bijlage 2 bijlage 1 jaarverslag oda boekjaar 2022
Tekst van het document
We schatten het risico op € 50.000 (klasse 2) en de kans dat zich dit voordoet op 30% (klein). Gelders Stelsel Er is een verbeterplan opgesteld op basis van de uitgevoerde evaluatie van het Gelders Stelsel. De mogelijke maatregelen zijn niet op geld doorgerekend. Mogelijk kunnen een aantal maatregelen leiden tot extra kosten voor de ODA. We schatten het risico op € 12.500 en de kans dat zich dit voordoet op 70% (groot). Omgevingswet De invoering van de Omgevingswet kan tot een andere taakverdeling tussen gemeenten, provincie en de ODA leiden. Het is zowel mogelijk dat dit tot meer als tot minder taken voor de ODA leidt die in de begroting zo mogelijk worden meegeraamd. Het risico schatten we daarom op nihil.
28
28
Datalekken Iedereen heeft recht op eerbiediging en bescherming van zijn persoonlijke levenssfeer en een zorgvuldige omgang met zijn persoonsgegevens. De regels hiervoor zijn vastgelegd in de Wet bescherming persoonsgegevens (Wbp). Hierin staat dat persoonsgegevens moeten worden beveiligd tegen verlies en tegen onrechtmatige verwerking. Een datalek moet worden gemeld aan de Autoriteit Persoonsgegevens als het leidt tot een aanzienlijke kans op ernstige nadelige gevolgen voor de bescherming van persoonsgegevens, of als het ernstige nadelige gevolgen heeft voor de bescherming van persoonsgegevens. Het datalek moet daarnaast ook worden gemeld aan de betrokkene indien het waarschijnlijk ongunstige gevolgen zal hebben voor diens persoonlijke levenssfeer. Bij overtreding van de meldplicht datalekken uit de Wbp kan de Autoriteit Persoonsgegevens een bestuurlijke boete opleggen. We schatten het risico op € 137.500 (klasse 3) en de kans dat zich dit voordoet op 10% (zeer klein) Financieel effect van deze risico’s We willen het totale financiële effect van deze risico’s weten. Dit hebben we nodig om vast te stellen of onze financiële buffer voldoende is. In de volgende tabel wordt het financieel effect berekend. Niet alle risico’s komen tegelijk voor. Ook zijn de gevolgen van de risico’s niet altijd maximaal.
Het geld dat nodig is om de risico’s op te kunnen vangen is daarom minder dan alle risico’s bij elkaar opgeteld. Een praktische methode om het effect te berekenen is het maximale risico te vermenigvuldigen met de kans dat het risico zich voordoet. We noemen dit het kwantificeren van de risico’s. In de tabel kwantificering risico’s zijn de eerder genoemde risico’s gekwantificeerd.
Risico
Afspraken dienstverleningsovereenkomsten Taakuitvoering Calamiteit bij bedrijf Rechtmatigheid Bezuinigingen bij de deelnemers Loon- en prijsontwikkelingen Eigen risico voor werknemersverzekeringen Ziekteverzuim Werkkostenregeling BTW Vennootschapsbelastingplicht Productenboek Automatisering Aanbestedingen Outputmodel Gelders Stelsel Omgevingswet Datalekken Totaal
Geschatte omvang
€ 50.000 € 12.500 nihil nihil €0 € 150.000 € 50.000 € 70.000 € 12.500 nihil nihil € 50.000 € 12.500 € 137.500 € 50.000 € 12.500 €0 € 137.500
Geschatte kans (in %) 30% 10% 0 0 0% 50% 50% 50% 30%
30% 50% 10% 30% 70% 0% 10%
Financieel effect van de risico's € 15.000 € 1.250 €0 €0 €0 € 75.000 € 25.000 € 35.000 € 3.750 €0 €0 € 15.000 € 6.250 € 13.750 € 15.000 € 8.750 €0 € 13.750 € 227.500
29
29
In de becijfering is rekening gehouden met de kans dat een risico zich voordoet. Het gaat dan om de individuele risico’s en de kans dat dit (individuele) risico zich periodiek voordoet. De kans dat alle risico’s zich op enig moment tegelijkertijd voordoen is o.i. aanzienlijk lager. Daartoe hanteren we een dempingfactor van 0,5. Het totaal van de financiële risico’s komt daardoor op € 113.750. Weerstandsvermogen Zoals hierboven becijferd, hebben we de benodigde weerstandscapaciteit bepaald op € 114.000. De beschikbare weerstandscapaciteit is € 178.000. (Per 31-12-2022 is € 150.000 van de Algemene Reserve vrij besteedbaar + het in de begroting 2022 beschikbare bedrag voor onvoorzien van € 28.000). Gebruiken we de formule en waarderingstabel (zie hiervoor) dan ziet dit er als volgt uit:
Ratio weerstandsvermogen =
Beschikbare weerstandscapaciteit ------------------------------------Benodigde weerstandscapaciteit
In bedragen: € 178.000 / € 114.000 = 1,6 Waarderingscijfer: B Betekenis: Ruim voldoende Uit de analyse blijkt dat het weerstandsvermogen op basis van de berekening die voor ligt voldoende is.
