CConstaterende datOost Gelre
Koppel je AI →
Document · PDF

begroting son 2022

Gemeenteraad 9 juni 2021, gemeente Oost GelreBij agendapunt: Begroting SON 2022 / Jaarstukken 202013.650 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

De aan taakvelden toe te rekenen rente (renteomslag) Renteresultaat op het taakveld treasury

47.700

47.700 n.v.t. n.v.t. 47.700 47.700 n.v.t. n.v.t. -

28

Ontwikkeling EMU-saldo Het EMU-saldo is het saldo van inkomsten en uitgaven op transactiebasis in een bepaalde periode. Hieronder wordt de ontwikkeling hiervan weergegeven in de meerjarenbegroting: Berekening EMU-saldo 1 Exploitatiesaldo vóór toevoeging aan c.q. onttrekking uit reserves (zie BBV, artikel 17c)

2021

2022

2023

2024

2025

-

-

-

-

-

2 Afschrijvingen ten laste van de exploitatie

380.000

380.000

380.000

380.000

380.000

3 Bruto dotaties aan de post voorzieningen ten laste van de exploitatie

77.700

77.700

77.700

77.700

77.700

4 Investeringen in (im)materiële vaste activa die op de balans worden geactiveerd

-216.700

-413.600

-517.000

-875.300

-172.300

5 Baten uit bijdragen van andere overheden, de Europese Unie en overigen, die niet op de exploitatie zijn verantwoord en niet al in mindering zijn gebracht bij post 4

-

-

-

-

-

6 Desinvesteringen in (im)materiële vaste activa: Baten uit desinvesteringen in (im)materiële vaste activa (tegen verkoopprijs), voor zover niet op exploitatie verantwoord

-

-

-

-

-

7 Aankoop van grond en de uitgaven aan bouw-, woonrijp maken e.d. (alleen transacties met derden die niet op de exploitatie staan)

-

-

-

-

-

8 Baten bouwgrondexploitatie: Baten voorzover transacties niet op exploitatie verantwoord

-

-

-

-

-

9 Lasten op balanspost Voorzieningen voorzover deze transacties met derden betreffen

-

-

-

-

-

10 Lasten ivm transacties met derden, die niet via de onder post 1 genoemde exploitatie lopen, maar rechtstreeks ten laste van de reserves (inclusief fondsen en dergelijke) worden gebracht en die nog niet vallen onder één van bovenstaande posten

-

-

-

-

-

11 Verkoop van effecten: a Gaat u effecten verkopen? (ja/nee) bZo ja wat is bij verkoop de verwachte boekwinst op de exploitatie?

-

-

-

-

-

241.000

44.100

-59.300

-417.600

285.400

Berekend EMU-saldo

29

1.4.4. Verbonden partijen De Stadsbank Oost Nederland heeft geen verbonden partijen maar is wel verbonden partij van de aangesloten gemeenten.

1.4.5. Bedrijfsvoering In deze paragraaf wordt aandacht besteed aan de beleidsmatige, toekomstgerichte aspecten van de bedrijfsvoering. a. Kostenbewustzijn Door werkprocessen te innoveren, digitaliseren en automatiseren slaagt de Stadsbank erin de kwaliteit van de dienstverlening te optimaliseren, waarbij het personeel efficiënter kan worden ingezet. De klanten worden gestimuleerd zoveel mogelijk gebruik te maken van de portal ‘Mijn Stadsbank’. Door effectieve inkoop worden de materiële kosten teruggedrongen. Hierbij wordt in voorkomende gevallen gebruik gemaakt van externe expertise en de mogelijkheden bij de deelnemende gemeenten. b. Investeringsbeleid De Stadsbank zet in op duurzame investeringen, gericht op innovatie, verdergaande digitalisering van processen en maatschappelijk verantwoord ondernemen. c. Organisatiestructuur De organisatie van de Stadsbank is integraal rondom de klant georganiseerd. Er zijn integrale klantteams met klantmanagers gevormd, waarin de verschillende disciplines van de dienstverlening zijn gebundeld. Meerdere klantteams vormen samen een gebiedsteam, die per regio zijn ingedeeld. Deze gebiedsteams worden aangestuurd door twee managers. Daarnaast is er een afdeling beschermingsbewind, die ook wordt aangestuurd door een manager. De gebiedsteams en afdeling beschermingsbewind worden ondersteund door een stafafdeling. d.

Administratieve organisatie en interne controle De (werk)processen zijn ingericht op basis van het nieuwe dienstverleningsmodel en het handboek Administratieve Organisatie. De interne controle is geïntensiveerd, waarbij gebruik wordt gemaakt van de mogelijkheden van automatisering van zowel processen als controles. e. Informatie en automatisering Het technisch beheer en de infrastructuur zijn voor het grootste gedeelte bij externe partners ondergebracht. Het Applicatiebeheer vindt plaats in eigen beheer. Er zijn in de overeenkomsten met partners afspraken gemaakt over het beschermen van data en gegevens tegen cybercriminaliteit en datalekken. Daarbij zijn ook de dragers van persoons- en bedrijfsgegevens beschermd tegen datalekken (denk aan mobiele telefoons en laptops).

