CConstaterende datOmmen
Koppel je AI →
Document · PDF

20. Toelichting - Bijlage 15 Archeologische onderzoek, Grontmij, 07-11-06

Gemeenteraad 16 december 2021, gemeente OmmenBij agendapunt: Vaststelling bestemmingsplan Haven Oost (257274)5.069 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Archeologisch onderzoek Havengebied Ommen Inventariserend veldonderzoek (IVO-B)

GRONTMIJ ARCHEOLOGISCHE RAPPORTEN 345

Archeologisch onderzoek Havengebied Ommen Inventariserend Veldonderzoek (IVO-B) GRONTMIJ ARCHEOLOGISCHE RAPPORTEN 345

Definitief

ISSN 1573-5710

Opdrachtgever: Ontwikkelingsmaatschappij De Drieslag

Grontmij Nederland bv Assen, 7 november 2006

214173, revisie 1

Administratieve gegevens

Datum opdracht

:

3 augustus 2006

Datum concept

:

18 september 2006

Datum definitief

:

29 september 2006

Opdrachtgever

:

Ontwikkelingsmaatschappij De Drieslag

Uitvoerder

:

Grontmij Nederland bv

Bevoegd gezag

:

Provincie Overijssel mevr. drs. S. Wentink – provinciaal archeoloog

Contactpersoon Locatie

:

gemeente

:

Ommen

plaats

:

Ommen

toponiem

:

De Strangen

RD-coördinaten

:

N

:

O

x: 225.650/y: 504.675 y:504504.675 x: 225.500/ y: 504.700

:

Z

x: 225.650/ y: 504.375

:

W

x: 225.850/ y: 504.700

kaartblad

:

22 C Ommen

afm. plangebied

:

circa 11 ha

AMK

:

monumentnr.

:

-

Archis II

:

CIS-code

:

18846

214173, revisie 1

Inhoudsopgave

1 1.1 1.2 1.3

Inleiding........................................................................................................................ 5 Algemeen...................................................................................................................... 5 Aanleiding..................................................................................................................... 5 Doel en werkwijze ........................................................................................................ 5

2 2.1 2.2 2.3 2.4 2.4.1 2.4.2 2.4.3 2.5 2.5.1 2.5.2 2.5.3 2.5.4 2.6

Bureauonderzoek .......................................................................................................... 6 Werkwijze..................................................................................................................... 6 Geologie en geomorfologie .......................................................................................... 6 Bodem........................................................................................................................... 7 Historische, huidige en toekomstige situatie ................................................................ 8 Historische situatie........................................................................................................ 8 Huidige situatie............................................................................................................. 8 Toekomstige situatie ..................................................................................................... 8 Archeologie................................................................................................................... 8 Algemeen...................................................................................................................... 8 ARCHIS II ...................................................................................................................

8 AMK ............................................................................................................................. 9 IKAW ......................................................................................................................... 10 Archeologische verwachting....................................................................................... 10

3 3.1 3.2

Veldonderzoek ............................................................................................................ 11 Werkwijze en doelstelling .......................................................................................... 11 Resultaten ................................................................................................................... 11

4 4.1 4.2

Evaluatie ..................................................................................................................... 12 Conclusie .................................................................................................................... 12 Advies ......................................................................................................................... 12

Bijlage 1: Locatie plangebied Bijlage 2: Toekomstige situatie plangebied Bijlage 3: Archeologische basiskaart Bijlage 4: Boorpunten Bijlage 5: Boorstaten Bijlage 6: Literatuur

214173, revisie 1 Pagina 4 van 12

1

Inleiding

1.1

Algemeen

Grontmij Nederland bv heeft in opdracht van de ontwikkelingsmaatschappij De Drieslag een archeologisch onderzoek uitgevoerd naar het te realiseren Havengebied in de wijk De Strangen (zie Bijlage 1). Het plangebied zal aangeduid worden als Havengebied. Het plangebied wordt aan de oostkant begrensd door de Ommeresstraat en aan de westkant door de Schurinkstraat. Aan de noordkant wordt het plangebied begrensd door de Strangeweg. Het te realiseren kanaal moet tussen de Strangeweg en de Hardenbergerweg aan de zuidkant komen te liggen. Het kanaal volgt grotendeels de loop van de wegen Haven Oost en Haven West. De oppervlakte van het terrein is ongeveer 11 hectare. 1.2

Aanleiding

Het gebied is onderzocht ten behoeve van de geplande aanleg van nieuwe woningen. De bestaande bouw zal hiervoor moeten wijken. Tevens wordt een voormalig kanaal die door het plangebied loopt, opnieuw uitgegraven. Omdat de bestaande gebouwen gesloopt gaan worden en er een kanaal gerealiseerd gaat worden, zullen bodemingrepen gaan plaatsvinden. Eventueel aanwezige archeologische resten in deze gebieden zullen daardoor mogelijk verstoord of vernietigd worden. Daarom dienen voorafgaand aan deze werkzaamheden de bekende en verwachte archeologische waarden in kaart te worden gebracht door middel van een bureauonderzoek. 1.3

