advies leerlingenvervoer
Tekst van het document
bezoek Varsseveldseweg 2 7131 BJ Lichtenvoorde post Postbus 17 7130 AA Lichtenvoorde telefoon (0544) 39 35 35 e-mail gemeente@oostgelre.nl internet www.oostgelre.nl KvK-nummer 092.12.525 BTW-nummer NL 8135.86.008.B01 IBAN NL61 BNGH 0285 0450 08
Datum 19-11-2025
Zaaknummer
Uw brief van
Uw kenmerk
Behandeld door Bianca Poelhuis
Doorkiesnummer (0544) 393209
-Onderwerp Beantwoording op advies Verordening Sociaal Domein januari 2026 t.a.v. het leerlingenvervoer. Geachte heer Loeters, Hartelijk dank voor uw advies Verordening Sociaal Domein januari 2026 t.a.v. het leerlingenvervoer. In het advies van de Sociale Raad Oost Gelre zien wij een betrokkenheid bij het onderwerp die wij zeer waarderen. Onderstaand reageren wij op uw puntsgewijze adviezen. 6.2 Onderzoek De gemeente onderzoekt of ouders in aanmerking komen voor een vervoersvoorziening. Het zou mooi zijn als de gemeente ook met ouders onderzoekt welke mogelijkheden er liggen om hun kind te ondersteunen en te begeleiding naar (meer zelfstandig) reizen. Kan de gemeente ook een rol spelen bij de daadwerkelijke ondersteuning/ begeleiding hiervan? Reactie; Als gemeente onderzoeken wij in elke aanvraag samen met ouders en kind naar de best passende voorziening. Er wordt gezocht naar de balans tussen maatwerk, regels in de Verordening en het bevorderen van de zelfredzaamheid. Een kind komt in aanmerking voor aangepast vervoer als het kind niet begeleid kan worden door de ouders of anderen, of begeleiding heeft grote nadelen voor het gezin en een andere oplossing niet mogelijk is. Wij vervullen vanuit leerlingenvervoer geen rol in de daadwerkelijke ondersteuning of begeleiding omdat deze verantwoordelijkheid primair bij de ouder(s) ligt.
Onze wettelijke verantwoordelijkheid is hier beperkt
tot het ondersteunen in de kosten van vervoer. Uiteraard stimuleren en bekijken wij met ouders en kind wat er nodig is om zelf te oefenen om te fietsen naar school op vrije momenten (weekenden/vakanties) als zij leerbaar zijn met fietsen en reizen met het openbaar vervoer. Indien nodig kan het Ondersteuningsteam ingeschakeld worden om mee te denken hoe de zelfredzaamheid verhoogd kan worden. 6.2.1. Aanwijzen opstapplaatsen. We willen graag de nadruk leggen op veiligheid van deze plaatsen. Het betreft vaak een zeer kwetsbare doelgroep die gebruik maakt van het leerlingen. Wat zijn de criteria om van een opstapplaats gebruik te maken? Reactie; In Oost Gelre zijn er nog geen opstapplaatsen. Het college kan bij het verstrekken van aangepast vervoer een opstapplaats aanwijzen van waaruit de leerling gebruik maakt van het aangepast vervoer. Een opstapplaats behoort zeker voor deze leerlingen aan bepaalde criteria te voldoen. Een mogelijke opstapplaats bevindt zich in ieder geval altijd op een veilige en beschutte locatie en op een redelijke loopafstand van de woning van de leerling en biedt voldoende ruimte voor een eventuele begeleider. 6.3 Voorwaarden In punt 7 wordt de leeftijd van 9 jaar genoemd als peildatum. Kinderen van 9 jaar kunnen veilig aan het verkeer deelnemen mits ze de regels kennen, ze de route vaak geoefend hebben en de verkeerssituatie niet te complex is.