30
Kengetallen en ratio’s Op grond van het Besluit Begroting en Verantwoording provincies en gemeenten dient een aantal financiële kengetallen in de jaarrekening te worden opgenomen. Deze kengetallen dienen om een beter inzicht te bieden in de financiële positie van de ODA. Het overzicht bevat de volgende kengetallen. Verlooptabel Kengetallen en ratio’s in procenten
Jaarverslag 2022 Kengetallen (in procenten)
Verloop van de kengetallen Jaarrekening Begroting Jaarrekening 2021 2022 2022 1a. Netto schuldquote -5 4 0 1b. Netto schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen -5 4 0 2. Solvabiliteitsratio 17 12 -5 3. Structurele exploitatieruimte 0 0 -1 4. Grondexploitatie n.v.t. n.v.t. n.v.t. 5. Belastingcapaciteit n.v.t. n.v.t. n.v.t. De netto schuld quote en de netto schuld quote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen geven inzicht in het niveau van de schuldenlast ten opzichte van de eigen middelen. De netto schuld quote is in balans; we hebben net zoveel uitzettingen dan schulden. De solvabiliteitsratio geeft inzicht in de mate waarin de ODA in staat is aan haar financiële verplichtingen te voldoen. Het percentage is in 2022 negatief en minder goed dan 2021 en dit hangt samen met negatieve resultaat 2022. Voor de beoordeling van het structurele en reële evenwicht van de begroting wordt het onderscheid gemaakt tussen structurele en incidentele lasten. De meeste verschillen zijn
30
van incidentele aard. Zie hiertoe het overzicht van de incidentele baten en lasten als onderdeel van de jaarrekening. 3. Financiering De wet Financiering decentrale overheden (FIDO) verplicht gemeenschappelijke regelingen richtlijnen vast te stellen voor het beheer van de geldstromen en de risico’s die daaraan zijn verbonden. Hiervoor heeft het algemeen bestuur op 15 december 2016 een geactualiseerd treasurystatuut vastgesteld. De wijzigingen betreffen onder meer het opnemen van het in 2014 ingevoerde schatkistbankieren en het schrappen van bepalingen die voor de ODA niet van toepassing zijn. Qua vormgeving is overgestapt van een beschrijvend statuut naar een artikelsgewijs opgebouwd treasurystatuut. Treasuryfunctie De uitvoering van de treasuryfunctie maakt onderdeel uit van de ondersteunende financiële diensten die de gemeente Berkelland voor de Omgevingsdienst Achterhoek verricht. Kasgeldlimiet De kasgeldlimiet geeft aan in welke mate in de financiering van investeringen mag worden voorzien in de vorm van kortlopende middelen. De kasgeldlimiet voor een GR volgens de Wet FIDO bedraagt 8,5% van het totaal van de primitieve begroting, voor 2022 is dit € 8.387.000. De kasgeldlimiet bedraagt dan € 712.895. Tot nu toe heeft de ODA nog niet hoeven lenen. Aan de hand van de tijdige bevoorschotting worden de lopende activiteiten gefinancierd en is externe financiering niet nodig.
Wel moet geconstateerd worden, dat bij een behoorlijke toename van activiteiten zoals in het jaar 2018, er een financieringsprobleem kan ontstaan omdat er pas aan het einde van het jaar wordt afgerekend met de partners. In dat geval zal de ODA actie ondernemen om het financieringsprobleem op te pakken. 4.
Onderhoud kapitaalgoederen
Kapitaalgoederen zijn aankopen die een meerjarig gebruik dienen en die we meestal aanduiden als investeringen. Artikel 3 van de financiële verordening bepaalt dat nieuwe investeringen in de begroting moeten worden vermeld. Mocht de Omgevingsdienst Achterhoek met investeringen worden geconfronteerd dan hanteren we de volgende afschrijvingstermijnen. Voor investeringen hanteren we de volgende afschrijvingstermijnen. hardware: 3 jaar software: 5 jaar dienstvervoermiddelen: 7 jaar Overigens bepaalt de financiële verordening (artikel 6) dat materiële vaste activa met economische waarde annuïtair worden afgeschreven. In 2022 zijn er geen investeringen in kapitaalgoederen gedaan. 5.
Wet open overheid (Woo)
De wet Open Overheid (Woo) is in werking getreden medio 2022 en vervangt de wet Openbaarheid van Bestuur WOB. Ook is de Wet Elektronische Publicaties afgelopen zomer in werking getreden. De ODA is een project gestart om de wetten te implementeren in het systeem, en daarmee het primaire proces, van de omgevingsdienst. Ook is de ODA in gesprek met de deelnemers om, omwille van toegankelijkheid, meer en gerichter stukken openbaar te maken.
31
31
Daarnaast is heeft de ODA de wens om meer data gedreven en informatie gestuurd te werken. We zijn gestart met het in kaart brengen van de informatiebehoefte c.q. verplichting bezien vanuit de Omgevingswet en de Woo. Aan de hand hiervan bepalen we welk niveau van datavolwassenheid en dataorganisatie nodig is om in de behoefte te voorzien en om aan de verplichtingen van de Woo te voldoen. Aansluitend bepalen we wat nodig is om op het gewenste niveau te komen. Vooralsnog is er nog geen inschatting te geven over de beoogde kwaliteit en aantal documenten. Dat komt omdat we samen met onze deelnemers nog geen keuzes gemaakt hebben over wat we openbaar gaan maken. We weten ook nog niet wanneer we beginnen met openbaar maken.
