antwoordmemo openstaande technische vragen 29-10-2024 uitvoeringsagenda energietransitie
Tekst van het document
MEMO Datum
: 15 november 2024
Van
: Wethouder Porskamp
Aan
: gemeenteraad
Onderwerp
: Beantwoording technische vragen Uitvoeringsagenda Energietransitie 2024-2030
Geachte leden van de raad, Naar aanleiding van de Uitvoeringsagenda Energietransitie 2024-2030 hebben een aantal fracties technische vragen gesteld. Eén vraag kon nog niet beantwoord worden en een andere vraag kwam vanuit de commissievergadering van 29 oktober 2024. Onderstaand vindt u de beantwoording van beide vragen. De fractie van CDA Wat zijn de kosten en baten voor de gemeente Oost Gelre betreft het zonnepark Braamt? Antwoord Met 85.925,= investeerde Oost Gelre in een aankoop van een zonnepark door AGE BV. Dit bedrag was gebaseerd op het aandeel afgenomen stroom van de gemeente. Dit geld is door de gemeente op 09-032023 verstrekt aan AGE middels een lening. In de leningsovereenkomst is een terugbetalingsschema opgenomen inclusief een rentepercentage van 3,75%. Daarnaast geldt dat de opgewekte stroom van het zonnepark Braamt in 2023 vervolgens aan de gemeenten zelf geleverd is tegen een vaste kostprijs. Zelflevering dus. Hierdoor is: − (voor een deel) voldaan aan de doelstelling om lokaal duurzaam opgewekte stroom te gebruiken − (voor een deel) de stroomprijs stabieler geworden en daarmee minder onafhankelijk van de markt/geopolitieke ontwikkelingen De fractie van OOG Hoe moeten wij de 17,4% CO2 reductie lezen zoals weergegeven in de tabel van de uitvoeringsagenda.
Antwoord In het nationaal Klimaatakkoord van juni 2019 is het doel vastgelegd om de CO2-uitstoot met 49% te verminderen ten opzichte van 1990. Dit in lijn met het Klimaatakkoord van Parijs van 2015. In het nationaal Klimaatakkoord pleitte het kabinet voor een verhoging van de Europese doelstelling naar 55%. In de Klimaatwet van 2019 is de doelstelling verder aangescherpt en is bepaald dat in 2030 meer dan de helft (55%) minder broeikasgassen worden uitgestoten. Het nationale Klimaatakkoord is de basis voor de Achterhoekse opgave. Ook in de Achterhoek moeten wij naar een 55% reductie van broeikasgassen in 2030. Deze reductie moet in verschillende sectoren behaald worden. In hoofdlijn is de emissie op te delen in energetische en niet-energetische reductie. De energetische reductie bestaat uit vijf sectoren, te weten: landbouw, gebouwde omgeving, mobiliteit, elektriciteit en industrie. In het Regionale Uitvoeringsprogramma 2023 (RU23), welk programma is voortgekomen uit het herijkte Akkoord van Groenlo 3.0., zijn de sectoren opgenomen waarbij de gemeenten invloed kunnen uitoefenen, zij sturingsmogelijkheden hebben. Dit zijn de sectoren gebouwde omgeving en elektriciteit. Voor de CO2 reductie in de energetische sector zijn al grote stappen gezet, maar moeten er tot 2030 nog vele gezet worden. In het regionale uitvoeringsprogramma is dit weergegeven met onderstaande figuur.
Uit deze figuur is op te maken dat tot 2030 nog 17,4% CO2 reductie moet worden behaald in de sectoren gebouwde omgeving en elektriciteit.
De binnen deze sectoren te behalen doelen zijn vertaald naar zeven speerpunten (de groene blokjes in de figuur). Deze speerpunten zijn overgenomen in de “Uitvoeringsagenda Programma Energietransitie Oost Gelre 2024-2030”, weergegeven in onderstaande tabel.
De percentages CO2 reductie in deze tabel weergegeven zijn de percentages nog te behalen reductie tot 2030 voor deze speerpunten. Samen opgeteld betreft dit nog een reductie van in totaal 17,4% die gehaald moet worden tot 2030. De kop van de kolom boven de percentages had moeten luiden, nog te behalen CO2 reductie tot 2030.
2