Doel en werkwijze

Doel van het archeologisch onderzoek is het in kaart brengen van de bekende en te verwachten archeologische waarden binnen het plangebied, op basis waarvan een gespecificeerd verwachtingsmodel wordt opgesteld. Op basis van de resultaten wordt een nader advies gegeven met betrekking tot de noodzaak van eventueel archeologisch vervolgonderzoek en, indien dit het geval is, uit welke stappen het vervolgonderzoek zou moeten bestaan. Dit advies wordt voorgelegd aan het bevoegd gezag. Op basis hiervan kan het bevoegd gezag een besluit nemen over eventuele vervolgstappen.

214173, revisie 1 Pagina 5 van 12

2

Bureauonderzoek

2.1

Werkwijze

Voor het bureauonderzoek zijn de relevante, bekende en verwachte archeologische waarden in kaart gebracht. Er is gebruik gemaakt van toegankelijke historische en aardwetenschappelijke informatie. De volgende bronnen zijn ondermeer geraadpleegd (zie tevens literatuurlijst): • de Bodemkaart van Nederland 1: 50.000, blad 22 west Coevorden; • de digitale geomorfologische kaarten van meetnet (www.meetnet-landschap.nl); • het Archeologisch Informatie Systeem II (ARCHIS II) van de Rijksdienst voor archeologie, Cultuurlandschap en Monumenten (RACM) te Amersfoort; • de Archeologische Monumentenkaart (AMK, RACM en provincie); • de Indicatieve Kaart van Archeologische Waarden (IKAW); • de Atlas van Cultuurhistorie van de Provincie Overijssel; • Overige literatuur. Op basis van de resultaten van het onderzoek wordt een gespecificeerd archeologisch verwachtingsmodel opgesteld. 2.2

Geologie en geomorfologie

De omgeving van de stad Ommen bestaat hoofdzakelijk uit terraswelvingen met pleistocene dekzandplateaus.1 Dit dekzand is afgezet in de laatste IJstijd, het Weichselien (Tabel 2.1). De dekzandruggen vormen een glooiend reliëf. De Rijks Geologische Dienst heeft in het plangebied geen onderzoek gedaan naar de geomorfologische opbouw. Het plangebeid ligt in de bebouwde kom en is derhalve niet gekarteerd. Tabel 2.1: Indeling van het Laat Pleistoceen en het Holoceen

chronostratigrafie Kwartair

Holoceen

jaren geleden Subatlanticum Subboreaal Atlanticum Boreaal Preboreaal

Pleistoceen

1

Weichselien (ijstijd)

3.000 5.000 8.000 9.000 10.000 70.000 -

heden 3.000 5.000 8.000 9.000 10.000

Eemien

120.000 - 70.000

Saalien (ijstijd)

200.000 - 120.000

Zie www.meetnet-landschap.nl

214173, revisie 1 Pagina 6 van 12

Bureauonderzoek

2.3

Bodem

Omdat het plangebied in de bebouwde kom is gelegen, is de bodem niet gekarteerd door STIBOKA. Om toch een indruk te krijgen van de bodemtypen die in het plangebied aanwezig kunnen zijn volgt hier een beschrijving van de dichtstbijzijnde gekarteerde gebieden buiten de bebouwde kom van Ommen. Bij de besproken bodemtypen worden de coderingen van de bodemtypen vermeld zoals deze door STIBOKA zijn opgesteld. De Vecht ligt ten zuiden van het plangebied. De bodem langs de Vecht bestaat hoofdzakelijk uit zandige roodoornige Vechtdalgrond die plaatselijk zeer ijzerrijk is (eenheid: fAFz). Ten oosten van Ommen bestaat de bodem hoofdzakelijk uit leemarm en zwak lemig fijn zand (eenheid: zEZ21). Dit bodemtype valt onder de enkeerdgrond. Enkeerdgronden zijn moerige zandgronden die ontstaan zijn door eeuwenlang gebruik als landbouwgrond.2 Deze oude landbouwgronden worden ook wel esdekken genoemd. Op de kaart in Bijlage 2 is goed te zien dat rondom Ommen veel esdekken liggen. De esdekken zijn ontstaan door de vermenging van dierlijke mest en heiplaggen (organische toplaag van een heideveld). De plaggen werden samen met de mest over de akkers verspreid en in de bodem geploegd om de bodemvruchtbaarheid op peil te houden. Deze techniek leidde tot het ontstaan van homogene, humushoudende bovengronden.

