CConstaterende datOost Gelre
Koppel je AI →
Document · PDF

antwoordmemo technische vragen OOG 23-09-2025 verordening lokaal zeggenschap

Gemeenteraad 23 september 2025, gemeente Oost GelreBij agendapunt: Verordening lokaal zeggenschap en eigendom bij grootschalige windenergieprojecten Oost Gelre 20261.519 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

MEMO Datum

: 18 september 2025

Van

: Wethouder Teselink

Aan

: Leden van de raad

Onderwerp

: Beantwoording technische vragen OOG Verordening Lokaal Eigendom

Onderstaand vindt u de antwoorden op de technische vragen van de fractie van OOG met betrekking tot de verordening Lokaal Eigendom. Provinciale Staten van Gelderland hebben op 2 juli het besluit genomen om een tijdelijke provinciale afstandsnorm tot woningen in te voeren van 2x de tiphoogte van windmolens. Deze worden ‘overruled’ zodra de landelijke normen gelden. Echter, hiervoor is geen milieueffectrapportage (MER) gemaakt. Vraag 1.Op welke manier en door wie is er getoetst of deze tijdelijke afstandsnorm juridisch voldoende basis heeft om als eis te dienen aan initiatiefnemers? Antwoord: Dit zal de komende maanden duidelijk worden. De Provinciale Staten hebben in juli 2025 ingestemd met een voorstel om te komen tot een minimale afstandsnorm tussen windturbines en 'geluidsgevoelige objecten' zoals woningen. Een voorstel van de BBB en SGP om die norm vast te stellen op twee keer de 'tiphoogte', de afstand van de voet van de turbine tot de tip van de wiek, kreeg een meerderheid (31-22) achter zich. Gedeputeerde Ans Mol (BBB) gaat uitwerken hoe de afstandsnorm in de omgevingsverordening van de provincie verankerd kan worden. Ook heeft zij de opdracht gekregen binnen zes maanden uit te zoeken of twee keer de tiphoogte voldoende is om 'bescherming' te bieden.

In het raadsvoorstel staat dat de gemeentes pas een formele aanvraag in behandeling zullen nemen als Oost Gelre samen met de provincie en Berkelland duidelijkheid kunnen geven over de afstand tussen woningen en windmolens. Vraag 2. Wat is het uitgangspunt hiervoor : de definitieve landelijke milieunormen, de definitieve provinciale afstandsnorm tot woningen of de onderbouwde eigen norm? Antwoord: Op 8 april van dit jaar heeft u ingestemd met het beleidsdocument Grote Windmolens. Bij de totstandkoming van dit beleidsdocument is ervan uitgegaan dat de concept-landelijke normen op 1 januari 2026 definitief zouden worden. In juni van dit jaar werd bekend dat de definitieve landelijke normen opnieuw uitgesteld zijn, in ieder geval tot 1 januari 2027. De Provinciale Staten hebben in juli ingestemd met het onderzoeken en invoeren van een eigen minimale afstandsnorm voor windturbines, twee keer de tiphoogte tot geluidsgevoelige objecten, zoals woningen. Het college van Gedeputeerde Staten moet dit nog verwerken in de provinciale regels. Wanneer een initiatiefnemer zich meldt voordat de landelijke normen definitief zijn, dan gaan wij hierover in overleg met het bevoegd gezag (provincie).

Volgens de verordening wordt onder “Lokale Partijen” verstaan : A) Personen of organisaties die woonachtig of gevestigd zijn binnen een straal van 2.500 meter of de afstand van tien keer de tiphoogte van de windturbine, gerekend vanaf de voet van de windturbine. B) Personen of organisaties die wonen of gevestigd zijn in de gemeente Oost Gelre of in een aangrenzende buurgemeente, en een aantoonbare binding hebben met de gemeente waarin zij wonen of gevestigd zijn. Deze definitie is cruciaal aangezien ze gebruikt wordt voor eisen aan initiatiefnemers met een resultaatverplichtend karakter. Daarmee vormt dit een drempel ten gunste van lokale initiatiefnemers.

