4. Advies Participatieraad transformatieagenda Sociaal Domein 2021 - 2024
Tekst van het document
Aan: College van Burgemeester & Wethouders van de gemeente Ommen Postbus 100 7730 AC Ommen 15 december 2020 Onderwerp: Transformatieagenda Sociaal Domein 2020 - 2024
Geacht college, In onze vergadering van 9 december 2020 hebben wij versie 13-11-2020 van de transformatieagenda Sociaal Domein 2021 – 2024 besproken. Dit onderwerp is in ons advies van 8 maart 2020 ook aan de orde geweest. Wij begrijpen dat de recente aandacht voor de hervorming van het sociaal domein mede is ingegeven door de wens van de gemeenteraad om meer controle te krijgen op ontwikkelingen en activiteiten en de daarmee gepaard gaande kosten binnen dit domein. Wij hebben geen probleem met welk controleprincipe dan ook, echter deze controle moet naar onze mening leiden tot het in ons advies van 8 maart 2020 omschreven doel: Het bieden van voldoende, passende zorg, ondersteuning en begeleiding aan inwoners die dit nodig hebben ook al kan dit extra financiële inspanningen met zich meebrengen. In het werkdocument wordt enerzijds enkele verbeterpunten aangegeven en anderzijds dieper ingegaan op de thema’s “jeugd”, “ouderen” en “werk en inkomen” die de basis vormde voor de drie werksessies uit september 2020. In een vierde sessie heeft de gemeenteraad de opbrengsten uit de sessies besproken en prioriteiten vastgesteld. In de toelichting op het document tijdens de bijeenkomst van de participatieraad van 9 december werd aangegeven dat de aangegeven prioriteiten het maximaal haalbare is. De “witte vakken” krijgen geen geprioriteerde aandacht.
“Als de participatieraad andere prioriteiten adviseert dan moet een aangegeven prioriteit vervallen”.
Algemeen kader De participatieraad dringt eropaan om oog te hebben voor de dwarsverbanden tussen de respectievelijke (onderdelen van de) thema’s. Pas als deze mogelijke dwarsverbanden helder zijn kan een passende interventie op de gesignaleerde situatie gedaan worden. Eenzaamheid speelt bijvoorbeeld niet alleen bij ouderen. Armoede kan van grote invloed zijn op gevoelens van verlatenheid. Verbinding met lotgenoten, ook uit andere categorieën, kan
de dragelijkheid van het probleem verlichten. Er moeten dus geen schotten staan tussen de verschillende doelgroepen. De participatieraad verbaast zich over de prioritering van de gemeenteraad. Kijkend naar bijvoorbeeld het thema Jeugd, daar wordt de prioriteit gelegd bij “gezondheid en zorg”, terwijl de participatieraad van mening is dat als de gemeente werk maakt van “perspectief en werk” en “vrije tijd” dit een positieve invloed zou kunnen hebben op de geprioriteerde onderdelen van het thema Jeugd. Wij verzoeken een nadere onderbouwing van de door de gemeenteraad gekozen prioriteiten. Daarnaast willen wij meer aandacht voor de kwaliteit van de uitvoering. Het inzetten van een arsenaal aan indicatoren roept het beeld op van een afstandelijke, calculerende en gerationaliseerde overheid. Deze aanpak moet inbreng van inwoners zelf vanuit hun eigen omgeving niet in de weg staan. Noodzakelijk zijn meer fysieke en sociale antennes, die vanuit hun bekendheid in de buurt signalen kunnen afgeven. Met fysiek bedoelen we bijvoorbeeld dat iemand een nabij inlooppunt binnen kan lopen, ook zonder direct een probleem aan te willen kaarten. In dit kader betreuren we de uittocht van meerdere WIJZ functionarissen. We vragen ons af hoe de gemeente de continuïteit van het sociaal werk, jongeren- en ouderenwerk, en het klassieke opbouwwerk kan waarborgen.
Heeft de gemeente voldoende grip op de partner aan wie dit werk is uitbesteed? In relatie tot de ontwikkeling binnen het sociaal domein hebben wij nota genomen van het recente rapport van het Sociaal en Cultureel Planbureau, ‘Sociaal Domein op Koers?’. De participatieraad vraagt zich af welke impact dit rapport heeft gehad op de nu voorliggende plannen voor de transformatieagenda.
Verbeterpunten In het document worden drie verbeteringen genoemd: 1. 2. 3.
Meer inzetten op preventie en vroegtijdig opsporen van ondersteuningsvragen. De ketensamenwerking tussen partijen kan op hoger plan getild worden. Ook op gebied van armoede, schulden, activering en werk zijn extra impulsen gewenst.