Tegenwoordig spreekt men, wanneer het humushoudende dek meer dan 50 cm dik is, van enkeerdgronden.3 De meeste esdekken zijn ontstaan in de volle en late Middeleeuwen (v.a. 1000. n.C.). Deze manier van het vruchtbaar maken van de bodem is tot ver in de 19e eeuw in zwang geweest. Hierna werd de kunstmest ontwikkeld. Enkeerdgronden zijn voor de archeologie zeer interessant. Vanwege de dikte van een enkeerdgrond (± 50 cm) wordt de ondergelegen zandbodem vaak beschermd tegen bodem verstorende agrarische activiteiten. Eventuele archeologische sporen die zich onder een esdek bevinden hebben daarom een betere kans om intact te blijven. Bovendien zijn esdekken aangelegd op relatief hoger gelegen delen van het landschap, die in het verleden werden gezien als gunstige plaats voor bewoning. Informatie over de lokale bodem is ook beschikbaar uit eigen onderzoek. Grontmij heeft voor ontwikkelingsmaatschappij De Drieslag een veldonderzoek uitgevoerd op sportterrein De Rotbrink4 en het te realiseren sporterrein aan de Haarsweg.5 Beide onderzoeken zijn uitgevoerd in 2005. Deze terreinen liggen ongeveer 1 km van het plangebied. Het terrein De Rotbrink was ten tijde van het onderzoek in gebruik als sportcomplex, bestaande uit sportvelden. Op de meeste locaties van het veld werden verstoorde of afgegraven profielen aangetroffen.

In acht boringen is een gaaf restant van een podzolprofiel aangetroffen met een Ehorizont (uitspoelingslaag) en een B-horizont (inspoelingslaag). Deze lagen op een diepte van 0,45 m tot 0,95 m onder het maaiveld. Het terrein aan de Haarsweg bestaat voor het merendeel uit een pleistocene zandlaag, de Chorizont, met daarop een 0,15 m tot 0,65 m dikke bouwvoor. Op één locatie is een intacte podzol aangetroffen. Op 17 andere locaties is een B-horizont aangetroffen.

2

Berendsen 2000, p. 206-7 Barends et al. 2000, p. 105-109 4 Grontmij Archeologische Rapporten 144 5 Grontmij Archeologische Rapporten 167 3

214173, revisie 1 Pagina 7 van 12

Bureauonderzoek

2.4

Historische, huidige en toekomstige situatie

2.4.1

Historische situatie

Op de Historische Atlas van Nederland (1830-1855)6 is te zien dat het plangebied in de 19e eeuw onderdeel uitmaakte van een groot heidegebied tussen Ommen en Arriën. In dit gebied was destijds geen bebouwing aanwezig. De Hardenbergerweg ten zuiden van het plangebied was in de 19e eeuw al aanwezig. De heer Vogelzang, commissielid van de afdeling archeologie van de Historische Vereniging Ommen, deelde mee dat de voormalige vaart in het plangebied omstreeks 1880 is uitgegraven en diende als afwatering voor het Ommerkanaal (dat van Ommen naar Dedemsvaart en Slagharen liep) in de Vecht. Het kanaal werd omstreeks 1967 gedempt. 2.4.2

Huidige situatie

Het plangebied is voor het grootste gedeelte bebouwd met bedrijven en enkele particuliere woonhuizen. Ten noorden en oosten van de begraafplaats aan de Hardenbergerweg ligt onbebouwd terrein dat voornamelijk bestaat uit volkstuintjes en grasland. Het voormalige afwateringskanaal is nu een groenstrook. 2.4.3

Toekomstige situatie

Het plangebied krijgt een woonbestemming. In het plangebied voornamelijk rijtjeswoningen gebouwd met tuinen. Het huidige stratenplan in het gebied zal veranderd worden (zie Bijlage 2). Het voormalige afwateringskanaal wordt tussen de Hardenbergerweg en de Strangeweg weer uitgegraven. Ter hoogte van de Sogenbosstraat, Haven Noord en aan de Schurinkstraat en de Hardenbergerweg komen nieuwe verkeersontsluitingen. Aan de Haven Oost en aan de noordwestkant, parallel aan de Strangeweg komt een ondergrondse gastransportleiding. 2.5

Archeologie

Tabel 2.2: overzicht van archeologische perioden7

Periode Laat-Paleolithicum (Oude Steentijd) Mesolithicum (Midden Steentijd) Neolithicum (Nieuwe Steentijd) Bronstijd IJzertijd Romeinse Tijd Vroege Middeleeuwen Late Middeleeuwen Nieuwe Tijd 2.5.1

Tijd tot 9000 voor Christus 9000 – 4900 voor Christus 5325 – 1900 voor Christus 1900 – 800 voor Christus 800 – 12 voor Christus 12 voor Christus - 450 na Christus 450 – 1050 na Christus 1050 – 1500 na Christus 1500 na Christus – heden

Algemeen

Ommen wordt voor het eerst in de literatuur genoemd in 1133 als “Umme”. Ommen heeft stadsrechten verkregen in 1248. Het werd in 1330 geheel verwoest. De stad werd 1624 nogmaals grotendeels vernietigd als gevolg van een brand.8 2.5.2