32
32
JAARREKENING 2022 ▪
Balans per 31 december 2022
▪
Grondslagen voor waardering en resultaatbepaling
▪
Toelichting op de balans
▪
WNT-verantwoording
▪
Overzicht van baten en lasten
▪
Toelichting op overzicht van baten en lasten
33
33
Balans per 31 december 2022 Bedragen x € 1.000 ACTIVA Vaste activa Financiële activa Overige uitzettingen met een rentetypische looptijd van één jaar of langer
Ultimo 2021
2
2
Totaal vaste activa Vlottende activa Voorraden Onderhanden werk
Ultimo 2022
2
0
2
0 0
Uitzettingen met een rentetypische looptijd korter dan één jaar: Vorderingen op openbare lichamen Rekening courant verhouding met het Rijk
902 1.080
0 1.622 1.049
1.982 Liquide middelen Banksaldi
88
2.671 5
88 Overige vlottende activa Overige vorderingen De van Europese en Nederlandse overheidslichamen nog te ontvangen voorschotbedragen die ontstaan door voor financiering op uitkeringen met een specifiek bestedingsdoel Vooruitbetaalde bedragen
5 10
0
56 0
66
Totaal vlottende activa
2.070
2.742
TOTAAL ACTIVA
2.072
2.744
PASSIVA
Ultimo 2021
Ultimo 2022
Vaste Passiva Eigen vermogen: Algemene reserve Bestemmingsreserve Gerealiseerd resultaat
150 100 104
150 100 -384
Voorzieningen
62
134
Totaal vaste passiva
416
0
Vlottende Passiva Netto vlottende schulden met een rentetypische looptijd korter dan één jaar: Banksaldi Overige schulden
466
991
Overlopende passiva De van Europese en Nederlandse overheidslichamen ontvangen voorschotbedragen voor uitkeringen met een specifiek bestedingsdoel die dienen ter dekking van lasten van volgende begrotingsjaren Nog te betalen bedragen
19 1.171
1.271 482
Totaal vlottende passiva
1.656
2.744
TOTAAL PASSIVA
2.072
2.744
0
0
Aan natuurlijke of rechtspersonen verstrekte borg- en of garantstellingen
34
34
Grondslagen voor waardering en resultaatbepaling Inleiding Deze jaarrekening is samengesteld met inachtneming van de voorschriften die het Besluit Begroting en Verantwoording provincies en gemeenten daarvoor geeft. De waardering van de activa en passiva en de bepaling van het resultaat vinden plaats op basis van historische kosten. Tenzij anders is vermeld, worden de activa en passiva opgenomen tegen de nominale waarden. De baten en lasten worden toegerekend aan het jaar waarop zij betrekking hebben. Baten en winsten worden slechts genomen voor zover zij op balansdatum zijn gerealiseerd. Verliezen en risico´s die hun oorsprong vinden voor het einde van het begrotingsjaar, worden als last genomen indien zij voor het opmaken van de jaarrekening bekend zijn geworden. Personeelslasten worden in principe toegerekend aan het boekjaar waarop ze betrekking hebben. Voor arbeidskosten gerelateerde verplichtingen van een jaarlijks vergelijkbaar volume wordt geen voorziening getroffen of op andere wijze een verplichting opgenomen. De referentieperiode is dezelfde als die van de meerjarenraming te weten vier jaar.
BALANS ACTIVA Vaste activa Financiële activa Waarborgsommen Betreffen betaalde waarborgsommen voor geleasede dienstauto’s.
35
Vlottende activa Voorraden Het onderhanden werk is gewaardeerd tegen reeds gemaakte uren maal het geldende uurtarief. Overige vlottende activa De overige vlottende activa worden gewaardeerd tegen nominale waarde.
PASSIVA Vaste passiva Voorzieningen De voorziening harmonisatietoelagen betreft een voorziening voor verplichtingen samenhangend met rechten van voormalig provinciale medewerkers. De voorziening is gevormd
ter hoogte van verkregen gelden die voor de medewerkers wordt aangewend. Vlottende passiva De vlottende passiva worden gewaardeerd tegen de nominale waarde. Overlopende passiva Deze passiva worden tegen de nominale waarde opgenomen.
35
RESULTAATBEPALING
De exploitatielasten van de Omgevingsdienst Achterhoek bestaan hoofdzakelijk uit bedrijfsvoeringskosten. Er is geen sprake van een rechtstreeks risico voor de Omgevingsdienst omdat de deelnemers in de Gemeenschappelijke Regeling uiteindelijk garant staan voor de bijdragen aan de ODA. De verdeling van de kosten vindt plaats op basis van de in de begroting 2022 afgesproken verdeelsleutel: De (verwachte) afname van de partners per programma.
36
36
Toelichting op de balans ACTIVA Vaste activa Financiële activa Overige uitzettingen met een rentetypische looptijd van één jaar of langer (€ 2.000) Het betreft hier betaalde waarborgsommen in het kader van lease van bedrijfsauto’s. Vlottende activa Voorraden Onderhanden werk (€ 0) Aangezien de onderhanden werk positie per jaareinde is verrekend met de deelnemers, maakt de “onderhanden werk positie” in 2022 onderdeel uit van de nog te ontvangen deelnemersbijdragen en is derhalve verantwoord onder de verantwoord onder de vorderingen op openbare lichamen. Uitzettingen met een rentetypische looptijd korter dan één jaar Vorderingen op openbare lichamen (€ 1.622.000) Het betreft vorderingen op enkele deelnemende gemeenten van de gemeenschappelijke regeling, op andere omgevingsdiensten en de Provincie.
