4.Begrotingswijziging 2025 voor zienswijze
Tekst van het document
Begrotingswijziging 2025
Inhoudsopgave Begrotingswijziging 2025 ................................................................................................................... 1 Inhoudsopgave ............................................................................................................................... 2 Inleiding ......................................................................................................................................... 3 1. Ontwikkeling lasten .................................................................................................................... 4 Ontwikkeling lasten .................................................................................................................... 4 2. Ontwikkeling baten ..................................................................................................................... 8 Ontwikkeling baten ..................................................................................................................... 8 3. Investeringen 2025 ................................................................................................................... 10 4. Begrote deelnemersbijdrage...................................................................................................... 11 5.
Vaststellingsbesluit ................................................................................................................... 13
2
Inleiding In september 2024 heeft het algemeen bestuur van GBLT de primaire begroting 2025 vastgesteld. Deze begroting is begin 2024 opgesteld. Sinds die tijd zijn er zowel inhoudelijke ontwikkelingen met een financieel effect als meer algemene financiële ontwikkelingen geweest. Inhoudelijke ontwikkelingen zijn bijvoorbeeld de toetreding van de gemeenten Veenendaal, Renswoude en Woudenberg en de wijziging in de proceskostenvergoeding. Bij algemene financiële ontwikkelingen valt te denken aan noodzakelijke inflatiecorrecties en de verwachte stijging van de cao. Deze ontwikkelingen maken het noodzakelijk om de primaire begroting 2025 te wijzigen. De wijzigingen verwerken we op twee manieren. Allereerst stellen we voor de primaire begroting 2025 aan te passen, door middel van een begrotingswijziging. Vanwege onder andere de toetreding van de gemeenten Veenendaal, Renswoude en Woudenberg, de verwachte stijging van de cao, de toename van de onderhoudskosten automatisering en het opnemen van de dotatie aan de voorzieningen, is er sprake van een toename van de totale lasten van ongeveer € 3.320.000.
Door een toename van de invorderopbrengsten, de deelnemersbijdrage van de gemeenten Veenendaal, Renswoude en Woudenberg, een toename van de overige baten en het opnemen van de onttrekking aan de voorzieningen in de baten, daalt de totale deelnemersbijdrage van de deelnemers ten opzichte van de primaire begroting 2025 met € 329.000. Dit vertaalt zich in een lagere bijdrage voor de waterschappen en de gemeenten. De deelnemersbijdrage van de gemeenten Veenendaal, Renswoude en Woudenberg ligt in lijn met de offerte die in 2023 is afgegeven aan deze gemeenten. Het algemeen bestuur stelt deze begrotingswijziging 2025 vast omdat er een effect is op de deelnemersbijdrage. Voor deze begrotingswijziging wordt, samen met de ontwerpbegroting 2026, ook een zienswijze gevraagd van de gemeenteraden en de algemeen besturen van de waterschappen. De wijzigingen voor 2025 vormen de basis voor de begroting 2026 en verder. Door alle in 2025 bekende effecten mee te nemen in de begrotingsvoorbereiding, zorgen we voor een zo compleet mogelijk beeld in 2026. In deze begrotingswijziging is een overzicht gegeven van de belangrijkste ontwikkelingen aan de baten- en lastenzijde van de begroting van GBLT.