30

f.

(Management)informatievoorziening

In 2020 zijn tweemaandelijkse managementrapportages opgesteld, waarbij in één oogopslag de ontwikkeling van de belangrijkste stuurindicatoren is weergegeven, met daarachter toelichtende overzichten. Ook heeft een verdere digitalisering van de informatievoorziening plaatsgevonden. De managementinformatie en inrichting van dashboards worden in 2021 en 2022 doorontwikkeld. g. Marktkansen en –bedreigingen Door middel van de gevormde gebiedsteams en klantteams wordt klantvriendelijker en waar mogelijk op locatie dichtbij de klant gewerkt. De Stadsbank kijkt samen met de burger naar hoe het probleem kan worden opgelost en hoe een probleem in de toekomst kan worden voorkomen. Hierbij worden nieuwe initiatieven ontwikkeld, waarbij ingespeeld wordt op de veranderende vraag in de schuldhulpverlening en de versterking van de verbinding met ketenpartners en vrijwilligers. Door deze korte lijnen kunnen effectief verbindingen worden gelegd met andere beleidsterreinen en de ontwikkelingen in het sociaal domein. h. Risicomanagement De kaders voor het weerstandsvermogen en de risicobeheersing zijn vastgesteld in de beleidsnota ‘Weerstandsvermogen en Risicobeheersing Stadsbank Oost Nederland 2020 – 2023’. Organisatie breed wordt periodiek een risicoanalyse uitgevoerd. Ook wordt specifiek aandacht geschonken aan de cultuuraspecten en de bewustwording bij het personeel.

Medewerkers van de Stadsbank worden bewust gemaakt van de risico’s die kunnen optreden bij het onzorgvuldig omgaan met persoons- en bedrijfsgegevens en de gevolgen die dit met zich meebrengt. Naast preventie wordt aandacht geschonken aan gevolgmaatregelen bij het optreden van datalekken. Er kunnen financiële risico’s optreden, als de Stadsbank voor een deel van haar activiteiten Vennootschapsbelasting moet afdragen op de hiermee behaalde winst. Op dit moment is de Stadsbank vrijgesteld van vennootschapsbelasting. i.

Informatiebeveiligingsbeleid en privacy

De Stadsbank moet voldoen aan de wijzigingen in de relevante landelijke en Europese wet- en regelgeving op deze terreinen. Hierbij wordt aangesloten bij de modellen die in het kader van de Baseline Informatiebeveiliging Overheid (BIO) zijn opgesteld. Er wordt een digitale tool ingezet om de maatregelen in de informatiebeveiliging en privacy permanent te kunnen beheersen, monitoren, evalueren en aan te passen/actualiseren. De Stadsbank past vanaf 25 mei 2018 de Algemene Verordening Gegevensbescherming (AVG) toe. In het verwerkingsregister worden de overeenkomsten geregistreerd met afspraken over de verwerking van persoonsgegevens door leveranciers/partners (verwerkingsovereenkomsten). Ook wordt een procedure gehanteerd voor het melden van incidenten en datalekken. Voor de beheersing van de informatiebeveiliging en privacy wordt structurele capaciteit ingezet voor de functies Chief Information Security Officer (CISO), de Security Officer (SO) en de Functionaris Gegevensbescherming (FG).

31

2. Financiële begroting 2.1. Overzicht van Baten en Lasten in de begroting 2022 In dit overzicht geven wij de lasten en baten van de programma’s weer. Tevens wordt inzicht gegeven in het geraamde resultaat.

Programmarekening

LASTEN (bedragen in €)

Primitief 2022

Programma 1: Financieel-maatschappelijke dienstverlening/voorzieningen Subtotaal

6.100.200

Algemene dekkingsmiddelen

-

Overhead

6.100.200 4.631.500

Heffing VPB

-

Bedrag onvoorzien

-

TOTAAL LASTEN

10.731.700

BATEN (bedragen in €) Programma 1: Financieel-maatschappelijke dienstverlening/voorzieningen Subtotaal

10.731.700

Algemene dekkingsmiddelen

-

Overhead

-

Heffing VPB

-

Bedrag onvoorzien

-

10.731.700

TOTAAL BATEN

10.731.700

TOTAAL LASTEN TOTAAL BATEN

10.731.700 10.731.700

GEPROGNOSTICEERD SALDO VAN BATEN EN LASTEN

32

Taakvelden

LASTEN (bedragen in €)

Primitief 2022

0.4 Overhead

4.631.500

0.5 Treasury

-

6.71 Maatwerkdienstverlening 18+, onderdeel Schuldhulpverlening

6.100.200

TOTAAL LASTEN

10.731.700

BATEN (bedragen in €) 0.4 Overhead 0.5 Treasury 6.71 Maatwerkdienstverlening 18+, onderdeel Schuldhulpverlening TOTAAL BATEN TOTAAL LASTEN TOTAAL BATEN GEPROGNOSTICEERD SALDO VAN BATEN EN LASTEN

10.731.700 10.731.700 10.731.700 10.731.700 -

Zowel de indeling op taakvelden als programmarekening bevat het geprognosticeerde saldo van baten en lasten vóór de mutaties in de Algemene Reserve. De Primitieve Begroting 2022 sluit op nul.

