CConstaterende datOost Gelre
Koppel je AI →
Document · PDF

antwoordmemo technische vragen LB OGV OLW 25-03-2025 beleidsdocument grote windmolens

Raadscommissie 25 maart 2025, gemeente Oost GelreBij agendapunt: Beleidsdocument grote windmolens2.259 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

MEMO Datum

:

24 maart 2025

Van

:

Wethouder Gerjan Teselink

Aan

:

Gemeenteraad

Onderwerp

: Beantwoording technische vragen raadsfracties over beleidsdocument grote windmolens

Hieronder treft u mijn beantwoording in blauw cursief op de vragen van de fracties OLW, Oost Gelre Vooruit en Lokaal Belang. Vragen OLW 1. Klopt het dat er pas aanvragen voor windparken kunnen worden behandeld na vaststelling: • verordening lokaal eigendom • landelijke normen • voorliggende beleidsdocument? Antwoord: ja, dat is het uitgangspunt in het beleidsdocument. 2. Mogen er dan na de genoemde vaststellingen onder 1) ook aanvragen worden gedaan voor windparken buiten zoekgebied K en I(i)? Of zijn windparken alleen toegestaan in K en I(i)? Antwoord: ja, initiatiefnemers staat het vrij om initiatieven buiten de zoekgebieden in te dienen, maar zoals in het beleidsdocument als uitgangspunt opgenomen, nemen wij initiatieven buiten zoekgebieden K en I niet in behandeling. 3.

Is er bij een toekomstige aanvraag een wijziging van het bestemmingsplan nodig? En wat is de bevoegdheid van de raad bij een aanvraag van een groot windmolen(park)? Antwoord: de verwachting is dat een aanvraag voor een windpark zich zal richten op gronden met een agrarische bestemming. Binnen die bestemming is een windpark niet toegestaan. Om een windpark mogelijk te maken, is een ruimtelijke procedure nodig. Dat kan een wijziging van het omgevingsplan zijn (raad) of een omgevingsvergunningprocedure (college).

4. Blz15: waar vinden we informatie over zoekgebieden “kleinere turbines naast bedrijventerreinen/

buitengebied? Dus daar zijn ook initiatieven mogelijk? Vanaf/ tot hoeveel windmolens en wat is de turbinegrootte? Antwoord: deze zinsnede in het beleidsdocument komt uit de RES 1.0 Achterhoek (blz. 8). De categorieën ‘zoekgebieden voor kleinere turbines nabij bedrijventerreinen’ en ‘zoekgebieden voor kleinere turbines in het buitengebied’ staan in bijlage 1 van de RES 1.0. In bijlage 1 staan deze als categorie 2 en 3 onderzochte en potentiële zoekgebieden. Het voorliggende beleidsdocument grote windmolens ziet daar niet op. Het beleidsdocument ziet op categorie 1 van bijlage 1 van de RES 1.0 Achterhoek.

5.

Blz 16: “Gebied ten zuiden van Neede valt af vanwege buisleiding”. Maar door gebied K lopen toch ook meerdere buisleidingen? Antwoord: paragraaf 3.1 van het beleidsdocument gaat in op de totstandkoming van zoekgebieden K en I voor grote windmolens in de RES 1.0 Achterhoek en hoe de gemeente Berkelland daarmee omgaat. Als er meerdere buisleidingen lopen, zal een initiatiefnemer voor een windpark daarmee rekening moeten houden.

6.

RES2.0 betekent toch nog meer windmolens? Kunt u ongeveer aangeven hoeveel grote windmolens er in gebied K & I(i) moeten komen voor RES1.0? En hoeveel voor RES2.0 er dan nog bij moeten komen? Betekent RES2.0 dat er mogelijk toch weer een beroep moet worden gedaan op eerdere geschrapte zoekgebieden? Wanneer moet de opgave voor beide RES-sen gerealiseerd zijn? Antwoord: het niet-gealloceerde deel in RES 1.0 komt terug in RES 2.0. De doorontwikkeling van de RES 2.0 is binnen dezelfde kaders als RES 1.0. Daar staan we nog steeds aan de lat voor de 1,35 TWh (in RES 2.0 wordt dit concreter en wordt antwoord gegeven op het niet gealloceerde deel). Waar en hoeveel grote windmolens voor die extra opgave nodig zijn, is nu nog niet te zeggen. Dat valt buiten de scope van dit beleidsdocument en loopt mee in de RES 2.0.