3
1. Ontwikkeling lasten Ontwikkeling lasten De lasten van GBLT ontwikkelen zich in 2025 volgens onderstaande tabel. Op de volgende pagina lichten we verschillen groter dan € 50.000 op specifieke categorieën toe. bedragen in € x 1.000
jaarrekening
begroting
begroting
2024 concept
2025
2025 wijziging
LASTEN 1 Rente en afschrijvingen 1.1 Externe rentelasten 1.2 Interne rentelasten
0 67
0 80
0 80
1.3 Afschrijvingen van activa 1.4 Afschrijvingen van boekverliezen
403 0
341 0
329 0
470
421
409
2.1 Salarissen huidig personeel en bestuurders
12.218
13.392
14.152
2.2 Sociale premies
3.309
3.561
3.952
0 626
0 787
0 717
931 84 17.168
483 0 18.222
736 66 19.624
12 230
21 259
5 305
Totaal rente en afschrijvingen 2 Personeelslasten
2.3 Rechtstreekse uitkeringen huidig personeel en bestuur 2.4 Overige personeelslasten 2.5 Personeel van derden 2.6 Uitkeringen voormalig personeel en bestuurders Totaal personeelslasten 3 Goederen en diensten van derden 3.1 Duurzame gebruiksgoederen 3.2 Overige gebruiksgoederen en verbruiksgoederen 3.3 Energie
9
12
12
3.4 Huren en rechten 3.5 Leasebetalingen operational lease
381 23
388 24
396 24
3.6 Pachten en erfpachten 3.7 Verzekeringen
0
0
0
29
25
27
14 2.896 4.534
13 2.798 4.289
15 3.147 4.857
8.126
7.829
8.788
0
0
0
3.8 Belastingen 3.9 Onderhoud door derden 3.10 Overige diensten door derden Totaal goederen en diensten van derden 4 Bijdragen aan derden Totaal bijdragen aan derden 5 Toevoegingen voorzieningen/onvoorzien 5.1 Toevoegingen aan voorzieningen
1.054
0
1.030
5.2 Onvoorzien Totaal toevoeging voorzieningen/onvoorzien
0 1.054
200 200
200 1.230
6 Toevoegingen bestemmingsreserves 6.1 Toevoegingen aan bestemmingsreserve
0
0
0
Totaal toevoeging bestemmingsreserves
0
0
0
26.818
26.673
30.052
TOTAAL LASTEN
4
Toelichting lasten Algemeen De toetreding van de gemeenten Veenendaal, Renswoude en Woudenberg betekent een toename van de lasten ten opzichte van de primaire begroting 2025, aangezien de toetreding hier nog niet in was verwerkt. De totale toename van de lasten, inclusief de uitvoering van de diftar en toeristenbelasting voor belastingjaar 2024, is ongeveer € 1.175.000. 2 personeelslasten De totale verwachte personeelslasten voor 2025 stijgen met € 1.354.000 ten opzichte van de primaire begroting 2025. Dit wordt voornamelijk veroorzaakt door de salarissen en premies en personeel van derden (inhuur). 2.1/2.2 Salarissen en sociale premies De salarissen en de sociale premies komen ongeveer € 1,1 mln. hoger uit dan de begroting 2025. Deze toename is onder andere het gevolg van een hoger percentage cao-stijging. In de primaire begroting werd uitgegaan van 2,5% cao-stijging. In de begrotingswijziging wordt op basis van het op 1 april 2025 bereikte onderhandelingsresultaat voor de cao 2025 en 2026 voor de begrotingswijziging 2025 uitgegaan van een cao-stijging van nominaal 50 euro bruto per maand vanaf 1 januari 2025 en een stijging van 3,3% per 1 januari 2025. Het hogere percentage voor de cao betekent een toename van de personeelskosten van ongeveer € 300.000. Door de toetreding van de gemeenten Veenendaal, Renswoude en Woudenberg hebben we extra personeel aangenomen.
Dit heeft gezorgd voor een toename van de personeelslasten met ongeveer € 600.000. Verder zijn in 2025 enkele medewerkers eerder gestopt met werken, deze zijn echter nog wel in dienst. Deze medewerkers moeten worden vervangen en zorgen daardoor in 2025 voor dubbele personeelslasten van ongeveer € 100.000. Het overige verschil is het gevolg van meerdere mutaties waaronder de (verwachte) toename van de thuiswerkvergoeding van € 3 naar € 3,50 en schaalverhogingen van medewerkers als gevolg van het nieuwe functiehuis. Hier was nog geen rekening mee gehouden. 2.4 Overige personeelslasten De overige personeelslasten komen ongeveer € 70.000 lager uit in de begrotingswijziging ten opzichte van de primaire begroting 2025. De verwachte uitgaven voor werving en selectie en arbo zijn met respectievelijk € 20.000 en € 50.000 neerwaarts bijgesteld. Dit ligt in lijn met de werkelijke uitgaven in 2024. 2.5 Personeel van derden De totale kosten voor personeel van derden ligt ongeveer € 250.000 hoger in de begrotingswijziging. Hieronder worden de belangrijkste wijzigingen toegelicht. In 2025 wordt voor de aansluiting van de gemeenten Veenendaal, Renswoude en Woudenberg een medewerker ingehuurd. De verwachte kosten hiervoor zijn € 120.000. De verwachting is dat deze medewerker in 2026 in dienst zal treden van GBLT.