Vraag 3. Waarom wordt de straal van 2500 meter gekozen en niet alle inwoners en organisaties van Oost Gelre als lokale partij benoemd? Antwoord: Onder A) staat dat personen of organisaties die woonachtig of gevestigd zijn binnen een straal van 2.500 meter of de afstand van tien keer de tiphoogte van de windturbine, gerekend vanaf de voet van de windturbine worden gezien als de groep die het meeste hinder zullen ondervinden wanneer er windmolens geplaatst worden. Dit kan tot uitdrukking komen bij de bepaling van hun aandeel in het lokaal eigendom. Maar zoals de definitie onder B) al aangeeft: “Personen of organisaties die wonen of gevestigd zijn in de gemeente Oost Gelre . . . “ worden overige inwoners en organisaties binnen onze gemeente ook gezien als lokale partij, en mogen dus ook meedoen/-delen in een vorm van lokaal eigendom en dus niet uitgesloten als lokale partij. Vraag 4. Lichtenvoorde Zuid ligt hemelsbreed op enkele honderden meters afstand van de windmolens in het Aaltense Goor. Kunt u er voor zorgen dat de gemeente Aalten soortgelijke eisen op neemt in haar verordening? Antwoord: De gemeenten in de Achterhoek wisselen kennis uit over lokaal eigendom. Gemeente Aalten kan kennis nemen van onze verordening wanneer deze vastgesteld is. Wanneer gemeente Aalten dat wil, kunnen zij elementen uit onze verordening overnemen.

Maar dit bepaalt (de gemeenteraad) van gemeente Aalten zelf. Daar kunnen wij niet voor zorgen. Volgens de verordening is aan de inspanningsverplichting in ieder geval niet voldaan als er geen aantoonbaar contact is geweest met bestaande lokale partijen, energiegemeenschappen en organisaties die energiegemeenschappen ondersteunen. Vraag 5. Kunnen we hieruit concluderen dat dit het geval is zodra 1 van de natuurlijke personen in een straal van 2500 meter niet is benaderd door de initiatiefnemer? Antwoord: De verordening geeft aan dat er aantoonbaar contact geweest moet zijn met bestaande lokale partijen, energiegemeenschappen en organisaties die energiegemeenschappen ondersteunen. Er zijn dus meerdere partijen die benaderd kunnen worden. Mocht blijken dat de contacten met bestaande lokale partijen, energiegemeenschappen en organisaties die energiegemeenschappen ondersteunen, niet representatief genoeg zijn dan zal dit met de initiatiefnemer teruggekoppeld worden. Er is geen verplichting om rechtstreeks met alle (individuele) lokale partijen in contact te treden, het moet gaan om een voldoende representatieve groep. Vraag 6. Wat is dan het gevolg? Wordt de initiatiefnemer uitgesloten? Of volgt alleen een boete? Antwoord: Als er niet voldaan is aan de motiveringsverplichting door de initiatiefnemer, dan kan de aanvraag afgewezen worden.

De kans dat justitie (aanvullend) ook nog over zal gaan tot strafrechtelijke vervolging van een partij die niet aan de inspanningsverplichting voldoet, achten wij in de praktijk niet heel groot. Vraag 7. Op welke manier dient de initiatiefnemer hierover te rapporteren? Betreft dit de motiveringsverplichting? Antwoord: De motiveringsverplichting in de verordening vereist dat de initiatiefnemer o.a. schriftelijk en gemotiveerd aangeeft dat het gestelde proces gevolgd is en wat er is gedaan om zoveel mogelijk lokaal eigendom te realiseren ten aanzien van de voorgenomen installatie en de exploitatie daarvan. (zie verordening artikel 5 lid 1, a tot met f) Vraag 8. Zal deze rapportage openbaar gemaakt worden? Antwoord: Dat ligt aan de inhoud van de rapportage. Als de rapportage bijvoorbeeld persoonsgegevens bevat van personen die ingesproken hebben, willen participeren en dergelijke; of vertrouwelijke bedrijfsgegevens dan zijn die gegevens in de regel niet openbaar. Delen van een rapportage die naar aard niet vertrouwelijk zijn, kunnen gewoon openbaar gemaakt worden. Artikel 2. van de verordening definieert “Lokale Partijen”. In artikel 6. is sprake van “Lokale Omgeving”. Een begrip dat niet nader gedefinieerd is.