37
Rekening courant verhouding met het Rijk (€ 1.049.000) Saldo tegoed op het Ministerie van Financiën in het kader van schatkistbankieren van € 1.049.000. Liquide middelen Banksaldi (€ 5.000) Het banksaldo van de lopende rekening bij de BNG per 31 december 2022. Drempelbedrag schatkistbankieren Van de verplichting om overtollige middelen bij het rijk aan te houden is een bepaald “drempelbedrag” uitgezonderd. Dit drempelbedrag is voor de ODA met ingang van 1 juli 2021 € 1.000.000. Voor ieder kwartaal over 2022 dient te worden toegelicht welk bedrag met inachtneming van het drempelbedrag door de ODA buiten ’s Rijks schatkist is aangehouden. De ODA is in 2022 elk kwartaal onder het drempelbedrag gebleven. Hieronder wordt de specificatie per kwartaal weergegeven
37
Berekening benutting drempelbedrag schatkistbankieren (bedragen x € 1000) Verslagjaar (1)
Drempelbedrag
Kwartaalcijfer op dagbasis (2) buiten 's Rijks schatkist aangehouden middelen Ruimte onder het (3a) = (1) > (2) drempelbedrag Overschrijding van het (3b) = (2) > (1) drempelbedrag (1) Berekening drempelbedrag
1.000
1.000
1.000
1.000
Kwartaal 1
Kwartaal 2
Kwartaal 3
Kwartaal 4
45
52
46
59
955
948
954
941
0
0
0
0
Verslagjaar (4a)
(4b)
(4c) Minimumbedrag
Begrotingstotaal verslagjaar Het deel van het begrotingstotaal dat kleiner of gelijk is aan € 500 miljoen Het deel van het begrotingstotaal dat de € 500 miljoen te boven gaat Drempelbedrag
8.387
8.387
1.000
1.000
1.000
1.000
(2) Berekening kwartaalcijfer op dagbasis buiten 's Rijks schatkist aangehouden middelen
(5a)
(5b) (2) - (5a) / (5b)
Som van de per dag buiten 's Rijks schatkist aangehouden middelen (negatieve bedragen tellen als nihil) Dagen in het kwartaal Kwartaalcijfer op dagbasis buiten 's Rijks schatkist aangehouden middelen
Kwartaal 1
Kwartaal 2
Kwartaal 3
Kwartaal 4
4.018
4.709
4.246
5.432
90 45
91 52
92 46
38
92 59
Drempelbedrag kasgeldlimiet De kasgeldlimiet zorgt ervoor dat er niet te veel kortlopende leningen worden aangetrokken. De gemiddelde netto-vlottende schuld per kwartaal van een openbaar lichaam mag de kasgeldlimiet niet overschrijden. In 2022 is er in geen enkel kwartaal sprake geweest van een overschrijding. De ruimte onder de limiet was voor: 1e kwartaal 2022 € 1.523.000 2e kwartaal 2022 € 2.866.000 3e kwartaal 2022 € 1.660.000 4e kwartaal 2022 € 1.726.000
38
Overige vlottende activa Overige vorderingen (€ 10.000) Per 31-12-2022 is er, buiten de vorderingen op openbare lichamen, een vordering op een leverancier. Wij hebben de creditnota al ontvangen. De van Europese en Nederlandse overheidslichamen nog te ontvangen voorschotbedragen die ontstaan door voorfinanciering op uitkeringen met een specifiek bestedingsdoel (€ 0) Per 31 december 2022 staan er geen voorschotbedragen open. Vooruitbetaalde bedragen (€ 56.000) In 2022 zijn 100 Smartlockr licenties afgesloten en betaald. De licenties zijn geldig tot 30 maart 2025. De lasten (totaal 8.000 euro) voor 2023, 2024 en 2025 worden geparkeerd voor die boekjaren. Ook zijn er licenties voldaan voor digitale checklijsten ter waarde van 25.000 euro die geldig zijn tot 1 juli 2023. Daarnaast is in 2022 een betaling van 23.000 euro gedaan die betrekking heeft op een evenement dat plaatsvindt in januari 2023.