Voor de bezwaarafhandeling van de WOZ-bezwaren wordt net als in 2024 extra inhuur verwacht (ongeveer € 92.000). Het aantal WOZ-bezwaren ligt in 2025 naar verwachting nog altijd ruim hoger dan in 2022, het jaar voor de enorme landelijke stijging van het aantal WOZ-bezwaren. Voor de wijziging van het belastingstelsel van de waterschappen wordt ingeschat dat tijdelijke inhuur nodig is voor een bedrag van € 25.000.
5
2.6 Uitkering voormalig personeel en bestuurders In de begrotingswijziging hebben we rekening gehouden met wachtgelduitkeringen van € 66.000 van medewerkers die zijn vertrokken en nog geen andere dienstbetrekking hebben. 3.9 Onderhoud door derden De kosten voor onderhoud van de automatisering nemen als gevolg van indexatie en nieuwe afspraken meer toe dan verwacht. Ook enkele nieuwe applicaties en uitbreiding van bestaande applicaties en licenties leiden tot een toename. De aansluiting van de gemeenten Veenendaal, Renswoude en Woudenberg zorgt voor een toename (o.a. het belastingpakket) van ongeveer € 130.000. In totaal nemen de onderhoudskosten toe met ongeveer € 350.000 ten opzichte van de begroting 2025. 3.10 Overige diensten door derden In totaal stijgen de overige diensten door derden met een bedrag van € 568.000. Met name een aantal grote posten veroorzaakt deze toename.
Gegevensverstrekking De kosten voor gegevensverstrekking stijgen met ongeveer € 100.000. Dit is voornamelijk het gevolg van een forse stijging van de kosten voor het BRP-berichtenverkeer, waarbij de staffelbedragen zijn verhoogd.
Druk- en bindwerk en porto- en vrachtkosten De kosten voor het verzenden van de aanslagen, inclusief het drukken, neemt met ongeveer € 200.000 toe. Dit is voor € 50.000 toe te rekenen aan de aansluiting van de nieuwe gemeenten. De indexatie komt ruim hoger uit dan waar mee was gerekend en zorgt voor een stijging van ongeveer € 20.000. De porto- en vrachtkosten kwamen in 2024 al ruim € 100.000 boven de begroting 2025 uit, waardoor het totale verschil ongeveer € 120.000 is. Aanvullend zijn in de kosten de folders voor de waterschappen meegenomen voor een bedrag van ongeveer € 32.000. De kosten van de folders komen ten laste van de waterschappen.
Proceskostenvergoeding (NCNP-kosten) Sinds 2023 ligt het aantal bezwaar- en beroepschriften die we ontvangen van de no-cure-no-paybureaus op een veel hoger niveau dan in de jaren ervoor. In de afgelopen jaren zijn enkele maatregelen genomen, en weer deels teruggedraaid, om de toename van de proceskostenvergoedingen een halt toe te roepen. Ondanks de aanpassingen ligt het aantal NCNP-bezwaren nog altijd op een hoog niveau. In de begroting 2025 was uitgegaan van een situatie die in aantallen vergelijkbaar is met 2022 en met een daling van 75% van de proceskostenvergoeding. Voor de begrotingswijziging 2025 is een nieuwe inschatting gemaakt op basis van de actuele proceskostenvergoedingen en meer in lijn met de aantallen die we in 2024 hebben ontvangen. Daarnaast is rekening gehouden met een toename voor de bezwaren van de drie nieuwe gemeenten. In totaal nemen de NCNP-kosten toe met € 221.000, mede als gevolg van de drie nieuwe gemeenten. Uiteraard is een voorbehoud nodig omdat we nog niet goed kunnen inschatten hoeveel bezwaren en beroepen we gaan ontvangen in 2025. De NCNP-kosten zijn een zogenaamde openeinderegeling, juist vanwege de onzekerheden en de relatief beperkte invloed die we hebben op de ontwikkeling hiervan. 5.1 Toevoegingen aan voorzieningen In de begrotingswijziging 2025 is rekening gehouden met de toevoegingen aan de voorzieningen aan de lastenkant.