33647-2025

2

Vraag 9. Hoe verhouden de begrippen “Lokale Partijen” en Lokale Omgeving” zich juridisch ten opzichte van elkaar? Antwoord: Het begrip lokale omgeving is bewust niet in de verordening gedefinieerd omdat de initiatiefnemer dit zelf moet definiëren in de beschrijving die hij moet aanleveren (zie artikel 6 onder iv). Het begrip lokale partijen vormt de ondergrens van de inspanningsverplichting. De door de initiatiefnemer gedefinieerde lokale omgeving kan dus ruimer zijn dan alleen de lokale partijen. Afspraken worden onder andere vastgelegd in anterieure overeenkomsten. In Oost Gelre zijn die geheim, maar in andere gemeentes/provincies zijn die openbaar in te zien. Dit vergroot de transparantie van gemaakte afspraken. Vraag 10. Bent u bereid dit ook in Oost Gelre toe te staan? Antwoord: Anterieure overeenkomsten worden in onze gemeente niet actief openbaar gemaakt, maar in de praktijk is, als je kijkt naar de weigeringsgronden van de Wet open overheid (Woo), de inhoud van de meeste anterieure overeenkomsten gewoon openbaar met uitzondering van AVG-gevoelige persoonsgegevens. Als mensen een verzoek doen op grond van de Woo, dan zal dit in de praktijk dus vaak (moeten) worden ingewilligd. In Bijlage I van de verordening staan geleerde lessen van de zonneparken. Vraag 11.

Welke juridische status hebben deze lessen als ze in een bijlage zijn opgenomen? Resultaatverplichtend of inspanningsverplichtend? Antwoord: De lessen die in bijlage worden genoemd hebben op zichzelf geen juridische status. Deze zullen juridische status moeten krijgen door plan- en vergunningvoorschriften en doordat daarover afspraken worden gemaakt in anterieure overeenkomsten en overeenkomsten tussen initiatiefnemers en de inwoners. Vraag 12. Ook wij hebben onze lessen geleerd v.w.b. de anterieure overeenkomsten voor de zonneparken en hoe de gemeente er tot nu toe mee om is gegaan. We willen graag met u afspreken dat bij afwijking van het bepaalde in de verordening de raad daarover expliciet geïnformeerd wordt. Kunt u dat toezeggen? Antwoord: De gemeenteraad wordt geïnformeerd bij afwijkingen van het bepaalde. Er zijn veel cruciale eisen in de verordening opgenomen. Vraag 13. Kunt u uitleggen of en hoe de gemeente gaat handhaven? Antwoord: Wanneer een vergunningsaanvraag ingediend wordt, zal moeten voldaan zijn aan de bepalingen uit de verordening Lokaal Eigendom. Wordt hier niet aan voldaan dan zal de vergunning niet verder in behandeling genomen worden. Er zal gemotiveerd aangegeven worden waarom de vergunning niet verder in behandeling genomen wordt en de initiatiefnemer zal in de gelegenheid worden gesteld om wél te voldoen aan de eisen. Vraag 14.

Zal dit voorafgaand aan de gunning zijn of reactief nadat de realisatie van een windpark is gestart of voltooid? Antwoord: Zie antwoord op vraag 13.

33647-2025

3

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/15993812/1