PASSIVA Vaste passiva Eigen vermogen Algemene reserve (€ 150.000) Bestemmingsreserve (€ 100.000)
Omschrijving
Saldo
Bestemming resultaat 1-1-2022 2021
Algemene reserve
150.427
Gerealiseerd resultaat
103.913
Uitkering deelnemers Bestemmingsreserve omgevingswet
100.000
Totaal
354.340
Toevoe-
Onttrek-
Saldo
gingen
kingen
31-12-2022
-87
0
0
150.340
0
0
100.000
0
0
250.340
39
104.000
103.913
Toelichting Algemene reserve (€ 150.000) Het saldo van de algemene reserve bedroeg per 1 januari 2022 afgerond € 150.000. Vanuit het resultaat van 2021 is een afrondingsverschil gemuteerd met de algemene reserve. Met deze mutatie blijft de algemene reserve op € 150.000. Tezamen met de ruimte in de begroting ad € 28.000, die meetelt voor het weerstandsvermogen, komt het weerstandsvermogen uit op € 178.000. Dit is het afgesproken maximumbedrag behorende bij de kwalitatieve eis van ‘niet meer dan uitstekend’. Bestemmingsreserve (€ 100.000) Bij de vaststelling van de jaarrekening 2020 is besloten om van het resultaat € 100.000 te reserveren voor uitgestelde opleidingen en aanpassing van systematiek en systemen met het oog op de invoering van de omgevingswet. Gerealiseerd resultaat ( -/- € 384.000) Het nadelig exploitatieresultaat over 2022 beloopt € 384.000. 39
Voorzieningen Verloop van de voorzieningen: Omschrijving Voorziening harmonisatietoelagen Voorziening Spaarverlof Totaal
Saldo 1-1-2022 62.131 0 62.131
Toevoegingen
90.720 90.720
Vrijgevallen 18.641 18.641
Aanwendingen
Saldo 31-12-2022 43.490 90.720 134.210
Toelichting De provincie heeft in 2014 enkele rechtspositionele verplichtingen, waaronder de harmonisatietoelagen, voor voormalige provinciale medewerkers die zijn overgegaan naar de ODA afgekocht. De ODA heeft daartoe in 2014 een bedrag van € 401.065 ontvangen. Voor harmonisatie van toeslagen resteert per 1 januari 2022 € 62.000. In 2022 is € 19.000 vrijgevallen. Per einde boekjaar is de voorziening € 43.000. Daarnaast is een nieuwe voorziening gevormd, omdat medewerkers vanaf 1 januari 2022 vakantie-uren kunnen sparen. Dit noemen we verlofsparen. Aangezien er bij verlofsparen sprake is van arbeidskostengerelateerde verplichtingen die een niet voorspelbare opbouw en daarmee ook onvoorspelbare afbouw kennen, is hier een voorziening voor gevormd. Vlottende passiva Netto vlottende schulden met een rentetypische looptijd korter dan één jaar Overige schulden (€ 991.000) De belangrijkste overige schulden per 31 december 2022: Omschrijving Belastingdienst, loonheffing december 2022 Gem. Doetinchem, dienstverl. 4e kw. 2022 ODRN, omzet 2022 ABP, premie december 2022 DPA Cauberg-Huygens, controle sept-nov. 2022 Exsin, uitbestede werkzaamheden Gemeente Berkelland, fin. administratie 2e hjr Diverse kleine(re) overige schulden Totaal
Bedrag € 442.000 € 114.000 € 97.000 € 86.000 € 68.000 € 27.000 € 21.000 € 136.000 € 991.000
40
40
De van Europese en Nederlandse overheidslichamen ontvangen voorschotbedragen voor uitkering met een specifiek bestedingsdoel die dienen ter dekking van lasten van volgende begrotingsjaren (€ 1.271.000) Het gaat hierbij om de volgende voorschotbedragen: Omschrijving Prov. Z-H, ontwikkeling Open Wave ODRN, circulaire economie RvO, Ondersteuning energiebesp. plicht F21 Min. Infra en waterstaat, IB programma VTH E93 Gem. Berkelland, bijdrage 1e kw. 2023 Gem. Oude IJsselstreek, bijdrage 1e kw. 2023 Gem. Winterswijk, bijdrage 1e kw. 2023 Totaal
Saldo 1-1-2022 9.000
Toevoegingen
Aanwendingen 9.000
Saldo 3112-2022 0
254.870
10.000 23.328
0 231.542
71.700
4.623
67.077
10.000
19.000
477.587
477.587
241.123
241.123
254.009
254.009
1.299.289
46.951
1.271.338
Nog te betalen bedragen (€ 482.000) Omschrijving Gemeente Berkelland, afrekening 2022 DPA Cauberg-Huygens, diverse controles Gemeente Zutphen, 4e kw. 2022 archeologie Gemeente Bronckhorst, detachering + afrek. 2022 Diverse kleinere bedragen nog te betalen Totaal
Bedrag € 337.000 € 79.000 € 22.000 € 12.000 € 32.000 € 482.000
41
Niet uit de balans blijkende verplichtingen. De gemeenschappelijke regeling Omgevingsdienst Achterhoek heeft een huurverplichting voortvloeiend uit een 1-jarig huurcontract eindigend op 31 december 2022 met een optie tot jaarlijkse verlenging. De huur wordt jaarlijks geïndexeerd. De huurlasten voor 2023 bedragen € 175.000.
41
WNT-verantwoording 2022 Omgevingsdienst Achterhoek De WNT is van toepassing op de Omgevingsdienst Achterhoek. Het voor de Omgevingsdienst Achterhoek toepasselijke bezoldigingsmaximum is in 2022 € 216.000,-. Dit betreft het algemeen WNT-bezoldigingsmaximum. 1. Bezoldiging topfunctionarissen 1a. Leidinggevende topfunctionarissen met dienstbetrekking en leidinggevende topfunctionarissen zonder dienstbetrekking vanaf de 13e maand van de functievervulling
Gegevens 2022
bedragen x € 1
P.G.M. van Oosterbosch
Functiegegevens Aanvang en einde functievervulling in 2022
Directeur 01/01 t/m 31/12
Omvang dienstverband (als deeltijdfactor in fte)
0,89
Dienstbetrekking?
ja
Bezoldiging Beloning plus belastbare onkostenvergoedingen
101.476,02
Beloningen betaalbaar op termijn
18.005,04
Subtotaal
119.481,06
Individueel toepasselijke bezoldigingsmaximum 192.240,00
-/- Onverschuldigd betaald en nog niet terugontvangen bedrag Bezoldiging
Het bedrag van de overschrijding en de reden waarom de overschrijding al dan niet is toegestaan Toelichting op de vordering wegens onverschuldigde betaling
42
N.v.t.
