Energievisie Ommen 071220 DEF
Tekst van het document
11
Bron: Windpark De Veenwieken
24
Afbeelding 3. Potentie voor wind volgens NPRES (alles wat rood is uitgesloten). De sterretjes geven de locatie van de 5 windmolens van windmolenpark Veenwieken weer.
3.8.
WATERKRACHT
3.8.1. Waterkracht Bij de winning van energie uit water wordt de kracht van het water omgezet in hernieuwbare elektriciteit of warmte en koude uit het water gehaald. Waterkracht vraagt om een verval van water of om stroming. In de gemeente Ommen liggen de Vecht en de Regge. Dit zijn twee relatief kleine rivieren met een zeer beperkte potentie voor energie uit stroming of verval. 3.8.2. Potentie van waterkracht voor Ommen Voor de gemeente Ommen is de potentie voor waterkracht gering.
3.9.
KERNENERGIE
3.9.1. Kernenergie, hoe werkt het? Kernenergie is geen hernieuwbare energie, omdat deze afkomstig is uit bronnen die niet worden aangevuld. Kernenergie is de warmte, die vrijkomt na splijting van bepaalde zeer zware atoomkernen (kernsplijting) of na de samensmelting van bepaalde heel lichte atoomkernen (kernfusie) en dus niet door verbranding van brandstoffen. Het splijtingsproces is stationair en vindt plaats in een kernreactor. Elke kerncentrale heeft zo’n kernreactor, waarin koelwater opwarmt tot hoge druk en temperatuur. Een turbine en een generator zetten deze warmte om in elektriciteit. Bij de splijting van de splijtstofatomen, vooral uraniumatomen, ontstaan de zgn. de kernsplijtingsproducten, ook wel radioactief afval genoemd. De verwerking van dit afval dient op een veilige manier plaats te vinden,
25
zodat dit afval duizenden jaren lang niet in het leefmilieu terecht kan komen. Er is veel discussie over kernenergie, vanwege het afval en de veiligheid. Kerncentrales produceren weinig CO2 en kunnen daardoor wel een bijdrage leveren aan het terugdringen van de CO2 uitstoot. Kerncentrales hebben zeer grote hoeveelheden water nodig voor koeling en liggen daarom vrijwel altijd aan grote rivieren, of dicht bij zee. 3.9.2. Potentie voor kernenergie in Ommen Ommen is geen logische plek voor een kerncentrale. De waterafvoer van de Overijsselse Vecht is daarvoor te beperkt en te wisselend. Beslissingen over (nieuwe) kerncentrales worden op nationaal niveau genomen.
26
4. Mogelijk toekomstige energiemix — 4.1.
DE OPBOUW VAN DE ENERGIEMIX
Nu we weten wat het huidig energiegebruik is in de gemeente Ommen en een beeld hebben bij besparing en de mate waarin hernieuwbare bronnen beschikbaar kunnen komen, kunnen we een mogelijke toekomstige energiemix voor Ommen schetsen. Zoals al in de inleiding aangegeven, is de energiemix een indicatie van waar het in de toekomst heen zou kunnen gaan en niet een vaststaande verdeling. Het overzicht kan helpen vervolgstappen te formuleren of een actieplan te maken. 4.1.1. Hoe is de energiemix opgebouwd? Gemeente Ommen wil energieneutraal zijn in 2050. In de mix nemen we aan dat dit geldt voor het energieverbruik van Ommen, zonder het gebruik van het gasmengstation. Alle hernieuwbare energie die daartoe opgewekt moet worden, wordt binnen de gemeentegrenzen opgewekt. De energiemix is op opgebouwd in een paar stappen: Stap 1 Uitfasering fossiele brandstoffen Het feit dat gemeente Ommen als doelstelling heeft om in 2050 een energieneutrale gemeente te zijn, betekent dat in 2050 het gebruik van fossiele brandstoffen is beëindigd. Het gebruik van kolen en aardgas en autobrandstoffen als diesel en benzine is in 2050 teruggebracht naar nul. Stap 2 Besparing Een besparing van 36 % op het energiegebruik is berekend als mogelijk ten opzichte van het huidige gebruik door middel van betere isolatie, gedragsverandering, zuinigere apparaten en machines en de overgang naar elektrische auto’s.