33

Mutaties in de reservepositie

(bedragen in €)

TOTAAL LASTEN TOTAAL BATEN GEPROGNOSTICEERD SALDO VAN BATEN EN LASTEN

Primitief 2022

10.731.800 10.731.800 -

Toevoeging/onttrekking aan reserves

-

TE REALISEREN RESULTAAT

-

Uitgangspunten begroting 2022-2025 De primaire diensten betreffen directe kosten die worden doorberekend als kostprijs per dienst. De materiele kosten en ondersteunde diensten worden als indirecte kosten middels de jaarlijkse bestaansbijdrage (bestaanskosten) voldaan. De totale bijdrage van de gemeenten is in feite een optelsom van een bijdrage in de bestaanskosten (statisch deel) en een bijdrage per dienstafname (dynamisch deel). Elke deelnemende gemeente heeft de mogelijkheid om jaarlijks maximaal 10% en binnen 4 jaar maximaal 20% minder diensten (= aantallen) af te nemen binnen het basispakket en de intake3. Dit vertaalt zich direct in een evenredige mutatie in de direct beïnvloedbare personeelskosten (aantal x tarief) (budgettair betekent dit dat een gemeente grofweg en indicatief in 10-15 % van het gemeentelijke budget voor de Stadsbank kan variëren). Bij een gemeentelijke wijziging in basisdienstverlening en de intake die de bandbreedte van 20% in 4 jaar overschrijdt, geldt een overnameverplichting van het betreffende personeel en doorbetaling van de indirecte kosten voor een bepaalde afbouwperiode. Indien deze situatie zich voordoet worden de financiële gevolgen specifiek voor die desbetreffende gemeente in beeld gebracht.

De primaire begroting 2021, de jaarcijfers uit de jaarrekening 2020 en de richtlijnen en voorwaarden van de deelnemende gemeenten vormen gezamenlijk de leidraad voor de begroting 2022-2025, waarbij coronaeffecten zijn meegenomen. Hierin is immers het meeste recente beleid opgenomen (bestaand beleid). •

Prijsmutaties

De prijs netto materiële overheidsconsumptie (imoc) van de Macro Economische Verkenning (MEV), opgesteld door het Centraal Plan Bureau (CPB), dient als prijsindex voor de prijscompensatie (MEV 2021, bijlage_02_MEV_2021, ‘prijs materiële overheidsconsumptie (imoc)’, september 2020). Op basis van de verwachtingen van het CPB bedraagt deze imoc-index 1,5% voor 2022. Voor de begroting 2022 wordt deze 3

Nota ‘Vormgeving gemeenschappelijke basis & solidariteit binnen GR SON’, juni 2015

34

index met +0,8% gecorrigeerd, betreffende de correcties ten opzichte van de prognoses in de MEV 2020 voor 2019 (+1,0%), 2020 (-0,1%) en 2021 (-0,1%). Voor 2022 wordt dan rekening gehouden met een prijsindexatie van 2,3%. Voor de jaren 2023-2025 wordt de imoc-index van 1,5% doorgetrokken. •

Loonmutaties

Uitgangspunt is de actuele salarisstaat inclusief sociale lasten (personele formatie tegen actueel salaris op 31-12-2020). De laatste CAO voor gemeenteambtenaren had een looptijd tot 31-12-2020. Deze CAO is in de actuele salarisstaat per 31-12-2020 verwerkt. De onderhandelingen voor een nieuwe CAO vanaf 2021 lopen nog. Volgens de publicatie van het CPB in de MEV 2021 (bijlage_02_MEV_2021, ‘loonvoet sector overheid’, september 2020) wordt een loonstijging verwacht van 1,8% in 2021 en 1,5% in 2022. Voor de jaren 20232025 wordt een loonstijging verwacht van respectievelijk 1,9%, 1,9% en 2,2%. Voorgesteld wordt om deze percentages toe te passen op de actuele salarisstaat per 31-12-2020 voor de periode 2022-2025. Voor het jaar 2022 betekent dit een loonstijging van 3,3% (= 1,8% (2021) + 1,5% (2022)) ten opzichte van de actuele salarisstaat per 31-12-2020. Voor de vacatures wordt er van de salariskosten van de functieschaal op het maximum min twee periodieken uitgegaan. Formatie-ontwikkelingen worden afzonderlijk zichtbaar gemaakt. •