ARCHIS II

Het Archeologische Informatie Systeem ΙΙ (ARCHIS ΙΙ) van de Rijksdienst voor Archeologie, Cultuurlandschap en Monumenten (RACM) is een database waarin onder andere archeologische 6

Grote Historische Atlas van Nederland 1830-1855, schaal 1: 50.000, blad 34/35, Ommen, Hardenberg Voor de dateringen is gebruik gemaakt van Lanting en Van der Plicht, 1996, 2000 en 2002. 8 Bron: http://www.atlas-cultuurhistorie.nl/ommen

7

214173, revisie 1 Pagina 8 van 12

Bureauonderzoek

monumenten waarnemingen, vondsten en onderzoeken uit heel Nederland bevat. In de omgeving van het plangebied zijn meerdere archeologische waarnemingen zijn gedaan (zie Bijlage 3). De waarnemingen binnen een straal van 500 m rond het plangebied staan vermeld in Tabel 2.3. Speciale vermelding verdiend waarnemingsnummer 13111; een deel van urnenveld uit de Late Bronstijd en Vroege IJzertijd. De waarneming dateert uit 1956 en betreft een urn. De vondst is aangetroffen in een dekzandlaag tijdens de aanleg van de Zeeheldenbuurt. De urn is mogelijk afkomstig uit een lokaal urnenveld. Dit urnenveld is echter nooit opgetekend. Twee andere vondsten in de buurt (waarnemingsnrs.1262 en 12777) houden mogelijk verband met dit urnenveld omdat het hier tevens Bronstijd en IJzertijdaardewerk betreft. Ook de locaties van deze twee waarnemingen zijn niet onderzocht. Onder de waarnemingen in Tabel 2.3 zijn ook drie aardewerkvondsten die vallen onder de Eemscultuur (waarnemingsnrs. 13157, 1262, 12777, zie ook Bijlage 2). De mensen van de Eemsculuur bevolkten in de Bronstijd en IJzertijd de noordelijke helft van Nederland en Duitsland. De zuidelijke grens van het Eemscultuurgebied liep door de provincie Overijssel. De waarnemingen zijn in 1960 gedaan, toen dit gebied nog onbebouwd was. Waarneming 13157 is in 1980 gedaan bij de aanleg van het nieuwe gemeentehuis.

Toen zijn zes aardewerkfragmenten in het dekzand aangetroffen, ongeveer 0,70 m onder het maaiveld. 2.5.3

AMK

Op de Archeologische Monumentenkaart (AMK) staan terreinen aangegeven die op grond van verscheidene criteria een bepaalde bescherming genieten van het ministerie van OC&W en de RACM (Bijlage 3). De terreinen zijn beoordeeld op de criteria kwaliteit, zeldzaamheid, representativiteit, ensemblewaarde en belevingswaarde. Op grond van de criteria zijn de terreinen ingedeeld in categorieën met archeologische waarde, hoge archeologische waarde en zeer hoge archeologische waarde (o.a. de beschermde monumenten). De AMK is in samenwerking met de verschillende provincies en gemeentelijk archeologen ontwikkeld. Het meest nabij gelegen monument is het centrum van Ommen. Op de Archeologische Waardenkaart (Bijlage 3) wordt het centrum aangeduid “terrein van archeologische waarde”. Tabel 2.3: Overzicht van waarnemingen

waarnemingsnummer 58586

aard afslag vuursteen

58586 12779

aardewerk stenen bijl

12778

aardewerk (standvoetbeker)

1262

aardewerk ( Eemscultuur)

13111

deel urnenveld

13157 12777

aardewerk (Eemscultuur) aardewerk (Eemscultuur)

12731 12732

aardwerk steengoed

datering Paleolithicum laat: voor 8800 v.C. Neolithicum: 5300-2000 v.C. Neolithicum midden: 42002850 v.C. Neolithicum laat: 2850-2450 v.C. Bronstijd: 1100-800 v.C./ IJzertijd: 800-500 v.C. Bronstijd laat: 1100- 800, IJzertijd vroeg 800-500 v.C. Bronstijd laat: 1100-800 v.C. Bronstijd laat: 1100- 800 v.C., IJzertijd vroeg: 800-500 v.C. IJzertijd: 800-12 v.C. Middeleeuwen laat: 10501500 n.C.

214173, revisie 1 Pagina 9 van 12

Bureauonderzoek

2.5.4

IKAW

De IKAW geeft voor heel Nederland de trefkans aan op de aanwezigheid van archeologische resten. Die trefkans is aangegeven in vier categorieën: een hoge, matige, lage en zeer lage trefkans. De kaart is voornamelijk gebaseerd op de bodemkaart en bekende vondsten. Het gebied langs de Vecht heeft, mede dankzij de aanwezigheid van esdekken en bekende vondsten, een hoge trefkans op de aanwezigheid van archeologie. Het plangebied is niet gekarteerd omdat het binnen de bebouwde kom ligt (Bijlage 3). De gebieden rondom het plangebied hebben in het zuiden en oosten een hoge trefkans op archeologische resten/waarden, in het noorden laag.