De totale besparing is ingeschat op 212 GWh in 2050. Voor 2030 is het ingeschat op 95 GWh. Stap 3 Ingeschatte potentie van hernieuwbare bronnen Aan een aantal hernieuwbare bronnen zit een ‘plafond’, als gevolg van de technische, economische en/of maatschappelijke factoren. Dit plafond is een inschatting die we maken op basis van hetgeen we in de huidige situatie, met de kennis van nu weten en waarschijnlijk achten. Voor biomassa, hernieuwbaar gas en restwarmte samen, gaan we uit van 60 GWh in 2050 en 50 GWh in 2030. Stap 4 Omgevingswarmte Voor omgevingswarmte hanteren we voor 2030 circa 30 GWh als bijdrage aan de energiemix. De bijdrage in 2050 loopt op naar 80 GWh. Deze 80 GWh is gebaseerd op de warmtevraag vanuit woningen en bedrijven van ruim 165 GWh. Daarbij worden eerst de beschikbare biomassa, biogas en restwarmte ingezet zodat circa 105 GWh resteert (165 – 60). We nemen aan dat deze voor 2/3 afkomstig is uit omgevingswarmte en voor 1/3 uit elektriciteit die duurzaam wordt opgewekt.
27
Stap 5 Zon op dak De potentie voor zon op dak is geraamd voor 2050 op afgerond 100 GWh. Voor 2030 houden we 32 GWh aan welke bestaat uit 20 GWh op grote daken (conform het RES bod) en 12 GWh op kleine daken. Stap 6 Resterende opgave aan duurzame opwekking Het huidige windpark Veenwieken levert in totaal 35 GWh als bijdrage aan de energiemix. Om de energiemix sluitend te krijgen zal tot 2030 een mix aan zonnevelden en windenergie ter grootte van 50 GWh aan duurzame opwekking moeten worden gerealiseerd. In de periode tussen 2030 en 2050 is aanvullend nog 49 GWh aan elektrische opwekking nader in te vullen. Dit kan dus met zonnevelden en/of windmolens gebeuren. Stap 7 Fossiel als sluitstuk voor 2030 In 2030 is er naast de besparing en duurzame opwek met wind en zon ook nog steeds 285 GWh nodig uit fossiele brandstoffen voor auto’s, verwarming en elektriciteit. In de concept RES West-Overijssel heeft gemeente Ommen aangeven dat zij 103 GWh aan grootschalige duurzaam opgewekte elektriciteit nastreeft voor 2030. Ten opzichte van de situatie in 2017 is dat een verdrievoudiging. De nagestreefde verdeling voor 2030 is: —
Zon op dak (groot): 20 GWh
—
Zon op veld + wind + overig: 84 GWh
Aanvullend hierop zal in 2030 ook op kleine daken nog 12 GWh worden opgewekt. Ook gaan we uit van 30 GWh die middels omgevingswarmte via warmtepompen wordt geleverd. In 2030 is een besparing gerealiseerd van 95 GWh.
4.2.
EEN ENERGIEMIX VOOR GEMEENTE OMMEN
De energiemix voor 2050 is af te lezen in tabel 6. Huidig 2018 (GWh) 0
GWh 2030
GWh 2050
95
212
Autobrandstof Aardgas Elektriciteit uit kolen en gas Zon op dak
243 195 92 9
125 120 50 32
0 0 0 100
Biomassa, biobrandstoffen hernieuwbaar gas en restwarmte Omgevingswarmte
47
50
60
0
30
80
Nader te bepalen (zonneweides of windenergie) Totaal
0 586
84 586
134 586
Besparing 12
Tabel 6. Ontwerp energiemix voor de gemeente Ommen.