Indexering tarieven en bestaanskosten op basis van de loon- en prijsmutaties

De tarieven in de primaire begroting 2021 zijn volledig berekend op basis van de dienstenbeschrijving en bijbehorend werkproces. Uitgaande van een bestaand dienstenaanbod stelt de Stadsbank voor om de tarieven van de diensten in 2022 met 3,3% (= 1,8% (2021) en 1,5% (2022)) te indexeren ten opzichte van de actuele salarisstaat per 31-12-2020; dit aangezien de kostprijs van de diensten volledig uit de personeelscomponent bestaat. In de begrotingsperiode 2023-2025 wordt de tariefindexering doorgetrokken met respectievelijk 1,9% (2023), 1,9% (2024) en 2,2 (2025). De bestaanskosten betreffen zowel een loon- als een materiële component. De indexering voor het jaar 2022 en voor de periode 2023-2025 wordt in de onderstaande tabel weergegeven. Indexering bestaanskosten loonkostencomponent materiële kosten Indexering •

aandeel 45% 55% 100%

2022 3,3% 2,3% 2,8%

2023 1,9% 1,5% 1,7%

2024 1,9% 1,5% 1,7%

2025 2,2% 1,5% 1,8%

Kwantitatieve omvang dienstverlening

De werkelijke omvang van de dienstverlening in 2020, zoals deze later in de jaarrekening 2020 zal worden gepresenteerd, vormt in principe de basis voor de omvang van de dienstverlening in de begroting 2022, waarbij Corona-effecten zijn meegenomen. Dat volumeaantal wordt vooralsnog stabiel gehouden in de meerjarenraming 2023-2025. Er is nog geen rekening gehouden met een hogere benodigde gemeentelijke bijdrage voor de verwachte autonome stijging van het aantal deelnemers in 2021 en 2022 als gevolg van de Corona crisis. In de voortgangsrapportages in de P&C cyclus 2021 en in de Voorjaarsnota 2022 en Najaarsnota 2022 worden de effecten van deze volumestijging op de gemeentelijke bijdragen gemonitord.

35

•

Vervangingsinvesteringen

De vrijval als gevolg van de kapitaaluitgaven die in de begroting zijn afgeschreven, wordt als dekking ingezet voor toekomstige vervangingsinvesteringen. De vervangingsinvesteringen op installaties en gebouwen binnen de Stadsbank Oost Nederland geschieden conform het Meerjaren Onderhoudsbeheersplan. Arbeidskosten gerelateerde verplichtingen

De meerjarenraming 2022-2025 (fte) 2022 Personele formatie Totaal

2023 127,7 127,7

2024 127,7 127,7

2025 127,7 127,7

127,7 127,7

Om snel te kunnen anticiperen op veranderingen in de huidige dienstverlening en met het oog op de toekomstige personele invulling van het door de deelnemende gemeenten gevraagde dienstverleningsmodel, werkt de Stadsbank met een flexibele schil. Deze flexibele schil kent een ondergrens van 10% .

Reservepositie De verwachte reservepositie van de bank ziet er per 31 december 2022 als volgt uit:

Weerstandscapaciteit per 31 december 2022 (bedragen in €) Reserves Algemene reserve Totaal

Bedrag 1.088.300 1.088.300

De volledige staat van reserves en voorzieningen is als bijlage in deze begroting opgenomen.

36

2.2. Meerjarenperspectief 2022 - 2025 De meerjarenraming laat voor de komende jaren het volgende beeld zien: De meerjarenraming 2022-2025 (bedragen in €) Begrotingsjaar 2022 2023 2024 2025

Lasten

Baten

10.731.800 10.915.400 11.110.800 11.333.200

10.731.800 10.915.400 11.110.800 11.333.200

Resultaat van baten en lasten -

Gerealiseerd resultaat -

Het geraamde resultaat van lasten en baten sluit voor de jaren 2022-2025 op nul. Er vinden verder geen mutaties op de Algemene reserve plaats waarna het resultaat elke jaarschijf van de begroting 2022-2025 op nul sluit. Tevens is er een inschatting gemaakt van de noodzakelijke (vervangings-)investeringen die de Stadsbank de komende jaren zal moeten doen. Het betreft hier reguliere vervangingen die vanuit de vrijval van de huidige afschrijvingslast kunnen worden gedekt. Uiteraard zal bij concrete aanschaf of vervanging gekeken worden naar nut en noodzaak van de investering en zal eventuele gezocht worden naar andere innovatieve oplossingen. Er zijn ontwikkelingen in de toekomstige invulling van de omgeving Stadsbank en bij de realisatie hiervan is de aankoop van parkeerplaatsen aan de orde. Op welke termijn dit plaatsvindt is nog onzeker. Het gaat om een aankoop ineens.

37

Toelichting op de meerjarenramingen 2022 - 2025 1. Meerjarenperspectief – programmarekening LASTEN (bedragen in €)

Primitief 2022

Primitief 2023

Primitief 2024

Primitief 2025

Programma 1: Financieel-maatschappelijke dienstverlening/voorzieningen Subtotaal

6.100.200

6.213.800

6.339.900

6.473.800

6.100.200

6.213.800

6.339.900

6.473.800

Algemene dekkingsmiddelen

-

-

-

-

4.631.500

4.701.600

4.770.900

4.859.400

Heffing VPB

-

-

-

-

Bedrag onvoorzien

-

-

-

-

10.731.700

10.915.400

11.110.800

11.333.200

Programma 1: Financieel-maatschappelijke dienstverlening/voorzieningen Subtotaal

10.731.700

10.915.400

11.110.800

11.333.200

10.731.700

10.915.400

11.110.800

11.333.200

Algemene dekkingsmiddelen

-

-

-

-

Overhead

-

-

-

-

Heffing VPB

-

-

-

-

Bedrag onvoorzien

-

-

-

-

TOTAAL BATEN

10.731.700

10.915.400

11.110.800

11.333.200

TOTAAL LASTEN TOTAAL BATEN

10.731.700 10.731.700

10.915.400 10.915.400

11.110.800 11.110.800

11.333.200 11.333.200

-

-

-

-

Overhead

TOTAAL LASTEN

BATEN (bedragen in €)

GEPROGNOSTICEERD SALDO VAN BATEN EN LASTEN

Uit het overzicht blijkt dat de prognose voor de jaren 2022 - 2025 een sluitende begroting laat zien.