Op deze leeftijd kunnen ze zich nog steeds laten afleiden door bijvoorbeeld vriendjes. Bij een leeftijd vanaf 11 jaar kunnen ze zich beter focussen op het verkeer. Bij een grote groep leerlingen die gebruik maken van het leerlingenvervoer is er sprake van een veel lagere ontwikkelingsleeftijd dan kalenderleeftijd. We hechten er waarde aan dat niet alleen kalenderleeftijd gebruikt wordt maar ook naar de ontwikkelingsleeftijd van een kind wordt gekeken. Reactie; De leeftijd van 9 jaar geldt als landelijke richtlijn, zoals vastgesteld door de Vereniging Nederlandse Gemeente( VGN). Vanaf deze leeftijd wordt met de leerling besproken of fietsen onder begeleiding of zelfstandig mogelijk is. Wij houden deze leeftijdsgrens aan om in gesprek gaan met ouders over alternatieven voor aangepast vervoer. Hierbij staat maatwerk altijd centraal. Elke leerling wordt naar eigen situatie en kunnen besproken met ouders. Wanneer een leerling (door een beperking) niet in staat is zelfstandig te fietsen, worden hier geen verwachtingen aan verbonden. In dergelijke gevallen bieden wij eveneens maatwerkoplossingen. Hierbij denken we bijvoorbeeld aan fietsen of reizen met de bus onder begeleiding.
6.3.2 Vervoervoorziening naar stage De SROG vraagt zich of het reëel is om stageadres op route naar school en stagetijden overeen komend met schooltijden als voorwaarden te stellen? Scholen voor Voortgezet Speciaal Onderwijs zetten allemaal stage in om leerlingen optimaal voor te bereiden op een zo zelfstandig en volwaardig mogelijke plek in de maatschappij. Los van het leren van allerlei vaardigheden is de laatste stageplek vaak ook de definitieve uitstroomplek van de leerling. Op die manier verloopt de overgang voor de leerling zo soepel mogelijk. Voor veel leerlingen is dit gezien hun beperking of handicap maatwerk. Dit maatwerk kan haaks staan zoals nu beschreven staat in de nieuwe verordening:
• •
Tijden moeten gelijk zijn al schooltijden. Met name voor de begintijden kan dit problemen opleveren. Dagbestedingsvoorzieningen hanteren meestal andere startijden dan scholen. De stageplek moet op de route naar school liggen. Dit zal niet in alle gevallen haalbaar zijn. Zeker niet als het om de stageplek gaat waar de leerling uiteindelijk zal uitstromen.
2
Het lijkt erop dat de verordening op dit moment geen mogelijkheden biedt voor maatwerk. Maatwerk dat uitgaat van het belang van de leerling, de leerling centraal zet. Een integrale benadering waarin het toekomstperspectief van de leerling meegenomen wordt. Veel ouders zijn samen met hun kind vaak in de eindfase van het onderwijs ook bezig met de oriëntatie op een vorm van (begeleid) wonen. De uiteindelijke uitstroomplek (werkplek) van de leerling moet hierop aansluiten. Dat is vaak niet een plek op de route naar school. Reactie; Het uitgangspunt is dat leerlingenvervoer primair gericht is op vervoer naar school. Stagevervoer valt niet onder de wettelijke basis, maar kan op grond van verordening als aanvullende voorziening worden toegekend. Leerlingenvervoer is ingericht op vaste ritten en tijden. Afwijkende tijden en meerdere adressen leiden tot extra kosten en organisatorische complexiteit. Elke aanvraag wordt daarom afzonderlijk bekeken of het stagevervoer kan aansluiten bij bestaande routes en planning, wat kosten beheersbaar houdt en uitvoerbaarheid garandeert. We voorkomen hiermee zoveel mogelijk extra ritten, hogere kosten en planningsproblemen. Om te voorkomen dat leerlingen onnodig ver reizen, formuleren we het beleid strikt en stimuleren we ouders en scholen kritisch te kijken naar de dichtstbijzijnde stageplek.