In de begroting 2025 werd alleen rekening gehouden met de mutatie. Aangezien de
6
toevoeging (en onttrekking aan de batenkant) volledig opgenomen wordt in de lasten en niet alleen de mutatie, is in het licht van de begrotingsrechtmatigheid deze wijziging doorgevoerd vanaf 2025. Het betreft de volgende voorzieningen: •
Oninbaar invorderingsdebiteuren € 850.000
•
proceskostenvergoeding € 180.000
7
2. Ontwikkeling baten Ontwikkeling baten De baten van GBLT ontwikkelen zich in 2025 volgens onderstaande tabel. Op de volgende pagina lichten we verschillen groter dan € 50.000 op specifieke categorieën toe. bedragen in € x 1.000
jaarrekening
begroting
begroting
2024 concept
2025
2025 wijziging
BATEN 0 Resultaat voorgaand boekjaar
0
0
0
1 Financiële baten 1.1 Externe rentebaten
490
300
220
1.2 Interne rentebaten Totaal financiele baten
0 490
0 300
0 220
192 192
80 80
139 139
20.510
20.754
21.943
0
0
127
20.510
20.754
22.070
2 Personeelsbaten 2.1 Baten in verband met salarissen en sociale lasten Totaal personeelsbaten 3 Goederen en diensten aan derden 3.6 Diensten voor derden bijdragen deelnemers 3.7 Diensten voor derden Totaal goederen en diensten aan derden 4 Bijdragen van derden 4.1 Bijdragen van overigen Totaal bijdragen van derden
414
0
93
414
0
93
5 Waterschaps- en gemeentebelastingen 5.1 Invorderopbrengsten
6.527
5.500
6.500
Totaal waterschaps- en gemeentebelastingen
6.527
5.500
6.500
6 Interne verrekeningen 6.1 Onttrekkingen aan voorzieningen
966
39
1.030
6.2 Geactiveerde lasten Totaal interne verrekeningen
0 966
0 39
0 1.030
29.100
26.673
30.052
2.281
0
0
0 0
0 0
0 0
2.281
0
0
TOTAAL BATEN Totaal saldo van baten en lasten Toevoegingen en ontrekking reserves Toevoeging aan bestemmingsreserve Onttrekkingen aan bestemmingsreserve Resultaat
8
Toelichting baten 1.1 Externe rentebaten Door de dalende trend van het rentepercentage zijn de rentebaten voor het schatkistbankieren (overnighttarief) naar beneden bijgesteld in de begrotingswijziging 2025. Op basis van het verwachte gemiddelde rentepercentage van ongeveer 2% wordt een rentebate verwacht van € 220.000 in 2025. 2.1 Baten in verband met salarissen en sociale lasten Op basis van de baten in de afgelopen jaren en baten die we op dit moment kunnen inschatten in verband met ziekte van medewerkers, wordt uitgegaan van een toename van de baten. 3.6 Diensten voor derden bijdragen deelnemers De deelnemersbijdrage neemt in totaal met € 1.190.000 toe. Dit is het gevolg van de toetreding van de gemeenten Veenendaal, Renswoude en Woudenberg. De effecten voor individuele deelnemers zijn opgenomen in de tabel met de deelnemersbijdragen. 3.7 Diensten voor derden Dit betreft eenmalige bijdragen van de gemeenten Veenendaal, Renswoude en Woudenberg voor de aanslagoplegging voor belastingjaar 2024 van de diftar en de toeristenbelasting, de laatste bijdrage voor de aansluitingskosten en eenmalige extra uitgaven voor het WOZ-proces. 4.1 Bijdragen van overigen In de baten is rekening gehouden met de overige baten die we van derden ontvangen van in totaal ongeveer € 93.000.