2. Arbeidskosten gerelateerde verplichtingen De salarissen, sociale lasten en overige personeelslasten zijn op basis van de vastgestelde uitgangspunten voor de periode 2022 - 2025 in beeld gebracht. De salarissen van het tijdelijk personeel zijn op basis van dezelfde uitgangspunten opgenomen.

38

De meerjarenraming 2022-2025 (bedragen in €) 2022

2023

2024

2025

7.791.613

7.945.064

8.109.687

8.298.242

182.960

186.436

189.979

194.158

7.974.573

8.131.500

8.299.666

8.492.400

Primitief 2022

Primitief 2023

Primitief 2024

Primitief 2025

0.4 Overhead

4.631.500

4.701.600

4.770.900

4.859.400

0.5 Treasury

-

-

-

-

6.71 Maatwerkdienstverlening 18+, onderdeel Schuldhulpverlening

6.100.200

6.213.800

6.339.900

6.473.800

TOTAAL LASTEN

10.731.700

10.915.400

11.110.800

11.333.200

-

-

-

-

10.731.700

10.915.400

11.110.800

11.333.200

10.731.700

10.915.400

11.110.800

11.333.200

10.731.700 10.731.700

10.915.400 10.915.400

11.110.800 11.110.800

11.333.200 11.333.200

-

-

-

-

Salarissen, sociale lasten en overige personeelslasten van het eigen personeel Salarissen van het tijdelijk personeel Totaal

3. Taakvelden

LASTEN (bedragen in €)

BATEN (bedragen in €) 0.4 Overhead 0.5 Treasury 6.71 Maatwerkdienstverlening 18+, onderdeel Schuldhulpverlening TOTAAL BATEN TOTAAL LASTEN TOTAAL BATEN GEPROGNOSTICEERD SALDO VAN BATEN EN LASTEN

39

4. Mutaties in de reservepositie 2022 - 2025

(bedragen in €)

Primitief 2022

Primitief 2023

Primitief 2024

Primitief 2025

10.731.800 10.731.800

10.915.400 10.915.400

11.110.800 11.110.800

11.333.200 11.333.200

-

-

-

-

Toevoeging/onttrekking aan reserves

-

-

-

-

TE REALISEREN RESULTAAT

-

-

-

-

31-12-2022

31-12-2023

31-12-2024

31-12-2025

1.595.700 3.619.100

1.732.700 3.619.100

2.228.000 3.619.100

2.020.300 3.619.100

5.214.800

5.351.800

5.847.100

5.639.400

534.500 9.264.300 903.400

534.500 9.264.300 903.400

534.500 9.264.300 903.400

534.500 9.264.300 903.400

10.702.200 15.917.000

10.702.200 16.054.000

10.702.200 16.549.300

10.702.200 16.341.600

31-12-2022

31-12-2023

31-12-2024

31-12-2025

1.088.300 1.000

1.088.300 17.700

1.088.300 9.900

1.088.300 1.600

2.701.600

2.566.800

2.432.000

2.297.200

3.790.900

3.672.800

3.530.200

3.387.100

11.697.700 428.400

11.952.800 428.400

12.590.700 428.400

12.526.100 428.400

12.126.100 15.917.000

12.381.200 16.054.000

13.019.100 16.549.300

12.954.500 16.341.600

TOTAAL LASTEN TOTAAL BATEN GEPROGNOSTICEERD SALDO VAN BATEN EN LASTEN

5. Geprognosticeerde balans 2022 - 2025 (bedragen in €) ACTIVA Vaste activa Materiële vaste activa Financiële vaste activa Totaal vaste activa Vlottende activa Uitzettingen met een rentetypische looptijd korter dan één jaar Liquide middelen Overlopende activa Totaal vlottende activa TOTAAL ACTIVA (bedragen in €) PASSIVA Vaste passiva Eigen vermogen Voorzieningen Vaste schulden met een rentetypische looptijd van één jaar of langer Totaal vaste passiva Vlottende passiva Netto-vlottende schulden met een rentetypische looptijd korter dan één jaar Overlopende passiva Totaal vlottende passiva TOTAAL PASSIVA

40

2.3. Voorstel tot vaststelling van de begroting De begroting 2022 - 2025 toont het volgende gerealiseerde resultaat van de baten en lasten: Begrotingsjaar 2022: Jaarschijf 2023: Jaarschijf 2024: Jaarschijf 2025:

