is een vak op zich. Investment managers beoordelen aanvragen tot financiering op basis van ervaring en een inschatting van de haalbaarheid van het project. Deze expertise is beperkt aanwezig binnen het team. De huidige kennis en ervaring van de gemeente op dit gebied dient te worden meegenomen in het ontwerp van het instrument. 3. De gemeente Oost Gelre is op zoek naar mogelijkheden om financiële ondersteuning te bieden aan de ontwikkeling van lokale energieprojecten. Dit is dus in een vroege fase van de projecten. Daarnaast heeft de gemeente uiteraard te maken met juridische kaders waarbinnen geopereerd moet worden zoals voorwaarden rondom staatssteun. Wij gaan in dit rapport hier niet nader op in. In een eventuele nadere uitwerking van het financieringsinstrument is dit een onderwerp voor uitwerking. Hier is inmiddels veel ervaring mee vanuit instrumenten die door het hele land worden ingezet.

15

4.2 Verschillende rollen Op basis van bovenstaande opsomming van de kaders waarbinnen het instrument moet passen is het passend om als gemeente een faciliterende of stimulerende rol in te nemen. Een faciliterende rol gaat uit van initiatieven en innovaties die in de samenleving of vanuit de markt ontstaan. De initiatiefnemers zijn eigenaar van het project en de gemeente ondersteunt waar nodig, bijvoorbeeld op organisatorisch vlak. Wanneer initiatieven vanuit de samenleving ontstaan, is het draagvlak over het algemeen groot. De gemeente zet in deze rol relatief weinig financiële middelen en capaciteit in. De markt (initiatiefnemers) dragen het risico. Doordat er weinig financiële middelen worden ingezet, wordt ook beperkt financieel rendement gegenereerd. Tegelijkertijd wordt bij succes hetzelfde maatschappelijke rendement behaald. Een nadeel van deze rol kan zijn dat de gemeente minder invloed heeft vanuit deze rol. Een stimulerende rol is erop gericht initiatieven te ondersteunen met behulp van (veelal) financiële middelen. De markt of initiatiefnemer heeft bij deze rol nog steeds de regie, maar de gemeente krijgt meer invloed, doordat zij kan bepalen welke projecten zij vanuit de (financiële) middelen stimuleert. Doordat het initiatief bij de samenleving en/of markt ligt, blijft het draagvlak relatief hoog.

Een nadeel van deze rol is dat de regie en sturing nog steeds relatief beperkt is. In onderstaand figuur worden een aantal rollen uitgelicht van minder intensief naar intensieve betrokkenheid. De rollen samenwerking en eigenaar passen niet binnen de kaders zoals die gesteld zijn in de vorige paragraaf.

Figuur 1: Overzicht gemeentelijke rollen in ondersteuning

16

4.3 Conclusie Vanuit de ambities en de mogelijkheden die de gemeente heeft is een instrument dat zich richt op het faciliteren of stimuleren het meest passend. Hierbij kunnen de beschikbare middelen optimaal ingezet worden en kan de gemeente toch een nadrukkelijke bijdrage leveren aan de ontwikkeling van de projecten. Een faciliterende of stimulerende rol zal tevens in de interne organisatie makkelijker een plek kunnen krijgen dan meer actieve rollen. Bij deze rol past het tweede scenario (business development support) zoals wij eerder hebben beschreven het meest. Een directe lening of participatie in het project geeft meer betrokkenheid maar verhoogd de complexiteit.

17

5 Oplossingsrichtingen voor Oost Gelre 5.1 Conclusies De gemeente Oost Gelre wil de energietransitie aanjagen door financiële ondersteuning te bieden aan nieuwe energieprojecten in de ontwikkelfase. De totale ontwikkelkosten die benodigd zijn om de doelstellingen in 2030 te behalen liggen tussen de € 3-4 miljoen. Dit is de maximale opgave die zowel publieke als private partijen hebben om te financieren. De wens van de gemeente om tot een laagdrempelig instrument te komen past bij een stimulerende rol. Hiermee kan de gemeente de middelen die het heeft optimaal inzetten. De gemeente loopt daarmee beperkt risico, maar heeft ook slechts beperkte sturingsmogelijkheden. Een instrument in de ontwikkelfase kan toegevoegde waarde leveren naast de bestaande mogelijkheden vanuit de provincie en landelijk. Dit hangt met name af van de keuze van Oost Gelre of zij in regionaal verband gaat samenwerken met EnergieSamen. Indien EnergieSamen doorgaat kan hiermee het gat gevuld worden in de ontwikkelfase. Ervan uitgaande dat de samenwerking met EnergieSamen voldoende financiering biedt voor de gemeente Oost Gelre is er in dat geval weinig toegevoegde waarde voor een aanvullend instrument vanuit de gemeente zelf. Als de samenwerking met EnergieSamen niet doorgaat zien wij wel toegevoegde waarde voor een eigen instrument vanuit de gemeente.

Hieronder doen wij onze aanbeveling voor een dergelijk instrument.