De participatieraad wil bij deze aangegeven verbeteringen de volgende opmerkingen plaatsen
Preventie De participatieraad wil nadrukkelijk aantekenen dat preventie en vroeg signalering niet moet leiden tot een nieuw ‘product’ dat de schijn wekt dat het zwaardere en meer kostbare ingrepen voorkomt. Als vroeg signalering leidt tot beter passende en toekomstbestendige ondersteuning is dat toe te juichen. Als de gedachte achter preventie is om op voorhand te kunnen besparen op duurdere specialistische ingrepen wordt een gevaarlijke illusie nagejaagd.
Ketenbenadering In de laatste kolom van het overzicht per onderwerp staan vele ‘betrokken partijen’ genoemd. Deze partijen zijn ongetwijfeld van goede wil en bereid om mee te praten met andere betrokkenen. Vanuit het perspectief van de gebruiker van deze voorzieningen zijn al deze overlegvormen in deze keten eigenlijk onbelangrijk. De inwoner wil bij de ondersteuning kunnen vertrouwen op een enkele eindverantwoordelijke persoon, die zo nabij mogelijk is. Daarom vindt de participatieraad de eerdergenoemde sociale/fysieke antenne zo belangrijk. De vertaalslag van het ketendenken naar het perspectief van de eindgebruiker wordt node gemist in het overzicht.
Armoede, schulden, activering en werk Ook bij dit derde punt is de opgave voor alle betrokken partijen om te leren denken vanuit het perspectief van de mens om wie het gaat. Dat is hier zo mogelijk nog essentiëler. Juist wie hulp nodig heeft voelt een drempel, is heel kwetsbaar en moet de schaamte voorbij. De participatieraad adviseert de gemeente dringend om werk te maken van het inzetten van ervaringsdeskundigen en lotgenotencontact te faciliteren.
Indicatoren Een terugblik op het proces van de afgelopen maanden leert dat er drie redelijk succesvolle avonden zijn belegd. Daarin kwamen veel betrokkenen in gesprek over de toekomst voor het sociaal domein. Vervolgens zijn er bij de respectievelijke thema’s indicatoren vastgesteld De participatieraad wil ten aanzien van deze indicatoren de volgende opmerkingen maken: • • •
Er moet gewaakt worden voor het risico dat deze indicatoren in de black box van performance management transformeren tot doelstelling. Het ten onrechte leggen van causale verbanden tussen de uitkomst van een indicator en de inspanningen van het veld moet worden voorkomen. Het is zeer aan te bevelen om, desnoods als kwalitatieve inbreng naast de indicatoren, de gesprekken van de drie bijeenkomsten op een regelmatige basis voort te zetten, en daarbij maximaal in te zetten op deelname van gebruikers van voorzieningen.
Afsluitend willen wij nogmaals benadrukken dat een succesvolle hervorming van het sociaal domein van alle betrokkenen vraagt om anders te gaan denken. In onze ogen gaat het dan vooral om te leren kijken door de bril van de inwoner die gebruik maakt van een voorziening uit het sociaal domein. Daarin zijn volgens ons de volgende punten van doorslaggevend belang: • • • • •
Meer betrokkenheid van ambtenaren met burgers (mobility mentoring, ervaringsdeskundigen); Zorg dat de basis waaruit je zorg of diensten verleent goed bemand is (minder verloop, betrokkenheid); Roep het convenant armoede vrij weer in het leven; Laat onafhankelijke personen, zoals opbouwwerkers, werken aan verbindingen; Wij pleiten voor een hulpgarantie, in plaats van dat afspraken in het kader van hulpverlening een maximering in tijd kennen;
• • • •
Maak uitvoerende ambtenaren verantwoordelijk voor ontschotting; Het Samen Doen is geen ‘Haarlemmer olie’, er zijn meer organisaties die wat kunnen doen; Preventie heeft alleen zin als je een laagdrempelig loket hebt; Niet krampachtig gaan inzetten op mensen uit de uitkering zien te krijgen.
Tot zover onze reactie op het werkdocument Transformatieagenda 2021-2024. De participatieraad is zich bewust dat de transformatie binnen het sociaal domein een continu proces is. Het spreekt voor zich dat wij van dit belangrijke proces doorlopend op de hoogte willen worden gehouden zodat wij in staat zijn voldoende invloed te kunnen uitoefenen op de uitkomsten van dit proces. Wij verzoeken het college binnen 6 weken schriftelijk op deze reactie van de participtieraad te reageren. Hoogachtend, Richard van de Berg, voorzitter Participatieraad Ommen Susan van Harten, secretaris Participatieraad Ommen E-mail: participatieraad.ommen@gmail.com Postadres: Participatieraad Ommen p/a Gemeente Ommen postbus 100 7730 AC Ommen