2.6

Archeologische verwachting

Vanwege de dichte bebouwing en bestrating is de archeologische verwachting voor het plangebied laag. De terreinen tussen de begraafplaats en de Ommeresstraat hebben een middelhoge verwachting omdat de bodem van dergelijke terreinen mogelijkerwijs nog intact zou kunnen zijn vanwege het ontbreken van bebouwing. Ter hoogte van het voormalige kanaal is de archeologische verwachting zeer laag. De archeologische verwachting is in het veld getoetst door middel van een karterend booronderzoek.

214173, revisie 1 Pagina 10 van 12

Veldonderzoek

3

Veldonderzoek

3.1

Werkwijze en doelstelling

Het veldwerk voor het inventariserend boorderzoek is verricht op 31 augustus 2006 door een archeoloog en een veldbodemkundige. Hierbij zijn 36 grondboringen verricht met behulp van een Edelmanboor met een diameter van 10 cm. De boringen zijn ingemeten met een GPS. Voor de ligging van de boorpunten wordt verwezen naar Bijlage 4. De boringen zijn uitgevoerd tot 30 cm in de ongestoorde C-horizont (niet door bodemvorming beïnvloede natuurlijke ondergrond). De opgeboorde grond is gezeefd op een 4 mm zeef en onderzocht op de aanwezigheid van archeologische indicatoren zoals verbrand of bewerkt vuursteen, houtskool, verbrand of bewerkt bot, aardewerk en cultuurlagen. De doelstelling van het veldwerk is om een antwoord te vinden op de volgende vragen: • • • • • 3.2

Is er sprake van een intact bodemprofiel binnen het plangebied? Zijn er binnen het plangebied mogelijk archeologische vindplaatsen aanwezig? Indien er een vindplaats wordt aangetroffen, wat is de omvang van de vindplaats? Wat is de aard en ouderdom van deze vindplaats? Wat is de mate van conservering van deze vindplaats?

Resultaten

De bodem in het plangebied bestaat uit dekzand. Zoals te verwachten was, vertonen veel boringen een verstoord profiel (Bijlage 4). In totaal zijn in twee boringen (nrs 29 en 33) een intacte E- en B-horizont aangetroffen. In boring 36 is en restant aangetroffen van een esdek. Tijdens het veldonderzoek is één vondst gedaan. Het betreft een aardewerkfragment. Gezien de magering van het fragment dateert het aardewerk waarschijnlijk uit de Vroege IJzertijd. Het fragment is aangetroffen in boring 29 (zie bijlage 4) in de B/C-horizont (overgangslaag tussen B- en de C-horizont). De podzolgrond in boring 29 was grotendeels intact, met uitzondering van de E-horizont die door de bouwvoor was vermengd. In alle bodemlagen van boring 29 zijn houtskool resten aangetroffen. Na het aantreffen van de vondst zijn op een meter afstand van boring 29 vier extra boringen gezet (boringen 29 Noord, Oost, Zuid, West). Deze boringen bleken allemaal verstoord te zijn. Boring 29 is gezet in een onbebouwd stuk grasland tussen de begraafplaats aan de Hardenbergerweg en de Ommeresstraat (Bijlage 4). Op dit zelfde stuk grasland staat ook boring 28. In de verstoorde B-horizont van boring 28 is ook houtskool aangetroffen. Vanaf de B/C-horizont was de grond in boring 28 nog intact. Boringen 29 en 28 zijn de enige boringen in het plangebied die houtskool bevatten.

Boringen 11, 13, 17 en 37 vertoonden een bodem die tot op grote diepte verstoord bleek. Deze boringen tonen aan dat hier het kanaal gelegen heeft dat in de 19e eeuw een verbinding vormde tussen de Ommervaart en de Vecht.

214173, revisie 1 Pagina 11 van 12

Evaluatie

4

Evaluatie

4.1

Conclusie

Uit het bureauonderzoek blijkt dat de bodem van het plangebied mogelijk uit dekzand bestaat met daarop een enkeerdgrond. In de omgeving van het plangebied zijn waarnemingen gedaan, in het plangebied zelf niet. Op basis van het vooronderzoek wordt geconcludeerd de onbebouwde terreinen tussen de begraafplaats aan de Hardenbergerweg en de Ommeresstraat een middelhoge verwachting heeft. Het gedempte kanaal tussen Haven Oost en Haven West, tegenwoordig een groenstrook, heeft een zeer lage verwachting en het bebouwde gedeelte van het plangebied heeft een lage verwachting De verwachtingswaarden van het bureauonderzoek voor het plangebied zijn in overeenstemming met de resultaten van het veldonderzoek. Het onbebouwde terrein tussen de begraafplaats aan de Hardenbergerweg en de Ommeresstraat leverde een aardewerken scherf op van prehistorische origine (boring 29). De scherf bevond zich in de B/C-horizont van een bijna intacte podzolgrond (alleen de E-horizont is verstoord). Daarnaast werd in de boring veel houtskool aangetroffen. De vier extra boringen die op een meter afstand rond de boring zijn uitgevoerd leverden geen extra vondsten op. Daarnaast bleek de omliggende bodem verstoord tot in de B- en B/Chorizont. Deze mate van verstoring is ook aangetroffen in de andere boringen op deze percelen.