€ 0,€ 0,€ 0,€ 0,-

Er zijn op basis van de bestaande bestuursbesluiten en beleidsuitgangspunten geen mutaties in de Algemene Reserve doorgevoerd of een extra bijdrage gevraagd van de deelnemende gemeenten. Derhalve heeft de begroting 2022-2025 voor het jaar 2022, evenals voor de jaren 2023-2025, een sluitende begroting. Begrotingsjaar 2022: Jaarschijf 2023: Jaarschijf 2024: Jaarschijf 2025:

€ 0,€ 0,€ 0,€ 0,-

41

Bijlagen

42

Bijlage 1: Categoriale begroting en meerjarenraming

LASTEN (bedragen in €)

Primitief 2022

Primitief 2023

Primitief 2024

Primitief 2025

Personeelslasten totaal

8.217.900

8.378.300

8.550.000

8.746.400

Rente en Afschrijvingen

544.800

539.400

534.200

531.000

Huisvesting

153.000

155.400

157.800

160.200

Bureaukosten

257.200

261.200

265.200

269.200

Beheerskosten

1.481.200

1.503.400

1.525.900

1.548.700

77.700

77.700

77.700

77.700

10.731.800

10.915.400

11.110.800

11.333.200

4.152.500 721.600 393.800 2.604.000 1.681.200 945.900 10.000 134.300 88.500

4.223.100 735.300 393.800 2.663.500 1.713.200 959.500 10.200 136.800 80.000

4.294.900 749.100 393.800 2.724.300 1.745.700 973.200 10.400 139.400 80.000

4.372.200 765.600 393.800 2.794.700 1.784.100 989.700 10.600 142.500 80.000

10.731.800

10.915.400

11.110.800

11.333.200

10.731.800 10.731.800

10.915.400 10.915.400

11.110.800 11.110.800

11.333.200 11.333.200

-

-

-

-

Toevoeging/onttrekking aan reserves

-

-

-

-

TE REALISEREN RESULTAAT

-

-

-

-

Mutaties voorzieningen TOTAAL LASTEN

BATEN (bedragen in €) Bijdrage bestaanskosten Preventie & Voorlichting Indicatiestelling Kredietverstrekking Stabilisatie & Herstel (excl. BW) Beschermingsbewind Minnelijk schuldregelen Nazorg Additionele afspraken Overige Baten TOTAAL BATEN TOTAAL LASTEN TOTAAL BATEN GEPROGNOSTICEERD SALDO VAN BATEN EN LASTEN

43

2.700 27.700 -21.100

-21.100

-/-

27.700

-

-

+

-36.000

-/-

-/-

9.300 27.700 -36.000

9.300

+

1.088.300

1.088.300

1.088.300

Boekwaarde 1-1-2022

Boekwaarde 1-1-2022

-95.000

-95.000

-95.000

TOTAAL VOORZIENINGEN

27.700

+

-

-

-

2.700

Boekwaarde 31-12-2020

223.300

223.300

223.300

-/-

Groot onderhoud

Egalisatievoorzieningen

Soort Voorziening (bedragen in €)

Overzicht Voorzieningen 2022-2025

960.000

960.000

TOTAAL

960.000

subtotaal

Bestemming Boekwaarde resultaat + 31-12-2020 vorig boekjr

Algemene reserve

Algemene reserve

(bedragen in €)

Overzicht Algemene Reserve 2022-2025

-

-

-

-11.000

-/-

-/-

1.000 27.700 -11.000

1.000

+

-

-

+

27.700

1.088.300

1.088.300

1.088.300

Boekwaarde 1-1-2023

-

-

-

Boekwaarde 1-1-2023

-

27.700

+

-

+

-

-

-

27.700

+

-/-

-/-

1.600

1.600

Boekwaarde 31-12-2025

1.088.300

1.088.300

1.088.300

-36.000

-

-

-

Boekwaarde 31-12-2026

9.900 27.700 -36.000

9.900

-

-

+

Boekwaarde 1-1-2025

1.088.300

1.088.300

1.088.300

Boekwaarde 1-1-2025

-35.500

-/-

-/-

17.700 27.700 -35.500

17.700

Boekwaarde 1-1-2024

1.088.300

1.088.300

1.088.300

Boekwaarde 1-1-2024

Bijlage 2: Staat van reserves en voorzieningen

44

Bijlage 3: Investeringen 2022 – 2025

Programma: Algemeen Bestuur (bedragen in €)

2022

2023

2024

2025

Investeringen - Grond en terreinen - Renovatie -en verbouw bedrijfsgebouw - Machines, apparaten en installaties - Overige materiële vaste activa

36.500 377.100

282.000 4.700 230.300

587.700 20.000 267.600

48.300 19.200 104.800

Totaal investeringen

413.600

517.000

875.300

172.300

2022

2023

2024

2025

Budgettaire lasten

Afschr.termijn

Invest.ja ar

- Renovatie- en verbouw bedrijfsgebouw - Renovatie- en verbouw bedrijfsgebouw - Renovatie- en verbouw bedrijfsgebouw