7. Klopt de stelling dat windmolens de kans op netcongestie m.b.t. het toeleveren van stroom gaan

verkleinen en dat o.a. hiermee bedrijven geholpen worden? Antwoord: windmolens gebruiken het net tot wel vier keer efficiënter dan zonnepanelen. Daardoor kan met dezelfde kabel veel meer energie worden terug geleverd via windmolens dan met zonnepanelen. De inzet van windmolens heeft geen effect op de capaciteit voor levering van energie aan bedrijven. Windmolens verminderen netcongestie niet, ze maken het alleen minder erg dan als je met zon door zou gaan. Dat windmolens de huidige netcongestie ‘verkleinen’ klopt niet. Gebied K en weidevogels: 8.

Blz18 zienswijzen: in 2021 is het weidevogelgebied uit het ontwerp-bp verdwenen n.a.v. inspraakreacties. Wat was de inhoud van de inspraakreacties en door wie zijn ze destijds ingediend? Antwoord: Oost Gelre heeft in 2021 voor het betreffende gebied geen ontwerpbestemmingsplan ter inzage gelegd. Mogelijk wordt in de vraagstelling gedoeld op het bestemmingsplan van de gemeente Berkelland. In dat kader kunnen wij wijzen op de zienswijzennota van de gemeente Berkelland https://www.ruimtelijkeplannen.nl/documents/NL.IMRO.1859.BPBGB20200100/b_NL.IMRO.1859.BPBGB2020-0100_tb20.pdf

9.

De colleges zijn geïnformeerd over welke weidevogels er zitten en hoe uniek en zeldzaam het gebied is. Bent u het met ons eens dat het vrijwel zeker is dat deze weidevogels zullen verdwijnen als het gebied wordt vol gezet met windmolens? Antwoord: nee, maar we onderkennen de waarden van een deel van zoekgebied K voor weidevogels. Ondanks het feit dat dat deel van zoekgebied K geen formele beschermingsstatus heeft voor weidevogels hebben wij daarom in het beleidsdocument als extra eis (bovenwettelijk) opgenomen dat een initiatiefnemer in het ecologisch onderzoek nadrukkelijk en expliciet aandacht aan weidevogels schenkt. Als er soorten negatief worden beïnvloed, kan een omgevingsvergunning flora en fauna activiteit (voorheen ontheffing Wet natuurbescherming) van de provincie vereist zijn.

10. Is het college zich er van bewust dat weidevogels in Nederland aan het uitsterven zijn? En dat het college door aanwijzing van zoekgebied K de weidevogels een extra duw geeft richting uitsterven?

2

Antwoord: zie het antwoord op vraag 9. 11. Klopt het dat weidevogels alleen maar beschermd zijn tijdens het broedseizoen? En dat dus de windmolenbouw niet mag plaats vinden tijdens het broedseizoen en dat vervolgens na in werkingstelling de weidevogels vergoed zijn verjaagd? Kortom de aanwezigheid van weidevogels is nauwelijks een belemmering, dit i.i.t. een wespendief. Waar zit hier het verschil qua natuurbescherming? Antwoord: in het algemeen geldt bij nieuwe ontwikkelingen zoals woningbouw, windpark etc. een algemene zorgplicht. Dat kan concreet bij de bouw van een windpark betekenen, dat de bouwer rekening moet houden met bijv. het broedseizoen van (weide)vogels. Niet naleving van deze zorgplicht kan strafbaar zijn. 12. Klopt het dat er qua natuurbescherming NIET aangetoond hoeft te worden dat de weidevogels in gebied K voor het broeden kunnen uitwijken naar een dichtbij gelegen geschikt gebied? Is er überhaupt een dergelijk uitwijkgebied? Antwoord: zie de antwoorden onder 9 en 11. 13. Compensatie Door windmolens in gebied K zal onherroepelijke schade worden gebracht aan de weidevogelstand.