Hierin is onder andere de bijdrage van de waterschappen opgenomen voor de folders die we bij de aanslagen voegen. Daarnaast is rekening gehouden met de vergoeding (€ 50.000) die we ontvangen voor de uitvoeringskosten en kwijtschelden van de invorderkosten met betrekking tot de kinderopvangtoeslagenaffaire (KOTA). 5.1 Invorderopbrengsten De verwachte invorderopbrengsten nemen ten opzichte van de oorspronkelijke begroting 2025 toe met € 1.000.000. Deze toename is gebaseerd op een prognose van het aantal te versturen invorderdocumenten. Hierbij is ook rekening gehouden met de aantallen in de afgelopen jaren en het financiële resultaat van de afgelopen jaren. Ook is rekening gehouden met een aanscherping van het coulancebeleid die zal leiden tot minder afvoer van invorderdocumenten. Verder zien we een hoge effectiviteit van de invordering door onze externe deurwaarder LAVG. De toename van de invorderopbrengsten is daarnaast het gevolg van een stijging van de tarieven voor een aanmaning, dwangbevel en hernieuwd bevel, die volgen uit de kostenwet. 6.1 Onttrekkingen aan voorzieningen In de begrotingswijziging is zowel aan de lastenkant als aan de batenkant rekening gehouden met de dotatie en onttrekking aan de voorziening. De onttrekking aan de voorziening betreft: •
Oninbaar invorderingsdebiteuren €850.000
•
Proceskostenvergoeding € 180.000
9
3. Investeringen 2025 In de activastaat worden onder andere de investeringen, afschrijvingsduur en de afschrijving vermeld. Voor 2025 staan investeringen gepland die voortkomen uit de investeringen die voor 2024 zijn opgenomen. Daarnaast heeft de geplande investering in nieuwe bureaustoelen in 2024 niet plaatsgevonden. In feite betreft voorgaande een aanpassing op de investeringen die in de begrotingswijziging 2024 waren verwerkt. De aanpassing is in deze begrotingswijziging 2025 en ook in de begroting 2026 en meerjarig financieel verwerkt. De huurdersinvesteringen die in 2024 zijn gestart, werden ingeschat op € 250.000. In 2024 is hiervan ongeveer € 85.000 geïnvesteerd. De verwachting is dat de investering in 2025 ongeveer € 165.000 zal zijn. Daarmee komen de investeringen in het pand uit op de verwachte € 250.000 zoals opgenomen in het oorspronkelijke plan. De investering heeft een afschrijvingstermijn van tien jaar. Voor de investering in 2025 wordt gerekend met een half jaar afschrijving in de lasten. De investering in de bureaustoelen stond voor 2024 gepland voor een bedrag van € 140.000. Uiteindelijk is besloten om de stoelen niet te vervangen maar met onderhoud de levensduur te verlengen. Wel moeten enkele nieuwe bureaustoelen en bureaus worden aangeschaft.
Daarnaast moeten enkele nieuwe vergaderschermen worden aangeschaft voor de nieuwe ruimten en een groter scherm voor overleggen waarbij meerdere ruimten worden gebruikt. De investering wordt ingeschat op € 50.000. Dit is ruim minder dan de eerder geplande investering in nieuwe bureaustoelen. Ook de afschrijvingslasten komen daarmee iets lager uit. In onderstaande tabel zijn de investeringen voor 2025 inzichtelijk gemaakt.
b ed ra gen in €
Afschrij vingsd uur in j a re n
Inve ste ringe n 2025
Afschrij ving 2025
Verbouwing pand Vergaderschermen
10 5
165.000 30.000
8.250 3.000
Bureaus en bureaustoelen
10
20.000
1.000
2 1 5 .0 0 0
1 2 .2 5 0
T ota a l Lasten en financiering
De nieuwe afschrijvingslasten in 2025 en opvolgende jaren liggen lager dan de afschrijvingen in de afgelopen jaren. Hiermee is het effect van de nieuwe investeringen op de jaarlijkse afschrijvingslasten positief. Op basis van de huidige inzichten is geen aanvullende financiering voor de nieuwe investeringen nodig.