In één boring in de zuidwesthoek van het plangebied is mogelijk een restant van een esdek aangetroffen. De overige boringen waren geheel of gedeeltelijk verstoord en leverden geen antropogene indicatoren op. Dit resultaat is in overeenstemming met de lage archeologische verwachting die in het bureauonderzoek is gegeven voor dit gedeelte van het plangebied. Ter hoogte van het voormalige kanaal tussen Haven Oost en Haven West, is de zeer lage verwachting die in het bureauonderzoek aan dit deel van het plangebied is toegeschreven, bevestigd. Uit het veldonderzoek blijkt dat de bodem ter plaatse tot op grote diepte is verstoord. 4.2

Advies

Op basis van de bovenstaande informatie volgt hier eerst advies over het onbebouwde terrein tussen de Ommeresstraat en de begraafplaats aan de Hardenbergerweg. Gezien de grotendeels verstoorde bodem en het uitblijven van meerdere vondsten in het terrein achten wij de aanwezigheid van intacte archeologische resten zeer klein. Daarom adviseren wij voor dit gedeelte geen vervolgonderzoek. Dit advies is tot stand gekomen in overleg met mevr. drs. S. Wentink provinciaal-archeoloog. Voor het overige gedeelte van het plangebied zien wij ook geen belemmeringen voor grondwerkzaamheden. De afwezigheid van antropogene indicatoren en de algemene kwaliteit van de bodem in het plangebied zijn aanleiding voor ons om geen vervolgonderzoek te adviseren. Echter, mochten er tijdens de uitvoering van grondwerkzaamheden onverhoopt grondsporen en/of vondsten worden aangetroffen dan dient daarvan direct melding te worden gemaakt bij het bevoegd gezag en de provinciaal-archeoloog.

214173, revisie 1 Pagina 12 van 12

Bijlage 1 Locatie plangebied

214173, revisie 1 Pagina 13 van 12

Bijlage 2 Toekomstige situatie plangebied

214173, revisie 1 Pagina 14 van 12

Ha ve n N oo

brandweer

rd

3

1A

9t/m23

Ha

7

ve n N

ntehuis

oo

5

rd gewe

g

rinks

traat

Stran

Schu

1

16A 44 20 16

Stra

ngew

22

eg 18

1

44

7

5 3

boss

n Soge

1

traat

de Paar

straa

bloem

t

1 6 6

rbloe

28

d

35

P

mpad

1

pad

t

18

1

erpa

traa

bloem

ess

37

Klav

mer

Boter

Om

39

Dotte

Schurinkstraat

41

erb inkst

loem

straa

t

18

16

20

14 10 8 2

22

29 24

16

2

4

6

30

27

14 12

26

34

32

10 8

Om

25

mer

1

3

ess

Sc

5

40

5

50

6 48

t

rin

28B

traa

hu

5a

ks

28A

42

tra at

4 28 3a

2

14 t/m 52

3

4t/m12

2

26 2A 1 24

Sc

h

n uri

kh

41

of

37

39

3 35A

22A 23

35

9t/m33

H

33 7

20

M o le n p

22

19A

e ard

nb

erg

ad 31 44 40

29 21

7

33

27A

19

1A

27

38

1B

25

2 23

30

2

18

ale

17

n G

32

Va

34

20

28

19

ns

15 16A

24

17

13

inkhof

Ha m sg or

12

22

20

18 7

49

5 12

6

10

Ha

7

en

14

rd

b en

erg

erw

43

eg

1

41 8 6A

39

10

6

5 5

33

at

6

4 23

31

1

Schuri

R

er

t

aa

26

20

G

de

25

t uy

r st

n

nkstra

2

va

1 1

al

3

en

4 2 4

1

. va Hoofdgebouw gestapeld A.C . r 4At/m4C 6 D 6At/m6D

n

al Ra

tra

t straa Bouw

Kim Schouten

ri

Kaartblad

01

6-2-2006

st e

2

re rs tr a a

57t/m63

3

Schaal

1:1000

Versie

5

1

083201-A000-00

n t

55

7

Datum

Kruidentuin 5 89t/m95 Postbus 37 2990 AA Barendrecht Telefoon 0180-613144 Telefax 0180-620461 E-mail info@ Wissing.nl

17-2-2006

RG

27-3-2006

KS

29-3-2006

RG

D

oo

rm

a

t ns

stedebouw en

Getekend

13

Gezien d.d.

RG

ruimtelijke vormgeving BV

P

A1

Concept

Tek.