Wat mag hier juridisch gezien van (financiële of natuur) compensatie worden verwacht van de ontwikkelaar? Hoe wordt en wie bepaalt dit schadebedrag? Dit ook in relatie tot Zienswijze OG14: waar wordt op dit punt een antwoord gegeven aan de indiener? Antwoord: of bij een initiatief voor een windpark sprake is van schade aan de weidevogelstand moet aangetoond worden met het onder 9 genoemde ecologisch onderzoek naar specifiek de weidevogels. Dat onderzoek moet de initiatiefnemer uitvoeren. In het beleidsdocument eisen wij van een initiatiefnemer een landschapsontwikkelings- en natuurcompensatieplan. Hiermee pogen wij de impact van een windpark op landschap en natuur ten minste te compenseren en waar mogelijk te versterken (een plus).

Vragen Oost Gelre Vooruit 1. Waarom wordt op blz. 2 van het raadsvoorstel gerefereerd aan het feit dat het provinciebestuur

van Gelderland windinitiatieven gaat overnemen als de gemeente geen stappen zet? Die zelfde provincie heeft haar eigenwindbeleid nog niet eens op orde, zo te lezen valt op blz. 12 in het beleidsdocument. Provincie Gelderland is bezig met de MER Reikwijdte en Detailniveau waarbij bestuurlijke keuzes pas in de tweede helft van 2025 worden genomen. Antwoord: hiermee is bedoeld dat als de gemeente geen stappen zet om de afgesproken opgave in de RES 1.0 Achterhoek te realiseren (door bijv. geen initiatieven voor windparken in behandeling te nemen), de provincie het loket is waar een initiatiefnemer dan terecht kan met zijn initiatief voor een windpark. De provincie zal die dan in behandeling nemen en daarbij de gemeente informeren. 2. Heeft gemeente Oost Gelre een schriftelijk mededeling van provincie Gelderland ontvangen waarin in de hierboven genoemde boodschap van de provincie wordt bevestigd, en zo ja kan deze brief dan bij de stukken gevoegd worden? Antwoord: nee, er is geen schriftelijke mededeling van de provincie gedaan aan Oost Gelre. Wel is er recent bestuurlijk contact geweest tussen Berkelland en provincie. Zie Raadsbrief - Windbeleid reactie gedeputeerde Berkelland - iBabs Publieksportaal. 3. Wat is/wordt het bestaansrecht van het nog vasttestellen beleidsdocument als we op blz.

13 lezen dat het provinciebestuur zich het recht voorbehoudt om andere en nieuwe zoekgebieden voor 3

windenergie aan te wijzen, anders dan zoekgebied K en I zoals in dit gemeentelijk beleidsdocument? Antwoord: andere zoekgebieden (anders dan K en I uit de RES 1.0 Achterhoek) kunnen aan de orde zijn in de totstandkoming van de RES 2.0. De provincie heeft in haar recente PlanMER breder gekeken naar gebieden waar windmolens potentieel kansrijk zijn. Het lokale beleidsdocument ziet op de ontwikkeling van grote windmolens in de al bestaande zoekgebieden K en I uit RES 1.0. Zie ook paragraaf 3.2 en 3.3 van het beleidsdocument. 4. Op blz. 17 staat vermeld dat de gebiedsanalyse een indicatieve analyse is. Waarom is er geen objectieve gebiedsanalyse (veldonderzoek) gedaan? Antwoord: de gebiedsanalyse hebben wij laten uitvoeren om indicatief in beeld te brengen – uitgaande van een fictieve ashoogte van windmolens en fictieve afstanden– wat de potentiële ruimte is die in een zoekgebied overblijft rekening houdend met alle (technische) belemmeringen. 5. Op blz. 23 staat vermeld dat solitaire windmolens in een ruimtelijk plan niet zijn toegestaan en dat windmolens of een windpark altijd gelegen moet(en) zijn in een voorkeursgebied uit de RES. Vraag: Is deze gebiedsinperking niet strijdig met het Europees recht (gelijkheidsbeginsel)? Antwoord: ons kader voor de plek van een windpark zijn de zoekgebieden K en I uit de RES 1.0 Achterhoek.