5.2 Aanbevelingen Op basis van onze analyse doen wij een aantal aanbevelingen hoe de gemeente Oost Gelre duurzame energieopwekking op gang kan brengen door een (laagdrempelige) financiële ondersteuning te bieden aan lokale energie gerelateerde projecten in de ontwikkelfase (tot aan financial close)?" Vouchers voor business development Wij adviseren het instellen van een voucherregeling voor de ontwikkelfase van energieprojecten, vergelijkbaar met scenario 2 zoals dat is beschreven in hoofdstuk 3. Met de voucher kan externe expertise worden ingekocht voor het doen van een haalbaarheidsonderzoek, opstellen van contracten met leveranciers, doorrekenen van de businesscase, contacten richting financiers opstarten en aanvragen van vergunningen en SDE subsidie. Deze zou aanvullend moeten zijn op de vouchers van OostNL. De vouchers kunnen in de vorm van een lening worden uitgezet. Om de faciliteit op peil te kunnen houden is het nodig om een rendement te maken. De meest laagdrempelige manier om dit te doen is via een lening die bij financial close ineens wordt afgelost inclusief de verschuldigde rente. De leningen zullen een vrij korte looptijd kennen. De meeste projecten kennen een ontwikkelingsperiode van 1-2 jaar. Voor meer complexe projecten kan dit langer zijn. Het geld dat terugkomt door aflossingen en rente kan opnieuw worden ingezet voor nieuwe projecten.

Wij adviseren de gemeente de ondersteuning als lening in de vorm van vouchers aan te bieden in plaats van een geldlening te verstrekken. Het verstrekken van vouchers geeft de gemeente meer grip op de juiste besteding van de middelen. Er kan worden samengewerkt met een groep geselecteerde dienstverleners waar de voucher besteed kan worden om de kwaliteit te waarborgen.

18

De precieze vormgeving van dit instrument moet nader worden uitgewerkt, waarbij aan de volgende zaken aandacht moet worden besteed: • Inrichten van een 'lean' proces waarbij zoveel mogelijk gestandaardiseerd wordt en eenvoudig uitgevoerd kan worden. Dit vergt onder andere standaardisatie van leningsovereenkomsten en het inrichten van een eenvoudige administratie om zo de kosten voor de uitvoering zo laag mogelijk te houden. • Het risico dat de projecten niet tot ontwikkeling komen en dus ook niet terugbetaald worden is vrij groot. Het is daarom van belang om aan de poort een goede selectie te maken. Een inschatting maken of het project tot uitvoering komt is ingewikkeld. Om het risico zo klein mogelijk te maken is het noodzakelijk om vanuit de gemeente een eerste toets op de haalbaarheid te doen. Dat kan door in gesprek te gaan met de initiatiefnemers en het plan te bespreken en te toetsen of dat aansluit bij het beleid van de gemeente, bijvoorbeeld op ruimtelijk gebied. Op basis hiervan kan mogelijk al een eerste inschatting gemaakt worden of er zicht is op een omgevingsvergunning. Als dat er is kan een nadere scan gemaakt worden van haalbaarheid van verlening van SDE subsidie, het rondkomen van contracten met leveranciers en afnemers en uiteindelijk het realiseren van financiering. Om deze inschatting goed te kunnen maken zal inhoudelijke kennis opgebouwd moeten worden.

Hierbij moet de kanttekening geplaatst worden dat het de vraag is of dit binnen de gemeente zelf georganiseerd kan worden, gelet op de beschikbare middelen en personeel of dat hiervoor externe expertise voor wordt ingeschakeld. • Er dient aandacht te worden besteed aan de persoonlijke inzet die door de projectleiders van coöperaties wordt verricht van kleinschalige projecten. Deze inzet is vaak op vrijwillige basis waardoor dit de initiatieven zou kunnen remmen. De voucher zou hier deels voor kunnen ingezet worden. Overige aandachtspunten Naast de aanbeveling voor een financieel instrument benadrukken wij dat het belangrijk is om goed zicht te hebben op welke projecten in ontwikkeling zijn in de gemeente en wat er in voorbereiding is om het instrument effectief in te zetten. Dat inzicht ontbreekt momenteel nog voor een groot deel. Inzicht in de (potentiële) projecten biedt de mogelijkheid om het instrument effectiever in te zetten. Zo kunnen meer afgewogen keuzes gemaakt worden tussen projecten. Daarmee krijgt de gemeente ook beter grip op de voortgang op de doelstellingen tot 2030. Wij adviseren om de regionale samenwerking niet uit het oog te verliezen. Benut kansen om met andere gemeenten in Achterhoek dergelijke instrumenten te realiseren. De samenwerking met andere gemeenten kan zorgen voor een vergrote slagkracht en efficiënter ingerichte organisatie.

19

Onze contactgegevens KplusV Vestiging Arnhem Postbus 60055 6800 JB Arnhem Westervoortsedijk 73 6827 AV Arnhem T +31 (0)26 355 13 55

Vestiging Amsterdam Postbus 74744 1070 BS Amsterdam Science Park 402 1098 XH Amsterdam T +31 (0)20 669 90 66

E info@kplusv.nl

Vestiging Rotterdam Stationsplein 45 (Groot Handelsgebouw) 3013 AK Rotterdam 4de verdieping Ruimte A4.004 T +31 (0)10 254 00 17

I www.kplusv.nl

Thema's

20

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/10679007/1