119.481,06
N.v.t.
N.v.t. N.v.t.
Gegevens 2021 bedragen x € 1
P.G.M. van Oosterbosch
Functiegegevens
Directeur
Aanvang en einde functievervulling in 2021
01/01 t/m 31/12
Omvang dienstverband (als deeltijdfactor in fte)
0,89
Dienstbetrekking?
ja
Bezoldiging Beloning plus belastbare onkostenvergoedingen
96.184,52
Beloningen betaalbaar op termijn
18.110,76
Subtotaal
114.295,28
Individueel toepasselijke bezoldigingsmaximum 186.010,00
Bezoldiging
114.295,28
42
1b. Leidinggevende topfunctionarissen zonder dienstbetrekking in de periode kalendermaand 1 t/m 12: niet van toepassing. 1c. Toezichthoudende topfunctionarissen: niet van toepassing. 1d. Topfunctionarissen met een totale bezoldiging van € 1.800 of minder: niet van toepassing.
NAAM TOPFUNCTIONARIS J.H.A van Oostrum B.T.M. Porskamp M. Eggink-Meuleman S.L. Hiddinga T.M.M. Kok H.G. Bulten J.R. Mos G.E. Visser H.J.M. Verschure P. van 't Hoog W.J.A. Gerritsen W.W. Buunk F.H.T. Langeveld O.E.T. van Dijk I.T.F. Klein Gunnewiek L.J. Werger P.G.J. Kerris R.R.S. Bosch
FUNCTIE DB/AB vz DB/AB DB/AB DB/AB AB AB AB AB AB AB voormalig DB/AB voormalig DB/AB voormalig AB voormalig AB voormalig AB voormalig AB voormalig AB voormalig AB
43
1e. Topfunctionaris met een totale bezoldiging van meer dan € 1.800: niet van toepassing. 1f. Topfunctionaris met een totale bezoldiging van meer dan € 1.800 waarop de anticumulatie bepaling van toepassing is: niet van toepassing. 1g. Topfunctionaris met een totale bezoldiging van € 1.800 of minder waarop de anticumulatiebepaling van toepassing is: niet van toepassing. 2. Uitkeringen wegens beëindiging dienstverband aan topfunctionarissen: niet van toepassing. 3. Overige rapportageverplichtingen op grond van de WNT Naast de hierboven vermelde topfunctionarissen zijn er geen overige functionarissen met een dienstbetrekking die in 2022 een bezoldiging boven het individueel toepasselijke drempelbedrag hebben ontvangen.
43
Overzicht van baten en lasten Baten en lasten per programma Jaar 2022; x 1.000 euro x 1.000 euro
Taakveld
Begroting 2022
Begroting na wijz Realisatie 2022
Begr-real
Baten
Baten
Saldo
Lasten
Lasten
Baten
Lasten
Programmaplan Programma 1 Vergunningverlening 7.4 Milieubeheer Programma 2 Toezicht en handhaving 7.4 Milieubeheer Programma 3 Advies 7.4 Milieubeheer Programma 4 Stelseltaken 7.4 Milieubeheer Eigen stelseltaak Kosten Gelders stelsel van Omgevingsdiensten Programma 5 Projecten 7.4 Milieubeheer
2.027 4.957 1.297
1.053 2.895 952
2.027 4.957 1.529
1.442 2.922 1.210
1.923 5.007 2.095
1.325 3.219 1.955
13 -247 -180
102
120 701
75
89 257
56 424
66 459 219
4 -202 201
0
2.646
-2
4
4
Overzichten Overhead Algemene dekkingsmiddelen Bedrag onvoorzien
0.4 Overhead onderst. Organisatie 0.5 Treausury 0.8 Algemene baten en lasten
Geraliseerde totaal saldo van baten en lasten normale bedrijfsvoering
2.601
2.644
65
28
0
0
28
8.387
8.387
8.592
8.592
9.505
9.889 104
-384 -104 104
8.387
8.387
8.592
8.592
9.609
9.993
-384
Verrekening met deelnemers batig saldo 2021 Ontrekking algemene reserve ivm saldo 2021
Gerealiseerde resultaat
104
De baten en lasten over de programma’s zijn op directe wijze toegerekend aan de hand van de directe kosten en opbrengsten per productgroep. De baten en lasten zijn weergegeven aan de hand van het format dat met de Gelderse Omgevingsdiensten onderling is afgesproken. Voor de toelichting op de programma’s wordt verwezen naar de desbetreffende beleidshoofdstukken. Baten en lasten naar kosten categorieën Omschrijving
2021
2022
2022
Realisatie
Gewijzigde begroting
Realisatie Periode P12
6.602
6.746
8.066 843
Periode P12
x € 1.000 LASTEN
44
'
1
Personele kosten/Inhuur en diensten derden*
2
Organisatiekosten
641
750
3
Organisatieontwikkeling en SPP
35
107
16
4
Bovenregionale taken
542
346
347
5
Organisatie ondersteuning
567
615
617
6
Algemene lasten
0
28
0
Totaal Lasten
8.387
8.592
9.889
BATEN 21
Bijdragen van derden
407
79
480
25
Bijdragen deelnemers
8.084 8.491
8.513 8.592
9.025 9.505
104
0
-384