12
Autobrandstoffen (2018) 257 GWh minus 14 GWh biobrandstoffen, in 2030: 135 GWh minus 10 GWh biobrandstoffen.
28
4.3.
CONCLUSIE EN AANDACHTSPUNTEN
Voor gemeente Ommen is het mogelijk om in 2050 in haar eigen behoefte aan energie te voorzien uit hernieuwbare bronnen, zo blijkt uit de geschetste energiemix. In hoeverre de verschillende bronnen ook daadwerkelijk benut gaan worden is van veel factoren afhankelijk. Uit de analyse komt een aantal aandachtpunten naar voren: —
Besparing door middel van onder meer isolatie van woningen, energiebewust gedrag en het omschakelen naar elektrisch rijden vormt een belangrijke basis onder de energietransitie, ook in Ommen. De gemeente heeft hier zelf slechts beperkt invloed op, maar zij kan wel beweging creëren.
—
De energietransitie is een majeure operatie die op alle inwoners van Ommen in zal grijpen. De energietransitie staat niet op zichzelf. Het geeft ook mogelijkheden voor nieuwe verdienmodellen en meekoppelkansen. Een goede afstemming en coördinatie de komende jaren is nodig om samen met stakeholders vorm en uitvoering te geven aan de transitie.
—
De energiemix zal een goede verhouding tussen zonne-energie en windenergie nodig hebben. Netbeheerders dringen aan op een gelijke verdeling zon-wind, omdat dat voor een betere balans zorgt op het netwerk. Om de grootschalige opwek van zon en wind op te kunnen vangen is het van belang dat het elektriciteitsnetwerk voldoende capaciteit krijgt. De huidige capaciteitsknelpunten zijn oplosbaar met het uitbreiden van het netwerk.
—
De ambitie voor zon op daken, zon op veld en windenergie is alleen haalbaar als business cases sluiten.
—
De technische potentie voor windenergie ligt hoger dan de huidige 5 windmolens op windpark Veenwieken.
—
De disbalans in de tijd tussen opwek van elektriciteit en de vraag naar warmte, in combinatie met minder goed te isoleren woningen, maakt all electric oplossingen zoals warmtepompen niet voor alle woningen geschikt. Hier ligt een flinke uitdaging om andere warmtebronnen te vinden. Met name voor (oudere) vrijstaande woningen in het buitengebied, zal biomassa (in de vorm van groen gas) naar verwachting een belangrijke rol spelen voor de warmtevoorziening.
—
Nader verkend moet worden of woningen in de bebouwde kom kunnen worden aangesloten op collectieve warmtenetten die gevoed kunnen worden vanuit een mix van TEO, geothermie, zonthermie of restwarmte of dat hier eenieder voor zich met een eigen private warmtepomp als strategie wordt gehanteerd.
—
De geschetste potentie voor warmte is vaak de ‘technische’ potentie. Nader verdiepend onderzoek zal moeten uitwijzen of bronnen zoals TEO, geothermie en zonthermie en restwarmte daadwerkelijk kunnen worden benut als warmte aanbod. Dit is een complexe materie en vraagt regie vanuit de gemeente gezien financiële, technische en maatschappelijke haalbaarheid. Of bepaalde bronnen kunnen worden ingezet is mede afhankelijk van de locatie van woningen, de bebouwingsdichtheid en het isolatie niveau.
—
Toerisme en recreatie zijn belangrijk voor Ommen. Recreatieve aantrekkelijkheid van landschap en natuurwaarden, vraagt zorgvuldige afwegingen met name voor het inzetten van wind- en zonne-energie.
—
Voor het behalen van de ambities is Ommen afhankelijk van wettelijke kaders en regelgeving.
—
De gemeente werkt aan een energieneutraal 2050. Dit kan ze niet alleen. Gemeente Ommen is afhankelijk van stakeholders, initiatieven en andere betrokkenen. Het kent een inspanningsverplichting en geen resultaatsverplichting.
29