25 jaar 25 jaar 25 jaar

2023 2024 2025

-

11.300 -

11.300 23.500 -

11.300 23.500 1.900

- Machines, apparaten

15 jaar 15 jaar 15 jaar 15 jaar

2022 2023 2024 2025

2.400 -

2.400 300 -

2.400 300 1.300 -

2.400 300 1.300 1.300

- Overige materiële vaste activa

3 - 10 jaar 3 - 10 jaar 3 - 10 jaar 3 - 10 jaar

2022 2023 2024 2025

89.900 92.300

89.900 57.100 149.700

89.900 57.100 57.800 232.300

89.900 57.100 57.800 15.500 251.000

2022

2023

2024

2025

Totaal Investeringen

413.600

517.000

875.300

172.300

Totaal Budgettaire lasten

92.300

149.700

232.300

251.000

2022

2023

2024

2025

Vrijval vervangingsinvesteringen Ten laste van de exploitatie

92.300 -

149.700 -

232.300 -

251.000 -

TOTAAL

92.300

149.700

232.300

251.000

Totaal budgettaire lasten

Dekking budgettaire lasten

45

Bijlage 4: Basis facturatie-systematiek De gemeentelijke bijdrage in de exploitatie van de Stadsbank Oost Nederland is gebaseerd op de declaratie van de verzorgde dienstverlening en het aandeel in de kosten van het programma Algemeen Bestuur (= bestaanskosten). De verzorgde dienstverlening bestaat uit de basisdienstverlening en de optionele (= additionele) dienstverlening. De basisdienstverlening wordt in rekening gebracht op basis van aantal x standaardtarief. Met betrekking tot de optionele dienstverlening worden maatwerkafspraken gemaakt. Het gemeentelijke aandeel in de begrote kosten van het programma Algemeen Bestuur wordt naar rato bepaald door de afgenomen dienstverlening (75%) en het aantal huishoudens (25%) van de betreffende gemeente. De opbrengsten uit deposito worden in mindering gebracht op de bestaanskosten. Deze bekostigingssystematiek is door het Algemeen Bestuur vastgesteld op 25 juni 2015.

Primitieve begroting 2022 per gemeente Huishoudens* abs.

Standaard dienstverlening (excl. Bewind)

Bijdrage bestaanskosten

Additionele dienstverlening

Totaal bijdrage gemeenten Primitief 2022

Aalten Almelo Berkelland Borne Bronckhorst Dinkelland Enschede Haaksbergen Hellendoorn Hengelo OV Hof van Twente Lochem Losser Montferland Oldenzaal Oost Gelre Oude IJsselstreek Rijssen - Holten Tubbergen Twenterand Wierden Winterswijk

11.513 32.714 18.830 9.738 15.479 10.361 79.459 10.217 14.721 38.016 14.937 14.787 9.392 15.677 14.035 12.428 17.079 14.326 8.159 13.184 9.633 12.772

46.946 386.742 105.365 59.344 65.538 30.953 1.034.588 51.506 78.008 222.970 100.394 66.960 47.905 108.445 94.355 68.296 112.703 78.156 27.572 32.774 42.951 135.257

76.008 423.286 144.466 88.838 90.133 54.892 1.316.768 86.659 105.001 396.207 135.837 140.126 70.456 157.747 136.285 89.637 174.523 95.541 44.760 92.240 51.426 181.663

19.056 5.804 10.664 9.357 7.990 190.365 10.221 1.842 12.117 1.277 22.316 24.535 8.822 16.711 3.710 1.514 105.310 29.371

142.010 815.832 260.494 157.539 155.670 93.835 2.541.721 138.165 183.009 629.398 238.074 219.203 119.638 288.508 255.175 166.755 303.938 177.407 73.846 230.324 94.378 346.291

Totaal

397.457

Gemeente

€

2.997.727

€

4.152.500

€

480.981

€

7.631.208

Totaal bijdrage gemeenten Primair 2021

€

Verschil

139.841 809.546 260.242 157.800 155.369 91.816 2.549.407 138.202 173.970 622.792 227.159 220.127 116.708 290.140 255.903 162.603 299.008 178.612 73.449 230.475 94.149 339.045

1,55% 0,78% 0,10% -0,17% 0,19% 2,20% -0,30% -0,03% 5,20% 1,06% 4,81% -0,42% 2,51% -0,56% -0,28% 2,55% 1,65% -0,67% 0,54% -0,07% 0,24% 2,14%

7.586.363

0,59%

* * bron CBS 2020

In de totale bijdrage van de gemeenten is een prijscompensatie (3,3% voor de dienstverlening en 2,8% voor de bijdrage in de bestaanskosten) doorgerekend. Maar gezien de lagere dienstafname in 2020 vanwege de situatie rondom covid-19 is de totale gemeentelijke bijdrage nauwelijks gestegen in deze Primitieve begroting 2022 ten opzichte van de Primaire begroting 2021. De gemeenten Hellendoorn en Hof van Twente vertonen een stijging boven de prijscompensatie. Deze stijging betreft autonome ontwikkelingen in het laatste kwartaal van 2020, waarin een stijging in Indicatiestellingen, Budgetbeheer opstart en 46

Bemiddeling schuldregeling heeft plaatsgevonden ten opzichte van de prognose in de Primaire begroting 2021.

Bijlage 5: Meerjarenraming per gemeente

Huishoudens* abs.