W I S S I N G

97t/m107

n

7

27

5

Planstatus

5

va

4

molenbiotoop 1:30 lijn 3

15

9

65t/m75

77t/m87

n

22

9 10

17

e

1

at

29

6

at

dt

ra

at

molenbiotoop, conform 7 stichting "Ommense Molens"

19

11 5

st

1

ra

or

an

12

Hogedruk gasleiding stra

st

O

Gew. 1 3 - 2 - 2 0 0 6

15

21

21A

tm

8

en

n

15

Gemeente Ommen 16

ro

ou

14A

Plein

ge

Opdrachtgever

109t/m119

7

G

H

14

ts

n

Trottoir 13

La

21

at

n

23

ra

14

10 20

25

st

De

Ja

14

12

19

24

at

31

13

tra

18 16

at

Parkeren

ps

31

tra

15

om

17

ins

16 Fietspad

11

4

15t/m20

11

Tr

17

14

7 18

er

10

29 27

in

13a

6

23

9 Stedenbouwkundig plan Havengebied

9Titel

13

19

Rijbaan

Ev

8

12

He

Lag

3

20

18

et

Den

en O

t

Brug

5

4 Havengebied Ommen

11

ordt

16

17

Pi

21

14

7

aa

22 22

2

7

Project

str

Water

2

na

4

16

4

ulia

39 1

1

6

17

s J

2

24 23

15

8

nse

41

Openbaar groen

12

10

Pri

25a

12

1

2

45

25b 25

10

29 5

3

1

9

8

3

10

1

3

5

18 26

8

Vlonder

at

18

25

11 10A

4

tes

24

at

Hoofdgebouw

Erf

8

7

7

2

6

7

9

9

4

2

tra

12

11

aaltestraat

ks

Dr. A.C. van R

ey

13

Legenda

6

Sp

2

at

n

15

ra

1

st

17

3

va

17 15

Tu

melk

14 9

8

11

3

1

4

Molenpad

Schur

10

16

11

53 51

at

9

tra

26

12

ra

at

Bijlage 3 Archeologische basiskaart

214173, revisie 1 Pagina 15 van 12

Archeologische Waardenkaart

17-08-2006 J. Hoekstra 226904 / 505516

Legenda TOP10 ((c)TDN)

57978

WAARNEMINGEN VONDSTMELDINGEN

MONUMENTEN archeologische betekenis archeologische waarde hoge archeologische waarde zeer hoge archeologische waarde zeer hoge arch waarde, beschermd

IKAW zeer lage trefkans

1277813157 12732 12731

lage trefkans

12779

middelhoge trefkans

13796

hoge trefkans lage trefkans (water)

12777

middelhoge trefkans (water) hoge trefkans (water)

58586

water niet gekarteerd PLAATSNAMEN

13111

PROVINCIES

1262 12767

13964 30409 13743

Ommen 0

500 m

N 12734

224780 / 503392

2497

ROB ArchisII

Bijlage 4 Boorpunten

214173, revisie 1 Pagina 16 van 12

De Kardoen 2

school

19

7176

#

8 $

18 $ 7 

E 10 $

1

Haarsweg

9

2 $

3 $

7589

1

#

63

4

X

7402

11

h

6 

6

6573 33

5 $

6486 16

22 $

20 

21

14

#

6484

6485

12 10

14

23

35

6483

26 

straat rbloem Pinkste

36

36 5 34

12

Bouwmeesterstraat

3 32 1

8

27

#

h

21

20

13

15A

stra

16 $

at

28

Legenda 23

13

9

20

33

77 61

a str

begraafplaats

4990

1809

MO

Rev.

Molenpad

7808 9

7800

15

PF

7801 16 7802 Acc. Datum 7803 5306 6432 18 JvdR 08-09-06

Dat.

Acc.

5

Contr.

7

GAR-nummer 56433 9

1 7188

7187

7186

18

±

6986

7818 14

7817

19

1:2.000

7813

18846

7816 39

7812

Schaal 17

7863

16

7811

CIS-code

22

7 6641 GAR345

12

7819

7809 7810

6989

aat rstr

12 9

7045

10

7

ae rten Co

traat 4669 Dr. A.C. van Raaltes

Get.

t traa yks Spe

8144

7799

7824

Grontmij Nederland BV 7805 6 7868 Cluster7822 Noord 8 7806 Locaties: Assen, Haren, 7867 7821 7820 Drachten 7807

4972

at

20 5 9 de 25 7702 77 Kaart 77 7729 57 7701 5081 34 17Locatie boringen 7700 1 3 7728 77 2 15 7699 4 Projectnummer Tekeningnummer Bijlagenummer 7727 7698 13 5083 11 7697 7776 2 7726 7735 DR 214173 214173C1 <nr> 7 7696 36 6 75 6984 9 77 77 alle rechten voorbehouden 7725 8 © Grontmij, 7 7695