Totaal Baten Resultaat reguliere bedrijfsvoering Verrekening resultaat (t-1) 26
Verrekening met deelnemers rekeningsaldo
-395
27
Bijdrage/Onttrekking algemene reserve
395 104
Gerealiseerde resultaat
-104 0
104 -384
44
Toelichting overzicht van baten en lasten LASTEN (€ 1.297.000 nadelig) Personeelskosten/ Inhuur en diensten derden (€ 1.320.000 nadelig) De personele kosten en inhuur diensten derden bestaan uit de kosten van eigen personeel en de capaciteit van derden die wordt ingehuurd. Deze inhuur betreft zowel detacheringen als gerichte dienstverlening door bureaus. De capaciteit van derden is de flexibele schil naast de eigen capaciteit van de ODA. Opbrengsten uit detachering van medewerkers van de ODA komen ten gunste van deze post. De totale lasten vallen ruim € 1.320.000 hoger uit. Door toenemende werkzaamheden in combinatie het zeer lastig kunnen invullen van vacatures, ziekte en het starten van trainees liggen de kosten hoger dan begroot. Hier staan echter deels ook hogere opbrengsten tegenover. Organisatiekosten (€ 93.000 nadelig) De organisatiekosten worden gevormd door de verschillende vormen van bijkomende kosten voor personeel en organisatie. De ODA heeft meer kosten gemaakt voor opleidingen en minder voor reiskosten. Het nadelige effect op de organisatiekosten is voornamelijk de dotatie aan de verplichte, voor ons nieuwe, voorziening verlofsparen. Medewerkers kunnen vanaf 1 januari 2022 bovenwettelijke vakantie-uren sparen. Hiervoor hebben wij een voorziening getroffen waar wij in 2022 een dotatie doen van € 90.720.
Deze dotatie is gebaseerd op: 1 het verlof uit voormalige verlofspaarmogelijkheden, 2. bovenwettelijke vakantie-uren bij onregelmatig werken en beschikbaarheidsdienst, 3. de bovenwettelijke vakantie-uren en 4. de bovenwettelijke vakantie-uren gekocht uit het IKB. Organisatieontwikkeling en SPP (€ 91.000 voordelig) De kosten hangen samen met de ontwikkeling van de informatievoorziening van de gemeenschappelijke Omgevingsdiensten in het Gelders stelsel. Er bleven middelen over op de ontwikkeling en beheer van I-Go een informatie uitwisselingsysteem. Daarnaast blijven er middelen over voor ontwikkelingen ICT voorzieningen. De verwachting is dat deze middelen in 2023 weer benut zullen worden voor de inzet van Power BI. Bovenregionale taken ( € 1.000 nadelig) Bovenregionale taken (x € 1.000) Omschrijving
2021 Realisatie
2022 Primaire begroting
2022 gewijzigde begroting
2022 Realisatie
OD De Vallei - Kwaliteit en coördinatie stelsel
18
21
21
17
OD Rivierenland - Ketentoezicht
79
77
77
72
OD Veluwe en IJssel - Portaal en kenniscentrum
55
83
82
74
OD Regio Nijmegen - C omplexe vergunningverlening
133
326
OD Regio Arnhem - C omplexe handhaving, meetdienst en bezwaar en beroep
147
159
41
110
OD Noord Veluwe - Bestuurlijke Strafbeschikking Milieu
10
10
10
8
OD Achterhoek - Personeel en Organisatie
97
119
90
66
Diversen
3
25
25
0
542
821
346
347
Totaal
0
45
45
De totale uitgaven aan de partners in het stelsel bedragen € 347.000,-. Binnen de uitgaven is een onderscheid te maken tussen de pure bovenregionale taak die als organisatiekosten/overhead gelden en kosten die betrekking hebben op dienstverlening op de primaire processen vergunningverlening en toezicht en handhaving. Organisatie ondersteuning ( € 2.000 nadelig) Ondersteunende dienst (x € 1.000) Omschrijving
2021
2022
2022
Realisatie
Begroting
Realisatie
Berkelland - Financieel (beheer)
39
43
39
Bronckhorst - Huisvesting en Fac. Ondersteuning
150
159
159
Doetinchem - Informatisering en automatisering
347
381
388
Lochem - Personeel- en salarisadministratie) Totaal
31
32
31
567
615
617
De hogere kosten van de ICT ondersteuning betreffen hogere kosten voor telefonie doorbelasting netwerk, apparatuur. Algemene lasten (€ 28.000) Deze post wordt gebruikt ter dekking van hogere kosten voor personele capaciteit en inhuur derden; als zodanig begroot om flexibel in te zetten. Werkelijke uitgaven vinden plaats op de andere kostencategorieën.
