antwoordmemo technische vragen OLW 23-01-2024 wrp 2024-2028
Tekst van het document
BEANTWOORDING TECHNISCHE VRAGEN Betreft de raadscommissievergadering d.d. 23 januari 2024 Agendapunt
:
8 Water- en Rioleringsprogramma 2024-2028
Fractie
: OLW (Onafhankelijke Lijst Wallerbos)
Vragen: 1) Hoe goed doen wij het als gemeente Oost Gelre mbt water en rioolmanagement? Is er een benchmark? De laatste Benchmark is in 2015 gemaakt. 2) Het WRP geeft inzicht in de omvang, het functioneren en de kwaliteitstoestand van de voorzieningen waarmee de gemeente invulling geeft aan de wettelijke zorgplichten. We missen eigenlijk die inzicht als het gaat om de volgende zaken: - Hoeveel meter/% is er al afgekoppeld (gescheiden) en wat is onze doelstelling of taak m.b.t. het afkoppelen? De bezetting bij de unit Stedelijk Water en Riolering is al een geruime tijd 1 fte(waarbij 3fte de norm is). We kunnen op dit moment niet deze cijfers delen. Bij elke reconstructie wordt er een hemelwaterriool of een wadi in de reconstructie mee genomen. Doelstelling is zoveel mogelijk hemelwater in het stedelijk gebied houden. 3) - Idem m.b.t. het aantal keren dat er een overstort ontstaat: dit leidt tot ongewenste milieuproblemen. In het stuks staat dat het aantal overstorten is gekwantificeerd. Graag zien we deze cijfers: hoe gaan we dit verminderen en wat is de doelstelling? De ambitie is: “bij hoosbuien wordt het rioolwater zoveel mogelijk opgevangen in de riolen en bergingsvoorzieningen”. De vuiluitworp via de overstorten in sloten en vijvers is beperkt. Slechts af en toe is er sprake van stank en vervuiling. De vuiluitworp leidt niet tot risico's voor mens en omgeving”.
De hoeveelheden emissie en hemelwaterlozingen zijn in beeld vanuit de laatste inspecties (‘vuile riolen’) en de overstortmetingen. Deze gegevens worden periodiek gedeeld met het waterschap. Dit doen we door het verminderen van de regenbelasting op de gemengde riolering door het scheiden van het hemelwater en het slimmer aansturen van onze rioolgemalen, Bij het benutten van meekoppelkansen en het maken van werk-met-werk. Het afkoppelen van verhard oppervlak is voor ons een inspanningsverplichting en geen resultaatsverplichting. - Wat is de kwaliteit van onze waterberging bij extreem weer? Waar willen we naartoe en waar staan we? Valt dit uit te drukken in een KPI(s)? We streven naar een klimaatbestendig en waterrobbuust Oost Gelre in 2050. De ambitie is: “Bij extreme hoosbuien mogen 'water-op-straat' situaties ontstaan. Dit mag niet leiden tot overlast/schade”. Bij buitengewone omstandigheden vindt waterberging plaats buiten de riolering op daarvoor ingerichte locaties zoals watergangen en groenvoorzieningen. De openbare ruimte is uiterlijk in 2050 zodanig ingericht dat bij buitengewone omstandigheden (eens per 100 jaar) geen overlast voor de omgeving optreedt. Concreet betekent dit dat de klimaatbui (70mm in 60 minuten, volgens het KNMI komt deze bui in 2050 eens per 100 jaar voor.) niet mag leiden tot wateroverlast volgens onze definities uit het WRP.
We hebben in 2020 klimaatstresstesten uitgevoerd, gezamenlijk met de werkregio Achterhoek+. De resultaten hiervan zijn de vinden op https://weetvanwater.nl/klimaatatlas/ . Navolgend is, vanuit deze informatie, verkenning voor maatregelen uitgewerkt in het Klimaatadaptatieprogramma 2023. De stap die we de komende jaren zetten is vertaling van deze inzichten naar concrete projecten. 4) Blauwalg wordt alleen maar genoemd op blz. 23. Welk “vijver in welk centrum” worden hier bedoeld? Waarom is de aandacht en aanpak voor blauwalg weg geslipt bij het college en het Waterschap? Wat zijn de doelen m.b.t. blauwalg?
TECHNISCHE VRAGEN
Zoals vermeld is blauwalg een gevolg van langere perioden van droogte en hogere buitentemperaturen. Dit valt buiten de gemeentelijke watertaken voor afvalwater, hemelwater en grondwater. De vijver in het centrum(gracht) is vermeld om te benadrukken dat het stedelijk water betreft. Het eigendom en beheer van het stedelijk water ligt bij het waterschap. De komende planperiode willen we samen met het waterschap het beheer en onderhoud van stedelijk water afstemmen en aanpassingen in inrichting en beheer doorvoeren. Mede met het oog op leefbaarheid, beleving en biodiversiteit. Blauwalg wordt zeker één van de agendapunten. 5) “De KRW wordt ingevuld door een continue afvalwaterstroom naar de RWZI’s. Graag nadere uitleg. Door een continue aanvoer van afvalwater (zowel qua samenstelling (minder met regenwater verdund afvalwater) als hoeveelheid) verbetert het rendement van de rioolwaterzuivering van het waterschap en komt er minder vuil op het oppervlaktewater, via het effluent van de rwzi.
6) Welke subsidies of andere stimuli zetten we in (gemeente, provincie, waterschap) om particulieren en bedrijven aan te sporen om onze doelen te bereiken? Hitteprojecten Verstrekker: Hittefonds van de provincie Gelderland Zoetwatervoorziening Oost Nederland (ZON) Verstrekker: Rijksbijdrage Zoetwatervoorziening Oost-Nederland via de provincie Overijssel Klimaatadaptatie Verstrekker: klimaatsubsidie voor werkregio Achterhoek+ van de provincie Gelderland Klimaatadaptatie Verstrekker: Rijksbijdrage via de Impulsregeling Klimaatadaptatie Afkoppelsubsidie Verstrekker de gemeente Oost Gelre
7) Blz 30: Wij zien dat op particuliere gronden, mn. in Lichtenvoorde en Groenlo, de verstening van tuinen enorm aan het toenemen is. Dit zien we ook bij gronden van wooncorporaties. - Hebben we de verstening inzichtelijk / meetgegevens? Deze hebben we niet in beeld. - Bepaalde gemeenten nemen in hun (toekomstige) bestemmingplannen / verordeningen op dat bewoner maar een klein deel van hun perceel mogen verharden. Kunnen wij dit soort bepalingen ook opnemen, bv in de toekomstige wijk aan de Oude Papendijk? Het belangrijkste uitgangspunt voor het waterbeheer bij nieuwe stedelijke ontwikkelingen is ‘waterneutraal ontwikkelen’, dus dat een ontwikkeling zijn omgeving niet belast met meer of minder water. Zo wordt voorkomen dat verdroging of wateroverlast optreedt in het plangebied van de ontwikkeling en in zijn omgeving. - Stellen we eisen aan WoCo’s mbt groen/wateropvang? Nee. Wel er is binnenkort een overleg met Prowonen om te kijken hoe kunnen ze de huurders kunnen stimuleren om minder te verstenen. - Idem voor bedrijventerreinen: kunnen we daar ook bepalingen voor opnemen? Nee. - Wat geeft de Omgevingswet van extra handvaten m.b.t. bv. het tegengaan van verstening? Geen Einde
TECHNISCHE VRAGEN