Ritten over grotere afstanden zijn vaak niet uitvoerbaar door het chauffeurstekort. We onderzoeken altijd of vervoer naar een andere route haalbaar is en bieden maatwerk als dit echt nodig en uitvoerbaar is. Daarnaast stimuleren wij ook hierbij het oefenen en vergroten van de zelfredzaamheid omdat juist vervoer naar een uitstroomplek niet vanzelfsprekend is als het leerlingenvervoer stopt. 6.3.3. Vervoer van buitenschoolse opvang naar school Hoe is de vergoeding van buitenschoolse opvang naar woning geregeld? Reactie; In plaats van de vergoeding voor vervoer tussen school en thuis te verstrekken, wordt deze nu verstrekt voor vervoer tussen scholen en de BSO. Als er dus recht is op aangepast vervoer, kan de leerling bij de BSO worden afgezet in plaats van bij het huisadres. 6.4 Vorm en hoogte van de vervoersvoorziening In punt 7 wordt benoemd dat de gemeente het besluit kan nemen het vervoer te stoppen bij onaanvaardbaar gedrag van de leerling. Veiligheid staat terecht voorop. Mocht deze situatie zich voordoen is het zeer wenselijk dat integraal naar de problematiek wordt gekeken en bij een dergelijk besluit er eerst overleg is met alle betrokken. Een korte tijdelijk time-out van vervoer zou dan een optie kunnen zijn om met elkaar in gesprek te gaan. Leerlingen uitsluiten van school kan zeer grote invloed hebben op de leerling maar ook het gezin.
Vaak zal de problematiek dan alleen maar toenemen. Reactie; Vooral in deze situaties kijken wij naar maatwerk. Er vinden altijd gesprekken plaats met betrokken partijen, zoals school, vervoerder en ouders. De situatie wordt zorgvuldig en breed geanalyseerd. Samen wordt er dan een plan van aanpak opgesteld. Indien blijkt dat na alle mogelijke (maatwerk)oplossingen, aanpassingen en hulpmiddelen veilig vervoer via de bus niet meer haalbaar is, dan kan het aangepaste vervoer worden stopgezet om de veiligheid van iedereen te waarborgen. In deze gevallen kan hieruit volgen dat individueel vervoer noodzakelijk is; in dat geval wordt het traject opgeschaald. Algemene opmerkingen We begrijpen dat in de verordening de zaken m.b.t. het leerlingenvervoer vastgelegd moeten worden maar zouden het ook wenselijk vinden als er ruimte is voor maatwerk. De verordening zal voor het overgrote deel van de leerlingen en hun ouders passend zijn. Voor een zeer beperkt aantal zal dat wellicht onvoldoende zijn. Vaak betreft het dan leerlingen met een zeer grote en complexe hulpvraag.
3
We adviseren om in de verordening hiervoor ruimte te geven door: waar nodig integraal te kijken; het toekomstperspectief van de leerling in dergelijke gevallen centraal te stellen; ruimte te geven voor maatwerk in specifieke gevallen. Maatwerk is vaak maar tijdelijk nodig en kan een groot positief effect op de lange termijn hebben. Een zo groot mogelijke zelfstandigheid van een leerling is van belang. Ook als het gaat om zelfstandig reizen. We vinden het belangrijk dat vanuit de gemeente dit ook zoveel mogelijk gestimuleerd, en waar nodig en mogelijk, gefaciliteerd wordt. Reactie; Wij onderschrijven uw advies en suggesties van harte. Wij streven naar maatwerk in elke casus, dat door de hele verordening sociaal domein is verweven. Niet alle vormen van vervoer vallen onder leerlingenvervoer; soms valt dit onder jeugdwetvervoer of de participatiewet. Hierin zoeken wij altijd de best passende oplossing of voorziening. Bij elke aanvraag wordt een vervoersplan opgesteld en is er contact met ouders om zicht te krijgen op de mogelijkheden in de aanvraag en persoonlijke omstandigheden. Op deze manier leveren wij maatwerk. Conform wetgeving blijven ouders primair verantwoordelijk voor vervoer naar school en kunnen wij ondersteunen waar dit noodzakelijk is.
Door middel van deze aanvullingen in de verordening stimuleren en beogen wij de zelfredzaamheid van alle leerlingen te vergroten om zo zelfstandig mogelijk te reizen. Wij houden u op de hoogte van verdere ontwikkelingen. Wij hopen u hiermee voldoende te hebben geïnformeerd. Met vriendelijke groet, namens burgemeester en wethouders van Oost Gelre,
Wethouder Dusseldorp
4