8

10

tra ns al e

17

26

7797 7798

3

at

r 31 7760 onderzoek yt e Archeologisch Ru 7703

7756

van

Schurinks traat

58 Onderdeel

1

aat rstr

4365

4970 4971

nG

4

4667

5795

1

39 7164 Ontwikkelingsmaatschappij De Drieslag 77 7682

5082

7473

Dunamis

11

7

5794

4 2

1

10

7804

t traa ters

2

7796

va

3

6

6983 5084

1

23

8 6A

30

13

5

15

6 5 4 3 8 7 diepte 2 1 tot 10op9 grote verstoord 12

h

3

76847685 Opdrachtgever

CONCEPT 28

y Ru de

7162

Havengebied te Ommen 41

77

h

37

8143

g rwe

53 51

49

4

t traa ers uy t 7823 5313 R de 200 32 Meter 7825

61 59

22

32 1 77773

1

ge b er d en Har

150

33 77

1

5941

7471 5 7472

12

5172 7686 5171 4957 5023 43 4907 5304 20

7754

ae rten Co

6

8224

Project

75

t

5

at isstra lemig zand op veen Xeth. Pverstoord aarhu W

14

begraafplaats

5756

18

7

62

36

40

6

10

7

43

[ verstoord tot in C-horizont 39

8

8142

5

26

77

verstoord tot in BC-horizont

2

12

11

3

100

3

5

$

9

1

7

24

17

8 76

verstoord tot in B-horizont

14

4

28

34

30

2

69

67

3 776

9

8223

16

11

of

#

7

17t/m22

ren go ms

mogelijk restant esdek

Ha

! P

Steenhof

Schurinkh

10

32

19 9

13 13 11

50

7

7755

t hstraa

1t/m16

25

7833 7832

4962

5462

44

7834

it de W

! P

16A

50A 50

48

1A 38 1B

27

a stra len

12

0

36

18

40

27A 25

23

begraafplaats

2

r ge

1

52 4338

g rwe

Witte

7 2

AEpBC-profiel ApC-profiel

31 29

19 20

e enb

46

21

15

E

33

34 $

4

17

d Har

Ga

ApEBC-profiel



35A

Van

!

39

35

h

Molenpad

22

19A

33

15 ApEBC-profiel met vondst

7835

43 54

18

!

56

2A

1

17

9

De Lelie

16

34

33 !

3 775 2

6

7191 7837 7836

2

3

7

boring met nummer 19

55A

53

5 77

21

55 51

41

9t/m33

begrenzing plangebied

12

59 57

37 22A

goren Hams

14

48 42

49

8

23

22

5240

5360 6577 6576

47

24

f kho urin Sch

24

20

2

6489

45

11 25

6383

56 50

6

3

26 22

6382

13

#

26

6488

4

15

15

4t/m12

straat rbloem Pinkste

40

3a

18A

27

28

5

18

2

14 t/m 52

30

8

70

66

64

58

32

10

5a

28B 28A

34

aat resstr

14 

rink

15

17

21

23

25

5

u Sch

7 9

11

6664

68

62

60

26

e Omm

19 1

29 !

#

25 3

12

# 30

16

Smitsstraat

14

28

31 $

4

aat sterbloemstr mstraat Pink Pinksterbloe 6487 6378 6379

24

16

# begraafplaats

15

13

sweg Haar

13

17

22

32

Oost

30

27

20

2

17

10

12

14

2

4

6

8

E

Haven

16

18

12

29

West

20

22

24

2

6480

6

16 18

14

10

[

24 

22

Haven

30

25

23 $

6482 8 6481

11

35

7815 7814

Evaluatie

Bijlage 5 Boorstaten

214173, revisie 1 Pagina 17 van 12

Evaluatie

Bijlage 6 Literatuur

214173, revisie 1 Pagina 18 van 12

Evaluatie

Literatuur: ANWB, 2004. ANWB Topografische Atlas 1:25000. Overijssel. Topografische Dienst. ANWB, Den Haag. Barends, S., Baas, H.G., Harde, M.J., de, Renes, J., Stol, T., Triest, J.C., van, Vries, R.J., de & F.J. van Woudenburg, 2000. Het Nederlandse landschap. Een fysisch-geografische benadering. Stichting Martijs, Utrecht, pp. 105-9 Berendsen, H.J.A., 2000. Landschappelijk Nederland. Fysische geografie van Nederland. Van Gorcum, Assen, pp. 206-7. Fijma, P., 2005. Archeologisch onderzoek sportpark Haarsweg te Ommen. Grontmij Archeologische Rapporten 167. Geudeke, G.W. & L. Balk, 1990. Grote Historische Atlas van Nederland 1:50.000. 2: NoordNederland 1851-1855. Wolters-Noordhoff Atlasprodukties, Groningen. Lubbers-Groen, N., 2005. Archeologisch onderzoek De Rotbrink te Ommen. Grontmij Archeologische Rapporten 144. Bronnen: www.meetnet,landschap.nl

214173, revisie 1 Pagina 19 van 12

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/10839093/1