10
4. Begrote deelnemersbijdrage Begroting naar kostendragers In de begroting is de kostendrager de deelnemer die de lasten van GBLT voor zijn rekening neemt. De deelnemersbijdrage voor het jaar 2025 is in de primaire begroting 2025 vastgesteld op een totaalbedrag van € 20.753.000 (afgerond). In onderstaand overzicht is zichtbaar dat de deelnemersbijdrage stijgt met € 1.190.000 (afgerond) naar € 21.943.000. De begroting na wijziging levert verschillen op in de deelnemersbijdragen. Deze worden hieronder weergegeven. Begroting
bedragen in € x 1.000
Begroting
2025
2025
verschil
wijziging
deelnemer waterschap Drents Overijsselse Delta
2.662
2.630
-32
waterschap Rijn en IJssel
2.783
2.742
-42
waterschap Vallei en Veluwe
4.474
4.419
-55
waterschap Vechtstromen
3.330
3.288
-42
waterschap Zuiderzeeland
1.823
1.804
-20
gemeente Bunschoten
346
340
-6
gemeente Dalfsen
504
494
-10
gemeente Dronten
726
722
-4
gemeente Leusden
535
525
-10
gemeente Nijkerk
757
740
-17
gemeente Ommen
370
354
-16
gemeente Renswoude
0
89
89
gemeente Veenendaal
0
1.205
1.205
gemeente Woudenberg
0
225
225
2.442
2.367
-75
20.754
21.943
1.190
gemeente Zwolle Totale deelnemersbijdrage
Het effect van de wijziging op de compensabele btw is in onderstaande tabel opgenomen. bedragen in € x 1.000
b e g ro ting
b e g ro ting
2025
2025
ve rschil
wijzig ing
deelnemer gemeente Bunschoten
13
18
gemeente Dalfsen
23
30
7
gemeente Dronten
28
38
10
gemeente Leusden
25
32
8
gemeente Nijkerk
34
44
10
16
21
5
gemeente Ommen
5
gemeente Renswoude
-
6
6
gemeente Veenendaal
-
79
79
gemeente Woudenberg
-
14
14
gemeente Zwolle
114
147
33
compensabele BTW
254
429
176
11
Verdeelsleutel Door de uitbreiding van de gemeenschappelijke regeling met drie gemeenten, is de verdeelsleutel, de procentuele verdeling van de deelnemersbijdrage, gewijzigd. De aangepaste verdeelsleutel is vermeld in onderstaande tabel. Procentuele verdeling deelnemer
begroting
Diftar
2025
2025
2025
2025
wijziging
waterschap
gemeente
gemeente
waterschap Drents Overijsselse Delta
17,67%
waterschap Rijn en IJssel
18,42%
waterschap Vallei en Veluwe
29,69%
waterschap Vechtstromen
22,09%
waterschap Zuiderzeeland Totaal Waterschappen
12,12% 90,00%
gemeente Bunschoten
5,08%
gemeente Dalfsen
7,00%
gemeente Dronten
10,79%
7,00%
gemeente Leusden
7,39%
8,28%
gemeente Nijkerk
10,54%
9,43%
gemeente Ommen
5,06%
4,19%
gemeente Renswoude
1,25%
1,55%
gemeente Veenendaal
16,52%
26,92%
gemeente Woudenberg
3,17%
3,35%
gemeente Zwolle
33,21%
39,28%
100%
100%
Totaal Gemeenten Totale deelnemersbijdrage
10,00% 100%
12
100%
5. Vaststellingsbesluit De deelnemende waterschappen en gemeenten zijn in de gelegenheid geweest hun zienswijze over de begrotingswijziging 2025 aan het dagelijks bestuur van GBLT kenbaar te maken. Het dagelijks bestuur heeft de ontvangen zienswijzen, voor zover ingediend, bij de begroting gevoegd en het geheel aan het algemeen bestuur aangeboden. Het algemeen bestuur van GBLT, •
gezien het voorstel van het dagelijks bestuur van 9 juli 2025.
•
gezien de zienswijzen/reacties van de deelnemers
•
overwegende dat de begrotingswijziging 2025, na voorafgaande kennisgeving, 14 dagen bij de deelnemers in de gemeenschappelijke regeling voor eenieder ter inzage heeft gelegen,
•
gelet op de artikelen 83 en 100 van de Waterschapswet,
besluit: 1.
de begrotingswijziging 2025 vast te stellen,
2.
het dagelijks bestuur te machtigen voor het beheer van de inkomsten en uitgaven,
Zwolle, 10 september 2025 Het algemeen bestuur, De voorzitter,
De directeur,
B.J. van Vreeswijk
R.A.C. de Haan
13
14