Standaard dienstverlening (excl. Bewind)

Bijdrage bestaanskosten

Additionele dienstverlening

Totaal bijdrage gemeenten Primitief 2023

Aalten Almelo Berkelland Borne Bronckhorst Dinkelland Enschede Haaksbergen Hellendoorn Hengelo OV Hof van Twente Lochem Losser Montferland Oldenzaal Oost Gelre Oude IJsselstreek Rijssen - Holten Tubbergen Twenterand Wierden Winterswijk

11.513 32.714 18.830 9.738 15.479 10.361 79.459 10.217 14.721 38.016 14.937 14.787 9.392 15.677 14.035 12.428 17.079 14.326 8.159 13.184 9.633 12.772

47.840 394.089 107.369 60.472 66.784 31.542 1.056.520 52.485 79.491 227.212 102.303 68.234 48.813 110.506 96.149 69.595 114.848 79.644 28.096 33.395 43.767 137.828

77.142 429.604 146.622 90.164 91.478 55.711 1.336.420 87.952 106.568 410.747 137.865 142.217 71.508 160.101 138.319 90.975 177.128 96.967 45.428 93.617 52.194 184.375

19.418 5.914 10.866 9.535 8.142 200.492 10.416 1.877 12.347 1.301 24.041 25.001 8.989 17.029 3.781 1.543 107.312 29.929

144.400 829.606 264.857 160.171 158.262 95.396 2.593.431 140.437 186.059 648.375 242.045 222.798 121.622 294.648 259.469 169.558 309.006 180.391 75.067 234.323 95.961 352.131

Totaal

397.457

Gemeente

€

3.056.980

€

4.223.100

€

497.934

€

7.778.014

* * bron CBS 2020

47

Huishoudens* abs.

Standaard dienstverlening (excl. Bewind)

Bijdrage bestaanskosten

Additionele dienstverlening

Totaal bijdrage gemeenten Primitief 2024

Aalten Almelo Berkelland Borne Bronckhorst Dinkelland Enschede Haaksbergen Hellendoorn Hengelo OV Hof van Twente Lochem Losser Montferland Oldenzaal Oost Gelre Oude IJsselstreek Rijssen - Holten Tubbergen Twenterand Wierden Winterswijk

11.513 32.714 18.830 9.738 15.479 10.361 79.459 10.217 14.721 38.016 14.937 14.787 9.392 15.677 14.035 12.428 17.079 14.326 8.159 13.184 9.633 12.772

48.747 401.541 109.400 61.616 68.048 32.139 1.078.820 53.478 80.994 231.517 104.239 69.525 49.734 112.595 97.968 70.910 117.025 81.152 28.628 34.025 44.594 140.435

78.453 436.908 149.115 91.697 93.033 56.659 1.359.141 89.448 108.380 417.731 140.209 144.635 72.724 162.823 140.671 92.522 180.140 98.615 46.200 95.208 53.081 187.509

19.787 6.026 11.072 9.716 8.297 210.926 10.611 1.913 12.582 1.326 25.823 25.476 9.160 17.352 3.852 1.572 109.349 30.497

146.987 844.475 269.587 163.029 161.081 97.095 2.648.887 142.926 189.374 659.859 246.361 226.742 123.783 301.241 264.114 172.591 314.516 183.620 76.400 238.583 97.676 358.441

Totaal

397.457

Gemeente

€

3.117.131

€

4.294.900

€

515.337

€

7.927.368

* * bron CBS 2020

48

Huishoudens* abs.

Standaard dienstverlening (excl. Bewind)

Bijdrage bestaanskosten

Additionele dienstverlening

Totaal bijdrage gemeenten Primitief 2025

Aalten Almelo Berkelland Borne Bronckhorst Dinkelland Enschede Haaksbergen Hellendoorn Hengelo OV Hof van Twente Lochem Losser Montferland Oldenzaal Oost Gelre Oude IJsselstreek Rijssen - Holten Tubbergen Twenterand Wierden Winterswijk

11.513 32.714 18.830 9.738 15.479 10.361 79.459 10.217 14.721 38.016 14.937 14.787 9.392 15.677 14.035 12.428 17.079 14.326 8.159 13.184 9.633 12.772

49.821 410.380 111.809 62.974 69.546 32.847 1.104.936 54.656 82.778 236.620 106.535 71.055 50.828 115.075 100.125 72.471 119.604 82.940 29.258 34.774 45.576 143.527

79.866 444.771 151.799 93.347 94.707 57.678 1.383.603 91.058 110.330 425.249 142.732 147.238 74.033 165.754 143.203 94.187 183.382 100.390 47.032 96.922 54.037 190.884

20.223 6.159 11.316 9.930 8.480 222.345 10.844 1.955 12.859 1.355 27.747 26.037 9.361 17.734 3.937 1.607 111.755 31.168

149.909 861.310 274.923 166.251 164.254 99.005 2.710.884 145.714 193.108 672.712 251.222 231.152 126.215 308.575 269.364 176.019 320.719 187.267 77.897 243.451 99.613 365.579

Totaal

397.457

Gemeente

€

3.188.133

€

4.372.200

€

534.810

€

8.095.143

* * bron CBS 2020

49

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/10245531/1