Op basis van dit beleidsuitgangspunt kunnen wij sturen op initiatieven voor windparken en op de daarin voorgestelde locaties. 6. Op blz. 18 en 19 wordt gerept over landschappelijke inpassing. Is het gezien de voorwaarden die hier gesteld worden, überhaupt wel mogelijk om het beoogde windpark te realiseren? Antwoord: in de zoekgebieden K en I lijkt op basis van de huidige wet- en regelgeving ruimte voor windparken. Bij initiatieven voor zulke windparken eisen wij een landschapsontwikkelings- en natuurcompensatieplan om te sturen op landschappelijke inpassing van een windpark. 7. Op blz. 35 staat vermeld dat het bevoegd gezag, volgens de nieuwe Energiewet, bij een elektriciteitsproductie tot 15 MW bij de gemeente komt te liggen. Op blz. 31 lezen we dat de productiecapaciteit van het te ontwikkelen windpark 16 tot 18 MW wordt. Vraag: Waar komt het bevoegd gezag van het hier betreffende windpark nu te liggen, bij provincie Gelderland ? Of gemeente Oost Gelre? Of gemeente Berkelland? Antwoord: op blz. 31 wordt niet gesproken over een concreet initiatief voor een windpark, maar over een voorbeeld om indicatief de (on)mogelijkheden voor een windpark in het zoekgebied aan te geven. Een concreet initiatief voor een windpark moet straks uitwijzen om hoeveel MW het totaal gaat. Op basis daarvan wordt duidelijk wie bevoegd gezag is. 8.

Als dit windbeleid ongewijzigd wordt aangenomen, legt gemeente Oost Gelre en Berkelland dan per direct een voorkeursrecht op de gronden in zoekgebied K? Aangezien de verdiencapaciteit van die gronden in eens exorbitant stijgen. Antwoord: nee, een voorkeursrecht is niet aan de orde. 9. Wie heeft bij gemeente Oost Gelre en Berkelland de bevoegdheid om een oordeel te vellen over de ingediende zienswijzen over het ontwerp-Beleidsdocument grote windmolens? Antwoord: het beleidsdocument wordt vastgesteld door de gemeenteraad en het is in formele zin dus de gemeenteraad die bij de vaststelling ervan de binnengekomen zienswijzen afweegt. Het is dus de gemeenteraad die een oordeel geeft over de zienswijzen en hierover ligt een voorstel van het college voor. 10. Wie stelt straks de anterieure overeenkomst(en) op, die wordt aangegaan tussen gemeenten en de initiatiefnemer(s)? Antwoord: de gemeente. 4

11. Hoe wordt hier daarna op gehandhaafd? Antwoord: op de naleving van contracten wordt – net als bij andere ruimtelijke ontwikkeling – indien nodig gehandhaafd door de gemeente.

Vragen Lokaal Belang 1. Als gevolg van zienswijze OG09 Pure Energie wordt de eis van 51% lokaal eigendom aangepast naar 50%. Wel blijft het streven naar minimaal 51% aan lokaal eigendom onveranderd het uitgangspunt. Lokaal belang vindt een lokaal eigendom van 51% zwaarwegend vanwege zeggenschap van omwonenden. Kan of wil de gemeente een initiatief weigeren als een initiatiefnemer 50% lokaal eigendom eist? Antwoord: nee, formeel kan zo’n initiatief niet worden geweigerd. We geven dit handen en voeten in de lokale verordening Lokaal eigendom die nu wordt opgesteld. 2. Heeft de gemeente Winterwijk in het verleden aangegeven geen windmolens te willen? Antwoord: hiervoor verwijs ik u naar de website van de gemeente Winterswijk: https://winterswijk.bestuurlijkeinformatie.nl/Document/View/2f993c56-65cd-4094-a521931bae76a369 3. Kan gemeente Oost Gelre een centrumfunctie vervullen door meer windmolens te plaatsen dan RES voorschrijft, om zodoende natuur in Winterwijk te sparen? Antwoord: over de verdeling van de windopgave in de regio Achterhoek zijn afspraken gemaakt in de RES 1.0 Achterhoek. Deze worden in de RES 2.0 geactualiseerd. 4. De combinatie van zon- en windenergie op één locatie geeft een maximale benutting grond en kabels en draagt positief bij aan de energiebalans. Hoe kijkt het college hier tegen aan? Antwoord: de ontwikkeling van zonneparken staat op pauze.

Het voorliggende beleidsdocument gaat dan ook alleen uit van windparken met grote windmolens. 5. Het beleidsdocument treedt in werking nadat de verordening Lokaal Eigendom is vastgesteld. Wanneer kan de raad deze tegemoet zien? Antwoord: de verwachting is dat de verordening Lokaal Eigendom dit voorjaar aan uw raad wordt aangeboden.

5

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/15301693/2