BATEN (€ 913.000 voordelig) Bijdragen van derden (€ 401.000 voordelig) Onder bijdrage derden zijn de opbrengsten verantwoord die buiten de reguliere partner werkzaamheden worden verkregen. Deze bestaat uit verschillende onderdelen. Ten eerste betreft het de inzet die we hebben geleverd voor de aanpak en ondersteuning van de stikstofdossiers bij de Provincie e.e.a. gestart in 2020. Daarnaast hebben we verdere inzet gepleegd op de coördinatie van de groene BOA’s zoals dat eveneens was opgestart in 2020. Een project vanuit de Provincie. De ODA heeft subsidie ontvangen ter ondersteuning van de regionale archeologie voor de komende 4 jaar met een bedrag van € 20.000 per jaar. Tevens is er een tegemoetkoming, in de vorm van een subsidie van € 8.000 ontvangen vanuit de provincie ter versterking van de boa’s. Deze is ingezet voor de aanschaf van uitrustig. Ook zijn er vanuit het ministeries twee specifieke uitkeringen ontvangen, namelijk een uitkering IPB (interbestuurlijk programma) en een uitkering energietoezicht. De onderstaande bedragen dekken de, in 2022 gemaakte, kosten. Voor het overige betreft het kleinere bijdragen zoals de participatie in het PGS en inzet voor thema groepen externe veiligheid. De bijdrage die we andere partners vragen voor de stelseltaak P&O is eveneens verantwoord onder deze post.
Specificatie bijdrage derden (x € 1.000) Omschrijving Bijdrage stelseltaak HRM - Gelders stelsel Subsidie archeologie- bevordering en ondersteuning Ondersteuning Stikstofdossiers Provincie
2022
2022
Begroot
Realisatie
75
59 20 219
Asbestdaksanering
15
Bijdrage opleiding circulaire econoie
10
Bijdrage inzet groene BOA's
67
Subsidie groene boa's
8
Specifieke uitkering IBP
14
Subsidie project Werken aan de toekomst
32
Specifieke uitkering Energietoezicht
23
Overige
4
13
Totaal
79
480
46
46
Bijdragen deelnemers (€ 512.000 voordelig) Bijdrage per deelnemer (x € 1.000)
2021
2022
2022
Realisatie
Gewijzigde begroting
Realisatie
469
483
554
1.185
1.361
1.082
Bronckhorst
921
1.026
1.010
Doetinchem
1.076
1.078
1.164
Lochem
771
709
866
Montferland
442
351
636
Oost Gelre
1.067
1.124
1.219
Oude IJsselstreek
665
700
927
Winterswijk
604
674
741
Zutphen
597
609
687
Provincie Gelderland/ ODRA
252
398
174
C orrectie workshops 2021
34
0
-34
8.084
8.513
9.025
Aalten Berkelland
Totaal
De bijdrage van de partners was geraamd op € 8.513.000 en komt dit jaar ruim hoger uit. We zien dat de vraag vanuit de partners sterk is toegenomen. De grootste stijging is zichtbaar binnen specialistische adviezen. De verschillen per partner zijn in de afzonderlijke partner rapportages toegelicht.
Verrekening resultaat 2021 Vorig jaar sloot de ODA af met een positief resultaat. De partners hebben, conform AB besluit, een bedrag teruggestort gekregen van in totaal € 104.000,-. Dit bedrag is betaald vanuit de algemene reserve.
Incidentele baten en lasten x € 1.000 Baten n.v.t
Totaal nadelig
0
Kosten Lagere deelnemersbijdrage; personele inzet; diensten derden Eenmalige uitkering personeel Dotatie aan voorziening spaarverlof Inzet trainees Lagere organisatiekosten/organisatieontwikkeling Algemene lasten Totaal nadelig
-305 -43 -91 -62 89 28 -384
Totaal per saldo voordelig
-384
I I S I I I
I = Incidenteel S= Structureel
47
47
De meeste verschillen zijn van tijdelijke aard. Afwijkingen in omzet en personele inzet, tezamen met de inzet vanuit de ketenpartners, bezien we als communicerende vaten. Hogere vraag maken we mogelijk door inzet vanuit de flexibele schil die als het ware meebeweegt met meer of minder omzet. Door het lastig invullen van vacatures en ziekte hebben we, naast de hogere vraag, ook voor deze gemiste capaciteit een beroep moeten doen op externe inzet om de werkzaamheden te kunnen verrichten. Per saldo leidt de hogere externe inzet bij aan een tekort. Deze verklaren we door het hogere uurtarief dat betaald moet worden voor de externe inzet waardoor de dekkingsbijdrage op de vaste kosten minder wordt. Met het zelf opleiden van trainees hopen we de afhankelijkheid van externe inzet voor de komende jaren te verminderen. Dat leidt nu tot extra kosten maar op termijn tot minder externe inzet. De lagere kosten voor ICT ontwikkelingen en informatievoorziening zijn ook van tijdelijke aard. De verwachting is dat deze middelen in 2023 weer nodig zullen zijn voor de ontwikkeling van o.a. Power BI. De hogere kosten vanwege de nieuwe cao uit 2022 (en daarmee de mogelijkheid om bovenwettelijke uren te blijven sparen) zijn van structurele aard. Jaarlijks zullen wij hogere kosten hebben de reservering/voorziening voor deze bovenwettelijke verlofuren.
We zullen de opgenomen, en niet opgenomen, uren strak gaan monitoren. Structureel lagere kosten worden vertaald naar de begroting.
Aldus opgemaakt door het Dagelijks Bestuur van de Omgevingsdienst Achterhoek, Bronckhorst, 22 februari 2022.
48
48
Bijlage: SiSa verantwoordingsinformatie
49
49